• 15.735 nieuwsartikelen
  • 177.885 films
  • 12.199 series
  • 33.965 seizoenen
  • 646.802 acteurs
  • 198.943 gebruikers
  • 9.369.537 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Chainsaw als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Jack Brooks: Monster Slayer (2007)

Heerlijke horrorkomedie die ver boven mijn verwachtingen uit wist te stijgen.

Jack Brooks: Monster Slayer is eindelijk weer zo'n heerlijke nonsens horrorkomedie, die een beetje in de buurt weet te komen van films als bijvoorbeeld Bad Taste, Evil Dead 2 of Braindead. Makers met overduidelijk veel creativiteit en liefde voor het genre komen met een productie vol (zwarte) humor, geestige personages, idiote monstercreaties en geen lelijke stukken CGI.

In tegenstelling tot velen vond ik de film absoluut niet langzaam op gang komen, ook al is er in het eerste gedeelte van de film weinig tot geen gore te vinden. Desondanks zijn onder andere de kennismaking met het driftige hoofdkarakter Brooks (erg leuk neergezet door Trevor Matthews) en zijn dagelijkse perikelen bijzonder leuk om te volgen. Vooral zijn gesprekken met psycholoog Kash zijn erg amusant. En wat overige bijrollen betreft is Fox als dat oude verstrooide mannetje in die winkel ook erg geestig. Maar de echte kracht van de film ligt toch bij iemand anders.

Robert Englund speelt sinds jaren weer een rol die hem werkelijk op het lijf geschreven staat. Was hij in 2001 Maniacs al heerlijk over-the-top bezig en was zijn rol in La Lengua Asesina al om je te bescheuren, hier gooit hij er aardig wat schepjes bovenop. Vooral de scènes dat Crowley al redelijk doorgedraaid voor de klas staat en Englund zijn geweldige mimiek in de strijd kan gooien, zijn niet minder dan hilarisch. Zijn transformatie van bescheiden en sympathieke professor tot een Jabba the Hutt- achtig monster is zonder enige twijfel het hoogtepunt van de film.

Maar ook verder is de film vermaak als geen ander. De personages zijn zonder enige vorm van subtiliteit erg aangedikt en het woord subtiel valt ook niet te gebruiken bij de monsters en andere creaties die hier tevoorschijn komen. Al met al is Jack Brooks: Monster Slayer een overheerlijke achtbaanrit en een must voor de liefhebber van de pretentieloze, maar o zo leuke horrorkomedie. En ik hoop dat Englund vaker dit soort rollen gaat uitzoeken.

4 dikke sterren.

Jack the Giant Slayer (2013)

Alternatieve titel: Jack the Giant Killer

Toch een stuk minder dan ik had gehoopt. Gebaseerd op de trailer had ik gedacht dat Jack the Giant Slayer zichzelf niet zo serieus zou nemen en met veel over-de-top actie en komedie het verhaal zou vertellen. Helaas is de benadering van Bryan Singer veel te rechttoe rechtaan en wordt het flitterdunne verhaaltje op erg clichématige wijze verteld. Af en toe een wat komisch moment en met een schmierende Stanley Tucci en droge vertolking van Ewan McGregor lijkt wordt het soms best geinig. Maar Jack the Giant Slayer mist over het algemeen dit soort elementen.

Vooral de karakters en vertolkingen zijn over het algemeen erg saai. Jack is uiteindelijk maar een wat karig hoofdkarakter en zijn liefje is helemaal inwisselbaar (ondanks dat Tomlinson erg aangenaam voor het oog is). Maar nog erger is wellicht Ian McShane met een erg suffe rol. Alles wat dan ook rond dit drietal gebeurde was dan ook volkomen oninteressant. Boeiender zijn de grote reuzen, maar die krijgen maar bar weinig persoonlijkheden mee. Enkel Nighy (en John Kassir als zijn tweede hoofd) krijgt wat ruimte, maar er wordt uiteindelijk maar verdacht weinig met deze reuzen gedaan. Leukste momenten zitten sowieso in de trailer, daarmee heb je het beste van de film wel gezien. En dat was jammer, want uit dit materiaal was best wat te halen en had ook wel gedacht dat Bryan Singer daar een geschikte man voor was. Helaas heeft zijn nieuwste film nergens dat X-Men of Usual Suspects- gevoel. Het zat wat dat betreft meer op het niveau van Superman Returns. Jammer.

2,5 sterren.

Jackass 3D (2010)

Alternatieve titel: Jackass 3

Ach ja, Jackass. Een geestig stukje jeugdsentiment, dat mij zelfs in een later stadium nog uitstekend weet te vermaken. Zelfs tien jaar later, zo blijkt. In Jackass 3D is de verpakking met de tijd meegegaan door middel van 3D en een paar schitterende slowmotion shots. Maar het format en de crew is grotendeels gelijk gebleven en dus krijgen helden als Ryan Dunn (de geestigste van het stel, als je het mij vraagt), Johnny Knoxville en Bam Margera het weer zwaar te verduren met een hoop pijn en lichaamssappen. Van ontzettend ranzig (het drinken van het zweet of Dave England's vulkaan) tot pijnlijk, idioot en geestig (de high five, de kies of het potje tetherball met de bijen), het komt allemaal voorbij. Ik had enkel het idee dat het kruit vrij snel behoorlijk verschoten was, op een gegeven moment vond ik het wel best. Vooral bepaalde overdreven reacties en ellenlange verplichte lachsalvo's (of dat kotsen, van oa die documentaire- cameraman) ging me vrij snel vervelen. Maar goed, verder was dit weer als vanouds; compleet idioot vermaak dat stinkt en tegelijkertijd ontzettend smaakt.

3 sterren.

