- Home
- Roger Thornhill
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten Roger Thornhill als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Chiltern Hundreds, The (1949)
Alternatieve titel: The Amazing Mr. Beecham
Tony: “You’re a revolutionary – I suppose you want to guillotine us all!” Beecham: “Not indiscriminately, no, m’Lord.” Klassieke en traditioneel-Engelse maar moeilijk te categoriseren komedie die deels politieke satire bedrijft, deel de spot met de Britse upper-class drijft en deels liefdevolle portretten schetst van personages die nèt naast de werkelijkheid staan zonder daarmee hun claim op sympathie van de kijker te verliezen – kortom, excentrieke upper-class-Engelsen die niets serieus nemen behalve het recht om niets serieus te nemen. De plot behelst een poging van de zoon des huizes om zich bij de komende verkiezingen kandidaat te stellen, eerst voor de Conservatieven en daarna voor Labour, hetgeen de butler maar moeilijk kan verkroppen; belangrijker zijn echter de grappige dialogen waarmee de vele personages elkaar met onderkoelde steken onder water de loef proberen af te steken met typisch Engels gevoel voor understatement.
Van de drie mannen die de belangrijkste rollen spelen zal Cecil Parker het bekendst zijn, want als acteur die meestal tot een (grote) bijrol is veroordeeld heeft hij een gezicht dat bijzonder bekend voorkomt zonder dat je er meteen de titel van een film bij kunt noemen (zoals Hitchcocks The lady vanishes!). Van de anderen is David Tomlinson voor (enigszins) moderne kijkers vooral bekend als Mr Banks in Mary Poppins; voor zijn rol hier als de vriendelijke maar onhandige Tony Pym die de politiek ingaat om zijn Amerikaanse verloofde een plezier te doen lijkt hij bijna gebóren.
De echte ster van de cast is echter A.E. Matthews, hier al 79 jaar maar als acteur nog tot aan zijn dood op z'n 90ste actief; uit zijn latere (of nóg latere) jaren stamt zijn uitspraak: "I pick up The Times every morning, and if I'm not in the obituary list, then I go to work." Als de verstrooide maar gedecideerde Lord Lister met een obsessie voor het schieten op de konijnen die zich op zijn gazon wagen is hij zó goed dat je je haast niet kan voorstellen dat hij regels dialoog opzegt in plaats van in alle oprechtheid baarlijke nonsens uit te kramen, een even achteloze als meesterlijke vertolking. Daarnaast valt Lana Morris nog op als het nieuwe dienstmeisje dat meerdere hoofden op hol brengt, een actrice wier filmcarrière helaas niet echt van de grond kwam en die later meer succes in televisieseries had; voor déze rol is ze echter perfect, met haar ironische oogopslag waarin onschuld en erotische belofte om voorrang vechten. Een werkelijk prachtige verschijning, geen klassieke Hollywood-schoonheid maar wel een mooie en intrigerende vrouw (of meisje: ten tijde van de opnames voor deze film was ze nog maar achttien jaar oud).
Een sprankelende film, inmiddels bijna 70 jaar oud en daardoor misschien makkelijk als oubollig of achterhaald te kwalificeren, maar nog altijd zeer genietbaar voor wie gevoelig is voor subtiele character comedy, goed geschreven dialogen en zéér Engelse humor – zoals ik : één van mijn favoriete komedies uit deze toch zo rijk bedeelde periode van de Engelse cinema (Ealing!). Momenteel verkrijgbaar in een Network-DVD uit 2014, met volgens de hoes een “brand-new transfer from the original film elements”, niet helemaal vrij van krassen maar wel met mooi strak en contrastrijk beeld, helaas met matig geluid en zonder ondertitels, en als enig extraatje een fotogalerij met 43 posters, stills, opnames achter de schermen en publiciteitsfoto’s.
A.E. Matthews in wederom zijn latere jaren toen hij getuige moest zijn van een speech die maar dóórging: "Good God, doesn't he know I haven't got long to live?"
