menu

Hier kun je zien welke berichten mrklm als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Aanslag, De (1986)

Alternatieve titel: The Assault

4,5
Winnaar van een Gouden Kalf, een Golden Globe en een Academy Award voor beste [buitenlandse] film. Dit is een film die enorme indruk op me maakte, mogelijk omdat het een film is die ik voor het eerst zag toen ik nog een tiener was. Maar ook in 2017 staat deze film nog als een huis en is het absoluut één van de beste Nederlandse films die er ooit is gemaakt. Het is de bekroning van de imposante carrière van Fons Rademakers, die eerder al prijzen in de wacht had gesleept met “Makkers staakt uw wild geraas” en “Max Havelaar” en wiens films “Het Mes”, “Als Twee Druppels Water” (de verfilming van De Donkere Kamer van Damocles van WF Hermans) en “Mira” elk genomineerd waren voor een Gouden Palm op het filmfestival van Cannes. Dit is de verfilming van het gelijknamige boek van Harry Mulisch uit 1982, een complexe vertelling die Fons Rademakers voor de haast onmogelijke opdracht stelde om meerdere van de meest ingrijpende gebeurtenissen uit de vaderlandse geschiedenis van de 20e eeuw te reconstrueren. Bovendien fungeerden die reconstructies slechts als de achtergrond waartegen zich het intrigerende verhaal afspeelt en waarin niet de gebeurtenissen maar de karakters centraal staan.

Op een avond in januari 1945 in Haarlem wordt de ‘foute’ Fake Ploeg geliquideerd vlakbij het huis van de familie Steenwijk. De jonge Anton [Marc van Ughelen] ziet even later dat hun buurman meneer Korteweg [Wim de Haas] en diens dochter Karin [Hiske van der Linden] het lichaam van Fake Ploeg verplaatsen en het voor het huis van de Steenwijks leggen! Zijn oudere broer Peter [Casper de Boer] stormt woedend naar buiten, maar de Duitsers zijn hem voor. Zij steken hun huis in brand en arresteren de hele familie Steenwijk, waarvan iedereen wordt geliquideerd behalve de dan 12-jarige Anton. Hij brengt de nacht door in een donkere cel met een mysterieuze, gewonde vrouw en een dag later reist hij af naar Amsterdam waar zijn oom [Krijn ter Braak] zich over hem ontfermt. De film springt vervolgens naar 1952, wanneer de dan medicijnen studerende Anton voor het eerst terugkeert naar de plaats waar zijn huis stond. Daar ontmoet hij zijn oude buurvrouw mevrouw Beumer, die hem iets meer duidelijkheid geeft over wat er precies gebeurde op die noodlottige avond in 1945. Gedurende zijn verdere leven heeft Anton een reeks toevallige ontmoetingen met personen die een sleutelrol speelden bij de aanslag en hoewel hij zichzelf steeds vertelt dat hij de oorlog achter zich heeft gelaten [“Wat gebeurd is, is gebeurd”] realiseert hij zich meer en meer dat De Aanslag diepe littekens heeft achtergelaten.

Rademakers weet op zeer treffende wijze grootse gebeurtenissen tot leven te brengen: de reconstructie van de provo-rellen is indrukwekkend en de finale vindt plaats tijdens de protestmars tegen Kernwapens... en ik ben er nog steeds niet uit of die demonstratie een briljante reconstructie is of dat hij dit op één of andere manier tijdens een echte demonstratie heeft kunnen filmen. Het is volstrekt overtuigend en dat getuigt hoe dan ook van groot vakmanschap. Maar Rademakers slaagt er ook voortreffelijk in de gedachten van Anton over te brengen. Tijdens het eerste deel dat zich afspeelt in 1945 is het duidelijk dat de dobbelsteen, de kousen, de kruidnagel en de kus in Antons geheugen gegrift staan. Deze elementen spelen later in zijn leven een grote rol bij de verwerking van zijn oorlogstrauma’s en die scènes zijn bijzonder ontroerend. Huub van der Lubbe maakt indruk als de zoon van Fake Ploeg en John Kraaijkamp is fenomenaal als een veteraan uit het verzet die meer weet over de liquidatie van Fake Ploeg. Maar De Aanslag is boven alles film op zijn allerbest, gemaakt door een man die als weinig anderen in staat is om een verhaal vooral filmisch te vertellen. Een meesterlijke verfilming van een haast onverfilmbaar literair meesterwerk. Mulisch moet trots zijn geweest!

Absolutely Fabulous: The Movie (2016)

1,0
Saunders en Lumley waren respectievelijk 34 en 46 tijdens het eerste seizoen van Absolutely Fabulous. De humor kwam voort uit het feit dat deze dames krampachtig probeerden vast te houden aan hun jeugd en zich gedroegen als tieners. Het feit dat de meeste afleveringen werden gefilmd 'before a live studio audience' droeg bij aan de energie en veel van de beste grappen kwam voort uit improvisaties. Saunders is nu 58, Lumley is 70 en hun karakters ogen nu meer als senioren die zich proberen voor te doen als dertigers. Julia Sawalha [die dochter Saffron speelt] is 47, maar speelt toch nog de getraumatiseerde dochter. A
De humor werkt niet: de energie van de serie is weg, de energie van de karakters is weg en er is ook geen sprake van enige nieuwigheid. Wel komen alle karakters uit de serie opdraven voor een scène, hebben Lulu en Emma Bunton ook weer een rolletje gekregen en volgen de cameo's elkaar in grote snelheid op. Het eindresultaat is rommelig, onsamenhangend en slechts hier en daar glimlachopwekkend.

Accountant, The (2016)

4,5
Ben Affleck heeft op indrukwekkende wijze de overgang gemaakt van moeders mooiste naar allround-karakteracteur. The Accountant is - net als het karakter dat Ben Affleck hier speelt - complex, bij vlagen onnavolgbaar maar bovenal erg intelligent. De plot zoals hij op deze pagina is uitgelegd is te simplistisch, maar het verhaal is ook niet in een paar regels uit te leggen. Verschillende verhaallijnen lopen door elkaar heen, al is het lange tijd niet helemaal duidelijk hoe al die verschillende verhalen en de bijbehorende karakters met elkaar verbonden zijn. Dat wordt tegen het einde van de film langzaam maar zeker duidelijk, zonder dat je je als kijker belazerd voelt.
Affleck draagt de film op knappe wijze, met hulp van doorgewinterde karakteracteurs als John Lithgow en de altijd ijzersterke JK SImmons. Anna Kendrick houdt zich prima staande en bewijst dat ze meer is dan een komedie-actrice [Pitch Perfect 3 zit er echter wel aan te komen] , maar Cynthia Addai-Robinson heeft een wat ondankbare rol als een FBI-agent die vooral veel in een kantoortje achter haar computer zit en achter de feiten aanloopt. Een klein smetje op deze enerverende, uitstekende geproduceerde en prachtig gefilmde thriller, die ook nog eens over een zeer effectieve score beschikt.

