• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.886 acteurs
  • 198.965 gebruikers
  • 9.370.139 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten blurp194 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

I Am Mother (2019)

Niet mijn ding.

Er gebeurt maar weinig, en wat er dan nog gebeurt hebben we dacht ik toch wel eens op een spannendere en interessantere manier verfilmd zien worden. Rugaard en Swank spelen leuk en de stem van Byrne is ook best aangenaam, maar verder is het wel erg flauwtjes allemaal. Zelfs de vormgeving is erg meh. Als toekomstbeeld ook maar weinig verder dan halverwege volgende week.

I Am Number Four (2011)

Wat me echt verkeerd schiet aan dit verhaaltje is de kwezelige Twilight saus die er van af druipt - tot en met de 'stoere' auto aan toe. Bah, wat een afkijkwerk - en het origineel is al zo flauw. Ook heel slecht is de overmacht van de nummertjes tegenover de bad guys - als het kwaad dan geen donder in te brengen krijgt, waar gaat de film dan nog over.

Voor het acteren hoef je ook niet te kijken - enige wat er nog een beetje uit komt zijn de beelden - af en toe niet onaardig. En zoals al een keer of wat gezegd - het kijkt makkelijk weg, je hoeft er echt niet bij op te letten - het verhaal slaat toch nergens op, des te beter als je het niet al te goed volgt.

I Came By (2022)

Een leuke cast die het rammelende verhaal toch spannend weet te houden, dat is de korte samenvatting van deze film. En ook de lange - vooral de griezel van Hugh Bonneville als de tegenpartij met Kelly Macdonald, Percelle Ascott en George MacKay als bijna gewone mensen maken het de moeite waard, betrekken je bij het verhaal omdat je weten wil hoe het met ze afloopt. Dat het verhaal ongeloofwaardig zou zijn zal ik overigens niet zeggen - er staan wel eens vreemdere verhalen in de krant, tenslotte.

I Care a Lot (2020)

Superfilm.

Het helpt natuurlijk dat Rosamund Pike me altijd erg goed valt, maar het tegenovergestelde geldt eigenlijk voor Peter Dinklage. Toch werkt zijn rol in deze film prima, het kat-en-muis spel tussen de twee gaat fijn over de top, en in tegenstelling tot de veelgehoorde opinie hier vind ik het einde goed gevonden, misschien zelfs onvermijdelijk.

De timing van de af en toe slapstick-achtige, onzinnige actie maakt voor wat plezierig humoristische momentjes om het geheel fijn luchtig te houden - de toon is daarbij precies goed getroffen wat mij betreft. Erg grappig, en ondanks dat de onderliggende boodschap wel degelijk er een van harde maatschappijkritiek is komt dat nergens storend op de voorgrond. Wellicht daardoor juist effectiever.

I Come with the Rain (2009)

Alternatieve titel: Je Viens avec la Pluie

Met alle parallellen die er getrokken worden, zie ik de vergelijking vooral met Exotica (1994). Zelfde soort structuur, zelfde aandacht voor de soundtrack, zelfde aandacht voor de beelden. Groot verschil is wel dat die ik film goed gelukt vind, en deze niet.

Het verhaal ligt me helemaal niet - de aap die na een uurtje of zo uit de mouw komt had ik niet aan zien komen, maar komt als het een teleurstellende wending van het verhaal. En wat van het begin af eerst nog een thriller lijkt verwordt dan in een niet al te helder spel met christelijke symboliek.

Jammer - en niet mijn ding. Er wordt ook teveel bijgehaald, waardoor het verhaal nogal ingewikkeld en onduidelijk wordt - ook omdat die aap pas na een uurtje komt, waardoor je alles wat daarvoor komt op een andere manier gaat zien. Daarmee zou je eigenlijk zeker een stuk of drie kijkbeurten nodig hebben om het verhaal echt goed te kunnen beoordelen - maar, het onderwerp en de vragen die het oproept boeien me te weinig dat ik die moeite erin ga steken.

Het onderwerp zal denk ik ook wel de reden zijn waarom de film weinig aandacht krijgt - de christelijke symboliek zal wel op een of andere manier wat te hard schuren met het Amerikaanse puritanisme.

Op zich jammer, want er wordt echt wel heel goed geacteerd, en de beelden zijn echt prachtig.

