- Home
- leatherhead
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten leatherhead als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Fabuleux Destin d'Amélie Poulain, Le (2001)
Alternatieve titel: Amélie
Een film om bij weg te dromen.
Twee uur lang neemt Jeunet je mee in z'n sprookjeswereld. De wereld van Amélie, waarin alles harmonisch en lieflijk is. Audrey is uiteraard perfect gecast, zet een erg sterke prestatie neer en maakte het me onmogelijk om niet zo nu en dan een glimlach op m'n gezicht te laten verschijnen. Haar zoektocht naar Kassovitz, die het ook goed doet, is uiterst leuk om te volgen en zit vol met leuke, originele vondsten en komische insteken.
Filmisch steekt het ook erg goed in elkaar. Editing en camerawerk zijn leuk en fris, maar vooral visueel is de film bijzonder mooi, waarin voornamelijk het kleurgebruik erg opvalt door veel gebruik van rood en groen-achtige kleuren, wat de film een soort eigen visuele stijl meegeeft. Soundtrack is al even prachtig (vooral die pianomuziek, wat mooi
) en sluit perfect aan bij de film, die zich door al deze genoemde elementen als een waar kunstwerkje tentoonstelt.
Zoals sprookjes horen te zijn wat mij betreft. Magische film, die je met erg fijn gevoel achterlaat, maar toch ook de meeste echte ''clichés'' weet te vermijden. Dikke 4,5*.
Fantasy Island (2020)
Alternatieve titel: Blumhouse's Fantasy Island
Matig Blumhouse-vehikel, al is het wat mij betreft gewoon de zoveelste. Dat exact deze film compléét gefileerd wordt vind ik dan ook niet geheel terecht. De opzet is best leuk, visueel een paar aardige scenes en hoewel de humor zelf ongekend corny is, zijn de convergerende fantasieën best grappig gevonden. Bepaalde elementen en personages zijn ook zó hopeloos cliché en doorzichtig dat het juist wel weer vermakelijk wordt. Die wannabe soldaat die zijn vader wilt eren was er bijvoorbeeld echt teveel aan, of wat te denken van Rooker die als een soort verwilderde budget-Rambo rondbanjert. Verder zijn ook de momenten waarop de film wat sentimenteler wilt worden ronduit hilarisch (slecht), maar juist daarom ook best amusant.
Jammer genoeg wordt de opzet niet echt optimaal benut, stelt de horror geen ruk voor en gaat de film zoals boven mij al beschreven finaal de fout in tijdens de tweede helft. Het is met name een spervuur aan ridicule twistjes en onthullingen die de lol wat in de weg komt te zitten en ervoor zorgt dat het hele slotstuk wat saai aanvoelt. Het verhaal sloeg überhaupt al als een tang op een varken, dus geen idee waarom ze er nog zoveel aandacht aan wilde besteden.
Allesbehalve hoogstaand dus, maar juist de flagrante smakeloosheid van deze film kon me op momenten wel bekoren. Daarvoor een kleine 2,5*.
Fargo (1996)
Niet al te veel van verwacht na The Big Lebowski, maar hij beviel me wel.
Gelukkig is het lompe, ''coole'' gescheld en de flauwe onderbroekenlol uit The Big Lebowski niet zo vertegenwoordigd in deze film, al een hele opluchting. In plaats daarvan is de humor in Fargo een pak droger, en bij vlagen zelfs wat (licht) zwartgallig. Het ligt mij in ieder geval veel beter. Acteurs als Macy en Buscemi zijn uiteraard perfect gecast, aangezien ze zo'n beetje de ultieme kop hebben voor dit soort droge, komische rollen.
Het is over het algemeen wel nog wat braaf allemaal, had best nog een tandje hoger gemogen van mij, maar gelukkig maken enkele scenés en de goede acteerprestaties dit wel goed. Visueel is het verder niet bepaald indrukwekkend, maar toch merk je wel dat er een bepaalde stijl aanwezig is. Een beetje leeg en kaal allemaal, wat eigenlijk juist wel bij het droge sfeertje past.
Helemaal niet verkeerd dus, 3,5*.