Aces: Iron Eagle III (1992)

3,0
Veruit de beste uit deze matige serie. Onder de regie van John Glen - die alle (officiële) Bondfilms uit de jaren '80 regisseerde - zijn de vliegscènes gefilmd in een klassieke stijl die past bij het verhaal over een aantal militaire luchtvaartveteranen die, onder leiding van Louis Gossett Jr., hun geld verdienen met een spectaculaire luchtvaartshow waarin ze luchtgevechten nabootsen. Er is ook beduidend meer plot en de actiescènes op de grond zijn bekwaam uitgevoerd en geregisseerd. Rachel McLish, een gevierde bodybuilder die een centrale rol had in de documentaire 'Pumping Iron: The Women' maakt hier haar speelfilmdebuut en, hoewel haar fysieke schoonheid duidelijk wordt benadrukt, weet toch een acceptabele vertolking neer te zetten. Chappy en zijn vrienden besluiten hun steentje bij te dragen aan 'The War On Drugs" want 'it's killin' out people, man!' Op naar Peru dus om een karikaturale schurk met karikaturale handlangers te bedelven onder duizend bommen en granaten. Opnieuw een stupide verhaal dus, maar de film is wat luchtiger van toon en de vriendschap tussen de vier oude piloten is aardig uitgewerkt.

Achtste Dag, De (2018)

1,5
Het is zeker bijzonder dat de politieke hoofdrolspelers in de bankcrisis van 2008 beschikbaar waren om uit te doeken te doen hoe zij 'de grootste crisis sinds WOI' hebben weten te voorkomen... Althans, dat is hun kant van het verhaal in deze documentaire over een stukje geschiedenis dat het verdient onder te loep te worden genomen. We krijgen namelijk alleen hun kant van het verhaal te horen en deze éénzijdige documentaire zit boordevol nietszeggende cutaways (de slow-motion en de onheilspellende muziek dient vermoedelijk de spanning te verhogen) die alleen maar onderstrepen dat er in ieder geval één ding saaier is dan vergaderen, namelijk praten over vergaderen. Als kijker snap je vast wel dat hier werkelijk sprake was van een crisis, maar wie denkt hier wat meer te weten te komen over het waarom van de bankcrisis komt hier helaas nogal bedrogen uit.

Adam's Rib (1949)

5,0
Tracy en Hepburn ontmoetten elkaar toen ze samen speelden in “Woman Of The Year”. Tracy was al jaren getrouwd met Louise Treadwell en had twee kinderen. Toen zoon Johnny kort na zijn geboorte doof bleek te zijn, werd Tracy – die tijdens de zwangerschap een affaire had gehad – overmand door schuldgevoel. Hij besloot toen dat hij zijn vrouw en vooral Johnny nooit in de steek zou laten en die belofte heeft hij gehouden, ook al was zijn relatie met Katharine Hepburn (met wie hij nooit samen zou wonen) een ‘open geheim’ in Hollywood. Pas na de dood van Louise gaf Hepburn publiekelijk toe dat zij en Tracy een relatie hadden.

In “Adam’s Rib” is de chemie tussen de twee zo duidelijk aanwezig dat je meteen gelooft dat zij (evenals hun karakters) al jaren getrouwd zijn. Dat zit ‘m in de vele terloopse momentjes die zo herkenbaar zijn in een langdurige relatie: gedoe met een stropdas, de voorbereidingen op een diner met vrienden, geruzie wanneer Tracy Hepburn masseert en Hepburn hem plaagt door de tenenkrommende ode aan haar (geschreven door hun flirterige overbuurman) te zingen. Hun karakters lijken elkaar door en door te kennen en dat maakt deze strijd tussen man en vrouw zo memorabel.

In de film spelen ze het advocatenechtpaar Adam [Spencer Tracy] en Amanda Bonner [Katharine Hepburn]. Als openbare aanklager krijgt Adam de zaak toegewezen van Doris Attinger [Judy Holliday], een vrouw die haar echtgenoot Warren [Tom Atwell] heeft neergeschoten nadat ze ontdekte dat hij een affaire had met Beryl [Jean Hagen]. Adam is helemaal niet blij dat hij deze zaak krijgt toegewezen, mede omdat Amanda hem te verstaan heeft gegeven dat dit een typisch geval is van seksuele discriminatie: als het hier ging om een man die zijn overspelige vrouw had neergeschoten, zou hij er veel gemakkelijker van afkomen. Kortom: de vrouw krijgt altijd de zwarte piet toegespeeld. Wanneer Amanda het voor elkaar krijgt dat zij de verdediging van Doris Attinger op zich mag nemen, staan Adam en Amanda lijnrecht tegenover elkaar. Niet alleen in de rechtszaal, maar ook thuis.

Tracy en Hepburn zijn hier, zoals gezegd, fantastisch, maar de rest van de cast is ook voortreffelijk. Judy Holliday maakte hier haar doorbraak en zou het jaar daarop schitteren in “Born Yesterday”, een vertolking waarvoor ze een Academy Award won. Ewell is ook uitstekend als het ‘slachtoffer’ en Jean Hagen speelt een rol die een duidelijke voorloper is op haar beroemde rol als Gene Kelly’s vaste tegenspeelster Lina Lamont in “Singin’ In The Rain”. Let ook op David Wayne als de irritante Kip Lurie, de overbuurman die niet alleen constant irritante opmerkingen maakt tijdens een vertoning van Adam en Amanda’s (overigens zeer overtuigende) home movies, maar die ook nog die onuitstaanbare (of is het onweerstaanbare?) muzikale ode aan Amanda brengt. Niemand minder dan Cole Porter componeerde het megafoute “Farewell, Amanda” waarin hij het probleem van een woord dat op die naam rijmt op geweldige wijze oplost. Het is een geweldige grap in een stortvloed van momenten die je hardop zullen doen lachen. Een rechtszaak was nog nooit zo leuk en leuker zal het waarschijnlijk ook nooit worden.

Adrift (2018)

3,0
Het waargebeurde relaas van de 23-jarige Tari Oldham [Shailene Woodley] en de 33-jarige Richard Sharp [Sam Clafin], avonturiers die kort na hun ontmoeting op Tahiti (in 1983) verliefd op elkaar worden. Ze besluiten samen de boot van een bevriend echtpaar naar San Diego te zeilen. Van de financiële vergoeding kunnen ze namelijk een jaar rondkomen. De reis krijgt echter een rampzalige wending wanneer het niet lukt een snel naderende tropische storm te ontwijken.
Het is een boeiend verhaal dat bovendien bijzonder fraai is gefilmd door Robert Richardson. Vooral de scènes tijdens de tropische storm zijn indrukwekkend. Woodley laat, in haar eerste serieuze én volwassen hoofdrol, zien een uitstekend dramatisch actrice te zijn. De keuze om de film niet chronologisch te vertellen pakt slecht uit. Het scenario besteedt teveel tijd aan flashbacks die de dramatiek van de aanloop naar en de nasleep van de tropische storm hinderlijk onderbreken. Zelfs tijdens het dramatische hoogtepunt van de film snijdt regisseur Baltasar Kormákur weer naar een ander moment in het verhaal. Het gevolg is dat de film nooit de emotionele lading heeft die het had kunnen hebben. De weinig originele 'original score' van Volker Bertelmann werkt dat ook tegen, maar dan heb je dat verschrikkelijke, sentimentele gekras in de slotscène nog niet gehoord. Woodleys vertolking is echter sterk genoeg om je deze zwakheden te doen vergeven, maar een soortgelijk verhaal is veel beter verfilmd in All Is Lost (2013) met Robert Redford.

