Meningen
Hier kun je zien welke berichten Collins als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Thir13en Ghosts (2001)
Alternatieve titel: Thirteen Ghosts
De remake van 13 Ghosts (1960) van William Castle. In hoeverre Thir13en Ghosts nog herkenbaar is als een remake kan ik niet beoordelen. Ik heb het origineel niet gezien. Wel kan ik melden dat Thir13en Ghosts, dat zich erg uitleeft in speciale effecten, me goed beviel.
De film is geen meesterwerk maar kijkt lekker weg. Het tempo is hoog. Er gebeurt telkens wel iets dat de aandacht vasthoudt. Het hoge tempo in combinatie met het schitterende design van de creaturen en van de setting, verhullen succesvol een relatief sleets verhaal dat plezierig in elkaar steekt maar niet verrast. Heel spannend is het niet. Daarvoor is de toon te luchtig en zijn de personages te nonchalant voorzien van achtergrond en karaktereigenschappen.
De creaturen zien er met hun bizarre en morbide uiterlijk prachtig uit. De setting is een ouderwets landhuis maar dan van glas. Een glazen doolhof waar de personages en de monsters zich in een razend tempo in voortbewegen. Er valt genoeg te genieten. Stel je in op luchtigheid à la Ghostbusters en verwacht verder niet teveel.
This Is England (2006)
"Thatcher is a Twat“.
Om de kijker te introduceren in de vroege jaren 80 in het Verenigd Koninkrijk (het tijdperk en de plaats waar de film zich afspeelt) wordt hij getrakteerd op een compilatie van geschiedkundig materiaal dat een beeld geeft van een roerige tijd. De historische context vormt in This Is England niet alleen een authentiek decor, maar is een integraal onderdeel van de gebeurtenissen.
De economische en sociale onrust is ook merkbaar in de Midlands, de plaats van handeling in de film. Ergens in de Midlands woont de 12-jarige Shaun. Shaun is een buitenbeentje dat wordt gepest en bespot. Kindacteur Thomas Turgoose speelt hem erg goed. Met stelligheid en energie brengt hij zijn personage tot leven. Ik leef mee en ben blij dat aan Shaun’s isolement een einde komt als hij aansluiting vindt bij een groep skinheads. Een groep verloren jongeren afkomstig uit de arbeidersklasse die zich in beginsel apolitiek opstelt en slechts keet trapt. Dat verandert met de komst van de charismatische rechts-radicale Combo die net uit de gevangenis is ontslagen. Als hij zich bij de groep voegt en vreemdelingenhaat en politieke issues predikt, verandert de vrijblijvende sfeer in de groep. Opeens is er verdeeldheid.
De film lijkt lange tijd op weg om een mooi afgerond verhaal rondom Shaun te vertellen. De komst van Combo is aanleiding om de focus te verleggen. De film schakelt meerdere keren heen en weer tussen Combo en Shaun die elk hun eigen belevenissen hebben. Zo ontstaat een verzameling kleinere verhalen. Beetje spijtig. Dat ligt niet aan de verhalen. Die zijn niet verkeerd. Ik vond het personage Shaun gewoon interessanter dan Combo en had liever gezien dat de focus bij hem was blijven liggen.
Aan de hand van de belevenissen van Shaun en Combo biedt de film een prima analogie voor de roerigheden van destijds en laat tevens zien hoe een subcultuur opeens het startpunt wordt voor een golf van rechts-radicalisme. Daarnaast laat de film via Shaun’s emotionele coming of age-verhaal dat zich binnen de groep skinheads voltrekt, de verdeeldheid zien die bezit neemt van een apolitieke subcultuur door de komst van rechts-radicale elementen. Ik vond dat perspectief interessanter dan het perspectief van het rechts-radicale element zelf, zijnde Combo. Kleine teleurstelling. Klein, want ook met de wisselende focus is This Is England een prima film.
Thor (2011)
Thor is een big-budget kunstje van Kenneth Branagh. En is vermaak zonder enige diepgang. De blikvangers zijn de met veel lawaai ongeven CGI effecten. Die zijn goed. Al in het eerste kwart vuurt Branagh het complete bombastische arsenaal af dat bij een blockbuster als deze hoort. Imposant, maar het nadeel is dat de effecten die verderop in de film volgen nog steeds mooi zijn, maar ook iets minder indruk maken.
De gigantische CGI-thuiswereld van Thor met de naam Asgard is een schitterend decor. De wereld wordt gevangen in snelle cameravluchten terwijl stemmige muziek voor het dramatische toefje zorgt. In het algemeen geldt dat de scènes die baden in CGI-licht imposant zijn en erin slagen de aandacht vast te houden. Zodra Thor zich op de planeet aarde bevindt en de effecten een aardser kaliber krijgen of zelfs ontbreken, zakt de aandacht naar een lager peil. De film ziet er gewoon wat leeg en verloren uit zonder een glorieuze CGI-glans.
Het verhaal is erg dun en doorzichtig. De held Thor met zijn magische hamer bivakkeert in een vader-zoon conflict (drama), heeft ruzie met zijn eerzuchtige broer (de antagonist en de reden voor de meeste actiescènes) en is verliefd op Nathalie Portman (romantiek). De film schurkt langs een aantal plotlijntjes zonder zich met enige grondigheid aan één van die lijntjes te conformeren. Gezegd moet worden dat de actiescènes redelijk spannend en prima gechoreografeerd zijn.
Behalve een aardige oneliner hier en daar, stellen de dialogen weinig voor. In Asgard worden de nietszeggende dialogen nog enigszins verheimelijkt door het indrukwekkende decor, dat afleidt van het gesproken woord. Eenmaal op aarde wordt echter heel duidelijk dat de personages elkaar gewoon niet veel te zeggen hebben. De film Thor lijdt onder tekstuele armoede.
Met Thor levert Branagh een film af die eigenlijk alleen visueel indruk maakt, maar niet vervelend is om te aanschouwen.
Those Who Wish Me Dead (2021)
Een simpel plot rond een stoere brandweervrouw die bosbrandjes blust in het bosrijke Montana wordt nogal gecompliceerd verteld. De brandweervrouw struikelt per ongeluk over een jongetje die op zijn beurt getuige is van een moord en door twee killers wordt opgejaagd. De eerste helft van de film is behoorlijk taai en tijdrovend en lijkt de indruk te wekken inhoudelijk meer te zijn dan het daadwerkelijk is.
Precies in het midden van de 95 minuten durende film wordt de taaiheid losgelaten en nemen de handelingen toe in snelheid. De onsamenhangende en weinig boeiende vertelsels uit de eerste helft komen eindelijk samen. Goed zo. De film kan nu eindelijk over gaan tot brandende actie.
Vervelend genoeg zitten we nog steeds met hele doorsnee personages opgescheept. Angelina Jolie als brandweervrouw die bedekt met roetvegen zich een film lang driftig heen en weer beweegt, voelt even onecht als de setting vol digitaal gemanipuleerde vlammen. En als Jolie daarbij nog een film lang geplaagd wordt door obligate herinneringen aan een vervelende traumatische ervaring, heb ik het wel gehad. Veel te opgelegd. Veel te gladjes.
De overige personages voegen geen verrassende elementen toe. Ze zijn gemakkelijk invulbaar, doen voorspelbare dingen en dekken daarmee het ingezette verwachtingspatroon grandioos af.
Those Who Wish Me Dead is geen spannende film.
Thrash (2026)
Dat slecht weer een vraatzuchtig monster in een ongewoon habitat deponeert, komt vaker voor in een horrorfilm. In films als Crawl (2019) en Bait (2012) zijn het respectievelijk krokodillen en haaien die mensen belagen op plekken waar ze normaal gesproken niets te zoeken hebben. In Thrash zijn het stierhaaien die een ondergelopen stadje onveilig maken. Het is duidelijk dat Thrash met zijn plotlijn niet uitblinkt in originaliteit. Ook op andere vlakken liggen de ambities op een laag niveau.