Het wordt overigens wel dringend tijd dat de filmindustrie weer eens wat anders verzint dan de 'profilers' of hoe de CSI-agentjes anders mogen heten. Dat hele concept is ondertussen wel volslagen afgezaagd en uitgekauwd.

I Could Never Be Your Woman (2007)

Pfoeh.

Hollywood doet weer eens aan zelfbeschouwing met deze zoveelste film die op de set speelt. Oh het gaat over een derderangs tv serie, dan is het wel ok, zoiets moeten de makers gedacht hebben - wat een zwaktebod weer.

Evengoed komen er wel een paar aardige scenes langs, er is genoeg talent ergens verborgen aanwezig, en het idee dat de generatie van Pfeiffer plaats maakt voor de generatie van Ronan werkt goed. Misschien überhaupt wel een goed idee eigenlijk. Ronan is ook nog eens geweldig met haar parodie op Spears en Morrisette. En 'moeder natuur' kan ik redelijk hebben. Wat het voor mij echt helemaal afmaakt is de recap aan het einde. Om er even goed in te wrijven dat het publiek gezien wordt als een Alzheimer-patient.

I et Speil i en Gåte (2008)

Alternatieve titel: Through a Glass, Darkly

Naar een boek van Jostein Gaarder, bij mij eerder bekend van Sophie’s World - daar was iedereen indertijd nogal van onder de indruk, maar ik vond het eigenlijk maar matig eerlijk gezegd. En afgaand op deze film, vraag ik me af of dit boek me beter gelegen had. Het lijkt wel ietwat op een herhaling van zetten in een tragische setting. En met de beroemde film van Bergman heeft het helemaal niets uit te staan.

Marie Haagenrud speelt haar rol wel mooi, maar ik vind Aksel Hennie wat tegenvallen - zijn vervreemdende kale kop en vreemde ogen werken niet zo goed voor mij. Het idee om beiden in gesprek de bedoelde materie te laten verkennen is op zich wel leuk gevonden, maar ook wel wat veel de signatuur van Gaarder - en daardoor gaat het mij wel wat snel tegenstaan. Ja, het is een (ahem) ‘mooi’ verhaal, maar ook wat dwingend en gezocht, en de inbreuk in het gezin voelt af en toe wat ongemakkelijk. Maar misschien ligt dat ook wel aan mij, ik ben niet zo’n familiemens.

I Give It a Year (2013)

Niet mijn film.

De grappen zijn niet leuk genoeg om als grap te werken, en niet flauw genoeg om er een echte slappe klucht van te maken. De situaties zijn te afgezaagd of te flauw, de dialogen werken niet voor me, en er is geen klik met de hoofdrollen - ik vind ze eigenlijk vooral een stelletje vervelende puberale kleuters. En wat me de hele tijd opvalt is dat Rose Byrne hier vooral heel veel op Keira Knightley lijkt. Staat haar niet zo goed vind ik eigenlijk.

Al met al geen enkel lachje tijdens de film, en romantisch kan ik het ook geen moment vinden. Op twee fronten mislukt dus kennelijk.

I Heart Robots (2024)

Bijna zo slecht dat het er leuk van wordt, maar toch niet helemaal. Het minimale budget zal wel voor de helft opgegaan zijn aan de cameo van Danny Trejo die nauwelijks iets te doen heeft in het plot - volstrekt overbodig eigenlijk. Soms zijn de beelden bijna mooi genoeg - zoals de wandeling op het ondergelopen strand. Jammer wel dat de robot er net niet in past, en de belichting klopt van geen kanten.

En zo zijn er nogal wat meer beginnersfoutjes. Met wat meer talent, wat meer hard werk, wat meer geluk had de film veel beter kunnen zijn. Toch, je ziet er de droom in, wat het had kunnen zijn, en daarmee is het niet écht slecht. Maar ook weer niet echt voldoende.

Maar hopen dat dit filmpje in ieder geval Franzi Schissler de kans geeft om in de wat grotere budgetten en bij een wat betere crew terecht te komen - driekwart van wat de film nu heeft hangt aan haar.

I Kill Giants (2017)

Mooi spel met een fantasy wereld.

Dat gaat dan vooral over de nogal raadselachtige bedoening van het meiske en de monsters waarmee ze het aan de stok heeft. Allemaal metaforisch te interpreteren, maar wat we zien is het beeld, en dat wordt bijzonder mooi gedaan - van mij geen klachten over de cgi.

