Meningen
Hier kun je zien welke berichten Collins als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Creep (2004)
Leuke horror die dankbaar gebruik maakt van de atmosfeer die het metrostelsel van Londen oproept. De verlaten stations, de donkere spoortunnels en de lege gangen zorgen voor een permanente benauwende en spannende sfeer. De onopvallende maar fijnzinnige score verleent hierbij grondige ondersteuning.
Franka Potente loopt moederziel alleen in dit claustrofobische decor rond. Leuke rol. Ze speelt de rol van slachtoffer goed. Dat ze daarbij weer veel rennend op de loop is, roept eventjes herinneringen aan een andere film op, maar die vervagen al snel als zij overtuigend bedreigd wordt door een mysterieus en duister gevaar.
De bedreigende factor is goed gelukt. Het creatuur ziet er angstaanjagend genoeg uit en het is erg logisch dat mevrouw Potente bij de aanblijk ervan er hardhollend vandoor gaat.
De film laat het creatuur vrij snel in volle glorie zien. Ik had liever langer subtiele glimpen gezien en het mysterie langer een spannend onderdeel van het verhaal laten zijn. Op het moment dat het uiterlijk van het creatuur wordt weggegeven valt die mysterieuze lading weg en boet de film in z'n geheel aan indringende suspense in. Vanaf dat moment wordt de spanning meer clichématig opgeroepen. Denk aan extra schrikeffecten en gore. Niet verkeerd, maar wel korter door de bocht.
De film kantelt een beetje richting slasher. De focus wordt verlegd naar de naargeestige activiteiten van het creatuur. Met behulp van warrige achtergrondinformatie wordt zelfs nog geprobeerd om van het creatuur een diepzinnige killer te maken. Die poging voegt weinig zin aan de film toe en is niet nodig, want is niet interessant. Het killertje is te nietszeggend voor een gezicht. Leuk als bedreiging in deze film, maar nooit even indrukwekkend als leatherface, Michael Myers of Norman Bates.
Bovendien werkt de gezichtsverlening vertragend en komt vreemd over in een film die niet inzet op welke psychologische verdieping dan ook. Dit is slechts een simpele film over een vrouw die bedreigd wordt door een onbekend gevaar en moet rennen voor haar leven. Meer niet.
Ach, wat geeft het ook. Klein leed. Leuke film.
Creep (2014)
Alternatieve titel: Peachfuzz
Een hele fijne spannende film. Geen echte horror.
Slechts twee acteurs en een camera. Met deze beperkte middelen bereikt de film een hoge staat van spanning en suspense. Er wordt een prima sfeertje gecreëerd. Knap, hoor.
In tegenstelling tot films van dezelfde soort, maakt de camera amper wilde jachtige bewegingen. Erg prettig.
Een deel van de geslaagde spanning komt zeker op naam van de acteurs. Met name Duplass bevalt goed.
Ik las trouwens dat deze film de eerste uit een reeks gaat worden. Tsja, dat hoeft voor mij nu ook weer niet.
Critic, The (2023)
Ian McKellen speelt Jimmy Erskine, een gerenommeerde theatercriticus in Londen. Hij bevindt zich bijna dagelijks in licht beschonken toestand en sigaretten rokende in de theaters van de stad om zich een stuk aan te schouwen en daar een recensie over te schrijven. Zijn kritieken zijn genadeloos en zijn woordkeuze is scherp en beledigend. Zijn recensies bepalen van welke acteur of actrice de carrière vroegtijdig wordt beëindigd en wie uitgroeit tot een ster. Erskine is een heerlijk cynisch personage met een verrukkelijk gestileerde vocabulaire en een extravagante levensstijl die hij zich eigenlijk niet kan veroorloven.
The Critic besteedt in de eerste akte veel aandacht aan Erskine. De kijker leert zijn werk en leefomgeving goed kennen, hoewel het diepere inzicht in het personage jammerlijk ontbreekt. In de tweede akte focust het verhaal zich meer op Nina Land (Gemma Arterton). Zij is een beloftevolle actrice die door Erskine wordt gebruikt om zijn eigen carrière veilig te stellen. Ook zij wordt teleurstellend eendimensionaal geportretteerd. De tweede akte betekent helaas dat er een eind komt aan de vileine en grensoverschrijdende teksten van Erskine en hun uitwerking op de levens van theatermakers en -beoefenaars. De film verwordt in de tweede akte tot een drama waar op een vlakke manier thema’s als liefde, seks, chantage en het vege lijf aan de orde komen. Mooie vrouw die Arterton, maar ik had meer plezier met de morsige McKellen in het middelpunt van de film.
Het verhaal mist een fijne harmonieuze samenstelling. Spanningsvelden tussen de personages worden in sommige gevallen uitvoerig belicht terwijl in andere interessantere gevallen de conflicten als terloops langskomen. Benoem het dan niet, denk ik dan. Verder beweegt het verhaal dat in feite vrij simplistisch in elkaar steekt, zich aarzelend voort. Dan weer in ras tempo. Dan weer moeizaam voorthobbelend. Die wisselende cadans kijkt niet prettig weg.
The Critic is behalve een dramatisch misdaadverhaal tevens een periodefilm. De sfeertekening van het Londen in de jaren 30 voelde goed aan. Prima set- en kostuumdesign. Het verhaal dat zich in die fijne sfeertekening afspeelt, komt echter tamelijk ongeïnspireerd over. De complexe, bijtende en scherpzinnige formuleringen van Erskine alsmede het goede acteerwerk van McKellen en Arterton vergoeden veel, maar niet alles. Het is des te jammer dat hun personages inhoudelijk nogal pover zijn ingekleurd. The Critic heeft veel potentie die er helaas niet uitkomt. Ik denk dat Jimmy Erskine de film met een aantal rake formuleringen vernietigend zou beoordelen.