Fashionista (2016)
Niet Rumley's wildste film, wel zijn meest consistente. Ijzersterke sfeerzetting, duister sounddesign en een soms verwarrend doch fascinerend plot. Het hele fetish aspect zorgt voor een interessante invalshoek, al had het wel wat beter verbeeld kunnen worden. Hoeft niet meteen a la Cattet & Forzani maar een beetje meer audiovisuele versterking had het verschil kunnen maken.
Er is één scene waarin Rumley als vanouds losgaat en die zit zo'n twintig minuten voor het einde; het stuk waarin April finaal doorflipt. Heerlijk geschift moment. Daarna neemt Rumley toch weer wat gas terug en krijgt de film zowaar een soort Lynchiaanse airtje met de gedaanteverwisseling. De rode draad is me wel duidelijk, maar er blijven genoeg vragen onbeantwoord. Anyhow, erg fascinerende film die inderdaad uitnodigt tot meerdere kijkbeurten. Gelukkig krijgt-ie ook in Nederland een release als het goed is. Kleine 4*.
Fear and Loathing in Las Vegas (1998)
Fear and Loathing doet me denken aan die ene ladderzatte 'vriend' die op feestjes steeds weer krampachtig zo leuk en grappig mogelijk probeert te zijn. Tevergeefs natuurlijk, want eigenlijk zet hij enkel zichzelf schromelijk voor lul en zit iedereen zijn gestuntel met plaatsvervangende gene aan te gluren. In het meest positieve geval is de zielige zatlap dan na zo'n halfuurtje zo uitgeput dat-ie door z'n hoeven zakt en door een paar empathische omstanders afgevoerd wordt.
Maar dat hoef je bij Fear and Loathing niet te verwachten, want Depp en Del Toro gaan gewoon lekker twee uur lang door met uitstorten van flauwe puberale onzin en de meest geforceerde (mislukte) pogingen tot 'wackiness'. En het is niet eens dat ik niks heb met trippy, lsd-achtige films (integendeel!), maar als ik een écht intense, hallucinante en roesverwekkende film wil zien kijk ik Enter the Void wel. Of, misschien een beter vergelijk, Natural Born Killers. Dit gepruts van Gilliam was vooral slaapverwekkend, daar waar ik gehoopt had op een chaotische, drukke en intense rollercoaster van een film.
Ik zou verder ook niet weten wat hier audiovisueel zo geweldig aan moet zijn. Goedkope kauwgombal-estethiek, duffe soundtrack, en 'trip' scenes die vormgegeven worden door middel van lelijke effectjes en een hoop rubber.
Heb zelden een film meegemaakt die dankzij de uitwerking zó erg het averechtse effect bewerkstelligt van wat het hoopt te doen. Als dit daadwerkelijk is hoe een gemiddelde trip eruit ziet, zijn drugs maar saai. 1*, zielige film wat mij betreft.
Fear Street: 1994 (2021)
Alternatieve titel: Fear Street: Part One - 1994
Beetje flauw slashertje. Het retro 90s sfeertje is het net niet, net zoals de poging de boel op te leuken met een hoop neon lichtjes. Het oogt wat plastiek allemaal en constant liggen de vergelijkingen met films die dat al veel beter deden op de loer.
Wel leuk is het hele Shadyside vs Sunnyvale gegeven, dat geeft de film dan weer wél het nodige karakter. Personages zelf zijn helaas wel wat aan de saaie kant en ook de killers konden niet geheel overtuigen. Zal ook wel te maken hebben met de overvloed aan makkelijke knipoogjes en referenties die me gaandeweg wat gingen vervelen. Een paar opvallend leuke kills wel, met de broodsnijder als hoogtepunt. Haalt het geheel nog wat omhoog, maar al bij al een wat halfbakken en zoutloze 90s ode. 2,5*
Fear X (2003)
Refn maakt wederom indruk.
Heerlijke film, eentje die me voor een keer weer eens écht aan het scherm gekluisterd hield. Inderdaad doet het veel denken aan Lynch, de verwarde kop van Turturro deed me in bepaalde shots zelfs wat aan Eraserhead denken. Met het mysterieuze sfeertje zit het hier dus ook helemaal goed. De sfeervolle setting (het hotel), wat kenmerkende Refn belichtingen, en een sounddesign van jewelste vormen hierbij de belangrijkste schakel.
