Meningen
Hier kun je zien welke berichten rcuppen79 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
C'era una Volta il West (1968)
Alternatieve titel: Once upon a Time in the West
Klassieker binnen het genre, alsmede één van de beste films ooit gemaakt.
Alles klopt aan de film. Het scenario van Sergio Leone en Sergio Donati, is gebaseerd op een verhaal geschreven door Sergio Leone zelf, samen met Bernardo Bertolucci en Dario Argento. Het verteld een episch verhaal boordevol interessante personages. De casting met de beeldschone Claudia Cardinale in de hoofdrol en All-American hero Henry Fonda in de rol van een meedogenloze schurk is perfect. Het camerawerk van Tonino Delli Colli is fabelachtig. Naast de uitstekende visuele kwaliteiten van Once Upon A Time In The West is ook de filmmuziek van Ennio Morricone opvallend. Deze muziek kan gezien worden als één van de beroemdste en beste filmscores aller tijden. Van de filmmuziek gingen miljoenen exemplaren over de toonbank, wat opvallend veel is voor een uitsluitend muzikale filmscore. De muziek speelt dan ook een belangrijke rol in de film.
Een mijlpaal in de filmgeschiedenis!
Captain America: The First Avenger (2011)
Captain America mag dan wel de 'First Avenger' zijn, hij was wel de laatste die pas zijn eigen film kreeg. Ik moet zeggen dat ik niet zo bekend ben met de figuren van Marvel. Iron Man had ik voor 2008 nog nooit van gehoord, Thor kende ik uitsluitend van de Noorse mythologie en Captain America had ik wel eens van gehoord, maar nog nooit een strip van gelezen. De Hulk ken ik alleen van de tv-serie uit de jaren 70 met Bill Bixby en Lou Ferrigno. Ik ben een groot liefhebber van die serie, maar de stripreeks rondom de groene geweldenaar kon mij nooit zo bekoren.
Voordat ik de film Captain America: The First Avenger destijds in de bioscoop zag, had ik geen enkele kennis over het personage en eventuele schurken. Dit soort films spreken mij altijd wel aan en het liefst zie ik ze dan ook in de bioscoop, waar het actiespektakel toch altijd beter tot zijn recht komt dan thuis op de tv.
Voor de regie werd Joe Johnston aangetrokken. Deze heeft enigszins ervaring met het maken van een superheldenfilm, want in de jaren 90 leverde hij ooit de prima actiefilm The Rocketeer af. Hoewel Captain America dat niveau niet weet te behalen, is het toch een uitermate onderhoudende film geworden. Het verhaal wordt vlot verteld en Chris Evans is een goede Captain, maar het moet gezegd worden dat deze superheld één van de saaiste helden uit de Marvel-collectie is. De schurk Red Skull is dan ook een veel interessanter personage en die wordt hier met verve vertolkt door Hugo Weaving. In de bijrollen vallen vooral Tommy Lee Jones en Stanley Tucci op. De actie wordt spectaculair in beeld gebracht, waardoor deze film nergens verveeld.
Cars (2006)
Cars was de laatste onafhankelijke animatiefilm die door Pixar werd gemaakt, voordat het bedrijf in 2006 werd overgenomen door Disney. De wereld van Cars bestaat volledig uit auto’s en dat levert dan ook een aantal leuke grappen op. Het verhaal is helaas wat minder origineel en bovendien erg voorspelbaar. Maar dat maakt de film niet minder vermakelijk.
De animatie is zoals we van Pixar gewend zijn, weer uitstekend. De film bevat leuke bijkarakters zoals Mater de sleepwagen, de Italiaanse garagehouders Guido en Luigi, alsmede de Hudson Hornet, Doc die in zijn jeugd een groot racekampioen was. Dit zou de laatste film zijn van acteerlegende Paul Newman, die hierna nog enkel in documentaires te zien was, voordat hij in 2007 met pensioen ging en in 2008 stierf aan de gevolgen van longkanker. Voor Newman moet dit ongetwijfeld een groot genoegen zijn geweest aan deze film mee te mogen werken, aangezien hij een fervent raceliefhebber was. Cars was ook de laatste film waaraan animator Joe Ranft aan meewerkte. Hij kwam ironisch genoeg om bij een auto-ongeluk in 2005. De film werd aan hem opgedragen.
Hoewel Cars niet het niveau haalt van de voorgaande drie Pixar-films, blijft het een leuke film om naar te kijken dankzij de humor en de mooie animatie.
Cars 2 (2011)
Vrij matige Pixar-film. Dit is een soort James Bond-film, maar dan met auto's. Die Aston Martin in de film moest overduidelijk James Bond voorstellen en het was leuker geweest als ze ook een echte James Bond-acteur hadden weten te strikken voor de rol. Het liefst had ik Roger Moore hiervoor gezien, nu moeten we het doen met Michael Caine.
De animatie is daarentegen wel weer erg goed.
Cat People (1942)
Uitstekende horrorfilm die destijds zijn tijd ver vooruit was. De spanning wordt langzaam opgebouwd en vanwege budgettaire redenen werden veel gruwelijke scènes niet in beeld vertoond, maar laat de film dit over aan de fantasie van de kijker. Dat is ook de kracht van deze film die maar eens aantoont dat je geen gore effecten nodig hebt om een goede horrorfilm af te leveren.
Oh ja en Simone Simon was ook een oogverblindende schoonheid.
Cat People (1982)
Remake van de gelijknamige film uit 1942, met destijds de mooie Franse actrice Simone Simon in de hoofdrol. Voor deze remake werd het destijds 20-jarige Duitse fotomodel Natassja Kinski gecast. Dat is meteen ook het grootste pluspunt van deze remake. Net als Simone Simon is Kinski een oogverblindende schoonheid.
