• 17.278 nieuwsartikelen
  • 182.358 films
  • 12.566 series
  • 34.783 seizoenen
  • 656.192 acteurs
  • 200.438 gebruikers
  • 9.466.083 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Collins als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Conjuring: The Devil Made Me Do It, The (2021)

Alternatieve titel: The Conjuring 3

Inhoudelijk slaat The Conjuring: The Devil Made Me Do It een andere richting in. De eerste delen refereerden aan de klassieke spookhuisfilm. Deze derde film treedt buiten de paden van de klassieke spookhuisfilm en voegt externe elementen toe die de focus verleggen naar de handel en wandel van de personages. Niet het spookhuis staat centraal, maar de personages eromheen. De film werd geregisseerd door Michael Chaves. Hij regisseerde eerder het tegenvallende The Curse of La Llorona (2019). Ik geef meteen toe dat ik vooringenomen begon aan het bekijken van The Devil Made Me Do It.

Ook deze film is weer gebaseerd op ware gebeurtenissen. Dat wil zeggen dat de film is gebaseerd op gebeurtenissen die zijn opgetekend door Ed en Lorraine Warren, twee bekende onderzoekers van paranormale fenomenen. Die optekening is goed voor een interessant uitgangspunt. In de film draait het om een bezeten man die iemand met 22 messteken vermoordt. De man wordt berecht, maar op aandringen van de Warrens verklaart de advocaat dat de man onschuldig is op grond van het feit dat de man ten tijde van de moord bezeten was door een demon.

Het proces heeft daadwerkelijk plaatsgevonden. Sommige gebeurtenissen die tot het proces hebben geleid misschien ook. Veel gebeurtenissen die de film laat zien, zijn echter gewoon verzinsels van de scriptschrijvers die een script produceren dat zich middels een vergezocht plot over een vloek veel te ver verwijdert van het spookhuis en van het interessante uitgangspunt.

Het zou interessant zijn geweest als de film meer aandacht aan het proces had besteed. Of misschien zelfs het proces als uitgangspunt had genomen. Nu schampt de film er eventjes langs, terwijl het duistere drama juist daar voor het oprapen ligt. Heel spannend is de film daarom niet. Hier en daar passeren een aantal hectische scènes. Hier en daar strooit de film met sensationele effecten. Hier en daar komen de gebruikelijke jump scares langs. Maar vooral worstelt de film met een vloekerig plot dat de kijker weg voert van een spookhuis vol demonische activiteiten en nog verder weg van een griezelige sfeer. En ja, dat is waarschijnlijk wat kort door de bocht, maar ik ben nu eenmaal vooringenomen aan de film begonnen.

En dat terwijl de scène, waarin een priester bij het getormenteerde huis aankomt om de demon uit te drijven, van hoog niveau is en mijn vooringenomenheid eventjes deed wankelen. Gevoelens van duistere dreiging en onheilspellende beklemming overvielen mij bij de aanblik van deze scène. De scène is duidelijk geïnspireerd door die film uit 1973 over een exorcisme. Goed gedaan. Heel creepy. En meteen één van de weinige momenten dat de film me pakte.

Contamination (1980)

Alternatieve titel: Alien Contamination

Contamination is een Italiaanse poging om een graantje mee te pikken van Ridley Scott’s succesvolle productie Alien. De parallellen zijn onmiskenbaar. Wel zijn er grote verschillen in de aankleding en in de uitvoering. Die hebben vooral met het beschikbare budget te maken.

De setting is geen ruimteschip, maar de handelingen vinden gewoon ergens op een gangbaar stukje aarde plaats. Ook is er geen moordend monster. We moeten het doen met moordende eieren. Het motief voor de gebeurtenissen is verschoven van instinctieve moordneigingen door een monster naar buitenaardse fantasieën over wereldheerschappij. Het deed me soms denken aan het motief in een James Bond film (Denk aan Blofeld en Spectre).

In het begin van de film is er veel splatterhorror te ondergaan. Zo zien we hoe pulserende en oplichtende eieren in slow motion zorg dragen voor het openscheuren en exploderen van argeloze mensen. Dat gebeurt een paar keer en ziet er indrukwekkend uit. Na dit onrustige begin, krijgt de kijker wat rust en concentreert de film zich een tijdlang meer op het verhaal en op de personages.

Het verhaal is niet heel opwindend, maar is op zich nog wel leuk om te volgen. Dat biedt ondanks de onzinnigheid ervan nog enig inhoudelijk vertier. Bij de personages valt weinig vertier te halen. Die gedragen zich nogal hoekig, zijn rolbevestigend en worden nooit interessant. Zo wordt de vrouwelijke hoofdpersoon geïntroduceerd als een door de wol geverfde harde overheidsagente, maar als zij door de eitjes wordt belaagd vervalt zij meteen in de rol van paniekerige en weerloze vrouw. De mannen werpen zich uiteraard op als stoere beschermheren.

Het is een normaal gedragspatroon in films uit de jaren 70, waarin vrouwen ook altijd uitglijden bij een achtervolging en met hun aanhankelijke gedrag de mannelijke held tot vervelens toe belemmeren bij welke actie ook. De personages in deze film gedragen zich evenzo en dat kijkt erg gedateerd.

Karakterloze personages zijn het. Toch besteedt de film veel aandacht aan hun wel en wee. Het inzoomen op de personages levert helaas veel scènes op die er niet toe doen en dat is verdomde vervelend. Op een opbloeiende liefde die niet wordt uitgewerkt en aan het eind totaal geen rol meer speelt, zit ik bijvoorbeeld niet te wachten.

Goeie score. De muziek van Goblin is geweldig. Met duistere synthesizer klanken weet de muziek de spanning te verhogen en een extra onheilspellende sfeer te scheppen. Een atmosfeer die door de beelden maar zelden teweeg wordt gebracht.

De speciale effecten zijn grandioos en maken indruk. De rest amper. Op moment van schrijven (pas een klein weekje na de kijksessie) moet ik al diep in m’n geheugen graven hoe de afloop van de film er ook al weer uitzag. Behalve de speciale effecten die er een rol in spelen, zou ik het niet meer weten. Volgens mij loopt het wel goed af, maar ik weet het niet meer zeker.

U hoort het al. De film begint nu al in de vergetelheid te geraken.

Contra (2020)

Contra is de Duitse remake van een Franse film. Dat las ik pas na het bekijken van Contra. De Franse versie niet gezien, dus geen idee in hoeverre de Duitse versie aan het Franse origineel is blijven plakken. Ik weet alleen dat ik mij met Contra goed heb vermaakt.

Contra biedt een leuk en interessant verhaal met maatschappelijke relevantie. Racisme en snobisme worden gepersonifieerd in professor Richard Pohl die zijn mening achter scherp en (meestal) verhullend taalgebruik verstopt. Voor de kijker is meteen duidelijk dat hij weinig opheeft met uitheemse culturen. Tijdens de eerste ontmoeting tussen de professor en het andere belangrijke personage studente Naima met een Marokkaanse achtergrond zijn de scherpe zinsneden zowel grappig als pijnlijk. Met deze scène wordt een vermakelijke toonzetting gecreëerd die gedurende lange tijd in stand blijft.

Contra bezit dan wel enige maatschappelijke relevantie, maar is natuurlijk ook een feelgood film. De personages worden met wat extra problematiek opgezadeld en verdienen daarmee sympathie en begrip voor hun handelen. En natuurlijk is de professor helemaal niet zo slecht. En natuurlijk heeft Naima ook zo haar vooroordelen. En natuurlijk ontstaat wederzijds begrip en respect. En natuurlijk is dat allemaal goedkoop en voorspelbaar, maar hé, het is wel feelgood. En ondanks zijn voorspelbaarheid is de film toch heel plezierig om te aanschouwen..