Chitty Chitty Bang Bang (1968)
Alternatieve titel: Ian Fleming's Chitty Chitty Bang Bang
Mijn ultieme jeugdfilm, god wat heeft dit kleine Rogertje hiervan genoten in de bioscoop, dus ik kijk ernaar door een roze bril. Nu ik hem herzie moet ik bekennen dat ik het meeste ervan al weer vergeten was, maar toen die kindervanger met z'n lange neus in beeld kwam kreeg ik opeens een echt onaangenaam beklemd gevoel: de herinnering zat kennelijk dieper dan gedacht. De liedjes en de FX zijn niet allemaal even sterk, maar de rollen van Dick van Dyke (tjonge wat is die dun en lenig), Lionel Jeffries (altijd leuk als excentriekeling) en dus Robert Helpmann vergoeden veel. En Hush-a-bye Mountain is prachtig.
Chronicle (2012)
Grappig dat hier veel verschillende waarderingen voor staan, maar dat de laatste negen redelijk tot zeer positief zijn. Maak daar maar tien van, want ook ik vond dit een originele en goed uitgewerkte film met zowel geloofwaardige personages als goede FX. Als de regisseur hiervan 26 jaar oud was toen hij deze film maakte mogen we nog veel moois van hem verwachten. "I am an apex predator!"
Chronicles of Narnia: Prince Caspian, The (2008)
Alternatieve titel: De Kronieken van Narnia: Prins Caspian
Ik heb zo lang mogelijk geprobeerd om deze franchise niet te vergelijken met die andere fantasy-cyclus van die schrijver die zo'n grote vriend was van de geestelijk vader van Narnia, maar wanneer ik geconfronteerd word met bewegende bomen, vliegende dieren die vallende helden uit de lucht plukken, een rivier die een eigen leven gaat leiden om vijanden te verzwelgen, een veldslag op de binnenplaats van een slot en een tweede slag op het grasveld vóór een andere vesting – ja, dan kan ik het ook niet helpen. Maar goed, ook los van de vergelijking met **** vond ik The lion, the witch and the wardrobe een beetje flauw, maar dit tweede deel bevalt me een stuk beter, met een serieuzere insteek en meer (dodelijke) slachtoffers dan deel 1, hoewel de spectaculaire actie en de aardige intrige enigszins ondergraven worden door de te simplistische personages. Ondanks zijn dwaze exotische accent en die laffe bruingrijze outfit van op het einde is Ben Barnes een prima kroonprins, de kinderen doen het wel aardig (hoewel ik de oudste broer nog steeds niet echt een heroïsch type vind) en Loekie de Leeuw blijft gelukkig grotendeels off-screen, dus al met al was dit toch best een leuke en onderhoudende film.
Chronicles of Narnia: The Lion, the Witch and the Wardrobe, The (2005)
Alternatieve titel: De Kronieken van Narnia: De Leeuw, de Heks en de Kleerkast
Een lieve en onderhoudende fantasyfilm; als volwassene lijkt hij mij perfect voor de jeugdige doelgroep, hoewel ik me afvraag of de vernedering van Aslan en de daarbij aanwezige monsters bij sommige al te jeugdige kijkertjes niet voor een nachtmerrie of twee zouden kunnen zorgen – maar goed, daarom is de film dan ook voor 12 jaar en ouder bedoeld. Voor mezelf zit er net te weinig vlees aan; de plot is wat te simpel, de personages zijn voor het merendeel te eendimensionaal, en hoewel Georgie Henley als Lucy erg goed speelt zijn de acteurs die de drie oudere kinderen spreken te nietszeggend om veel indruk te maken (en in het geval van Anna Popplewell als Susan bovendien uiterst irritant met steeds dezelfde kribbige blik). Bovendien voelt Narnia niet als een "echt" land aan doordat het de indruk maakt een petieterig gebiedje van 50 bij 50 kilometer met een half dozijn inwoners te zijn, het Kerstmannetje is een dwaze verschijning, en tijdens de climactische veldslag lijken teveel vijanden niet op onsmakelijke gedrochten maar op grappig bedoelde stripmonsters.
Zo blijf ik zitten met een schattige sprookjesfilm waar ik als volwassene nergens echt bij betrokken raak. James McAvoy en Tilda Swinton geven de film wel wat gewicht, maar de eerste wordt helaas al snel geslachtofferd en de laatste krijgt in haar rol gewoon niet genoeg ruimte om haar bepaald niet onaanzienlijke capaciteiten ten volle te benutten. De kibbelende bevers zijn echter fantastisch geanimeerd en zijn bovendien hilarisch, en wat is het jammer dat de meesterlijke Rupert Everett als de vos niet wat meer spreektijd heeft gekregen...
