Meningen
Hier kun je zien welke berichten rcuppen79 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Raiders of the Lost Ark (1981)
Alternatieve titel: Indiana Jones and the Raiders of the Lost Ark
Indiana Jones is en blijft één van de populairste helden van het witte doek en Raiders of the Lost Ark is het legendarische eerste deel uit de reeks.
Een ode aan de oude avonturenfilms uit de jaren ’30, maar qua entertainment, trucages en actie ontstijgt ze moeiteloos z’n inspiratiebronnen. De eerste samenwerking tussen regisseur Steven Spielberg en producent George Lucas had geen beter resultaat kunnen opleveren.
De film is op elk punt geslaagd te noemen! Een spannend en avontuurlijk verhaal boordevol spectaculaire scènes die aanvoelen als een rit in de achtbaan. Harrison Ford is perfect als Indiana Jones (ondanks dat hij niet de eerste keuze was voor deze rol). De film kreeg nog 3 vervolgen en was een grote inspiratiebron voor vele actie/avonturenfilms die hierna volgden.
Ralph Breaks the Internet (2018)
Alternatieve titel: Wreck-It Ralph 2
Ralph Breaks The Internet is het vervolg op de hit Wreck-it Ralph uit 2012. Ze is hiermee de derde officiële vervolgfilm van Disney na films als The Rescuers Down Under en Fantasia 2000.
Disney maakt niet zo snel vervolgfilms voor de bioscoop, iets wat ze wel al jaren doen voor de videomarkt. Helaas is het niveau van die films vaak niet om naar huis te schrijven.
Wreck-it Ralph was een bijzonder leuke en originele film die het goed deed bij zowel pers en publiek. Het duurde zes jaar voordat er een vervolg verscheen. En hoewel dit vervolg bijzonder vermakelijk is, mist het de charme en tempo van het origineel. Het plot is flinterdun en moet het vooral hebben van de grappige wijze waarop het internet hier wordt weergegeven. De leukste scène is ongetwijfeld de scène met alle Disney-prinsessen, waarbij een groot deel van de originele stemactrices terugkeerden om hun personage nog eenmaal in te spreken. Disney neemt zichzelf hiermee op de hak, maar levert ook een mooi eerbetoon aan de films waarmee ze beroemd zijn geworden.
Op een paar grappige scènes na hangt het verhaal helaas als los zand aan elkaar en wordt het naar het einde toe iets te zeer uitgerekt. Toch is het zeker geen onaangename animatiefilm geworden. De animatie zelf is prachtig, de film bevat wederom voldoende humor en ook de stemmencast is weer op dreef. Niet zo goed en memorabel als het origineel, maar wel vermakelijk genoeg. Blijf vooral zitten tot aan het einde van de credits, waarin Ralph nog een leuke imitatie weggeeft van het liedje 'Never gonna give you up' van Rick Astley.
Rambo (2008)
Alternatieve titel: John Rambo
In het voorgaande decennium maakten vele actiehelden van de jaren 80 hun comeback. Rocky, Rambo, John McClane en Indiana Jones keerden terug naar het witte doek na een afwezigheid van 10 jaar of meer. Niet alle comebacks waren even goed en die van Rambo vond ik ronduit teleurstellend.
Rambo 2 en 3 waren een product van hun tijd en de dagen dat het publiek warm liep voor een eenmansleger die het opneemt tegen een grote overmacht, liggen reeds lang achter ons. Daarnaast maakt Rambo het met buitensporig geweld wel erg bont. De film lijkt af en toe meer op een computerspel. De wrede actiescènes zijn eerder op sensatie belust, dan dat regisseur Sylvester Stallone de kijker bewust wil maken van de misstanden in Birma. De film heeft ook een chronisch gebrek aan humor en het is aan Sylvester Stallone ook af te zien dat de jaren beginnen te tellen. Met z’n “matje” ziet hij er op z’n zestigste vrij belachelijk uit.
Met de film Rocky Balboa creëerde Stallone een waardige afsluiter van een succesvolle reeks, maar met Rambo 4 is het allemaal een beetje meer van hetzelfde.
Rambo III (1988)
Redelijke actiefilm die meer van hetzelfde bied. Het niveau van de eerste twee films wordt nergens bereikt. De actie is echter wel weer spectaculair in beeld gebracht.
Rambo: First Blood Part II (1985)
Bij First Blood was de actie nog enigszins gedoseerd en bood de film daarnaast ruimte voor een spannend verhaal alsmede het uitdiepen van de karakters. Dat gegeven is hier duidelijk overboord gegooid. Het verhaal is te verwaarlozen en de karakters hebben de diepgang van een pannenkoek. Alles is ondergeschikt gemaakt voor de actie en daarin stelt Rambo II allesbehalve teleur.