Dat er wellicht iets voorspelbaars in het concept zit doet voor mij niet af aan de film - je weet wel dat er iets aan zit te komen, maar dat is eigenlijk in elke film wel zo. Bij een film over bankovervallers hoor je ook niet gauw iemand klagen dat het grootste deel in de kelders van een bank speelt, zeg maar. Ik vond het einde eigenlijk best ontroerend, en daarmee is denk ik de opzet geslaagd.

Mooi gespeeld, niet alleen de hoofdrol van Madison Wolfe maar ook de (eigenlijk best kleine) rolletjes van Saldana en Poots. Leuk om Saldana eens een ander soort karakter te zien spelen ook.

I Love Trouble (1994)

Eigenlijk best leuk.

De film is een soort swashbuckler in de setting van twee concurrerende journalisten, met een schandaaltje over iets met landbouw. Maar daar gaat het niet om, het gaat om de interactie tussen Nolte en Roberts.

Naar verluidt hadden ze tijdens de opname een bloedhekel aan elkaar. Roberts schijnt gezegd te hebben dat Nolte de slechtste acteur ooit is, en Nolte voelde zich alsof hij zijn ziel aan de duivel verkocht had. Toch spelen ze best leuk samen, en misschien is dat wel een teken dat ze eigenlijk allebei best goede acteurs zijn.

Verder is het allemaal niet heel geweldig. Gewoon kijkvoer, en best ook wel okee kijkvoer, maar het verhaal zit dwars om er iets meer in te zien.

I Love You, Beth Cooper (2009)

Leedvermaakkomedie.

Af en toe erg grappig, maar ook wel wat onvoldoende over-the-top om iets bijzonders te zijn - nogal wat van de situaties en grappen hadden veel vetter aangezet kunnen worden, en dat was de film wel ten goede gekomen wat mij betreft - had in ieder geval geholpen om het geheel langer dan een dagje of wat te onthouden.

Hayden Pannettiere had ik al eens eerder gezien en viel me toen erg tegen, maar dat is hier geen punt meer. Kennelijk wat bijgeleerd of wat volwassener geworden. Of misschien gewoon een iets betere regisseur.

I Onde Dager (2021)

Alternatieve titel: The Trip

Hmm.

Tommy Wirkola heeft met de Dod Sno films de lat natuurlijk erg hoog gelegd. Dat kwam er in zijn Amerikaanse films niet echt uit vond ik - degelijk eerder dan briljant. Toen ik deze aangekondigd zag, had ik wel een beetje gehoopt dat dat een terugkeer naar zijn oude niveau zou betekenen.

En ja, dat is het wel een beetje geworden - halverwege dan. En dus toch teleurstellend, want hoewel alles best goed klopt, het komt nergens echt in de buurt van de vroegere genialiteit. Plus dat net iets teveel grappen teveel poep en pis zijn, en ja, daar is een plaats voor, maar in een film waar je iets geniaals van hoopt is dat het dus niet.

Nou maar hopen dat de volgende weer wat beter is.

I Origins (2014)

Erg fijne film.

Hoe onwaarschijnlijk het idee ook is, het wordt wel erg gaaf gebracht, met de tegenstelling tussen de wetenschappelijke overtuiging en het spirituele gevoel als hoofdmotief. Grappig. Weer een mooi stukkie indie-werk met Pitt en Marling - beide hebben er kennelijk een goede neus voor om de leuke projecten uit te zoeken. Of misschien komt het door hun aanwezigheid dat het leuk wordt.

Wel is Cahil wat drammerig, dat moet ik met Onderhond eens zijn. Bij een eerste zit valt dat misschien nog niet zo heel erg op, want dan overheerst - tenminste bij mij - vooral de verwondering over het verloop van de film. Maar bij de tweede keer valt toch wel wat op dat het concept wel met de paplepel naar binnen gegoten wordt. Iets meer subtiliteit kan geen kwaad.

I Superbiker (2011)

Alternatieve titel: I, Superbiker

Oppervlakkige documentaire.

Dat komt vooral doordat het lijkt alsof er geen keuze gemaakt is tussen de spanning en gekte van de racerij, de techniek van het rijden en de motoren, het leven van de rijders en hun familie en teams, of zelfs maar een van de rijders - nu worden er vier gevolgd, en dat is kennelijk teveel om enige diepgang te bereiken.

