• 15.747 nieuwsartikelen
  • 177.926 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.938 acteurs
  • 198.971 gebruikers
  • 9.370.360 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Chainsaw als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Bloodstone: Subspecies II (1993)

Alternatieve titel: Subspecies II: Bloodstone

Erg slecht. De film telt een paar vermakelijke momenten en de make-up effecten zijn nog net redelijk te noemen, maar verder is de film op alle gebieden gewoon te slecht en saai voor woorden. Ken de overige delen (zie net dat er inmiddels al vier films zijn) niet, maar daar begin ik ook maar niet aan.

Bloody Birthday (1981)

Alternatieve titel: Hide and Go Kill

Verrassend leuke horror met een heerlijk begin jaren '80 sfeertje en een paar interessante scènes. Weinig tot geen gore en spannend is het ook niet, maar het moordende drietal steelt de show. Vooral dat ventje met die bril is een sadistisch klootzakje.

Blow (2001)

Prima uitgangspunt, boeiend plot en voortreffelijk acteerwerk. Depp doet het uitstekend, maar ook Liotta en verrassend genoeg zelfs Cruz waren prima op dreef. Nergens echt uitzonderlijk of visueel hoogstaand, maar inhoudelijk is alles prima ingevuld. Enige kritiekpunt wat dat betreft is dat de film wel een kwartiertje korter had gemogen, het ging me op een gegeven moment net iets te lang door.

3,5 sterren.

Blown Away (1994)

Redelijk filmpje van Hopkins. Leuke cast, vooral Jones speelt een amusante rol, en het is best leuk om vader en zoon Bridges een keer in één film te zien. Verder ook prima muziek van U2, altijd goed om te horen. Daar staat tegenover dat de film echt overvol zit met clichés en eigenlijk de hele film met gemak te voorspellen is. Daarnaast duurt de film te lang.

2,5 sterren.

Blue Streak (1999)

Het blijft elke keer weer bijzonder als een productie met Martin Lawrence in de hoofdrol mij niet het bloed onder de nagels vandaan weet te halen. Blue Streak is weer zo eentje. Vermakelijke komedie met vooral een flinke reeks geestige bijrollen. Lawrence doet weer zijn best om van de film "de Martin Lawrence show" te maken, maar is vooral té over the top en geforceerd komisch om leuk te zijn. Gelukkig kent het script een aantal erg komische momenten en komen onder andere Greene, Forsythe en doetje Wilson genoeg aan bod. Paar geinige personages, film zit lekker vlot in elkaar en eindelijk weer eens geen oervervelend liefdesverhaal in een zijlijn.

3 sterren.

Bluebird (2004)

Het begin van de film is veelbelovend, maar jammer genoeg zakt de film halverwege wat in. Dit ligt vooral bij het script van Van der Meulen, aangezien de film voor mijn gevoel nergens heen ging. De film kabbelt op den duur maar wat voort en kent eigenlijk geen echte climax of een duidelijk hoogtepunt. Ik bleef bij het einde in ieder geval met een ontevreden gevoel achter.

Maar verder is Bluebird op vele gebieden een uitstekende film. Er wordt erg natuurlijk geacteerd en alles wordt erg realistisch neergezet en weergegeven. Hoofdrolspeelster Rotteveel doet het uitstekend en ook Elsie de Brauw en Jaap Spijkers waren erg sterk als de ouders van Merel. Maar het realisme van Bluebird is toch het meest opvallende element van deze film, erg goed gedaan. Alleen jammer van die behoorlijke reeks onnodige cliche's en een nogal matig slot.

3 sterren.

