- Home
- John Milton
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten John Milton als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Alucarda, la Hija de las Tinieblas (1978)
Alternatieve titel: Sisters of Satan
Alucarda is geen typische nunsploitation, of sexploitation. Alucarda is helemaal geen typisch wat dan ook.
Juan López Moctezuma, een vroege kompaan van Jodorowsky, heeft hiermee een ander soort horror afgeleverd dan die ik uit Mexico gewend ben, al is dit pas de vijftiende horrortitel die ik uit het land zie. Verwacht een hoop hysterisch geschreeuw, satanische rituelen, demonische bezetenheid, cryptes, kleurrijk bloed, blote tetjes en allerlei andere aansprekende sleutelwoorden. De waarheid is dat ik Alucarda al meerdere horrorchallenges heb geprobeerd te kijken, maar er ging telkens wat mis. Spaans gesproken, maar ondertiteling die niet synchroon liep, of kloppende Engelse subs, maar ook Engelse dub. Dat doen we dus even niet met een horrorklassieker die op #387 van horrorcanon TSZDT staat. Een lijst waarvan ik er na al die challenges nog steeds 362 te gaan heb. Mij hoor je niet klagen. Ik had nu eindelijk de volledige dvd van Mondo Digital te pakken. Problem solved.
Alucarda is de eerste titel die besproken wordt in het boek Hidden Horror: A Celebration of 101 Underrated and Overlooked Fright Flicks, waar het volgende kijkadvies wordt meegegeven: 'Alucarda is best experienced by giving over to the bizarre visuals, manic energy, and shocking violence.' Dat heb ik dus maar gedaan, zonder al teveel op de logica te letten, en Alucarda stelde mij niet teleur. Geen rustige prent om mee wakker te worden, en zeker geen kijktip voor André Rouvoet zoals Wendyvortex opmerkt, maar sfeervol is hij zeker! En met 77 minuten is het geen al te grote investering qua tijd.
3,5*
Amer (2009)
Polariserend is geen gek kenmerk om Amer toe te dichten, de meningen op MovieMeter lopen behoorlijk uiteen. Nu is dat natuurlijk wel vaker zo, maar dit lijkt een film bij uitstek die je wel moet liggen, en waarbij het niet eens persé uitmaakt of je een giallo fan bent of niet. Het lijkt me handiger dat je een beetje warm loopt voor experimentele, non-narratieve cinema. Niet dat er niks van een verhaal uit Amer te herleiden valt, maar het draait er duidelijk niet om. Aan de hand van drie sequenties uit drie verschillende periodes van haar leven, mogen we proeven aan hoe Anna zich op die momenten voelt: als kind, als seksueel ontwakende puber en als vrouw.
Hélène Cattet en Bruno Forzani geven hier in feite een artistieke throwback aan het Giallo genre, maar doen dat wel op eigen wijze. De elementen zijn er, maar ze geven er wel hun eigen interpretatie aan en lijken de stilistische kenmerken ook nu en dan behoorlijk te versterken. Extreme close-ups, snelle montage, zooms en een indrukwekkend (maar zeer aanwezig) sound design. Arty-farty misschien, en zeker style over substance, al ben ik geneigd dat laatste toch wat te nuanceren: Dat de substantie niet direct aan de oppervlakte zit en voorgekauwd wordt, wil niet zeggen dat Cattet en Forzani helemaal niets te melden hebben. Mij dunkt dat een filmklasje dat zich verplicht door theorieën van Mulvey, Lacan of voyeurism heen aan het worstelen is, wel met wat substantiële zaken op de proppen kan komen. Maar dat de nadruk er niet op ligt, kan ik moeilijk ontkennen. Overigens hebben alle drie de segmenten een eigen stijl, maar die overgang stoorde mij allerminst.
Losstaand of de visuele stijl van de film je aanspreekt (en daar staat of valt in dit geval een hoop mee), speelt geluid eveneens een belangrijke rol. Ik haalde eerder al het sound design aan, wat rijkelijk gebruik maakt van versterkte geluiden zoals druppelend water, buigend leer, gekreun en gezucht, maar ook de soundtrack mag er wezen. Al met al geen film die ik snel aan zou raden, maar dat heeft meer met de toegankelijkheid te maken dan met de mate waarin hij me beviel. Ik ben nu extra benieuwd naar L'Étrange Couleur des Larmes de Ton Corps (2013) en Laissez Bronzer les Cadavres! (2017). Die eerste ligt klaar en volgt waarschijnlijk heel snel, die tweede moet eerst nog even met ondertiteling beschikbaar komen.
4*
American Fiction (2023)
Van de eerste minuten tot de aftiteling genoten. Scherp, intelligent én grappig. Een knap debuut van Cord Jefferson, met een sterke Jeffrey Wright die de sowieso sterke cast mag leiden. Hopelijk zit er een beeldje in binnenkort voor American Fiction.
4,2*
American Graffiti (1973)
"When I went to see George Lucas’s “American Graffiti” that whole world -- a world that now seems incomparably distant and innocent -- was brought back with a rush of feeling that wasn’t so much nostalgia as culture shock. Remembering my high school generation, I can only wonder at how unprepared we were for the loss of innocence that took place in America with the series of hammer blows beginning with the assassination of President Kennedy. The great divide was November 22, 1963, and nothing was ever the same again." -Roger Ebert, 1973
Het is een van de laatste avonden van de zomer, en de jongeren in American Graffiti cruisen: ze rijden wat rond in hun hotrods en thunderbird door het stadje, geconfronteerd met keuzes die je op dat moment zou hebben. Ga ik studeren ver weg, of blijf ik hier? Hoe krijg ik die mooie meid in mijn auto? Hoe kom ik aan drank als minderjarige? Het is niet allemaal Shakespeare, maar voelt wel trouw aan hoe het geweest moet zijn als tiener op dat moment, en op veel manieren, ook hoe ik het mij zelf herinner. Wij liepen begin/midden jaren '90 iedere vrijdagavond (koopavond) als jongeren rondjes door het dorp, voordat ons kroeg en dansstadium aanbrak. Dat bestaat nu niet meer. Eerst stierf het rondlopen, en vervolgens de complete koopavond. Waar het vroeger een komen en gaan van flanerende mensen was, met alle bankjes langs de route bezet, is het nu uitgestorven, constateerde ik met enige weemoed, toen ik weer eens op Texel was. Niet langer gaat men op pad om te zien en gezien te worden, meisjes te ontmoeten, of jongens. Of gewoon wat te hangen en te kletsen. Het was eigenlijk een soort van armetierige versie van wat de Amerikaanse tieners hier doen, maar daar hadden we toen natuurlijk absoluut geen last van.
