Meningen
Hier kun je zien welke berichten Woland als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
C.H.U.D. (1984)
Een meesterwerk had ik niet verwacht, maar bij een B-film als dit mag je toch wel enig vermaak verwachten. Dat viel redelijk tegen. Sterker nog, ik heb zo na een half uur, drie kwartier meerdere malen met het idee gespeeld om 'm af te zetten, omdat er echt helemaal niets spannends of interessants gebeurde. Bij een film als dit lijkt het me van de zotte dat pas na een uur er een klein beetje actie loskomt, toch is dat bij C.H.U.D. helaas wel aan de hand. En je zou toch zeggen dat de riolen van New York toch genoeg potentie bieden voor wat claustrofobische narigheid. Gemiste kans. Gelukkig wordt het vanaf pak 'm beet een uurtje wel wat leuker, als de monsters vanuit de riolen eindelijk wat dood en verderf gaan zaaien. Het eindigt dan weer op een onzettende B-film-manier, met onzinnige explosies en alles wat net op z'n pootjes terechtkomt. Verder wel redelijk qua acteerwerk, capabel of film gezet voor een jaren 80 B-horror, aardige monsters, maar een dodelijk saai en veels te lang eerste uur verpest de film behoorlijk. Twee sterren.
Cabin Fever (2002)
Ik ga meestal niet zo goed op Eli Roth. Maar goed, ik was toch wel benieuwd naar deze. Om het positief te houden, het viel me best mee, maar dat komt ook omdat mijn verwachtingspatroon heel laag was - zowel Hostel als Green Inferno waren echt ontzettende boutfilms. Cabin Fever is verder een heel erg standaardhorrortje. Met een groepje vrienden (m/v) die gaan kamperen in het bos, en uiteraard gaat het niet goed op verschillende manieren, al hebben die verschillende manieren allemaal te maken met het uitbreken van een nare bloederige ziekte. De ontwikkelingen in de film slaan als een tang op een varken, van alles escaleert op belachelijke en bloederige wijze, en behalve dat de dames er fraai uitzien is er niks opzienbarends of interessants aan de vriendengroep in de hoofdrol. Maar goed, met verstand op nul is dit best uit te zitten, er gebeurt genoeg en er zijn wel wat leuke bloederige scenes. Niet écht veel soeps en behoorlijk formulaisch en middle-of-the-road, maar wel beter dan wat ik eerder van Eli Roth zag.
Cabiria (1914)
Alternatieve titel: Cabiria, Visione Storica del Terzo Secolo A.C.
Dit is de oudste film die ik gezien heb waarin ik qua film op momenten ook echt onder de indruk was. Bij Cabiria begint het echt op een moderne film te lijken, met spektakel, spanning, een plot, en een filmaanpak waarin je niet naar een serie losse scenes zit te kijken. Cabiria is een groots opgezet, episch werk uit 1913, en alleen daarom is het al de moeite waard. Het speelt zich af tijdens een van de Punische oorlogen, en de film biedt een hoop spektakel in een aantal verschillende en nogal meanderende verhaallijnen. Cabiria is een Romeins meisje dat door de Carthagers ontvoerd wordt om te offeren aan hun god Moloch, maar zij wordt gered door de Romein Fulvius Anxilla en zijn hulp Maciste. Verder volgen er nog vele ontsnappingen, zoektochten, veldslagen (waarbij de zeeslag bij Syracuse best tof gedaan is), een romantisch subplot van een Carthaagse prinses, enzovoorts, waarbij op een gegeven moment de relevantie voor het plot allemaal niet even duidelijk meer was. De plotwendingen dienden vaak ook vooral als excuus om er wat spektakel in te gooien, met wederom een ontsnapping, een veldslag, een vulkaanuitbarsting of andere ramp tot gevolg.
Maar goed, alleen al voor de indrukwekkende decors en de kostuums is Cabiria de moeite waard. De tempel van Moloch bijvoorbeeld was echt indrukwekkend, het deed me ook erg denken aan de Temple of Doom van Indiana Jones. Zeker het eerste half uur is daardoor erg geslaagd, later verzandt het in een overgecompliceerd plot waarbij ik na de zoveelste ontsnapping of achtervolging er wel een beetje klaar mee was. Toch een indrukwekkend epos, een blockbuster van zijn tijd, en ondanks de duidelijke gebreken biedt het meer dan genoeg vermaak.
Cable Guy, The (1996)
Ik ben geen echte Jim Carrey-fan, maar er zijn best wel wat films van hem die ik best kan smaken. En niet alleen z'n serieuzere rollen, maar ook wel wat van z'n overdreven onderbroekenlol. Helaas valt The Cable Guy daar niet onder. Jim Carrey is weliswaar wat overdreven, met een irritante slis, maar de rest van de film is behoorlijk drakerig. Het is tussen de fratsen van Jim Carrey door gewoon ontzettend saai, ook niet zo vreemd met Matthew Broderick in de hoofdrol, en de fratsen van Jim Carrey zijn ook al niet zo leuk in deze film. De grappen werken ook niet eccht, maar goed, ik zie nu dat Ben Stiller de film regisseerde dus daar gaat het denk ik mis. Jammer, er had wel een aardige stalker-film ingezetten, of gewoon een over-the-top wel grappig Carrey-vehikel, maar dat is het allebei niet geworden.