Als het feelgood gehalte toeneemt verliest de film iets aan scherpte, maar blijft zeker vermaken. De dialogen tussen de beide hoofdfiguren blijven heerlijk stekelig. Evenals de woordgevechten die in het kader van debatteerwedstrijden plaatsvinden. Er is veel stof voor vermaak en zelfs wat stof tot overpeinzing. De mengeling van amusement en ernst werkt goed. Niet in de laatste plaats door het goede spel van Christoph Maria Herbst en Nilam Farooq.

Contra is een leuke feelgood die heerlijk scherp begint en dat lange tijd volhoudt, maar uiteindelijk net iets teveel scherpte en engagement inlevert ten faveure van het prettige welbevinden van de kijker..

Contratiempo (2016)

Alternatieve titel: The Invisible Guest

Intelligente thriller die je steeds op het verkeerde been zet wanneer steeds andere mogelijke scenario's de revue passeren. Ondanks de nuchtere vaststelling (zoals hierboven ook al opgemerkt) dat er aan het geheel een zekere onwaarschijnlijkheid kleeft, is het spel met de vele details en invalshoeken absoluut fascinerend en spannend.

De film vereist de aandacht en voor bespiegelingen die een ander pad volgen dan hetgeen de film laat zien, is simpelweg geen tijd. Even wegdromen is er niet bij. De film heeft nauwelijks inzakmomenten waardoor de persoonlijke afleidende gedachtengang heel effectief in de kiem wordt gesmoord. Heel bijzonder. Alle concentratie is vereist om de draad niet te verliezen.

Ook de onwaarschijnlijkheidsgedachte kreeg daardoor gelukkig amper de kans om door te breken.

Fijne film.

Convent, The (2018)

Alternatieve titel: Heretiks

Een film die het thema heksenvervolging als excuus gebruikt voor het fabriceren van zwakke horror. Liefhebbers van exploitatiefilms zal ik meteen maar teleurstellen, want the Convent doet niet aan geweld, gore en naaktheid. De film vertelt een atmosferisch verhaal in een prachtig Middeleeuws decor en zoekt het meer in het occulte en het sferische.

Hoewel de Middeleeuwse kloostersetting zich uitstekend leent voor vette nunsploitation, is daar op geen enkel moment sprake van. Uiteraard worden ook in deze film de jonge nonnen gekoeioneerd en getuchtigd door de oudere garde, maar het blijft heel braafjes in de uitwerking.

Het plotje leest op voorhand leuk weg, maar stelt op film teleur. Het verhaal gaat over een vermeende heks die in een klooster intreedt en zo behoedt wordt voor de brandstapel. In het klooster komt zij in aanraking met eigenaardige en bovennatuurlijke gebeurtenissen. Achter de dikke kloostermuren houdt zich blijkbaar iets kwaadaardigs schuil. Dat klinkt allemaal behoorlijk schokkend en biedt mogelijkheden op horrorgebied, zou je zeggen. Het blijft echter bij een blijde verwachting, die bij lange na niet wordt vervuld.

De aanzet van de film is nog te doen. De sfeervolle setting doet daarin trouwens wel het meeste werk. In die setting wordt de heldin geconfronteerd met een mysterie, heeft zij zelf een aantal voorzichtige vreemde ervaringen en wekken personages en verhaal nog enige nieuwsgierigheid op. Heel even dreigt het zelfs een beetje spannend te gaan worden. Het blijft bij even. De neiging tot spanning wordt weer snel de kop ingedrukt.

Het spanningsboogje dat ontstaat, zakt in zodra je als kijker beseft dat het wel eens spannend zou kunnen gaan worden. Eigenlijk gebeurt er na dat besef gewoon heel weinig. En weg is de spanning.

.De film leunt erg op de magnifieke sfeer, maar vergeet daarbij een solide verhaal te vertellen. Het verhaal is gewoonweg erg zwak. Verder bevat de film zwakke dialoog, zwakke schrikeffecten en zwakke make-up voor het visualiseren van mutilaties, transformaties en bovennatuurlijke verschijningen.

Na het einde toe wordt het nog erger. Regisseur Paul Hyett laat zien dat hij een brede kennis van het horrorgenre heeft. Hoe verder in de film, hoe meer inspiratieloze hapjes uit andere sub genres voorbijkomen. In de chaos die dan ontstaat wordt het zwakke verhaal verder ontwricht en gaat zelfs de magnifieke sfeer die de locatie oproept, ten onder.

En dan is er niets meer.

Conversation, The (1974)

The Conversation van Francis Ford Coppola is een spannend drama met thrillerelementen en tegelijkertijd een karakterstudie van een getalenteerde en eenzame einzelgänger. De film neemt je heel onprettig mee in de wereld van Harry Caul. Een wereld die uit grauwe en steriele waarnemingen bestaat en weinig plaats biedt aan frivoliteiten. De weinige frivoliteiten die Harry zich permitteert, gebeuren niet spontaan maar zijn strak geagendeerd en prettig gestructureerd. Harry leeft in een benauwende wereld.

Harry Caul is de beste afluisterspecialist in het land. Hij is een legende. Achter al dat talent gaat echter een eenzame en paranoïde persoonlijkheid schuil. Harry is iemand die de samenleving observeert. Hij neemt er niet aan deel. Zijn grootste angst is om zelf ooit afgeluisterd of achtervolgd te worden en als gevolg daarvan geen controle meer te hebben. Die angst van de kille Harry, die voortreffelijk door Gene Hackman wordt vorm gegeven, beheerst alle facetten van zijn persoonlijkheid en van het verhaal.

Gene Hackman speelt hem als gezegd fantastisch. Verbeten, onbuigzaam en gefocust op zijn werk. In zijn werk hoeft hij alleen maar te luisteren en te kijken. Hij hoeft niet te taxeren of te voelen. Hij bevindt zich op bekend terrein, heeft de controle en hoeft zich niet bezig te houden met andere mensen en hun morele kwesties. Laat staan met zijn eigen persoonlijke issues.

Een opdracht gooit echter alles in de war. Een opdracht zaagt stevig aan Harry’s rotsvaste fundamenten. De film beschrijft heel minimalistisch en heel gedetailleerd hoe gebeurtenissen die voortkomen uit die opdracht een grote impact hebben op het zekere en objectieve perspectief van Harry. Harry wordt gedwongen zijn principes en waarden op te rekken.

The Conversation is een beklemmende film. Dat ligt niet aan het verhaal. Dat is simpel en blijft rudimentair. Dat ligt ook niet direct aan het camerawerk. De camera volgt de protagonist met afstand. De camera registreert zonder opsmuk. Zonder emotie. Het is met name aan de kijker de nuances in de geestelijke aftakeling van Hackman’s personage in te vullen en er een waarde aan te hechten. In de interpretatie van de kijker ligt de beklemming. Of een ander gevoel natuurlijk. Dat is aan de kijker,

De film trekt aangenaam aan het oog voorbij onder begeleiding van een piano score die de film passend voorziet van melancholische ondertonen. Een fijne muzikale omlijsting die niet opdringerig aanwezig is maar juist door zijn subtiele inzet een zeer sfeervolle werking heeft.

De film maakt indruk. De epiloog maakt extra ndruk. De camera gedraagt zich daar als een bewakingscamera die statisch van links naar rechts heen en weer beweegt in Harry’s appartement. Stilistisch mooi terwijl de beelden en passant iets zeggen over Harry’s angsten en zijn geestesgesteldheid.

The Conversation vertelt van een intrigerend menselijk drama verpakt in een thriller. De film vermaakt maar stemt ook tot nadenken over de impact die informatietechnologie heeft op het dagelijkse bestaan. Over totale transparantie en het verdwijnen van de privésfeer. In die zin is The Conversation zelfs een actuele film. Maar goed, The Conversation is in de eerste plaats gewoon beklemmende cinema van hoog niveau.