Jackie Brown (1997)

Mwoah, snap niet helemaal waarom dit door velen als de slechtste Tarantino wordt bestempeld. Vond dit nu niet echt opvallend minder dan Pulp Fiction. Jackie Brown bevat een serie leuke personages, een hele reeks geinige dialogen, een vermakelijk verhaal en een plot met een lekker vlot tempo. Geen meesterwerk, maar amuseren doet het uitstekend. En wat wil een mens nog meer op een regenachtige zondagavond?

4 sterren.

Jagten (2012)

Alternatieve titel: The Hunt

Waanzinnig sterk geacteerde film, zelden zie je karakters met zo weinig middelen zo goed uit de verf komen. Je hebt maar een paar minuten nodig om met Lucas, maar ook met zijn vrienden en de overige karakters, volledig mee te gaan. Veel sympathieke en geloofwaardige karakters, wat het des te moeilijker maakt als het grote conflict in de film in werking wordt gezet. Enkel doordat alles rondom de karakters geloofwaardig, oprecht en realistisch aanvoelt, voelt het verhaal soms iets te gesimplificeerd. Heel veel dingen pik je wel, maar dat sommige dingen zich zo snel ontwikkelen of dat zoveel mensen in het dorpje zo heftig reageren kwam wat neergezet over. Normaal zou ik daar geen problemen mee gehad hebben, maar juist omdat alles in Jagten verder zo akelig sterk en overtuigend is, vallen die dingen op. Wat eveneens ontzettend opvalt is Mads Mikkelsen. Fantastisch acteur in wederom een fantastische rol.

4 sterren.

James Dean (2001)

Aardige en verrassende biopic, hoewel jammer genoeg een weinig verrassende vertelstijl. Visueel is het prima verzorgd, maar alles behalve bijzonder en ook qua structuur blijft Mark Rydell enkel binnen de lijntjes kleuren. Ook jammer dat bepaalde plotlijnen in het script wat magertjes waren, sommige dingen leken maar half uitgewerkt. Daartegenover staat echter een erg sterke Franco en natuurlijk het erg interessante personage dat hij vertolkt. Dean is een geweldig karakter en in combinatie met het uitstekende spel maakt dat deze biopic toch zeker de moeite waard.

3 sterren.

Jane Austen's Mafia! (1998)

Alternatieve titel: Mafia!

Het is bijna een genre op zich; de parodieën met de flauwe, deadpan humor van onder andere Airplane en The Naked Gun. En net als elk subgenre heb je in deze categorie de absolute top - met Naked Gun als grote koning - en ook enorme troep, met als dieptepunt de films van Seltzer en Friedberg. En precies in het midden ligt deze Mafia! van regisseur Jim Abrahams, een bekende naam in het genre, die als regisseur ook betrokken was bij onder andere Hot Shots en Airplane.

Mafia! is een parodie op gangsterfilms als The Godfather, maar er worden geregeld andere genres nagedaan. Dat is altijd jammerlijk. Het is nog niet zo erg als in de films van eerdergenoemde Seltzer en Friedberg, die gewoon allerlei willekeurige populaire films nadoen, zonder enige lijn, vorm of goede grappen (een beetje niveau TV-Kantine, zeg maar). Zo komen in Mafia! naast Godfather, Goodfellas en Casino ook ineens hele scènes met Forrest Gump, Jaws of Jurassic Park voorbij. Dat neemt niet weg dat Mafia! wel een paar geinige momenten kent. Lloyd Bridges blijft altijd een leuke verschijning en hier en daar duikt een erg geestige scène op. Dat moment dat die boom neergeschoten wordt, blijft een van mijn favoriete grappen.

3 sterren.

Janghwa, Hongryeon (2003)

Alternatieve titel: A Tale of Two Sisters

De film was dan misschien totaal anders dan ik in het begin had verwacht, toch viel de film mij eigenlijk niet echt tegen.

De film heeft een prachtige duistere sfeer, mooie setting en uitstekende muziek, die voor nóg meer sfeer wist te zorgen. Ook het acteerwerk was prima in orde en er waren ook een paar erg effectieve en kippenvel- bezorgende schrikmomenten aanwezig ...

Enige nadeel vond ik echter dat de film op sommige momenten net ietsjes té traag was en dit maakte het mogelijk dat ik zo heel nu en dan mijn aandacht bij de film verloor.

Maar verder vond ik Janghwa, Hongryeon een erg goed geslaagd stukje horror- drama.

***1/2

Jarhead (2005)

Niet helemaal de film die ik verwachtte na het zien van Mendes' vorige twee meesterwerken. Jarhead is zeker niet slecht, maar wist mij ook niet helemaal te overtuigen. Visueel was alles zoals te verwachten helemaal top en ook het acteerwerk was prima in orde. Toch ontbrak er niet alleen voor de soldaten iets, ook als kijker voelde ik iets ontbreken.

De film gaat eigenlijk nergens naar toe en doet er te lang over om zijn verhaal te vertellen. Na een klein uurtje is het punt van de film al wel duidelijk, maar de film gaat vervolgens nog een uurtje door. En verder is het ook jammer van al die stereotype soldaten. Er zaten imo weinig boeiende personages tussen en dat maakt de film er niet bepaald interessanter op.

Maar zoals gezegd zag Jarhead er uitstekend uit en ook op het gebied van acteerwerk was de film prima. Fox deed het aardig, Gyllenhaal speelde een prima rol en ook Cooper had een leuk (maar veel te klein) rolletje. Maar het duidelijke hoogtepunt in Jarhead was op het gebied van acteren zonder meer Sarsgaard, die met gemak de show weet te stelen.

3 sterren.

