Meningen
Hier kun je zien welke berichten Metalfist als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Street Fighter Alpha: Generations (2005)
Voor de die-hards
Ik was gisteren nog eens wat op Street Fighter Alpha aan het spelen (recentelijk een verzamelpack op de PS2 gekocht genaamd Street Fighter Alpha Anthology met daarin Alpha, Alpha 2, Alpha 2 Gold, Alpha 3 en Super Gem Fighter Mini Mix) en ik realiseerde me ineens dat ik nog een Alpha verfilming had. Na eindelijk eens met Charlie te hebben uitgespeeld (wat suck ik met dat personage!) had ik nog wel een uurtje vrij tijd over.
Alpha Generations is een korte film, zeer kort zelfs want zonder aftiteling zou het zelfs niet op de site mogen. Dat neemt niet weg dat het wel een erg interessante film is aangezien Akuma (of Gouki zoals het personage in Japan heet) voor de rest maar bitter weinig in de films voorkomt. Verwacht hier dan ook geen stormloop van personages, want met uitzondering van Ryu en Ken zijn de iconen van de franchise nergens te bekennen. Meer zelfs, ik vind dit (en Ties That Bind is de enige die ik nog moet zien van de Street Fighter anime op de site) een wat vreemde eend in de bijt. De focus ligt niet op de gevechten, maar eerder op het verleden van Ryu en, indien goed uitgevoerd, dat is ook eens aangenaam. Dit in tegenstelling tot Street Fighter Zero uit 1999, die trouwens geen enkele connectie heeft met deze, die een aantal toernooien liet zien, maar de gevechten laat voorbijflitsen.
Enige reden dat ik hier dan ook geen 4* aan kwijt kan is de animatie. Een aspect dat bij Street Fighter nooit echt goed werkte (de ogen van Balrog in Street Fighter II: The Animated Movie bijvoorbeeld) en ook hier wordt er af en toe de mist ingegaan. Personages geraken af en toe wat vervormd en één van de signature moves uit de reeks, de Hadouken, ziet er op zijn minst gezegd nogal vreemd uit. Qua voice-cast niets op aan te merken. Al kan ik enkel spreken over de Japanse versie aangezien ik dubs meestal probeer te mijden.
Ik vrees dat dit enkel voor de die-hard fans de moeite zal zijn. Ikuo Kuwana probeert een nieuwe origine te geven aan Ryu en co (al moet ik bekennen dat ik niet meer mee ben met alle verhaallijnen dus misschien is dit al eens eerder gepasseerd) en doet dat goed. Jammer dat hij met de animatie wat teleur stelt.
3.5*
Street Fighter Zero (1999)
Alternatieve titel: Street Fighter Alpha
Hier had meer mee gedaan kunnen worden
Ik was al langer van plan om me eens aan de Street Fighter animated films te wagen. Ik heb indertijd Street Fighter II (uit 1995 weeral, waar is de tijd gebleven) helemaal te pletter gespeeld op mijn Game Boy en ook de verfilming met Van Damme kon ik erg waarderen. De sequel, The Legend of Chun-Li niet maar dat is een ander verhaal waarover ik hier niet ga uitwijden. Soit, eigenlijk was het de bedoeling om de films op chronologische volgorde te zien maar blijkbaar heb ik me vergist doordat Street Fighter II: the Animated Feature een paar jaar voor deze uitkwam.
Maar na even wat opzoekwerk gedaan te hebben blijkt dat Street Fighter Alpha geen prequel of sequel is waardoor je beide dus perfect in een andere volgorde kunt zien. Toch is het aan te raden om toch iet of wat met de franchise bekend te zijn want anders ga je hier nogal snel de draad kwijt zijn. Zeker omdat de makers besluiten om de focus te verleggen op een verhaallijn in plaats van de gevechten en dat is toch ontzettend jammer. Street Fighter staat nu eenmaal niet bekend om zijn achtergrondverhalen bij de personages (komaan, vroeger waren 3 zinnen genoeg voor de achtergrond van een personage) maar hetgeen ze hier afleveren is op zijn minst warrig te noemen. Er wordt een poging gedaan om iets meer te doen rond het verleden van Ryu maar de toevoeging van Shun komt nooit echt tot zijn recht. Hierdoor mist de film zijn climax maar dat gebeurt vooral omdat het eigenlijk nooit echt duidelijk wordt wie nu de slechterik van dienst is. Ik was blij om Akuma te zien verschijnen maar uiteindelijk wordt die maar gedegradeerd tot een veredelde cameo die zowaar nog meer screentime krijgt tijdens de aftiteling dan in de film zelf. Slechte zet in ieder geval maar ook de wissel van Bison met Sadler is betreurenswaardig te noemen. Het verschil in charisma tussen beide personages is erg groot en het vormde een serieuze domper toen bleek dat de film ging eindigen met een gevecht tegen Sadler.
Voor een film die zich Street Fighter noemt en die gebaseerd is op een legendarische beat-em-up zitten hier wel erg weinig gevechten in. Wat vreemd is want de film heeft onder andere twee toernooien maar die zijn zo snel voorbij dat je de helft van de wedstrijden mist wanneer je met je ogen knippert. De film concentreert zich voornamelijk op het trio Ryu, Ken en Chun-Li en dat is op zich wel een goede keuze want deze drie zijn nog wel leuke personages. Alleen zonde dat de makers zo weinig gebruik maken van de andere bekende koppen want een Vega of een Dhalsim krijgen amper screentime. Qua animatie kan dit er op zich nog wel mee door maar voor een animatiefilm uit '99 verwacht ik toch wel iets meer. Of Ghost in the Shell heeft mijn verwachtingen voor Japanse animatiefilms zo hoog gezet dat ik altijd wel teleurgesteld zal worden..
Het gevoel blijft overheersen dat hier echt wel meer mee gedaan kon worden. Waarom de film trouwens in twee stukken is gedeeld is ook een raadsel, temeer omdat het nogal abrupt afbreekt. Street Fighter Alpha probeert een film te zijn die zich meer op narratief vlak concentreert maar juist hierdoor gaan ze wat de mist in. Laat de Engelse dub trouwens voor wat het is en ga voor de Japanse versie, vele malen beter.
2*
Street Fighter: The Legend of Chun-Li (2009)
Alternatieve titel: Street Fighter: La Légende de Chun-Li
Waardeloze Street Fighter verfilming
Vrijdagavond was de avond van de gameverfilmingen en na het ietwat tegenvallende Tekken was het de beurt aan deze Street Fighter. Zoals ik al bij Tekken zei ben ik een groot beat-em-up fan en heb ik vrij veel Street Fighter gespeeld in de loop der jaren. Van deze sequel verwachte ik vrij veel doordat ik het eerste deel met Van Damme één van de beste gameverfilmingen ooit vind en ik was benieuwd hoe ze de lijn gingen doortrekken. Dat het echter zo slecht ging zijn, dat had ik nooit verwacht.
Ik zeg het, ik ben een groot fan van het eerste deel doordat ze daar de sfeer van de games perfect weten te benaderen en dat het er eigenlijk allemaal ook authentiek uitziet. Hier is het juist allemaal het tegenovergestelde en dat is jammer, ontzettend jammer. Hoe heel de storyline van de games zit, dat weet ik zelf niet zo goed want ik heb niet zoveel verschillende Street Fighters gespeeld maar zelfs ik voelde aan dat er hier qua plot de helft niet van klopte. Chun-Li die een pianiste is? Vega die zijn gezicht verbergt voor de leut terwijl het in de games om zijn schoonheid te verbergen is? Wat slagen ze hier compleet de bal mis en als ik het logo van Capcom niet had gezien bij de openingscredits, dan had ik nooit maar dan ook nooit geloofd dat Capcom hier zijn medewerking aan had verleend. Het verhaal heeft bijzonder weinig om handen, zit dan ook nog eens vol met plotgaten maar is voornamelijk oersaai. Street Fighter is voor mij altijd een heerlijk potje knokken en dat kwam er hier bijzonder weinig aan te pas. In ruil krijgen we een hoop tenenkrommende dialogen die de helft van de tijd nergens op slaan. Velen vinden de versie met Van Damme een ramp? Wacht maar tot je dit voor de kiezen krijgt. De scène met de zwangere vrouw was trouwens echt wel ziek en paste eigenlijk ook totaal niet in de sfeer van de film.
Ik zei het daarjuist ook al bij Tekken, de acteurs in een beat-em-up verfilming moeten op de echte fighters lijken. Tekken sloeg daar half en half in, de eerste Street Fighter slaagde daar erg goed in (met uitzondering van Van Damme zelf) maar wat krijgen we hier in godsnaam voorgeschoteld. Raul Julia heeft ons ooit de perfecte Bison gegeven en dit wordt gewoon allemaal ten schande gegooid door Neal McDonough. Barslechte acteur en hij lijkt ook totaal niet op Bison maar dat geldt blijkbaar voor iedereen die in de film meespeelt. De helft van de personages zijn compleet onherkenbaar (de enige die opvalt is Vega maar voornamelijk doordat hij zijn typisch masker en klauw heeft) en er wordt ook gekozen om amper gevechten te laten zien. Street Fighter blijft voor mij één van de beste games ooit, waarom dan een verfilming maken die uit zoveel saai drama bestaat. Pas op, dit soort karakterontwikkeling kan goed zijn als het deftig wordt uitgewerkt maar dat is hier sowieso niet het geval. Wanneer er voor de andere personages ook nog eens barslechte acteurs worden gekozen, dan is het hek helemaal van dam. Grootste ergernis was Chris Klein die de rol van Nash op zich neemt. In American Pie is hij al de zwakste schakel van heel de hoop en hier doet hij het nog eens dunnetjes over. Kristin Kreuk had enigszins wat reputatie opgebouwd door mee te spelen in Chuck en die reputatie is toch wel serieus gedaald. Ze probeert om er nog iets leuk van te maken maar gaat compleet ten onder aan het barre script. Moon Bloodgood ken ik dan weer uit Journeyman waar ze ook redelijk slecht is en wonder boven wonder, ook dat verandert niet. De enige die nog te pruimen is, is Robin Shou (hoewel hij niet echt op Gen lijkt, althans toch niet zoals ik me hem herinner) maar hij was geweldig in Mortal Kombat en probeert er hier toch ook het beste van te maken. Wel leuk om Michael Clarke Duncan nog in een bijrol te zien, al lijkt hij ook niet echt 100% op Balrog maar het komt nog in de buurt en dat is iets wat van de meesten niet gezegd kan worden.
Ik ben serieus aan het twijfelen om hier een 0.5* aan uit te delen maar dat zou uets te laag zijn zijn. The Legend of Chun-Li is op alle vlakken een aanfluiting naar de Street Fighter franchise en alleen maar een paar bijrollen (o.a. Shou) zorgen ervoor dat het niet bij het laagste van het laagste terecht komt. Laat het echter duidelijk zijn, dit zou wel eens game over kunnen zijn voor toekomstige verfilmingen van de games.
1*
Study in Scarlet, A (1933)
My interest is to bring the criminal to justice
Ik ben altijd wel een fan van de Sherlock Holmes boeken geweest. Toen ik een jaar of 12 was heb ik ze dan ook verslonden in de bibliotheek (zou ze eigenlijk echt eens moeten herlezen maar de complete collectie staat al anderhalf jaar stof te vangen) en het was een tijd geleden via interesse in het derde seizoen van de Sherlock reeks van de BBC (met een geweldige Benedict Cumberbatch als Holmes) dat ik op Basil Rathbone stootte. Die heeft een resem films als Holmes gemaakt en ik besloot om de gok te wagen en kocht een boxset met zo'n 5 titels.
Ik begon met A Study in Scarlet omdat ik wist dat dat het boek was waar Holmes en Watson elkaar leren kennen en ik wist niet of de films elkander opvolgden. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik zag dat Basil Rathbone hier werkelijk niets mee heeft te maken! De films waarin hij speelt zijn allemaal uit de jaren '40 en deze A Study in Scarlet is van een 10 jaar daarvoor. Waarom ze deze in de box hebben gestoken, het is mij in ieder geval een raadsel. De rol van Holmes wordt aan Reginald Owen gegeven (die blijkbaar al eerder Watson heeft gespeeld en hoopte dat deze verfilming een carrière als Sherlock Holmes zou teweeg brengen) maar echt goed is hij niet. Misschien zit ik nog te hard met Cumberbatch in mijn hoofd maar hij kwam gewoonweg niet tot zijn recht. Te rustig en het gebrek aan arrogantie zorgen ervoor dat dit maar een vrij flauwe interpretatie van het personage is. Over Warburton Gamble als Watson nog maar te zwijgen want die komt eigenlijk amper in het verhaal voor en stemt niet overeen met de figuur uit de boeken. Over hun onderlinge relatie begin ik zelfs niet want die is nihil waardoor de chemie tussen beide personages compleet weg is. Dan doet Martin Freeman dat toch wel een stuk beter.