Calcutta (1969)
Ik ben maar matig enthousiast over Calcutta, eerlijk gezegd. Er zitten wel wat interessante beelden in natuurlijk, maar het is vooral een beeld van het dagelijkse leven in Calcutta, met weinig lijn en beperkt commentaar. Weliswaar beelden vanuit allerlei klassen van golfende rijkelui tot straatarme sloppenwijkbewoners die er tussen de riolen in het beste van proberen te maken. Het interessantste werd het bij somige van de religieuze rituelen, waarin in ieder geval een wat verrassender aspect van India (voor mij) werd getoond. Maar ik heb nauwelijks het idee dat ik nou echt iets opgestoken heb, hier; en de plaatjes waren mooi, maar ook weer niet heel mooi. De films van Malle liggen me toch beter.
Call Me by Your Name (2017)
Call Me By Your Name is natuurlijk uitstekend ontvangen, en is de afgelopen jaren een lieveling van het filmhuispubliek geweest. En een slechte film is het verre van, maar ik kan nou niet zeggen dat dit echt geweldig beviel. Vooropgesteld: het acteerwerk is eigenlijk zonder uitzondering sterk, waarbij met name Timothee Chalamet overtuigt. En Italië is natuurlijk een prachtige locatie voor mooie beelden, met landhuizen, fraai platteland en dito historische steden.
Maar toch, ik vond de film wat gekunsteld overkomen. De setting was fraai maar ook wel overdreven idyllisch. En uiteindelijk is deze film over de coming-of-age van Elio en zijn eerste zinderende liefde regelmatig storend traag. Het helpt dan ook niet dat Elio geregeld als een vervelend, arrogant mannetje uit de hoek kwam. Natuurlijk, het is ook een onzekere tiener, maar het helpt niet om je in zijn gevoelens te verplaatsen. Alsnog zijn er genoeg fraaie momenten en is het een hele tedere oprechte film, maar ook zeker in de eerste helft genoeg momenten waar wat mij betreft wel wat gesnoeid had mogen worden. Deze dik twee uur had wat mij betreft niet gehoeven.
Camp de Thiaroye (1987)
Kijk, daar kunnen ze in Nigeria wat van leren. Camp de Thiaroye is een interessant en boosmakend stukje geschiedenis, waar ik nog niet bekend mee was maar waar ik gezien de koloniale historie van (in dit geval) Frankrijk ook niet heel verbaasd over ben. In de Tweede Wereldoorlog vochten aan Franse zijde ook vele koloniale troepen, en in dit geval betreft het Senegalese divisies. Maar terwijl zij meevechten in Europa, regeert Frankrijk nog altijd met harde hand in Afrika en zodra de oorlog afgelopen is worden de Senegalezen bij terugkomst gepiepeld, afgeknepen en gekleineerd. Hier volgen we het repatrieringskamp Thiaroye, waar de soldaten als derderangs burgers behandeld worden en gemaakte afspraken keer op keer verbroken worden. Als zij dan langzamerhand voor zichzelf op gaan komen slaan de Fransen met harde hand terug en richten zij een slachting aan onder de Senegalese troepen.
Zoals ik al zei, een interessant stuk geschiedenis dat alleen al daarom de moeite waard is. Maar puur als film is het niet altijd even geweldig. Veel van de acteurs komen allesbehalve naturel over, en de karakterisering van zowel de Senegalezen als de goede én slechte Fransen is allemaal wel erg vlak. De film speelt zich ook grotendeels af in een kamp, en dat levert dan ook niet hele interessante beelden op, behalve uiteraard de portrettering van de Senegalese soldaten en hun doen en laten. En uiteindelijk sleept de film toch wel behoorlijk; met een half uur minder was er niets van de onderliggende sterkte van het verhaal gesneuveld, maar was het allemaal wel een stuk puntiger geweest. Desondanks een ruime voldoende voor Camp de Thiaroye: 3.5*
Campana del Infierno, La (1973)
Alternatieve titel: A Bell from Hell
Best aardige thriller van Spaanse bodem. Een jongeman komt uit het gesticht, waar hij onterecht in is gekomen door toedoen van zijn tante en nichtjes (volgens mij?) - en dat vindt hij niet zo leuk natuurlijk. Het eerste uur is behoorlijk traag, met ook een paar rare scenes (zoals die scene bij het meer), al worden er nog wel een aantal aardige practical jokes uitgehaald en wat speldeprikjes uitgedeeld. In het laatste half uur gebeurt er alweer een stuk meer, al blijft de film qua naakt, gore en bloed erg bescheiden. Behalve dan een aantal uitgebreide slachthuisscenes. Ik vond de film ook nog wel wat warrig op momenten, zeker op het einde kon ik niet altijd plaatsen wat er nou precies aan de hand was. Alsnog, geen verkeerde film om eens meegepakt te hebben, ook vanwege de toch wel aardige sfeer.
