Meningen
Hier kun je zien welke berichten Flavio als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Cat People (1942)
Aardig drama met thriller-en noir-elementen kent een paar uitstekende scenes, maar verloopt daartussen soms met horten en stoten. De film ziet er wel mooi uit, en de beperkte financiële middelen noopten de makers tot inventiviteit. Echt spannend wordt het echter nooit, de scenes tussen de twee vrouwelijke rivalen kwamen nog het meest in de buurt. Griezelig is de film al helemaal niet, maar dat mag gezien het jaartal ook niet verwacht worden.
Simone Simon was misschien niet de beste actrice aller tijden, ze speelt de katachtige Irena met verve. De andere acteurs waren nogal inwisselbaar. Aan de psychiater ergerde ik me vooral. Waarschijnlijk schreef de Hays code voor dat hij een lul van een vent moest zijn aangezien hij het loodje legt. Naast een duidelijke verwijzing naar onderdrukte seksualiteit weerklinkt trouwens ook een niet zo subtiele waarschuwing voor het exotische: de mysterieuze vrouw van het Oude Continent blijkt toch niet zo geschikt als huwelijkspartner, in tegenstelling tot de doodnormale Amerikaanse collega.
Catene (1949)
Prima melodrama met de mooie Sanson als getergde vrouw, waarin haar zelfopoffering uiteindelijk nog leidt naar een happy end. Wat ze ooit in de gluiperige Emilio zag is me een raadsel. Hoewel het melodrama met dikke plakken wordt opgediend, waarbij huilerige kindergezichtjes niet worden geschuwd, vond ik het eigenlijk nog binnen de perken. Een crime passionnel is toch nog het minste wat hier uit had kunnen komen, gelet op het Napolitaanse temperament. Voor de Amerikaanse politiefunctionaris had overigens wel een Amerikaan gecast mogen worden maar die waren destijds waarschijnlijk minder voorradig in Italië als tegenwoordig.
Celui Qui Doit Mourir (1957)
Alternatieve titel: He Who Must Die
Niet de beste van Dassin, dat blijft toch Rififi (sowieso een van mijn favoriete films) maar zeker een prima film. Dat er Frans gesproken wordt in een Griekse setting kan me niet zo veel schelen, en de cast doet het eigenlijk over de hele linie goed, al springt niemand er echt uit. Het verhaal vond ik leuk gevonden, de dorpelingen die door de hypocriete priester worden gecast voor het aankomende passiespel vereenzelvigen zichzelf volledig met hun rol, en proberen de vrome woorden van de priester om te zetten in daden tot afschuw van de dorpselite. Wel is de moderne JC wat activistischer dan de originele.
Sterk eindshot ook.
Als parabel nog altijd bijzonder actueel, misschien wel meer nu dan in 1957.
Cent et Une Nuits de Simon Cinéma, Les (1995)
Alternatieve titel: Les Cent et une Nuits
Leuke ontdekkingstocht door 100 jaar cinema, met talloze verwijzingen naar filmklassiekers, via korte scènes uit de films zelf maar ook door bekende citaten na te spelen, zoals het wegduiken voor een aanstormende trein of het citeren van de “oudste komedie” (op de tuinslang staan). En natuurlijk heel veel cameo’s, waarbij acteurs zichzelf spelen, vaak met veel milde (zelf)spot. Ik zag trouwens lang niet alle door CINEMATEKbe genoemde acteurs (Sheen? Di Caprio? Léaud?), maar schijnbaar is er ook een langere versie.
De liefde voor film spat er vanaf, maar er valt ook wel wat aan te merken op de uitvoering. Het voelt soms een beetje gekunsteld aan, de cinema voorgesteld als oude man die zwelgt in nostalgie, waarbij Piccoli ook nog eens geregeld uit zijn rol valt- om de ironie nog maar eens te benadrukken. En eerlijk gezegd is het verhalend niet veel soeps. De strubbelingen van een nieuwe generatie filmers, onder aanvoering van de zoon van Demy en Varda, had er bv wel uitgehaald mogen worden.
Central do Brasil (1998)
Alternatieve titel: Central Station
Een minimalistische road movie.