Het is makkelijk om American Graffiti af te doen als een onbeduidend coming of age filmpje, ‘een groep jongeren die de hele nacht wat rondrijden, groepjes vormen en dan weer uit elkaar gaan. Veel meer is het niet.’, zoals Onderhond schrijft. Daarmee doe je op zijn zachtst gezegd de film tekort, of harder, heb je misschien niet goed begrepen wat Lucas hier mijns inziens probeert te doen. Voor mij is American Graffiti niet alleen een ingevoelde coming-of-age film, maar bovenal een met nostalgie doordrenkt tijdsdocument, een hoofdstuk van de Amerikaanse jongerencultuur op een specifiek moment in de geschiedenis, vlak voor zoals Ebert hierboven aangeeft de maatschappij volledig zou veranderen. Vietnam, counterculture, hippies... Een 'verlies van onschuld', zoals hij dat zag.
De auto’s en muziek in American Graffiti zijn niet alleen belangrijk, maar een integraal onderdeel. Waar normaal gesproken muziek gemaakt wordt om het drama te versterken, draait Lucas dat hier om: de muziek is er altijd, maar wanneer er iets gebeurt, maakt hij bij voorkeur gebruik van stilte en geluidseffecten. Het valt amper op, maar werkt uitstekend. Ook de goedkopere film (techniscope ipv cinemascope) is mij niet opgevallen. Vanaf het eerste shot van Mel's Drive-in vond ik American Graffiti een fijne look hebben, en het verbaasde me daardoor niet helemaal de naam van grootheid Haskell Wexler kort daarna voorbij te zien komen als visual consultant. Jaren later zou Fincher toegeven dat American Graffiti de grootste inspiratiebron was voor de look van Fight Club.
Nochtans was Universal niet echt tevreden en wisten ze van meet af aan niet goed wat ze met de film aan moesten. Lucas had wat extra budget los weten te peuteren toen Francis Ford Coppola aan boord kwam, die later zijn waarde andermaal zou bewijzen toen hij wist te voorkomen dat Universal de film op zou knippen voor een tv release. Graffiti werd echter een enorm succes aan de box office en leverde Lucas miljoenen op, waarvan een deel gereserveerd werd voor een project waar hij al een tijdje aan dacht, een soort space-opera. Counterfactuals hebben beperkt nut, maar het had natuurlijk heel anders kunnen lopen. Dan was Harrisson Ford de timmerman gebleven die hij was op het moment van filmen (hij gaf weinig om acteren of zijn rol in deze film op dat moment). Dan had niemand geweten wat een wookie was. Aan de andere kant, dan hadden we ook geen Jar Jar gehad.
Leuk is dat we naast Ford, andere namen zien die daarna bekend zouden worden: Richard Dreyfuss, Ron Howard, Paul Lemat en Cindy Williams. Hoewel American Graffiti fictie is, is er wel degelijk een autobiografisch element aanwezig: de karakters Curt Henderson, John Milner and Terry "The Toad" Fields representeren Lucas zelf, in verschillende stadia van zijn jeugd. Onbegrijpelijk trouwens, dat er maar 2 jaar verschil zit tussen deze Dreyfuss en zijn Matt Hooper karakter in Jaws.
American Graffiti blijkt achteraf een onuitwisbaar stempel gedrukt te hebben op de coming-of-age film, waarbij Linklaters Dazed and Confused (1993) terecht vaak genoemd wordt. Voor ons Nederlanders is het wellicht moeilijker om Graffiti op waarde te schatten zoals iemand als Eberts dat deed, omdat we de tijd zelf en de periode erna niet mee hebben gemaakt. Toch denk ik dat het voor velen van ons niet persé moeilijk hoeft te zijn, om ons in die jongeren te verplaatsen. Boys will be boys, and girls will…well... Ik laat het antwoord daarop wijselijk aan iemand anders.
Een onderschatte film dus, wat mij betreft, die meer toont dan de oppervlakte doet vermoeden.
4*
American Sniper (2014)
Helaas is American Sniper voor mij een simplistische (en op bepaalde fronten zelfs tamelijk verachtelijke) prutfilm gebleken. Het spreekwoordelijke teiltje is tijdens de afgelopen 2 uur behoorlijk benut. Eastwoods film is behalve simplistisch ook propagandistisch, niet eens zozeer door duidelijk pro-oorlog te zijn (dat valt te bediscussiëren) maar wel door de mythevorming die hij toepast. Een complex en grootschalig conflict wordt hier grotendeels van zijn context ontdaan en bezien vanuit een persoon: Chris Kyle.
Of het nu de in de praktijk weinig zeggende analogie over wolven, schapen en herdershonden is, of eenzijdige portrettering van de Irakezen in de film, Eastwood laat alle kansen op ook maar een minimum aan nuance en context aan zich voorbij gaan door bijna stupide stereotyperingen en zwart-wit verhoudingen te schetsen. Bij een conflict als dit waarbij zoveel mensenlevens verloren zijn gegaan en de publieke kennis/beeldvorming hierover nog behoorlijk gemankeerd is, zou men iets meer evenwichtigheid mogen verwachten. De vraag of Chris Kyle een held was of niet, wordt daardoor voor mij volledig naar de achtergrond gedwongen (al schijnen er naar ik lees ook leugens/behoorlijke onjuistheden in het boek te staan). Kun je dit los zien van het conflict? Ben je een held door je wapenbroeders te beschermen door verzetsstrijders te doden, terwijl je een ander land binnenvalt onder gefabriceerde redenen? Is het o.k. om hier een film van als deze van te maken, of legitimeert dat een en ander juist?
