Meningen
Hier kun je zien welke berichten Chainsaw als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Mask, The (1994)
1994 was een goed jaar voor Jim Carrey met hits als Ace Ventura, Dumb and Dumber en deze live action cartoon. En met zijn elastieken smoelwerk was hij natuurlijk uiterst geschikt voor een typetje als The Mask, gebaseerd op de vrij gewelddadige Dark Horse strips. Ikzelf was meer bekend met de tekenfilmserie die een jaar na deze film verscheen, met Rob Paulsen als Stanley Ipkiss/The Mask. In deze film speelt Carrey het sulletje Ipkiss, hoewel je ziet dat hij zich met moeite kan inhouden, zelfs als Ipkiss trekt hij al wat rare bekken, die we van hem gewend zijn. Maar dat is niets vergeleken wat hij doet als hij het masker opzet, dan gaat hij - net als de film - helemaal los. Chuck Russell had hiervoor vooral naam gemaakt met de vermakelijke en energieke horrorfilms Nightmare on Elm Street 3 en The Blob en had dus wel de nodige ervaring met over de top sequenties en special effects. En die ervaring kon hij prima gebruiken in The Mask.
Veel films uit de jaren 90 die hevig leunen op CGI zijn inmiddels flink gedateerd, maar het valt op dat dit bij The Mask eigenlijk amper het geval is. Dit komt natuurlijk vooral omdat de effecten niet realistisch hoeven zijn, maar moeten voelen als een tekenfilm. En op dat vlak werken de vele effecten van The Mask vandaag de dag nog steeds. Het is zelfs 25 jaar na dato nog steeds best indrukwekkend. De film leunt dan ook niet enkel op CGI, een groot deel heeft te maken met de enorme energie van Carrey. Verder is The Mask niet heel noemenswaardig, hoewel er wel een paar leuke bijrollen voorbij komen. Peter Greene is weer eens een sleazy bad guy - die ook in 1994 een andere memorabele rol speelde - en Cameron Diaz heeft voor haar debuut een grote rol te pakken. Verder een hoop kleine rolletjes van onder meer Reg E. Cathey (en zijn epic stem), het duo in de garage, de huurbaas, het politieduo … een hoop kleurrijke types in een kleurrijke film. Maar goed, je let amper op andere personages als Carrey met groen masker in beeld komt stormen voor een portie overacteren waar de Looney Tunes nog u tegen zeggen.
3,5 sterren.
Masterminds (1997)
Niet eens zo'n hele beroerde jeugdfilm, in ieder geval niet zo belabberd als de poster doet vermoeden. Film is braaf as hell, alle clichés uit het boekje komen voorbij. Soms was de film verbazingwekkend genoeg een glimlach waard, het is wat dat betreft jammer dat de film zichzelf zo serieus neemt. Dat drama met die moeder aan de walkie-talkie is zum Kotsen. Ook passeren er iets teveel Home Alone-taferelen de revue en de synchronisatie van het beeld en geluid was geregeld om te huilen. Hoofdrolspeler Kartheiser is flink irritant, maar een paar bijrollen waren best aardig, zoals Callum Keith Rennie. Maar het hoogtepunt is Patrick Stewart in een geinige schurkenrol. Mag hij vaker doen.
2 sterren.
Match Point (2005)
Verre van Allen's beste. Nogal suffe karakters die zelden weten te boeien, dialogen die nauwelijks in de buurt komen van Allen's scherpe teksten in zijn eerdere films en een script dat op een gegeven moment alle kanten op gaat, maar zelden de juiste snaar weet te raken. Het gedoe rond de ring, die aan de verkeerde kant valt en uiteindelijk toch in Wilton's voordeel lijkt te werken was zeker sterk gevonden en een prima afsluiter, maar alles eromheen deed me maar vrij weinig. Op zich was Match Point een best aardig relatieproblemen-filmpje, maar bovengemiddeld werd het nergens. En juist dat verwacht ik inmiddels wel een beetje van Allen.
Voordeel van de twijfel, 3 kleine sterren.
Matchstick Men (2003)
Hmmm, het is alweer een tijd geleden dat ik zo'n lekkere, vlotte film heb gezien, had ik niet verwacht. Cage heb ik al een tijdje niet in een goede rol gezien, maar hier is ie weer op z'n best. Rockwell is tevens geweldig op dreef en steelt de show. Verder een aantal bijzonder leuke momenten en visueel ziet de film er uitstekend uit en weet nergens te vervelen.