Jason Goes to Hell: The Final Friday (1993)

Alternatieve titel: Friday the 13th Part 9: Jason Goes to Hell - The Final Friday

De eerste Friday film van New Line Cinema, nadat Paramount de serie verkocht zodat New Line Freddy vs Jason kon gaan maken. Het uitstapje van Jason naar New York viel toch enorm tegen voor iedereen, dus dan maar het personage afstaan aan die andere studio. Om die reden is dit de eerste Friday the 13th zónder de titel Friday the 13th, want daar had New Line geen recht op. En dus ontstond de film Jason Goes to Hell.

En waren de meeste Friday the 13th nog simpele verhalen van een heikneuter die tieners afslacht; in Jason Goes to Hell gaat het script iets anders. In Jason Goes to Hell springt Jason Voorhees van lichaam naar lichaam door mensen zijn hart te laten eten en daarna politiemannen te ontvoeren, helemaal uit te kleden, op een tafel vast te binden en hun snor te scheren. Zijn uiteindelijke doel: Hij heeft een Voorhees familielid nodig om herboren te worden, zo vertelt cowboy Duke ons, nadat hij Jason vergelijkt met een meisje in een roze jurk dat een hotdog door een donut steekt. Gelukkig weet Duke van een bovennatuurlijke dolk die nodig is om Jason te verslaan.

Het moge duidelijk zijn; het script van Jason Goes to Hell is vermoeiende onzin. Het is een rotzooi en had zoveel eenvoudiger gekund. Maar door dit stupide script zien we Jason enkel in een vermakelijke openingssequentie en tijdens een vrij stupide finale. Voor de rest zien we andere lui moorden plegen. De moordpartijen daarentegen zijn niet teleurstellend. Met name de moord op het stel in de tent is één van de meest memorabele uit de hele serie. Gelukkig neemt de film zichzelf ook niet te serieus, het script bevat naast een hoop geforceerd gedoe ook een paar sympathieke personage-momenten, zoals de vriendschap tussen het mannelijke hoofdpersonage en die politieagent. Dit soort momenten, de kills en een paar bijrolfiguren zijn enigszins memorabel, waardoor de film misschien net iets beter is dan de slechtste van de reeks. Maar daar is het positieve betreft Jason Goes to Hell wel mee besproken.

2 sterren.

Jason Lives: Friday the 13th Part VI (1986)

Alternatieve titel: Friday the 13th Part VI: Jason Lives

De leukste Friday the 13th van het hele stel.

Ze zijn weliswaar verschillend, maar toch voelden de eerste vijf Friday the 13th erg hetzelfde. Jason Lives is wat dat betreft de eerste film die echt iets nieuws doet met het materiaal, ook al is het basisgegeven hetzelfde; Jason keert terug naar Camp Crystal Lake en maakt daar tieners af. Maar Jason Lives doet wat Dream Warriors voor Freddy Krueger deed; een dosis (zwarte) humor. En ook die humor staat Jason opvallend goed. Het personage van Jason blijft gelukkig zelf een bloedserieuze zwijger, maar alles om hen heen is geestiger, scherper en leuker, zeker na vijf Friday the 13th films met een vrij identieke feel. De film zit vol met injokes en verwijzingen (niet voor niets was Kevin Williamson, de auteur van Scream, geïnspireerd geraakt door deze film) en vooral qua montage doet de film veel leuke dingen.

Maar Jason Lives bevat ook nog eens de meest sympathieke personages. Tommy Jarvis is terug, ditmaal vertolkt door Thom Mathews uit Return of the Living Dead en krijgt hulp van de avontuurlijke Megan. Maar ook de sheriff - in dit soort films vaak niets meer dan een eendimensionale rotzak - is een fijn personage en één van de meest sympathieke figuren uit de Friday reeks. De overige personages zijn ook leuk en we zien eindelijk eens een groep kinderen op het zomerkamp. En zelfs het standaard slachtvee (de paintballers of dat eerste stel in de auto) zijn leuker en meer memorabel dan in de andere films. Daarnaast is deze Friday ook nog eens de kortste van allemaal, dus het is een stuk strakker. Geen ellenlange scènes vol suspense, in Jason Lives is die beste Jason met een lekker tempo aan het huishouden.

3,5 sterren.

Jason X (2001)

Alternatieve titel: Friday the 13th Part 10

Omdat Freddy vs Jason maar niet van de grond kwam, besloot men bij New Line om nog maar een sequel te maken om Jason nog een beetje in leven te houden. Maar om niet te kloten met de continuïteit was de taak simpel; de film moet zich in de verre toekomst afspelen. En in de ruimte. Want als Leprechaun en Pinhead al tijdens hun vierde film de ruimte in gingen, dan moet Jason dat rond hoofdstuk 10 zeker kunnen.

Jason X was een lange tijd één van mijn minst favoriete Friday-films. Maar klimt nu met gemak naar de top als één van mijn favorieten. Want Jason X is batshit crazy en enorm veel fun. De plot slaat natuurlijk van kut op Dirk, maar de uitvoering is leuk. De film heeft een cheesy eind jaren 90 science fiction gevoel met bijbehorende enorm lelijke - en hilarische - CGI. Maar verder is de film een vrij rasechte Friday: geile tieners hebben nog steeds seks en Jason is daar om ze af te maken. Sowieso een hilarisch gegeven dat Jason ontwaakt omdat een stel in de ruimte ernaast aan het vrijen is. En zo bevat Jason X een hele hoop knipogen en neemt zichzelf gelukkig nooit serieus. Dat vertaald zich soms in flauwe woordgrappen ('he's screwed'), maar tegelijkertijd een paar van de leukste grappen uit de serie. Met als hoogtepunt die opgeluchte leraar: "It's okay, he just wanted his machete back!' En ook de sequentie waarin men Jason terugzet in Camp Crystal Lake uit de jaren 80 als afleiding is fantastisch.

