Meningen
Hier kun je zien welke berichten Woland als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Rabid (1977)
Redelijke film, al vond ik het geen typische Cronenberg. Om mij verder niet heel duidelijke redenen gaat een huidtransplantatie zodanig mis dat het slachtoffer een soort van bloedzuigende angel groeit, die vervolgens een behoorlijk besmettelijke, agressieve hondsdolheid verspreidt. In de praktijk pakt dit uit als een soort van zombie-film of zoals bij Demoni - een hoop mensen die gebeten worden en veranderen in een soort van agressief maar niet zo snugger monster. Het tempo zit er redelijk in, maar het is verder allemaal niet zo bijzonder wat Cronenberg hier op tafel brengt - het is een beetje volgens het boekje, en niet zo verrassend als hij wel eens uit de hoek kan komen. Het is verder duidelijk aan te zien dat het weliswaar door een competente regisseur en filmcrew is gemaakt, maar dat het budget laag is, is duidelijk te zien aan een gebrek aan on-screen gore (vaak zien we het resultaat, maar niet de actie), en de cast met Marilyn Chambers als mainstream actrice is nou ook geen Oscarmateriaal. Leuk wegkijkertje in de geest van Demoni of een lekker kort zombiefilmpje, maar verwacht geen wonderen hier.
Raising Arizona (1987)
Als ik goed geteld heb is dit mijn twaalfde Coen-film, en na me elf keer toch op z'n minst redelijk te hebben vermaakt (en vaak nog veel meer dan dat), moest het er toch een keer van komen. Raising Arizona is een behoorlijke miskleun in het oeuvre van de Coens. Ze gaan volledig op de komedische toer, maar met een enkele uitzondering komen de grappen niet aan, en zijn de infantiele typetjes te flauw voor woorden. Zo heel af en toe landt er wel een keer een grap, en John Goodman en sidekick William Forsythe zijn meestal nog wel prima - daarentegen waren bijvoorbeeld Nicholas Cage, Holly Hunter en Randall Cobb een bron van ergernis, al is het misschien deels vanwege de pijnlijk ongrappige typetjes die ze speelden. Uiteindelijk heb ik me een stuk vaker lopen ergeren dan dat er ook maar een beginnetje van een glimlach opkwam, laat staan dat het echt leuk werd. Dikke tegenvaller.
Ramen Teh (2018)
Alternatieve titel: Ramen Shop
Qua verhaal vond ik het allemaal niet zo heel interessant, wat betreft karakters en het toch wat zoetsappige familie- en relatiegebeuren. Maar ik heb alsnog een prima avond gehad met Ramen Teh. Als reizen er een jaartje niet inzit, moet ik de exotica maar naar hier halen, en Ramen Teh is daar een fantastische film voor. Fijne sfeertekeningen van typisch Japanse en Singaporese situaties, en eten, heel veel heerlijk uitziend, dampend eten. Het eten verbindt in de film, en ook ik krijg spontaan zin om het vliegtuig naar het Verre Oosten te pakken om lekker op de food-markten de lokale delicatessen te verkennen. Ik was weer even een kleine anderhalf uur weg. En dat de film zelf buiten het eten niet zoveel voorstelt, soit.
Rapurasu no Majo (2018)
Alternatieve titel: Laplace's Witch
Een Miike die lang niet zo extravagant is als veel van z'n andere films. Het is wel een redelijk misdaad-mystery-drama-verhaal met een bovennatuurlijk sausje. Twee personen zijn omgekomen door vergiftiging, maar op een manier die eigenlijk niet zou moeten kunnen. Al snel blijkt er veel meer achter deze twee sterfgevallen te zitten, met een eerlijk gezegd niet zo heel erg overtuigend X-men-achtig verhaal over medische experimenten die een soort savant-achtige voorspellingsgaven opgewekt hebben. Maar buiten dit superheldentintje en het bijbehorende wat hoge deus-ex-machina-gehalte van het plot beviel de film wel redelijk als mysteryfilm waar je je suspension of disbelief af en toe even aan moet zetten. Al had ik gezien de maker op wat meer gerekend.
Rare Exports (2010)
Alternatieve titel: Rare Exports: A Christmas Tale
Ik ben twee-en-halve maand te vroeg, misschien ligt het daaraan. Hoe dan ook, deze Rare Exports kon me niet echt overtuigen, wellicht mede door verkeerde verwachtingen - ik hoopte van te voren toch op een wat meer Troll Hunter-achtige film danwel een film die iets meer richting de horror ging. Dit bleek echter veel meer een kinderfilm te zijn, en niet eens een bijzonder leuke, fantasierijke of creatieve. Echt slecht was het ook weer niet, met bijvoorbeeld mooie beelden van een ondergesneeuwd Finland. maar een beetje saai was het wel (zeker het eerste uur), dat kind in de hoofdrol was tijdens het laatste half uur superirritant op een Home Alone-achtige manier en zoals ik al eerder zei, het wordt nergens echt origineel of verrassend. Of grappig. Of spannend. Twee sterren.
