Meningen
Hier kun je zien welke berichten Shadowed als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Transformers One (2024)
Actievolle animatiefilm die een oorsprongsvariant toont op de Transformers-wereld. Met het filmische materiaal van Hollywoodnaam Michael Bay hoef je deze film in ieder geval niet te vergelijken (mocht je daar een aanhanger van zijn), regisseur Josh Cooley lijkt nadrukkelijk op zoek te zijn naar de toonzetting van de oudere series. Dat betekent onder andere dat Transformers One een stuk kinderlijker (met slechte humor) en eenvoudiger voor de dag komt, ondanks dat er nog steeds een heleboel in gebeurt. Toch haalt dit wat mij betreft niet het spectaculaire niveau van de live-actionfilms. Het stemmenwerk laat bijvoorbeeld in bepaalde opzichten sterk te wensen over, zeker Brian Tyree Henry als Megatron is een misplaatste naam. De gehele aanleiding wil ook amper beklijven en bereikt nergens het avontuurlijke sausje waar Cooley wel naar op zoek lijkt te zijn. De transformatie van Chris Hemsworth (wel een goede stem gelukkig) van onbelangrijke mijner naar Optimus Prime is nergens geloofwaardig, maar liefhebbers van dit soort verhalen zullen het waarschijnlijk hoe dan ook prachtig vinden.
Transformers: Age of Extinction (2014)
Meer van hetzelfde.
Met nog een hoger budget, een langere speelduur en een nieuwe hoofdrolspeler had dit nog beter kunnen worden dan de andere 3 delen, maar Bay houdt zijn film eigenlijk gewoon op hetzelfde niveau als zijn voorgangers, een normale voldoende dus.
Visueel weer helemaal verzorgd. De designs zijn gaaf, de actie mag er soms zeker zijn en de transformers zien er wederom weer knap uit. Bay is inderdaad wel een regisseur die het budget echt optimaal weet te gebruiken, maar nooit de neiging heeft er een topfilm uit te halen.
Verhaallijn is nagenoeg hetzelfde als voorgaande delen. Een wat stroef en saai begin dat eindigt met een lange slotfase vol explosies en actie. Deze film is daar hetzelfde in. Alleen was het begin interessanter dan voorgaande delen omdat de toon serieuzer ligt.
Helaas moet de film het ook wat afleggen in de slotfase. Actie is wel knap gemaakt, maar is weinig spetterend. Spanning is zo goed als weg, en is wat saaier en voorspelbaarder. Moment dat het ruimteship boven HongKong vloog leeft de film wat op maar is ook snel weer over.
Daarbuiten is het acteerwerk niet van iedereen erg bijzonder. Peltz is wel leuk, Wahlberg doet ook zijn best en Tucci is ook weer goed. Echter zitten er ook rampen in zoals Bingbing. Jammer dat de film weer onder zo'n invloed moet zijn van andere landen. Heeft waarschijnlijk met de verhoging van budget te maken.
Voor de rest duurt het allemaal vreselijk lang, iets te lang dit keer, maar het vermaakt wel. Cijfer is dus weer een nette voldoende.
Transformers: Dark of the Moon (2011)
Die Bay.
Het is altijd wat goochelen met de beoordeling van zijn films. In deze film was ik enorm aan het twijfelen met de cijfers, maar uiteindelijk toch maar besloten er een nette 3,0* van te maken. Vooral omdat het als vermaak best goed is geslaagd.
Bay zet wederom opnieuw zijn actiescènes behoorlijk groots op, maar Bay weet zijn actie nooit echt vol met adrenaline te spuiten. Het vermaakt, maar die echte actiekick blijft uit. Het is allemaal CGI spektakel dat vermaakt en er knap uitziet, niet veel meer.
Acteerwerk is in zijn algemeen prima, maar de acteurs hebben niet echt iets om zichzelf te bewijzen. Karakters worden soms geïntroduceerd om 2 minuten later gelijk in de actie gesmeten te worden. Waarschijnlijk had ik ze moeten kennen van de vorige films, maar die waren al weer wat verzakt.
Vind Huntington-Whiteley en veel betere opkomst door Fox. Fox die naar mijn mening terecht was ontslagen uit de reeks wordt vervangen door een soortgelijk karakter maar die er naar mijn mening er gewoon veel leuker en sympathieker uitziet.
Middenstuk is wat saai, wat ik ondertussen wel gewend ben van de Transformers films. Bay weet nergens in het midden de tempo er goed in te houden. Enkele spectaculaire scenes, dat wel, maar het is niet genoeg om te blijven boeien daar. Je zit als kijker vooral te wachten wanneer de actie compleet losgaat.
Al dat Pro-Amerikaanse gedoe is ook niet helemaal mijn ding. Al dat overdreven geschreeuw is niks voor mij, en voegt niets toe in het begin en middenstuk. Maar wanneer Bay de remmen loslaat in de eindfase, leeft de film ook echt op.
Gave botdesigns, de grote vriend van Shockwave was erg gaaf. Visueel is het volledig in orde. Bay weet zijn budget ook echt te gebruiken, met heldere kleuren, veel explosies en knap in elkaar gestoken robots die elkaar de kop inslaan.
Het is dat deze eindfase de beste was van alle 3 tot nu toe, en ook lekker lang doorgaat in een fijne omgeving. Veel enorm spectaculaire scenes die enkele hoogtepunten kent de omvallende wolkenkrabber was erg gaaf. En dan maakt de lange speelduur je opeens niks meer uit.
