• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.886 acteurs
  • 198.965 gebruikers
  • 9.370.139 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Black Math als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Saam Gaang Yi (2004)

Alternatieve titel: Three... Extremes

Ooit ben ik al eens aan dit drieluik begonnen met als voornaamste reden Box van Miike. Over het algemeen vind ik zijn films stilistisch niet geweldig op één uitzondering na: Big Bang Love, Juvenile A. Miikes segment van deze omnibus zou zijn andere stilistisch meesterwerk zijn. De vorige keer heb ik dat inderdaad zo ervaren, maar was ik na afloop enigszins uitgeput waardoor ik de andere segmenten niet meer heb gekeken.

Vandaag alsnog gekeken, en natuurlijk ontbrak Box niet. Werkelijk prachtig, de poëtische sfeer, de muziek uit het speeldoosje vermengd met omgevingsgeluiden en natuurlijk de prachtige visuals, vooral in de sneeuw. Alleen de scenes in het gebouw waar ze blijkbaar woont zagen er een beetje grauw uit. Maar voor de rest subliem. Aardig verhaaltje, al was het einde een beetje raar, maar dat is ook Miike. Net geen 5*, maar zeker een dikke 4,5* waard.

Het tweede filmpje, Dumplings, en was verhaaltechnisch wat vermakelijker. Ik heb er best om kunnen lachen, al vond ik het geheime recept van de dumplings niet echt verrassend. Je blijft uiteindelijk toch zitten met de vraag of het nu werkt of niet, maar van dat soort dubbelzinnigheden hou ik wel in film. Verder aardig geschoten, ik zag tijdens de aantiteling Doyle voorbijkomen, maakt dat ik hier 4* aan kwijt zou kunnen.

Het laatste filmpje, Cut, is duidelijk het minste. De muziek begint goed, met Bachs Die Kunst der Fuge op piano en daar eindigt de film ook mee, maar daarmee en met het soms onnavolgbare camerawerk is het meest positieve over de film wel gezegd. De titel Saw is hier al meerdere keren voorbijgekomen, maar die vond ik stukken sterker, sadistischer. Het is hier iets teveel over the top en als er op een gegeven moment weinig sympathie voor de personages overblijft, overheerst bij mij het gevoel dat het me niets meer uitmaakt wat er allemaal met iedereen gebeurd. En dat gaat ten koste van de effectiviteit van de film, want medeleven met de personages is daar toch wel een voorwaarde voor. Rare twist op het einde ook. 2* omdat het ook weer niet saai was. Los daarvan blijf ik er overigens bij dat ik Koreaans maar een lelijke taal vind.

Voor het drieluik in het geheel kom ik op 3,5* uit. Jammer van de laatste film, men had beter Box als laatste kunnen plaatsen, dan blijf je na afloop tenminste nog zitten met een gevoel van overweldigd te zijn. Al begrijp ik dat die versie dus ook circuleert. Ik heb overigens de overdekkende titel voor kennisgeving aangenomen, waardoor het me totaal niet stoort dat de titel de lading niet dekt, maar misschien ook omdat ik niet op zoek ben naar extremen, maar gewoon naar leuke films. Jammer dat er mensen teleurgesteld raken alleen maar door verwachtingen die in het leven zijn geroepen door de titel.

Sakigake!! Kuromati Kôkô: The Movie (2005)

Alternatieve titel: Chromartie High - The Movie

Ik weet het niet met de Japanse komedies. Altijd erg absurd en juist dat kan ik erg waarderen, maar soms werkt het niet, en ik vind het moeilijk om de vinger erop te leggen waarom ik de ene film echt fantastisch vind, terwijl ik een andere film maar een flauwe bedoeling vind. De enige redenen die ik kan bedenken liggen in de timing en in het vermogen een verhaallijn op te zetten, die niet totaal random is, maar wel voortdurend weet te verrassen. Ik schiet er weinig mee op, want wanneer noem je iets verrassend, en wanneer noem je iets compleet random? Ik zou niet weten hoe de scheidslijn te trekken, behalve door middel van het criterium: kon ik er om lachen of niet? Waarmee we terug bij af zijn.

Deze film begint erg goed met een bijzonder droog overzicht van de geschiedenis van de school met alle keren dat de school compleet vernietigd werd, en met de scholier de potloden eet, maar daarna wordt het toch snel minder. Een hoop elementen die veel potentieel hebben; inderdaad de gorilla's en de robots en wat nog meer, maar het komt er niet helemaal uit. In plaats van het achteloos voorbij te laten komen, waardoor je denkt: "Wat heb ik nu net in hemelsnaam gezien?", lijkt de gekte soms iets teveel benadrukt te worden. Toch af en toe aardige momenten, bijvoorbeeld met de shaolin training sessie, die er lekker idioot uit zag, en een korte intermissie in de vorm van een programma met twee mannen (o.a. de vader uit Visitor Q) als dik konijn verkleed die te droog voor woorden zijn.

Visueel aardig in beeld gebracht, maar met name de muziek is sterk. Lekker veel gitaar, wat sowieso goed past bij het punks op een middelbare school sfeertje. Ook de muziekediting is goed, bijvoorbeeld wanneer er geswitcht wordt van gitaarmuziek naar dreigende gitaarmuziek wanneer dat passend is.

Uiteindelijk nog wel redelijk vermakelijk, maar helaas niet zo grappig als ik had gehoopt. 2,5*.

Sakuran (2006)

Alternatieve titel: さくらん

Na Helter Skelter nu ook eindelijk deze film van dezelfde regisseuse gezien. Niet voor mensen op zoek naar een sterk drama, maar als je zoals ik van mooifilmerij houdt, is dit toch echt een film om op te zoeken, want dit is wederom visueel bijzonder sterk.