Voor de rest is dit echter een tamme remake, die zich meer op de seksualiteit van het verhaal richt dan op de horror. Nergens is de film dan ook echt spannend. De scène waarin Kinski langzaam in een panter veranderd is echter goed gedaan en de film wordt uitermate plezierig ondersteund door de typische jaren 80 soundtrack van Giorgio Moroder.
Chicken Little (2005)
Chicken Little is de eerste Disney animatiefilm die volledig met de computer is vervaardigd. 3D-computeranimatiefilms domineerden de markt van animatie al jaren, waardoor Disney in 2004 besloot zich volledig op deze markt te richten. Chicken Little is het eerste resultaat en helaas niet al te best. De animatie is vrij pover en kan nergens in de schaduw staan van de klassiekers van Pixar.
Het verhaal is losjes gebaseerd op het beroemde sprookje “The Sky Is Falling”. Dit was al eens eerder door Disney verfilmd in 1943, ook onder de titel Chicken Little. Het plot van deze nieuwe film is echter compleet anders. Het verhaal springt echter van de hak op de tak en ook de personages komen nergens uit de verf. Chicken Little is dan ook één van de mindere animatiefilms uit de geschiedenis van Disney, ondanks het torenhoge budget van 150 miljoen dollar. De film werd voornamelijk negatief ontvangen, maar niettemin zijn computeranimatiefilms enorm populair bij het publiek, waardoor Chicken Little alsnog 314 miljoen dollar in het laatje bracht en daarmee de meest succesvolle Disneyfilm sinds Tarzan was.
Christmas Candle, The (2013)
The Christmas Candle is een Brits/Amerikaanse Kerstfilm gebaseerd op het gelijknamige boek van Max Lucado, wat gelijktijdig met de film werd uitgebracht. De film is een co-productie van Impact Productions en Big Book Media. Die laatste is vooral bekend om hun Bijbelse verfilmingen. Ook The Christmas Candle heeft een religieus randje, al ligt het er hier niet zo dik bovenop dat het begint te storen.
De film is op locatie geschoten in het Britse Gloucestershire en Worcestershire. Studio opnames vonden plaats in Mountain View Media Village Studio op het Britse eiland Isle of Man. Met een budget van 2,5 miljoen dollar was The Christmas Candle bepaald geen dure film en dat valt er helaas ook aan af te zien. De film doet denken aan een Britse tv-productie, maar weet zelfs dat niveau niet te halen. Het acteerwerk is over het geheel vrij matig, met als dieptepunt de debuterende Susan Boyle, die het beter bij zingen kan blijven houden. Gelukkig is haar rol vrij kort. Ook acteerveteraan John Hannah komt inspiratieloos over in deze film. Het verhaal is niet geheel oninteressant, maar een echte kerstsfeer weet ze niet uit te stralen. Dit is dan ook geen topper voor de feestdagen.
Toen me opviel dat die hoofdrolspeler wel erg veel op Hans Teeuwen lijkt, kon ik hem ook niet meer serieus nemen. Ik moest meteen denken aan het Bijbelverhaal à la Hans Teeuwen.
Christmas Carol, A (1984)
A Christmas Carol is een Brits/Amerikaanse tv-film, gebaseerd op het wereldberoemde boek van Charles Dickens. De film is geregisseerd door de Britse regisseur Clive Donner, die zijn carrière ooit begon als editor van de film Scrooge uit 1951. Deze tv-film is op locatie geschoten in Shrewsbury, Engeland. In diezelfde plaats heeft Charles Dickens ooit nog een persoonlijke lezing gehouden van zijn beroemde Kerstverhaal.
Ondanks dat deze versie gemaakt is voor de tv, ziet ze er voor tv-normen prima uit. De decors zijn vaak wel overduidelijk miniaturen, maar dankzij het camerawerk van Tony Imi, ziet het er allemaal mooi uit en ademt de film een heuse kerstsfeer uit. A Christmas Carol was oorspronkelijk een spookverhaal wat zich toevallig afspeelde tijdens Kerstmis. Deze tv-film is één van de weinige versies, die het verhaal ook een macaber tintje meegeeft. Hierin wordt de film vooral ondersteunt door de vaak bombastische muziek van Nick Bicât die niet zou hebben misstaan in een gemiddelde horrorfilm.
Het acteerwerk is over de gehele linie erg goed, en George C. Scott geeft gestalte aan één van de beste versies van Ebenezer Scrooge. Zoals het hoort, zet hij Scrooge neer als een echte hork van een vent, waar je als kijker weinig sympathie voor kunt opbouwen. Gedurende de film zie je hoe hij als persoon zo is gevormd en waarom hij uiteindelijk toch weer het licht ziet en veranderd in een vrijgevige en vriendelijke man. Ook dit wordt uitstekend door Scott uitgebeeld. Eén van de meest getrouwe versies van het verhaal van Charles Dickens.
Christmas Carol, A (1999)
Weinig memorabele verfilming van het beroemde boek van Charles Dickens. Deze tv-film werd mede geproduceerd door de Amerikaanse tv-zender Hallmark. De Kerstfilms van Hallmark zijn tegenwoordig een begrip en zijn vaak suikerzoet. A Christmas Carol valt niet bepaald in die categorie en is bij wijlen erg kleurloos.
Het verhaal van Dickens is al tig maal verfilmd, en deze versie heeft daar weinig aan toe te voegen. Het mist de humor van The Muppet Christmas Carol of de sfeer van de versie uit 1984 met George C. Scott. De acteurs zijn daarentegen nog wel aardig met Patrick Stewart als een goede Scrooge en Richard E. Grant als zijn werknemer Bob Cratchit.
