• 15.735 nieuwsartikelen
  • 177.873 films
  • 12.196 series
  • 33.962 seizoenen
  • 646.802 acteurs
  • 198.941 gebruikers
  • 9.369.485 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Chainsaw als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Hachi: A Dog's Tale (2009)

Alternatieve titel: Hachiko: A Dog's Story

Tja, elke hondenliefhebber zal bij deze film al snel verkocht zijn. Ikzelf ook. Slechts één blik richting Hachi als pup en je kunt je stoere mannelijkheid gedag zeggen. Heb met veel plezier gekeken naar deze verfilming van een tof verhaal over een überschattige hond en met een mooie rol van Gere. Verder ligt het er allemaal soms wel erg dik bovenop, de muziek en de slowmotion her en der doen het glazuur op de tanden niet altijd even goed. Het had allemaal volgens mij ook wel iets korter en scherper gekund, maar uiteindelijk doet de film wat hij moet doen. En zal menig kijker met natte oogleden achterlaten. Wat dat betreft weet Lasse Hallström precies wat hij doet.

3,5 sterren.

Hacksaw Ridge (2016)

Hacksaw Ridge; matig eerste uur, zeer indrukwekkend tweede deel en een ietwat karig slot.

Vooropgesteld is het verhaal van de echte Desmond T. Doss uiterst bijzonder. Het is daarom jammer dat Hacksaw Ridge het eerste uur níets bijzonders laat zien, maar enkel laat zien wat we al zo vaak zagen. Het eerste uur lijkt te bestaan uit een hoop opvulling; buitenbeentje met alcoholische vader ontmoet meisje en wordt verliefd. Het doet er opvallend weinig toe, want pas als Doss zijn training begint, leren we Doss en zijn principes kennen. Hij wil namelijk geen wapen aanraken. Of dit principe nu voortkomt uit dat gevecht dat hij had met zijn broertje of dat moment dat hij zijn vader in een dronken bui met pistool stopte is onduidelijk, dus geen idee waarom we daar zoveel tijd aan kwijt moesten zijn).

Ook tijdens de training moet Gibson alles volgens het boekje doen. Op de meest inspiratieloze wijze ooit krijgt Doss de bekende typetjes voorgesteld, die allemaal toevallig precies doen wat hun personage kenmerkt. "Zie je hem? Dat is soldaat Jack. Hij gooit met messen. En zie je hem? Dat is soldaat John. Hij mag jou niet en is zonder aanleiding jouw rivaal, maar je weet nu al dat hij aan het einde van de film gaat zeggen dat hij zich in je vergist heeft". Vermoeiend tafereel voor filmmakers die te lui zijn om even iets anders te bedenken. Niet veel later komt wandelend cliché nummer 50 - de schreeuwende sergeant - binnengestormd en het is ditmaal even wennen, want men besloot Vince Vaughn te casten. Niets tegen acteurs die eens een andere rol proberen, maar het blijft moeilijk Vaughn serieus te nemen. Hij doet het niet eens heel slecht, maar het blijft een vreemde keuze. En eerlijk is eerlijk; Vaugn is geen R. Lee Ermey.

De strijd en het doorzettingsvermogen van Doss tijdens deze training is een lichtpuntje in het eerste uur en duurt helaas veel te kort. Garfield speelt zijn rol als naïeve en optimistische soldaat overtuigend. Dan start het tweede deel van de film en breekt de hel letterlijk en figuurlijk los. Er volgt een aangrijpende, overtuigende en meedogenloze reeks sequenties, die uiterst sterk in beeld zijn gebracht. Iedereen die net als ik onderuit was gezakt tijdens het eerste uur, wordt nu rechtop gezet en door Gibson naar het puntje van je stoel geschoven. Je wil net als de personages uit die verschrikkelijke situatie en je hoopt vooral dat de sympathieke Doss eruit komt. Enkel jammer dat helemaal aan het begin van de film men al liet zien dat Doss werd gered op een brandcard bij daglicht, vrij bespottelijke keuze! Maar verder niets op deze ijzersterke actie aan te merken.

Dat het einde uiteindelijk wat teleurstellend is, komt vooral omdat de film zijn hoogtepunt qua spanning al gehad heeft. De groep gaat nogmaals naar boven en ditmaal volgt er een soort montage waarin uiteindelijk de vijand wordt verslagen. De meerwaarde ontgaat mij een beetje, vond het wat underwhelming naast het tweede deel van de film.. Uiteindelijk is Hacksaw Ridge een verzorgde film, met een regisseur die goed uit de voeten kan met actie en spanning en dat ook op een waanzinnige manier laat zien, maar een script in handen heeft die alles tot vervelends toe volgens het boekje moet doen.

3,5 sterren.

Halloween (1978)

Alternatieve titel: John Carpenter's Halloween

Een klassieker opnieuw kijken is altijd spannend, want vaak genoeg zijn films die in je hoofd zitten als 'groot meesterwerk' toch niet zo grandioos als je dacht. Ik had het niet zo lang geleden nog met Dawn of the Dead en The Exorcist. En eerlijk is eerlijk, ook bij de vertoning van de originele Halloween zag ik geen meesterwerk. Dat de film veel goed doet - en ook enorm belangrijk was voor het genre - staat buiten kijf, maar lang niet alles aan Halloween is een schot in de roos.

Wat wél werkt in Halloween is Michael Myers, een fijne verschijning waar je gelukkig totaal niets van te weten komt; dat maakt het personage eng. Maar niet alleen het emotieloze William Shatner masker zorgt daarvoor, het is vooral het personage van Dr. Loomis (een sterke rol van Donald Pleasence) die zorgt dat Michael dreigend wordt. Loomis is er vooral om steevast te benadrukken dat we hier te maken hebben met het pure kwaad. We weten gelukkig niet hoe, wat en waarom (iets dat de vervolgfilms en remake wel uitleggen), maar we weten al vrij snel dat er iets goed mis is. De aanpak van John Carpenter om Michael overal te laten verschijnen en alleen maar te laten kijken is sterk. Enkel jammer dat elke keer dat Michael ergens opduikt er een geluidseffect wordt ingezet; waarschijnlijk was de film nog effectiever als het op sommige punten dodelijk stil blijft. Want hoe goed en memorabel de soundtrack van Carpenter zelf ook is, al die muzikale cues als Myers weer ergens verschijnt zijn iets teveel van het goede. Deze mysterieuze verschijning die enkel toekijkt tussen het wasgoed is effectief en sterk genoeg.

Een groot deel van de film bestaat uit Michael die ergens verschijnt, verdwijnt en later weer opduikt. Verder heeft de film echter niet heel veel te bieden, waardoor we veelal drie vrouwelijke personages volgen. Wat zij doen is echter vaak behoorlijk oninteressant. Annie staat te koken, laat boter op haar kleren vallen, kleedt zich helemaal uit, moet naar een washok en komt daar ergens vast te zitten in een raam. Dit alles wordt volledig uitgespeeld. Hetzelfde geldt voor Jamie Lee Curtis, die later op zoek gaat naar haar vriendinnen. Spanningsopbouw is één ding, maar minutenlang iemand in een donker huis laten rondlopen begint gaandeweg wel te vervelen. De hoofdfiguren zijn ook niet echt interessant en het spel van de dames is niet overal echt denderend. Curtis is op zich prima in haar rol, maar de manier waarop ze rond de climax bij een voordeur "The keys! Oh, the keys!" staat te jammeren is wel erg sullig. Geef me dan maar Pleasence met een intrigerende monoloog over Michael en zijn lege duivelsogen. Dát is acteren.

Zo slaat de film qua toon af en toe wel eens de plank mis. Op zich is een scène waarin Annie in de auto wordt gewurgd interessant, maar als zeal scheel kijkend neervalt wordt het een beetje bespottelijk. Ook de scène waarin Michael als spook met bril verkleedt gaat, is inmiddels een iconisch beeld, maar het past niet bij het personage; waarom zou hij de moeite doen om zich te verkleden als spook? De climax van de film stelt gelukkig niet teleur. En zo zijn er gelukkig genoeg dingen die Halloween zeker de moeite waard maken; de film is fantastisch geschoten, er wordt heel veel gedaan met een enorm klein budget en zaken als de muziek, het personage Myers en de filmposter blijven fenomenaal. De film is naast één van de eerste ook kwalitatief beter dan een hoop slashers, maar het is ook verre van de beste horrorfilm die ooit is gemaakt.

