Two-Lane Blacktop is een roadmovie pur sang. De manier waarop Amerika in beeld wordt gebracht, is erg goed gedaan met de wijde landschappen, de tankstations, de diners en verlaten dorpjes.
Een echt verhaal is er niet, al is er wel een ‘race’ tussen The Driver en The Mechanic enerzijds en G.T.O. anderzijds die de film vooruit duwt. Al had ik niet echt het gevoel naar een race tussen die mannen te kijken door de erg trage en relaxte manier waarop het werd gebracht. Vaak stoppen ze om ergens in een diner te zitten of mee te doen aan een straatrace om wat geld te verdienen of pikken ze ondertussen een andere hitchhiker op.
Het is sowieso een film die het moet hebben van de sfeer i.p.v. het verhaal. De traagheid en de troosteloosheid druipen er van af, wat een bijzondere sfeer aan de film geeft, maar jammer genoeg is het allemaal niet voldoende om er een echte goede film van te maken. Er mocht iets meer pit inzitten wat mij betreft en de personages doen me erg weinig. Het emotieloos acteren van The Driver en The Mechanic zal wel bewust gedaan zijn om de sfeer in de film nog wat kracht bij te zetten, maar ik vond het gewoon erg saaie personages. Warren Oates daarentegen levert wel nog een iets interessanter personage af als GTO die voortdurend met verschillende hitchhikers onderweg is.
Een film die me dus gemengde gevoelens bezorgt. Qua sfeer valt er best veel te genieten, maar het mocht voor de rest toch ietsje meer zijn wat mij betreft.
Fat City is een heerlijke doorleefde en melancholische film die de sfeer van de jaren ‘70 op een goede manier uitstraalt.
Het is geen mooie boksfilm geworden zoals Raging Bull, maar deze Fat City heeft wel zijn eigen charmes. De boksscènes zien er vrij simplistisch, maar anderzijds wel erg realistisch uit. De boksers waarrond de film draait, zijn ook geen Jake Lamotta’s maar gewoon een paar amateurboksers die een beetje zakgeld proberen te verdienen.
Stacy Keach en Susan Tyrrell waren wat minder ronkende namen voor mij, maar ze zetten wel sterke personages neer die zich aan de onderkant van de maatschappij bevinden. Bij die scène waar Tully het avondeten had klaargemaakt voor haar, gingen mijn haren rechtop staan van haar hysterisch en dronken gedrag, maar ergens is dat wel een goed teken dat ze daarin geslaagd is. Jeff Bridges was voor mij de bekende naam in het gezelschap, maar zijn rol voelt nogal vreemd aan. In het begin leek de film meer rond zijn personage te draaien, maar eens zijn vriendin zwanger raakt, wordt zijn rol vrij verwaarloosbaar. Al acteert hij hier wel gewoon vlekkeloos.
Zeer geslaagde, sfeervolle en realistische film van John Huston. Ook dat einde waar Tully en Ernie samen voor zich uitstaren aan de toog met een kop koffie is een heerlijk beeld om mee te eindigen.
Film noirs hebben regelmatig de neiging om zichzelf te verliezen in een ingewikkeld plot, maar Siodmak zet hier een erg sterke en eenvoudige film noir neer.
Het is een soort liefdesverhaal, maar wel een erg grimmige waarbij Steve probeert om Anna terug te veroveren van zijn rivaal Slim die tevens een crimineel is. De reden van Steve om samen met Slim de heist op poten te zetten, is niet omwille van het geld, maar wel om op die manier Slim te kunnen uitschakelen en Anna terug te krijgen.
Het einde deed me een beetje denken aan Sweet Smell of Success (toevallig ook met een uitstekende Burt Lancaster daar), waarbij iedereen op het einde verliest. Die hele eindscène was trouwens erg sterk gedaan, waarbij Slim het huisje binnenwandelt en Steve en Anna koelbloedig neerschiet terwijl hij de politiesirenes al kan horen.Een erg rauw einde, maar wel eentje die zeker een tijdje gaat blijven hangen.
Het is zeker niet de enige sterke scène die we te zien krijgen, want met deze korte speelduur heeft Siodmak er toch een aantal erg fraaie in weten te verwerken. Vooral de ziekenhuisscène is een erg sterke waarbij de spanningsboog steeds meer en meer wordt opgetrokken. Ook de scènes die zich afspelen in de kroeg zijn een plezier om naar te kijken, die een overvloed aan sfeer bevatten. Zeker die Rumbascène met de dansende Yvonne De Carlo is genieten geblazen.