Eeuwig zonde dat alle onzin die daarvoor komt te lang duurt. Sowieso opmerkelijk dat je een 1 pagina verhaal kan uitrekken tot 150 minuten. Maar Bay doet het nog steeds. Ach, zo lang de eindspektakel scenes nog zo lekker doorgaan in de volgende 2 delen, vind ik het best.
Transformers: Revenge of the Fallen (2009)
Hetzelfde.
Ik vreesde eventjes dat ik dit een onvoldoende zou geven, maar gelukkig red Bay de boel toch nog een beetje uiteindelijk. Dit deel voegt eigenlijk vrij weinig toe aan de reeks, behalve dat er 1 nieuwe superschurk bij is gekomen.
LeBeouf blijft prima, Fox viel me tegen. Duhamel en Gibson voegen ook vrij weinig toe, wat er dan nog over is zijn een aantal behoorlijk spectaculaire scenes. Vooral de opening maar ook de slotfase mochten er wezen, en die tillen de film toch nog even op naar een nipte voldoende.
Een voordeel is dat het er allemaal wederom weer prachtig uitziet. De snelle, flitsende actie is soms wat te snel zodat het haast aan je voorbijschiet maar in het algemeen is het allemaal prima om te volgen. Jammer dat die geforceerde humor zo aanwezig is vol met irritante types. Vooral Moeder Witwicky was vreselijk.
Voor de rest is 150 minuten behoorlijk lang, maar het weet wel te vermaken. Het ziet er allemaal top uit, en in de slotfase laat Bay alle remmen los. Ook is er nog ruimte gemaakt voor enkele toffe robots, zoals die shredder was een heerlijk gezicht.
Realistisch, nee natuurlijk niet. Als de vervelende humor iets minder was geweest en de film wat minder voorspelbaar was geweest had dit best een toppertje kunnen zijn. Maar nu is het voor wat het is.
Transformers: Rise of the Beasts (2023)
Armoedige toevoeging aan het universum waarin auto's in robots veranderen en elkaar te lijf gaan met een spervuur aan artillerie, dit keer in combinatie met robots die ook in dierlijke vorm komen aankakken. Op conceptueel vlak slaat het werkelijk volkomen nergens op en het is fijn dat regisseur Steven Caple Jr. de focus dan ook zoveel mogelijk op actierijke spektakelscenes legt, maar dat neemt niet weg dat het verhaal zichzelf veel te serieus neemt. Het stemmenwerk is belabberd en de inhoud zo plat als een dubbeltje, maar de lang uitgesponnen finale vermaakt best en er wordt tussendoor genoeg opgeblazen voor de kijkers met een gebrek aan concentratie. Michael Bay was duidelijk de betere regisseur op het visuele vlak, maar Caple Jr. maakt er uiteindelijk een onderhoudende, alhoewel chaotische mengelmoes van. Helaas geanimeerder dan de voorgaande hoofdstukken, waardoor een boel momenten minder sterk voor de dag komen. Een iets lagere score is dan ook terecht.
Transformers: The Last Knight (2017)
Wat een feest.
Bay is een regisseur die wel bekend staat als een grap onder de filmliefhebbers. Hij is echter wel 1 van de filmmakers die de special effects op een indrukwekkende wijze weet te brengen en keer op keer weer een stukje verder kan gaan.
Deze film is van de 5 echt wel de positieve uitschieter voor mij. Deel 3 zat dicht tegen een 3,5* aan, maar wat die film ervan had weerhouden, doet deze film eindelijk eens juist. Het resultaat is dus een wat leukere en betere Transformers.
De film houd de irritante humor en irritante bijfiguren tot een minimum, wat hier de film absoluut tot goede komt. Alhoewel de film soms wel iets te sentimenteel wordt, met soms iets te overdreven dramatische scenes, weet Bay zich erg goed staande te houden.
De actie is epischer en grootser aanwezig dan voorgaande films, die ook al best ver gingen. Hier gaat het echter volledig over-the-top met een heerlijk laatste half uur en een zeer hoog tempo die de kijker goed door de lange speelduur heen kan lijden.
Effecten zijn natuurlijk helemaal top. Er zijn weer een hoop explosies en een zeer groot aantal van indrukwekkende actiescènes die elkaar goed opvolgen. Vooral het laatste half uur is echt heerlijk, en de voorgaande stukken zijn ook leuk.
Slechtst enkele keren dreigt de film uit de bocht te vliegen echter. Alle onderwaterscenes waren wat aan de saaie kant. Zodra de film ook een volledige sciencefiction omgeving krijgt is hij ook iets minder interessant. Als de film gewoon boven de grond of op de aarde afspeelt is de film een stuk leuker.
Acteerwerk is in het algemeen prima. Wahlberg is soms een beetje een te sterk aangezette rol. De drama faalt ook wel een beetje, en ik heb geen idee waarom deze soms zo overdreven is gebracht met rare, overdramatische muziek. Dat zijn vooral de minpunten.
Ook lijkt de film nooit echt een duidelijk verhaal te hebben. Het opent eigenlijk met een gevoel alsof je zojuist in de slotfase zit, haalt een hoop vreemde mythes erbij en speelt zich onderwater, in de ruimte en in de lucht af. De rust zit er duidelijk niet echt in.