De achtergronden en kostuums zijn al prachtig, maar om het mooi in beeld te brengen is weer een andere kunst, eentje die de regisseuse gelukkig perfect beheerst getuige een aantal verrassende shots. Bijvoorbeeld van de goudvissen; meteen aan het begin vlak voor de openingscredits, als er direct na waar je op de achtergrond de mensen in de straat ziet waardoor het net lijkt alsof er geen water is en de vissen tussen de mensen zweven. Maar ook het shot waarbij de boom met rode bloemen weerspiegelt wordt in de glanzende houten vloer. Het is steeds elke keer prachtig, maar ook even kijken wat er nou precies gefilmd wordt en dat is leuk om te ontdekken.

Het verhaal daarentegen is veel minder bijzonder en de afloop viel ook wel te voorspelen, maar het geheel weet wel te vermaken ook door de leuke hoofdrol. Muziek ben ik wat minder overtuigd over. Niet zozeer dat het modern was (toevallig ook recent Marie-Antoinette gezien waar moderne muziek ook bij een historische setting geplaatst wordt), maar eerder omdat ik de kwaliteit ervan niet zo geweldig vond. Toch iets waardoor de film op 4* blijft steken.

Samâ Uôzu (2009)

Alternatieve titel: Summer Wars

Aardig, maar niet meer dan dat.

De animatie is erg knap, maar bijna nooit echt oogstrelend mooi, een enkel shot van de lucht uitgezonderd. Muziek is niet echt noemenswaardig. De pokemon-achtige gedeeltes van de film vond ik bepaald niet boeiend, terwijl de persoonlijke interacties dat veel meer waren. Uiteindelijk ook gewoon te lang.

Het is gewoon allemaal net niet, terwijl er veel meer in had kunnen zitten. 3,5*

Samaria (2004)

Alternatieve titel: Samaritan Girl

Dit was destijds een van de eerste films van Kim Ki-duk die ik heb gezien en destijds een schot in de roos. Ik weet nog dat ik toen al erg onder de indruk was van de handelingen van de personages die poëtischer zijn naarmate ze onbegrijpelijker worden. Een erg mooie gedachte hoor, zo graag mensen gelukkig maken dat je zelfs jezelf weggeeft. Ik zou het niet kunnen, en ik begrijp de reactie van de vader dan ook vrijwel helemaal. Vrijwel, want het einde kan ik nog steeds niet helemaal plaatsen. Misschien kan ik nog het meeste met de beschrijving van Maxcomthrilla waar ik het alleen maar grondig mee eens kan zijn:

Net als je denkt dat de vader haar dochter heeft vermoord, prachtige droomscene overigens!, blijkt de hoop het toch te overwinnen en lijkt het leven de personages weer toe te lachen. Waarna, we daarna een fatale dreun toegediend krijgen en er een ontmanteld meisje achterblijft die wel wil, maar niet kan..... Prachtig einde.


In de loop der tijd toch wel het een en ander veranderd in mijn filmbeleving. De films van Kim Ki-duk hebben me in de Aziatische cinema getrokken vooral vanwege de boeiende personages, maar het zien van andere Aziatische films heeft me doen veranderen. Plot is steeds minder belangrijk geworden, sfeer en stijl juist belangrijker. En in stijl vind ik deze film toch wat aan de karige kant. Veel beelden zijn erg grauw, waardoor ik de film toch met een halve ster af waardeer. De personages blijven echter ook deze kijkbeurt nog steeds bijzonder boeiend, vandaar dat ik echt niet lager wil gaan dan 4*.

Kleine noot: ook in deze film duikt Satie in de soundtrack op. Werkelijk prachtig, maar ik begin het zo ongeveer als een filmcliché te ervaren. Gelukkig bleef het aandeel binnen de soundtrack beperkt!

Samehada Otoko to Momojiri Onna (1998)

Alternatieve titel: Shark Skin Man and Peach Hip Girl

Saaaai! Op Terajima met z'n bandrecorder vol teksten tijdens de overval na weinig kunnen lachen. Verder veel zitten gapen. Ben het wel eens met de kritiek dat deze film gewoon tempo mist. Jammer, want ik had er veel van verwacht van te voren. Positieve puntjes zijn de montage die behoorlijk creatief was en enkele shootouts die er gaaf uitzagen. Daar twee sterretjes voor.

San Qiang Pai An Jing Qi (2009)

Alternatieve titel: The First Gun

Deze had ik al een lange tijd op het lijstje staan en nu eindelijk gezien. Ik moet zeggen dat ik het origineel niet gezien heb, maar toch voel ik de hand van de Coens in het verhaal terug: ook deze film zit vol met onhandige dombo's. Was best vermakelijk, maar inderdaad niet echt al te grappig.

Aan het begin moet ik een beetje aan Hero denken gezien de kostuums en met het oog van de regisseur voor visuele details. Die detailopnamen verhuizen als snel naar de achtergrond, maar het blijft even goed visueel genieten gezien het kleurengebruik. Nog nooit zo mooi een woestijn gezien, en die luchten, ik kon er geen genoeg van krijgen. Gaaf ook die versnelde opnamen van de overgang van dag naar nacht. Het trucje wordt een aantal keer herhaald, maar het verveelde me geen moment. De nacht vind ik wel te donker, wat een behoorlijke smet is aangezien een groot gedeelte van de film 's nachts afspeelt. Desondanks zijn ook 's nachts de luchten werkelijk schitterend te noemen. Op het einde komen de visuele details weer meer naar voren met de pijlen die door het huis vliegen en vooral het sterven van de poltitieman.
Erg fijn. Opvallend was het vrijwel geheel ontbreken van muziek. Ik weet niet of ik dat erg moet vinden. In sommige Zhang films werkt de muziek erg versterkend, in andere films stoorde het me juist.