Alle lovende kritiek ten spijt kon deze film me niet echt grijpen.
Het uitgangspunt is wel aardig: Cynische, amorele vrouw gaat noodgedwongen op pad met getraumatiseerd knulletje. De twee mogen elkaar niet en eigenlijk blijft dat zo tot ver in de film. Het is dan ook niet zozeer een verhaal over ontluikende vriendschap maar over de bewustwording van Dora dat haar leven leeg en eenzaam is, wat het best naar voren komt als ze de goeiige vrachtwagenchauffeur nog nét niet bespringt. De film komt vrij realistisch over, dingen worden niet mooier voorgesteld dan ze zijn, maar het blijft allemaal iets te droog.
César (1936)
Afsluiter van de trilogie van Pagnol die zich zo’n 20 jaar na deel 2 afspeelt. César begint sterk met het sterfbed van Panisse en diens biecht, maar na zijn dood zakt het wat in. Het is veel herhaling van de vorige delen, begrijpelijk aangezien deze film 5 jaar na het vorige deel uitkwam en het publiek veel zou hebben vergeten, maar als je net de vorige delen gezien hebt is al die info natuurlijk overbodig.
Daarnaast is de humor na de dood van Panisse een stuk minder aanwezig. Het personage van de zoon is ook niet zo geslaagd, ik had liever wat meer gezien van het gebakkelei tussen de kaartvrienden. Neemt niet weg dat het toch wel een waardige afsluiter is, het is leuk alle oude bekenden nog een keer te zien, en het happy end voor Marius en Fanny is hun gegund.
César et Rosalie (1972)
Alternatieve titel: César and Rosalie
Leuke film met mooie rollen van Schneider en Montand die naar het einde toe wat minder wordt. Op een gegeven moment gaat het meer om Cesar et David en doet Rosalie alleen nog de afwas.
Neemt niet weg dat Montand geweldig een wat naieve rijkaard speelt die zich eigenlijk niet thuisvoelt in de hogere sociale klasse en die zich dan weer van zijn zachte en dan weer van zijn gewelddadige kant laat kennen (al vond ik de scene met het mes wat te ver gaan) en Romy Schneider is op haar charmantst en zeer geloofwaardig als de vrouw waar iedereen voor valt.
Ook met een piepjonge Isabelle Huppert.
Chang: A Drama of the Wilderness (1927)
Nogal dubieus project, in de stijl van Nanook of the North. Alles is zo'n beetje in scène gezet en geacteerd, de "familieleden" waren bij elkaar gezocht door Cooper en Schoedsack, en het huis in de jungle werd ook door hunzelf opgetuigd. Dat alles om maar zo veel mogelijk drama te hebben waar de westerse bioscoopbezoeker zich aan kon vergapen. Verder bestaat het leven in de jungle aan een aaneenschakeling van het bejagen, doden en gevangen zetten van wilde dieren, met allerlei nare beelden van doodgeschoten panters en tijgers tot gevolg.
Het eindigt ook nog eens met de misplaatste kreet dat de jungle nooit zal worden overwonnen- nu moet de mens alles op alles zetten de vernietiging een beetje in toom te houden. Dit valt de makers van deze film uit 1927 natuurlijk niet te verwijten, maar hun film heeft waarschijnlijk ook niet bepaald geholpen.
Chant of Jimmie Blacksmith, The (1978)
Ongemakkelijk drama, waarbij de sympathieke Jimmie door zo'n beetje alle blanken in de film wordt beledigd, getreiterd en opgelicht. Tot het onvermijdelijke breekpunt komt na een relatief onschuldig voorval dat Jimmie echter diep in zijn ziel raakt- leden van de Newby familie die een wig proberen te drijven tussen hem en zijn (blanke) vrouw. Als hij vervolgens weer eens wordt afgezet breekt de hel los, een rauwe scene die hoewel hij niet té expliciet is weinig aan de verbeelding overlaat. In plaats van zich daarna te bezinnen besluit hij oude rekeningen te vereffenen, waarbij hij zelfs een baby niet spaart.