Chronicles of Narnia: The Voyage of the Dawn Treader, The (2010)
Alternatieve titel: De Kronieken van Narnia: De Reis van het Drakenschip
Wat mij betreft de leukste Narnia, met een plot met veel verwikkelingen, een grote diversiteit aan lokaties, Ben Barnes die z'n nepaccent gelukkig thuis mag laten, een uitstekend vervelend neefje, die suffe oudere broer praktisch afwezig, en een behoorlijk goed geslaagde zeeslang. Alleen die flauwekul over geloof ("We have nothing if not belief!") en dat gedoe met Aslan, daar krijg ik onderhand wel genoeg van.
Cidade de Deus (2002)
Alternatieve titel: City of God
Een film die me niet in de koude kleren gaat zitten. Briljant gemaakt maar extreem deprimerend. Die scène waarin een jongen moet kiezen welk van de twee peuters hij moet gaan omleggen, of die jongen die door zijn vriendje wordt doodgeschoten alleen maar omdat hij zo veel kwebbelt... En dan kun je soms nog niet eens van wreedheid spreken, alleen maar van afstomping. De ouders komen weinig in beeld, en die van de "koters" al helemaal niet, en dat maakt de film zo mogelijk nog desoriënterender, alsof er een uithoek bestaat waarvan de rest van de wereld het bestaan niet afweet, of beter gezegd niet wil afweten, en dat is eigenlijk ook wel zo. Indrukwekkende film.
Cilla (2014)
Leuke driedelige serie die zich vooral richt op Blacks vroegste jaren, dus de periode waarin ze ontdekt wordt door Brian Epstein en met Anyone who had a heart en You're my world twee Engelse nummer-1-hits in Engeland heeft; doordat de film eindigt met Epsteins dood wordt haar daaropvolgende carrière als televisiepresentatrice wel aangekondigd maar blijft het enorme succes daarvan buiten beeld. Erg leuk, vooral om bekende personen (Epstein, de vier Beatles in hun zeer jonge jaren, George Martin, Burt Bacharach) te zien, en met een vrij overtuigend tijdsbeeld, maar enigszins braaf en niet zo héél spannend, hoewel de relatie met Blacks aanbidder, daarna road-manager en tenslotte echtgenoot Bobby Willis (Aneurin Barnard) wel intrigerend is. Sheridan Smith speelt en zingt zeer overtuigend, Ed Stoppard doet als de energieke, charmante en gekwelde Epstein niet voor haar onder.
Cité des Enfants Perdus, La (1995)
Alternatieve titel: The City of Lost Children
Het ligt natuurlijk helemaal totaal absoluut aan mij, maar dit is een film die in alle opzichten zo inventief, zo kleurrijk, zo fantasierijk en zo levendig is dat ik me bijna niet kan voorstellen dat mensen hier níét enthousiast over zijn. Een kleine keuze uit de memorabele momenten: de gehuilde traan die een serie gebeurtenissen ontketent die uiteindelijk leiden tot het stranden van een schip, het brein op sterk water met migraine, de vlo met een injectienaald aan z'n snuit, Cycloop nummer 1 die Cycloop nummer 2 wurgt en dan z'n eigen camera op het brein van de ander aansluit zodat die naar zijn eigen stervende gezicht kijkt (volgens Jeunet een eerbetoon aan Michael Powells Peeping Tom, en de Siamese tweeling waarvan de ene mond inhaleert en de andere de rook uitblaast) – de ene na de andere onvergetelijke scène komt voorbij. Briljante decors, prachtige muziek en geweldig spel van perfecte koppen (Daniel Emilfork als Krank!) in een even nachtmerrieachtig als ontroerend verhaal. Ja, ik weet het wel, ieder z'n eigen smaak, zoveel mensen zoveel meningen, over smaak valt niet te twisten en alles is subjectief, maar La cité des enfants perdus is zó'n absorberende film dat ik het ondanks alle berichten van teleurgestelde kijkers (Dominique Pinon strontvervelend?!) bijna onbegrijpelijk vind dat deze film niet stijf in de MovieMeter-top-100 staat.