Turturro bewijst uit het juiste hout gesneden te zijn voor dit soort rollen, de rest van de schare acteert op een adequaat niveau mee. Grappig ook om die vader uit Dexter eens te zien. Wat het hele verhaal achter de film betreft: geen hogere wiskunde lijkt me. Redelijk simpel, edoch doeltreffend. Bovendien niet per se noodzakelijk om te kunnen genieten van dit sfeervolle werkje, aangezien de film gelukkig meer is dan louter een puzzeltje.
Refn heeft me nimmer teleurgesteld, en deze Fear X brengt daar geen verandering in. Klasse. 4,0*.
February (2015)
Alternatieve titel: The Blackcoat's Daughter
Serieus creepy bij momenten. Nét wat meer visuele zeggingskracht had voor 4* kunnen zorgen, maar een ruime 3,5* zit er dik in. Mysterieus werkje dat door middel van geweldig gebruik van soundtrack en lome pacing een ongemakkelijk sfeertje weet te scheppen. En inderdaad, zelfs gedurende de meest alledaagse, simpele momenten merk je dat. Zal Perkins zeker in de gaten houden.
Feed (2005)
Jammer.
Twee dingen houden dit onsmakelijke werkje enigszins op de been: een gestoord maar fascinerend onderwerp en in mindere mate de visuele uitwerking. Daarbuiten volgt de film een redelijk bekend politiethriller patroon, inclusief clichématige sociopaat en devoot die buiten het boekje treed om een 'zaak' op te lossen.
Helaas laat de film het op het gebied van soundtrack vaak wat afweten en is het acteerwerk van dubieus laag niveau. De beslissingen van die agent waren vaak ook niet al te snugger, zo is het nou niet bepaald een wereldplan om even lekker aan de koffie te gaan zitten met een geestengestoorde seriemoordenaar. Het grootste deel van zijn pluimen verliest de film echter pas tijdens de afwikkeling van het plot, daar verzuipt de film bijna in potsierlijkheid. Behoeft geen nadere uitleg dunkt me.
Geen verkeerde poging maar had véél meer ingezeten. 2,0*.
Fehér Isten (2014)
Alternatieve titel: White God
Waar de film het eerste uur een tamelijk clichématig traject aflegt, ontpopt Fehér Isten zich op de valreep tot een heel aardige film. Uit het eerste gedeelte had de nodige bagage geknipt mogen worden, maar zodra het hondenleger aan het moorden slaat laat de film zich als een ludieke actie/horrorflick kennen.
Knap gemaakt ook, weinig tot geen CGI gespot. Met voorts een eindshot waar je gerust U tegen mag zeggen. Des te spijtiger is het alleen dat de regisseur niet voor een wat economischere speelduur ging, want na een pover eerste uur stevent het toch nog op iets leuks af. 3,0* sterretjes.
Felt (2014)
Sterke film weer van Banker. Toch wel even iets anders dan het eveneens fraaie Toad Road, al vind ik ze kwalitatief gezien niet ver uit elkaar liggen.
Van het kennelijke trauma waar Amy mee te kampen heeft wordt slechts het tipje van de sluier opgelicht; voor grootschalige karakteruitdieping en sluitende explicaties kun je dus beter elders wezen. Veel deert het ook niet, sterker nog, het komt het mysterieuze in de film des te meer ten goede. Everson zet haar gekrenkte personage verder treffend neer, al zal menigeen ongetwijfeld moeite hebben met de eigenaardige - bij wijlen tegen het kluchtige aan - trekjes die ze af en toe bezigt. Je maag moet bestand zijn tegen wat bizarre, obscene taferelen, so be warned.
Visueel vergelijkbaar met Toad Road, evenals de soundtrack, die soms ontzettend sfeervol klinkt, maar op andere momenten aanvoelt als ietwat identiteitsloos piano-getokkel. Voor de rest zit de film - hoewel onloochenbaar sterk - wel een klein beetje met hetzelfde 'euvel' als Toad Road opgescheept; Banker refuseert het kennelijk nog om het voetje écht van de rem te houden. Er hoeft natuurlijk geen bombast bij te komen kijken, maar af en toe bleef de film, voor mij gevoel, iets teveel aanzwalpen in zijn low-key, indie sfeertje.
3,5*.
Femme Qui Se Poudre, La (1972)
Alternatieve titel: The Woman Who Powders Herself
L'Ange meets Begotten. Fijn experimenteel werkje, met name richting het einde toe best intens. Soundtrack beviel me een stuk beter dan in L'Ange en visueel ook zeker de moeite, maar al bij al toch weer net iets teveel herhaling.