Hetzelfde hevig suikerige, mijns inziens misplaatste gevoel van vanderlandsliefde dat Kyle hier uit, dringt zich door Eastwoods hele film op. Kyle mag het niet corny hebben gevonden, ik word er persoonlijk zowat onwel van, helemaal wanneer mensen het gebruiken om niet langer met een analytische blik naar iets te kijken, maar om zingeving te vinden in een illusie. Ik had gehoopt dat American Sniper niet de America-is-the-greatest-country-in-the-world film zou worden waar ik voor vreesde, maar dat voorgevoel blijkt helaas gegrond.
Technisch zit de film prima in elkaar, en er wordt ook best wat aandacht aan PTSD besteed. Het mag echter voor mij niet baten. Cooper speelt prima, maar ik was niet echt onder de indruk. Ik vond het geluid overigens wel erg goed, en tot mijn verrassing blijkt sound editing ook American Snipers enige verzilverde Oscar te zijn. De nominatie voor beste film echter, is iets waar ik totaal niet bij kan. Zorgwekkend is een groot woord, maar ik vind het wel typisch.
Zelfs wanneer we de rechtmatigheid van de oorlog en de heldenvraag buiten beschouwing laten, druipt de War on Terror ideologie ervan af. Ik proef het nog. En het is geen lekkere smaak.
2*
Amour (2012)
Je bent samen oud geworden en houdt nog altijd veel van elkaar. Het leven is goed... Tot het misgaat en de liefde op de proef gesteld wordt. Michael Hanekes 'Amour' won (niet geheel verassend) anderhalve week geleden de Oscar voor beste buitenlandse film, nadat hij zowat alle andere te winnen prijzen al had binnengesleept. En terecht.
De film opent met de brandweer die een appartement openbreekt. De mannen doen hun neus dicht en we weten meteen wat er aan de hand is. De buren hebben geklaagd vanwege de stank. Op het bed ligt tussen bloemen het lichaam van een vrouw die al even dood is. In flashbacks krijgen we de gebeurtenissen te zien die aan deze ontdekking vooraf gingen. Het gaat om een gepensioneerd ouder koppel van muziekleraren. Aan de ontbijttafel krijgt Anne (een fenomenale Emmanuelle Riva) een beroerte en na een operatie daarvoor raakt ze half verlamd. Haar man Georges (Jean-Louis Trintignant) probeert zo goed mogelijk voor haar te zorgen, maar zijn eigen leeftijd maakt dit lastig.
Amour neemt zijn tijd en doet niets gehaast, in vaak langere scènes zijn we getuige van de beproevingen waaraan deze mensen wordt blootgesteld. Het tempo ligt laag maar Haneke maakt geen scène overbodig. Toch gaat er ondanks die traagheid een magnetische werking van de film uit. Als kijker wordt je geconfronteerd met je eigen sterfelijkheid, en de mogelijkheid dat zoiets jou of je geliefde overkomt. Je hoeft er geeneens 80 voor te zijn. De aftakeling van Anne is dan ook bepaald geen feest om naar te kijken en Amour is geen makkelijke, of zelfs toegankelijke film. Toch is het plot oersimpel. Amour is een film over leven en dood en hoe twee mensen daarmee omgaan wanneer het leven en de wil daartoe een van de twee geliefden langzaam maar zeker ontglipt.
Anchiporuno (2016)
Alternatieve titel: Antiporno
Verrassend.
En Cikx kan trots zijn, want na My First Sony, heb ik nu ook eindelijk mijn eerste Sono gezien. Wow. Wat een ervaring. Net als je denkt dat je het trucje nu wel kent, trekt Sono het tafellaken onder je vandaan. Fijn setdesign en camerawerk, een prikkelede beschouwing van rolpatronen, (vrouwelijke) seksualiteit in de ogen van de man, en van alles nog meer waarvan ik te weinig afweet omdat ik de cultuur en Japanse cinema niet goed genoeg ken. Slant noemt een aantal zaken, maar ik zou graag een echte analyse lezen en ben ook wel benieuwd naar wat meer woorden van OH over deze film. Komt er nog een uitgebreide review?
Hoe het ook zij, mijn eerste Sono kan ik dus nog niet helemaal plaatsen, maar hij was bijzonder smakelijk en ik ga zeker meer van de man zien. Die laatste scène, schitterend.
Ik begrijp tevens dat de film een onderdeel is van een geplande revival van Nikkatsu’s Roman Porno division. Echt bekend ben ik daar niet mee, en ik heb misschien 2 Pinku films gezien. Wat ik lees is dit wel de meest gelauwerde, maar ik ga Kaze ni Nureta Onna (2016) ook een kansje geven, denk ik.
4*
Andrey Rublev (1966)
Alternatieve titel: Andrei Rublev
Van Andrei Rublev wordt wel gezegd dat de film een praktisch onbetwiste status van meesterwerk heeft, maar komt hier op MovieMeter onder de 4 sterren uit, door een aantal lagere waarderingen. Hoewel het niet vaak voorkomt, kan ik me in beide kampen enigszins vinden.
Hoewel onmiskenbaar prachtig, duurde hij idd wel erg lang en ik kan me voorstellen dat een film als deze het uiterste van een kijker's geduld zou kunnen vergen, afhankelijk van wat diegene van Andrei Rublev verwacht. Er zitten zeker stukken in die als 'saai' bestempeld zouden kunnen worden en naast de beeldenpracht wordt een groot deel van de (intellectuele) meerwaarde van deze film uit een bovengemiddeld actieve kijkerparticipatie gehaald. Wie daar allerminst op zit te wachten kan aan deze film een pittige kluif hebben, waarmee ik uiteraard niet zeg dat diegenen die hem lager waarderen noodzakelijkerwijs tot deze categorie behoren.
