• 17.042 nieuwsartikelen
  • 181.683 films
  • 12.531 series
  • 34.672 seizoenen
  • 654.555 acteurs
  • 200.265 gebruikers
  • 9.452.482 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten El Loco als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

M - Eine Stadt Sucht einen Mörder (1931)

Alternatieve titel: M

Tot gisteren waren Duck Soup en The Invisible Man uit 1933 de oudste films die ik gezien had, maar daar is met deze M - Eine Stadt Sucht einen Mörder nu verandering in gekomen. En eerlijk gezegd heeft deze film de tand des tijds makkelijk doorstaan en is het de dag van vandaag nog een sterke thriller. De paranoia die Fritz lang in deze film weet te brengen, is erg sterk gedaan. Het onderzoek naar de kindermoordenaar wordt steeds strenger en strenger gevoerd, waardoor niemand echt meer veilig is en zeker de onderwereld krijgt hiermee problemen.

De scène waarbij afwisselend van het politieonderzoek naar de bijeenkomst van de criminelen wordt geswitcht, behoort tot de beste uit de film. Verder zijn de scènes waarbij de criminelen de kindermoordenaar weten te vangen in het gebouw en de afsluitende processcène zeker het vermelden waard. Sommigen zullen Peter Lorre verwijten aan overacting te doen, maar de monoloog die hij opvoert voor het 'tribunaal' vond ik wel sterk overkomen. Het lijkt me ook niet vreemd, komende vanuit de silent cinema om er veel non-verbale emoties bij te voegen zoals zijn wijd gesperde ogen. Ook het vraagstuk of het volk het heft in eigen handen mag nemen tegen de misdaad blijft een interessant thema om uit te spelen in een film. Ook op vlak van cinematografie en camerawerk zitten er knappen dingen in zoals het schaduwspel of de achtervolgingen in de straten.

Ik was ook altijd benieuwd waarom deze film nu precies M heet, maar het markeren van de verdachte met de letter M is een knappe vondst. In ieder geval is dit een prima thriller van Fritz Lang dat terecht als een klassieker beschouwd wordt. Ik twijfel weer ergens tussen een 3.5* en 4*, maar een aantal erg sterke scènes geeft dan toch de doorslag voor een 4*.

4*

Ma Nuit chez Maud (1969)

Alternatieve titel: My Night at Maud's

Het is nog maar de tweede van Éric Rohmer die ik gezien heb na Le Rayon Vert, maar deze haalt jammer genoeg niet het niveau van die film. Het is een pure praatfilm waar de dialogen voorop staan en het zijn die dialogen die mij weinig konden boeien. Eén uur lang gaat het over een of andere filosoof en zijn ideeën over het geloof, wiskunde en de liefde. Het kan interessant zijn als je er enige voeling mee hebt, maar ik had er erg weinig aan.

Na de intellectuele gesprekken kwam er meer ruimte voor de romance met Maud, maar ook daar voelde ik maar weinig chemie. Die chemie kon ik wel meer terugvinden in de scènes tussen Jean-Louis en Françoise die op een meer natuurlijke manier overkomen. Het is wel een groot verschil met Le Rayon Vert waar de dialogen erg naturel en alledaags overkomen, maar dat gevoel had ik hier maar weinig.

2*

Machete (2010)

Machete….Wat een aangename verassing zeg! Ik dacht de avond even door te brengen met een doordeweekse actiefilm, maar Machete had meer dan dat te bieden. Daarbij moet ik wel zeggen dat ik Danny Trejo enkel kende uit ‘From Dusk Till Dawn’. De rest van de cast deed me gewoon watertanden: De Niro, Seagal, Lohan en Alba.

De openingsscène is al meteen om je vingers van af te likken. Je krijgt al meteen een geweldige introductie van Machete te zien, waardoor je meteen al weet wat voor actie de film zal bevatten. Een hoofd meer of minder afslachten maakt helemaal niet uit voor gevechtsmachine Danny Trejo. En dan verschijnt plots Steven Seagal op het voorplan, maar dan voor de eerste keer dat ik weet als badguy. Na die geweldige opening maakt de film tijd om het verhaal uit te leggen. Juist wanneer ik dacht dat de film een beetje tempo terugnam, kwam er toch weer steeds een heerlijke scène. Neem nu die scène waarbij Machete uit het ziekenhuis ontsnapt, door de darmen van zijn belager te gebruiken als touw, zalig moment.

De film zit vol met bekende namen, maar toch is het voor mij de minst bekende Danny Trejo, die een onuitwisbare indruk op mij heeft achtergelaten. Zijn gezicht alleen al is goud waard, die stoere zwijgzame blik, echt geweldig. Ook zijn korte, maar hilarische oneliners zijn om van te smullen: Machete don’t text en Machete improvises. Robert De Niro doet het altijd uitstekend, nu als Mexicanen hatende senator. Echt grote rollen zal hij wellicht niet meer spelen, maar zulke rollen weet hij nog altijd meester van zich te maken Ook Johnson was prima. Verder bevat de film ook een trio sexy dames Alba – Lohan – Rodriguez. Lohan kan ik eigenlijk missen als de kiespijn, maar als het om een naaktscène in een zwembad gaat, mag ze voor mij part in elke film meedoen. Gelukkig staan de 2 andere dames op gebied van acteertalent een stuk verder dan haar. Voor de rest zijn er een aantal leuke bijrolletjes zoals de priester en de bodyguards van Fahey: “I quit”, hilarisch! Ook Steven Seagal loopt op zijn oudere dag nog rond in de film, maar buiten de eindscène, waar hij overigens voor het eerst dat ik weet sterft, komt hij weinig in het stuk voor.

Veel bloederige en gore scènes, humoristisch en coole personages. Zo zou ik Machete het best kunnen omschrijven.

****

Machinist, The (2004)

Alternatieve titel: El Maquinista

Na ruim 10 jaar dat ik deze voor het laatst zag, was de stevige vermageringskuur van Chirstian Bale het enige dat me nog echt was bijgebleven. The Machinist heeft een heerlijk donkere en mysterieuze sfeer waar ik een enorme fan van ben. De meeste scènes spelen zich in het donker af (de fabriek, de nachtelijke koffiestop op de luchthaven, de scènes in het appartement,...) en de donkere wolken zorgen voor een intense onderhuidse spanning.