Eén van de grote nadelen van Jason X is het vrouwelijke hoofdpersonage, die samen met Jason in de toekomst ontwaakt. Haar meerwaarde ontgaat mij volkomen, na een paar minuten realiseer je je al niet meer dat ze oorspronkelijk uit het verleden komt en dit komt ook nergens terug. Je zou verwachten dat zij er is om mensen te vertellen wie Jason is, maar dan blijkt iemand anders dat al te doen. Naast dat haar personage enorm saai en eendimensionaal is, heeft ze ook geen enkele meerwaarde. Gelukkig zijn er ook nog leuke personages, waaronder een stoere Sergeant, een android, een geniepige docent en regisseur David Cronenberg in een klein bijrolletje. Het is allemaal - logischerwijs - niet eng meer en dat probeert Jason X ook niet te zijn. Jason X is heerlijk domme scifi met leuke kills en geinige knokpartijen. Met gemak één van de leukste delen uit de franchise.

Vooruit, 3,5 sterren.

Jaws (1975)

Alternatieve titel: De Zomer van de Witte Haai

Op een groot scherm op het strand - uiteraard de perfecte plek voor een film als dit - kwam ik erachter dat ik Jaws eigenlijk nooit écht goed had gezien. Uiteraard kende ik merendeel van de film, de meest iconische one-liners en sequenties zijn bij iedere filmfan wel bekend. En ik weet nog als de dag van gisteren dat ik als kleine jongen stiekem met mijn oudere zus meekeek en me rotschrok toen Richard Dreyfuss het hoofd van Ben Gardner ontdekt onder water. Nu had ik eindelijk de kans om Jaws eens echt op het grote scherm te zien. Voeten in het zand en het geluid van kabbelend water op de achtergrond.

En ik heb genoten. Vanaf de beklemmende openingsscène tot de adrenalineverhogende climax zat ik aan het scherm gekluisterd. Waar de meeste haaienfilms vooral lompe monsterfilms zijn, meestal lachwekkender dan eng, daar is Jaws stijlvol en inhoudelijk enorm sterk. Hoe geestig is het dat juist door het falen van de techniek men zo'n sterke film heeft weten neer te zetten, doordat je het monster bijna niet ziet. Nog steeds wordt Jaws aangehaald vanwege zijn ijzersterke opbouw en het is duidelijk waarom. Als kleine jongen wilde ik vooral de haai in actie zien, maar het viel me nu op dat juist de scènes zonder haai fantastisch werken. De kleine momenten als Brody en zijn zoontje aan tafel, de rouwende moeder die Brody confronteert of de geweldige sequentie van Brody, Hooper en Quint op de boot bij avond. De dialogen en het spel zijn fenomenaal. Wat dat betreft doet deze ogenschijnlijk simpele horror het beter op al die vlakken dan welk hoogstaand drama dan ook. Zeer onder de indruk.

5 sterren.

Jaws 2 (1978)

Jaws is een spannend meesterwerk dat niet snel geëvenaard kan worden. Jaws 3D en Jaws: The Revenge zijn lachwekkende rommel. Jaws 2 zit precies tussen deze twee uitersten in.

Eén van de vele sterke elementen van Jaws waren die boeiende hoofdpersonages, waarvan er eentje terugkeert. Roy Scheider had zelf weinig zin om terug te komen, maar gelukkig voor Jaws 2 was hij er wel, hij tilt de film naar een hoger niveau. Zijn verhaal is in principe beat voor beat hetzelfde als de eerste film; wederom heeft Brody het aan de stok met de haai, ongeloof van anderen en een egoïstische burgemeester. Naast Brody is Jaws 2 eigenlijk een Friday the 13th- film met een haai (en nog voor er überhaupt een Friday the 13th was gemaakt). Op zich niets mis mee, maar het bijzondere van Jaws is weg. Geen intrigerende Robert Shaw en geen ijzersterke spanning, maar een hoop inwisselbare tieners in korte broekjes in gevaar. Wie echter denkt dat het niet veel slechter kan dan Jaws 2 verwijs ik graag naar de volgende twee delen, waar haaien zweven in 3D en grommen als ze boos worden.

3 sterren.

Jaws 3-D (1983)

Alternatieve titel: Jaws III

Op zich geen slecht idee om voor een derde Jaws de locatie eens om te gooien, want dat Amity Island hebben we nu wel gezien. En eerlijk is eerlijk, Sea World gebruiken als decor van je haaienfilm klinkt ook zo gek nog niet. Daarnaast liet Jaws 2 zien dat je prima een alleraardigst vervolg kunt maken op een meesterwerk als Jaws. En toch ging het bij Jaws 3-D mis.

Er is een lange tijd niet veel mis met Jaws 3-D. Het is nergens baanbrekend of echt noemenswaardig, maar Dennis Quaid en Bess Armstrong spelen prima rollen en de setting van Sea World blijkt inderdaad een leuke afwisseling, met Louis Gossett Jr. als enigszins hebberige baas en Simon MacCorkindale als gladde televisieman. Men faalt echter zodra er spanning opgebouwd moet worden. We zien vooral sequenties van duikers die onder water in het donker iets doen, we zien een paar frames van een haai en er verschijnt wat bloed. Zeker de derde akte van de film - wat toch het grote spektakel zou moeten zijn - is maar een vrij suf gebeuren. Duikers zijn onder water bezig met reparaties en een haai zwemt tergend langzaam op hen af. Men wist waarschijnlijk al dat men met Jaws 3-D geen hoogstaand meesterwerk zou afleveren, dus dan was het beter geweest om de boel flink campy te maken. Maar dat gebeurt niet, de film probeert spannend te zijn, maar is vooral suf en vaak onbedoeld hilarisch als de camera weer eens op voorwerpen inzoomt omdat de film in 3D is gemaakt. Op dat vlak zit er wel entertainment in deze film. Alleen niet genoeg.