Maar gelukkig maakt Bay dit goed met een hoop heerlijke actiescènes, vlotter geweld en een veel minder aanwezige rol van die saaie Optimus Prime. Hier wordt ruimte gemaakt voor de iets leukere bots, Prime vond ik altijd wat uit de toon vallen.
Dat er genoeg budget was, is wel duidelijk. Ik heb me zeker vermaakt. Gek hoe het minst beoordeelde deel uiteindelijk het leukste deel voor mij bleek te zijn. Bay mag dan een regisseur zijn die bekend staat om zijn explosies, het blijft een regisseur die het actiegenre echt helemaal onder de controle heeft.
Transit (2012)
Uiterst simpele misdaadthriller met een enthousiaste regisseur, die uiteindelijk op het vlak van kwaliteit simpelweg tekortschiet. De actiemomenten ogen rommelig in elkaar gezet, met onlogische montages en vaak lelijke zoom-ins die de adrenaline uit zo'n situatie volledig wegnemen. Acteerwerk is bovendien niet heel speciaal, maar Transit is verder wel lekker kort en kent een degelijke finale. Er rijden genoeg auto's in sneltreinvaart voorbij en onnodige plotwendingen worden gemeden, waardoor je als kijker garant staat voor snel vermaak. Regisseur Antonio Negret zou zichzelf er goed aan doen om de stilering van medecollega Wayne Kramer te bestuderen voor optimaal spektakelplezier.
Transporter 2 (2005)
Alternatieve titel: Le Transporteur II
Leterriers vervolg.
Ik heb deze film vroeger weleens gezien, maar ik herinnerde me er dusdanig weinig van dat ik het niet eerlijk vond als ik het een cijfer toekende. Ondertussen weer een keer opgezet, jaren nadat ik de andere delen heb gezien. Het viel niet tegen, het is een typische film die demonstreert dat regisseur Leterrier op de goede plek zit.
Statham speelt perfect. Hij is echt geknipt voor de rol als zwijgzame, maar charmante transporteur. Veel hoeft hij alleen op zijn dienst deze keer niet te doen, want ondertussen is hij een persoonlijke taxichauffeur voor een kind. De problemen komen vanzelf naar hem toe en eenmaal dat gebeurt is de film in principe onophoudelijke actie die behoorlijk lekker wegkijkt.
Snel geknipt, overtuigend geschoten en vooral heel veel achter elkaar. Dit is precies de soort actie waar ik van hou. Mijn persoonlijke favoriet is zonder twijfel de lang uitgesponnen vechtscene waar Statham het tegen een hele gang opneemt en er vervolgens 4 de vuilnisbak intrapt. Helaas geeft Leterrier de film inhoudelijk te weinig kleur. Met name de personages om Statham heen slaan nergens op. Valletta is onredelijk slecht, Gassmann als schurk niet charmant genoeg en het figuur van Nauta was al helemaal belabberd. Als Leterrier zijn film heel erg cool wil maken faalt hij genadeloos, maar bij de natuurlijkere aanpak slaagt hij met verve.
Ik heb er wel van genoten. Kort en bondig met weinig flauwekul. Inhoudelijk is de film een natte krant, dus al dat sentiment is redelijk misplaatst, maar eenmaal Statham dan de klappen gaat uitdelen loopt de film lekker buiten de verouderde CGI-scenes om. Ik geloof niet dat hier nog een film aan wordt gekoppeld, maar ik betwijfel dat iemand Leterrier gaat overtreffen met zijn eigen film.
Transporter 3 (2008)
Alternatieve titel: Le Transporteur 3
Niet bijzonder.
Vond dit niet meer hebben dan deeltje 1, ik moet deel 2 nog een keertje bekijken. Dit deel is vooral qua verhaal en acteerwerk wat vervelender, vooral die Rudakova was een vrij vervelend karakter en ze speelde soms ook behoorlijk irritant.
Nog steeds wel prima actie en Statham die goed in zijn rol past. Het probleem is dat dit soort films eigenlijk maximaal 2 films mogen hebben, bij deel 3 is hier de lol wel een beetje vanaf en zie je eigenlijk weinig nieuws aan het karakter van Statham.
Verhaal is ook eigenlijk hetzelfde, maar dan nog steeds met een vervelende knappe vrouw. Het blijft wel (gelukkig) vrij vermakelijk maar ik kan dit niet bepaald beter noemen dan de eerste. Deel 2 zal waarschijnlijk ook niet ver erbovenuit steken.
Transporter Refueled, The (2015)
We moeten geloven dat het personage van Ed Skrein een professional evenals een absolute perfectionist is, maar het helpt niet bepaald mee als je er binnen je klus in slaagt om al heel vroeg een stuk of 17 politieauto's te laten crashen. Het is uiterst bijzonder hoe vaak de meest achterlijke en ridicule manier wordt gekozen om een subtiele ontsnapping/vervoering uit te voeren, maar in het kader van een ongeloofwaardige actiefilm is dat enigszins begrijpelijk. Minder begrijpelijk is dat regisseur Camille Delamarre het dan wel nodig vind om enkele personages te voorzien van donkere en zware dramatiek. Bovendien lijken veel van die personages qua karakter en persoonlijkheid heel erg op elkaar, met vrijwel ieder vrouwelijk personage als ideaal voorbeeld. Niet dat de mannelijke personages het overigens veel beter doen. Skrein en Ray Stevenson zijn charmant, maar bijzonder eendimensionaal ingericht. De knokactie wordt relatief chaotisch geknipt en geplakt, maar de stunts zijn spectaculair en het tempo ligt hoog. Je denkvermogen uitzetten is bijna een plichtmatige kunst om deze film uit te zitten, maar gelukkig duurt het met 96 minuten op de teller niet te lang.
