• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.905 acteurs
  • 198.969 gebruikers
  • 9.370.278 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten De filosoof als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

T2 Trainspotting (2017)

Alternatieve titel: Trainspotting 2

Er zitten een paar zwakke momenten in de film (die wat flauw en clichématig zijn), maar in het algemeen is de film leuk en een waardige opvolger van de legendarische Trainspotting uit 1996, al kun je je afvragen waarom deze film is gemaakt c.q. wat hij toevoegt aan de oude film. Want eigenlijk is de film niet zo veel anders dan de oorspronkelijke Trainspotting: de jongens zijn nog steeds crimineel maar we zijn 20 jaar verder in de tijd zodat de omstandigheden hedendaagser zijn (met mobiele telefoons en zo) en er nu vooral achterom naar het verleden wordt gekeken. Waar de oorspronkelijke film als boodschap had dat als je jong bent kunt aan kloten omdat je nog tijd hebt om iets van je leven te maken, laat deze film zien dat je het verleden nooit helemaal achter je kunt laten.

Ta Farda (2022)

Alternatieve titel: Until Tomorrow

De film laat zien hoe moeilijk het leven van vrouwen is in Iran, in ieder geval van ongehuwde moeders want die worden er als paria behandeld, en dat is prima maar het verhaal is te mager: het is een en al gezeul met een baby die moet worden verstopt voor de ouders van de moeder met een niet geheel verrassend ietwat feministisch einde. Het wat eentonige verhaal wordt overigens goed verteld en de film heeft een paar goede scenes.

Take Me Somewhere Nice (2019)

Het is duidelijk dat men heeft geprobeerd aldoor mooie, artistieke beelden en aldoor diepzinnige one-liners en dialoogjes in de tekst over bv. migratie en cultuurbotsing te leveren en alhoewel men daarin best slaagt wordt het beeld of de tekst nergens echt interessant. Het verhaal heeft focus – een Nederlands meisje van Bosnische afkomst gaat in haar eentje in Bosnië op zoek naar haar vader en maakt van de gelegenheid gebruik om het avontuur aan te gaan en zichzelf te ontdekken – maar wordt nergens echt spannend. Ik weet ook niet goed wat de film wil zeggen, anders dan het bevestigen van het Bosnische vooroordeel dat Nederlandse meisjes makkelijk zijn qua seks.

De film is aldus zeker niet mislukt of wanstaltig – hij is best aan te zien – maar ook niet echt geslaagd of interessant.

Taken (2008)

Simpel actiefilmpje dat geheel over-the-top en dus ongeloofwaardig is maar dat fijn weg kijkt omdat het pretentieloos en lekker intens is. Op een gegeven moment wordt het wel een soort Bud Spencer & Terence Hill zoals hij aan de lopende band complete legers tot moes mept terwijl al die brede tegenstanders niet een keer raak kunnen slaan of schieten, maar gelukkig is de film lekker kort en is ie net op tijd afgelopen.

Talented Mr. Ripley, The (1999)

Alternatieve titel: The Mysterious Yearning Secretive Sad Lonely Troubled Confused Loving Musical Gifted Intelligent Beautiful Tender Sensitive Haunted Passionate Talented Mr. Ripley

Inderdaad wat langdradig maar toch een goede film. De film gaat over hoe we onze geheimen verbergen en een rol spelen in plaats van onzelf te zijn ("better to be a fake somebody than a null nobody"). Opnieuw een bevestiging van mijn theorie dat elke film waar Hoffman in speelt een goede film is.

