Meningen
Hier kun je zien welke berichten Chainsaw als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Da Vinci Code, The (2006)
Heb het boek niet kunnen uitlezen voor ik vanavond de film ging bekijken, maar daar zat ik zelf niet zo mee. En na veel negatieve recensies en reacties over de film verwachtte ik nog maar erg weinig. Maar ik vond het wonder boven wonder allemaal nog best meevallen ...
Het eerste gedeelte van de film was voor mij wat moeilijk in te komen. Het was allemaal soms wat rommelig en het voelde soms nogal slecht uitgewerkt. Het kon me daarnaast allemaal nog niet zo heel erg boeien. Hier kwam langzamerhand, zo na een uur gok ik, wat verandering in en het werd allemaal wat interessanter. Hier en daar dreigde de film wat aan de langdradige kant te worden, maar over het algemeen verveelde de film me vanaf dat moment geen moment meer.
De cast zag er in eerste instantie goed uit, maar helaas vielen de meeste grote namen nogal tegen. Hanks speelde weer eens op de automatische piloot en liet weinig bijzonders zien. Ook Tautou wist niet echt te overtuigen. Verder waren Molina, Reno en vooral Bettany prima op dreef, maar de echte ster van de show was wat mij betreft de geweldige McKellen, die weer eens laat zien bij de beste der besten te horen!
Al met al heb ik The Da Vinci Code ervaren als een alleraardigst stukje thriller. Dreigt nergens ook maar wat meesterlijk te worden, maar weet toch genoeg vermaak te bezorgen, zodat de kijker zich weinig tot niet hoeft te vervelen.
Kleine 3,5 sterren.
En nu dat boek gauw uitlezen voor Boekmeter.nl komt. 
Daglicht (2013)
In bepaalde opzichten een sterke film en in bepaalde opzichten een flinke misser. Grote complimenten aan Fedja van Huêt en Angela Schijf in uitstekende rollen (alleen mag Schijf wat mij betreft nu wel eens een ander soort rol proberen). Beide acteurs doen het erg goed. En sowieso een heel stuk beter dan de maar matige en ronduit vervelende Monique van de Ven. Op audiovisueel vlak is Daglicht uitstekend verzorgd en hier en daar weet Van Rooijen zelfs de spanning ook best goed op te voeren. Het weet ervoor te zorgen dat je als kijker je aandacht erbij houdt, zelfs al wordt deze whodunnit van Nederlandse bodem rond de derde akte toch tamelijk voorspelbaar.
Maar het grootste probleem van Daglicht is dat het script op veel plekken wel erg kort door de bocht en simplistisch is. Het begin al bij het volslagen idiote moment dat ons hoofdkarakter ontdekt dat ze een broer heeft. Een erg suf moment, terwijl dat juist de hele film in werking zet. En ook daarna volgen nog genoeg van dit soort frustrerende momenten (zes seconden op Google en je hebt al gevonden wat je zocht, vergezochte aanwijzingen worden met gemak opgepikt). Daarnaast zijn de reacties en handelingen van karakters ook vaak erg vreemd. Als Iris met haar zoon wordt aangevallen bij die garageboxen, lijkt ze thuisgekomen te doen alsof er amper iets gebeurd is. Ik bedoel, werd zij net niet met haar jonge zoontje bedreigd?
3 sterren.
Daikaijû Gamera (1965)
Alternatieve titel: Gamera: The Giant Monster
Pluspunten van deze minder bedeelde neef van Godzilla lijken me vrij duidelijk; het gaat hier immers om een torenhoge, vliegende schildpad met een voorliefde om kartonnen flatgebouwen aan gort te rammen. Altijd geestig, zulke knulligheid. Alle andere zaken als plot, acteerwerk en karakters - waar toch veel tijd aan wordt besteed - zijn minder geslaagd. Vooral dat irritante jochie eist veel tijd op.
2 sterren.
Daikaijû Kettô: Gamera tai Barugon (1966)
Alternatieve titel: Gamera vs. Barugon
Je gaat deze films kijken om het gevecht tussen twee monsters in een minatuurstadje. Bij Gamera vs. Barugon moet je dan wel even geduld hebben. Want voordat deze twee monsters elkaar in de spreekwoordelijke haren vliegen, krijgen we eerst voornamelijk vrij saaie menselijke personages die elkaar in de haren vliegen. Met een lachwekkend gevecht tussen een man en een vent op krukken als gevolg. De aandacht gaat - zeker in het begin van de film - naar een hoop onsympathieke en oninteressante personages, waardoor je vrijwel meteen voor de monsters gaat juichen. De scènes met Barugon zijn meteen de leukste van de film. Uiteindelijk komt Gamera ook een keertje opduiken voor een snel en klein gevecht, maar zijn naam had in principe niet in de titel van de film gehoeven.
2 sterren.
Dallas Buyers Club (2013)
Het is eigenlijk een understatement dat Matthew McConaughey aan de weg aan het timmeren is. De pretty boy die enkel filmrollen aannam in romantische komedies waar hij zijn shirt kon uittrekken om zijn indrukwekkende bovenlichaam te laten zien, laat zich nu letterlijk van een hele andere kant zien. Hij ging voor een gevalletje Christian Bale in The Machinist en werd angstaanjagend dun. Hij speelt trailer trash met AIDS die we steeds iets sympathieker zien worden. Onderwerpen als homofobie, de gezondheidszorg en een bijzondere band tussen twee tegenpolen passeren de revue. Wat dat betreft had de film met blokletters OSCAR op zich geschreven.
En toch is Dallas Buyers Club niet dat inwisselbare filmpje dat puur gemaakt is om de Academy Awards te winnen en daarna weer snel vergeten kan worden. De film heeft gelukkig meer te bieden. Zo is de band tussen McConaughey en Leto (die ook fenomenaal acteert) erg sterk en worden veel scènes die normaal gesproken - voor Amerikaanse cinema - erg mierzoet en dik aangezet zouden zijn, hier opvallend terughouden en subtiel gebracht. De film heeft weinig grote poespas en dat doet de film erg goed. Grootste minpunt van de film voor mij is dat ik Jennifer Garner als dokter helaas echt niet serieus kan nemen. Dan kun je d'r nog een bril opzetten.
4 sterren.