Città delle Donne, La (1980)
Alternatieve titel: City of Women
Overdonderende beeldenstroom waarin Fellini kennelijk alles wat hij ooit over vrouwen heeft gevoeld naar buiten laat stromen, gevat in soms bijzonder grappige en soms pijnlijk schrijnende scènes en met een beeldenpracht die ik buiten Fellini's werk maar zelden ben tegengekomen. Zoals de criticus John Gould Boyum het omschreef, "fabulous adventures in feeling" die naar een prachtige climax in de wolken toewerken, met dank aan een superbe Marcello.
Toen La città delle donne in Cannes werd afgekraakt schreef Andrei Tarkovski (op dat moment in Rome verblijvend voor de opnames van Nostalghia) in zijn dagboek dat "de kranten zeiden dat Fellini's laatste film een totale ramp was en dat hijzelf was opgehouden te bestaan. Het is verschrikkelijk, maar het is waar, zijn film is waardeloos." Maar ja, is er dan ook een groter contrast denkbaar dan tussen Nostalghia en La città delle donne? Ooit waren Fellini en Tarkovski allebei idolen – mooi hoe je het werk van zulke tegenovergestelde filmmakers toch op prijs kunt stellen, maar mijn waardering voor de laatste is de laatste jaren toch afgenomen en voor de eerste alleen maar toegenomen.
City of Lies (2018)
Feitelijk ben ik totaal niet geschikt voor deze film (en daarmee ook niet voor een baan bij de recherche) omdat ik na een handvol procedurele stappen al totaal niet meer weet wie op welk moment op welke plek met welk belang in welke auto zat, en als ik dat wèl zou hebben onthouden zou ik vast niet begrijpen welk licht dat op de zaak werpt en in welke richting ik mijn speurwerk nu moet gaan voortzetten. Dus moet ik mijn plezier bij dit soort films uit andere dingen halen, sfeer voorop, daarnaast personages, dialogen en vertolkingen, en wat dat betreft is het mooi om te zien hoe goed Johnny Depp nog altijd kan (of kon) zijn als hij serieus speelt en eventuele tics en maniertjes thuislaat, zoals hier. Naar Toby Huss kijk ik ook wel graag sinds ik hem als ongeleid projectiel in Joe Carnahans Copshop zag, en de rest van de cast blijft eigenlijk niet bij hen achter. Kortom, hoewel de maatschappelijke thematiek van zo'n doofpotaffaire natuurlijk verschrikkelijk is heb ik City of lies toch vooral als "esthetische" mystery-thriller gekeken, en daarbij ben ik verrassend genoeg dieper de film in gezogen dan ik op voorhand gedacht had. (Maar vooral ben ik blij dat ik niet woon in een stad waar corruptie, macht en geld ("pussy and power ") zó nauw met het politieapparaat zijn verweven als in Los Angeles. Tenminste, dat hoop ik dan maar, dat het er in mijn stad wat anders aan toegaat.)
Clash of the Titans (2010)
Ik weet niet welk gevoel bij mij de overhand heeft: opluchting omdat deze film niet zo beroerd is als ik had gevreesd, of verbazing omdat er zoveel hele en halve filmsterren worden ingezet voor zulke nietszeggende vertolkingen. Bij de stervelingen zitten nog wel een paar aardige rollen (als je dan toch ten strijde moet trekken, wie zou er dat dan níét aan de zijde van Mads Mikkelsen en Liam Cunningham willen doen?), maar als goden in licht-reflecterende of onderaards-donkere gewaden zijn Liam Neeson en Ralph Fiennes toch niet helemaal serieus te nemen, laat staan dat ze enig goddelijk ontzag wekken of begrijpelijk maken waarom ze al die menselijke verering zouden verdienen. En vooral niet knipperen met je ogen, anders mis je Luke Evans als Apollo. Nou ja, iedereen doet z'n best en het ziet er allemaal redelijk uit.
Cleaner (2007)
Het lugubere beroep van het titelpersonage, de gespannen verhouding met zijn rouwende dochter en het ingetogen spel van Samuel L. Jackson dat nu eens niet leunt op arrogantie en vuilbekkerij maken hier toch een vrij aparte en duistere film van. Het afdalen in corruptie en onbetrouwbaarheid binnen het politie-apparaat trekt de plot helaas een beetje de clichématigheid in, maar uiteindelijk kom ik toch op een ruime voldoende uit, vooral dankzij Jackson, een acteur waar ik ondanks zijn alomtegenwoordigheid niet per se graag naar kijk maar die hier echt geweldig is.