3,5 sterren.

Halloween (2007)

Alternatieve titel: Rob Zombie's Halloween

Na lange tijd eindelijk voor het eerst eens góed naar deze remake van John Carpenter's Halloween kunnen kijken. Door een slechte DVD uitgave destijds zag je namelijk nauwelijks iets van het laatste half uur. En ik wil Rob Zombie toch ook wel een tweede kans geven. Want ik was vrij enthousiast toen ik hoorde dat deze man de remake van Halloween op zijn bordje ging nemen. De man die met The Devil’s Rejects één van de betere horrorfilms sinds jaren heeft gemaakt zou één van de meest iconische horrorfiguren nieuw leven in gaan blazen. En dat nieuwe leven had Myers na The Curse of Michael Myers en Halloween: Resurrection ook echt wel nodig.

Helaas kon ook deze tweede kijkbeurt mij amper op andere gedachten brengen, nog steeds blijft het maar een matige film die Rob Zombie hier aflevert. De eerste helft van de film is eigenlijk een prequel, waarbij Zombie wat mij betreft de plank flink misslaat. Met de pestkoppen op school, de over-the-top agressieve stiefvader aan de drank en de strippende en toch zorgzame moeder; de clichés denderen als een sneltrein voorbij. En enger maak je Michael Myers er ook niet mee. Dan toch liever het origineel, waar de beweegredenen van Michael volkomen geheimzinnig blijven. Bij Zombie's visie krijg je als kijker bijna het gevoel van ‘tja, dat had ik in die situatie waarschijnlijk ook gedaan’. Moeten we meeleven met Michael Myers?

Maar niet alleen het eerste half uurtje is voorzien van een hoop eendimensionale en clichématige karakters. Personages als die zuster en haar rotopmerking, die vervolgens met haar rug naar hem toe een krantje gaat zitten lezen was simpelweg belachelijk. En net als je denkt dat dat het toppunt van bespottelijkheid was en het in ieder geval niet nóg erger kan, krijg je die twee heikneuters, die dat meisje willen verkrachten in de cel van Myers. Zelden zo’n slechte scène gezien, had toch wel een wat betere ontsnapping van Myers willen zien. Overigens bestaat die wel, een alternatieve scène waarin Myers door vier agenten wordt begeleid en daar ontsnapt. Veel betere scène, als je het mij vraagt. Maar veel slechter kon het ook niet.

En dan komt het laatste half uur, een deel waar ik door de slechte uitvoering van de DVD dus nauwelijks iets van heb meegekregen. En toch blijkt dat ik niet veel heb gemist. Ook hier huppelen en schreeuwen de eendimensionale personages maar wat rond, terwijl Michael Myers alles behalve eng is. Myers komt een huis binnen stormen, begint met zijn mes in het wilde weg te steken en einde scène. Op naar de volgende. Iets voelen voor de karakters is vrijwel onmogelijk, want met wie zou je moeten meeleven? Het antwoord zou in principe Laurie Strode moeten zijn. Ware het niet dat Laurie in Zombie’s Halloween echt bijzonder nietszeggend is geworden. Zelden zie je een actrice met zo weinig charisma. En dat voor zo’n grote rol, lijkt me niet de bedoeling. Was het dan toch de bedoeling van Zombie dat we met Myers zouden gaan meeleven?

Wat betreft de rest van de cast, Zombie heeft veel geweldige acteurs aangetrokken. Alleen is bijna geen één van hen op zijn plaats. Persoonlijk vond ik het heerlijk om in The Devil’s Rejects zoveel bekende koppen uit de horrorwereld voorbij te zien komen, maar hier voelt het gewoon geforceerd aan. Alsof Zombie verplicht was alle acteurs uit zijn vorige twee films een rol te geven. Want ik zie graag een Moseley, Towles, Foree of Haig in een film, maar dan moeten ze meer doen dan enkel afleiding zijn van het verhaal. Enkel Dourif en McDowell waren vrij goed op hun plek en leverden als sheriff Brackett en Sam Loomis de beste scènes. Evenals in het vervolg, overigens.

Al met al dus een grote tegenvaller, zelfs bij een tweede kijkbeurt. Hier en daar zitten een paar sfeervolle momenten, een vrij aardige soundtrack (die veelal overeenkomt met het origineel) en een handjevol aardige momenten met Myers. Toch heb ik niet veel met Zombie’s visie van Myers; zo’n uit de kluiten gewassen (en soms zelfs grommend) beest dat maar tekeer gaat op zijn slachtoffers. Maar diep van binnen een gevoelig jongetje blijkt te zijn met vooral liefde voor zijn moeder. Nu ik er zo over nadenk … had Zombie niet gewoon de verkeerde horroricoon voor ogen?

2 sterren blijven staan.

Halloween (2018)

De Halloween franchise is een zooitje. Deze film is alweer de vijfde continuïteit. Na een baanbrekende slasher en een middelmatig vervolg kwam een totaal andere film zonder Michael Myers. Vervolgens werden er drie matige films gemaakt rondom een Thorn vloek, waarna de film in 1998 een vervolg kreeg die alle films behalve de eerste twee negeerde. Vervolgens werd Halloween: H20 opgevolgd door een bespottelijke film met Busta Rhymes en dus mocht Rob Zombie een nieuwe versie maken. En flink wat jaren na Rob Zombie's Halloween II werd dit nieuwe deel gemaakt, ditmaal een direct vervolg op het origineel en wederom met Jamie Lee Curtis; deze keer 40 jaar na het origineel. Ergens overzichtelijk; je hoeft enkel de eerste film gezien te hebben voor dit vervolg. Maar voor mensen die de gehele serie volgen is dit de zoveelste herstart van een serie. En ook de titel van de film maakt het er allemaal niet duidelijker op, want dit is de derde film in de Halloween serie, die simpelweg 'Halloween' heet, ook al is het een vervolg. Gevalletje The Thing uit 2011.

Deze Halloween breekt momenteel talloze records en de verhalen gaan al rond dat het tijd is om meer grote namen uit de slashers nieuw leven in te blazen. Het is ook op precies hetzelfde moment dat Robert Englund even terugkeerde als Freddy in de sitcom van The Goldbergs. Maar is deze Halloween echt een baanbrekende, innovatieve film? Nee, zeker niet. De film is - zoals verwacht - vooral een ode aan die eerste film. En dat doet Halloween niet slecht; de film zit bomvol verwijzingen en knipogen. Niet alleen naar de eerste film, ook naar andere delen in de serie. Er zit zelfs een leuke knipoog in naar één van de leukste sequels uit de reeks; Season of the Witch. Verder is de film een soort The Force Awakens voor horrorliefhebbers; oorspronkelijke castleden keren terug, hoe klein de rol ook; zo heeft de oorspronkelijke Shape Nick Castle zelfs een cameo ergens als Michael Myers. Het is duidelijk dat fans ditmaal aan het roer staan en dat de film met liefde is gemaakt.

De positieve kant? Halloween bevat een paar sterke sequenties en scènes, zoals we ze lang niet meer zagen in de Halloween serie. Michael Myers is weer oprecht een mysterieus figuur, hij blijft een geheimzinnig figuur waar we niets over te weten komen. In een paar mooie lange shots zien we hem rondlopen in Haddonfield. Deze momenten tonen een meedogenloze killer. In de film lopen een reeks inwisselbare tieners, maar erg vervelend zijn ze gelukkig niet. De personages zijn niet memorabel, maar allemaal net iets kleurrijker dan de vorige delen te bieden hadden. Want eerlijk is eerlijk, zelfs het origineel moest het nu niet bepaald hebben van zeer boeiend slachtvee. De toevoeging van Jamie Lee Curtis is ook sterk, ook al staat ze nu gelijk aan Donald Pleasence in de hoeveelheid sequels ze is verschenen, we zijn haar nog niet zat. Haar personage is hier ook een stuk interessanter dan de Laurie Strode die we in Halloween H20 zagen. Ze is een soort Sarah Connor uit Terminator 2 geworden en dat is geen slechte keuze geweest.