Cannibal Ferox (1981)
Alternatieve titel: De Kannibalen Vallen Aan
Het begint allemaal als een wat flauw aftreksel van Cannibal Holocaust: een zelfde verhaal waarbij een groepje blanke Amerikanen de jungle intrekt (om iets andere redenen), wat in het begin al wordt 'opgeleukt' met wat slechte grappen en slapstick. De blonde doos en haar douche-aanbieder, het huisdiertje, het belerende academische tutje, en al gelijk een ongelukje bij het eerste het beste dier dat ze zien. Het is nogal een ongeloofwaardig incompetent stelletje expeditiegangers. Maar in no time zitten ze schijnbaar diep genoeg in de jungle om de kannibalen tegen te komen, en niet alleen dat, ook nog twee andere New Yorkers (klein wereldje die jungle, schijnbaar) die zich nogal misdragen hebben tegen de lokale Indianen.
Helaas is ook deze kannibalenprint nou niet gemaakt door een dierenliefhebber - we zien al snel hoe een slang uitgebreid een ander beest aan het wurgen is, niet heel veel later is een slang aan de beurt om door een hagedis doodgebeten te worden, wederom een schildpad die met bruut geweld geslacht wordt, en gedurende de film zien we wel vaker beestjes geslacht of opgegeten worden. Op dat vlak is het misschien nog wel een graadje erger dan Cannibal Holocaust.
Wat je ook van het dierengeweld vindt, ook daarbuiten is het niet zo'n hele geweldige film. Het is een vooral een parade van gore en buitensporig geweld (inclusief bovengenoemd dierenleed), een paar blanken die zich misdragen tegen de kannibalen en de kannibalen die wraak nemen, echt heel slecht acteerwerk en zeker in het begin nogal wat flauwe grappen. Dat past wat mij betreft totaal niet in wat later een veel grimmigere film wordt. Als in de tweede helft de kannibalen los gaan wordt het nog wel enigszins te genieten, maar uiteindelijk blijft het een mindere variant van Cannibal Holocaust, wat voorlopig toch de ultieme kannibalenfilm blijft voor mij.
Cannibal Hookers (1987)
Alternatieve titel: I Will Dance on Your Grave: Cannibal Hookers
Tijd voor kwaliteitscinema in huize Woland. De titel zegt al vrij veel denk ik, en als je de IMDb-score erbij pakt weet je helemaal genoeg. In Cannibal Hookers gaan we terug naar de studententijd. Je weet wel, die goeie ouwe tijd dat je bij een dispuut wilt, maar alleen toegelaten wordt als je eerst als hoertje klanten gaat verleiden om ze vervolgens dood te maken en op te (laten) peuzelen. Vervolgens is er nog een of andere kannibaal van middelbare leeftijd die iets met die sorority te maken heeft, maar wat, geen flauw idee. Hij komt in ieder geval regelmatig interrumperen. Uiteindelijk komen er ook nog zombies de hoek om kijken. Jullie begrijpen, het is een hoogstandje. Het is verder heel erg low budget jaren '80, met goedkope 'gore' die bijna volledig buiten beeld blijft en een cast met echte jaren '80 kapsels die in ieder geval niet om hun acteertalent zijn ingehuurd. En toch heb ik me best vermaakt met deze onzin. Het slaat nergens op en het ziet er niet uit, maar toch heeft het wel wat. Al ga ik de remake even overslaan, denk ik.
Cape Fear (1991)
Leuk, dacht ik. Cape Fear. Scorsese, heb ik nog niet gezien, dat wordt een leuk avondje. Dacht ik. Niet dus. Het kan niet altijd raak zijn, maar Cape Fear viel me toch wel heel erg rauw op m'n dak. Ik kon hier helemaal niks mee.
Het verhaal van Cape Fear is simpel: gestoorde psychopaat komt vrij, en wil wraak nemen op z'n advocaat. Het probleem is dat de hele film een compleet gebrek aan elke vorm van subtiliteit toont. Het beste voorbeeld is de psychopaat in kwestie: Robert de Niro als Max Cady. De Niro probeert keihard een psycho-tokkie te zijn, maar is daar helemaal het type niet voor. Maar niet alleen is Cady een compleet overdreven psychopatische hillbilly, ook switch hij als het nodig is naar een charmante intellectueel met volop emotionele manipulatie-skills, smijt hij met Bijbelcitaten, om vervolgens Dr. Moriarty-niveau overgecompliceerde plannen te bekokstoven die natuurlijk allemaal precies uitkomen zoals gepland. En natuurlijk is hij ook nog fysiek iedereen de baas. Zo irritant over-the-top, ik zie 'm zo met een pink in z'n mondhoek om een miljoen dollar vragen.
De rest van de cast bakt er eigenlijk niet heel veel meer van. Nolte is een grijze muis, Illeana Douglas pakt de prijs voor meest irritante filmkarakter die ik in tijden heb gezien, Juliette Lewis speelt aardig maar haar gedrag in de film slaat als een tang op een varken, en het hele script hangt van onwaarschijnlijkheden aan elkaar - Max Cady lijkt de voorzienigheid zelve in hoe al zijn plannetjes uitpakken. De ongetwijfeld bedoelde angst en claustrofobie die de rond zijn prooi cirkelende Cady op zou moeten roepen, kan ik geen moment serieus nemen met zo'n karikatuur als Cady als bad guy. En als vehikel voor morele dilemma's over goed en kwaad, en recht en onrecht en het recht in eigen handen nemen als je verder niets meer kan, ook op die wijze komt het bij mij niet over. Dit soort superhelden-achtige karakters, zelfs als het bad guys zijn, verpesten de film voor mij volledig. Omdat het toch nog wel aardig gefilmd is en het af en toe een beetje spannend is: geen minimumscore, maar heel veel hoger dan dat kom ik niet. Omdat ik me van de twee uur toch zeker anderhalf heb geirriteerd: 1.0*.