Clockwatchers (1997)
Gelukkig heb ik nooit naar Friends gekeken, zodat ik geen last had van vooroordelen met betrekking tot Lisa Kudrow (pas later begreep ik dat ze "een voorgeschiedenis" had); ik vond haar gewoon geweldig spelen en één worden met haar rol, net als de rest.
Zeer herkenbaar voor wie zich ooit wel eens verveeld heeft achter z'n bureau. Prachtig ensemblespel, aangevoerd door de kameleontische Toni Collette, maar voor mij sprong vooral Parker Posey in haar "electrifying" rol van Margaret eruit. Een film die elke keer dat ik hem zie leuker en toch ook wel aangrijpender wordt. Vaak als tweedehandsje te vinden, helaas alleen maar in een 4:3-transfer (en ik zie hem dan altijd met deze hoes).
Close Encounters of the Third Kind (1977)
Ik heb al het enthousiasme voor deze film eigenlijk nooit begrepen. De eerste helft lijkt meer een psychologische studie van een man wiens leven op zijn kop wordt gezet doordat hem iets onverklaarbaars overkomt (met Dreyfuss ideaal gecast), daarna gaat de film richting Devil's Tower en komen de lieve aliens in zicht – en dan gaan er een aantal proefpersonen aan boord van het ruimteschip, gekleed in kekke rode uniformpjes die gelukkig al klaar lagen, en onze held kan niet eens even afscheid nemen van zijn gezin? En dan dat eeuwige gepiel met die vijf nootjes dat uitloopt op een compleet concert, op dat moment kon ik echt mijn lachen niet meer houden. Ambitieus maar dwaas.
Closed Circuit (2013)
Behoorlijk spannende en beklemmende film waarbij het me eigenlijk nog verbaast dat Bana en Hall het er op het einde zonder fysieke kleerscheuren vanaf brengen. Jammer ook van die éne achtervolging op straat, misschien was het nóg enger geweest als het "kwaad" gezichtsloos was gebleven, maar zoals de film nu is blijft er ook al genoeg over om op te kauwen. Prachtige rol van die vriendelijke Jim Broadbent.
Cloud Atlas (2012)
Zes episodes in steeds een heel ander genre, niet alles even geslaagd: bij de toestanden op het slavenschip wil ik maar niet betrokken raken, de broad comedy van de lotgevallen van de uitgever zijn wel èrg melig (hoe goed Jim Broadbent ook speelt), en het onderzoek van journalist Halle Berry past beter in zo'n serieuze paranoia-thriller uit de jaren 70, toen ze dat soort dingen veel beter deden. De drie andere delen zijn een stuk sterker, met het deel met de componist voorop, en de technische vaardigheid van het geheel staat buiten kijf. Wat de thematiek betreft blijf ik toch een beetje zitten met het feit dat de verbanden tussen met name de vroegste episodes wel wat dun zijn, met als gevolg dat ik de film uiteindelijk geen echt overtuigende illustratie van het "alles is onderling verbonden"-motief vind: ik zit eerder te kijken naar verschillende verhalen waarin soms elementen uit andere verhalen terugkomen dan naar een film die als het ware het vlindereffect moet verbeelden. Desalniettemin toch een hoge score voor deze film, want een ambitieuze onderneming als deze waar de filmmakers duidelijk hun hele ziel en zaligheid in hebben gelegd zie ik toch honderd maal liever dan de zoveelste Transformers-blockbuster of voorspelbare actiethriller.