Convict (2014)

Een gevangenisfilm waarin de sympathieke eenling die alles tegen heeft, alle gangbare clichés ondergaat zoals bij veel voorgangers in veel vergelijkbare films ook al eens gebeurde. Niets nieuws onder de zon.

Alle ingrediënten van het genre komen voorbij. De sadistische bewakers, de nare gevangenisdirecteur, de gangs, de aanslagen en natuurlijk heel veel onrecht. Het verhaal is simpel en kent geen onverwachte wendingen. Zwart is zwart en wit is wit.

Het acteerwerk is niet geweldig. De vechtscenes zijn aardig in beeld gebracht. Het camerawerk is bij vlagen sowieso wel aardig. Doordat de camera op bepaalde momenten dicht op de huid filmt, wordt de sfeer van beklemming en dreiging goed voelbaar. Soms is er zelfs sprake van milde spanning.

Het is eigenlijk een film van net niet. De poging is sympathiek, maar het is niet goed gelukt om een zinderende spetterende actiethriller uit de grond te stampen. Daar is waarschijnlijk iets meer gelikte vakkennis voor nodig.

Toch weet de film op de een of andere manier de aandacht vast te houden. Blijkbaar is het verhaal net leuk genoeg en het camerawerk net spannend genoeg. 't Is me niet precies duidelijk. Net niet.

Cookie's Fortune (1999)

Fijne regisseur, die Robert Altman. Hij raakte met zijn films veel genres en in zijn films bevindt zich in de regel een abrupte, schokkende of ingrijpende wending die wordt ondersteund door satire en humor. Na de episodenfilm Short Cuts verschijnt Cookie’s Fortune. Een satirisch aangezette film die zich in het broeierige zuiden van de Verenigde Staten afspeelt. De atmosfeer van de film wordt heel nauwgezet in de tagline omschreven. Die luidt als volgt: “Welcome to Holly Springs…home of murder, mayhem and catfish enchiladas”. Een stadje waar het woord opwinding nog moet worden uitgevonden. Heerlijk toch?

Cookie’s Fortune is een fijne ensemblefilm. Een film die met humor naar menselijke zwakheden kijkt. Een film die in een gezapig ritme van het ene naar het andere personage trekt. Markante personages die elkaar tegenkomen, om elkaar heen dansen, elkaar aardig vinden of juist niet. De film neemt je prettig mee in het alledaagse leven van een aantal bewoners van het stadje. Bewoners die geen wereldschokkende belevenissen meemaken maar gewoon hun kleine ontroerende, vervelende en betoverende momenten hebben. De gerenommeerde cast, met namen als Glenn Close, Ned Beatty en Charles S. Dutton, weet er wel raad mee.

Cookie’s Fortune beschrijft een traag draaiende wereld waarin je gedurende een paar dagen prettig vertoeft. Op de achtergrond weerklinkt heerlijke Blues die het simpele leven en het ongehaaste levensritme bevestigt. De film volhardt tot het einde in zijn eenvoudige opzet en introduceert je bij echte mensen die zich na een schokkende gebeurtenis misschien een tikje extremer gedragen dan normaal maar hun tempo amper aanpassen en zichzelf blijven. Ze zijn nog steeds liefdevol, begripvol, kwaadwillig of zelfzuchtig. Alleen mischien wat heftiger dan daarvoor.

En gelukkig kun je ook aan het einde van de film constateren dat er van veel opwinding nog immer weinig sprake is daar in het stadje Holly Springs in het zuiden van de Verenigde Staten. En gelijk hebben ze!

Cool Hand Luke (1967)

Tijdens het kijken moest ik regelmatig denken aan de overeenkomsten die de film heeft met het lijdensverhaal van Jezus. Na de film bleek gelukkig dat mijn gedachtegang niet een unieke is. Toen ik wat meer over de film ging lezen, bleken de overeenkomsten tussen dit gevangenisdrama en de levensweg van Jezus intentioneel te zijn.

Het wezen van de gevangene Luke is georiënteerd op het Bijbelse lijdensverhaal. In woord en gebaar. Neem alleen al de pose die Luke aanneemt na de beruchte wedstrijd eiereten. Uitgeteld ligt hij op een tafel in de gevangenisbarak in een houding die overeenkomt met de manier waarop Jezus aan het kruis wordt afgebeeld. Of neem de strategie die Luke toepast tijdens een bokswedstrijd waartoe hij door een robuuste gevangene wordt uitgedaagd. Hij wint de wedstrijd in morele zin. Hij doet dat niet door zijn tegenstander neer te slaan, maar door na elke misselijkmakende klap die hij krijgt weer op te staan en opnieuw een misselijkmakende tik in ontvangst te nemen.

Met zijn eerlijkheid en gelatenheid maakt hij indruk op zijn medegevangenen die hem in beginsel met scepticisme tegemoet traden. Alras verzamelen zij zich als getrouwe apostelen om hem heen. Voorwaar, beste lezer, Cool Hand Luke is niet alleen een jezusallegorie. Daarvoor wijkt Luke toch teveel af van de soevereine Messias figuur uit de bijbel. Zijn handelingen hebben namelijk ook een duivelse zelfvernietigende rand. Luke is niet op een missie om de gevangenen te bekeren tot rechtschapen mensen. Hij handelt met het doel de verveling te verdrijving en de boel op te schudden. Over de consequenties denkt hij niet na. Luke is eerder een slachtoffer van de omstandigheden dan dat hij de omstandigheden naar zijn hand zet. Hij grijpt de gelegenheid aan. Dingen overkomen hem. En hij laat anderen dingen overkomen.

Hij speelt de rol van charismatische leider en rebel omdat hij niet anders kan. Hij is niet in staat zich te voegen. De spelregels zoals die gelden in de maatschappelijke interactie, beheerst hij niet of is hij niet bij machte te beheersen. Zijn bijnaam luidt Cool Hand. Die naam wordt hem door de gevangenen gegeven nadat hij bij het pokeren zijn tegenstander overbluft met niets. ”Sometimes nothing can be a real cool hand”. Het niets dat Luke omkleedt en dat hij verbergt wordt echter voor veel meer dan niets gehouden. Dat hem daarbij een aura van altruïsme omringt, helpt bij de mythevorming, maar is in feite een teken van onmacht. Hij beheerst de regels niet en is gewoon zijn impulsieve zelf.

Cool Hand Luke is een bittere film die een onaangenaam beeld van de mensheid schetst. Het (op het oog) luchtige karakter Luke, dat fantastisch wordt vertolkt door Paul Newman, neemt het gezag op de hak en oogst bewondering. De gebeurtenissen in het gevangenkamp zijn hilarisch en branieachtig en leiden af van de diepere laag. Ze maken de bitterheid die film onderhuids uitdraagt, verdraaglijk.

Fantastische film.

Cool Runnings (1993)

Cool Runnings is losjes gebaseerd op een ware gebeurtenis. In 1988 deden twee Jamaicaanse bobsleeteams zonder veel succes mee aan de Olympische winterspelen in Calgary. De film neemt de viermansbob als onderwerp, had een budget van 14 miljoen dollar en leverde meer dan 150 miljoen dollar op. Een groot succes voor een doorsnee humoristische sportfilm met de bekende dramaturgie van vallen en opstaan gevolgd door een grote finale wedstrijd waarin het pathos hoogtij viert.

De weergave van Jamaica is zoals verwacht. Iedereen draagt bonte hemden en gebreide mutsen. Iedereen is lui, rookt en drinkt. Ach ja. Cool Runnings neemt zijn personages totaal niet serieus en zet hen clichématig weg. De avonturen van de bobbers in het ijskoude Calgary zijn wel grappig. Best leuk om de bobbers die aan tropische sferen zijn gewend te zien worstelen in sneeuw en ijs. Erg overtrokken aangezet, maar wel vermakelijk. Het sfeertje is lekker luchtig. De humor is vooral flauw, maar werkt aanstekelijk.

