• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.925 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.932 acteurs
  • 198.972 gebruikers
  • 9.370.316 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Woland als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Wachsfigurenkabinett, Das (1924)

Alternatieve titel: Waxworks

Silents zijn wel vaker een lange zit, maar dat geldt voor Das Wachsfigurenkabinett zeker. De film is niet eens absurd lang, met z'n 83 minuten, maar de drie verhalen (nou ja, voornamelijk twee, het verhaal over Jack the Ripper duurt maar een minuutje of vijf) over historische figuren in het wassenbeeldenmuseum zijn behoorlijk traag en eerlijk gezegd niet zo boeiend. We beginnen met een soort van klucht over een kalief van Bagdad, waarin de kalief met een arme bakker en zijn prachtige vrouw (volgens het verhaal tenminste, in de film valt dat tegen) eerst in conflict komt, maar waar alles toch nog op z'n pootjes terecht komt.

Het tweede verhaal over Ivan de Verschrikkelijke is donkerder, maar ook niet erg interessant. En ook in dit verhaal wordt er behoorlijk overdreven geacteerd (ik weet dat het gebruikelijk was in die tijd, maar dat maakt het niet veel minder storend), en hoewel de sets aardig zijn ziet het er verder ook niet zo interessant uit. Dan zijn films als Korkarlen, Nosferatu of Caligari toch een stuk leuker. Het laatste stuk over Jack the Ripper is bijzonder kort, maar ook het leukst; er wordt een mooi expressionistisch stukje gekte uitgebeeld en dat werkt verbazend goed. Maar ja, na een paar minuten is dat ook weer over. Nee, uiteindelijk viel dit toch een beetje tegen.

Wai Dor Lei Ah Yut Ho (2010)

Alternatieve titel: Dream Home

Dank voor de tip, John Milton, en een puntje erbij voor jouw inschattingsskills: ik heb me uitstekend vermaakt met Dream Home. Dit is weliswaar een soort van slasher, maar wel één die veel leuker, origineler en intelligenter is dan het gebruikelijke werk. Hier geen aanloop van drie kwartier, geen mafketel in gimmicky kostuum die om vage redenen zich een weg door een groep tieners slacht om vervolgens ontmaskerd te worden (of bovennatuurlijk te blijken). Nee, deze film probeert niet op zo'n flauwe manier mysterie te kweken: hier zien we (niet-chronologisch maar alsnog prima te volgen) hoe Cheng haar leven lang al droomt van een eigen huis in een Hong Kong waar de huizenprijzen de pan uit rijzen. En dan vindt ze dan toch een woning: weliswaar duur, maar nog net binnen haar bereik. Totdat de eigenaren na aanbetaling merken dat de prijzen verder omhoog schieten, de koop annuleren om te speculeren dat de prijs verder omhoog gaat. En dat hadden ze beter niet kunnen doen.

Deze spreekwoordelijke druppel leidt tot een Cheng die volledig postal gaat, en wiens goede idee om de vraagprijs omlaag te krijgen bestaat uit een slachtpartij aanrichten in het desbetreffende appartementencomplex: maakt niet uit wie, menig buur en gezinnetje krijgt bezoek van een boze Cheng en een groot mes. Ik werd hier wel blij van. De film ziet er strak uit, met prima acteerwerk en een behoorlijke hoeveelheid bloed en gore. Ook best wel wat originaliteit op verschillende vlakken, met prima kills en situaties (die vrouw met die staak in haar hoofd), een moordenaar die zich soms wat stuntelig een weg door haar moorden improviseert, en een leuk verteld verhaal met af en toe wat gortdroge zwarte humor. Het einde bijvoorbeeld was ook een mooi staaltje ironie. Ik ga zeker meer van Pang opzoeken.

Wake in Fright (1971)

Alternatieve titel: Outback

Lekker zuipen in the Yabba. Aparte film, waarin een Engelse leraar werkzaam in een boerengat in de Outback terecht komt in een nog achterlijker boerengat in de Outback. Niet helemaal de bedoeling, want hij keek al uit naar een vakantie terug in de beschaving, op Bondi Beach met welgevormde blondines in bikini. Hoe dan ook, het klinkt een beetje als de cliché-setting voor een horrorfilm, maar dat is het niet - het is een rauwe film over het Australische equivalent van rednecks en hoe die hun leven doorkomen met heel veel bier, gokken, dronken jagen op kangoeroes, en meer drinken. Sterke sfeer in een overtuigend neergezette wat achterlijke gemeenschap, maar toch ook wat saai op momenten omdat er nou eigenlijk niet echt veel interessants gebeurt - veel plot is er niet, en op een gegeven moment geloofde ik het wel een beetje met die kansloze zatlappen.

