Meningen
Hier kun je zien welke berichten rcuppen79 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
F9 (2021)
Alternatieve titel: Fast & Furious 9
Negende en waarschijnlijk voorlaatste deel uit de Fast & Furious reeks. Oorspronkelijk zou deel 9 in de lente van 2020 in de bioscopen verschijnen, maar door de Corona-uitbraak waren veel bioscopen gesloten, waardoor de release met een jaar werd uitgesteld naar de zomer van 2021. Het productieproces verliep bovendien uiterst moeizaam, nadat acteur Dwayne Johnson (die het personage Luke Hobbs in de filmreeks vertolkte) openlijk bonje kreeg met sterspeler Vin Diesel. Het had uiteindelijk tot gevolg dat Johnson niet meer te zien zal zijn in de Fast & Furious-reeks, maar wellicht nog wel zal opduiken in spin-off films, zoals Hobbs & Shaw die in 2019 verscheen.
In deze 9e Fast & Furious neemt een andere (voormalig) worstelaar zijn plek in, namelijk John Cena. Deze timmert ook al enkele jaren aan de weg als acteur en is een welkome toevoeging aan de reeks. Van de originaliteit of logica moet deze reeks het al lang niet meer hebben. Het gaat vooral om de actie, waarbij de ene scène nog absurder is dan de ander. Wat dat betreft doet dit 9e deel niet onder voor de laatste 3 delen die hiervoor verschenen. Het verhaal mag geen naam hebben en de speelduur is ook weer veel te lang, maar toch blijft het leuk om naar deze cast te kijken en zijn de vele (exotische) locaties een lust voor het oog.
Nog altijd is de reeks een succes aan de bioscoopkassa’s en ondanks de vele corona-beperkingen voor bioscopen wereldwijd, was Fast & Furious 9 een succes en was ze in 2021 één van de succesvolste Amerikaanse releases die werden uitgebracht.
Fabuleux Destin d'Amélie Poulain, Le (2001)
Alternatieve titel: Amélie
Als liefhebber van de Franse cinema mag het een wonder heten dat ik deze film (die inmiddels al 17 jaar oud is) tot de dag van vandaag nog nooit eerder had gezien.
Gezien de vele goede recensies en het feit dat de film tegenwoordig gezien wordt als een klassieker, waren mijn verwachtingen toch wel hoog gespannen. Leuk om te zien dat Amelie ook aan deze verwachting voldoet en ze zelfs nog weet te overtreffen.
Amelie is vooral een feelgood-movie. Het einde is voorspelbaar, maar de weg ernaar toe is wat deze film zo bijzonder maakt. De karakters, de dialogen en het verhaal zijn allemaal boeiend genoeg om 2 uur lang de aandacht vast te houden. Audrey Tattou is perfect als de ietwat tuttige Amelie, maar ook de rest van de cast maakt indruk. Elk karakter wordt zo goed uitgewerkt, dat zelfs de reparateur van een fotohoekje op het treinstation je bij blijft. En dat is toch wel een verdienste van de schrijvers Guillaume Laurant en Jean-Pierre Jeunet.
En misschien wel het beste punt van de film is toch wel de beeldenpracht. Als ik een top-5 moet samenstellen met films waarin het beste gebruik gemaakt wordt van mise-en-scene, dan staat Amelie erin. Wat een prachtig vormgegeven film. Aan zelfs de kleinste details wordt aandacht geschonken. Hiermee overtreft regisseur Jeunet zichzelf, die eerder ook visueel indrukwekkende films als Delicatessen en Les Cite Des Enfants Perdus regisseerde.
De prachtige beelden van Parijs, het heldere, kleurrijke camerawerk en de aanstekelijke muziek van Yann Tiersen maken van Amelie de leukste film die ik in de afgelopen jaren heb gezien.
Facteur de Saint Tropez, Le (1985)
Le Facteur De Saint Tropez is een Franse komedie geregisseerd en geschreven door Richard Balducci. Deze was in het verleden ook verantwoordelijk voor het scenario van de Franse klassieker Le Gendarme De Saint-Tropez uit 1964. Die film was destijds een groot succes en lanceerde de carrière van Louis de Funès. Deze verwierf in Frankrijk enorme bekendheid met zijn rollen in de diverse ‘Le Gendarme’-films. In 1982 verscheen de laatste film uit die reeks en een jaar later overleed de Funès aan een hartaanval.
Richard Balducci probeert zijn succes van vroeger te herhalen met deze uiterst flauwe komedie, die nergens grappig wordt. Het verhaal stelt werkelijk niets voor en is eerder een verzameling korte sketches. Hoofdrolspeler Paul Préboist is maar een vervelend mannetje en eigenlijk hoop je dat hij z’n zin niet krijgt. Henri Génès als de dikke sergeant is de enige die af en toe nog een glimlach op m’n gezicht wist te toveren. De rest van de cast is vooral onopvallend. De verhaallijn rondom de jeugd gaat werkelijk waar nergens over en leidt ook nergens naartoe. Acteur Michel Galabru en actrice France Rumilly hebben allebei een bijrol in deze film en zijn ook bekend van de Gendarme-films.
Fair Game (1986)
Fair Game is een Australische thriller van Mario Andreacchio, die hiermee als regisseur zijn filmdebuut maakt. Daarvoor regisseerde hij vooral korte films en korte documentaires.
Het camerawerk is van Andrew Lesnie, die later vooral bekend zou worden vanwege zijn camerawerk voor de Lord Of The Rings-trilogie. Ook hier laat hij al zijn talenten zien, want buiten de mooie plaatjes heeft Fair Game niet zo heel veel te bieden. Het plot is vaak onlogisch en ook het acteerwerk is niet om naar huis te schrijven.