Clouds of Sils Maria (2014)
Alternatieve titel: Sils Maria
Ik was in het begin even bang dat het allemaal te arty zou worden, met die schokkerige hand-held-camera en dat gezeur met die mobieltjes in de trein, maar op het moment dat er meerdere personages in beeld komen (eerst Maria's vroegere minnaar, daarna de regisseur die haar verleidt met de tegenrol van vroeger, tenslotte de jongere actrice die haar uitdaagt) wordt het steeds interessanter en krijgt de centrale wrijving tussen Maria en Valentine steeds meer reliëf. De scènes waarin ze passages uit het toneelstuk oefenen zijn behoorlijk spannend, en Kristen Stewart houdt zich tegenover Juliette Binoche uitstekend staande. Nee, zeker niet alle losse draadjes worden samengeknoopt (waarom staat Valentine te braken? wat doet Maria met Valentine's verdwijning?), maar daar zijn de makers ook duidelijk niet in geïnteresseerd, net zoals de (hoge) verwachtingen die ik had omtrent de repetities met Maria en Jo-Ann en de bibehorende vonken totaal niet worden ingelost doordat de film vrijwel meteen naar de première springt. Lang niet altijd kan ik vrede hebben met zulk opzettelijk elliptische vertelvormen, maar hier stoort het me niet: er blijft genoeg over om op te kauwen, het spel is over de hele linie uitstekend (geen problemen met Binoche's vermeende maniertjes) en bij het aan Maria opgedrongen zelfonderzoek kan ik me meer dan genoeg voorstellen: na zich jarenlang geïdentificeerd te hebben met de vrije en onafhankelijke Sigrid moet ze nu opeens ervaren hoe het is om aan de ándere kant van de spiegel te staan.
Aardig IMDb-trivia-feitje: "Juliette Binochte went to writer/director Olivier Assayas and pitched the idea of the film to him. He liked it and wrote the script."
Cloudy with a Chance of Meatballs (2009)
Alternatieve titel: Het Regent Gehaktballen
Leuk verhaal dat moeite met de afronding lijkt te gaan hebben maar dan alsnog afstevent op een climax waar de gigantische marshmallow uit Ghostbusters niets bij is. Hoge grapdichtheid, redelijk aansprekende personages, prima tempo, erg vermakelijk. De stem van Bill Hader is perfect hiervoor, vooral wanneer hij bliksemsnel lijstjes van dingen gaat afratelen. Sam Sparks: "You may have seen a meteor shower, but you've never seen a shower meatier than this!"
Club van Lelijke Kinderen, De (2019)
Behoorlijk tempo, mooi gefotografeerd, prachtige sets, fraaie Hollywood-achtige "big music", en een moraal waar zowel kinderen als ouders zich hopelijk wel in kunnen vinden. Minpunten zijn wat mij betreft dat de plot vrij voorspelbaar is, dat de volwassen personages tamelijk vlak zijn en dat de climax wat te lang doorgaat. Toch was dit uiteindelijk anderhalf uur redelijk leuk amusement. Het spel van Maan beviel me nog het meest, de rol van Van Koningsbrugge het minst. (Overigens was de voorspelbaarheid van de plot [dystopie, dictator, oproepen tot opstand etc.] in 1987 wellicht minder een probleem dan nu, zeker binnen het Nederlandse taalgebied en/of in de jeugdliteratuur.)
Collateral Damage (2002)
Voor het eerst in vijftien jaar herzien – zouden de goede herinneringen terecht zijn? Nog los van alle 9/11-echo's (inclusief het bekende verhaal van de uitgestelde release) is dit toch een aparte film : eerst een standaard-wraakfilm met als verrassing dat Arnolds gezin niet ontvoerd wordt (zoals in Commando) maar echt heel erg onherroepelijk dood is, dan een soort Apocalypse now-achtige trip de jungle in (en als ik Arnold in de jungle zie verwacht ik automatisch elk moment ergens een Predator van achter een boom op te zien duiken, zeker wanneer Dutch, ik bedoel Gordy plotseling van een berg af glijdt en in een meer terechtkomt), en dan eindigen we met een klassieke nick-of-time-climax met voorspelbare explosie, vechtpartij en (helaas) de schurken die in een boe!-twist op onverklaarbare wijze nog in leven blijken te zijn). Niet allemaal even sterk, maar dankzij het rauwe randje van de Colombiaanse cocaïne-smokkel, de (althans voor mij) onverwachte twist van de handlanger van de Wolf en bovenal het verrassend sobere en zeer sterke spel van Arnold blijft de film toch ruimschoots boven de middelmaat. De onderkoelde wijze waarop Arnold na de dood van zijn vrouw en zoontje in shock verkeert was echt een openbaring, zo goed heb ik hem nog nooit zien spelen. (Ook lekkere rollen van Elias Koteas als schimmige CIA-agent en John Turturro als scene-stealing ritselaar trouwens.)
