- Home
- Black Math
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten Black Math als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Pieta (2012)
Alternatieve titel: 피에타
Vanavond in de bioscoop gezien. Zoals verwacht nauwelijks publiek, als ik mezelf niet meetel vier man, het lukte ook niet om vrienden mee te krijgen, maar achteraf weet ik niet of ik dat erg moet betreuren, want de film was wel erg rauw. Zelf vind ik dat juist interessant, maar ik kan me zo voorstellen dat de meeste mensen daar niet echt op zitten te wachten.
Interessant, want waarom handelen de personages zoals ze doen, en wat kan ze van hun stuk brengen? Wat dat betreft heeft deze film genoeg te brengen. Ergens merkwaardig, het verhaal deed me nog het meeste denken aan Rurouni Kenshin - Tsuiokuhen, al is het zeker geen kopie.
Net als het verhaal waren de beelden ook erg rauw. Iets te naar mijn zin, heeft ook te maken met de troosteloze decors, maar het is ook geen onverzorgde zooi zoals in Kims eerste films. Gezien de sfeer van de film was het eigenlijk wel passend. Er wordt relatief veel gesproken voor een film van Kim Ki-duk, wat wel enigszins ten koste gaat van de poëzie die Kims films kenmerkt. Het einde, dat onvermijdelijk is, compenseert veel wat het poëtisch gehalte betreft. .
Niet onverdeeld positief, maar na afloop bleef ik wel stil in de stoel zitten om de mooie muziek van de aftiteling over me heen te laten komen en het verhaal te laten bezinken. Ergens tussen 3,5* en 4* zou ik zeggen. Met een herziening die ongetwijfeld ooit zal komen in gedachten speel ik op safe. 3,5* dus.
Pig (2021)
Fraaie ingetogen film, die afgezien van een horeca Fight Club-achtige scene weinig opwinding laat zien en het vooral van introspectie moet hebben. Cage is vrijwel onherkenbaar als een kluizenaar die zich afgekeerd heeft van de wereld. Gaandeweg worden zijn achtergrond en motieven duidelijk, waarbij duidelijk is dat hij oprechtheid in wat iemand als belangrijke, zo niet de belangrijkste waarde beschouwt. Cage acteert ingetogen, een enkele woedeuitbarsting is nooit over de top maar past volledig in het plot en zet wat mij betreft zijn beste acteerprestatie neer (van de films die ik gezien heb). Beelden zijn degelijk, meer dan verzorgd, maar niet veel meer dan dat. Het einde voelt een beetje onbestemd aan, maar zoals vaker is de reis belangrijker dan de eindbestemming. 3,5*.
Pikunikku (1996)
Alternatieve titel: Picnic
Vijf jaar geleden Hana to Alice gezien, vier jaar geleden April Story, die allebei goed bevielen en dan toch nu pas mijn derde Iwai. Trouwens ook het eerste bericht sinds vijf jaar bij deze film. En ook al scoort deze film bij mij in het middensegment, voelt deze verwaarlozing van Iwai als onterecht aan.
Ook dit is weer een aangenaam filmpje. Altijd fijn om zo'n verkenning van de wereld te zien vanuit een ongewoon standpunt. Wat dat betreft doet dit wel een beetje denken aan een film als Air Doll van Koreeda.
Wel voelt Iwai erg luchtig aan, ondanks dat het onderwerp eigenlijk behoorlijk zwaar is, en dat is best knap. Deels ook de verdienste van de erg prettige soundtrack. Qua beelden is het wisselend, maar de eindscène met alle veren in tegenlicht was fenomenaal. Als minpuntje wil ik toch de stem van de hoofdpersone noemen, die irriteert toch behoorlijk.
Uiteindelijk houd ik het toch op 3,5*, al zit de film dicht tegen een halfje extra aan. Misschien ooit bij een herziening.
Pinku to Gurê (2015)
Alternatieve titel: Pink and Gray
Erg goed inderdaad.
De eerste helft is biedt een verhaal over twee jongens die naar beroemdheid streven, waarbij de ene het wel maakt en de ander niet, wat met de nodige jaloezie gepaard gaat. Degelijk, maar inderdaad wat aan de saaie kant is, wat wel degelijk functioneel is.
De tweede helft verraste me compleet, waarbij de eerste helft eigenlijk een film in een film blijkt te zijn. Een ontzettend fijne verrassing! Ook de stilering verandert ineens, want de tweede helft is grotendeels een zeer stijlvol zwart/wit. Een erg interessante keuze om juist het gedeelte dat de "werkelijkheid" van de film in zwart/wit te draaien, terwijl de film in de film in kleur is. De film speelt met de werkelijkheid, maar gebruikt juist zwart/wit, dat als een kunstgreep aanvoelt, voor het gedeeltje dat juist de werkelijkheid moet voorstellen, en wordt het op zo'n wijze gedaan dat je er als kijker makkelijk in mee kan gaan. Sterk.
In ieder geval is het zwart/wit fraai, met af en toe mooi gebruik van licht. Meest opvallende scène is met de dames in fluorescerend lingerie. Nog nooit eerder fluorescerende scènes in een zwart/wit film gezien, en het werkt ontzettend goed.