Adventure in Baltimore (1949)

Alternatieve titel: Bachelor Bait

3,0
Een film die je in het voorbijgaan best eens tot je mag nemen. Niet vanwege het verhaal over de capriolen van een tienermeisje dat in 1905, toen de Suffragettes midden in hun strijd voor gelijke rechten voor vrouwen zaten, de gemoederen in een klein stadje doet verhitten door haar 'vrijpostige' gedrag, maar meer vanwege de twee hoofdrolspelers.
Shirley Temple blijkt ook als volwassene uitstekend uit de voeten te kunnen met dit luchtige komische materiaal. Het is jammer, maar ook begrijpelijk dat het publiek haar moeilijk kon accepteren in deze rol. Dit ultra-schattige kindsterretje was op 7-jarige leeftijd de best betaalde actrice en hoe goed de 21-jarige Temple ook is in deze komedie, ook ik zie steeds weer dat schattige meisje voor me dat 'Animal Cracker In My Soup' en 'The Good Ship Lollipop' zong.
Robert Young werd in Nederland beroemd in de titelrol in de populaire serie 'Father Knows Best' en deze rol wordt her en der omschreven als zijn sollicitatie voor die rol.
De film is bij vlagen best grappig en nooit saai, maar een hoogvlieger is dit absoluut niet. Wel een curiosum voor de liefhebbers van Shirley Temple en/of Robert Young.

After (2019)

0,5
geplaatst:
Pak de clichébingokaarten maar uit de kast. Tessa is een braafmoederskindje met een veeleisende moeder - tevens weduwe - en een loser als vriendje. "Trust me", zegt ze tegen haar moeder wanneer ze intrekt neemt op college campus en wordt geconfronteerd met haar kamergenote. Die blowt, drinkt, heeft tatoeages en is lesbisch! Alles wat Tessa niet is, maar deze karakterloze tuthola bezwijkt meteen na een beetje peer pressure. Oh ja, ze ontmoet ook nog een arrogante klootzak met een Brits accent die haar eerst negeert, vervolgens beledigd en haar als oud vuil behandelt. Maar wacht: hij heeft óók Pride & Prejudice (hoe origineel!) gelezen, dus is het volstrekt logisch dat deze Tessa binnen de kortste keren met deze droplul ligt te vozen. Hopeloos gedateerde tienerromantiek voorzien van een onuitstaanbare soundtrack. Werkelijk niet om aan te gluren...

After the Screaming Stops (2018)

Alternatieve titel: Bros: After the Screaming Stops

4,5
In de opening van deze documentaire loopt een woordenwisseling tussen tweelingbroers Matt en Luke Goss dusdanig uit de hand dat ze bijna slaags raken. Het gebeurt in de aanloop naar een reünieconcert dat de broers in de O2-arena zouden moeten geven. Drummer Luke is nog altijd verbitterd over het feit dat zijn rol in het succes van boyband Bros is gemarginaliseerd, Matt koestert nog altijd wrok tegen zijn broer die op het hoogtepunt van hun faam besloot dat het mooi was geweest en zo een einde maakte aan het ongelofelijke succes. Ruim 25 jaar later zijn Matt en Luke, die de laatste 10 jaar nauwelijks met elkaar hebben gesproken, toch overgehaald om samen op te treden. Luke, die een verdienstelijk acteur is geworden, heeft al jaren zijn drums meer aangeraakt maar is vastbesloten om zich niet weer aan de kant te laten zetten. Matt heeft zijn zangcarrière nieuw leven ingeblazen met een een serie succesvolle shows in Las Vegas en heeft al helemaal bedacht hoe de show zou moeten verlopen.
Zeer openhartige documentaire over twee broers die qua persoonlijkheid totaal van elkaar lijken te verschillen: Luke is een bedachtzame, introverte man en Matt is ijdel en ziet zichzelf als een soort amateur-filosoof. Matts ontboezemingen over het belang van zijn bandana en zijn huisregels ('Ik sta geen ruzie toe in dit huis') en zijn ongelukkig geformuleerde wijsheden zorgen voor een onbedoelde komische noot, maar dat is een absolute bonus in een film die op prachtige wijze zowel de goede als slechte kanten van familiedynamiek - en de druk die plotseling faam met zich meebrengt - bloot legt. Daarmee is dit veel meer geworden dan een muzikale biografie of een concertfilm en hoef je helemaal geen fan van Bros te zijn om dit te kunnen waarderen. Probeer je tranen maar eens te bedwingen bij 'Garden of Forgiveness'.

Aftermath, The (2019)

2,5
geplaatst:
De setting is veelbelovend: een Brits echtpaar bestaande uit kolonel Lewis Morgan [Jason Clarke] en Rachael [Keira Knightley] reist in 1946 naar het verwoeste Hamburg waar Lewis tot taak heeft een bijdrage te leveren aan het herstellen van de orde en het opsporen van de laatste Hitler-getrouwen. Het Britse leger confisceert voor hun het huis waar Stephen Lubert [Alexander Skarsgård] en zijn tienerdochter Heike [Flora Thiemann] wonen en die naar de zolderkamer worden verbannen. Helaas is dit geen thriller geworden over de klopjacht op Nazi's, maar een teleurstellend standaardwerkje over de liefdesdriehoek die ontstaat omdat Rachael zich verveelt. De acteurs halen het onderste uit de kan, maar het blijft ongeïnspireerde boeketreeksromantiek uit de tijd dat vrouwen nog weke knieën (en meer) kregen als een man ook maar enige avances maakt.

Ah-ga-ssi (2016)

Alternatieve titel: The Handmaiden

4,0
Een beetje Kurosawa (Rashomon om precies te zijn), een beetje DeSade (met expliciete erotische scènes) en een stevige dosis eigenzinnigheid van regisseur Chan-wook Park zelf. Verfilming van de roman "Fingersmith" die zich afspeelde in Victoriaans Engeland maar hier is overgeplaatst naar Japan. Het verhaal van een Koreaans dienstmeisje dat een 'graaf' helpt haar meesteres over te halen met hem te trouwen, krijgt een boeiende wending wanneer we in het tweede deel alle gebeurtenissen vanuit een ander perspectief te zien krijgen. Het resultaat is een goed geproduceerde, zwartkomische romantische vertelling met een vleugje gruwelijkheid. Goed geacteerd, altijd verrassend maar vast en zeker niet naar ieders smaak.

Aileen Wuornos: The Selling of a Serial Killer (1992)

4,0
Aileen Wuornos was een armoedige, verpauperde zwerver die financieel overleefde door middel van prostitutie. Ze doodde in de periode van december 1989 tot september 7 van haar mannelijke klanten en staat in de VS nog steeds bekend als de eerste vrouwelijke serie-moordenaar. In januari 1991 wordt Wuornos opgepakt en een week later legt ze een bekentenis af waarbij ze benadrukt dat ze handelde uit zelfverdediging. Het verhaal rondom het gerechtelijk onderzoek en de rechtszaak die leidde tot haar doodsvonnis even bizar als fascinerend: Wuornos werd verraden door haar geliefde, de Openbare Aanklager was meer uit op een veroordeling dan op de waarheid, Wuornos nam de - op zijn zachtst gezegd - excentrieke, maar vooral zeer onervaren Steve Glazer in de arm om haar te verdedigen. Niet alleen verprutste hij de verdediging, hij verdiende ook nog een zakcentje over de rug van Wuornos als 'agent' van Arlene Pralle, die als herboren Christen besloot Aileen te adopteren en die alleen met Broomfield wil praten voor een flinke vergoeding.