Een sombere blik op de geschiedenis van Australië naar het boek van Thomas Keneally, vooral bekend om zijn Schindler's Ark, overigens te zien in een klein bijrolletje. Ondanks de grove misdaden wordt de schuld vooral bij de blanke Australiërs gelegd, die de Aboriginals naar een bestaan in de marge hebben gedrukt. Je zou dan ook kunnen zeggen dat het Jimmie's "witte" kant is (hij is mesties) die de gewelddadigheden pleegt. Zijn broer, een volbloed Aboriginal, is veel minder fanatiek en redt zelfs het leven van een ziekelijke dokter die ze een tijdje ontvoerd hadden. De nadruk waarmee zijn pleegouders steeds zeggen dat Jimmie "half-white" is, dus open zou moeten staan voor beschaving (in de visie van de vroeg 20e-eeuwers) lijkt dat ook te suggereren.
Chapeau de Paille d'Italie, Un (1928)
Alternatieve titel: The Horse Ate the Hat
Knap gemaakt en bij tijd en wijlen amusant genoeg, maar het verhaaltje had toch echt te weinig om het lijf om 105 minuten mee te vullen. Als ik dan nog lees dat het origineel 122 minuten duurde...er had wat mij betreft nog wel 30 minuten afgehaald mogen worden.
Het tempo ligt laag, kortom, te laag. En het had natuurlijk in chaos moeten eindigen, ik had dat in elk geval wel gewaardeerd, maar het wordt zowaar volledig rechtgetrokken. Positieve noten zijn er ook. De scene dat de bedrogen echtgenoot er achter komt dat het smeuïge verhaal van de bruidegom over zijn eigen vrouw gaat vond ik best komisch. Het ongemak met kleding loopt als een running gag door de hele film en dat vond ik ook leuk gedaan. Ook zijn er redelijk wat shots die net wat anders zijn: van boven, achter een gordijn, dan weer een plotselinge close-up. Ook de montage is voor die tijd nog best dynamisch.
Chaplin (1992)
Weinig verrassingen in deze ambitieuze biopic, met een prima vertolking van Downey jr in de titelrol, en ook verder een indrukwekkende cast. Het verloopt allemaal volgens het biopic handboek, inclusief een overbodig kader waarin de oude Chaplin terugkijkt op zijn leven met een biograaf, een nikszeggende rol van Hopkins. Maar het leven van Chaplin, en de tijd waarin hij aan het pionieren was, is gelukkig interessant genoeg om ruim twee uur te blijven boeien, en het is aardig om de stukjes die terug zouden komen in zijn films te herkennen.
Attenborough waagt zich slechts eenmaal aan iets buitenissigs, als Chaplin de politie probeert te ontlopen wordt dat weergegeven in slapstick-modus. Het is een geslaagd grapje, zulke dingen had de regisseur wel vaker mogen doen. Het einde, als scenes uit de films vertoond worden en de oude Chaplin achter de coulissen hoort hoe het publiek moet lachen, was een mooie afsluiter.
Chariots of Fire (1981)
Alternatieve titel: De Overwinnaars
Nogal middelmatig filmpje waarin met veel bombast geprobeerd wordt een soort legende te creëren voor de Schotse Folkert Velten. Het wordt allemaal tergend traag gebracht zonder enige bijzonder interessante verwikkelingen. Verder worden we geacht mee te leven met elitaire types die champagneglazen op de horden laten zetten en meer van dat soort ongein. Alleen Abrahams was een personage met wat potentie maar dat kwam er ook niet helemaal uit. Er wordt verder best goed geacteerd maar ik vond de film behoorlijk sfeerloos, de roaring twenties waren in de hoogste kringen in GB kennelijk zeer onderkoeld en beschaafd.
Maar ik kan in elk geval weer een Oscarwinnaar afstrepen. Zeer nipte 2,5 *.
Charly (1968)
Aardige film waar ik tot voor kort nooit van had gehoord. Oscar zowaar voor Robertson. Ik was benieuwd zeker ook gezien de scores maar ben niet onverdeeld enthousiast. Het verhaal is wel vrij boeiend, beetje een voorloper van Phenomenon (1996), regisseur Nelson gaat full sixties met split-screens en visuele trucjes en Claire Bloom is charmant, maar vanaf de aanranding ging Charly toch wel bergafwaarts. Ik dacht dat we Charly's fantasie betraden met dat motorgedoe en de terugkeer van Dr. Alice, gevolgd door wat zijige scenes met bloempjes en een bootje en conversaties als: "Marriage? I could never keep up with you Charly!" "Well...Einstein had a wife too" maar dat was dus allemaal echt. Het kostte me daarna moeite weer in de film te komen.