Dan in Real Life (2007)
Aardig, niets meer en niets minder. Dan in Real Life is vrij gewoontjes en standaard met af en toe uitschieters, die eigenlijk beide kanten opgaan. Soms wordt de film wel erg voorspelbaar, zoet en sentimenteel, anderzijds bevat de film ook best wat sterke en komische momenten. Vooral Carrell is een aangename verrassing en bewijst, net als in Little Miss Sunshine, meer te kunnen dan de rol van een complete idioot. Laat hem dat maar vaker doen.
3 sterren.
Dance Macabre (1992)
Alternatieve titel: Phantom of the Opera II
Vergeetbaar en niet al te sterk thrillertje, met een duf uitgangspunt en een nogal matig sfeertje. Film is nergens ook maar een beetje spannend, de jongedames acteren behoorlijk ondermaats en visueel is het ook maar triestjes. Englund daarentegen weet de boel nog wat bij elkaar te houden, hoewel ook hij niet al te veel interessants heeft om mee te werken. De climax is bijzonder voorspelbaar, maar Englund doet het aardig. En maakt een nietszeggend en vrij inspiratieloos thrillertje toch nog enigszins het bekijken waard.
Kleine 2 sterren.
Dance of the Dead (2005)
Alternatieve titel: Masters of Horror: Dance of the Dead
Behoorlijk prul, vergelijkbaar met Hooper's huidige werk als Crocodile, Toolbox Murders en Mortuary. Dance of the Dead ademt geen moment een beetje sfeer uit en bevat een aardig uitgangspunt dat op een erg slechte wijze is uitgewerkt. De enige die Dance of the Dead nog een beetje weet te redden is Robert Englund (iemand die vaker de matige films van Tobe Hooper een beetje weet te redden) met een erg aardige rol. Maar op Englund na stelt Dance of the Dead maar bijzonder weinig voor.
2 héle kleine sterren.
Dante's Peak (1997)
Voorspelbaar was het zeker en cliche was het ook absoluut. Desonanks vond ik de film nog uitstekend te pruimen. De actiescènes zijn erg aardig gedaan en de acteurs laten ook prima werk zien. Het einde is jammer genoeg erg teleurstellend, daar had veel meer in gezeten.
3 sterren.
Dark Floors (2008)
Met het prima uitgangspunt en de bijbehorende sfeervolle setting had Dark Floors best een erg aangename, spannende horrorfilm kunnen worden. En met een aantal van die aardig vormgegeven monsters had het ook prima heerlijke over-the-top pulp (als een Rawhead Rex of The Deadly Spawn) kunnen worden. Helaas is Dark Floors uiteindelijk geen van beide. geworden.
De bovengenoemde facetten leveren zeker wel wat vermaak op, maar grotendeels is deze Finse horror vrij beroerd. Het acteerwerk is zwaar ondermaats, de personages zijn duf en de film neemt echt veel te lang de tijd om naar bepaalde momenten toe te bouwen. Maar het grootste probleem is dat de film gewoon een grote warboel is. We krijgen een flinke lading monsters, zombies, geesten, dimensies, visioenen en gezeik om rode krijtjes naar ons hoofd geslingerd, maar het lijkt er geen moment op dat de makers zelf enig idee hadden waar ze naar toe wilden. En dat is best jammer, want de film had op bepaalde opzichten best wat potentie.
1,5 sterren.
Dark Half, The (1993)
Gebaseerd op de namen Stephen King en George A. Romero zou een horrorfan al snel beginnen te watertanden. Toch is in het verleden al geregeld gebleken dat gevestigde horrorregisseurs maar matige dingen afleveren met het werk van King. En het vertrouwen in Romero is sinds zijn laatste paar films bij mij ook vrijwel verdwenen, dus je blijft even op je hoede. Gelukkig was The Dark Half juist weer een vrij aangename verrassing. Film deed me, zowel qua plot als uitvoering, vrij veel denken aan Secret Window, ook met Timothy Hutton.
Deze Hutton doet het trouwens erg goed, hij draagt de film zonder al teveel problemen op zijn schouders. De film opent sterk en bouwt langzaam en erg effectief op, waardoor je als kijker steeds iets meer op het puntje van je stoel begint te schuiven. Leuk sfeertje, prima vertolkingen en zelfs spanning is af en toe aanwezig. Enkel als het karakter van George Stark meer aandacht krijgt, begint de film nogal in te kakken. Stark is zo'n karakter waar veel mee gedaan had kunnen worden, vooral met het mysterie rondom zijn personage. Eenmaal volledig in beeld, blijkt jammer genoeg dat hij maar bar weinig voorstelt. Beetje een suf personage. Het slot geeft de film gelukkig toch een wat positievere wending. Hoewel je je bij zo'n slot wel afvraagt hoe het verder zou gaan met Thad. Want wie zou hen nu geloven dat het Stark was? Hoe dan ook, een prima King verfilming en ook goed om weer eens iets goeds van Romero's hand te zien.
3,5 sterren.
Dark Knight Rises, The (2012)
Alternatieve titel: T.D.K.R.
Niet gedacht dat ik zou uitkijken naar een Batman film, maar was toch wel erg benieuwd naar dit afsluitende deel van Christopher Nolan’s Batmanreeks. Na zijn redelijke introductie (vond Batman Begins maar zo zo), kwam hij een paar jaar geleden met het geweldige The Dark Knight. En nu is het tijd om de boel af te sluiten met The Dark Knight Rises.
En tja, eigenlijk was ik vooral benieuwd naar één ding; Bane. Had het idee dat dit nog wel eens een alleraardigste vijand kon worden. En hij stelt niet teleur. Het lukt Nolan en Hardy weliswaar niet om Heath Ledger als The Joker te overtreffen, maar desondanks is Bane dé aangewezen persoon om Batman naast mentaal ook fysiek flink op de proef te kunnen stellen, daar waar eerdere vijanden als Scarecrow (overigens geweldige cameo van hem in deze film) en The Joker dat niet hadden. Desondanks krijgen we geen hersenloze, worstelende schlemiel, zoals Bane werd neergezet in Batman & Robin van Joel Schumacher, maar eentje die prima een plannetje in elkaar weet te draaien en waar ook heel wat dreiging van uit gaat. Sowieso een bijzonder gezicht met zo’n meedogenloze vechtmachine, die uiteindelijk klinkt als een Sean Connery.