Neem de personages. Die zijn zo karakterloos ingevuld dat hun lot totaal oninteressant is. In Thrash is het zelfs teveel gevraagd om de personages van een minimum aan ronding te voorzien om tenminste een snufje empathie bij de kijker los te weken. De personages zijn niet meer dan wegwerpmateriaal dat slechts fungeert als potentieel aas voor de vraatzuchtige stierhaaien. Zelfs een zwangere vrouw die dreigt te worden verslonden, maakte bij mij niet meer los dan de verontwaardigde gedachte: “Kan dat niet wat sneller”?
Ook zonder vette karakterschetsen had een film als Thrash kunnen vermaken. Door er humor in te gooien bijvoorbeeld. Verlaat het serieuze pad en steek de draak met personages en gebeurtenissen. Het had van mij gemogen. Humor bezit de film echter niet. Een andere mogelijkheid was geweest om in te zetten op veel en op spannende actiescènes. De actiescènes zijn namelijk niet erg indrukwekkend.
En dat terwijl regisseur en schrijver Tommy Wirkola in films als Violent Night (2022), I Onde Dager (2021) en What Happened to Monday (2017) zowel op het humoristische als op het spannende vlak laat zien veel meer in zijn mars te hebben dan wat hij in Thrash laat zien. Het is derhalve des te teleurstellender om te moeten constateren dat Thrash niet meer is dan een saaie en vervelende film.
Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017)
De drie billboards die verantwoordelijk zijn voor de filmtitel, vormen de fenomenale steen des aanstoots die een reeks gebeurtenissen in gang zet, die een gesloten stadje in rep en roer brengt en tevens verantwoordelijk is voor een zeer aangename film van Martin McDonagh.
Een harde film is het. Een film over de miserabele kanten van het leven. Een film die verschrikkingen belicht die een persoon onopzettelijk kunnen overkomen.
Het overkomt Frances McDormand. Zij speelt het personage dat ondanks treurigstemmende tegenslagen blijft doorgaan in haar strijd tegen onrecht en dat altijd met rechte rug doet. Soms ingetogen. Soms uithalend en schitterend als een trotse engel der wrake. Ze is huiveringwekkend en tegelijkertijd kwetsbaar. Ze kruipt onder je huid. Je koestert haar.
Haar gevecht is onbuigzaam en ontroert. De middelen waarmee zij vecht stemmen mild en schiet gaten in metersdikke muren van vooroordelen, arrogantie en onverschilligheid. Teleurstelling en tegenslag bevecht zij met ironie en eerlijkheid. Een prachtrol van McDormand.
In de film wordt veel gepraat. Uiteraard door McDormand, die niet op haar mondje is gevallen, maar ook door de andere personages. Grandioze dialogen passeren. Geestig. Intelligent. De gesprekken tussen personages hebben altijd een lading, zijn nooit onschuldig. Elke dialoog geeft in combinatie met de non verbale uitingen van de personages een subtiele of minder subtiele boodschap af, die niet altijd direct op het gesprokene valt terug te voeren. Soms ook wel.
De dialogen zijn soms venijnig. In de dialogen komen onenigheid, onvrede en verhitting tot uitbarsting. Eigenlijk dienen de dialogen als vervanging voor fysiek geweld, dat in deze film ondanks de voortdurende dreigende sfeer amper voorkomt
Zelfs tijdens de meest verhitte woordenstrijd komt altijd weer de ironische humor om de hoek kijken. De ironie haalt steeds de angel uit het venijn. De ironie maakt dat personages op sprekende voet blijven. De ironie is zo sterk ingebed dat tijdens en na hele pijnlijke en grievende momenten er behalve treurnis ook altijd een brok hoop, rust of een lach nagalmt.
McDonaghs maakt een fijne indringende film met interessante ambivalente personages. In den beginne zijn ze nog clichématig aangezet, maar ze overstijgen in de loop van het verhaal de clichés. Ook de bijpersonages zijn driedimensionaal.
De film oordeelt niet en geeft de personages en het verhaal veel ruimte om zich flexibel te ontplooien. Goed of slecht. Dat mag je zelf uitmaken. De kijker wordt geen mening opgedrongen. Juist daarom is de film zo prettig te consumeren wanneer thematiek als machtsmisbruik, huiselijk- en politiegeweld en racisme aan de kaak wordt gesteld. De ambivalente personages en het verhaal garanderen een uitgebalanceerde behandeling van de thema’s. Dat feit voelt heel prettig en verfrissend.
Een emotioneel geladen film. Een fijne film. Ja.
Three Faces of Eve, The (1957)
Dr. Luther (Lee J. Cobb) is psychiater in Georgia en krijgt een bijzonder geval voor de kiezen. Een vrouw met de naam Eve White (Joan Woodward) in het bezit van een gespleten persoonlijkheid. Eve White is een schuchter type. Een onderdanige huisvrouw en gehoorzaam aan haar man. Haar alter ego met de fantasierijke naam Eve Black is een extravert uitgaanstype. Een interessant en moeilijk te genezen geval openbaart zich voor dr. Luther.
De avonturen van dr. Luther, Eve White en Eve Black leveren een amusante film op. Hoewel de problematiek over het algemeen ernstig wordt benaderd biedt de film ruimte aan droogkomische en kolderieke situaties die ervoor zorgen dat The Three Faces of Eve nooit zwaar dramatisch aanvoelt. De film is overigens gebaseerd op een authentiek geval. Ik vroeg me steeds af of het wordings- en het genezingsproces van dat authentieke geval ook besprenkeld waren met komische voorvallen. Ik betwijfel het.
De film is een vereenvoudigde weergave van het oorspronkelijke geval en bevat dramaturgische vrijheden. Zo bezat de echte Eve meer persoonlijkheden. Ook was de psychotraumatische aanleiding voor het ontstaan van haar meervoudige persoonlijkheid veel complexer dan in de film wordt weergegeven. Ook de therapie van dr. Luther met confrontaties en hypnose is voor de film wat verlevendigd. Het is regisseur en schrijver Nunnally Johnson vergeven. De vermakelijkheid is erbij gebaat.
Goed acteerwerk van Lee J. Cobb in een sympathieke rol. Fantastisch acteerwerk van Joanne Woodward die conform de filmtitel in het verloop van de film maar liefst drie personages vertolkt. Johnson maakt een goede film die melodrama afwisselt met luchtigheid. Soms aangrijpend, soms grappig. Het is alleen jammer dat de kijker aan het eind weer eens wordt opgezadeld met zo’n typische kunstmatig gefabriceerde Hollywoodse afloop. Verder is The Three Faces of Eve een prima film.
Three o'Clock High (1987)
Alternatieve titel: 3:00 High
Een bijzonder leuke tienerkomedie. Terwijl de meeste bijdragen aan het genre een enigszins uitgekauwd plot hebben, doet deze film dat anders. Geen seks, drugs en drank. Geen gedoe rondom een eindfeest. Geen geheime verliefdheid. De film speelt zich gewoon gedurende een schooldag af waarin Jerry in moeilijkheden raakt en er alles aan doet om niet om drie uur ’s middags in elkaar te worden gemept door de nieuwe leerling Buddy Revell.
Wat de film wel gemeen heeft met genregenoten is de compositie van het personage Jerry. Hij is een buitenbeentje, beetje schuchter, nerdish gekleed en een goede leerling. Een typische underdog die boven zichzelf moet uitstijgen om het tijdstip van drie uur ’s middags te kunnen overleven. Regisseur Phil Joanou slaagt erin om een prima spanningsboog te creëren. Naarmate het tijdstip nadert en de kijker de ene na de andere poging van Jerry om onder de strijd uit te kunnen komen ziet stranden, neemt de spanning toe. En dat is knap want het ligt er vanaf het begin duimendik op dat die strijd gaat plaatsvinden.
De weg ernaartoe ligt bezaaid met de pogingen van Jerry. Die zijn grappig en brengen bovendien dynamiek in de film. Leuk ook is het contrast tussen Jerry en zijn tegenstrever. Buddy wordt op een comicachtige manier als een boosaardige hork neergezet. Een overdreven aangezet personage dat overwegend stilzwijgend en dreigend aanwezig is. Het enige dat de kijker van hem te weten komt is zijn gewelddadige verleden en dat hij er niet tegen kan als iemand hem aanraakt. Meer is ook niet nodig. Naast Jerry en Buddy doen andere personages mee. De overige personages dienen het verhaal en dienen de acties van Jerry en blijven verder op afstand. Prima.