Cool Runnings van John Turteltaub is een amusante sportkomedie, waarvan het verhaaltje zo dwaas en overtrokken is dat je eigenlijk geen andere keus hebt dan meegaan in de dwaasheid. En dan is Cool Runnings best leuk.

Cooties (2014)

Film met redelijk geslaagde humor en minder geslaagde zombie horror.

De gore is rijkelijk aanwezig, maar oogt (expres) erg goedkoop en heeft duidelijk een komische intentie. De overdreven bloederige effecten werken inderdaad even op de lachspieren, maar dat effect is snel uitgewerkt en is daarna eigenlijk alleen maar voorspelbaar en vervelend.

De basisschool als setting voor de uitbraak van het virus, levert een hoop gillende en krijsende kindertjes op. Niet leuk.

De volwassen personages zijn wel leuk. Overdreven wereldvreemd, grof en grappig in woord en gebaar. Die humor werkt goed. Dezelfde personages in een andersoortige setting, zou waarschijnlijk leuker hebben uitgepakt.

Cop Car (2015)

Een heel aangenaam en origineel filmpje (korte speelduur). Thriller? Ja. Maar, enkel het etiket thriller zou de film te kort doen. De film heeft absoluut ook komische en dramatische trekjes.

Het verhaal begint met een simpele gebeurtenis. De diefstal van een politiewagen. Deze diefstal opent de doos van Pandora. Elke actie die daarna volgt legt geheime zaken bloot. Elke actie heeft een gevolg voor het verhaal en geeft het verhaal een ander perspectief. Dat gebeurt allemaal zonder veel uitleg. De interpretatie is veelal aan de kijker. Spannend. Heel boeiend.

De muziek is bevreemdend en werkt mee aan de verhoging van de eigenaardige sfeer die over de film hangt.

Ben nooit zo'n fan van jonge acteurs, maar beide jongelingen acteren prima. Altijd fijn voor de inleving.

Prachtig einde. Prettig dat er nog wat losse eindjes ter interpretatie bungelen.

Corbin Nash (2018)

Alternatieve titel: Corbin Nash the Origin

Rommelig. Niet spannend.

Vanaf het begin omhult de film zich met opzichtige schimmigheid die tot uiting komt in een grauwe setting en in grauwe kleuren. Erg theatraal. Het duister wordt bepaald niet subtiel opgezocht. De film komt vervolgens nauwelijks uit dit fantasieloze schemergebied. Het wordt je zodanig gekunsteld door de strot gedouwd dat de sfeer die naargeestigheid en harde somberheid moet uitdrukken dat door zijn overdreven opzichtigheid juist niet doet. Althans niet op de goeie manier. Het is ongeloofwaardig.

Het verhaal dan. Er lopen een aantal tijdslijnen door elkaar heen. Op zich niet moeilijk om ze uit elkaar te houden, maar de overgangen tussen de scènes gebeuren zo slordig en rommelig, dat het soms toch even zoeken is naar het juiste tijdskader. Het verhaal blijft trouwens te allen tijde gemakkelijk te volgen. De ongelaagde insteek zorgt ervoor dat de hoofdlijn altijd in zicht blijft. Een belangrijk nadeel van al die oppervlakkigheid is wel dat het verhaal nooit intrigeert en nooit spanning opwekt.

De personages dan. Niet om over naar huis te schrijven. Niet interessant. De hoofdrol is een gespierde hork die zo overdreven vechtlustig en horkig is dat hij erg vervelend en niet geloofwaardig is. Ook de twee duistere bijrollen zijn zo overdreven sinister dat ze heel vervelend en ongeloofwaardig zijn.

De actiescènes in de film zijn wel ok. De horror is onzin.

Een ongeïnspireerd vervolg is gezien de slotscènes een mogelijkheid. Niet doen, zou ik zeggen.

Corniaud, Le (1965)

Alternatieve titel: De Eend en de Cadillac

De film heeft een hoog tempo. Snelle interacties. Gekke gebeurtenissen. De scènes en scènewisselingen heel springerig en druk. Dat kijkt in beginsel een beetje nerveus. Gewenningstijd is bij mij altijd even nodig.

Het verhaal is gebruikelijk simpel. Een roadtrip met achtervolgingen door Italië met veel aandacht voor de bezienswaardigheden. De zon schijnt. Vakantiegevoel gegarandeerd. Een prettige en solide basis voor een komedie. Laat dus maar komen.

En toen kwam het niet echt. De Funès had een paar sterke momenten. De Funès en slapstick is altijd een grandioze combinatie. Ook hier, zeer geslaagd. Verder vooral veel humor, die bij mij niet erg viel. Te voorspelbaar. Uitgekauwd. Goedbedoeld, maar niet leuk.

De gebrekkige humor verdwijnt in alle drukdoenerij, die maskerend werkt. Pas als een komisch moment een spontane lach uitlokt, valt op dat die momenten eigenlijk wel bijzonder schaars zijn.

De vaart van de film houdt de moed erin en zorgt blijvend voor een onderhoudende kijkbeleving.

Maar het is niet geweldig.

Corpo Celeste (2011)

Vanuit het perspectief van de 13-jarige Marta vertelt de film over een episode in haar leven waarin zij na te zijn opgegroeid in Zwitserland in de verwarrende en bevreemdende omgeving van het Zuid-Italiaanse Calabrië belandt. Geen fijne omgeving. Vervallen huizen, een half afgebouwde snelweg en een opgedroogde rivierbedding bepalen het stadsbeeld. In deze stad moet Marta na het keurige Zwisterland het sacrement van het Vormsel ondergaan. Kritisch en afstandelijk observeert zij haar nieuwe omgeving en beschouwt zij de katholieke rituelen.

De film is fragmentarisch van opzet. Gebeurtenissen die zich in Marta‘s leven afspelen lossen elkaar snel af. Ze reflecteren heel accuraat haar radeloosheid in haar zoektocht naar zekerheden. Behalve een nieuwe temperamentvolle omgeving met religieuze en sociale veranderingen, heeft het gesloten meisje te kampen met individuele hervormingen van puberale aard. Corpo Celeste van regisseur Alice Rohrwacher is een echte Coming of Age.

De film kent geen inleiding maar dropt de kijker midden in de hectiek van een religieus ritueel. Een soortement bedevaart. Evenals Marta moet de kijker zich maar zien te redden in het duiden van allerlei chaotische taferelen vol onbekende personages. Die vertelwijze haalt de belevingswereld van Marta dichterbij en maakt nieuwsgierig. Het helpt trouwens enorm dat Yle Vianello die het personage Marta sensibel vorm geeft haar zeer geloofwaardig invult. Dat het verhaal is gevat in krachtige beelden vol symboliek en de film oog heeft voor absurditeit en de humor niet schuwt, helpt eveneens enorm.

Corpse, The (1971)

Alternatieve titel: Crucible of Horror

The Corpse behandelt een familiedrama zoals zich dat wellicht achter de gesloten deuren van burgerlijke Engelse provinciestadjes vaker afspeelt. Een conflictueuze situatie rondom een uiterst snobistische oudere man (Michael Cough in een sterke rol). Een ijskoude, emotieloze dikdoener die economisch succes verwart met persoonlijk geluk en als gezinshoofd een tiranniek bewind voert. Het gezin bestaat verder uit zijn depressieve vrouw die lijdt onder zijn liefdeloosheid en sarcasme en zijn slaafse zoon die een getrouwe afspiegeling van zijn vader is.