Verder zorgt Nolan wederom voor een adrenalineverhogende zit. Zeker in IMAX zorgen de spectaculaire gevechts- en achtervolgscènes voor een alleraardigst achtbaanritje. En toch blijkt, net als bij Inception, wederom dat Nolan niet een pure spektakel- regisseur is. Want The Dark Knight Rises mag dan vol zitten met spektakel, Nolan verliest zijn personages geen moment uit het oog. En dat levert dan ook de beste momenten op. Tuurlijk, het is best even leuk om Batman zijn nieuwste high tech speeltje te laten showen, maar de scènes rondom een gekwelde Bruce Wayne of zijn relatie met karakters als Gordon, Fox of (vooral) Alfred is vele malen intrigerender om naar te kijken.
Maar goed, desondanks zou ik The Dark Knight Rises niet geheel vlekkeloos willen noemen. De film introduceert naast Bane nog drie andere nieuwe personages, die geen van allen echt bijster sterk zijn. Marion Cotillard en Joseph Gordon-Levitt (die beide met Nolan hebben samengewerkt in Inception) doen wat ze moeten doen, maar erg interessant of uitzonderlijk worden hun karakters niet. En Ann Hathaway als Selina Kyle (oftewel Catwoman) krijgt erg veel aandacht, maar laat eigenlijk ook niet tot nauwelijks een indruk achter. En dat is jammer, want haar personage slokt aardig wat screentijd op.
Desondanks mag de conclusie gerust getrokken worden dat Christopher Nolan met The Dark Knight Rises zijn eigen filmreeks een zeer waardig slot heeft gegeven. Iets minder dan The Dark Knight, maar zeker beter dan Batman Begins. Maar wat veel belangrijker is, Nolan weet met deze film de drie films op de perfecte wijze met elkaar te verbinden. En hij zal de meeste filmliefhebbers met een tevreden gevoel naar huis sturen. Wellicht is het voor sommige grote fans even slikken als ze beseffen dat de verhalen rondom deze wereld van Batman nu definitief zijn afgesloten. Maar tegelijkertijd hebben ze er wel een fantastische trilogie bij. En daar zouden aardig wat superhelden jaloers op zijn.
4 sterren.
Dark Knight, The (2008)
The only sensible way to live in this world is without rules
Ben absoluut geen fan van Batman, vind hem zelfs één van de minst interessante superhelden die in filmland rondloopt (ken de comics verder niet). Vond Burton's films niet meer dan vermakelijk, vond Schumacher's delen weinig tot niks en zelfs Nolan's Batman Begins vond ik niet meer dan aardig. Geen film of filmmaker heeft er dan ook nog voor weten te zorgen dat een Batman film me echt aan wist te grijpen. Tot ik Nolan's The Dark Knight vanavond in de bioscoop zag.
De trailers deden me al heel wat vermoeden en ik wist zeker dat ik de film wel wilde bekijken, maar ondanks dit beeldmateriaal, de uitstekende promotie én de superpositieve reacties en recensies waren m'n verwachten nu niet echt torenhoog. Eerst zien, dan geloven; zo dacht ik. En inmiddels heb ik gezien én geloof ik het; The Dark Knight is een schitterend en zeer vakkundig product geworden; ik heb van elke minuut weten te genieten.
Ik kan nu wel een hele reeks positieve elementen opnoemen, maar ik hou het even bij de voor mij belangrijkste zaken die The Dark Knight zo geweldig maakten. Het script van de film zit vol verrassingen, waardoor je als kijker naast lekker achterover zitten en genieten van de uitstekende special- effects en geweldige actie ook nog eens bezig kan gaan met een uitstekend verhaal. Er is in ieder geval genoeg ruimte voor personage-ontwikkeling en drama. En dit keer niet op een oninteressante manier zoals Batman Begins drie jaar geleden deed.
Maar het grote pluspunt lag bij de personages en de vertolkingen. Leuke rollen voor Caine en Freeman, Gyllenhaal deed 't ook prima (heb me niet zo aan haar personage lopen ergeren als in Begins), Eckhart was uitstekend en topper Gary Oldman laat ook weer eens zien waarom hij één van de betere acteurs in Hollywood is. Zijn personage krijgt godzijdank veel meer screentijd dan in het eerste deel en Oldman (die vreemd genoeg ietwat lijkt op een typetje van Kees van Kooten) deed het voortreffelijk. Maar er staat één persoon boven Oldman wat betreft de show stelen. Men was al erg positief over hem en ik kan niet anders doen dan met hen meegaan. Een persoon die één van de meest indrukwekkende karakters ooit neerzet ...
Ledger. Vond 'm in eerdere projecten waar ik 'm in zag al een erg sterk acteur, maar wat hij in The Dark Knight laat zien is werkelijk fenomenaal. Het geweldige personage dat hij neerzet weet met zijn prachtige one-liners, zijn heerlijke lach, schitterende looks en absurde daden werkelijk elke seconde waarin hij te zien is naar zich toe te trekken en de show compleet te stelen. En hij wordt echt op briljante wijze vertolkt door Ledger; ik kan er geen andere woorden voor vinden; Ledger als The Joker is geniaal! Evenals de scène met het potlood. 
Al met al ontzettend genoten van The Dark Knight, een film die ik eigenlijk nog wel een keer op het witte doek zou willen zien. Batman is en blijft wat mij betreft een oninteressant en nogal suf personage en fan van de held zal ik ook wel nooit worden (die stem in deze film, toch tamelijk belachelijk), maar Christopher Nolan's The Dark Knight is verder een uitmuntend stukje cinema.
4,5 sterren.
Dark Phoenix (2019)
Alternatieve titel: X-Men: Dark Phoenix
Oef!
Ik had niet verwacht dat men nog zo ver onder het niveau van X-Men: Apocalypse kon zitten. Maar het is Simon Kinberg gelukt om zo'n zoutloze, nietszeggende en oervervelende X-Men film af te leveren dat de gehele serie nu officieel op pijnlijke wijze compleet is doodgebloed. Waar Hugh Jackman slim genoeg was om na het kwalitatief hoogstaande Logan zijn klauwen aan de wilgen te hangen, daar krijgt de rest van de X-Men juist een dieptepunt als afsluiter. Dan was X-Men: The Last Stand zo gek nog niet, zou je zeggen. Ik hoor Jean Grey in de vorige film nog zeggen "Well, at least we can all agree the third one's always the worst." Leuke sneer naar The Last Stand, maar de First Class personages hebben het qua kwalitatieve films toch een heel stuk slechter getroffen dan een Ian McKellen of Patrick Stewart.