Charme Discret de la Bourgeoisie, Le (1972)
Alternatieve titel: The Discreet Charm of the Bourgeoisie
Droogkomisch en absurd, deze film van Buñuel kijkt lekker weg door de opeenstapeling van bizarre situaties, die soms dan weer dromen blijken te zijn. Af en toe is er een vrij plotseling uitstapje als iemand aandringt zijn treurige geschiedenis of droom te vertellen, verder gaat het vooral over de tot mislukken gedoemde pogingen van een zestal vrienden om een etentje af te ronden.
Monty Python is al genoemd en ik moest daar ook meer dan eens aan denken, al is de humor bij Buñuel meer absurde "situational comedy", waarbij bizarre en gewelddadige situaties hooguit licht ongemak oproepen bij de protagonisten. Naast de burgerlijke elite krijgt ook de kerk wel een kleine veeg uit de pan, maar het was toch vooral absurdistisch theater. Mijn favoriete momenten waren wel de Ambassadeur die voortdurend kritische vragen krijgt te verduren over zijn "semi-barbaars landje", de verlekkerde blik als de bisschop in het schuurtje komt en een strohoed opzet, de dromen die eindigen in moord en doodslag en de ontsnapping uit het raam om even een potje te vrijen- ook mooi dat het dienstmeisje gewoon de waarheid vertelt en geen poging doet haar werkgevers in bescherming te nemen: wellicht om de eerlijkheid van het volk tegenover het gemanipuleer en gekonkel van de elite te tonen?
Geslaagde film, en moet nodig meer zien van deze regisseur.
Chayim al-pi Agfa, Ha- (1992)
Alternatieve titel: Life according to Agfa
Vervreemdende film over een liberale kroeg in Tel Aviv als een soort Israëlische microkosmos die eindigt in terreur. Life According to Agfa is daarmee een zeer politieke film, waarbij de portrettering van de uitzonderlijk lompe soldaten weinig aan de verbeelding overlaat waar Dayan's sympathie ligt. Maar eigenlijk komt bijna niemand er goed van af, op het depressieve meisje en de uitbaatster van de kroeg, of eigenlijk vooral haar Arabische personeel na misschien. Het schetst een somber beeld van Israël, waarbij het geweld niet eens alleen langs religieuze lijnen loopt, maar met name langs ideologische grenzen. Ik moest wel wennen aan het soms nogal theatrale acteren en het gebrek aan subtiliteit maar best interessant om te zien, al lijkt het me wel een teken aan de wand als dit als een van Israëls beste films geldt. Nipte 3 sterren.
Chelovek s Kino-Apparatom (1929)
Alternatieve titel: Man with a Movie Camera
Bijzonder wel, deze experimentele film/ docu, zonder narratief, met beelden vanuit alle mogelijk invalshoeken. Geen Sovjet-verheerlijking van de arbeider of de vijfjarenplannen maar een stroom beelden van Russen die opstaan, werken, reizen, sporten, op het strand liggen, trouwen, scheiden, sterven en ook zelfs een shot van een bevalling.
Dat alles onder muziek van Nyman die 4 muzikale thema's herhaalt- waarom niet een originele score gemaakt voor de gehele 68 minuten denk ik dan.
De film lijkt met plezier gemaakt te zijn, Vertov wilde de wereld laten zien wat voor wonderlijke machine de camera was, en naast de vele inventieve shots die sindsdien gemeengoed zijn, is ook de snelle editing bijzonder. Saai wordt het nergens, alleen de muziek valt dus soms in herhaling.
Mooie originele titel trouwens (en vreselijke vertaling)
Dat is toch de letterlijke vertaling? Mijn Russisch is niet zo denderend maar als ik het vertaal via Google Translate krijg ik exact dezelfde vertaling..