Wald vor Lauter Bäumen, Der (2003)

Alternatieve titel: The Forest for the Trees

Inderdaad, het is een behoorlijk ongemakkelijke film. Melanie brengt awkwardness in het kwadraat, en niet (zoals in sommige films met een dergelijk gegeven) op een grappige manier. Ze bedoelt het allemaal niet verkeerd, maar op sociaal vlak is ze een ramp. In haar werk als lerares heeft ze geen enkel gezag en wordt ze keer op keer door de klas genegeerd of uitgedaagd, en ze is dan ook nog zo onhandig om wat opmerkingen eruit te flappen die haar collega's op de kast jagen. Maar het ergste is nog wel haar poging tot vriendschap, waar ze als een ware stalker excuses zoekt om haar buurvrouw tegen te komen. Het is zowel eng (al is ze te slap om een vlieg kwaad te doen), ergerlijk, maar ook intens zielig - Melanie is simpelweg ontzettend eenzaam en wil gewoon vriendschap, maar snapt niet hoe dat werkt. Je krijgt er medelijden van en zou haar bijna willen troosten, maar zoals Drulko Vlaschjan al zegt, oppassen dat ze niet achter jóuw adres komt.

Walkabout (1971)

Om maar eens op een positieve noot te beginnen: wat ziet Walkabout er fantastisch uit. Het is het verhaal van een zus en broertje die stranden in de Outback, om vervolgens (godzijdank) een Aboriginal-jongen tegen het lijf te lopen die op Walkabout is: een Aboriginal-traditie waarin hij zich een jaar lang alleen in de wildernis moet redden. En dat is maar goed ook, want in hun eentje was het zeker niet goed gekomen. Maar het verhaal is niet primair het verhaal, het is eigenlijk nog meer een meditatie over het contrast van het simpele, pure leven in de Outback en de moderne Westerse wereld. Ondanks de communicatieproblemen neemt de Aboriginal-jongen zonder problemen de andere twee op sleeptouw, en daarentegen wordt op meerdere momenten de problemen van de moderne tijd geschetst. Vervuiling, onvriendelijkheid, jagen op vrijwel industriële wijze. Het is dan ook niet voor niets dat het meisje later met weemoed terugdenkt aan haar zwerftocht door de Outback.

Het heeft wel een tintje Noble Savage in zich (en bepaalde forumleden zouden op hun achterste benen gaan staan over anti-blanke filmmakerij en Westerse zelfhaat en dat soort FVD-gedreutel als ze ooit deze film zouden zien), maar ik begrijp het sentiment wel, en zeker als het op zo'n prachtige wijze gefilmd wordt vind ik het allang prima. De paradijselijk aandoende natuur, de vele schitterende natuurbeelden, het is een genot voor het oog. Wel merkte ik dat mijn aandacht zo in de tweede helft een beetje verslapte, mede door wat gebrek aan plotontwikkeling. Desondanks maakte de cinematografie ontzettend veel goed. Veruit mijn favoriete Roeg tot nu toe.

We Jam Econo: The Story of the Minutemen (2005)

Toffe docu over de Minutemen, legendarische band die weliswaar in de hardcore-punkscene opkwam, maar een hele atypische eend in de bijt was. Experimenteel, jazzy, politiek, arty, een band die niet simpel in één hoek te zetten was. Natuurlijk komen er vrij veel live-beelden voorbij, en ook vele nummers - dat is het voordeel als veel van je nummers maar een goeie halve minuut duren (nee, daar komt de naam niet vandaan). Erg leuk om wat meer mee te krijgen over de vriendschap tussen met name Mike Watt en D. Boon, de helaas veel te korte carriere van de band, en ook vele bekende gezichten uit de SST/punkwereld komen voorbij om het een en ander te duiden of (voornamelijk) nog wat extra veren in het achterste van de Minutemen te steken. Iedereen in en rond Black Flag, Hüsker Dü, Ian MacKaye, Jello Biafra, Wire, Flea, en natuurlijk veel Mike Watt en George Hurley, ze komen allemaal aan het woord, maar de muziek en de interviews uit die tijd (waaronder een vrij lange met D. Boon erbij) zijn het interessantste. Als je wat met de Minutemen hebt, zeker opsnorren.

We Summon the Darkness (2019)

Dit klonk alsof het wel potentie had, en het is niet compleet rampzalig, maar erg matig is het allemaal wel. We Summon the Darkness probeert heel hard een jaren '80 sfeertje te creëren, maar echt veel verder dan millenials in leer en rock-shirts steken, een cliché hair metal optreden van een paar minuutjes, en obligate referenties naar Metallica komen ze niet. Maar goed, dat is nog te vergeven, als er verder wel een leuk verhaal of goed acteerwerk of zoiets voorbijkomt. De opbouw is nog wel redelijk. Maar vooral het overacteren van de dames stoort, en het is een dertien-in-een-dozijn horrorfilmpje vol onlogische keuzes en maar heel af en toe echt dreiging. Ik was blij toen het af was, in ieder geval.

We're All Going to the World's Fair (2021)

Ik kon hier toch een stuk meer mee dan de meeste anderen hier. Vooropgesteld, ik kan me veel van de kritiek ook wel voorstellen. Om te beginnen: deze film heeft niets met horror te maken. En ja, veel van de film is staren naar computerschermen, al past dat ook goed bij het onderwerp.

Het is vooral een film over eenzaamheid. Voornamelijk gecentreerd om tienermeisje Casey, die geen offline leven heeft, en die online steeds meer opgaat in de online World Fair challenge. Voor de meesten een grap, voor haar is het bloedserieus en gaat ze er helemaal in op. Als een schreeuw om aandacht. Niet dat dat heel veel interactie oplevert, haar youtube-filmpjes komen niet verder dan een lullige enkele tientallen views - maar alsnog, het is haar leven. De mensen die verder in de film voorkomen blijken net zo eenzaam te zijn, zoals JLB. Het is vooral heel erg treurig, en ik kreeg ook echt wel medelijden met Casey en haar eenzame, online leventje en tevergeefse pogingen om aandacht te krijgen. Dan mag het wel simpel overkomen, maar als je zoiets weet op te wekken heeft de film toch wel wat goed gedaan.