Colombiana (2011)
Een aardige observatie van Monica Meijer in Cinemagazine : "Cataleya is een betere Catwoman dan Catwoman" (hoewel dat personage op film met de vertolkingen van Julie Newmar, Michelle Pfeiffer en Anne Hathaway trouwens bepaald niet slecht voorzien is). Maar naast Catwoman is ook Jason Bourne wel een goede referentie, een associatie die nog eens versterkt wordt doordat Cataleya's gevecht met Marco dezelfde verknipte montage heeft als Bourne's vechtpartij met Desh in The Bourne ultimatum. En zo smaakt Colombiana me bij herziening een stuk beter dan de eerste keer, aangezien ik nu minder op de plot let en meer op de vaart, het vuurwerk en vooral de superbe vertolking van Zoe Saldana. Sterretje erbij.
Colony, The (2013)
Helemaal geen verkeerde eerste helft, met een rustige en gedetailleerde opbouw en fraaie en mooi belichte en gefotografeerde ondergrondse sets waaraan je het eventuele lage budget niet af kan zien (hoewel de sneeuwlandschappen dan weer wat minder zijn). Maar zoals wel vaker zijn de aanzet en het mysterie leuker dan de afwikkeling en de actie: de kannibalen komen rechtstreeks uit The hills have eyes of Mad Max en zijn in feite zombies, en hun inval in kolonie 7 doet mij sterk denken aan de slag in de Mines of Moria. Zo verandert wat begon als een soort The day after the day after tomorrow in een dertien-in-een-dozijn-actiefilm zonder eigen gezicht. Laurence Fishburne als rechtvaardige leider en Bill Paxton als ongeleid projectiel, hoe onvoorspelbaar.
Colour of Magic, The (2008)
Alternatieve titel: Terry Pratchett's The Colour of Magic
Twoflower: "It's amazing, isn't it?" Rincewind: "Yes, if you like the physically impossible." The colour of magic bevalt me een stuk beter dan z'n voorganger Hogfather, vermoedelijk omdat er een duidelijker plot in zit (met bovendien een aardige spanningsfactor: wat gaat er met de bijna exploderende Octavo gebeuren?). David Jason vind ik nog steeds niet geweldig, maar Tim Curry is zoals altijd een prima schurk, en als de patrician van Ankh-Morpork is de niet op de titelrol vermelde Jeremy Irons een leuke verrassing. Vermakelijk.
Columbus Circle (2012)
Ik weet niet zoveel over George Gallo, maar als ik op IMDb zijn credits bekijk komt hij mij voor als een man die zijn werk als screenwriter (met als grootste hits Midnight run en Bad boys) gebruikt om krediet (in zowel artistiek als commercieel opzicht) te krijgen voor het regisseren van zijn eigen films. Helaas zijn die (inmiddels acht) films eigenlijk nooit successen, en aan Columbus circle kunnen we zien waarom: een redelijk intrigerend uitgangspunt (een anoniem levende, "ondergedoken" vrouw) wordt de das omgedaan door een twist die ik mijlenver aan zie komen (eerst huren Lee en Smart dat appartement terwijl Blair het wil, vervolgens gaan ze vóór haar deur ruzie maken zodat Blair Smart in huis haalt, véél te opzichtig), zodat op zich behoorlijk sterke acteurs als Giovanni Ribisi, Kevin Pollak en Jason Lee uiteindelijk komen te zwemmen in een plot waarvan je de uitkomst al spoedig kunt voorspellen. A waste of a good cast.
Comeback Trail, The (2020)
Nee, het biedt allemaal niet veel nieuws, en zowel het tweede bedrijf (tijdens de opnames in de woestijn en bij de canyon) als het derde ("The film's a hit!") is voorspelbaar, maar er zijn toch ook wel compensaties: De Niro gaat voluit (inclusief een vurige monoloog tegen Jones op het einde), hij heeft een aardige chemie met zijn neef (Zach Braff), en Jones geeft zijn personage stiekem kracht en ontroering mee, zodat zijn monoloog tijdens de laatste scène van de opnames van The oldest gun in the West warempel ècht ontroerend is. Natuurlijk hebben de drie acteerkanonnen in het verleden aanzienlijk betere films gemaakt, en niemand zal hierbij buikpijn van het lachen hebben gekregen, maar de film heeft vaart en charme genoeg om hem pijnloos uit te kunnen zitten.