Feuten: Het Feestje (2013)
Nog best geinig. Doet inderdaad nogal aan Project X denken allemaal, al vond ik die dan toch wat leuker. Komt vooral doordat de personages daar wat guitiger waren, hier waren ze me af en toe wat te irritant. Broekman dissoneert nogal, Rozenberg is amper uit te staan. Halina Reijn mogen ze wat mij betreft een acteerverbod geven, al werd haar rol godzijdank tot een minimum beperkt. Enige acteur die er écht positief uitsprong was Murck. Zette een leuke rol neer.
Film vermaakt verder wel en duurt gelukkig lekker kort. Maar daarmee is het meeste gezegd. 2,5*.
Field in England, A (2013)
Vond dit vrij weinig. Na het al ietwat teleurstellende Down Terrace en Sightseers lijkt Kill List een zeldzame uitschieter in z'n oeuvre te zijn. Voor mij althans.
Vooral door het eerste uur heb ik me echt heen moeten ploeteren. Door wat oogt als een uit de hand gelopen verkleedpartijtje. Stel saaie, matig vertolkte personages die afwisselend dijenkletsertjes uitwisselen en gewichtig staan te oreren, gehuld in clowneske outfits. De setting is suf en komt voornamelijk over als een makkelijke, veilige keuze. Hoe minder tijdgebonden elementen, hoe goedkoper natuurlijk. Ietwat gechargeerd gesteld had het net zo goed in het heden af kunnen spelen, ware het niet voor slechts de kostuums. Ook de keuze voor het vale zwart-wit lijkt puur laksheid; voor de rest wordt er bar weinig mee gedaan.
Gezien onder andere de Valhalla Rising link had ik verder wat intensers verwacht, maar ook op dat vlak liet de film het nogal afweten. Dikwijls hing er zelfs veeleer een soort jolig sfeertje, oa door een vaak belachelijke soundtrack, die wel afkomstig leek uit één of ander afgedankt fanfare-orkest. Met wellicht een paar uitzonderingen. Het laatste halfuur wil het wat meer vlotten (hoewel ik de trip niet écht fantastisch vond verder), passeert er sporadisch een fraaie scene de revue, om vervolgens weer wat saaitjes te eindigen.
Een ontgoocheling van jewelste dus. Helaas. 1,5*.
Filth (2013)
Weet niet zo goed wat het wilt zijn.
En da's jammer, want enige verwachtingen waren wel degelijk aanwezig. Het duurt sowieso al even voordat het allemaal wil boteren, pas na een klein halfuurtje wordt de film echt op z'n poten gezet. Soms komen er voorts wat geinige scenes langs, maar die momenten komen helaas in minder grote getale dan dat ik verwacht en gehoopt had. Naar het einde toe lijkt er zelfs een soort ommezwaai plaats te vinden waarbij de film prompt in een soort serieuzere, mindfuckerige janboel ontaard. Vond het tamelijk misplaatst, had liever de humor meer in de spotlights willen zien treden.
Dan heb je natuurlijk ook nog de cast; die is al even wisselvallig. McAvoy doet wel z'n best maar vind dat het hem ontbreekt aan de nodige charisma voor een rol als deze. Het beste paard van stal vond ik veel eerder de geweldige Marsan, al speelt zijn hilarische smoel dan ook geen onbelangrijke rol in de komische scenes die uit zijn aanwezigheid voortvloeien. De rest van de personages vond ik lang niet allemaal even leuk, en mogen nog niet in de schaduw staan van die uit een Trainspotting.
Uiteindelijk kent de film zeker in het eerste uur wel een paar lollige jokes, ook met het appetijtelijke Schotse taaltje en de oorbare soundtrack zat het wel snor. Maar helaas vond ik het als geheel nogal wankel en had de humor, over een speelduur van 1,5 uur gespreid, wat prominenter aanwezig mogen zijn. Daarom slechts een kleine 2,5*. Beetje vis noch vlees dit.