Leuke film. De slotscène valt overigens en helaas tegen.
Three Thousand Years of Longing (2022)
In de film worden op ongewone wijze verhalen met elkaar verbonden als wetenschapper Tilda Swinton een ontmoeting heeft met een heuse djinn gespeeld door Idris Elba. Een bijzondere ontmoeting en een bijzondere tegenstelling. Swinton is de nuchtere wetenschapper die voor boeken leeft en met het emotionelere en intuïtievere deel van de samenleving niets te maken wil hebben. Toch heeft ze zo haar eigen merkwaardige hallucinaties en houdt ze van mythische verhalen. Dat komt mooi uit, want de djinn heeft veel verhalen in voorraad. Dat schept een band en leidt zelfs tot toenadering tussen (de personificatie van) de wetenschap en (de personificatie van) de mythe.
In het middelpunt van deze episodische film staan drie vertellingen van de djinn. Drie verhalen die betrekking hebben op vroegere ervaringen van de djinn. Tragische verhalen die in chronologische volgorde passeren en die, behalve de rol die de djinn erin speelt, los van elkaar staan. Het zijn sprookjesachtige vertellingen die visueel mooi zijn aangekleed en zich afspelen in werelden waarin magie nog onderdeel van het dagelijkse leven uitmaakt.
De drie episoden zijn eigenlijk interessanter dan de raamvertelling waarin Swinton en Elba figureren. Het is niet onaangenaam om de interactie tussen de twee mee te maken, maar zo indrukwekkend en levendig en fantasierijk en weelderig als de drie episoden is de raamvertelling nooit. Het tempo in het realistische deel van de film ligt laag en de dialogen tussen Swinton en Elba zijn niet steeds heel interessant of spits. De raamvertelling neigt af en toe een beetje naar saaiheid en staat te averechts op de kleurrijke zwierigheid die de drie vertellingen uitstralen. Het contrast is groot en maakt dat de film nooit als een goed passend geheel aanvoelt.
Three Thousand Years of Longing is een episodenfilm met tegenstellingen in tempo en in visuele beleving. Het contrast tussen de boeiende vertellingen en de wat kille raamvertelling is niet gemakkelijk te overbruggen. Uiteindelijk lukt het toch nog redelijk met dank aan het goede acteerwerk en een evoluerende verzachting in de toonzetting van de raamvertelling. Three Thousand Years of Longing is eigenlijk wel een prima film.
Thriller - En Grym Film (1973)
Alternatieve titel: They Call Her One Eye
Film uit het exploitatie subgenre ‘Rape and Revenge’. “Thriller - a Cruel Picture”, heet ie. De titel belooft heel wat maar zegt in feite niets over de inhoud. Het is altijd maar afwachten hoe cruel de film in werkelijkheid is. Exploitatie houdt wel van een schreeuwerig affiche dat verwachtingen schept die vervolgens niet worden waargemaakt.
In deze film worden de verwachtingen wel waargemaakt. Terreur, seks en geweld worden in al hun expliciete vormen getoond. Het hoofdpersonage (vrouwelijk, aantrekkelijk en stom) wordt afhankelijk gemaakt van heroïne en flink vernederd. Hier geen wegdraaiende camera’s of andere suggestieve middelen die handig worden ingezet om de wreedheid uit de titel te verzachten. De film bevat genoeg brute en expliciete scènes om zich als cruel te mogen afficheren. Een aardig voorbeeldje daarvan is een scène waarin een oog wordt doorboord met een scalpel. Heel langzaam, heel intens en heel realistisch zien we dat gebeuren. Het is zowel onaangenaam en afschuwelijk om naar te kijken als dat het fascinerend en opwindend is. Nu gaat het gerucht dat deze scène met een echt kadaver gedraaid zou zijn. Onzin natuurlijk (of niet?), maar het geeft in ieder geval wel aan hoe hoog het shockerende- en realistische gehalte van sommige scènes is.
In de film speelt seks als vorm van vernedering en onderdrukking een grote rol. Het hoofdpersonage wordt op beeld flink gekleineerd als zij als hoer en slavin seksueel wordt uitgebuit. Dat gebeurt in expliciete seks scènes, waarbij soms zelfs harde porno niet wordt geschuwd. De bedoeling van die scènes zal vooral zijn om nog eens extra de onderworpenheid van het hoofdpersonage te benadrukken. Dat werkt tot op zekere hoogte. De scènes zijn er dermate onfijnzinnig en demonstratief ingepropt dat ze soms eerder misplaatst werken dan dat ze bijdragen aan de verscherping van het beeld van vernedering. Realistisch: ja. Van toegevoegde waarde: niet echt. Zo uitermate prikkelend (een ander doel van erotiek) vond ik de seks scènes nu ook weer niet.
Wel van toegevoegde waarde is het belevingsperspectief. Veel scènes zijn vanuit het perspectief van het hoofdpersonage gefilmd. Zo komt het voor dat mensen soms direct in de camera kijken en de camera toespreken. Het is op die momenten erg moeilijk om nog op veilige afstand te blijven van alle gruwelijkheden die het hoofdpersonage overkomen. De camera is behalve een neutrale vastlegger van ellende opeens een confronterende factor. De camera maakt daarbij soms gebruik van slow motion. Bijzonder functioneel, want het geeft aan de gruwel een extra indringend accentje mee.
Ook sterk zijn de vele momenten van stilte in de film. Het gebruik van muziek om een punt in een scène te zetten, gebeurt maar zelden. Aangezien het hoofdpersonage niet bij machte is te spreken en het perspectief soms bij haar ligt, past de stilte goed. De stilte versterkt het afschuwwekkende van haar situatie. De stilte maakt de beleving heftiger.
Niet alles in de film is geslaagd. Veel deugt niet. De seks is al besproken. Verder is er matig acteerwerk, zien de actiescènes er wat sneu uit en verliest het verhaal meerdere keren de greep op de geloofwaardigheid. Allemaal dingen die aan de stoelpoten van mijn inleving zaagden.
Bij vlagen is het een indrukwekkende film. Bij vlagen zeker niet.
Throwaways, The (2015)
Verschrikkelijk slecht.
Het verhaaltje is niet bijzonder. Erg voorspelbaar, erg ongeloofwaardig en erg stompzinnig. Absoluut niet spannend.
De actiescenes zien er erg amateuristisch uit. Wat theatraal gemep en wat zielige explosietjes.
De personages zijn vlakke karikaturen. Geen diepte te bespeuren.
De humor is van een lachwekkend laag kaliber.
Het einde is huiveringwekkend. Het impliceert nota bene een vervolg! Wat een afschuwelijk vooruitzicht!
De film heeft niets dat positief opvalt. Erg eigenlijk.
Thunderbolts* (2025)
Alternatieve titel: The New Avengers
Aan het begin van de film wrijft het personage van Julia Louis-Dreyfus het er nog eens in: “The Avengers are gone”. Met The Avengers vertrekken ook Scarlett Johansson, Chris Evans en Robert Downey Jr. en daarmee is ook een groot deel van de uitstraling van films die zich in het Marvel Cinematic Universe afspelen, verdwenen. Na Eternals (2021) treffen we in Thunderbolts* een nieuw team van superhelden. Bijna iedereen uit het nieuwe team is al eens eerder opgedoken in andere Marvel-films, waarbij de ene held meer indruk maakte dan de andere. Dat is hier niet anders. Terwijl de humor wordt verzorgd door Red Guardian (David Harbour), zijn het vooral Winter Soldier (Sebastian Stan) en Florence Pugh als de nieuwe Black Widow die aan het nieuwe team met de naam Thunderbolts een roemrijke uitstraling moeten gaan geven.