Company Men, The (2010)
Ik had wel even m'n bedenkingen : moet je nou een film maken over mensen met een inkomen van 120.000 dollar als er ook wel pijnlijker ontslagen in de kredietcrisis zijn gevallen? Maar ja, elk verhaal verdient het misschien wel om verteld te worden. Uitstekend spel van alle betrokkenen; iedereen hier noemt de uitstekende Jones, sommigen twijfelen aan de prestaties van Costner en Affleck (wat mij betreft onterecht), maar hoewel je bij Chris Cooper het minste van zijn thuissituatie leert (en het meeste op afstand blijft) mag zíjn prachtige rol toch ook niet onvermeld blijven. En net als kos (9-2-2011) ben ik blij dat Bobby op het einde niet als timmerman blijft werken, dat was toch wel een èrg romantisch slot geweest.
Company You Keep, The (2012)
Een zeer interessant verhaal, waarbij ik echter nog wel wat meer informatie over de Weather Underground had willen horen. Aardig plot ook, de manier waarop elk personage bij Redfords vlucht wordt betrokken en zo een ander perspectief op hun gedeelde verleden en een andere blik op de toekomst kan geven. Het grootste probleem vind ik juist de hier veelgeroemde sterrencast : elke keer dat er weer onaangekondigd een bekende kop verschijnt word ik weer uit het verhaal gehaald ("o kijk! Redford heeft ook xxx weten te strikken!"), en dan hebben de meesten ook nog eens weinig te doen (volgens mij heeft Sam Elliott de stoel voor zijn computerstoel niet eens verlaten). Susan Sarandon geeft haar bijrol wel het juiste gewicht mee en Richard Jenkins kan zijn geweldige mimiek gebruiken, maar wie er werkelijk uitsprong was Julie Christie – haar slotconfrontatie met Redford in de blokhut was voor mij het hoogtepunt van de film.
Conan the Barbarian (2011)
Van de oerversie van Milius en Schwarzenegger herinner ik me alleen een licht gevoel van teleurstelling, dus de verwachtingen voor déze versie waren laaggespannen. Dat is wellicht de reden dat ik me met de eerste helft toch wel redelijk vermaakt heb, maar daarna sloeg de verveling toch onbarmhartig toe. Aha, een monster! …waarvan we zo ongeveer niets anders dan tentakels zien? Hmm. Jason Momoa ziet er goed uit en akteert redelijk, de proloog van Morgan Freeman (wat komt díé nou weer doen?) doet me alleen maar denken aan The Lord of the Rings (een magisch object dat ultieme macht geeft maar helaas onbereikbaar voor de schurk is geworden?!), en het verhaal verzandt in voorspelbaarheid met spektakel dat nergens spectaculair of visueel interessant wordt. Zelfs de sexscène is nep, want volgens de IMDb-trivia-pagina kreeg Rachel Nichols daarvoor een stand-in. Ach, ze is in goed gezelschap, want Roger Moore claimde altijd dat hij als 007 al zijn stunts zelf deed – behalve de liefdesscènes. Deze moderne Conan is een grote gemiste kans.
Conclave (2024)
Spannende en intrigerende dramafilm waarbij ik vooraf enigszins, of liever gezegd behóórlijk op het verkeerde been was gezet door de trailer met de explosie die suggereert dat we ons in Dan Brown-territorium gaan begeven. Uiteindelijk is dit gewoon een strakke film die niet zo gek veel loopjes met het realisme en de waarheid neemt (criticus Brian Tallerico noemde de film voor de grap 12 angry popes), maar met een clou die na alle voorafgaande machtsspelletjes en verdachtmakingen toch enigszins teleurstelt, ondanks de geweldige vertolkingen van met name Ralph Fiennes en de altijd betrouwbare Stanley Tucci. Ook John Lithgow zou ik hierbij kunnen noemen, maar het vervelende van zijn rollen van de laatste jaren is dat ik zodra hij op het scherm verschijnt automatisch al weet dat hij wel een schurk zal zijn. Zo heb ik de film uiteindelijk met veel interesse gevolgd, maar bleef ik na afloop toch een beetje ontgoocheld achter: was dit nou alles?