Ratcatcher (1999)
Die Britten hebben wel wat met rauwe sociaal-realistische drama's, met films als Kes (en eigenlijk het meest van Ken Loach wel) als lichtend voorbeeld, en Ratcatcher valt ook duidelijk in deze hoek. In een heel vies, deprimerend Glasgow in de jaren '70 groeit James op, in wat best wel een boutomgeving is. Vader zuipt erop los en heeft weinig op met James, hij draagt de schuld met zich mee van een incident waarbij z'n vriendje Ryan verdronken is, er lopen nare pestende pubers rond en de andere figuren (de nogal mallotige buurjongen Kenny en de slechtziende Margaret Anne) zijn ook deprimerend, ook al zorgen ze nog voor enige vriendschap. Maar Ratcatcher is een zeer fraai voorbeeld voor het genre. Visueel fraai, en de eenzaamheid en de hoop (of wanhoop) op ontstnapping uit deze gribuszooi komt heel overtuigend over. Grimmig en deprimerend is het wel, eindigend met een zelfmoord(poging) van James. Al is de epiloog wel weer positief, waarbij het dan weer de vraag is of de familie echt verhuist naar een nieuwe wijk, James zijn utopia, of dat dit meer een soort van visioen van de sterve James is. Best wel indrukwekkend.
Ratsasan (2018)
Alternatieve titel: Demon
Wederom een poging tot het genieten van een Bollywoodfilm, en hoewel het minder slecht beviel dan sommige andere pogingen, echt veel soeps was dit alsnog niet. Ratsasan probeert op momenten een grimmige thriller te zijn, met moord, marteling, ontvoeringen en een gestoorde en mismaakte moordenaar, maar overtuigt geen moment in die grimmigheid. Het blijft een veilige middle-of-the-road film, waarbij het wel knap is hoeveel verschillende clichés de film bij elkaar veegt maar toch eigenlijk geen moment echt verrast. Naast het feit dat het vooral wat dertien-in-een-dozijn aanvoelt, heb ik nog wel een probleem, en dat is dat de typische Bollywood-stijl ook hier regelmatig boven komt drijven. En die ligt mij niet zo.
Ik kan een hoop dingen opnoemen die mij storen. Alles wordt enorm dik aangezet, waarbij overacteren de norm is en het sentiment steeds gezocht wordt. Het moralistische toontje, en de onvermijdelijke en niet zo heel overtuigende romance. Een paar suikerzoete draken van liedjes (gelukkig wordt er hier niet in dansen uitgebarst). De gezochte verhaallijntjes, met ja hoor, opnieuw een filmregisseur die nu als politie-inspecteur dienst doet. De uitleggerige wijze van vertellen. En ja, ook deze film duurt weer bijna drie uur. Gelukkig ziet hier onder nog wel een redelijke thriller verstopt, al is ie dan nogal standaard en braaf binnen de lijntjes uitgevoerd. Met een dader die nogal overdreven en over the top is, maar met een flinke korrel zout nog wel enigszins te harden is. Maar het is dat dit (volkomen onterecht) in de IMDb Top 250 terecht is gekomen, want anders zou ik dit soort werk absoluut links laten liggen.
Raven, The (1935)
Mwah, een beetje een niemendalletje van een film die meelift op de Poe-hype uit die tijd, en op de namen van Bela Lugosi en Boris Karloff. De eerste draagt de film, schmierend en al, waarbij het een typisch mad scientist verhaaltje is. Het mag dan wel 'The Raven' heten, maar met dat verhaal heeft het maar bar weinig van doen, en hoewel er allerlei verwijzingen naar Poe zijn (The Pit and the Pendulum komt prominent voorbij, en ook Lenore wordt er met de haren bij gesleept -het karakter van Lugosi is Poe-fanaat) lijkt het eigenlijk meer op Frankenstein of The Invisible Man. Het duurt gelukkig maar een uurtje, en zelfs dan blijft het nogal mager.