Boar (2017)

Een verrassend leuke film. Boar had op elk vlak zo’n verschrikkelijk inwisselbaar horrorfilmpje kunnen zijn en als ik alle reacties online lees, is dat wat de meeste mensen ook gezien hebben. Ik zag echter een enorm vermakelijke en vlotte monsterfilm. Hoofdoorzaak hiervan is stiekem niet eens het uit de kluiten gewassen zwijn, maar de personages eromheen. We zien een gezin met horroracteur Bill Moseley in de vaderrol, die op weg zijn naar neef Bernie, een enorme spierbundel met het hart op de juiste plaats. Ondertussen leren we John Jarrett - uit onder meer de Wolf Creek films - kennen, die met een goede vriend hekken repareert. En zijn dochter runt een kroeg met allerlei kleurrijke stamgasten. Wat opvalt zijn niet alleen de sterke acteerprestaties, maar ook de fijne dialogen. Zo had ik graag veel meer gezien van Jarrett en zijn goede vriend, die een beetje met een biertje bij een kampvuurtje rondhangen. Boar is sterk gecast en waar dit soort films vaak enorm inwisselbare personages introduceren, zijn de figuren in Boar memorabel en leuk om naar te kijken. En dan moet dat zwijn nog komen!

Wie vaker van dit soort films ziet weet dat met gebrek aan geld en middelen een monster vaak amper te zien is en we dus vooral point-of-view shots en snelle cuts krijgen. Het is dus best een verademing dat we het zwijn in Boar vrij goed te zien krijgen, regisseur Chris Sun verschuilt het beest niet in allerlei snelle cuts. Sterker nog; de scène met Jarret’s vriend, die wordt opgejaagd en waar het zwijn plots achter hem staat is één van de beste scènes uit de film. Komisch en spannend tegelijk. De zwijnenpop ziet er ook tof uit. Dat het zwijn voor de actiescènes even CGI is, is logisch maar jammer, want dat ziet er niet heel mooi uit. Desondanks kan ik de film dat makkelijk vergeven, een stuk beter dan de vrij jammerlijke keuze die Sun aan het einde maakt door zowel neef Bernie als de zoon nog te laten leven. Een héle slechte keuze, wat mij betreft. Heeft men nu niets geleerd van Spielbergs War of the Worlds? Maar ondanks deze matige keuze is Boar een zeer aangenaam; wat heb ik me hier enorm goed mee vermaakt.

4 sterren.

Body Bags (1993)

Alternatieve titel: John Carpenter Presents 'Body Bags'

De ideeën zijn nog best aardig en de vele bijrolletjes en cameo's van bekende gezichten in de horrorwereld zijn leuk, maar verder is dit niet al te bijzonder. Vond het eerste verhaal zelf het leukst en ook de tussenstukken waren amusant. Desondanks verwacht je wel iets meer van namen als Carpenter en Hooper.

3 sterren.

Boekverfilming, De (1999)

Een behoorlijke tegenvaller. Ik vond het maar een weinigzeggend verhaal en had het gevoel dat er veel meer uit te halen viel. Vooral wat betreft de humor, want er viel eigenlijk maar bijzonder weinig te lachen. Een paar leuke vondsten en aardige momenten en een paar leuke bijrollen (Mike van Diem, Fedja van Huêt), maar verder had de film weinig bijzonders te bieden. Saaie personges, matig acteerwerk en weinig boeiende verhaallijnen. Nee, na het érg leuke Rent-a-Friend (nog steeds Terstall's beste imo) had ik hier wel iets meer van verwacht. Jammer, maar helaas.

Hele kleine 2,5 sterren.

Bohemian Rhapsody (2018)

Ik mag schijnbaar blij zijn dat ik geen Queen-expert bent, want dan lijk je haast niet van deze film te kunnen genieten. Fans blijven maar hameren dat feiten in deze film niet kloppen, met reacties als "dit is niet zo gegaan" en (nog geestiger) "toen had de man nog geen snor". Zien deze mensen voor het eerst een biopic? Natuurlijk is Bohemian Rhapsody voor een deel verzonnen. Zaken worden flink geromantiseerd, gebeurtenissen worden dichter naar elkaar getrokken of omgewisseld en veel oninteressante elementen worden achterwege gelaten. Belangrijker bij een film als dit lijkt mij dat men de sfeer en de personages zo goed mogelijk neerzetten. En ik mag dan niet heel bekend zijn met Queen, maar dat is men in Bohemian Rhapsody toch prima gelukt.