Visueel is de film echter vrij pover en het einde wordt helaas te snel afgewikkeld. Hiermee weet de film uiteindelijk de magie van het verhaal niet over te brengen op het scherm.
Christmas Carol, A (2019)
Een nogal aparte versie van het beroemde verhaal van Charles Dickens.
De serie is mede geproduceerd door de BBC en ziet er daarom oerdegelijk uit. Decors, kostuums en camerawerk is allemaal prima. Het verhaal van Dickens is al talloze malen verfilmd, maar ik kan me niet herinneren dat ik ooit een versie zag die zo sterk verschilde van de overige versies. De meeste films volgen getrouw het bronmateriaal en citeren hieruit vaak letterlijke teksten. Deze miniserie van 3 afleveringen doet dit niet. Zelfs één van de meest beroemde citaten wordt hierin niet gesproken: 'if they would rather die they better do it and decrease the surplus population'. Toch wel één van de sterkere citaten uit het verhaal.
Het verhaal wijkt op veel punten af van het boek. Dat is op zich geen slecht gegeven aangezien het boek al tig maal is verfilmd, en een getrouwe versie waarschijnlijk weinig meer toevoegd aan de eerdere adaptaties. Maar dat maakt deze miniserie nog geen goede verfilming. Het lijkt wel of de makers bewust alle vrolijkheid uit het verhaal hebben gezogen. Zelfs de hele verhaallijn met Fezziwig hebben ze eruit gehaald.
De levens van Ebenezer Scrooge en zijn zakenpartner Jacob Marley worden wat meer uitgediept. Dat is op zich geen slecht gegeven, maar de makers slaan hiermee een beetje door. Guy Pearce is zonder twijfel de meest schofterige Ebenezer Scrooge ooit, en voor sommige dingen die hij hier doet, is er gewoon geen vergeving mogelijk. Hij kan zijn leven wel beteren, maar zijn verleden kan hij niet wissen. Het bloed van 19 gestorven mijnwerkers kleeft aan zijn handen en hij heeft de vrouw van Bob Cratchitt op een dusdanige manier gekleineerd en zelfs gechanteerd dat vergeving hier nooit aan de orde zal komen Dat was toch altijd het sterke punt van Dicken's verhaal. Scrooge was een hork van een vent en behandelde iedereen als stront, maar ging daarbij niet dusdanig over de schreef dat iedereen hem oprecht haatte. Ze vonden hem gewoon een onaangename man, die ze liever vermeden. Door gewoon te veranderen en sorry te zeggen, hadden zijn naasten hem al snel vergeven. Hier lijkt het erop dat de mensen nog steeds een hekel aan Scrooge hebben, alleen iets minder intens. Ook komt er geen conclusie met de verhaallijn rondom Scrooge en zijn neefje Fred.
Het is prima gefilmd en prijzenswaardig dat de makers bewust hebben gekozen voor een volledig andere benadering van het verhaal. Het oorspronkelijke verhaal was ook een spookverhaal en die sfeer weet deze miniserie wel over te brengen. Maar de serie had ook wat meer vrolijkheid kunnen gebruiken en een beetje meer humor had ook geen kwaad gekund. Nu is het vooral een deprimerende serie geworden. Ook het grove taalgebruik was mijns inziens volstrekt onnodig.
Christmas Carol: The Movie (2001)
Als er een top-10 bestaat van meest verfilmde boeken, dan moet het boek "A Christmas Carol" van de Britse schrijver Charles Dickens (1812-1870) hier haast wel in voorkomen. Hoewel het boek dateert uit 1843, is de boodschap nog altijd niet verouderd.
"A Christmas Carol" is altijd een bron van inspiratie geweest voor talloze kerstfilms. Deze animatiefilm is misschien niet één van de meest memorabele, maar blijft niettemin genietbaar voor de korte tijd dat ze duurt. Door de korte speelduur voelt het allemaal wel wat gehaast aan. Aan het begin wordt er nog ruim de tijd genomen om het verhaal in te leiden, maar op het eind wordt het een beetje vlug afgeraffeld.
De animatie is afkomstig van diverse animatiestudio's: Illuminated Film Company uit Groot-Brittannië, Pannonia Studio uit Hongarije, Alfonso Productions uit Spanje, A. Film uit Estland en de Zuid-Koreaanse animatiestudio's Hanho Heung-Up, Starburst Animation en Wildhorse Animation Group.
Ondanks al deze animatiestudio's moet gezegd worden dat de animatie juist het zwaktepunt van deze film is. De achtergronden zien er nog wel mooi uit, maar de karakteranimatie is vrij pover, waardoor de diverse personages maar weinig gezichtsmimiek vertonen. Dit komt het verhaal niet ten goede.
Jammer, want voor de rest is er weinig aan te merken op deze verder vermakelijke adaptatie. De stemmencast voldoet, met bekende namen als Simon Callow, Kate Winslet, Rhys Ifans en Michael Gambon. De Amerikaanse acteur Nicolas Cage heeft een korte rol als de stem van Jacob Marley, Scrooge's oude zakenpartner.
De muziek van Julian Nott is mooi en Kate Winslet scoorde een hit met het nummer "What if".
De film zelf was aanzienlijk minder succesvol en was een enorme flop in Europa, waardoor ze in de VS niet eens een bioscooprelease kreeg. Tegenwoordig is de film zowat vergeten!
Christmas Chronicles, The (2018)
Vorig jaar gezien op Netflix, maar ik zie nu dat ik mijn review toen niet heb geplaatst. Dus bij deze.