Talk to Me (2022)

De film bedient zich van bekende horrorclichés – met name het ouijabord om de geesten van overledenen op te roepen (en het door elkaar gaan lopen van deze wereld en het dodenrijk of hel, bezetenheid (door de duivel) en de vloek die wordt doorgegeven aan telkens een nieuw slachtoffer – en is in die zin een 13-in-een-dozijn-horrorfilm, maar waar twaalf van dat dozijn een belediging voor de intelligentie van de kijker is (vaak ook bedoeld voor een weinig kritisch puberpubliek) met een onlogische plotontwikkeling, veel onzin en een ‘horror’ die bestaat uit schrikmomenten en/of veel bloed, is deze film de 13de betere horrorfilm die opvallend zuinig met schrikmomenten en slachtpartijen is want het heeft een goed verhaal dat logisch is (ook mooi rondgemaakt: het einde is weer het begin) en dat een basis heeft in de werkelijkheid. In feite ligt de parallel met drugsgebruik zo voor de hand dat de film als een metafoor daarvoor kan worden opgevat met als boodschap dat je bij het experimenteren niet te ver moet gaan waardoor je de controle verliest (hou je aan de instructie) en je geeft beter geen hallucinogene drugs aan minderjarigen en zeker niet aan een psychisch labiel persoon: de clue van het verhaal is in wezen dat een getraumatiseerd meisje (dat haar moeder heeft verloren en dat meent niet te worden gezien) door het hallucinante experiment in een psychose raakt en een gevaar voor zichzelf en haar omgeving wordt.

Wat betreft de drugsmetafoor deed de film me ook een beetje denken aan het literaire meesterwerk Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde (1886) van Robert Louis Stevenson omdat de beroemde transformatie van dat verhaal in wezen een drugsverslaving beschrijft: Robert Louis Stevenson: Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde (1886) .

Tampopo (1985)

Alternatieve titel: Paardenbloem

De film is twee uur lang geouwehoer over en spelen met eten en kon me nauwelijks boeien. De film is niet spannend, niet ontroerend en niet grappig. De film bezit weliswaar humor maar het is een flauwe kluchthumor die meestal nog geen glimlach op m’n gezicht kon brengen. Het westernverhaaltje rondom het eten vervangt het gebruikelijke geweld door eten en doordat alles in de film over eten gaat en iedereen in de film geobsesseerd is door eten, verheft de film eten tot een soort religie hetgeen de Japanse cultuur zou weerspiegelen. Maar meer nog is de associatie met seks voelbaar; vanwege de combinatie van klucht en erotische aanbidding van voedsel is de film in wezen een soort Tirolerseksfilm die de seks heeft vervangen door eten (omgekeerd herinner ik me ook een documentaire op TV over de Japanse obsessie om eten te gebruiken bij de seks zoals het gangsterstel in de film doet). Waarschijnlijk omdat ik geen Japanner ben interesseert dat eten mij niet zo en had ik liever een echte western of Tirolerseksfilm gezien.

Tanja: Up in Arms (2023)

Alternatieve titel: Tanja - Tagebuch einer Guerillera

Goede documentaire over Tanja Nijmeijer, de Nederlandse jonge vrouw die lid werd van de marxistische guerilla- of terreurbeweging FARC in Colombia, waarin Tanja in hoge mate zelf haar verhaal vertelt. Ze was idealistisch maar ook naïef: toen ze haar dorp in Nederland was ontvlucht door Engelse les te geven in Colombia, raakte ze politiek geëngageerd en wilde ze iets aan de onderdrukking van de boeren in Colombia doen hetgeen vanwege de oorlog die er woedde alleen lukte door zelf aan de gewapende strijd mee te doen. De strijd en de corruptie binnen de FARC werden een desillusie, al werd ze persoonlijk een beroemdheid die als zodanig de vredesbesprekingen namens FARC voerde waarna nota bene iemand uit de guerilla-beweging gekozen werd tot president. Tanja was lid geworden van FARC uit politieke overtuiging en niet vanwege het avontuur maar haar verhaal is spannend omdat een Nederlands meisje in een guerillabeweging in de jungle voor de toeschouwer juist wel een avontuur is.