Ravenous (1999)
Best wel vermakelijk. Het duurt even voordat Ravenous op gang komt, maar na een half uur begint het dan echt. Ravenous is een film die qua sfeer een beetje laveert tussen een aantal genres, en dat kon ik in dit geval wel waarderen - een beetje horror, redelijk wat mystery, een beetje avontuur, wat zwarte humor her en der, en een verhaal wat vaak genoeg weet te verrassen. De kern van Ravenous is de legende van de Windigo, een Noord-Amerikaanse legende uit de noordelijke bossen die zich (in ieder geval in deze film) manifesteert als een soort van kannibalistische vampier. Iets anders dan in de andere films waar ik deze legende ben tegengekomen, waar het meer een soort weerwolf was. Hoe dan ook, het was vooral erg vermakelijk; heel grimmig wordt het niet, grappig ook niet, maar er gebeurt genoeg om je niet te hoeven vervelen. Leuke cast ook, met veel bekende koppen die een prima prestatie leveren. En met dit soort weidse bossen heb je ook al een streepje voor.
Rawhide Terror, The (1934)
Sjezus, wat was dit slecht. Oorspronkelijk was dit schijnbaar bedoeld als eerste episode van een serial. Ik kan me voorstellen dat je als tv-baas of geldschieter stikt in je koffie als je deze ellende ziet, en heel verbazend is het niet dat de serial er nooit van gekomen is. De makers hebben toen maar besloten om het als losse B-western te releasen. Het enige horrortintje is dat een 'onbekende' langzaam aan wraak neemt op het tuig dat zijn ouders heeft omgelegd; maar dan klinkt het meteen al weer een stuk spannender dan het is. De uitwerking is dramatisch, met bandieten in indianenkostuums die ik op schooltoneel beter heb gezien, acteerwerk van echt verschrikkelijk niveau, en zelfs namen consistent houden in het script was al teveel gevraagd. De film is rechtenvrij en bijzonder makkelijk gratis te vinden, maar mijn tip: bespaar jezelf de ellende.
Ray (2004)
Ik ben er nog niet helemaal over uit of het specifiek iets is met muziek-biopics of meer met biopics in het algemeen, maar het is een type film waar ik weinig mee kan. Oppervlakkig volgen we de muzikant van moeilijke jeugd via een lange, harde weg via kleinere maar steeds grotere optredens naar doorslaand succes, we zien wat drugsgebruik en wat gerommel met groupies, en via een lokaal dieptepuntje werkt de ster zich weer omhoog tot eminence grise. Het gaat nu over Ray Charles, maar het had net zo goed over Johnny Cash of Freddie Mercury kunnen gaan, onderwerpen van net zulke inwisselbare ver-Hollywoodste biografieën. Walk the Line was een stukje beter dan dit, Bohemian Rhapsody een stuk minder, maar ook Ray was een lange, zelden echt slechte maar ook zelden boeiende zit, die gered wordt door een hele sterke Jamie Foxx en de prima muziek. Maar dit soort flauwe, oppervlakkige biografie-films, geef mijn portie maar aan fikkie.
Red Shoes, The (1948)
Alternatieve titel: De Rode Schoentjes
The Red Shoes was een aparte kijkervaring voor mij. Ik heb een paar keer eerder een Powell/Pressburger-collaboratie gekeken, en ook daar waren mijn ervaringen niet uniform goed. Wel zagen hun films er erg fraai uit - en dat is ook hier geen uitzondering.
In het begin van de film zag ik het eigenlijk niet goedkomen. Een uur lang zien we op zeer, zeer langzame wijze hoe de jonge, ambitieuze en getalenteerde danseres Victoria Page en dito componist Julian Craster belanden in het balletgezelschap van Boris Lermontov. Lermontov is een zeer gepassioneerde, zeer veeleisende, autoritaire man, die duidelijk zichtbaar leeft voor zijn kunst en daar alles voor over heeft. Maar echt interessant is dat eerste uur niet zo heel erg; we zien Victoria en Julian langzaam opklimmen, maar dat is het wel.
Enigszins onverwacht kwam mijn favoriete deel van de film halverwege, waarin een kwartier lang een prachtige balletscene wordt opgevoerd van The Red Shoes, niet toevalligerwijs een Andersen-verhaal dat zeer analoog loopt aan het verhaal van de film zelf. Het is duidelijk te zien dat er gekozen is voor echte dansers, in plaats van acteurs die een beetje dansend aanmodderen. Het tweede deel van de film vond ik aan de ene kant allemaal niet zo samenhangend, waarin een romance compleet uit de lucht komt vallen en waarin het plot op een voor mij niet zo geloofwaardige manier escaleert richting de zelfmoord van Victoria. Toch werd ik in die tweede helft inmiddels wel geboeid door de film, ondanks het wat overdreven melodrama. Voorlopig ga ik voor 3.0*, en ben ik voldoende geintrigeerd om nog wel een herziening te verwachten, te zijner tijd.