Final Girl (2015)
CinemaSins

Verrassend leuk filmpje dit. Kleine variaties op bekende invloeden maken hier het verschil. Shields wist duidelijk wat hij voor ogen had met deze film en zet met veel vertrouwen een thriller neer die in alles nét even wat scherper/origineler uit de hoek weet te komen dan zijn soortgenoten. Visueel sterk, perfect neergezette personages en een slimme, klinische uitwerking van een eigenlijk vrij simpel concept. 3,5*.
Flesh of the Void (2017)
Beetje gemixte gevoelens. Op z'n best is het een heerlijk nachtmerrie-achtige film met hallucinante visuals en een continu aanwezige dark ambient soundtrack. Soms ook lekker noizy en distorted, half werk is het in ieder geval niet. De 'Agony' interlude is een toonbeeld van hoe ik eigenlijk de hele film het liefst had willen zien, erg sterke scene.
Helaas zijn er ook enkele mindere passages, waarin vooral de verwoede pogingen om shockerend te zijn echt volledig de plank misslaan. Ergens snap ik D-ark's opmerking over black metal covers wel. Vooral de kostuums waren soms echt te afgezaagd voor woorden, en dan heb ik het nog geen eens over al het flauwe gedoe met prothese piemels. Er waren ook momenten waarop ik meer het gevoel had naar een soort artistiek opgewaardeerde versie van August Underground te zitten kijken, de pijpbeurt als dieptepunt. Dat zijn van die momenten waarop Quinn het gewoon te hard probeert. Echt slecht wordt het niet want de film herstelt zich steeds weer redelijk snel met een betere scene, maar het geeft de film soms wel onnodig een goedkoop airtje. Dat deed een Begotten dan toch wat beter.
Maar al bij al zeker een interessant werkje en talent kan ik Quinn niet ontzeggen. Vooral de soundtrack is gedurende de hele film echt ijzersterk, zouden meer films uit dit 'genre' een voorbeeld aan kunnen nemen. Misschien is het een groeiertje maar voor nu laat ik hem op 3.5*. De geforceerde shock mag Quinn voortaan gewoon aan types als Lucifer Valentine overlaten, want zijn talent verdient wat mij betreft meer.
Floresta das Almas Perdidas, A (2017)
Alternatieve titel: The Forest of the Lost Souls
Erg mooie arty take op het slashergenre. Vooral de soundtrack, die soms feelgood dromerig is en op andere momenten juist weer agressief op een bijna Irréversible-esque manier, is geweldig. Levert een erg apart contrast op. Het eerste stuk in het bos is heerlijk mysterieus en sfeervol, het slashergedeelte is nergens slecht maar komt soms net wat te conventioneel over en het totale gebrek aan motivatie van de killer vond ik ook een beetje zwak. De eindscene is dan wel weer sterk en kent dezelfde dromerige toon als het begin van de film.
Misschien is het een groeiertje, maar hou het voor nu op een ruime 3,5*. Deed me op momenten ook wat aan The Eyes of My Mother denken, al komt dat waarschijnlijk ook door de Portugese link.
Flowers (2015)
Zeker een interessant werkje. Simpel maar boeiend concept dat eens een andere draai geeft aan het hele serial killer gebeuren. Verder een film die vooral op sfeer leunt en op dat gebied ook regelmatig sterk uit de verf komt. De keuze voor een dialoogloze film werkt wel aangezien de stiltes perfect opgevangen worden door bakken aan sfeervolle ambient. Dit gecombineerd met een lekker loom tempo en sets die bijna ruikbaar zo ranzig zijn, zorgt inderdaad voor een nachtmerrie-achtige ervaring die je simpelweg moet ondergaan. Beetje Buttgereit meets Lynch dan maar?
Stevens doet zoals gezegd een heleboel goed, al blijft het low-budget gevoel voor mij toch een klein beetje in de weg zitten. Zo vond ik de hele sepia-achtige, viesbruine look met name tijdens de meer belichte scenes wat goedkoop overkomen. Vond de film visueel gezien dan ook op z'n best tijdens de wat donkerdere scenes aangezien daar nog sterk met de belichting omgesprongen werd. De scene met de derde vrouw (achter de badkamer) is bijvoorbeeld heerlijk claustrofobisch.
Toch zeker benieuwd naar het vervolg want dat Stevens een regisseur met visie is lijkt me duidelijk. Dikke 3,5* al sluit ik verhoging niet uit.