Qua verhaal hebben we dit al vaker zien passeren in films. Een man heeft een trauma weten te verdringen, maar langzamerhand komt de waarheid weer naar boven. Als kijker moeten we alle puzzelstukjes in elkaar zien te passen en hallucinaties en realiteit uit elkaar weten te houden. Behalve de heerlijke sfeer is het personage van Ivan een leuke toevoeging aan het geheel.

4*

Madame De... (1953)

Alternatieve titel: The Earrings of Madame de...

Net zoals Le Plaisir is dit een film die best z’n charmes heeft en dat is vooral te danken aan het heerlijke camerawerk van Ophüls. De bewegingen die hij registreert en dan vooral tijdens de dansscènes zijn toch wel bijzonder.

Verder is het geen al te bijzonder verhaal rond liefdesproblemen bij mensen uit de hogere Franse kringen, waarbij het verloop van de oorbellen van de barones centraal staat. Iets bijzonders heb ik niet kunnen ontdekken in heel het verhaal en het soms theatraal acteren van de barones met het veelvuldig flauwvallen heb ik er maar bijgenomen.

Ik twijfel hier tussen een 2.5* of 3*. Bijzonder was het niet, maar slecht ook niet. Ik heb me er nog redelijk mee kunnen vermaken, dus Ophüls verdient het voordeel van de twijfel.

3*

Magnificent Ambersons, The (1942)

Hier heeft Orson Welles me toch op mijn honger laten zitten. In de weliswaar korte zit van 88 minuten heb ik weinig bijzonders kunnen ontdekken. Uiteindelijk is het een vrij saai gebracht rise and fall liefdesverhaaltje dat zich afspeelt in een upper class omgeving.

Ik lees dat er zou geknipt zijn in deze film en dat is achteraf niet echt een verrassing. Vooral tussen Eugene en Isabel voelde ik maar weinig liefde. Al doet Tim Holt het best wel goed als de vervelende zoon die zijn moeder de relatie niet gunt met Eugene.

Vrij snel vergeten dan maar deze The Magnificent Ambersons.

2*

Magnificent Seven, The (1960)

They were seven - And they fought like seven hundred!

Ik had vandaag nog eens enorm veel goesting om een western te zien. The Magnificent Seven sprak me onmiddellijk aan, mede dankzij de aanwezigheid van Eli wallach natuurlijk.

Uiteindelijk is The Magnificent Seven een oerdegelijke westernfilm geworden, maar absoluut geen topper à la creaties van Sergio Leone. De film begint erg goed met de mooie muziek van Bernstein en de kennismaking met de schurk Calvera, gespeeld door Eli wallach. Qua sfeer heeft deze film mij zeker en vast kunnen bekoren. Die typische westernsfeer heeft voor mij altijd al iets magisch gehad en ook in deze film is die sfeer sterk aanwezig. De typische landschappen, de mooie setting van het dorpje en natuurlijk het vaak terugkerend deuntje van Bernstein zorgen voor een prima sfeerschepping. Het verhaal zelf is nogal vrij simpel. Een beroepsschutter die de opdracht krijgt om een dorpje te beschermen en daarbij de hulp inroept van 6 collega’s. Jammer dat de opbouw naar de confrontatie met Calvera me niet altijd even hard wist te boeien, want dat nam toch het grootste deel van de film in beslag. Als de opbouw meer momenten had gehad zoals Britt die iemand met een mes vermoord in een cowboyspel, dan was het eigenlijk perfect geweest. Misschien was ik gewoon veel te ongeduldig voor de confrontatie tussen Calvera’s bende en de Magnificent Seven. Maar mijn geduld werd zeker beloond, want de twee confrontaties waren zeker en vast de moeite waard.

Ik had deze film in de eerste plaats opgenomen omdat Eli wallach hierin meespeelt. Sinds ik hem voor het eerst bezig zag als Tuco in The Good The Bad and The Ugly, heeft hij een soort van heldenstatus van mij gekregen. Voordat ik de film opstartte wist ik niet welke rol hij zou spelen, maar ik had zo’n vermoeden dat hij wel als schurk zou uitgespeeld worden en dat bleek ook zo te zijn. Geweldig hoe hij de rol van Calvera weet in te vullen, maar zo’n rol is dan ook helemaal op zijn lijf geschreven. De openingsscène waar hij in het dorp de oogst komt stelen is al meteen een schot in de roos. Jammer genoeg komt hij daarna een lange tijd niet meer in beeld en wordt er vooral geconcentreerd op de Magnificent seven. Yul Brynner vond ik nu niet meteen een goede prestatie neerzetten. Ik weet niet goed wat ik van hem moet vinden, maar hij kwam vrij emotieloos over en de rol van cowboy leek hem niet erg goed te liggen. Steve Mcqueen vond ik dan weer wel overtuigen als tweede leider van de bende. Wat wel zeer opvallend was en ook een beetje jammer, was dat Horst Buchholz die Chico speelt nogal vrij vaak aan het woord mag komen. De scène in de bar en wanneer hij de boeren toespreekt is hij enorm irritant en dat doet ook wat afbreuk aan de film. De rest van de cast is perfect verwaarloosbaar en dat is nu niet echt een goede zaak. De rollen van Charles Bronson, Vaughn en Coburn waren erg beperkt.

Zoals ik al zei is The Magnificent Seven een oerdegelijke film in zijn genre, maar er waren ook wel minpuntjes die me beletten een hoge score te geven.

3,5*

Magnolia (1999)

Magnolia is zo’n typische film die je nu eenmaal moet gezien hebben en een paar dagen geleden was het eindelijk zo ver, maar het bleek niet de topper te zijn die ik verwachtte.

Wel zijn er twee positieve dingen die ik wil onthouden van deze film. Hetgeen me wel aanspreekt aan deze film is dat ze erg hoopvol is. Dan denk ik vooral aan Claudia die haar glimlach eindelijk terugvindt door vriendschap en liefde te krijgen van Jim. Diezelfde Jim lijkt dan toch de liefde van zijn leven eindelijk gevonden te hebben. Ook voor Stanley ziet de toekomst er hoopvoller uit dan Donnie op diezelfde leeftijd. Hij durft zijn vader wel te confronteren met de extreme druk die hij hem oplegt.

Het tweede positieve punt aan Magnolia is de cast. Ondanks dat er veel personages zijn, kan ik niet iemand aanduiden die tegenviel. Vooral Reilly en Walters acteren op een erg hoog niveau als agent Jim en Claudia. Het samenspel tussen die twee was echt genieten. Ook Tom Cruise valt hier in positieve zin op. Ik had de hoop al opgegeven, maar na Eyes Wide Shut en deze Magnolia blijkt hij toch te kunnen acteren. Verder weten Macy en Hoffman me meestal wel te bekoren.