Cronocrímenes, Los (2007)
Alternatieve titel: Timecrimes
Een leuke film met een intrigerend thema. Uit de filmtitel blijkt al dat het hier om tijdreizen gaat. Het is een kleine en ingenieus geconstrueerde film waarin voortdurende wisselingen van perspectief alsook sprongetjes in de tijd, zowel de kijker als het hoofdpersonage continu in verwarring brengen.
Het aardige van de film is dat hoofdpersonage Hector gebeurtenissen die hij zelf door argeloze knulligheid veroorzaakt, steeds opnieuw en heel geforceerd vanuit een frisse gezichtshoek moet bekijken, om totale ontsporing te voorkomen. De film hanteert daarbij een verteltrant met een (heel prettige) luchtige en humoristische toon. Het is tragikomedie met af en toe een cynisch randje. Erg leuk.
De mij onbekende hoofdrolspeler Karra Elejalde is prima gecast. Hij sluit met zijn tragikomische uitstraling en zijn gevoelvol gespeelde humeurigheid perfect aan bij de toon van het verhaal.
Het is geen film met veel spektakel en grootse effecten noch een film die de kijker vermoeit met opgelegde kunstzinnigheid en uitputtend theoretisch geneuzel. Regisseur Vigalando presenteert de gebeurtenissen in zijn debuutfilm heel nuchter en heel rustig. Scherp geschreven, vol suspense en met voldoende twisten en onverwachte bochten om geboeid te blijven. Wat zich vervolgens op het scherm, afspeelt is heerlijk gek, idioot, fascinerend en bijzonder onderhoudend.
Crossroads (1986)
De titel Crossroads verwijst naar een bekende bluesmythe. Op een bepaald kruispunt van wegen kunnen muzikanten hun ziel aan de duivel verkopen. In ruil hiervoor ontvangen zij het muzikale talent om furore te maken. Aldus verging het Robert Johnson, de blueslegende die de aanleiding vormt voor een roadtrip van de oude bluesmuzikant Willie Brown (een heerlijk spelende Joe Seneca) en de jonge bluesmuzikant Eugene Martone (een wat vlak spelende Ralph Macchio).
Zoals bij de meeste roadmovies is ook in deze film de reis belangrijker dan het doel. Tijdens de reis wordt Eugene mentaal volwassen en groeien de beide muzikanten naar elkaar toe. 48 hours revisited, maar dan bluesier. Het onderscheid tussen de jonge blanke en de bejaarde zwarte ligt gevoeliger. Is poëtischer. Niet enkel het verschil in huidskleur speelt een rol. Ook leeftijd en afkomst doen ertoe. De sarcastisch bedoelde frase die (Mississippi born) Willie Brown met treffende verachting in de richting van Eugene smijt zegt veel: "Long Island: the famous 'breeding ground' for blues men!" De verschillen worden scherp benaderd waarbij vooral Willie spottend en stekelig uit de hoek komt. Het zijn leuke humoristische interacties maar altijd met een serieuze ondertoon.
Willie is het personage dat regisseur Walter Hill gebruikt om het thema waan of waarheid te behandelen. Om de mythe te ontleden. Het verleden van Willie krijgt de kijker voornamelijk in droomsequenties te zien. In zwart-wit beelden. Fragmentarisch. Zijn verleden lijkt een link met de crossroads te hebben. Fantasie of waarheid? Willie neemt wel eens een loopje met de waarheid. Maar niet alles dat hij zegt is onwaar. Is hij de legendarische Willie Brown die samen met Robert Johnson de biues speelde? Is de mythe van de crossroads inderdaad een mythe? Die intrigerende vragen spelen onophoudelijk een rol in de film en voorzien het relatief eenvoudige verhaal van laag en spanning.
En dan is er natuurlijk nog de muziek. De Blues staat centraal. Prachtige muziek die uiteraard weer door Hill‘s huismuzikant Ry Cooder wordt gespeeld. En door Steve Vai. Fijne soundtrack.
Crossroads ademt blues. Hill is ontegenzeggelijk fan.
Cruel Summer (2016)
Cruel Summer is een verontrustende film die is geïnspireerd door ware gebeurtenissen. De film laat zien hoe een web van leugens, agressie en haat ontstaat en toont vervolgens de gewelddadige ontrafeling ervan. Het web doet spanningen tussen de personages ontstaan die leiden tot amper voorstelbaar bruut geweld dat ik maar moeilijk verdragen kon. Cruel Summer is een shockerende film die het verhaal vertelt van een laffe misdaad.
Cruel Summer is een opzienbarend debuut van regisseurs en schrijvers Phillip Escott en Craig Newman. Opzienbarend is het schokeffect dat het verhaal veroorzaakt. De namen van het duo Escott en Newman zeiden me trouwens niets. Uiteraard even gekeken naar het lijstje films dat hierna verscheen. Een flinke rij van Escott waarvan geen enkele film mij bekend voorkwam. En een povere vangst bij Newman die amper nog van zich liet horen. Met Cruel Summer lijken ze hun kruit te hebben verschoten.
Hoewel de film je de stuipen op het lijf jaagt is de film vooral een drama. Drama/thriller zou een betere genreaanduiding zijn. De film registreert de gebeurtenissen op een nuchtere meedogenloze manier die authentiek oogt en vooral daarom angstaanjagend is. Op cinematografisch gebied valt er niet veel te beleven. Functioneel is de term die hier past. Het acteerwerk is goed en ondersteunt de geloofwaardigheid. Vooral lof voor Danny Miller als de tikkende tijdbom die de andere personages op agressieve wijze manipuleert. Aan hem had ik meteen een hekel. De andere rol die eruit springt is die van het slachtoffer van de misdaad. Richard Pawulski speelt een autistische jongen die graag in de natuur vertoeft. Ook hij zet een overtuigend personage neer.