Flux Gourmet (2022)
Had als geheel misschien wat compacter gemogen, maar verder helemaal het type weirde ''pretentieuze'' arthouse waar ik van hou. Deed me wat aan de Greek Weird Wave films van oa Lanthimos denken, vooral dankzij de deadpan stijl van acteren ten midden van alle weirdness. Gelukkig is deze Strickland audiovisueel wel een stuk interessanter, vooral de geluidsband is echt fantastisch met veel harde noise en aardig wat geëxperimenteer. De eerste ''performance'' scene is echt een hoogtepunt wat dat betreft, maar ook de latere ''scatology'' scene is hypnotiserend sterk. Die Duitse audiotrack eronder ook, haha.
Humor is typisch Strickland en hoewel voor mijn gevoel iets minder prominent dan in In Fabric, kent de film zijn momenten wel. Enige kritiek is dat Strickland zijn films steeds over een nét iets te lange speelduur uit wilt smeren, met iets teveel ''rust'' momenten. Bij In Fabric het geval, ook hier weer. Maar verder lijkt de man met de film beter te worden, dikke 4*.
Follow Me (2020)
Alternatieve titel: No Escape
Vermoeiende herhalingsoefening van The Game die probeert mee te liften op ''hippe'' horrortrends om zo de boel op te leuken. Het is alsof Wernick dacht dat als hij én Escape Rooms én Social Media/vlogging én het hele The Game concept in één film zou stoppen het vast wel wat zou worden. Helaas zijn alle onderlinge elementen echt matig uitgewerkt. De Escape Room is nogal saai vormgegeven, het hele torture gedeelte erg braaf als je het met genre-genoten vergelijkt. En dan die hele Livestream ook, met van die gefabriceerde reacties die zogenaamd naturel zouden moeten overkomen. Tamelijk cringy.
Vond de ''The Game'' twist ook helemaal niet zo goed werken. Ik klaag niet gauw over het realisme-gehalte in simpele genrefilms als deze, maar dit kwam allemaal wel héél gemakzuchtig en lui over. Alsof het er achteraf nog even gauw aangeplakt was. Geen idee ook hoe je bijvoorbeeld die vriendin die bijna verdronk verklaart, maar ach. 1,5* voor wat grappige Russen.
Following (1998)
Erg gaaf apart filmpje.
Lekker sfeervol, mooi gebruik van zwart-wit, goede passende soundtrack en lekker mysterieus. Acteerwerk was ook prima, vooral leuk om te zien hoe de hoofdpersoon steeds meer op Cobb begon te lijken op het gegeven moment.
Verder deed de film me erg veel denken aan Pi (Aronofsky) die me ook erg goed lag. Beetje zelfde soort visuele stijl en soundtrack en ook dat mystieke sfeertje wat daardoor gevormd word. Eigenlijk kan ik er ook niet veel meer over kwijt. Gewoon een erg gave film en denk ik toch m'n favoriet van Nolan tot nu toe, al zal ie waarschijnlijk niet snel meer zoiets als dit maken. 4*
Fortune Cookie (1991)
Studentenfilm van Aronofsky. Stelt allemaal bar weinig voor, duidelijk dat hier nog een amateur aan het werk is. Toch is het ergens nog best vermakelijk, vooral vanwege de nogal stompzinnige humor en de knullige acteerprestaties. Zou me niet verbazen mocht Aronofsky hier met enige schaamte op terug kijken. Die scene op het toilet.. 
Fountain, The (2006)
Minder dan de voorgaande Aronofsky's natuurlijk, maar wel de moeite waard.
Ik zal eerlijk zijn, ik had er na het zien van de film maar weinig van begrepen allemaal. Meestal vat ik thema's en bepaalde boodschappen in films wel redelijk snel, maar na wat uitleg en conclusies gelezen te hebben vond ik het maar wat vergezocht allemaal.
Gelukkig overheersen de positieve aspecten wel enigszins. Zoals wel vaker bij Aronofsky's films is de soundtrack prachtig. Licht dramatisch af en toe, maar toch met veel subtiliteit gebracht. Gedurende de hele film is de muziek dus erg sfeervol, en ook visueel is de film best indrukwekkend, met als hoogtepunt de eindscène. Ook hier voelt Aronofsky goed aan hoe je op subtiele wijze dit soort beelden voorschotelt, zonder er een kitscherige bedoening van te maken.