En dan is er nog de rebelse dochter Jane die samen met de vaderfiguur het interessantste personage in de film is. Jane mag niet uitgaan, geen vriendje hebben, wordt door vader gecontroleerd in haar doen en laten, moet zich immer verantwoorden en zich striemend commentaar laten welgevallen. Jane verzet zich tegen de bekrompenheid en de tirannie en dat wordt door vader niet op prijs gesteld.

De vrouwen hebben het zwaar. Gezien de hel waarin de vrouwen leven, lijkt het besluit om de vader te laten verdwijnen niet meer dan gerechtvaardigd. Wat volgt is een scenario dat anders loopt dan gepland, een aantal verrassende plotwendingen heeft maar helaas niet die pakkende impact heeft die het zou moeten hebben. Het wordt niet spannend of meeslepend. Daarvoor is de regie toch wat te statisch, zijn de plotwendingen met te weinig jeu omkleed, komt de psychologische huiver niet echt tot bloei en worden de handelingen te stroef en onbeholpen in beeld gebracht. ’t Is allemaal wat tam en behouden.

En dat is jammer, want de slotconclusie is een bijzonder fraaie. En een bijzonder verschrikkelijke trouwens. Een bijzonder diabolische zelfs. Een einde waarin de werkelijke verschrikkelijke consequenties van het verhaal tot uiting komen. Die fraaie slotsom had een opwindender aanloop verdient.

Coup de Chance (2023)

Dat Woody Allen een film maakt die zich niet in de Verenigde Staten van Amerika afspeelt en meer specifiek in New York is intussen al niet meer ongewoon. Aangename films als Match Point (2005), Vicky Cristina Barcelona (2008) en Magic in the Moonlight (2014) laten zien dat Allen zijn talent ook buiten New York uitstekend weet in te zetten. Coup de Chance speelt zich af in Parijs en heeft als bijzonderheid dat in de film een Franse cast acteert en dat de Franse taal wordt gesproken. Allen neemt in deze film niet alleen in geografische zin afstand van de Angelsaksische cultuur.

Coup de Chance viel me tegen. Het verhaal dat heen en weer schiet tussen romantische komedie en detective, is niet bijster inspirerend, origineel en aangrijpend. Toch heeft de film gelukkig net voldoende scherpe en komische momenten om je niet volledig in ellende weg te doen zakken. Voeg daar de bijzonder prettige aanwezigheid van Lou de Laâge en de aardige jazzscore aan toe en dan zijn de positieve elementen uit de film wel zo’n beetje genoemd.

De setting in een high society milieu werkt tamelijk gekunsteld. De personages gedragen zich niet erg natuurlijk. Hun afstandelijkheid zorgt voor weinig inleving. De personages zijn ook nog eens niet bijster interessant. Oppervlakkig vormgegeven karakters die zich van elkaar onderscheiden door middel van sterk aangezette karaktereigenschappen die geen diepe inkijk in het personage geven. Veel verder dan goed, slecht, aardig, onaardig, naïef en gewiekst gaan de kwalificaties niet. Ach, waar is toch die heerlijke complexe neuroot gebleven die de betere film van Woody Allen opluistert met zijn prominente aanwezigheid. Ik miste hem.

Het Parijse decor wordt pittoresk ingezet. De heimelijke liefde tussen protagoniste Lou Laage en haar uit een lager milieu afkomstige love interest wordt getoonzet met romantisch kitscherige beelden in een herfstachtige atmosfeer. De gesprekjes die worden gevoerd hebben weinig om het lijf. Een incidentele humoristische scherpzinnigheid werd door mij met gejuich begroet. De kabbelende gesprekjes passen goed bij het kabbelende karakter van de film. De uitsmijter is overigens erg grappig en doet de kijker uit zijn dommelende staat opschrikken. Daar was opeens de verrassende scherpe humor die in de rest van de film grotendeels ontbreekt. Ja, Coup de Chance viel me tegen.

Coup du Parapluie, Le (1980)

Alternatieve titel: Umbrella Coup

In Le Coup du Parapluie wordt het personage Lecomte met een heuse huurmoordenaar verwisselt. Lecomte wordt prima gespeeld door Pierre Richard. Lecomte is een arrogante acteur zonder werk, die alleen aan zichzelf en zijn eigen voordeel denkt. In een gewone film wens je een dergelijk type geen goede dingen toe. In een dwaze komedie met Pierre Richard ligt dat anders. Zijn eigenliefde en arrogantie zorgen voor talloze komische en chaotische momenten die je doen vergeten wat een naar personage die Richard eigenlijk uitbeeldt.

Rondom hem een gedienstige cast. De echte huurmoordenaar natuurlijk. Een onaangenaam persoon met de typische kille uitstraling die je van een huurmoordenaar verwacht. Humorloos en daardoor zeer geschikt als klankbord voor de humor die Richard genereert. Verder nog een Indische lijfwacht (ook humorloos) en dus ook geschikt en nog wat minder essentiële personages die er verder niet erg toe doen maar als onderdeel van de (humoristische) gebeurtenissen een beetje van belang zijn. Ook de vrouwelijke bezetting is niet meer dan omlijsting. Het centrum van de aandacht is voor Pierre Richard.

Het verhaal is onzinnig, maar functioneert goed als kapstok voor slapstick en visuele humor. De grap waar de film om draait is dat Lecomte niet weet dat hij voor een huurmoordenaar wordt aangezien en zich niet bewust is van de ernst van het geweld dat om hem heen plaatsvindt. Die rode draad werkt tot het einde toe prima. Ik vond de hectiek en komedie die eruit ontstond in ieder geval erg grappig.

Coupe de Ville (1990)

Regisseur Joe Roth maakt met Coupe de Ville een hartverwarmende film. Een roadmovie met leuke memorabele momenten. Men neme de discussie over de betekenis van de song Louie, Louie. Of het moment dat Patrick Dempsey van school wordt opgepikt. Of de onderlinge verbale steekspelletjes tussen de broers. Of de dialogen van Alan Arkin. Bijna elke scène sleurt je heerlijk mee in het verhaal over drie broers die elkaar ogenschijnlijk niet echt mogen, maar van vader Alan Arkin de opdracht krijgen gezamenlijk het verjaardagscadeau voor hun moeder (een cadillac) in ongeschonden staat naar huis te rijden.

De film plaatst zijn personages op de voorgrond. Ze maken geen deel uit van het verhaal. Ze zijn het verhaal. Ze zijn gelukkig voorzien van genoeg realisme om met hen te sympathiseren. Goed voor de beleving. Wel heeft het script de personages voorzien van wat eigenaardigheden, die hier en daar neigen naar het clichématige maar het net niet zijn. De personages glijden niet af naar de onwaarachtigheid maar blijven prettig grijpbaar.

Coupe de Ville is een tragikomische roadmovie. Een ziekte legt op een bepaald moment een zeker melancholisch laagje in de film. De tragiek staat echter nooit in het middelpunt. De tragiek popt op maar is niet dwingend aanwezig en bemoeit zich maar zelden met de hoofdlijn. In het middelpunt staan de belevenissen van de broers. En die belevenissen zijn levendig en humoristisch en zijn gekruid met een beetje nostalgie en veel heftige en grappige dialogen. Leuk.

Couples Retreat (2009)

Vier koppels op een tropisch eiland op een geheel verzorgde reis. Dat belooft zorgeloze vakantiepret met zon, drank en lange nachten. Nee dus. In plaats van ongeremd genieten, dienen zij zich (als onvermoede deelnemers aan een zomerkamp voor koppels met relatieproblemen) te houden aan een strikt schema en strikte regels. Ochtenddisciplines, yogalessen en gesprekken met een psycholoog. Oftewel een all inclusive vakantie die niet bepaald correspondeert met de verwachtingen van de reisgenoten.