Transporter, The (2002)
Alternatieve titel: Le Transporteur
Vlot actiefilmpje.
Heb van alle delen stukjes gezien, alleen deel 3 heb ik afgekeken. Toen deze op TV kwam wou ik dus maar eens aan deeltje 1 beginnen. Ik vond hem ook nog best vermakelijk. Statham is nu wel een acteur die ik graag in actie zie (Mede door Furious 7)
Ook hier doet hij het wel redelijk. De actie is goed, de openingsscene vermakelijk en Statham kent zijn rol wel. Ook ontbreekt de film niet aan de nodige humor. De bad guys zijn maar een paar lummels, maar ze acteren redelijk.
Het enige minpuntje: Shi Qu, kan niet acteren, komt niet geloofwaardig over. Snap ook niet waarom ze voor haar hebben gekozen, ze is niet lelijk, maar ze heeft wel acteerlessen nodig. Hoop dat ze tenminste nu wat beter speelt dan deze zoutzakkerij.
Transsiberian (2008)
Prima hoor.
Toch wel weer een prima film van de beste heer Anderson. Ik had hem eigenlijk alleen maar uitgekozen voor 1 van mijn favoriete actrices, Kate Mara. Maar daar was ik al snel afgeleid van, want de film zelf is namelijk beter dan wat ik ervan had gedacht.
Sowieso is Rusland op de achtergrond een interessant gegeven. Harrelson en Mortimer zijn allebei vrij sterk, vooral Mortimer valt behoorlijk op. Oprechte, gemeende emotie die ze hier toont. Daarnaast zijn de sneeuwachtige landschappen ook altijd weer een genot om naar te kijken.
Het verhaal is wel wat traag, er had iets meer tempo in gemogen, maar uiteindelijk blijft het altijd wel boeien. Mensen die veel bruut geweld verwachtten zullen behoorlijk bedrogen uitkomen, want het geweld is hier vrijwel minimaal, dus zal je het met de acteurs zelf moeten doen.
De film blijft voor een groot deel vrij sterk, maar de slotfase is (weer) nogal ongeloofwaardig. Anderson maakte dezelfde fout al met zijn latere The Call. Hier moet nog aan gewerkt worden voor hem, want dat haalt alle kracht ook wel een beetje uit de film.
Gelukkig is alles wat daarvoor in beeld komt prima uitgevoerd en heb ik dit prima uit kunnen kijken. Misschien wel iets waar je van moet houden, maar de sfeer is prima uitgevoerd waardoor het voor mij nergens echt saai werd. Maar goed, als ik iets saai vind, dan moet de film zich er echt wel zijn best voor doen.
Trap (2024)
Gewoon een vermakelijke genrefilm van regisseur M. Night Shyamalan. Uiteraard bereikt Trap niet het niveau dat deze heer ooit wist neer te zetten, maar 't gaat min of meer perfect in dezelfde lijn door als zijn recentere projecten. De volle focus op vermaak gecombineerd met degelijk acteerwerk en genoeg tempo weten namelijk ook van deze film een entertainend geheel te maken, met een uitstekende Josh Hartnett op de voorgrond. Uiteraard is er hier op inhoudelijk vlak weinig logica te bekennen en het schiet zelfs in de laatste 40 minuten geregeld uit de bocht, maar het eerste uur is op-en-top plezier met een fijne flair. Shyamalan wisselt de spanning verder prima af met humor en mystery, al had ik er zelf voor gekozen de clou iets minder snel weg te geven. Ik herken mezelf niet in de zeer stevige kritiek die andere medegebruikers geven, wellicht dat mijn relatief getemperde verwachtingen toch hebben geholpen.
Trap House (2025)
Bijzonder om te zien dat een regisseur als Michael Dowse zich tegenwoordig verbindt aan dit soort bezopen, slecht uitgedachte verhaaltjes. Trap House is op geen enkel vlak logisch te verklaren, waarin een aantal tieners het zonder enige moeite kunnen opnemen tegen georganiseerde misdaadbendes. Het acteerwerk is redelijk, ook al krijgen alle castleden sterke weerstand door middel van de houterige dialogen die ze worden toebedeeld. Dowse doet gelukkig wat terug op het vlak van actie, maar als het dan echt op de finale moet aankomen oogt het allemaal zielloos en ondoordacht. Het is bovendien vreemd dat er zoveel melodrama bij is komen kijken.
Tras el Cristal (1987)
Alternatieve titel: In a Glass Cage
Kunstzinnig en tot op zekere hoogte erg verontrustend, maar regisseur Agustí Villaronga slaagt er niet in om het psychologische aspect naar behoren uit te werken. Je kan natuurlijk een hoop overlaten aan de interpretatie van de kijker, maar ik vond de ontwikkeling van David Sust simpelweg ongeloofwaardig. Villaronga lijkt ook vooral te willen scoren met choquerende beelden, een iets te makkelijke uitweg om een impact van dit kaliber te maken. Niettemin pakt de verhouding tussen de twee hoofdpersonages best interessant uit omdat de film niet bang is de grenzen op te zoeken, ondanks het middelmatige acteerwerk. De meeste punten worden verkregen met het concept, het jammerlijke is dat het gevoel van machteloosheid of begrip nergens wordt overgebracht. Het onvoorspelbare verloop is verder een dikke plus en Villaronga komt qua originaliteit een heel eind, maar uiteindelijk vond ik het diepere laagje te onafgemaakt om te overtuigen.