Weather Underground, The (2002)

Interessante documentaire over The Weather Underground, een organisatie waar ik wel eens over gehoord had maar ik niet heel veel van wist. En ook in zekere zin best actueel, want als je denkt dat polarisatie nu een probleem is: in de jaren '70 konden ze er ook wat van. De Vietnam-oorlog, rassenrellen, Black Panthers, de koude oorlog en ook radicalisatie op de campussen - en van dat laatste is de WU een uitvloeisel. Een terroristische organisatie van extreem-linkse rijkeluiskindertjes die niet alleen sympathiseert met de Black Panthers en de anti-oorlogsbeweging (allebei zeer begrijpelijk), maar dat op een nogal rigoureuze manier doet door het geweld dat de VS in het buitenland veroorzaakt naar de VS te willen brengen, en de oorlog te verklaren aan de overheid. En ook er nog wat rare post-hippiepraktijken er op na hield, maar dat terzijde. Vooral het tijdsbeeld is erg interessant en goed neergezet, en deze schets over hoe polarisatie kan leiden tot geweld en terrorisme is ook iets om nu met een schuin oog naar te kijken.

West of Zanzibar (1928)

Meer een drama dan een horror, wel een film die naar meer smaakte. In deze film van Tod Browning zien we een paar grote namen uit de tijd aan het werk. De hoofdrol is aan Lon Chaney, een verbitterd man (en goochelaar in het dagelijks leven) die op wraak zint nadat zijn vrouw er vandoor is gegaan met ivoorhandelaar Crane (Lionel Barrymore), hij door diezelfde Crane kreupel wordt gemaakt en z'n vrouw ook nog een keer sterft. Dit alles is meer de setting, het echte verhaal speelt zich af in donker koloniaal Afrika, waar Phroso (Chaney) met een paar hulpjes zich tussen de kannibalen omhoog werkt tot lokale voodoo-leider en die wraak plant op Crane. Het heeft best een grimmig sfeertje, vooral door de prestatie van Chaney en de twists en turns in het verhaal, waar ik verder niet veel over zal verklappen. De setting en de tribale rituelen helpen hierbij ook. Heel veel horror is hier verder niet te bespeuren, maar ik heb me hier prima mee vermaakt.

West Side Story (1961)

Soms is het er weer eens tijd voor: buiten de gebaande paden gaan, en een klassieker kijken waar ik eigenlijk enorm tegenop kijk. Ik heb dus ontzettend de schurft aan musicals. The Sound of Music bijvoorbeeld was een verschrikking, zelden zoiets irritants gezien, en dan duurt die meuk ook nog een paar uur. Nu is het tijd geworden voor West Side Story: op IMDB ook vallend onder Crime (!), dus geschikt voor de challenge. Het moet maar, al vreesde ik met grote vrezen.

Het begon al verschrikkelijk. Twee groepen boybandjochies die met hun vingers knippen en gezamenlijk pirouetjes draaien en andere balletdansjes doen. Poe poe, intimiderend hoor. Ik trok het eerste half uur niet zo goed, kan ik je vertellen. Maar er is één ding wat ik misschien nog wel slechter trek dan zingen in films - en dat is dansen in films. Het kostte me al met al dus wat moeite om in de stemming te komen. Maar na een goed half uur begon ik een beetje in de juiste mindset te geraken, en toen vielen sommige stukken redelijk mee, gezien de al meerdere keren genoemde hekel aan musicals. Vergeleken met het verschrikkelijke The Sound of Music is dit een meesterwerk. Het verhaal is natuurlijk ook een klassieker, en daar was weinig mis mee - al ben ik toch van binnen een botte hork die de romantische liedjes op een gegeven moment wel zat was. Het acteerwerk was redelijk wat betreft de hoofdpersonen, wat betreft de bendes was het weinig soeps.

Toch bleef het overdreven geensceneerde van West Side Story me enorm tegenstaan. Sommigen van de liedjes zijn best de moeite waard (America bijvoorbeeld), de kazige liefdesliedjes waren al minder, op een gegeven moment werd ik al chagrijnig van elke keer dat er wéér zo nodig gezongen moest worden, en met name de dansscenes bleven een grote irritatie. Als ze nou eens al die dansellende eruit hadden geknipt was de film niet alleen een stuk tolereerbaarder geworden, maar was het ook qua lengte een beetje normaal geworden. Voor z'n genre niet zo verschrikkelijk als het had kunnen zijn, maar alsnog, absoluut niet mijn soort film. 2.0*

Westworld (1973)