De eerste helft dus functioneel saai, waardoor voor mij de omslag naar de tweede helft alleen maar beter werkte. Leuk spel met de werkelijkheid, al werkt de klap van de omslag niet helemaal tot het einde door, waar andere films die met de werkelijkheid spelen, zoals Takeshis' of The Red Spectacles voortdurend mokerslagen uitdelen. Daarom een iets lagere waardering dan die films: 4*.
Pinocchio (1940)
Alternatieve titel: Pinokkio
Nee.
Ik heb duidelijk een voorkeur voor de oudere Disney films boven de nieuwere vanwege de slijmerige moraaltjes die in die laatste films gestopt worden zoals "je moet jezelf zijn." Nu bevatten de meeste sprookjes wel een moraal, zoals "het is niet verstandig mooier te zijn dan je kwaadaardige stiefmoeder", maar het moge duidelijk zijn dat het publiek zich niet aangesproken hoeft te voelen. Hoewel Pinocchio pas de tweede Disney film is, was het zelfs als toen ik nog klein was één van mijn minst favoriete films. Toen als vanwege het feit dat hier wel sprake is van een duidelijke moraal, die ook nog eens behoorlijk eendimensionaal wordt uitgewerkt: "wees braaf anders komt boontje om zijn loontje." Het wordt hier gepresenteerd alsof er duidelijk sprake van oorzaak en gevolg is. En dan natuurlijk ook het moraaltje dat je niet mag liegen, ja de film lijkt echt te proberen op te voeden en daar zit ik niet op te wachten.
Jammer, want wat er is verder genoeg om van te genieten, met name visueel. Allereerst alle speeldoosjes en klokken in het huis van Geppetto.Prachtig al die details, de manieren hoe de klokken een heel uur slaan, zoals de moeder die het kind een pak slaag geeft, of de kalkoen die (niet) geslacht wordt. Hier kan ik echt enorm van genieten. Het poppentheater was ook wel grappig, ik was een beetje verrast door de gogo-danseresjes, en dat in die tijd. Verder zag de scene met de walvis er ook erg mooi uit. Muziek was minder irritant dan bij Sneeuwwitje, dus dat is ook mooi meegenomen.
Rest de slechteriken, die redelijk vermakelijk waren, met name Honest John en Gideon. Maar die Stromboli had ook wel wat met zijn Italiaanse gevloek tussendoor. Hij deed me een beetje denken aan Pavarotti, hoewel die toen de film uitkwam nog maar 5 was en dus zeker niet als inspiratiebron heeft kunnen dienen.
Conclusie: Een mooie animatie die zonder de moraaltjes zonder meer hetzelfde had gekregen als Sneeuwwitje, maar het nu met een sterretje minder moet doen. 2*.
Pirates of the Caribbean: The Curse of the Black Pearl (2003)
Draak van een film. Disney, en het niveau van de humor is dan ook op hetzelfde niveau van de latere Disneyfilms met een aantal enorm domme sidekicks zoals het soldatenduo en het piratenduo. Enkel Johnny Depp had soms nog wel iets, maar daar blijft het dan bij. Wat de andere hoofdrollen betreft: noch Orlando Bloom noch Keira Knightley zijn verre van favorieten van me, en ook hier komt met name de eerste nogal houterig over.
Het plot is zelfs voor een gemiddelde avonturenfilm nogal dom. Veel flauwe grappen met dank aan de bovengenoemde duos, en zoals door anderen in deze draad al eerder opgemerkt is de tweede helft niet veel meer een herhaling van de eerste helft, en is het einde bijzonder onlogisch met Barbossa die al doodgeschoten wordt voordat de vloek opgeheven is.
Visueel verre van hoogstaand, de skeletten van de piraten zien er niet meer overtuigend uit. De soundtrack is verschrikkelijk. Dat vond ik al de eerste keer dat ik de film zag, maar mijn afkeer voor het hoofdthema is alleen maar groter geworden met dank aan een trombonist die ik ken die het te pas en te onpas speelde. Een dikke 0,5* dus.
Pisutoru Opera (2001)
Alternatieve titel: Pistol Opera
Gezien de titel wat explosievers verwacht. Desondanks een unieke ervaring. Behoorlijk bizar met personages die zich instantaan lijken te verplaatsen of plotseling andere kleren aan hebben.
Veel mooie beelden, vooral in de mise en scene. Helaas niet altijd, met name buiten zijn er soms scenes die er maar matig uitzien.
Voor een film waar het verhaal nauwelijks een rol speelt waren er wel veel nietszeggende dialogen. Het was soms wel wat langdradig met een speelduur van bijna twee uur, dus daar had best in geschrapt mogen worden.
Ondanks deze minpuntjes een erg geslaagd experiment. 4*.
Planet Terror (2007)
Alternatieve titel: Grindhouse: Planet Terror
Meer van verwacht. Ook al is dit als pulp bedoeld, het wordt er niet bepaald beter door. Er zaten zeker grappige dingen in, ik kon bijvoorbeeld wel lachen om die liefdesscene, waarbij je ineens een houten poot omhoog ziet gaan, maar teveel dingen die duidelijk grappig bedoeld zijn, maar waar ik niet om kon lachen.
Ik weet niet wat het met me is, vroeger vond ik het altijd wel leuk, van die coole one-liners, maar hier sloeg het helemaal niet aan, met als absolute dieptepunt de rol van Tarantino. Jammer.