De film leeft vooral van de diversiteit aan superhelden met hun eigen agenda’s en van de dynamiek die dat oplevert. Een ieder is tamelijk eigenzinnig en vooraleerst niet bereid tot samenwerking. De tamme eerste helft van de film wordt er iets minder tam door. Het grote aantal personages zorgt met onderling gebakkelei voor afleiding. Dat is nodig want heel spannend is het in de eerste helft van de film (ondanks een paar aardige actiescènes) niet. Jammer trouwens dat die eerste helft niet wordt gebruikt om de wat minder bekende helden zoals U.S. Agent en Ghost nader met de kijker te laten kennismaken.
De tweede helft is interessanter als er iets dieper op de bekendere helden wordt ingezoomd en zaken als zelfvertrouwen, zelfontplooiing, depressiviteit en het overwinnen van trauma’s aan de orde komen. Uiteraard overgoten met een onwerkelijk superhelden-sausje, maar ik bemerkte toch dat er zowaar enige binding met de personages ontstond. Die is niet heel diepgaand, want het blijven wel superhelden natuurlijk. Fantasiefiguren met superego’s. Maar toch. Inleving in de personages (hoe oppervlakkig ook) is altijd welkom.
Nog niet genoemd maar zeker het vermelden waard zijn de personages en het acteerwerk van Florence Pugh en Lewis Pullman. Beiden vertegenwoordigen personages met een potentiële diepere laag die hopelijk in de toekomst verder wordt geëxploreerd. Na een aantal zwakke Marvel-films biedt Thunderbolts* hoop. Hoop op iets dat zich kan gaan ontwikkelen tot een aangename filmreeks vergelijkbaar met The Avengers. Ik heb me met Thunderbolts* prima vermaakt en heb wel zin in de tweede Thunderbolts*.
Thursday Murder Club, The (2025)
Een film die verbonden is met bekende namen. Allereerst is daar de spelende cast met namen als Helen Mirren, Pierce Brosnan, Ben Kingsley en Richard E. Grant. Een gerenommeerde regisseur staat aan het roer. Chris Columbus regisseerde onder andere Mrs. Doubtfire (1993) en Harry Potter and the Sorcerer's Stone (2001). Dan is er nog het verhaal. De film is een adaptie van de wereldwijde bestseller met dezelfde titel uit 2020. Het boek heeft intussen meerdere vervolgen. Ongetwijfeld betekenen die vervolgen dat de kijker kan uitzien naar meerdere films van The Thursday Murder Club.
Gekende namen dus die aan The Thursday Murder Club hebben meegewerkt. Dat is niet per se een garantie voor een goede of vermakelijke film overigens. In dit geval wel. In dit geval is het resultaat een bijzonder leuke film. Een film die een klassiek whodunnit verhaal vertelt en dat verhaal doorspekt met humor. De humor bestaat vooral uit het feit dat er in de film bijna enkel personages van bedaagde leeftijd ten tonele worden gevoerd die allen hun typische gedragsdingetjes hebben.
Het draait in de film om een stel bejaarden dat in een luxueus bejaardenoord woonachtig is, zich heeft verenigd in The Thursday Murder Club en de jacht op een moordenaar opent. De film richt zich uiteraard op het oplossen van de moord, maar doet niet enkel dat. Er wordt veel aandacht besteed aan de personages. Met name de leden van The Thursday Murder Club die stuk voor stuk op een leuke manier hun eigenaardigheden hebben, leert de kijker goed kennen. Maar niet alleen hen. Ook andere personages krijgen tijd om zich te profileren.
The Thursday Murder Club is een vermakelijke film. Ook een visueel aantrekkelijke film. Het zijn de personages die de film maken. Het is vooral leuk de bejaarde personages te observeren die zich in het moordavontuur storten. De een doet dat wat behoedzamer dan de ander. De diverse maniertjes van de personages zijn goed voor veelvuldig gegniffel. Ondanks dat het tempo niet erg hoog ligt en er van actiescènes geen sprake is, is het genieten geblazen. Genieten van een ouderwetse Britse whodunnit met alleraardigste karakters, die heerlijk ongehaast een moord proberen op te lossen en tussendoor nog tijd vinden om taarten te bakken of een middagdutje te doen. Lekker ongehaast. Leuk.
Ticket, The (2016)
Film heeft weinig om het lijf. Plotje is op voorhand op zich best aardig. De uitwerking is helaas nogal eenlijnig en kaal. D'r zit niet veel omheen.
De film is voornamelijk gefocust op de wederwaardigheden en het simpele gevoelsleven van de herziener, zijnde het hoofdpersonage. De personages in zijn omgeving met wie toch ook veel aan de hand is, worden welhaast vergeten.
Door de focus in de film niet breder te leggen wordt het verhaal maar niet levendig. Er zijn meer ontwikkelingen bezig, maar daarvan komen we het fijne niet te weten. De camera volgt slechts heel stug de herziener.
Ik was de herziener na een tijdje eigenlijk wel zat. Het personage is niet interessant genoeg om alleen een film te dragen. Stomme keuze.
Het acteerwerk is over de hele linie heel acceptabel. De bijrol van Platt had iets aardigs op kunnen leveren, maar het wezen van zijn personage bleef even onderbelicht als dat van de overige personages.
Een bredere focus zou zeker een meer bewogen film opgeleverd hebben. Nu niet.
Tideland (2005)
Tideland is een duistere film. Dat duistere gevoel bloeit althans op bij het aanschouwen van de leefwereld van de personages. Centraal staat de achtjarige Jeleza-Rose die wordt opgevoed door twee ouders die de dagen vullen met drugsgebruik. Ze nemen dagelijks even een korte vakantie, zoals ze dat zelf noemen. Als Jeleza-Rose de spuit van haar vader prepareert, de spuit na gebruik uit de arm van haar vader trekt en zijn hand vasthoudt is dat een hartverscheurend beeld. Twee keer een overdosis maakt een einde aan dit idyllische gezinsleven en Jeleza-Rose vlucht in een fantasiewereld. Ze praat met poppen en een eekhoorn en verzint een geheel eigen realiteit.
Het titulaire Tideland verwijst naar de fantasievolle woestenij die Jeleza-Rose voor zichzelf heeft geschapen. Een wereld waarin de verbeeldingskracht vrij spel heeft. De personages die ze in de echte wereld tegenkomt, integreert ze heel gemakkelijk in haar eigen belevingswereld. Hetzelfde doet ze met echte gebeurtenissen die ze zodanig interpreteert dat ze in haar wereld passen. Tideland laat gedurende twee uur het zielenleven van een kind zien dat is beroofd van ouderlijke bijstand en met de tragische gevolgen daarvan wordt geconfronteerd. De film laat een kleine en dappere heldin zien die met behulp van haar fantasie de tragische dingen die haar overkomen probeert te verzachten.
De beelden zijn, zoals gebruikelijk bij regisseur Gilliam, expressief, bont en weids. De personages zijn merkwaardig, excentriek en een tikje gevoelloos. De film meandert tussen horror, fantasy en drama en raakt wat verstrikt in de genres. Het verhaal schiet alle kanten op, belicht vele fantastische voorstellingen, wil erg veel en raakt overbelast. De bonte filmstijl en de vele fantastische impressies raken niet goed aan de tragiek die zich daaronder verschuilt. De vreugde die van de kunstzinnige enscenering afspat is niet altijd mooi in balans met de ellende, die in de beeldende overvloed het onderspit delft.
Genoten van de beeldenpracht, maar niet in hevige mate geraakt door het verhaal, het drama dat ik eigenlijk interessanter vond en dat wat mij betreft meer expliciete aandacht had verdiend.
Tiger, Der (2025)
Alternatieve titel: The Tiger
Het is 1943 en aan het Oostfront moet de vijfkoppige bemanning van een Duitse Tiger tank dwars door vijandelijk gebied manoevreren om een Duits kopstuk op te sporen en in veiligheid te brengen. Een welhaast kansloze missie. Der Tiger is een film die spannende indruk maakt bij de gevechtsscènes. Ook spannend zijn de scènes waarin de tank zich door vijandelijk gebied beweegt en de kans aanwezig is dat de tank wordt opgemerkt door de vijand en wordt aangevallen. Mooi en sfeervol gefilmd. De dreiging is voelbaar.