Actrice Delaney is een mooie verschijning en de film bevat enkele mooi in beeld gebrachte stunts. Ondanks de vaak erg aanwezige muziek, weet Fair Game nergens echt spannend te worden. Visueel ziet het er allemaal prima uit, met de mooie natuur van Australië als decor. Inhoudelijk is het vooral een 13-in-1-dozijn filmpje, die je ook weer zo vergeten bent.
FairyTale: A True Story (1997)
Ik had deze ooit gezien toen die eind jaren '90 uitkwam. Destijds maakte de film veel indruk op mij, dankzij de leuke cast en het mooie sprookjesverhaal. Daarna heb ik FairyTale: A True Story ruim 25 jaar niet meer gezien, maar vorig jaar zag ik dat de film in Duitsland op Blu-ray is verschenen onder de Duitse titel: Fremde Wesen: Zauber Der Elfen.
De film heb ik toen meteen aangeschaft en eindelijk weer eens herzien. Een herziening na zoveel jaren kan de mooie herinneringen breken of juist versterken. Bij Fairytale is het geen van beiden. De kijkervaring van 25 jaar geleden werd niet evenaart, maar toch blijft het een vermakelijk filmpje, wat verder ook weinig pretenties heeft.
Het verhaal wordt mooi gebracht, maar is verder niet heel bijzonder. Hoewel de cast en locatie op-en-top Brits zijn (met uitzondering van Harvey Keitel), voelt de aanpak weer erg Amerikaans aan. Met name het toewerken naar een 'happy end' is helaas iets te geforceerd.
Maar de cast maakt veel goed met topacteurs als Peter O'Toole en Harvey Keitel en leuke bijrollen van acteurs als Tim McInnerny, Bill Nighy, Phoebe Nicholls, Paul McGann en Bob Peck. De twee jonge hoofdrolspeelster spelen erg natuurlijk en kunnen samen de film moeiteloos dragen. Aan het einde zien we Mel Gibson nog even opdraven in een klein rolletje (zijn productiemaatschappij Icon Productions was verantwoordelijk voor de productie van deze film).
Fall of the Roman Empire, The (1964)
Alternatieve titel: De Val van het Romeinse Rijk
The Fall Of The Roman Empire is niet een film over de daadwerkelijke val van het Romeinse tijdperk, maar meer hoe dit verval oorspronkelijk in gang werd gezet.
De film draait om de dood van Marcus Aurelius, een Romeinse Keizer die regeerde van 161 tot 180 na Chr. Onder zijn bewind was het relatief rustig binnen het Romeinse rijk en heerste er over het algemeen vrede. Na zijn dood werd hij opgevolgd door zijn zoon Commodus, die meermaals overhoop lag met de Romeinse Senaat en bij wie de macht ook naar zijn hoofd steeg. Hij hernoemde de stad Rome naar zichzelf (Colonia Lucia Annia Commodiana) en zelfs de Romeinse kalendermaanden werden hernoemd naar de 12 geboortenamen van Commodus. Zijn megalomane gedrag was een doorn in het oog van de Romeinse Senaat en uiteindelijk werd Commodus dan ook vermoord door zijn persoonlijke trainer Narcissus.
De geschiedenis van Marcus Aurelius en Commodus werd ook verfilmd in de Oscarwinnaar Gladiator en net als deze film neemt The Fall Of The Roman Empire het niet zo nauw met historische accuraatheid. Het personage van Livius (gespeeld door Stephen Boyd) is volledig fictief en ook zijn romance met Lucilla, de dochter van Marcus Aurelius is volledig uit de duim gezogen. Als geschiedenisles is The Fall Of The Roman Empire niet al te geslaagd, maar dat deert de film verder niet. Wat de film wel de das om doet is het relatief oninteressante script, wat helaas de aandacht niet voor de volle 3 uur weet vast te houden. De massa-scènes en gevechten zijn echter prachtig in beeld gebracht en ook de kostuums en aankleding zijn weer een lust voor het oog. Met een budget van tussen de 16 en 20 miljoen dollar was The Fall Of The Roman Empire dan ook een peperdure productie, die destijds helaas ook de boeken inging als één van de kostbaarste flops uit de filmgeschiedenis. Het zorgde ervoor dat het populaire ‘zwaard-en-sandalen’ genre een stille dood stierf.
The Fall Of The Roman Empire is dan ook bijlange na niet de beste in zijn genre. Daarvoor is het script te onevenwichtig en de karakters te saai. Stephen Boyd is vrij kleurloos als de Romeinse generaal en ook de Italiaanse superster Sophia Loren (die ruim een miljoen dollar ontving voor haar bijrol) weet niet te overtuigen. Alec Guinness en James Mason spelen degelijke rollen als Marcus Aurelius en zijn raadgever Timonides. Het is echter Christopher Plummer die de show steelt als de op macht beluste Commodus.
Wellicht vanwege de slechte resultaten aan de bioscoopkassa’s werd The Fall Of The Roman Empire volledig genegeerd bij de Oscar-uitreikingen en kreeg ze slechts één nominatie voor de muzikale score van Dimitri Tiomkin. De sterke punten van de film, zoals de decors, kostuums en camerawerk werden hierbij over het hoofd gezien.
The Fall Of The Roman Empire is zeker geen hoogvlieger binnen het genre, maar ziet er niettemin prachtig uit
Fantasia (1940)
Alternatieve titel: Walt Disney's Fantasia
Fantasia mag gezien worden als het grootste experiment van Walt Disney na de film Snow White. Een ambitieus project waarbij klassieke muziek en animatie met elkaar versmolten worden. Het resultaat is echter een film die voor de helft kunst met een hoofdletter K is, en voor de andere helft kitsch met een hoofdletter K. Met een speelduur van 2 uur is de film ook veel te lang en na vijf muziekstukken heb je het eigenlijk allemaal wel gezien.