Verder duurde het ook gewoon te lang. Op een gegeven moment zat ik voortdurend op de klok te kijken. Was het meer gecomprimeerd geweest, had ik het zeker beter te pruimen gevonden.
De trailer van Machete was eigenlijk veel grappiger dan de rest van de film, en dan weet je dat het niet goed zit. Ik zie nu ook dat daar echt een film van gemaakt wordt, die ga ik zeker kijken, maar ik krijg er nou niet bepaald vertrouwen in, als ik dit zie.
Platoon (1986)
Een herziening die ik lang voor me uit heb geschoven vanwege de muziek. Ik weet nog dat we met het orkest waarin ik speelde een apart blazersstuk en een apart strijkersstuk gingen doen. De dirigent kondigde vol trots aan dat het strijkerstuk dit adagio van Barber zou worden, waarna zowat alle strijkers reageerden met "gadverdamme!" waarop de dirigent haastig zei "of een ander stuk!" Barber is toen heel stilletjes afgevoerd, waar ik ook erg blij mee was, want ook ik vind het een zwaar melodramatisch stuk.
Opmerkelijk dat Barber ook in de soundtrack van twee films in mijn top 10, Reconstruction en Amélie, zit. Ik hou het er maar op dat ik er in die films veel minder moeite mee heb omdat de regisseurs het bewust als filmcliché gebruiken; in de tweede met een knipoog, in de eerste om te benadrukken dat we een film aan het kijken zijn.
Hier wordt het echt gebruikt om de kijker duidelijk te maken dat het hier om Drama met de hoofdletter D gaat en tegen zulk gebruik van filmmuziek kan ik erg slecht. Met name in de scène van de filmposter wordt het nog eens extra aangedikt in de vorm van slow motion beelden. Melodramatisch met de hoofdletter M en niet omdat deze zin toevallig (of niet) met dat woord begint.
Verder vooral veel beelden in de rimboe met wat gevechten tussendoor. Niet echt verheffend. De enige waarde die deze film voor mij heeft is dat het mensenrechtenschendingen door de Amerikanen durft te laten zien. Het filosofische geleuter aan het einde kan ik dan weer niet zoveel mee. 1,5*.
Playtime (1967)
Alternatieve titel: Play Time
Toch minder dan Mon Oncle. Het grootste gemis dat ik ervaar is het gebrek aan structuur. Het komt op mij toch teveel over alsof er domweg gefilmd wordt op een locatie en dat men alles maar gewoon laat gebeuren. Het is me wel duidelijk dat dat niet het geval is, maar op het moment dat de humor slecht aanslaat, zoals ook bij mij het geval is, het toch nogal willekeurig aanvoelt. Bij Mon Oncle was dat ook wel het geval, maar voor mijn gevoel was daar toch iets meer vertelstructuur. Het was in ieder geval goed dat ik de twee uur-versie te pakken had in plaats van die van tweeëneenhalf uur.
Toch is de muziek wel erg aangenaam, en is er één werkelijk geniale scène, pas tegen het einde: die van de rotonde als draaimolen. Prachtig om al die auto's precies in hetzelfde tempo te zien rijden, waarbij de boel pas op gang gaat als er geld in een parkeermeter gegooid wordt, en waarbij de kermismuziek de kermissfeer completeert. Als de hele film vol had gezeten met dit soort scènes, was mijn waardering echt stukken hoger uitgevallen. Nu blijft hij steken op 1,5*.
Poesía Sin Fin (2016)
Alternatieve titel: Endless Poetry
Vervolg op La Danza de la Realidad, en het ligt zeker in het verlengde (zie alleen al de allerlaatste scène), maar een tikkeltje minder. Nog steeds apart, maar het voelt minder surrealistisch aan. Ook had ik het idee dat het wat minder nostalgisch was, maar dat kan ook te maken hebben dat er op de adolescentie in plaats van de jeugd van de regisseur gefocust wordt. En men kijkt nu eenmaal vaak terug met wat meer nostalgie naar de jeugd.
De scènes mogen wat minder memorabel zijn, nog steeds aardige momenten. Leukste moment is de scène waarin de poëten rechtdoor besluiten te lopen. Ook de circusscène was best aardig. Mooiste moment was het afscheid van de vader, met name de wijze waarop de regisseur ingrijpt en rechtzet hoe hij eigenlijk afscheid had willen nemen.
Verder fraai gefilmd, bij de aftiteling zie ik Doyle voorbijkomen en dat verbaast me niets. Tenslotte een mooie soundtrack waar onder andere een fragment uit de Vuurvogel van Strawinsky en Valse Triste van Sibelius opvallen.
Uiteindelijk zweeft dit een beetje tussen 3* en 3,5* in. Het laatste heb ik ook uitgedeeld aan La Danza de la Realidad, maar dit biedt zeker meer dan de gemiddelde 3*-film. Met in gedachten dat een herziening van La Danza de la Realidad waarschijnlijk een halfje extra zal opleveren kies ik dan toch voor 3,5*.
Police Academy (1984)
Alternatieve titel: Officieel Gesticht
Ik kende de reputatie van de film en had geen verwachtingen. Mijn verwachtingen zijn dan ook ruimschoots uitgekomen.