Maar eigenlijk kun je dit zelfs niet zien als een Sherlock Holmes verfilming. Oké, er zijn bekende(re) namen zoals Holmes, Watson en Lastrade maar met uitzondering van de titel heeft dit niets met het originele verhaal te maken. Ik begon al nattigheid te voelen toen er op de openingscredits 'Suggested by' verscheen en niet 'Based on' maar het verhaal op zich stelt ook niet zo enorm veel voor. De Conan Doyle feeling is ver te zoeken en daar komt dan nog eens bij dat je eigenlijk vrij snel weet wie de moordenaar is doordat Pyke de enige is wiens dood niet duidelijk in beeld wordt gebracht. De identificatiescène waar er alleen maar geconcentreerd wordt op een ring en een stel papieren is dan ook compleet nutteloos en zorgt er zelfs voor dat je snel doorhebt wie de moordenaar is. Hadden ze die eruit gelaten, had het misschien interessanter geweest. Wel interessant om te zien hoe A Study in Scarlet eigenlijk een blauwdruk voor Agatha Christie's bekendste boek, 10 kleine negertjes, is qua opzet met de rijmpjes. Geen idee of ze hier inderdaad haar inspiratie vandaan haalde (het is ook te lang geleden dat ik het boek heb gelezen dus een degelijk vergelijk kan ik niet maken) maar het is wel opvallend te noemen.
Gelukkig heeft deze Holmes 'verfilming' een korte speelduur maar toch mist de film nogal vaart. Misschien interessant voor de verzamelaars onder ons maar daar behoor ik (nog) niet toe. Reginald Owen en Warburton Gamble zijn niet echt een geslaagde combinatie en het feit dat dit gewoon een compleet ander verhaal in vergelijking met het originele boek is stoort me wel.
2*
Su Qi-Er (2010)
Alternatieve titel: True Legend
Een oude Yuen verliest zijn stijl niet
Ik moet zeggen dat ik eigenlijk wel benieuwd was naar wat een recente Woo-Ping Yuen film ging brengen. Ik ken de man namelijk alleen maar van zijn ouder werk (als regisseur bij onder andere Snake in the Eagle's Shadow en Drunken Master en als action choreographer bij onder andere de Once Upon a Time in China films) en dat kan me in ieder geval erg bekoren. Ik was zelfs zo benieuwd dat ik de film 2x heb aangeschaft (ik was alweer vergeten dat ik de film had gekocht) dus als er iemand een steelcase of een gewone DVD wilt overkopen...
Soit, gedaan met het verkoopspraatje en over naar True Legend. Het is in ieder geval fijn om te zien dat Yuen zijn stijl nog niet is kwijtgeraakt in de loop der jaren. De gevechten zien er nog altijd erg indrukwekkend uit, maar het is zonde dat de regisseur zich soms laat vangen aan wel erg lelijke CGI. Alle scènes met de Wushu God bijvoorbeeld zien er echt niet uit. Het hapert, het oogt lelijk en het haalt de vaart uit de film. Zonde, want ik denk automatisch aan dat geweldige gevecht uit Once Upon a Time in China II als ik de combinatie goden en Yuen hoor. Op narratief vlak maakt Yuen ook wel een vreemde keuze door het slotstuk zo lang te laten doorgaan. Al vond ik het nog wel een vrij interessant segment omdat ik wel fan ben van het drunk boxing. In ieder geval een film met wat kleine mankementen, maar het is een vlot geheel dat erg lekker wegkijkt.
En Wenzhuo Zhao is enorm indrukwekkend als Su-Can. Ik ben hem blijkbaar ook al tegen gekomen in The Legend met Jet Li, maar hier maakt hij wel een veel betere indruk. De film is ruwweg onder te verdelen in 3 stukken (het leger, de wederopstanding en het drunk boxing) en Zhao is sterk in alledrie. Een goede acteur en een nog betere vechter. Tof ook om Michelle Yeoh nog eens in iets recent tegen te komen. Ze moet het niet meer hebben van de vechtscènes zoals in het hoogtepunt van haar carrière, maar dit soort rollen gaat haar ook goed af. Met Andy On heeft Yuen ook een goede bad-guy te pakken en naar het einde komt er zelfs nog een leuke bijrol van David Carradine aan te pas.
Het is een nipte 4* vanwege de erg lelijke CGI en de wat vreemde onderverdeling qua verhaal, maar het plezier spat er vanaf. Hopelijk komt Yuen weer eens terug op de proppen met een nieuwe film, want deze is toch ook alweer een serieuze tijd geleden.
4*
Suburban Girl (2007)
You're just jealous off my hat
Op mijn hoes staat de film aangeduid als Sex and the City meets The Devil Wears Prada maar van deze twee heb ik nog nooit iets gezien. Waarom heb ik hem dan toch meegepakt? Wel, om twee redenen. De eerste is dat hij spotgoedkoop was en de tweede is omdat hij met de immers bevallige Sarah Michelle Gellar is. De film stond al een tijd in mijn kast maar dankzij de knalroze kaft sprong hij er nogal vaak tussen uit wanneer ik een film zocht waardoor ik hem gisteren maar eens heb opgezet.
Suburban Girl is melig, geen tikkeltje melig maar het lijkt alsof er een emmer vol meligheid over de film is gesmeten. Stoort het? Neen, zeker en vast niet. De film is gebaseerd op een resem kortverhalen van een auteur waar ik nog nooit van heb gehoord maar dat is logisch want de verhalen van Melissa Bank blaken nu niet uit in originaliteit. Toch heeft het allemaal een zekere vermakelijkheidsfactor waardoor ik me gisteravond wel heb geamuseerd. De vele verwijzingen naar Orson Welles zijn leuk, al kwam het soms over alsof de regisseur/schrijver wou laten blijken dat hij/zij iets van cinema kent. Soit, dat boeit nu op zich niet echt. De film zelf verloopt lekker vlot maar weet niet echt goed de balans tussen luchtigheid en het meer dramatische aspect te vinden. Af en toe komt het goed uit de verf (de scène waar Brett thuiskomt en een vreemde vrouw in haar huis vindt die dan weer denkt dat Brett Archie's dochter is maar die zit ladderzat in een zetel komt perfect tot zijn recht) maar het merendeel voelt toch een tikkeltje misplaatst. Opeens is de vader ziek, dan sterft hij, dan blijkt Archie nooit gestopt te zijn met drinken, ... Ach, het is maar een klein ergernis, als je het al zo kunt noemen, op een voor de rest leuke feel-good film. Want met alle problemen opzij gezet blijft Suburban Girl nog altijd wel een film om je een goed gevoel te geven. Het komische aspect kwam niet altijd goed boven maar Marc Klein zorgt voor een film die je af en toe wel laat lachen maar nooit hardop. Zelf lach ik trouwens nooit met een film als ik alleen ben maar dat terzijde. De film kent een aantal flamboyante personages en dat is nu eigenlijk juist waar de film zijn komische punten weet te halen. Een stuk zoals met Brett die op kantoor aankomt en één of andere dude is push-ups aan het doen in haar kantoor zijn scènes die ik op zich wel weet te waarderen. Ach, misschien ben ik gewoon een heimelijke fan voor zwijmel films...
Richard Dreyfuss heb ik niet ontdekt in de film. Vraag me af of hij meedoet want ik heb hem er niet uitgehaald en hij staat ook niet op Imdb. Soit, nu naar degene die er wel in meespelen. Ik zei het daarjuist al, ik kocht de film grotendeels omdat Sarah Michelle Gellar erin meespeelt. Sinds Buffy kan ze werkelijk niets meer verkeerd doen en na eergisteren Southland Tales te hebben gezien is dat respect alleen nog maar gegroeid. Deze keer is het goodbye blonde lokken en hello bruine lokken. ik prefereer liever het blond maar dit doet op geen enkele manier afbreuk aan haar performance. Brett had op geen betere manier kunnen worden neergezet waarvoor hulde aan Gellar die hiermee bewijst dat ze toch vele genres aankan. De verrassing was toch Alec Baldwin. De Baldwin broertjes zie ik wel graag spelen, niet zo hard dat ik perse een film zal kopen mocht één van hen er in meespelen, maar ze zijn wel vermakelijk. Toch had ik eerst mijn twijfels bij de keuze om de ladiesman tegenover Gellar te zetten, het leek me niet echt samen te gaan. Ik had niet meer fout kunnen zitten. In het begin is het wat onwennig maar naarmate de film vordert begin je de relatie wel te appreciëren en begrijp je ook waarom ze bij elkaar zijn. Erg sterk gespeeld van beide. Naast Gellar speelt er nog veel ander schoon vrouwvolk in Suburban Girl (o.a. Maggie Grace en Vanessa Branch) maar vooral die laatste weet zich perfect te settelen als bitch van de hoop. Geweldige rol van Branch. Ook qua bijrollen zijn er wel een aantal bekende gezichten te zien. Chris Carmack was leuk in The O.C. en doet zijn rol van Luke nog eens lichtjes over maar de hersenbreker van de avond was toch Peter Scolari. Heb me een hele nacht afgevraagd vanwaar ik hem kende en nu op Imdb zag ik een paar foto's uit zijn jonge tijd en toen wist ik het, die verschrikkelijke serie van Hone, I Shrunk the Kids... Hier heeft hij in ieder geval een leuk, ietwat nerveus, rolletje.
Je kunt ze niet meer cliché krijgen dan dit. De dvdhoes ziet er niet uit maar de film op zich is vermakelijk genoeg voor een avondje. De film kent nergens een verrassing maar dit wordt goedgemaakt door het hoge feel-good gehalte en de uitstekende cast. Ik heb me in ieder geval vermaakt met Suburban Girl, die voor velen waarschijnlijk zal worden afgekraakt als een typische vrouwenfilm maar gelukkig is dat bij wijlen ook niet slecht.
3.5*
Suck (2009)
Rock and roll is getting old. Have you considered, uh... Japanese hip hop?
Ik had eerlijk gezegd nog nooit van Suck gehoord. Normaal gezien zou dit ook niet hebben meegenomen maar toen ik dit in de soldenbak voor 1 euro vond in de Fnac kon ik het toch niet laten liggen. Het waren vooral de namen van Alice Cooper en Iggy Pop op de hoes die me aanspraken en de combinatie vampiers - rockband kon wel eens leuk uitdraaien. Het was dus een kleine sprong in het diepe maar het was het waard.
Vooral ook omdat hier een paar leuke knipogen in zitten naar bekende groepen en hun albumhoezen. Zo loopt het voltallige groepje op een bepaald moment in het begin op een zebrapad in de welbekende Beatles stijl maar krijgen we ook opeens een shot van iemand in een jeans met een zakdoek in de achterzak met als achtergrond de Amerikaanse vlag wat dan weer een verwijzing is naar Bruce Springsteen's Born in the USA. Het verhaal zelf lijkt in het begin meer een vervolg te zijn op de eerste 20 minuten van Jennifer's Body maar evolueert daarna in een vlot lopend plot waarin een aantal leuke scènes zijn te vinden. Je moet hier natuurlijk niet een geniale komedie van verwachten, daarvoor is Suck toch niet goed genoeg, maar er zijn genoeg opflakkeringen van leukere humor waardoor de speelduur snel voorbij vliegt. Hier en daar zitten er trouwens nog wel een aantal leuke visuele vondsten in zoals (mijn favoriet toch wel) het stuk waar Joey ligt te slapen en Jennifer boven hem komt hangen. De muziek die het groepje The Winners spelen is trouwens wel teleurstellend. De soundtrack in het algemeen is degelijk (Robert Johnson en David Bowie) maar de zelf geschreven nummers zijn niet echt mijn ding. Teveel emo gedoe naar mijn goesting.