4 sterren.
Matilda (1996)
Duister en lief, grof en zoet; het zijn combinaties waar vooral Roald Dahl goed in is. Wat dat betreft heeft regisseur Danny DeVito de toon prima te pakken in een film die vooral uitblinkt vanwege een uitstekende cast. DeVito zelf speelt met Rhea Perlman de erg leuke rollen van Matilda’s ouders en ook Mara Wilson is goed gecast als sympathiek hoofdfiguur. Maar het meest memorabel is toch wel Pam Ferris als Trunchbull, zij speelt haar rol met enorm veel plezier. DeVito maakt een kleurrijke en warme familiefilm met af en toe een lekker duister randje, hoewel het nergens eng wordt als de Dahl-verfilmingen The Witches van Roeg of de BFG animatiefilm. Daarvoor is de toon van Matilda net iets te lief en vooral cartoonesk. Wat dat betreft zit er ergens nog wel een rem op de film, DeVito had hier en daar nog best een stapje verder mogen gaan.
3,5 sterren.
Matrix Reloaded, The (2003)
De meest hilarische dialoogzin in The Matrix Reloaded komt van Monica Bellucci als ze praat over Neo en Trinity: ‘You love her. She loves you. It's all over you both’. Hilarisch natuurlijk, want als er wederom iets níet blijkt is het de chemie tussen Reeves en Moss. En toch is hun liefde - net als in de eerste film - één van de belangrijkste elementen in deze film. Maar uit de verf komt het geen seconde. Dat geldt overigens voor heel veel momenten in The Matrix Reloaded. Wie dacht dat het eeuwenlange geouwehoer in The Matrix niet erger kon, zie het vervolg waarin men nóg meer aan het brabbelen is. Elk personage krijgt na een introductie minutenlange monologen over niets. Zo lult Fransman Lambert Wilson minutenlang over een blonde vrouw die een stukje taart eet. Later maakt Bellucci de opmerking dat Wilson z’n mond maar niet kan houden, waarna ze zelf maar oeverloos begint te kletsen over liefde.
Het is niet voor niets dat The Matrix Reloaded vooral nog bekend staat vanwege zijn actiescènes, dat zijn immers de momenten waarop personages eindelijk stil zijn. Maar je moet wel geduld hebben om tot deze actiescènes te komen. We krijgen een hoop politiek geneuzel op Zion, waar The Matrix Reloaded vooral doet denken aan de Star Wars prequels. Da’s nooit een goed teken. Reeves krijgt ondertussen weer van iedereen quasi-filosofische preken. Ditmaal niet alleen van Morpheus, maar van allerlei figuren. Men ratelt maar door over het lot, het doel, de profetie. Dus als na zo’n 50 minuten honderden Hugo Weavings verschijnen om Keanu Reeves in elkaar te slaan is dat een verademing. De effecten zijn enorm gedateerd en geregeld erg lelijk, maar het vermaakt wel heel eventjes. Ook de bekende snelwegscène zit alleraardigst in elkaar en is zonder meer het hoogtepunt van de film. Maar een paar aardige actiescènes kunnen een zeurderige en rommelige film niet redden.
2 sterren.
Matrix Revolutions, The (2003)
Net als zijn voorganger Reloaded kent The Matrix Revolutions eigenlijk twee grote memorabele actiescènes, een reeks kleine knok- en schietpartijtjes en verder een hoop scènes met geouwehoer over de profetie, het lot, het doel, keuzes en liefde. Uiteraard staat de liefde tussen Reeves en Moss, die na drie films nog steeds geen mespuntje chemie in hun donder hebben, centraal. Neo blijft vragen stellen aan jan en alleman en krijgt een hoop vage antwoorden terug. ‘Als het leven je een keuze geeft, is je doel het lot geworden’, dat soort onzin. Alsof de Wachowskis een concert van Blöf hebben bezocht voor het schrijven. Hoe dan ook, zelfs na twee films van uitleg over hoe de wereld in elkaar zit blijft men in de afsluiter van de trilogie nog vooral bezig met uitleggen.