De muziekstukken zijn onderverdeeld in drie categorieën: muziek dat een duidelijk verhaal vertelt, muziek dat geen duidelijk verhaal heeft maar toch met bepaalde beelden tot leven komt en dan is er nog de muziek die alleen bestaat omwille van de muziek zelf. Het is met name die eerste categorie die de hoogtepunten uit Fantasia vormen. The Sorcerer’s Apprentice, Le Sacre du Printemps en Night of the Bald Mountain zijn sterke staaltjes van animatie en ook het komische The Pastorale is erg vermakelijk. De overige muziekstukken zijn ofwel behoorlijk kitscherig, danwel saai en langdradig.
Op animatiegebied is Fantasia wellicht het beste wat Disney ooit heeft uitgebracht. Zelfs het niveau van Pinocchio wordt moeiteloos overtroffen. Fantasia is op dat punt dan ook baanbrekend. Ook het geluid werd speciaal voor de film ontwikkeld en omgedoopt tot Fantasound.
Een ambitieuze film, maar hij had wat mij betreft best 40 of 50 minuten korter gemogen.
Fantastic Beasts and Where to Find Them (2016)
Fantastic Beasts And Where To Find Them is een spin-off van de filmreeks rondom tovenaarsleerling Harry Potter. Die filmreeks is één van de meest lucratieve uit de geschiedenis en Warner Bros wilde maar al te graag dat deze wereld verder werd uitgebreid met een mogelijk nieuwe filmreeks. Schrijfster J.K.K. Rowling schreef in 2001 het boek “Fantastic Beasts And Where To Find Them” wat een soort encyclopedie was voor alle fabeldieren die leven in de wereld van magie. Speciaal voor het witte doek maakte Rowling haar debuut als scenarioschrijver voor deze film.
Het mag geen geheim wezen dat het verhaal rondom de jonge tovenaar Newt Scamander bijlange na niet zo interessant is als het verhaal rondom Harry Potter. Meermaals krijg je een deja-vu naar de trilogie The Hobbit, die eenzelfde euvel kende. Het ziet er allemaal prachtig uit met mooie decors, kostuums en trucages, maar het verhaal zelf is middelmatig en bovendien aan de lange kant. Eddie Redmayne is een beetje een vreemde vogel in deze film en als kijker kun je jezelf maar weinig met deze kwibus identificeren. Leuker is de rol van Colin Farrell als de slechterik Percival Graves.
Ondanks dat Fantastic Beasts And Where To Find Them niet veel meer is dan een slap aftreksel van de Harry Potter-reeks, werd de film een succes in de bioscopen met een wereldwijde opbrengst van 814 miljoen dollar (tegenover een budget van 180 miljoen dollar). Hiermee dacht Warner Bros haar beoogde succesreeks te pakken te hebben. Helaas waren de twee vervolgen beduidend minder succesvol en is het nog maar de vraag of er een 4e film komt (het oorspronkelijke idee was om de serie te verspreiden over 5 films).
Dit eerste deel haalt het niet bij de Harry Potter-reeks, maar voor de fans is ze nog best te genieten. De sfeer is goed en visueel is er niets op de film aan te merken.
Fantastic Beasts: The Crimes of Grindelwald (2018)
Alternatieve titel: Fantastic Beasts and Where to Find Them 2
Vervolg op Fantastic Beasts And Where To Find Them uit 2016. Deze spin-off van de populaire Harry Potter-reeks was een daverend succes in de bioscopen en zou de start worden van een nieuwe reeks rondom de tovenaar Newt Scamander. The Crimes Of Grindelwald is dan ook een middenstuk en zo voelt het helaas ook aan.
Grindelwald is een leger aan het vormen en één van zijn belangrijkste pionnen is het buitenbeentje Credence (gespeeld door Ezra Miller) die ook in de eerste film te zien was. Veel meer heeft deze film niet te vertellen, waardoor de speelduur van 134 minuten een behoorlijk lange zit worden. Andermaal is duidelijk dat de wereld van Newt Scamander niet de magie bevat van de wereld van Harry Potter. De leukste karakters blijven de personages die ook in Harry Potter voorkwamen. Jude Law speelt een leuke rol als een jonge Albus Dumbledore, maar zijn rol is te kort om echt te imponeren. Datzelfde euvel heeft Johnny Depp, die gewoonweg te weinig te doen krijgt.
Het geheel voelt aan als een opstap voor deel 3, maar dat moet toch niet de bedoeling zijn. De nieuwe personages zijn eerder irritant dan vermakelijk. Gelukkig ziet de film er wel weer prima uit, met mooie decors, kostuums en prima trucages. Met een opbrengst van krap 650 miljoen dollar was The Crimes Of Grindelwald een stuk minder succesvol dan zijn voorganger.
Fantastic Beasts: The Secrets of Dumbledore (2022)
Fantastic Beasts: The Secrets Of Dumbledore is het 3e deel uit de Fantastic Beasts-franchise. Het productieproces van deze film kende diverse tegenslagen, zoals de uitbraak van de Corona-pandemie en het ontslag van Johnny Depp. Mede hierdoor verscheen dit derde deel pas in 2022 in de bioscopen, bijna vier jaar na het 2e deel.