Over The Last Stand gesproken; debuterende regisseur Kinberg schreef het script voor die film, maar vond dat het Phoenix-verhaaltje nog wel een keer verteld mocht worden. Dus aan het begin van de film wordt Jean aangevallen door een kleurrijke ruimte-scheet. En daarna beginnen de problemen, zowel voor de personages als voor ons als kijker. Eerst neemt de film enorm voorspelbare stappen en blijft zichzelf tot in treurigheid herhalen. Jean Grey zegt steevast iets in de strekking van "Something is happening to me" en Xavier reageert telkens met iets als "I was trying to protect you". Ik gok dat de helft van de dialogen in dit script een variant zijn op deze twee zinnen. Het verhaal gaat precies zoals je verwacht; Jean Grey schrikt van haar krachten, vlucht en de rest moet haar terughalen. Men probeert nog iedereen wakker te houden met de dood van Mystique. Dat wakker schudden moest ook wel, want Jennifer Lawrence speelt haar rol slaapwandelend. Alsnog kan ik me niet voorstellen dat iemand dat moment niet zag aankomen.
Na een vrij voorspelbaar gedeelte gaat de film gaandeweg helemaal van het pad af, alsof niemand meer grip had op de film. Er verschijnen ineens van die boom-aliens à la Groot en één van hen is Jessica Chastain. Wat een suffe rol was dat, de film leek telkens enorm op de rem te gaan als zij in beeld kwam. Er worden af en toe wat actiescènes ingezet, maar we zien echt niets nieuws. Elk effect en actiemoment is in een eerdere film al eens beter gedaan. Storm met haar bliksem, Nightcrawler met zijn teleport, Cyclops met z'n straal; het is allemaal zelfs vrij suf. En juist een Quicksilver, die de afgelopen films voor de leukste momenten zorgt, laten ze dan weer thuis. Van alle vechtende mutanten krijgt enkel Magneto een paar aardige momenten en is nog best aardig, hoewel de manier waarop hij in het verhaal wordt gebracht ook zo willekeurig is als de pest. Hij heeft niets te zoeken in deze film, maar ben alsnog blij dat hij wel verschijnt, hij zorgt als enige voor nog een klein beetje fun in het geheel. Want dat ontbreekt vooral in deze film; fun of humor. De film is zo enorm dramatisch en zeurderig, dat er eigenlijk niets te genieten valt. Het maakt dat Dark Phoenix zo'n film is die je vergeet terwijl je 'm aan het kijken bent. Ik weet nu al niet meer wat ik heb gezien.
1,5 sterren.
Dark Shadows (2012)
Hoopte dat deze film de vieze nasmaak van Alice in Wonderland een beetje kon wegspoelen. Maar helaas, de nare smaak wordt alleen nog maar sterker. Dark Shadows is wederom een film van Tim Burton waarvan ik geen idee heb wat ik ermee moet. Zijn gotische stijl, zijn gevoel voor humor, zijn voorliefde voor bepaalde acteurs (Depp en zijn vrouw) zijn inmiddels ruimschoots bekend, dus wat maakt van Dark Shadows meer dan een simpele herhalingsoefening? Heb weinig vernieuwends gezien. Depp is (gelukkig) iets minder aan het schmieren en Jackie Earl Haley heeft een leuke bijrol. Sowieso leuk om hem in een film te zien.
Enkel jammer dat er nog 300 karakters in de film gegooid worden, waarvan verder geen echt weet te boeien of uitgewerkt wordt. Is het nu echt nodig om élk karakter uit de TV-serie te gebruiken? Nu voelt het als gehaast iedereen erbij te moeten halen, om ze vervolgens snel weer af te serveren. Maar meest storende vond ik wel dat de film overduidelijk een komedie moet voorstellen, maar werkelijk geen seconde grappig is geweest. Een paar aardige vondsten daargelaten zie ik niet helemaal in wat hier zo komisch aan was. Hoop ten zeerste dat Burton ooit weer eens iets tofs gaat neerzetten.
2 sterren.
Dark Star (1974)
Knullig, flauw en charmant. Uiteraard in de muziek, maar ook in het over de top cartooneske kun je al wel de hand van John Carpenter zien. Ook Dan O’Bannon zie je goed terug in Dark Star; in de eerste plaats omdat hij één van de hoofdrollen speelt - en dat doet hij oprecht leuk - maar ook omdat de film natuurlijk raakvlakken kent met Alien, de film die hij erna maakte. Hoewel qua toon en ongein doet de film veel meer denken aan O’Bannon’s Return of the Living Dead. Ondanks de betrokkenheid van Carpenter en O’Bannon gaat Dark Star niet de geschiedenis in als hoogstaande cinema, want het is voor een groot deel een behoorlijk geklooi. Geklooi dat prima is voor een korte film, maar hier duidelijk is gerekt tot een speelfilm van 80 minuten.
Dark Star lijkt vooral op een parodie op 2001: A Space Odyssey, over drie mannen die elkaar - en het leven - zat lijken te zijn tijdens hun missie in de ruimte. De film is een mix van best interessante ideeën en studentikoze ongein en slapstick, met name rondom een buitenaardse strandbal op pootjes. De effecten zijn enorm kneuterig, maar wel zodanig dat het grappig is. Evenals de heerlijke geluidseffecten en soundtrack. Het grootste probleem is dat deze studentenfilm van 60 minuten voelbaar gerekt is naar een langere speelduur. Ik heb die studentenversie van een uur niet gezien, maar kan me goed voorstellen dat die beter werkt. Zoals vaker bij interessante regisseurs is het leuk om zo’n filmdebuut eens te zien, maar - gelukkig - is Dark Star niet het beste werk van Carpenter of O’Bannon.
3 sterren.
Darkest Minds, The (2018)
Toen ik de trailer zag met het 20th Century Fox logo dacht ik even; ah, nu al een reboot van de X-Men?