Maar er vliegt meer in het rond dan loze woorden, er vliegen vooral veel sentinals door het beeld. Wat volgt is flinke hoop knal-, schiet- en vliegwerk; boosaardige sentinals zweven in grote groepen rond, terwijl de good guys hun geweren leegschieten. Dat is even leuk, maar ook erg snel vermoeiend. Het is dezelfde reden waarom de actiescènes in de Transformers-films niet werken; we zien vooral een hoop CGI tegen elkaar gegooid. Het grote eindgevecht tussen Neo en Mr. Smith is wat dat betreft overzichtelijker. Maar ook die gaat opvallend snel te vervelen. Sure, het is beter dan kijken naar mensen in kapotte rode en grijze truien die dramatisch mompelen over het einde, maar een CGI knokpartij boeit ook maar even. Minder gezeur dan in Matrix Reloaded, maar een veel betere film heeft het niet opgeleverd.
2 sterren.
Matrix, The (1999)
Lange leren jassen, zonnebrillen, enorme mobiele telefoons en Rob Zombies Dragula in een donkere club; met films als The Matrix - en Blade - vlieg je even terug naar eind jaren 90, waarin dit soort dingen enorm cool waren. Dat is leuk om te zien, maar ik blijf erbij dat ik niet snap hoe zoveel mensen deze film nog steeds als geniaal bestempelen. Want ik zie bij The Matrix niet veel meer dan een aardige, goed verzorgde actie-scifi met een paar iconische scènes en verder een hoop gebrabbel. De film introduceert een wat ingewikkelde wereld, met als gevolg dat we de halve film aan het luisteren zijn naar uitleg over hoe het in elkaar zit. En niet alleen aan het begin, het gehele script zit vol met uitleg-dialogen. En meestal niet rechttoe rechtaan, men blijft het liefst zo vaag mogelijk, zodat Keanu Reeves de hele film alleen maar vragen stelt. Serieus, ik geloof dat tweederde van zijn dialogen een variant op ‘wat is dat?’ is. De rest van de personages zijn overigens niet minder aan het herhalen, zij blijven steevast doorzeuren over of Neo de ware is, ja of nee. Dat gaat gevoelsmatig eindeloos door.
Deze momenten worden afgewisseld met een hoop actie en bijzondere visuals. Een deel daarvan is nog steeds bijzonder geslaagd (als Reeves wakker wordt in die pod), anderen zijn vrij ernstig gedateerd. CGI van het kaliber ‘de climax van Spawn’ krijgen we hier weliswaar niet, maar tijdens bepaalde actiescènes (zoals de achtervolging met Trinity in de openingsscène) zijn de effecten echt foeilelijk. Ik denk zelfs voor die tijd. Andere momenten, zoals de slowmotion en de 360 graden camera-bewegingen, verdienen misschien geen schoonheidsprijs meer, maar je kunt nog wel zien waarom ze iconisch zijn geworden. De creativiteit verdient nog steeds een pluim. Soms krijg je even wat standaard knokwerk of pistoolgeweld en dat gaat opvallend snel vervelen, maar zodra men wat creatief met de actie omgaat is het enorm leuk. Cheesy en soms lelijk, maar wel erg leuk.
Erg karig bij The Matrix zijn echter de personages. De film leunt een groot deel op de zogenaamde chemie tussen Neo en Trinity, terwijl die twee dus 0,0 chemie hebben. Beide staren elkaar de hele film levenloos aan en mompelen wat, maar schijnbaar was dat gestaar en gemompel met passie. Het spel van beide is ook niet echt overtuigend, Reeves bewijst ook hier weer geen acteerwonder te zijn. De enige die eruit springt is Hugo Weaving, omdat hij zó over de top is dat het leuk wordt. Elke zin uit zijn mond klinkt hilarisch. De rest van de personages en acteurs zijn eigenlijk maar zo zo, het is vooral een klus om die inwisselbare lui in het team van Morpheus uit elkaar te houden. Eentje heeft een wit pak. De ander is jong. Veel verder kom ik niet.
3 sterren.
Matterhorn (2013)
Gortdroog. Alles behalve subtiel. Lekker sfeertje. Een mengelmoes van realisme en surrealisme. Toffe art. Fijne typetjes, die mooi balanceren tussen lekker-vet-aangezette karakters en geloofwaardige personages. Sterk spel van Kas en van 't Hof. Lekker kort maar krachtig (geen film die koste wat kost de 120 minuten moet aantikken). Sterk einde (enkel het 'schreeuwen van de naam van zijn zoon' was too much). Al met al kon ik niet anders zeggen dan dat ik hier erg van heb genoten.