Regisseur Gansel zet in op meer dan een spannende oorlogsfilm. Hij boort een diepere laag aan. Er is ruime aandacht voor de psychische demonen waarmee de afzonderlijke leden van de tankbemanning kampen. De diepere lagen worden blootgelegd in gesprekken die de bemanning onderling voert, in gedachten die worden geopenbaard en in levensverhalen die worden uitgewisseld. Soms ook wordt de kijker een flashback ingezogen. Met name in de flashbacks van tankcommandant en hoofdpersonage Philip Gerkens die veel bezig is met een langgeleden gebeurd voorval.
De demonen bieden wat afleiding maar zijn niet heel noemenswaardig. Je vergeet ze ook weer snel. Omdat de psychische lasten de stereotypen niet overstijgen, is het enige doel dat de film daarmee bereikt dat de kijker met meer empathie naar de personages kijkt. Een niet onbelangrijk doel natuurlijk, maar je hoopt altijd op iets meer impact. Meer impact heeft de plotwending. Die is van surrealistische aard en nogal in tegenspraak met de aardse oorlogsdreiging die de rest van de film beheerst. Ik vond het nogal vergezocht hoewel de flashbacks van Philip Gerkens er meer zin door krijgen. Het einde heeft impact maar geeft geen heuse voldoening.
De film wil iets zeggen over de oorlog, over schuld en over het verleden dat je achtervolgt. Een aardser einde had die boodschap beter overgebracht. Mij zei het einde minder dan de maker waarschijnlijk voor ogen had.
Tightrope (1984)
Een degelijke thriller met in de hoofdrol Clint Eastwood als politie-inspecteur Block op jacht naar een seriemoordenaar .De regisseur en schrijver is Richard Tuggle, die ook al het scripts afleverde voor Escape From Alcatraz, waarin Eastwood ook de hoofdrol speelde.
De setting is New Orleans en wel het uitgaansdistrict. De film werd daadwerkelijk opgenomen in die stad en de pulserende atmosfeer van geweld, criminaliteit en betaalde seks is immer verontrustend in het verhaal aanwezig. De score bestaat uit slepende jazz en blues en verleent de groezelige sfeer extra laag.
De moordenaar heeft het op prostituees voorzien. De jacht op de moordenaar krijgt een wat kinky en intieme touch als blijkt dat Block zelf met regelmaat gebruik maakt van de diensten van prostituees. Hij kent de slachtoffers.
Dat gegeven maakt de film spannend en indringend en zorgt voor een onvaste kijk op het personage Block. Een ambivalent karakter dat goed wordt gespeeld door Eastwood. Goedaardig, consciëntieus en bevlogen maar ook overduidelijk bekleed met schimmige trekjes. De innerlijke demonen van de moordenaar en zijn achtervolger Block komen overeen. De film en zijn personages geven blijk van talloze duistere randjes.
De film ontstijgt daarmee gaandeweg het pad van een normale degelijke politiethriller. Onder de regie van Tuggle speelt Eastwood heel genuanceerd meerdere persoonlijkheden. Hij is in de eerste plaats een inspecteur. Daarnaast is hij nog de liefhebbende vader van twee dochters, een kenner van de seksindustrie en een aarzelende huiverige man die moeite heeft met echte liefde en echte gevoelens. Eastwood breekt radicaal met zijn imago van koele tough guy in deze troebele maar aangename melange van donkere, ontroerende en schokkende indrukken.
Till Death (2021)
Een redelijk spannende film die verzuimt om de personages te voorzien van interessante karaktertrekken en een beter uitgewerkte achtergrond. Het paartje dat in eerste instantie centraal staat wordt dermate banaal met koelheid en arrogantie behangen, dat bij de kijker elke vorm van interesse en sympathie uitblijft. Het verhindert een snelle absorptie in de film. Het duurde in mijn geval een tijdje voordat de gebeurtenissen vermakelijk werden.
Megan Fox is misschien een appetijtelijk hapje, maar geen goede actrice. Ze draagt als actrice niets wezenlijks bij aan de film. Een meer begaafde actrice had op bepaalde momenten vast wat passende emotie getoond. Fox laat dat na. Met vastgevroren smoelwerk banjert ze door de film. Ok. Ik overdrijf een beetje, maar ze brengt gewoonweg niet meer dan het hoogstnodige.
Het verhaal waarin het koele en verveeld ogende paartje figureert, is in beginsel niet heel intrigerend. Zodra mysterie het verhaal binnenglipt, wordt het verhaal opeens boeiender. Waarom gebeurt dit alles? Die vraag roept spanning op. Daarnaast zorgt de actie die voortkomt uit de precaire situatie waarin Fox zich bevindt, ook voor spanning. Survival, home invasion en Home Alone in de combi, maar dan voor volwassenen.
Till Death is een degelijke horror/thriller die na een wat taai begin goed los gaat met een spannend kat- en muisspel dat zonder inzakmomenten in hoog tempo voortdendert en goed vermaakt.
Time after Time (1979)
Aan het eind van de 19e eeuw waart in Londen ene Jack the Ripper rond die jacht maakt op prostituees. In het zelfde London leeft ook ene H.G. Wells die een tijdmachine heeft uitgevonden. Twee illustere personen en een tijdmachine betekenen in deze film dat de twee elkaar ontmoeten in San Francisco in het jaar 1979.
Jack the Ripper en H.G. Wells leefden daadwerkelijk tegelijkertijd in het Londen van eind 19e eeuw. Misschien kenden ze elkaar zelfs wel. Dat weet alleen Jack the Ripper. In de film kennen beide figuren elkaar in ieder geval wel. Dat moet ook, want dat gegeven bepaalt de strekking van het verhaal. Dat verhalende element geeft trouwens meteen goed aan dat de film vooral is bedoeld als een verstrooiend product dat historische feiten heel losjes toepast ten faveure van het amusement.
Malcolm McDowell speelt H.G. Wells. Een leuke rol. Overspannen en klunzig beweegt de Victorianse H.G. Wells zich door het moderne San Francisco. Zijn tegenspeler David Warner speelt de gemene Jack the Ripper. Hij doet dat geheel in lijn met de luchtige en brave insteek van de film. The Ripper is niet bloeddorstig op een horrorwaardige manier maar is gewoon gemeen. Time After Time is immers bedoeld voor een groot publiek en daarmee een film zonder gruwelijke effecten en zonder bloed. Begrijpelijk, maar iets meer grimmigheid had de film goed gepast.
Ik kwam trouwens nog wat leuke trivia over de film tegen. Mary Steenburgen speelt in de film Amy Roberts, de love interest van Wells. In werkelijkheid is Amy Roberts de naam van de tweede vrouw van Wells. Nog meer triviale informatie: De reis naar de toekomst start op 5 november. Deze dag werd in Back to the Future ook als tijdreisdatum gebruikt. Mary Steenburgen speelde trouwens in het derde deel van die reeks ook de geliefde van een tijdreiziger.
Tot slot nog even terug naar de eigenlijke film. De plotlijn van Time After Time is intrigerend. De uitwerking op film kent een paar leuke momenten maar is over het algemeen nogal tam. De film is niet boeiend genoeg om de lange speelduur van 112 minuten genoegzaam te kunnen dragen. En er was nog iets dat mij niet boeide. Ik kan Mary Steenburgen niet goed verdragen. Die stem! Brr.
Time Out of Mind (2014)
Sterk drama over een dakloze man die worstelt met de werkelijkheid.
Filmisch interessant. Het perspectief ligt niet direct bij de personages, maar meer bij de bewoners van New York, bij de passanten. De filmkijker kijkt door hun ogen naar de dakloze personages alsof ze gewoon in het straatbeeld passeren. Zo kan het zijn dat je een conversatie hoort tussen twee personen, terwijl iets verderop in het straatbeeld de dakloze Gere zich in leven houdt door te bedelen of door in een prullenbak te graaien. Hij wordt gezien door de passanten. Of eigenlijk niet gezien, want de film geeft kritisch aan dat de dakloze in de ogen van de passanten eigenlijk niet bestaat en graag wordt genegeerd. Er is afstand.