Trash Fire (2016)
Alternatieve titel: The Wrath
Oké.
Film met meerdere gezichten. Bates Jr. kiest met deze film opnieuw voor een ander pad, maar vermengt niettemin nog steeds dezelfde humor in Trash Fire. Ik kan het tot een bepaald punt best waarderen, maar met de films van Bates Jr. zit er altijd wel iets in de weg eigenlijk. Hierdoor zat er voor mij tot nu toe nooit een echt meesterwerk tussen.
Toch vond ik Trash Fire beter dan een Suburban Gothic of een Excision. Die films wisten beiden op een bepaald vlak zeker indruk te maken, maar Trash Fire voelt als geheel vlotter en vermakelijker aan. Net als bij zijn vorige films kiest Bates Jr. voor een hele specifieke richting en probeert hierin zijn balans te vinden, maar dat wil nog weleens wankelen hier en daar. Toch voelt deze film als resultaat iets completer aan.
Vooral omdat het eigenlijk niet echt een horrorfilm is verder. Meer een komedie met korte romantische en thrillermomenten. Beide genres worden erg in toon gehouden, want het zijn vooral de scherpe dialogen en vreemde typetjes die deze film opvullen. In de eerste helft weet dit aardig te werken dankzij twee scherpe rollen van Grenier en Trimbur.
Die twee hebben ook wel degelijk chemie en weten dankzij hun bovengemiddelde acteerwerk de film te verheffen naar een vermakelijk resultaat. Het is niet grensoverschrijdend, maar ook absoluut niet vervelend. De regie van Bates Jr. heeft daarnaast ook meerwaarde met wat aardige decoraties en on-point camerawerk die nog weleens buiten het boekje wil gaan.
Verder duurt de film ook niet lang, maar neemt een iets vermoeiendere wending in de tweede helft. De poster belooft een gekke film, maar dat komt niet van de grond. Uiteindelijk zal je, als je het zo promoot, ook wel iets moeten doen met de horror en dat blijft hier beperkt. Omdat de film nogal kleinschalig blijft voel je je als kijker mogelijk een beetje bedrogen, en dat is jammer.
Tweede helft sleept dus een beetje, maar verder vond ik dit een best lollige film hier en daar. Niet alles raakt, maar de scherpe dialogen zorgen er in ieder geval voor dat het als geheel vermakelijk blijft. Nu ben ik benieuwd wat Bates Jr. met zijn volgende film in elkaar heeft gestopt. Qua ideeën probeert hij steeds een andere richting uit, maar de afwerking en daadwerkelijke horror mogen iets beter uithalen.
Trauma (2017)
Eerste horror uit Chili.
En dat laat in ieder geval wel mooi zijn stempel achter. Het is lang geleden dat ik weer een echt harde film heb gezien, en die periode is dan mooi verbroken met deze Trauma. Benieuwd of er nog meer Chileense horrorfilms zijn die ook zo rauw zijn.
De film is schijnbaar politiek overladen, maar dat was in mijn optiek niet erg te merken. Vond het een wat slap excuus om een hard verhaal wat begrijpelijker te maken. Uiteindelijk is het voor mij gewoon een goede, sterke horror met wat lichte erotiek dat niks toevoegd.
Ondanks dat ik zie dat het naakt blijkbaar aanslaat bij het publiek, vind ik het maar niks. Vond het vaak nogal overdreven zelfs. Elke keer weer die neiging om wat naakt te laten zien zodat het wat vlotter en vermakelijker is vind ik simpelweg lomp en lui.
Maar als het op horror aankomt komt de film behoorlijk binnen. Al bij de opening wordt de toon gezet en op een behoorlijke manier. Dan gebeurd er voor een kleine 30 minuten niks en dan is het weer raak. Een echte impact liet het niet na, maar het is duidelijk wel een stuk harder.
Visueel goed. Lekker rauw sfeertje dat door de film hangt en dat is ook wel nodig omdat de beelden zelf ook best rauw en bruut zijn. De gore is goed, alhoewel er soms wel zichtbaar niet al te veel budget is. Ook is de film behoorlijk actievol hier en daar, dat ik niet meteen heb verwacht.
De film is vooral gewoon erg hard en dat is wat de film doet opvallen. Het vermaakt de volle 106 (geen 110) minuten. Soms vond ik het wat lui, (de naaktheid) en soms vond ik het sterk. Geen hele goede, maar vooral harde en grove horrorfilm.
Trauma Center (2019)
Alternatieve titel: Trauma Cen+er
Trauma Center ziet er bij vlagen sfeervol uit en Nicky Whelan doet het aardig in de hoofdrol, maar deze thriller van regisseur Matt Eskandari komt bijzonder saai voor de dag. Er gebeurt een heleboel en toch weet het geen moment te beklijven, mede door een gebrek aan spanning, vernieuwing en goed acteerwerk. Specifiek Bruce Willis bakt er nogal weinig van, maar ook de overige personages creëren erg weinig. Het kabbelt allemaal voorwaarts naar een teleurstellende finale met betrekkelijk weinig tempo. Voor een aantal technisch knappe camerabewegingen en Whelan zijn er nog bonuspunten, maar dat redt het eindresultaat beslist niet.