Wanneer je aan Rambo denkt, denk je algauw aan dat onoverwinnelijke eenmansleger die met z'n mitrailleur een heel leger neermaait. Geloofwaardig is het allemaal niet, het ligt zelfs tegen het absurde aan, maar niettemin is Rambo II een vakkundig gemaakte actiefilm die geen moment verveelt. De film zette bovendien de toon voor actiefilms die hierna in met name de jaren ’80 volgden.
Rapa Nui (1994)
In de jaren 90 had ik deze film een aantal keren gezien. Vond het toen wel een leuke film, maar ben hem daarna wel een beetje uit het zicht verloren. Tot ik een jaartje of 10 geleden de film nog een keer wilde zien, maar helaas was ze behoorlijk in de obscuriteit belandt. Nauwelijks nog aan te komen, totdat ik een Duitse DVD op de kop wist te tikken voor een prikkie. Helaas bleek dat die versie alleen in het Duits was, zonder de Amerikaanse versie als toevoeging. Een herziening is er toen niet van gekomen.
In de jaren erna steeg de film steeds hoger op mijn lijstje van 'meest gewilde herziening' en toen Rapa Nui eind 2023 eindelijk op Blu-ray verscheen, heb ik hem dan ook meteen gekocht. Het is een prachtige restauratie van de film uit 1994 die een aanzienlijke verbetering is op de oude DVD. Zie enkele voorbeelden hieronder:
De kleuren zijn een stuk levendiger, de scherpte is (zoals je eigenlijk wel mag verwachten) aanzienlijk verbeterd en ook is de film in haar oorspronkelijke formaat hersteld. Zoals je kunt zien in de foto's is het beeld in DVD bijgesneden, waardoor er delen van het beeld verloren zijn gegaan.
De upgrade is dus de moeite waard, maar geldt dit ook voor de film zelf? Ik denk dat er inmiddels wel 27 jaar zijn verstreken, sinds ik de film voor het laatst zag, dus het is dan maar afwachten of de film me dan nog steeds bevalt. En er is genoeg aan te merken op Rapa Nui, maar toch heb ik me er wederom prima mee vermaakt.
Inhoudelijk stelt de film niet veel voor, maar visueel is het een bijzonder mooie film. Dat kun je ook wel overlaten aan regisseur Kevin Reynolds, die tevens films als Robin Hood: Prince Of Thieves, Waterworld en The Count Of Monte Cristo op zijn naam heeft staan. In Rapa Nui werd Kevin Reynolds wederom bijgestaan door Kevin Costner, die als producent fungeerde. De fotografie van Stephen F. Windon mag er zeker wezen en de muzikale filmscore van voormalig Police-drummer Stewart Copeland geeft de film een new-age tintje, welke zeker in haar voordeel werkt.
Inhoudelijk is de film zoals gezegd beduidend minder geslaagd. Het verhaal is een soort mix van Romeo & Julia verweven met een ecologische boodschap. De meeste acteurs zijn duidelijk om hun uiterlijk gecast en kunnen de film daarom niet de emotionele diepgang meegeven die ze wel nodig heeft. Maar ook hier werken het slappe script en de vaak tenenkrommend slechte dialogen niet in het voordeel van de acteurs. Het wil ook niet werken dat de film een behoorlijke diversiteit aan acteurs heeft, waardoor de personages in de film spreken met Britse, Amerikaanse, Australische en Zuid-Amerikaanse accenten.
Historisch gezien is Rapa Nui ook niet bijster nauwkeurig, dus voor een geschiedenisles over Paaseiland moet je niet bij deze film zijn.
Maar ondanks bovengenoemde zwakheden is het verder een prettige film die lekker wegkijkt. Bij haar release werd Rapa Nui helaas volledig de grond in geboord door de filmcritici en was ze een enorme flop in de bioscopen. Hierna belandde de film in de vergetelheid, maar gelukkig is ze met de Blu-ray van 2023 een stukje uit de obscuriteit gehaald.
Ratatouille (2007)
Het animatieniveau van Pixar stijgt met elke film en ook Ratatouille is weer een lust voor het oog. Het pittoreske Parijs ziet er fenomenaal uit en creëert de sfeer van het verhaal.
Nu dat Pixar definitief was overgenomen door Disney, begonnen de invloeden van die studio wel merkbaar te worden, gezien het onderliggende moraal in dit verhaal.
Ratatouille is zeker niet de beste film van Pixar. Het gegeven van een rat als chefkok is leuk verzonnen en de film bevat uitstekende animatie en goede muziek van Michael Giacchino. De personages vond ik echter vrij tegenvallen in deze film. Alleen de jaloerse kok Skinner en de criticus Anton Ego vielen mij in persoonlijk opzicht op.