Heel veel flauwe slapstick met als dieptepunt de luitenant die met z'n hoofd in het hol van een paard verdween. Wat je niet eens echt te zien krijgt. Niet aan mij besteed. Enkel die beatboxer was nog wel aardig om te zien.
Verder een irritante soundtrack met dat opgepompte marsliedje dat te pas en te onpas herhaald worden. Visueel typisch jaren 80, dus ook niet geweldig.
Dit is ongetwijfeld een blauwdruk voor de vervolgen, die ik dus maar over sla. 0,5*.
Poor Things (2023)
Van dezelfde regisseur als The Favourite, ook met Emma Stone. Die film was al opmerkelijk, deze is zelfs beter. Het uitgangspunt is natuurlijk bizar: Een zwangere vrouw die zelfmoord pleegt waarna haar brein vervangen wordt door het brein van haar ongeboren kind. We zien Stones karakter een flinke persoonlijke groei doormaken waarbij ze eerst als een pop oogt en loopt, die alleen maar naar zichzelf in de derde persoon verwijst, waarbij langzaam meer verwijzingen in de eerste persoon doorsijpelen totdat ze volkomen normaal klinkt en loopt. En ondertussen groeit haar persoonlijkheid ook, naarmate ze meer van de wereld ziet, terwijl ze volkomen oorspronkelijk blijft zonder veel notie van sociale normen.
Leuk is hoe met die normen gespeeld wordt. Ruffalo's karakter kondigt aan louter in seks geïnteresseerd te zijn, niet in een relatie, wetende dat Stones karakter op dat moment geen begrip van de situatie heeft, en dus misbruik makend van haar, maar is uiteindelijk degene die achter Stones karakter aanloopt, voor wie de relatie louter seks bleek te zijn. En toch is zij degene die volkomen oprecht overkomt.
Visueel erg surrealistisch, bijvoorbeeld hoe Lissabon weergegeven wordt. Visueel hoogtepunt is de trap in Alexandrië; dat is gewoon Dalí. Ook hier een aantal fisheye shots die in deze surrealistische setting veel beter passen dan in The Favourite. Over het algemeen moet ik een beetje aan Wes Anderson denken qua stilering, maar die heeft meer pastelkleuren en qua verhaal is diens werk wat onschuldiger dan deze film (die overigens ook wel redelijk onschuldig is). Verder excellent acteerwerk van Stone en Dafoe, die ik altijd erg graag zie. 4,5*.
Pop Skull (2007)
Deze wilde ik al lange tijd zien, maar ik kon geen subs vinden (ook geen Engelse) en dat vind ik meestal wel prettig. Toch maar opgezet gisteren, en ik kon het prima volgen, dus me druk gemaakt om niets.
Ik blijk dus al tijden een bijzondere filmpje op de plank te hebben liggen, waarin wel erg veel aandacht is besteed aan de vormgeving. Nu kan men wat mij betreft hier niet ver genoeg in gaan, dus ik heb behoorlijk gebiologeerd zitten kijken. Prachtig, de stroboscoopeffecten, die doen denken aan Enter the Void, de hyperediting die bij tijd en wijle voorbijkomt, en de prachtig gekadreerde shots als het wat rustiger is, waarbij er vaak ook voor een passend kleurenfilter is gekozen.
Ook de soundtrack was over het algemeen vrij sterk. De gezongen nummers hadden voor mij niet gehoeven, maar stoorden ook niet, maar vooral de ambiënt muziek was erg prettig, zeker als men er ook in slaagt vrij subtiel Schuberts Ave Maria erin te verwerken. Enige kanttekening: hoewel de geluidseffecten vaak bijzonder sfeerverhogend werkten, werden ze soms ook gebruikt om goedkope horrorschrikeffecten op te bewerkstelligen. Vond ik een beetje clichématig overkomen, en deed wat mij betreft enige afbreuk aan de film.
Naast het matige acteerwerk van de hoofdpersoon is dit toch een reden om niet de volle vijf sterren uit te delen, maar uit 4,5* spreekt volgens mij nog steeds flink wat waardering.
Porgy and Bess (1993)
Leuk om gezien te hebben, al is het maar een deels bevredigende ervaring. Ik ben best wel fan van opera, en het verbaast me eigenlijk (maar ergens ook weer niet) dat maar weinig opera's zijn vertaald naar het witte doek. Zo zou men volgens mij best een Lord of the Rings-achtige verfilming van Der Ring des Nibelungen van Wagner kunnen maken. Op toneel wil een draak namelijk nogal suf overkomen, daar heb je met film veel minder last van.
Porgy and Bess is dus wel verfilmd, maar dat is nu net weer niet gedaan op een filmisch boeiende wijze. Als de muziek er niet was geweest, had ik ruimschoots 0,5* uitgedeeld, want wat ziet het er visueel saai uit. Zo heeft film nu niet echt veel meerwaarde.
Van de muziek kende ik stukken (en dan bedoel ik echt niet alleen Summertime), maar dit was de eerste keer dat ik het geheel heb gehoord. Ja erg sterk, en het maakt dat ik toch 2,5* uitdeel. Wellicht dat de muziek nog meer groeit bij herziening (die niet onwaarschijnlijk is, muziek is prettig genoeg) dat er ooit nog een halfje extra bij komt, maar meer ook niet. Daar is het cinematografisch te zwak voor.