Minder sterk is de toevoeging van 'de nieuwe Loomis'. Deze dokter is in de meeste scènes waarin hij zit zelfs vervelend, vooral omdat hij een te grote rol heeft voor een personage dat we nooit eerder zagen. Het drama rondom Laurie, haar dochter en kleindochter is niet overal even sterk, maar het is altijd nog beter dan het gebeuren rondom deze dokter Sartain. Verder is Halloween een leuke sequel met veel odes, maar vernieuwend is het allemaal niet. De film gaat net wat stappen verder dan het origineel qua gore en scares, maar is subtiel in vergelijking met de lawaaierige delen van Rob Zombie. Prima toon, maar het maakt deze Halloween ook een prima middenmoot. Liefhebbers van het genre kunnen er prima van genieten. Maar in een tijd waarin horrorfilms steeds innovatiever, creatiever en hoogstaander worden, is Halloween gewoon een slasher geworden voor tussendoor. Niets minder, maar helaas ook niets meer.

3,5 sterren.

Halloween 4: The Return of Michael Myers (1988)

Alternatieve titel: Halloween 4

Halloween 4: The Return of Michael Myers blijft één van de beste vervolgfilms uit de Halloween reeks. Dat is op zich geen enorm compliment, want de Halloween filmserie bestaat uit een hele hoop cinematografische drollen. Maar Halloween 4 van Dwight H. Little is oprecht zo slecht nog niet. De film kwam zes jaar na Halloween 3, een film waar fans destijds boos over waren, omdat hun favoriete William Shatner-masker dragende seriemoordenaar ontbrak. Inmiddels heeft Halloween 3 volkomen terecht veel liefhebbers gevonden, maar destijds werd de film intens gehaat en waren fans blij om na zeven jaar Michael Myers weer terug te zien. Dit deel kwam in een tijd dat collega’s Jason en Freddy op hun hoogtepunt zaten en eigenlijk stiekem al een beetje aan hun retour begonnen. Ook bij Michael zou na deze film snel zijn aftakeling beginnen. Er begonnen duidelijk flinke deuken te ontstaan in het jaren terug zó populaire slashergenre.

Halloween 4 gaat verder waar Halloween 2 ophield. Het enige logische personage dat zou kunnen terugkeren is Laurie Strode en laat dat nu net degene zijn die níet terugkeert. Wel zien we haar gezicht even, want haar dochtertje Jamie Lloyd heeft schijnbaar een productiefoto van de eerste Halloween van haar in bezit. Wel terug zijn uiteraard Myers - voor wie dat nog niet door had gezien de titel van de film - en ook Donald Pleasence. Beide hebben hier en daar wat brandwonden en Pleasence loopt even met een stok. Maar logisch of niet, het is wel een zegen dat Pleasence terug is. In tegenstelling tot zijn wat matige spel in Halloween 2 speelt hij hier een opvallend fijne rol. Iets minder schreeuwerig, maar iets meer emotie. Loomis is een fijn personage; hij is heldhaftig, kan enorm dramatisch en theatraal doen en is af en toe gewoon een gekkie. Telkens als hij op het scherm verschijnt, vraagt hij alle aandacht.

Het andere gekkie dat terugkeert is iets minder op z’n plek. Was hij in de eerste film nog vooral een schaduw dat ergens stond, in Halloween 2 werd hij al actiever. In Halloween 4 zien we Michael nog iets meer doen en dan blijkt dat hoe meer hij doet, hoe minder eng het personage wordt. Ik snap ook wel dat hij niet de gehele film enkel ergens kan staan, maar een stilstaande Michael is toch echt enger dan een actieve Michael. Wat ook niet helpt is dat hij ditmaal een enorm lelijke variant van het bekende masker draagt. En het feit dat hij overduidelijke schoudervulling onder zijn overall aan heeft maakt ‘m er ook niet minder sullig op. Eigenlijk werken de scènes waarin Michael zijn masker nog niet heeft juist het beste. Overigens best geestig dat je in Haddonfield het masker van een grote seriemoordenaar gewoon in de winkels kan kopen. Maar goed, ook weer niet zo heel gek voor een stadje waarin pestkoppen op school kleine Danielle Harris pesten met teksten als “jij bent een weeskind! Jamie is een weeskind!”

Danielle Harris doet het overigens uitstekend als de kleine Jamie Lloyd. Ze speelt een sterke rol en wordt goed bijgestaan door Ellie Cornell. En eerlijk is eerlijk, ook de rest van de cast doet het eigenlijk prima, van Beau Starr als de sheriff tot Carmen Filpi als de dronken priester die Loomis een lift geeft. Qua script is Halloween 4 niet veel bijzonders. Sterker nog, de film is in grote lijnen hetzelfde als de eerste film. Je zou de film zelfs als een mini-reboot kunnen zien. Wederom ontsnapt Michael Myers om een jongedame te stalken in Haddonfield tijdens Halloween en gaat Dr Loomis met een sheriff achter hem aan. Het script geeft ons eigenlijk amper iets nieuws, dus veel meer dan een fijne typische slasher hoef je niet echt te verwachten. Enkel het einde blijf ik erg sterk vinden, evenals de enorm sfeervolle opening van de film. Het einde werd door Halloween 5 trouwens volkomen genegeerd, want stel je voor dat we voortborduren op iets interessants. Nee, baanbrekend is Halloween 4 misschien niet, maar vergeleken met wat erna komt in de serie, is het een bijzonder aangename film.

3 flinke sterren.

Halloween 5 (1989)

Alternatieve titel: Halloween 5: The Revenge of Michael Myers

Er zat maar liefst zes jaar tussen Halloween 3 en 4 (en met een zeven jaar durende afwezigheid van Michael Myers), wat praktisch levenslang is in de wereld van de ‘slashervervolgfilms’. Wat dat betreft doet Halloween 5 het meer zoals we het kennen: méteen na deel 4 werd vliegensvlug een volgende film uitgepoept. Nu is Halloween 4: The Return of Michael Myers geenszins een meesterwerk, maar er is kwalitatief wel duidelijk een verschil zichtbaar tussen deel 4 en 5. Bepaalde personages uit de vorige film keren terug, maar krijgen opvallend weinig te doen. Zo moeten Ellie Cornell en Beau Starr het doen met enorm karige rollen. Zij maken plaats voor een scala aan verschrikkelijke personages. Ik moet de eerste persoon nog ontmoeten bij wie Tina niet het bloed onder de nagels vandaan wist te trekken. Ze zorgt voor een hoop lawaai in een sowieso lawaaierige film.

Niet alleen de nieuwkomers zorgen daarvoor, ook een Donald Pleasence is vooral aan het schreeuwen tegen de - inmiddels stomme - Danielle Harris. Die laatste speelt nog steeds een sterke rol, maar Pleasence is maar matig in vergelijking met zijn optreden in de vierde film. Alsnog kijk ik liever anderhalf uur naar een matige Pleasence dan ook maar een paar minuten naar één van die inwisselbare, vervelende tieners. Deze bordkartonnen geilneven zijn er puur om afgemaakt te worden door Myers, die er wederom nogal sullig uitziet, met die enorme nekflappen óver zijn overal heen getrokken. Maar goed, hij is nog niet zo sullig als die twee politieagenten, waarbij zelfs tekenfilmgeluidseffecten klinken als ze aan komen lopen. Verwacht verder ook geen bloedbad, de film lijkt flink gecensureerd qua gore. En daar wordt de film er nu niet bepaald minder suf en saai van. Men probeert de boel nog wat interessant te maken met ‘de man in het zwart’, waarvan níemand wist wat dit personage ermee te maken had. Dat mochten ze lekker bedenken in het vervolg, dat wederom weer een paar jaar op zich liet wachten.