Die Yvonne De Carlo zet een erg sterke rol neer als femme fatale, maar de hele cast is sterk op dreef. Burt Lancaster vind ik altijd het niveau van een film nog wat optrekken en Dan Duryea lijkt mij iemand te zijn die geboren is om rollen van stijlvolle bad guys te spelen. In The Woman in the Window kon hij me ook al erg bekoren.
Erg sterke film noir van Robert Siodmak. The Killers vond ik ook al goed, maar dit is nog een niveautje hoger.
Er valt weinig of niets aan te merken aan deze film. Het verloopt allemaal heel erg vlot en de insteek rond het hypergevoelig gehoor van Niki zorgt voor een aantal intense scènes.
Al wordt het natuurlijk allemaal best voorspelbaar vanaf het moment dat Niki de eerste klusjes aanvaardt van de louche bende om kluizen open te maken. Niet dat Daniel Roher ergens in de fout gaat, maar nergens wordt de middelmaat echt overstegen.
Gelukkig is het romantische zijplot tussen Niki en Ruthie niet te zeemzoet en is het acteerwerk van een prima niveau.
Ik zal het nog niet vaak meegemaakt hebben, maar ik verkies toch de Amerikaanse remake uit 1999. Gelukkig had ik die remake al gezien, want anders zou het begin nogal verwarrend op me zijn overgekomen. Aan karakteruitdieping wordt weinig aandacht besteedt en er is ook niet echt een introductie van het verhaal. We worden gelijk middenin het verhaal gedropt wat nogal vreemd overkwam.
Al weet deze Plein Soleil veel kracht te halen uit de sfeer en is het een erg stijlvolle film. De Italiaanse stadjes worden op een erg warme, zomerse wijze in beeld gebracht en het deel dat zich afspeelt op de boot is erg sterk. Eerst wordt Ripley achtergelaten op de sloep, maar later vermoordt Ripley Philippe.
Qua spanning moet deze wel flink onderdoen voor de remake. Ik had hier minder vaak het gevoel dat Ripley op het randje stond om ontmaskerd te worden. Er was natuurlijk die scène waarin hij Freddy moest vermoorden en de scène waarin hij het appartement moest ontvluchten voor de politie, maar ik had niet echt het gevoel dat hij stevig op de hielen werd gezeten.
Het is wel duidelijk waarom Alain Delon een icoon was, maar toch weet de film niet helemaal te overtuigen en geef ik toch de voorkeur aan de remake.
Ik heb er best van kunnen genieten van deze dialoogfilm. Aanvankelijk leek de film volledig te focussen op de ruzies tussen Seth Rogen en Olivia Wilde, maar de wending naar het hele groepsseks gebeuren met hun buren zorgt ervoor dat de film grappig wordt en er een spanning ontstaat tussen de verschillende personages.
Wanneer de partnerruil slecht afloopt door de rugproblemen van Seth Rogen krijgt de film een dramatische wending waarbij het huwelijk van Rogen en Wilde op het spel staat. Op het einde wordt er ook nog even verwarring gecreëerd met Cruz en Norton die plots verdwenen zijn of waren ze wel effectief aanwezig?
Vooral Seth Rogen valt op met zijn typische cynische humor, maar ook Olivia Wilde speelt een erg sterke rol. Penélope Cruz komt nog makkelijk weg met haar personage, maar Edward Norton is hier minder goed gecast.
Fijne en humoristische film dus met de nodige chaos en amusante dialogen.
Veel voegt deze film niet meer toe aan het genre, maar als je met niet al te hoge verwachtingen deze film aanvat, is het zeker te doen als tussendoortje.
Het begin heeft wat Eden Lake vibes wanneer Sasha wordt lastig gevallen door enkele lokale mannen en nadien nemen de Deliverance vibes het over als ze de Australische natuur intrekt. Alleen is het jammer dat het spannende kat-en-muisspel tussen Sasha en Ben vrij snel gedaan is en ze lange tijd met elkaar opgescheept zitten. Het is toch altijd fijner om naar een jager te kijken die met zijn prooi zit te spelen dan wanneer ze gewoon met elkaar liggen te vechten.