Maar wat een lekker ding is die Jessica Paré! Toen al 27 jaar (het is geen uitzondering dat een acteur/actrice een veel jonger iemand moet spelen) maar ze komt nog erg overtuigend over als 18-19 jarige. In The Hot Tub Time Machine al opvallend maar hier steelt ze helemaal de show. Net zoals het net de eerste keer is dat iemand een veel jonger iemand moet spelen, is het ook helemaal niet de eerste keer dat een regisseur de hoofdrol op zich neemt. Rob Stefaniuk is zo'n geval en lijkt er in het begin ook wat moeilijkheden mee te hebben. Het vlot allemaal niet zo maar dat verandert gelukkig wel naarmate de film vordert. Paul Anthony en Mike Lobel vervolledigen de band en doen het op zich ook niet slecht. Eén van de leukste bijrollen was trouwens voor Chris Ratz die de rol van de Franse Hugo vertolkt. Lekker droog personage soms en dat kan ik altijd wel waarderen. De bijrollen van Alice Cooper en Iggy Pop (en Moby maar daar ben ik niet zo fan van) zijn trouwens groter dan verwacht. Normaal gezien worden dit soort namen veel te groot op de hoes geplaatst in vergelijking met de screentime maar ze hebben elk (Moby iets minder dan de andere twee) hun goede momenten. Vooral Alice Cooper is heerlijk op dreef. Voor ik het bijna vergeet, McDowell is hier trouwens heerlijk als Van Helsig. Deed me op zich wat denken aan Rutger Hauer in Hobo with a Shotgun.
Misschien verwachtte ik er te weinig van en valt de film me daarom zo goed mee? Ik heb geen idee maar dit was in ieder geval een vermakelijke zit. De speelduur is voldoende, de soundtrack (met uitzondering van de nummers van de band zelf) is heerlijk en de cast doet het meer dan behoorlijk. Ik heb me in ieder geval geamuseerd.
Sucker Punch (2011)
If you don't stand for something, you'll fall for anything
Sucker Punch was een film die eigenlijk echt al enorm lang op mijn verlanglijst stond. Al vanaf de eerste trailers en posters was ik benieuwd geraakt maar ik had met een kameraad afgesproken om hem samen in de cinema te gaan zien. Ze draaiden hem echter alleen maar in 3D en omdat ik daar echt een hartsgrondige hekel aan begin te krijgen, besloten we de film (weliswaar met pijn in het hart) toch maar even te laten voor wat het is en hem later eens te kijken. Nu was ik gisteren bij een andere maat en die had deze nog liggen waardoor Sucker Punch gisteravond ineens onverwachts voor mij begon. De verwachtingen waren nog altijd niet gezakt maar jammer genoeg is het toch niet helemaal uitgekomen.
Pas op, Sucker Punch is weer een geslaagde film van Snyder geworden maar ik had toch net dat tikkeltje extra verwacht. Visueel is dit wel natuurlijk echt verbluffend. Met uitzondering van die uilenfilm heb ik alles gezien van Snyder en zijn stijl is hier toch weer overduidelijk in terug te vinden. De slowmotions zijn natuurlijk wederom van de partij en ik geraak ze blijkbaar nog altijd niet beu. De visuele pracht van de fantasy setting gecombineerd met die typische vertraging, het levert nog altijd erg mooie beelden op. Sowieso is die fantasy setting wel iets waar Snyder zijn zin mee kan doen. Het ziet er allemaal erg kitscherig uit maar het heeft toch een zekere charme. De jaren '50 stijl is qua design erg mooi gemaakt maar ook de vijanden zien er erg netjes uit. Vond voornamelijk de fantasie scènes wanneer Baby Doll begint te dansen er echt bovenuit springen, al was de minutenlange openingsscène ook wel de moeite waard. Hier zit jammer genoeg tegelijkertijd ook wel wat een nadeel van de film want na een tijd heb je het wel gezien met de vele kleurrijke designs. Ze verminderen vast en zeker niet in kwaliteit maar het raakte me naar het einde toe simpelweg niet meer zo hard als in het begin. Overdaad schaadt en Snyder weet de aandacht niet meer geheel vast te houden.
Het is een vreemd verhaal maar wel het is wel lekker vlot. De verschillende werelden in elkaar passen perfect maar ik ben wat minder te spreken over de gemakkelijkheid waarmee de personages de film doorlopen. Dan heb ik het voornamelijk over de droomsequenties wanneer Baby Doll aan het dansen gaat. Ze geraken er zonder problemen door en draaien ook hun hand niet om voor iedereen met acrobatische toeren genadeloos af te maken. Langs de andere kant is het wel ergens begrijpelijk dat het allemaal nogal vlot gaat want het is en blijft de fantasie van Baby Doll en waarom zou je het in je fantasie moeilijker maken dan het is? Juist, daar is nu niet echt een reden toe. Soit, verhaaltechnisch kun je dit imho echt op twee correcte maar tegenstrijdige manieren gaan bekijken maar dat neemt niet weg dat de rest van het plot wel mooi in elkaar steekt. Heel de historiek van de dood van de zuster van Baby Doll en de zieke vader verloopt lekker vlot en zorgt voor een aangename brug naar een leuke twist om het zottenhuis te veranderen in een bordeel. Het einde waarin praktisch iedereen het loodje legt is iets wat ik wel kon pruimen. Het zorgt er zelfs voor dat ik mijn eigen opmerking over de fantasiesequenties van Baby Doll zelf kan gaan weerleggen doordat ze in die fantasywereld nooit gekwetst geraken maar eens ze in de ietwat echte wereld terecht komen, het allemaal niet meer zo'n rozengeur en maneschijn is. Sowieso een film die ik volgens mij echt eens een 2e keer moet zien om echt alles ten volle te begrijpen want hoe meer ik er over nadenk, hoe tegenstrijdiger ik mijn tekst zie worden.
Voor mij was het eigenlijk echt praktisch een geheel onbekende cast. Vanessa Hudgens kende ik van naam via de High School Musical films, al heb ik ze wel nooit gezien, maar de rest waren praktisch allemaal nobele onbekenden voor mij. Al kan het wel zijn dat hier wat volk in zit dat wel eens eerder meedeed in een Snyder film maar vanwege de digitale kitscherige (niet met een negatieve bijklank bedoeld) saus, kan het goed zijn dat ik ze er gewoon niet uit haal. Watchmen en 300 is ook alweer van in de cinema geleden dat ik die nog heb gezien dus dat is toch ook alweer even geleden. Soit, Hudgens was sowieso de minste van de hoop. Ik geef eerlijk toe dat ik bitter weinig van haar ken maar Sucker Punch is voor mij geen reden waarom ze zo hoog gewaardeerd wordt. Ze is veruit de meest onbenullige van het groepje en komt dan ook alleen maar ergens naar het einde toe tevoorschijn in een grotere rol. Geweldig trouwens wel om te lezen dat haar tranen tijdens de scène dat ze bekend dat ze de boel heeft verraden, echte tranen waren die ze oproep door terug te denken aan de momenten dat ze moest trainen voor de film. Emily Browning is wel lekker op dreef als Baby Doll en weet perfect de snaar te raken tussen het kalme, bedeesde meisje en de compleet losgeslagen vrouw in haar fantasie. Abbie Cornish en Jena Malone zijn hierop ook geweldige sidekicks naar het hoofdpersonage (oké, er wordt wel gezegd dat het verhaal niet rond Baby Doll draait maar die indruk kreeg ik toch wel en ik beschouw haar dan ook wel als hoofdrol) maar ook de zusterrelatie wordt leuk in beeld gebracht. De rest van de cast is eigenlijk van een even solide niveau waarvan alleen Hudgens er echt onder zit.
Sucker Punch is uiteindelijk niet hetgeen geworden wat ik had gehoopt maar de kans zit er volgens mij nog altijd wel in. De film heeft zijn goede en mindere kwaliteiten maar gelukkig wegen de goede harder door. Het design is werkelijk verbluffend maar ik had wat last van overkill naar het einde toe. De cast is goed gecast en het verhaal is interessant genoeg om te blijven boeien. Binnenkort maar eens een keer herzien, het zou wel eens nieuwe perspectieven kunnen openen.
Kleine 4*
Sudden Death (1995)
He hit his head on the ice. He hit it so hard that his kids will be born dizzy
Ondertussen heb ik er 8 weken stage op zitten, die vanmorgen werd afgesloten met de finale presentatie, en eenmaal thuisgekomen had ik gewoon zin in wat hersenloos vermaak. Speciaal voor deze gelegenheden heb ik een Van Damme (en nog andere actiehelden) collectie aangelegd doordat ik hem altijd wel graag zie spelen. En het doet toch altijd iets om een landgenoot in dit soort Hollywood producties te zien. Soit, Sudden Death was een film die ik erg lang geleden al eens had gezien maar waar ik me nog maar bitter weinig van kon herinneren.
Al had ik hier misschien net iets meer van verwacht. De setting op zich is wel geslaagd en staat garant voor een aantal leuke scènes maar het geheel duurt me net iets te lang. Ik had het dan ook wel gehad wanneer Foss op het einde nog ontsnapt en Emily voor de 2e keer ontvoert. Sudden Death vertoont daarbovenop ook nog eens heel wat gelijkenissen met de Die Hard reeks maar het is vooral vanwege het personage Joshua Foss dat de film nog vrij interessant blijkt te zijn. De koelbloedigheid waarmee die mensen afmaakt (en dat zijn er heel wat) maken hem tot één van de beste bad-guys die ik al in het genre heb gezien. Sowieso bevat de film wel een aantal leukere kills (Van Damme die tegen de pinguïn vecht of iemand neersteekt met een scherp stuk kippenbot) maar het leukste blijft het moment waarop hij zelf in de goal gaat staan. Fijn ook wel om een aantal bekendere hockey koppen terug te zien. Tomas Sandström komt er maar eventjes in maar ik werd meteen terug gekatapulteerd naar Wayne Gretzky's 3D Hockey 1998 op de N64 waar hij toen bij de Mighty Ducks speelde. Moet toch zowat mijn topschutter zijn geweest.
Ondertussen wel wat van de Muscles from Brussels gezien maar in Sudden Death acteert hij wel erg houterig. Zeker het accent is bijna niet te doen waardoor de helft van zijn dialogen gewoon niet geloofwaardig overkomt. Gelukkig kan hij het goed maken door een aantal heerlijke knokpartijen op het scherm te toveren waardoor je dit euvel nogal snel vergeet. Een stunt double is wel af en toe te zien maar dat kan de pret niet deren. Het is echter Powers Boothe die als Foss de show compleet weet te stelen. Hoop hem in ieder geval nog wel eens meer tegen te komen in een actiefilm want als Foss is hij gewoon erg goed op dreef. De kinderen van Van Damme daarentegen zijn irritant (die Tyler met zijn continue gezeik dat hij is blijven zitten onder andere) maar je mist eerlijk gezegd ook nog een vrouwelijke toevoeging aan het geheel. Nu is het wel erg veel testosteron gehalte (hadden ze beter Joan laten leven) en verveelt het een beetje op den duur.
Op zich niet slecht deze Sudden Death maar het behoort ook niet tot het beste dat Van Damme al heeft gemaakt. Zijn ultieme rol blijft natuurlijk Guile uit Street Fighter maar dit kon er ook mee door. Voornamelijk door de leuke setting, een paar amusante scènes en een degelijke slechterik. Film deed in ieder geval wat hij moest doen.
3*
Sudden Impact (1983)
Go ahead, make my day
Ik had eerlijk gezegd niet meer gedacht dat er nog een vervolg van de Dirty Harry reeks ging zijn dat zo dicht bij deel 1 zou komen maar zie, Sudden Impact slaagt hier magnifiek in.
Wat me eigenlijk wel als eerste opviel is dat Eastwood zijn vestje van tweed heeft ingeruild voor een leren maar voor de rest is hij nog altijd dezelfde, coole 'Dirty' Harry Callahan. Er zijn terug van die geweldige one-liners en Sudden Impact bevat ook één van de beste scènes sinds Eastwood alleen op de brug stond in het einde van deel 1 namelijk het stuk op het einde waar je alleen maar een omtrek van Eastwood en zijn Magnum ziet.
Het verhaal is eigenlijk een simpele wraakactie maar wordt wel goed uitgevoerd onder het oog van Eastwood zelf. Al snap ik wel niet goed waarom die bende verkrachters niet gewoon zelf achter Jenifer aangingen. Ze wisten precies toch wel dat zij het was die iedereen vermoorde? Maar al bij al is de sfeer weer uitstekend, ziet het er visueel lekker duister maar niet zo dat er niets zichtbaar is en de climax is fantastisch. Gewoon al hoe Harry met zijn Magnum Auto-Mag alleen voor de drie criminelen staat is geweldig. Wat me trouwens ook wel opviel is dat hij hier wel bijna bijzonder veel rammel krijgt. Hij slaagt zich er meestal wel doorheen, buiten wanneer hij door de balustrade in de zee wordt geduwd maar in de andere films waren er volgens mij toch nooit zoveel one-on-one gevechten.