Althans, men lijkt het eens te zijn dat Rami Malek een voortreffelijke rol speelt. In combinatie met een paar hele sterke stemacteurs laat men Freddie Mercury echt tot leven komen. Zet beelden van de echte Mercury ernaast en je ziet hoe sterk men alles laat kloppen. Oké, verhaaltechnisch is er veel verzonnen, maar Mercury zelf is als twee druppels water. En dat is een enorme prestatie voor een figuur dat zo bekend is; zelfs niet-Queen liefhebbers weten hoe de man praat, beweegt en vooral zingt. Queen heeft verder een enorm scala aan catchy hits gehad, dus de film zit ramvol met lekkere herkenbare melodieën. Het maakt mij niet zoveel uit of het lied Bohemian Rhapsody echt zo tot stand is gekomen, maar de vier heren zien kloten in een opnamestudio levert vermakelijke scènes op. Ondanks dat er het drama hier en daar steevast de kop opsteekt, de film is op zijn best als het gewoon lekker kleurrijk en fun is. De kleurrijke, muzikale sequenties zijn genieten geblazen.

Maar Bohemian Rhapsody is verre van een volmaakte film. Voornamelijk omdat de film wel heel erg het stappenplan van een gemiddelde biopic afgaat. Een man met een droom, een teleurgestelde vader die hem niet begrijpt, een klein bandje dat populair wordt met alle ups en downs; het loopt allemaal precies zoals je zou verwachten, ook als je niets van Queen weet. Want nátuurlijk zit vader aan het einde te snikken voor de televisie, terwijl hij ervoor vooral teleurgesteld was. Dat soort geneuzel mag wel een keertje achterwege blijven, een tikkeltje meer creativiteit op dat vlak is niet onnodig. Verder blijft Bohemian Rhapsody net iets te lang hangen op de minder interessante aspecten zoals Mary en Paul, die soms iets teveel aandacht opeisen. Anderzijds vliegt de film naar mijn smaak net iets te snel over het moment dat Queen van klein bandje ineens doorbreekt. De overige bandleden zijn goed gecast, maar blijven een beetje op de achtergrond en waren in het echt wellicht ook gewoon saaie figuren. Dat ben je ook al snel in het bijzijn van Mercury.

3,5 sterren.

Bone Collector, The (1999)

Toch niet het simpele ripoffje van Se7en en Silence of the Lambs dat ik eigenlijk had verwacht. The Bone Collector mag dan misschien niet heel nieuw aanvoelen, de film staat op bepaalde momenten toch als een huis. Het acteerwerk is uitstekend in orde (leuke rollen voor Brooker, Orser en uiteraard O'Neill) en Washington en Jolie waren ook zeker niet slecht. Verder af en toe best spannend en vermakelijk, hoewel het nergens echt bijzonder is. Muziek van Armstrong is helemaal een groot pluspunt. Al met al leuk voor tussendoor, zullen we maar zeggen.

Kleine 3,5 sterren.

Bone Tomahawk (2015)

Ik heb het niet zo op westerns, maar met Bone Tomahawk levert S. Craig Zahler een hele interessante mix van genres. Maar vooropgesteld heeft hij een sterke cast. Kurt Russell is altijd goed, met uitstekende rollen van Patrick Wilson en Matthew Fox. Maar de ster van de show is Richard Jenkins, die een prachtige, hilarische en aangrijpende rol speelt. Hij blijft een held, die man! Het feit dat we hier een reeks interessante personages hebben, maakt hun reis ook boeiend en spannend, ook als er niet heel veel lijkt te gebeuren. Er hangt steevast een dreiging en ondertussen is er in de rustige momenten genoeg ruimte voor luchtigheid. Vond de film verbazingwekkend geestig, af en toe. Gaandeweg draait die sfeer 180 graden om, met een ijzingwekkende scène die je niet snel zal vergeten als gevolg. Altijd knap als een film je kan laten lachen, kan laten sidderen en op het puntje van je stoel houdt, zelfs in de kalme momenten.

4 sterren.