Tár (2022)

Ik had geen hoge verwachtingen van deze film en helaas werd ik niet positief verrast: de film is erg langdradig – hij duurt ook veel te lang – en ook wat vaag zonder dat het ergens echt boeiend wordt. De film laat eindeloos het leven van een celebrity-dirigent, in dit ficitieve geval dat van Tár, zien waarbij er wel aldoor intellectuele citaten en weetjes worden rondgestrooid – vaak nog in de oorspronkelijke taal zoals “La femme a le droit de monter à l'échafaud, elle doit avoir également celui de monter à la tribune” en “Die Hoffnung stirbt zuletzt” – zonder dat de gesprekken intellectueel interessant worden of de film een diepere laag krijgt: uiteindelijk is de film simpelweg de verfilming van enkele grote media-thema’s van deze tijd, namelijk het woke-gedram over diversiteit en de #metoo-beschuldigingen (in Nederland hebben we zelfs onze eigen Tár in de figuur van dirigent Gatti die werd ontslagen na “ongepast gedrag”), zonder daar echter iets interessants mee te doen. Dat de film zo lang en dus langdradig is zal z’n rechtvaardiging hebben in de epos-structuur van het clichématige ‘opkomst en ondergang van een ster’-thema.

De film lijkt me maatschappijkritisch want de boodschap is denk ik gericht tegen de woke- en #metoo-waanzin: muziek (kunst) verliest z’n transcendentie en verbindende kracht als alleen huidskleur e.d. de waardering mogen bepalen of als een kunstenaar wordt gecancelled als die misschien (want nog onbewezen) een scheve schaats heeft gereden. Die boodschap onderschrijf ik van harte: als een groot kunstenaar bv. een nazi en kinderverkrachter is moet hij of zij naar de gevangenis maar z’n kunst evengoed naar het museum of concertzaal. Ofschoon de film goed gemaakt zal zijn, weet de film van deze thema’s en boodschap echter voor mij geen interessant verhaal of film te maken.

Tarde Para Morir Joven (2018)

Alternatieve titel: Too Late to Die Young

De film zal een realistisch beeld geven van een Chileense gemeenschap in 1990, wellicht ook van de jeugdherinneringen van een oudjaarsfeest van iemand en alles is zeker mooi c.q. bekwaam gefilmd, maar het verhaal kent praktisch geen drama of spanning en bevat geen interessante dialogen of karakterschetsen waardoor de film gewoon heel saai is. Het is een simpele coming-of-age-film waarin we naar een pubermeisje kijken dat rijp is om haar gemeenschap te verlaten om deel uit te gaan maken van de wereld van grote mensen, gesymboliseerd door de twee honden waarmee de film begint en eindigt (de eerste hond volgt de gemeenschap en de tweede hond rent weg van de gemeenschap). Veel meer kan ik niet over de film zeggen en zit waarschijnlijk ook niet in de film.

Tardes de Soledad (2024)

Alternatieve titel: Afternoons of Solitude

De film duurt heel lang en laat niets anders zien dan de stierenvechter (torero) Andrés voor (kleren aantrekken, kruis slaan), tijdens (de wedstrijd) en na (nabespreking in de auto) z’n stierengevechten. En dan vooral tijdens: bijna de hele film is gevuld met beelden van z’n stierengevechten. Zelfs de grootste liefhebbers van deze ‘sport’ zouden het beu worden en het publiek dat niets met stierengevechten heeft, waaronder ikzelf, verveelt zich al snel dood. Kenmerkend voor de wijze van in beeld brengen is de close-up zodat we nauwelijks iets van de wedstrijd (het duel) meekrijgen maar des te meer van de blikken van de torero en het bebloede lichaam van de stier. Met dit hyperrealisme wordt misschien de romantiek ervan weggenomen maar tegelijk laat het ook van dichtbij de confrontatie zien tussen mens en beest, tussen geest en natuur zodat je begrip krijgt waarom dit een oeroude traditie is: het oogt als een ritueel dat de grootste gebeurtenis van de menselijke geschiedenis visualiseert, namelijk de overwinning van de mens (geest) op de (wilde) natuur. Tegelijk oogt het als een circusact want alhoewel de strijd gecontroleerd wordt gevoerd met een zekere overwinning door de mens is het niet zonder gevaar – de torero moet het gevaar opzoeken – zodat het ook een kunststuk is welk kunstje echter tot vervelends toe wordt herhaald. Zelf zien de torero’s en het publiek het denk ik als een sport waarin de torero toont dat hij “de grootste ballen” van iedereen heeft door elke keer opnieuw z’n leven te wagen voor z’n roem: het toont de moed van echte mannen die daarvoor als helden gevierd worden.