Captain Blood (1935)
Een Hollywood-blockbuster uit de oude doos. Captain Blood is leuk, licht vermaak, nergens verrassend maar desalniettemin lekker doorstomend. Captain Blood is een piratenfilm uit de jaren '30, en was schijnbaar de doorbraak van Errol Flynn; daarnaast zien we ook andere bekende gezichten als Olivia de Havilland en Basil Rathbone. En zoals het een piratenfilm betaamt zien we alle te verwachte elementen terug. De piraterij wordt (uiteraard) geromantiseerd waarbij Captain Blood een eerzaam, eerlijk man is met scherpe tong die door omstandigheden gedwongen is te rebelleren tegen de tirannie van de Engelse koning. Met zijn gezellige bende aan medestrijders toert hij door het Caribisch gebied, met natuurlijk grootse kapingen, zwaardgevechten, een wat minder eerzame rivaliserende piraat, en natuurlijk een damsel in distress. Echt, het zou zo een jaren '30 Pirates of the Caribbean kunnen zijn, maar dan zonder het overdreven gedoe van Johnny Depp en zonder bovennatuurlijke zaken. Leuk om eens zo'n echte ouwe swashbuckler te zien, weliswaar met zat clichés maar uiteindelijk gewoon een prima gemaakte avonturenfilm. Zelfs met het wat overdreven Hollywood-einde.
Casa dalle Finestre Che Ridono, La (1976)
Alternatieve titel: The House with Laughing Windows
Ik had hier, op grond van de verhalen die ik zo her en der gelezen had, wel hoge verwachtingen van. Sfeervol, mysterieus, mooi gefilmd, het klonk interessant en in het algeheel als het type film wat ik goed zou moeten kunnen waarderen. Helaas was het toch een beetje een tegenvaller, door de bank genomen. En voornamelijk zijn het lage tempo van de eerste helft waarin weinig gebeurt terwijl ook niet echt een pakkend mysterie wordt gecreeerd, en het uiteindelijke plot wat op mij vrij warrig overkwam, daar de oorzaak van.
We volgen een restaurateur die naar een Italiaans plattelandsdorpje wordt gestuurd, om een beschadigd en incompleet fresco van de schilder Legnani te restaureren. Legnani blijkt nogal een morbide figuur geweest te zijn, die in het recente verleden samen met zijn zusters dubieuze praktijken er op nahield. En wat heeft dit allemaal te maken met de zich raar gedragende figuren in het dorp, de vreemde dreigtelefoontjes, en in de loop van het verhaal de moorden die plaatsvinden? Dit klinkt als een groep ingredienten waar potentieel wel een interessant mysterie van te bakken is. En toegegeven, sfeer heeft de film wel een beetje, al maakt de setting op het Italiaanse platteland en dorpsleven dat relatief gemakkelijk. Maar het verhaal vond ik wat flauw en gezocht, en hoewel ik traag op zich prima kan waarderen, sloeg deze film vaker dan me lief was door naar saai. De film lijkt ook wat slordig ge-edit, met vaak wat rare overgangen, met weinig echt interessant film- of acteerwerk. De laatste twinting minuten zorgden nog wel voor wat meer spanning mede doormiddels van een leuke twist, en dan is het jammer dat de uiteindelijke climax ook weer zo gezocht is. Geen complete mislukking, maar helaas toch verre van het stijlvolle horror-mysterie waar ik toch op hoopte.
Casa Sperduta nel Parco, La (1980)
Alternatieve titel: The House on the Edge of the Park
Hmm, ik vond het allemaal nogal matig. Gezien het feit dat de maker Ruggero Deodato is, verbaast het weinig dat de film behoorlijk rauw is - en ja, spanning zit er zeker wel in met ook een goede Last House on the Left achtige twist aan het einde, al is het compleet ongeloofwaardig, maar ik vind dit soort film gewoon niet zo interessant. Het verhaal is rechttoe rechtaan, waarin psychopaat Alex en zijn wat simpele vriend terechtkomen op een yuppenfeestje, waar een stel hele vervelende cliche-figuren iets viert, en dat gaat al escalerend mis tot verminking, verkrachting en moord toe. Echt overtuigende yuppen zijn het trouwens niet, zeker de dames zijn overduidelijk uit het schap van de softporno-actrices getrokken die meer om hun borsten gecast zijn dan om hun acteerkunsten. Alex is dan wel weer redelijk overtuigend als psychopaat.
De film is verder best wel behoorlijk expliciet in z'n narigheid - we zien een hoop hard geweld en ook bijvoorbeeld die scene waarbij Alex dat blonde meisje met een scheermes te lijf gaat is niet mis. Al lijkt het daarentegen bij de verkrachtingen bijna vrijwillig te gebeuren. Maar alleen voor de gore and dat beetje spanning, en de aardige maar behoorlijk ongeloofwaardige twist aan het einde, doe ik het niet. Dan was Cannibal Holocaust toch vele malen boeiender. Tegenvaller.