Uitstekend vierde deel dat tot nu toe het dichtste bij deel 1 komt. Vooral dankzij de dialogen die Harry Callahan weer uitspuwt (in de lift bv) en de geweldige one-liners die ook precies aan de lopende band worden uitgestoten.
Op naar deel 5!
4*
Suddenly, Last Summer (1959)
Sebastian said, 'Truth is the bottom of a bottomless well.'
Interessante kerel is die Sebastian, vooral omdat je nooit zijn gezicht ziet of zelfs nog maar zijn stem hoort.
Suddenly, Last Summer heeft een aantal zeer goede actrices (Taylor en Hepburn!) en die spelen dan ook zeer goed. Verhaal begint ook redelijk interessant door het zottenhuis/lobotomie gedoe. Alleen spijtig dat het hierna op sommige punten redelijk saai is. Dat wordt dan wel weer bijna magistraal goed gemaakt door een zeer sterk en mysterieus einde.
Het is trouwens spijtig dat mijn hoes eigenlijk bijna heel het plot van de film verklapt.
3.5*
Suffragette, Die (1913)
Alternatieve titel: Die Suffragette - Mimisches Schauspiel in 5 Akten
Vrouwenstemrecht anno 1913
Het concept van suffragettes (iemand die strijdt voor de vrouwenrechten) is iets dat al vaker is gebruikt in film. Recentelijk is er in 2015 nog een film rond dat thema uitgekomen, Suffragette met onder andere Helena Bonham Carter, maar het was zeker en vast niet de eerste keer dat de cinema zich ging verdiepen in het vrouwenrecht. Zo was er in Duitsland al in 1913 (zo'n 5 jaar vooraleer vrouwen daar effectief stemrecht kregen) een film rond het reilen en zeilen van een groep feministen.
Alleen een beetje jammer dat Die Suffragette in de loop der jaren voor een stuk verloren is geraakt. Er zijn zo ongeveer een 20 minuten ontbrekend van de volledige film, maar gelukkig is er nog een Deens screenplay gevonden waarmee de missende scènes konden worden opgevuld. Dit resulteert echter in een film die geregeld wordt onderbroken door een zwart scherm en daar een summiere samenvatting wat er in de verloren scène is gebeurd. Kijkt niet zo vlotjes weg als ik eerlijk moet zijn. Kwaliteit van de film is ook niet altijd even denderend, al wil ik dat bij dit soort oude films wel met de mantel der liefde bedekken. Het is namelijk niet geregeld dat je een film van +100 jaar kunt kijken op DVD. Soit, een ietwat fragmentarisch verhaal dus, maar dat is volgens mij niet helemaal aan de staat van de film te wijten. Regisseur Urban Gad begint zijn film als een romantisch liefdesplotje, om dan verder te gaan naar de vrouwenbeweging en hij laat hen zelfs naar de wapens grijpen om hun standpunt kracht bij te zetten. Een rollercoaster als je het mij vraagt en eentje die ik niet had zien aankomen.
Tweede film die ik zie met Asta Nielsen nadat ze me al wist te bekoren in Das Liebes-ABC. Moeilijk om juist met de vinger te wijzen wat me nu in haar aanspreekt, maar ik vind het nu al één van de aangenaamste leading ladies van de silent cinema. Ook hier is ze in haar sas, hoewel ze in Das Liebes-ABC misschien nog net iets natuurlijker oogt. Nielsen staat dus centraal en wordt verder ondersteund door Max Landa die de rol van politieker (en tegenstander van het feminisme) William Ascue speelt. Niet echt veel bijzonders, maar ook niet slecht.
Die Suffragette is trouwens één van een vijftal samenwerkingen tussen Nielsen en regisseur Gad. Hij zorgde in Afgrunden voor haar filmisch debuut en de twee zouden uiteindelijk zelfs trouwen. Het grote succes van Nielsen zou echter in 1919 tot een scheiding leidden waarna ze nog een aantal keer zou trouwen. De ene keer al wat langer dan de andere...
2.5*
Sugarland Express, The (1974)
Why don't you sit on your fist and lean back on your thumb
Een tijd geleden keek ik naar Spielberg (de documentaire uit 2017 over de regisseur) en hoewel me er iets teveel pluimen in het gat van Spielberg worden gestoken, had het wel als resultaat dat ik me nog wel eens wat meer met de cineast wou gaan bezig houden. Vooral zijn ouder werk lijkt me wel interessant en veel ouder dan deze The Sugarland Express kun je niet gaan. Gemaakt in een periode voor Spielberg bij het grote publiek bekend was geworden met onder andere Jaws en Indiana Jones.
Maar dit is duidelijk niet my cup of thea geworden. Interessant is wel dat het aanvoelt als een ietwat atypische Spielberg film en toch heeft dit echt veel te weinig om handen om de lange speelduur te rechtvaardigen. Ik ben altijd wel in de mood voor een roadmovie maar hier gebeurt nu eens werkelijk niets in. Het begin met de 'ontsnapping' van Clovis is nog wel leuk, maar verder voelt de driehoeksrelatie Clovis/Lou Jean/Slide geforceerd aan en daar komt dan ook nog eens bij dat het niet meteen de meest interessante personages zijn. Daardoor mist het donkere einde zijn effect, het was dan ook nog eens zo voorspelbaar als iets, en dat is toch jammer. Zeker omdat Spielberg hier al wel flarden van zijn talent toont. Visueel zitten er een paar leuke shots in (fun fact: Texas is blijkbaar zo plat dat de regisseur problemen had met zijn camera en lenzen om meer dan 7 of 8 auto's in hetzelfde shot te krijgen) en is het natuurlijk het begin van één van de meest lange samenwerkingen in de geschiedenis van de film in het algemeen, namelijk die tussen Spielberg en John Williams.
Dat zal nooit één van mijn favoriete componisten worden, maar er straalt toch een zekere degelijkheid uit zijn werk. Meteen ook mijn eerste kennismaking met Goldie Hawn, al kon ik zweren dat ik ze al wel eens eerder in iets had gezien. Geen idee of ze altijd zo nadrukkelijk aanwezig is, maar hier balanceert ze toch wel erg vaak op het randje van het hysterische en dat is nu net het type personage dat ik niet zo graag zie. Het maakt van Clovis, gespeeld door William Atherton, echter wel een leuk klankbord als ik eerlijk moet zijn. Zeker het begin van de film is een leuk heen en weer gespeel tussen hen. Een driehoeksrelatie is niet compleet zonder een derde persoon en die komt er hier in de vorm van Michael Sacks die de ietwat sullige Slide speelt. Ze kunnen echter de verplichte moraal zelf moeilijk slikken blijkbaar en het lukt hen ook niet om die geloofwaardig te brengen.
Hoewel The Sugarland Express gebaseerd is op waargebeurde feiten, begint het op den duur allemaal erg onrealistisch te ogen. Geen idee in welke mate dit nog evenredig loopt met het bronmateriaal, maar het is wel duidelijk dat het plot gewoon te weinig om handen heeft om de gehele tijd te boeien. Tel daar dan nog eens een Goldie Hawn op het randje bij, een cast die niet helemaal weet te overtuigen en je hebt gewoon een niet zo goede film. Veel degelijkheid weliswaar, maar niet voldoende.
2.5*
Sugata Sanshirô (1943)
Alternatieve titel: Judo Saga
Akira Kurosawa's debuut
Ik moet eerlijk bekennen: ik had een beetje schrik om deze film op te zetten. Judo Saga is niet mijn eerste film van Kurosawa, maar om de een of andere reden zat ik met het gevoel dat dit zo'n regisseur is die echt in zijn vak is moeten groeien en verwachtte ik niet veel van zijn debuut. Geen idee waarom trouwens, want The Men Who Tread on the Tiger's Tail vond ik al sterk maar een paar dagen geleden dus toch eens met een klein hartje aan begonnen. En wat blijkt? Niets om me druk in te maken.
Want Judo Saga is een degelijke film waar de hand van de meester al duidelijk in te zien is. Hopelijk wordt ooit nog eens de volledige versie van 97 minuten teruggevonden (mijn versie van BFI opent met een titelscherm uit 1952 van Toho, het productiehuis, waarin wordt verteld dat er zo'n kleine 20 minuten is geknipt om te voldoen aan government's wartime entertainment policies) en dat daaruit dan blijkt dat het op narratief vlak toch net iets beter in elkaar zit dan nu het geval is. Het is namelijk allemaal nogal een rommeltje bij vlagen en het is eigenlijk vooral met een aantal aparte scènes dat Kurosawa punten weet te sprokkelen. De gevechten op zich ogen nogal statisch, maar die climax met voorbijvliegende wolken en de gierende wind... Heerlijk! Ook de scène met de paraplu op de trap is mooi in al zijn eenvoud en ik was toch ook bijzonder gecharmeerd door de aanval aan de dokken waarbij menig aanvaller onvrijwillig het water induikt. Grappig om te zien ook hoe de regisseur hier al thema's aanhaalt waar hij later zijn grootste successen mee zou boeken.
Zo is Susumu Fujita als Sanshiro Sugata toch ook gewoon maar een student eigenlijk zoals bijvoorbeeld Yûzô Kayama in Red Beard dat was. Een goede rol van Fujita trouwens die zich vooral staande weet te houden met het jeugdige enthousiasme van een leerling. De scène waar hij zich dramatisch in het water gooit is daar een erg leuk voorbeeld van. Ook op Denjirô Ôkôchi is als leermeester weinig op aan te merken en met Yukiko Todoroki heb je best nog wel een leuke love-interest. Beetje jammer dat Ryûnosuke Tsukigata als Gennosuke Higaki er voor het grote deel op narratief vlak een beetje verloren bijloopt, want op de invulling van Tsukigata is niets aan te merken. Ben benieuwd hoeveel mensen van de cast we nog gaan terugzien voor de sequel.
Ook dat is een unicum volgens mij in het oeuvre van Kurosawa: hij maakte 2 jaar later zowaar een sequel. Die heb ik gelukkig ook in bezit (die Early Kurosawa boxset van BFI is trouwens wel een - goedkope - aanrader trouwens) dus die zal één van de komende dagen nog wel eens passeren. Ben benieuwd wat dat gaat geven alleszins.
3.5*
Suicide Squad (2016)
Alternatieve titel: Task Force X
No honor among thieves, eh?
Het is weer de eindejaarsperiode en dat is ook altijd het moment waarop je een lijst kunt invullen met de beste films van dat jaar. Elk jaar opnieuw zit ik met hetzelfde probleem en dat is dat ik doorheen het jaar eigenlijk niet genoeg nieuwe films zie waardoor ik zowat de laatste maanden een inhaalbeweging moet maken met films die ik echt graag nog wil zien omdat ik vermoed dat die een kans maken op een top 10 notering. Suicide Squad was er zo eentje van.
Ik kan alleen al meteen zeggen dat deze de top 10 niet gaat halen, het is zelfs met X-Men Apocalypse de grootste teleurstelling van het jaar. Waar alles er op leek te wijzen dat dit een heerlijke DC goes Dirty Dozen tongue in the cheek film ging zijn, is het resultaat een braaf filmpje met een stel slechteriken die nooit echt uit de verf komen. De Task Force X bestaat dan ook uit teveel mensen als je het mij vraagt. Slipknot wordt even geïntroduceerd, om eigenlijk al vrij snel terug uit de film geschreven te worden, en enkel Deadshot & Harley Quinn krijgen ietwat achtergrond. Dat zijn dan ook meteen de twee interessantste personages, want de aanwezigheid van de Joker is ook tot een minimum herleid. Nu kun je dat weer allemaal op de invloed van de studio gaan steken (lijkt tegenwoordig wel de rage wanneer een superheldenfilm de mist ingaat, zie ook maar naar Fantastic Four van een jaar geleden) maar ik betwijfel of Ayer dit in zijn eigen cut nog kan gaan rechttrekken. Had ook een gewelddadigere film verwacht als ik eerlijk moet zijn. Het feit dat dit PG13 is, is me blijkbaar ontgaan en The Killing Joke heeft toch wel bewezen dat bad-guys beter tot hun recht komen in een R-Rating.