Maar hoeveel je er ook in kunt zien – en ik denk dat iedereen erin ziet wat hij wil zien: sommigen lopen uit de bioscoop weg omdat zij slechts dierenmishandeling zien – de documentaire ‘zegt’ zelf niets maar laat slechts eindeloos het stierengevecht zien (zodat je zelfs als leek snel een expert wordt in de beoogde ordening van gebeurtenissen in de arena). Omdat Andrés een paar keer gebeukt wordt door de stier zijn er enkele intense momenten, maar omdat de film geen variatie kent en mede daardoor heel, heel lang duurt ondergaat niet alleen de stier een zinloze marteling maar de kijker evengoed maar dan uit verveling.

Ted (2012)

Sommige grappen zijn leuk, andere zo flauw dat het genant is. Het verhaal slaat nergens op, al wordt het aan het eind toch nog wat. Kortom, een halfgeslaagde film.

Temblores (2019)

Alternatieve titel: Tremors

Laten we elkaar geen mietje noemen: er zit duidelijk een politiek activistische agenda achter (een deel van) de selectie van films door filmhuizen. Filmhuizen zijn volgens mij zelfs ontstaan vanuit een ‘politiek bewustzijn’ en bv. de eerste film van het eerste filmhuis was dan ook niet voor niets – in de woorden van dat filmhuis zelf – “een pleidooi voor een sociaal-politieke revolutie voor de generatie van de jaren zestig die tegen de gevestigde orde inging.”. In onze tijd vertaalt dat ‘politiek bewustzijn’ zich in identiteitspolitiek met haar obsessie voor gender, geslacht en ras zodat je soms de indruk krijgt dat werkelijk elke film van een vrouwelijke of zwarte regisseur of met homoseksualiteit of racisme als thema wordt uitgebracht door de filmhuizen. Mij maakt het overigens niet uit welke huidskleur of geslacht de regisseur heeft en ik schuw geen enkel thema, dus ik ga naar al deze films en probeer ze dan te beoordelen zonder politieke agenda. Ik vind het zelfs niet erg als ze niet allemaal heel goed zijn: vrouwen, zwarten, homo’s en andere minderheden zijn heel lang genegeerd zodat ik ze best een soort inhaalslag gun.

Zo ook deze film. Maar zonder politieke agenda vond ik de film weinig de moeite waard: de film laat simpelweg de harde realiteit voor homo’s in een ‘achterlijk’ of ‘homofoob’ land als Guatemala zien maar voegt daar als film eigenlijk niets aan toe. Het is gewoon een hele saaie film. Wat ik wel aardig vond is dat nadat Pablo is verstoten door zijn familie, ontslagen is door zijn werkgever en de rechter heeft beslist dat hij zijn kinderen niet meer mag zien, dit allemaal alleen maar omdat hij seks heeft met een man, dan alleen nog terecht kan in de kerk: de kerk houdt immers van zondaren (alle mensen zijn zondaren). De kerk is een bron van homofobie maar ook een schuilkelder voor homo’s en andere uitgestotenen: dat is een nuance waarvoor de discussie in Nederland geen ruimte geeft omdat wij Europeanen – volgens de filosoof Taylor – een historisch trauma hebben opgelopen met onderdrukking door de kerk waardoor wij elke georganiseerde religie haten (hetgeen ook onze islamofobie zou verklaren). Zie bijvoorbeeld onze woede jegens de Nashville-verklaring. In de individualistische VS zou religie daarentegen het noodzakelijke middel tot verbinding en gemeenschapszin zijn en als zodanig de heilige grondslag voor de natie.

Afijn, de kerk houdt van de zondaren maar niet van de zonde: zowel zijn familie als de kerk houden van Pablo maar leggen ook grote druk op Pablo om in therapie te gaan om te genezen van zijn ‘ziekte’, om zijn humanistisch pad tot het valse geluk op te geven voor een opoffering – het onderdrukken van zijn lust – om weer in genade te komen bij God, familie en maatschappij. Pablo zwicht maar de film suggereert dat hij niet werkelijk gelooft in een mogelijke genezing maar dat hij deze vernedering moet doorstaan om zijn kinderen weer terug te krijgen.