Chernobyl (2019)
Chernobyl is zonder meer een knap gemaakt drama met veel gevoel voor detail: van de jaren 80 kapsels tot de deprimerende Sovjet-architectuur. Dat er Engels gesproken wordt leidt even af maar daar had ik al snel geen last meer van. Prima acteerprestaties van Harris en Skarsgård ook. En de minimalistische soundtrack paste bij het desolate sfeertje. Maar als je je inleest in de kritiek op de serie is er toch wel in veel gevallen gekozen voor een dramatisch effect ten koste van de waarheid. Voor de buddy-achtige taferelen tussen Legasov en Shcherbina (die in werkelijkheid helemaal niet zo goed met elkaar konden opschieten) is dat geen probleem, ook het fictieve personage Khomyuk stoorde me niet. Dat brengt wat luchtigheid, wat vaart. Soms had ik er wat meer problemen mee, zoals bij de zelfopoffering van de drie vrijwilligers, die kennelijk heel anders liep dan in de serie geschetst.
Maar bij sommige andere, belangrijke, details gaat de schoen toch wringen. Dat gedreig met executie, terwijl de Sovjet-cultuur zich juist uitte in kritiekloze volgzaamheid en het ontbreken van een eigen verantwoordelijkheidsgevoel. Of stralingsziekte die volgens deze serie dermate besmettelijk is dat je je beter niet kunt wagen in de buurt van een slachtoffer. Onzin, wat die hele paniek omtrent die zwangere vrouw van die brandweerman nogal belachelijk maakt (en de suggestie die gewekt wordt dat de vrouw haar kind verloor door onverantwoordelijk gedrag is best een trap na). De speech die Legasov hield tijdens de hoorzitting en waarin hij het Sovjet-systeem openlijk bekritiseerde heeft nooit plaatsgevonden maar klinkt natuurlijk als muziek in de oren van een westers publiek. Ook is er een echte villain van Disney-achtige proporties in de persoon van Diatlov. Dat die man fouten heeft gemaakt staat vast, maar hij was onderdeel van een systeem waarin dergelijke fouten kónden plaatsvinden.
Daarmee is Chernobyl zeker geen slechte serie, en zeker interessant voor een groot publiek. Maar als dit hét ijkpunt voor de Chernobyl-ramp gaat worden lijkt me dat geen goede zaak.
Chevaux de Dieu, Les (2012)
Alternatieve titel: Horses of God
Boeiende film over de ontstaansgeschiedenis van een terroristencel, vanaf hun jeugd tot het moment dat ze tot hun daad overgaan - of er op het laatste moment van afzien. De film toont de hopeloze, vijandige wereld waarin de jongens opgroeien, en kent veel subtiele momenten waarop moraliteit, of het gebrek daaraan, wordt getoetst. De moeder die tevreden vaststelt dat haar oudste zoon geld thuisbrengt, zonder zich er om te bekommeren hoe hij daaraan gekomen is, of het doden van een man die zich wil vergrijpen aan een van de jongens. Vond de vele verwijzingen naar, vrij openlijke, homoseksualiteit ook opvallend.
De regisseur wilde kennelijk laten zien hoe de terroristen tot hun daad komen, en de radicalisering, maar dat gedeelte vond ik minder geslaagd. De eerste radicalisering vindt plaats in de gevangenis, buiten beeld, en de jongens die zich laten inpalmen gaan wel heel snel overstag met een fanatisme dat uit het niets lijkt te komen. Er wordt na 9/11 een vijandschap gecreëerd tussen de gelovigen en de ongelovigen, maar toch is het best vreemd dat niemand zich bekommert om onschuldige slachtoffers, dat was kennelijk een no-brainer. Er is hooguit enige bezorgdheid over het mogelijk doden van andere moslims. Het afzien van de daad op het laatste moment lijkt vooral ingegeven door angst zelf te sterven, niet door gewetensnood.
Het totale gebrek aan moraliteit in combinatie met godsbeleving wordt eigenlijk nauwelijks uitgelegd en zo blijft het een vreemde kronkel. Daarom was het misschien aardig geweest ook een jongen uit de sloppenwijk te zien die wel daaruit gekomen is, en bijvoorbeeld een baantje had gevonden als kelner in het gedoemde Casa de España- al is het maar om te laten zien dat er wel degelijk een keuze is. Aan de andere kant, wellicht was de film daar niet beter van geworden, eerder geruststellender.