Reflecting Skin, The (1990)
Sterk historisch drama over opgroeien op het Amerikaanse platteland van de jaren '50. Het is niet makkelijk voor de jonge Seth. Naast dat er weinig te doen is: z'n moeder spoort al niet helemaal, z'n vader blijkt in de kast te zitten, wordt verdacht van de moord op één van Seth z'n vriendjes om vervolgens zelfmoord te plegen en dan is er ook nog een Engelse buurvrouw die nogal vreemd is en (zoals de samenvatting ook al zegt) door Seth voor een vampier gehouden wordt. De hele film heeft een dromerige sfeer, en dat blijkt (las ik later) ook met opzet te zijn - het is een Britse film die een soort van mythische, über-Amerikaanse setting wil creëren, met oneindige korenvelden, excentriekelingen, rare religieuze lui, en dat alles dan weer vanuit het beeld van een kind. Idyllisch qua setting wellicht, maar zeker niet idyllisch qua gebeurtenissen. Die sfeer maakt de film soms ook wat onlogisch, aangezien door de visie vanuit Seth sommige mensen zich nogal vreemd lijken te gedragen (de sheriff die bijvoorbeeld beweert dat z'n dode vader nog steeds mensen vermoordt), inclusief hijzelf met z'n creepy foetus-Eben, of dat hij voor zich houdt dat hij de ontvoeringen van Kim en Dolphin allebei gezien heeft, maar het werkte voor mij ook wel om de mysterieuze sfeer hoog te houden. Het is traag en ondanks de body count nogal beperkt qua horror, maar ik vond dit toch wel een unheimliche, fijne film hoor.
ReGOREgitated Sacrifice (2007)
Soms zet je wel eens iets aan waarvan je eigenlijk al weet dat het geen leuke ervaring gaat worden. Of interessant. En dat heb ik ook wel eens in deze ranzige hoek van de horror. Ooit heb ik Slaughtered Vomit Dolls wel eens gezien van Lucifer Valentine, en dat was een combinatie van heel veel kots, veel bloed, en interessant bedoeld camerawerk, zonder dat er een duidelijk verhaal in te ontdekken was. Nou, dit hoort schijnbaar in dezelfde gore en kots-trilogie, en dat was wel te merken. Het grootste verschil met wat ik me zo kan herinneren van SVD is dat hier het camerawerk een beetje normaler is, en dat er eigenlijk in grote delen van de film niet zo veel gore is. Maar wel kots, heel veel kots. Ik lees in de beschrijving iets over Kurt Cobain en zo, maar qua verhaal kon ik er in ieder geval niks van maken. We zien een vrouwelijke tweeling, en af en toe nog wat andere mensen, een aantal strippers mishandelen en vermoorden, met ondertussen heel veel kots. Af en toe komt ook Lucifer Valentine nog even in beeld, om even lekker het beeld in te kotsen. Er is zo af en toe nog wel wat fraai vrouwelijk naakt in beeld, maar al kotsend of als ze opengereten worden is het toch minder leuk. De gore-effecten zijn verder maar matig, en tja, als je niet van kots houdt, dan heb je in dit plotloze moeras van braaksel en bloed weinig te zoeken. Ik heb het al eens eerder gezegd, maar ik ben wel klaar met die Lucifer Valentine.
Reise nach Agatis (2010)
Jezus. Wat een nare, zieke film. Ik kende de film, of eigenlijk de regisseur al van reputatie, en hoewel ik beter zou moeten weten heb ik toch maar deze film opgezet - Kannibal en Melancholie der Engel trokken me om andere redenen nog minder. Ik had eerlijk gezegd half verwacht dat ik 'm niet uit zou kijken, zeker niet na het al ontzettend nare intro. Maar Reise nach Agatis begint (na het brute begin) daarna behoorlijk langzaam, met veel mooie dromerige beelden van een bootreisje langs de Kroatische kust. En voor je het weet ben je een beetje in slaap gesust en is het al dik over de helft van deze toch al niet al te lange film. De echt zieke scenes komen sowieso slechts in een paar relatief korte maar heftige spurten, en lijken door de voor- en tussenliggende rustpunten nog extremer, al is er in de tweede helft tussendoor ook meer dan genoeg psychopatische terreur te beleven. En ja, de zieke scenes zijn ook echt ziek, met de laatste pak 'm beet tien minuten als summum.