4 sterren.
Mauvaise Graine (1934)
Alternatieve titel: Bad Blood
Altijd leuk om het regiedebuut van één van je favoriete regisseurs te mogen zien. Mauvaise Graine is niet echt een bijzondere of opvallende film, maar als Wilder- fan is dit zeker interessant om te bekijken. De personages zijn voornamelijk knullig en de film springt nogal eens van hot naar her, maar gelukkig vermaakt het verhaaltje uitstekend en vooral de auto- en achtervolgscènes zagen er tot mijn verbazing alleraardigst uit. Die lege straten in Parijs zijn inderdaad bijzonder om te zien.
3 sterren.
Maximum Overdrive (1986)
Alternatieve titel: Vol Gas
Brian dePalma, Stanley Kubrick, David Cronenberg en John Carpenter verfilmden als eerste een Stephen King boek. Niet veel later zien we een trailer voor de film Maximum Overdrive waarin Stephen King teksten uitkraamt als: "If you want to do something right, you have to do it yourself" en "I just wanted someone to do Stephen King right". Ik verwacht dat het meer een gimmick was om Stephen King eens zijn eigen verhaal te laten verfilmen. En de combinatie van een vrij groot ego en een neus vol cocaïne zorgden dat King in die rare trailer naar het publiek wijst en stellig beweert: "I'm gonna scare the hell out of you!". Het moge duidelijk zijn dat hem dat in zijn regiedebuut Maximum Overdrive geen seconde is gelukt. Maar wat geeft ie ons een lol.
Maximum Overdrive is bespottelijk, maar gelukkig weet King dit ook en neemt de film zichzelf niet al te serieus. De film begint al met een pinautomaat, die King (in een cameo) uitmaakt voor 'asshole'. Waarna een nummer van AC/DC klinkt, een band die de gehele soundtrack van de film heeft verzorgd. Vervolgens komen er allerlei geestige sequenties voorbij. Want in Maximum Overdrive zijn het niet alleen vrachtwagens die tot leven komen, ook frisdrankautomaten, stoomwalsen, ijscowagens en elektrische messen krijgen een eigen leventje. Maar het grootste deel van de film speelt zich af in een tankstation, waar veel te veel personages opgepropt zitten. Allerlei typetjes als een sigaarrokende onsympathieke baas, een vunzige bijbelverkoper en een non-stop schreeuwende Yeardley Smith. Daarnaast zitten er nog veel meer figuren in de film, een hoop waar we de namen niet eens van leren. Een deel wordt aangereden door de zelfrijdende vrachtwagens, onder leiding van een truck met de kop van de Green Goblin op de voorkant.
Maximum Overdrive is op z'n best als het gewoon domme knulligheid is. Explosies, idiote moordpartijen en ongelukken volgen elkaar soms in hoog tempo op en dat is uiterst vermakelijk. Maar er is ook veel tijd voor character development en tja, op dat vlak is de film zacht uitgedrukt niet bepaald sterk. Er gaat aardig wat aandacht naar Emilio Estevez en zijn kersverse liefje en ook de overige personages in het tankstation krijgen allemaal aardig wat aandacht, ook al zijn ze oninteressant en soms - zeker in het geval van mevrouw Yeardley Smith (de stem van Lisa Simpson) - enorm irritant. Maar als de film op stoom is, wordt het soms erg leuk. Wat dat betreft heeft King verre van een goede, enge film gemaakt zoals hij in de trailer beweerde. Maar hij heeft met Maximum Ovedrive wel 'one hell of a guilty pleasure' afgeleverd.
3 sterren.
May (2002)
Erg aardige film, lijkt een beetje een Carrie en American Beauty in de blender. Aardig sfeertje, prima soundtrack (inclusief een leuk, passend riedeltje) en een sterke rol van Bettis. De overige karakters deden me weinig tot niets, maar Bettis stopt veel in de titelrol en draagt de film met gemak op haar schouders. Het duurt even voor de film goed op gang is, maar gelukkig is vervelen er nergens bij. McKee toont hier en daar een paar sterke shots en vooral het laatste shot is grandioos. Perfecte afsluiting voor een verder erg aardige hedendaagse horrorfilm.
3,5 sterren.