Qua verhaal en opzet is deze film niet heel bijzonder, maar waarin ze zich in weet te onderscheiden van menig ander kerstfilm is de manier waarop de Kerstman wordt neergezet. Kerstman is niet meer alleen die goedlachse (ietwat volle) kindervriend. Kurt Russell speelt misschien wel de coolste Kerstman uit de filmgeschiedenis. Hij draagt in feite in zijn eentje deze film, maar dat gaat hem goed af en hij heeft er zichtbaar plezier in.
De film ademt een kerstsfeer uit en kijkt lekker weg. Het is een perfecte film om thuis met de familie te kijken, en dat is toch waar kerstfilms voor gemaakt zijn. Dat ze allemaal even zoetsappig en voorspelbaar zijn, neem je als kijker vaak voor lief. Indien je dit niet kunt, dan kun je kerstfilms maar beter links laten liggen. Ik vond The Christmas Chronicles in ieder geval leuk voor zolang hij duurde en zal hem zeker ooit nog een keer tijdens de kerstdagen bekijken.
Christmas in the Wild (2019)
Alternatieve titel: Holiday in the Wild
Holiday In The Wild is een Kerstfilm geproduceerd door streamingdienst Netflix. Actrice Kristin Davis was tevens uitvoerend producent en dit was ongetwijfeld een droomproject voor haar, aangezien ze in haar dagelijkse leven zich ook actief inzet voor het welzijn van olifanten. Ze was dan ook actief betrokken bij deze film en zag er persoonlijk op toe dat de olifanten in deze film op een diervriendelijke manier werden behandeld.
De film is voor een groot deel op locatie geschoten in Zuid-Afrika en Zambia. Het is dan ook geen typische Kerstfilm, aangezien ze zich voornamelijk afspeelt in het zonovergoten Afrika. Maar het standaard plotje is dan wel weer typisch en zit boordevol clichés. Al in de eerste tien minuten weet je precies waar het verhaal naartoe gaat. Netflix speelt andermaal leentjebuur bij het bekende Hallmark, die bekend staat om hun talloze en vaak mierzoete Kerstfilms. Het acteerwerk is niet om naar huis te schrijven en de film weet niet echt te boeien. De levende dieren stelen de show.
John Owen Lowe speelt hier de zoon van Kristin Davis en in het werkelijke leven is hij de zoon van Rob Lowe.
Christmas Prince, A (2017)
A Christmas Prince is een kerstfilm van de Amerikaanse streamingsdienst Netflix. En zoals meerderen hier al hadden opgemerkt, Netflix speelt hier een beetje leentjebuur bij de Amerikaanse tv-zender Halmark Entertainment. Want A Christmas Prince had niet misstaan in het oeuvre van Halmark, waar familiemoralen en romantiek een sterk thema vormen.
Je kunt de film een beetje omschrijven als “Assepoester met kerstmis”. Rose McIver speelt een Amerikaanse journaliste die voor een artikel afreist naar het fictieve land Aldovia, waar een knappe prins op het punt staat te worden gekroond tot koning. Natuurlijk is de prins vrijgezel en valt hij als een blok voor een doodgewone journaliste. En aan het einde leven ze nog allemaal lang en gelukkig.
Voor originaliteit of goede acteerprestaties moet je vaak niet bij een gemiddelde kerstfilm zijn. Ook hier is het allemaal een beetje te gelikt. De locaties van het koninklijke kasteel zijn natuurlijk prachtig, maar helaas weet de film inhoudelijk minder te imponeren. Het ontbreekt het koppel Rose McIver en Ben Lamb aan chemie en de slechterikken van het verhaal worden helaas iets te dik aangezet. Geen topper van Netflix, maar de film was succesvol genoeg om een jaar later een vervolg te krijgen: A Christmas Prince: The Royal Wedding.
Christmas Prince: The Royal Baby, A (2019)
Derde deel uit de Christmas Prince-reeks. Van de originaliteit moet de film het niet hebben. Ook niet van een goed script of degelijk acteerwerk. Zoals de meeste kerstfilms is het allemaal flink aangedikt en bij wijlen suikerzoet.
Het plot over een onvindbaar perkament doet er nauwelijks toe. Wil je in de kerstsfeer komen dan is deze film zo slecht nog niet met zijn prachtige locaties (waarvan we nu eigenlijk iets te weinig te zien krijgen). Gelukkig zijn ook de rollen van John Guerrasio als Amber's vader en Raj Bajaj als mode-ontwerper Sahil behoorlijk ingekort, want die twee zijn werkelijk bloedirritant.
Als je ergens het woord 'Guilty Pleasure' aan kunt koppelen, dan zijn het wel Kerstfilms. A Christmas Prince is eigenlijk te slecht voor woorden, maar aan de andere kant toch weer vermakelijk om tijdens de December-maand te kijken.
Christmas Prince: The Royal Wedding, A (2018)
Vervolg op A Christmas Prince uit 2017. Die film was een groot succes op Netflix, waardoor er al snel een vervolg aangekondigd werd. Dit vervolg concentreert zich volledig op de bruiloft van de koning van Aldovia, Richard en zijn verloofde Amber, een Amerikaanse journaliste. Daarnaast heeft de film nog een subplot over een economische crisis die het land Aldovia teistert.
De eerste film blonk al niet uit in originaliteit, maar helaas is dit vervolg nog een graad erger. De geloofwaardigheid van het verhaal is ver te zoeken. Het acteerwerk is vaak belabberd! Rose McIver doet het nog wel aardig en is ook een leuke verschijning. Haar tegenspeler Ben Lamb is echter vooral saai en toont weinig emotie, waardoor er van chemie tussen hem en McIver nauwelijks sprake is. Acteerveterane Alice Krige acteert vaak erg overdreven en een actrice als Sarah Douglas krijgt bitter weinig te doen. Karakters zoals Amber’s vader (gespeeld door John Guerrasio) en Sahil de trouwplanner (gespeeld door Raj Bajaj) moesten voor de komische noot zorgen, maar falen hierin volledig. Ze werken meer op de zenuwen dan dat ze op de lachspieren werken. Het verhaal stelt zoals gezegd bitter weinig voor. Het enige pluspunt zijn de mooie locaties, want het kasteel van koning Richard, wat in werkelijkheid Kasteel Peleş in Roemenië is, is natuurlijk een prachtig kasteel en ziet er in de wintertijd prachtig uit.