Red Sonja (1985)
Alternatieve titel: Yado
Na het succes van de Conan-films kwam er in 1985 de spin-off Red Sonja, die tevens gebaseerd was op het werk van Robert E. Howard. De regie werd wederom gedaan door Richard Fleischer die eerder de film Conan the Destroyer regiseerde. Helaas maakte hij van die film een campy film met slecht acteerwerk en een matig verhaal. Red Sonja is helaas niet anders, alleen is het acteerwerk hier echt bedroevend. Arnold Schwarzenegger is geen goede acteur, maar hij is de enige in deze film die nog iets maakt van zijn rol. Brigitte Nielsen acteert uitermate houterig en straalt bovendien weinig charisma uit. Net als Schwarzenegger is ook zij duidelijk om haar fysiek gecast en niet om haar acteertalent. De rest van de cast doet het niet veel beter, met als dieptepunt de uitermate irritante Ernie Reyes Jr. als een verwende prins.
De muziek werd gecomponeerd door de Italiaanse meester Ennio Morricone en dit mag ook het sterkste punt van de film heten. Z’n muziek doet wel veel denken aan de muziek die hij schreef voor de fantasy-film Hundra uit 1983, die qua thema ook verdacht veel lijkt op Red Sonja. Gelukkig is die film vrijwel vergeten (en terecht!), maar ook Red Sonja is eigenlijk niet meer dan een slechte B-film.
Renoir (2012)
Renoir is een semi-biografische film over de laatste jaren van het leven van de wereldbefaamde schilder Pierre-Auguste Renoir. Daarnaast concentreert de film zich vooral op de opbloeiende liefde tussen het model Andrée en Renoir’s zoon Jean. Beide karakters worden hier overtuigend neergezet door de jonge acteurs Christa Théret en Vincent Rottiers. Ook Michel Bouquet is uitstekend als de oude, ietwat norse Auguste Renoir.
Visueel is de film er één om in te lijsten. Regisseur Gilles Bourdos heeft goed naar het werk van Renoir gekeken en heeft getracht om met deze biopic een soort levensecht schilderij naar het witte doek te toveren. Het kleurgebruik is dan ook prachtig.
Helaas is de film wat aan de lange kant en weet ze niet continu de aandacht vast te houden. Het tempo is daarvoor te traag. Maar de mooie beelden maken veel goed en ook de dromerige muziek van Alexandre Desplat is erg sfeervol.
Requiem pour un Vampire (1971)
Alternatieve titel: Requiem for a Vampire
Als je op zoek bent naar een typische vampierenfilm, dan moet je het werk van Jean Rollin vooral links laten liggen. Deze regisseur is vooral experimenteel van aard. Horrorfilms kun je zijn vampierenfilms eigenlijk niet noemen. Het doel van deze films is niet om je de stuipen op het lijf te jagen.
Rollin maakt hier minimaal gebruik van dialoog, waardoor Vierges Et Vampires bijna overkomt als een stomme film uit de jaren ’20. Het geeft de film een speciale sfeer mee en niemand kan beter de macabere sfeer van een vampierenfilm op het witte doek brengen, dan Jean Rollin dat deed. Deze Franse regisseur maakte begin jaren ’70 diverse vampierenfilms, waarvan Vierges Et Vampires er één is. Rollin maakt dankbaar gebruik van dezelfde sets en acteurs als in zijn andere films.
Deze film is niet z’n beste werk, maar bevat wel alle typische elementen van een Rollin film. De actrices Marie-Pierre Castel en Mireille Dargent zijn daarbij leuk om naar te kijken. Van een verhaal is niet echt sprake en het bloot wat Rollin vaak in zijn films gebruikt is allesbehalve functioneel. Net als films als La Vampire Nue en Le Frisson Des Vampires, bevat Vierges Et Vampires een psychedelische ondertoon en is ze een toonbeeld van het hippietijdperk eind jaren ’60 en begin jaren ’70.
Rescuers Down Under, The (1990)
Alternatieve titel: De Reddertjes in Kangoeroeland
Heerlijke animatiefilm die ik stuk amusanter vond dan de eerste Rescuers. Tot op heden is The Rescuers Down Under het enige officiële vervolg op een oude animatieklassieker. De vervolgen die zijn gemaakt voor de videomarkt, tel ik in deze niet mee.
Bij het maken van The Rescuers Down Under werd gebruik gemaakt van de nieuwste computertechnieken. De film maakt voor het eerst gebruik van de nieuwe techniek CAPS (Computer Animation Production System), wat het mogelijk maakte om de film met de computer in te kleuren.