Ik heb al die Divergent, Maze Runner, Hunger Games films nooit gezien, maar ik geloof graag dat al die sci-fi tienerfilms van de afgelopen jaren nogal op elkaar lijken. Want een The Darkest Minds voelt als een standaard formulefilm. Tieners in een post-apocalyptische setting op de vlucht, elk met een eigen kracht of eigenschap en met wat bad guys achter ze aan. Eén van de groep is er voor de komische noot, terwijl op de voorgrond een romance ontstaat tussen de twee hoofdpersonen. Want ja, hoofdfiguur 1 is knap en een meisje, hoofdfiguur 2 is knap en een jongen, dus dat moet wel verliefd op elkaar worden. De boel wordt dichtgesmeerd met moraaltjes als 'wees altijd trots op wie je bent'.
De cast van jonge spelers is prima. De grotere namen - Bradley Whitford of die dame uit Game of Thrones met een bespottelijke pruik - hebben eigenlijk niets te doen, maar onze hoofdpersonen doen het erg aardig. Alleen die Liam is wel één van de meest oersaaie zoutzakken met het charisma van Freek Vonk. Waarom er toch nooit écht leuke kleurrijke types in dit soort films mogen rondlopen is mij een raadsel. The Darkest Minds is op z'n sterkst als het viertal op de vlucht gaat. Ze komen zelfs in een soort Dawn of the Dead situatie in een winkelcentrum en bouwen een leuke band op. Tegen het einde verwacht je dat alle superkrachten worden ingezet voor een groot actiespektakel, maar die blijft opvallend afwezig. De actie die er wel is, is niet slecht, maar wordt redelijk matig ingezet. En dat is The Darkest Minds in een notendop; ingrediënten zijn er wel, maar de uitvoering is mager.
2,5 sterren.
Darkman (1990)
Sluit ik me bij aan. Sterke en zeer vermakelijke superhelden- film. Cast is uitstekend, de special effects zien er prima uit en Evil Dead regisseur Raimi haalt opnieuw duidelijk alles uit de kast. Film deed me ook verrassend veel denken aan zijn Evil Dead, zeker qua enthousiasme en amusement. En dat maakt Darkman zelfs leuker dan de superheldenfilm die Raimi hierna ging maken en wereldberoemd mee werd.
3,5 sterren.
Date Movie (2006)
Zielig en vermoeiend. Date Movie is geen seconde grappig, amusant of vermakelijk en bestaat slechts uit een grote hoop gênante momenten, die waarschijnlijk nog geen glimlach op het gezicht van een peuter kunnen brengen. Terechte plek in de Imdb bottom 100 en ik wens deze film ook een hoge positie in de flop 100 toe. En dat moet goed te doen zijn, want ik kan me eerlijk gezegd niet voorstellen dat er mensen zijn die hier om kunnen lachen. Enkel goed om je IQ naar beneden te halen.
0,5 sterren
Dave (1993)
Prima feel-good filmpje met een amusant plot.
Kevin Kline doet het erg goed en wordt bijgestaan door uitstekende bijrol- vertolkers als Sigourney Weaver, Ving Rhames, Kevin Dunn en Charles Grodin. Verder laat James Newton Howard een prima, sfeervolle (maar soms wel een beetje standaard) familiefilm- score horen.
Helaas wordt de film echter wel wat zoetsappig en moralistisch van tijd tot tijd, soms wordt het je zelfs een beetje erg de strot ingedrukt. Maar, ondanks dat en het feit dat de film nergens hilarisch of écht grappig is, kijkt de film prima weg en verveelt praktisch geen minuut.
3 sterren.
Dawn of the Dead (1978)
Alternatieve titel: In de Greep van de Zombies
Jarenlang zag ik Dawn of the Dead als één van de beste zombiefilms aller tijden en sowieso de beste van uit Romero’s trilogie. En daar stond ik niet alleen in, velen vinden Dawn of the Dead Romero’s beste. Maar nu ik de originele trilogie opnieuw heb gezien vond ik Dawn of the Dead veruit de minste van de drie.
Dawn of the Dead opent met een hoop chaos. De situatie wordt daarmee goed neergezet, hoewel ik de eenvoudigere openingssequenties van Night en Day doeltreffender en interessanter vind. Het duurt even voordat onze vier hoofdpersonages hun helikopter pakken en op de vlucht gaan. Vervolgens komen ze in het befaamde winkelcentrum, op veel fronten een ideale locatie. Vervolgens zien we de personages verkennen, plannen en zelfs relaxen. We leren de personages goed kennen, waardoor het extra naar is als Roger uiteindelijk wordt gebeten. Een sterk dramatisch moment is ook als Ken Foree zijn maatje moet neerknallen als deze terugkomt. Het is een mooi hoogtepunt in de film, maar de film gaat daarna nog behoorlijk lang door. Sowieso heeft Dawn of the Dead wel een klein probleem betreft de pacing. Soms is het fijn dat de film de tijd neemt, maar her en der - zeker na Rogers dood - staat de film soms bijna stil.
Dit verandert als voor de derde akte de motorbende binnen komt vallen, maar daar wordt de film alles behalve sterker mee. Ja, er is meer actie en gore, maar deze sequenties zijn vooral ook vrij knullig. Het sterkste moment in de climax is als Flyboy ook wordt gebeten en als zombie op pad gaat richting Peter en Francine. Ook dat bewijst maar weer dat we die motorbende helemaal niet nodig hadden, enkel de vier hoofdpersonages waren sterk zat. Net als in Night of the Living Dead had Romero het prima met enkel die personages kunnen doen - hoewel de rol van Francine het minst interessant is. Daarnaast is de make-up in Dawn of the Dead, ondanks de komst van Tom Savini, ook niet bepaald overtuigend. De meeste zombies hebben wat grijze schmink op hun smoel - dat in de film meer blauw oogt - en het bloed oogt meer als verf.
Desondanks valt er bij Dawn of the Dead nog genoeg te genieten; een toffe locatie, geinige muziek van Goblin, een hele reeks toffe shots, memorabele sequenties en one-liners en vier (met name drie) interessante en sympathieke hoofdfiguren. Maar had niet verwacht dat deze na het herzien van de eerste drie films voor mij als minste van de trilogie uit de bus zou komen.
3,5 sterren.