Het verhaal is simpel: een Duits stel dat op vakantie gaat, pikt een mooi blond meisje op die graag gezelschap voor op de bootreis biedt. En dat had ze beter niet kunnen doen. Het begint allemaal nog gezellig, maar de man blijkt een sadistische psychopaat en het gaat van kwaad tot erger met brute verkrachting, o.a. genitale verminking en een gruwelijke moord als besluit. Ik weet nog steeds niet wat ik moet denken, of wat de film nou eigenlijk wil. Ik ben uberhaupt nog steeds een beetje van m'n apropos. Maar ondanks dat dit veel verder ging dan ik eigenlijk trek in een film, is Thomas Goersch een hele overtuigende psychopaat (ik weet niet of dat een compliment is) en is ook wel te zien dat Marian Dora naast een zieke geest tevens over enig talent beschikt. Muzikaal was het ook behoorlijk passend. Ik vermoed dat ik niet snel ooit nog een andere Dora op zou zetten, laat staan dat ik deze nog een keer ga kijken. Het is een van de meest extreme films die ik ooit gezien heb (ondanks de vele voornoemde rustige scenes), en toch was het ook wel intrigerend, als een inkijkje in de hel.
Relatos Salvajes (2014)
Alternatieve titel: Wild Tales
Escaleren kun je leren.
Heerlijke collectie korte filmpjes die behoorlijk in mijn straatje vielen. Het deed me qua sfeer en type plot erg denken aan sommige van de (overigens bijzonder vermakelijke) korte verhalen van Roald Dahl, waarbij een zeer alledaags lijkend tafereeltje door een samenloop van omstandigheden of met een ietwat morbide twist tot iets een stuk naargeestigers verwordt. De aanwezigheid van twists was hier wat minder, maar met name het type zwarte humor vond ik erg vergelijkbaar. Maar terug over de film: prima vermaakt met alle verhalen, goed geacteerd en gefilmd, en dikke lol gehad.
Ren Rou Cha Shao Bao II: Tian Shu Di Mie (1998)
Alternatieve titel: The Untold Story 2
Objectief gezien is er best wat op aan te merken hoor, met vooral matig acteerwerk, maar toch keek dit fijn weg. Een lekker luguber verhaal, waarin een wat bleue vrouw toch een stuk minder bleu blijkt dan je zou verwachten, als ze met bruut geweld losgaat op meerdere mensen die haar in de weg zitten, om het lijk verder lekker uit te serveren in de barbecuetent. Heel expliciet is het allemaal niet, daar heeft het het budget ook niet voor, maar op suggestie en met goedkope maar effectieve trucjes kan je een hoop bereiken. Het begint nog wat tam, maar het sfeertje zit er lekker in en de film gaat ook niet langer door dan nodig is. Prima mee vermaakt!
Ren Tou Dou Fu Shang (2001)
Alternatieve titel: There Is a Secret in My Soup
Enigszins obscure, low-budget Hong-Kongse groezeligheid. Het begint met een rondtocht langs een crime scene, en daarna begint een soort van exploitation met prostituees, pooiers en een hoop vrouwonvriendelijkheid (er wordt volop op los gemept in ieder geval). Het is niet puur horror wat de klok slaat, er is zeker in het begin ook een hoop misdaad en drugsexcessen die voorbijkomen. Maar zeker in de flashbacks en later in de film wordt het best naar, als er toegewerkt wordt naar langdurige martelingen en uiteindelijk moord. Het is oprecht vuig qua sfeer, alhoewel het low-budget aspect ervoor zorgt dat heel veel buiten beeld gebeurt en het overdreven acteerwerk vaak nogal gimmicky is - veel gekke bekken trekken en zo tijdens het martelen. Het voelt sowieso wel goedkoop aan. Ik weet niet helemaal wat ik er van moet vinden, het continue naargeestige sadisme ging me toch wel tegenstaan en dat is toch wel waar de film op drijft. Maar het heeft op z'n eigen manier toch wel indruk gemaakt.
Renfield (2023)
Renfield doet het op een hele andere manier [dan The Last Voyage of the Demeter]. Deze film verplaatst Dracula naar de moderne tijd, en niet alleen dat, het wordt ook een over-the-top, campy, humoristisch ingestoken variant. Met een focus op Renfield: in het originele verhaal een bewoner van een gekkenhuis die door Dracula bezeten wordt, hier is hij een vrijwillig soort van hulpje van Dracula in de moderne wereld. Al is het ook duidelijk een metafoor hier voor toxische relaties. Ik noemde het al over the top en campy, en het zal dan ook niet verbazen dat Nicolas Cage hier Dracula speelt, in de stijl van Mandy of The Colour Out of Space. Maar mij lag de humor niet zo goed. Renfield die als een soort van Popeye een superman wordt als hij ongedierte eet, en de film is grotendeels een (bloederige) strijd tegen een kleuterversie van de maffia. Maar dan dus op een flauwe 'humoristische' superheldenmanier, met de schmierende Awkwafina als partner en insekten eten als gimmick. Er was nog wel wat aardige gore, en sommige scenes waren nog wel te doen, maar met deze superheldenhorrorklucht was ik snel klaar.