Veel personages dus. Harley Quinn is altijd al een personal favorite geweest (niet alleen van mij vermoed ik) en de invulling van Margot Robbie is degelijk. Dat psychotische trekje komt mooi over op het scherm en zelfs in die mate dat ik haar flashbackscènes, waar ze nog een gewone psychiater was, vrij fake vond overkomen. Will Smith heeft ook altijd wel een zekere degelijkheid over zich hangen en vult zijn rol als Deadshot uitstekend in. Naast het feit dat het sowieso jammer is dat hij hier zo onderbelicht is, is de Joker ook wel een moeilijk personage om te evenaren. Zowel Jack Nicholson alsook Heath Ledger hebben op hun eigen manier een geweldig personage tot leven gewekt en de weg die Leto er mee uitgaat kon me niet bekoren. Qua design sowieso al niet, maar het oogt allemaal te geforceerd. Ondertussen moeten er natuurlijk ook nog een slechterik aan te pas komen en dat is hier Cara Delevingne. Niet slecht, maar weinig ruimte om echt iets goed neer te zetten.
Het grootste probleem aan Suicide Squad is dat het een samenraapsel is en nooit als een volwaardig geheel aanvoelt. Gelukkig blijf ik wel fan van dit genre en zitten hier nog genoeg leuke knipoogjes in om me wat milder te stemmen. Dat, en een geweldig goede soundtrack natuurlijk. Laat Robbie en Smith maar onderdeel worden van het DC Cinematic Universe, de rest mag thuisblijven.
Nipte 3*
Sunday in New York (1963)
Two heads are better than one, you know... didn't know I had two heads did you?
De afgelopen paar dagen is het hier weer zo enorm warm dat heel mijn kamer precies een sauna is. Echt aangenaam is dat niet om te gaan slapen dus wat gebeurt er ten huize Metalfist? In de avond/'s nachts de dakramen openzetten zodat er allemaal frisse lucht binnen komt en ondertussen een filmpje opzetten. Gisteravond na The Catered Affair was het nog vroeg (en warm) dus begon ik aan een tweede film die ik nog had liggen. Het moge duidelijk zijn dat dat deze Sunday in New York is maar dat ik het zo leuk ging vinden, dat had ik niet verwacht.
Sunday in New York begint echter nogal traag en even was ik aan het twijfelen of ik de film niet een andere keer zou voort kijken en me nu tevreden te stellen met een aflevering van Stargate Atlantis. Het was echter de schoonheid van Jane Fonda die me maar bleef aantrekken waardoor ik toch naar de film bleef kijken. En maar goed ook want dit is in ieder geval één van de fijnste 'verwisselings'-komedie, zoals Brix het al perfect typeert, die ik tot nu toe heb gezien. Vooral ook omdat naarmate de film vordert, het allemaal nog leuker en leuker begint te worden. Zeker wanneer de personages nog eens van namen en rollen beginnen te verwisselen wordt het wel erg vermakelijk. Het einde is natuurlijk redelijk hard te voorspellen, je weet al van in de eerste scène op de bus dat Mike en Eileen met elkaar gaan eindigen, maar het blijft toch een plezant duel tussen beide heren. Het is misschien ook wel goed dat de film zich niet compleet concentreert op de capriolen van Eileen en Mike maar dat er wordt afgewisseld met de amusante problemen van Mona en Adam. Met een speelduur van een kleine twee uur, of een dik anderhalf uur want het is maar hoe je het bekijkt, lijkt Sunday in New York misschien een lange zit te zijn, zeker dit soort verhalen blijft niet altijd boeien bij mij, maar de tijd vloog werkelijk voorbij.
En dat kan misschien ook wel weer aan Jane Fonda liggen. Ik leerde haar voor het eerst kennen via een boek van Roger Vadim (de gelukzak die het met zowel Brigitte Bardot, Catherine Deneuve en Jane Fonda heeft kunnen aanleggen) en nadien geregisseerd door diezelfde Vadim in filmvorm als Barbarella. Daar speelt ze toch een 'uitgesproken' rol om het zo maar te zeggen en sindsdien heb ik altijd gevonden dat er iets heerlijk erotisch afstraalt van Fonda. Zelfs in een film als deze, waar ze een 22-jarige maagd moet voorstellen, blijft dat gevoel. Het lijkt dan ook alsof Fonda voor de rol is gemaakt want ze doet alles wat Eileen moet zijn. Langs de ene kant onschuldig maar langs de andere kant perfect in staat om het hoofd van menig man op hol te doen slaan. perfect tegenspel ook van de voor mij onbekende Rod Taylor. De chemie tussen beide is er zeker en vast en het zorgt voor een aantal vermakelijke scènes. Cliff Robertson mag trouwens ook zeker en vast niet vergeten worden. Hoewel hij hier maar de kleine bijrol heeft van broer van Eileen, heeft hij toch ook een aantal erg leuke momenten in combinatie met Jo Morrow die de rol van Mona vertolkt.
Erg aangename film die compleet wordt gedragen door het plezier tussen de verschillende acteurs en actrices. Fonda zou later zeggen dat dit één van de eerste filmen was waar ze haar echt op haar gemak voelde en het idee had dat ze kon acteren en dat is er aan te merken want dit doet ze gewoon erg goed. Jammer dat het werk van Tewksbury voor de rest niet meer is dan wat Elvis films en een Disney avonturenfilm..
4*
Sûpâ Mario Burazâzu: Pîchi-hime Kyushutsu Dai Sakusen! (1986)
Alternatieve titel: Super Mario Bros.: The Great Mission to Save Princess Peach!
Mario en Luigi als kruideniers
Een week geleden had ik me is gewaagd aan de beruchte Super Mario Bros film uit 1993 en eerlijk gezegd, ik vond die zo slecht nog niet. Bij het opzoeken van de film hier op MovieMeter ontdekte ik echter een tweede Mario film en eentje die zowaar 7 jaar eerder uitkwam. Bij ons nagenoeg onbekend (de film kreeg enkel een VHS-release in Japan en werd verder nergens uitgebracht) maar gelukkig bestaat er nog altijd zoiets als Youtube waar je zelfs kunt kiezen tussen de Engelse dub en de originele Japanse versie. Ik ben voor die laatste versie gegaan.
Geen idee wie die dub eigenlijk heeft gedaan, want naar het schijnt bestaat die officieel gezien niet maar sowieso vind ik het altijd wel leuker om de originele versie te pakken te krijgen. Dat heeft dan wel als effect dat er sommige dingen niet altijd even goed overkomen. In dit soort anime zaken durven ze wel eens volwassen vrouwen de mannelijke personages laten vertolken en voor bijvoorbeeld iemand als King Koopa.. Daar verwacht je toch op zijn minst een ander stemgeluid bij. Bij Super Mario Bros maakte ik me nog de bedenking of je eigenlijk wel een goede film kunt maken indien je dicht bij het bronmateriaal blijft en daar biedt deze The Great Mission to Save Princess Peach het antwoord op. Het begint allemaal nog heel leuk en fantasievol met Mario die volop aan het gamen is wanneer hij wordt aangesproken door Princess Peach maar het wordt op den duur een zo van de pot gerukt en een te hard samenraapsel van verschillende game elementen dat het niet meer boeiend is. Het duurt dan ook nog maar eens een uurtje en eigenlijk is dat al een tikkeltje te lang.
Ook qua animatie niet al te denderend. Ik vraag me dan ook af of dit eigenlijk wel als een volwaardige film gemaakt is of dat het eerder een soort van uitgesponnen reclamefilm is voor Mario Bros producten. Zo wordt er een aantal keer erg duidelijk gehint naar Mario noedels, Mario sprinkles, Mario watweetiknogallemaal. Het zit wel mee in het verhaal verweven (Mario verliest één van zijn power-ups doordat hij besluit om eerst nog eventjes van de Mario sprinkles te eten...) maar het is toch een beetje vreemd. Ook het feit dat de broers hier opeens in een kruidenierszaak werken en dus geen loodgieters zijn maar Luigi loopt ook de gehele film rond in een blauwe met gele overall in plaats van zijn kenmerkende blauw met groene overall. Verder zullen liefhebbers van de games hier wel kunnen genieten van de vele verwijzingen. Dat varieert tot die typische geluidjes of knipogen naar sommige levels maar de broertjes krijgen het ook aan de stok met vleesetende planten en of komen zo'n groene pijp tegen of een vlaggenstok die normaal gezien het einde van een level aanduidt.
Tof om eens gezien te hebben maar meer dan een curiositeit is het niet. Gemaakt in een periode dat Mario misschien wel op het hoogtepunt van zijn populariteit was en dan siert het de makers wel dat ze er zich niet te eenvoudig hebben proberen van af te maken. Het resultaat is echter maar zozo en lijdt vooral onder de van de hak op de tak springende scènes en de makke animatie.
Nipte 3*
Super 8 (2011)
Production Value!
ik had al een aantal keer wat beelden gezien van deze Super 8 en wat ik zag beviel me. Dit leek me een typische bioscoop film en toen ik door één van mijn beste kameraden werd getrakteerd op de cinema, was de keuze snel gemaakt. Gisteravond zaten we dus in de zaal voor een film, eindelijk eens niet in 3D (!) en in een vrij kleine zaal doordat alle grote zalen precies voor Harry Potter zijn vrijgehouden. Na wat gesukkel met de lichten, vrij vervelend dat ze niet wouden uitgaan, konden we dan ook eindelijk van de film genieten.
Super 8 deed me voornamelijk denken aan Cloverfield qua stijl maar overtreft die in ieder geval, vooral de manier waarop het monster in beeld wordt gebracht. Ik ben sowieso al enorme fan van dit soort opbouw waar we het monster elke keer gedeeltelijk in beeld krijgen maar wel elke keer iets meer. Het geeft een zekere sfeer aan de film en die sfeer wordt nog net iets beter wanneer het monster in vol ornaat tevoorschijn komt. Het ziet er erg indrukwekkend uit en dat is iets waar ik wel eens over durf vallen. Ik heb al vaak films gehad waar de verwachtingen niet voldaan kunnen worden maar dat was hier gelukkig niet waar. Sowieso zijn de effecten in de film erg indrukwekkend. Ik zei het daarjuist al dat dit een film is die het beste tot zijn recht komt in de cinema en ik trek mijn woorden niet terug. Vooral het treinongeluk ziet er echt enorm gelikt uit, al duurt de ontploffing op zich wel enorm lang. Ach, veel maakt het niet uit want de ontploffingen worden echt erg mooi in beeld gebracht. Sowieso is heel de stijl wel de moeite waard want Abrams kiest er voor om de film met een nostalgisch sausje te overgieten. Dit soort verhalen kun je natuurlijk in eender welke tijd zetten maar het geeft hier eigenlijk wel een meerwaarde aan. De 8 millimeter filmpjes, de authentieke camera's, ... De film kent ook wel een aantal gepaste schrikeffecten, je weet dat er iets gaat gebeuren maar het heerlijke luide geluid van de bioscoop zorgt ervoor dat je nog altijd verschiet.
Qua verhaal is dit op zich ook wel vermakelijk. Het is natuurlijk allemaal nogal vergezocht en we hebben het al een aantal keer zien verfilmd worden maar ik geraak het blijkbaar nog altijd niet beu. Ik had eerst even schrik dat het allemaal wat te kinderlijk ging zijn maar dat viel op zich nog goed mee. Het wordt hier en daar nogal cliché, vooral het einde waar Joe tegen het monster begint te praten is echt wel op het randje, maar storen doet het weeral niet. Dit soort films moet het volgens mij ook niet perse hebben van het geniale verhaal maar meer van een simpel maar degelijk plot, zelfs al is het nogal uitgekauwd, en goede effecten. Abrams weet ook goed de lijn te vinden tussen de film spannend en luchtig te maken. Sowieso zorgen de manier waarop de kinderen met elkaar omgaan wel voor een aantal glimlachjes op de mond. Op zich wordt het allemaal nogal standaard gebracht (de dikke, de griet, de seut, de zoon van de plaatselijke agent, ...) maar ook dit stoorde me niet doordat de onderlinge conversaties vaak wel leuk gebracht worden. De verwijzingen naar George A. Romero zijn trouwens ook wel fijn om te ontdekken. Nu ben ik absoluut geen kenner van zombie films, het is voor mij allemaal wat teveel van hetzelfde (met als uitzondering de geweldige Walking Dead comics) maar er zitten wel vrij veel knipogen in de film. Fantastisch ook dat we tijdens de aftiteling Charles zijn afgewerkte zombiefilm in vol ornaat te zien krijgen, ik vroeg me al af hoe het er zou gaan uitzien.