Cat Sick Blues (2015)
Ook namens mij een ruime voldoende voor dit eigenzinnige werkje. In het begin vreesde ik nog een beetje voor een wat standaard slasher, als een malloot in kattenkostuum (inderdaad, onze Ted) twee dames om zeep helpt. Maar gelukkig blijkt dat niet het geval. Het is sowieso een apart filmpje, waarin zowel de horror als het drama goed vertegenwoordigd is. De eerste helft is überhaupt wat traag: we zien veel van Ted die (tevergeefs) probeert om over de dood van zijn kat heen te komen, en ook van Claire, kattenmeisje bekend van internet die door een gestoorde fan verkracht is. En daartussenin zien we ook wel menig moord, met best wat brute scenes tussendoor. Cat Sick Blues levert ook regelmatig wat kritiek over de youtube- en dumpert-cultuur, waarin mensen liever schokkende dingen filmen of kijken dan hun medemens helpen. Al is het natuurlijk ook wel weer wat ironisch dat een horrorfilm dat doet (zie ook: Funny Games, Man Bites Dog, Cannibal Holocaust, en zelfs Network voor vergelijkbare ideeën).
Het is wel wat aan de trage kant, zeker in de eerste helft. Maar het heeft wel een lekker eigen sfeertje, en Ted is zo'n bizar en ook meelijwekkend figuur (helemaal met z'n Catman-kostuum met grote dildo) dat het toch interessant blijft om te kijken. Tegen het einde wordt het wel wat experimenteler en fragmentarischer, als ook Claire slachtoffer wordt van Ted, maar overleeft en terugvecht. Al hallucinerend zien we de ontknoping in losse niet-chronologische scenes waarbij de helft überhaupt alleen maar uit hallucinaties van Claire bestaat. Kortom, maf maar best interessant filmpje - laat ik het maar eens naar boven afronden. Deze film verdient een groter publiek.
Cerný Petr (1964)
Alternatieve titel: Black Peter
In Cerný Petr zien we wat dagen uit het leven van de opgroeiende Petr. En echt heel boeiend vond ik het helaas niet. We zien de dagelijkse strubbelingen - conservatieve ouders die vooral van een hoop mopperen houden, de kalverliefde van hem met Pavla, een baantje in een winkel waar hij niet zo goed in is, en wat interacties met vrienden en andere lokale pubers. Dit levert een paar vrij leuke scenes op (de Ahoy!-scene op het dansfeestje zal ik niet snel vergeten), maar over het algemeen was Cerný Petr best wel saai. Petr is een hele echte, maar niet zo interessante tiener, zijn vrienden en vriendinnetje idem dito, en de geportretteerde generaties (de nukkige oudere, en de wat vrijere jongere) waren voor mij simpelweg niet zo herkenbaar. Jammer, ik vond de rechttoe rechtaan klucht The Firemen's Ball toch best vermakelijk, maar deze film deed het niet voor mij.
Chicago (2002)
Soms denk je je horizon te moeten verbreden, en dan kijk je een film die in z'n genre (en Oscartechnisch) gewaardeerd wordt maar waarbij je van tevoren je zo je bedenkingen hebt. Ik heb het over het algemeen niet zo op musicals. Cabaret was een tijdje terug een positieve verrassing (hoewel alsnog niet echt mijn soort film), maar hier kwamen toch de problemen die ik vaker met musicals heb uitgebreid de kop op steken. Er wordt een dun en slap verhaaltje verteld als kapstok om de liedjes aan op te hangen, zonder dat de liedjes nou echt integraal onderdeel van het verhaal lijken te vormen. Als dan ook die liedjes van nogal wisselende kwaliteit zijn (sommigen waren in alle eerlijkheid best aardig, de dames in de cel bijvoorbeeld) en op een geforceerde manier opgedrongen worden, dan stoort dat mij behoorlijk. Choreografisch best prima, het ziet er allemaal wel aardig uit, maar ik kan hier echt niet van genieten.
Het helpt dan ook niet dat de personages weinig intrigerend zijn. De sluwe advocaat, de slome goedzak als man, de diva, origineel is anders. Renee Zellweger was helemaal irritant, al ben ik er voor mezelf nog steeds niet over uit of ik Renee Zellweger zelf irritant vind of dat ze overtuigend een irritant karakter speelde. Ik keek al uit naar een hangende Roxie Hart, maar nee, het einde was verschrikkelijk zoetsappig. Helaas.
Chicken Little (2005)
Om maar positief te beginnen: Chicken Little als karakter was minder irritant dan ik me op voorhand had voorgesteld. En het is geen Home on the Range.
Maar daar houden de positieve zaken ook wel op, Chicken Little is een draakje. Iets wat er meteen uitspringt is de animatie, die is namelijk zeldzaam lelijk, vooral de karakters zien er niet uit. Het lijkt wel of ik een film lang naar een matig spelletje uit de jaren '90 zat te kijken. En om maar op de karakters door te gaan. Chicken Little viel me dus nog wel mee, maar daarentegen met name die vriendjes en vriendinnetjes van Chicken Little waren niet te harden. Bloedje-irritant, niet grappig, en ontzettend lelijk geanimeerd. Gecombineerd met een saai, rommelig verhaal dat wel op een hyperactieve manier door het beeld vloog werd dit 'm voor mij dus niet. Zo af en toe zit er nog wel een aardig grapje in, maar dat was wel de uitzondering. Huilen met de pet op dus.