En helaas is het derde deel het wachten niet waard geweest. Andermaal laat deze spin-off van de Harry Potter-reeks zien dat er geen duidelijk verhaal zit in deze reeks. Het kabbelt maar langzaam voort en eigenlijk gebeurt er maar bitter weinig in dit 3e deel. Het ziet er allemaal weer gelikt uit, maar het mist een hart. Fantastic Beasts kan gewoonweg niet in de schaduw staan van Harry Potter. Het is vermakelijke, doch vrij zielloze fantasy van de hand van regisseur David Yates, die wederom laat zien geen al te beste verhalenverteller te zijn. De cast weet ook niet te imponeren. Mads Mikkelsen kreeg de ondankbare taak om Johnny Depp te vervangen en doet dat niet onaardig. Zijn karakter krijgt echter maar weinig diepgang en mist de dreiging van een Voldemort. Het karakter Newt Scamander (gespeeld door Eddie Redmayne) blijft maar een vreemde snuiter waarvoor ik weinig sympathie kan opwekken. Redmayne acteert hierin ook veel te overdreven en maakt zich derhalve schuldig aan ‘over-acting’. Jude Law als een jonge Dumbledore is nog wel aardig en ook Dan Fogler als de menselijke Jacob Kowalski valt in positieve zin op. De rest van de cast is vrij anoniem.
Terwijl Harry Potter destijds een waar fenomeen was aan de bioscoop-kassa’s, weet Fantastic Beasts nauwelijks potten te breken. Daar waar deel 1 nog 814 miljoen dollar wist op te brengen, deed deel 2 het al een stuk minder met een opbrengst van 655 miljoen dollar. Met een opbrengst van 405 miljoen dollar weet The Secrets Of Dumbledore niet eens in de buurt te komen van zijn voorgangers. Het toont aan dat het publiek wel een beetje is uitgekeken op de avonturen van Newt Scamander. Het oorspronkelijke idee was om een reeks van 5 films te maken, maar na het teleurstellende succes van deel 3 is het maar de vraag of die laatste 2 films er überhaupt van komen.
De reeks kan ook wel wat fris bloed gebruiken, want met 4 Harry Potter-films en 3 Fantastic Beasts-films is de houdbaarheidsdatum van regisseur David Yates allang verstreken.
Fascination (1979)
De Franse regisseur Jean Rollin maakte begin jaren 70 furore met zijn vampierenfilms. Niet zozeer bij een groot publiek, maar binnen het B-genre heeft Rollin een grote groep schare fans weten te verzamelen. Gedurende zijn hele carrière had Rollin echter veel moeite met het vinden van financiers voor zijn films. Vanaf midden jaren ’70 maakte hij daarom onder meerdere pseudoniemen (zoals Michel Gentil en Robert Xavier) een overstap naar de porno-industrie en maakte hij diverse pornofilms. Het geld wat hij hiermee verdiende gebruikte hij deels om de financiering van zijn horrorfilms rond te krijgen. Tijdens zijn uitstapje naar de porno-wereld leerde hij ook porno-actrice Brigitte Lahaie kennen, met wie hij later meerdere films zou maken. Fascination is hun 3e samenwerking en de eerste mainstream film waarin Lahaie één van de hoofdrollen speelt.
De film is lichtjes gebaseerd op het korte verhaal ‘La Verre De Sang’ van de Franse dichter Jean Lorrain. Het fenomeen waarin mensen uit rijkere milieus dierenbloed dronken als vermeend geneesmiddel tegen bloedarmoede, is op waargebeurde feiten gebaseerd. Net als in zijn meeste films, besteedt Rollin veel aandacht aan het uiterlijk van de film en heeft hij veel minder interesse in een goed doordacht plot of goed acteerwerk. Daarop is Fascination geen uitzondering. Visueel ziet het er allemaal weer erg mooi uit, met een afgelegen landhuis als decor. Ook het kleurgebruik in de film is weer erg fraai. Inhoudelijk is het echter erg magertjes. Het plot springt van de hak op de tak en sommige scènes voegen werkelijk niets toe, maar dat is ook wel weer de charme van Rollin’s werk.
Fascination is niet het beste werk van Rollin, maar misschien wel z’n meest bekende. En dat terwijl de film in eerste instantie een grote flop was vanwege een dispuut tussen de distributiemaatschappij en diverse bioscoopexploitanten. Hierdoor werd Fascination nauwelijks in de Franse bioscopen vertoond. In de jaren ’80 werd de film echter dankzij de videomarkt een culthit in zowel de VS als het Verenigd Koninkrijk.
Vanaf 2023 brengt het Britse Powerhousefilms onder haar label Indicator de films van Jean Rollin uit op 4K Bluray. De films zijn op een fantastische wijze gerestaureerd en zijn een waar verzamelobject voor filmverzamelaars. Fascination is ook weer een prachtige uitgave met diverse extra's en een interessant boekwerkje over de film zelf.
Fast & Furious (2009)
Alternatieve titel: Fast and Furious
Na het geflopte deel 3 mocht Justin Lin het opnieuw proberen, maar ditmaal met de originele cast van de eerste film.
Helaas is het resultaat wederom een middelmatige actiefilm, waarbij de actie teniet wordt gedaan door weinig overtuigende CGI-effecten.
Fast & Furious Presents: Hobbs & Shaw (2019)
Alternatieve titel: Hobbs and Shaw
Na 8 Fast & Furious films krijgen we met Hobbs & Shaw een spin-off voorgeschoteld. Speciaal agent Luke Hobbs maakte in Fast & Furious 5 zijn opwachting en Deckard Shaw in Fast & Furious 7.