Best vermakelijk, maar ook weer geen meesterwerk. Westworld gaat over het gelijknamige pretpark, waar men vakantie kan vieren als een echte cowboy, omringd door niet van echt te onderscheiden robots die functioneren als locals. Het spreekt voor zich dat dit natuurlijk niet goed kan gaan, en de robots op een gegeven moment los gaan. Deze film is van Michael Crichton, en lijkt in veel opzichten ook wel heel erg op Jurassic Park. Het is een cool idee, en de uitvoering is ook best aardig gedaan, maar het kon me toch niet de hele tijd bekoren. Dat het gedateerd is, dat klopt, met een toekomstvisie die toendertijd misschien futuristisch overkwam maar nu juist ouderwets lijkt. Maar dat vond ik op zich niet zo'n ramp, en het had ook wel z'n charme. Maar de aanloop tot er eindelijk wat actie is duurt toch wel heel erg lang, pas in de laatste 30 a 40 minuten begint de actie echt los te komen. En ja, echt verrassend is de film ook niet, al bij het concept van het pretpark kan je eigenlijk direct de grote lijnen van het verhaal uittekenen. Alsnog: behoorlijk goed gedaan en zeker de moeite waard om eens uit de kast te pakken.

Whisperer in Darkness, The (2011)

Lovecraft, het blijft een verhaal apart. De eerste keren dat ik wat van 'm las was ik behoorlijk onder de indruk, maar na een tijdje begin je toch al heel snel door te krijgen dat ie toch vaak dezelfde trucjes uithaalt. Zijn universum waar allerlei eeuwenoude Goden, onuitsprekelijke kwaden, naamloze riten en gekmakend occulte boeken is bovendien toch ook wel wat cheesy. Maar toch, een keer in de zoveel tijd kan het geen kwaad om wat Lovecraft-geïnspireerds uit de kast te trekken, al zijn het meestal geen hoogvliegers. Al is Re-Animator toch alleraardigst.

Hoe dan ook, voor de challenge ben ik voor The Whisperer in Darkness gegaan. En het is eigenlijk best wel een aardige poging, waar de liefde waarmee het gemaakt is vanaf spat. Qua stijl past het vrij aardig bij de boek-Lovecraft: de film neemt zichzelf vrij serieus, zonder knipogen, en heeft een retro-look die goed past bij de tijd waarin het zich afspeelt (jaren '20 zo ongeveer). Veel van de te verwachten ingrediënten zijn aanwezig. We volgen een specialist in folklore uit New England die op onderzoek uitgaan naar Vermont, waar na een overstroming allerlei onverklaarde zaken zijn geobserveerd, met verhalen over krabmensen door de lokale bewoners. Heel verrassend is het plot vervolgens niet: skeptische professor wordt toch overtuigd, de krabmonsters bestaan inderdaad echt en zijn bovendien een soort kwaadaardige aliens, uiteraard is er een kultus die beschreven wordt met Lovecraftiaanse termen als onnoembaar, en we volgen de strijd tussen aan de ene kant de professor, aan de andere kant de aliens en hun sekte-helpertjes, en we hebben nog een hoop locals met verschillende loyaliteiten. Die hersenen-op-potjes zijn best tof gedaan, trouwens.

De film voelt aan als een sci-fi uit de jaren '50; geen geweldig plot, maar een leuke retro-sfeer die de film goed kijkbaar maakt voor de liefhebber. Helaas zien de special effects er ook nogal jaren '50 uit, zeker tegen het einde. De film is duidelijk low budget, en grotendeels is dat niet heel erg storend, maar kies dan niet voor zoveel krabmonsters expliciet in beeld en al helemaal niet voor een vliegtuigachtervolging. De film had sowieso wel wat korter gemogen, zeker in de eerste helft zit er toch niet heel veel vaart in. Desondanks, ik kon me hier best wel mee vermaken. 3.5*

Who Framed Roger Rabbit (1988)

Ik heb deze uit nostalgie maar eens opgezet, toen ik 'm op Netflix voorbij zag komen. Ooit heb ik deze wel eens eerder gezien, maar dan moet je echt denken aan een jaar of twintig, vijfentwintig - veel meer dan de hele grote lijnen, een quote hier en daar als "I'm not bad, I'm just drawn that way" en de ontknoping dat Judge Doom ook een toon is wist ik ook niet meer. En ik vond het wel leuk, eigenlijk. Het is een soort van cartooneske (heh) versie van een noir, met een soort van hard-boiled detective (nou ja, zou hard boiled is ie niet), een femme fatale, een smerige bad guy, en een spel van list en bedrog. Maar dan, door de aanwezigheid van de toons, een hoop slapstick, drukte en stiekem best nog wel wat leuke grappen. Al vind ik Roger zelf een niet zo leuk personage.

Inderdaad komen er ook een hele rits bekende cartoonfiguren langs voor een korte cameo, zowel uit de Disney als de Looney Tunes-stal: Donald Duck, Bugs Bunny, Daffy Duck, Yosemite sam, Mickey Mouse, Goofy, ze komen allemaal even langs. Christopher Lloyd als Judge Doom is ook een lekker donkere antagonist, de andere acteurs zijn niet fantastisch maar het blijft leuk genoeg. Voor een vermakelijke komedie is Who Framed Roger Rabbit? best een aardige optie.