Een behoorlijk geslaagde film dus, met als belangrijkste minpunt de te donkere nacht. 4*.

San Taam (2007)

Alternatieve titel: Mad Detective

Na Sparrow had ik erg veel zin in meer van To. Ook dit filmpje is weer bijzonder fijn vanwege het camerawerk, waarvan wel gezegd moet worden dat het soms een beetje donker is. Maar oh wat valt het licht soms mooi. De innerlijke persoonlijkheden mogen wellicht niet geheel origineel zijn, de uitwerking was wat mij betreft perfect.

Ik moest wel een beetje denken aan Reservoir Dogs met het oor en de schietpartij op het einde, al is het hier allemaal net wat beter.

Uiteindelijk een tikkeltje minder dan Sparrow, waar de sfeer wat fijner was, maar de aandrang om meer films van To te gaan kijken is zeker niet minder geworden. 4*.

Santa Clause, The (1994)

Tijdens kerst gezien, nu tijd om er iets over te schrijven. Ik had eerder The Christmas Chronicles gezien en ik moest aan die film denken toen ik The Santa Clause zag, al zag die film er veel beter uit. De special effects in The Christmas Chronicles zagen er wel bijzonder matig uit. Verder Tim Allen waar ik niet bepaald fan van ben, een hoop kerstmeligheid en dan kom ik makkelijk op 0,5* uit.

Sarusuberi: Miss Hokusai (2015)

Alternatieve titel: Miss Hokusai

Interessant! Ik wist eigenlijk niets over het leven van Hokusai, en al helemaal niet dat hij een dochter had die ook een kunstenares was. De film is inderdaad een beetje episodisch/gefragmenteerd, wat enigszins negatief is voor de filmbeleving. Natuurlijk is het positief als je een betrouwbare biografie wilt schetsen, maar daar is hier nu ook weer geen sprake van.

Niettemin aardig om te zien. Passie voor het tekenen wordt goed geïllustreerd door de gedachte uit te dragen dat tekeningen pas echt bezield zijn als ze letterlijk tot leven kunnen komen. En natuurlijk ook aardig om de personages te zien, het wat norse hoofdpersonage voorop. Dat ze een prostitué bezocht om van haar maagdelijkheid af te komen teneinde ook mannen beter te kunnen tekenen was onverwacht overigens.

De film zit uiteindelijk tussen 3,5* en 4* in, maar vanwege het bijzondere onderwerp geef ik de film graag het voordeel van de twijfel. Een kleine 4* dus.

Sátántangó (1994)

Alternatieve titel: Satan's Tango

Toen ik voor het eerst van deze film hoorde, dacht ik: zeven uur, dat ga ik never nooit van mijn leven kijken. Vandaag dan toch gekeken na enige voorbereiding. Sowieso wilde ik de film op een zondag zien, zodat ik twee nachten van lang heb kunnen slapen, en gisteren heb ik Werckmeister Harmóniák gekeken om te kijken of de beeldtaal van Tarr me überhaupt bevalt. Was dat slecht bevallen, had ik het denk ik niet aangedurfd.

Ook Sátántangó heeft audiovisueel veel te bieden. Het zwart/wit is meestal contrastrijk, het camerawerk is strak en voelt tegelijkertijd vrij, er wordt vaak prachtig gekadreerd, en voor mijn gevoel is er meer dan in Werckmeister Harmóniák aandacht voor hypnotiserende omgevingsgeluiden zoals een tikkende klok of de wind. Met name is de scène al vroeg in de film waarin Irimias en Petrina over een straat lopen waar de wind flink met het zwerfafval speelt schitterend. Misschien mijn favoriete scène, jammer dat het zo kort duurde.

Een andere scène die ik opvallend vond was met de kat. Ik heb de woorden "het meisje en de kat" van te voren hier al een paar keer voorbij zien komen zonder te weten wat de scène inhield, en ik had er dan ook van te voren wat meer idyllische verwachtingen van. Desondanks bijzonder intrigerend, misschien wel de meest intrigerende scène uit de hele film. Niet alleen vanwege het vertoonde, maar ook omdat het een sleutelscène blijkt te zijn hoewel ik dat op het moment zelf niet besefte. Met de kat schijnt het goed afgelopen te zijn, Tarr beweert dat hij hem als huisdier genomen heeft.

Buiten de omgevingsgeluiden klinkt er ook muziek in de film (leuk ook dat de componist de rol van Irimias speelt), en met name de kerkklokken zijn fraai. In de tangoscène is de muziek erg repetitief, maar het werkt wel. Uiteindelijk prefereer ik de muziek van Werckmeister Harmóniák, met name omdat hier de strijkers ontbraken in de instrumentatie. Niet alleen daarom vind ik Werckmeister Harmóniák uiteindelijk de betere film; ook heb ik het idee dat de camera daar net wat vrijer is.

De structuur is wel interessanter dan in Werckmeister Harmóniák. Ook hier blijkt dat Van Sant door Tarr is geïnspireerd, want net als in Elephant is hier namelijk sprake van meerdere scènes die een verschillend perspectief op hetzelfde tafereel bieden. Wel een klein foutje ontdekt, in de tangoscène werd er de ene keer wel, en de andere keer geen fles met alcohol over de hoofden van andere aanwezigen uitgegoten. Het einde is enigszins onverwacht, misschien een beetje clichématig, maar het kon mij wel bevredigen.