Trauma Porn Club (2024)
Lekker directe titel, maar de inhoud van de film doet er toch behoorlijk aan onder. Regisseur Michael Middelkoop mocht het vierde filmpje binnen de Koolhoven Presenteert-reeks op zich nemen en iedere deelnemer kreeg daarin volledige vrijheid, maar wel overduidelijk met een kleinschalig budget. Trauma Porn Club is vooral zo'n film die in de basis best interessant uitpakt, maar nergens echt hard durft uit te halen. De groteske finale is veel te kort en afzonderlijke horrormomenten veel te tam, niettemin zijn dat juist de scènes die een film als deze moeten maken. Daar komt ook nog bij dat de neerwaartse spiraal van Sigrid ten Napel (door het middelmatige acteerwerk) niet uit de verf komt en de dialogen hoogstwaarschijnlijk niet zijn nagelezen. ”Ga jij mij pijn doen” bijvoorbeeld kwam er zo ongemakkelijk uit (in de negatieve zin) dat ik me afvroeg waarom ze dat moment niet integraal geschrapt hadden. Wel knap gedaan is de visuele meerwaarde van de film, die door Middelkoop strak onder de controle wordt gehouden en een eigen sfeerzetting over het geheel uitroept. Ik vind dit tot nu toe de minste film uit de serie, maar voor Nederlandse standaarden is het op z'n minst weer iets nieuws. Extra punten voor het redelijk onvoorspelbare verloop.
Traumatika (2024)
Semi-overtuigende horrorthriller met een sterke eerste helft, waarbinnen regisseur Pierre Tsigaridis de dramatiek overslaat en direct begint met doordenderend gegriezel. De atmosfeer zit er goed in, de spanning wordt sterk opgebouwd en de verveling slaat nergens toe. Daardoor is het extra jammer dat de tweede helft aanzienlijk trager van aard is en veel minder goede ideeën uitwerkt. Het hele gedoe rondom de moordenaar wil niet onderhouden en de finale mist de atmosfeer die de eerste 45 minuten wel hadden. Gevoelsmatig leek Tsigaridis niet helemaal te weten hoe zijn film moest laten eindigen, waardoor er onafgemaakte concepten ongelukkig worden geïntroduceerd.
Tre Volti della Paura, I (1963)
Alternatieve titel: Black Sabbath
Matigjes.
Van tevoren was ik niet op de hoogte dat Black Sabbath een anthologiefilm betrof, ik wist enkel dat het onder handen genomen zou worden door regisseur Mario Bava (en Salvatore Billitteri). Een grote naam onder de horrorliefhebbers, maar ik werd er niet bepaald warm van. Zo slecht als ik dacht werd de film uiteindelijk niet, maar er zat niettemin geen segment tussen dat wist te charmeren.
The Telephone (1,5*). De potentie is er zeker, vooral aangezien dit stukje film als een raket uit de startblokken schiet. Geen introducties of achtergronddramatiek, de mysterieuze belletjes gaan meteen af en voeren de horror direct op. Het spijtige is dat het daarna niet zoveel meer te bieden heeft. Het acteerwerk is erbarmelijk, de spanningsopbouw slordig en de plotwending compleet stompzinnig. Het appartement ziet er verder gedetailleerd uit, maar de makers vangen er simpelweg niets mee aan.
The Wurdulak (2,5*). Binnen deze volledige anthologiefilm zeker het beste segment, maar slechts gematigd boeiend. Met name de locaties ogen sprookjesachtig en sfeervol, bijgestaan door knappe details en eigenzinnige decors. Het acteerwerk is niettemin (wederom) schandalig onder de maat en de concepten die uiteindelijk uit de doeken worden gedaan zijn wel heel vergezocht. Dit stukje moet het toch hebben van de psychologische onderlaag waardoor het uiteindelijk bij een dood eind terechtkomt, aangezien geen van de personages maar enigszins weten te boeien.
The Drop of Water (2,0*). Het enige segment met een zeker gevoel voor spanningsopbouw, maar de uiteindelijke pay-off oogt zo idioot dat het de rest van dit stukje omver blaast. Het acteerwerk is bovendien opnieuw zeer slecht, toch bijzonder hoe er zoveel actrices worden gestrikt die niet kunnen acteren. Je zult bijna denken dat ze er enkel als sit-still-look-pretty figuren staan. Het huis ziet er verder gedetailleerd uit en er komt een zekere dreiging van het onbekende vanaf, maar eenmaal bekend wordt wat er precies gaande is mondt de film uit in een flinke domper.
Het gemiddelde cijfer is een 2,0*. Tot op zekere hoogte kon ik er wel wat mee, maar de ideeën komen toch wel wat armoedig over. Alsof dit de concepten waren die niet voor een langspeelfilm uitgevoerd konden worden en daarom half uitgewerkt bij elkaar worden gesmeten. Ik ben best te porren voor een anthologiefilm, maar het blijft bijzonder hoe er zelden eentje op een goed gemiddelde uitkomt.