Mayhem (2017)
In The Walking Dead was Steven Yeun jarenlang een vredelievende softie, maar dat gebrek aan geweld mag hij in Mayhem van Joe Lynch dubbel en dwars inhalen. Lynch, die al vanaf de openingsscène in zijn regiedebuut Wrong Turn 2 bewees dat hij wel raad weet met de combinatie van over de top geweld en onderbroekenlol, geeft een enorm vermakelijke adrenalinekick. Vergelijkbaar met The Belko Experiment van Greg McLean en James Gunn vorig jaar, maar in mijn optiek zelfs nog een stukje leuker. We zien een leuke rol van Yeun, maar vooral een schitterende rol van Samantha Weaver als Melanie. De twee lopen, gewapend met een heel arsenaal van de Gamma, rond in een kantoorpand met allerlei geflipte juristen. Diepgang is ver te zoeken, maar het pure entertainment dat Lynch serveert smaakt uitstekend; over de top karikaturen die elkaar de kop inslaan, afgewisseld met geinige onderonsjes. Als Yeun een deur niet openkrijgt, roept Weaver hem toe ‘je opent deuren zoals mijn oma neukt’. In Mayhem heeft subtiliteit een ATV’tje.
3,5 sterren.
Me, Myself & Irene (2000)
Nogal een tegenvaller, deze tweede samenwerking tussen Carrey en de broertjes Farrelly. Film kent hier en daar best een paar geinige momenten, maar Dumb en Dumber is het zeer zeker niet. Het moment dat Carrey zichzelf tijdens een ruzie met zichzelf uit de auto gooit was nog wel het leukst. Verder een redelijke komedie, maar jammer genoeg niet meer dan dat.
3 sterren.
Mean Creek (2004)
Mijn verwachtingen waren hoog, maar kwamen allemaal stuk voor stuk uit, aangezien Mean Creek werkelijk een erg indrukwekkende film was.
Een simpel plot, dat op een perfecte manier is uitgewerkt en geen moment saai begint te worden of in herhaling valt. De film is erg sfeervol en de spanningen kwamen echt ontzettend goed bij de kijker (bij mij in ieder geval) over. De film was een aantal keren dan ook echt zenuwslopend.
En dan is er uiteraard nog het ijzersterke acteerwerk. De jonge spelers doen het ontzettend goed en zetten hun personages stuk voor stuk erg realistisch neer, zodat het niet moeilijk is je te verplaatsen in het verhaal. Jammer dat de film wat aan de korte kant was, hij had van mij nog wel iets langer mogen duren.
Trouwens ook een prachtige poster hierboven ...
Ik hou het voorlopig even op een score van 4 (hele dikke) sterren !
Mean Girls (2004)
Verwachte een flauwe komedie, maar ik moet bekennen dat Mean Girls toch meer niveau heeft dan ik in eerste instantie had gedacht. De humor is hier en daar best aardig en ook de drama- scènes werken soms best prima. Ook Lohan wist me te verrassen met een alleraardigst stukje acteerwerk. Desondanks is de humor hier en daar te flauw en voorspelbaar, is niets om echt van de daken te schreeuwen en is het einde waarbij je redelijk makkelijk jeuk kan krijgen op niet zulke fijne plekken toch jammer. Al met al geen hoogstaand werkje, maar het viel me toch niet tegen.
Een zesje.
Meaning of Life, The (1983)
Alternatieve titel: Monty Python's The Meaning of Life
Een serie erg amusante sketches met leuke droge Britse humor. Was niet overal even sterk en ik had ook niet het gevoel dat alles op top Monty Python niveau was, maar bepaalde dingen waren wel erg komisch. Hoogtepunten waren voor mij dat segment over de dood, welke begint met die korte animatie met die boom, gevolgd door die sfeervolle en erg geestige scène met magere Hein. Prima vermaak, in ieder geval.
3,5 sterren.
Meet Joe Black (1998)
Niet slecht, maar ook verre van een meesterwerk. Het acteerwerk, met name van dat Hopkins, was uitstekend en de film leunt vooral op deze vertolkingen. Verder ziet het er allemaal goed verzorgd uit. Daarentegen staat een behoorlijk oninteressant script en een film die echt véél te lang duurt. Had het op een gegeven moment wel gezien en toen ging de film nog meer dan een uur door.
Voor een paar aardige momenten en een prima acteren toch nog 3 kleine sterren.