Extreme cinema vind ik erg interessant, en met name door de lengte is dit extreem. Van te voren had ik niet verwacht de film in zeven uur en tien minuten te zien, maar ik heb hem dus bijna helemaal in één ruk gezien. Zes uur lang heeft Tarr me aan het lijntje weten te houden, het laatste uur brak het lijntje, en werd het moeilijker. Ik wijt dat toch aan dat het audiovisueel wat minder werd. Het camerawerk ervoer ik als statischer, en voor mijn gevoeld werd er ook minder sterk gebruik gemaakt van van omgevingsgeluiden. Op het moment dat de dokter de kerkklokken hoort, komt echter alles weer op de rails, wat ook helpt om de film bevredigend te laten eindigen.

Ik wil het een film nog wel eens aanrekenen als hij te lang is, en hier is de film niet alleen binnen een scène repetitief, maar ook globaal gezien. Meerdere scènes laten taferelen in de regen zien bijvoorbeeld. Omdat dit allemaal hier juist bijdraagt aan de sfeer en de beleving, wil ik er niets voor aftrekken. Sterker nog, ik vind het ook erg sterk als een film je zeven uur lang weet te boeien en was juist van plan er een halfje bij te doen als de film daarin zou slagen. Dat is niet helemaal gelukt, dus geen uiteindelijk noch bonus- noch strafpunten. De interesse in het verdere oeuvre van Tarr is echter groter geworden, net als de zin om een aantal films van Van Sant te herzien. En misschien durf ik het ook aan om eens wat van Lav Diaz te zien, een naam die ik hier langs heb zien komen, en die nog langer films schijnt te maken. Met in het achterhoofd dat ik Werckmeister Harmóniák uiteindelijk iets sterker vond, krijgt Sátántangó uiteindelijk 3,5*.

Saturday Night Fever (1977)

Dit was een stuk anders dan wat ik ervan verwacht had zo rauw als de karakters in deze film zijn. Meer in de lijn van Grease, die ook niet geheel onschuldig is, maar toch stukken onschuldiger. Ik begrijp dat men in de tijd dat deze film uit kwam compleet idolaat van het hoofdpersonage Tony was; men moet onder eenzelfde soort hypnose geweest zijn als de vrouwen in deze film, want wat een ongelofelijke eikel is hij. De racistische en homofobe pejoratieven vliegen ons om de oren, Tony is zwaar onbeschoft naar zijn ouders, hij scheldt een Annette die net verkracht is door zijn vrienden (waar hij getuige van was) uit voor "cunt", hij doet zelf een poging tot verkrachting van zijn danspartner Stephanie, maar zij vergeeft hem als hij de volgende dag excuses komt aanbieden zonder ook maar gewag te maken van de dood van een vriend van hem die in een wanhoopssituatie zat, maar die volledig door hem genegeerd werd, en uiteindelijk in een situatie die tussen zelfmoord en een ongeluk inzit om het leven komt. Het is voor mij maar moeilijk te bevatten hoe idolaat men was. Blijkbaar kom je met goed uiterlijk en dansvaardigheden met een hoop weg.

Eigenlijk kent deze film maar weinig sympathieke karakters. Annette lijkt me een lief persoon, maar is zo in de ban van Tony dat het pathetisch wordt. Stephanie heeft een sterker karakter dan Annette, maar bezwijkt toch voor Tony's charmes en heeft verder ook haar onhebbelijkheden zoals het onophoudelijke opscheppen over de beroemdheden die ze ontmoet. Over de vrienden van Tony zullen we het helemaal maar niet hebben.

Verder gaat deze film natuurlijk over dansen, maar de manier waarop er gefilmd is, die niet zo dynamisch is als de dansen zelf, stelt toch wat teleur. Misschien erg sterk voor die tijd, maar dit wordt tegenwoordig toch beter gedaan. De laatste dansscene van Tony en Stephanie tijdens de wedstrijd is natuurlijk ook wat slapjes qua choreografie, waar ik een overtreffende trap van de dans van de Puerto Ricanen had verwacht. Het plot mag dan wel willen dat de Puerto Ricanen de eigenlijke winnaars van de wedstrijd zijn, maar ik geloof geen moment dat dit het beste was wat Tony en Stephanie konden presteren.

De muziek weet wel het een en ander te redden. Disco is zeker niet mijn favoriete genre, maar een aantal liedjes kan ik zeker wel als guilty pleasures omschrijven. Al met al verrassend vanwege de rauwheid van het plot, waarin Travolta die overigens prima speelt, en een film hoeft geen sympathieke (hoofd)personages te hebben om goed te zijn, maar ik heb toch het gevoel dat de film Tony te makkelijk laat wegkomen, het voelt voor mij niet realistisch aan. Ik ben natuurlijk geboren in een andere tijd, en gezien de idolatrie van Tony kwam het kennelijk wel realistisch over in de tijd dat de film uitkwam, dus misschien zit ik fout, maar ik heb helaas alleen maar de beschikking over mijn eigen referentiekader. 2*.

Saveurs du Palais, Les (2012)

Alternatieve titel: Haute Cuisine

Een biografische film over iemand die nou niet bepaald interessant is en de gebeurtenissen in de film zijn verder ook niet erg bijster interessant. Ze heeft te maken met tegenwerking van mannelijke chefs; op een gegeven moment krijgt ze te maken met bureaucratie en dan was het leuk geweest als ze bijvoorbeeld op een slimme manier daarmee om was gegaan maar net als ieder normaal mens haakt ze op een gegeven moment af.