Voor de rest is dit een nietszeggende, weinig originele Kerstfilm.
Cinderella (1950)
Alternatieve titel: Assepoester
Na een afwezigheid van acht jaar, was er in 1950 eindelijk weer een nieuwe avondvullende tekenfilm van Walt Disney. In de periode 1943-1949 vulde Disney z’n tijd met het maken van korte compilatiefilmpjes om toch geld in het laatje te brengen.
Er werd maar liefst zes jaar aan de film gewerkt en voor het eerst sinds Snow White and the Seven Dwarfs werd er weer gekozen voor een klassiek sprookje als uitgangspunt. Ditmaal het beroemde sprookje van Charles Perrault, wat al eens eerder door Disney werd verfilmd in 1922.
Het resultaat oogt fraai met prachtige kleuren, maar inhoudelijk stelt de film lichtelijk teleur. Het personage Assepoester is een regelrecht kopie van Sneeuwwitje, maar ze mist haar charme. De prins is andermaal een houten klaas en ook hun relatie wordt slecht uitgewerkt. Het zijn wederom de komische bijfiguren die de show stelen. De muizen zijn leuk, maar het is vooral de kat Lucifer die de show steelt. Ook de boze stiefmoeder is wederom een schurk van formaat.
Cinderella is zeker niet de beste film uit de carrière van Disney, maar wel één van de meest iconische.
Cliffhanger (1993)
Laatst weer een keer herzien in 4K met Dolby Atmos. Toch wel een aanzienlijke verbetering op de Bluray die ik een aantal jaren terug had bekeken, waarbij de herbeleving van Cliffhanger me niet zo goed was bevallen. Met een overdonderend geluid komt de actie toch wel beter tot zijn recht, want buiten de actie heeft Cliffhanger natuurlijk niet zo heel veel te bieden.
Het acteerwerk is niet slecht, maar de karakters zijn behoorlijk karikaturaal neergezet. De slechterikken zijn natuurlijk door en door slecht en halen hun neus niet op voor een dode meer of minder. John Lithgow speelt wel een heerlijke over-the-top schurk en steelt de show. Stallone doet waar hij goed in is en laat zijn spierballen meermaals rollen.
Renny Harlin is geen topregisseur wanneer het aankomt op het vertellen van een verhaal of het beste halen uit zijn acteurs. Maar als actieregisseur was hij begin jaren '90 een echte topper. Zijn films Die Hard 2 en Cliffhanger zijn z'n bekendste. Zijn volgende film was echter het debacle Cutthroat Island welke gigantisch flopte en misschien wel een einde maakte aan z'n carrière als regisseur van dure actiefilms. Dat is jammer, want met Cliffhanger leverde hij één van de beste actiefilms uit de jaren '90 af. Het is misschien pretentieloos popcornvermaak, maar de manier waarop Harlin het allemaal in beeld brengt is fenomenaal. De prachtige locaties in de Italiaanse Alpen (die hier door moeten gaan voor de Rocky Mountains) dragen hier natuurlijk enorm aan bij.
Cliffhanger was destijds een groot succes in de bioscopen en haalde de tanende carrière van Stallone weer uit het slop. Een vervolg is er nooit van gekomen, ondanks dat hier wel plannen voor waren. Afgelopen week is wel aangekondigd dat de film een reboot krijgt, met ditmaal een vrouw in de hoofdrol.
Close Encounters of the Third Kind (1977)
Ik had Close Encounters of the Third Kind ooit eenmaal gezien halverwege de jaren '90. Destijds maakte de film wel een indruk op mij en in die tijd had ik deze film moeiteloos 4 sterren gegeven.
Een herziening ruim 20 jaar later heeft de film absoluut geen goed gedaan. Eerlijk is eerlijk vraag ik mijzelf af wat ik toentertijd toch zo goed vond aan deze film. Ze is enorm langdradig en met name het eerste uur is moeilijk door te komen. Het tweede uur verloopt iets vlotter, maar het einde is wederom een teleurstelling.
De film heeft de tand des tijds ook nauwelijks doorstaan. Ik heb ze ditmaal gezien op 4K Bluray en de effecten zien er hierdoor behoorlijk nep uit. Ook het geluid was niet al te best. Dan vind ik dat films als Star Wars, Superman of Jaws (allen van hetzelfde tijdperk) toch veel beter hun waarde hebben behouden.
Voor mij dus geen topper van Spielberg.
Code M (2015)
Code M is een Nederlandse jeugdfilm van regisseur Dennis Bots. Deze heeft de nodige ervaring met het regisseren van jeugdige acteurs en maakte in het verleden al films als Oorlogsgeheimen, Achtste Groepers Huilen Niet en diverse films van de tv-serie Het Huis Anubis. Bots laat met Code M andermaal zien dat hij uitstekend is in het regisseren van een jeugdige cast, want de drie jonge hoofdrolspelers doen het erg goed in deze film. Dat kan helaas niet gezegd worden van de oudere hoofdrolspelers. Peter Paul Muller loopt er een beetje verloren bij en ook de zusjes Hannah en Lotje van Lunteren krijgen weinig te doen. De rol van acteerveteraan Derek de Lint is helaas te kort om echt indruk te maken. Het voorspelbare plot is helaas ook niet bijster goed uitgewerkt. De zoektocht naar het zwaard van D’Artagnan had op papier een spannende film kunnen opleveren, maar helaas is de zoektocht in Code M vergelijkbaar met een gemiddelde aflevering van Bassie & Adriaan. Het gaat allemaal wel erg gemakkelijk en ook hier worden de helden gedwarsboomd door een steenrijke baron (die nog net geen ‘Drommels, drommels, drommels’ roept). Daar waar opa zijn leven lang op zoek is naar het zwaard, hebben zijn kleinkinderen het zwaard in een middagje of twee gevonden. Hier had meer ingezeten.