2 sterren.

Halloween H20: 20 Years Later (1998)

Alternatieve titel: Halloween: H20

Het is begrijpelijk dat men voor een soort reboot koos na de rotzooi die The Curse of Michael Myers heette. Het hele slashergenre was eigenlijk dood in de jaren 90, dus toen Scream verscheen, kwam alles weer tot leven. En dus moest Halloween ook in zo'n jasje worden gestoken. En dus werd er een Scream variant van Halloween gemaakt en zelfs Kevin Williamson werd aangehaald om de boel een beetje te maken zoals zijn grote hit. De vorige films werden genegeerd, Jamie Lee Curtis werd teruggebracht en een LL Cool J en Josh Hartnett - die toentertijd hot waren - werden ingezet. Duidelijk een hele andere koers dan waar de serie heen ging met Halloween 6. Maar levert het een goede film op? Hmmm, niet echt.

Er is een hoop mis met Halloween H20: 20 Years Later. De titel alleen al is enorm idioot. Het grootste minpunt is de enorme hoeveelheid jumpscares en dan met name de valse jumpscares. De film zit werkelijk bomvol met mensen die tegen anderen opbotsen, waarna een sound effectje klinkt. "I keep scaring you today", zegt Adam Arkin zelfs als hij voor de zoveelste keer tegen Jamie Lee Curtis oploopt. Zelfs als men probeert enge momenten van de eerste film na te bootsen met een Michael Myers die gewoon ergens staat, gooit men er een jumpscare geluidje overheen. Spanning opbouwen of enge momenten neerzetten lukt men in ieder geval niet. En ook interessante personages creëren lijkt vrij lastig. Josh Hartnett is maar een inwisselbaar figuur en zijn vriendin en vrienden zijn al helemaal inwisselbare vaatdoeken. Het zou je echt worst zijn als Michael Myers hen van kant maakt, je bent ze enkele seconden later toch weer vergeten. Zelfs de film lijkt Hartnett en zijn vriendin gaandeweg compleet te vergeten.

Uiteindelijk is het vooral Jamie Lee Curtis die de boel moet redden, want Donald Pleasence is immers overleden ten tijde van de zesde film. Overigens zit in deze film nog wel een mooie verwijzing naar de man met een stemacteur met een vrij overtuigende imitatie. Verder gaat H20 vooral over Curtis en haar problemen om het verleden te laten rusten. Dit gaat gepaard met een hoop - zucht - jumpscares (men botst uiteraard steeds tegen ramen als ze ergens rustig zit), maar er zijn ook kleine momenten waarop ze met kleine karaktertrekjes geloofwaardig overkomt als iemand die kampt met een duister verleden. Haar momentjes met Adam Arkin zijn dan ook best aardig, waar dat normaal de meest suffe sequenties zijn in een slasher. Maar goed, H20 gaat natuurlijk vooral om de grote confrontatie tussen Michael Myers en Laurie Strode. Deze confrontatie is ook best aardig uitgevoerd, maar er zijn geen momenten waar je echt ondersteboven van zult raken. Het is fijn dat dit werd gepresenteerd als zo'n mooie definitieve laatste film. Maar goed, we weten allemaal dat Halloween: Resurrection daar op compleet bespottelijke wijze verandering in bracht.

2,5 sterren.

Halloween II (1981)

Alternatieve titel: Halloween II: The Nightmare Isn't Over!

More of the same of the night HE came home.

Het was duidelijk nog een beetje nieuw, zo'n horrorhit in 1978. Een paar jaar later zou bij een succes van dat kaliber er hetzelfde jaar nog een vervolg in productie gaan, maar bij Halloween duurde het heel even. John Carpenter had geen zin terug te keren, maar er werd meer geld geboden, dus hij besloot alsnog terug te komen, alleen ditmaal niet als regisseur. Rick Rosenthal kreeg dus de taak om Carpenters eerste film over te doen. Rosenthal had ook de gedachte om er echt een herhalingsoefening van te maken en in te zetten op spanning en sfeer, zoals het origineel. Het zou niet lastig zijn om in de sfeer van de eerste film te blijven, want Halloween II pakt letterlijk de draad op waar de vorige film ophield. Een interessant idee om je vervolg van een paar jaar later précies aan te laten sluiten bij het origineel. Maar qua inhoud en kwaliteit kan Halloween II niet op tegen die eerste film.

Want nadat Halloween een groot, baanbrekend succes was, kwamen er allerlei ripoffs - met Friday the 13th als een van de bekendste - uit de grond en Halloween II moest mee in die trend van slasherfilms. Waar Halloween nog iets unieks had, daar doet Halloween II precies wat andere slashers begin jaren 80 deden. We zien dus niet langer alleen Michael, Donald Pleasence en Jamie Lee Curtis, maar vooral ook een paar geile verplegers en verpleegsters die in een donker ziekenhuis om het leven worden gebracht. De film opent al met een paar willekeurige omwonenden, die er puur zijn om afgemaakt te worden. Jamie Lee Curtis ligt de halve film in slaap en Donald Pleasence is terug, maar heeft zijn subtiliteit thuisgelaten; hij is hier vooral over de top aan het schreeuwen "He's a maniac! I shot him six times! He's not human!' De man lijkt zelf een maniak geworden. Maar het leek er vooral op alsof Pleansence dronken was tijdens de opnames; er zit een groot verschil in zijn spel in deze film en de vorige.

Het moge duidelijk zijn dat al die aandacht die gaat naar die tieners in het ziekenhuis de film geen goed doet. Had de eerste film al geregeld wat trage, oninteressante sequenties die iets te lang door gingen; hier doet Rosenthal het met nog saaiere personages en de film lijkt soms echt stil te staan, er zit geen vooruitgang in. Het budget was weliswaar hoger, maar net als de eerste film lijkt er af en toe geen lamp op de set aanwezig te zijn geweest. Verder is Halloween II natuurlijk bekend als de film die het plotpunt introduceerde dat Laurie de zus is van Michael. Een plotpunt dat in de nieuwe Halloween met Jamie Lee Curtis weer van tafel wordt geveegd, want Carpenter vond het eigenlijk altijd al een bespottelijke twist. En dat is het ook wel. Hoewel de vervolgfilms de serie en het personage Michael Myers nog veel meer om zeep helpen, je ziet in Halloween II al goed dat Halloween eigenlijk een stand-alone film had moeten blijven. Enkel het einde, waarin Pleasence zichzelf opoffert om Myers te doden, waarna Myers nog heel even uit het vuur komt wandelen is gaaf. De rest van dit inwisselbare vervolgje is een hele hoop zo zo.

2,5 sterren.

Halloween II (2009)

Alternatieve titel: Halloween 2

Na films als The Curse of Michael Myers of Halloween: Resurrection (aka Michael Myers vs. Busta Rhymes), was ik best gelukkig met de gedachte dat Rob Zombie de populaire boeman eens onder handen ging nemen. Het resultaat stelde nogal teleur, ik was in ieder geval niet echt onder de indruk van Zombie's visie op The Shape. Veel fans waren tevens behoorlijk teleurgesteld, maar toch besloot Zombie om een vervolg te maken.

En eerlijk is eerlijk, ik dacht in het begin dat dit nog wel eens een sterke Halloween kon worden. De film opent alleraardigst met een paar intrigerende en, zoals we van Zombie gewend zijn, flink brute scènes. Het was bij deel 1 al duidelijk dat Zombie niet op de suspense tour a la Carpenter wil, maar Michael Myers gewoon neerzet als een groot, log en lomp beest dat met veel agressie zijn mes talloze malen in zijn slachtoffer douwt. Dit levert een aantal sterke momenten op, maar het probleem wil dat dit vrij snel gaat vervelen. Gelukkig heeft Zombie ervoor gekozen om Brad Dourif als sheriff Bracket en een totaal andere Dr. Loomis deel uit te laten maken van het verhaal. Beide personages weten voor de sterkste scènes uit de film te zorgen. En het zijn ook veruit de beste acteurs van de film.