Who Killed Captain Alex? (2010)

Aan de ene kant is dit natuurlijk fantastisch. Ik heb alle sympathie en heel veel respect voor wat Nabwana IGG op het scherm tovert vanuit z'n kamertje in Uganda met een budget van duidelijk helemaal niets. De DIY-passie en het plezier stralen er vanaf, en het valt me echt niet tegen wat we te zien krijgen voor een budget van (schijnbaar) $200. Maar hoewel het af en toe lekker genieten is als een guilty pleasure, is het toch ook gewoon niet zo heel goed. Er is nauwelijks een plot, en het is een opeenstapeling van niet hele originele, ultra low-budget actiescenes die zo af en toe best grappig zijn, maar een film lang wordt het wel vermoeiend. En niet dat Nabwana er iets aan kan doen, maar de versie die overleeft heeft een voice-over van een VJ die me soms ook wel op de zenuwen begon te werken. Amateuristisch tot en met, maar leuker dan wat ik ook uit Nigeria heb mogen aanschouwen, en dikke kudos voor Wakaliwood en ik hoop dat ze lekker door blijven gaan met films maken. Bad Black ben ik sowieso benieuwd naar.

Who Killed the KLF? (2021)

Bijzonder amusante docu over een 'band' die ik nog wel ken uit mijn jonge dagen, van de maffe en spectaculaire videoclips. Ondanks dat het wel wat indruk maakte op mijn jeugdige zelf, is het verder muzikaal gezien niet echt mijn ding. Maar het verhaal eromheen van deze twee bijzonder tegendraadse karakters en de bizarre stunts die ze uithalen maakt het alsnog erg vermakelijk. Misschien nog wel beter dan de docu is het boek 'The KLF: Chaos, Magic and the Band who Burned a Million Pounds' van John Higgs die ik een tijdje geleden ook gelezen heb, en waar ik de meeste verhalen al in tegen kwam. Maar ook deze docu laat genoeg van hun bizarre nalatenschap zien, en bij sommige zaken is het ook nog wel fijn om het visueel ondersteund te zien - bijvoorbeeld toen ze een groep journalisten naar een voor hun onbekende locatie lieten vliegen om aldaar een bizarre heidense rite uit te voeren, hun trip naar Zweden om de de overgebleven kopieën van hun album voor het kantoor van ABBA in de fik te steken en ook natuurlijk hun bekendste stunts - de band opheffen op een award ceremony door samen met een grindcoreband op te treden, met mitrailleurs met blanks in het publiek schieten, en een dood schaap te dumpen bij het platenlabel en het beruchte verbranden van een miljoen pond. Genoeg materiaal voor een toffe docu, ook als je niks met de band hebt, en dit stelt niet teleur.

Wicker Tree, The (2011)

Oei. Het origineel vond ik geweldig, maar deze heb ik toch lang laten liggen na alle beroerde verhalen, en dat was toch wel de juiste keuze. The Wicker Tree is een zeldzaam ongeïnspireerde film; ik heb Hardy de film wel eens met de term 'companion piece' horen omschrijven, maar dit is qua plot praktisch een remake. Maar dan is het een beetje alsof Asylum naar The Wicker Man heeft gekeken, en besloten heeft om ook maar zoiets te maken. Alleen is het dan om onbegrijpelijke redenen Robin Hardy zelf die dit prul heeft besloten te maken.

Heel af en toe heeft de film nog een beetje sfeer, en de jacht op de laddie had nog enige potentie, maar ik heb zelden zo'n onnodige film gezien. Het is in alle opzichten een compleet inferieure versie van The Wicker Man, met als dieptepunt nog wel het acteerwerk van eigenlijk iedereen, maar onze Amerikanen Britannia Nicol en Henry Garrett spanden de kroon. Al is afdeling Schotland nauwelijks beter. De muziek is trouwens ook treurigmakend, waarbij ik van de born-again Jezusliedjes van Nicol spontaan jeuk kreeg. Ik ga er nu over ophouden, want hoe langer ik aan het schrijven ben, hoe gefrustreerder en bozer ik word op dit misbaksel. Doe het jezelf niet aan.

Widows (2018)

Steve McQueen heeft een fijn blik acteurs opengetrokken voor deze film. Oude rot Liam Neeson speelt sterk, Viola Davis idem dito, Daniel Kaluuya is een baas, en eigenlijk zijn er geen echt zwakke schakels te ontdekken. En ook fraaie plaatjes schieten is McQueen wel toevertrouwd. Maar als verhaal kon Widows me toch maar matig overtuigen. Zoals al meerdere mensen hierboven aanhalen is het een wat aparte mix van een heist movie, een film over persoonlijke drama's, en een film over politiek en corruptie, en uiteindelijk overtuigde de film op geen van die drie vlakken écht. Het is een heist-film met maar bijzonder weinig actie of heist (al komen er zo af en toe vrij brute scenes voorbij), en het verhaal vond ik ook wat gezocht - alsof er met moeite die drie verhaallijnen samengevlochten moesten worden. En dat is jammer, want daarbuiten heeft de film best wel wat te bieden.

Wij (2018)

Alternatieve titel: We Starts Where I Ends

Ik heb wat wisselende gevoelens over Wij. Het idee sprak me best aan en was ook een van de redenen dat ik deze film vrij willekeurig heb aangezet, maar de uitwerking is niet altijd even overtuigend. In Wij zien we een groepje jongeren zich een zomer lang verliezen in een spiraal van seks, porno, prostitutie, geweld, afpersing en mishandeling. De vertelling vanuit vier verschillende personages werkt op bepaalde vlakken; de vier vertellers zijn ook steeds naardere figuren, met vooral Thomas en in iets mindere mate Liesl die steeds meer de veroorzakerse van de ellende blijken. Maar ik geloofde het allemaal niet zo. Ik vond de escalatie nogal gezocht en ongeloofwaardig overkomen, en de personages zelden interessant of overtuigend. De film duurt niet zo lang en in die duur is is er prima doorheen te komen, met genoeg ontwikkelingen en soms ook nog wat leuke zwarte humor tussendoor, maar een meesterwerk is dit verre van.