Tree of Life, The (2011)
Ik vond het een erg indringende, herkenbare registratie van een neerwaartse familiespiraal en ik kon de hele film lang de mentale pijn van de acteurs/actrices voelen. De unieke regiebenadering van Terrence Malick maakt van The Tree of Life een uiterst onderscheidende en subtiele ervaring die echter geen geheel oplevert dat iedere kijker zal smaken. Het knip- en plakwerk is vluchtig, de cameraregie uiterst nerveus en de atmosfeer dromerig, maar het zijn allemaal stijlkeuzes die de voortgang van het verhaal ten goede komen en het concept ondersteunen. Malick oogt soms zelfingenomen met een lange sequentie over het ontstaan van de aarde die onhandig in het verhaal wordt geplakt en veel willekeurige scenes die niet allemaal evenveel toevoegen, maar uiteindelijk zijn de 188 minuten (de editie die ik heb gekeken) opmerkelijk genoeg geen lange zit. Wat je ook van het gebeuren vind, The Tree of Life levert een uiterst bijzondere filmreis op die me op bepaalde momenten erg wist te raken. Zonder twijfel mijn favoriete filmbijdrage van Malick.
Tremors (1990)
Erg lollig.
Wou deze film al best lang zien, omdat hij me toch wel erg grappig leek. Die poster alleen al, neemt Jaws voor een gedeelte goed in de zeik. Die wormen zien er ook zo leuk uit. Natuurlijk alles behalve realistisch, maar zo leuk.
Ward & Bacon zijn een best lollig duo. Beide overacten enorm en dat maakt de film dan ook zo leuk. De rest is soms ook wel lollig, maar halen het niveau wat de twee heren spelen ook niet meer. De sets zijn ook best leuk, het heeft echt wel een arme woestijn uitstraling.
Het eerste deel van de film is wat minder, maar het tweede deel is zo leuk. Die wormen komen ook echt in beeld. De Graboid cams zijn ook leuk. Soms zelfs ondergronds. Maar het beste is toch wel als de wormen soms uit elkaar spatten met oranje blubber.
Best geslaagde en soms lompe en lollige film. Natuurlijk niet een hoogstaander, maar een erg leuke ervaring voor die 96 minuten.
Tremors 3: Back to Perfection (2001)
Het derde deel.
Het eerste deel blijft van de eerste drie in ieder geval nog altijd het beste deel, maar dat was ook te verwachten van een reeks die zichzelf niet serieus neemt en daardoor steeds verder in dwaze concepten vervalt. Soms kan het werken, maar de duidelijk goedkopere en makkelijkere aanpak van deze reeks is daarin niet voordelig.
Toch blijft het concept waarbij grote worm naar klein beestje naar vliegende bedreiging evalueert best lollig te noemen, en ook goed gevonden. Voor wezens die echter al zo lang hebben bestaan is het bijzonder dat deze mutaties nu pas opduiken, maar in kader van eindresultaat en verhaal maakt het weinig verschil. In ieder geval niet voor mij.
De aanpak van de film blijft een beetje hetzelfde als het tweede deel. De leukste scenes zijn afkomstig van de Graboids zelf en daarom is zo'n park voor Graboids ook leuk gevonden. Jammer genoeg zie je ze in dit geval enkel boven de grond komen en niet bewegen of exploderen, en hebben daardoor toch een stukje minder charme. De geanimeerde mutaties zien er namelijk best slecht uit.
Het camerawerk is lekker druk maar de film zelf blijft er wat kaal uitzien, en de spanning ontbreekt op een hoop momenten. De film gaat veel voor komedie, maar regelmatig ook voor spanning, en zo'n uit de hand gelopen pretpark voor die beesten is dan ideaal gevonden. Helaas is dit hier niet het geval, het blijft toch wat terughoudend en te braaf.
Cinematografisch talent ontbreekt en tevens een beetje gevoel voor humor die het eerste deel wel heel goed had. Het duurt ook allemaal net wat te lang en het personage van Gross is er niet veel leuker op geworden. Tussendoor zitten er nog wel lollige momenten tussen, maar in zijn geheel blijft de film iets te makkelijk en soms ronduit taai. Weer een stapje terug in de reeks.
Tremors 4: The Legend Begins (2004)
Fijn dat regisseur S. S. Wilson de praktische effecten met dit vierde deel weer in volle glorie terugbrengt. De nogal matige computereffecten begonnen in het verleden namelijk een te grote rol te spelen. Helaas wijken de schrijvers niet echt af van het basisgegeven, waardoor het wederom weinig verrassend uitpakt op inhoudelijk vlak. Dit soort films draaien natuurlijk om het vermaak, maar steeds hetzelfde zien eist uiteindelijk zijn tol. Niettemin kent het gebeuren nog wat excentrieke figuren en een charmante finale. Eenmaal de Graboids boven de grond steken leeft de film behoorlijk op, maar buiten het feit dat dit een oorsprongsverhaal is blijft het een uitgekauwd gebeuren.
Tremors 5: Bloodlines (2015)
De vorige vier delen werden in de staat Californië opgenomen, maar regisseur Don Michael Paul brengt dit vijfde deel voor de verandering naar Zuid-Afrika. Michael Gross keert ook hier weer terug en kent dit keer het gezelschap van Jamie Kennedy. Samen vormen ze een aardig duo, maar gaan uiteindelijk behoorlijk vervelen. Met name omdat deze film het erg moet hebben van de humor en minder van de actiescenes, maar dat gaat op den duur knagen aan de kijker. Tremors 5 kent overigens weer een terugval naar computereffecten. Ze zien er wat beter uit ten opzichte van de voorgaande delen, maar missen daarmee de smerigheid die voor het nodige plezier moet zorgen. De finale is gelukkig spectaculair en de personages blijven vermakelijk, maar dat weerhoudt het gebeuren er niet van om geregeld saai uit de hoek te komen. Extra spijtig is dat de protagonisten enkel met twee vijanden te maken hebben.