Taron Egerton is ook prima als psycho kannibaal en Charlize Theron doet weinig verkeerd, maar niet dat ze een moeilijke rol had om te spelen.
Ondanks dat ik al heel lang basketbal speel en deze titel kende, ben ik er nu pas aan toegekomen om hem effectief te zien. De lange speelduur zal er wel voor iets tussen zitten, maar het is wel ideaal materiaal om in 2 helften te zien.
De status die deze documentaire heeft opgebouwd snap ik wel, maar echt onder de indruk ben ik niet. De documentaire bewandelt langs de ene kant de gekende paden waarmee veel afro-Amerikanen mee te maken hebben. Vooral de familie van Arthur lijkt zwaar in financiële problemen te zitten en ook de afwezige vaders vallen op. Al probeert de vader van Arthur zijn zoon toch opnieuw te steunen.
Misschien werden er iets teveel zijplotjes bijgehaald, maar het gedeelte dat zich focust op de carrière van de 2 jongens is wel interessant genoeg. Vooral omwille van de onvoorspelbaarheid van hun carrières. Hun karakters zijn totaal verschillend en Arthur lijkt het allemaal minder serieus op te vatten als William. William lijkt ook meer talent te hebben en er echt voor te gaan tot hij geconfronteerd wordt met zijn knieproblemen. Vanaf dan lijkt hij ook mentaal te slabakken en Arthur herleeft duidelijk opnieuw. Arthur heeft een stap teruggezet van een grotere school naar een kleine, volledig zwarte school, maar presteert wel erg goed met zijn team. Op dat vlak heeft de documentaire mijn aandacht er toch weten bij te houden. Ook het hele rekruteringsysteem van de jonge spelers is wel interessant om van dichtbij te zien.
Hoewel ik blij ben deze documentaire eindelijk gezien te hebben, ben ik er niet door overdonderd.
Alternatieve titel: Suzhou River, 20 augustus, 21:34 uur
Meteen vanaf de openingsscène waar de verteller de kijker meeneemt op de Suzhou rivier weet je dat dit geen doorsnee film gaat worden. Op visueel vlak heeft Ye Lou er echt een fraaie film van gemaakt mede door het bijzondere camerawerk met o.a. de point-of-view shots van de verteller. De setting rond de rivier en het industriële Shanghai zien er erg grauw en troosteloos uit, wat een bijzonder contrast oplevert met het romantisch verhaal die we voorgeschoteld krijgen.
Het verhaal zelf heeft veel weg van Vertigo waarbij een man zijn obsessie voor een vrouw die verdwenen is, gaat projecteren op een andere vrouw die op haar lijkt. Al voelt dit wel een stuk fantasievoller aan, want Ye Lou lijkt toch eerder te suggereren dat de verteller nooit een relatie heeft gehad met Meimei en dat het eerder een verhaal is over een verliefd koppel die hij heeft opgevangen langs de rivier en de rest er zelf bij gefantaseerd heeft.
Bijzondere film in ieder geval door de combinatie van het romantisch verhaal, het visuele, de fantasierijke touch en de verteller die nooit in beeld komt en het verhaal beleeft.
Hoewel de titel van de film al veel verraad over het verloop van de film, heeft John Ford er een aangename Western van gemaakt. De weg naar dat moment waar de filmtitel naar verwijst, zit vol met interessante ontwikkelingen en sterke scènes.
James Stewart probeert als beginnende advocaat een dorpje waar de wet van de sterkste geldt kennis te laten maken met de democratie en alles wat daar bijkomt. James Stewart en John Wayne als de typische machoachtige revolverheld zijn compleet elkaars tegenovergestelde met verschillende opvattingen over hoe Liberty Valance moet aangepakt worden, maar ze versterken daarmee elkaars personages. Dat het uiteindelijk John Wayne blijkt te zijn die Liberty Valance heeft neergeschoten en niet James Stewart kwam wel als een verrassing binnen, maar anderzijds past het wel in het verhaal dat het John Wayne was die Liberty Valance heeft neergeschoten.
Er is ook nog een sterke rol weggelegd voor Lee Marvin als Liberty Valance. De scène waar hij de confrontatie opzoekt met Stewart en Wayne in de kroeg is wat mij betreft het hoogtepunt van de film. Er zit een heerlijke spanningsopbouw in, het moment dat ze met elkaar neus aan neus staan is geweldig en Lee Marvin heeft gewoon een heerlijke boevengezicht. Het personage van de Marshal Appleyard is een erg uitvergroot typetje van de domme wetshandhaver, maar ik heb me best kunnen amuseren met enkele grappige momenten van hem.