Wild Rebels (1967)

Ja, hier hoef je niet teveel woorden aan kwijt. Goedkope biker-B-film, waarbij een dertien-in-een-dozijn verhaaltje met bijzonder weinig om het lijf (iets met bikers die een bank beroven) op een nogal incompetente manier verteld wordt. Eigenlijk is met alles in de film wel wat mis: de karakters zijn onorigineel en plat als een dubbeltje, het plot is slap, er gebeurt eigenlijk best weinig, de actie is slecht en de acteurs al helemaal. Maar als je om dat gepruts een beetje kan lachen, dan is hier wel doorheen te komen. Verwacht alleen geen kwaliteit.

Wild Style (1982)

Ik kan me hier wel bij aansluiten - geweldig tijdsbeeld van de vroege hiphopjaren en de gerelateerde graffiti-subcultuur, met een hoop livemuziek wat om eerlijk te zijn ook veruit het vermakelijkste deel van de film is. Want op andere vlakken is dit echt om te huilen, veel plot is er niet en met name het acteerwerk is zeldzaam beroerd - die kerel die Zorro speelt is van het niveautje Ed Wood, maar dat geldt ook voor de blonde journaliste en eigenlijk iedereen die geen muzikant is. Maar een kniesoor die daar op let, want de live-optredens en bijbehorende dans- en battlescenes maken heel veel goed. Als je inderdaad een beetje van hiphop houdt, anders valt er hier weinig te genieten.

Wild Wild Country (2018)

Toch doorgezet, en gelukkig wordt het na de twee lang uitgerekte, weinig boeiende eerste afleveringen een stuk boeiender. Het sterkste punt is eigenlijk vooral het bronmateriaal, het is een bizar verhaal wat genoeg stof geeft voor een boeiende miniserie. Ben het wel met sommige van mijn voorgangers eens dat wat meer informatie over het dagelijkse leven in de commune welkom zou zijn. Nu horen we wel wat verhalen van meerdere mensen die daar hebben gezeten, maar dat ging toch vooral om de interne politiek rond de Bhagwan, Sheela en een aantal andere mensen, en nauwelijks over hoe het er nu werkelijk was. Gezien de tienduizenden mensen die wel in Rajneeshpuram/Rajneesh hebben geleefd op een gegeven moment, dan zou er toch wel wat mensen te vinden moeten zijn geweest die vanaf lager op de ladder wat over de situatie te vertellen had.

De eerste twee en laatste twee afleveringen waren toch minder interessant dan het middenstuk, waarin het spreekwoordelijke vuurwerk van het verhaal gebeurt. En deels blijft het toch wel erg veel leunen op pratende hoofden en zijn grote delen een lang uitgerekte hij zegt-zij zegt-discussie tussen verschillende kampen die in deze geschiedenis een rol hebben gespeeld. De documentairemakers hebben vooral de mazzel dat ze een fantastisch verhaal te pakken hebben, waardoor het alsnog behoorlijk de moeite waard is.

Wildest Dream, The (2010)

Fraaie documentaire, over de fatale poging van George Mallory en Sandy Irvine in 1924 om de Mount Everest te beklimmen, en een reconstructie van klimmers Conrad Anker en Leo Houlding om hun voetsporen te volgen. Het ietwat sentimentele karakter voegde niet veel toe, met name de briefwisselingen van Mallory met zijn vrouw Ruth, en het verschrikkelijke lied aan het einde. Maar een hoop fraaie beelden vanaf en rond Everest maken een hoop goed, en ook de historische reconstructies konden me over het algemeen best aardig boeien - het blijft een fascinerend onderwerp en ik blijf alpinisme (ondanks dat ik er zelf nooit aan zou beginnen) en de rucksichtloze manier van grenzen verleggen in een levensgevaarlijke omgeving ontzettend intrigerend vinden. Ook leuk om wat grote namen als Liam Neeson en Alan Rickman langs te horen komen.

Wind River (2017)

Ik zag Wind River regelmatig voorbijkomen in de eindejaarslijstjes vorig jaar. Tijdens het jaar zelf is 'ie bij mij onder de radar gebleven, helaas, want hoewel hij niet voor de topposities mee zou doen was het een goede kandidaat geweest om mijn top 10 van vorig jaar wel te halen. Wind River speelt zich af in een uitgestrekt, winters en desolaat indianenreservaat in Wyoming. Deze setting wordt bijzonder goed gebruikt, en geeft de film ook zeker wat extra's. Deels is het een goed gemaakte maar niet bijster originele thriller, waarbij Jeremy Renner als wildjager een jonge, goedbedoelende maar onervaren FBI-agente (niet onaardig gespeeld door Elizabeth Olsen, zusje van schijnbaar) helpt in de zoektocht naar de verkrachter/moordenaar van een 18-jarig meisje van het reservaat. Ook op dat vlak is het een behoorlijk geslaagde film, hoor - sterk acteerwerk, een prima hoeveelheid spanning en een vrij goed uitgewerkt plot, en zoals al eerder gezegd speelt de ijskoude, uitgestrekte omgeving hier een belangrijke bijrol.