Deze documentaire bestaat voor een behoorlijk deel uit archiefbeelden die, met de toelichting van Nick Broomfield, de dubieuze feiten op een rij zet en je als kijker geboeid houden. De altijd charismatische, vriendelijk klinkende Broomfield spreekt met allerlei mensen die een rol hebben gespeeld in het leven van Wuornos, of dat in ieder geval te beweren. Uiteraard zitten daar wat rare figuren bij, maar het meest schrijnend is toch wel de hypocrisie van Arlene Pralle en het opportunisme van de Openbare Aanklager die Wuornos vooral zag als een middel om stemmen te winnen. Om nog maar te zwijgen over het gescherm met auteurs- en filmrechten! Het zijn echter de gesprekken met Wuornos zelf die het meeste indruk maken en die je ongetwijfeld aan het twijfelen brengen over de ware toedracht van dit alles. Is zij het slachtoffer dat uit noodweer handelde om (verdere) verkrachting te voorkomen, of is ze toch de koelbloedige, manipulatieve seriemoordenaar? Broomfield filmt alle geïnterviewden in close-up en laat het aan de kijker om chocola te maken van hun woorden en hun gezichtsuitdrukkingen. Een pasklaar antwoord krijg je niet, maar dat deze film een stuk hypocrisie en opportunisme binnen het Amerikaanse rechtssysteem op scherpe wijze blootlegt staat buiten kijf en vooral dat maakt deze film zo interessant.

Aileen: Life and Death of a Serial Killer (2003)

3,5
Op 9 oktober 2002, 10 jaar na haar veroordeling wegens moord op 7 mannen, werd voormalige prositutee Aileen Wuornos geëxecuteerd. Nick Broomfield volgde in 1992 het verloop van haar rechtszaak en sprak daarin uitgebreid met Wuornos. In een laatste poging om het vonnis nietig te laten verklaren, volgt er nog één zitting en daarvoor is Nick Broomfield opgeroepen als getuige. Deze documentaire begint met een terugblik op "Aileen Wuornos: The Selling Of A Serial Killer" en zet op een rijtje welke ontwikkelingen er zijn geweest in de 10 tussenliggende jaren. Het meest opvallende daarin is de veranderde verklaring van Wuornos zelf, die duidelijk verbitterd is en die haar verbitterdheid niet onder stoelen of banken steekt in haar gesprek met Broomfield. Ook nu blijft Wuornos een enigma en blijft het gissen naar de waarheid rondom de zeven moorden waardoor ze in 1992 was veroordeeld. Dit is een ongemakkelijke, maar fascinerende documentaire en net als Broomfield zul je je blijven afvragen hoe de vork nou werkelijk in de steel zit. Wanneer Wuornos glashard beweert dat ze gelogen heeft in de rechtszaak, laat Broomfield haar hartverscheurende, oprecht ogende [gelogen?] verklaring zien. Het maakt het onmogelijk om deze documentaire op de inhoud te beoordelen, maar fascinerend en beklemmend is het zeker.

Airplane II: The Sequel (1982)

Alternatieve titel: Flying High II

3,0
Deze keer betreft het een ruimtevlucht met een terrorist aan boord en een technische mankement. Uiteraard is Ted Striker [Robert Hayes] weer aan boord, aanvankelijk om zijn ex-geliefde Elaine [Julie Hagerty] terug te winnen, maar uiteraard ook om het ruimteschip opnieuw veilig aan de grond te krijgen.
Wie de originele Airplane! niet heeft gezien, zal deze film ongetwijfeld iets hoger waarderen. Dit is in feite een remake van die film, waarin veel van de oorspronkelijke castleden terugkeren om een (meestal net iets minder leuk) variant op hun grap te doen of de grap zelfs simpelweg te herhalen! Daardoor valt er in het eerste uur slechts sporadisch iets origineels te ontdekken. Pas in het laatste kwartier, wanneer William Shatner zijn intrede doet als de commandant die Striker moet helpen, dat de film op zijn sterkst is. Dan volgen de sterke grappen elkaar snel op en valt er ook voor de fans van de originele film echt iets te lachen!

Airplane! (1980)

Alternatieve titel: Flying High

5,0
“Airplane!” vertelt het verhaal van de romance tussen Ted Striker [Robert Hays], een voormalig piloot met een traumatisch oorlogsverleden en een ‘drankprobleem’, en Elaine Dickinson [Julie Hagerty], een stewardess die net haar relatie met Ted heeft verbroken. In een poging haar terug te winnen koopt hij een ticket voor de vlucht waarop Elaine moet werken. Wanneer voedselvergiftiging niet alleen een deel van de passagiers, maar ook de piloten van het vliegtuig treft, blijkt Ted de enige te zijn die in staat zou moeten zijn om het vliegtuig veilig te laten landen. Terwijl een dokter [Leslie Nielsen] de passagiers probeert te helpen, moet Striker met de hulp van vluchtleider Steve McCroskey [Lloyd Bridges] en Strikers voormalige commandant Rex Kramer [Robert Stack] een ramp zien te voorkomen.

De grappendichtheid is extreem hoog en sommige grappen zullen je wellicht ontgaan (een verwijzing naar “Fantasy Island” en “Let ‘em Crash”) en als de namen Ethel Merman en Kareem Abdul-Jabbar je weinig zeggen, zul je die grappen ook minder waarderen dan het publiek in 1980. Toch is “Airplane!” verrassend tijdloos omdat het de pijlen richt op films die ook nu nog onderdeel uitmaken van ons collectief geheugen. De persiflage op de liefdesscène op het strand uit “From Here To Eternity” was blijkbaar puur toeval, maar de uitgebreide parodie op “Saturday Night Fever” is één van de beste momenten uit de film. Er zijn ook talloze melige woordgrappen, zoals “It’s an entirely different kind of flying altogether” en “That’s impossible! On Instruments?” evenals volstrekt absurde visuele grappen, onder anderen tijdens Lorna Petersons vertolking van “River of Jordan” en de idiote waarschuwingsbordjes in het vliegtuig. “Airplane!” staat in de top 10 van de grappigste films aller tijden van The American Film Institute en alleen daarom is dit al een film die je gezien moet hebben. De leukste spoof aller tijden? Zou zomaar kunnen!