Ik vermoed (vrees?) dat Andrei Rublev beter wordt bij repeated viewings en een film bij uitstek is die zijn ware schatten pas prijs geeft bij het investeren van zowel tijd als concentratie en wellicht nog belangrijker, contemplatie. Andrei Rublev heeft epische en grootste kwaliteiten maar vraagt ook om bezinning, hetgeen in menig scène duidelijk naar voren komt. De thematiek van de film is uitgebreid besproken in recensies, op wiki en het criterion essay, daarop hoef ik dus niet perse in te gaan. Ik zou pagina's kunnen vullen door te praten over kenmerkende aspecten van een film als deze, of dat nu de cinematografie is, het gebruik van muziek, de creatieve dooi onder Chroesjtsjov, de distributie van de film en verschillende versies van 146, 183 en 205 minuten (uit mijn hoofd, kan ernaast zitten), het gebruik van Russische historie enzovoort. Maar vrees niet, dat is reeds door beter ingewijden gedaan, dus ik houd mij daar vooralsnog verre van.
Dit was namelijk slechts mijn tweede Tarkovsky (na Stalker) en toegegeven, ondanks zijn schoonheid was het wederom een pittige bevalling. Toch geef ik een 8, ik heb praktisch continu kunnen genieten van de prachtige beelden, soms met open mond, en hoewel de intellectuele kant van de film met zijn theologische, filosofische en creatieve/kunstzinnige boodschappen nog allesbehalve helder is mijn hoofd, was dit fascinerend genoeg om uit te nodigen tot verder nadenken of discussiëren. Want Tarkovsky heeft wel degelijk iets te zeggen. Wat dat precies is, is voer voor debat.
Mijn volgende film van deze te vroeg overleden filmmaker zal Solyaris zijn, maar vermoedelijk heb ik nu eerst weer even een break nodig. Ik ben wel uitermate benieuwd naar wat meer context en achtergrond informatie en kijk reikhalzend uit naar mijn Tarkovsky boek dat naar me toe komt, zodra de herdruk uitgegeven wordt.
8/10 YouTube - ?????? ?????? (Andrej Rubljow) (Andrei Rublev) (Original Trailer)
Angel-A (2005)
Mijn tiende Besson. Als ik er zo even doorheen scroll, dan valt op dat ik de beste man na mijn weergaloze kennismaking met Léon (1994), tussen Joan of Arc (1999) en Lucy (2014) compleet uit het oog ben verloren. Toch een gat van 15 jaar waarin ik niets van deze regisseur heb gezien, hoewel hij in deze periode toch 7 films regisseerde. Van die zeven zijn The Lady (2011) en Angel-A de hoogst gewaardeerde, maar van die eerste wist ik tot 1 minuut geleden niet eens dat hij bestond. Angel-A stond door de aantrekkelijke poster in elk geval op de radar.
Het zwart-witte Parijs van Besson en DoP Thierry Arbogast ziet er schitterend uit, maar dat bleek niet genoeg. De dialogen tussen de mislukte con-artist André die in heel Parijs schulden heeft, en de lange blondine Angela die hij ontmoet terwijl ze beiden van een brug willen springen, werden voor mij enigszins vermoeiend. De wisselwerking tussen deze twee is volgens de LA Times een soort "It's a Wonderful Life" meets "Wings of Desire," en ik snap die vergelijking wel. En ook dat ze direct daarna de verwachtingen temperen met de kritiek dat hier echter de inhoud vervangen is door zelfhulp platitudes.
De schijnbaar eindeloze benen van Rie Rasmussen zijn eveneens geen straf om naar te kijken, maar ik had liever een film gehad waar ik iets meer in op kon gaan. Nadat Angela van de brug is gesprongen en André haar 'gered' heeft, besluit de vrouw aan zijn zijde te blijven om zo samen zijn problemen de wereld uit te helpen. Het punt is, ik gaf niets om André of zijn problemen. We hebben zijn karakter nog totaal niet leren kennen, en het is nogal een mislukt, lullig crimineeltje dat weinig empathie opwekt. Meewarig medelijden in een sausje van lichte weerzin voor de protagonist, is wat mij betreft geen geweldige basis voor betrokkenheid.
2,8*
Anna (2019)
Er zijn de nodige mankementen, maar al met al toch niet onaardig. Sasha Luss doet het erg leuk, en ik heb me met deze Besson zeker niet verveeld; het is tevens de eerste van zijn films die ik een voldoende geef sinds eind jaren ‘90 (al zag ik ze niet allemaal, Angel-A maakt misschien ook kans). Lucy en Valerian waren voor mij niet erg genietbaar, op zijn zachtst gezegd. Dan beviel deze Anna toch een stuk beter.
Natuurlijk is het het plot slechts een kapstok bij films als deze, maar de chronologische sprongetjes van het script gingen mij op een gegeven moment vervelen. Tevens ben ik normaal niet een kniesoor die ‘goofs’ in films heel erg opvallen, maar de historische incorrectheden van Anna (Czech Republic, de getoonde technologie) vielen me wel erg op, en het is op zijn minst zonde dat daar niet meer aandacht aan is besteed, maar je zou het ook nalatigheid of desinteresse kunnen noemen. Of ze hadden geen historical advisor, of Besson heeft zijn adviezen iets te vaak genegeerd. ‘People wont care, man’, of iets van die strekking. Hmm, ik toch wel een beetje. De meeste karakters zijn weinig meer dan plotdevices, wat een actiefilm vergeven kan worden, maar zo’n KGB baas als die van Mirren (een fijn actrice) is mij toch net even te cartoonesk voor een film als deze.
De vergelijkingen met La Femme Nikita, John Wick en Atomic Blonde zijn wat mij betreft allemaal wel terecht. De film speelt hier en daar leentjebuur, en dat is op zich prima. En toevallig had ik op alledrie die titels ook wel wat aan te merken. Het is misschien toeval dat Anna naar beneden is afgerond met een zesje (ik heb JW er bijvoorbeeld laatst bij herziening een volle ster bijgegeven), maar voor nu haalde hij het toch net niet bij die andere titels. De actie is niet onverdienstelijk, en ik heb me verkneukeld met de restaurant- en tunnelscene, maar een David Leitch en een Chad Stahelski doen het toch net nog even beter.
Ik denk dat de waardering van de kijker voor een groot deel af gaat hangen van zijn mate van vergevingsgezindheid, en waar hij op let. Ik snap beide kampen, en zat er wat tussenin. Maar ik ben het eens met de grunt dat we een nieuwe Leon niet direct meer hoeven te verwachten, voor zover zulks mogelijk is.