Waar de film voor mij tekort schiet zijn de verschillende verhaallijnen. Buiten de verhaallijn van Jim en Claudia, konden de andere verhaallijnen me amper boeien. Tom Cruise als TV-persoonlijkheid, Earl Partridge die op sterven ligt en zijn vrouw die compleet hysterisch wordt, de quiz waarvan de presentator aan kanker lijdt. Geen enkel kon me echt boeien en de verbondenheid tussen elk van deze personage waar iedereen vol lof over is, deed me maar heel weinig. Die kikkerregen tenslotte vind ik ook maar een anticlimax. De betekenis ervan is wel duidelijk, maar ik ben sowieso een tegenstander van onlogische/onrealistische gebeurtenissen in een film die toch erg realistisch is.

Magnolia is zo’n typische film die je raakt of niet. Bij mij doet het niet bijzonder veel. Paul Thomas Anderson is voor mij een wisselvallige regisseur. Punch-Drunk Love vond ik matig, There Will Be Blood was goed en Magnolia had ik beter verwacht. Benieuwd wat Boogie Nights brengt.

3*

Maltese Falcon, The (1941)

Alternatieve titel: Maltezer Valk

Oude Film Noirs liggen me dus niet.

Ik zie hier helaas geen verschil in met pakweg Laura, The Third Man of The Big Sleep. Qua plot is het meestal wel leuk bedacht en weten ze op het einde nog een twist op poten te zetten, maar daar stopt het ook bij. De Film Noirs uit de 40’ voelen nergens echt sfeervol aan ( op uitzondering van The Third Man) en worden nergens echt spannend, en dat is jammer genoeg ook het geval in deze film.

3de Bogart ondertussen geloof ik en 3de keer matig optreden. Meer dan zijn tekst aframmelen doet hij niet, zoals wanneer hij verneemt dat Miles vermoord is, toont hij amper emotie. Greenstreet daarentegen vond ik hier wel een leuk personage afleveren als de dikke gangster.

Neen, de Film Noir uit de 40’heeft me tot nu toe nog niet echt weten te bekoren en The Maltese Falcon heeft er geen verandering in gebracht. Meer dan het plot volgen zit er niet in en Bogart is iets te plat.

2*

Mammoth (2009)

Alternatieve titel: Mammut

Lukas Moodysson heeft met Mammoth een mooie en sobere film afgeleverd die ook bij een herziening makkelijk overeind blijft. De manier waarop Moodysson de verhaallijnen van de verschillende personages met elkaar weet te verweven, is erg knap gedaan. Zowel het Amerikaanse koppel als de Filipijnse nanny proberen hun kinderen een zo goed mogelijke toekomst te bieden, maar raken daardoor gevangen in hun eigen leven en kunnen er niet fysiek zijn voor hun eigen kinderen.

Voor mij zet Michelle Williams hier toch de sterkste rol neer. Als moeder heeft ze te weinig tijd om er voor haar dochter te zijn door haar drukke agenda in het ziekenhuis. In een aantal scènes weet ze toch behoorlijk veel indruk te maken, zoals wanneer het jongetje overlijdt in het ziekenhuis, maar ook haar blik wanneer ze vaststelt dat haar dochter liever bij de nanny is, spreekt boekdelen.

Bij momenten is het best een indrukwekkende film. Vooral het einde waarbij Salvador half dood wordt teruggevonden, hakt er wel stevig in, maar Mammoth blijft over de ganse speelduur erg boeiend om te volgen.

4*

Man Who Would Be King, The (1975)

Fijne avonturenfilm dat gedurende 2 uur best aangenaam is door het heerlijk samenspel tussen Sean Connery en Michael Caine. Het is er duidelijk aan te zien dat de 2 mannen plezier hadden tijdens het filmen met hun typische Britse humor.

Verder is het verloop van de film niet echt speciaal waarbij Connery per toeval als een god wordt aanzien door het volk van Kafiristan en zijn succes ook meteen zijn ondergang wordt. De mooie locaties zijn ook wel een pluspunt, maar over het algemeen is het geen film die de degelijkheid overstijgt.

3*

Manchurian Candidate, The (1962)

The Manchurian Candidate begon nochtans veelbelovend, maar uiteindelijk is het een film geworden die zichzelf in de voeten schiet door te veel de focus te leggen op het 'plot'. De droomscènes die we in het begin te zien krijgen, waren erg knap en spannend gebracht en ergens hoopte ik om meer van dit soort scènes te zien te krijgen. The Manchurian Candidate doet me ook wat denken aan Jacob's Ladder met een mix van een paranoiathriller en een politieke thriller, maar jammer genoeg zakt de film verder in. De rol van Janet Leigh als love interest van Frank Sinatra begreep ik al helemaal niet. Het einde is ook ietwat voorspelbaar met de moeder die achter de hersenspoeling van Raymond zit en het neerschieten van zijn moeder en stiefvader. Gelukkig is het acteerwerk wel van een goed niveau, vooral Frank Sinatra en Angela Lansbury in de rol van de moeder acteren erg sterk, waardoor een onvoldoende toch net vermeden wordt.

2.5*

Mandy (2018)

Deze Mandy was plots op mijn radar verschenen door een mooie notering in de top 250 van de 21e eeuw die hier georganiseerd werd, maar ik kan er erg kort over zijn. Het is absoluut mijn ding niet. Visueel was het allemaal te overdreven dat ik zowaar bijna hoofdpijn kreeg van het kleurgebruik. Verder stelt het verhaal niets voor, maar dat zal ook niet de bedoeling geweest zijn van de regisseur. Van enige spanningsboog is ook niets te merken en het hele religieuze sekte gedoe had ook maar weinig toegevoegde waarde, wat resulteerde in veel onzinnig gepraat. Bovendien duurt het ook nog eens ontzettend lang, wat makkelijk in 80-90 minuten had gekund en over de 'acteerprestaties' ga ik zelfs niet beginnen.

1*

Manhattan (1979)

Annie Hall en Manhattan stonden al een tijdje te wachten op een herziening en eindelijk ben ik er toch eens aan begonnen, met Manhattan dan.