Audiovisueel erg verzorgde film dus, die me nergens écht weet te raken, maar wel duidelijk zijn kwaliteiten heeft. Voorlopig een 3,5*, al ben ik wel van plan hem eens te herzien.
Frank (2014)
Frank zelf is wel een guitig personage, de rest echter niet. De irritante, neurotische typjes eromheen kon ik maar moeilijk verdragen. Enkele leuke scenes worden afgewisseld met flauwe, geforceerde pogingen tot absurditeit. Want echt bizar wil het nergens worden, 't blijft wat puberaal allemaal. Het enige wat dan nog ontbreekt aan zo'n indie-flick als deze is een stierlijk vervelende soundtrack, en ook daar stelt de film niet teleur. Kleine 2,0*.
Frankenstein's Army (2013)
Gaaf!
Het plotverloop van de film is zo eenvoudig als wat: trosje Russische soldaten (die vrolijk in het Engels kakelen, maar soit) zijn op zoek naar een stel gegijzelde kameraden, en dat gaat natuurlijk niet bepaald van een leien dakje. Ze stranden op één of ander obscure, nazistische fabriek, waarin de notoire Dr. Frankenstein huishoudt. En al gauw stuiten ze op verzet.
Het eerste halfuur van de film is wat aan de saaie kant, maar Raaphorst brengt op tijd leven in de brouwerij en trekt halsoverkop alle registers open. Heerlijk creature design; de monsters komen zowaar echt dreigend over. En de found footage stijl waar ik aanvankelijk nogal sceptisch over was, werpt later in de film absoluut zijn vruchten af. Voornamelijk de hectische achtervolgingen door de morsig uitziende gangen zijn geweldig. De eindscene was voorts niet écht onbevredigend, maar mijn maag had eigenlijk wel zin in nog wat meer vetzakkerij.
Creatieve vent dus die Raaphorst; zo mag hij ze in het vervolg zeker meer gaan maken. Bij aanvang had ik mijn twijfels, maar eens de creaturen ten tonele verschenen was ik het desastreuze acteerwerk allang weer vergeten. Deed ook verdacht veel denken aan Wolfenstein allemaal, vermoedelijk is de regisseur niet onbekend met de reeks. Dikke 3,5*.
Friday the 13th (1980)
Alternatieve titel: Vrijdag de 13e
Snap toch echt niet dat mensen hier een klassieker in zien.
De film zit vol met cliches en slecht acteerwerk maar dat kun je natuurlijk wel van een slasher verwachten. Verder vreselijk irritante soundtrack, saaie personages, moorden zijn saai en zien er slecht uit en dat eerste persoons-perspectief was om te lachen en werkte totaal niet.
Eigenlijk de enige goede scene in de film was dat stuk wanneer die vrouw in de boot zit en Jason uit het water springt en haar naar beneden trekt. Was ook leuker geweest als ze de film daarmee hadden ge-eindigt denk ik.
Fried Barry (2020)
Vond het een nogal lastige film. Er zitten echt geweldige dingen in, maar als geheel weet het gewoon nooit echt de juiste toon/pacing te pakken te krijgen en wilt het teveel van alles wat zijn. Het wordt op ten duur inderdaad ook wat repetitief en de sketchmatige structuur doet de film weinig goed. Voor een film die oorspronkelijk begonnen is als short en veelal op dezelfde ''trucjes'' steunt is 100 minuten ook wel erg aan de lange kant. Vreemde keuze.
Het is vooral frustrerend omdat er hier en daar echt geweldige scenes tussen zitten, zoals de Alien ontvoering of de clubscene. Bepaalde stukken deden me zelfs een klein beetje aan Tetsuo of zelfs 964 Pinocchio denken, al bereikt het jammer genoeg nergens die intensiteit. Vaak worden die scenes alweer gauw afgebroken en schakelt weer naar een volgende sketch. Op die manier weet de film ook nooit echt een sfeertje vast te houden. Jammer en frustrerend, want ergens zit hier best een meesterwerk in denk ik. Het is lekker maf en origineel allemaal, de soundtrack mag er soms absoluut wezen en Green speelt een heerlijke rol (al moet hij het vooral van zijn fysieke vertoning hebben). Mist simpelweg een regisseur die hier echt een sterk geheel van kan maken. Krappe 3,5*
From Paris with Love (2010)
Ach ja, wat ik op voorhand verwachte, was tevens hetgeen wat ik kreeg: een hersenloos, doch amusant actievehikel. Even door de obligate romance heenbijten, en gaan met die banaan. De iets té ostentatief coole Travolta elimineert op z'n dooie gemak een trosje chinezen, waarna de toon acuut gezet is.