Met eenvoudige middelen bouwt de film spanning op tussen de personages en laat die spanning uitmonden in een verschrikkelijke daad. De film heeft geen sensationele effecten of een angstwekkend monster nodig om je angst aan te jagen. In deze film is het de mens zelf die zich als het kwaad presenteert. Cruel Summer laat zien hoe iemand zomaar kan doorslaan en zich grenzeloos wreed kan gedragen op grond van niets meer dan een gerucht.
Na afloop had ik een naar gevoel. Na afloop van de film ook nog even gezocht naar de feitelijkheden en die zijn hier en daar iets anders maar de kern van het verhaal komt overeen.
Cruella (2021)
Disney is er goed in om bekende animatiefilms nogmaals uit te brengen in een opgepoetste live-action variant. De studio is gespecialiseerd in het opwarmen van oude meuk. Cruella is dan wel niet direct een opgewarmde prak van 101 Dalmatiërs, maar baseert zich wel op die film en presenteert zich als een prequel. Cruella behandelt de voorgeschiedenis van één van de grootste schurken uit de Disney historie en die insteek klinkt op voorhand niet eens weerzinwekkend.
Op zich is het prijzenswaardig om eens niet een oude film in een modernere vorm uit brengen. Op zich kan de transformatie van een getalenteerd meisje in een excentrieke moordlustige modekoningin best interessant en amusant zijn. Regisseur Craig Gillespie heeft ooit met I, Tonya (2017) al eens laten zien dat een film over een gewetenloze vrouw erg onderhoudend kan zijn. Maar ja, we hebben het hier over een film van Disney. Films van Disney bewegen zich doorgaans nooit ver van het verhalende en visuele fatsoen.
Cruella wordt daarom geportretteerd als een tragische anti-heldin. Cruella breekt wel eens de regels, maar dat doet ze noodgedwongen. Ze is een beetje stout, maar heeft stiekem een hart van goud. De ambivalentie in het personage komt besluiteloos en onbeholpen over en dat wreekt zich. Te zoetsappig. Te Disney. Te weinig meedogenloosheid. Te weinig hardvochtigheid. Het karakter zwalkt een beetje tussen goed en slecht maar doet dat binnen betamelijke grenzen. Te willekeurig en niet markant genoeg. Niet spannend.
De film duurt 140 minuten. Voor een verhaal dat inhoudelijk weinig voorstelt is dat lang. Het verhaal verloopt voorspelbaar en de lengte ervan maakt de beleving tot een taaie uithoudingsproef. Gelukkig wordt de film hier en daar prettig uit zijn taaiheid getrokken door sensationeel escalerende gebeurtenissen. Aangename onderbrekingen zijn het.
Emma Stone als Cruella is een prima keuze. Een prettig ogende actrice die haar acteertechnische kwaliteiten in deze film niet heel diepgaand hoeft aan te spreken. Leuk voor eens, maar hopelijk geen blijvende stap in haar carrière. Berichten over een tweede film doen echter reeds de ronde. Ik vrees het ergste. Een andere Emma speelt heel routineus de rol van arrogante slechterik. Ook een prima rol, maar niet opmerkelijk. Emma Thompson op herhaling. Ze deed het al in Late Night (2019).
De film Cruella is niet alleen maar aanleiding tot een zurig commentaartje. Audiovisueel is de film een genot om naar te kijken. Fantastische kostuums, extravagante kapsels, sprookjesachtige decors en sensationele actiescènes brengen kleur en zorgen voor een levendige ambiance. De score bestaat overwegend uit hitjes uit de jaren 70, is bijna non stop te horen en is aangenaam audiobehang.
Het vervolg zal ongetwijfeld baden in een even weelderige omlijsting. Gebaseerd op de ervaring dat een vervolg in de meeste gevallen van minder allooi is, verwacht ik een nog holler verhaaltje. Het vervolg ga ik vast en zeker bekijken. Zelfkastijding is soms gewoon fijn en houdt de zuurgraad op peil.
Crush the Skull (2015)
Aangename comedy/horror combinatie, waarbij het accent zeker niet op de horror ligt.
Grappig en origineel scenario. Het verhaal is inhoudelijk wel wat mager, maar doordat de vaart er goed in zit, het verhaalgegeven frisheid heeft en de humor leuk genoeg is, valt er met die magere inhoud echter goed te leven.
De personages zijn leuk luchtig, enigszins naiëf en klunzig. Het is met name hun misplaatste aanwezigheid in de duistere en creepy setting van een horrorhuis die komisch werkt.
Daarnaast aardige humor in de dialogen, maar zeker ook in de fysieke actie, die hier en daar zelfs neigt naar slapstick. De contradictie met de sinistere sfeer werkt bij tijden heerlijk absurd. Ik hou daarvan.
Het acteerwerk is goed. Altijd prettig en toch wel opvallend in een low budget productie.
Een prima eerste speelfilm van regisseur Viet Ngyen.