De rest van de cast is namelijk alles behalve denderend. Zo is de actrice die Laurie vertolkt behoorlijk nietszeggend. Ik betrapte me er zelfs op dat ik haar ergens halverwege de film niet eens herkende, zo onopvallend en leeg wordt ze neergezet. Wel erg opvallend is Sheri Moon Zombie die, in tegenstelling tot The Devil's Rejects, hier totaal niet op haar plaats is. Zou Rob Zombie zo onder de plak zitten dat hij bij elke film een rol móet schrijven voor zijn vrouw? Want wat had ze hier nu precies te zoeken? Maar hoe dan ook, de matige dialogen helpen de meeste acteurs ook niet echt mee. Men schreeuwt en vloekt vooral veel op elkaar, maar als kijker krijg je weinig kans om mee te leven met een karakter. Enkel het moment dat Dourif zijn dode dochter aantreft en later geconfronteerd wordt met Loomis was een scène die vrij goed werkte. Het hysterische gegil van Laurie daarentegen werd ik heel snel zat.

Daarnaast blijf ik het toch jammer vinden wat Zombie met Michael Myers heeft gedaan. Prima dat hij zijn eigen visie op het karakter heeft losgelaten, maar toen ik de grote bebaarde zwerver in volle glorie kon bewonderen, vond ik 'm vooral lachwekkend. Dan heb ik toch liever die mysterieuze boeman die stilletjes tussen de witte lakens naar je staat te staren. Daarnaast vond ik het erg jammer dat Zombie terug moet vallen op goedkope trucjes. Je zou verwachten dat de man het genre inmiddels goed genoeg kent, maar hier blijft hij gebruik maken van de meest voorspelbare en uitgekauwde clichés en schrikmomenten uit het genre. Halloween II is wat dat betreft nergens echt belabberd, maar vooral gewoon een behoorlijk matig tussendoortje, die zich kan aansluiten bij het merendeel van de Halloween delen. Nu hopen dat Zombie weer met iets goeds op de proppen komt.

2 sterren.

Halloween III: Season of the Witch (1982)

Alternatieve titel: Heksenjacht

Voor John Carpenter was de originele Halloween uit 1978 een afgerond verhaal, daar was geen vervolg nodig. Geld zorgde er uiteindelijk voor dat hij meewerkte aan Halloween II. Toen was er het idee om vanaf Halloween 3 elk jaar een standalone film uit te brengen, onder de noemer Halloween. Maar dit viel niet goed bij de fans van Michael Myers en de film flopte. En wordt door velen nog altijd gezien als één van de slechtste delen uit de reeks. Vanaf dat moment had Carpenter niets meer te maken met de franchise.

Terugkijkend naar Halloween III: Season of the Witch vraag je je echt af of de film ook zo werd behandeld als de film niet de titel Halloween had. Season of the Witch is namelijk een zeer memorabele en toffe horror. Het uitgangspunt is lekker simpel, waarin een awesome Tom Atkins met awesome snor op zoek gaat naar de maker van maskers, lekker evil vertolkt door Dan O'Herlihy. De film stikt van de memorabele momenten als de gruwelijke scène waarin een masker wordt getest met dat gezinnetje, de dreiging van de mysterieuze robots, het gevecht met robot- Ellie, het zeer sterke einde ("Stop it!") en natuurlijk dat perfecte (en zwaar irritante) reclameliedje van Silver Shamrock. De film voelt geenszins als een Halloween, maar qua sfeer en soundtrack doet het wel erg denken aan andere films van Carpenter.

Ondanks dat Michael Myers een icoon is geworden, met films als Halloween III: Season of the Witch vraag je je toch af of het niet toffer was geweest om jaarlijks een film als dit te krijgen. Want na de eerste Halloween (en vooruit, het eerste vervolg was best aardig) kwam er niet erg veel memorabels meer uit de franchise rollen. De vloek van de man in het zwart, de kung-fu moves van Busta Rhymes of de belabberde pogingen van Rob Zombie waren ons dan allemaal bespaard gebleven.

3,5 sterren.

Halloween: Resurrection (2002)

Ah, 2002. Ik zat vol spanning in de bioscoop; mijn eerste Halloween-film op het witte doek. Toch jammer dat mijn eerste Halloween-bioscoopervaring één van de slechtste delen uit een al niet echt hoogstaande franchise moest zijn. Want Halloween: Resurrection is in al zijn poriën een verschrikkelijk domme film.

Het begint uiteraard al bij de manier waarop het einde van Halloween H20 op de meest bespottelijke wijze om zeep wordt geholpen. Je zou als scenarist maar de taak krijgen een vervolg te verzinnen op het vrij definitieve einde van de vorige film. En Jamie Lee Curtis doet gewoon weer mee, dus men zal wel aardig wat geld naar haar gesmeten hebben om haar terug te krijgen. De opening met Curtis is enorm dom op allerlei vlakken en alsnog is het het beste dat Halloween: Resurrection te bieden heeft. Dat zegt genoeg, dus. Want nadat het deel met Curtis is afgelopen, komen we terecht bij een stelletje totaal oninteressante figuren die zich bij Busta Rhymes en Tyra Banks aanmelden om mee te doen aan een internetshow. Van al het slachtvee dat in de vorige films voorbij is gekomen zijn de tieners in Halloween: Resurrection het meest vervelend. Ze zijn oersaai, dom en grotendeels irritant. Een dame zou de grote heldin moeten zijn, maar ik kan een dag na de film gezien te hebben al niets meer van haar herinneren.

Het tegenovergestelde is het geval bij jonkheer Rhymes, iedereen zal hem nog jaren na Halloween: Resurrection wel kunnen herinneren. Zijn rol als Freddy van Dangertainment zal bijblijven als één van de meest belabberde rollen in een film aller tijden. Of het nu gaat om zijn kungfu, zijn belachelijke one-liners en de rare bekken die hij hierbij trekt; alles aan het personage van Busta Rhymes is compleet debiel. Heel stiekem denk ik dan; zou ik liever kijken naar een film vol inwisselbare matige figuren of liever een compleet bespottelijk figuur als dat van Rhymes? Want eerlijk is eerlijk; veel verpest hij niet aan Halloween: Resurrection, hij maakt het alleen nog veel dommer. Het is een verschrikkelijk figuur, maar hij is eveneens de enige die voor een beetje leven in de brouwerij zorgt; de overige figuren - van de tieners in het huis als die gozer met wie de hoofdrolspeelster een online relatie heeft - zijn dodelijk saai. Eigenlijk valt er verder over Resurrection ook weinig te zeggen. De kills zijn lame, het script is lame, de uitvoering is lame. Kortom: Halloween: Resurrection is lame.

1,5 sterren.

Halloween: The Curse of Michael Myers (1995)

Alternatieve titel: Hall6ween

Ah, midden jaren 90. Populaire slashers als Leatherface, Jason, Freddy of Chucky waren al dood, maar men wilde koste wat kost nog proberen Michael Myers nieuw leven in te blazen, zes jaar na de laatste film. Die film, Halloween 5, eindigde met een cliffhanger waar alle betrokkenen van die film geen idee hadden waar het heen zou gaan. Dat mochten de schrijvers van Halloween 6 mooi oplossen. En gek genoeg koos men niet voor een reboot van het verhaal (dat deed men pas ná deze film) en de schrijvers gingen verder waar Halloween 5 was gebleven. Eén van die schrijvers is Daniel Farrands, een groot horrorliefhebber (hij maakte onder meer de documentaires Never Sleep Again en Crystal Lake Memories) en een enorm fan van de Halloween serie. Als je de verhalen hoort over het rumoerige proces van Halloween 6 kun je in ieder geval de conclusie trekken dat Farrands zijn best deed. Maar het mocht niet baten.