Wel met mooie plaatjes van de wedstrijden, maar zo snel gemonteerd dat je niet de kans krijgt om echt in een race te komen, want de volgende is alweer begonnen. Ook dat draagt bij aan het oppervlaktegevoel.

I Used to Be Funny (2023)

Een indrukwekkende film met sterk spel van Sennott, met een verhaal dat al vaker verteld is en ook nog wel vaker verteld zal worden. Wat me opviel is dat de film voor zover dat mogelijk is een vrij neutrale benadering kiest, wat de laatste tijd nogal zeldzaam lijkt te worden. De relaties worden goed uitgewerkt, de bijrollen zijn misschien niet allemaal even sterk als Sennott maar wel voldoende. Een van de betere films over dit onderwerp.

I Used to Go Here (2020)

Het idee was op zich wel ok, maar de uitwerking is gewoon te nikserig geworden. En dat is wel jammer, want de cast is op zich leuk en fris - het ontbreekt alleen net teveel aan iets dat het verhaal los laat komen. Dat er iets gebeurt, zeg maar, in plaats van alleen het simpele voortkabbelen van de ondraaglijke ledigheid van het bestaan.

Best prettig kijkvoer, daar niet van, maar als je je na een week afvraagt waar het ook alweer over ging - of erger nog, of je de film eigenlijk wel of niet gezien hebt. Verwacht geen antwoord, zoveel zeg ik maar.

I, Frankenstein (2014)

Prut.

Het is me een raadsel wat acteurs als Bill Nighy in dit geval te zoeken hebben. Er is maar weinig voor hem te doen, en dat komt grotendeels doordat vergeten is om een behoorlijk verhaal te bedenken. Met zoiets als spanning er in of zo. Daardoor zo'n beetje de meest slaapverwekkende film die ik in een lange tijd zag. Het gaat dan kennelijk om de 3d-bedoening, maar dat doet me weinig. Dat werkt soms nog wel als er ook wat aansprekends of moois in beeld is, maar dat kan ik ook maar slecht ontdekken.

I, Tonya (2017)

Leuk.

Sowieso natuurlijk al een geniaal sterk verhaal waar maar weinig aan opgeleukt is - of hoefde te worden. En een mooi spel met de sympathie van de kijker. Onterecht dat de film in de beoordeling van The Guardian wat laagvliegende kritiek krijgt omdat de humor ten koste zou gaan van de personages, vind ik - de boodschap die er uit overblijft is voor mij een andere. En daarnaast, het blijft toch ook wel dicht bij de soort automatische zelfspot die je met dit soort gebeurtenissen ietwat onvermijdelijk opdoet. Het doet wat denken aan Jerry Springer op tv - en dat was ook nog eens in dezelfde tijd als dat dit hele zaakje in het nieuws was.

Janney krijgt de meeste lof, en heeft natuurlijk ook wel een erg mooie rol met haar uilenbril, zuurstofslangetje en parkiet in haar oor. Maar Robbie is ook wel tamelijk geniaal bezig, en verdient misschien meer nog daar de credits voor te krijgen. Ja, de schaatsscenes zijn digitaal, maar toch ook niet helemaal - daar heeft ze toch aardig wat tijd in moeten steken. En al komt het niet helemaal honderd procent geloofwaardig over, het is niet echt alsof je Harding ziet schaatsen - daar is Robbie gewoonweg te groot voor ook - het is toch allemaal best zorgvuldig gedaan. Inclusief alle schaatspakjes en muziekjes.

Da's wel het enige punt van teleurstelling voor mij, de grotendeels wel wat erg makkelijke en laffe manier waarop de soundtrack bij elkaar gezocht is. Ik hou er niet zo van als een film verwordt tot een uurtje afgezaagde gouwe ouwe plaatjes draaien, dat mag best wat dapperder.

I.M. (2020)

Met Palmen of Meijer had ik het indertijd eigenlijk niet zo. Palmen's boeken hebben zo te zien ook de verhuizingen en de opruiming van vorig jaar niet overleefd, en sympathiek vond ik beiden indertijd zeker al niet.

Maar dat neemt niet weg dat deze serie wel erg goed in elkaar zit. Sowieso Wende Snijders - die me nog bijstond als jong blond zangeresje - speelt voor mij volstrekt overtuigend. Behalve dat Limburgse accent dan vanzelf, maar dat kan je ook nauwelijks vragen. En Nasr komt er ook wonderwel mee weg. Knap, want het zijn toch nogal buitenbeentjes, die ze neer te zetten hebben.