Fast & Furious is door de jaren heen al uitgegroeid tot een ééndimensionale actiereeks met actie die zo over-the-top is dat het haast niet meer serieus te nemen is. Als je je hieraan stoort, dan is Hobbs & Shaw niks voor jou, want deze film doet daar nog een schepje bovenop: een schurk met bovenmenselijke krachten, auto's die tegen muren kunnen oprijden, The Rock die met één arm een complete helikopter in bedwang houdt!
Actie die je dus met een behoorlijke korrel zout moet nemen. Gelukkig nemen de makers en de acteurs het ook allemaal niet zo serieus. Regisseur David Leitch maakte met Deadpool 2 al een actiefilm boordevol humor en ook Hobbs & Shaw is doorspekt met humor. Deadpool-acteur Ryan Reynolds komt ook even opdraven om zijn rol van Deadpool nog eens dunnetjes over te doen. Acteurs als Dwayne Johnson en Jason Statham hebben genoeg starpower om een film als deze te dragen. De wisselwerking tussen beide kemphanen was al bijzonder geslaagd in de laatste Fast & Furious film, en dat is hier gelukkig niet anders.
Het verhaal doet er niet toe en de film is met 134 minuten helaas ook weer veel te lang (een euvel wat veel actiefilms tegenwoordig hebben). Niet dat de film verveeld, want het wordt allemaal snel gemonteerd, waardoor je als kijker nauwelijks tijd krijgt om te ademen tussen de actiescènes door. Hobbs & Shaw is geen hoogstaande actiefilm, maar wel leuk voor een keer gezien te hebben.
Mocht de film een succes worden, dan zal er ongetwijfeld een vervolg volgen, aangezien er nog een aantal verhaallijnen bewust niet afgerond worden.
Liefhebbers van Game of Thrones die het laatste seizoen nog niet hebben afgekeken, kunnen beter weglopen zodra de aftiteling begint, want acteur Ryan Reynolds geeft een behoorlijke spoiler weg over de afloop van deze serie.
Fast and the Furious, The (2001)
Vermakelijke racefilm met een goede soundtrack en een snelle regie van regisseur Rob Cohen (Daylight, Dragonheart, XXX).
Vin Diesel steelt de show als de stoere straatracer en zet hierbij zijn tegenspeler, de ietwat saaie Paul Walker, volledig in de schaduw. Ook Michelle Rodriguez valt op als de stoere Letty. Het verhaal stelt geen mieter voor en is rechtstreeks gejat van de film Point Break met Patrick Swayze en Keanu Reeves.
Niettemin is The Fast and the Furious gewoon een leuke film voor zolang hij duurt en waarbij je gewoon niet al te veel moet nadenken.
Fast and the Furious: Tokyo Drift, The (2006)
Regisseur Justin Lin nam het roer over voor deze derde film, waarin geen van de castleden uit de voorgaande films terug is te zien. Vin Diesel maakt even kort zijn opwachting, maar zijn optreden is te kort om echt indruk te maken.
Dit lijkt eerder op een vervolg dat lijkt te zijn gemaakt voor de videomarkt, maar met een budget van 85 miljoen dollar was dit ongetwijfeld niet de bedoeling.
Het verhaal stelt weinig voor en is vanaf het begin voorspelbaar. De makers maken veel gebruik van CGI-effecten, waardoor sommige auto-achtervolgingen er nep uit zien. Dat is jammer, want er zijn ook scènes geschoten die gewoon met stuntmannen zijn opgenomen, en in dit soort scènes laat Justin Lin zien een bekwaam actieregisseur te zijn.
Verder is dit derde deel veruit het minste deel uit de reeks. Het helpt ook niet dat hoofdrolspeler Lucas Black totaal niet overtuigd als volleerd straatracer en bijlange na niet in de voetsporen kan treden van Vin Diesel.
Fast Five (2011)
Alternatieve titel: The Fast and the Furious 5
Na het teleurstellende vierde deel, pakten de makers groots uit met deze vijfde film. Vin Diesel en Paul Walker keren terug in hun vertrouwde rollen, maar daarnaast zien we ook Tyrese Gibson uit 2 Fast 2 Furious en Sung Kang The Fast and the Furious: Tokyo Drift terug. Dit team wordt aangevuld met voormalig worstelaar Dwayne Johnson die de rol van FBI-agent Hobbs vertolkt. De film is een stuk vermakelijker dan de laatste twee Fast and the Furious films en de makers hebben gelukkig de belabberde CGI-effecten uit deel 4 weggelaten en weer alles met ouderwets stuntwerk opgenomen.
Het verhaal is wederom behoorlijk over-the-top en de climax hinkt tegen het belachelijke aan, maar toch is de film ruim twee uur topvermaak en is het na het eerste deel de beste uit de reeks. Dit is voor een groot deel te danken aan de aanwezigheid van Dwayne Johnson en zijn natuurlijke wisselwerking met Vin Diesel. Het één-op-één gevecht tussen beide spierbundels is het hoogtepunt uit de film. Het verhaal en de karakters zijn ondergeschikt aan de actie, maar die is tot in de puntjes verzorgd.
Faster (2010)
Faster is een zogenaamde wraakfilm in de lijn van Death Wish. Al weet ze dat niveau nergens te behalen. Daarvoor is het verhaal gewoonweg niet interessant genoeg en het tempo te laag. De film deed het dan ook nauwelijks goed in de bioscopen en werd lauw ontvangen door de pers.
Voormalig worstelaar Dwayne Johnson keerde na zes jaar weer terug naar het actiegenre, nadat hij hiervoor voornamelijk in komedies of familiefilms gespeeld had. Voor zijn rol als Driver ging hij ook weer terug naar de sportschool en kweekte hij wederom de nodige spieren. Ondanks zijn beperkte monologen doet hij het vrij aardig in deze film. Hij krijgt goed tegenspel van Billy Bob Thornton als uitgeleefde en aan de drugs verslaafde agent.