Het is niet mijn favoriete Woody Allen, maar het is nog altijd een goede Allen. Het begint al erg fijn met de monoloog van Allen waarbij de mooie beelden van New York voorbij komen. New York wordt de hele film lang knap in zwart-wit in beeld gebracht. De scène waar Allen en Keaton op het bankje zitten met zicht op de brug is een echt pareltje, maar ook de scène in het planetarium die daaraan voorafgaat, is er eentje die zeker mag vermeld worden. Zeker op visueel vlak met het schaduwwerk, maar ook de chemie tussen Allen en Keaton zit hier erg goed.

Het verhaal zelf is een typische Allen waarbij de personages op zoek gaan naar de liefde, maar tegelijkertijd ook af te rekenen krijgen met liefdesproblemen. Ook van de dialogen kan ik opnieuw genieten met Allen’s scherpe en grappige opmerkingen. Bij films van Allen zal ik niet snel luidop lachen, maar ik zat hier toch op geregelde momenten met een glimlach te kijken.

Fijne Allen dus en ik heb wel even zitten te twijfelen over een verhoging naar 4*, maar iets weerhoudt me er toch van. Na de eerste kijkbeurt was er niet veel van blijven hangen en ik denk ook na deze tweede kijkbeurt dat het een film is die niet lang gaat blijven hangen,

3.5*

Manon des Sources (1986)

Alternatieve titel: Jean de Florette II

Een tijdje terug had ik Jean de Florette nog eens herbekeken en hem beloond met een verhoging naar 4.5*. Dit tweede deel had ik ook ooit al eens gezien, maar in mijn herinnering was deze net iets minder dan het eerste deel. Ik was benieuwd of mijn waardering van 3.5* van dik 10 jaar terug ook aan verhoging toe was en dus was het tijd om mij nog eens te laten onderdompelen in het Franse boerenleven.

En het resultaat is dat deze Manon des Sources toch iets minder is dan het eerste deel. Het echte boerenleven komt in deze film wat minder tot uiting en de problemen waar Depardieu mee geconfronteerd werd, maakte het voor mij extra amusant in het eerste deel.

Manon des Sources is eigenlijk ook nog eens opgedeeld in 2 delen. Het eerste stuk waarin Ugolin achter Manon aanzit, voelt toch aan als een vreemde keuze, want waarom zou hij willen trouwen met de dochter wiens vader hij de dood in heeft gejaagd? Soit, ik had wat moeite om helemaal in de film te komen, maar dat veranderde wanneer Manon wraak neemt op het hele dorp door de bron droog te leggen. De wanhoop van de bewoners neemt heerlijke proporties aan met de vergadering en de preek die de priester gaf. De ontknoping is ook best sterk met de onthulling dat Papet de vader van Jean is en dus de grootvader van Manon.

wat mij betreft is deze niet van hetzelfde niveau als het eerste deel, maar al bij al is dit een prima afsluiter.

3.5*

Mar Adentro (2004)

Alternatieve titel: The Sea Inside

Een film maken over een moeilijk onderwerp zoals euthanasie/zelfmoord is geen gemakkelijke opdracht en Alejandro Amenábar is er wel in geslaagd om op een serene manier hier een film over te maken. Jammer genoeg is het uiteindelijk een gezapige wandeling geworden van punt A naar punt Z zonder echt pakkende of rauwe momenten tussendoor. Bij een dergelijk thema mag ik van mij gerust iets meer buiten de lijntjes gekleurd worden. Het einde waarbij Ramon effectief zelfmoord pleegt, is natuurlijk wel een aangrijpend moment, maar de 2 uur daarvoor heeft de film me nauwelijks kunnen beroeren.

2.5*

Marnie (1964)

Alternatieve titel: Alfred Hitchcock's Marnie

You Freud, me Jane?

Enkele weken geleden had ik Marnie en To catch a Thief gekocht om mijn Hitchcock-collectie wat uit te breiden. To Catch a Thief bleek weer zo’n pareltje van Hitchcock te zijn, dus was ik erg benieuwd welke kant het zou opgaan met Marnie, één van de laatste klassiekers van de meesterlijke regisseur.

De reden waarom ik Hitchcock films zo geweldig vind (en waarschijnlijk nog veel andere mensen), is dat hij meesterlijk is in het creëren van spanning en zijn films altijd een geweldig mysterieus randje kan geven. To Catch a Thief was in dat opzicht weer een geweldige Hitchcock, maar bij Marnie daarentegen heb ik nauwelijks op het randje van mijn zetel gezeten. Natuurlijk was de scène waar Hedren het geld uit de kluis van Rutland steelt wel erg sterk. Hier liet hij duidelijk zien dat hij zijn oude kunstjes nog niet verleerd was, maar bij die ene scène bleef het dus wat betreft suspense. Misschien was het gewoon niet zijn bedoeling om een spannende film te maken, maar wel om gewoon een interessant en sterk verhaal te vertellen. Daar slaagt hij toch ook niet helemaal in, want er waren wel degelijk wat mankementen. De psychische afwijkingen van Marnie zijn vrij gemakkelijk te verklaren en daardoor komt de climax niet echt helemaal tot zijn recht. Haar afkeer voor mannen, schrik voor het onweer en haar misselijkheid bij felle rode kleuren. De scène bij de moeder thuis waar alles samenkomt, is niet meer dan een bevestiging van wat er al vermoed werd. Gelukkig is er nog de muziek van Bernard Hermann die sommige scènes nog weet op te smukken, want visueel is dit ook het zwakste wat ik al van Hitchcock heb gezien.

Tippi Hedren wordt hier vrij hard afgekraakt voor haar acteerprestatie en daar is zeker wel iets van waar. De scènes waar ze steeds mama mama aan het roepen was, irriteerde ze mij enorm. Voor de rest vond ik dat ze haar rol vrij degelijk neerzette, maar nergens wordt ze echt hoogstaand. Natuurlijk had ik veel liever gehad dat Grace Kelly de rol van Marnie had aangenomen. Zij was dan ook de eerste keus van Hitchcock, maar ik betwijfel toch of ze het echt beter had kunnen doen want deze rol mag zeker niet onderschat worden. Ik heb Kelly alleen nog maar in Rear Window en To Catch a Thief gezien, maar daar gaat het veel minder emotioneel aan toe dan in Marnie. In ieder geval heb ik me niet al te veel zitten te ergeren aan Hedren, maar ze moet toch duidelijk de duimen leggen voor Sean Connery. Nu ben ik niet direct een fan van Connery. Zijn Bond films liggen ver in mijn geheugen en in The First Great Train Robbery vond ik hem zeker niet memorabel. Hier slaagt hij er wel in om zijn personage geweldig neer te zetten. Sowieso heeft hij charisma te over en door hier en daar wat cynische opmerkingen te geven, zorgt hij ervoor dat deze film naar een hoger niveau wordt geduwd. Iets wat altijd terugkeert in de films van Hitchcock zijn de opmerkelijke rollen voor de moeders. In The Birds was dat een serieus minpunt, maar sindsdien gaat het er alleen maar op vooruit. Niet dat de rol van Marnie’s moeder hoogstaand te noemen valt, maar zolang ze niet irritant worden is het voor mij prima. Verder is het rolletje van Diane Baker erg vermakelijk, maar zij had dan ook de makkelijkste taak van heel de cast.