In de stijl en aankleding ook best goed, en behoorlijk zuiver in het tijdsbeeld. Dat bordje van het bier is me niet opgevallen... maar, over het gemiddelde met behoorlijk plezier naar gekeken, en dat is een uitzondering met producties uit ons mooie land.

En nee, het verhaal ligt me nog steeds niet. Het boek I.M. heb ik indertijd na de eerste bladzijde weer teruggezet in het schap bij de Bruna, en verder heb ik Palmen niet meer gevolgd. Kan niet zeggen dat ik haast heb om dat in te halen, eerlijk gezegd.

I.T. (2016)

Pff, wat een prut.

Technisch is het allemaal nog wel ok, de camera en belichting zijn gewoon vakwerk, en de locaties zijn ook prima in orde. Maar het verhaal, meh, wat een volslagen flut, te stom voor worden. En Brosnan en Frecheville maken er ook wel wat een zooitje van. Als Friel nou nog wat meer te doen had gehad...

En spannend wordt het ook al nergens. Jammer, er was toch wel wat meer van te maken geweest.

I'll Follow You Down (2013)

Tijdreizen.

Deze film belicht daar eens een iets andere kant van - vooral de emotionele aspecten ervan. Op zich maakt dat het verhaal in theorie interessant, maar de uitwerking is vooral wat mat, langdradig en op de rand van saai. Het einde had eigenlijk wat eerder mogen komen, dacht ik - maar, zo lang duurt de film volgens de klok eigenlijk niet. Dat einde is overigens wel weer leuk gevonden.

Wel goed gemaakt, niks mis met camera en geluid, en de acteurs doen hun werk naar wat je mag verwachten. Wat me tijdens de film door m'n hoofd schoot is dat Gillian Anderson op de een of andere manier toch veel minder onder het X-Files stigma heeft te lijden dan David Duchovny - elke keer dat ik hem ergens in een film zie is de eerste gedachte 'hee daar heb je Mulder'. Misschien is haar hoofd gewoon wat minder kenmerkend dan dat van Duchovny...

Ice Pirates, The (1984)

Star Wars en Dallas.

De eerste omdat het geheel daar natuurlijk schaamteloos op voortborduurt of parodieert, net een beetje te laat misschien om daar echt wat aan te hebben. En de tweede vanwege Mary Crosby, ooit wereldberoemd als de mooie secretaresse van J.R. Ewing. Terug in de jaren-80, met een flashback naar de jaren-70... en wat daar dan vooral bij opvalt is dat het eigenlijk best een mooi gemaakte film is. Misschien had met iets meer ambitie in het script er een stuk meer uit kunnen komen, want de cast is eigenlijk best goed - Mary Crosby is wel zo'n beetje de minst bekende daarvan, achteraf gezien. Toch is het nog steeds wel een grappig cult-geval, al is dat dan misschien vooral voor diegenen die indertijd Dallas gevolgd hebben, en de hele stortvloed van SF-films in het kielzog van Star Wars gezien hebben.

Ice Station Zebra (1968)

Alternatieve titel: Poolbasis Zebra

Net als alle andere boeken van Alistair MacLean had ik ook dit gelezen allang voordat er bij ons in huis een televisie te bekennen was. Guns of Navarone heb ik toen zeker wel in de bioscoop gezien, maar van deze staat me niet heel veel meer bij.

Het verhaal wordt fijn spannend gehouden, en de voor toen toch wel erg spectaculaire beelden van het gedoe onder het ijs helpen het eerste deel nogal. Het tweede deel beviel me wat minder. Of wellicht dat door de pauze de spanning toch wat weggevallen was. In ieder geval irriteerde ik me veel meer aan de nepperig uitziende straaljagermotoren dan in de eerste helft aan de snorkel van de atoomonderzeeer… en ja, hier en daar is het ook wel een beetje onwaarschijnlijk. Dat werd later in het werk van MacLean ook wel steeds erger, hoewel ik het hier eigenlijk vooral aan de vertaling naar film moet wijten geloof ik - het is al best lang geleden dat ik het boek in handen had en het lijkt uit mijn boekenkast verdwenen te zijn, maar daar herinner ik me minder onvrede bij.