Children of the Corn (1984)
Alternatieve titel: De Satanskinderen
Deze film heb ik ooit gezien toen ik nog vrij groen was qua horror, en toendertijd was het me prima bevallen. Maar gezien de matige beoordelingen hier op MM, zeker van de mensen in wiens smaak ik wel fiducie heb, waren mijn verwachtingen bij deze rewatch niet al te hoog. Alsnog viel het me alleszins mee, eigenlijk. Ik kan de genoemde kritiek over het algemeen heel goed begrijpen. Het is een tof verhaaltje (al heb ik het boek niet gelezen), maar er gebeurt inderdaad niet heel veel, Malachai en Isaac zijn allebei vrij kneuzige bad guys behalve dan misschien de tekenen dat er meer bovennatuurlijk, duivels kwaad achter zit, en qua gore is het al helemaal geen horror te noemen.
En toch amuseerde ik me prima met Children of the Corn. Het heeft een leuk volks sfeertje en een donkere ondertoon onder de oppervlakte die me wel bevalt. Inderdaad beter gedaan in Who can kill a child? en ik zag ook wel wat Wicker Man hierin (vooral het pastorale-uit-de-hel-aspect), wat al helemaal een film op een heel ander niveau is. Alsnog vermaakte ik me prima, en blijkt het een King-verfilming van gemiddeld niveau. Ik overweeg zowaar om de vervolgen een kans te geven.
De special effects zijn wel episch slecht, trouwens. Ik kan me herinneren dat Firestarter daar ook last van had.
Children of the Corn III: Urban Harvest (1995)
Niet best. De eerste twee delen waren nog wel oké op sommige vlakken, al waren de special effects echt om te huilen. Hier is het qua effecten iets beter, maar het is weer een variant op exact hetzelfde verhaal, maar dan met minder sfeer. Onze duivelaanbiddertjes zijn nu in de stad beland, waar een ontzettend kneuzige priesterjochie wederom een maisdoodskultus op poten zet. Het is echt op alle fronten matig, en vooral is het 'bad guy' Eli die echt geen moment overtuigt. Maar ook het dertien in een dozijn verhaal, weinig gore en praktisch geen sfeer helpen niet. Al zijn er toegegeven wel een aantal aardige kills. De film neemt zichzelf ook nog eens bloedjeserieus, dat doet de Leprechaun-serie in ieder geval nog beter. Ik sta eigenlijk nog te kijken van de beoordelingen hier.
Chute de la Maison Usher, La (1928)
Alternatieve titel: The Fall of the House of Usher
Visueel erg fraai, en La Chute de la Maison Usher draait ook op de fijne sfeer die de donkere, licht hallucinante beelden geven. De bijbehorende muziek werkte ook uitstekend om die sfeer te versterken. Toch vond ik het ondanks de bescheiden lengte alsnog een wat moeizame zit, vooral omdat ik het verhaal verder niet zo interessant vond. Ik kan me herinneren dat ik het oorspronkelijke verhaal ook niet heel geweldig vond, al is het te lang geleden om in veel detail te herinneren in hoeverre dit het boek volgt. Ook niet heel relevant verder. Als film op zich blijft het dus op sfeer nog wel aardig overeind, en Epstein gebruikt ook een hoop visuele trucs die én goed werken en ongetwijfeld ook vernieuwend waren in die periode. Maar het was meer bewondering hebben voor dan genieten van, in dit geval.
Chuva É Cantoria Na Aldeia Dos Mortos (2018)
Alternatieve titel: The Dead and the Others
The Dead and the Others, ook wel bekend onder de fraai klinkende titel Chuva É Cantoria Na Aldeia Dos Mortos, is een film die erg in mijn straatje zou moeten liggen, maar die ondanks wat prachtige scenes toch ook wel wat aan de saaie en slepende kant bleek. De film gaat over de Krahô, een inheemse stam in Brazilië, en dan specifiek over Henrique - een jongeman wiens vader overlijdt en die voorbestemd lijkt om de nieuwe shaman te worden. Maar daar heeft ie niet zo'n trek in, dus hij (en z'n familie) gaat naar 'de stad' waar het leven niet makkelijk is voor een indiaan zonder papieren, die slecht Portugees spreekt en die nauwelijks mensen kent. Het klinkt intrigerend, en dat is het op momenten ook wel. In de eerste helft is de jungle-setting fantastisch, en bijvoorbeeld de hallucinante scene bij de waterval waar hij met z'n dode vader praat is prachtig. Maar zowel in de jungle als in de stad werd ik regelmatig wat ongeduldig en pakte het me minder dan ik verwacht had. De monotone manier van praten van de Krahô hielp ook niet. Wel een mooi en naturel portret van Henrique en het leven als Krahô, maar voor m'n gevoel had hier meer in gezeten.