Boogeyman (2005)

Slechts een paar dagen geleden dat ik de film gezien heb, maar ik kan me nu al geen enkele scène meer voor de geest halen. Níets van Boogeyman blijft hangen en de film weet niets noemenswaardig te tonen. We volgen enkel één of ander verward en saai bordkartonnen personage in zijn reis vol goedkope schrikeffecten en nog meer eendimensionale karakters. Toegegeven, visueel weet regisseur Kay er af en toe nog best wat van te maken, maar inhoudelijk is het echt één brok oninteressante rommel.

1,5 sterren.

Boogie Nights (1997)

Opnieuw een sterk werkje van regisseur Anderson. Boogie Nights is een kleurrijk, sfeervol, humoristisch en tegelijkertijd best ontroerend rise en fall portret. Vooral knap hoe Anderson stijlvolle momenten en over the top chaos in de blender gooit. Men neme nog een blik perfecte bijrolacteurs en een lekkere jaren '70 soundtrack en je bent klaar voor een amusante rit, die ondanks de flinke speelduur geen moment te lang duurt.

Maar hoe goed de film ook in elkaar zit, het zijn voor mij (net als bij Magnolia, overigens) toch de karakters en vertolkingen die de film maken tot wat ie is. Cheadle, Hoffman, Reilly en zelfs Graham en Wahlberg zijn perfect op hun plaats. Reynolds is overigens de coolheid zelve. Desondanks werd de show voor mij gestolen door de erg sterke bijrollen van Macy en Molina. Al met al is Boogie Nights een klein feestje voor oog en oor. Laat Anderson maar snel weer aan de slag gaan met een nieuw project.

4 sterren.

Book of Eli, The (2010)

Aardig filmpje. Visueel interessant, prima sfeertje en eindelijk eens een echt sterke rol van Washington. De gebroeders Hughes zorgen voor een paar amusante actiescènes, maar ook hun gevoel voor art-direction en uitstekende casting (Oldman!) wordt weer eens getoond. Echt waterdicht of gatenvrij is het script niet, het wil hier en daar nog wel eens wat rammelen, maar kon dit vrij makkelijk opzij zetten. Echt uitzonderlijk is het allemaal niet, de film wordt zo nu en dan nog wel eens voorspelbaar, en men ontsnapt ook niet aan hier en daar een sentimentele scène, maar het algemene gevoel bij The Book of Eli zit wel goed.

3,5 sterren.

Boondock Saints, The (1999)

Heerlijk over-the-top actiefilmpje. Een verhaal dat dik 100 minuten boeiend blijft en een tevens heerlijk idiote Dafoe maken deze film tot een kleine kermis. Lekkere sfeer, goed en vlot tempo en een flink portie humor. Uitstekend geschikt voor mensen met een DVD speler, een luie stoel en een zak chips binnen handbereik. Ik heb iig genoten.

4 sterren.

Borat Subsequent Moviefilm: Delivery of Prodigious Bribe to American Regime for Make Benefit Once Glorious Nation of Kazakhstan (2020)

Alternatieve titel: Borat: Subsequent Moviefilm

Een vervolg maken op een komedie is sowieso al lastig - en mislukt dan ook vaak - maar voor het concept van Borat is het dubbel zo lastig. Immers is de verrassing eraf. Daar maken de filmmakers gebruik van door Sacha Baren Cohen andere typetjes te laten spelen. Of eigenlijk gewoon Borat met een andere pruik. Daarnaast speelt zijn dochter een belangrijke rol, wat de film meer fictie doet voelen dan zijn voorganger. Terwijl een film als dit het leukst is in het concept waarin mensen niets doorhebben. Het bekendste voorbeeld in Borat 2 is de hilarische en pijnlijke scène met Rudy Giuliani. Jammer genoeg kent deze tweede Borat iets te weinig van dit soort momenten.

3 sterren.

Borat: Cultural Learnings of America for Make Benefit Glorious Nation of Kazakhstan (2006)

Alternatieve titel: Borat!