Veel voer voor humor. Maar echt leuk wordt het niet. Oppervlakkig en voorspelbaar wordt het wel. Vlakke en vervelende personages ook. Met producent, schrijver en hoodrolspeler Vince Vaughn voorop. Hij is nadrukkelijk aanwezig en doet wat hij altijd doet. Aanwezig zijn dus. In bepaalde films is zijn optreden best leuk. Niet in deze film. De situatiekomedie is niet leuk. De dialogen zijn niet grappig. Andere acteurs als Jean Reno, Jason Bateman en Jon Favreau die heel acceptabel kunnen acteren, lopen tegen dezelfde tekortkomingen aan. Hun personages zijn vervelend en hun teksten zijn gewoon niet grappig.

De paar lachjes die ik kwijt kon, kwamen meer voort uit wanhoop. Laat een irritante yogaleraar in een strakke felblauwe zwembroek een tijdlang dubbelzinnige gebaren en opmerkingen maken tijdens een aparte yogales, en je moet wel lachen. Of het nu grappig is of niet. Zo wanhopig was ik blijkbaar. Erg hè.

Course à l'Échalote, La (1975)

Een film van Claude Zidi die met name in de jaren 70 erg actief was en meer komedies regisseerde en schreef. Behalve met Pierre Richard maakte hij ook een aantal komedies met Louis de Funès. De komedies van Zidi zijn vergelijkbaar. In de regel zijn de personages overtrokken aangezet en komen ze door allerlei misverstanden of toevalligheden in een situatie terecht die vervolgens helemaal ontspoord. In La Course à l'Échalote is dat niet anders.

Een film waarin de meeste humor visuele humor is. Veel slapstick. Heerlijk. Veel is grappig. Niet alles. Sommige scènes waren misschien in het productiejaar van de film erg grappig, maar zijn dat nu niet meer. Zo wordt het blijkbaar als erg grappig gezien om mannen gehuld te laten gaan in vrouwenkleding. Dermate grappig zelfs dat deze gimmick in meerdere scènes wordt gebruikt. Ik vond het nogal langdradige scènes. Gelukkig zijn de meeste andere scènes wel grappig..

Het verhaal stelt niets voor en dient enkel als excuus om gebeurtenissen te laten ontsporen. De film spoedt zich in een ijltempo van de ene plaats naar de andere. Van de ene dwaze situatie naar de andere. Van stilstand is in deze film geen sprake. Er gebeurt steeds wel iets. Pierre Richard is een goede komiek en verantwoordelijk voor een paar heerlijke scènes. La Course à l'Échalote is een leuke komedie die vooral visuele humor en slapstick biedt. Het is humor die mij goed ligt.

Coutures (2025)

Alternatieve titel: Couture

Een episodisch drama van regisseur en schrijver Alice Winocours (Proxima) die zich bezighoudt met het leven van verschillende vrouwen op hun onzekere weg door de wereld van de designermode. Een film met impressionistische accenten die de schijnwereld van de mode-industrie blootlegt en daarbij vrouwen aantreft die kwetsbaar, angstig en in het bezit van verborgen wonden zijn. Een film die duidelijk maakt dat de mode-industrie een branche is waarin mannelijke creativiteit hoogtij viert en de vrouw daarin slechts een uitvoerende pion is. De meeste vrouwen zijn inwisselbaar, onzichtbaar en anoniem.

De film volgt een aantal vrouwelijke personages wier paden zich aan de rand van de catwalk kruisen. Onder hen de gerenommeerde regisseur Maxine (Angelina Jolie) met de opdracht een spectaculaire korte film te draaien om de aanstaande modeshow kracht bij te zetten. Zij is een van de weinige vrouwelijke personages die vanwege haar invloed in de filmwereld enigszins serieus wordt genomen. Maar zelfs zij als vrouw van naam lijdt onder de druk om te presteren of te worden ingewisseld. Andere en minder gerenommeerde vrouwelijke personages als de Soedanese Ada die model is en zich ontheemd voelt in de luxe modewereld of de Oekraïense visagiste Angèle die haar ervaringen achter de coulissen tot een roman heeft verwerkt die niemand wil uitgeven, voelen de onaangename druk eveneens.

"Dat het waar is wil nog niet zeggen dat het iemand interesseert", wordt Angèle hooghartig door een grijsharige redacteur medegedeeld. Zijn minachtende houding is typerend voor de mannelijke kijk op de wereld van de modellen, naaisters en andere vrouwelijke creatieve talenten. De vrouw is een object. En niet meer dan dat. Een onterecht beeld dat door de film wordt afgebroken in de vorm van sappige anekdotische ervaringen van de vrouwen die daarmee de arrogantie, de ijdelheid, de desinteresse en het onbegrip in de door mannen beheerste modewereld blootleggen. Winocours doet er nog een schepje bovenop door de kwetsbaarheid en inwisselbaarheid van de vrouwen te beklemtonen door de uitputtende fysieke arbeid en de reële kans op blessures een prominente plek in de film te geven.

Fysieke, materiële en psychische breuken zijn de elementen die de vrouwen onderling verbinden. Het overkoepelende thema is het gevolg daarvan en dat is de onderlinge solidariteit die tussen de vrouwen ontstaat. Een beeld dat de vloer aanveegt met het beeld dat de meeste kijkers zullen hebben. Een clichématig beeld dat wordt gekenmerkt door onderlinge kift, jaloezie en intriges. In Couture zijn de vrouwen geen sjablonen maar personen. In Couture worden waarden als authenticiteit, persoonlijkheid en ware gemoedstoestand tegenover uiterlijk en schoonheid geplaatst en belangrijker bevonden. Close-ups van een hardwerkende zwetende naaister en het geconcentreerde schminken en stylen van de visagiste laten zien dat de transformatie van een angstig en onzeker model in een onberispelijke schoonheid een afbreekbare en vluchtige illusie is die (zoals de slotscène laat zien) slechts van tijdelijke en nietszeggende aard is.

Craft, The (1996)

In The Craft haalt regisseur Andrew Fleming vier buitenbeentjes naar de voorgrond. Vier meiden die binnen de high school cultuur niet tot de populaire groep behoren, vinden elkaar in hun impopulariteit en vormen een heksenkring.

In films zijn buitenstaanders altijd interessanter dan de gladde leden van de populaire incrowd. Zo ook hier. De vier meiden hebben persoonlijkheid en zijn (niet onbelangrijk) op een bepaalde manier aantrekkelijk. Hun tegenstelling in de film is de populaire groep. De incrowd is rijk, arrogant, verwend en in alle opzichten oppervlakkig. Daar hebben wij als kijker meteen een hekel aan. Twee gemakkelijk te onderscheiden kampen. Verleidelijk en rechtschapen versus stompzinnig en zelfingenomen. Ja, de tegenstellingen zijn erg stereotiep. En nee, veel denkwerk is voor deze film niet vereist.

De heksjes zijn ok. Vier personages met een likje verdiepende karaktervorming. Eén met een goed karakter, één met een egoïstisch karakter, één met een donkere huidskleur die vaak racistisch wordt bejegend en één onopvallende met borrelende innerlijke driften. Alle vier met een vervelend verleden. Alle vier met een wrok tegen de gemene wereld. Alle vier met wraakgevoelens. Dus, lang leve de heksenmagie. Die komt in de wraakoefeningen goed van pas.

Het uitleven van de heksenkunsten begint ludiek en luchtig, maar wordt onder de onweerstaanbare leiding van heks Nancy (Fairuza Balk in een prima rol als de egoïstische heks) al snel met meer duisternis omkleed. Dat zien we graag. De serieuzere draai in de film is goed voor een aantal leuke scènes met gedateerde maar desondanks hele aardige sfx en zorgt voor wat aangename psychologische oorlogsvoering. 't Is iets, maar 't is wat weinig.