Cimarron (1931)
Cimarron komt vaak terug bij lijstjes van 'Beste Film'-Oscarwinnaars, maar meestal niet in positieve zin - samen met Cavalcade en The Broadway Melody wordt het vaak genoemd als slechtste winnaar ooit. Maar goed, dat zal wel meevallen, want veel beroerder dan een Around the World in 80 Days of Out of Africa zal het wel niet snel worden. Om maar met de conclusie te eindigen, dat klopt, maar ik snap ook heel goed dat deze film niet bepaald een klassieker is geworden.
De film is, ten eerste, behoorlijk gedateerd. En vooral bij zo'n moralistische film als deze helpt dat niet echt. Het gaat eigenlijk de hele tijd om Yance Cravat, en Amerikaanser wordt het niet. Een dappere, eerlijke familieman die in het nieuw bewoonde Oklahoma de wet en moraal hooghoudt, Godvrezend is en preken in de kerk houdt, af en toe wat casual racism over het zwakzinnige zwarte jongetje of Indianen, niet alleen zijn familie beschermt maar ook schurken het stadje uit schiet, en vervolgens weigert om het beloningsgeld te innen. Kortom, een uiterst vermoeiende protagonist, zum kotzen.
Het is ook meer een moralistisch melodrama dat zich toevallig in het westen afspeelt, dan dat het een echte western is. Maar een die zo af en toe toch wel gaat vervelen, er gebeurt niet zo veel en Yance Cravat is dus vermoeiend rechtschapen. De typetjes die ter humor worden geïntroduceerd voegen ook niet heel veel toe; het simpele negerhulpje, de stotterende timmerman, de te hard zingende en hoog pratende dame. Maar ach, goed is het verre van, maar best kijkbaar was het wel. Misschien een lage drempel voor een Oscarwinnaar, maar het is wat het is.
Cinderella (1950)
Alternatieve titel: Assepoester
Ook voor mij één van de weinige echt bekende klassiekers die ik nog niet gezien had, en ook voor mij om dat het me nauwelijks trok. Eigenlijk kan ik volledig mee in de mening van Ste*; het is gewoon niet zo'n boeiend verhaal, met vooral heel veel vermoeiende tijdsopvulling die meer weg heeft van Tom & Jerry dan dat het iets met Cinderella of haar onaardige familie te maken heeft. Ook qua muziek is het nogal oubollig, met veel ouderwetse koortjes, en op een veel storendere manier dan ik me bij andere Disneys uit die tijd kan herinneren. Nee, de charme miste ik toch een beetje in dit mierzoete verhaal, en de slapstick met die irritante muisjes kon ik helemaal missen als kiespijn. Helaas, het kan niet altijd raak zijn.
Circus, The (1928)
Ik heb groot respect voor de persoon Charlie Chaplin, maar ik heb ook een probleem: ik vind de beste man totaal niet grappig. The Kid en The Great Dictator vielen nog wel mee, maar de meeste van zijn klassiekers bevielen me maar matig. Nu geldt dat vooral voor zijn films als The Tramp, waar ook elke keer weer een voorspelbaar romance-tje ingefietst wordt, en ook deze is weer meer van hetzelfde. Er zitten een paar leuke scenes in, zoals in het spiegelpaleis, maar het blijft niet mijn soort comedy - terwilj ik toch slapstick, flauwe grappen en oude films allemaal wel kan waarderen, dus daar ligt het niet aan. Dan kijk ik toch een stuk liever naar Buster Keaton, Harold Lloyd of the Marx Brothers.
Citizen Toxie: The Toxic Avenger IV (2000)
Een Troma zoals een Troma hoort te zijn. En dat is helaas niet alleen positief, want het duurt namelijk wel veel te lang. In deze Citizen Toxie: Toxic Avenger IV gaan we terug naar Tromaville, met haar lokale superheld, de Toxic Avenger oftwel Toxie. Maar ook naar de parallelle dimensie Amortville, waar de evil dubbelganger de Noxious Offender huishoudt, en uiteraard switchen zij van plek. Maar goed, ik ben nu wel iets over het verhaal aan het vertellen, maar daar gaat het bij Troma niet om. Het is een film lang gorigheid, platte puberale grappen, heel veel poep, pies, naakt en gore, en naast de Toxic Avenger ook bijrollen voor Sgt. Kabukiman (en zijn evil twin), Ron Jeremy en Lemmy. Om het niveau maar aan te geven: het begint al met een terroristengroep in luiers die een school voor 'special children' gijzelt, of retards zoals de Diaper Maffia het noemt, die per ongeluk volledig opgeblazen wordt door Toxie's hulpje Lardass en zijn explosieve scheten. De poep en pies ben ik wat sneller klaar mee dan met de rest, maar ook een film lang (en dan ook echt bijna twee uur) van dit soort grappen en grollen hoeft van mij niet. Sommige Troma's houden het wat beter vol dan andere, maar hier was ik halverwege wel klaar mee.
Class of 1999 (1990)
Seattle, 1999. Amerika is gedegenereerd tot een postapocalyptische wereld waar Mad Max nog een puntje aan kan zuigen. Waar de jeugdbendes, die eruit zien als een stelletje cliche-punkers uit begin jaren '80, de dienst uitmaken, met Uzis en Kalashnikovs rondrijden en iedereen doodschieten die ze maar willen. Maar toch gaan ze naar school. Waar ze opeens bang worden van een pak billenkoek. Hoe dan ook, deze situatie vraagt natuurlijk om discipline: en wat kan er nu misgaan als we een paar militaire androids in gaan zetten als leraar?