In tegenstelling tot vele komedies is deze na vele jaren eigenlijk alleen maar grappiger geworden. Het verschil; toen ik ‘m in 2006 in de bioscoop zag focuste ik me vooral op de one-liners en grappen van Sacha Baron Cohen als Borat. En dat terwijl de film eigenlijk vele malen grappiger is door de andere figuren. Cohen als Borat is de aangever en de andere figuren koppen ‘m - vaak onbewust - in. Je vraagt je gedurende de film in ieder geval geregeld af wie nu precies het over-de-top satirische typetje is. En tja, dat worstelen is en blijft toch wel bijzonder memorabel.

4 sterren.

Bordello of Blood (1996)

Alternatieve titel: Tales from the Crypt Presents: Bordello of Blood

Een stand-up komiek die niet echt z'n best wil doen, een Baywatch- ster, die kleine vent met ruige baard die in elke film lijkt te zitten, een uitgerangeerd kindacteur uit de jaren 80 en Jerry Dandrige himself als een dominee. Kleurrijk clubje bij elkaar in deze tweede film van de Tales from the Crypt serie, wat eigenlijk een trilogie had moeten worden. Maar na het floppen van Bordello of Blood liep dat net even anders. Wel jammer, had mij best leuk geleken om hier een hele franchise van te krijgen. Demon Knight was immers geweldig. En hoewel van tijd tot tijd vermakelijk, Bordello of Blood is daarentegen wel van heel wat mindere kwaliteit.

In de film gaat Dennis Miller in opdracht van Erika Eleniak op zoek naar een verdwenen Corey Feldman. Miller is in eerste instantie niet onaardig als sarcastische detective, maar zijn maniertjes, opmerkingen en voortdurende pogingen tot humor beginnen op den duur wel erg te vervelen. En waar Miller juist een trucje maakt van het ongeïnteresseerd en koel reageren, daar is de rest van de cast zo over de top als een polonaise. Ook dit heeft af en toe de neiging te gaan vervelen, hoewel ik Chris Sarandon als priester wel wat charme vond hebben. Ondanks dat zijn aanwezigheid mij wel herinnerde aan dat er veel betere en leukere horror/komedies met vampiers zijn. Evenals Corey Feldman trouwens. Want Bordello of Blood mag niet in de schaduw staan van een Fright Night of Lost Boys. Overigens gaat de grootste trofee naar Kim Kondrashoff als die gestoorde biker die mensen naar het bordeel lokt. Dacht dat ie bij elke zin bijna zou ontploffen, zelden zoiets geweldig over de tops gezien.

Maar waar de film in zijn vertolkingen compleet losgaat, daar blijft de film op andere vlakken opvallend tam. Personages wandelen van de ene locatie naar de andere en in de tussentijd lullen ze wat met elkaar. Pas tegen het einde komt er daadwerkelijk actie bij kijken, maar dat vergt wel wat uithoudingsvermogen. Paar toffe gore effecten (maar ook niet al te uitzonderlijk) en idiote momenten komen voorbij, maar het zijn er te weinig. Hetzelfde geldt voor de humor, de film heeft zijn geestige momenten, maar het blijft allemaal maar een beetje suf en flauwtjes. Nergens knalt de film erin of doet het iets speciaals, het blijft allemaal maar zo zo. Wat dat betreft is Bordello of Blood zeker niet vervelend om te zien en heeft genoeg amusement in zich (ook geestige kleine rol voor William Sadler, trouwens), maar het had allemaal veel meer en veel scherper gekund.

3 sterren.

Borgman (2013)

Fantastische en heerlijk absurde zwarte komedie van Van Warmerdam. Een vrij unieke mix van hilarische, spannende en aangrijpende momenten, perfect in elkaar verweven. Maar voor mij werkte Borgman als absurdistische en heerlijk droge komedie toch het allerbeste. Hoe de tuinman en zijn vrouw uit de weg worden geruimd, was bijvoorbeeld niets minder dan geniaal. Het spel is uitmuntend en de karakters zijn simpelweg geweldig. De film laat je lachen en nadenken, maar het maakt niet uit als je één van deze twee weigert te doen; de film vermaakt sowieso wel. Had het gevoel dat de film tegen het einde ietwat aan het inzakken was, maar dat zijn gelukkig kleine momenten, hier en daar. Want verder is Borgman van de briljante openingsscène tot de ijzersterke climax Alex van Warmerdam op zijn allerbest.