Toch blijft het knagen, want nu wordt het terrorisme als een samenkomst van factoren gebracht met een onvermijdelijke afloop, en dat fatalisme staat me toch ook tegen.
Chicago (2002)
Best aardig, deze vileine musical die bevolkt wordt door opportunistische, leugenachtige, doortrapte figuren. Paar nummers die de aandacht trokken waren het nummer van de 6 veroordeelde moordenaars, het buikspreeknummer en de executie van de Tsjechische. Zeta-Jones heeft duidelijk plezier in haar rol en is leuk, weet niet of ik het echt Oscarwaardig vond. Dat geldt in grotere mate voor de film zelf trouwens. Gere en Zellweger doen het OK, Reilly speelt een beetje dezelfde rol als altijd, die van niet al te snuggere goedzak, maar doet dat wel met verve.
Positief is ook wel dat de film behoorlijk onderhoudend is, er werd geen tijd uitgetrokken voor romantische subplotjes en dergelijke, de vaart bleef er in zitten.
Chienne, La (1931)
Vroege Renoir over een sukkelig mannetje die als een schooljongen verliefd is op een kille, berekenende maar ook tragische prostituée. Het verhaal is al best pittig, zeker voor die tijd, Renoir tilt het naar een hoger plan met originele en ook technisch knappe shots.
Een treffend voorbeeld is de scheer-scène: Legrand kijkt uit het raam naar zijn overbuurvrouw, die even in focus komt, terwijl hij zich scheert. Op de achtergrond klinkt pianomuziek (geen score). Hij loopt naar een kastje, de camera beweegt mee, en Legrand haalt er wat geld uit, loopt terug naar het raam, weer gevolgd door de camera, die nu een andere hoek beslaat, en dan pas verschijnt de bron van de muziek. Voor het narratief allemaal niet nodig, maar dankzij dit soort scenes bleef ik de hele film geboeid kijken. Een ander voorbeeld is de moordscène , de stijgende camera vanuit het groepje mensen dat samendromt om de muzikant, de komst en het vertrek van Didi, en dan de droge constatering van de hospita dat er iets mis is.
Zo goed als Règle du Jeu of La Grande Illusion wordt het niet, daarvoor zitten er een paar wat zwakke stukken in -de sequentie met de doodgewaande eerste echtgenoot vond ik bijvoorbeeld niet zo sterk- en het acteerwerk was soms net wat gekunsteld, wat je in vroege geluidsfilms vaker ziet, maar wel weer een knappe film.
Chikamatsu Monogatari (1954)
Alternatieve titel: The Crucified Lovers
Fraaie film van Mizoguchi waarmee hij zich dan toch schaart in het groepje van Ozu, Kobayashi en Kurosawa, wat Japanse klassieke regisseurs betreft. Mizoguchi is misschien wel de meest Japanse van het stel, afstandelijker, minder emotioneel, minder toegankelijk, maar dat zijn niet per se negatieve kwaliteiten. En in The Crucified Lovers wordt dit meteen gelogenstraft want het is de meest toegankelijke Mizoguchi die ik tot nu toe zag (toegegeven het is pas nummer drie).
The Crucified Lovers behandelt typisch Japanse thema's als plichtsbesef en eer, en de botsing daarvan met romantische gevoelens- gevoelens die overigens eerder uit een groot respect dan uit een vurige passie lijken voort te komen. Zoals wel vaker worden ook de hypocriete uitwassen niet vergeten- de grootste moraalridders zijn niet zelden types van het laagste allooi. Een interessante vertelling die prachtig geschoten is en ook een aantal zeer gedenkwaardige scènes en shots kent, iets wat ik een beetje miste in wat ik eerder van deze regisseur zag. Scènes zoals die op het meer, de vlucht van Mohei gevolgd door de wanhopige Osan en het wrange einde maken van The Crucified Lovers een erg sterke film.