Poruno Sutâ (1998)
Alternatieve titel: Pornostar
Pornostar was de enige Toyoda die ik nog moest zien, maar die ik had laten liggen omdat enkele Toyoda fans hier toch een wat lagere waardering aan vastplakten. Aangezien ik vandaag nog één van die fans (zo mag ik je toch noemen, Goldenskull?) heb gevraagd waarom hij nog niet The Blood of Rebirth heeft gekeken, leek het me ook wel gepast om mijn hiaat in Toyoda's filmografie weg te werken.
Ik moet zeggen ik ben ook wel een enorme fan van Toyoda geworden. Ik vind het een unieke regisseur vanwege zijn hypnotiserende gitaarsoundtracks en die soms echt prachtige surrealistische scènes op het scherm tovert. Zo ook in deze film. Mooiste scènes vond ik die in het huis van Kamijo en die met de lichtgevende regen. Verder inderdaad behoorlijk nihilistisch, maar het wordt ook weer nergens zwaar op de maag, daarvoor blijven de personages te afstandelijk. Ik moet overigens bekennen dat ik helemaal niets van de titel begrijp.
Grootste kritiekpuntje zijn de soms wel erg donkere scènes. Heeft The Blood of Rebirth helaas ook wel last van, hopelijk blijft dat achterwege in Toyoda's nieuwe film, die er nu aan zit te komen!
Uiteindelijk zijn de meeste Toyoda-kenmerken wel aanwezig, maar is de afwerking een beetje zwakjes ten opzichte van de latere films. Daarom krijgt deze film ten opzichte van die andere films de laagste score: 3,5*. En dat is een mooi cijfer voor een laagste score.
Post, The (2017)
Een interessant onderwerp, zeker gezien het huidige tijdsbeeld, en natuurlijk om die reden gemaakt, maar ik vraag me af hoe doeltreffend deze film is en of film wel het juiste medium hiervoor is.
Een aantal goede rollen voor Streep en Hanks (die ik aanvankelijk niet herkende), maar echt levendig wordt deze film niet. Gebeurtenissen rondom een krant is nu eenmaal niet het meest spectaculaire onderwerp en de film drijft dan ook voornamelijk op een grote hoeveelheid dialogen, waarin vele namen voorbijkomen waarbij ik me soms afvraag wie ook alweer wie is. Dan kan je het proberen op te leuken met heldhaftige muziek à la Indiana Jones, maar smeuïger wordt het niet, en de muziek voelt alleen maar enorm misplaatst aan.
De boodschap die de film probeert over te brengen is natuurlijk een goede, maar ik vraag me af of Spielberg wel zijn beoogde publiek bereikt. Ik heb in de VS een aantal Trumpaanhangers leren kennen en het lijkt me stug dat ze interesse hebben om deze film te zien. Alles dat uit Hollywood komt is in die kringen al bij voorbaat verdacht. Kortom, dit lijkt meer een preek voor eigen parochie te zijn.
Een film met goede bedoelingen, maar het tegenovergestelde van goed is vaak goed bedoeld. Zo ook deze film, want als film valt het allemaal wat tegen. 1,5*.
Postal (2007)
Ik ben geen gamer, maar vroeger was ik behoorlijk verslaafd aan het computerspel Postal 2, wat een hoop politiek correcte onzin op je afvuurt, vaak gepaard met cynisch commentaar van je character: van verwondingen herstellen door het roken van crack, over mensen heen pissen ("let the flowers grow"), mensen in de fik steken ("Slow roasted goodness, smells like chicken"), als je zelf in de brand raakt, omhoog pissen om jezelf te blussen, jihadi's, rednecks en anti-game demonstranten als tegenstanders enzovoorts.
De film zet duidelijk in op dezelfde foute humor. Veel elementen die herkenbaar zijn uit het spel: de jihadi's, Crotchy, Uncle Dave, de kat als geluidsdemper, veel vuurwapengeweld, maar ook veel nieuwe elementen, zoals het Duitse themapark met een flinke nadruk op het nationaal socialisme, Uwe Bolt die zichzelf op de hak neemt, onder andere met de wachttorengrap, kinderen die lomp doodgeschoten worden, en sektes en religieus fanatisme dat op de hak genomen wordt.
Leuk ook om J.K. Simmons in deze film aan te treffen, ook al is de rol maar klein, ik moet altijd al lachen als ik die man zie.
Briljant is de film uiteindelijk zeker niet, maar wel heerlijk lomp, en duidelijk over the top met een flinke knipoog. 3,5*.
Posutoman Burusu (1997)
Alternatieve titel: Postman Blues
Ik had op de een of andere manier in mijn hoofd dat Asano hierin zou meespelen, maar die bleek nou net niet mee te doen. Wel erg leuk om Terajima en Osugi samen in een film te zien die niet door Kitano geregisseerd is. Vooral Osugi vond ik bijzonder sterk met zijn droge rol, die extra kracht krijgt doordat hij zo ontzettend serieus erbij blijft. En tegelijk ook ontroering kunnen opwekken.