4 sterren.

Boudewijn de Groot - Kom Nader (2015)

Alternatieve titel: Boudewijn de Groot - Come Closer

Aardig portret over Boudewijn de Groot, een interessant persoon om te zien. Vooral omdat hij niet graag praat, laat staan over zichzelf. Een enorm contrast met die vermoeiende Jeroen Krabbé die uiteraard maar graag vertelt over zijn geweldige vriendschap met zijn Bouwtje. Gelukkig zijn de voornaamste sprekers in de documentaire toch de kinderen van De Groot. Verder gaat men via de albums door het leven van De Groot en dat loopt samen met het afscheidsconcert van zijn oude liedjes en het maken van een nieuwe nummer. Maar ondanks deze rode draden blijft de documentaire Kom Nader toch wat onsamenhangend. Film duurt verder ietwat lang, vraag me af waarom dit niet 50 minuten is geworden.

3 sterren.

Bound by Honor (1993)

Alternatieve titel: Blood In, Blood Out

En toch dacht ik heel even dat Blood In Blood Out, de film waar ik net drie uur naar heb zitten kijken en die meteen vanuit de speler het raam uit is gegaan, een andere film was dan deze hooggewaardeerde Bound by Honor. Maar nee, het schijnt dus wel gewoon dezelfde film te zijn. Hier en op Imdb misschien een hoog gemiddelde, maar ik had sinds tijden weer eens echt moeite om een film uit te zitten.

Want wat was dit belachelijk slecht. Zowat elk karakter die in deze film rondloopt is een cliché met vingers en boven alles stomvervelend. En dan krijgen die personages ook nog een film van maar liefst 180 (!) minuten om te vullen. Ik was dat taaltje, die zogenaamd stoere maniertjes, dat bovenste knoopje van je blouse dicht en al die wanhopige dialogen eerlijk gezegd na een kwartiertje al spuugzat. En dan worden de van zichzelf al lachwekkende scènes ook nog eens ondersteund met de meest irritante muziek en erg saai camerawerk. Soap eerste klas.

Om over het acteerwerk nog maar te zwijgen. Waar regisseur Hackford twee jaar na deze film op sublieme wijze Kathy Bates laat schitteren in een klein meesterwerkje, daar krijgt hij werkelijk niets voor elkaar met het stelletje non-talenten dat hij hier voor zich heeft. Die Damian Chapa met het charisma van een pak bedorven karnemelk voorop. Enkel dat ongure mannetje in de gevangenis had een redelijk geinige rol, moet ik zeggen. Maar verder is er niets, werkelijk níets, maar dan ook helemaal níets, van deze film dat ik me over twee dagen waarschijnlijk nog zal herinneren. Tot zover het positieve nieuws.

1 hele kleine ster.

Bowfinger (1999)

Als je goed kijkt zijn er af en toe een paar aardige momenten te vinden in deze verder nogal matige komedie. Het idee is er geestig, maar de uitwerking laat erg te wensen over. Die paar kleine geslaagde grappen worden afgewisseld met een buslading flauw, kinderlijk en voorspelbaar gedoe. De personages zijn stuk voor stuk een hoop grijze muizen, zelfs de rollen van Martin en Murphy zijn hier alles behalve memorabel. Dan blijven enkel een paar vermakelijke momenten en een geinige premisse over. Maar dat is natuurlijk nog niet voldoende.

2 sterren.