Requiem for a Village (1976)
Op een bijzonder dromerige wijze wordt de verwording van een klein dorpje in Suffolk getoond. Regelmatig komen de beelden van de huidige tijd voorbij; Vinex-achtige, inwisselbare nieuwbouw, graafmachines, bouwwerkzaamheden, motorrijdend geteisem en mensen pratend over de veranderingen. Maar de hoofdmoot speelt zich af in een eerdere tijd, in de gedachtes van een oude man die bij de begraafplaats terugdenkt aan vroegere tijden. Veel plot is er verder niet, vooral veel aardig geschoten beelden van nostalgische scenes van het dorpsleven.
Zo af en toe lijdt de film een beetje onder zijn eigen plotloosheid en de wat geforceerd gebrachte contrasten tussen de Engelse pastorale en de huidige tijd. De boodschap dat het verleden een onderdeel is van de identiteit van een dorp kan ik me prima in vinden, al ben ik meestal niet zo overtuigd van (misplaatste) nostalgie naar het verleden. Maar hier wordt het wel erg vaak wat als een overdreven tegenstelling tussen een zielloos heden en een idyllisch verleden gebracht , al is dat ook wel enigszins verklaarbaar gezien we voornamelijk kijken vanuit de blik van de eenzame oude man die het verleden ontzettend mist. Al moet ik zeggen, het blijkt niet alleen pure nostalgie - Gladwell geeft er nog een inktzwart randje aan met de verkrachtingen in verschillende tijden die getoond worden. Verder een mooi, wat hallucinant einde. De Britse pastorale plaatjes waren uiteindelijk best de moeite waard, en het wordt mooi op beeld gezet, dus wat mij betreft een voldoende, al is het geen hele dikke.
Rescuers Down Under, The (1990)
Alternatieve titel: De Reddertjes in Kangoeroeland
Geen voltreffer, verre van, maar uiteindelijk toch een behoorlijk vermakelijk Disney-werkje. De Reddertjes gaan nu naar Australië, waar een jongetje ontvoerd is door een stroper en Miss Bianca en Bernard in actie moeten komen. Het jongetje is ook meteen één van de grotere minpunten, want Cody is niet zo leuk. Bianca en Bernard zijn al een stuk beter, maar komen in deze film ook niet echt superveel aan bod, en alleen Bernard doet echt nog iets in de tweede helft van de film. Maar de Australische setting en veel van de bijkarakters maken de film; Wilbur blijft vermakelijk, dat stelletje dieren dat gevangen zit was ook prima, en die stroper is ook wel een lekker schmierende schurk. En natuurlijk, het hoogtepunt is Joanna de varaan, een van m'n favoriete sidekicks (vanaf nu). Ik vind sowieso dit soort avontuurlijke Disneys wat vermakelijker dan de zoetsappigheid waar veel Disneyfilms nog wel eens last van hebben, en ook het gebrek aan liedjes bevalt me prima.
Resurrection Man (1998)
Eind jaren '70, begin jaren '80 waren donkere tijden in Noord-Ierland - op het hoogtepunt van de Troubles was er bruut geweld van beide kanten, en niet alleen andere (para-)militairen of de Britse overheid waren doelwit. Misschien wel de meest beruchte groep waren de Shankill Butchers - een groep protestante terroristen rond Lenny Murphy die zich specialiseerde in het ontvoeren en doodmartelen van (met name) willekeurige katholieke burgers. Geweld is zelden een goede zaak, en moord al helemaal niet, maar dat de Provisional IRA deze man een kogel door z'n hoofd heeft geschoten was volkomen terecht. En dat hadden ze ook bij de rest van die psychopaten mogen doen.
Aldus de geschiedenisles van vandaag. Resurrection Man is min of meer gebaseerd op het verhaal van de Shankill Butchers, maar doet dat op nogal dubieuze wijze. Het acteerwerk is best prima, en het filmwerk ook. Maar Resurrection Man haalt vrijwel de hele historische en politieke context van die periode weg, en doet verder z'n best om Victor Kelly (gebaseerd op Lenny Murphy dus) en zijn ultrageweld als cool af te schilderen, op een Alex DeLarge achtige wijze. Puur als harde film over een charismatische moordenaar en z'n hulpjes is het filmtechnisch best oké, doch plotmatig incoherent en veel minder boeiend dan het had kunnen zijn, maar gezien de historische lading krijg ik toch een beetje een vies smaakje in m'n mond van Resurrection Man.