Natuurlijk is dit een schrijnend verhaal en helaas al te waar voor vele homo’s in grote delen van de wereld. Maar ik ben van mening dat ‘the right cause’ een film nog niet goed maakt. Maxim Februari liet in Zomergasten van afgelopen zondag een fragment zien als boodschap: films over de Holocaust krijgen vaak Oscars, niet omdat ze zo goed zijn (of ons iets nieuws laten zien) maar omdat we onszelf zo goed voelen als we de ander (hier: de nazi’s) moreel kunnen veroordelen. Ik ben bang dat dat ook de reden is dat deze film – onder andere door Privacy settings - trouw.nl: “De schellen vallen je gewoon van de ogen” – zo juichend wordt onthaald, want je moet wel heel wereldvreemd zijn als deze film je iets nieuws vertelt.

Tenet (2020)

Het is een typische Nolan-film die weer probeert alle aspecten van de mens of alle mensen aan te spreken: actie voor de dommeriken, relaties en ethiek voor gevoelige mensen en een beetje natuurkunde en filosofie voor de nerds en intellectuelen. Maar ik vond de actie wel erg domineren: de natuurkundige basis met de inverse entropie en grootvaderparadox wordt nauwelijks uitgelegd omdat de nerds het wel kennen en de rest het niet hoeft te begrijpen om de film te begrijpen omdat voldoende is te begrijpen dat in de toekomst men erin slaagt de tijd om te keren. De moeilijkheid van de film is dan ook niet de wetenschap of filosofie maar het verwarrende plot als gevolg van dat teruggaan in de tijd en eigenlijk vooral het feit dat men ook het plot niet uitlegt maar je er (telkens) midden in valt. Al met al lijkt de regisseur terug te grijpen op Memento die ook berust op de inversie van de tijd waardoor je telkens in een nieuwe scene valt en het plot een puzzel wordt, maar waar Memento origineel was en je samen met de hoofdpersoon bezig bent de puzzel op te lossen is de tijdinversie hier wat meer een gimmick om de film tot een puzzel te maken voor de kijker. Wel heeft Nolan ook hier gezorgd voor een inhoudelijke reden van de tijdinversie (dus meer dan louter een gimmick): de mensen in de toekomst willen de klimaatcatastrofe met terugwerkende kracht stoppen (in die zin lijkt de film weer op Interstellar). Maar dergelijke inhoud is ondergeschikt gemaakt aan het spionageverhaal waar een geheim agent een crimineel moet stoppen die de hele wereld wil vernietigen. Het is weer een knappe film maar al met al is het nieuwe er wel af en voegt deze film weinig toe aan zowel de eerdere film van Nolan als enigszins vergelijkbare films waar men terug in de tijd reist zoals Looper.

Tengoku to Jigoku (1963)

Alternatieve titel: High and Low

De detective is een populair modern genre, ook in de filmwereld, zodat je het idee hebt dat je de film High and Low in een of andere vorm al honderd keer gezien hebt: de film laat zich eenvoudig samenvatten als het cliché van een briljant opgezette misdaad die vervolgens evengoed wordt opgelost door nog briljanter recherchewerk met een kat-en-muisspel tussen dader en de politie. Tegelijk is Kurosawa’s detectivefilm het tegendeel van de typische Hollywood-detectivefilm: waar die laatste een dermate complex plot heeft dat het nauwelijks te volgen is en graag verrassende plotwendingen gebruikt om de kijker nog meer te verwarren, is het verhaal van die van Kurosawa heel goed te volgen, zijn er ook geen plotwendingen en toont het vooral heel realistisch gedegen recherchewerk zonder ongeloofwaardig spektakel. Bovenal is de hedendaagse versie heel leeg en viert het in wezen de leegheid c.q. de lol van het kapitalisme als een spel waar de winnaar met list en bedrog met de buit vandoor gaat, terwijl de film van Kurosawa een bijtende kritiek is op het kapitalisme: veelzeggend verliezen beide partijen – rijk en arm – en in de briljante slotdialoog tussen dader en slachtoffer waarin de dader z’n motief van haat tegen de rijken onthult, vraagt het rijke slachtoffer ‘waarom denk je dat we tegenpolen zijn?’. Beide klassen – de rijken en de armen – verliezen immers hun menselijkheid in het kapitalisme en worden ‘monsters’: dat de rijke in z’n moreel dilemma waarin hij moet kiezen tussen z’n bedrijf (macht en rijkdom) en medemenselijkheid kiest voor het laatste is in wezen toch ook calculerend gedrag omdat het bedrijf dat een kinderleven offert geen genade zal vinden bij het publiek en evengoed ten onder zal gaan.