Hoewel het allemaal een beetje clichéfiguren zijn, blijkt het toch nog verassend te werken. De enige die een beetje uit de toon valt is de Britse Oliver Jackson-Cohen die een rijke yuppie speelt met een eigenaardige hobby, namelijk die van huurmoordenaar.
Faster is geen al te opzienbarende actiefilm, maar is toch nog onderhoudend genoeg voor anderhalf uur vermaak.
Fate of the Furious, The (2017)
Alternatieve titel: Fast & Furious 8
Achtste deel uit de Fast & Furious reeks. Na de dood van hoofdrolspeler Paul Walker, leek het er even op dat het zevende deel tevens het laatste zou zijn, maar toen deel 7 wereldwijd maar liefst 1,5 miljard dollar in het laatje bracht, werden die plannen natuurlijk al snel gewijzigd. Op dit moment is het plan om de filmreeks uit te breiden tot 10 films, maar zolang de reeks dergelijke sommen geld binnenhaalt, zal hier uiteindelijk ook weer vanaf geweken worden. En dat de Fast & Furious reeks immens populair is, blijkt wel uit het wereldwijde openingsweekend van 532 miljoen dollar, waarmee het record van Star Wars: The Force Awakens uit 2015 werd verbroken. Met name in Azië is de reeks ongekend populair en is Fast & Furious al bij lange na niet meer afhankelijk van het succes in thuisland de VS.
De succesformule van de voorgaande films wordt ook hier weer gehanteerd. Vele gelikte actiescènes, een aantal spectaculaire auto-achtervolgingen en een hoop spierbundels. In wezen begint Fast & Furious steeds meer te lijken op The Expendables. Zeker na de toevoeging van Jason Statham, die hier is toegevoegd aan de ‘good guys’. Samen met Dwayne Johnson steelt hij hier de show en zetten ze de ietwat saaie Vin Diesel in de schaduw. Het verhaal doet er wederom nauwelijks toe. De film kent genoeg amusante momenten om de vele fans te bekoren. Het is geen hoogstaande filmkunst, maar wel op en top popcornvermaak!
Feast of Love (2007)
Feast Of Love is een romantische komedie van regisseur Robert Benton, die ooit een Oscar won voor zijn dramafilm Kramer Vs. Kramer. Die film kende echter een beladen thema over een strijd tussen twee gescheiden ouders die de voogdij van hun zoontje probeerden te krijgen.
Feast Of Love is een stuk luchtiger. De film is gebaseerd op het gelijknamige boek uit 2000, van schrijver Charles Baxter. Ondanks enkele bekende namen, werd de film een grote flop in de bioscopen. Het is dan ook onduidelijk wat Robert Benton met Feast Of Love probeert te vertellen. De film bestaat uit diverse korte verhalen, die allen met elkaar worden verbonden, dankzij Morgan Freeman. De acteurs doen het niet onaardig, maar kunnen niet voorkomen dat het script saai is. Zelfs met een speelduur van krap anderhalf uur, verveelt de film al snel.
Femme Publique, La (1984)
Alternatieve titel: The Public Woman
La Femme Publique is de 3e Franstalige film van de Poolse regisseur Andrzej Zulawski.
Zulawski stond erom bekend om jonge actrices te (her)ontdekken en ze op acteergebied volwassen te maken. In 1984 deed hij hetzelfde met de jonge Valérie Kaprisky. Zij speelde een jaar hiervoor nog in de Amerikaanse film Breathless tegenover Richard Gere en was derhalve al een bekende actrice in haar thuisland Frankrijk. In La Femme Publique speelt ze misschien wel de beste rol uit haar carrière en werd ze genomineerd voor een César.
Dat Valérie Kaprisky niet veel moeite heeft met bloot, liet ze al eerdere films zien. In La Femme Publique doet ze hier nog wel een schep bovenop, want het merendeel van de film loopt ze naakt rond. Vrouwelijk bloot is toch wel een handelsmerk van Zulawski, of het nou functioneel is of niet. En aangezien Kaprisky een nagenoeg perfect figuur heeft, hoor je mij als man hierover niet klagen.
Expressionisme en bombastisch acteerwerk is een ander handelsmerk van Zulwaski. De personages in zijn films zijn zelden normaal en dat is hier niet anders. Elk personage is wel emotioneel onstabiel. Net als de regisseur in de film zelf, vraagt Zulawski veel van zijn acteurs, maar hij haalt er ook wel het beste uit. Hij wordt dan ook vaak geroemd door zijn acteurs. Valérie Kaprisky gaf zelfs in interviews aan dat ze voor Zulawski letterlijk zou sterven als hij haar dat had gevraagd. Het toont maar aan hoe ver acteurs voor hem willen gaan.
Het verhaal over de jonge actrice Ethel, die volledig uitgebuit wordt door de dominante regisseur Lucas Kesling is een interessant gegeven. Het warrige subplot over de moord op een Baltische bisschop is helaas minder interessant. Niettemin is La Femme Publique zeker het aanzien waard, mede dankzij het uitstekende acteerwerk. Al is dit soort acteerwerk, zoals ik bij bovenstaande recensies kan lezen, niet aan iedereen besteed.