Child Is Waiting, A (1963)
Een van de Cassavetes die me nog restte (Love Streams bewaar ik voor het laatst, Big Trouble sla ik denk ik maar over). Het is inderdaad veel minder eigengereid, echt een vreemde eend in zijn oeuvre, en niet verrassend is het een van zijn mindere films. Op Rowlands na ontbreken ook Cassavetes' gekende ensemble acteurs. Maar al ben ik nooit zo'n fan van Lancaster en eerlijk gezegd al helemaal niet van Garland, ze doen het zeker niet slecht. Wel moeilijk te geloven dat Garland pas begin 40 is in deze film. Knap geacteerd van het jongetje Reuben, in voor zover ik kan nagaan zijn enige rol.
Vond het ook wel interessant om te zien hoe men in die tijd over de behandeling van "retarded" (toen kennelijk de geijkte term) kinderen dacht, hoe goedbedoeld ook, het kwam neer op ze wegstoppen.
Chinjeolhan Geumjassi (2005)
Alternatieve titel: Sympathy for Lady Vengeance
Teleurstellend.
Het al vaker genoemde rommelige begin is matig maar ook het tweede gedeelte vond ik ronduit zwak. De uiteindelijke wraakscene vond ik in alle opzichten slecht: het idee (je laat ouders hun stervende kinderen zien in een soort schoolklasje...waar hadden die ouders dat aan verdiend? Of zouden ze anders niet kwaad genoeg op de moordenaar van hun kinderen zijn? Onbegrijpelijke scene) en de uitvoer (een voor een een mes erin).
Af en toe mooie beelden en aardige scenes maar scenario/ editing zijn te ergerniswekkend. En kom ook eens met een nieuw idee voor de muziek want je kunt ook teveel klassieke muziek in een wraakfilm stoppen.
Christine (1983)
Alternatieve titel: John Carpenter's Christine
Klassieke autohorror duurt te lang en kent te weinig hoogtepunten. De transformatie van Arnie (lees: hij ging lenzen dragen, kennelijk dé oplossing voor elke Amerikaanse high school nerd) ging nochtans nogal rap. Weinig meer van die acteur vernomen. Wel leuk om good old Harry Dean Stanton te zien in een klein rolletje.
Christine wordt nog wel enigszins gered door een drietal memorabele scenes en een fijne score maar vond het verder vooral een flauwe bedoening. Ook geen enkel moment eng, voor een horror toch ook wel een minpunt. Maar met zo’n idioot uitgangspunt viel ook geen avondje griezelen te verwachten. Een remake met een fiets in de hoofdrol zou ik nog wel willen zien.
Christine (2016)
Na het mij wat tegenvallende The Devil All the Time een fijne verrassing van Campos. Rebecca Hall schittert als labiele maar ambitieuze journalist die werkt voor een of ander lullig TV-stationnetje in een provinciestadje waar nooit iets gebeurt. Haar ambitie gepaard aan sociale onhandigheid en een opvliegend karakter leveren de nodige pijnlijke momenten op, en een karikatuur ligt dan al snel op de loer, maar zij weet haar personage menselijk te maken en, mrklm zegt het goed, waardigheid te geven. Van de bijrollen valt vooral Tracy Letts positief op.
Ik zie de film trouwens allerminst als een beschuldiging richting collega's of 'het systeem', het was toch vooral een zwaar getroubleerde vrouw die door een keten aan gebeurtenissen tot haar daad kwam.
Christmas Story, A (1983)
Leuker dan verwacht. Misschien omdat ik op een zoetsappig kerstfilmpje rekende, maar dat is het toch niet bepaald. Het is een beetje Wonder Years, niet in de laatste plaats door de voice over, een beetje Malcolm in the Middle, kortom een hoop nostalgie en gefantaseer. Het is iets te braaf om echt aan te slaan maar ik moest toch een aantal keer best lachen, met name het stukje bij Santa en zijn bozige Elfs vond ik wel geslaagd, ook de gevolgen van het uitspreken van het verboden woord was geinig en de lamp niet te vergeten. Toch wel een opmerkelijk lage score hier.