Gelukkig ziet de film er nog degelijk uit dankzij de mooie locaties in Limburg. Code M was dan ook een pilot van het Limburgs Filmfonds, waarmee Limburg de eerste provincie in Nederland was met zijn eigen filmfonds. Met een budget van 1,8 miljoen euro is Code M geen bijster dure film. De scènes in het verleden zijn sfeervol gefilmd, maar de actie wordt helaas verpest door het vele gebruik van slow-motion.
Code M is een vermakelijke film en zal zeker bij een jeugdig publiek in de smaak vallen. Erg succesvol in de bioscopen was Code M niet, want de film wist slechts een krappe 31.000 bezoekers naar de bioscopen te lokken, ondanks dat ze toch in ruim 100 bioscopen in première ging. Hoofdrolspeeltster Nina Wyss is een ontdekking in deze film, maar hield het helaas na Code M voor gezien en heeft sindsdien niet meer in een film of tv-serie meegespeeld.
Oorspronkelijk zou de film Het Zwaard van D'Artagnan heten, maar op last van de distributeur is deze titel omgevormd tot Code M. De letter 'M' staat voor de plaats Maastricht. De oorspronkelijke titel was in mijn ogen een stuk 'pakkender' en geeft ook een betere omschrijving van de film weer.
Coming 2 America (2021)
Alternatieve titel: Coming to America 2
33 jaar na het origineel is er dan dit vervolg. Zoals in de film zelf al wordt gezegd: "Amerikaanse cinema, daar krijg je toch alleen maar van die sequels waar niemand om heeft gevraagd!"
Ongetwijfeld bedoelt als knipoog naar deze film, maar daardoor niet minder waar. Want zat er nu werkelijk iemand echt te wachten op een vervolg op Coming To America. Vorige week heb ik het origineel nog herzien en ik blijf een fan. Zonder twijfel één van de grappigste komedies die ik ooit heb gezien, maar daardoor was ik ook extra sceptisch naar dit vervolg toe. Ik kan me zo snel geen één echt goede komedie herinneren die ook een geslaagd vervolg heeft gekregen. Helaas is dit bij Coming To America ook niet het geval. Al ben ik ook weer niet zo negatief gestemd als het merendeel hier.
In de eerste film draaide het verhaal om de toekomstige koning van Zamunda die afreist naar Amerika. Hier zijn de rollen omgedraaid, de erfgenaam van de koning van Zamunda woont in Amerika en reist af naar Zamunda. Zoals bij de meeste komedie-vervolgen worden veel grappen één-op-één gerecycled.
De personages die in de eerste film vaak de lachers op hun hand kregen, hebben hier helaas niet zo heel veel te doen. Eddie Murphy is opvallend saai als Prins Akeem en de sterren uit de eerste film: Arsenio Hall, James Earl Jones en John Amos krijgen hier bitter weinig te doen. Wel blijven Eddie Murphy en Arsenio Hall leuk in hun diverse transformaties (zoals de kappers, de mislukte zanger, de oversekste priester en de vreemde sjamaan) en vormen ze één van de weinige hoogtepunten in deze vaak flauwe komedie. Van de nieuwe personages weet helaas alleen Wesley Snipes te overtuigen. De rest is weinig memorabel of zelfs ronduit irritant.
Een vervolg wat pas 30 jaar na het origineel uitkomt, moet het vaak hebben van de nostalgie. En daar is het in Coming 2 America gelukkig wel goed mee gesteld. Veel personages uit de eerste film maken hier hun terugkeer. Sommige acteurs zijn echt oud geworden, maar anderen zijn in 30 jaar nauwelijks veranderd. Arsenio Hall en Shari Headley zijn nauwelijks veranderd in ruim 30 jaar. Dit vervolg is voor de fans nog wel een feest der herkenning, maar een goede film is Coming 2 America niet geworden. Op een paar spaarzame momenten nog wel grappig, maar verder kan ze zich in de verste verte niet meten met het origineel.
Coming to America (1988)
Met het oog op het aanstaande vervolg wat op 5 maart zal verschijnen, heb ik gisteren dit origineel weer eens in lange tijd herzien. Ditmaal op 4K Bluray.
Coming To America markeerde de 2e samenwerking tussen acteur Eddie Murphy en regisseur John Landis. Eerder maakte ze samen de film Trading Places in 1983. Landis was toen een gevierd regisseur dankzij successen van films als An American Werewolf In London en The Blues Brothers, alsmede de legendarische muziekvideo Thriller van Michael Jackson. Eddie Murphy was destijds een ster in opkomst.
In 1988 waren de rollen echter omgedraaid. Dankzij het succes van de Beverly Hills Cop-films was Eddie Murphy uitgegroeid tot één van de meest beroemde filmsterren ter wereld. Regisseur John Landis had echter een reeks flops op zijn naam staan en bovendien was hij in 1986 en 1987 verwikkeld in een nare rechtszaak omtrent een ongeluk wat gebeurde op de set van de film Twilight Zone: The Movie, waarbij acteur Vic Morrow en 2 kinderen om het leven kwamen. De reputatie van Landis had dusdanig schade opgelopen dat filmstudio Paramount hem ook niet wilde inhuren als regisseur. Eddie Murphy gebruikte echter zijn sterrenstatus om de studio alsnog over de streep te trekken. Ondanks deze vriendendienst boterde het totaal niet tussen Landis en Murphy op de set, die meermaals slaande ruzie hadden. Gelukkig is hiervan niets in de film van terug te zien.