Rock Hudson heeft wel een van de mooiste quotes, overigens: ‘We operate on a first-name basis. My first name is Captain’. Van de rest van zijn films staat me overigens maar heel weinig bij, valt me op, en alleen van A Farewell to Arms weet ik zeker dat ik ‘m gezien heb.

Iceland Is Best (2020)

Simpel voortdobberend coming of age filmpje waarin het meiske Sigga op zoek is naar waar het om gaat, of iets in die richting. Met haar vrienden op sleeptouw, waarvan er een toevallig een kajak is.

Maarja, met zo’n hoofdrol kom je blijkbaar niet echt prominent bovenaan de credits te staan bij IMDB, dus het kost nog wel even wat zoeken om boven water te halen dat het een zekere Kristín Auður Sophusdóttir is die Sigga speelt. Niet precies een rol die om traditioneel acteren met teksten en zo vraagt, dus wellicht wat moeilijk om daar een oordeel over te vormen. Net als de film zelf, het is allemaal nogal ongebruikelijk. Maar de beelden zijn fris en mooi, zeker als er een fraai stukje IJsland te zien is. De titel klopt op zeker, zoveel mag gezegd.

Ichimei (2011)

Alternatieve titel: Death of a Samurai

Remake van Seppuku (1962).

Die film is echt een meesterwerk. Dapper van Miike om daar zijn vingers aan te branden. Want dat doet hij - daar is geen twijfel aan. Dat is altijd het gevaar bij een remake - en zeker bij een film die zo geniaal is. Het wordt dan onmogelijk om niet te gaan vergelijken, en je moet dus wel hel erg zeker van je zaak zijn als je wilt pretenderen het oude meesterwerk te gaan overtreffen - of er zelfs maar een ode aan te brengen.

Ondanks dat er nogal wat details precies hetzelfde terugkomen, zijn er ook nogal wat verschillen. Het kapsel en de baard van Hanshiro Tsugumo zijn dan misschien precies hetzelfde, wat in de remake ontbreekt is zijn gedrag - waaruit in het origineel in alle intonaties van zijn doorklinkende stem blijkt dat er geen twijfel meer in zijn ziel te vinden is. Daar is onze held volkomen overtuigd, resoluut over de afloop. In de remake speelt hij een rol.

Net als de veranderingen in het verhaal, ook daar is de scherpte en de genialiteit net gemist. Wat Miike bewogen heeft om de vechtscenes met de drie samurai weg te laten heeft is me een raadsel - zou hij het niet aangedurfd hebben? Misschien terecht, want die zijn schier onovertrefbaar. Nog raadselachtiger vind ik de keuze om het verhaal te dramatiseren door Hanshiro Tsugumo met bamboe wapens te laten binnenkomen. Daar zit tenslotte de hele moraal van eer en waarde in verweven.

In de beelden valt me dan op dat de camerapositionering af en toe toch wat erg slordig is. Komt er een rand van een dak in beeld, dan staat dat een halve graad scheef net langs de rand van het beeld. En met het harakiri-schavot gebeurt dat ook een paar keer. Dat soort onzorgvuldigheid zit in het origineel nauwelijks - en waar dat toch nog wel mis zit, is het verhaal zo sterk dat het je niet opvalt. En dat is dan toch even iets om over na te denken, Kobayashi had tenslotte veel minder technologie ter beschikking dan Miike. Het origineel is wel vijftig! jaar ouder...

En wat Miike met de verandering van de structuur ook echt helemaal gemist heeft is de geniale timing van het origineel. Elke keer dat daar de stem van Tatsuya Nakadai met zijn volgende tekst, zijn volgende verdieping komt is een toonbeeld van perfectie. In de remake mist dat hele gebeuren volledig. Alsof het gewoon helemaal niet begrepen is hoe dat het verhaal zoveel sterker maakt. En dat klinkt dan ook heel nadrukkelijk door in het einde - de timing mist, de subtiliteit mist, en de boodschap moet uitgelegd worden waar die in het origineel toch zoveel duidelijker en sterker was.

Is deze remake daarmee overbodig? Nee, wat mij betreft zeker niet. In de positieve zin kan je vinden dat er opnieuw aandacht komt voor de genialiteit van het origineel, en dat meer mensen daarmee kennis zullen maken. Aan de negatieve kant is er niets ergers dan dat je in het bekijken van de verschillen kan zien wat het verschil tussen een gewone film en een meesterwerk is. Daarmee hoop ik dan dat er meer mensen gaan snappen wat het verschil dan precies is - en daarvan leren.