Film neemt zichzelf gelukkig ook niet al te serieus, doet Morel goed aan - kennelijk had-ie bijgeleerd na het infantiele 'Taken'. De 'acteurs' hadden er duidelijk zin aan, vooral Travolta mag zich lekker uitleven. Hij laat de bodycount dan ook lekker hoog oplopen tijdens de actiescénes. En passant nuttigt hij een jasmijntheetje; ach, 'why the hell not?'
.
Hoogstaand is het verder uiteraard nergens, wél vermakelijk, met wat schalks geknipoog en amusante humor. De imposante hoeveelheid clichés en onvervalste platitudes neem je daardoor maar op de koop toe. Plezant vertier dus wel. 3,0*.
Frontière(s) (2007)
Alternatieve titel: Frontier(s)
Frontiére(s) is een hele aardige Franse horror, die niks nieuws of origineels bied, maar wel erg leuk is uitgewerkt.
De gelijkenissen met Texas Chainsaw Massacre zijn inderdaad treffend, al heeft die film wel een wat grauwer en realistischer sfeertje. Deze film gaat vaak vooral lekker over-the-top. Alles in de film is lekker goor in beeld gebracht, niet alleen qua geweld en bloederigheid, maar eigenlijk zo'n beetje de hele look van de film is zo. De gore toiletten, de varkensstallen, het modderworstelen, en zo waren er nog wel meer ranzige details.
Visueel steekt de film ook best goed in elkaar. Die blauwe kleurenfilters buiten en de geel-achtige binnen zorgen wel voor een bepaald sfeertje en ook de editing was erg strak. Toch zijn er wel zat betere Franse horrorfilms. Vond die hele familie bijvoorbeeld maar weinig aan, met als dieptepunt die nazi-opa, die trouwens bewijst dat Fransen naast Engels ook totaal geen Duits kunnen. Wel een erg leuke slachtfilm en toch wel 3,5*.
Fucking Åmål (1998)
Alternatieve titel: Show Me Love
Misschien een film die niet bij elk publiek even goed scoort, denk dat jongeren hem over het algemeen wellicht meer kunnen appreciëren, maar mij beviel ie in ieder geval best goed.
Vlotte film, die een simpel maar vermakelijk verhaal verteld, en daarbij het echte sentiment gelukkig achterwege laat. Ik hou daar wel van, zeker bij dit soort (romantische) films. Niet teveel opgeblazen dramatiek en gejank, maar gewoon de boel lekker luchtig houden. Toegegeven echter, de personages kunnen wat stereotype overkomen, en hun beweegredenen vond ik af en toe wat ongeloofwaardig en vergezocht, maar dit alles doet gelukkig niet al te veel afbreuk aan de film.
Je merkt ook dat Moodysson visueel een bepaalde sfeertje probeert neer te zetten. Geregeld word er leuk met belichting gespeeld, wat ook vaak aardig uit de verf komt. Opvallend was de zwoele kleurentint die door de hele film heen vaak terugkomt, wat wel een meerwaarde had in de film aangezien het wel goed paste. Soundtrack is verder wat gemakkelijk, maar nergens storend gelukkig.
Best genoten opzich, leuke feel-good film. 3,5*.
Furies, The (2019)
Fijn genrefilmpje dat net genoeg variatie weet te bieden op een bekende opzet. Al komt het hele 'Beast & Beauty' concept wel pas richting het einde echt tot bloei. Verder genoeg mindless genrepret, wat sappige gore, gave kills en ook nog best aardig geschoten af en toe. Enkel de nogal vreemde revenge/reveal scene op het einde had van mij echt niet gehoeven, geen idee wat zoiets nou toevoegt. Beetje jammer is dat wel, zeker aangezien dit voor de rest een film is die efficient met zijn tijd omgaat en weinig loze verhaal-elementen betrekt. Zonder dat flauwe slot had er wel een kleine 3,5* ingezeten, nu hou ik het op een ruime 3*.