Tremors II: Aftershocks (1996)
Alternatieve titel: Tremors 2: Aftershocks
Stapje terug.
Vooral gekeken omdat deze binnenkort van Netflix verdwijnt, en ik niet verwacht dat de reeks van Tremors nog snel op TV zou komen. Ondanks ik er nog redelijke verwachtingen had uitgehaald, was ik verbaasd te zien dat dit eigenlijk qua lol ook niet in de buurt komt.
Het tempo is een stuk saaier vooral. Ondanks dat de film soms nog best lomp is en enkele grappige momenten kent, is de lompe lol van deel 1 nergens echt meer te bekennen en de spanning is er eigenlijk ook al volledig uit weggenomen.
Vooral omdat wormpjes opblazen nu veel makkelijker lijkt te gaan, en bij deel 1 waren ze nog wat onvoorspelbaarder en enger. Als ze dan vervolgens vervangen worden door een soort groepje Konijnen trekt de film zich eigenlijk volledig terug.
Ook begint de film soms CGI te gebruiken, en dan valt hij nagenoeg in elkaar. Van de echt smerige sfeer is er minder sprake. Ook speelt een deel zich plots af in een graslandje, inplaats van de woestijn, en dan krijg je nagenoeg een compleet verschillende Tremors dan deel 1.
Alhoewel het nog best redelijke momenten kent, is dit deel saaier en in het algemeen wat minder. Jammer, want deel 1 was destijds best een positieve verrassing.
Tremors: A Cold Day in Hell (2018)
Alternatieve titel: Tremors 6
Zoals wel vaker bij een horrorreeks daalt het niveau per film en regisseur Don Michael Paul maakt die verwachting met dit zesde deel meer dan waar. Het vorige deel kende al een beperkt aantal vijanden en dit zesde deel zet die schaarsheid voort. Het zorgt voor een formaat dat min of meer exact op het vorige deel lijkt, maar dan tegenover een ijsvlakte. Erg koud ziet het er verder niet uit (het werd tenslotte wederom in Zuid-Afrika gefilmd omdat de koude bergen van Bulgarije geteisterd werden door een zware sneeuwstorm) en de actiescenes komen saai voor de dag, maar de personages weten gelukkig nog enigszins voor redelijk vermaak te zorgen. Paul is duidelijk dol op de effecten waarin je een worm onder de oppervlakte ziet bewegen, maar zet dit dermate vaak in dat je het na enige tijd wel gezien hebt en dan volgt het moment nog een keer of zeven. Tremors 6 vormt nu toe het minste deel van de reeks.
Tremors: Shrieker Island (2020)
Alternatieve titel: Tremors 7
Ten opzichte van het oninteressante vorige deel is Shrieker Island weer een kleine vooruitgang, maar ondertussen begint de indruk sterk te heersen dat de makers gewoon naar verre landen op vakantie wilden gaan. Dit keer mogen we ons in de landschappen van Thailand bevinden, waar met gemuteerde varianten afgerekend moet worden. Wederom zet regisseur Don Michael Paul sterk in op de computereffecten en laat de praktische effecten zoveel mogelijk achterwege. De actiescenes worden met wat meer tempo en adrenaline opgezet, maar eenmaal de Graboids of de Shriekers in beeld komen beginnen deze scènes wel heel erg te lijken op bepaalde momenten binnen de twee voorgaande delen. Wormen die zich bijvoorbeeld bovengronds bewegen als kurkentrekkers of de ontploffingen wanneer zo'n beest zich onder de oppervlakte beweegt zijn qua opzet letterlijk gekopieerd van de voorgangers. Het gevoel dat je alles (zeer letterlijk) al eens eerder hebt gezien hangt daarom continue in de lucht en het gebrek aan vernieuwing zorgt dan ook voor een boel saaie momenten. Positief is dat Richard Brake hier een bijrol mag vertolken, al was dit duidelijk niet specifiek voor zijn aanwezigheid geschreven.
Trespass (2011)
Ietwat flauwe gijzelingsthriller van de ervaren regisseur Joel Schumacher, die zijn desbetreffende ervaring in zijn laatste speelfilm helaas niet overtuigend kon doorvoeren. Niettemin wordt er vanuit de regie genoeg ondernomen om de boel op gang te helpen, met een duidelijk gevoel voor opbouw van druk en chaos. De hysterie kent geregeld wat knappe opvoer van tempo en de acteerprestaties van met name Nicolas Cage en Cam Gigandet vallen op, maar het scenario van Karl Gajdusek is nogal dwaas. Te vaak wordt er gegrepen naar toevalligheden en ongeloofwaardige plotwendingen, die toch steeds wat te nonchalant geïntroduceerd worden. Zeker richting de finale vliegt de film uit de bocht, de "romantische" onthullingen bijvoorbeeld om de onderhuidse spanningen op te krikken werken namelijk simpelweg niet. De makers hadden zich er goed aan gedaan wat minder naïef te beginnen aan het schrijfwerk, maar Trespass includeert wel genoeg spektakel, tempo en onrust voor een korte en boeiende kijkervaring.