Misschien wordt het einde rond het verkiezingsgebeuren van Stewart wat te lang uitgesponnen, maar ik heb me erg vermaakt met deze niet-doorsnee Western.
Dat eten een belangrijk onderdeel is van de Japanse cultuur heb ik al regelmatig kunnen ondervinden in de Japanse films en deze Tampopo is daar een leuke hommage aan.
We krijgen verschillende korte, maar grappige en geslaagde scènes te zien rond dit thema. De oude zakenmannen die allemaal hetzelfde simpele gerecht bestellen maar de jonge man die duidelijk meer culinaire kennis heeft, de man en vrouw die tijdens de seks experimenteren met voedsel, de vrouw die al stervend nog kookt voor haar gezin en die erg leuke openingsscène waar de man in detail uitlegt hoe je Ramen noodles tot in de perfectie moet eten.
Die korte scènes worden afgewisseld rond 1 groter verhaal die draait rond Tampopo die hulp krijgt van een truckchauffeur die het niveau van haar noodles restaurant probeert op te krikken.
Tampopo is gewoon een erg tof filmpje waar de liefde voor de Japanse eetcultuur (en dan vooral voor de Ramen noodles) in de verf wordt gezet.
Alternatieve titel: In de Greep van de Zombies, 16 augustus, 14:38 uur
In vergelijking met Night of the Living Dead heeft Romero hier een stevige stap achteruit gezet. De interessante en sterk vormgegeven zombies maken hier plaats voor de meest flauwe zombies die ik tot nu toe in films ben tegengekomen. Ze zien er niet alleen erg lelijk uit, maar zijn ook nog eens verschrikkelijk sloom. Het verschil met het eerste deel waar de zombies nog erg dynamisch zijn, kan niet groter zijn.
Ook qua spanning is dit een pak minder en Romero heeft meer ingezet op het komische aspect, wat niet altijd goed uit de verf kwam. Het dieptepunt moet het taartengevecht zijn van de motorbende met de zombies. Die motorbende had overigens ook wat meer kunnen toevoegen aan de film qua spanning, maar daar kwam ook maar weinig van in huis.
Nee, dit is maar een zwak vervolg op een sterk eerste deel. Benieuwd of het niveau in het derde deel wat opgekrikt kan worden.
Spielberg doet hier weinig verkeerd mee. Het is vooral de opbouw dat best sterk gedaan is met veel mysterie. Daniel Kellner die met geheime informatie op de vlucht slaat voor een duistere organisatie, een weervrouw die plots alle talen kan spreken en de gedachten/verleden van mensen kan zien en een vreemd object dat hogere krachten bevat.
Het zijn allemaal interessante ingrediënten, maar het tweede deel biedt weinig bijzonderheden met de geheime organisatie die achter Daniel en Margaret zitten en Margaret die probeert erachter te komen hoe ze aan haar gave komt. Het einde sleept iets te lang aan met de langverwachte onthulling rond het geheimhouden van de overheid over de aliens.
Ik heb me hier zeker niet mee verveeld, maar buiten de sterke opbouw wordt de gewone degelijkheid niet overtroffen.
Alternatieve titel: Red Dragon, 15 augustus, 16:39 uur
Hoewel het plot bijna identiek is als deze van The Silence of the Lambs heb ik daar tijdens het kijken van deze film weinig last van ondervonden.
Vooral omdat de sfeer van deze film toch anders is. Met de veel gebruikte popmuziek (wat niet altijd even goed uit de verf kwam), het visuele met de koele kleuren en een aantal knappe nachtelijke scènes zorgen ervoor dat het gevoel in deze film anders is als in The Silence of the Lambs.
Al is deze Manhunter nu niet echt een spannende film. In het eerste deel was er wel nog een zeker onderhuidse spanning aanwezig. De moordenaar is nog niet in beeld geweest en de voortdurende overpeinzingen van Will Graham zijn best boeiend, maar eens de identiteit van The Tooth Fairy bekend gemaakt wordt voor de kijker verwatert de spanning toch stevig. Ook de inbreng van Hannibal Lecktor is wat povertjes in het geheel.