Cry_Wolf (2005)
Alternatieve titel: Cry Wolf
Een slasher, zo lijkt het vanaf de start. Maar maar dan wel een slasher die op een non-horror manier is uitgewerkt. Er zijn kills, dat wel. De kills zijn niet heel expliciet in beeld gebracht. Ze ogen tamelijk bloedeloos. De kills vormen dan ook niet het hoofdbestanddeel van de film. Het hoofdbestanddeel bestaat uit een spel dat door de studenten wordt gespeeld en uit de hand loopt. Dat spelelement zorgt voor allerlei uitwaaierende verhaallijntjes. De kills zijn zo'n uitwaaiering. De film is daarom geen heuse slasher maar eerder een thrillerachtige whodunnit met een beoogd hoog mindfuck gehalte.
Het is een film met veel studentikoze lol. Beetje veel. Een film met vele verrassende wendingen. Beetje veel. De grote hoeveelheid twists en studentikoze grappen vermoeien het verhaal. Er is steeds weer iets. Een andere invalshoek. Een nieuwe verdachtmaking. Een nieuw detail. Er is zoveel dat het de inleving en de spanning aantast. Enigszins murw gemaakt door zoveel afleiding, treedt dan onverbiddelijk de desinteresse in. Who cares. Nou, ik niet meer vanaf een bepaald moment. Van mij mocht iedereen op een slasherachtige manier de film verlaten. Zonder enige voorkeur mijnerzijds. Geen enkel personage boeit genoeg om sympathie voor te koesteren. Hoewel ik moet toegeven dat hoofdrolspeelster Lindy Booth wel een sentimentele snaar raakte.
Nee, deze film is niet bepaald een nagelbijtertje. Toch blijft een algeheel gevoel van lethargie uit. De film heeft vaart. Dat is de redding. De vaart behoedt je voor een totale val in de lusteloosheid. De scènes zijn kort. De handelingen zijn snel. De dialogen vragen niet veel aandacht. Dat helpt allemaal wel bij het doorbijten na de afgenomen eetlust. Er rest steeds net genoeg trek om de rode draad niet kwijt te raken.
'Cry Wolf' is dan ook slechts een zozo film.
Cuatro Dólares de Venganza (1968)
Alternatieve titel: 4 Dollars of Revenge
De film oriënteert zich losjes op de roman “De Graaf van Monte Cristo” van Alexandre Dumas en verplaatst het verhaal van Frankrijk naar het wilde westen. In Cuatro Dólares de Venganza is protagonist Roy Dexter het aimabele goudhaantje dat zijn vriend Barry Haller op een oprechte manier net steeds een stapje voor is. Hij maakt sneller carrière en weet het meisje Mercédes waar Haller ook een oogje op heeft, voor zich te winnen. Het zet kwaad bloed bij Haller.
Na de vrij kernachtig gepresenteerde introductie begint de film aan zijn spanningsopbouw als het leven van Dexter opeens wat minder voortvarend verloopt. Hij raakt buiten zijn schuld om in verval. De film volgt hem op zijn pad naar wraak en rehabilitatie. Het is zijn doel om het verraad en de achterklap die ertoe hebben geleid dat hij is beroofd van zijn leven, genadeloos af te straffen. De film kiest vooral de weg van het drama om de pogingen van de held weer te geven. Heel spannend is dat niet. Daarvoor zijn de personages te karikaturaal, zijn de dialogen te mager en is het verhaal te voorspelbaar.
Het melodramatische pad heeft gelukkig wat zijweggetjes die actiescènes bevatten. Dat feit klinkt spannender dan het is. De gevechtsscènes zijn niet heel enerverend gechoreografeerd. Bovendien komt in deze scènes wederom het drama om de hoek kijken in de vorm van overdreven acteerwerk dat zich op hilarische wijze openbaart als een klap wordt uitgedeeld of een man van zijn paard duvelt. Soms ook zijn de actiescènes gewoon zo slecht dat er om die reden flink kan worden gelachen. Hartstikke prettig natuurlijk, maar het doet de spanning in de film geen goed.
Ondanks al deze hándicaps kijkt Cuatro Dólares de Venganza wel aangenaam weg. De film heeft een behoorlijk korte speelduur en gebeurtenissen volgen elkaar snel op. Van verveling is geen sprake. Een fijne onderdompeling in het westerngevoel overviel me bij het kijken echter nooit.
Cube (1997)
Een pakkend en beklemmend begin. Een aantal mensen samen in een kubusvormige ruimte met hier en daar een rechthoekig ontsnappingsluik en verder zonder opsmuk. En los gaat het. Luiken worden geopend. Een volgende ruimte wordt betreden. Mensen gaan ten onder. Of niet. Wanhoop en uitzichtloosheid worden zichtbaar. Een claustrofobisch angstscenario komt tot leven. Geslaagd begin.
Daarna wordt het wat minder. Het tempo zakt en de focus komt meer te liggen op de personages. De kamers en de vraagstukken raken op de achtergrond. Er gebeurt weinig spectaculairs meer. Ok, er vindt nu en dan nog wel wat actie plaats, maar veel opwinding genereert de actie niet meer.
Het budget van 300.000 dollar wreekt zich. Er is geen geld voor flitsende sfx en voor variatie in de kamers. Ik las dat de film om budgettaire redenen gebruik moest maken van steeds dezelfde kamer en dat is zichtbaar. Om de illusie te wekken dat het gezelschap zich verplaatst wordt de kamer soms van een ander kleurtje voorzien, maar geheel geslaagd is de illusie nooit.
Het kleine budget dwingt de maker om het spanningsveld te verleggen. De spanning moet noodgedwongen komen van het claustrofobische en onzekere gevoel dat heerst bij de personages. En dus richt de film de aandacht op de veranderende groepsdynamiek die sterk onderhevig is aan de extreme omstandigheden. De film laat zien hoe de verschillende personages met de beklemmende situatie omgaan en hoe zij trachten in leven te blijven terwijl ze in een continue staat van doodsangst verkeren.