De "Idols" scene vond ik denk ik de leukste scène. Werkelijk een prachtig belachelijk idee en ook mooi uitgewerkt. Hilarisch hoe de mannetjes van de jury verlekkerd opkijken als er een knappe vrouwelijke kandidaat binnenkomt. Net Henkjan Smits van de echte Idols.
Verder vond ik het beginerg sterk met de scène waarin het de postbode allemaal teveel wordt. Het geluid erbij maakt alsof je het zelf meemaakt. De soundtrack kan sowieso erg sterk genoemd worden. Prima beelden, de kadrering sprak me erg aan.
Wat wel jammer is dat de komedie het drama een beetje in de weg lijkt te lopen en andersom. Zeker op het einde wist ik niet echt meer wat ik ermee aan moest. Dat de recherche er erg naast kan zitten vind ik niet zo vreemd meer sinds Lucia de B., maar hier werd het wel erg overdreven. Dat kan, maar dan had het wat mij betreft nog veel meer over-the-top gemogen. Nu verstoort het de climax, wat me doet weerhouden om 5* te geven.
Blessing Bell had ik op 4* staan, maar die was in mijn herinnering qua sfeer minstens zo goed als deze. Tijd om die ook maar eens te herzien dus. Voor deze 4,5*.
Practical Magic (1998)
Drie keer niks. Niet als romantische film, niet als komedie en als film over magie. Het uitgangspunt is an sich interessant, maar er legt maar één man het loodje door de vloek, dus er wordt maar bar weinig mee gedaan. Wat we wel aan plot krijgen is helaas flinterdun. Af en toe een zijdelingse opmerking van een personage waarvan duidelijk is dat het grappig moet zijn, maar het niet is. En de magie overstijgt niet echt het niveau van een serie als Sabrina, wat nou ook niet bepaald hoogstaand is.
Weinig sfeer ter compensatie helaas. Magisch wordt de sfeer nergens, en wat er aan sfeer rest wordt hardhandig de kop om gedraaid door de soundtrack vol met verschrikkelijke liedjes. Enige lichtpuntje zijn de mooie dames, maar sensueel wordt het ook nergens. Dan liever The Craft ofzo, ook een film over huis-, tuin- en keukenmagie, maar dan tenminste met de nodige geladen spanning. De 0,5* voor Practical Magic is dan ook onvermijdelijk.
Prasini Thalassa (2020)
Alternatieve titel: Green Sea
Aardig. Ik kan me erg vinden in het bericht van Brandt. Ik kan me niet herinneren eerder een Griekse film gezien te hebben, dus dat was al interessant. De film vertelt in een rustig tempo het verhaal van de hoofdpersone die niet weet wie ze is, maar die wel goed kan koken. Ofschoon de kookscènes niet de meest gestileerde zijn die ik heb gezien, is het altijd prettig om een film met een focus op eten te hebben.
Een redelijke film dus, die niet opzienbarend is in enig opzicht, maar die ook niet echt zwaktes toont en waarmee je de tijd goed door komt. 3*.
Predator (1987)
Naar aanleiding van de herziening van Alien deze ook maar eens herzien. Een ander soort film, en toch dringt de vergelijking zich op, en ergens wordt dat ook afgeroepen met producten als Alien vs Predator.
De eerste helft is behoorlijk verschrikkelijk. Een hoop geforceerd stoere soldatenpraat, af en toe nog een poging tot een leuke oneliner van Arnie, maar die heb ik in andere films veel overtuigender en grappiger gezien. Wel moet gezegd worden dat de raid op het kamp bijzonder lomp was, en daarom ook best vermakelijk was. Maar met name de muziek was echt behoorlijk irritant. Bijzonder clichématige actiemuziek die behoorlijk op de voorgrond treedt. Het dramatische trompetje als er een soldaat het loodje legt was helemaal te erg voor woorden.
Tweede helft, waar Arnie het opneemt tegen het creatuur, is een stuk aangenamer. Arnies methodes zijn inventief, en de stoere soldatentaal blijft ook (logischerwijs) achterwege. Maar om de vergelijking er toch bij te halen: de alien is toch echt cooler qua ontwerp dan de predator, en met name draait hier de muziek de sfeer de nek om, terwijl Alien juist wel een fijne sfeer heeft. Daarom zit er niet meer dan 2* in.
Prestige, The (2006)
Veel vergelijkingen hier met de Illusionist, die ik nooit heb gezien, dus ik kan dit gewoon als film op zichzelf beschouwen. Kort samengevat: een typische Nolan film waarbij met realiteit (of in dit geval misschien eerder met illusie) gespeeld wordt, die de nodige twisten kent, en die visueel niet bijster gestileerd is. 2*.
Een wat uitgebreidere toelichting: ik moet zeggen dat ik maar moeizaam in het verhaal kwam, en de eerste helft vond ik vrij saai, wat naast dat ik niet echt door de beelden vervoerd raak voor een groot deel voor de lage waardering zorgt. Ook omdat het haast geen verrassing is dat Nolan je met twisten probeert te verwarren. Die twisten zijn an sich wel aardig gevonden. Ondanks dat ik mijn vraagtekens bij Fallon had, want hij is nooit duidelijk geïntroduceerd, was ik toch een beetje verrast dat hij en de Borden tweelingbroers zijn en hun rol afwisselen. Een aantal zaken vallen er wel mee op hun plaats. De dedicatie van de Chinese goochelaar waarnaar gerefereerd wordt, het broertje van de vogel, dat Borden de ene dag wel en de andere dag niet van zijn vrouw houdt, zijn opmerking dat Fallon net zo betrouwbaar als hemzelf is, en natuurlijk zijn truc.