Meet the Feebles (1989)
Alternatieve titel: Just the Feebles
Heerlijk idiote, maffe, onzinnige en ranzige film, deze Muppet Show on drugs. De humor van Jackson is duidelijk te herkennen en ook al is dit zeker niet zo sterk als zijn Braindead of Bad Taste, er valt meer dan genoeg te lachen met deze heerlijke onzin. 
4 sterren.
Meet the Fockers (2004)
Vond Meet the Parents al een behoorlijk matige komedie, maar waar deze nog enigszins wat aardige momenten telde, weet Meet the Fockers nog maar zelden een glimlach op het gezicht van de kijker te voorschijn te toveren. De poep, plas en voorhuid- humor weet nergens aan te slaan en praktisch elke grap uit deze cliché komedie is van een verre afstand te voorspellen.
Af en toe een redelijk geestig momentje gezien, maar meer dan die ene kleine glimlach hier en daar was dit maar erg weinig. Zo blijkt maar weer dat een combinatie van een groep grote namen als cast en een regisseur met voldoende ervaring in het genre geen garantie zijn voor een goed product.
2 héle kleine sterren.
Meet the Parents (2000)
"Meet the Parents bombardeert je met de ene na de andere grap", zo stond er op de hoes vermeld. Dat valt echter vies tegen, want voor een komedie is de grapdichtheid behoorlijk laag. En die meeste grappen die de film kent zijn flauw en voorspelbaar. Sure, bepaalde momenten waren nog best charmant en geestig, maar echt hilarisch was dit echt nergens. De twee hoofdrolspelers spelen op de automatische piloot en de overige acteurs doen ook niet veel bijzonders. Wilson was zelfs erg irritant.
3 hele kleine sterren.
Meg, The (2018)
Het promotiemateriaal van The Meg - trailer, poster, taglines - doet denken dat de film lekker bewust cheesy is, met een flinke knipoog. Maar als je zo'n film verwacht, kom je behoorlijk bedrogen uit. The Meg was namelijk tot mijn verbazing compleet humorloos. Althans, er werden wel pogingen gedaan tot wat standaard comic relief, maar grappig is het echt geen seconde. En dat met een premisse waarin je Jason Statham tegenover een reusachtige haai zet, het is bijna knap hoe daar zo'n saaie dertien-in-een-dozijn prent uit komt rollen. De mensen achter de promotie hadden schijnbaar een andere - leukere - film voor ogen.
The Meg is op z'n vervelendst als het allemaal nogal dramatisch wordt. We zien gaandeweg de film hoe Jason Statham in slowmotion onder de douche staat en zwaarmoedig voor zich uit staart. Elke keer als de haai iemand opslokt is dit geen reden voor gejuich in het publiek, maar worden we getrakteerd op droevige hoofdpersonages, alsof het slachtvee dat sterft ons iets moet doen. Het wordt al helemaal mooi als we steevast een love interest voor Statham krijgen en hij een band opbouwt met een - erbarmelijk acterend - klein meisje. De makers lijken daarmee het grote publiek te willen plezieren en maken van The Meg een soort familiefilmversie van Jaws. Akkoord, bepaalde sequenties met de uit de kluiten gewassen haai zijn enigszins vermakelijk, maar de film neemt zichzelf veel te serieus. Dit had hele leuke pulp kunnen worden of op z'n minst zo slecht dat het leuk is. Maar The Meg is geen van dit, het is een enorm inwisselbaar actiefilmpje, met slechts een handjevol aardige scènes.
2 sterren.
Meglio Gioventù, La (2003)
Alternatieve titel: The Best of Youth
Lovely. En mooi, ontzettend mooi. De immense speelduur van dit Italiaanse drama stond me nogal tegen, maar toen de film eenmaal de speler in ging heb ik daar nooit meer last van gehad. Van de allereerste klanken van House of the Rising Sun tot zes uur later het shot van een juist ondergaande zon was ik gefascineerd. Gefascineerd door de bijzondere dingen en het alledaagse; het komische en het ontroerende; het aangrijpende en het vermakelijke. En de film straalt bij alles een enorme rust uit. Maar La Meglio Gioventu zit daarnaast boordevol fantastisch acteerwerk. Van die cast die je weet te ontroeren met slechts één simpele blik. Voortreffelijke personages en ijzersterk spel, met name van Alessio Boni - die me overigens de hele tijd veel aan Hugh Jackman deed denken.