3,2*
Annabelle: Creation (2017)
Alternatieve titel: Annabelle 2: Creation
Blij verrast.
Ik moest even wennen aan The Conjuring, en na de matige geluiden over Annabelle, heb ik die destijds compleet overgeslagen. Het is er niet van gekomen om die nog in te halen, al werd de noodzaak daartoe hier door sommigen betwijfeld. Ik moet zeggen, Annabelle: Creation staat prima op zichzelf en ik ben blij dat ik hem in een praktisch lege dolby Atmos zaal 1 gezien heb (Cinemec). Ook voor een horror geeft dat net dat beetje extra.
De film is niet foutloos, maar voor een prequel van een spin-off die het niet bijzonder goed deed, was ik allesbehalve teleurgesteld. Sandberg (Lights Out, die ik nog moet zien) doet meer goed dan fout. Ja, er zijn behoorlijk wat jump scares, en nee: voor de doorgewinterde horrorliefhebber werken ze niet allemaal. Maar zelfs los van het toch behoorlijke aantal dat wel werkte, werd de graadmeter voor horror meermaals gehaald: armharen recht overeind.
'Kruipt best wel onder je huid', schreef Zwolle op pagina 1, en ik geef hem geen ongelijk. Soundtrack, montage en cinematografie werken goed samen om een bijzonder unheimisch sfeertje te scheppen, al is dit niet een film die dat daarbij laat, en het maar laat sluimeren. Om de zoveel tijd is er even een climaxje. Maar dan nog zijn de aanloopfases daar naartoe regelmatig best sterk. Overigens zijn zowel de DOP als de composer geen nieuwkomers, integendeel.
Ook de acteurs doen het zeker voor een horror prima, waarbij met name de jonge Talitha Bateman me positief opviel. Wat me wel opviel, met name in de dialogen met de toch iets mindere Lulu Wilson (Linda), is dat het soms klonk alsof 2 volwassenen met elkaar praatten. Zinsopbouw, en vooruitkijken op hoe je op iets terug zult kijken. Nee, dat ging er niet helemaal in. Op het einde vloog de film voor mij bijna uit de bocht met de vleesgeworden zwarte demon en gekrijs bij knallende lampjes van het huis, en ook de scène met het opgroeien had voor mij niet gehoeven. Een onnodig extra einde. Maar het cijfer blijft alsnog staan, als haalt dat de + er wel vanaf.
3,5*
p.s. blij dat actrice Grace Fulton die het oudste weesmeisje Carol speelt , 21 is. Hoef ik me iets minder een perv te voelen dat ik toch even dacht: mmm. Dat is geen lelijk weesmeisje.
Annihilation (2018)
Sciencefiction, mystery en avontuur. Maar wat mij betreft is ook het horrorlabel terecht gegeven op IMDb, mede door de engste beer die ik in tijden heb gezien. Misschien wel het meest freaky monster van het afgelopen decennium überhaupt. Mutatie speelt een grote rol in Alex Garlands nieuwe film Annihilation, die hier enige tijd geleden op Netflix in première ging. Mij beviel hij erg, en de film bleef nog even door mijn hoofd spoken, met name het laatste half uur. Portman is erg sterk, en ik kan eigenlijk niet wachten om hem nog een keer te kijken. Het zal de hapslikweg liefhebber wellicht niet zo kunnen bekoren, maar wie vindt dat horror uit mag dagen en zaken open laten voor interpretatie, vindt hier een van de fijnere sci-fi mystery horrors van 2018.
4*
Ant-Man and the Wasp (2018)
Alternatieve titel: Ant-Man 2
Vanmorgen om 9:40 uur nog in 2D kunnen meepakken.
Vermakelijk, maar lagere regionen van de Marvel films wat mij betreft. De trailer bleek naderhand zowat alle leuke momenten al getoond te hebben. Het krimpen en groeien heeft enkele leuke vondsten, maar qua action set pieces was ik toch niet zwaar onder de indruk. Rudd is charmant en de chemie met zowel zijn dochtertje als de nog steeds mooie Evangeline Lilly is aanstekelijk.
De humor echter is mij te vaak wat te clownesk, en sidekicks als Pêna's Luiz liggen mij vermoedelijk gewoon niet zo, al zullen veel mensen daar anders over denken. Doe mij dan de grappen van Waititi in Thor Ragnarok of Deadpool 2 maar.
Vermakelijk als tijdverdrijf, maar hij zal niet blijven hangen. De techniek om mensen digitaal jonger te maken lijkt overigens bijna perfect nu, wat me hoopvol maakt voor Scorsese's The Irishman dit jaar. Maar dat is weer een ander (en hopelijk iets beter) verhaal.
3*
Antfarm Dickhole (2011)
''Hailed as having "the most WTF moments in movie history" Antfarm Dickhole is the story of rampaging army ants that have nested inside a living human body...''
Aldus de IMDb beschrijving die me ertoe zetten deze film te downloaden. Het is makkelijk gezegd, maar ik denk echt dat ik met een budget van 6000 dollar een beter film kan maken. Echt alles is slecht, het scenario is totaal krakkemikkig, de acteerprestaties om te janken, de special effects zijn afwezig en zelfs het camerawerk is abominabel. De halve ster is dan ook voor de originele titel. Spaar jezelf de moeite en bekijk de trailer op youtube, dan weet je waarschijnlijk al genoeg.
Dit mag nauwelijks een review heten, maar het is moeilijk te verantwoorden hier nòg meer tijd aan te spenderen, sterker nog, het zou absurd zijn hier meerdere alinea's aan te wijden. There you have it 
Antonia: A Portrait of the Woman (1974)
Deze week een jaar geleden keken we op een zaterdagmorgen Maria Peters' De Dirigent (2018), de biopic over de eerste succesvolle vrouwelijke dirigent ter wereld: Antonia Brico. En hoewel de film er prima uitzag (en toegegeven, hoofdrolspeelster Christanne de Bruijn ook), was het niet geheel overtuigend. Zo'n underdog verhaal heeft natuurlijk van zichzelf de nodige genre, maar het zou leuk zijn als het wat nieuws brengt, en dat deed het niet echt. Met dat nog in het achterhoofd leek het me een goed idee wat extra's te leren over de echte Brico, met deze docu van Jill Godmilow. De film werd genomineerd voor een Oscar voor beste documentaire, maar die prijs ging naar Hearts and Minds (1974). Volledig terecht overigens.