Een revolutie dus op animatiegebied! The Rescuers Down Under was bovendien de allereerste tekenfilm ooit die binnen een digitale omgeving is vervaardigd. Het resultaat mag er dan ook zijn, want op animatiegebied ziet de film er uiterst fraai uit.
Het verhaal is leuk en de film bevat leuke karakters als Joanna de Varaan (ingesproken door stemacteur Frank Welker) en Wilbur de Albatros (ingesproken door John Candy). Deze laatste speelt hier de broer van de albatros Orville uit het origineel. De acteur Jim Jordan die in het origineel de stem van Orville insprak was in 1988 overleden en Disney moest dus op zoek naar een nieuwe stemacteur. Dit was ook de laatste filmrol van actrice Eva Gabor, die kort hierna met pensioen ging en in 1995 op 71-jarige leeftijd overleed.
Een erg leuke tekenfilm, die het helaas wat minder goed deed bij een groot publiek.
Rescuers, The (1977)
Alternatieve titel: De Reddertjes
The Rescuers is gebaseerd op de boekenreeks van de Britse schrijfster Margery Sharp, in het bijzonder de boeken “The Rescuers” uit 1959 en “Miss Bianca” uit 1962.
Op animatiegebied vond ik de film weinig bijzonder. Met name de achtergronden zijn erg mat en weinig gedetailleerd. Ook de personages vond ik weinig interessant. Het verhaal was nog wel aardig en de film kent een paar leuke momenten, maar deze behoort niet tot mijn favorieten.
Return to Never Land (2002)
Alternatieve titel: Peter Pan: Terug naar Nooitgedachtland
Vervolg op de Disney-klassieker Peter Pan uit 1953. In de jaren ’90 startte Disney met het maken van allerlei goedkope (video)vervolgen op hun succesfilms. Return To Never Land is hier een goed voorbeeld van. De film had een budget van 20 miljoen dollar, wat niet goedkoop is, maar wel beduidend lager dan de budgetten van films als Brother Bear (budget: 128 miljoen dollar) en Treasure Planet (budget: 140 miljoen dollar) die ook rond die tijd in de bioscoop verschenen. Een officieel vervolg is Return To Never Land dan ook niet. Eerder een vervolg voor de videomarkt, die toevallig ook een bioscooprelease kreeg.
De kwaliteit ligt ver beneden Disney’s gebruikelijke standaard van bioscoopfilms. De animatie is zeer eenvoudig, met vrij weinig details. De muziek en liedjes zijn tevens beneden peil en weinig memorabel. De opening van de film is wel goed, waarbij Londen gedurende de Tweede Wereldoorlog een sterk contrast vormt met Nooitgedachtland. De rest van het verhaal verloopt echter vrij voorspelbaar en als kijker krijg je ditmaal weinig te zien van Nooitgedachtland. Return To Never Land richt zich vooral op kleine kinderen, waarbij ook de schurken eerder komisch dan dreigend zijn. Op veel punten valt dit vervolg in de herhaling, waardoor het niveau niet boven de middelmaat uitstijgt. Jammer, want de verhalen van J.M. Barrie lenen zich uitstekend voor animatie en de originele film uit 1953 is één van de betere films uit de Disney-stal.
Leuk voor kinderen, maar als volwassene kan je beter het origineel nogmaals bekijken.
Robin Hood (1973)
Robin Hood was vroeger als klein kind altijd mijn favoriete tekenfilm. Heb die vroeger wel tig keer gezien. Voor mij is deze film dan ook een stukje nostalgie.
Dit is de eerste Disney tekenfilm waarin de in 1966 gestorven Walt Disney geen enkele medewerking aan had geleverd. De film is gebaseerd op de beroemde legende van de Britse vrijbuiter Robin Hood. De personages uit de beroemde legende worden hier vertolkt door dieren. Robin Hood werd voor een betrekkelijk laag budget (1,5 miljoen dollar) gemaakt, en dat is helaas aan de film af te zien. Veel personages tonen opvallend veel gelijkenissen met oude Disney personages. Little John lijkt bijvoorbeeld wel erg veel op Balou de Beer uit Jungle Boek. Ik vind het ook jammer dat ze voor de film geen dieren hebben gebruikt die ook daadwerkelijk in Engeland voorkomen. Een leeuw, een beer en een slang zijn geen dieren die je in Engeland in het wild zult aantreffen.
Op animatiegebied is de film dan ook teleurstellend. Met name de kleuren zijn erg mat, waardoor de film een sombere uitstraling krijgt. Voor een film die zich afspeelt in Engeland, heeft ze wel een erg Amerikaanse stemmencast. Toch vond ik dit niet echt storend. Peter Ustinov mag zich heerlijk uitleven als de valse prins John en zijn karakter steelt dan ook de show. Het verhaal wordt vlot verteld en goed ondersteund door de mooie muziek van George Bruns (z’n laatste voor Disney) alsmede de uitstekende humor.