Dit is op gebied van cast ook wel erg uitstekend. Ik ben echt geen fan van kinderen in films en vaak weten ze een film echt compleet te verkloten, al zijn er natuurlijk uitzonderingen. Hier zijn ze echter allemaal perfect gecast waardoor de film toch naar een hoger niveau wordt getild. Joel Courtney, Elle Fanning, Riley Griffiths, Ryan Lee, Gabriel Basso en Zach Mills zijn dan ook echt enorm goed op dreef, had ik echt niet gedacht eigenlijk. Vooral Fanning steekt er soms echt met kop en schouders bovenuit. Kyle Chandler was dan eigenlijk de minste van heel de hoop als de vader van Joe. Hij lijkt precies maar één emotie te hebben, deed me dan ook denken aan die emotion charts van Steven Seagal en Kristen Stewart, en acteert niet echt op zo'n bijster hoog niveau.
Waarschijnlijk had dit niet zo hoog gescoord als ik dit niet in de cinema had gezien, dat geef ik eerlijk toe maar de effecten komen zoveel beter tot hun recht dat dit echt alle clichés en ongeloofwaardigheid compleet wegblaast. De kinderen zijn naturel en geloofwaardig, wat niet van alle volwassen kan gezegd worden. Super 8 is cliché, overdreven en ongeloofwaardig maar wel vermaak van de bovenste plank.
4*
Super Mario Bros. (1993)
Mario Mario and Luigi Mario
Een goede gameverfilming maken, het blijft toch iets waar menig regisseur al over is gestruikeld. Vaak wordt het het soort films dat in een flop zoveel allertijden eindigt en eerlijk gezegd, ik vind dat compleet onterecht. Misschien zit er een sprankeltje nostalgie tussen (zowel voor de games alsook voor de films op zich) maar films als Street Fighter of de twee Mortal Kombat delen.. Ik kan er na al die jaren nog altijd erg hard van genieten. Dat zijn dus echter films die ik als kind ook veel heb gezien en dat was niet het geval voor deze Super Mario Bros.
En toch snap ik ook niet waarom dit weer zo enorm neergesabeld wordt. Oké, het is allemaal nogal serieus bij de haren getrokken maar Mario leent zich naar mijn gevoel niet meteen naar een groot filmisch verhaal. Het is en blijft toch gewoon maar een sidescroller waarin je de prinses moet redden uit de handen van King Koopa en dat is hier toch ook het geval? Meer zelfs, Annabel Jankel en Rocky Morton proberen het allemaal wat meer impact te geven en dat werkt verrassend goed. Natuurlijk is niet alles even goed te noemen. De speelduur bijvoorbeeld is simpelweg te lang, dit soort films moet echt niet langer dan anderhalf uur gaan duren, en er hadden meer verwijzingen naar de originele games in mogen zitten die het voor fans van het eerste uur leuker hadden gemaakt (zo'n Street Fighter doet dat wel uitstekend trouwens) maar voor de rest is dit best nog wel een leuke zit. Ze waren er blijkbaar ook volledig van overtuigd dat dit zo'n succes ging zijn en dat we een sequel gingen krijgen maar die is er uiteindelijk nooit gekomen. Die setup is wel wat gestolen van Back to the Future maar kom, ik moet toegeven dat ik eigenlijk wel zin had in een vervolg nadat de credits over het scherm waren gerold.
Blijf dan ook nog even hangen voor een kleine after credits waar Iggy en Spike worden gecontacteerd door een stel Japanners die een game over hun avonturen wilt maken maar gelukkig is dat er nooit van gekomen. Iggy en Spike zijn namelijk wel de twee meest vervelende figuren in heel deze film en de invulling van Fisher Stevens en Richard Edson is redelijk beroerd te noemen. Dat kan ook gezegd worden van Dennis Hopper trouwens die de evil King Koopa speelt maar Hopper is een goed genoeg acteur om dat toch met een zekere flair en schwung te spelen. De hoofdrol gaat echter naar het titelduo en de 2 Mario broers (erg vreemd dat ze dat een goed idee vonden om er gewoon Mario Mario van te maken...) en Bob Hoskins & John Leguizamo doen dat eigenlijk gewoon erg fijn. Beetje jammer dat Leguizamo om de een of andere reden geen snor heeft maar bon, dat is niet het vreemdste uit heel deze film. Ook fijn om Samantha Mathis nog eens terug te zien, die heeft toch de hoofdrol in één van mijn favoriete Peter Bogdanovich films op haar naam staan en is hier ook nog wel fijn als Princess Daisy.
Ik vraag me echt af wat het nu exact is dat ik fijn in dit soort films maar Super Mario Bros. mag zich scharen in het rijtje ondergewaardeerde gameverfilmingen. Dan is bijvoorbeeld zo'n Alone in the Dark of Legend of Chun-Li toch vele vele malen slechter als je het mij vraagt. Grappig dat het uiteindelijk tot Detective Pikachu heeft geduurd vooraleer Nintendo nog eens een gameverfilming aandurfde.. Niet alles is altijd even goed maar algemeen gezien toch wel een fijne zit.
3*
Super Mario no Shôbô-tai (1989)
Alternatieve titel: Super Mario's Fire Brigade
Een tijd geleden zag ik twee van de Dragon Ball Public Service Announcements (PSA) video's die gemaakt werden om kinderen te wijzen op het gevaar van vuur en onoplettendheid in het verkeer. Bij het wat verder opzoeken van de geschiedenis achter die PSA filmpjes ontdekte ik dat er indertijd een hele resem gemaakt werden met telkens andere bekende figuren in de hoofdrol. Mario en Luigi konden niet ontbreken en zodoende werd er ook een Super Mario's Fire Brigade gemaakt. Qua plot gaat dit dus heel erg lenen bij Goku's Fire Brigade maar het blijft vermakelijk. Het design van de broertjes sluit netjes aan bij The Great Mission to Save Princess Peach maar lijkt niet helemaal te matchen met de animatiestijl van Kaoru en Tatsuya. Ach, wat wil je ook met dit soort (vermakelijk) bandwerk. Er bestaat ook nog een Super Mario Traffic Safety maar die schijnt zowat verloren te zijn gegaan, hij is in ieder geval nooit publiekelijk beschikbaar gemaakt zoals bij deze Super Mario's Fire Brigade wel het geval is.
3*
Superbad (2007)
Fogell? Fuck that, we're calling you McLovin!
Ik ben tegenwoordig bezig met films te herzien die ik in geen jaren meer heb gezien. Zo dateert mijn recensie van Superbad uit 2008 en is het dus al een dikke 3 jaar geleden dat ik de avonturen van Seth, Evan, McLovin en de twee flikken had gezien. Gisteravond had ik na The Muppet Movie nog wel zin in iets luchtig dus werd het deze film en wat heb ik me toch weer geamuseerd.
De kracht van Superbad zit hem voor mij dan ook in de relatie die Evan en Seth met elkaar hebben. Ze zijn beste vrienden sinds jaren maar gaan allebei naar een andere school binnenkort en weten zich niet meer goed te gedragen in elkanders buurt. Ze willen nog wel met elkaar optrekken maar het zorgt vaak voor meer ergernis en geen één van de twee weet zich hoe te gedragen. Daar komt dan nog eens Fogell bij die de relatie heeft met Evan die Seth eigenlijk wilt hebben. Het resultaat is een heerlijke coming of age film die af en toe toch wel erg realistisch aanvoelt. Superbad heeft naast al het gevloek, gescheld en gezuip dan zeker nog wel een diepere laag die zich mooi uit in de climax waarin beide vrienden hun eigen weg lijken te gaan. Gebaseerd op de jeugd van de twee scenarioschrijvers (Seth Rogen en Evan Goldberg) heeft Superbad ook een aantal erg leuke scènes. Het gescheld van Seth kwam me op den duur wel wat de strot uit maar daar staat één geniale scène van hem tegenover (het moment wanneer hij op het langverwachte feestje eindelijk met Jules staat te praten maar compleet bezopen naar voor slaagt, die reactie van Jules is goud waard) en natuurlijk McLovin en de twee politie agenten. De film duurt een kleine twee uur maar weet continu te boeien en de, af en toe puberale, grappendichtheid is hoog genoeg.
Ik weet nog dat dit de film was waarmee ik kennis maakte met Seth Rogen. Ik vond hem hier als Officer Michaels geniaal en keek dan ook vol verwachting uit naar andere rollen. Die vielen stuk voor stuk dik tegen en ik vroeg me af of ik me indertijd niet vergiste met deze Superbad. Na gisteren kan ik zeggen dat dit zonder twijfel Rogen's beste rol is tot nu toe. Een kleinere bijrol gaat hem een stuk beter af en de combinatie met Bill Hader is werkelijk goud waard. Van Hader had ik nog nooit gehoord maar die is wel erg sterk bezig. Geweldige bijrol ook voor Christopher Mintz-Plasse die zijn beste scènes heeft samen met Rogen en Hader. Jonah Hill is echt wel serieus op het randje. Nu is er eindelijk eens een degelijke Seth Rogen film en dan lijkt Hill precies zijn irritante gewoontes te hebben overgenomen. Het is echt een rol met wisselend succes want de ene moment kan hij leuk uit de hoek komen maar dan een minuut later kan hij me echt serieus op de zenuwen werken. Gelukkig zijn er meer momenten van de eerste categorie dan van de tweede. Michael Cera speelt weer zijn zelfde rolletje als altijd (was volgens mij ook mijn eerste kennismaking met Cera indertijd) maar komt er hier goed mee weg. De chemie tussen hem en Hill is er wel en ook sommige scènes met Mintz-Plasse komen mooi uit de verf. Nog een leuk rolletje voor Emma Stone trouwens, ben benieuwd hoe die het gaat doen als Gwen Stacy in de nieuwe Spider-Man verfilming maar dat terzijde.
Een aantal erg sterke bijrollen en goede grappen zorgen ervoor dat de film bij een herziening overeind blijft staan. De film duurt een kleine twee uur, wat soms iets te lang is voor dit soort komedies, maar het scenario staat als een huis en verveelt nergens. Beste rol van Rogen ooit, zoveel is duidelijk.
4*
Superhero Movie (2008)
Alternatieve titel: Superhero!
Superhero Movie
De zoveelste parodie op een genre films dat het goed doet maar waar Scary Movie (de eerste 2 delen maar degene die later kwamen zijn nog slechter) nog goed te pruimen was wordt het tegenwoordig alleen maar slechter en slechter. De helft van de personages op de poster zie je niet? Pamela Anderson komt misschien een minuutje in beeld en Wolverine kan ik me zelfs al niet meer herinneren. Ook dit is vergelijkbaar met Scary Movie 4 waar King Kong op de poster staat...
Het verhaal is natuurlijk een parodie maar buiten een paar humoristische stukken (Leslie Nielsen die met een nagelpistool in die neger schiet) daalt de film grandioos door gebruik te maken van pis en kakgrappen (wanneer DragonFly aan de plafond hangt en i.p.v. zoals in Spider Man bloed moet hij dringend pissen met alle gevolgen van dien) Wat wel goed is, is dat de film zich aan zijn genre houd en alleen maar een verhaallijn van de superhelden heeft want in Meet The Spartans wordt gewoon maar alles bijeen geraapt onder de noemer humor.
Bell had het beter bij Drake en Josh gehouden (waarin de humor eigenlijk ook maar wordt gered door Josh) en Leslie Nielsen is eigenlijk de enigste die soms voor een glimlach kon zorgen maar ook al niet meer zoals in een Naked Gun.
Nieuw voornemen van het jaar: geen wannabe parodiefilms meer gaan kijken.
1*
Superheroes (2011)
Nooit gedacht dat deze mensen echt zouden bestaan
Normaal gezien was het het plan dat ik vandaag nog wat voort ging doen met schoolwerk maar vermits mijn virtuele server crashte, had ik opeens tijd vrij. Ik kon niet veel anders doen en ik herinnerde me dat Virus nog op de decoder stond. Eigenlijk ging ik hier niet naar zien vanwege de geknipte versie (een documentaire van 90 minuten knippen naar een krappe 50 minuten, dat is bijna de helft!) maar daarstraks dan toch maar even opgezet.