Een tijdje geleden was ik nog erg onder de indruk van Exotica en The Sweet Hereafter was ook al een goede film. Het niveau van Exotica wordt hier niet gehaald, maar Felicia’s Journey is zeker een goede film geworden die duidelijk de stempel van Atom Egoyan draagt.
Atom Egoyan lijkt me, na 4 films van hem nu gezien te hebben, een regisseur die erg goed sfeer kan scheppen, maar daarnaast ook erg goed een verhaal kan vertellen. Felicia’s Journey is zo’n lekker slome en mysterieuze film, waarbij we met mondjesmaat meer en meer te weten te komen over de achtergronden van Felicia en Hilditch.
Net zoals in Exotica weet Egoyan het heden op een knappe manier af te wisselen met flashbacks. We zien Felicia die in Ierland verstoten wordt door haar vader vanwege haar zwangerschap en haar poging om contant te zoeken met de vader van het kind, maar het zijn toch vooral de stukjes van Hilditch die er bovenuit steken. De videobeelden van zijn vorige slachtoffers die hij gefilmd heeft in de auto geven dat extra naargeestig tintje aan de film, alsook de fragmenten van de jonge Hilditch die staat toe te kijken op zijn moeder die kookt in een televisieshow zijn zeker een toegevoegde waarde om nog wat meer mysterie rond zijn personage te creëren.
Die Hilditch wordt overigens goed neergezet door Bob Hoskins. Hij komt aanvankelijk over als een normale, vriendelijke man, maar hij heeft toch iets creepy in zich om geloofwaardig over te komen als seriemoordenaar. De prestatie van Elaine Cassidy als Felicia is wat moeilijker in te schatten, daar ze de hele film lang een ingetogen rol speelt van een naïef meisje, maar tegenvallen doet ze zeker niet.
Alleen krijgt de film niet het einde die ik gehoopt had. Het opbiechten van Hilditch tegenover de twee gelovige vrouwen die langskwamen en zijn uiteindelijke zelfmoord deden me niet zoveel. Ik vond het net wat te makkelijk hoe hij zich ‘overgaf’.
In ieder geval toch weer een geslaagde film van Egoyan. Voorlopig houd ik het op 3.5*, maar zit wel dicht tegen de 4* aan en het is eentje die ik zeker nog eens opnieuw ga zien.
Het verhaal op zich is niet zo heel bijzonder, waarbij een drugsdealer stevig in de problemen komt en op de huid wordt gezeten door zijn leverancier vanwege een mislukte deal. Maar Nicolas Winding Refn weet nog erg veel uit de film te halen door een geweldige sfeerzetting. Het ziet er allemaal erg rauw uit wat sterk bijdraagt aan het realistische beeld van de film.
Bij dergelijke films die een rauw en realistisch beeld proberen te brengen, heb ik regelmatig het gevoel dat ze te lang in de intro-fase blijven hangen, maar dat is hier allesbehalve het geval. Die eerste versnelling komt er al vrij snel wanneer de deal van Frank met de Zweed misloopt door de tussenkomst van de politie en zeker wanneer de tocht van Frank begint om het geld te zoeken om Milo terug te betalen. Ook de scène waar één van de schuldenaars van Frank zelfmoord pleegt, is er eentje van een hoog niveau.
Er komt nog een extra versnelling met de climax waarbij het liefje van Frank met zijn geld ervandoor gaat en Frank voor zich uitstaart, wetende dat zijn laatste uur waarschijnlijk heeft geslagen. Erg sterk beeld om mee te eindigen.
Prima debuutfilm dus van Nicolas Winding Refn en ben benieuwd naar de 2 vervolgfilms.
Erg mooie en ingetogen film opnieuw van Kore-eda zoals ik van hem ondertussen gewend ben. Ik zie dit soort films wel graag waarbij de hoofdrolspelers (in dit geval de ‘vader en moeder’) eigenlijk niet meer of minder dan criminele feiten plegen (de winkeldiefstallen, de ontvoering van het meisje, het begraven van de overleden oma in de tuin), maar je als kijker erg veel sympathie voor hun krijgt. En daar is Kore-eda met verve in geslaagd.