Coming To America is een geheide komedie-klassieker die gezien mag worden als één van de absolute hoogtepunten in de carrières van Eddie Murphy en regisseur John Landis. De film zit goed in elkaar en alles klopt gewoon. Elke rol is perfect ingevuld. Eddie Murphy speelt voor zijn doen behoorlijk ingetogen, maar weet meermaals de lachers op zijn hand te krijgen. Zo co-speler Arsenio Hall steelt de show en zou later uitgroeien tot een uiterst populaire talkshow-host. In de bijrollen vallen met name John Amos als de materialistische (schoon)vader en James Earl Jones als de dominante koning King Jaffe Joffer op. De film was een enorm succes in de bioscopen en bracht wereldwijd 288 miljoen dollar in het laatje. En populair is de film altijd gebleven, getuige het feit dat er na al die jaren alsnog een vervolg verschijnt. Ben benieuwd of die enigszins de magie van dit origineel weet te benaderen.
Commando (1985)
Heerlijke actiefilm met Schwarzenegger in topvorm. De film is doordrenkt met humor en talloze komische one-liners.
Het verhaal is natuurlijk flinterdun en het acteerwerk is zwaar overdreven. De climax waarin Schwarzenegger in zijn eentje zo'n beetje het hele Nederlandse leger aan flarden schiet is natuurlijk niet serieus te nemen, maar gelukkig doet de film dit zelf ook niet.
Met mooie muziek van James Horner (Braveheart, Titanic), die hiermee zijn eerste echte filmscore afleverde.
Het was de bedoeling dat de film een vervolg kreeg, maar Arnold Schwarzenegger had geen trek in een herhalingsoefening. Het script werd daarom herschreven en opnieuw gebruikt voor de actieklassieker Die Hard.
Conan the Barbarian (1982)
Alternatieve titel: Conan, Koning der Barbaren
Prachtige verfilming die losjes is gebaseerd op de pulpverhalen van Robert E. Howard. Robert E. Howard puristen verfoeien deze film, daar ze bitter weinig gemeen heeft met diens werk. Arnold Schwarzenegger heeft wel de fysiek van Conan, maar qua uiterlijk lijkt hij niet veel op de persoon die Howard omschreef. De schurk Thulsa Doom kwam niet eens voor in de verhalen van Conan, maar was een tovenaar in de verhalen van Kull de Veroveraar, een andere creatie van Howard.
Een geslaagde verfilming van het werk van Howard is deze versie dan ook niet, maar dat neemt niet weg dat Conan The Barbarian een prima avonturenfilm is en in mijn ogen talloze malen beter dan de Conan uit de verhalen van Howard.
John Milius tekende voor de regie en schreef tevens het script. Oliver Stone wordt tevens genoemd als scriptschrijver, maar weinig van zijn ideeën zijn ook daadwerkelijk in het eindresultaat beland. De film begint met het beroemde citaat van Nietzsche: "That which does not kill us, makes us stronger". Een citaat dat bijzonder goed past bij de held van deze film, die behoorlijk wat te verduren krijgt! Als klein jochie ziet hij hoe zijn ouders op brute wijze voor zijn ogen worden vermoord. Zijn tienerjaren brengt hij door als slaaf en later als gladiator. Wanneer hij uiteindelijk zijn vrijheid herwint, gaat hij op zoek naar de moordenaar van zijn ouders. Dit blijkt de machtige Thulsa Doom te zijn, een sekteleider van occulte slangenorde.
Conan The Barbarian heeft op papier zo'n beetje de slechtste cast ooit verzameld. Het merendeel van de cast had nauwelijks acteerervaring en waren vooral gecast vanwege hun fysiek. Schwarzenegger was destijds vooral bekend als bodybuilder, Sandahl Bergman was een fitnessmodel, Gerry Lopez was een surfer, Ben Davidson een American Footballer en Sven-Ole Thorsen een gewichtheffer. Naast professionele acteurs als James Earl Jones en Mako spelen zij de grootste rollen in deze film. Verwacht dan ook geen vijfsterren-acteerwerk. John Milius kende waarschijnlijk de beperkingen van zijn cast en zorgde er dan ook voor dat zij allen zo min mogelijk dialoog hebben.
In mijn ogen blijft Conan de beste rol van Schwarzenegger, naast die uit Terminator 1. Dat de man nauwelijks emotie kan tonen en een beperkte gezichtsmimiek heeft, werken hier in zijn voordeel. Conan is een personage met een traumatisch verleden. Het grootste deel van z'n leven heeft hij in gevangenschap doorgebracht, met weinig sociale contacten. Door Schwarzenegger's beperkte acteerkwaliteiten komt Conan over als een man met autistische trekjes. Vooral bij de dood van zijn geliefde Valeria toont hij totaal geen emotie. Ik persoonlijk vond dit wel passen bij het personage.
Het verhaal is misschien niet het meest ingenieuze verhaal ooit geschreven, maar dat hoeft ook niet. Ondanks de voorspelbaarheid is het een boeiend verhaal over het leven van een barbaar in een prehistorische tijd.
En dan kom ik nog altijd op het sterkste punt van de film en dat is de muziek van Basil Poledouris.