Alien (1979)

5,0
Ridley Scott vond zijn inspiratie voor deze film grotendeels in de oude SF-films uit de jaren '50, maar voegde er zoveel vernieuwende elementen aan toe dat dit een sleutelfilm in het SF-genre is. Scott rekent hier al af met het idealistische beeld van ruimtevaart, waarin ruimteschepen eruit zien als hotels, waarin alles prachtig verlicht in schoon is en waarop de bemanningsleden er altijd verzorgd zien qua kleding en qua uiterlijk. De Nostromo is dan ook een vrachtschip met 8 bemanningsleden, die elk hun unieke karaktereigenschappen hebben en die elkaar respecteren, maar ook gewoon ruzie maken. De cast bestond grotendeels uit gevestigde namen, hoewel er geen echte sterren zijn. John Hurt had een jaar eerder indruk gemaakt in Midnight Express en was in Europa ook bekend vanwege zijn rol als Caligula in de serie 'I, Claudius' en zou een jaar later een Oscar winnen voor The Elephant Man. Tom Skeritt, Ian Holm en Veronica Cartwright hadden hun sporen vooral verdiend op TV - alhoewel Cartwright bij velen nog wel bekend zal zijn als het kleine zusje van Rod Taylor in Hitchcocks 'The Birds'. Yappet Khotto speelde in het monumentale TV-drama 'Roots' en maakte indruk in 'Blue Collar'. Voor Sigourney Weaver was dit haar eerste officiële filmrol, hoewel ze een cameo had in Annie Hall [1977].

Ridley Scott neemt uitgebreid de tijd om de hoofdkarakters neer te zetten, zodat je als kijker op dat moment nog geen duidelijkheid hebt over wie nu eigenlijk het centrale karakter is. Wanneer John Hurt door een buitenaards wezen wordt overmand, wordt snel duidelijk dat Ripley [Sigourney Weaver] en Ash [Ian Holm] tegenover elkaar komen te staan. Scott weet langs een gevoel van onderhuidse spanning vast te houden en het duurt bijna een uur voordat de 'Alien' uit de titel zijn spoor van vernietiging begint achter te laten en dan vergroot creëert Scott het gevoel van claustrofobie, waarmee hij onderstreept dat je alleen van de 'Alien' afkomt door de confrontatie aan te gaan. Onvermijdelijk komt die confrontatie aan het einde, in de vorm van een tour-de-force van de voortreffelijke Weaver, daarbij enorm geholpen door de uitstekende special effects van Brian Johnson en zijn crew. En Scott weet er dan zelfs nog een subtiiele verwijzing naar 2001: A Space Odyssey in te gooien. Dit was het begin van een uitstekende franchise, die dit jaar zelfs nog een vervolg krijgt. Als je ze nog niet gezien hebt, ga dan ook alle sequels [en de prequel Prometheus] zien ter voorbereiding op Alien: Covenant.

Alien: Covenant (2017)

2,5
Dit is wat mij betreft de zwakste van alle Alien-films, al is 'ie niet slecht. Het is wel een film die teveel zwakheden heeft om tot het einde te overtuigen. De film begint - net als Prometheus - met een proloog die pas halverwege de film betekenis krijgt in het verhaal. Dit is een sequel op Prometheus, waarin de 15-koppige bemanning van het ruimteschip Covenant, met verder nog 2.000 kolonisten en meer dan 1.000 embryo's in cryogene staat, door android Walter [Michael Fassbender] wakker wordt gemaakt om reparaties te verrichten na een bijna fataal ongeluk waarbij de kapitein van het schip om het leven komt. De overgebleven bemanning pikt plotseling een signaal op dat wijst op menselijk leven en besluit de planeet te bezoek waar het signaal vandaan komt, ook al omdat er een realistische kans lijkt te zijn dat ze op die planeet hun kolonie kunnen opzetten. Daar ontdekken ze het wrak van Prometheus... en uiteraard nog wat onvriendelijke wezens.

Alien Covenant begint sterk, wanneer de film zich voor een belangrijk deel richt op de onderlinge verstandhouding tussen de bemanning. De nieuwe leider is onzeker, zijn bemanning twijfelt aan zijn oordeel en dat zorgt voor onrust en tweespalt. Bovendien zorgt het mysterie rondom het onbekende signaal voor een stevige dosis suspense. De film is minder sterk wanneer het zich [letterlijk] op bekend terrein begeeft en die vervelende buitenaardse beestjes hun werk gaan doen. Dat levert flink wat gore op en het probleem is dat het scenario van john Logan en Dante Harper daarmee zijn hand overspeelt. De rest van de film bestaat eigenlijk uit meer van hetzelfde, zonder enige verhaalontwikkeling of spanningsopbouw. We hebben het allemaal al eens gezien en de overdadige dramatiek van de acteurs maakt het er niet beter op. De finale - een wat afgeraffelde remake van het duel tussen Ripley en het ruimtemonster in de eerste Alien - kent geen verrassing, bovendien vroeg ik me hardop af hoe het mogelijk is dat de overlevende bemanningsleden de 'verrassende twist' niet zelf zagen aankomen. Technisch is dit een prima film en Ridley Scott doet niet zoveel verkeerd, maar hij had er goed aan gedaan om het scenario op een aantal punten flink te redigeren.

Alita: Battle Angel (2019)

2,5
Het moet niet gekker worden: de inmiddels 33-jarige Rosa Salazar speelt de tienercyborg uit de titel die een tweede leven krijgt wanneer Dr Dyson Ido [Christoph Waltz] haar hoofd op een vuilnisbelt vindt en andere metalen lichaamsdelen gebruikt om haar repareren en vernoemt naar zijn op tragische wijze gestorven dochter. Alida beseft zich meteen dat ze een ander leven heeft gehad en probeert, met de hulp van Hugo [Keenan Johnson], herinneringen aan haar verleden op te wekken. Een confrontatie met premiejager Zapan [Ed Skrein] bewijst dat ze een uitstekende vechter is, maar ook dat ze machtige vijanden maakt.
Het eerste uur van deze SF-actiefilm met een vleugje drama is goed door te komen, omdat het clichégehalte daarin vrij laag is. De moeizame vader/dochter-relatie en de romance met Hugo zijn alleen bedoeld om ons ervan te overtuigen dat Alida (die inderdaad zo uit een Manga-animatiefilm lijkt te zijn komen lopen) toch écht menselijke trekjes heeft, maar voegen weinig toe aan het verhaal. Ed Skrein is echter een formidabele schurk en acteerkanon Mahersha Ali - die met zonnebril bijzonder veel lijkt op Wesley Snipes in Blade - verleent veel gravitas aan bijna-opperschurk Vector. De film zakt enorm in wanneer Alida zich meldt voor een potje Murder Ball - variant op Roller Derby - en we 45 minuten vrijwel non-stop getuigen moeten zijn van een hoop lawaaiig CGI-actiegedoe. Het ergste is dat de onnodig lang uitgerekte opbouw naar de finale ons alleen maar brengt naar een opzet voor een sequel. Voor het échte werk kun je beter Kansas City Bomber [1972] of Rollerball [1975] afstoffen.