Boy (2010)

Vermakelijke film, maar wel de minste van Waititi die ik tot dusver zag. Van al zijn films is Boy het minst komisch en voelt qua script niet echt strak of scherp. De droogkomische toon met hier en daar een surrealistisch elementje - waar Waititi de beste in is - is zeker aanwezig, maar het leek wel alsof de gehele film aan het kabbelen was. Boy is meer een sfeerplaatje met een hoop amuserende scènes dan een duidelijk verhaal dat wordt verteld. En dan heb ik persoonlijk toch meer met dat laatste, ook al schetst Waititi een aardig plaatje en creëert een goede sfeer. De meeste humor komt van Waititi zelf als de vader - tenzij je het komischer vindt als kinderen elkaar voortdurend 'egg' noemen - en vooral in het begin levert hij met zijn twee maten wat geinige scènes op (dat thee drinken in de auto) was bijvoorbeeld wel een leuke. Gaandeweg wordt het allemaal iets minder grappig en ligt er meer focus op het drama. Boy is een prima film, maar geef mij toch maar liever Eagle vs Shark, Hunt for the Wilderpeople of What We Do in the Shadows.

3,5 sterren.

Boy in the Striped Pyjamas, The (2008)

Alternatieve titel: The Boy in the Striped Pajamas

The Boy in the Striped Pyjamas heeft met zijn interessante invalshoek en sterke acteurs genoeg in huis om een sterke film te zijn, maar is lang niet overal overtuigend. Het idee om de Holocaust door de ogen van een kind te laten zien klinkt interessant en de toonzetting, die wisselt tussen redelijk zwaar tot tamelijk luchtig, werkt goed. Maar toch blijven we te weinig bij Bruno en komen er teveel punten aan bod die niet interessant of relevant (lijken te) zijn. Zeker als een hoop clichématige karakters zich in het verhaal gaan mengen, wordt het er allemaal niet sterker op. Met de momenten tussen Bruno en Shmuel daarentegen merk je dat de film meteen tot leven komt, maar er wordt iets te weinig aandacht geschonken aan die relatie, had ik het idee. Verder stoorde ik me eveneens aan de vele stereotypes, het feit dat iedereen Engels spreekt en de geloofwaardigheid soms behoorlijk ver te zoeken is. Gelukkig boeit The Boy in the Striped Pyjams wel en bevat het een paar prima acteerprestaties. Vond vooral Vera Farmiga sterk.

3 sterren.

Brain Damage (1988)

Als klein jochie in de videotheek was ik altijd al gefascineerd door die VHS cover, maar op de één of andere manier heb ik 'm uiteindelijk nooit meegenomen. Maar gelukkig biedt het tijdperk van internet en DVD uitkomst en krijg je alsnog de kans om die mogelijk interessante titels van toen een keertje te bekijken. En zeker bij films als Brain Damage is dat geen straf.

Met Brain Damage slaat Henenlotter toepasselijk veel spijkers op z'n kop. Het script is geschreven met evenveel oog voor humor als horror en dus passeren zowel de meest ranzige scènes als hilarische momenten de revue. Met als motto; het publiek mag zich geen seconde vervelen. En dat lukt hem. De gore is uitstekend (fellatus!), het jaren '80 sfeertje (inclusief de uitstekende score) is perfect en onze grote vriend Aylmer/ Elmer is een geweldige creatie. Had verder ook totaal geen last van een tegenvallend einde, vond het eigenlijk precies goed, zo. Brain Damage is al met al duidelijk met veel plezier gemaakt, pure flauwekul was zelden zo amusant.

Binnenkort Basket Case maar eens herzien, dat wordt inmiddels wel een keer tijd.

4 sterren

Brain Donors (1992)

Men noemt dit een film die zich liet inspireren op het werk van de broers Marx, maar je kunt Brain Donors gerust een remake van hun werk noemen. En dan met name hun beste film A Night at the Opera. Elke beat van de herkenbare formule van de gebroeders Marx wordt opgevolgd: we hebben de oudere rijke dame, het sympathieke verliefde stelletje en uiteraard de gemene snobs. Met een hoop chaos, veroorzaakt door de drie hoofdrolspelers. Harpo is hier een grote, onnozele vent, vertolkt door de vrij onbekende komiek Bob Nelson en de Britse Mel Smith - naast acteur ook regisseur van onder andere die eerste Mr. Bean verfilming - speelt de gladde Chico-rol. De bekendste naam in deze cast is John Turturro, die rond dezelfde tijd in Barton Fink speelde en de Groucho-rol (veruit de leukste rol uit de Marx films) op zich neemt. Dat doet ie niet onaardig en eigenlijk is de gehele film zo te omschrijven: niet onaardig. Hilarisch is het nergens - heb hooguit twee keer hardop moeten lachen - maar veel is op z’n minst een kleine glimlach waard. Het is vaak erg flauw en voorspelbaar, maar ergens ook sympathiek. En laten we niet doen alsof ál het werk van de Marx broers altijd geniaal was. Brain Donors (ook werkelijk geen flauw idee waar die titel op slaat) is vooral best interessant als je wil zien hoe een hedendaagse Marx broers eruit zou zien.