Tja, duidelijk de minste van Hitchcock die ik tot nu toe heb gezien. Nu ja, ik heb alleen nog maar zijn vier bekendste, The Birds en To Catch a Thief gezien, dus waarschijnlijk zal ik in de toekomst nog een mindere van hem tegenkomen. Marnie mag dan wel zijn meest freudiaanse film genoemd worden, de spanning in de film is Hitchcock onwaardig. Tippi Hedren is geen storende factor maar memorabel is ze ook niet. Gelukkig is Connery wel op niveau en is de muziek van Hermann zeer aangenaam, want anders was dit een regelrechte flop.

2.5*

Mars Attacks! (1996)

Nice planet. We'll take it!

Gisteren in de vroege avond ben ik deze Mars Attacks toevallig tegengekomen toen ik aan het zappen was op Prime. Normaal gezien zou ik niet blijven zitten voor zulke films, maar door de geweldige cast met niemand minder dan Jack Nicholson, Annette Bening, de jonge Nathalie Portman, Michael J. Fox, Jack Black en Danny DeVito besloot ik toch om te blijven zitten.

En daar heb ik eerlijk gezegd dik spijt van, want van die ronkende namen blijft er niet veel meer over. Tim Burton bewijst hier nogmaals mee dat een sterke cast niet volstaat om een goede film te maken, want hij slaat hier de plank serieus mis. De film begint met verschillende kleine verhaallijnen waar de idiootste personages worden geïntroduceerd en die op zich niets met elkaar te maken hebben. Ik heb op zich niets tegen idiote of stereotiepe personages, zolang ze maar grappig zijn kan ik me er best mee vermaken, maar dat is hier duidelijk niet het geval. Vooral die vrouwelijke reporter en de personages van Bening en DeVito zijn van die types waar ik nu niet bepaald mee kan lachen. Naast het feit dat er haast geen grappige personages in de film zitten ( enkel het oud dement vrouwtje kon af en toe een glimlachje op mijn gezicht toveren), is de film ook gewoon niet grappig. Een vrouw en een hond die van hoofd wisselen bijvoorbeeld staat bij mij allang niet meer aangeduid als humor. Zelfs de marsmannetjes begonnen me op den duur te enerveren door steeds te herhalen “We are your friends” en “We come in peace”. Ook de effecten zien er echt slecht uit, maar het heeft wel een charme die ik nog kan appreciëren.

Wat Jack Nicholson in deze film stond te doen is me een groot raadsel. Op zich weet hij zijn rol vrij goed te brengen, want het president zijn gaat hem blijkbaar goed af. Al heb ik hem natuurlijk wel beter dingen zien doen als bijvoorbeeld McMurphy of als Jack Torrance, maar als je hem vergelijkt met de rest van de cast steekt hij er met kop en schouders bovenuit. Naast zijn rol van president nam hij ook nog een tweede rol op zich, namelijk die van de maffe Art Land. In die rol komt hij toch minder goed uit de verf, maar veel lag gewoon aan het idioot stereotiep personage. Al bij al is het de aanwezigheid van Nicholson die deze film nog een beetje kleur geeft, want voor de rest zijn de acteerprestaties echt niet om over naar huis te schrijven. Annette Bening bijvoorbeeld deed het nog uitstekend in American Beauty, maar hier is ze werkelijk vreselijk om naar te kijken. De scène waar ze een groep mensen in een kerk toespreekt is ze zelfs lachwekkend slecht. Ook de rest van de cast deed het al niet veel beter, Danny DeVito was zelfs barslecht als gokker, maar veel had ook te maken dat er te veel rollen te verdelen waren. Jack Black en Pam Grier bijvoorbeeld komen amper in beeld. Ook de toen nog erg jonge Natalie Portman heeft hier een rolletje van de dochter van de president. Ik heb in ieder geval al positieve reacties gelezen bij Léon waar ze op ongeveer dezelfde leeftijd een rol had, maar hier was ze nu niet bepaald opvallend. Al blijf ik wel benieuwd om haar bezig te zien in Léon.

Ik vraag me echt af hoe Tim Burton in godsnaam zo’n cast heeft kunnen strikken om in zulk zootje mee te spelen. Wat bezielde Jack Nicholson om in zo’n project te stappen? Wat mij betreft is dit pure verspilling van talent, maar aangezien Mars Attacks nog een degelijke score haalt van 3.07* zijn er nog mensen die dit werk kunnen waarderen. Voor mij hoeft het alleszins niet.

1.5*

Martha Marcy May Marlene (2011)

Het is altijd leuk om een film op te zetten zonder enige verwachtingen en er na afloop behoorlijk onder de indruk van te zijn. Martha Marcy May Marlene is zo’n film geworden die op zo’n heerlijke manier onder de huid weet te kruipen.

Sean Durkin gooit niet meteen alle troeven op tafel, maar zorgt met een erg goede opbouw voor een stevige spanningsboog. Het is meteen duidelijk dat Martha problemen heeft om zich opnieuw aan te passen bij haar zus en schoonbroer. Het begint met kleinere, vreemde gedragingen zoals het naakt zwemmen, maar gaandeweg nemen de spanningen tussen elkaar toe met de climax op het feestje. Gelukkig houdt Durkin het voor de volledige speelduur rustig en ingetogen zonder alle remmen los te laten, want qua sfeer en onderhuidse spanning is dit wel een film die er het maximale weet uit te halen.