Wat de film uiteindelijk nog wel enigszins redt is de prestatie van Frot, die wel degelijk veel charisma heeft. En verder wordt het eten redelijk smaakvol in beeld gebracht. Maar ik verwacht toch meer. 2*.

Saw (2004)

Het moet ongeveer een jaar na het uitkomen van deze film zijn geweest dat ik niet kon slapen, uit verveling deze film ben gaan kijken, om vervolgens al helemaal niet meer te kunnen slapen. Wat vond ik dit ontzettend sadistisch, en wat was ik verrast door het plot.

Bij herziening snap ik nog steeds waarom deze film zo'n impact op me had, maar gezegd moet worden dat de impact nu wel stukken minder is dan die eerste keer. Als je het verhaal al kent, gaat dat bij deze film toch echt ten koste van de beleving. Niettemin weet het plot nog steeds te boeien en zit het gewoon ook erg interessant in elkaar.

Ook op andere vlakken interessant, met name wat betreft de filmische aspecten. Vooral een fijne montage die af en toe bijhoorlijk hyperactief is, wat sowieso altijd wel fijn is, maar ook heel erg bijdraagt aan de opgefokte en wanhopige sfeer van de betreffende scènes.

Ik gok zo dat ik de film na de eerste kijkbeurt een ster hoger had gewaardeerd dan nu, de film mikt nu eenmaal duidelijk op een spectaculaire ontknoping die bij een eerste kijkbeurt meer impact heeft. Desondanks biedt de film meer dan genoeg op andere vlakken. 3,5*.

Saya-zamurai (2010)

Alternatieve titel: Scabbard Samurai

Ik had al wel het idee dat het moeilijk zou zijn om Symbol te evenaren, laat staan te overtreffen, maar toch viel dit best wel tegen. De film begint erg sterk met de scènes waarin de hoofdpersoon aangevallen wordt, ziet er stilistisch erg goed uit, maar daarna zakt de film ver terug. Het ziet er wel allemaal verzorgt uit, maar speciaal is het niet.

Ik kon ook niet zeggen dat ik het echt grappig vond, al kan dat ook gezegd worden van Symbol. Echter, die film heeft als grote kracht het constante "what the fuck" gevoel wat hier totaal lijkt te ontbreken.Het voelt allemaal veel conventioneler aan in vergelijking met Matsumoto's vorige twee films. De taferelen hier brengen me in ieder geval niet aan het lachen, het is hooguit bij tijd en wijle aandoenlijk. Tel daar een bijzonder flauw einde bij op en ik heb na de nieuwe Shinkai en Hans Teeuwen een derde teleurstelling in korte tijd te pakken. 2,5*.

Sayonara Kabukichô (2014)

Alternatieve titel: Kabukichô Love Hotel

Pas de derde Hiroki die ik zie ondanks dat hij behoorlijk wat films op zijn naam heeft staan. Die andere twee deden me niet heel veel; wellicht dat dat het een en ander verklaart, maar deze film brengt daar wellicht verandering in.

Ook niet zo'n fan van lange films, maar ik vond deze film juist aan het begin wat stroever om vervolgens sterker te worden naarmate de tijd vorderde. Wellicht het soap effect; dat naarmate je langer aan de personages blootgesteld wordt, ze meer en meer voor je tot leven komen. Misschien was het allemaal samen niet helemaal ongeloofwaardig, zeker wat betreft die arme, arme hotelmanager die op dezelfde dag zowel zijn zus als zijn vriendin binnen ziet wandelen, wat wel erg toevallig is. Desondanks had ik toch echt het gevoel dat de personages stuk voor stuk (wat mij betreft waren het er dus niet teveel) van echt vlees en bloed waren.

In ieder geval een paar mooie momenten, zoals met de loverboy, maar vooral de scène met het Koreaanse stel in bad was werkelijk ontzettend mooi. Pijnlijk, maar ook zo ontzettend lief. Maar ook grappige momenten, hoewel ik me afvraag of ze echt zo bedoeld zijn. De hotelmanager was soms dusdanig tragisch dat het eigenlijk wel weer grappig was, met af en toe een rake opmerking van de schoonmaakster er boven op.

Cinematografisch vooral degelijk. De muziek viel op één uitzondering na niet heel erg op. Stoort dus niet, en dat is het belangrijkste. De uitzondering is natuurlijk het liedje op het einde van de vriendin van de manager. Erg mooi en kwetsbaar.

Ik ben zelf een enorm fan van de Japanse cultuur in veel aspecten; ik ben twee keer in het land geweest, heb beide keren een aantal weken rondgereisd en heb geprobeerd flink wat van de cultuur op te doen, maar een love hotel heb ik niet bezocht. Leuk om op deze manier toch een blik naar binnen te kunnen werpen; zeker als de film ook nog eens mooi en oprecht overkomt. Een dikke 4*.

Scaphandre et le Papillon, Le (2007)

Alternatieve titel: The Diving Bell and the Butterfly

Naar aanleiding van de Zomergastenaflevering met Dick Swaab gezien. Ik had niet al te hoge verwachtingen van te voren, want wordt een film vanuit het oogpunt van iemand die niet kan bewegen niet enorm saai? Had men het niet beter kunnen laten bij het boek, want is dat niet een medium dat beter geschikt is voor dit onderwerp?

Nou, dat blijkt enorm mee te vallen, want ik vond dit audiovisueel toch een behoorlijk gevarieerde film. Interessante camerastandpunten, mooie overlays en de muziek was soms poppy, maar wel aangenaam. Het onderwerp is natuurlijk erg interessant en met het meermaals opzeggen van het alfabet dreigt natuurlijk de verveling van de herhaling, maar door te variëren door middel van of geluidseffecten of visuele trucage bleef het voor mij boeiend.