De film heeft aantrekkelijke hoofdpersonages. De film heeft een rebelse en zorgeloze uitstraling. De film heeft ontegenzeggelijk charme. Toch is The Craft inhoudelijk een magere film vol tiener clichés met slechts hier en daar een leuk magisch momentje dat de boel verlevendigt. Best leuk, maar te weinig spannend.

Crawl (2019)

Een film met angstaanjagende alligators. Met een budget van 13,5 miljoen dollar, kun je in dat opzicht leuke dingen doen. Dat laat Alexandre Aja in Crawl dan ook zien. De CGI waarmee de alligators tot stand komen is goed gelukt. De beesten ogen levensecht. Dat is natuurlijk ook een vereiste, want het wezen van de film wordt immers gevormd door die horde reptielen. De authenticiteit van die beesten is essentieel voor de beleving. Erg goed gedaan. Ze zien er vals genoeg uit om te begrijpen waarom de belaagde personages de gehele filmduur zo onder de indruk zijn.

De film richt zich bijna alleen op de bedreigende situatie en is spannend. Vreemd genoeg zonder enige vorm van humor. Een gemis, vind ik. Relativering onder spanning vind ik altijd wel leuk. Nou ja, mits een beetje scherp gebracht en niet te infantiel.

De personages krijgen weinig emotionele en psychologische showtime. In de weinige rustige momenten van de film wordt de kijker heel globaal op de hoogte gebracht van de levensgesteldheid en de onderlinge verhoudingen. Dat gebeurt aan de hand van wat flashbacks en korte, bondige dialogen. Niet meer dan het hoogstnodige. Net genoeg om je het lot van de personages aan te trekken.

Fijne sfeer. De film speelt zich af in de kruipruimte (crawl) van een huis. Er is weinig bewegingsruimte en er is een laag plafond. Een ruimte met een benauwende werking. Er is maar weinig voor nodig om de gevoelens van beklemming en claustrofobie die al sluimerend aanwezig zijn, helemaal te laten ontwaken. Het fijne camerawerk legt de spannende basis. Voor een horde beweeglijke reptielen is het vervolgens een koud kunstje om de laatste puntjes te zetten.

Crawl heeft een aangename speelduur van 88 minuten en eindigt ook precies op het juiste moment. Geen emotionele interacties. Geen ontlading van de spanning. Zelfs geen epiloog. Slechts de eindcredits.

Het is goed zo.

Crawlspace (1986)

Op zich is deze film over huisbaas Karl Gunther, zoon van een Nazi-arts en in het bezit van een enorme begeerte naar jonge vrouwelijke tieners, die hij via ventilatieschachten bespioneert, niet heel bijzonder. Wat de film echter uit de vlakke middelmaat trekt is de aanwezigheid van Klaus Kinski. Geweldig acteur, maar door zijn eigenzinnigheid en idiote gedrag hopeloos om te regisseren. De man liet zich in het algemeen niet regisseren en deed meestal z'n eigen ding. Meestal nog briljant ook.

Deed ie in deze film ook. Z'n eigen briljante ding. Kinski deed tijdens de draaidagen zijn eigenzinnige reputatie eer aan. De sfeer op de set was om te snijden. De draaidagen waren nog maar drie dagen onderweg toen Kinski al zes vuistgevechten was begonnen, waardoor de productie ernstige vertraging opliep. Behalve zijn aggressieve gedrag en weigering om teksten uit te spreken die hij niet goed vond, stelde hij bizarre eisen die het werken aan de film erg bemoeilijkten. Zo was er een gebod van Kinski dat inhield dat de regisseur geen 'Cut' of 'Action' mocht zeggen. Op die manier bepaalde Kinski wanneer een opname startte of stopte en regisseerde hij zichzelf. Eigenzinnig, idioot en ziekelijk egocentrisch. De filmcrew was er zo zat van dat regisseur Schmoeller vaak werd gevraagd: "Please, kill Mr. Kinski". Die zinssnede werd later de titel van een hilarische ultrakorte docu van Schmoeller over zijn ervaringen met Klaus Kinski. Hier te zien: Please, Kill Mr. Kinski - YouTube.

De film dan. Een kleinschalige productie met een onaangename, ranzige uitstraling. Dat heb je natuurlijk al snel als Kinski met zijn markante voorkomen een glibberig mannetje met duistere lusten vertolkt. De film is eigenlijk helemaal niet bijzonder. Het verhaal is mager en snel verteld. De film traineert vervolgens het voyeuristische en seriemoordende gebeuren en verleent aan Kinski‘s personage nog wat extra eigenaardigheden, zodat de lengte van de film toch nog de 80 minuten haalt. Heel shockerend en opwindend is het allemaal niet.

Maar goed. Klaus Kinski is dat allemaal wel. De rol van gluiperige huisbaas Gunther is hem op het lijf geschreven. Daardoor vergeet je eigenlijk dat de film verder niet veel voorstelt.

Grappig trouwens dat de jonge vrouwelijke tieners die bij Kinski een kamer huren en bij hem ontaarde verlangens losmaken, overduidelijk de tienerjaren al een tijdje terug zijn ontgroeid. Arme Klaus!

Crazy, Stupid, Love. (2011)

Een komedie met Steve Carell. Met een vleugje absurdisme. Met wat frivoliteit. Met gladde popmuziek. Met een escalerende dramaturgie. Natuurlijk met Amerikaanse normen en waarden die hoog gehouden moeten worden. Met een voorspelbaar einde. Met platte karakters. Met gerenommeerde namen in de hoofdrollen, maar ook in de kleinere rollen.

Met de getalenteerde Julianne Moore in een rol die weinig van haar capaciteiten vergt en die elke actrice zou kunnen spelen. Met de hierboven al genoemde Steve Carell die met een immer aanwezige grijns en dat lijzige stemgeluid vaker een zucht oproept dan een sprankelende lach. Met Emma Stone die ik graag zie. Met Ryan Gosling in de zoveelste gladde rol. Nee, ik ben geen fan maar vond deze gladde rol, hoewel erg voorspelbaar, wel enigszins vermakelijk. Ook plat maar ook leuk is Marisa Tomei in een bijrol als temperamentvolle lerares.

Crazy Stupid Love is een film met veel situatiekomedie, die best leuk is. Helaas ook een film met maar bitter weinig geestige dialogen. Die miste ik in deze film die zich met veel interactie tussen de personages daar prima voor leent. Teleurstellend.

Daar staat tegenover dat ik iets heb geleerd van deze film. Dat is ook wat waard. Ik heb geleerd dat er voor iedereen een juiste levenspartner beschikbaar is. Die potentiële levenspartner weet dat echter niet altijd en daarom moet je voor dat potentiële geluk vechten en je zult succes hebben. Ik werd daar blij van. Het zijn heerlijke wijsheden die de film zo terloops naar voren brengt. Kleren maken de man. Nog zo’n wijsheid die je leven kan veranderen. Na afloop was ik een rijker mens en had ik af en toe nog gelachen ook. Dat is een zeldzame combinatie. Voor het verspreiden van zoveel geluk verdient de film drie sterren.

Creator, The (2023)

The Creator geeft een mogelijk toekomstig beeld van de wereld wanneer kunstmatige intelligentie een bewustzijn krijgt, zijn bestaansrecht opeist en een nieuw ras vormt dat de goede oude Homo Sapiens in velerlei opzichten voorbijstreeft. Gareth Edwards is de regisseur van de film. Edwards is goed in het scheppen van fantastische settingen. Dat deed hij bijvoorbeeld in een aantal Star War-films en dat doet hij in The Creator wederom. De film zit vol wonderlijke architectonische hightech bouwsels die zijn geplaatst in een bekende natuurlijke omgeving. Je kijkt je ogen uit. Indrukwekkend.