Een opvallend en mooie dingetje in deze film zijn de overgangen tussen Martha’s periode bij de sekte en bij haar zus. Die overgangen worden geregeld op een erg mooie, vloeiende manier gebracht, zoals wanneer ze wilt gaat zwemmen in het meer bij haar zus en plots een duik neemt en terecht komt bij de andere leden van de sekte. Het zorgt ervoor dat je net zoals Martha als kijker ook op een bepaalde manier verstrengeld raakt tussen haar verleden en heden.

Elizabeth Olsen mag ook een dikke pluim op haar hoed steken, want ze weet haar personage op een ontzettend overtuigende manier neer te zetten. Iedere seconde van de film geloof je dat zij een erg traumatische ervaring heeft meegemaakt. Zelfs op de momenten dat ze gelukkiger lijkt, voel je nog dat ze haar verleden met zich meedraagt.

Een film zoals ik ze graag heb. Erg sfeervol en een onderhuidse spanning die de hele film blijft hangen. In dergelijke films wordt vaak de fout gemaakt om te veel te willen tonen, maar gelukkig gaat Sean Durkin niet all-in.

4*

Marty Supreme (2025)

Marty Supreme is een film waar je de afgelopen tijd niet omheen kon. Het stond hoog op mijn to see lijst en twijfelde om deze in de cinema te gaan zien, maar uiteindelijk voor de gezellige woonkamer gegaan.

Achteraf gezien vind ik het jammer dat er eigenlijk weinig echte pingpong wedstrijden in de film zitten, want Safdie weet ze wel telkens op een bijna epische manier te brengen. Behalve het toernooi in het begin van de film, de hustle in de bowling halverwege de film en de exhibitiewedstrijd in Japan op het einde zou je niet vermoeden dat het centrale thema van de film pingpong is.

Ik had op voorhand gelezen dat Marty Supreme vooral een adrenalinerush is, maar dat viel eigenlijk nog best mee. Het is vooral een erg drukke film waarin veel dingetjes geprobeerd worden, maar niet alles even geslaagd is. Ik had het gevoel dat er geprobeerd werd om zoveel mogelijk in de film te proppen in de hoop dat er bij de kijkers dan een aantal dingen zouden aanslaan.

Het moet wel gezegd worden dat Chalamet een sterke rol neerzet. Hij is allesbehalve de Amerikaanse held die hij hoopt te zijn en hij gaat over lijken om toch maar wat geld bijeen te sprokkelen om naar het wereldkampioenschap te kunnen gaan. Ik vond het wel heerlijk om te zien hoe Chalamet door het lint ging toen hij de finale verloor van de Japanner in het begin van de film. Ook de andere wedstrijden die hij speelt (in de bowling en de exhibitiewedstrijd in Japan) weet hij op een erg amusante manier te brengen. Daarnaast zijn er nog een paar leuke bijrollen van Kevin O’Leary als zakenman die Marty op een sadistische wijze naar Japan brengt en Abel Ferrara die er veel voor overheeft om zijn hond te redden.

Helemaal onder de indruk ben ik niet. Daarvoor is het te wisselvallig met geslaagde en minder geslaagde momenten en het is ook een erg drukke bedoening. In Uncut Gems kon ik het beter hebben dan hier.

3*

Martyrs (2008)

Martyrs was nog zo’n film die ik nog eens dringend opnieuw wilde zien, want in mijn herinneringen was dit een film die een hogere score dan 3.5* verdiende en de herziening heeft dat ook bevestigd.

De opening is al meteen een schot in de roos. We zien een alledaags gezin ontbijten op een normale zondagochtend tot plots een meisje komt aanbellen en het hele gezin neerschiet. Het wordt niet alleen gruwelijk in beeld gebracht, maar gewoon het idee dat dit bij een normaal ogend gezin gebeurt, maakt al meteen veel los. Zeker wanneer we later in de film zien met welke gruwelijkheden de vader en moeder zich bezig houden.

Normaal ben ik bij horrorfilms meer van het type dat liever zo min mogelijk te zien krijgt en meer tot de eigen verbeelding over laat. Vaak vind ik al het gore in horrorfilms nogal makkelijk gedaan om te scoren bij het publiek, maar Martyrs is toch een uitzondering op die regel.

Het eerste uur weet Martyrs een mysterieus randje te creëren. We weten dat Lucie gruwelijke dingen heeft meegemaakt als kind, maar wie of wat hierachter zit, is nog onduidelijk. Ook op het vlak van de ontknoping en het uitleggerig gedeelte weet Martyrs zich te onderscheiden van andere horrorfilms. De sekte die hierachter zit en dan vooral de oude vrouw geven een bijzonder sinistere rand aan de film. De foto’s die getoond worden van de martelaars die Anna zijn voorgegaan, dragen daar aan bij, maar ook het hele gegeven rond de sekte die wil weten wat er zich afspeelt na de dood is op een erg sterke manier uitgewerkt. Dat de oude vrouw zelfmoord pleegt nadat Anna haar iets heeft toegefluisterd nadat ze gevild werd, geeft wel aan dat Anna iets magisch is overkomen.

Een herziening die toch wel indruk heeft gemaakt en een verdiende halfje erbij.

4*

Master, The (2012)

Door zijn recente hit One Battle after Another leek het mij wel de moeite om eens werk te maken van de laatste ongeziene films van PTA en te beginnen met deze The Master.

Onder de indruk ben ik er niet meteen van en ik zou deze bij de minste van PTA plaatsen. Het idee rond de oorlogsveteraan die zijn toevlucht vindt bij een sekte leek mij een interessant uitgangspunt, maar de film ontbreekt aan momenten die er echt tussenuit springen. De scène waar Hoffman Phoenix ondervraagt, is wel een sterke die even blijft nazinderen, maar dat is dan ook de enige. Verder voelt het voor mij toch allemaal wat te gezapig aan.

Niettemin wordt er wel op een sterk niveau geacteerd met Phoenix bij wiens personage de stoppen op ieder moment kunnen doorslaan. Hoewel Hoffman op zich wel lekker op dreef is, had ik nooit voor de volle 100% het gevoel dat hij een echte sekteleider is. Misschien heb ik ook maar een verkeerd beeld over hoe zo’n persoon er altijd moet uitzien.

Wat wel goed gedaan is, zijn de verschillende tijdsprongetjes die in beperkte mate worden uitgelegd. Daardoor wordt de toestand waarin Phoenix’ personage zich in bevindt aan de kijker overgebracht.