Dawn of the Dead (2004)
Velen waren verrast in 2004 toen die remake van Dawn of the Dead - met 'schandelijk genoeg' rennende zombies - toch best tof bleek. Ikzelf heb de film ook met veel bewondering meerdere malen in de bioscoop bekeken. Waar Tom Savini in 1990 een zeer trouwe remake maakte van Night of the Living Dead, daar maakte een toen nog onbekende Zack Snyder iets compleet anders van de remake van Dawn. Het winkelcentrum bleef als locatie en geeft talloze odes aan het origineel, zoals kleine rollen voor Tom Savini, Scott H. Reiniger en Ken Foree en knipogen als de nieuwshelikopter of een winkel die Gaylen Ross heet. Maar verder doen Snyder - en scenarist James Gunn - helemaal hun eigen ding.
De openingsscène blijft voortreffelijk, daar valt bijna niet over te twisten. In een paar zeer effectieve, goed uitgevoerde spannende sequenties weet Snyder onze maatschappij naar de kolere te helpen, gevolgd door een even sterke opening credits. Weinig mensen hadden kunnen denken dat muziek van Johnny Cash passend zou zijn in een remake van Dawn of the Dead, maar warempel: het werkt. Hetzelfde geldt voor de rennende zombies, overigens. Er was veel ophef dat zombies niet horen te rennen, maar als je ziet wat voor spanning er veroorzaakt wordt door deze maniakale sprinters, dan zie je dat het prima kan. Niets ten nadele van de langzame kadavers, maar deze snelle monsters waren een verfrissende afwisseling. Maar niet alleen de levende lijken zijn een stuk sneller, de gehele film is twee keer zo snel als het origineel. De film is 40 minuten korter dan het origineel en alles gaat ook nog eens razendsnel. En toch kom je in die korte tijd niets te kort; bloed, actie en toffe special effects vliegen je om de oren.
En zelfs op het vlak van de personages valt de film niet tegen. In tegenstelling tot vier personen heeft Dawn of the Dead wel twintig figuren in het winkelcentrum rondlopen, dus logischerwijs komen ze niet allemaal even goed uit de verf. Een Matt Frewer en Boyd Banks zijn leuk gecast, maar krijgen niet heel veel te doen. Van de hoofdfiguren zijn Michael Kelly als beveiliger CJ en Ving Rhames als agent Kenneth duidelijk het best. Polly is prima, maar een tikkeltje aan de saaie kant. De mannelijke held, gespeeld door Jake Weber, is echter de overtreffende trap van saai. Gelukkig gaat de film snel genoeg om niet te lang bij dergelijke types stil te staan. Toegegeven, rond de climax gaat de film soms wel erg overboord met explosies en in slowmotion vallende kogelhulzen. Anderzijds, het is subtiel vergeleken met het latere werk van Snyder. En Dawn of the Dead is gelukkig niet alleen gore en actie, de film bevat hier en daar opvallend aardige stukjes komedie. Wat dat betreft heeft Dawn of the Dead alle ingrediënten in huis en kok Snyder bouwt er een uitstekende maaltijd van. Jammer dat hij gaandeweg het koken is verleerd en nu alleen nog maar fastfood afhaalt.
4 sterren.
Dawn of the Planet of the Apes (2014)
Tussen de Transformers en Godzillas was het hopen dat Dawn of the Planet of the Apes zou doen wat Rise in 2011 deed; de filmzomer wat spektakel én hersens geven. Rise of the Planet of the Apes gaf de zomerblockbuster evenals de reboot even weer een goede naam. De smerige nasmaak van de remake van Tim Burton uit 2001 is in ieder geval weggespoeld. Aan regisseur Matt Reeves de taak om het niveau van de franchise hoog te houden.
Met apen aan de ene kant en de mensen aan de andere kant heeft Dawn of the Planet of the Apes een interessant punt. De conflicten die ontstaan tussen beide groeperingen leveren sterke momenten op en de band die ontstaat tussen Ceasar en Malcolm is sterk. Maar ondanks die sterke band lopen de spanningen hoog op tussen beide teams. Een logische ontwikkeling in het script, maar het is erg jammer dat men hiervoor naar zulke clichématige personages grijpt. Het verhaal vraagt om personages van vlees en bloed en dan passen deze eendimensionale schurken zonder duidelijke motivatie niet in de film thuis.
Maar gelukkig is dit één van de weinige smetjes op een verder uitstekend vervolg. De effecten zijn wederom fenomenaal. En Reeves weet goed hoe hij intelligente scènes moet afwisselen met spektakel. Echt buiten het boekje durft men niet te gaan en hier en daar kun je de film wel betrappen op wat plat sentiment en voorspelbare plotwendingen. Maar daaromheen komt Dawn of the Planet of the Apes met veel stijlvolle plaatjes, sterk drama en genoeg sequenties die je op het puntje van je bioscoopstoel zetten. We mogen de apen wat dat betreft wederom dankbaar zijn voor een stukje hoogstaande cinema in deze filmzomer.
3,5*
Day after Tomorrow, The (2004)
Zo, dat was dan The Day After Tomorrow ...
Het was weer opnieuw een geslaagd bioscoopbezoekje, want de film heeft geen enkele seconde weten te vervelen. De film begint spectaculair en blijft vervolgens boeiend genoeg om zonder enkele problemen verder te blijven kijken tot de eind credits.
Als ongeveer in het midden van de film dan het echte werk (de storm) flink begint, is het echt plezier eerste klas, want de special effects zijn waanzinnig en heel spectaculair, met als hoogtepunt een paar kippenvel creërende scenes, zoals de tornado die de letters Hollywood van de berg schrapt . Was ook al in de trailer te zien, maar blijft één van de beste scènes uit de film.
Wel erg jammer is dat de film á la Hollywood weer drama en emotie moet verwerken in het geheel. Een oninteressante vader-zoon relatie, een subplot met het kankerpatientje en een nogal onnodige scène met een stel computerwolven. Vond het niet heel erg storend allemaal, maar de film was beter afgeweest als bij die scènes de schaar even was komen kijken.
Vervelen deed de film gelukkig niet en met een paar erg vermakelijke en zeer spectaculaire scènes is Day After Tomorrow een prima stukje popcorn- entertainment.
Voorlopig even 3,5 sterren.