All Eyez on Me (2017)

1,5
Demetrius Shipp Jr. lijkt in ieder geval op 2 Pac. Ik kan me echter niet voorstellen dat 2 Pac zelf erg gelukkig zou zijn met deze zeer oppervlakkige biografie die veel weg heeft van een verfilming van de Wikipedia over 2 Pac. Het belooft ook weinig goeds als je de afgebouwde Twin Towers ziet en er vervolgens "New York - 1971" verschijnt. De makers hadden alleen maar de Wikipedia-pagina over Twin Towers hoeven te lezen om te weten dat in 1971 weliswaar het hoogste punt was bereikt, maar dat het nog 2 jaar zou duren voordat ze werden opgeleverd. De jeugd van 2 Pac gaat in sneltreinvaart aan ons voorbij, met geen enkele aandacht voor zijn biologische vader [hij wordt genoemd, vervolgens genegeerd] en een ultrakorte verschijning van zijn stiefvader. Het is allemaal erg fragmentarisch en alles wat de gemiddelde muziekkenner al weet over 2 Pac komt allemaal netjes voorbij. Niets nieuws onder de zon dus, terwijl er overduidelijk zo'n fascinerend levensverhaal aan deze film ten grondslag ligt. Het enige interessante deel van de film behandelt zijn periode bij Death Row en zijn 'samenwerking' met de intimiderende, imposant Suge Knight, uitstekend neergezet door Dominic L. Santana die film steelt. Regisseur Benny Boom verspilt bovendien teveel tijd met muzikale fragmenten, die weliswaar leuk zijn voor de fans van 2 Pac, maar niets toevoegen voor filmliefhebbers.

Het verhaal van 2 Pac valt uiteen in een stuk of 6 periodes die voldoende dramatisch potentieel hebben voor een 6-uur-durende mini-serie. Het is eerlijk gezegd een beetje sneu dat het verhaal van zo'n icoon zo af te raffelen.

All Is Lost (2013)

4,0
Robert Redford geeft op 77-jarige leeftijd een indrukwekkende tour-de-force in deze unieke film waarin een eenzame zeiler op de Stille Oceaan in botsing komt met een container, wat het begin is van een serie rampzalige gebeurtenissen die zijn overlevingswil enorm op de proef te stellen. Afgezien van een korte openingsmonoloog en een vergeefse SOS-oproep, is dit een volledig zwijgende vertolking met maar één hoofdpersoon die bij elke tegenslag zijn hoop levend probeert te houden.
Het concept is zeer gewaagd en de film slaagt er ook niet in om je de hele tijd geboeid te houden. Waarschijnlijk scheelt het als je zelf zeilervaring hebt, omdat die voorkennis helpt om een groot deel van de acties van de hoofdfiguur in een vroeg stadium te begrijpen. Een bijzonder knappe vertolking van Redford, prachtig gefilmd, voorzien van een spaarzame, maar mooie muzikale score en met een einde dat je niet snel zult vergeten.

All Quiet on the Western Front (1930)

5,0
Nummer 18: All Quiet On The Western Front [1930 – Lewis Milestone]
Hoewel William Dickson, in dienst van Thomas Edison, al vanaf de officiële geboorte van de filmkunst in 1895 experimenteerde met het combineren van beeld en geluid, duurde het tot 1927 voor de techniek dusdanig was verbeterd dat de geluidsfilm zijn intrede kon doen. De opnametechnieken maakten het voor regisseurs in die beginjaren echter veel moeilijker om visueel aantrekkelijke films te maken. Universal Studios, in de persoon van Carl Laemmle Jr, produceerde de eerste verfilming van deze pacifistische oorlogsroman van Erich Maria Remarque juist in die tijd, toen geluidstechniek werkelijk nog in de kinderschoenen stond. Met All Quiet On The Western Front stonden de makers voor de taak om zowel de beelden als de geluiden van het slagveld vast te leggen. Wie het geluid van bijvoorbeeld Saving Private Ryan indrukwekkend vond, zal met grote verbazing kijken en luisteren naar deze film.

De film richt zich vooral Paul [Lew Ayres, die veel wegheeft van John Wayne], een veelbelovende Duitse student die, met de meeste van zijn klasgenoten, gehoor geeft aan de patriottische oproep van hun professor en in 1914 tot de eerste jongeren behoort die zich vrijwillig aanmelden voor het Duitse leger. “Dulce et Decorum est pro Pario Morti!” [het is eervol om te sterven voor het vaderland] luidt dan het credo en vol enthousiasme beginnen ze aan hun opleiding, waar de jongens het snel aan de stok krijgen met Himmelstoss [John Wray], de postbode die echter hun leidinggevende in het leger blijkt te zijn. Aan het front maken ze kennis met Kat, een veteraan die ze zo goed mogelijk probeert voor te bereiden op wat er komen gaat. Maar de nimmer aflatende nachtelijke bombardementen drijven sommige rekruten tot waanzin. En dan komt het onvermijdelijke moment waarop ze bevel krijgen om uit de loopgraven te komen en richting het vijandelijke spervuur van machinegeweren te lopen. De combinatie van explosies en machinegeweer is al indrukwekkend, maar regisseur Lewis Milestone combineert dat met trackingshots waarin de camera razendsnel van links naar rechts over de vijandige loopgraven beweegt, terwijl we zien dat de aanstormende soldaten stuk voor stuk worden neergemaaid. Edgar Adams wisselt deze beelden af met cuts naar de Franse mannen die het machinegeweer bedienen en voert het tempo steeds meer op, wat het desoriënterende effect van deze waanzin versterkt.

De scènes op het slagveld zijn indrukwekkend, maar de film is ook ijzersterk wanneer het zich richt op de persoonlijke dilemma’s van de hoofdpersonen. Wanneer Paul na 3 jaar aan het front wegens een verwonding verlof krijgt, merkt hij dat de mensen in zijn geboortedorp nog steeds vurig geloven in de heroïek van de oorlog. Wanneer hij probeert duidelijk te maken hoe ver dat beeld van de werkelijkheid staat, stuit hij op onbegrip en vijandigheid: de huidige studenten van zijn vroegere professor noemen hem een ‘lafaard’. De oude mannen in het dorp negeren hem zelfs wanneer ze bespreken hoe Duitsland de oorlog gaat winnen en zeggen zelf dat Paul de oorlog niet begrijpt! Er zijn ook luchtigere scènes, zoals die waarin Paul en drie kameraden ’s nachts stiekem hun brood met drie hongerige Franse meisjes delen. Deze film zit vol met momenten die onvergetelijk zijn, ook al door de vertolkingen die over de hele linie perfect zijn. Maar het zijn de slotscènes, die zich afspelen vlak voor de wapenstilstand in gaat, die nog lang in je hoofd zullen blijven spoken. Ik heb maar weinig films gezien waarbij ik na afloop nog enige tijd in stilte blijf zitten om de ervaring te verwerken. Dit is er ééntje...

All the Money in the World (2017)

2,0
Michelle Williams en Mark Wahlberg slaapwandelen door deze zwakke hybride van thriller, misdaadfilm en drama gebaseerd op ware feiten, waarin de kleinzoon en erfgenaam van de rijkste man ter wereld [een bijzonder fraaie Christopher Plummer] wordt ontvoerd en zijn moeder [Williams] probeert haar steenrijke, maar gierige stiefvader ervan te overtuigen het losgeld te betalen. Wahlberg speelt een vertrouweling van Plummer die Williams probeert bij te staan. Ridley Scott maakte een grote fout door Charlie Plummer te casten in de cruciale rol als de ontvoerde kleinzoon: met zijn expressieloze vertolking weet hij geen enkele sympathie op te wekken en daardoor hebben de scènes met zijn - eveneens zwak gecaste - ontvoerders nauwelijks dramatische impact en zitten we vooral opgescheept met een worstelende Williams die telefoontjes van de ontvoerders beantwoordt en een kleurloze Wahlberg in één van zijn zwakste vertolkingen. Gezien het talent voor en achter de camera een behoorlijke teleurstelling.