Het is namelijk wat onaardig om te zeggen, maar ik zie niet direct waar deze film het niveau van een featurette zou moeten ontstijgen. Het verhaal van Brico is fascinerend, maar de documentaire is dat niet zo heel erg; het is inderdaad een portret van de fascinerende vrouw, maar helaas niet op een heel bijzondere wijze gemaakt..
3*
Apocalypse Z: El Principio del Fin (2024)
Alternatieve titel: Apocalypse Z: The Beginning of the End
Ik ben niet erg bekend met het werk van regisseur Carles Torrens. Sterker nog, ik zie op IMDb dat ik werkelijk niets van hem heb gezien; zelfs geen shorts of tv-afleveringen. Niets eens een segment van een anthologyfilm als ABCs of Death 2.5 (2016)... Dit was dus echt een eerste kennismaking, en die beviel... ok. I guess. In een uitgemolken genre als dit, vind ik dat je eigenlijk met iets extra's moet komen, zoals The Sadness. Slechts 'degelijk' is een risico wanneer je aan moeten sluiten bij een subgenre dat al zoveel klassiekers kent, origine invalshoeken en spectaculaire big budget box office hits als World War Z. Wellicht genoeg om wat entertainment te bieden, maar specifiek bij een film als deze met zulke sterk gedefinieerde tropes, kijk ik vermoedelijk extra kritisch wat de filmmaker wil vertellen, en hóe hij dat doet.
Francisco Ortiz als Manel vond ik een wat vlakke hoofdpersoon, die bij de gratie van het script lijkt te overleven. Hij sprayt bullets met zijn UZI achtig machinegeweer zoals Tarantino die in Dusk Till Dawn nadoet hij de figuur uit zijn mop de hele bar onderpist, en alle zombies gaan neer. Wanneer de laatste is neergemaaid, zijn de kogels op. Precies genoeg, wat fijn! Terwijl je daar ook een paniek moment had kunnen maken waar hij de laatste met de had af had moeten maken. In het ziekenhuis houdt hij een horde zombies tegen door een medisch klemmetje door de deurhendels te steken, waarvan je meteen snapt, dat blijft niet zitten. Maar het blijft precies lang genoeg zitten tot hij zijn spullen heeft gepakt, en wanneer ze naar binnen komen, komt een ander karakter als een deus ex machina tevoorschijn om hem te laten vluchten met een soort goederenlift, waarna de dreiging ook meteen weg is.
Niet slecht gemaakt, maar wel wat gemakzuchtig, en nergens onderscheidend. Kijk dan liever Ku Bei (2021), als ik iets aan mag raden.
2,8*
Apostle (2018)
Ik heb ook Apostle gisteren gelijk maar gekeken, ik zat er immers een beetje op te wachten. Ik was benieuwd wat Evans in zijn mars had met een meer narratieve film, na Serbuan Maut (2011) en The Raid 2: Berandal (2014). En ook ik ben altijd wel gefascineerd door sektes en (geloofs)gemeenschappen die zich afgekeerd hebben van de rest van de maatschappij, hopend op hun eigen perfecte wereldje. Het laat zich raden dat het in de praktijk nooit zo uitpakt, en hier evenmin. Machtsmisbruik, bedrog, jaloezie, het occulte, moord en hebzucht, zomaar een paar zaken waaraan geen gebrek is in deze film. Weinig engers dan godsdienstwaanzinnigen en hun volgers.
Ik moest bij vlagen een beetje aan Brimstone denken door de sfeer, maar die film vond ik toch net even beter. Het ziet er allemaal goed uit, en met Dan Stevens, Lucy Boynton en Michael Sheen zit het met de cast ook wel goed. Apostle heeft fijne sets, is sfeervol geschoten en de score werkt goed in op de zenuwen. Toch ontbreekt er voor mijn gevoel iets. De zijpaadjes van het plot worden niet allemaal even goed uitgewerkt en het daadwerkelijk occulte element van het plot voelt voor mij niet helemaal op zijn plaats. Er had meer in gezeten inderdaad, zoals Cikx al zei.
3,5*
Araya (1959)
Ik zal getuige mijn berichtje hierboven de film tegengekomen zijn in mijn zoektocht die vier dagen eerder begon: De Wereld Rond: Een film uit ieder land op aarde. Het was echter La Soledad (2016) dat mijn eerste film uit Venezuela zou worden, en in de tussentijd kwamen er nog drie andere titels bij. Deze docu van Benacerraf wordt dus uiteindelijk nummer 5. Geen slechte oogst vanuit Venezuela trouwens; alleen 3,5* en 4* films tot nu toe. Dat kan niet ieder land claimen.
Araya is fijn gerestaureerd, en is voor liefhebbers van de mooi geschoten documentaire met poëtische, etnografische trekjes een absolute aanrader. Check de trailer (en eventueel Eberts review) en je weet wel een beetje waar je aan toe bent.
4*
Ardennen, D' (2015)
Alternatieve titel: The Ardennes
Rauw is het goede woord inderdaad, voor dit harde debuut van regisseur Pront. Tegen Veerle Baetens kan hij misschien niet op, maar ik vond Kevin Janssens in ieder geval niet slecht spelen. Ik had binnen no-time een afgrijselijke hekel aan hem, en dat is best knap (over best knap gesproken, verbazingwekkend wat voor agressie opwekkende, boerse kinkelkop hij hier heeft, vergeleken met hoe hij er ook uit kan zien. Toch wel een significant verschil, zoals men dat in de reclames altijd noemt. Daar sta je niet bij stil als je zo'n verlopen, bierzuipende opgeschoren kerel naast zijn opgevoerde auto ziet staan.
)
Halverwege de film was ik enigszins teleurgesteld, maar de laatste akte en helemaal het harde einde laten me toch naar boven afronden. Mooi geacteerd, net gefilmd en lekker rauw. Een tikkeltje uit balans wellicht, en die baggerherrie (no offense) die deze jongens muziek noemen kon ik ook niet waarderen. Maar het paste er wel behoorlijk bij, moet ik zeggen.