Dat klinkt goed en is op zich een prima insteek. Helaas wordt er slecht geacteerd en zijn de personages totaal niet interessant. Emoties komen niet geloofwaardig tot uiting en beperken zich tot lachwekkende grimassen en belachelijk ogende blikken. Verder worden de personages niet bijzonder goed uitgewerkt en vertoeven zij blijvend in een karikaturale staat. Tenenkrommend is het soms. Het is dan ook onmogelijk om veel gevoelens van inleving en empathie voor de bedreigde personages te voelen. Mijn aandacht voor hun geworstel verflauwde al snel.
Cube is een film met een fijne kille setting waar te weinig spanning uit voortkomt en Cube is een film die inzet op spannende interactie tussen de groepsleden, maar nalaat om de personages te voorzien van invoelbare karakters.
Na afloop bleef ik met een leeg gevoel achter. Dat ik daarna nog iets las over de betekenis van de cube als metafoor voor het leven, klonk me wel erg wanhopig in de oren. De film wordt er niet beter door en mijn lege gevoel niet gevulder.
Cuck (2019)
Met Cuck heeft regisseur Rob Lambert een zeer indringende film gemaakt die erin slaagt de kijker te bewegen enige sympathie voor zijn hoofdpersonage Ronnie op te brengen, hoewel hij totaal niet sympathiek wordt uitgetekend.
Ronnie is eigenlijk een onaangenaam schepsel. Een onnozel individu met talloze problemen waarvan hij andere mensen de schuld geeft. Hij houdt heel succesvol een vlog bij waarin hij rechts radicale kretologie spuit. Hij heeft veel volgers. Het succes sterkt zijn zelfmedelijden en zijn onvermogen om zijn problemen aan te pakken. Bovendien verhardt het zijn afkeer tegen de tolerante liberale samenleving.
De film weet je ondanks al deze onsympathieke signalen toch het gevoel te geven dat deze onaardige man een slachtoffer is van de omstandigheden. Het maakt hem niet aardiger. Het kweekt enkel begrip voor zijn situatie. De film gebruikt zijn trieste levensgeschiedenis niet om hem vrij te pleiten van de afstotelijke dingen die hij zegt of van de afschuwwekkende daden die hij verricht, maar nuanceert slechts zijn situatie.
Goeie rol van Zachart Ray Sherman die het karakter Ronnie heel lelijk en haatdragend vorm geeft. Ronnie die altijd en overal door iedereen wordt gebruikt, is een weerzinwekkende maar tegelijkertijd ook sneue, onmachtige en mentaal instabiele man. Slonzig, zweterig, racistisch en passief agressief. Echt prachtig acteerwerk.
De film geeft de kijker een permanent gevoel van onpasselijkheid. De kijker wordt geconfronteerd met een wereld waar hij zelf niets mee heeft en al helemaal niets mee te maken wil hebben. Ronnie’s wereld is een hopeloze wereld gevuld met haat voor de vrouwelijke, de multiculturele en de liberale leden van de samenleving. Een wereldbeeld dat dermate is gevuld met angst en haat dat Ronnie een deel van de oorzaak voor zijn zwart-witte kijk over het hoofd ziet. En dat is zijn eigen aandeel. Hij is zelf deel van het probleem. Het is een intrigerende blinde vlek die hij bewust of onbewust niet waarneemt.
Een confronterende film is het. Heel direct en heel genadeloos duikt de film Cuck in de diepten van een ziel vol vergif en laat een gevoelswereld zien die als een blik in een bodemloze afgrond aanvoelt. Een erbarmelijke duisternis zonder hoop. Mensen zoals Ronnie bestaan.
Cuck is een prachtige film die tijdens het kijken een heel onaangenaam gevoel naar boven brengt en een hele nare nasmaak heeft. Fascinerend.
Cuckoo (2024)
De om haar gestorven moeder rouwende tiener Gretchen gaat met grote tegenzin op vakantie met haar vader, stiefmoeder en stiefzusje. Om haar ontevredenheid en verveling te verdrijven, neemt zij een baantje aan als receptioniste in een nabijgelegen hotel. In het hotel gebeuren eigenaardige dingen. Verwarde personen, kotsende vrouwen en merkwaardige geluiden die uit het omringende woud opklinken en bij Gretchen levendige angstdromen van surrealistische aard teweeg brengen.
De film heeft een beetje van alles. Dingen als familiedrama, coming of age, bodyhorror, demonen, trash en rouwverwerking zijn allemaal onderdeel van de film. Af en toe best onderhoudend maar het is ook erg veel zodat al die elementen onuitgediept aan het oog voorbijtrekken. Het verhaal bestaat uit een vaag plot zonder stevig fundament. Het zwabbert van links naar rechts. Een rode draad is niet herkenbaar. Zoals gezegd best onderhoudend, maar de hoeveelheid ingrediënten is dermate groot en onevenredig verdeeld dat geen mooi uitgebalanceerde smaak meer valt te herkennen. De ingrediënten ondersteunen elkaar niet. Ze werken elkaar tegen.
De film van de Duitse regisseur Tilman Singer is daarenboven vol gepropt met sleetse ideeën. Sleetsheid is nu niet bepaald een trigger die nieuwsgierigheid opwekt. Al die samengeraapte ideeën leiden tot een chaotische verhaallijn die tamelijk absurd is. Dat absurde aspect vond ik overigens wel geslaagd. Het chaotische aspect niet.
Visueel overtuigt de film trouwens wel. Grote dank is daarvoor verschuldigd aan de verrukkelijke setting van het hotel dat met zijn retroaankleding een bepaalde klassieke waardigheid ademt die als een tegenstelling dient voor de bizarre en surrealistisch getinte gebeurtenissen die plaatsvinden en die totaal niet passen binnen het aura van een dergelijk statig hotel. Ik vond dat wel geestig.