De muziek speelt een belangrijke rol in de film en door het gebrek aan dialoog wordt het verhaal vaak door de muziek verteld. Dat is mijn ogen wat een filmscore behoort te zijn. Vaak is de filmmuziek een achtergronddeuntje en daardoor nauwelijks merkbaar. Dat is hier duidelijk niet het geval, de muziek is zowaar een karakter in de film zelf. Niet voor niets is de filmscore van Poledouris erg geliefd onder soundtrackverzamelaars.
Conan the Barbarian is wat mij betreft een klassieker binnen z'n genre. Talloze malen gekopieerd, maar nooit evenaard.
Conan the Barbarian (2011)
Na de twee Conan's met Arnold Schwarzenegger uit de jaren 80 is dit de tweede verfilming van de boeken van Richard E. Howard. Persoonlijk had ik gehoopt dat deze versie wat dichter bij het oorspronkelijke werk van Howard zou liggen, maar helaas put deze versie meer inspiratie uit de gelijknamige film uit 1982, waardoor we eigenlijk met een overbodige remake zitten.
Op geen enkel punt weet deze versie het origineel uit 1982 te benaderen. De stijl is ook compleet anders en heeft meer gemeen met Conan the Destroyer, maar dan zonder de humor. Het verhaal is helaas onevenwichtig en voorspelbaar. Het acteerwerk is bij vlagen niet om aan te zien. Door het gebrek aan humor, wordt de illusie gewekt dat het hier om een serieuze film gaat, maar de acteurs acteren vaak zo over-the-top, dat de film nauwelijks serieus genomen kan worden. Met name Steven Lang en Rose McGowan geven een sterk staaltje over-acting tentoon. Ook Rachel Nichols acteert behoorlijk houterig. Ron Perlman is één van de weinige die laat zien hoe het moet, maar hij speelt slechts een aantal minuten mee. Gelukkig wordt veel goed gemaakt door hoofdrolspeler Momoa en Lee Howard, die de jonge versie van Conan speelt. In tegenstelling tot Schwarzenegger die in feite niets leek op Howard’s beschrijving van Conan, is Momoa wel een uitstekende vormgeving van de barbaarse held. Helaas wordt Momoa hier opgezadeld met een halfbakken script en een stel tenenkrommende dialogen.
Op actiegebied stelt de film niet teleur en er zitten een aantal uitstekende actiescènes in. Hierdoor is deze remake alsnog een vermakelijke fantasyfilm geworden, ondanks dat ze inhoudelijk diep teleursteld.
Conan the Destroyer (1984)
Alternatieve titel: Conan de Vernietiger
Teleurstellend vervolg op de prima avonturenfilm Conan the Barbarian uit 1982. Met name het script van Roy Thomas, Gerry Conway en Stanley Mann is zwak en voorspelbaar. De makers van dit vervolg hebben besloten om de serieuze stijl van het origineel te vervangen voor een luchtigere en komische stijl. Geen zware scènes zoals de dood van een geliefde of de moord van je ouders. De bijrollen worden met name verzorgd door komische sidekicks (waarvan met name zangeres Grace Jones opvalt). Het acteerwerk is bij vlagen belabberd, en Arnold Schwarzenegger heeft teveel tekst waardoor hij niet zo overtuigend is als in de eerste film. Het grootste mankement van deze film is echter de filmscore. Deze is in grote mate hetzelfde als die van Conan the Barbarian. Die muziek was speciaal voor die film geschreven en paste er ook perfect bij. Hier valt hij met name uit de toon en het is jammer dat componist Basil Poledouris nauwelijks nieuwe muziek schreef voor dit vervolg. Naar eigen zeggen omdat hij vond dat de herkenbare muziek beter paste bij de nieuwe film, maar ongetwijfeld zal hij om financiële redenen geweigerd hebben een volledige filmscore af te leveren. Dat is jammer, want de spaarzame nieuwe muziek die te horen is, is wederom fenomenaal.
Had toch wel wat meer verwacht van dit vervolg, waar de ervaren regisseur Richard Fleischer (The Vikings, Barabba) aan het roer stond.
Cover-Up (1991)
Ik verbaas me over de hoge waardering hier op Moviemeter. Want Cover-up is gewoonweg een baggerfilm.
Allereerst is er de casting van Dolph Lundgren. Deze man heeft zijn sporen verdient in het actiegenre en komt daar ook goed tot zijn recht. Maar net als bij acteurs Arnold Schwarzenegger, Jean-Claude Van Damme en Steven Seagal moet Lundgren het vooral van zijn fysiek/vechtkunsten hebben en niet zozeer van zijn acteerwerk. Waarom hij dan ook gecast werd in de rol van een misdaadjournalist met een traumatisch verleden is mij dan ook een raadsel. Cover-up is geen actiefilm, maar een thriller en hier moet Lundgren laten zien dat hij kan acteren. Helaas is hij geen goede acteur en in deze film is dat maar al te goed merkbaar. Met zijn monotone stem en expressieloos gezicht, overtuigt hij geen moment. Af en toe reciteert hij zijn teksten alsof hij ze uit z'n hoofd heeft geleerd. Er zit totaal geen gevoel achter.
Ook de rest van de cast bakt er niet veel van en zelfs Louis Gossett Jr. acteert op de automatische piloot. Actrice Lisa Berkley, die overduidelijk meer voor haar looks dan voor haar acteertalent is gecast, hield het na deze ene film voor gezien als actrice.
Als thriller moet je het hebben van de suspense, maar ook daarmee is het hier droevig gesteld. Het verhaal is erg rommelig en de climax wordt snel afgeraffeld, zonder dat de kijker enigszins wijzer wordt over het motief van de daders. Ook doet de film amateuristisch aan, wanneer de geluidsmicrofoon meerdere malen in beeld te zien is.
Voor mij verdiend Cover-up dan ook een dikke onvoldoende en ik geef niet vaak dit soort lage waarderingen.