Kore-eda neemt rustig zijn tijd om het beeld te schetsen van het samengesteld gezin, en dat het een samengesteld gezin is, mag erg letterlijk genomen worden. Het beeld van de 6 familieleden die op een kleine oppervlak samenwonen, levert toch een mooi beeld op, waarbij je als kijker deel gaat uitmaken van hun leven. Aanvankelijk was het ook niet helemaal duidelijk wat de achtergronden zijn van de verschillende familieleden. Zo komen we gaandeweg te weten dat de jongen Shota net zoals het meisje Yuri ontvoerd werd en dat Aki een dochter is van een bastaardzoon van oma’s overleden echtgenoot. Toch wel een apart gegeven, maar anderzijds had ik wel het gevoel naar een warme familie te kijken die zorg voor elkaar draagt.
Ook het acteerwerk is erg sterk met vooral Lily Franky en Sakura Ando als de ‘vader’ en ‘moeder’, maar ook de kinderen doen het voortreffelijk.
Kore-eda is er toch maar weer in geslaagd om een mooie, warme en ingetogen film op het scherm te toveren.
Alternatieve titel: The President's Cake, 9 augustus, 23:37 uur
Tof en onderhoudend filmpje dat me veel deed denken aan de Iraanse films zoals Where is My Friend's House? en The Children of Heaven waarbij kinderen de hoofdrollen spelen.
Ook in deze The President's Cake zien we een meisje die een queeste aflegt waarbij ze verschillende ingrediënten bijeen moet zien te verzamelen om een cake te maken ter ere van de verjaardag van Saddam Hoessein. Niet dat de film echt hoogstaand wordt, waarbij de queeste gepaard gaat met de nodige tegenslagen en ontmoetingen met verschillende personages.
Al weet de film zich wel te onderscheiden door het verhaal vanuit Irakese oogpunt te vertellen. Overal zien we portretten en posters hangen van Hoessein en in de klas moeten de kinderen de groet uitbrengen voor Hoessein. De luchtalarmen, de jets die je voortdurend hoort overvliegen en de schaarse voedingsmiddelen zorgen ook voor extra authenticiteit in de film en een aantal scènes op het moeras waar Lamia en haar oma wonen, zijn knap gefilmd.
Alternatieve titel: The Cremator, 9 augustus, 18:27 uur
Ik ben deze film vrij blanco ingegaan en het is toch een bijzondere kijkervaring geworden. De film is geen typische horror, maar eerder een psychologische horror waarbij we door het voortdurende gepraat van Kopfrkingl inzicht krijgen over zijn manier van denken. Misschien is hij wat te lang aan het woord bij momenten, maar anderzijds draagt het wel bij om de film een hallucinerende sfeer mee te geven en in combinatie met de vele close-ups en merkwaardige cinematografie wordt het ook nog eens een surrealistische kijkervaring.
Rudolf Hrušínský heeft dan ook nog eens de perfecte kop om zo’n rol neer te zetten. Aanvankelijk komt hij nog netjes over, excentriek dat wel, maar gaandeweg wordt zijn personage alleen maar akeliger. Zijn obsessie om de mensen te ‘bevrijden’ neemt de bovenhand en met de opkomst van het Nazisme wordt het alleen maar luguberder wanneer hij wordt ingezet om de verbrandingsovens te bedienen.
Aparte cinema, maar wel een eentje die de moeite waard is om eens gezien te hebben.
Deze was weer zo eentje die dringend aan herziening toe was, want ondanks de goede score van 3.5* kon ik me hier eerlijk gezegd niet veel van herinneren.
En op zich is dat niet zo verwonderlijk, want het verhaal is niet heel erg bijzonder waarbij Clarence door toeval in het bezit is gekomen van een grote koffer met drugs en zich hierbij stevig in nesten werkt. Al is de uitwerking van Tony Scott gewoon feilloos met een leuke soundtrack (vooral dat rustgevend deuntje past geweldig in de film) en een aantal scènes die er bovenuit steken (Clarence die de pooier van Alabama neerknalt, de scène waar Dennis Hopper wordt vermoord door Christopher Walken maar eerst nog een leuk verhaaltje moet vertellen en de shoot-out).
Bij de opening credits was ik toch verbaasd om al die grote namen te zien passeren en daar zit toch voor een groot stuk de sterkte van de film in. Hoewel ze buiten Christian Slater en Patricia Arquette allemaal kleine rolletjes hebben, zijn ze allemaal een toegevoegde waarde voor de film. Gary Oldman als de pooier van Alabama is erg tof, maar ook Dennis Hopper en Christopher Walken laten in die ene scène zien wat voor een goede acteurs ze wel niet zijn. Toch is het Patricia Arquette die hier de show steelt. Ze komt erg schattig en naïef over, maar langs de kant andere kant weet ze ook erg goed haar mannetje te staan (de scène met Gandolfini als hoogtepunt).