Maar wat de film boven een gewoonweg degelijke, fatsoenlijke misdaadthriller uittilt, is het portret wat we meekrijgen van Wind River. Niet alleen de wildernis die ik al eerder aanstipte, maar ook het gevoel van eenzaamheid, doelloosheid en afstomping dat overgebracht wordt. Voor sommige einzelgängers als Cory Lambert is de eindeloze woestenij waar voor het gevoel geen weg uit is nog wel te harden, maar we zien ook een hoop mensen die er aan onderdoor gaan - zowel de drugsverslaving onder sommigen van de indianen, maar ook de drill site werknemers die uiteindelijk breken. Het deed op dat vlak wel wat aan Winter's Bone denken, al beviel Wind River toch een stuk beter. Er waren ook wel wat aspecten van de film waar ik wat minder mee kon. Zo vond ik de escalerende shootout aan het einde toch wat over-the-top, en hoewel ik de gedachtegang begrijp ben ik ook nog niet echt overtuigd van hoe die flashback van de verkrachting in de film wordt gepast. Ook de familie-aspecten van Cory vond ik wat minder boeiend. Desondanks een erg sterke thriller cq sociaal drama, over een onderwerp waarvan het goed is dat het meer onder de aandacht komt.

Winnie the Pooh (2011)

Alternatieve titel: Winnie de Poeh

Ik heb niet zoveel met Winnie the Pooh en z'n vriendjes, en deze film heb ik ook vooral opgezet uit completisme. Maar ik was positief verrast. Lang niet alles is leuk, maar uiteindelijk viel er genoeg te genieten. Het hele verhaal rond de Backson is best tof, met als hoogtepunt de hele tekenscene waarin de uil een soort Manbearpig tevoorschijn tovert. Pooh zelf vind ik niet zo leuk, maar bijkarakters als Tigger, Piglet en de uil (zal vast wel gewoon Owl heten of zo) maakten dat meer dan goed. De spellingnazi in mij krijgt wel een beetje jeuk, maar hoe dan ook, een leuk vermakelijk filmpje dan z'n (beperkte) speelduur blijft vermaken.

Witch Who Came from the Sea, The (1976)

Zoals iedereen al opvalt, de poster is bijzonder misleidend. Er is niks bovennatuurlijks aan, en eigenlijk is het ook niet echt een horror of een slasher, maar meer een psychologisch drama. Al is het wel van de exploitation-variant; en toch, die beviel mij eigenlijk best wel. Molly is getraumatiseerd doordat haar vader haar als kind verkrachtte en leeft die trauma's uit door menig man af te slachten. Dit suggereert wellicht een slasher, maar de moorden zijn grotendeels buiten beeld en de film gaat veel meer in op de geestestoestand van Molly. Het is ook lang niet altijd duidelijk wat er nu echt gebeurt en wat er nu alleen in de fantasie van Molly zich afspeelt, en die dromerige sfeer werkt wel goed. Er zijn ook wel wat minpuntjes, hoor. Molly wordt op zich goed gespeeld maar is niet echt het type verleidster wat ze voor zou moeten stellen, en de film verzandt zeker in het midden nog wel eens in wat praterigheid. Alsnog positief verrast door de film, zeker gezien bovenstaande negatievere verhalen.

Within Our Gates (1920)

Zoals al eerder gemeld, een film die historisch van belang is, als eerste (nog bestaande) film van een zwarte regisseur. Het bleek toch een hele zit, ondanks dat er toch ook wel veel interessants te beleven is. Het grootste manco wat mij betreft is dat Micheaux meer ideeën heeft dan hij op een zinnige manier kwijt kan in deze film, of eigenlijk, misschien specifiek in een stomme film. Het globale plot is nog wel te volgen (een zwarte vrouw gaat terug naar haar roots in het diepe Zuiden, om te helpen om een zwarte school te ondersteunen; en daarboven allerlei extra persoonlijke verhaallijnen), maar het is allemaal bijzonder warrig verteld. Vaak is het niet helemaal duidelijk hoe allerlei scenes geplaatst dienen te worden, zien die scenes er uberhaupt wat saai en praterig uit, en schieten we van locatie naar locatie; het was een stuk beter geweest als Micheaux een aantal zijplots had weten te schrappen. Dit is ook een film die eigenlijk een stuk meer conversatie zou moeten hebben, maar ja, dat werkt niet zo in een stomme film. Alsnog geeft het wel een aardige inkijk vanuit zwart perspectief in het leven in de VS van eind jaren '10, en zitten er genoeg interessante karakters en punten in, maar als film vond ik dit maar moeizaam.