2 sterren.

Jeepers Creepers (2001)

Jeepers Creepers, waarschijnlijk één van mijn eerste horrorfilms in de bioscoop. Ik heb de reguliere bioscooprelease gemist, maar zag ‘m destijds in een marathon rondom Halloween. Het was een verademing. Ten eerste werden we tijdens het eind van de jaren 90 en het begin van 2000 doodgegooid met alles wat op Scream leek. Zelfs in Jeepers Creepers is dat merkbaar, zo verwijst hoofdpersonage Trish letterlijk een meerdere keren naar horrorclichés (en ook de bioscooptrailer van deze film ademt Scream). Maar in tegenstelling tot de ‘high school gemaskerde moordenaar who-dunnit’ achtige praktijken was Jeepers Creepers verder een rasechte, simpele monsterfilm, die we al even niet meer hadden gezien.

Jeepers Creepers is niet flawless, maar zelfs na recentelijke herziening blijf ik erbij dat de eerste 40 minuten van deze film horror op zijn best is. De film is op zijn sterkst in het mysterieuze eerste kwartier, een opening waarbij Victor Salva zich liet inspireren door het waargebeurde verhaal van een stel en moordenaar Dennis DePue. Het gegeven is enorm simpel, maar daardoor zo doeltreffend. Hetzelfde geldt voor de hoofdpersonages; fijn om eens alleen een -geloofwaardige - broer en zus te zien als hoofdpersonen, in tegenstelling tot het standaard groepje tieners. Gina Phillips en Justin Long moeten de film bijna volledig dragen en dit lukt ze samen erg goed, mede door hun uitstekende chemie.

Als gevolg van dit ijzersterke begin is het onvermijdelijk dat de film gaandeweg wel inzakt. Als het personage van Jezelle Hartman in het verhaal komt en de climax nadert, zakt de film in. Het wordt niet slecht, maar het lukt Salva niet meer om die spanning van het begin terug te krijgen. Gelukkig heeft de film echter een fijne speelduur van iets meer dan 80 minuten, dus veel schade wordt gelukkig niet aangericht. Sowieso is de uitsmijter uitstekend, wat van Jeepers Creepers in het algemeen een erg charmante horror maakt; spannend, soms zelfs grappig en erg sympathiek.

4 sterren.

Jeepers Creepers 3 (2017)

Alternatieve titel: Jeepers Creepers III

Jeepers Creepers was één van mijn eerste horrorervaringen in de bioscoop en ik vond het fantastisch. Nu nog steeds vind ik Jeepers Creepers een smakelijke monsterflick, waarvan de eerste 40 minuten oprecht een ijzersterk stukje horror is. Die roestige truck op die verlaten weg en dat beeld van die mysterieuze duistere gedaante, die een lichaam dumpt bij een oude kerk. Zestien jaar later zie ik hoe dat ooit best toffe wezen nu op uiterst lachwekkende wijze - in een dom rood T-shirt - in slowmotion op zijn slachtoffer afrent. Oh Creeper, wat is er gebeurd?

Ik lees veel mensen klagen dat de film zich teveel in het daglicht afspeelt en dat daardoor de Creeper niet meer eng is. In principe heeft dat niet veel met het daglicht te maken, gezien de eerste helft van Jeepers Creepers ook volledig in het daglicht was en dat was wél effectief. Het verschil is dat Victor Salva zijn Creeper ditmaal ontzettend lullig neerzet. In de tweede film ging Salva al wat meer over de top met zijn creatie - met letterlijk wat knipogen -, maar nu is er niets imponerend meer aan het monster. Zeker met dat domme shirt lijkt het meer op een cosplayer met één van de duurdere maskers uit een feestwinkel.

Treurig genoeg is de Creeper ondanks dit alles alsnog het beste aan Jeepers Creepers 3. Het script is één brok dommigheid met vervelende liefdesverhaaltjes, plotjes over dode zonen en afgehakte handen die iets met je doen als je ze aanraakt - maar ik heb nog steeds geen flauw idee wat. De personages zijn hardgeworden vaatdoeken en het acteerwerk is onvoorstelbaar droevig. Enkel de CGI is nog meer om te janken. Respect voor die stagiaire zonder kennis van After Effects die alle effecten schijnbaar in een weekend heeft moeten maken, maar hoe men deze effecten ooit heeft kunnen goedkeuren is mij een raadsel. Sterker nog, hoe iemand überhaupt deze film heeft goedgekeurd is een raadsel.

Er zat genoeg potentie in de Creeper om zich te kunnen meten met een Freddy, Jason of Michael. Jeepers Creepers 3 bewijst dat het monster de schoenen van Leprechaun nog niet eens mag poetsen.

1,5 sterren.

Jeepers Creepers II (2003)

Alternatieve titel: Jeepers Creepers 2

Met dat onverwachte succes van Jeepers Creepers stond natuurlijk vrij vast dat er een vervolg moest komen. Dus twee jaar later was daar Jeepers Creepers 2. En net als de eerste film is de openingsscène meteen intrigerend, met het zoontje van Ray Wise in een maïsveld met drie vogelverschrikkers. Een ijzersterke sequentie, die de toon erg goed neerzet.