4 ruime sterren. Verhoging niet uitgesloten.
Memento (2000)
Beste een aardige thriller, maar eigenlijk niet veel meer dan dat. Christopher Nolan past een geinig trucje toe; het verhaal wordt achterstevoren verteld. En sure, dat levert een paar interessante momenten op, maar dat is het eigenlijk ook wel. Het is duidelijk dat in Memento de stijl voorop staat, de personages boeien Nolan hier al niet zo. Maar hij zit vroeg genoeg in zijn carrière om niet puur bezig te zijn met visuele bombast en poeha, zoals in zijn latere werk. Wat dat betreft legt Nolan hier veel druk op de schouders van deze vertelstructuur. Qua verhaal zorgt Nolan dat je je als kijker niet hoeft te vervelen, maar eerlijk is eerlijk; ik zat nu ook niet bepaald op het puntje van mijn stoel. Vond het op een gegeven moment zelfs een beetje saai worden, dat geneuzel rondom inwisselbare figuren als Jimmy en Dodd kon me eigenlijk wel gestolen worden. Het korte segment rondom Stephen Tobolowsky als Sammy Jankis was eigenlijk nog het meest intrigerend.
Vooruit, nipt 3,5 sterren.
Mémés Cannibales, Les (1988)
Alternatieve titel: Rabid Grannies
Voor liefhebbers van pulp met heel veel geduld. Het eerste half uur van de film wordt gebruikt als introductie van de meest onsympathieke personages bij elkaar. En dan heb je als kijker tijd om te wennen aan de idiote dubbing en het spel. In principe had de film gemakkelijk de helft korter gekund als je alle pauzes in de dialogen zou weghalen (schijnbaar hadden de Franse acteurs moeite met Engels en moesten de Engelse voice-over acteurs dus deze vreemde manier van praten overnemen). Het is lachwekkend en vermoeiend tegelijk.
Na een half uurtje gaan de twee bejaarde gastvrouwen dan eindelijk aan het werk, maar verwacht vervolgens geen achtbaanrit aan splatter en gore; het blijft tamelijk tam. Hier en daar gaat de film lekker over de top en het blijft geestig hoe knullig alles is, maar telkens krijg je het gevoel dat er meer uit te halen was. Voor een film met zo'n premisse - en de naam Troma op de poster - verwacht je eerlijk gezegd iets meer. Gelukkig valt de film wel in de categorie 'zo slecht dat het ook weer leuk wordt', waardoor Rabid Grannies al met al toch nog best leuk entertainment is.
2 sterren.
Memorîzu (1995)
Alternatieve titel: Memories
Ik sluit me aan bij Jordy. Magnetic Rose, het eerste en voor mij persoonlijk het beste verhaal, ziet er werkelijk prachtig uit. Schitterend kleurgebruik en ook erg mooie muziek. Stink Bomb, het tweede verhaal, vond ik ietsjes minder, maar het wist nog steeds best te amuseren en was van tijd tot tijd ook best geestig. Cannon Fodder, het derde en laatste verhaal, deed me daarentegen weer erg weinig en kon me eerlijk gezegd niet echt boeien.
Al met al 3,5 sterren voor Memories. En dan voornamelijk voor Magnetic Rose.
Men in Black 3 (2012)
Alternatieve titel: Men in Black III
Nooit gedacht dat het gegeven van Men in Black kon worden opgerekt tot een trilogie. Meestal levert dat oprekken en uitmelken ook niet veel soeps op. In het geval van Men in Black III gaat het nog aardig. Smith en Jones zijn, wederom, een prima duo en ook het casten van Brolin was een slimme zet. Verder weet Jemaine Clement goed te vermaken in zijn Tim Curry- achtige rol als de bad guy. Lekkere bad-ass gast met prima looks en die ook nog eens komisch uit de hoek kan komen (A har har har). Sowieso laat Rick Baker weer eens zien waar hij goed in is. Terwijl Danny Elfman het laat horen.
Maar ondanks deze namen blijft Men in Black III toch maar zo zo. Het is nergens ook maar een beetje bovengemiddeld en erg geestig is het ook niet. De personages zorgen af en toe voor een glimlach her en der, maar de echte lol blijft jammer genoeg uit. Verzorgd en amusant is deze derde Men in Black wel, maar verder dan prima tussendoortje komt het allemaal niet.