Er bestaan twee versies van deze Halloween 6, de bioscoopversie en de zogeheten producer’s cut. Beide zijn geen meesterwerken, maar er zit wel degelijk een verschil tussen de twee films. Dat is al duidelijk als de film begint. De opening van de bioscoopversie begint met een hele reeks flitsen en geschreeuw. Schijnbaar om de MTV generatie wakker te houden. De hele film zit er vol mee, uit het niets verschijnen ineens flitsen van shots met een geluidseffect. De producer’s cut daarentegen is een stuk meer ingetogen. De film opent met een speech van Donald Pleasence in zijn laatste film als Sam Loomis. In de bioscoopversie is de stem aan het begin vervangen door een toen nog onbekende Paul Rudd. Pleasence’ rol werd sowieso erg klein gehouden en de man overleed nog voor de film uitkwam. Dus ook voor de reshoots - en die waren er veel - was hij niet aanwezig. Vandaar dat Pleasence maar weinig in de film te zien is.

En dat is jammer, vooral omdat de film dan plaatsmaakt voor een hoop vervelende figuren. Met die DJ als dieptepunt. Maar het moet gezegd worden; de cast en personages zijn al iets beter dan die van Halloween 5. Marianne Hagan speelt overtuigend de vrouwelijke hoofdrol - een heel pak beter dan een Tina uit deel 5 - en Paul Rudd doet het leuk als Tommy Doyle. Denk verder aan die enorme klootzak van een vader, de sympathieke moeder of de mysterieuze dove huisbaas van Rudd. Niets hoogstaands, maar ze zijn in ieder geval meer memorabel dan het zooitje uit de vorige Halloween. En dan blijkt maar weer dat een flutfilm die memorabel nog altijd beter is dan een flutfilm die je je een dag later al niet meer kan herinneren.

Want een flutfilm, dat blijft deze Halloween 6 wel. Het hele gebeuren rondom de sekte en vloek van Thorn is natuurlijk bespottelijk. En zelden zie je zoiets onsamenhangend als de climax van deze film. Dat hele jaren 90 sfeertje met al die snelle cuts, rockmuziek en slowmotion dateert de film ook enorm. Het heeft in ieder geval in de verste verte niets meer te maken met die o zo simpele slasher van John Carpenter uit 1978, een film waar - op Halloween 3 na - eigenlijk gewoon geen vervolg op had moeten komen. Maar ach, we hebben nu eenmaal de - zeker qua continuïteit - verwarrende filmreeks en het is geen straf deze delen op te zetten als de bladeren weer van de boom beginnen te vallen. Halloween is geen hoogstaande filmserie en Halloween 6 is een enorme zooi, maar er is één positieve noot: Halloween 6 is geen Halloween 5. En ook geen Halloween: Resurrection. Maar om dat nu echt een compliment te noemen valt te betwijfelen.

2 sterren.

Hana-Bi (1997)

Alternatieve titel: Fireworks

Opnieuw een ontzettend sterke Kitano. In het begin kwam ik er, ondanks de vele mooie beelden, wat moeilijk in, maar gelukkig kwam hier langzamerhand verandering in; om uiteindelijk te veranderen in een meesterlijk (en hartverwarmende) productie, die qua genres eigenlijk van alle markten thuis is.

Veel prachtige shots, een aantal schitterende en zeer ontroerende momenten, hier en daar wat heerlijke kurkdroge humor en ook een aantal erg goede actiescènes. Ik ken, als ik er zo over nadenk, maar erg weinig films waar je al die elementen zo goed uitgewerkt terugziet in één film.

Vond 'm uiteindelijk nog niet zo geniaal als Kikujiro (op dit moment nog steeds mijn favoriete Kitano) maar Hana-Bi is desalniettemin zonder twijfel een pareltje te noemen. De eindscène is overigens niet minder dan briljant, evenals de altijd geweldige muziek van Joe Hisaishi!

4 sterren.

Hancock (2008)

Redelijk vermakelijke film, die echter vooral op het gebied van scenario veel tekort schiet. Het idee van een asociale superheld die het allemaal werkelijk geen fuck kan schelen (een rol die Smith op het lijf is geschreven) is zeker leuk, maar daar krijgen we jammer genoeg maar te weinig van te zien. De film opent de eerste paar minuten met een paar erg amusante ideeën, maar blijft daarna al snel steken en komt niet echt meer vooruit.

Na verloop van tijd neemt het drama de overhand en dat komt de film niet helemaal ten goede. Op zich schiet Berg in het ziekenhuis nog een paar erg aardige plaatjes, maar je begint Hancock als aso toch snel te missen. Persoonlijk miste ik ook een fatsoenlijke schurk. Want ja, om Marsan nu memorabel te noemen. Maar goed, over het algemeen gezien is Hancock prima popcornvermaak. En meer moet je er waarschijnlijk ook niet achter zoeken.

3 sterren.

Hangover Part II, The (2011)

Michael Haneke deed het met Funny Games, Todd Philips doet het met The Hangover. Ik verwacht dat het merendeel van alle recensies op zijn minst zullen aanstippen dat The Hangover Part II in praktisch elk opzicht lijkt op zijn voorganger. Soms tot in detail. Dat lijkt in eerste opzicht niet heel erg, want The Hangover was twee jaar geleden een uiterst vermakelijke verrassing. Het grote probleem is echter dat The Hangover Part II dat dus absoluut niet kan zijn.

The Hangover Part II is vermakelijk, ja. Maar het verrassingselement is, door de eerste film bijna letterlijk over te doen, (hoe kan het ook anders) compleet verdwenen. De gebeurtenissen hebben een hoog 'seen it, done that' gehalte en een karakter als Alan (het hoogtepunt van de eerste film) wordt op een gegeven moment zelfs behoorlijk voorspelbaar. En die Mr. Chow was in de eerste film al niet leuk, laat staan als ie een nog grotere rol krijgt in het vervolg. Maar zelfs zonder het feit dat de eerste film netjes overdoet, is het allemaal net even minder. De timing, de kwaliteit van de grappen en de situaties zijn hier op de één of andere manier net een stuk minder. Het geheel is nog steeds amusant en geestig, maar veel verder komt The Hangover Part II niet. Meeste frisheid kwam van Giamatti in een klein, maar geinig rolletje.

3 sterren.

Hangover Part III, The (2013)

Er was eens een tijd dat de film The Hangover ging over drie vrienden die wakker werden na een wild vrijgezellenfeest, weet u nog? Gewoon simpel, verrassend en geestig vermaak. Het eerste vervolg werd een shot-by-shot remake (dag, verrassing) en in het tweede vervolg laat zien waarom dat misschien ook wel de beste optie was (dag, humor). Er komt een heel plot voorbij met criminelen en goud en Mr. Chow, het meest irritante karakter uit de vorige films, krijgt een nog grotere rol. Alsof Jar Jar Binks z'n eigen film heeft gekregen. En het ergste is nog dat de meeste humor schijnbaar van deze Chow moet komen, gezien de film verder geen moeite lijkt te ondernemen om een grap te vertellen. Akkoord, Galifianakis wil hier en daar nog wel eens geestig uit de hoek komen, maar ook zijn gimmick begint een beetje te slijten.

Verder is het gewoon het oude en voorspelbare liedje. Cooper en Helms schreeuwen en mopperen wat op Galifanakis, Goodman doet zijn karakter uit Big Lebowski nog eventjes over, Jeong doet ontzettend zijn best om grappig te zijn maar blijkt enkel erg goed te kunnen irriteren, Bartha vraagt zich wederom af waarom hij überhaupt in deze filmreeks zit en een komisch talent als Jeffrey Tambor mag vier seconden zijn gezicht laten zien. Wat dat betreft begint het er steeds meer op te lijken dat The Hangover destijds gewoon een gelukstreffer was. Want als na één vervolg al blijkt dat de koek helemaal op is, dan had men blijkbaar toch niet echt goud in handen.

2,5 sterren.

Hangover, The (2009)

"I didn't know they gave out rings at the Holocaust."