All the Way (2016)

3,5
Films over Amerikaanse presidenten zijn vrijwel altijd de moeite waard en geven acteurs een stevige rol om lekker op los te gaan. Bryan Cranston treedt in de voetsporen van Michael Gambon die de rol van LB Johnson speelde in Path To War. Die film richtte zich [zoals de titel al doet vermoeden] op de laatste maanden van zijn presidentschap, All The Way begint met de dood van John F Kennedy. De politiek intelligente, maar weinig charismatische LB Johnson staat voor de schier onmogelijke taak om uit de schaduw van zijn voorganger te komen in een tijd waarin de Koude Oorlog en de Civil Rights Movement onder leiding van Martin Luther King enorme druk zetten op de VS.
Cranston is prima als Johnson en weet de complexiteit van Johnsons personage sterk neer te zetten in deze uiterst degelijke, maar zelden werkelijk hoogstaande biografische film. Het is zeker aan te raden om deze te combineren met Path To War, want het geeft je op een onderhoudende manier enig inzicht in de geschiedenis van één van de politiek meest onrustige periodes die de VS ooit heeft gekend.

Alles voor Elkaar (2017)

4,5
Op de 30e verjaardag van Lina [Esmee van Kampen] gaat ze op stap met haar drie hartsvriendinnen. Aan het eind van de avond bekijken ze samen een video van Lina's 18e verjaardag waarin ze elk aangeven wat hun dromen en ambities zijn voor hun 30e levensjaar. Een pijnlijk moment voor Lina, die al jaren droomt van een man en een gezin. Zorgzame duizendpoot Nicole [Sarah Chronis], carrièrevrouw Sena [Maryam Hassouni] en zangeres met bindingsangst Vanessa [Yootha Wong-Loi-Sing] besluiten Lina te helpen aan een man, maar komen er geleidelijk achter dat hun eigen leven niet zo perfect is als het lijkt.
Het zal niemand verrassend dat deze film voor alle betrokkenen een happy-end krijgt, maar de weg daar naartoe zit vol aangename verrassingen. Dat begint met het scenario van Dag Neijzen en Liesbeth Strik dat karikaturen weet te vermijden en vier vrouwen neerzet die weliswaar verschillende wegen bewandelen, maar wiens vriendschap altijd oprecht en nimmer geforceerd is. Vriendschap is namelijk (ook) elkaars verschillen erkennen en die simpelweg voor lief nemen en Lebrun weet dat op voortreffelijke wijze weer te geven. Daarbij komen ook de mannelijke karakters verrassend goed uit de verf: ook zij zijn meer dan beeldvulling en versterken de dramatische punten van de film. Regisseur Stolker maakt effectief gebruik van de Rotterdamse locatie en dankzij de cinematografie van Elsbeth Kasteel is Rotterdam op zeldzaam fraaie wijze in beeld gebracht. De vier hoofdrolspeelsters weten het maximale te halen uit het ijzersterke scenario: de chemie en het spelplezier is voelbaar, het acteerwerk oogt spontaan. Niet elk personage krijgt een even verrassend einde, maar het zijn wel sterke afsluitingen van een bijzonder vermakelijk komisch drama. En Oscar Aerts is hilarisch!
Onvergeeflijk dat deze film niet in de Pathé Ladies Night terecht is gekomen, want betere 'vrouwenfilms' kom je zelden tegen.

Alone in Berlin (2016)

Alternatieve titel: Jeder Stirbt für Sich Allein

4,0
Wanneer hun enige zoon in mei 1940 sneuvelt, zet dat het leven van Otto en Anna Quangel op z'n kop. Hij is voorman in een fabriek dat in dienst staat van de Duitse oorlogsmachine, zij is werkzaam bij de vrouwenafdeling van de Nazi-partij. De dood van hun zoon neemt hun angst voor het Nazi-regime weg en Otto besluit zich te verzetten door ansichtkaarten te schrijven met anti-Nazi-teksten en die op verschillende plaatsen achter te laten in hun woonplaats Berlijn. Die ansichtkaarten komen terecht bij inspecteur Escherich [Daniel Brühl), die onder grote druk van de Gestapo begint met een klopjacht naar 'het spook van Berlijn'.

De vraag waarom Otto en Anna zo lang bereid waren om in dienst van de Nazi's te werken wordt hier niet beantwoord. Mijn vrije interpretatie is dat zij, zoals zo vele landgenoten, aanvankelijk meegingen met de gepropageerde vaderlandsliefde en dat ze de gevaren van het Nazi-regime pas onderkenden toen die Duitsland in meedogenloze wurggreep hielden, waardoor ze nu alleen nog uit angst doen wat de Nazi's van hun verlangen.
Het scenario toont wel duidelijk hoe de halleluja-stemming van 1940 drie jaar later volledig is omgeslagen door de bombardementen van de Geallieerden. Het acteerwerk is zeer sterk, waarbij het vooral prettig om Gleeson een robuuste, maar vooral sympathieke man te laten spelen. De kracht van "Alone in Berlin" zit 'm in het feit dat Otto door de dood van zijn zoon geen angst meer kent. Hij lijkt vastberaden om door te gaan totdat hij wordt opgepakt, wetend dat dat zijn dood zal betekenen. Dit is dan ook geen thriller over een man die angstvallig probeert de Nazi's te ontlopen, maar een drama over de emotionele impact op zijn vrouw en, ook intrigerend, de effecten van zijn acties op de onderzoekende officier. Perez is er zeker niet op uit om de Duitse burgers vrij te pleiten. Integendeel: de film bevat momenten waarin buren tegenover elkaar komen te staan, elkaar verraden en waardevolle bezittingen stelen. Otto en Anna Quangel waren echter twee gewone burgers die hun leven gaven in de hoop hun stadsgenoten in verzet te laten komen tegen het Nazi-regime. In hoeverre ze daarin zijn geslaagd maakt de film niet duidelijk, maar dat neemt niet weg dat dit een boeiende, goede gemaakte productie is.

Alone in the Dark (1982)

Alternatieve titel: Alleen in het Donker

2,0
In zijn eerste grote filmrol, een jaar voor hij wereldfaam verwierf als Lt Murdock in The A-Team, speelde Dwight Schultz (met bril) de rol van Dan Potter, een dokter die een bezoek brengt aan collega Leo Bain [Donald Pleasance] en diens instituut voor geestelijk gestoorden. Dan maakt daar kennis met patiënten Frank Hawkes [Jack Palance] en Byron 'Preacher' Sutcliff [Martin Landau], beiden onberekenbare en potentieel levensgevaarlijke patiënten die Dr Bain op uiterst eigenzinnige wijze behandelt. De paranoïde Hawkes gelooft dat Potter is gekomen om alle patiënten uit de weg te ruimen en wanneer er 's nachts een enorme electriciteitsstoring plaats vindt, weet hij - met hulp van "Preacher" en twee andere patiënten - op bloederige wijze uit het gesticht te ontsnappen zodat hij Potter en zijn familie kan vermoorden voor ze hem uit de weg ruimen.