Het perspectief ligt dus op een indirecte manier bij de hoofdpersoon. Da's even wennen, want ongebruikelijk en ongemakkelijk. Als kijker wil je toch dicht op de hoofdpersoon zitten. Na verloop van tijd treedt de gewenning gelukkig in en is de afstand die op deze wijze geschapen wordt eigenlijk wel lekker. De focus ligt nu meer op het beschouwende verhaal. De dramatische tranentrekkende leefomstandigheden van de personages zijn op deze manier gemakkelijker te behappen. Nog steeds dramatisch, maar niet over the top.
Door de gefilterde weergave worden de scherpe dramatische randjes er dan wel afgehaald, maar werkt de weergave van de treurige levens van Gere en consorten nog steeds heel indringend. De balans tussen de "klinische" beschouwing en de traan is goed.
Knappe rol van Gere. Ondanks (of dankzij) zijn gebrek aan tekst spatten de hopeloosheid, de ontkenning en zwaarmoedigheid van hem af. Vereen (lang niet gezien) doet het leuk als de opgewekte praatgrage maar trieste collega dakloze.
Sterke film.
Timecode (2016)
Spaanse korte film over twee bewakers in een parkeergarage die op een bijzondere manier nader tot elkaar komen. Timecode is een leuke film met een verrassend verloop. Op een heerlijke humoristische manier laat de film de toenaderingspogingen van twee mensen zien. Droog, absurd, bevreemdend en vrolijk is de film. Passie overwint de alledaagse sombere plichtplegingen en saaie routines. De film laat twee mensen hun dagelijkse sleur doorbreken.
Regisseur en schrijver Juanjo Giménez Peña doet het allemaal rustig, met weinig woorden en fijngevoelig. Timecode vertelt een gepassioneerde maar ook dromerige liefdesgeschiedenis die zich tegen het absurde decor van een parkeergarage afspeelt. Een kille gestructureerde parkeergarage waar warme en geestdriftige beleving plaatsvindt. De film spreekt tot de kijker via de beelden waar de hartstocht van afspat. De beelden spreken voor zich. Leuk.
Timestalker (2023)
Alternatieve titel: Time Stalker
Liefde overwint alles. Zelfs Vadertje Tijd. In Timestalker overstijgt de liefde diverse tijdsperioden. In Timestalker reïncarneren personages naar hartenlust en vinden elkaar in een ander leven en in een andere tijd weder. Het draait allemaal om het vrouwelijke hoofdpersonage Agnes en haar liefdesobject Alex. De protagoniste lijkt overigens de drijvende kracht in de cyclus van ontmoetingen te zijn. Ze stalkt en begeert Alex door de eeuwen heen, terwijl hij van haar evenwel niet zo onder de indruk lijkt te zijn. De film beschrijft een aantal van die ontmoetingen vanaf de 17e eeuw tot recente tijden. Alice Lowe is de regisseur en schrijver van de film en plaatst zich bovendien als protagoniste ook nog eens in het middelpunt van haar eigen schepping.
Wat voor Agnes haar lotsbestemming is, is voor Alex een kwelling. Een gezonde balans in de relatie tussen beiden is er nooit. Een grappige toevoeging is het personage George (Nick Frost) dat door de eeuwen heen een vergelijkbare obsessie voor Agnes laat zien terwijl Agnes hem op haar beurt niet ziet zitten. George leeft zijn obsessie uit in driftige fantasieën die leuk kijkvoer opleveren. Voor ander leuk kijkvoer zorgen enkele bloedige en soms wat macabere scènes die een fijne zwarthumoristische ondertoon bezitten. Moest er wel om lachen.
De diverse episoden hebben een bepaalde toneelmatige uitstraling die past bij de structuur van de film die als het ware een aaneenschakeling is van lange en korte sketches. Sketches waarin steeds dezelfde basisgedachte wordt uitgespeeld. Sketches waarin Agnes steeds maar weer pogingen doet om steeds dezelfde man te strikken. Het thema van de eenzijdige adoratie speelt zich weliswaar in een steeds afwisselend tijdperk af maar ondergaat op den duur toch enige sleetsheid. De sketches ogen op den duur minder fris en spontaan. Ze zijn eveneens minder grappig. Er is verval zichtbaar. De wending aan het eind is opverend leuk en vormt een prima afsluiting van een film die onlangs zijn korte speelduur iets te lang duurt.
Tin & Tina (2023)
Alternatieve titel: Tin y Tina
De aanleiding voor alle ellende die zich in de film openbaart, vergt heel wat goodwill. De reden van een jong echtpaar om twee obscure weeskindjes te adopteren ontging mij volledig. Twee bleke kindertjes met spierwitte haren? Twee bleke kindertjes die zich in houding en gedrag heel afwijkend en eng positioneren? Bovendien twee bleke kindertjes die in een religieuze waan verkeren, terwijl het jonge echtpaar daar niets van moet hebben? Het is de manier om het onheil over je af te roepen. Ach en wee is dan ook het gevolg.
En het begint allemaal nog wel onbedoeld grappig. Grappig is het om te zien hoe het echtpaar door het weeshuis wandelt als bevonden zij zich in een hondenkennel. “ Doe me die maar”. In werkelijkheid zal de adoptieprocedure toch wel secuurder zijn geweest en niet in een tel zijn afgehamerd. Dat zal toch zelfs gelden voor het roerige Spanje van 1981, het tijdperk waarin de film zich afspeelt? Nou ja, toch nog even gelachen.
Als je je over dit wankele begin hebt heen gezet, en je klaar bent voor de horror, doemt een ergerniswekkend punt op. Een belangrijk punt. Het wordt namelijk maar niet spannend. Tin & Tina is gewoon een verschrikkelijk saaie film, die ook nog eens bijna twee uur duurt. In die twee uur passeert slechts een handvol scènes waarvan je ietsjes rechterop in je stoel gaat zitten. Het jammere is bovendien dat de meeste actie zich buiten beeld afspeelt. De film toont niets en suggereert veel. Dat kan goed werken, maar suggestie werkt alleen goed als een film een spanningsboog bezit. En ja, die bezit de film niet.
Het grote landhuis waar het verhaal zich afspeelt is trouwens een prima locatie om spanning op te roepen. De residentie biedt uitstekende mogelijkheden om suspense in te bouwen. Het gebeurt amper, want Tin & Tina is gewoon een verschrikkelijk saaie film. Tin & Tina is een adaptie van een korte film met dezelfde titel. Een korte film past waarschijnlijk beter. Er is voldoende materiaal om een pittig kort stukje film van te maken. Er is veel te weinig substantie om de dunne inhoud buitenproportioneel te rekken. Wat een kwelling was dit, zeg.
Tin Star, The (1957)
Het Amerikaanse Westen is gecultiveerd. De kleine stadjes zijn welvarend. De handel floreert, de general stores zijn goed gevuld, de straten zijn proper en de boeven worden niet meer neergeschoten door revolverhelden, maar voor het gerecht gebracht of uit het zicht van de fatsoenlijke burger door premiejagers opgepakt en soms toch nog neergeschoten.
Morgan Hickman (Henry Fonda) is zo’n premiejager, die met zijn dode premie een klein stadje binnenrijdt en daar niet hartelijk wordt ontvangen. De inwoners willen niet geconfronteerd worden met het aanzicht van dood geboefte en met de man die het geboefte opruimt. En dat terwijl het werk van de premiejager juist garandeert dat de bewoners in alle rust welvarend kunnen leven. Vrede en rust hebben een prijs maar die mag niet zichtbaar zijn in de prettige wereld waarin de hypocriete inwoners van het stadje leven.
In het stadje wil iedereen ordelijk en in vrede samenleven zodat de handel bloeit en de omzet hoog is. Niemand wil worden lastig gevallen met vervelende omstandigheden die soms opduiken en dat leven bedreigen. De gewapende boeven zijn echter niet zomaar verdwenen. Die moeten nog steeds worden geëlimineerd. De film gaat over deze onverdraagzame en hypocriete houding. Mann verpakt zijn maatschappijkritiek in een onderhoudende western waarin alleen de indianen en het gevecht in de saloon ontbreken.