FernGully: The Last Rainforest (1992)
Alternatieve titel: Ferngully, Het Laatste Regenwoud
Ferngully: The Last Rainforest is gebaseerd op het gelijknamige boek van Diana Young. Dit boek werd overigens pas in hetzelfde jaar uitgebracht als de film. Diana Young was de vrouw van producer Wayne Young, die samen jarenlang geprobeerd hebben om de animatiefilm van de grond te krijgen. Pas dankzij het succes van de Disneyfilm The Little Mermaid, was er weer voldoende vraag vanuit filmstudio’s om grootschalige animatiefilms te produceren.
Met een budget van 24 miljoen dollar was Ferngully bepaald geen goedkope productie. Voor de animatie werd o.a. de animatiestudio van Bill Kroyer (die de film ook regisseerde) aangetrokken. Kroyer Films was een pionier op het gebied van het mixen van traditionele, met de hand getekende animatie en computeranimatie. Ook de computer wordt dan ook veelvuldig gebruikt in Ferngully. Omdat computeranimatie in die tijd nog altijd in zijn kinderschoenen stond, is veel animatie in Ferngully behoorlijk leeg en ontbeert de film een gebrek aan detail. De animatie van het regenwoud ziet er wel prima uit en ook de karakters zijn goed geanimeerd. Al lijken een aantal personages zo te zijn weggevlogen uit de film Peter Pan. Met name de schaars geklede Christa had zo een nichtje kunnen zijn van Tinkerbell.
Een groot deel van Ferngully is opgevuld met muzikale nummers, die helaas het tempo uit de film halen en ook muzikaal gezien niet bepaald bijzonder zijn. De stemmencast is prima in orde en Robin Williams vertolkt hier zijn eerste animatierol, net voordat hij later dat jaar furore zou maken met zijn onnavolgbare vertolking van de Geest in Aladdin. Ook de stem van Tim Curry is altijd een genot om naar te luisteren, en het is opmerkelijk dat hij nooit is gevraagd voor een grote Disney-film. Wel is zijn stem te horen in tv-series als Darkwing Duck en het videovervolg Beauty And The Beast: The Enchanted Christmas.
Aan kwaliteit achter en voor de camera ontbeerde het Ferngully niet. Helaas is het simpele plotje vrij voorspelbaar, maar zelfs op de dag van vandaag nog altijd erg actueel. De film was een bescheiden succes in de bioscopen en deed het beter op home media, waardoor de film uiteindelijk toch een succes werd voor filmstudio 20th Century Fox. In 1998 kreeg de film een vervolg, genaamd Ferngully 2: The Magical Rescue, welke helaas was bedoeld voor de videomarkt en zich dan ook op geen enkel punt kan meten met het origineel.
Ferris Bueller's Day Off (1986)
Alternatieve titel: Ferris Bueller's Baaldag
Regisseur John Hughes staat bekend als de koning van de ‘highschool’ tienerfilms. In de jaren ’80 maakte hij klassiekers als Pretty In Pink, The Breakfast Club, Sixteen Candles, Weird Science en natuurlijk Ferris Bueller’s Day Off.
Waar The Breakfast Club het vooral moest hebben van de jonge, getalenteerde cast en de uitstekende dialogen, moet Ferris Bueller’s Day Off het hebben van de humor, het uitstekende script en wederom prima dialogen. Dat het merendeel van de acteurs feitelijk veel te oud zijn om nog als ‘highschool’ student te overtuigen, deert de film weinig. Matthew Broderick is op dreef als titelfiguur Ferris Bueller en krijgt leuk bijspel van Alan Ruck als zijn maatje Cameron Frye. Mia Sara krijgt helaas weinig te doen, behalve mooi zijn. In de bijrollen vallen verder Jeffrey Jones als schoolrector Ed Rooney en Jennifer Grey als het zusje van Ferris Bueller op.
Tegenwoordig wordt Ferris Bueller’s Day Off gezien als een onvervalste jaren 80 klassieker, die de carrière van Matthew Broderick lanceerde. Met een opbrengst van 70 miljoen dollar was ze tevens een commerciële hit. Een vervolg is er (gelukkig) nooit gekomen, maar in 1990 verscheen er wel een geflopte tv-serie, waar echter niemand van de originele cast & crew aan meewerkte.
Fille de d'Artagnan, La (1994)
La Fille de D’Artagnan is een onderhoudende (zij het wat lange) en ouderwetse mantel-en-degen-film.
Een degelijke Franse productie met fraaie decors en kostuums en prachtig camerawerk van Patrick Blossier. Geregisseerd door de gerenommeerde Franse regisseur Bertrand Tavernier. Met fraaie rollen van Sophie Marceau en Philippe Noiret. Het verhaal is wat mager, maar niettemin onderhoudend en wordt met veel humor verteld.
Finding Dory (2016)
Finding Dory is het langverwachte vervolg op Finding Nemo uit 2003. Met die film scoorde Pixar destijds z’n grootste hit en nam ze het stokje over van Disney als meest succesvolle animatiestudio. Een vervolg werd al snel aangekondigd, maar het duurde nog 13 jaar voordat dit er uiteindelijk kwam. Een beetje mosterd na de maaltijd, maar toch werd Finding Dory één van de meest succesvolle animatiefilms uit de geschiedenis. Met een opbrengst van 486 miljoen dollar groeide ze destijds zelfs uit tot de meest succesvolle film in de Amerikaanse geschiedenis (inflatie niet meegerekend).
Dat een succesvolle film niet altijd een garantie is voor een goede film bewijst Finding Dory andermaal, want als vervolg heeft deze film weinig nieuws te bieden ten opzichte van Finding Nemo. In die film stal Dory als bijfiguur de show, maar als hoofdfiguur valt ze door de mand. De grappen over haar geheugenverlies worden al snel behoorlijk eentonig. Het merendeel van de film voelt aan als een herhalingsoefening en helaas hebben we het allemaal al eens eerder en beter gezien in Finding Nemo. Het verhaal is weinig interessant en ook op animatiegebied springt ze er niet tussenuit. Dit alles maakt van Finding Dory een teleurstellend vervolg.