Day at the Races, A (1937)
Het werd weer eens tijd voor een film van de gebroeders Marx, maar wel geestig dat ik het format nog steeds kan dromen. En ook A Day at the Races is eigenlijk niets anders dan het andere werk van Groucho, Harpo en Chico; Een mooie dame en haar even mooie geliefde zitten met een probleem, een paar slechte mannen met snorren en altijd boze stemmen zijn iets slechts van plan en het Marx trio komt alles in de war schoppen. Groucho met zijn altijd gevatte commentaar, Chico met z'n gladde praatjes en Harpo met zijn slapstick en kinderlijke mimiek. Deze chaos wordt afgewisseld met de nodige muzikale intermezzo's.
Bijzonder in het oeuvre van de Marx broers is A Day at the Races dan ook niet. Net zoals bij zoveel van hun films zijn de bijpersonages ook echt een kleine bijzaak en beginnen de muzikale stukken van zang en dans vrij snel te vervelen. Ze zijn goed gedaan, daar is geen twijfel over mogelijk, maar het doet het verhaal en de pacing alles behalve goed. Dan toch liever de vloedgolf aan slapstick en complete chaos, aangevuld met Groucho's sarcasme; dat zijn de Marx broers op hun best. A Day at the Races bevat een paar fantastische scènes en goede grappen. Alleen duurt de film inderdaad wel iets te lang.
3 sterren.
Day of the Dead (1985)
Day of the Dead was altijd al mijn favoriet van de oorspronkelijke Romero trilogie. En nu ik de trilogie opnieuw heb gezien, blijf ik nog steeds bij dat standpunt. Je zit er meteen helemaal in, Day of the Dead heeft dan ook een voortreffelijke openingssequentie, waarbij we niet alleen zien dat de wereld zo goed als vergaan is, maar eveneens meteen zien dat de make-up effecten hier van bijzonder hoog niveau zijn. Groot contrast met voorganger Dawn of the Dead; ditmaal geen smurfenschmink, maar hoogstaande make-up en gore. En dat weten de makers ook, want ze laten gedurende de hele film alles in geuren en kleuren zien. De special effects in Day of the Dead staan nog steeds als een huis!
Maar zoals we inmiddels weten is Romero niet enkel geïnteresseerd in slenterende kadavers, maar vooral in de personages. Hij geeft ons een handjevol erg leuke figuren. Sommige zijn weliswaar wandelende stereotypes en subtiel kun je de film niet noemen, maar de clashes tussen de soldaten en de wetenschappers levert spannende momenten op; het zijn de confrontaties tussen Ben en Cooper in Night of the Living Dead in het kwadraad. Joe Pilato is een over de top schreeuwende psycho, maar dat maakt hem tevens enorm memorabel. Sowieso zijn de figuren in Day of the Dead erg memorabel; van de Ierse alcoholist McDermott, de schreeuwlelijk Steel, piloot John en natuurlijk Logan en zijn huisdier Bub. Die laatste is wat mij betreft een fantastische creatie, het moment dat hij het lichaam van Logan vindt is oprecht aandoenlijk. Daarnaast creëert Romero voor het eerst in zijn trilogie een oprecht sterk en interessant vrouwelijk hoofdpersoon met Sarah. Toch van een heel ander kaliber dan Barbara en Francine.
Hoewel elk van de Dead films zich afspeelt op één locatie, Day of the Dead voelt nog het meest claustrofobisch. Was het winkelcentrum in Dawn of the Dead nog ergens een aangename plek, de ondergrondse bunker geeft Day of the Dead een uiterst naargeestige sfeer. De voortdurende dreiging komt vooral door de spanningen onderling en eigenlijk vrij weinig komt van de zombies. Day of the Dead bevat veel scènes met dialoog, vaak intrigerend, maar na 40 minuten ben je langzaamaan wel klaar met het gepraat. Maar dan komt de film ook met een enorm spannende climax, waar iedereen moet rennen voor zijn leven en de hele bunker volloopt met ondoden. Van de drie films bevat Day of the Dead zonder twijfel de spannendste climax. Akkoord, de scare en de cut naar Sarah, John en McDermott op het eiland is ineens erg plotseling. Alsnog voelt de film wel af en is al met al een ijzersterk slot van een uitstekende trilogie. Ergens jammer dat Romero vele jaren later toch nog wat matige sequels uit de mouw moest schudden.
4,5 sterren.
Day of the Dead (2008)
Romero's Night of the Living Dead is in 1990 in een erg aardig nieuw jasje gestoken door Tom Savini. Zack Snyder gaf het woord 'remake' in 2004 helemaal een goede naam toen hij met zijn versie van Romero's Dawn of the Dead op de proppen kwam. Het zou niet lang duren voor het laatste deel uit de Romero trilogie ook van een hedendaagse versie zou worden voorzien. Ik had er in het begin alle vertrouwen in en zelfs toen regisseur Miner (verantwoordelijk voor onder andere het hilarische House) werd aangenomen, had ik nog wel enige verwachtingen van deze remake. Maar na bepaalde berichten en een verschrikkelijk slechte trailer gaf ik de hoop op. En dat was maar goed ook.
Fans van het origineel zullen zich alleen al de haren uit het hoofd trekken als ze aanschouwen wat er is gedaan met het originele verhaal en achterliggende gedachte. Enkel de titel en de namen van de personages komen overeen, verder is alles omgegooid en gekneed tot een waardeloze tienerhorror. Zo zijn bijvoorbeeld geweldige personages uit het origineel (Rhodes, Bub, Dr. Logan) volkomen verpest. Rhodes is niet de grote klootzak van de film maar een nietszeggend persoon met enkel een paar minuten screentijd. Bub is een vegetarische loser geworden. Jawel! En Dr. Logan is niet meer dan een ééndimensionaal kartonnen personage, die zo uit een Amerikaanse soap lijkt te zijn gestapt.
Eigenlijk is de film de term 'remake' helemaal niet waardig, het is enkel een bizar slechte zombiefilm die wil meeliften en dus de naam van een bekende film heeft aangenomen. Ook aan de keuze om Rhames aan te nemen blijkt maar weer wat de makers er voor doen om mensen naar hun film te trekken (aangezien iedereen toentertijd dacht dat dit een direct vervolg zou zijn op Snyder's Dawn). Rhames is, ondanks zijn personage, overigens zeker niet het dieptepunt van de film. Want ja, met non-talenten als Mena Suvari en Nick Cannon in de hoofdrol vraag je ook om moeilijkheden. Eigenlijk zit er geen personage in de film die niet het bloed onder je nagels vandaan haalt, iedereen is irritant.