De beste komedies bestaan uit een handjevol kleurrijke personages en een belachelijk simpel plot, met gemak samen te vatten in één zinnetje. The Hangover van Todd Phillips blijft hiervan ook een uitstekend voorbeeld. Gooi een paar idioten bij elkaar, laat flink wat bizarre taferelen de revue passeren en mix het geheel met een vlotte soundtrack. The Hangover is dan niet bijster origineel of bijzonder hoogstaand, maar het is wel ontzettend aanstekelijk en vermaakt als de beste.

Had in de komedie What Happens in Vegas (welke qua titel overigens prima bij deze film past) al gezien dat Zach Galifianakis komisch erg sterk is. Ook hier steelt de show. Verder een bomvol script, waar veel dingen prima werkten, maar een paar dingen toch de plank wat missloegen. Vooral de stun-gun scène was gewoonweg flauw en die Mr. Chow mocht van mij op een gegeven moment ook wel ietsjes minderen. Maar goed, dit zijn verder wat kleine kanttekeningen, want verder was dit uitstekend amusement. Een heel stuk leuker dan de komedies waar we de laatste tijd mee worden doodgegooid, inclusief leuke eind credits.

Vooruit, gulle bui; 4 sterren.

Hannibal (2001)

Las in de tijd dat deze film ging draaien in de bioscoop grote verhalen over hoe extreem eng en goor de film wel niet was. Als je deze film dan bekijkt, vraag je je af waar die mensen naar gekeken hebben. Want hoewel Hannibal zeker niet slecht is, het is ook verre van een meesterlijke thriller. Hier en daar best aardig, vooral te danken aan een geweldige Hopkins, maar (zeker in vergelijking met Silence) een flinke tegenvaller.

2,5 sterren.

Happening, The (2008)

Weet nog dat ik voor het eerst van dit project hoorde; het klonk allemaal best veelbelovend en ik had er een lange tijd vertrouwen in dat Shyamalan er iets moois van zou gaan maken. Nou, dat vertrouwen bleek redelijk onterecht. The Happening is werkelijk te bedroevend voor woorden. En dan heb ik het nog niet eens zozeer over het uitgangspunt of bepaalde inhoudelijke ideeën, het is vooral de uitwerking die zo onvoorstelbaar slecht is.

Nog het meeste stoorde ik me aan het belabberde acteerwerk. Mark Wahlberg wist me met zijn huidige rollen (The Departed, Shooter) steeds meer te overtuigen van zijn kunnen, maar is hier werkelijk te slecht voor woorden. Wat een pleefiguur. Die eeuwige frons op zijn gezicht alsof hij de hele film moet poepen en dat verschrikkelijke spel erbij ("What? Noooo"). Zijn onscreen partner Zooey Deschanel is trouwens geen haar beter. Die leek de hele film wel stoned. Maar goed, het spel was sowieso dramatisch, van bijrollen tot zelfs figuratie. Verschrikkelijk geregisseerd.

Overigens mag de meeste schuld sowieso wel naar Shyamalan geschoven worden, zijn script is namelijk ook zwaar ondermaats. Zo komen de meest stompzinnige dialogen voorbij en de personages zijn behoorlijk stereotype en daarnaast ook nog eens oer- en oer(!)saai. Verder zit het script vol met onnodige en onlogische momenten. Dat zogenaamd 'grappige' dialoogje in de klas met die knul zonder mening, dat irritante gezeur over die Joey of dat gedoe rond die herinneringen ophalen in dat huisje van die oude vrouw via één of ander geluidssysteem(?). Zou Shyamalan het script eigenlijk überhaupt aan iemand anders hebben laten lezen? Lijkt me vrij sterk.

1 ster. Wat een wanproduct.

Happiness (1998)

Altijd heerlijk als ik weer eens een film 5 sterren mag toekennen. En ditmaal is Happiness van Todd Solondz de gelukkige. Want wát een fantastische film. De personages zijn briljant, de sfeer is uitmuntend en het acteerwerk is bovengemiddeld. Hoffman bewijst opnieuw één van de beste acteurs op deze aardbol te zijn en ook Dylan Baker laat ongelofelijk sterk acteerwerk zien. De prachtige verhaallijnen weten geen minuut te vervelen.

Je weet soms niet of je moet lachen of moet huilen. Briljant!

5 sterren.

Happy Death Day (2017)

Wegens gebrek aan voorkennis dacht ik dat Happy Death Day een soort huidige versie van een typische slasher als April Fool's Day, Bloody Birthday of Happy Birthday to Me zou worden, maar dan met het concept van Groundhog Day (of Edge of Tomorrow). Maar ook qua toon lijkt de film veel meer op Groundhog Day dan op een serieuze horrorfilm. Een soort Groundhog Day met hier en daar wat vleugjes Scream. Je weet al wat de toon van de film wordt als het Universal logo meteen aan het begin drie keer opnieuw begint. Happy Death Day is een erg sympathieke komische film met een geinig uitgangspunt en een prima cast.

Happy Death Day is PG-13, wat wil zeggen dat er weinig tot geen bloed of gore te zien is, enkel de suggestie van allerlei schrikbarende moordpartijen. Het stoorde me niet, ik merkte dat de film geen gore nodig had. Het gaat meer om de suggestie en de creatieve - en soms bespottelijke - manieren hoe iemand dood kan gaan. Het voelde soms een beetje als Final Destination. Er valt verder genoeg lol te beleven met de kleurrijke figuren, het vlotte script en een hoop lekker over de top sequenties. De scènes met de babyface-moordenaar zijn soms erg effectief gedaan en laat de film voelen als een oprechte horrorfilm, maar de film is los van die momenten eigenlijk vooral een komedie. Een geslaagde komedie, als je het mij vraagt.

3,5 sterren.

Happy Death Day 2U (2019)

Alternatieve titel: Happy Death Day 2

Een vervolg op een film die Groundhog Day nadeed en waarin het hoofdpersonage nogmaals dezelfde dag steeds herleeft. Over herhaling gesproken. Happy Death Day was een erg sympathieke komische PG 13 slasher, die het niet moest hebben van zijn gore, maar vooral van zijn kleurrijke, over de top typetjes, geestige ideeën en hier en daar een paar best spannende momenten. Dat er een vervolg kwam was niet zo heel gek, want het origineel koste nog geen 5 miljoen om te maken, maar bracht 125 miljoen binnen. Voor het vervolg wil regisseur Landon een heleboel, maar daardoor ook een paar dingen gaan. Zo is de film amper nog een slasher of zelfs horrorfilm te noemen, Landon ruilt Scream in voor meer een science-fiction. Wellicht om de film niet té veel op het origineel te laten lijken, wat zeker bij een film met dit concept natuurlijk een grote valkuil is.

Want ondanks een andere toon kent de film alsnog veel overeenkomsten. Alle acteurs uit de vorige film keren terug en de melige komedie blijft ook. Sterker nog, dat melige bouwt Landon nog meer uit, tot het punt dat het echt niet meer werkt. Zo'n scène waarin Danielle een blinde Franse dame speelt om de decaan bezig te houden resulteert in een pijnlijk onleuke klucht en past geenszins in het toch al vrij bespottelijke Happy Death Day stijltje. De komedie is vaak te groots. Daartegenover bouwt Landon ook het drama verder uit. Deels is dat tiener-liefdesdrama van het niveau Beverly Hills 90210, maar ook gaat hij verder op het stukje drama dat in de vorige film sterk werkte; de dood van haar moeder. Wederom laat Jessica Rothe prima acteerwerk zien, maar ondanks dat de scènes op zich prima zijn, er gaat wel héél veel tijd naar toe. Vrij lange momenten is Happy Death Day 2U dan geen horror, geen science fiction en zelfs geen komedie meer. Het maakt de film vermakelijk, maar tevens een enorm rommeltje, omdat het script heel veel wil. En slechts een deel daarvan is jammer genoeg maar geslaagd.

2,5 sterren.

Happy Feet (2006)

Al vanaf het moment dat ik de trailer zag leek Happy Feet me helemaal niets. Dus ik ben 'm braaf ook niet gaan kijken. Maar als je dan steeds weer verhalen hoort over hoe geweldig leuk de film wel niet is, je hoort dat de film alle records heeft weten te breken en de film ook nog eens een Oscar in de wacht sleept. Tja, dan word je toch wel even benieuwd.