En de remake is evengoed nog steeds een heel behoorlijke film, die op zich het kijken best waard is.

Alleen geen meesterwerk.

ID:A (2011)

Flauw kijkvoer.

Het wordt allemaal vrij vlot gebracht, en daarom lijkt het nog wel wat spannend. Maar het verhaal is knap onwaarschijnlijk, en de lange flashback wordt wel leuk aan geheugenverlies opgehangen maar dat neemt niet weg dat het daardoor toch een wat uitleggerig gedoe wordt - want goedbeschouwd wisten we dat hele stuk eigenlijk al, de paar details die daarmee boven water komen doen ook maar weinig ter zake.

Pluspunt dat iedereen tenminste de goeie taal spreekt. Minpunt dan weer de manier waarop de kop van Tuva Novotny wordt toegetakeld - geen gezicht dat donkere kapsel.

Ida Red (2021)

Meu. De eerste film die ik van regisseur John Swab zie geloof ik, en dat nodigt niet precies meteen uit tot meer.

Er zijn op zich best wel dingen die goed zitten. De cast is goed en zet overtuigende karakters neer - grotendeels ernstig onplezierige mensen, maar wel geloofwaardig en erg goed gespeeld. En de beelden zijn ook mooi, goeie locaties, goeie cinematografie, mooie kleuren, goed licht. Niks mis mee. Maar het verhaal trekt op niets, rammelt van de ongeloofwaardige plotholes, de editing is op een paar momenten echt lelijk, de continuiteit mist een paar keer. En de soundtrack past net iets te vaak niet bij wat er gebeurt.

Daar zie ik toch hoofdzakelijk fouten van de regie in eigenlijk. Jammer, had niet mogen gebeuren, en een in potentie goede film wordt er een vergeetbaar B-kijkvoer dingetje door.

Identity (2003)

Heh.

Daar had ik toch even absoluut niet aan zien komen wat het onderliggende idee van de film is. En de uiteindelijke ontknoping zeker ook niet. En hoewel het onderliggende idee bij mij niet als heel geloofwaardig overkomt, het wordt toch wel erg netjes en gelikt uitgewerkt. Knap werk.

En wat een mooie cast dan ook nog eens. Cusack, hij moet je misschien liggen, maar hij doet het hier best goed. En Ray Liotta, toch een wat beperkte acteur, zit hier echt prima op z'n plek. En dat geldt zeker ook voor de rest van de cast - Jake Busey als de griezel, Amanda Peet als het te mooie meisje...

James Mangold is misschien niet de meest bekende of meest beroemde regisseur ooit, maar zet hier toch een fraai stukje werk neer, en als je zijn lijstje films bekijkt dan vallen daar zeker een paar mooie titels in op. Toch maar onthouden dus, die naam, ook al zijn zijn laatste paar films misschien niet de beste.

Ides of March, The (2011)

Spannende intrige.

Clooney speelt erg sterk, hij spat haast van het scherm af en trekt alle scenes naar zich toe. Niet dat de rest slecht speelt, of zelfs maar steekjes laat vallen - eigenlijk is er helemaal geen speld tussen te krijgen. Kennelijk is Clooney niet alleen een goede acteur, maar kan zichzelf en de andere acteurs ook nog eens goed regisseren. Da's toch knap werk.

Het verhaal is ook een sterk punt voor de film. Een leuke blik achter de schermen, waar de vuile spelletjes van de ratten plaatsvinden. De werkelijkheid zal wel een stevig stukje erger zijn nog. En laten we vooral niet de illusie hebben dat het bij ons beter gaat - op zijn hoogst kleinschaliger, denk ik maar.

Evan Rachel Wood is heel prettig volwassen geworden trouwens. Wat een mooie meid, en ze speelt hardstikke goed ook nog. Maar de echte ster van het verhaal is voor mij Marisa Tomei, die een van de heel weinige in de verte sympathieke rollen speelt. Mooi mens.

Enige minpuntje aan de film vind ik eigenlijk toch het onderwerp. De Amerikaanse politiek interesseert me namelijk evenveel als de Nederlandse. Geen moer. Dat het toch een interessante film voor me is, bewijst op zich al wel wat.