3*

Matter of Life and Death, A (1946)

Alternatieve titel: Stairway to Heaven

Ik moet eerlijk zeggen dat ik op voorhand weinig had opgezocht over deze film en er dus vrij blind ben ingegaan en dat is achteraf gezien een goede keuze geweest. Ik had een standaard romantische film verwacht, maar het is veel meer dan dat geworden. Het hele surrealistische tintje en de afwisseling tussen het aardse en het hiernamaals werkt uitstekend.

Eerst en vooral ziet de film er gewoonweg prachtig uit. De zwart-wit scènes die zich afspelen in de geest van Peter zien er visueel verbluffend uit en dan vooral de "stairway to heaven" ziet er prachtig uit. Maar er zijn nog een aantal scènes die zeker niet hoeven onder te doen op visueel vlak, zoals de hele rechtbank scène op het einde of de scène in het begin waarin de co-piloot aan het wachten is op Peter in het hiernamaals. Ook waren de overgangen van het hiernamaals naar de aarde iedere keer weer erg mooi om te zien.

Ook qua verhaal is dit een erg mooie film. In de eerste plaats is het een erg mooi romantisch verhaal waarbij Peter er alles probeert aan te doen om bij June op aarde te blijven. Het surrealistische tintje dat eraan toegevoegd wordt, maakt het toch extra speciaal en het voelt daardoor aan als een echt sprookje. Conductor 71 met zijn Franse accent vormt hierbij de rode draad, want telkens hij vanuit het hiernamaals naar de aarde komt, wordt de tijd stilgezet. Bij de tafeltennis scène had ik echt het idee (zoals veel mensen blijkbaar) dat de film even was vastgelopen, maar dat was dus niet het geval. De tegenstellingen tussen de Britten en de Amerikanen in de rechtbank hadden voor mij niet gehoeven. Ik vond het niet meteen een toegevoegde waarde hebben en een rechttoe rechtaan betoog had misschien beter gewerkt, maar het is maar een klein minpunt op deze prachtige film.

Geweldige film dit. Visueel is het gewoon genieten van het begin tot het einde en qua verhaal is dit ook erg mooi uitgewerkt.

4.5*

McCabe & Mrs. Miller (1971)

McCabe & Mrs. Miller is een western geworden met goede en minder goede elementen. De typische revolverheld wordt vervangen door een gewone man die op doortocht is om zaken te doen en een bordeel op te starten. Het is wel eens iets anders dan de doorsnee western met zijn talloze schietpartijen. Het hele verhaal rond de business van het bordeel en het grote bedrijf dat het wil overkopen, kon me maar matig boeien, maar gelukkig maakt het laatste halfuur in de besneeuwde setting wel veel goed.

3*

Me and Earl and the Dying Girl (2015)

Me and Earl and the Dying Girl is best nog een aangename film geworden die vooral zijn eigen smoel heeft gekregen. Gomez-Rejon is niet in de val gelopen om naar een mierzoete romance toe te werken tussen Greg en Rachel die aan leukemie lijdt, maar de personages gewoon zichzelf te laten blijven. Ook het einde is zeker geen feel-good.

Alleen had ik het gevoel dat het bij momenten toch iets te gezapig werd zonder momenten die er echt bovenuit staken. De scène waar Greg en Earl stoned worden, is er eentje die wat mij betreft geknipt mocht worden. Het echte hoogtepunt was zonder twijfel Greg en Rachel die naar de eindfilm kijken op het ziekenhuisbed. Echt een ontroerend moment.

De vele filmverwijzingen dankzij de hobby van Greg en Earl die zelf films maken, is een leuk extraatje. Iedere film draagt zijn eigen grappige naam gebaseerd op een bekende film (A Sockwork Orange bijvoorbeeld). Daarnaast zijn er tal van typetjes naast Greg, Rachel en Earl die de film opvullen, gaande van de gespierde geschiedenisleerkracht tot de vader met zijn exotisch eten, maar net zoals in vele andere van dit soort films hebben ze moeite om echt voet aan grond te zetten.

Misschien heb ik te veel van dit soort coming of age films gezien om echt nog onder de indruk te zijn, maar verkeerd is hij zeker en vast ook niet. Lange tijd was hij op weg om een 3* te krijgen, maar door de ziekenhuisscène krijgt hij toch een halfje meer.

3.5*

Mean Creek (2004)

Ik had deze Mean Creek zonder grootse verwachtingen opgezet, maar het is uiteindelijk toch een tamelijk indrukwekkend filmpje geworden. De opzet is nochtans vrij basic waarbij een groepje tieners wraak wil nemen op een pestkop, maar Jacob Estes weet het wel erg sterk uit te werken. Vanaf het moment dat de groep vertrekt, is er meteen een heerlijke onderhuidse spanning aanwezig waarbij je voelt dat het wel eens erg fout kan aflopen. Ik moest regelmatig aan Deliverance denken, maar ik denk dat ik dat bij iedere film heb waar ze een rivier afvaren.

De pestkop George weet gedurende de trip toch wat sympathie op te wekken, want het blijkt dat hij toch niet de slechtste persoon is en dat begint ook bij sommige andere jongens te dagen. Oké hij is best grof en zijn grappen kan je moeilijk geslaagd noemen, maar hij probeert vooral stoerder over te komen dan hij werkelijk is. In ieder geval slaagt hij er wel in om het plan om hem naakt van de boot te duwen af te lassen.

De scène op de boot waar het uiteindelijk fout afloopt, is zo’ typische scène die ik erg graag zie. Het is een lang uitgesponnen scène waar het aanvankelijk nog ontspannen aan toe gaat met een spelletje truth or dare, maar langzaamaan beginnen er toch barsten in het pact te komen en vooral Marty krijgt er genoeg van.

Qua verloop is het niet vernieuwend of verrassend en na het ongeluk komt het onvermijdelijke dilemma ‘wat gaan we doen met het lijk’, maar Estes weet het wel goed aan te pakken. Het komt voor mij wel geloofwaardig over dat de groep schuldgevoelens krijgt over een beslissing dat ze overhaast en in alle emoties genomen hebben. Wat mij betreft is dit wel een geslaagd einde.

Indrukwekkend filmpje in ieder geval en ook de jonge cast doet het erg goed. Enkel Rory Culkin vond ik uit de toon vallen, maar dat is maar een kleine smet op deze sterke film.