3 sterren.
Men Who Stare at Goats, The (2009)
Een film waarvan de indrukwekkende cast vooral meteen opvalt. Clooney, Spacey, Bridges, McGregor, Patrick en Root, samen in een komedie. Dat gegeven alleen al moet op de één of andere manier iets bijzonders opleveren. The Men Who Stare At Goats is een geestig werkje geworden, dat nergens echt bovengemiddeld of hilarisch weet te worden, maar wel een hele reeks geweldige scènes voortbrengt. Vooral in het eerste uur zitten een paar geweldige momenten met bijbehorende hilarische karakters. Waarvan Clooney en zijn snor zonder meer de show stelen.
3,5 sterren.
Mercano, el Marciano (2002)
Alternatieve titel: Mercano the Martian
Geestig filmpje, leek wel wat op een animatie- versie van Mars Attacks. Komische marsmannetjes met een idioot brabbeltaaltje, een script vol maatschappijkritiek en een hele hoop ongein. Mercano begint amusant, maar op den duur lijkt de film soms wat moeite te hebben met de lange speelduur. Een dergelijk project werkt volgens mij ook gewoon beter in de vorm van korte en krachtige filmpjes, want na een half uurtje liep dit allemaal niet zo soepel meer. En ook de écht leuke en scherpe grappen bleven jammer genoeg uit. Hoewel het einde ('het was de blauwe') wel weer lollig was.
3 sterren.
Metallica & San Francisco Symphony S&M2 (2019)
Elke periode in het oeuvre van Metallica heeft wel z’n liefhebbers. Ikzelf was vooral fan van wat de band deed in de jaren 90 rond de albums Load en Reload. En was ook een groot liefhebber van S&M, hun eerste samenwerking met het San Francisco Symphony Orchestra. Ik was dus best benieuwd naar hun tweede samenwerking, ook al volg ik de band eigenlijk al jaren niet meer. Maar oef, dit was niet best.
Muzikaal zal het allemaal wel prima zijn, maar ik kon deze registratie van 150 minuten maar moeilijk doorkomen. De vertoning begon met een filmpje waarin Metallica schouderklopjes geeft aan Metallica omdat ze bezig zijn met een goed doel. Onder het motto ‘wat zijn we toch goede mensen’. Vervolgens komt de band vertellen waarom ze gekozen hebben voor een S&M2. Niet dat daar nu een interessant verhaal achter zit, integendeel; we horen zo’n standaard lulverhaal over waarom ze dit wilden doen. Ik dacht alleen maar ‘ga alsjeblieft gewoon beginnen met de show’. Alsnog hoop je natuurlijk dat de band wel iets bijzonders in petto heeft, dat dit na 20 jaar niet ineens een simpele herhalingsoefening wordt. Maar dat bijzonders heb ik wel compleet gemist. We zien een orkest spelen, de band komt op - op een vrij inspiratieloos podium - en begint te spelen.
Waar ik vrij snel klaar mee was, is dat de band elk nummer lijkt te rekken naar minimaal tien minuten. Elk nummer gingen ze maar door en door, tot vervelens toe. Een nummer als The Memory Remains was even een verademing - en één van de zeldzame hoogtepunten van deze show - want ik had het gevoel dat ze daarvoor bijna twintig minuten non-stop wat op een gitaar aan het raggen waren. Er kwamen weinig nummers voorbij waar ik echt iets mee had, naast Memory Remains waren Enter Sandman en Outlaw Torn leuk om te zien, de rest deed me opvallend weinig. Maar waar dat nog aan iemands smaak gewijd kan worden, het is onvergefelijk dat men voor deze registratie voor de meest saaie cameravoering en montage heeft gekozen. Het ziet er écht niet uit. De shots zijn enorm inspiratieloos, een gemiddelde talkshow wordt met meer dynamiek in beeld gebracht. En de montage werkt ook niet mee, er zit niet eens een ritme in. Er werd gewoon lukraak wat heen en weer geswitcht van camera 1 naar camera 2. De bonte avond van een basisschool in Klazienaveen wordt nog beter vastgelegd.
Dus nee, ik kan niet zeggen dat meer dan twee uur kijken naar mannen die eindeloos raggen op gitaren terwijl er een - verder prima - orkest speelt in de meest suffe cameravoering en montage voor een concertregistratie ooit nu echt de moeite waard was.
2 sterren.