Het is dan ook erg jammer dat Canvas maar de 50 minuten durende versie heeft uitgezonden want dit smaakt naar meer. Nu ben ik zelf een grote comic liefhebber maar wat we hier te zien krijgen gaat er toch een beetje over. In het begin voelt het voornamelijk aan als uitlachtelevisie. Volwassen mensen die zich in spandex broeken en bijhorende capes wringen en de wereld gaan beschermen tegen drugsdealers en criminaliteit... Het is behoorlijk lachwekkend maar na zo'n halfuurtje begin je eigenlijk in te zien dat de mensen best wel gelukkig zijn. Het is zoals Stan Lee zegt: ze doen waar ze zin in hebben en ze lijken er zich mee te amuseren dus wie zijn wij om ze tegen te houden. Elk normaal denkende mens zou het nooit in zich laten opkomen om een maillot aan te doen en tegen drugsdealers uit te pakken maar zij doen het en ze geraken er mee weg. Waar ik nog het meeste van verschoot dat dit eigenlijk onder het masker best nog wel redelijk geaccepteerde mensen in de samenleving zijn, er zit zelfs een leraar tussen!
In de korte versie worden zo'n 10 'superheroes' gevolgd, hoewel er veel meer ter sprake komen, maar daar zit dan toch serieus prettig gestoorde typetjes tussen. Ik zei het daarjuist al dat dit eerst aanvoelt als uitlachtelevisie maar langzaamaan krijg je een zekere vorm van genegenheid voor mensen zoals Master Legend. Een krasse old-timer die van een potato gun een soort van machine heeft gemaakt om ijsblokjes af te schieten. Hij is er rotsvast van overtuigd dat hij genezende en spirituele krachten bezit en deinst er niet voor terug om die te gebruiken. Samen heeft hij één of ander team opgericht à la Justice League van DC Comics (ook de Xtreme Justice League bestaat blijkbaar met een nogal zwaar gezette Latijns Amerikaan, Mr Xtreme) maar verstijft wel compleet wanneer hij eender welke vorm van vrouwelijke aandacht krijgt. Het zijn allemaal nogal vreemde figuren maar tegelijkertijd weten ze wel de nagel op de klop te slaan betreffende onze samenleving. In China is er een tijd geleden een meisje omver gereden en niemand dat ernaar omkeek maar hier komen ze de mensen direct ter hulp zoals de man die over zijn voet wordt gereden wanneer hij uit de supermarkt komt.
Ik ben eigenlijk nu wel benieuwd geworden naar de volledige 90 minuten durende versie want dit smaakt naar meer. Mike Barnett weet op een goede manier de snaar te raken van de kijker en Superheroes is dan ook een boeiende documentaire geworden. De superhelden zijn net als hun papieren tegenhangers kleurrijk maar hebben wel een interessante kijk op het leven. Als ik de langere versie krijg te pakken, kan er wel eens verhoging inzitten maar voor nu een meer dan dikke voldoende.
3.5*
Superman (1978)
Alternatieve titel: Superman: The Movie
The movie that makes a legend come to life
Ik ben nooit echt een Superman fan geweest, ik had het altijd meer voor Marvel maar dat neemt niet weg dat ik me niet heb geamuseerd met de tv-reeks van Superman met Dean Cain in de hoofdrol. Nu vond ik dat hij wel een mooie Superman neerzette maar volgens velen was Christopher Reeve toch de enige echte. Tijd om dat eens na te kijken.
De film opent geweldig met het berechten van de misdadigers op Krypton, dat trouwens wel zeer mooi was gemaakt en ook de stukken daarna met Marlon Brando en de raad zijn goed. Hoogtepunt was dan ook wanneer Krypton opblaast Spijtig genoeg begint het daarna een beetje bergaf te gaan. Zo heb ik het er nog altijd moeilijk mee dat als iemand zijn bril afzet, een felblauwe maillot en een rode cape aandoet hij ineens onherkenbaar is voor heel de mensheid maar dat is iets waar ik me toch zal moeten over zetten. Wat me ook wel tegenviel is dat Superman, wanneer hij door Luthor is gevangen genomen, zo snel van zijn halssnoer van Kryptonite af geraakt. Het is net alsof dit maar een peulenschil is voor hem terwijl het eigenlijk heel Superman zou moeten platleggen. Maar dit zijn eigenlijk puntjes die nooit echt storend zijn. Wat me wel stoorde was de lange speelduur. Zo worden sommige stukken echt wel nodeloos gerekt.
Christopher Reeve is eigenlijk niet echt de Superman die ik in gedachten had, dan vind ik Dean Cain toch beter. Waarom dat weet ik niet maar Reeve komt me heel inspiratieloos over. Maar de twee eigenlijke toppers in de film zijn zonder twijfel Gene Hackman en Marlon Brando, weliswaar in een kleine rol.
Het was een leuke kennismaking met de enige echte Superman maar echt overtuigd heeft hij me toch nog niet. Ik zal eens proberen om achter de vervolgen aan te gaan maar door de mooie special effects, het toch wel boeiende verhaal en goede acteerprestaties krijgt deze een 3.5*
Ik had trouwens niet verwacht dat het script van de hand van Mario Puzo ging zijn. Was wel een aangename verrassing.
Superman II (1980)
Alternatieve titel: Superman 2
Kneel before Zod
Afgelopen kerstmis was superheldentijd aangezien ik als kerstcadeau zowel de Batman quadrilogie (die begon met Tim Burton's Batman en eindigde met Batman & Robin van Joel Schumacher) alsook de Christopher Reeve cyclus (plus Superman Returns) had gekregen. De Batman films heb ik ondertussen al gezien en ik wou wel eens zien wat Superman ging brengen. Het eerste deel had ik in een ver verleden al eens gezien en via een korte heropfrissing op Wikipedia was ik helemaal klaar voor Superman II.
Die heropfrissing was weliswaar niet nodig geweest aangezien deze sequel zijn eerste 10 minuten besteed aan wat flashbacks uit de vorige film. We zien opnieuw Zod en de zijnen gevangen gezet worden in de Phantom Zone en niet lang daarna komen ze alweer vrij om dan de aarde te gaan terroriseren. Een plot dat Zack Snyder in Man of Steel nog eens opnieuw gebruikte en dat is ergens te begrijpen, want het blijft één van de leukste plotlijnen uit de Superman franchise. Probleem is dan ook dat dit hier en daar wat te hard wordt uitgerokken (een probleem dat de eerste Superman ook al had) en dat er op het eerste zicht erg slordig wordt omgegaan met bepaalde elementen. Eve Teschmacher die gewoon geruisloos uit de film verdwijnt nadat ze met Luthor het Fortress of Solitude bezoekt, Superman die opeens zijn krachten terug heeft (dat groen pulserend kristal zal er wel voor iets tussen zitten veronderstel ik) en vooral met de continuïteit wordt regelmatig een loopje genomen. Lois lijkt er in elke scène wel anders uit te zien en ook Superman zelf varieert nogal regelmatig tussen erg gespierd en heel wat minder gespierd.
Iets wat blijkbaar te wijten is aan het feit dat dit twee regisseurs kent en dat de film bovendien voor een groot stuk met vertraging is geschoten. Heel de discussie rond de versie van Lester en die van Donner is me indertijd voor een groot stuk ontgaan en hoewel Warner Bros de Donner versie een jaar of 10 geleden heeft uitgebracht, blijft dit nog steeds een slordig iets. Geen Marlon Brando ook in de Lester versie, maar ik mistte hem nu niet meteen aangezien zijn scènes zijn gewijzigd naar Susannah York die de moeder van Superman speelt. Zeker voor de scène waar Superman zijn liefde voor Lois verklaart aan zijn moeder is dat een goede keuze geweest. Christopher Reeve is een goede Superman (vind hem als Clark Kent net wat te houterig), maar de ultieme acteur voor de rol blijft toch Dean Cain. Gene Hackman keert ook weer even terug, altijd leuk, en Margot Kidder is een goede Lois. De meeste focus gaat echter uit naar Terence Stamp (Zod), Jack O'Halloran (Non) en Sarah Douglas (Ursa) en die doen perfect wat ze moeten doen.
Beetje jammer, want ik heb het gevoel dat hier meer had ingezeten. Wil ooit nog wel eens de Donner versie gaan kijken, maar kan me eerlijk gezegd niet voorstellen dat de die versie zo'n wereld van verschil gaat geven. Soit, leuk om eens een keer gezien te hebben in ieder geval. Blijft tot nu toe wel een interessante franchise, maar er is nog geen enkele Superman die me echt heeft kunnen overtuigen.
3*
Superman III (1983)
Alternatieve titel: Superman 3
Never underestimate the power of computers
Een week of twee geleden eens begonnen aan het tweede deel van Superman en hoewel daar best wel wat misloopt, leek het me vooral een film te zijn waar meer had kunnen inzitten. Dat is sowieso wel iets wat tot nu toe over de gehele franchise kan gezegd worden, maar ik hoopte dat dit derde deel de reeks het niveau terug omhoog ging kunnen trekken. Weliswaar wederom een speelduur van meer dan 2 uur (de voorgangers bewijzen dat dat geen goede combinatie is), maar wou wel eens zien wat Richard Lester er van ging maken.
Slapstick, dat maakt hij er van. Ik ben op zich altijd wel te vinden voor wat comedy in een superheldenfilm aangezien die dingen zich soms veel te serieus nemen, maar wat een flauwe boel wordt Superman III bij vlagen. Werkelijk elke scène waar Gus Gorman aan te pas komt wordt gekenmerkt door één of andere flauwe joke. Gorman is dan ook de grootste smet op het geheel. Deze keer ook geen Lex Luthor (hoewel Ross Webster wel wat dezelfde allures meekreeg) en bovenal geen Lois Lane. Een gedurfde zet in ieder geval, maar wel een logische aangezien het Clark Kent - Lois Lane verhaal wel verteld was geraakt in de twee voorgangers. Bovendien was Lois haar geheugen gewist op het einde van Superman II waardoor Lester die andere fameuze L.L. in beeld kon brengen. Superman's jeugdliefde in de vorm van Lana Lang krijgt een grote rol en dat werkt goed. De chemie tussen hen beide vonkt goed en vormt de grootste meerwaarde. Hoop dat deze lijn in ieder geval wordt verder gezet. Wat voor de rest overblijft is een ietwat verouderd plot rond een supercomputer, maar het hoogtepunt is ongetwijfeld de strijd tussen evil Superman en goody two-shoes Clark Kent.
Wat wel duidelijk is gebleken uit deze derde Superman film is dat Christopher Reeve meer in zijn mars heeft als Superman dan ik in eerste instantie gedacht had. Ik blijf het een ietwat flauwe Clark Kent vinden, maar zo'n scène met zijn evil counterpart werkt gewoon goed. Hij deelt bovendien een goede chemie met Annette O'Toole die de rol van Lana Lang op haar neemt. Tof ook om Robert Vaughn (blijft bij mij toch een heerlijk nostalgisch figuur uit de A-Team) eens in iets anders te zien en de gebruikelijke regulars (Jackie Cooper als Perry White en Margot Kidder als Lois Lane bijvoorbeeld) die terug op de proppen komen zijn altijd wel leuk.
Net als bij zijn voorganger een film waar meer had kunnen inzitten. Grootste factor waar het misloopt is de vreselijke rol van Richard Pryor die bijna de gehele film onderuit haalt. Zonde! Voor de rest wel vermakelijke nonsens af en toe, maar toch ook weer een Superman film die uiteindelijk te lang duurt. De opvolger zou maar 90 minuten duren. Hopelijk is dat nog iets.
2,5*
Superman IV: The Quest for Peace (1987)
You can make a toupee that flies
De Superman franchise met Christopher Reeve kwam tot nu toe vooral op me over als een reeks waar best wel wat potentie in zat, maar waar een paar vreemde beslissingen in waren genomen waardoor het niveau niet consistent bleef. Neem nu het derde deel. Heel het idee van de identiteitscrisis die Superman doorgaat is uitstekend, maar die vreselijke Richard Pryor verpest heel de boel. Nog maar te zwijgen van die veel te lange speelduur telkens. Iets waar deze The Quest for Peace geen last van zou hebben dacht ik.
In vergelijking met zijn voorgangers is het dan ook wel eens aangenaam om een Superman film te zien die niet boven de twee uur afklokt, maar ook hier loopt wel wat mis. Verbazingwekkend genoeg vond ik hem echter niet zo slecht als iedereen anders blijkbaar. Toegegeven, het is geen uitstekende film maar ik kon hier best wel wat mee. Alleen jammer dat de continuïteit uit de vorige delen weer compleet naar de zak wordt geholpen. Vond ik het derde deel juist goed in het feit dat ze de relatie met Lana Lang in het leven hadden geroepen, wordt die hier zonder enig woord van uitleg weer geloosd. Opnieuw Lois Lane als hoofdzakelijke love-intrest van good old Superman en die lijnen hadden ze al wel in de eerste twee delen uitgestippeld. Voor de rest blijft er een film over met een ietwat gedateerde boodschap (kernwapens zijn slecht!), maar het resulteert wel in een heerlijk kitscherige slechterik. Geen idee wat ik me eigenlijk juist bij Nuclear Man moet voorstellen, maar ik vond hem wel iets hebben.