3 sterren.

Braindead (1992)

Alternatieve titel: Dead Alive

Braindead, wat een geweldige achtbaanrit! Kan me niet herinneren ooit zo hard gelachen te hebben als bij deze film. De film is dolkomisch, ontzettend ranzig en gewoon te idioot voor woorden. Verder geweldige personages en hilarische dialogen. Met andere woorden; een héérlijke film.

4,5 sterren.

Brainscan (1994)

Spannend of eng is de film absoluut niet, maar dat lijkt me ook niet de bedoeling geweest van de maker. Als overtuigende horrorfilm faalt de film op aardig wat vlakken, maar als lekkere pulp is Brainscan goed te doen. Veel amusante momenten en een geinige rol van T. Ryder Smith als The Trickster. Verder schrijven we er absoluut niet over naar huis, een onschuldig faxje is voldoende. Geen hoogvlieger, maar prima te verorberen als tussendoortje.

2,5 sterren.

Brave (2012)

De Pixar lat ligt inmiddels erg hoog. Hoewel ik alles behalve een fan ben van Cars (en diens vervolg nog niet heb gezien), heeft Pixar me vaak genoeg weten te verrassen met geweldige films, de Toy Story trilogie en Finding Nemo voorop. Hun jongste werkje, Brave, ligt jammer genoeg behoorlijk onder die lat en kan eigenlijk nog maar net de kop boven Cars uitsteken. En dat is ontzettend jammer.

De verhaalstructuur (held doet iets stoms, wil het weer rechtzetten en moet hiervoor buiten zijn of haar comfort zone treden) is weer als vanouds en ook verder heeft Brave maar weinig verrassingen. Vooral in de karakters, waar Pixar meestal de plank raak slaat, zit ditmaal weinig verrassends. De twee vrouwelijke hoofdpersonages zijn weinig opzienbare karakters en voor de mannenrollen komen echt alle mogelijke typetjes, met de meest uiteenlopende cartooneske uitstralingen, voorbij. Een paar van die typetjes, met name de drie huwelijkskandidaten en de heks, zorgen voor een paar leuke momenten, maar de rest van de karakters (die grotendeels van het verhaal moeten dragen) zijn alles behalve memorabel. Laat staan hilarisch.

Daarnaast mist Brave momenten van gevatte of scherpe humor. De hoofdkarakters zijn niet geestig en verder is er niet veel meer dan een hoop energieke slapstick. Dit is even leuk (zeker voor het jonge publiek), maar gaat vrij snel vervelen. Deze slapstick wordt dan weer afgewisseld met behoorlijk serieuze, moralistische en af en toe mierzoete momenten. Zeker tegen het einde is het af en toe niet te harden. Zat te wachten tot Phil Collins zou beginnen met zingen. Die blijft wellicht achterwege, maar toch komen er ook een paar liedjes voorbij. Wat dat betreft zijn de standaard Disney ingrediënten allemaal van de partij. Enkel de momenten rondom de heks leveren nog wel een paar leuke, creatieve en geestige scènes op. Maar jammer genoeg weet Brave dat niveau niet vol te houden en is het uiteindelijk niet meer dan een degelijke animatiefilm. En je verwacht toch echt wel iets meer van Pixar.

Had de film overigens maar iets meer het niveau van La Luna, de korte Pixar die voor Brave te zien is. Die zeven minuten hebben meer indruk achtergelaten dan de 100 minuten die daarna kwamen.

3 sterren.