Finding Nemo (2003)
Alternatieve titel: Op Zoek naar Nemo
5e avondvullende animatiefilm van Pixar, waarbij de lat op het gebied van animatie steeds hoger wordt gelegd. De stappen die zijn gemaakt tussen Toy Story uit 1995 en Finding Nemo uit 2003 zijn indrukwekkend. Waren de decors bij Toy Story nog aan de lege kant, bij Finding Nemo is de oceaan in al zijn pracht en praal op voortreffelijke wijze geanimeerd. Hierbij vergeet je voor gemakshalve maar dat het scenario niet veel voorstelt. De humor is van een hoog niveau en met name de Blauwe Vis Dory steelt de show.
Fire and Ice (1983)
Alternatieve titel: Vuur en IJs
Heerlijke fantasy-film in de stijl van Conan the Barbarian, maar dan geanimeerd. Geregisseerd door Ralph Bakshi die net als bij z’n vorige films Wizards en The Lord of the Rings gebruik maakt van Rotoscoping, waarbij de scènes eerst worden opgenomen met echte acteurs en vervolgens worden overgetekend. Bij Fire and Ice pakt dit bijzonder goed uit. De animatie is voortreffelijk en de achtergronden van James Gurney en Thomas Kinkade zijn duidelijk geïnspireerd door de legendarische fantasy-tekenaar Frank Frazetta, die als producent tevens bij de film betrokken was.
Voor het vrij magere budget van 1,2 miljoen dollar ziet de film er verbluffend goed uit. De actiescènes zijn vakkundig in beeld gebracht en worden ondersteund door de mooie muziek van William Kraft.
Het verhaal is wat aan de magere kant en ook de personages kennen weinig diepgang. In het oorspronkelijke script werd onthult dat Darkwolf de vader was van Nekron. Dit is helaas niet in de film verwerkt, wat wel jammer is, want dat zou het eindgevecht tussen beiden iets meer gewicht geven..
De film is in eerste instantie geflopt in de bioscopen, maar net als vele fantasy-films uit de jaren 80 is ze tegenwoordig uitgegroeid tot een cultklassieker.
First Blood (1982)
Alternatieve titel: Rambo: First Blood
Rambo en Rocky zijn toch wel de twee meest iconische rollen van Sylvester Stallone.
De film First Blood is gebaseerd op het gelijknamige boek van David Morrell uit 1972. Helaas is de politieke lading uit dat boek volledig achterwege gelaten in deze film. Hier is John Rambo het slachtoffer die aan het einde wordt gered door z’n voormalige commandant. In het boek wordt Rambo door diezelfde commandant aan het einde doodgeschoten. In zowel Rocky als Rambo speelde Sylvester Stallone de underdog, maar waar hij in Rocky de Amerikaanse droom verfilmde, laat hij met Rambo de keerzijde zien. Jonge mannen die voor hun vaderland vochten in Vietnam, werden bij thuiskomst veelal bekritiseerd door de bevolking. Met dit laatste gegeven doet First Blood echter te weinig. Ze concentreert zich meer op de actie dan op de politieke lading.
Inhoudelijk is First Blood dan ook niet heel erg bijzonder, maar een actiefilm kijk ik meestal ook voor de actie zelf en daar is bij First Blood niets mis mee. De actiescènes in het bos zijn onvergetelijk en maken van First Blood één van de betere films uit z’n genre.
First Knight (1995)
Vrije bewerking van het beroemde Koning Arthur-verhaal. De fantasy elementen zijn echter uit het verhaal geschrapt. Dus geen Merlijn de Tovenaar of een magisch zwaard genaamd Excalibur. De film concentreert zich op de driehoeksverhouding tussen Lancelot, Guinevere en Arthur. Het verhaal is niet heel bijzonder, maar wordt vlot verteld. Richard Gere kreeg veel kritiek vanwege zijn Amerikaanse accent, maar z’n natuurlijke charme werkt verrassend goed voor een film als deze. Hij wordt echter van het doek gespeeld door Sean Connery die een voortreffelijke Koning Arthur neerzet.
Al met al een geslaagde avonturenfilm in de stijl van films als Robin Hood: Prince of Thieves.
Fish Called Wanda, A (1988)
Eén van de meest grappige komedies die ik ooit heb gezien.
Dit is met name te danken aan het uitstekende script alsmede de uitstekende cast. Kevin Kline steelt de show als de oliedomme dief Otto, maar de grappigste scènes in de film zijn toch wel die van dierenvriend Ken (gespeeld door Palin) die een oud vrouwtje om moet leggen. Dit oude vrouwtje heeft 3 hondjes en bij elke mislukte aanslag legt één van de 3 hondjes het loodje. Dit tot groot verdriet van Ken zelf.
Hilariteit ten top. De film werd een internationaal succes en is inmiddels een klassieker binnen z'n genre.
Flesh+Blood (1985)
Alternatieve titel: Flesh & Blood
Flesh+Blood markeerde het internationale debuut van regisseur Paul Verhoeven. Helaas kan deze film zich niet meten met Verhoeven's eerdere werk.
Dit is met name vanwege het onevenwichtige script en de weinig sympathieke karakters. Ook het acteerwerk is niet altijd even best.
De fotografie van Jan de Bont is echter voortreffelijk, evenals de filmscore van Basil Poledouris (die eerder ook verantwoordelijk was voor de sublieme score van Conan the Barbarian).