Cuckoo als geheel beviel me echter maar matig. De film straalt een soort pretentieuze verhevenheid uit maar presenteert eigenlijk niet meer dan een onzinnig verhaal dat door de humor en de curieuze en trashy momenten nog enigszins onderhoudend genoemd kan worden. De film is op zijn best als de absurde en macabere humor doorbreekt en de serieuze toon aan de kant wordt geschoven. Die pretentieuze kant is niet zo boeiend.
Cujo (1983)
Het betreft hier geen meesterwerk, maar wel een hele leuke film. De eerste helft is een beetje doorbijten. Die bestaat uit een lange en soms wat saaie aanloop naar de actie. Overkomelijk, maar het loopt wat stroef en is niet direct bijster interessant. Het wachten is op de hond.
Als in de tweede helft van de film de monsterlijke hond met de naam Cujo zijn aandeel in de film opeist, ontstaat er eindelijk spanning. Onder regie van Lewis Teague, die met de film Alligator (1980) al bewees dat hij met dierenhorror goed uit de voeten kan, tapt de film meteen uit een ander vaatje. Het wordt dynamisch, beklemmend en spannend.
De hond mag er zijn. Om Cujo filmisch vorm te geven werden vijf verschillende Sint Bernards ingezet. Ook werd gebruik gemaakt van een mechanische hondenkop en werd iemand in een hondenkostuum gehesen. Het prachtige indringende camerawerk van Jan de Bont die elk mogelijk perspectief weet te benutten, brengt al die elementen tot leven zodat de hond er woest en dreigend uitziet. Nog een beetje make up op de hond gesmeerd en wat hypnotiserende muziek van Charles Bernstein (Nightmare on Elm Street) onder de beelden geplakt en de bedreiging is compleet.
Prachtsetting ook. Een verlaten boerderij. Twee mensen in een auto op enkele meters van de voordeur. En die hond. Die loerende kwijlende agressieve hond, die bij elk geluid dat uit de auto komt in razernij ontsteekt. De scènes in de auto zijn mooi. Dicht op de huid. Gedetailleerd. Claustrofobisch. Spannend.
Jammer dat de film er in het slotstuk voor kiest om in een handreiking naar de kijker (vermoed ik) te kiezen voor een gelukzalig compromis en niet het originele einde van het boek in ere houdt. Dat zou veel meer horrorwaardig en veel indrukwekkender zijn geweest. En nee, absoluut niet leuker en zeker niet luchtiger.
Ook jammer dat het laatste shot wordt bevroren. Het deed me denken aan het einde van een goedkope tv-serie. Een uitzoomende camera of een craneshot had ik sfeervoller en cinematografisch gezien geslaagder gevonden.
Deze kijkbeurt was een herziening. De laatste en enige keer dat ik de film bekeek is jaren geleden. Heel opvallend vond ik dat ik mij van de eerste filmhelft weinig tot niets herinnerde, terwijl de scènes met de hond redelijk herkenbaar waren. Toen maakte de eerste helft blijkbaar ook al weinig indruk.
Leuke film. Half sterretje erbij vanwege de nostalgische gevoelens die loskwamen.
Curdled (1996)
Een vrouw die van kleins af gefascineerd is door seriemoordenaars komt in deze film met zo’n moordenaar in aanraking en wel met de Blue Blood Killer. Het verhaaltje is flinterdun. De film bestaat ook maar uit twee delen. Als eerste de inleidende fase waarin de personages worden voorgesteld en de basisgegevens van het verhaaltje worden vermeld. Als tweede en laatste deel is daar de eindfase die de helft van de film in beslag neemt en waarin de protagoniste en de killer (wiens identiteit overigens al na enige minuten na het begin van de film bekend is) tegenover elkaar staan.
De uitvoerige eindfase teert volkomen op de beide hoofdrollen. Hoewel langgerekt is die finale het aanzien best waard. Angela Jones en William Baldwin geven hun personages zodanig vorm dat je af en toe vergeet in een langgerekte finale te zijn terechtgekomen. De personages zijn soms zelfs een beetje boeiend en de zwarthumoristische dialogen die ook in het eerste deel veelvuldig zijn te horen, zijn soms best aardig en maken dat de situatie op momenten redelijk vermakelijk is. Echt spannend is het echter niet.
Dat Quentin Tarantino als uitvoerend producent bij de film is betrokken wordt geaccentueerd door een tv-journaal dat bericht over de Gecko Brothers. Het journaalbericht plaatst de gebeurtenissen in Curdled daarmee in hetzelfde universum als het universum waarin "From Dusk till Dawn" zich afspeelt. Het is een leuke opmerkelijkheid die voor de film an sich geen enkele waarde heeft. Wel van waarde voor de film is de non-stop muzikale achtergrond die opklinkt. Veelal Latijns-Amerikaanse klanken. Je moet er van houden. Ook van waarde zijn de personages die over het algemeen nogal merkwaardig zijn en waarmee de binding ontbreekt.
Geen geweldige film. In Curdeld stelt het verhaal niets voor. Spannend is de film ook niet. Spaarzaam vermaak wordt geboden door de dialogen en het vreemde gedrag van de personages. Het is genoeg om de aandacht vast te houden, maar ik was van de film eigenlijk niet erg onder de indruk.
Curse of Downers Grove, The (2015)
Film waarbij het uitgangspunt op een hele fantasieloze manier is uitgewerkt. Geen vernuftig plot, maar slechts een hele simpele voorspelbare verhaallijn. Het script voorziet niet in een serieuze poging om "The Curse of Downers Grove" te ontrafelen. In plaats daarvan, veel geren en gedraaf zonder duidelijke motivering.