Chronik der Anna Magdalena Bach (1968)
Alternatieve titel: The Chronicle of Anna Magdalena Bach
Van de 'Grote Drie' (Beethoven, Mozart en Bach- wellicht doe ik nu een groot componist te kort) is Bach mij het het minst bekend. Misschien ook de minst 'filmische' componist, waar de muziek van Beethoven en Mozart menig film opluistert geldt dat -gevoelsmatig- voor Bach veel minder. Ik associeer hem vooral met kerkmuziek en dan vooral de Matthäus Passion, waar ik me, door een vanaf mijn doop gestaag ingezette ontkerkelijking (en wellicht door een onbewuste associatie met Der Lothar) nooit echt in heb verdiept, de jaarlijkse aandacht ten spijt.
Deze eerste film van het door mij niet altijd op waarde geschatte duo Straub-Huillet is een veredeld zondagochtendconcert, niet onaangenaam trouwens, maar de genialiteit kan ik er bepaald niet uithalen. De muziek is mooi en het is leuk dat de musici in de kleding van die tijd, op locatie ook nog, mijn kater trachten weg te tokkelen, maar er wordt niet echt in geacteerd. En ook niet echt geregisseerd, het is vooral een registratie van de muziek met her en der een uitzoom. De vertelstem van Anna Magdalena ratelt tussen de muziekstukken door over de muzikale loopbaan van haar echtgenoot, en je hoort ook 'Bach' met een opvallend Nederlandse tongval klagen over de salariëring of beslommeringen die hem beletten het beste uit zichzelf te halen. Ik vond het niet oninteressant, je zou het een stoomcursus Bach kunnen noemen, maar met boeiende cinema heeft het allemaal niet heel veel te maken.
Chung Hing Sam Lam (1994)
Alternatieve titel: Chungking Express
Charmante film die op de helft wat abrupt van toon en verhaal verandert, waarin de hoofdpersonen zich nogal excentriek gedragen. Soms deed het me wel wat aan Amelie denken, met name de serveerster, die kleine veranderingen doorvoert in het huis van de tweede agent.
Ik vond het visueel wel aardig, niet zo mooi als in In the Mood for Love, wat ook geldt voor de muziek- waar ik kippenvel kreeg elke keer als het hoofdthema voorbij kwam in de laatstgenoemde film, zorgden The Mama's & The Papa's op een gegeven moment voor lichte weerzin, terwijl ik het nog best een leuk nummer vind.
Vond de mafia-dame met pruik niet erg passen bij de toon van de film, met name de schietpartij was wat misplaatst. Verder erg luchtig, los geacteerd, en het tweede deel was wel beter, al vond ik de telefoongesprekken van de eerste agent ook erg amusant.
Chute de la Maison Usher, La (1928)
Alternatieve titel: The Fall of the House of Usher
Sfeervolle Poe-verfilming met passende muzikale begeleiding- soms werkte het gepingel op de zenuwen maar dat gaf uitstekend de waanzin weer. Prachtige en soms bizarre designs ook, en hoewel ik het gebruik van slow motion niet subtiel zou willen noemen (in normal speed gaat er zo een kwartier zuivere speeltijd af) werkt het wel mee aan de sfeer. Mooi hoe dat gewaad (bruidsjurk?) door de wind wordt meegevoerd, maar er zijn talloze voorbeelden. Ook de editing is behoorlijk inventief. Voice over stoorde me niet echt, al is het niet ideaal natuurlijk.
Ciao Maschio (1978)
Alternatieve titel: Bye Bye Monkey
Behoorlijk vage film van Ferreri heeft een aantal leuke vondsten en momenten, maar het is zo incoherent als de neten. Niet dat een film altijd een samenhangend geheel moet zijn, er zijn genoeg voorbeelden van geslaagde films waar geen touw aan vast valt te knopen. Maar Ciao Maschio slaagt daar niet in en gaat richtingloos naar een climax die me weinig deed.
Een verzameling losse flodders met een uiterst irritante Depardieu, de schattige Abigail Clayton als zijn vriendinnetje, en een aapje. Verder draven ook oudgedienden Marcello Mastroianni en Geraldine Fitzgerald op, een verspilling van hun talent wat mij betreft.
De paar goede momenten ten spijt (King Kong op het strand, het feministische theatergezelschap) kan ik toch niet meer dan 2 sterren geven voor deze film.