Maar dan worden onze hoofdpersonages geïntroduceerd en krijg je spontaan heimwee naar Darry en Trish uit de eerste film. Salva heeft een hele groep jongens in een bus geflikkerd en heeft een paar iets herkenbaars gegeven; eentje heeft een bril, een ander is mogelijk homo-seksueel en weer een ander is een lul. Meer karakterontwikkeling is er overigens niet, de 200 jaar oude lichamen die de Creeper in de kelder van zijn kerk heeft hangen hebben meer persoonlijkheid en charisma. Ik heb de film nu meerdere malen gezien, maar weet nog steeds niet wie wie is. Overigens lijkt Salva daar ook niet echt in geïnteresseerd, als de heren hun shirt maar veel uittrekken. Hij heeft er voor de diversiteit een paar dames bijgegooid, waarvan eentje plotseling dromen krijgt over het monster, zodat ze iedereen kan uitleggen wat er aan de hand is.

Heel af en toe gaan we terug naar Ray Wise, oprecht een goede toevoeging aan een film als dit. Maar Salva wil ‘m niet te veel gebruiken en knipt steevast terug naar die totaal niet boeiende figuren in die bus. De enige die daar voor wat vertier zorgt is de Creeper, ditmaal minder mysterieus; we zien hem grijnzen en praktisch knipogen in de camera. Eng is meneer Creeper dus niet meer, maar het is nog wel amusant om hem te zien jagen op deze nietszeggende personages. En gelukkig komt Ray Wise hier en daar nog terug voor wat actie, wat Jeepers Creepers 2 soms tot een redelijk amusant monsterfilmpje maakt. Maar dan had ik toch liever gewoon 80 minuten lang Ray Wise vs The Creeper gezien - à la Dennis Hopper vs Leatherface in The Texas Chainsaw Massacre Part 2.

2,5 sterren.

Jenifer (2005)

Alternatieve titel: Masters of Horror: Jenifer

Leuke aflevering van de Masters of Horrors reeks. Leuk uitgangspunt en hier en daar best sfeervol; vooral dat kinderriedeltje doet veel. Maar vooral petje af voor de make-up designers; het uiterlijk van Jenifer en de gore scènes zijn uitstekend! Het is des te jammer dat het verhaal niet helemaal meewerkt. Ondanks de korte speelduur zakt het mij te vaak in en blijft het op bepaalde momenten te oppervlakkig en duf. Ook het einde zie je mijlenver aankomen. Geen slecht einde hoor, maar het had allemaal wel iets verrassender gebracht mogen worden.

Ruim 3 sterren.

Jesus Camp (2006)

Enerzijds een vrij schokkend verslag, zeker als je je realiseert dat het hier om een behoorlijk grote groep mensen gaat. Was het maar een klein clubje gekken, dat maakte het geheel een stuk minder angstaanjagend. En toch had de film ook iets erg geestigs. Zeker als dat dikke mens in beeld kwam en bijvoorbeeld ging uitleggen hoe ze met artikelen uit de fopwinkel haar punt wilde duidelijk maken. Of voor het kamp begon met een aantal mensen ging bidden of God er voor wilde zorgen dat de duivel niet in haar computer zou gaan zitten. Net als het zwaar religieuze meisje dat verwacht dat God haar wel helpt tijdens het bowlen.

Maar hoe angstaanjagend en geestig deze documentaire ook is, het is boven alles vooral ontzettend zielig. Zielig dat die kinderen zo worden gehersenspoeld. Leuke ouders heb je dan. Natuurlijk zie je wel vaker documentaires over kortzichtige redneck- Amerikanen (zie een willekeurige docu van Michael Moore), maar hier komt het toch net ietjes harder aan. Want die beelden van die talloze huilende kinderen met hun handen in de lucht vergeet je toch niet snel. Als er een God is, laat hem die kinderen vooral helpen om nog een beetje een fatsoenlijke toekomst te krijgen.

3,5 sterren.

Jigsaw (2017)

Alternatieve titel: Saw 8

Of het nu gaat om Friday the 13th, Lake Placid of Puppet Master, we weten inmiddels allemaal dat een film met de subtitel ‘The Final Chapter’ complete onzin is. Dus het was een kwestie van tijd dat er een vervolg zou komen op Saw 7: The Final Chapter. Vanaf 2004 kwam er trouw elk jaar een nieuw deel en dat zeven jaar lang. En toen was het zeven jaar stil, waarna de serie nieuw leven ingeblazen kreeg. Ik was wel benieuwd wat ze hier mee gingen doen, want alle voorgaande Saw films lopen qua continuïteit helemaal door elkaar. Maar wie weet anno 2017 nu nog hoe het zat met types als Costas Mandylor, Donnie Wahlberg, Betsy Russell of Shawnee Smith? Sterker nog, ik wist een paar dagen na het kijken van de gehele franchise al niet meer hoe het nu ook alweer in elkaar stak, met al die twists en Jigsaw-opvolgers.

Je verwacht dat men met zeven jaar bedenktijd een steengoed idee heeft hoe deze franchise opnieuw gestart kan worden. Dat blijkt vies tegen te vallen, Jigsaw blijkt niets meer dan een herhalingsoefening van wat we al die voorgaande delen ook te zien kregen. De formule is duidelijk; wat willekeurige mensen zitten vast in een akelige situatie met dodelijke vallen, terwijl detectives proberen het mysterie op te lossen - telkens een soort whodunit, aangezien het personage van Tobin Bell al vijf films dood is. Ook Jigsaw wisselt een hoop af tussen de research van een paar inwisselbare detectives en het slachtvee, die testjes krijgen die wisselen van enorm dom tot zó complex dat ze aan elkaar hangen van toevalligheden. De typische en plichtmatige taferelen komen voorbij om de fans te behagen, dus die pop komt een keertje binnen fietsen, Jigsaw heeft wat cassettetapes ingesproken, er vloeit hier en daar wat bloed (maar in vergelijking met de rest van de serie valt de hoeveelheid gore erg mee) en uiteraard houdt iedereen elkaar voor de gek om te eindigen met een Scooby Doo- einde.