Het acteerwerk is absoluut onder de maat. Er spreekt geen enkele overtuiging uit.
De film valt trouwens zeker niet in het horrorgenre, maar lijkt eerder als een thrillerachtige productie bedoeld te zijn.
Geen hoogstaand of spannend filmvermaak.
Curse of La Llorona, The (2019)
Een film afkomstig uit The Conjuring Universe. Hetzelfde universum waarin The Conjuring (2013) en The Conjuring 2 (2016) zijn ontstaan. Films die ik erg goed vond. Annabelle (2014) en The Nun (2018) komen er ook vandaan. Films die ik iets minder goed vond, maar wel films die het commercieel goed hebben gedaan. Vooral een ilm als The Nun is wat mij betreft een film waarvan het artistieke gehalte niet met het commerciële succes in de pas loopt. Slechts mijn mening, natuurlijk. En ach, het is niet per sé een onaardige film, maar van veel originaliteit getuigt de film ook niet. Het positieve aan de films van The Conjuring Universe is dat zij het horrorgenre enige populariteit verlenen. En zolang er publieke interesse is, zullen waarschijnlijk meer toegankelijke horrorfilms het licht zien. Als gevolg daarvan zal de interesse in het minder toegankelijke werk vermoedelijk ook toenemen. Dat verwacht ik althans. En dat zijn toch goede ontwikkelingen.
Maar nu weer terug naar La Llorona. De film is gebaseerd op een boosaardige figuur uit de Latijns-Amerikaanse folklore. La Llorona is de geest van een vrouw die ooit door haar man werd verlaten en uit woede en verdriet haar twee kinderen in een rivier verdronk en zich daarna van het leven beroofde. Zij is gedoemd om tot in de eeuwigheid te blijven zoeken naar de zielen van haar kinderen. Haar gejammer wordt als de voorbode van de dood uitgelegd. Haar verhaal heeft een opvoedend doel en wordt door ouders verteld om kinderen te leren zich goed te gedragen. Doen zij dat niet, dan komt de Llorona om hen mee te nemen. Jawel, het is een heerlijke legende die de makers dankbaar hebben aangegrepen om een nieuwe boosaardige geest te presenteren. Een geest die prima in het rijtje past van de geesten waarmee de eerdere films zijn voorzien.
De film besteedt weinig aandacht aan de geschiedenis van de huilende vrouw. Die passeert erg vluchtig. Wat erg jammer is, want de folklore verdient een diepzinniger benadering. Met de woede en het verdriet van de boosaardige entiteit kun je veel doen, lijkt me. In deze film wordt de huilende vrouw weinig diepgaand gebruikt en dient zij enkel om heel oppervlakkig met jump scares te strooien. Men verzuimt om de tijd te nemen een fijne dreigende sfeer neer te zetten. De film permitteert zich slechts een korte sensationele introductie van een oud verhaaltje en hup...daar wordt de shock machinerie al in werking gesteld. Ik geef toe dat de eerste en de tweede jump scare begeleid door aanzwellende muzikale klanken heel effectief schrik aanjagen. Bij de derde jump scare is het effect al een stuk minder heftig. Als de film vervolgens niet veel andere lijntjes toevoegt en een rijkelijke herhaling van zetten blijkt, dan mag je van een ongeinspireerde en voorspelbare film spreken.
De regisseur heet Michael Chaves. Hij is aangewezen om The Conjuring 3 te regisseren. Met jumpscares kan hij goed uit de voeten. Nu eens zien of hij in staat is om ook een sfeergevoelig bodem te leggen, zodat de jumpscare meer een onderdeel van het geheel wordt in plaats van een losstaand middel dat zonder sfeervolle entourage al snel gemakzuchtig aanvoelt.
Ik heb wel zin in The Conjuring 3.
Curse of the Witching Tree (2015)
Een saaie en langdradige film met abominabel acteerwerk.
Oneindig lange scenes met veel gedoe over weinig. Totaal niet spannend gebracht.
De film bestaat uit bijeengeraapte herhalingen van zetten. Het zijn filmische truukjes, die één keertje zorgen voor wat schrik, maar vervolgens door de mate van herhaling hun kracht eigenlijk verliezen.
Het is een glimpje hier. Een glimpje daar. Een geluidje hier. Een geluidje daar. Stukje geschiedenis hier. Stukje geschiedenis daar. En dat duurt dan ongeveer 100 minuten.
Het verhaal wordt veel te lang uitgesponnen. In feite gebeurt er maar heel weinig.
Doodeng dat iemand met zo weinig materiaal zo'n lange film maakt. Da's pas horror.
Verschrikkelijke film. Overbodige film.
Cursed (2005)
De totstandkoming van Cursed verliep niet langs een weg die was geplaveid met rozen. De broertjes Weinstein maakten het regisseur Wes Craven en schrijver Kevin Williamson niet gemakkelijk. De broertjes waren met het eerste eindresultaat niet tevreden. De film zou te heftig en te bloedig zijn om een PG-13 rating te kunnen bemachtigen. Er moest dus veel worden veranderd. Meer dan de helft van de film werd opnieuw opgenomen. Velen van de oorspronkelijke cast waaronder Mandy Moore en James Brolin zagen hun scènes verwijderd worden en keerden niet terug in de nieuwe versie. De enige constante factor in het nieuwe script van Williamson was waarschijnlijk de weerwolf. Na tweeënhalf jaar geëmmer kwam de film eindelijk uit en voelde Craven zich totaal niet meer verbonden met zijn film.