Robin Hood (2010)
Als Robin Hood-fan heb ik zo'n beetje alle Robin Hood verfilmingen gezien die het maar geeft. Deze vond ik niet één van de sterkste.
Regisseur Ridley Scott en acteur Russell Crowe doen hun samenwerking uit Gladiator nog eens dunnetjes over, maar kunnen hier niet imponeren. Daarvoor is het script te onevenwichtig, de karakters oninteressant en biedt de film niet de tragische held die Gladiator wel had. Russell Crowe overtuigt nauwelijks in de rol van de beroemde vrijbuiter. Waar Robin Hood normaal een charismatische leider is, wordt hij hier afgebeeld als een norse zeurpiet. Ook Cate Blanchett kan niet overtuigen als Maid Marion. Het ontbreekt de film bovendien aan een legitieme schurk. De Sheriff van Nottingham heeft hier slechts een kleine bijrol en de schurkenrol wordt hier gespeeld door Mark Strong, maar diens personage is eveneens nauwelijks overtuigend. De Zweedse acteur Max von Sydow heeft een kleine bijrol, maar laat zien hoe het wel moet.
Het scenario van Brian Helgeland is wel origineel ten opzichte van voorgaande Robin Hood-verfilmingen, maar weet echter nauwelijks te boeien. Met z’n tweeëneenhalf uur durende speelduur is de film ook behoorlijk aan de lange kant. De film heeft wel enkele fraai gefilmde massa scènes en prachtige decors en kostuums. Maar voor de rest oogt het allemaal wat kleurloos.
Al met al dus een weinig geslaagde Robin Hood film.
Robin Hood: Prince of Thieves (1991)
In 1991 verschenen er twee Robin Hood-films. Deze versie met Kevin Costner en de film Robin Hood met Patrick Bergin in de hoofdrol. Hoewel die andere film veel realistischer oogt, is het Robin Hood: Prince of Thieves die een stuk vermakelijker is. Dat is met name te danken aan het goede script dat lekker vlot verloopt en ondanks de lange speelduur geen moment verveelt.
De film kon op weinig waardering rekenen van de vele Robin Hood-fans. De aanpak was té Amerikaans, met een weinig overtuigende Kevin Costner en teveel Amerikaans getinte actie. Alan Rickman werd wel geroemd om z’n vertolking van de Sheriff of Nottingham.
Ik ben het niet geheel eens met die kritieken. Kevin Costner doet natuurlijk erg Amerikaans aan (mede dankzij z’n Amerikaans accent), maar hij speelt niettemin een degelijke Robin Hood. Hij is misschien dan geen Errol Flynn of Michael Praed, maar zo slecht als sommige critici ons wilden doen geloven is hij ook niet. Alan Rickman speelt natuurlijk een hilarische rol, maar echt origineel is het allemaal niet. De Britse acteur Nickolas Grace gaf op een soortgelijke manier gestalte aan de Sheriff of Nottingham. Maar waar Rickman’s vertolking tegen het karikaturale aanzit, ging Grace nergens over de schreef.
Het grootste minpunt van Robin Hood: Prince of Thieves is dat de film nergens echt origineel is. We hebben het allemaal al eens eerder gezien. Maar de film overgiet het met een mooie saus van actie en romantiek. Het helpt hierbij dat Mary Elizabeth Mastrantonio een zeer verdienstelijke Maid Marian speelt en dat er een duidelijke chemie is tussen haar en Kevin Costner. De rest van de cast wordt goed aangevuld door een Britse en Amerikaanse cast. Sean Connery komt aan het einde van de film nog even langs, in wat één van de duurste rollen ooit is, want voor slechts 2 draaidagen ontving hij maar liefst 250.000 dollar.
Visueel gezien ziet de film er goed uit met fraaie decors en kostuums en goed camerawerk van Doug Milsome. De muziek van Michael Kamen is een pareltje en de hit Everything I Do (I Do It For You) van Bryan Adams werd een wereldwijde nummer-1 hit.
Rocketeer, The (1991)
Heerlijke avonturenfilm gebaseerd op de Graphic Novel van Dave Stevens.