De machine van Tesla (aardige rol van Bowie overigens) is een ander verhaal. Doet die machine überhaupt iets (wat fysisch onmogelijk zou zijn of het nu teleportatie of kloning betreft) of is slechts de afleiding voor een truc van Angier? We zien nooit een hoed noch een kat gekloond worden (ik vind eerlijk gezegd veel zwarte katten op elkaar lijken), en de kloon die door Angier neergeschoten wordt komt slechts voor in een vertelling van Angiers aan Borden. Het lijk in de tank op het einde is niet heel duidelijk te zien. Wat mij betreft laat de film beide opties open.
Kortom, de boodschap lijkt te zijn dat film ook als een illusie beschouwd kan worden en het is aan de kijker om erin te geloven of niet. Ergens een beetje een open deur, aangezien de meeste filmregisseurs de kijker in een andere wereld proberen te trekken in hun film. Bovendien heb ik de boodschap ook in een iets andere vorm in Reconstruction voorbij zien komen, en daar kwam het veel overtuigender over omdat je daar gedurende de film er meerdere malen in plaats van op het einde aan herinnerd wordt dat het een film is. Een film die stilistisch ook vele malen beter is. In dat licht valt The Prestige dus behoorlijk tegen. 2* dus.
Pretty Woman (1990)
Een beetje lang, maar niet onaardig voor dit soort type films waar ik over het algemeen weinig mee heb.
Vooral Roberts heeft een leuke rol; het is wat lastiger om grip op het personage van Gere te krijgen. De hele omgang met Roberts' personage zet iets bij hem in gang, maar heel diep wordt er niet op ingegaan, al is het resultaat ervan duidelijk. En ondanks dat er wat onenigheden zijn vanwege haar beroep, blijven die minimaal en oppervlakkig. Het is uiteindelijk toch vooral een sprookje en de film komt daar redelijk goed mee weg.
Niet heel erg grappig, maar het heeft wel zo z'n charme, en gelukkig ontbreekt de slapstick die dit soort films vaak kenmerkt grotendeels (ik kan me alleen de escargot herinneren en dat was eigenlijk nog wel leuk gedaan). Maar ook af en toe nogal gezapig, waardoor het dus een beetje aan de lange kant aanvoelt. 2*.
Prey (2007)
Na twee Lion King films gezien te hebben had mijn vriendin nog niet genoeg leeuwen gezien en stelde dus voor deze film te zien.
Tja, wat valt erover te zeggen. Het is duidelijk low budget, maar weet dat niet met originaliteit te compenseren, waardoor er weinig overblijft. Het plot is natuurlijk onzinnig als je maar iets van leeuwen af weet, sommige scènes deden me een beetje denken aan Jurassic Park, maar dan met leeuwen, de actiescènes zien er barslecht uit, want men schudt gewoon flink met een camera zodat er veel gesuggereerd wordt, maar je niets ziet, kortom een goedkope truc om het gebrek aan budget te maskeren. En natuurlijk is de afloop van te voren voorspelbaar, inclusief wie het overleefd en wie niet: de familie overleefd, alle andere personages gaan dood. Erg veilige keuzes en dus weinig origineel.
Kortom, dit stelt weinig voor en men doet er goed aan deze safari over te slaan. 0,5*.
Price of Milk, The (2000)
Gekeken omdat dit in hetzelfde straatje zou liggen als de eerste films van Peter Jackson, ook afkomstig uit Nieuw-Zeeland.
Inderdaad gebeuren hier ook een hoop rare dingen, veel is random, maar het haalt bij lange na niet hetzelfde niveau. Ten eerste is de grappendichtheid een stuk lager, ten tweede is de opbouw naar de rare gebeurtenissen vaak erg matig. Het komt soms nogal uit de lucht vallen. Het verhaaltje werd op een gegeven moment ook weer erg slap met eerst de één die de ander achterna loopt, waarna de ander weer de één achterna kan lopen.
Visueel viel alleen de rode sluier door de groene heuvels op. De muziekkeuze was vrij apart, namelijk veel klassiek, en dan is de keuze voor het Dodeneiland van Rachmaninov enigszins vreemd bij dit soort ongein. Maar ergens ook wel grappig, en het is een mooi stuk, dus het kan zeker geen kwaad. In tegendeel. Verder ook Scheherezade van Rimsky-Korsakov en andere klassieke stukken, die ik wel mooi vond, maar totaal niet kon plaatsen. Imdb raadplegen leert dat ik de componisten inderdaad niet ken: voor mij obscure Russen.
Na eerder ook Black Sheep gezien te hebben, lijkt de voorlopige conclusie te zijn dat de Nieuw-Zeelandse humor buiten Jackson om nogal tegenvalt. 2*.
Primal Fear (1996)
Een film met goed acteerwerk; Gere zet een sterk een gladde advocaat neer en Norton overtuigd ontzettend als kwetsbare jongen die een meervoudige persoonlijkheid heeft. Ik word door de film meegezogen en geloof dat zijn karakter echt is, dat zijn karakter niet acteert, terwijl het karakter natuurlijk in werkelijkheid door een acteur neergezet wordt. Klasse gedaan door Norton.