4* naar boven afgerond
Are You There God? It's Me, Margaret. (2023)
Na het heerlijke The Edge of Seventeen (2016) is ook deze weer volkomen raak. Abby Ryder Fortson spat van het scherm en ik verwacht dat we daar nog meer van gaan horen. McAdams, Bates en Safdie zijn eveneens zoals je mag verwachten, zo niet meer. Are You There God? It's Me, Margaret is grappig, treffend en ontroerend. Ik ben zelf nooit een meisje van 11 geweest, maar Fremon maakt het op de meest aanstekelijke manier invoelbaar.
Met een big smile gekeken.
4,1*
Aritmiya (2017)
Alternatieve titel: Arrhythmia
Rauw zoals je van een Russisch drama in deze setting mag verwachten, maar zeker niet verstikkend. Sterker nog, Khlebnikov stopt er best wel wat momenten in die toch wat op de lachspieren werken, al is het maar van bevreemding of ongemakkelijkheid. En er zijn best wat zaken om je als kijker kwaad over te maken. Oleg en Katja zijn allebei duidelijk karakters van vlees en bloed, en je begrijpt ze allebei erg goed. Het grootste gedeelte van de tijd, althans. En wanneer je dat toch even niet doet, voel je het toch. Dan weet je dat iets goed geschreven, gespeeld en geregisseerd is.
Dit is er wel eentje die meer stemmen mag.
4*
Artik (2019)
Ik zocht Artik nog even snel op op MovieMeter alvorens op Play te drukken, en wist even niet meer waarom ik deze ooit uit had gekozen om te pindakazen. Verenigde staten, 4,2 op IMDb en 2,33* gemiddeld op MM over negen stemmen. Twee daarvan gaven 1,5*, maar liefst vier users gaven 2* en nog twee konden er 3* aan kwijt. Niet iets dat ik snel op zou zetten, om eerlijk te zijn. Heel Moviemeter? Nee, één klein dorp... eh user, blijft dapper weerstand bieden tegen de Romeinse overheersing. Want we vergeten een stem. Onze joolstein gaf namelijk 4*, een baken van hoop in een zee van kritiek. Maar kan ik de eenzame strijder versterking bieden, of voeg ik me bij de overheerser?
Ik zal de spanning verbreken, regisseur Tom Botchii levert met zijn eerste lange film ook wat mij betreft een puik werkje af. Artik is rauw, en heeft met Jerry G. Angelo en Chase Williamson prima hoofdrollen te pakken. Er wordt hier wat mij betreft het maximale uit het mini-budget van $250.000 gehaald, en de soms wat experimentele score helpt uitstekend in het veroorzaken van onrust. Enige kritiekpuntje vond ik dat de dialogen wat gedempt klonken, en als ik de versterker hard genoeg zette dat die goed verstaanbaar waren, dan was het véél te hard op momenten van een scare. Dit was zodanig dat ik hem maar met koptelefoon heb gekeken, aangezien Beebie Milton net in slaap probeerde te komen aan de andere kant van de muur.
Vier ballen is me net te gortig, maar het komt in de buurt. En een naar beneden afgeronde 3,5*, die had de film nog niet! Bedankt voor de tip dus, joolstein 
3,7*
As Above, So Below (2014)
Een sort mengeling van Indiana Jones en The Descent? Ook weer niet helemaal, maar As Above, So Below doet er soms wel wat aan denken. Helaas pakt die vergelijking niet helemaal gunstig uit voor John Erick Dowdle's film, en levert hij een behoorlijke maar nergens opmerkelijke film af. Consistent is hij wel, want daarmee scoort hij na Quarantine (2008) en Devil (2010) zijn derde overtuigende voldoende af, die desalniettemin te weinig indruk maakt voor een zeven of meer. Het acteerwerk hielp daar ook niet altijd bij.
Wel mooie ogen die Perdita Weeks, dat dan weer wel.
2,8*
Ascenseur pour l'Échafaud (1958)
Alternatieve titel: Lift naar het Schavot
Mooie film met duidelijke noir invloeden en ook wel (een van) de eerste nouvelle vague films genoemd. Ik kon deze duidelijk beter waarderen dan A Bout de Souffle en heb me werkelijk geen moment verveeld. Het script zit mooi in elkaar en de in een nacht geïmproviseerde jazz score van Miles Davis voegt echt iets toe, ook als je niet specifiek een jazz fan bent (voor een hater ligt het wellicht anders). Het jonge stel acteert niet geweldig (m.n. Poujouly), maar Jeanne Moreau en Maurice Ronet speelden erg naturel voor die tijd, iets wat ook over de belichting en make-up kan worden gezegd. Het tijdsbeeld komt ook leuk naar voren, ontsteltenis over cabrio's met een automatisch dak die ook nog eens geen carburateur hebben (hoe kan het?!) en minicamera's waarmee je gelijk een spion lijkt, aldus een van de karakters.
Mijn eerste Louis Malle film, smaakt naar meer... Ik had hem al een jaar of zeven op het lijstje staan en het was een mooie film om een early bird zaterdagmorgen mee te beginnen.
Ashkal (2022)
Zo. Dat was verontrustend.
Chebbi weet bijzonder goed een beklemmende sfeer neer te zetten. Ashkal is een een intrigerend misdaad-mysterie met bovennatuurlijk tintje, dat zich niet verplicht voelt al te teveel uit te leggen, of het tempo hoog te houden. Maar met deze zorgvuldig gekadreerde beelden, goed werkende soundtrack en fijne acteurs, zal dat degenen die deze Tunesische film weten op te snorren, hopelijk niet teveel storen.