De film speelt zich af in het begin van de jaren ’40 en ademt ook de sfeer uit van de avonturen serials uit de jaren ’30. Dit is met name te danken aan de uitstekende art-direction, die de film de juiste sfeer meegeeft. Bill Campbell speelt de koene held tegen wil en dank. Het feit dat hij nauwelijks om kan gaan met z’n nieuw verworven heldenstatus en vaak stuntelig overkomt, maakt hem des te geloofwaardiger. Timothy Dalton mag zich heerlijk uitleven in z’n schurkenrol en heeft daar zichtbaar plezier in. Z’n personage is overduidelijk geïnspireerd op grote Hollywood-acteurs als Errol Flynn en Douglas Fairbanks. Jennifer Connelly zorgt voor het nodige vrouwelijke schoon. In één van de bijrollen zien we de ruim 2 meter grote reus Tiny Ron, die onder een zware laag make-up een personage speelt dat overduidelijk is gebaseerd op horroracteur Rondo Hatton, die door de ziekte acromegalie een grotesk gezicht had (en hiermee veel succes had in de horrorwereld).
Een uitstekende film die geen moment verveelt.
Rocky (1976)
Dit jaar maar weer eens gestart met een herziening van de Rocky-reeks. Laatste keer dat ik ze gezien heb, moet toch alweer zo’n ruim tien jaar geleden zijn. Deze eerste Rocky-film staat echter nog altijd vers in mijn geheugen gegrift. Eén van de weinige films die ik heb bekroond met een maximale score en na 10 jaar is daar nog niets aan veranderd. Alles klopt gewoon: het verhaal, de karakters, de muziek en de sfeer. De reeks nam hierna een andere wending door zich meer op het spektakel van het eindgevecht te concentreren en minder op de karakters. Rocky is en blijft in mijn ogen een onvervalste klassieker.
Rocky Balboa (2006)
Rocky Balboa is misschien wel het enige echt geslaagde vervolg op de filmklassieker Rocky uit 1976.
Goed, de film heeft nog steeds een ongeloofwaardig eindgevecht, maar deze film keert terug naar de bron door voldoende aandacht te besteden aan het drama buiten de ring. En ditmaal komt het wel goed uit de verf en voelt het niet geforceerd aan.
De grauwe fotografie roept herinneringen op aan het origineel. Stallone acteert degelijk en ook Burt Young is weer als vanouds op dreef als de immer cynische Paulie. Bokser Antonio Tarver speelt de verwende wereldkampioen boksen Mason Dixon, die ditmaal wat weg heeft van Mike Tyson. In de bijrol valt met name Geraldine Hughes op, die hier de vrouwelijke hoofdrol voor haar rekening neemt. Talia Shire, die in de vorige vijf films de vrouw van Rocky speelde, keerde voor dit vijfde deel niet terug en werd uit het verhaal geschreven.
Een waardige afsluiter van één van de beroemdste filmreeksen uit de filmgeschiedenis.
Rocky Balboa is de eerste en enige Rocky-film die ik ooit in de bios zag. Daarna nog een keer op dvd en nu na ruim 10 jaar een herziening van deze laatste Rocky-film.
In mijn vorige review noemde ik Rocky 6 het meest geslaagde vervolg op Rocky, maar daar kom ik nu op terug. Rocky II en IV vind ik persoonlijk toch een stuk leuker om naar te kijken.
De grauwe stijl en het drama in deze film zijn goed, maar zo'n film als Rocky maak je maar één keer. Aan die film klopte alles. Rocky 6 heeft zo z'n mankementen. Zo is Rocky's tegenstander in deze film weinig interessant en krijgt hij nauwelijks aandacht. Er wordt meer tijd geïnvesteerd in het uitdiepen van Rocky's leven en komen we meer te weten over diens leven na het einde van z'n bokscarrière. Gelukkig is Stallone wederom uitstekend op dreef en draagt hij deze film op z'n brede schouders.
Wat ik wel apart vond in deze Rocky film is dat ze ook bekende boksers als Muhammad Ali benoemden en ook Mike Tyson nog even in beeld lieten zien. Maar hoe plaats je deze figuren in de Rocky wereld?Apollo Creed (die duidelijk was geïnspireerd op Muhammad Ali) werd destijds gezien als misschien wel de beste bokser ooit. De naam van Ali wordt nergens genoemd in de eerste vijf films. Terwijl hij in de echte wereld door menigeen als de grootste ooit wordt beschouwd.
Ook Tyson kan ik niet echt plaatsen in de Rocky wereld. Zijn opkomst moet ongeveer ten tijde zijn geweest met Rocky V, maar werd toen blijkbaar nog niet gezien als een serieuze bokser.
Mijns inziens hadden ze de fantasy wereld van Rocky intact moeten laten. I.p.v. een computergevecht tussen Rocky Marciano & Muhammad Ali, hadden ze Ali moeten vervangen door Creed en de korte cameo van Tyson hadden ze kunnen omruilen met een cameo van Mr. T.
Maar goed, dat soort kleine details verstoren natuurlijk niet het kijkplezier van Rocky Balboa. Want al met al is dit een waardige afsluiter van de Rocky-reeks. Het figuur Rocky zelf, zou echter nog terugkeren in de film Creed en binnenkort Creed 2.