En toch weet de film me niet te overtuigen. Omdat ik er geen snars van geloof dat iemand echt een deskundige zoals gespeeld door McDormand voor de gek kan houden. En omdat het toch ook een beetje vreemd is dat het kennelijk noodzakelijk is om de eigen advocaat voor de gek te houden. Het enige dat ik kan bedenken is dat het één groot masterplan van Nortons personage is om zijn advocaat precies zo te laten reageren als hij wil, maar het wordt dan alleen maar verder en verder vergezocht.
De film werkt uiteindelijk dus niet helemaal voor me, waardoor ik op 2,5* uitkom.
Primer (2004)
Deze wilde ik al een tijdje zien, maar bleef altijd maar op de stapel liggen. Toen vorige week een vriend erover begon, en de dag erna een andere vriend, heb ik de knoop doorgehakt: zo snel mogelijk kijken.
Door beiden gewaarschuwd: je snapt er pas na de derde herziening iets van, en het budget is laag. Een beetje hetzelfde soort opmerkingen die ik hier verder ook lees.
Ik moet zeggen dat ik het ook niet helemaal heb gevolgd, maar dat zorgt ervoor dat het verhaal me niet zal vervelen bij herziening. Over het lage budget kan ik het volgende zeggen: ik heb het totaal niet meegekregen. Okee, geen special effects, maar het ziet er niet amateuristisch uit. Sterker nog, ik heb ontzettend genoten van de belichting, de camerastandpunten, het oog voor details en de sfeervolle soundtrack. Ligt helemaal in mijn straatje.
Je gaat je haast afvragen wat sommige high-budget regisseurs soms doen met het geld als je ziet dat het met een laag budget blijkbaar ook mogelijk is een audiovisueel interessant product af te leveren.
De tijdlijnen die op internet te vinden zijn bekijk ik nog even niet. Ben benieuwd of ik zelf wat verder kom bij herziening. Ik heb in ieder geval begrepen van één van die vrienden dat het wel allemaal klopt.
4* voor nu, puur voor de sfeer en het audiovisuele. Mocht het verhaal nog wat duidelijker worden, is er zeker ruimte voor meer.
Princess and the Frog, The (2009)
Alternatieve titel: De Prinses en de Kikker
Gekeken omdat ik binnenkort naar New Orleans ga. Wat dat betreft leuk dat alle noemenswaardigheden uit de reisgidsen wel ergens in deze film aangestipt worden: de jazz, Mardi Gras (hoewel helaas vrij beperkt), radarboten op de Mississippi, de moerassen met een aantal rednecks, de Cajun (inclusief muziek) en last but not least: gumbo. Ongetwijfeld zal me nog wel het een en ander ontgaan zijn. Verder aandacht voor voodoo en tarot, wat ik altijd wel interessant vind, en op momenten voor een fijne onheilspellende sfeer zorgt.
Verder is het een typische Disneyfilm. Er moest een donkere Disneyprinses komen; wat mij betreft had die focus op het hele prinsessengebeuren wel wat minder gemogen. Verder de gebruikelijke sidekicks, liedjes, ééndimensionale slechterik, en moraaltje dat deze keer "vind de juiste balans tussen hard werken en plezier maken" is. Echt diepzinnig wordt het dus niet.
Visueel is het niet onaardig. Soms is het wel zichtbaar dat er met de computer is gewerkt, maar echt storend is het niet. Leuk is de vondst met de schaduwen van de Shadow Man. Ook aardig zijn de stijlwisselingen tijdens het liedje in het beoogde restaurant in de stijl van de poster en tijdens de aftiteling. De muziek is aardig, vaak jazzy, ook één keer dus in de Cajunstijl, maar het liedje van de voodoopriesteres is dan wel net zo irritant als de meeste liedjes in de andere latere Disneyfilms: nietszeggend en heel erg druk.
Uiteindelijk niet denderend, maar zeker ook niet onaardig. 3*, waarbij de meeste punten gaan voor het uitbeelden van New Orleans en haar cultuur.
Princess Diaries, The (2001)
Bijzonder oppervlakkig. Het hele verhaal kan je natuurlijk al uittellen. Lelijk meisje wil geen prinses worden, krijgt toch "training", maakt daarbij "hilarische" fouten (oftewel erg matige slapstick), blijkt na een makeover heel mooi te zijn, is verliefd op een foute jongen, maar komt toch tot inkeer en kiest voor de goedaardige gozer die ze eerst niet echt zag staan, en kiest er uiteindelijk tòch voor om prinses te worden.
Deze film past precies in Disneys bedrijfsmodel, wat (deels) is gebaseerd op het het meisjes de gedachte voeren dat ze allemaal een prinses (kunnen) zijn, waar ik sterk mijn bedenkingen bij heb. Kortom, qua plot stelt het allemaal niets voor, het heeft juist een extra walgfactor, filmisch is het al helemaal niets bijzonder. Het enige dat ik kan zeggen dat het acteerwerk niet onverdienstelijk is, maar of dat nou voldoende is om de film van de absolute ondergang te redden? In mijn ogen niet. 0,5*.