Ik wel in ieder geval en dus heb ik Happy Feet vanmiddag maar even de kans gegeven. Toch kwam ik er al redelijk snel achter dat mijn vermoedens er niet ver naast zaten. Tuurlijk, Happy Feet ziet er visueel prima uit en de computeranimaties zijn uitstekend gedaan, maar jammer genoeg is het daar wel mee gezegd. Ik heb me dan ook voornamelijk lopen vervelen en ergeren.

De personages zijn oersaai, het plot is erg voorspelbaar en de film is wat mij betreft zo goed als humorloos, ik heb volgens mij één kleine glimlach geteld in het totaal (snap nog steeds niet wat Happy Feet zo grappig maakt). Verder had ik ook weinig met de muziek, de liedjes en de danspasjes; ik vond het allemaal maar een beetje makkelijk scoren. En dan heb ik het nog niet eens over dat verschrikkelijke moralistische gedoe de hele tijd. Bah.

Nee, over het algemeen gezien heb ik me behoorlijk lopen te vervelen en ergeren bij deze film. Toegegeven, het zag er allemaal erg goed uit en ook John Powell heeft goed werk afgeleverd. Hiervoor toch nog een anderhalf sterretje. Maar verder, en dan met name inhoudelijk, is Happy Feet echt geen cent waard. Laat staat een gouden beeldje.

1,5 sterren.

Happytime Murders, The (2018)

Hoogstaande humor hoef je hier uiteraard niet te verwachten, maar je zou anno 2018 toch verwachten dat men iets vernieuwends met dit concept zou doen. Desondanks lijken de makers van Happytime Murders te doen alsof grove poppen iets compleet nieuws is. Terwijl ik het gevoel heb dit al tig keer te hebben gezien, in één of andere vorm. Jaren geleden was er Ted, daarvoor Team America: World Police. En hell, in de jaren 90 zagen we een grofgebekte Chucky al van bil gaan in Bride of Chucky. En Peter Jackson maakte bijna 30 jaar geleden al eens een film met vloekende, drugsverslaafde poppen met Meet the Feebles. Dus waarom we nu ineens zo onder de indruk moeten zijn met een grove versie van The Muppets is mij een raadsel.

Dat we wel onder de indruk moesten zijn van dit gegeven blijkt uit het script. Vaak valt het even stil nadat een pop heeft gevloekt of we iets met seks zien, waarschijnlijk om het publiek even te laten lachen. Maar sterke grappen zijn er niet. Tenzij je 'een pop die poep, kont, pies, vagina of pik zegt' als sterke grap beschouwt. De kapstok voor de puberale ongein is een standaard detective-verhaaltje, waarbij Melissa McCarthy de collega van de hoofdpop speelt. En ongetwijfeld dat McCarthy grappig kan zijn, maar hier is ze vooral vervelend. De film blijft grappen herhalen dat ze wordt aangezien voor een vent en McCarthy krijgt als regie-aanwijzing dat hoe harder ze haar tekst schreeuwt, hoe grappiger het waarschijnlijk is. Verder probeert men de hele tijd grappen te rekken, omdat men van Family Guy heeft geleerd dat slechte grappen uitrekken grappig kan worden. Dat dit meestal niet het geval is, vergeet men. Wellicht dat een handjevol kleine momenten me deden glimlachen, maar Happytime Murders is vooral een hoop geschreeuw en gedoe om helemaal niets.

2 sterren.

Harold & Kumar Escape from Guantanamo Bay (2008)

Vervolgfilms kunnen in andere handen nog wel eens de charme van het origineel verliezen, ware het niet dat regisseurs van dit vervolg op Harold & Kumar Go to White Castle - Jon Hurwitz en Hayden Schlossberg - ook de schrijvers van die film waren. Dat kan verklaren dat de drie Harold & Kumar films door verschillende regisseurs zijn gemaakt, maar wel dezelfde toon hebben; ze komen uiteindelijk allemaal van hetzelfde duo. En gelukkig maar, want meer van die puberale absurde gekkigheid uit White Castle was best welkom. En wat heet, Harold & Kumar 2 is nog absurder en vooral lomper dan zijn voorganger. Het riedeltje ‘meer’ is hier zeker van toepassing; meer puberale ongein, meer seks en meer Neil Patrick Harris. De film kent genoeg geestige sequenties, met name alles rondom de uiterst politiek incorrecte politieagent Rob Corddry is hilarisch. Vooral als hij uit dat vliegtuig springt.

3,5 sterren.

Harold & Kumar Go to White Castle (2004)

Alternatieve titel: Harold & Kumar Get the Munchies

De regisseur van Dude, Where’s My Car doet een tweede poging voor een twee-vrienden-in-de-penarie komedie en wat mij betreft slaagt hij er met Harold & Kumar Go to White Castle beter in. Ik ben geen groot fan van die stonerkomedies die rond het jaar 2000 uit de grond schoten als paddenstoelen, maar dit sympathieke avontuur van Harold en Kumar is oprecht geestig. Het is vooral fijn dat de film hier en daar absurdistisch, cartoonesk en dom durft te zijn. Zo’n sketch met die Freakshow is bijvoorbeeld leuk. Ook de chemie tussen Penn en Cho is erg sterk, waar de film het natuurlijk vooral van moet hebben. Absoluut geen film voor iedereen, maar van mij mag het duo Harold en Kumar zich zonder te schamen aansluiten bij de Bill en Teds, Cheech en Chongs en Harry en Lloyds van deze wereld.

3,5 sterren.

Harry and the Hendersons (1987)

Alternatieve titel: Bigfoot and the Hendersons

Zag vroeger de serie geregeld op TV voorbij komen en nu eindelijk de filmversie gezien. En het is precies wat je kan verwachten, de film volgt de E.T.- formule tot in de puntjes. Maar Harry and the Hendersons heeft wel een paar sterke kanten. John Lithgow is altijd een prettige lead. En dat mag ook wel, want de rest van het gezin is tamelijk inwisselbaar. Gelukkig is er ook nog Harry; een fantastisch en zeer sympathiek karakter, met z'n geweldige grijns. Mooie design van Rick Baker en ook goed neergezet door Kevin Peter Hall, de man die ook Predator in de eerste twee films speelde. De scènes tussen Lighgow en Harry zijn dan ook meteen het leukst wat deze verder vrij voorspelbare familiefilm - die sowieso wel iets grappiger had gemogen - te bieden heeft.

3 sterren.

Harry Potter and the Chamber of Secrets (2002)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Geheime Kamer

Met die eerste, best leuke, Potter film nog erg vers in het geheugen, meteen maar doorgegaaan naar het volgende. Eigenlijk is dit een redelijke herhalingsoefening, de gehele cast, maar ook de sfeer, de muziek, de uitstraling is helemaal terug. Vond dit deel dan persoonlijk ook niet zoveel verschillen van de eerste film, hoewel deze gelukkig wel wat nieuwe ingrediënten bevat. De eerste was net ietsjes vermakelijker en wist me net iets meer te boeien, maar ook Chamber of Secrets is goed vermaak.

Kleine 3,5 sterren.

Harry Potter and the Deathly Hallows: Part 1 (2010)

Alternatieve titel: The Deathly Hallows

Al verscheidene films lang wordt er naar deze finale toegewerkt en Yates stelt met dit eerste deel niet teleur. Het is vooral erg bijzonder om te zien hoe de films met de personages meegroeien. Geen vrolijke achtbaanrit met veel ruimte voor comic relief zoals in eerdere films, maar veel trage scènes en vooral veel aandacht voor emotie en drama. Het is dan ook een geluk dat de drie jonge hoofdrolspelers veel zijn gegroeid in hun rollen en deze taak zonder al teveel problemen op zich kunnen nemen. Daarnaast lijkt de film qua sfeer en op visueel vlak nog sterker geworden. Met name de animatie van The Tale of the Three Brothers was fenomenaal!

3,5 ruime sterren.