Return, The (2024)
Verbazend lage score, al zie ik aan de stemmers dat ik dat misschien met een korreltje zout moet nemen. Het is geen meesterwerk, maar toch een alleraardigste verfilming van het einde van de odyssee. Het is een film die voor zover ik kan zien het bronmateriaal juist vrij direct volgt. Ralph Fiennes is wel erg veel moeilijk aan het kijken als de getormenteerde Odysseus, maar de film ziet er fraai uit en weet zeker op het grote doek wel te overtuigen als Grieks epos. Met een fraaie setting en een hoop bloedvergieten zoals dat naar goed oud-Grieks gebruik erbij hoort. Verwacht geen onverwachte wendingen of komische interludes, het is een film die de gehele duur lang bloedserieus naar het einde toewerkt. Maar dat werkte voor mij alsnog prima.
Revenge (2017)
Deze film stond al een tijdje op mijn kijklijst, en nu kwam het er dan eindelijk van. Op aandringen van John Milton, die me ook waarschuwde dat ik mijn suspension of disbelief aan moest zetten. Nou, daar had ie in ieder geval gelijk in. Revenge heeft een typisch I Spit On Your Grave-verhaal, waarbij een vrouw bruut wraak neemt op haar verkrachters. Er gaat vervolgens in deze film best wel wat goed, maar ook een aantal dingen bepaald niet, en ik kom dan ook niet verder dan een krappe voldoende.
De twee leads acteren prima, waarvan ik Matilda Lutz helemaal niet ken, en ik tot mijn verbazing Kevin Janssens recent heb gezien als Patrick in De Patrick. Ik had 'm in ieder geval niet herkend, wat een compliment voor hem is, denk ik. De twee andere acteurs (er zitten maar vier acteurs in de hele film) zijn wat minder, maar soit. En visueel ziet de film er goed uit, met ook mooie omgevingen én behoorlijk veel harde actie en bloedige gore. Zover, dikke prima, maar hoewel ik al gewaarschuwd was, is dit plot zelfs met de nodige karrenvrachten zout nog steeds wel aan de flauwe en voorspelbare kant. Dit had meer suspension of disbelief nodig dan ik zo op een gemiddelde dinsdagavond op kan brengen, blijkt, en ook met suspension of disbelief blijft het nogal simpel en voorspelbaar. Ondanks die geregelde irritatie maakte het visuele aspect en de sterke actie/horrorscenes het toch weer deels goed.
Revenge of the Pontianak (2019)
Ik ben altijd wel te porren voor films over lokale folklore, en de legende van de Pontianak kende ik nog niet. En dit leverde best wel een vermakelijke film op, waar vooral de sfeer en locatie wat mij betreft de film maken. In Revenge of the Pontianak beginnen we met een bruiloft, waarbij Khalid trouwt met Siti - maar al snel begint het te escaleren in het dorp, en blijkt dit het werk van de Pontianak, een vrouwelijke geest die rondwaart. Khalid heeft namelijk een verre van brandschoon verleden, en de vrouw die hij vermoordt heeft wil wraak. De setting in een jungle-achtige omgeving gecombineerd met de fraaie beelden zorgden ervoor dat ik me prima vermaakt heb. Ook al is het verhaal niet zo bijzonder, de acteurs niet geweldig en de effecten idem dito, en vliegt de film in de tweede helft wat uit de bocht als de dorpelingen op jacht gaan naar de Pontianak. Geen hoogstaande cinema met uiteindelijk een simpel spookverhaaltje, wél leuk als dit in je straatje valt. Naar boven afgerond: 3.5*.
Reykjavik Whale Watching Massacre (2009)
Alternatieve titel: Harpoon: Reykjavik Whale Watching Massacre
Niet alles wat je van ver haalt, is goed. Nu is dat met een titel als The Reykjavik Whale Watching Massacre ook niet zo heel verbazend. Het begint al lekker cliché. Een of andere moeilijke herrieband staat te spelen in een hippe club, met een ontzettend hippe clientèle -alsof dat soort bimbotoeristen naar zo'n halve grindcore-act gaan kijken, en alsof zo'n band überhaupt ooit in zo'n soort club komt te spelen. En ja hoor, na die eerste paar toeristen zien we een paar ontzettende cliché-Japanners, daarna volgen wat vrouwen van middelbare leeftijd die verlekkerd naar de jonge mannen kijken, en dan is er nog een hele vervelende Fransman met een vervelend accent. Kortom: de introductie van het slachtvee was al beroerd, laten we hopen dat de slachting zelf beter gaat.