4*

Mean Girls (2004)

De top 250 van de 21e eeuw die op deze site georganiseerd werd, is een uitstekend middel om nieuwe tips op te doen of een reminder voor mezelf om werk te maken van films die ik eigenlijk al veel langer moest gezien hebben. Waar beter te beginnen dan aan de film die om plaats 250 is geëindigd, nl. Mean Girls.

Echter stelt de film niet zo heel veel voor buiten het leuke, frisse high school sfeertje van begin jaren 2000 dat aardig wordt neergezet. Het voelt erg nostalgisch aan en blijft de dag van vandaag nog makkelijk overeind. De humor is dan weer over de hele lijn weinig bijzonder met grappen die nergens die middelmaat bovenuit steken en een moraal die er te vingerdik opligt (maar daar stoor ik me zelden aan in films).

Verder is het leuk om Lindsay Lohan nog eens bezig te zien, want de begin jaren 2000 waren duidelijk haar betere tijden. Geen idee wat ze de laatste jaren heeft gedaan, maar hier komt ze erg fris en leuk over als high school girl dat haar prima ligt. Ook is er een leuke bijrol voor Tim Meadows als schooldirecteur die regelmatig een glimlach bij mij kan teweegbrengen met een aantal droge reacties op de gebeurtenissen op de campus.

2.5*

Mean Streets (1973)

Degelijke misdaadfilm, maar meer dan dat is het niet geworden. Het verhaal stelt weinig voor, want behalve een aantal kroeggevechten en Johnny die meermaals wordt aangemaand om zijn schulden te betalen, krijgen we niet te zien.

Gelukkig is het wel een film geworden die erg sterk is in de sfeerzetting. De film is heel donker geschoten en op die manier wordt Little Italy knap in beeld gebracht. Veel van de scènes spelen zich af in de groezelige kroeg en dit zijn wat mij betreft de betere scènes uit de film.

Verder valt vooral het acteerwerk van De Niro op die op en wel zeer energieke wijze gestalte geeft aan het personage Johnny, die op zijn zachtst gezegd een paar vijzen los heeft. Ook Keitel zet een goede rol neer, maar het is toch De Niro die hier het meeste opvalt.

Mocht het verhaal interessanter geweest zijn, had er ongetwijfeld een hoge score ingezeten, want op vlak van sfeerzetting en acteerprestaties is dit wel een sterke film.

3*

Mechanic, The (2011)

Someone has to fix the problems.

Ik was eerlijk gezegd niet zo enorm geïnteresseerd in deze The Mechanic, maar deze week heb ik Con Air ( ook geregisseerd door Simon West) gezien en die bleek een reuze meevaller te zijn. Plots was ik dan wel benieuwd naar deze remake en met iemand als Jason statham in de hoofdrol kon het nog wel leuk worden.

En de film is op zich nog wel makkelijk om uit te zitten, maar het probleem is dat hij enorm standaard en voorspelbaar is. Simon West lijkt precies een probleem te hebben om vernieuwend uit de hoek te komen, want bij Con Air had ik ook een kleine opmerking dat hij niet echt origineel voor de dag komt. Op zich heb ik geen probleem met dit soort voorspelbare films, zolang het maar vermakelijk blijft. Bij Con Air had hij wel het geluk dat het mager plotje kon terugvallen op haar heerlijke personages, over-the-top actie en het enorm hoog vermakelijkheidsgehalte, en dat is hier ietwat minder aanwezig. Buiten de laatste 20-30 minuten (met de moord op de opdrachtgever en de verschillende explosies op het einde) is het hier qua actie nogal vrij pover gesteld. Dat West moeite heeft om de clichés te vermijden, blijkt ook bij het einde want zo kon je de “twist” al van redelijk ver zien aankomen. Het is dan ook de meest standaard twist die je bij dit soort films kunt bedenken. Je voelt al vrij snel aan dat de opdrachtgever zelf niet zuiver op de graat is en dat blijkt dan ook zo te zijn. Het laatste halfuur heeft nog wel zijn leuke momenten zoals de moord op de opdrachtgever en op Steven (met behulp van de brief), maar door de voorspelbaarheid is het toch niet zo geweldig als het lijkt.

Dat The Mechanic toch de moeite waard is om te bekijken, is in grote mate te danken aan Jason Statham. Sommigen beginnen hem al een beetje beu te raken, omdat er nu eenmaal weinig variatie in zijn rollen zit maar voor mij geldt dat absoluut niet. Statham blijft gewoon geweldig met dat hese accent, zijn one-liners, zijn enorm cool charisma…… Mij verveelt hij in ieder geval nog steeds niet, maar toch blijf ik nog steeds wachten op een gelijkaardig niveau van Crank en The Transporter. Zijn tegenspeler Ben Foster doet het zeker niet onaardig, maar echt indruk maken doet hij hier toch ook niet. Foster is al niet iemand die ik hoog in het vaandel draag en hiermee gaat dat niet meteen veranderen. Hij heeft wel een paar goede momenten zoals het gevecht met de boomlange homo, maar over het algemeen was het een beetje te plat van zijn kant. In tegenstelling zoals anderen beweren, vind ik hem bitter weinig charisma hebben. Ook de andere personages vallen nogal licht uit zoals de opdrachtgever die gespeeld wordt door Tony Goldwyn en bijvoorbeeld de sekteleider. Wel fijn om Donald Sutherland hier even bezig te zien. Ik zag hem al eerder geweldig bezig in The First Great Train Robbery, maar daar was hij wel een dikke dertig jaar jonger. Wel jammer dat hij nogal vrij snel het loodje legt in de film.

Na een weekje Simon west heb ik toch twee uitersten van die man gezien. Voor originaliteit in een film moet je zeker en vast niet bij hem zijn, maar bij Con Air zijn er zoveel geweldige ingrediënten aanwezig die dan toch voor een enorm vermakelijke film zorgen. Bij The Mechanic is dat heel wat minder het geval en daardoor begint de voorspelbaarheid op den duur een storende factor te worden. Statham is sterk zoals altijd, maar Ben Foster valt toch lichtjes tegen.

2.5*

Men Who Stare at Goats, The (2009)

Viel me toch wel tegen, hier had ik veel meer van verwacht. The Men who stare at goats heeft nochtans alles in huis om er iets leuks van te maken, goede acteurs, mooie locaties en op zich wel een leuk verhaal. Maar spijtig genoeg sloeg de humor niet aan en wist het verhaal mij niet echt te boeien.

Spijtig van de verspilling van het acteertalent, waar heel wat meer mee viel te doen.

2*