The Tin Star is een cynische western. Morgan Hickman een cynische man. Een verbitterde man die iedere vorm van overheidsbestuur als onzinnig afdoet. Jarenlang was hij sheriff maar werd erg teleurgesteld in de mensen die hem in goede tijden behulpzaam en vriendelijk bejegenden maar in slechte tijden niet thuis gaven. Hij besloot dat premiejager een beter beroep was dan de ondankbare baan van onderbetaalde sheriff in een stadje met hypocriete bewoners.
Omdat hij toch wat tijd over heeft voordat de premie kan worden uitbetaald, besluit hij de jonge onervaren en overwerkte sheriff van het stadje (Anthony Perkins) te voorzien van wat praktische kennis en laat hem delen in zijn cynische kijk op het leven. De jonge sheriff moet leren dat autoriteit niet is gelegen in de tin star die hij draagt, maar dat hij autoriteit ook zonder hulp van dat symbool moet kunnen oproepen en als vanzelfsprekend moet uitstralen en gebruiken. Uiteraard is er ook wijsheid voor de leraar. De cynische Morgan moet weer leren dat het woord 'alive' op de pamfletten waarop 'dead or alive' staat geschreven, het belangrijkste woord is. Het samenspel tussen beiden is goed. De onderlinge interacties boeiend.
Verder biedt de film prima actie, heeft een antagonist om gemakkelijk een hekel aan te hebben en speelt nog wat met romantiek. Dat laatste gebeurt voorzichtig en met mate en is niet per se vervelend. Het zijn echter vooral Fonda en Perkins die met uitstekend acteerwerk twee interessante personages tot leven wekken cie de show stelen. Ik heb de film met fascinatie en met met veel plezier bekeken.
Tingler, The (1959)
Volgens mij moet het hartstikke leuk zijn geweest om in de jaren 50 in de bioscoop naar een film van William Castle te hebben gekeken. Castle was niet vies van wat theater om zijn horrorfilms mee op te sieren en daarmee het publiek een extra stootje angst aan te jagen. Van een gratis levensverzekering bij de aankoop van een bioscoopkaartje tot skeletten die door de bioscoopzaal zweefden. Een prachtervaring voor de gelukzaligen die het mochten meemaken.
Voor the Tingler bedacht Castle de Percepto! Inclusief uitroepteken. Een apparaatje dat geplakt onder de bioscoopstoel korte vibraties onder de zitvlakken van de verraste bioscoopbezoeker voortbracht. Ik betwijfel of zo’n gimmick de film meerwaarde verleent, maar leuk is het wel.
Voor aanvang van de film komt William Castle het beeld binnen gelopen en houdt een inleiding die eindigt met de woorden: “Remember, if you scream at just the right time, it might just save your life”.
Geweldig toch! Cult!
Dan de film. Het verhaal is absurd, maar absoluut origineel. De angst en paniek van een mens manifesteert zich in zijn lichaam als een soort duizendpoot. Vincent Price in een goeie rol, onderzoekt het beestje. Het beestje ziet er best indrukwekkend uit, hoewel de draadjes die het beestje voortbewegen duidelijk zijn te zien. Het is voorstelbaar dat de aanblik ervan de jaren 50 toeschouwers de koude rillingen over de rug hebben doen lopen. De huidige kijker zal er niet erg van onder de indruk zijn.
In de film enkele prima scènes. Een film-in-film scène die zich afspeelt in een bioscoop is indrukwekkend en redelijk spannend. Vooral het moment waarop de film enkel nog zwart beeld laat zien en je het alleen met geluid moet doen, is een sterk moment. Ik kan me goed voorstellen dat de stoelvibraties op dat moment meedogenloos werden ingezet en voor menig gilletje hebben gezorgd.
De film vertelt natuurlijk een onzinnig verhaal dat in de jaren 50 waarin meer films met monsterlijke activiteiten het licht zagen, misschiem minder onzinnig leek. Toch lukt het Castle ondanks de retrocharme van de film, die bij mij soms voor wat besmuikte lachjes zorgde, nog steeds om een degelijke spanningsboog op te bouwen. Spanning die ontstaat door enkele beklemmende scènes waarin de personages en niet het beestje de hoofdrol hebben. Neem bijvoorbeeld de scène waarin Vincent Price onder invloed van LSD gelooft dat de wanden van zijn laboratorium op hem afkomen. Het indringende acteerwerk van Price maakt de scène imponerend en zorgt voor veel onbehagen. De film heeft meer van dergelijke spannende scènes.
De film is gedraaid in zwart-wit. Een opmerkelijke stilistische keuze in een tijdperk waarin kleur al de standaard was. Het werkt goed. In dit kader valt uiteraard een scène op waarin opeens wel kleur wordt gebruikt als een badkuip in een zwart-wit gefilmde badkamer vol loopt met helderrood bloed. Het effect was niet beangstigend. Integendeel zelfs. Ik vond het er wat goedkoop uitzien. De inbreuk op het stilistische zwart-wit is in ieder geval heel opvallend. Het effect dat denkelijk een shockerende werking moet hebben, kwam met al zijn overdadige kleurgebruik op mij nogal bespottelijk over. Een vreemde keus van Castle.
Ach, en zo kun je nog wel even doorgaan met beschouwen en analyseren. Ga ik niet doen. The Tingler is gewoon een hele aardige film. De film oogt soms wat gedateerd, maar is spannend genoeg en kijkt prettig weg. Zijn cultstatus is begrijpelijk.
Titan, The (2018)
Prima gegeven. Matige uitwerking.
De film wil teveel in te korte tijd. Er is science fiction voor de avontuurlijke spanning. Er is drama voor de psychologische spanning. Beide lagen worden echter te oppervlakkig en te simpel vorm gegeven, waardoor de filmbeleving tamelijk vlakjes aanvoelt. Teveel hooi op de vork. Geen aspect wordt voldoende uitgediept. Geen aspect grijpt je bij de strot.
De maker verzuimt een keus te maken. Een duidelijke keus had de film beter gemaakt. Ga voor de sci-fi actie compleet met training, ruimtevlucht en overleving op de planeet Titan. Of ga voor de psychologische kant, waarin de diepere aandacht uitgaat naar de veranderingen in de wezens van de personages met alle psychologische gevolgen van dien. Volgens mij krijg je door te accentueren op één aspect een dynamischer film.
Een andere keus is te kiezen voor beide aspecten maar dan meer uitgediept in een langere film. Had ook gewerkt, denk ik.
Conclusie: de aandacht die de elementen avontuur, actie en psychologie in deze film krijgen is te weinig intens en dat is jammer. Al deze aspecten zijn in aanzet interessant. De uitwerking is vlees noch vis en dat maakt van het bekijken van de film een teleurstellende ervaring.
Titane (2021)
In Titane neemt schrijver en regisseur Julia Ducoumau evenals in haar film Grave (2016) een jonge vrouw als middelpunt die een radicale transformatie ondergaat. Titane is een vervelende film, die iets wil zeggen over de vooringenomen houding van de samenleving die de identiteit van een mens aan de hand van zijn sekse bepaalt. Volgens Ducoumau is Titane een feministische film. Het zal wel. Ik ervoer weinig emancipatorische gevoelens bij een vrouw die zich zelf lichamelijk ruïneert. Mij leek het meer een vorm van van assimilatie. Waarschijnlijk begreep ik er niets van. Ik had trouwens ook helemaal geen zin om iets te willen begrijpen.
Los van de ogenschijnlijke boodschap die Ducoumau wil uitdragen, kun je Titane als een dramatische horrorfilm beschouwen. De film presenteert een tamelijk belachelijk verhaal waarin de nadruk op lichamelijkheid ligt. De film heeft wat shockmomenten en levert de liefhebber stukjes bodyhorror, die net als in Crash van David Cronenberg een smerige indruk maken en een erotisch randje bezitten. Wat ik zeg, voor de liefhebber.