Wat de hoofdpersoon overkomen is, gun je vanzelfsprekend je ergste vijand niet, maar de humor houdt de film gelukkig luchtig. Mooi zo'n moment waarbij de logopediste verontwaardigd is over een lompe grap van een telefoonmonteur over de hoofdpersoon, die vervolgens in de voice-over haar van humorloosheid beschuldigd. Maar ook vond ik het gedeelte over Lourdes aardig. Ben er nooit geweest, maar heb mijn ouders dikwijls spottend horen praten over Heilige Maria Knipperlicht. Na het zien van deze film begrijp ik wat ze ermee bedoelen . Maar toch zeker ook momenten van emotie, vooral met z'n vader.

Uiteindelijk hangt de film ergens tussen 3,5* en 4*, maar ik deel graag het laatste uit vanwege het interessante onderwerp en de wijze waarop het is uitwerkt.

Scarface (1983)

Deze film heb ik in mijn jeugd voor het eerst gezien nadat ik The Godfather had gezien en Al Pacino in een andere gangsterfilm wilde zien. Ik had destijds niet verwacht dat Tony Montana zo'n ander karakter zou zijn dan Michael Corleone. Waar de laatste hoogintelligent en beschaafd overkomt, is de eerste toch veel ruwer en onbesuisder. Ik vond deze film ook altijd een stuk minder, al vond ik de eindscène waarin Al Pacino als een haast onverslaanbare eindbaas van een computerspel acteert altijd behoorlijk spetterend.

Een tijd niet meer gezien, inmiddels is het al meer dan een jaar geleden dat ik al mijn stemmen heb verwijderd waaronder deze, dus het was wel weer eens tijd om em opnieuw te zien voor een nieuw oordeel. Toen ik vandaag mijn "Say hello to my little friend!" t-shirt dat ik ooit van mijn zus heb gekregen uit de kast haalde kon het niet anders dat die herziening ook vandaag zou komen.

Die viel niet bepaald mee. Het verhaal is me wel bekend, dus dat boeit niet echt meer, en visueel heeft de film werkelijk niets om dat op te vangen. Het lijkt alleen maar registratie. Sfeer? DIe wordt hardhandig de nek omgedraaid door de verschrikkelijke melige soundtrack. Synthesizers en drumcomputers, zo ongeveer de "instrumenten" in de hedendaagse popmuziek waar ik de grootste hekel aan heb. Bah. Coole oneliners? Op de scène waarin Pacino in bad zit te schelden op alles na, valt het wel mee. Geweld? De kettingzaag valt ook wel mee nadat ik de tandartsboor in Kitano's laatste film heb gezien. De eindscène is nog wel nog steeds geweldig, maar daar moet je dan twee uur en een kwartier op wachten. Wat mij betreft te lang.

Heeft deze film dan niets te bieden? Dat is nu ook weer niet helemaal zo, want ik vind Pacino toch echt weergaloos. Misschien is z'n rol niet al te geloofwaardig, maar hij zorgt er wel voor dat de film nog enigszins interessant blijft. Voor hem en voor de laatste scène geef ik de film een sterretje extra bovenop het minimum. 1,5*.

Scent of a Woman (1992)

Voorspelbaar en met vlagen sentimenteel, maar desondanks toch nog redelijk interessant. Dat heeft vooral te maken met het karakter van Pacino, die behoorlijk weet te intrigeren en te charmeren ondanks dat hij natuurlijk begint als een ruwe pit. Het lijkt me een personage waarbij je je niet snel verveelt ondanks dat hij soms onuitstaanbaar is. Voorspelbaarheid is ook minder belangrijk als de uitwerking maar weet te boeien. In dit geval gaat dat met name op voor de climaxscène die behoorlijk intens was. De tangoscène mocht er overigens ook wel zijn.

Pacino zet de rol over het algemeen sterk neer, maar lijkt op sommige momenten toch een beetje te schmieren. O'Donnell is er behoorlijk bleekjes bij vergeleken, wat eigenlijk ook voor zijn personage geldt. Verder leuk om een erg jonge Hoffman in deze film terug te zien. Hoe onnozel zijn personage ook is, misschien levert hij wel uiteindelijk de beste prestatie.

Visueel verder verre van bijzonder, er wordt geregistreerd, verder niets. Mede daarom blijft de film voor mij op 2,5* hangen.

Schindler's List (1993)

Ooit één keer eerder gezien en dat moet ruim twintig jaar geleden geweest zijn, maar verder om diverse redenen altijd geprobeerd de herziening te ontlopen. Eén van de redenen is dat ik bang was een sentimentele draak (zoals wel vaker bij Spielberg) te zien. Dit komt onder andere door het muzikale hoofdthema, wat ik echt een verschrikkelijke tranentrekker vind. De andere reden is dat ik gewoon niet graag naar films over de Holocaust kijk. Het is te echt, en daar kan ik niet zo goed tegen. Maar naar aanleiding van Bevrijdingsdag toch opgezet; het is goed om juist rondom deze dag stil te staan bij wat er allemaal gebeurd is.

Eerste observatie is dat tegen de verwachting in de film af en toe visueel erg mooi is. Het komt met vlagen, maar sommige scènes zijn heel fraai verlicht, waardoor er mooie zwart/wit contrasten ontstaan. Tweede observatie is dat het muzikale thema weliswaar flink gebruikt wordt, maar vooral in doorgewerkte vorm, waardoor het minder sentimenteel werkt. Dit komt het drama allemaal ten goede.