Verder zijn de zombies ook op idiote wijze aangepast. Ze huppelen en springen in het rond, kruipen over muren, maken het geluid van de Tyrannosaurus uit Jurassic Park en zien er sowieso niet uit. Erg matige make-up effecten. Bepaalde scènes met wat gore zien er nog redelijk uit, maar dit zijn er niet bepaald veel. En tja, verder is het gewoon het niveau van een hele slechte B-horror; PG-13 vrijende (dus met broek en BH aan) tieners, die worden aangevallen en irritante hoofdpersonen die samen met hen proberen om een uitweg te vinden. En dan heb ik het nog niet eens gehad over dat idiote einde met dat belachelijk goedkope schrik- trucje. Goh, wat ben ik geschrokken. 
Ik kan nog wel even doorgaan, maar om een lang verhaal kort te maken; Day of the Dead is niet minder dan rampzalig. Liefhebbers van het origineel zullen díep en díep teleurgesteld zijn, maar ook mensen die het origineel maar matig vonden, zullen hier waarschijnlijk erg weinig tot niets mee kunnen. Paar héle kleine momenten zorgen er (momenteel in ieder geval) nog net voor dat ik de film niet de allerlaagste score geef. Maar het scheelt maar bar weinig.
1 héle kleine ster
Day of the Dead: Bloodline (2017)
In 1990 kreeg Night of the Living Dead een best aardige remake van Tom Savini. En Zack Snyder scoorde film in 2004 met de toffe remake van Dawn of the Dead. Het was dus wachten op een solide remake voor Day of the Dead - wat mij betreft de beste van de drie Romero-films. Inmiddels zijn we twee pogingen verder en we wachten nog steeds op een fatsoenlijke hedendaagse versie.
Het zit Day of the Dead ook niet mee. Eerst was er die debiele prequel Day of the Dead 2: Contagium, toen die even bespottelijke remake van Steve Miner en nu deze. De remake van Miner had geen hol met het origineel te maken, dus daarmee vergeleken is Day of the Dead: Bloodline iets trouwer. Maar alsnog heeft de film niet veel met het origineel te maken. We zien wat soldaten in een bunker, maar het hoofdverhaal gaat vooral om een studente medicijnen en haar enge stalker, die zelfs als zombie nog een enorme geilneef blijkt te zijn. Day of the Dead: Bloodline is enorm zoutloze zombiefilm met de meest oersaaie figuren in de hoofdrol. Vooral het vriendje van de hoofdpersoon is de saaiheid zelve. En de gehele film is enorm inwisselbaar. Men probeert nog wat te grijpen naar het origineel door een zombie met gevoelens en een botte militair erin te verwerken, met als gevolg dat je de film toch gaat vergelijken met Romero’s zombieklassieker. En tja, daar komt deze film niet best uit. Het enige vlak waar de film nog lichtelijk punten op scoort is hier en daar wat overtuigende gore, maar verder is er niets noemenswaardig aan deze zombieflick. En het mag de veters van Romero's Day of the Dead al helemaal niet strikken.
1,5 sterren.
Day the World Ended (1955)
Film heeft wel iets weg van Night of the Living Dead; een groep vreemden moet overleven in een huis en terwijl er buiten iets gruwelijks aan de hand is lopen binnen ook de spanningen hoog op. Toch is er een goede reden waarom Night of the Living Dead wel érg geslaagd is en deze film niet meer is dan een matig science fiction filmpje. De personages zijn van karton en hun persoonlijke drama's zijn totaal niet boeiend. Dit komt niet in de laatste plaats door het bijzonder matige acteerwerk, de acteurs lijken enkel de zinnetjes op te lezen.
Daarnaast gebeurt er een hele lange tijd niets en dat maakt de film al snel erg vervelend. Het monster laat zijn plastic gezicht pas na meer dan een uur zien en is ook zo weer verdwenen en is daarnaast inderdaad ook nog te lachwekkend voor woorden. Als laatste is het camerawerk erg beroerd. Dat neemt echter niet weg dat er hier en daar nog wel een aardige of vermakelijke scène verstopt zit. Vooral de korte speelduur zorgt ervoor dat de film niet erg lastig is om uit te kijken.
2 hele kleine sterren.
Dead & Buried (1981)
Alternatieve titel: Dead and Buried
Een sympathieke en minder bekende horror uit begin jaren 80. Heeft qua sfeer en toon wel iets weg van een John Carpenter als The Fog en past qua sfeer ook wel bij de Stephen King verfilmingen. Maar Dead & Buried heeft verder niet echt veel grote namen. Het script werd weliswaar geschreven door Ronald Shusett, de schrijver van Alien, dus daar kan de film flink mee pronken. Ook de naam Dan O’Bannon (die andere scenarist van Alien) wordt genoemd, maar O’Bannon zelf zegt vrijwel niets met deze film te maken te hebben. Regie is in handen van Gary Sherman, die hiervoor de horror Death Line maakte en na deze film het aardige vervolg Poltergeist III regisseerde. Maar er is wel een grootheid betrokken bij de film; niemand minder dan legende Stan Winston verzorgt namelijk de effecten.
Dead & Buried is geen snelle, flitsende horror, maar moet het hebben van de sfeer en het mysterie. De film wordt langzaam opgebouwd, met hier en daar een moordpartij en een enkele zeer effectieve scare. Echt eng is de film niet, maar de duistere, dreigende sfeer die wordt neergezet is wel aanstekelijk. De effecten zijn voornamelijk alleraardigst en creatief, met hier en daar een knullige uitzondering (de man die zuur geïnjecteerd krijgt is wel heel duidelijk een pop). De personages zijn prima en ook het acteerwerk voldoet, met Jack Albertson - de opa uit Willy Wonka - als duidelijke hoofdattractie en Robert ‘Freddy’ Englund speelt verder nog een klein, geinig rolletje. Hoofdrolspeler Farentino is iets minder, zeker tegen het einde wordt zijn overacteren nogal lachwekkend. Desondanks kent Dead & Buried een sterk einde.
3,5 sterren.