Titane is een vleselijke film. Bij het aanschouwen van het hoofdpersonage gaat alle aandacht uit naar haar lichamelijke aspecten. De goedwillende kijker die zich in het personage wil inleven en zich psychologisch wil laven, kan het schudden. De hoofdrol is in handen van een mager en gehavend lichaam dat aan actrice Agathe Rousselle toebehoort. Het was geen pretje om 108 minuten lang in haar nabijheid te vertoeven.
Titane is een opvallende film. De film biedt de kijker afschuw, opwinding, fascinatie, blijdschap of combinaties daarvan. En misschien nog wel meer dingen. Al naargelang de aard van de kijker.
ik vond Titane vooral belachelijk.
To All a Goodnight (1980)
Een moordende kerstman heeft wel wat. Een goedheiligman die vertrouwen wekt maar die intussen rondloopt met een sinistere agenda en stevig uitpakt. Ja, dat heeft wel wat. In deze zeer matige slasher heeft de rol van de kerstman echter geen enkele meerwaarde. Eigenlijk verleent geen enkel element deze film meerwaarde. Kerstman, personages, kills, verhaaltje, optische beleving. Ze zijn gewoonweg verschrikkelijk minderwaardig.
Het acteerwerk is slecht. Dat zal geen verbazing wekken als we spreken van een lowbudgetfilm uit 1980. Houterig en verkrampt acteerwerk is het. Dezelfde kwalificaties gelden voor de dialogen. Echt zonder inspiratie en van een belabberd niveau. De regie is eveneens inspiratieloos. "Doe maar wat", zal regisseur David Hess tegen iedereen hebben geroepen, terwijl hij wanhopig nadacht over een manier om in ieder geval nog een vrouwelijk personage uit de kleren te krijgen. "Dan lever ik tenminste nog iets af dat het waard is om bekeken te worden, want verder heeft mijn film niets te bieden", dacht hij ook nog terwijl hij steeds wanhopiger werd. Zelfreflectie is altijd goed.
En hij heeft het goed gezien. De film heeft inderdaad niets te bieden, Niets dat mysterieus is. Niets dat spanning oproept. Geen intrigerende killer. Zelfs de naakte vrouw ontbreekt. Waarschijnlijk is To All a Goodnight de enige slasher uit de jaren 80 waarin geen naakt valt te zien. Volgens mij dan. Misschien heb ik een flitsje naakt gemist want zo goed zat ik nu ook weer niet op te letten. Maar ik ben er behoorlijk zeker van.
Eerder zei ik dat de film niets te bieden heeft. Niet helemaal waar. Heel af en toe kwam een bescheiden retrogevoel opzetten. Dat voelde prettig en zorgde ervoor dat ik niet geheel wegzakte in een catatonische staat. Het was op het randje. Wat een afgrijselijk slechte film is dit, zeg.
To Catch a Killer (2023)
Alternatieve titel: Misanthrope
To Catch a Killer is een drama-thriller van de Argentijnse regisseur Damián Szifron die mij een tijdje terug met de bijzonder aardige film Relatos Salvajes (2014) prettig verraste. Beide films zijn niet met elkaar te vergelijken, maar To Catch a Killer is een prima film. De film die een behoedzame spanningsopbouw heeft en een sombere atmosfeer kent, doet eerder denken aan genrebijdragen uit de jaren 70 dan aan films uit modernere tijden.
De jacht op een gestoorde moordenaar. Daarom gaat het in deze film. Ben Mendelsohn speelt Lammark. Hij is de leider van een gespecialiseerd FBI team dat de jacht op de moordenaar opent. Nadat Lammark de eenvoudige straatagente Eleanor Falco (Shailene Woodley) toevallig een pientere opmerking hoort maken, voegt hij haar meteen bij zijn team. Dat is natuurlijk een tamelijk vergezochte bocht in het script, maar als je daar eenmaal overheen bent gestapt is de ontstane constellatie van personages heel genietbaar.
De reeks moorden waar het allemaal om te doen is, is weliswaar shockerend, maar wordt niet gewelddadig uitgebuit. To Catch a Killer is geen sensationele film. De film richt zich veel meer op het speurwerk an sich en op zijn personages. De grootste hindernis bij de zoektocht is eens niet de gebruikelijke mix van buitengewone intelligentie en irrationeel gedrag bij de moordenaar. De grootste belemmering ligt bij de eigengereidheid van de superieuren binnen de eigen gelederen. Het is tekenend voor de film die weinig belang heeft in elementen die de sensatie dienen.
Woodley en Mendelsohn spelen interessante personages. Eleanor is eenzaam, agressief en heeft een neiging tot zelfdestructie. Ze voldoet daarmee goed aan het profiel van het type dader waarmee Mendelsohn in zijn werk te maken heeft. Best handig bij het onderzoek natuurlijk. Overigens gaat de film inhoudelijk amper in op haar verleden, maar legt wel goed de effecten bloot die haar verleden heeft op haar gedachtewereld en op haar dagelijkse routine. Ook het personage Lammark is een volwaardig uitgewerkt personage. Hij is een intelligente, aimabele solist die eveneens kampt met persoonlijk issues en in zijn werk steeds weer frustrerend stuit op de beperkte zienswijze van zijn superieuren.
Een sombere film. Sombere personages. Sombere settings. Een sombere atmosfeer. Het camerawerk is passend en degelijk. Toch permitteert de regisseur zich af en toe wat frivoliteiten als de camera soms beelden laat zien die op de kop zijn geschoten. Ik beschouw die kunstgrepen maar als een poging om de mentale strijd van met name Eleamor nog eens te benadrukken. Het zijn totaal overbodige trucjes. Het acteerwerk van Woodley is goed genoeg om zelfs de meest onoplettende kijker duidelijk te maken dat zij een turbulent innerlijke leven leidt.
In het laatste deel van de film verschijnen helaas wat keukenpsychologische verklarinkjes en wordt een beroep gedaan op de traan van de kijker. Waarom nou? Die dingetjes ondergraven toch enigszins de authenticiteit van het verhaal. De finale is (behalve die dingetjes) gelukkig een sfeervol en spannend gebeuren, waarin de camera zich afzijdig houdt van frivoliteiten en simpelweg registreert.
To Catch a Killer is een spannende thriller die is bekleed met een heerlijke depressieve sfeer. Prima acteerwerk en een prima verhaal gedijen in deze atmosfeer uitstekend. Goeie film.
To Catch a Thief (1955)
Alternatieve titel: Met Dieven Vangt Men Dieven
Ergens in de eerste scènes sluipt een zwarte kat over de daken van het stadje Nizza aan de Franse Riviera, terwijl welgestelde dames het verlies van hun gestolen juwelen luidkeels betreuren. De zwarte kat is een referentie naar de legendarische meesterdief John ‘The Cat’ Robie, die lijkt te zijn teruggekeerd en zijn oude stiel van juwelendief weer te hebben opgepakt. John Robie moet zijn onschuld bewijzen en heeft geen andere keus dan zijn copycat zelf op heterdaad te betrappen.
Een klassieke whodunnit a la Hitchcock, zal zich met deze basisgegevens gaan ontwikkelen, zou je zeggen. Dat klopt deels. Suspense en Macguffin zijn aanwezig maar wat mij betreft ligt het accent in deze film veel meer op de romantiek. Wat wil je ook met een koppel als Cary Grant en Grace Kelly als de centrale blikvangers. De spanning en de suspense zijn bijzaak. De romantische ontwikkelingen voeren de boventoon. En die zijn trouwens aangenaam om te volgen.
De film is prachtig geënsceneerd en bevat fijnzinnige humor. Een stijlvolle film. Een lust voor het oog. To Catch a Thief is geen superspannende film. Wel een sensuele film. Een film die niet bestaat uit ingenieuze sleutelscènes maar veel meer mikt op kleine effectieve scènes die spanning genereren binnen een romantisch totaalconcept. To Catch a Thief is geen meesterwerk. To Catch a Thief is wel een uitstekende film van Alfred Hitchcock.