Met deze voorgeschiedenis kan het bijna niet anders dat Cursed een gedrocht van een film is. Dat valt eigenlijk wel mee. Ach, het is geen goede film, maar ook weer niet een slechte film. Interessant is de film vooral in de scènes van de transformatie van mens naar weerwolf. Niet vanwege de "grandioze“ effecten, maar vanwege de innerlijke veranderingen bij protagonisten Jesse Eisenberg en (de verrukkelijke) Christina Ricci. Hun veranderingen die steeds meer wolfachtige trekjes achterlaten, worden veelal humoristisch uitgebuit en de humor is best grappig.
Verder plundert de film lekker van andere films en voegt zelf niets nieuws toe. Zo zien we bijvoorbeeld Ricci in een scène haar roofdierlijke instincten ontdekken op een manier die sterke overeenkomsten heeft met de manier waarop Jack Nicholson dat in Wolf (1994) deed. Onderwijl kan Eisenberg zich helemaal uitleven in een imitatie van Michael J. Fox uit Teen Wolf (1985). Het is niet slecht, het is gewoon niet oorspronkelijk en dus weinig verrassend.
Cursed is een middelmatige film. Het plot en de personages zijn oude bekenden. Cursed is routineus vermaak zonder creatieve en andere hoogtepunten. Ok, op Ricci na dan, maar haar vind ik altijd leuk.
Curtains (1983)
Horrorfilm met de grandeur van een aflevering van een tv-serie. Nogal braaf in de effecten en in de actieve scènes nogal hinderlijk beklemtoond door slechte spannende muziek.
Het label horror is ietwat overdreven. De ingrediënten zijn er wel hoor. In de film komen jumpscares voor en kills en een enge moordenaar. 't Is alleen dat geen van deze ingrediënten veel indruk maakt.
Behoudens een enkel geslaagd schrikmoment, veroorzaakt de rest van de jumpscares weinig ophef.
De enge moordenaar is wel ok. Leuk outfit en een leuk masker. Mag er wezen.
De kills zijn best aardig maar worden slecht uitgespeeld. De inleiding tot een kill duurt dermate lang in een poging de spanning volledig uit te nutten, dat er op het moment suprème geen venijn en griezelige sfeer meer in de scène aanwezig is.
Een moordpartij wordt weinig expliciet in beeld gebracht. Er is amper een druppeltje bloed te zien. Op zich is dat niet erg, maar is hier een teleurstelling omdat venijn en griezelige sfeer immers al uit een scène zijn gevloeid. Beetje compensatie in de vorm van wat gore en wat bloed is dan toch wel het minste. Nee dus.
In tegenstelling tot de film is het verhaal an sich trouwens best spannend. Het is bovendien origineel. Het heeft laag en bezit fantastische potentie op het vlak van de psychohorror. Dat is op beeld helaas allemaal niet zichtbaar. Zonde. Het verhaal verdiende een betere uitvoering.
Cutterhead (2018)
Een groot deel van de film speelt zich af in een kleine ondergrondse ruimte waarin drie overlevenden als gevolg van een tunnelbrand wachten op hulp. Er is geen zekerheid en slechts geringe hoop dat hulptroepen onderweg zijn. De kleine volgepropte ruimte met een beperkte voorraad zuurstof is goed voor een fijne beklemmende sfeer. Beklemming die nog wordt verdikt door de wanhoop en de paniek die bij de drie af en toe de kop opsteekt.
De film volgt in grote lijnen de gebaande paden van de survivalfilm, maar onderscheidt zich door een realistisch en documentalistisch uiterlijk. Hierdoor wordt het lijden van de drie niet over gedramatiseerd weergegeven maar juist koel en feitelijk. De realistische verpakking maakt dat het onderlinge gekibbel over drinkwater, zuurstof en mogelijke vluchtwegen de film een harde onaangename bijklank geeft die zorgt dat je als kijker helemaal niet zeker bent of er wel een goede afloop zal volgen.
In sensationeel getinte survivals zie je vaak dat de overlevenden een groot deel van de film in beweging zijn teneinde een weg naar buiten te vinden. Deze film toont voornamelijk een situatie van stilstand en zoomt in op de wanhoop en hulpeloosheid van de overlevenden die bovendien een steeds fatalistischer houding aannemen. Als één van hen de retorische vraag ‘We gaan hier allemaal sterven. Of niet soms?’ de ruimte in knalt, is de toon definitief gezet. Die vraag voegt aan de beklemmende sfeer een deprimerende laag toe. Het voelt behoorlijk indringend.
De (schijnbaar) uitzichtloze situatie is goed voor een spannend gevoel. Daar komt nog een psychologisch laagje bij. De film legt de focus op drie personages die elkaar niet goed kennen en die elkaar niets schuldig zijn. Het is een geschikte bodem om grenzen af te tasten. En dat gebeurt ook. Hoe ver gaan ze om hun eigen leven te redden? Wanneer ontstaat het moment om mogelijke beschaafde restricties aan de kant te leggen? Wees gerust. De film verandert niet in een filosofische beschouwing. Heel diepzinnig is het nu allemaal ook weer niet, maar de observatie van het gedrag genereert wel extra spanning.
Hoewel de film zich dus vooral concentreert op de personages en hun gedrag in een kleine cabine, is het niet zo dat de film helemaal zonder actie is. Na verloop van tijd werpen de overlevenden hun fatalistische houding af en zetten zich in beweging. De weg voert van de ene kleine doorgang naar de andere. Nauwer en nauwer wordt het. Claustrofobische gevoelens zijn gegarandeerd. Ook spannend.
Fijne film.