Veel indrukwekkende en tegelijk afschrikwekkende momenten in de film. De koelbloedige moorden. Het moment dat je beseft dat de sneeuw in Auschwitz geen sneeuw is. Het meisje in het rode jasje, die zo erg de aandacht trekt dat je haast niet in de gaten hebt dat er tegelijkertijd mensen gefusilleerd worden. Het moment dat je haar onherkenbaar op de lijkwagen terugziet, alleen herkenbaar aan het jasje. Sowieso de scènes met contrasten in het plot, zoals het spelen van Mozart, terwijl ondertussen massaal Joden vermoord worden. Of de scène waarin Schindler meerdere vrouwen kust terwijl ondertussen Göth zijn dienstmeid aftuigt.

Toch ook momenten van melodrama zoals de douche scène, maar ook de scène aan het einde waarin Schindler breekt. Dit komt toch een beetje over als effectbejag. Niet de enige minpuntjes. De film is wel erg lang. Verder is het taalgebruik enigszins merkwaardig, met Duitsers die Engels spreken met een licht Duits accent (gelukkig niet zo'n Duits accent als Brad Pitt in Seven Years in Tibet), maar er wordt ook regelmatig echt Duits gesproken.

Een sterke hoofdrol tenslotte voor Neeson. De man heeft charisma, en dat komt het personage ten goede. Altijd leuk om karakters in films te zien die zich door het leven bluffen, zoals in de openingsscènes te zien is. Bewonderenswaardig wordt het zodra bluf en charisma ingezet worden om mensen te redden.

Niet helemaal vrij van sentiment, maar veel minder dan verwacht. Afgezien van onder andere het muzikale hoofdthema, wordt meestal de juiste snaar geraakt. 3*.

Schwarze Insel (2021)

Alternatieve titel: Black Island

Zwak. Zowat elke moord in deze film is bijzonder slecht gepland en slaagt enkel door geluk. Alleen al de tweede: spookrijden waarbij het ongeloofwaardig is dat de lerares wist dat inderdaad de ouders de tegemoetkomende auto zouden zijn, dat ze uitwijken, vervolgens een boom raken en dan ook nog eens allebei om het leven komen. Verder wurg je niet iemand in een minuut. Het is allemaal vergezocht en dat geldt ook voor de motieven. Natuurlijk ken ik films waarbij alles nog verder gezocht is, maar die wel overtuigen. Dat is de taak van een film, niet om realisme over te brengen, maar om de kijker van een wereld binnen de film te overtuigen, ook al is die wereld niet realistisch. En deze film slaagt daar totaal niet in. 1*.

Scott Pilgrim vs. the World (2010)

Apart dat ik deze film nooit eerder heb gezien, want dit ligt toch erg in mijn straatje. Veel visueel spel bijvoorbeeld door teksten in het beeld, maar ook door de flitsende montage. Ik krijg een beetje associaties met strips door de letters in beeld; naar wat ik begrijp vormt een strip dan ook het bronmateriaal, dus dat is erg passend. Maar het doet ook een beetje aan Dead Leaves denken. Ook veel humor in de vorm van absurdistische dialogen en opmerkelijke karakters waar de laid-back hoofdpersoon slechts één van is.

De gevechten zijn erg computerspelachtig, maar op een gegeven moment (aan het einde als we bij de laatste ex aangekomen zijn), kreeg ik ook een beetje Kill Bill 1 associaties. Verder veel garagerockmuziek, wat ook wel aan mij besteed is.

Toch een paar minpunten. Hoe goed de cast ook is, er lijkt niet superveel chemie tussen de hoofdpersoon en zijn vriendin te zijn. En verder sleept het naar het einde toe. Het had korter gemogen en hoe vindingrijk de film in de eerste helft was, lijkt de tweede helft zich meer op actie te richten en dat gaat op een gegeven moment toch wat vervelen.

Maar toch overheerst na afloop vooral het gevoel dat ik niet begrijp dat ik deze film niet eerder heb gezien. 4*.

Scream (1996)

Gezien toen ik nog een brugpieper was. Toen veel indrukwekkender dan nu. Ik begrijp wel wat Craven wil doen, originaliteit vinden door alle clichés op een rijtje te zetten en vervolgens daar op het einde van af te wijken. Maar de uitvoering is om te huilen. Geen moment is de film echt spannend en het acteerwerk is belabberd, met name de dader die niet het vriendje is van de hoofdpersone is. De conclusie wist ik nog wel, twee daders waarvan één de vriendje van de hoofdpersoon is. Ik wist alleen niet meer precies wie de andere was. Dat vriendje was verder ook wel echt een zak met zijn emotionele manipulaties.

Al met al niet veel waard. 0,5*.

Scuola Cattolica, La (2021)

Alternatieve titel: The Catholic School

Ik had bij deze titel iets anders verwacht, meer seksuele spanning en meer betrokkenheid van de clerus. Wat we echter krijgen is een film met zoveel personages dat ik geen idee kreeg wie nou wie was, wie überhaupt een hoofdpersoon is en wie niet. Verder een warrig verhaal, wat nergens naar toe lijkt te gaan totdat er ineens twee meisjes ontvoerd en gemarteld worden. Als film totaal mislukt en ook dit verhaal verdient zoveel beter. 0,5*.

Se Busca Papá (2020)

Alternatieve titel: Dad Wanted

Slecht. Ik begrijp dat het verliezen van je vader een enorme impact heeft, maar dat is geen excuus voor de hoofdpersone om een verwend nest te zijn, en moeder moet ook nodig naar de psycholoog, want ze lijkt me door haar trauma niet bepaald een opvoedkundig wonder. Het uitgangspunt voelt dus enigszins geforceerd aan. De verdere uitwerking valt natuurlijk te voorspellen. En natuurlijk is er een speech van de nep-vader aan de moeder met als doel haar te overtuigen. Aan de verschrikkelijk dik aangezette muziek kan je al horen dat dat zal lukken en dat ergert me enorm. Tot slot de wedstrijd waar de hoofdpersone net voor de finishlijn omkeert om een vriend die niet al te hard gevallen is op te rapen. Wat is dit nu weer voor onzin? Kortom, dit is drie keer niets. 0,5*.