Het verhaal is minder indrukwekkend. Een Amerikaanse ex-agent op een queeste in het vijandige verre oosten vergezeld door een jong androïde meisje. Samen zijn zij op de vlucht voor boze oosterlingen en ander gespuis en beleven dolle avonturen. De avontuurlijke odyssee door een prachtige gearrangeerde toekomstvisie met robots en vreemde bouwsels doet denken aan een prentenboek waar je zo eens doorheen bladert vanwege de mooie plaatjes zonder dat het verhaal je interesseert. Je kijkt er even in. Je verwondert je. Je legt het na enkele minuten weer terzijde.

Dit prentenboek met de naam The Creator was met een speelduur van twee uur en 13 minuten veel te dik.

Creature (1985)

Alternatieve titel: Titan Find

Een Alien kloon van de goedkope en de langdradige soort.

De film is met veel overbodige dialogen en langgerekte spannende scènes te lang. Eigenlijk heeft de uitwerking van het verhaal onvoldoende inhoud voor een film van 97 minuten. Ik denk dat het verhaaltje heel goed in drie kwartiertjes verteld had kunnen worden. De filmbeleving zou in dat geval spannender en intenser zijn geweest. Nu bestaat een groot deel van de film uit lange donker gefilmde scènes die zich in een dikke laag mistige rook of in een schemerige omgeving afspelen. Aangezien het erg lastig is om in de rook en de schemer dingen te onderscheiden, zijn dergelijke scènes al snel vervelend. Na het optrekken van de mist of het aanfloepen van de verlichting blijkt trouwens vaak dat alle commotie om niets is geweest. De enige functie van de scènes lijkt dan ook te zijn om de speelduur te verhogen.

De decors zien er nog wel aardig uit. De maan Titan zou heel goed de maan Titan kunnen zijn. Het interieur van de ruimteschepen heeft een fijne koude en beklemmende uitstraling. Ook goed. De bedieningspanelen ogen daarentegen nogal goedkoop en zien er uit als een samengeraapt zootje knipperend en blinkend schroot.

Er zijn acceptabele personages. Er is een prima monster. Geen man in een pak in ieder geval. Ook fijn aan de film is het redelijke gehalte aan bloed en gore. Het monster zorgt in dat opzicht voor veel vreugde. Wel staat het monster opvallend vaak verdekt opgesteld in flarden rook en schemerige verlichting (waarschijnlijk om de manco’s aan het beest te verdoezelen) maar dat mag de pret niet drukken. Het werkt.

En dan is er natuurlijk nog Klaus Kinski. Ondanks dat zijn rol in wezen slechts bestaat uit het spuien van seksistische opmerkingen en het vertonen van aanstootgevend gedrag is het een prachtrol.

Hij schijnt zich met dat obscene gedrag trouwens niet beperkt te hebben tot zijn rol in de film. Ook buiten de opnames liet hij zich niet onbetuigd. Tenminste als je regisseur William Malone mag geloven, die het werken met Kinski als erg lastig heeft ervaren.

Matige film. Maar ja, de film bevat ook weer net te veel leuks om hem finaal af te kraken.

Creature Below, The (2016)

Tja. Een veelbelovende plot en een leuke filmposter. Daar kreeg ik op voorhand wel trek van.

Naderhand is het hongergevoel echter allesbehalve gestild. Met slechts een paar aardige momenten film, verdient deze productie niet direct de classificatie voldoende. De uitvoering deugt simpelweg niet genoeg.

Laat ik beginnen met wat er wel deugt. De sfeer deugt. Met hele beperkte middelen slaagt men erin een redelijk creepy en ongemakkelijk sfeertje tot stand te brengen. Wat geluidseffectjes, wat spelen met licht en donker en een viezig filtertje op de lens doen bescheiden wonderen.

Het verhaaltje heeft niet veel om het lijf, maar herbergt wel iets van mysterie waardoor het kijken net draaglijk genoeg blijft. Dat kijken ging trouwens gepaard met forse inzakmomenten, die steeds net op tijd overgingen in bescheiden opschrikmomenten. Zwaar was het wel.

Het acteerwerk viel me mee. Niet heel hoogstaand, maar net voldoende geloofwaardig om in het verhaal mee te kunnen gaan.

De score is verschrikkelijk irritant. Synthesizerachtige klanken die het oor pijnigen. Volkomen onnodig. Zelfs met een laag budget moet dat toch beter kunnen. Onbegrijpelijk en heel pijnlijk.

Matige film. Net geen bagger,

Creature from the Black Lagoon (1954)

Alternatieve titel: Het Monster van de Amazone

Een film van Jack Arnold. De regisseur die in de Jaren 50 de wereld verblijdde met geweldige science fiction films als It Came from Outer Space (1953), Tarantula (1955) en The Incredible Shrinking Man (1957). Prachtfilms, gemaakt met geringe financiële middelen, maar met hele behoorlijke scripts, aangename speciale effecten en gemaakt in stemmige zwart-wit cinematografie.

Uit 1954 stamt The Creature from the Black Lagoon. En deze film hoort zeker in het illustere rijtje van hierboven thuis. Een klassiek verhaal dat natuurlijk in de eerste plaats spannend amusement is, maar dat tevens iets de diepte ingaat als de film de ambivalente verhouding tussen monster en mens (laaghartig versus nobel) af en toe aan de orde stelt. Een avonturenfilm met een snufje psychologische beschouwing, die je overigens niet hinderlijk door de strot wordt geduwd.

Het monster dat eigenlijk eerder als een vergeten richting in de evolutie van de mens wordt voorgesteld, doodt mensen die zijn territorium bedreigen. Hij acteert vanuit een overlevingsdrang. Daartegenover staat de mens als toppunt van de evolutie. De mens die zich parasitair gedraagt en heel arrogant een leefgebied infiltreert uit hoofde van de wetenschap. In de zwarte lagune zijn zij de indringers, terwijl het monster zich slechts verdedigt. Nou ja, in beginsel dan, want het monster raakt zeer gecharmeerd van het vrouwelijke personage in het wetenschappelijke gezelschap. Opeens blijkt het overlevingsmechanisme niet meer de enige drijfveer van het creatuur te zijn, maar wordt er een menselijke beweegreden aan toegevoegd. Het monster maakt in de film als het ware een minieme evolutie door. Een beetje als King Kong, maar dan in de zwarte lagune.

De film krijgt vanaf dat moment zweempjes melancholie en romantiek te verwerken. Het verlangen naar liefde en gezelschap bepaalt meer en meer het gedrag van het monster. Logisch, als je jarenlang in je eentje wat op en neer hebt gezwommen in een zwarte poel. Ik begrijp dat monster wel. Zijn hartstocht manifesteert zich in (voor mij) de mooiste scènes van de film als vrouw en monster zich op balletachtige wijze synchroon in het water voortbewegen. De scènes onder water zijn zonder uitzondering trouwens erg mooi om te zien. De scènes verlenen de film, die verder behoorlijk recht-toe-rechtaan is, een magisch en bijna vrolijk tintje.

De onderwaterscènes zijn overigens niet het werk van Jack Arnold, maar van James C. Havens. Een man die gespecialiseerd was in (onder)watersequenties en als partieel regisseur een aardig lijstje films achter zijn naam heeft staan, waaronder '20.000 leagues under the sea (1954)' en 'Mutiny on the Bounty (1962)'.

The Creature from the Black Lagoon is een leuke film. Ik heb hem eerder ooit eens op een Duitsche zender gezien. Nagesynchroniseerd. Ik vond hem toen wel ok, maar focuste mij toen heel erg op het monster, dat ik niet eng vond. Ik was daar lichtelijk teleurgesteld over. Ik vond de film zelfs aan de saaie kant. De herziening na al die jaren in de oorspronkelijke taal en aangevuld met een filmische interesse die nu gelukkig verder reikt dan de focus op een monster, beviel mij bijzonder goed.