Wolfblood (1925)

Alternatieve titel: Wolfblood: A Tale of the Forest

Toen ik via de recensie van alexspyforever hoorde over deze film, stond vast dat ik deze ook binnenkort ging kijken. Zonder hoge verwachtingen, want dit soort vroege, low-budget features kunnen nogal eens een zware zit zijn, maar heel erg benieuwd was ik wel. De een-na-oudste, en de oudste nog bestaande, weerwolffilm, dat soort curiosa ben ik altijd wel geïnteresseerd in. Tot mijn afgrijzen zat er al een joekel van een spelfout in de eerste tekstkaart (fastness ipv vastness), maar gelukkig bleek dit een incidenteel foutje te zijn. Het was een sfeervolle film, vooral vanwege de setting (grotendeels) in de grootse Canadese bossen. Echt een weerwolffilm is dit ook niet - Bannister krijgt weliswaar wolvenbloed in zich bij een transfusie, maar zijn wolfschap is eigenlijk niet echt, en beperkt zich tot dromen en hallucinaties van een roedel spookwolven, verhalen over slachtoffers en geruchten van de bijgelovige houthakkers. Er wordt ook verwezen naar de Loup Garou, een Frans-Canadese weerwolflegende, in plaats van de meer traditionele Germaanse weerwolf wat de meest gebruikte weerwolf-archetype is. Maar ik ben het met alex eens dat het het puur een drama is en geen horror, met een ietwat vermoeiend romantisch drama-zijplotje, en het vaak overkomt als een boek geillustreerd met korte filmpjes dan dat het echt als film één verhaal vertelt. Toch ben ik wel wat milder in m'n eindoordeel - ik hou wel van dit soort folk-drama, en het prima verhaal en de fraaie setting maken voor mij een hoop goed.

Woodstock (1970)

Alternatieve titel: Woodstock: 3 Days of Peace & Music

Ontzettend gave registratie van een toch wel vrij unieke gebeurtenis: het Woodstock-festival. De drie uur drie kwartier die de Director's Cut duurde is wat aan de lange kant, dat wel, maar alsnog is het een boeiende zit. Fantastische muziek, die me doet wensen dat ik daar ook op dat veld zat, maar deze film is veel meer dan een concertregistratie. De sfeer van het festival komt uitstekend naar voren, met zeer veel footage van de dagelijkse gang van zaken, en vele korte gesprekken met allerlei festivalgangers, organisatoren en muzikanten. Ze zijn niet allemaal even coherent, en er zitten ook een paar complete mafklappers tussen (die gasten die de regering ervan beschuldigden dat ze het laten regenen, of die kerel die midden op 't veld in z'n blote tokus staat te dansen), maar de positieve vibes stralen ervan af. Ook de wat mindere aspecten komen naar voren. Sommige buurtbewoners vinden het allemaal prachtig, anderen zien het maar als een stelletje onverantwoordelijke uitvreters die er een teringbende van maken. En het is geen geheim dat Woodstock uit z'n voegen is gebarsten, en bij lange na niet de faciliteiten qua sanitair en eten had om zo'n mensenmassa te onderhouden. Het is alleen maar goed dat ook dit soort aspecten wel naar voren komen, maar uiteindelijk blijft het genieten om de indrukwekkende beelden van deze unieke samenkomst te zien. Prachtig gemaakt, fijne muziek, en er wordt een geweldig tijdsbeeld gegeven. Ik geef het gewoon de volle mep.

World's End, The (2013)

Ik zie hier nogal wat wisselende reacties, maar ik heb me toch prima vermaakt met deze film. Het is, niet geheel verrassend, een soort van Shaun of the Dead meets Doctor Who waarin, net als bij de eerdere komedies van Wright, er een soort mengeling is tussen een buddyfilm en een compleet ander genre (nu sci-fi, na eerder horror en politiefilm). Het verhaal is natuurlijk ontzettend over the top, maar dat vind ik hier geen enkel probleem - het werkt vooral als katalysator om de gemankeerde, gefrusteerde maar uiteindelijk geloofwaardige (voormalige) vriendengroep zich te laten ontwikkelen en natuurlijk om de grappen, actie en een snufje sociaal commentaar aan op te hangen.

De humor slaat wel eens de plank mis, en met name de gevechten konden me af en toe niet boeien. Ik vond de mindere momenten juist eerder als oubollige slapstick overkomen zoals je die in de jaren '20/'30 al had, in plaats als van modern en van deze tijd, maar goed. Hoe dan ook, ik heb hier grotendeels met lol naar gekeken, en zal zeker mijn ogen eens open houden als ik binnenkort eens een biertje ga pakken in Welwyn Garden City of ik nog wat bekends zie.

Worthy, The (2016)

Alternatieve titel: المختارون

The Worthy is een post-apocalyptische thriller die nou niet echt uitblinkt in originaliteit, maar genoeg actie en rauwheid biedt om je je niet te vervelen. Toegegeven, er zijn twee redenen dat ik deze film ben gaan kijken - de tip van een bekende, maar ook vooral de Emirati makelij, waar ik toch wel benieuwd naar was. Nu valt er in de film verder weinig van te merken dat dit uit de Verenigde Arabische Emiraten komt; behalve de taal is dit niet een wezenlijk ander soort thriller dan uit pak 'm beet Hollywood zou kunnen komen. Zoals ik eerder al zei, de setting of het verhaal is niet bijzonder origineel, maar de film is verder prima geschoten en geacteerd, plot genoeg voor een actie/thriller als dit en met toch een behoorlijk hard, gewelddadig randje. Je kan het beroerder treffen als je zin hebt in een ongecompliceerde thriller.