Blijft een leuke film dus, maar achteraf gezien heb ik het gevoel dat het iets te braaf is om er een echte topper in te zien.
Tegen beter weten in heb ik deze zombiefilm een kans gegeven, maar niet dat deze film nog veel toevoegt aan het genre. Het pluspunt aan deze film is wel de onvoorspelbaarheid van de geïnfecteerden, doordat deze collectief worden aangestuurd door een leider. Een wetenschapper die uit wraak een virus in de maatschappij wilt brengen.
Verder is het weinig bijzonders of spannend en duurt het toch ietsje te lang.
Alternatieve titel: The Aviator's Wife, 8 augustus, 11:14 uur
Ik kon deze Rohmer best wel smaken. Zoals in zowat alle films die ik van hem tot nu toe gezien heb, gaat het over personages die met zichzelf en hun liefdesleven in de knoop liggen.
Deze film krijgt een erg boeiende wending wanneer François de ex van zijn vriendin gaat bespioneren en daarbij Lucie ontmoet. Anne-Laure Meury speelt de rol van Lucie op een ontzettende leuke en naturelle manier. Vanaf het moment dat François en zij met elkaar contact maken, krijgen we de beste scènes uit de film te zien die zich afspelen op de bus, in het park en in het cafeetje. Niet dat Rohmer er een spannend spionagestukje van gemaakt heeft, maar het zorgde er wel voor dat François en Lucie leuke conversaties met elkaar hadden.
Wanneer François terugkeert naar het appartement van zijn vriendin Anne krijgen we een heel andere dynamiek te zien. Het is niet meer het speelse zoals met Lucie, maar Anne is erg wispelturig en er zijn meer frustraties tussen hen. Het contrast tussen de 2 dames is dus groot en voor François volgt er nog een anti-climax wanneer hij een postkaart wilt afleveren bij Lucie, maar haar toevallig betrapt wanneer ze aan het kussen is met een van François’ collega’s.
Fijne Rohmer opnieuw die ik netjes in het midden plaats van de 7 films die ik van hem gezien heb.
Alternatieve titel: The Man Who Copied, 5 augustus, 23:42 uur
Het eerste deel van de film was precies wat ik er van verwacht had en het pakte ook erg goed uit. Er wordt wel erg veel tijd genomen om het leven van André en zijn obsessie voor Silvia te introduceren, maar de frisse stijl met de voice-over van André werkt wel. Vanaf het moment dat André de stap durft te zetten naar Silvia krijgen we een erg lief en stuntelig romantisch filmpje voorgeschoteld dat zeer aangenaam is om naar te kijken.
Halverwege neemt de film dan een wending in de richting van een misdaadkomedie. Iets wat ik helemaal niet had zien aankomen en wat ik ook niet helemaal op zijn plaats vind in deze film. De film leunt dan op heel wat toevalligheden en ongeloofwaardigheden met André die een bank overvalt en nadien nog eens het groot lot wint met de loterij. Dat Silvia zo makkelijk meegaat in zijn leugens en misdrijven past niet echt bij haar charmant personage. Dat ze samen met André, Cardoso en Marinês haar zogenaamde vader vermoorden met een zelfgemaakte bom was een echte dooddoener. Al zitten er wel wat leuke momenten tussen al die toevalligheden en ongeloofwaardigheden, zoals de scène waarin André en Cardoso in de bus naar kleingeld zoeken in de grote zak geld.
Doordat de film halverwege een andere kant opgaat, lijkt het alsof we twee films voor de prijs van één krijgen en het voelt ook niet helemaal geslaagd aan. Al heb ik me zeker niet verveeld met deze Braziliaanse prent.
Alternatieve titel: The Man from Nowhere, 3 augustus, 22:31 uur
Ajeossi is erg stijlvol gemaakt en de vele harde actiescènes zorgen ervoor dat, ondanks dat de film op bepaalde momenten wat meer aansleept, er toch voldoende te beleven valt. Zuid-Koreaanse misdaad/actiefilms hebben op dat vlak toch iets extra, maar het kan niet verbergen dat het verhaal te standaard is om echt een blijvende indruk te gaan nalaten.