Se7en (1995)

Alternatieve titel: Seven

Weer eens herzien, maar deze film lijdt toch een beetje aan hetzelfde euvel als bijvoorbeeld The Usual Suspects: de tweede keer is de verrassing er toch wel vanaf. Toch anders dan bij bijvoorbeeld Fight Club.

Die laatste film is van dezelfde regisseur en dan is het ook logisch een vergelijk te trekken. Ik heb bij Fight Club geschreven dat ik die film audiovisueel niet eens heel bijzonder vond. Nochtans staat me bij dat daar op dat vlak toch meer gebeurde. Afgezien van de openingscredits vond ik Se7en namelijk visueel verre van bijzonder, en de soundtrack werkt weinig subtiel. Je hoort nogal duidelijk wanneer je het spannend moet vinden.

De motivatie achter en uitwerking van de moorden is ingenieus, maar meer niet. De meeste seriemoordenfilms kennen een moordenaar met een ongebruikelijke motivatie. De moordenaar hier heeft weliswaar wat meer diepgang dan elders, maar echt veel meerwaarde geeft dat de film niet wat mij betreft. Ik besef overigens dat de meesten hier anders over denken.

Wat acteerwerk en karakters betreft doet Paltrow het niet onverdienstelijk. Freeman speelt zoals gebruikelijk de oudere wijze man, en Pitt de vlotte jongen. Z'n personage komt op mij niet heel erg sympathiek over, met name omdat hij nogal z'n emoties laat gaan, wat ten koste gaat van z'n professionaliteit, terwijl hij wel het idee heeft dat hij "er al is". Beste rol is voor Spacey, blijft een geweldige acteur. Jammer dat hij hier maar relatief kort te zien is.

Eindconclusie: een thriller die weliswaar een wat slimmere seriemoordenaar kent dan normaal, maar verder niet veel meer te bieden heeft. 2*.

Second Opinion (2018)

Alternatieve titel: Prescription for Danger

Inderdaad om snel te vergeten. De enige spanning die in deze film zit, is afkomstig omdat het bij voorbaat duidelijk is dat de mannelijke hoofdpersoon zo fout als het maar kan zijn is en het meer de vraag is wat hij gaat doen, dan of hij werkelijk fout is. Het verloop is zeer onwaarschijnlijk en de ontknoping is een zware anticlimax. Om links te laten liggen. 0,5*.

Secret in Their Eyes (2015)

Degelijk. Het plot is redelijk boeiend met een onverwachte en interessante ontknoping. De film moet het wel voornamelijk van het plot hebben; visueel vond ik het nou niet heel erg bijzonder. Uiteindelijk een film die doet wat het doen moet, maar zeker niet meer. 2,5*.

Secret Life of Walter Mitty, The (2013)

Erg leuk. Het eerste dat gaaf is dat de hoofdpersoon bij LIFE werkt. Sinds enige tijd ben ik bezig met (amateur)fotografie. Om die reden heb ik vorig jaar een boek gekocht met daarin de beste foto's van LIFE. Er staan werkelijk prachtige en intrigerende foto's in; geen moment spijt van de koop. En dan is het extra leuk om een film te zien waarin het werken bij LIFE een belangrijke rol speelt.

Verder Stillers meest serieuze film. Geen slapstick en flauwigheden meer; desondanks is het zeker geen zware kost. Het hoofdpersonage droomt graag weg, waarbij hij fantaseert over hoe hij z'n problemen het liefste te lijf zou gaan: met daadkracht en heldhaftig. Het komt allemaal erg herkenbaar over.

De reis die hij maakt leidt tot veel mooie omgevingsbeelden. Sowieso een film die er visueel erg netjes uitziet. Enkel de special effects zien er niet helemaal overtuigend uit, maar dat is niet heel erg, vooral omdat ze pas uit de kast getrokken worden op het moment dat de hoofdpersoon aan het dagdromen is, en in dromen ziet de werkelijkheid er sowieso net wat anders uit.

De vrouwelijke hoofdrol is geen supermodel, maar is wel prettig om te zien. Ik moet zeggen, dat ze geen supermodel is komt juist erg fris op me over. Het voelt wat meer aan alsof het over echte mensen gaat. Verder doet Stiller het aardig, en is het leuk om juist vandaag een film met Penn te zien, die nu in het nieuws is omdat hij een Mexicaanse drugsbaron heeft geïnterviewd.

Samenvattend is het een fijne feelgoodfilm met mooie beelden. Niets meer, maar zeker ook niets minder. 4*.

Secret Obsession (2019)

Dat was wel heel erg slecht. Uiterst voorspelbaar en onzinnig met een flinterdun plot. Natuurlijk is meteen al duidelijk dat de echtgenoot niet de echtgenoot is. In de echte wereld negeert de politie je wegens tijdgebrek als je meldt dat je gestalkt wordt, maar dat is hier geen probleem, want de rechercheur zet zich vast in een zaak zonder duidelijke aanknopingspunten. Een verdwenen dochter moet zijn betrokkenheid verklaren, maar overtuigend is dat niet. Het matige acteerwerk maakt het plaatje van een flutfilm af. Ik heb werkelijk niets positiefs over deze film te melden. 0,5*.