Christopher Reeve wou de rol van Superman/Clark Kent enkel voor de vierde keer opnemen als hij meer input kreeg in het script. Dat gebeurde, maar het ontgaat me eerlijk gezegd wat Reeve in gedachten had aangezien zijn input niet al teveel voorstelt. Superman (en Kent) zijn qua karakterontwikkeling terug gestuurd naar het eerste deel (Superman's strijd met zijn slechte ik in het derde deel en Kent's romance met Lana Lang worden namelijk gewoon genegeerd) en dat is jammer. Wel tof dat Gene Hackman nog eens als Lex Luthor komt opdraven en op zich wel grappig om Jon Cryer eens in zo'n compleet foute rol als die van Lenny te zien. Fijn ook dat de gebruikelijke cast (Cooper, McClure en Kidder) ook weer meedoen.
De eerste Superman blijft weliswaar de beste, maar ik moet zeggen dat dit vierde deel toch niet de slechtste uit de reeks is. Ik heb Superman Returns nog liggen en naar het schijnt zou die het derde en vierde deel weer compleet negeren. Benieuwd wat dat geeft. Alleen jammer dat die ook alweer meer dan 150 minuten duurt..
3*
Superman Returns (2006)
See you in twenty
Bovenstaande quote die Superman tegen Lex Luthor zei komt niet uit Superman Returns, maar uit Superman IV: the Quest for Peace. Dat was een film uit 1987 en wat verscheen er +/- 20 jaar later in de cinema? Juist, deze Superman Returns. Het was de enige Superman film uit mijn boxset die ik nog niet had gezien en als warmloper voor de Batman - Superman confrontatie die ondertussen is verschenen, wou ik hier wel eens tijd voor maken. Zag er weliswaar een beetje tegenop vanwege de lange speelduur, maar dat blijkt onterecht te zijn.
Sowieso al tof om te zien dat regisseur Bryan Singer in de loop der jaren beter is geworden met zijn comic verfilmingen. Hoewel Superman Returns weliswaar een film is waar hier en daar nog wel iets aan schort, is het algemeen gezien nog wel een vermakelijke film. Verbaas me dan ook een beetje over de lage score die de film krijgt, al is dat niets nieuws als je naar de gemiddeldes van de Christopher Reeve films kijkt, maar dit is één van de beste films uit de reeks. Singer maakt er een halve ode aan de voorgangers van en het is dan ook een beetje jammer dat ook hij ervoor kiest om wederom met Lex Luthor te werken. Het is natuurlijk één van de meest spraakmakende slechteriken uit het DC universum, maar als hij dan toch wou voortborduren op de Reeve films, dan had hij evengoed een andere bad-guy kunnen bovenhalen aangezien Luthor daar al genoeg aan bod is gekomen. Soit, gelukkig maakt Singer er nog wel een degelijk geheel van. Al had hier ook wel weer wat gesnoeid in kunnen worden aangezien dit echt wel in een speelduur van 2 uur verteld had kunnen worden.
Brandon Routh, ik bleef er in het begin nog altijd Shaw uit Chuck inzien en het heeft toch even geduurd vooraleer ik hem vond overtuigen als Superman/Clark Kent. Het goede aan Routh is echter dat hij over de gehele lijn overtuigt en dat was niet altijd het geval met Reeve. Wel gek eigenlijk hoe beide acteurs op elkaar lijken en in dat opzicht is Routh zeker een goede keuze geweest. Over Kate Bosworth daarentegen ben ik dan weer wat minder te spreken. Een flauwe Lois Lane en volgens mij de slechtste actrice in het rijtje die de geliefde van Superman reeds hebben vertolkt. Kevin Spacey is degelijk als Luthor en James Marsden is nog een welkome toevoeging aan de relatie tussen Superman en Lois. Veel bekende koppen nog bij de bijrollen (onder andere Frank Langella) waar weinig op is aan te merken. De enige die ik trouwens echt misplaatst vond was Kal Penn als één van de handlangers van Luthor. Tof ook dat Marlon Brando aan de hand van archiefmateriaal ook nog even terug tot leven wordt gewekt.
Bon, ik heb me hier best wel mee geamuseerd. Superman Returns is een film met wat hekelpuntjes, maar Singer doet in één film meer dan wat zijn voorgangers met Superman II tot IV konden. Naar het schijnt is de nieuwe film echter niet al te veel soeps, maar ik ben ondertussen zo ver gevorderd in het Superman universum dat die er ook nog wel bij kan.
Kleine 3,5*
Sur un Arbre Perché (1971)
Alternatieve titel: Geluk bij een Ongeluk
Louis de Funès en de dennenboom
Ik ben me nog niet zo lang geleden beginnen interesseren in de films van Louis de Funès. Het begon met de Gendarme films en op een rommelmarkt toen eens een boxset van 5 films gekocht. Die viel me erg goed mee en blijkbaar was er een serieuze overstock of iets dergelijks want opeens vond je overal goedkope boxsets met de films van de Franse komiek. Die kocht ik natuurlijk allemaal en een tijd geleden stootte ik op een 10-delige set waar ik blijkbaar nog niets van in bezit had, wat me eerlijk gezegd verbaasde. De eerste film uit die collectie, La Soupe aux Choux, viel me wat tegen waardoor ik wat schrik kreeg dat de box een samenraapsel van de mindere de Funès films ging zijn.
Gelukkig bewijst Sur un Arbre Perché, logischerwijs de tweede film in rij, het tegendeel. Serge Korber had al ervaring met de drukke de Funès in L'Homme Orchestre maar wist toen het kunnen van de Franse komiek niet over te brengen op het grote scherm. Hier lukt dat overduidelijk wel en dat is voornamelijk te wijten aan het weliswaar vergezochte maar leuke uitgangspunt. Even gaat Korber uit de bocht wanneer hij er een hallucinante droomsequentie in steekt die totaal niet in de film lijkt te passen. Langs de andere kant is het wel ergens logisch want je kunt maar net zoveel uit deze setting halen en met een kleine 90 minuten is dit sowieso al wel een kortere film dus moest hij wel op zoek naar manieren om het allemaal wat te rekken. Ik had alleen nog wat schrik dat de film ging aflopen met een sisser maar het is een goede zet om een hele hoop ramptoeristen te laten opdraven. Het einde waar de vier passagiers worden opgepikt door een helikopter en ergens op een verlaten rotseiland in het midden van de oceaan worden gedropt had voor mij niet gehoeven maar bon, de opbouw blijft wel erg sterk.
Een kolfje naar de hand van de Funès natuurlijk. Als kapitalistische en egoïstische oude man vloekt hij compleet met de twee jonge lifters die hij ongewild meepakt en het zorgt voor een aantal amusante scènes. Heerlijk hoe hij de ene moment bijna de auto afbreekt uit kolere en de andere moment heel gluiperig de vrouw verdooft. Aangenaam verrast wel door Olivier de Funès. Zoals je al kunt vermoeden is dit de zoon van Louis de Funès en die heeft tussen 1965 en 1971 in een handvol films van zijn vader meegespeeld, meestal in een minieme bijrol. Dit is zijn laatste wapenfeit en het is zowaar zijn beste rol. In L'Homme Orchestre, die een jaar voor deze film werd gemaakt, had hij al een hoofdrol maar was hij vreselijk. Dit ging hem echter erg goed af. Géraldine Chaplin is het derde deel van de driepoot en weet met haar charmante uitstraling een goed klankbord te zijn voor vader en zoon de Funès. Leuk ook om Paul Préboist als radiopresentator terug te zien. Misschien wel één van de meest ondergewaardeerde acteurs uit de crew van de Funès.
Zoals het merendeel van de films van de Funès is dit weer een amusante zit die vooral gedragen wordt door, hoe kan het ook anders, de Funès zelf. De setting is origineel en fungeert als kapstok voor een handvol erg geslaagde scènes en de cast is degelijk. Voeg daar nog een wat experimentele soundtrack bij en degelijke effecten en je komt uit op meer dan een voldoende.
3.5*
Survival of the Dead (2009)
Alternatieve titel: George A. Romero's Survival of the Dead
Death isn't what it used to be
Ik heb altijd gemengde gevoelens bij de films van George A. Romero. Zijn bekendste film, Night of the Living Dead, vindt ik enorm overroepen en bij The Dark Half ben ik in het slaap gevallen. Het was echter mijn broer die me introduceerde met zijn nieuwere werk zoals Diary of the Dead. Die beviel me eigenlijk een stuk beter, in tegenstelling blijkbaar tot iedereen anders. Survival of the Dead is Romero's laatste nieuwe werkje en zit netjes in de lijn van Diary. Voor velen een teleurstelling maar voor mij is het toch weer een amusante film geworden.
Het is in ieder geval leuk om te zien dat Romero hier een soort van vervolg op Diary of the Dead van maakt. Veel stelt het niet voor maar we krijgen nu te zien wat er gebeurt met de groep militairen die de documentairemakers daar tegenkomen. Soit, ik begrijp de vele commentaren op de films van Romero eigenlijk ook niet. Toegegeven, hij brengt praktisch geen vernieuwing in zijn films maar het zijn nog altijd wel vermakelijke films en van mij mag hij in die lijn blijven doorgaan. Zo kent ook deze Survival of the Dead een redelijk voorspelbaar plot maar er wordt wel geprobeerd om er eens iets nieuw aan toe te voegen. Het hele idee van het 'trainen' van zombies om iets anders te eten dan mensenvlees is een piepkleine verrijking aan het zombie genre en het wordt op zich nog niet zo heel slecht uitgewerkt. Er wordt een soort jaren 1800 sfeertje opgehangen en de film heeft op sommige momenten zelfs nog wel wat weg van een Western door de twee hoofdpersonen die strijden om hun landje. Dit heeft een aantal leuke kills tot gevolg (de beste blijft het aansteken van de sigaret met de hulp van een zombie en een flare gun) maar ook wel een lekkere sfeer. De 'twist' waar er blijkbaar een Jane en een Janet rondlopen is jammer genoeg enorm ver gezocht en past ook totaal niet in de film. Jammer dat Romero zich hier aan laat vangen want hij had de film sowieso ook kunnen maken zonder voor deze idiote optie te moeten kiezen. Ach, gedane zaken nemen nu eenmaal geen keer en de film lijdt er gelukkig niet te hard onder. Wel introduceert Romero wel een aantal stereotiepe maar coole personages waardoor dit toch wel een hoge funfactor krijgt.
Al is dat natuurlijk grotendeels te wijten aan de cast die de rollen met verve spelen. Favoriet is sowieso de norse Nicotine Crockett. Die wordt dan ook geweldig neergezet door een Robert Downey Jr. -actige Alan Van Sprang. Buiten zijn kleine bijrol in Diary of the Dead kan ik me hem nergens anders in herinneren maar voor dit rollen is hij gewoon uitermate geschikt. De eeuwige sigaret in zijn mond, de stoere praat, neergeschoten worden en 2 seconden later doen alsof er niets is gebeurd. Heerlijk! Athena Karkanis maakt een nogal misplaatste intrede in de film als Tomboy maar speelt op zich wel sterk. Niemand van heel de cast verdient een Oscar, of enige prijs als je het mij vraagt, maar ze doen hier eigenlijk gewoon wat ze moeten doen en dat is stereotiepe personages neerzetten. Ze doen het in ieder geval met verve. Qua effecten is dit trouwens ook nog wel goed te doen. Het ziet er af en toe redelijk fake en CGI-achtig uit (vooral wanneer het legergroepje ergens in het begin van de film een groep mensen overvalt en dat Sarge allemaal zombiekoppen op palen vindt) maar dit soort effecten geeft eigenlijk een beetje extra aan het campy gehalte dat de film al had. Het eindshot is trouwens te hilarisch slecht voor woorden maar laat gewoon perfect de bedoeling van de film zien.
Voor velen is Romero aan zijn teloorgang bezig en haalt hij zijn eigen klassiekers onderuit maar die vlieger gaat voor mij niet op. Survival of the Dead is een fijn vervolg geworden en haalt het in mijn opzicht van Night of the Living Dead die gewoon enorm gedateerd aanvoelt. Misschien maar eens werk van maken om de 3 andere films van Romero's zombie sextet te zien.
3.5*