Jigsaw is niet eens een barslechte horrorfilm, maar wel in alles enorm inwisselbaar en een herhaling van alle eerdere delen. De film schotelt ons allerlei mysteries voor, maar de grootste mysterie blijft: Waarom de serie na zeven jaar afwezigheid opnieuw opstarten voor déze film?

2,5 sterren.

Jing Wu Men (1972)

Alternatieve titel: Fist of Fury

Totaal niet mijn ding, zo blijkt. Op zich best geestig om even naar een aantal gevechten te kijken (die met die nunchucks bijvoorbeeld), maar het gaat allemaal snel vervelen. Saai en standaard plot, bijzonder slecht acteerwerk en visueel behoorlijk kitsch. Voor even is het best leuk, maar erg lang kon het me niet boeien.

2 sterren.

John Carpenter's Cigarette Burns (2005)

Alternatieve titel: Cigarette Burns

Meh, ook de aflevering van de grootmeester zelf valt tegen. Cigarette Burns is niet barslecht, maar voelt zelden als een John Carpenter. Het komt nog het meest overeen met In the Mouth of Madness, zo ongeveer de laatste goede film van de grote filmmaker (hoewel Escape From LA awesome pulp is, maar dat terzijde). Deze aflevering van Carpenter voor de serie Masters of Horror doet erg denken aan The Ninth Gate. Cigarette Burns is matig op praktisch alle vlakken. Qua vertelling, qua spel, qua spanning, qua interessante personages; de film is vooral een hoop matigheid. Nu had ik dat van filmmakers als Tobe Hooper en Mick Garris nog wel verwacht, maar Carpenter bakt er helaas niet veel meer van. Memorabel is zijn aflevering in ieder geval geenszins.

2,5 sterren.

John Dies at the End (2012)

Ben wel blij met een nieuwe film van Don Coscarelli. Het is vrij duidelijk dat een vijfde Phantasm er niet meer gaat komen en zijn erg vermakelijke Bubba Ho-Tep is ook alweer meer dan tien jaar oud. En ook over diens vervolg heb ik inmiddels ook weinig goede hoop dat ie er gaat komen. Dus gelukkig brengt Coscarelli ons nu gelukkig John Dies at the End.

De film is eigenlijk een soort combinatie van de Phantasm reeks en Bubba Ho-Tep. Een combinatie van surrealisme en een eigenlijk niet te volgen plot over andere dimensies en vreemde wezens gemixt met een hoop ongein, gortdroge humor en over-the-top absurditeit. En dan wordt er, om het af te maken, nog een portie vroege films van David Cronenberg en een lading Evil Dead 2 en Fear and Loathing in Las Vegas in de blender gegooid. Het resultaat is, zoals te verwachten, volkomen idioot, maar toch erg vermakelijk. Toegegeven, het begin is het sterkste en de film verliest zichzelf nogal eens tijdens de tweede en derde akte, maar de scènes an sich weten wel te amuseren. Als geheel is er geen touw aan vast te knopen, maar doordat de ongein in elke scène er vanaf druipt, kijk je daar wel doorheen. Verder een paar prima rolbezettingen, Paul Giamiatti blijft een baas en ook Clancy Brown is cool als altijd, hoe klein z'n rol ook is. Verder ook prima hoofdrollen van Williamson en Mayes.

3,5 sterren.

John Wick (2014)

Als je honderd procent zeker wil weten dat iedereen de schurk van je film haat, dan laat je hem of haar een puppy doden. Dat is zo’n beetje algemene kennis. En wie Game of Thrones kent weet ondertussen ook dat het vrij eenvoudig is om Alfie Allen onsympathiek te maken. En zo heeft Chad Stahelski twee elementen in handen die je volledig aan de kant van het titelfiguur zet. Want wat John Wick ook doet en hoe gewelddadig hij ook wordt, als de puppy-doder maar gestraft wordt.

Een simpel gegeven, maar daar is het Stahelski ook om te doen; een simpele kapstok om een hoop lekker over de top actiescènes aan op te hangen. En ja, die actie is uitstekend. En de film is ook op z’n best als de film gewoon lekkere lompe actie laat zien. Af en toe doet Stahelski voorzichtige pogingen om wat meer verhaal te bieden en het universum iets uit te diepen. Maar je voelt meteen dat de film daar niet beter van wordt. Nee, John Wick - zowel het personage als de film - is op z’n best als het gewoon knalt.

3,5 sterren.

John Wick: Chapter 2 (2017)

Ik snap de aantrekkingskracht van John Wick heel goed, maar was een beetje bang dat het vervolg - zoals vervolgfilms dat vaker doen - de boel iets meer ging uitdiepen. En waren die momenten van het universum verkennen en de boel wat meer uitleggen nu net het minste onderdeel van de eerste film. En ja, ook in John Wick 2 zijn de momenten van uitleg over de club van moordenaars, de regels en wat ander geblabla onnodig en vrij oninteressant. Want het klinkt misschien gek, maar deze harde actiefilms zijn vooral leuk om de actie. Gelukkig is de actie er en Stahelski lijkt duidelijk te weten dat een vervolg er altijd een stapje bovenop moet doen. De verrassing is er wellicht een beetje af, maar het knalt nog wel. Met als hoogtepunt een erg leuke scène die veel doet denken aan die fantastische knokscène uit John Carpenter’s They Live.

3,5 sterren.