Rocky II (1979)
Alternatieve titel: De Uitdager
Het tweede deel uit de Rocky reeks mist in mijn ogen de charme van deel één. Het eerste uur vond ik vrij saai, maar wanneer Adrian uit haar coma ontwaakt en tegen Rocky zegt dat hij het gevecht tegen Apollo Creed voor haar moet winnen, raakt de film in een stroomversnelling. De muziek helpt hier behoorlijk in mee. Het eindgevecht is een stuk spectaculairder dan z’n voorganger en nog altijd het beste uit de reeks. Deze herziening na 10 jaar heeft me doen besluiten om de waardering met een half punt omhoog te gooien.
Rocky III (1982)
Dit derde deel is duidelijk niet het sterkste uit de reeks. Mr. T. als Clubber Lang is natuurlijk een leuke schurk, maar het verhaal is matig en het eindgevecht is teleurstellend. Ook het acteerwerk is hier vrij over-the-top. De scène waarin Mickey stierf had een vrij emotioneel moment in de reeks kunnen zijn, ware het niet dat Stallone hier zo overdreven acteert, dat het eerder op de lachspieren werkt.
Daarna krijgen we het standaard riedeltje waarin Rocky z’n motivatie mist om door te gaan, maar na een oppeppende speech van Adrian kan hij er weer tegenaan.
Wat wel helemaal top is in deze film is de soundtrack en dan met name het titelnummer van Survivor.
Na deze herziening van 10 jaar blijft mijn oorspronkelijke waardering hetzelfde. Niet meer dan 2,5 ster voor deze film.
Rocky IV (1985)
Alternatieve titel: Rocky IV: Rocky vs. Drago
Gisteren de Director's Cut bekeken met 38 minuten aan nieuw materiaal. Deze versie duurde 92 minuten, waardoor er ook het nodige uit het origineel is verwijderd. Met name de rollen van Brigitte Nielsen en Burt Young zijn enorm ingekort en hun personages voegen dit keer weinig toe.
Ik vond deze versie in z'n geheel bitter weinig toevoegen. Leuk als extraatje bij een Blu-ray uitgave, maar niet echt waardig voor een nieuwe bioscooprelease. Met name aan het begin vond ik de nieuwe versie erg gehaast overkomen. Ok, de scènes met die Robot zijn er gelukkig uitgeknipt, maar daar tegenover zijn er ook enkele (voor mij) iconische scènes die de oorspronkelijke bioscoopversie net dat beetje extra's gaven uitgeknipt.
Van mij had deze nieuwe montage dan ook niet gehoeven en hou ik het voortaan gewoon weer bij het origineel.
Rocky V (1990)
Een herziening na 10 jaar levert voor mij geen verandering in de waardering. Rocky V blijft gewoonweg de minste in de reeks (al is Rocky III niet veel beter).
Aan de ene kant is het de makers te prijzen dat ze met Rocky V weer terugkeren naar de bron en de stijl van de voorgaande drie films achterwege laat. Het nadeel is echter dat het ditmaal niet werkt. Het niveau van Rocky I wordt nergens ook maar in de verste verte bereikt. Het is allemaal voorspelbaar en de nieuwe karakters boeien niet.
Na de kaskraker Rocky IV, was Rocky V een stuk minder succesvol in de bioscopen en het duurde dan ook 16 jaar voordat er een zesde deel in de bioscopen verscheen.
Rode Zwaan, De (1999)
Van de week weer eens herzien. Had hem sinds de videorelease in 2000 niet meer gezien, maar weet nog wel dat hij toen best veel indruk op me had gemaakt. Een herziening 20 jaar later, kan dan verkeerd uitpakken (zeker bij jeugdfilms!), maar gelukkig is dit bij De Rode Zwaan niet het geval en heb ik me er nog steeds kostelijk mee vermaakt.
De film is gebaseerd op het gelijknamige boek van Sjoerd Kuijpers, die zijn eigen boek omvormde tot filmscript. Ze werd geproduceerd door de Nederlandse filmmaatschappij First Floor Features, waarbij Dick Maas en Laurens Geels fungeerden als producent. Martin Lagestee nam de regie op zich.
Het geheel ziet er vakkundig uit, met mooie locaties (geschoten in o.a. Leersum en Nationaal Park Zuid-Kennemerland), dito decors en kostuums en voor Nederlandse begrippen vrij degelijke trucages. De make-up effecten van de Karpermannen zien er ook prima uit. Het sprookjesverhaal van Sjoerd Kuijpers, waarbij een jongen en een meisje belanden in een magische wereld, wordt vlot verteld. Als ze er een kale man, een lange, slanke tante en een krachtpatser bij hadden gevoegd, had het verhaal niet misstaan in de Suske en Wiske-reeks. Ondanks de voorspelbaarheid, weet het verhaal van begin tot eind te boeien.