En in tegenstelling tot wat veel andere MM'ers hier vinden, vond ik dat ook helaas geen feest. De toeristen komen bij een soort van gestoorde walvisvaardersfamilie terecht, zoals de titel al suggereert geïnspireerd door, The Texas Chainsaw Massacre, en dan beginnen de moorden. Empathie met de slachtoffers had ik sowieso al niet en de meeste kills zijn storend offscreen, zoals bij de onvermijdelijke harpoen. Ondertussen blijven al die waardeloze acteurs de meest irritante clichés uitbraken. Af en toe komt er nog wel een originele kill voorbij, en de setting van de noordelijke Atlantische Oceaan, de IJslandse kust en walvisschepen heeft ook wel wat, maar dat is het dan ook wel. Ik sluit me aan bij Actarus, een matige slasher die nog een heel slag minder bleek te zijn dan waar ik op hoopte.
Rhymes for Young Ghouls (2013)
Tja, weliswaar krijgt Rhymes for Young Ghouls een misdaad-tag mee op IMDb, maar dit is toch echt in de eerste plaats een (familie-)drama. Weliswaar eentje die zich afspeelt in een criminele familie die leeft van drugshandel in een Crow-indianenreservaat, en waar ook zeker wel misdaad en geweld in te zien is, maar een echte misdaadfilm hoef je niet te verwachten. De centrale rol, ook goed gespeeld, is voor Devery Jacobs, die de 15-jarige Aila speelt - moeder heeft zelfmoord gepleegd, vader zit in de bak, en Aila zelf is al geheel ingeburgerd in de criminele wereld van vader en oom Burner. En ook de overheid in de vorm van een nogal karikaturale reservaatsofficier Popper, die op sadistische en corrupte wijze zijn macht gebruikt om de Indianen onder de duim te houden en er nog wat aan te verdienen ook, speelt een belangrijke rol als de nemesis van Aila en co. Naast het realistische aspect van de film, dat me in de eerste helft wel wat deed denken aan een Indiaanse Cold Mountain, is er ook ruim baan voor magisch realisme, met name zodra Aila het graf van moeder bezoekt. Het drama-aspect kon me niet altijd bekoren, maar verder is dit best een interessant filmpje, waarbij de setting zeker een positief punt was. Je kan het slechter treffen met een redelijk willekeurig Netflix-filmpje. 3.5*
Ring of Terror (1962)
Ik snap de beoordelingen hier en op IMDb wel. Ring of Terror is inderdaad doodsaai, en amateurisme ten top. Het speelt zich af op een universiteit, maar iedereen lijkt toch zeker een jaar of tien a twintig te oud te zijn. En sowieso is dit de meest ongeloofwaardige en beroerd gespeelde fraternity die ik gezien heb, en ik heb Pledge This gezien. Het geluid is beroerd opgenomen, en de gesprekken zijn soms nauwelijks te verstaan - al geef ik toe dat ik de MST3K heb gekeken. Maar goed, ik denk ook niet dat ik echt iets aan de gesprekken gemist heb. Visueel is het bout. En plot, tja - iets met een ontgroenings-dare die misgaat, maar dat had ook in vijf minuten verteld kunnen worden. En de rest van het universiteitsleven is nou ook niet echt de moeite waard. Serieus, bespaar je de moeite, tenzij je MST3K gewoon leuk vindt.
Ritual, The (2017)
Viel me niet tegen, deze horror van Netflix-makelij die ik eigenlijk redelijk willekeurig aanzette. Geen voltreffer, daar waren er toch te veel onlogische beslissingen, minder boeiende passages en de wat mij betreft wat dissonerende nachtmerriescenes. Maar de setting in de Noordse bossen, de langzame opbouw met best wel wat freaky zaken zoals het geofferde hert en het idool in die hut, en het folkloristische, heidense sausje wat er gebruikt wordt, daar werd ik allemaal wel blij van. In het laatste half uur gaat het weliswaar enigszins los met een explciiete sekte en een bovennatuurlijke monster-god (allebei leuk), maar wordt het helaas ook wat meer een standaard actie-finale. Desondanks was dit een prima anderhalf uurtje vermaak.
Rockers (1978)
Na gisteren Babylon gezien te hebben, heb ik ook deze Rockers maar eens ut de kast gepakt. De films hebben inderdaad nogal wat overeenkomsten, en hoewel ik het grimmigere Babylon uiteindelijk de beter vind, was ook Rockers zeker de moeite waard.
Natuurlijk, het plot is flinterdun, en de acteerprestaties zijn niet om over naar huis te schrijven, maar daar gaat het hier ook niet om. Qua sfeer is dit supertof, waarin we Horsemouth rond zien trekken door de rasta-gemeenschap rond Kingston, op zoek naar zijn gejatte motor, bezig met allerhande klusjes om toch de kost te verdienen, en muziek makend of luisterend. Niet verbazend dat muziek zo'n prominente rol speelt, met ook vele reggae-muzikanten in allerlei rollen en rolletjes. Heel tof om het Jamaica van de jaren '70 en de reggaescene daar eens op film te zien.