Op dat vlak komen alle clichés ook hier weer voorbij met de voormalige special agent die door het verlies van zijn zwangere vrouw een teruggetrokken bestaan leidt en wraak gaat nemen op de maffia die zijn buurvrouw en haar dochter ontvoert hebben. Niets nieuws onder de zon dus en er komen ook nergens verrassingen voorbij, maar dankzij de stijlvolle cinematografie en de stevige actiescènes is dit toch een film die best goed wegkijkt.
Bij deze mijn eerste van Ho-Cheung Pang en het is een aangename kennismaking geworden. Vooral de combinatie tussen het dramagedeelte en de horror werkt uitstekend. Door het achtergrondverhaal van Cheng’s wens om een flat met zeezicht te kopen goed uit te werken, zijn haar kills extra interessant om te volgen, want ergens hoop je dat ze slaagt in haar opzet. Ze gaat wel erg driest te werk en deinst er niet voor terug om een zwangere vrouw te vermoorden en zelfs de beademing van haar vader stop te zetten, zodat ze het verzekeringsgeld kan opstrijken.
De kills zijn uiteraard belangrijk in horrorfilms en hier zijn ze allen van een hoog niveau. Vooral de scène waar ze de meeste slachtoffers maakt met de jonge mannen en vrouwen en nadien nog de agenten steekt er bovenuit. Hier kwam ook nog een dosis humor aan te pas met de darmen die bij een van de mannen uithangen, de penis die wordt afgehakt en één van de meisjes die terug wakker wordt met een plank in haar mond.
Ik moet wel zeggen dat ik even in de war was met de chronologie van de moorden. Ik dacht dat Cheng deze uitvoerde op verschillende tijdstippen/dagen, maar ze bleek dus 11 moorden op 1 avond gepleegd te hebben. Wat dat betreft een geslaagde zet van Hi-Cheung Pang om de film fris en scherp te houden.
Fijne kennismaking dus met Ho-Cheung Pang en benieuwd of er nog interessante films in zijn oeuvre zitten.
Als tussendoortje kan deze giallo horror van Argento er nog net mee door. Bij deze who-dunnit werd ik toch een paar keer op het verkeerde been gezet, doordat mijn verdachten tot tweemaal toe zelf vermoord werden (de journalist, de agent van Peter Neil).
Het acteerwerk is wel stevig onder de maat met vooral Anthony Franciosa die tekort komt als de hoofdrolspeler, maar ook de jongen die Gianni speelt, is werkelijk verschrikkelijk.
Gelukkig weet Argento de film toch wat op te smukken met een paar sterke scènes, zoals de scène waarbij Maria achtervolgd wordt door de dobermann en toevallig bij het huis van de moordenaar terecht komt. ook de scène waar de 2 vrouwen vermoord worden, is een erg sterke.
De minste van de 5 Argento films die ik tot nu toe gezien heb. Het is allemaal wat minder bijzonder, maar als een tussendoortje valt het nog allemaal mee.
Alternatieve titel: Fox and His Friends, 1 augustus, 21:45 uur
Na een erg tegenvallende Die Bitteren Tränen der Petra von Kant is dit weer een beter werk van Fassbinder die ik te zien krijg.
Films van Fassbinder hebben altijd even tijd nodig om er echt in te komen en voeling te krijgen met de personages, maar vanaf het moment dat Franz de loterij wint en zich inlaat met de rijke snob Eugen krijgen we een sterk verhaal voorgeschoteld. Franz laat zich nogal makkelijk verleiden door Eugen om veel geld te spenderen aan dure spullen waar hij niet van houdt en een lening te geven voor zijn bedrijf die in financiële moeilijkheden zit.
Ik had het wel erg te doen met Franz die steeds opnieuw gekleineerd wordt door Eugen en zijn rijke vriendjes die zich duidelijk beter voelen dan Franz. Pijnlijk wordt het vooral in het laatste halfuur wanneer Franz volledig geruïneerd wordt door Eugen en door een overdosis valium dood achterblijft in de metrotunnel en zelfs daar volledig gepluimd wordt door twee voorbijkomende jonge gasten. Zelfs één van de rijke vrienden van Eugen die toevallig voorbijkomt, wilt er niet in betrokken raken en loopt gewoon door.
Goede film dus van Fassbinder en ook de eerste die ik van hem zie waarin hij zelf meespeelt.