Hoewel de angst voor het donker op papier een mooi uitgangspunt is voor een horrorfilm, werkt het niet zo best in film omdat het uiteraard nooit echt donker is. Belangrijk is dat regisseur Jack Sholder er niet in slaagt om werkelijk een gevoel van spanning op te roepen waardoor de film qua horror niet verder komt dan een paar bloederige moorden, die overigens ook niet al te best in beeld zijn gebracht, mede door middelmatige special effecten. Een gebrek aan suspense en schrikmomenten doen deze matte horror de das om, al geven met name Pleasance en Landau vertolkingen waarvoor het understatement 'interessant' lijkt te zijn uitgevonden.

Aloys (2016)

3,0
Nadat zijn vader na een lang ziekbed sterft, probeert Aloys [Georg Friedrich] te overleven als privé-detective. Door zijn werk is hij echter niet in staat tot gewoon, menselijk contact, totdat Vera [Tilda von Overbeck], die in hetzelfde flatgebouw woont, hem om hulp vraagt omdat ze naar het ziekenhuis moet. Hij negeert haar, ontfermt zich toch over haar leguaan. Daardoor ontstaat er een breekbare band tussen de twee mensen, die Vera versterkt wanneer ze telefonisch contact opneemt met Aloys en ze hem een droomwereld schildert waardoor hij uit zijn geestelijke isolement treedt.
Meer inhoud heeft de film niet en dat doet je toch een beetje afvragen waarom deze film 90 minuten moet duren. Dit is namelijk vooral een stijloefening van regisseur en co-scenarist Tobias Nölle en hoewel de beelden prachtig zijn gefilmd en het acteerwerk van beide acteurs voortreffelijk is, doet het ook allemaal iets te zweverig aan en is het zo nu en dan ook ronduit verwarrend. Een onevenwichtige film, maar de visuele schoonheid telt voor mij toch zwaarder dan de inhoudelijke tekortkomingen en maken dit psychologische drama toch de moeite waard.

Alpha (2018)

0,5
Alsof het nog niet erg genoeg is dat dit CGI-avontuur de nepheid van de sets en de landschappen benadrukt met eindeloze 'tracking shots', heeft iemand bedacht dat het een geniaal idee zou zijn om de cast 'Native American' te laten spreken. De acteurs kunnen hier duidelijk niet goed mee uit te voeten, bovendien is de dialoog ronduit banaal. Niet zo vreemd, omdat het verhaa,l rondom een jong stamlid dat ten tijde van de laatste IJstijd bevriend raakt met een wolf ,van zichzelf behoorlijk afgezaagd is. Regisseur Albert Hughes verfilmde het humorloze script bovendien alsof het een episch melodrama is. Slaapverwekkend.

Amadeus (1984)

4,5
Hij hield van biljarten en van vieze grappen, was sociaal onhandig en verkwiste zijn geld. Maar hij was ook het grootste muzikale genie aller tijden, verantwoordelijk voor muzikale meesterwerken als “Eine kleine Nachtmusik”, “Die Zauberflöte”, “Don Giovanni” en “Le Nozze die Figaro”. Maar deze naar Wolfgang Amadeus Mozart vernoemde biografie is verteld vanuit het perspectief van Antonio Salieri, destijds hofcomponist van Keizer Joseph II en stikjaloers op het gemak waarmee de geniale, maar in Salieri’s ogen ook zeer irritante en soms ronduit respectloze Mozart. Mozart stierf op 35-jarige leeftijd en werd begraven in een graf voor armoedzaaiers. De exacte oorzaak van zijn dood is niet bekend, al neemt men aan dat hij stierf aan een ziekte. Dat neemt niet weg dat indertijd het hardnekkige gerucht de ronde deed dat Salieri verantwoordelijk was voor Mozarts dood.

“Amadeus” neemt dat intrigerende gerucht als uitgangspunt en maakt daarmee duidelijk dat deze biografische film geen geschiedenisles is, hoewel de karakteriseringen van Mozart [Tom Dulce] en Salieri [F. Murray Abraham] in ieder geval wel dicht bij de realiteit blijven, voor zover die bekend is. De film begint in 1823 wanneer de inmiddels hoogbejaarde Salieri luidkeels roept om vergeving voor de moord op Mozart, alvorens een mislukte zelfmoordpoging te doen. Hij belandt hierdoor in een gesticht, waar hij bezoek krijgt van een priester [Herman Mecklere] aan wie hij vertelt over zijn relatie met Mozart vanaf de eerste ontmoeting tot aan diens dood.

Salieri ziet Mozart voor het eerst wanneer hij een vrouw opjaagt en die na een paar zeer schunnige woordgrappen op uiterst lompe wijze ten huwelijk vraagt. Een ongemanierde vleugel in de ogen van de godvrezende, vrome Salieri. Maar Salieri ontdekt ook al heel snel dat Mozart een muzikaal genie is waar hij zelf absoluut niet aan kan tippen: hij omschrijft Mozarts muziek zelfs als de stem van God. Wanneer de gemaskerde Salieri tijdens een feest Mozart vraagt om zijn manier van spelen te imiteren, laat Mozart geen spaan van hem heel. Dit alles voedt de jaloezie en maakt Salieri vastberaden om Mozarts carrière naar de knoppen te helpen. Salieri heeft namelijk één troef: hij is hofcomponist van Keizer Joseph II [Jeffrey Jones], een groot liefhebber van muziek maar zonder muzikaal talent en zonder een oor voor muziek. Om die reden is Salieri de belangrijkste adviseur van de keizer en van die positie maakt hij op geslepen wijze gebruik.

“Amadeus” is een feest voor oor en oog. Veel van Mozarts belangrijkste meesterwerken passeren de revue en die zijn allemaal prachtig uitgevoerd door The Academy Of St Martin In The Fields onder leiding van Sir Neville Marriner. De muziek bestaat uit een dwarsdoorsnede van Mozarts beste werk. Daarom is deze film in dat opzicht een uitstekende kennismaking met Mozart en een genot voor de liefhebbers van zijn bekendste werken. Maar “Amadeus” schittert ook door de kwaliteit van de vaak zeer weelderige kostuums en de uitstekend verzorgde make-up. Daardoor brengt deze film de tijd waarin Mozart leefde op treffende wijze tot leven.

Maar ondanks al die aandacht voor detail zijn het de acteurs die de film domineren. Abraham en Hulce zijn allebei voortreffelijk in complexe rollen, want gedurende de film veranderen zowel Salieri als Mozart qua fysiek en karakter. Dat beide acteurs genomineerd werden voor een Oscar voor beste mannelijke hoofdrol zegt echter ook iets over het voortreffelijke script dat de acteurs de middelen geeft om zo te schitteren. Jeffrey Jones – voor veertigers waarschijnlijk vooral bekend als Mr Rooney uit “Ferris Bueller’s Day Off”- is ook subliem als de keizer die onder alle omstandigheden zijn muzikale beperkingen probeert te verhullen, maar niet schroomt om zijn autoriteit te laten gelden.

“Amadeus” won in totaal maar liefst 8 Oscars, waaronder die voor beste film [Saul Zaentz], beste regie [Milos Forman], beste acteur [F. Murray Abraham] en beste scenario [Peter Schaffer]. Dit is zo’n biografie die een genot is voor zowel filmliefhebbers als muziekliefhebbers. En dat zo’n films zijn dun gezaaid!