De jonge cast acteert behoorlijk, maar het zijn vooral oudgedienden als Pierre Bokma en Annet Nieuwenhuijzen die opvallen. De jonkies Rufus Heikens (in de rol van Jakob), Nick Majoor (in de rol van Vezel) en Sanne Himmelreich (in de rol van Neeltje) hielden het na deze film weer voor gezien als filmacteur.
Het moge duidelijk zijn dat De Rode Zwaan niet voor een appel en een ei is gemaakt. Toch werd de film in slechts een handvol bioscopen in roulatie gebracht, waar ze in totaal slechts een krappe 20.000 bezoekers wist te trekken. Tegenwoordig is de film vrijwel in de vergetelheid geraakt. In 2006 werd ze nog op dvd uitgebracht, maar die versie duurt slechts 88 minuten (de bioscoopversie duurde 100 minuten). Daar het zolang geleden is dat ik die film destijds gezien heb, kan ik me niet meer herinneren welke scènes eruit zijn geknipt.
Het is zonde dat De Rode Zwaan tegenwoordig vrijwel vergeten is. De film is misschien niet perfect, maar slecht is ze allerminst. Het is een prima jeugdfilm voor jong, maar ook voor oud. Misschien voor de allerkleinsten is de film iets te heftig.
Rogue One (2016)
Alternatieve titel: Rogue One: A Star Wars Story
Gisteravond bekeken in Dolby Atmos.
Toen Disney de rechten van Lucasfilm in 2012 overnam voor ruim 4 miljard dollar, wist je eigenlijk al dat een succesvolle filmreeks als Star Wars nieuw leven ingeblazen zou worden. Dat Disney de Star Wars reeks nu tot de laatste druppel zal uitmelken, mag ook geen verassing heten. Ik kan ze geen ongelijk geven aangezien de films bakken met geld opbrengen, maar goed voor de kwaliteit is het niet.
Gelukkig voelt Rogue One niet aan als een haastklus. De film ziet er mooi verzorgd uit met vaak uitmuntende trucages. Met name de climax is visueel prachtig in beeld gebracht. De computeranimatie vond ik hier bij vlagen beter dan bij The Force Awakens. De CGI-versie van wijlen Peter Cushing vond ik erg overtuigend. Helaas is de CGI-versie van Carrie Fisher aan het einde minder overtuigend
Maar toch voel je als kijker dat deze film niet meer is als een tussendoortje. Het verhaal over een groep rebellen die de plannen van de Death Star moeten zien te bemachtigen, is mijns inziens totaal niet interessant. In de allereerste Star Wars-film zag je dat de rebellen de plannen in hun bezit hadden, maar is het echt interessant om een film te maken over hoe ze deze plannen uiteindelijk in hun bezit krijgen? Inhoudelijk vond ik Rogue One dan ook niet bijster geslaagd. Hij voelt ook nergens aan als een echte Star Wars-film. Dit begint al aan het begin. Je ziet de bekende openingstekst "A long long time ago in a galaxy far far away", maar vervolgens verschijnen niet de bekende Star Wars openingstitels. Dan is het bij mij al geen Star Wars film meer.Ook de muziek vond ik hier minder aanwezig dan bij de voorgaande Star Wars films. Er was maar één moment waarbij ik echt het Star Wars-gevoel kreeg en dat was toen Darth Vader in actie kwam.
Rogue One is een leuke film voor een keer gezien te hebben, maar bijster memorabel is ze niet.
Rookie, The (1959)
The Rookie is een typische "goofball" komedie rondom het duo Tommy Noonan en Peter Marshall (die hier voor het eerst samen te zien zijn in een film). Deze twee werkten eerder samen als komisch duo in diverse nachtclubs en op tv. In die tijd was het waarschijnlijk nog wel grappig, maar tegenwoordig is dit soort humor behoorlijk gedateerd en waarschijnlijk alleen leuk voor kleine kinderen. Tommy Noonan speelt hier de ietwat sullige soldaat en Peter Marshall is vooral saai als geïrriteerde sergeant. Het beste punt van de film is dan ook de beeldschone Julie Newmar, waarschijnlijk één van de mooiste vrouwen die ooit op deze planeet heeft rondgelopen.
De film had een bescheiden budget van 158.000 dollar, en groeide uit tot een klein succes, waardoor Noonan en Marshall in 1962 hun tweede speelfilm kregen: Swingin’ Along. Deze film werd echter een flop en betekende ook het einde van de samenwerking tussen Noonan en Marshall.