4*
Asphalt Jungle, The (1950)
The Asphalt Jungle lijkt inderdaad wel een blauwdruk voor de heistfilm, al is het opvallend hoe rustig Huston het verhaal ontvouwt en eerst de karakters en de onderlinge relaties wat ontwikkelt. Wie de film opzet voor spanning en sensatie, zal zich tijdens de eerste drie kwartier wellicht wat achter de oren krabben, en ook daarna schijnt dat soort actie nauwelijks Hustons beoogde effect. De kraak zelf is natuurlijk interessant om te zien, maar het gaat hier meer om de gevolgen. De production code was nog in full swing, dus de filmhistorisch geïnformeerde kijker weet wat dat betekent. You can't get away with nothin'.
Hayden blijft voor mij een (nog niet helemaal) acquired taste, maar hij is hier behoorlijk goed op zijn plaats, en ook de andere karakters zijn prima gecast. Van de vier Oscarnominaties werd er overigens niet eentje verzilverd, maar een klassiekerstatus verwierf The Asphalt Jungle wel. Een jonge Monroe in een klein rolletje is mooi meegenomen. Degelijke zwart-wit cinematografie van Harold Rosson en een minimale score van Miklós Rózsa.
4*
Atalante, L' (1934)
Alternatieve titel: Le Chaland Qui Passe
Ik schaar mij grotendeels bij the one ring.
Ik vond er een aantal prachtige scènes (met name de droomscènes) bijzitten, maar het geheel voelde toch wat disjointed en ik werd er nooit echt door geraakt. Echt meeleven met de karakters bleef dan ook achterwege. Père Jules vond ook ik trouwens een bij vlagen erg irritant karakter. Dit trok naar het einde wel weer wat bij, maar zo'n simpele, lallende zeebonk is niet echt mijn cup of tea.
Jammer dat Vigo zo jong overleden is natuurlijk, maar de status van ons vroegtijdig ontglipt genie heeft hij bij mij vooralsnog niet. Kaufmans cinematografie is de moeite waard, al vind ik zijn later werk beter. Wat muziek betreft, Gaumont wilde muziek en zang in de film, waardoor L'atalante niet lijdt onder de opvallende stiltes die in sommige vroege talkies aanwezig zijn. Dat gezegd hebbende vond ik de soundtrack niet bijzonder mooi, maar wel toepasselijk.
De 12e plek in de S&S critics list vind ik dan ook erg hoog voor deze film. Het idee om deze film met Murnau's Sunrise te vergelijken was bij mijzelf niet direct opgekomen, maar als we dat zouden doen wint Sunrise die met gemak wat mij betreft (ik geef Sunrise 4,5*).
Ataúd del Vampiro, El (1958)
Alternatieve titel: The Vampire's Coffin
Voor de jaren ’50 van de lopende horrorchallenge heb ik deze Mexicaanse vampierfilm op weten te snorren. Slechts 3 stemmen op MM, maar twee daarvan waren 4*… Dat belooft toch wat. The Vampire’s Coffin, zoals hij ook wel ‘bekend’ staat, is het vervolg op Fernando Méndez’ El Vampiro (1957), die op MM iets lager scoort, maar op IMDb beduidend hoger. Hoe dan ook was het handig geweest om eerst de voorloper te kijken, maar ik kwam er pas naderhand achter.
El Ataúd del Vampiro is zeker niet slecht, mooie zwart-wit cinematografie en Germán Robles is een prima vampier, die met wat fantasie zelfs wel een beetje van Christopher Lee weg lijkt te hebben. Toch mist de sfeer die de Universal horrors zo uniek maakt, dat zal bewust zijn, maar halverwege de film was ik toch echt even vergeten dat ik naar een horror zat te kijken. Showgirls, dansen, dialogen… Niets mis mee, maar ik snap wel waarom horror pas de derde genrekwalificatie is op IMDb.
De film kampt met diverse knulligheden op technisch vlak, zoals slechte gevechten en de verplichte vleermuis aan touwtjes. Daarnaast kunnen de vrouwen niet rennen of overeind blijven terwijl ze gillend voor het gevaar weg proberen te wandelen, of vallen ze pardoes met hun hoofd onder guillotines waar net de draad van aan het ontrafelen is, die het mes omhoog houdt. Mja. Tegelijkertijd maakt die campyness het ook wel weer leuk, maar wie daar niet tegen kan, kijkt beter verder.
Ik heb me wel vermaakt.
3,3*
Atlantique (2019)
Alternatieve titel: Atlantics
Inmiddels heb ik meer dan 10 films gezien uit Senegal (ik sta er zelf wat van te kijken), maar de meeste van die titels zijn wat ouder; Ousmane Sembene’s Moolaadé (2004) was met bouwjaar 2004 de meest recente. Erg leuk dus om voor de vrouwelijke regisseurs challenge een titel te zien uit dit land die iets meer van deze tijd is. Atlantique won vorig jaar in Cannes de grote Juryprijs en ook kritisch werd de film erg goed ontvangen.
Regisseur Mati Diop kun je als actrice kennen van Claire Denis’ 35 Rhums (2008). In haar succesvolle regiedebuut mengt Diop realisme en fantasie in een verhaal over een verboden liefde, en tegelijkertijd zoveel meer. Om het sciencefiction te noemen gaat misschien wat ver (al verschijnen er wel degelijk films uit dat genre vanuit Afrika), maar de term afro-futurisme kom je online hier en daar tegen. Atlantique heeft absoluut iets magisch-realistisch, en de sfeervolle score van Fatima Al Qadiri versterkt dat alleen maar. Cinematografisch ten slotte is het dik in orde, en ook dat is met Claire Mathon overigens te danken aan een vrouw.
Atlantis (2019)
Alternatieve titel: Atlantida
Aangezien ik een dagje vrij heb en hij maar een aantal dagen gratis beschikbaar is, gelijk maar werk van gemaakt. Vasyanovych levert met Atlantis en prachtig geschoten, ingetogen drama af. Hij neemt hierbij zijn tijd, dus verwacht lang vastgehouden shots waarin niet direct veel gebeurt. Het is jammer dat het er niet van is gekomen al die jaren dat hij op de watchlist staat, om eerst Plemya (2014) te zien van deze filmmaker. Maar na Atlantis kijk ik er wel meer naar uit. Sterk.
Edit: Hij was geen regisseur van Plemya zie ik nu, hij trad op als producent, director of photography en deed de montage. Dat verklaart misschien wel waarom Atlantis er zo goed uitziet.