Inderdaad, Class of 1999 is een ongegeneerde pulpfilm. Verwacht geen al te samenhangend verhaal, of subtiliteit: dit is anderhalf uur lang clichebendeleden, ontsporende androids, cartoonesk geweld en kazige one-liners. En in dat genre is het best nog wel de moeite waard. Verwacht geen Terminator-achtig gedoe, dit is een b-film en proud of it. En dat is ook wel eens lekker.
Clean, Shaven (1993)
Intense film die geen gemakkelijke kijkbeurt is. In Clean, Shaven volgen we de schizofrene Peter, en zijn mentale toestand komt ook terug in de manier waarop alles gefilmd is. Ongemakkelijke overgangen, shots uit vreemde hoeken, en Peter die ook geregeld vreemd gedrag vertoont. Het verhaal is verder niet heel gecompliceerd al heeft het wel een open einde, maar wordt door de vertelwijze een stuk interessanter, en uiteindelijk gaat het hier niet zozeer om plot, maar meer om de psychische toestand van Peter en hoe hij de werkelijkheid meemaakt. En dat geeft misschien geen vrolijkmakende film, maar intrigerend is het wel.
Climax (2018)
Ik stond van tevoren wat in dubio over de film; de trailer en de korte beschrijvingen die ik had gelezen trokken me totaal niet. Aan de andere kant, het is een film van Gaspar Noé die ik redelijk hoog heb zitten, en bovendien zie ik hier ook een hoop goede tot jubelende beoordelingen van mensen wiens filmsmaak ik vaak wel aardig kan volgen. Helaas blijkt na afloop het eerste gevoel toch wat te overheersen - ik vond Climax eigenlijk niet zo interessant.
Zo aan de oppervlakte gaat Climax over een groep dansers die na een aantal dagen repeteren een feestje viert, onbewust gedrogeerd wordt, waarna alles snoeihard escaleert. Dit zal vast bedoeld zijn als allegorie over dat beschaving een dun laagje is, waaronder de barbarij wacht om los te barsten. Een beetje El Angel Exterminador, maar dan niet met een groepje bourgeoisie, hier zien we min of meer het plebs, 'het hedendaagse Frankrijk'. Of zo. Ik vond het een niet bijster interessant groepje dansers, vrij vervelend zelfs, wat zeker in de lange stukken gesprekken in de eerste helft nogal vermoeiend is. Een beetje niveau Temptation Island. Zodra de trip begint wordt het gelukkig wel wat interessanter, als de LSD-sangria leidt tot een groep mensen die alle schroom van zich afgooien en hun meest basale gevoelens de vrije loop laten. En dat is niet altijd even fraai, maar ook zelden echt interessant. Een hele realistische LSD-trip is dit ook niet, maar dat is verder ook niet zo heel relevant - het is vooral een excuus om de escalatie te tonen.
Qua verhaal, boodschap, karakters, dat soort zaken, vond ik Climax maar een beetje een niemendalletje. Gelukkig is Gaspar Noé (en collega's) wel iemand die een visueel indrukwekkende film neer kan zetten. Ook bij de wat meer rechttoe rechtaan eerste helft, en ook voor iemand als ik die geen affiniteit heeft met dansen, zijn de lange tracking shots behoorlijk de moeite waard en ook de choreografie was zeker niet verkeerd. De shots in de bad trip van de tweede helft zijn nog een stuk sterker, waarin de manie van de escalerende LSD-trip goed terugkomt. De scenes van geweld en zelfverminking hakken er hierdoor ook best wel in. De muziek vond ik zelf niet zo heel bijzonder, maar paste wel prima bij de sfeer. Toch kon ik me niet aan het gevoel onttrekken van een film die een boodschap wil hebben maar waar Noé eigenlijk niks zinnigs te melden heeft, en die hard probeert te choqueren maar waar ook dat gezocht overkomt. Een beetje een lege huls. Een zeer fraai gefilmde lege huls, dat dan wel weer, maar ik had toch meer verwacht.
Cloaca (2003)
Ik heb hier een beetje gemengde gevoelens over. Vier studievrienden zijn inmiddels op middelbare leeftijd, en proberen elk uit hun eigen crisis te komen. Het is erg praterig, en dat het gebaseerd is op een toneelstuk is ook allesbehalve verbazend. Het zijn regelmatig best vermakelijke en scherpe gesprekken, maar niet altijd even natuurlijk - zowel in de dialogen maar ook in de verwikkelingen over stelen van kunst, formatieperikelen in een huwelijkscrisis, een bipolaire stoornis, vreemdgaan met een zeventienjarige dochter van een ander, enzovoorts. En om eerlijk te zijn vind ik dat de vier vrienden ondanks hun post-studentikoze taalgebruik wel erg lichtgeraakt zijn over elkaars grappen. Maar misschien heb ik over tien jaar ook een midlife crisis en zo'n dunne huid. Hoe dan ook, best vermakelijk om te kijken, maar het kwam me toch wat te gekunsteld over.