John Wick: Chapter 3 - Parabellum (2019)

Alternatieve titel: John Wick: Chapter 3

Het feit dat ik naar een derde deel van John Wick uitkeek had geenszins iets te maken met de personages. Het kon me eerlijk gezegd niets boeien wat er met John Wick of consorten zou gebeuren. Wat ik wel interessant vind is hoe regisseur Stahelski na twee films de boel nóg groter weet te maken. En eerlijk is eerlijk, het lukt hem ook nog. Hoewel John Wick 2 al een overtreffende trap was, gooit hij er gerust nog een paar scheppen bovenop voor dit derde deel. De rustmomenten, waarin hele kleine stukjes verhaal wordt geserveerd, zijn weer vrij oninteressant, maar de actie is wederom van hoogstaand niveau. Ben daarom wel blij dat er een vierde film komt. Wederom niet omdat John Wick nu zo’n interessant figuur is, maar vraag me echt af waar Stahelski mee gaat komen om deze film qua bombast en actiescènes weer te overtreffen.

3,5 sterren.

Johnny Stecchino (1991)

Alternatieve titel: Johnny Toothpick

Zoals jassonn al zegt; het duurt nogal een tijdje voor de film echt op gang is, waardoor er in het eerste half uur maar weinig te lachen valt. Gelukkig begint de film op een gegeven moment wat meer tempo te krijgen en wordt het allemaal iets leuker. Het simpele, flauwe plot weet gelukkig prima te amuseren en de energieke rol van Bengini doet de film goed. De rest van de cast is niet echt om over naar huis te schrijven. Al met al een aardige, maar niet al te bijzondere komedie.

3 sterren.

Jojo Rabbit (2019)

Taika Waititi is goed in het combineren van enorm droogkloterige humor met gevoel, drama en/of spanning. Het begin van Jojo Rabbit komt echter nauwelijks van de grond omdat het vooral een reeks flauwe grappen zijn. Het helpt overigens niet dat zo’n beetje alle grappen in de film in de trailer te zien was. Alle personages die we in het sketch-achtige begin leren kennen, zijn allemaal later - als de film wat is gekalmeerd - een stuk leuker. Vooral opvallend en verrassend vond ik dat Taika Waititi zelf, toch een erg geestige man, het minst grappig is van zijn hele film. De promotie van de film leunt veel op Waititi die Hitler speelt, maar zijn scènes zijn zelden grappig. Waititi is het beste in zijn rustige droogheid, maar alle scènes rondom zijn Hitler zijn veel te schreeuwerig. Alsof hij naar de kijker roept ‘kijk dan, lach dan!’ In mijn reeds volle bioscoopzaal bleef het tijdens die scènes soms terecht pijnlijk stil.

Een stuk leuker zijn de bijrollen van bijvoorbeeld Sam Rockwel of Stephen Merchant. En daaruit blijkt dat Waititi meer kan dan alleen maar pure ongein. De grote scène met Merchant bevat één van de beste grappen uit de film, maar is tegelijkertijd hier en daar oprecht spannend en erg goed geacteerd. Dat werkt toch duidelijk beter dan Hitler die wat gekke dansjes doet in het bos en een rare bek trekt. De lijn van sterk drama en goede komedie wordt ook doorgezet in de onderonsjes met Jojo en zijn moeder - erg sympathieke rol van Johannson - of Jojo en het Joodse meisje Elsa. De onderonsjes met Jojo en mini-Nick Frost zijn overigens vooral geestig, maar dramatisch niet echt bijzonder. Ook al heb ik van bepaalde scènes erg genoten, ik weet toch dat Waititi beter kan, als hij minder schreeuwerig is. Jojo Rabbit is wat dat betreft verre van Waititi’s beste film. En dat is de schuld van Hitler.

3,5 sterren.

Joker (2019)

Ik weet niet hoe lang het duurt, maar DC toont vooruitgang als ze even niet proberen om Marvel na te doen en wat nieuws durven te doen. Dat ‘nieuws’ is natuurlijk discutabel, want wie de films van Scorcese als Taxi Driver of King of Comedy heeft gezien, ziet dat Joker veel van die films leent. Maar het is een enorme verademing vergeleken met wanproducties als Suicide Squad, Batman v Superman of Justice League. Na het erg vermakelijke Shazam is heeft men nu weer een fijne stand-alone film afgeleverd, die totaal anders voelt dan hun voorgaande films. De film voelt meer als een Logan; een serieuze, harde film, die niet voelt als de zoveelste stripboekverfilming, waar we de laatste tien jaar mee doodgegooid zijn. Een fijn experiment, andere genres mengen met het superheldengenre. Wat mij betreft gaan ze op die manier nog een tijdje door en laten ze die hele DC-universe lekker links liggen.

Dat Jared Leto overtroffen zou worden was nu niet bepaald moeilijk, maar Joaquin Phoenix weet zelfs Heath Ledger te evenaren met een hele sterke rol als de Joker. Ze doen best veel interessants met zijn personage. Had eerlijk gezegd ook niet verwacht dat komedie-regisseur Todd Philips het in zich had, maar hij levert op veel vlakken een sterke en lekker koude film. Sure, zijn film is hier en daar nog een tikkeltje te uitleggerig (dat moment dat we extra bevestiging krijgen dat dat gedoe rondom zijn vriendin in zijn hoofd zat was compleet onnodig en best jammer), maar veelal houdt hij het gelukkig redelijk klein en subtiel. Er rust veel op de schouders van Phoenix, bij een verkeerde casting had dit vrij slecht kunnen eindigen. Nu maar hopen dat ze de boel niet verkloten door er nog tig van dit soort films bij te maken, maar gewoon lekker weer iets totaal anders gaan doen. Maar de enorme box-office van deze film - en het feit dat men daar vaak nogal allergisch is voor grote risico’s - doet mij het ergste vrezen.

4 sterren.