Dat maakt de film evengoed rijker dan de gemiddelde drukke en complexe Hollywood-film. Sowieso is Kurosawa een vakman zodat de film, ook al is ie weer erg lang (Kurosawa heeft geen haast, waarschijnlijk omdat de kijker van die tijd ook geen haast had), zeker niet verveelt: elk beeld, elk woord, elke handeling is precies goed en houdt je gefocust. Hooguit het hysterisch gedrag van de Japannners als ze emotioneel worden ‘klopt’ naar het gevoel niet: ik weet niet of dat de Japanse cultuur is of een zeker artistiek expressionisme, maar het stoort verder niet.

Terminator, The (1984)

Het verhaal is wat rammelend uitgewerkt maar evengoed leuk bedacht. De CGI is slecht maar de film is evengoed spannend. De film heeft de thematiek van klassiekers als Blade Runner en The Matrix gemeen, inclusief het (Bijbelse) Messias-thema dat de films tot een soort Bijbelvertelling in science-fictionvorm maakt. Al met al prima vermaak.

Terra dell'Abbastanza, La (2018)

Alternatieve titel: Boys Cry

De film is een sociaal-realistisch drama over de maffia in Italië welk genre niet de glamour en spannende schietpartijen van de Hollywood-maffiafilms heeft maar schrijnend drama biedt over hoe de maffia voor velen de enige uitweg uit de armoede is en hoe de maffia deze arme zielen simpelweg gebruikt. De film staat aldus in de traditie van onder meer Gomorra (2008) - MovieMeter.nl, Suburra (2015) - MovieMeter.nl en Dogman (2018) - MovieMeter.nl maar heeft helaas niet de spanning en het niveau van deze films.

De film laat wel mooi zien hoe voor de twee hoofdpersonen de kans om bij de maffia te komen meer nog dan een middel tot luxe vooral een fantasie is die uitkomt, want welke jongens vinden het niet stoer om huurmoordenaar te zijn? Uiteraard slaat die fantasiedroom tegen de werkelijkheid kapot. De opzet van de film is aldus goed maar ik vond de cruciale gebeurtenissen in de film te weinig context hebben waardoor je niet goed kunt meeleven of zelfs begrijpen waarom men doet wat men doet.

Territory, The (2022)

Alternatieve titel: O Território

Aronofsky heeft deze documentaire geproduceerd en dat verbaast niet want door zijn films zoals Mother! weten we dat hij kritisch is op hoe we met de Aarde omgaan en het verklaart waarom de documentaire mooie, wat artistieke beelden bevat. Evengoed koppelt de documentaire de vernietiging van het oerwoud van de Amazone en het daaraan verbonden lot van het inheemse volkje van de Uru-eu-wau-wau nauwelijks aan zaken als klimaatverandering en verlies van biodiversiteit: de documentaire richt zich geheel op de strijd om land tussen de indianen en de ‘indringers’ die hun land inpikken.

Ondanks de uitdrukkelijk activistische insteek van de documentaire, die het opneemt voor de indianen, laat het ook de landinpikkers ruim aan het woord en eigenlijk slaagt de documentaire er niet goed in om duidelijk te maken waarom we voor de indianen moeten zijn: mij bracht de documentaire juist enig begrip voor het standpunt van bv. Bolsonaro zodat de documentaire wellicht neutraler is dan het beoogt... Immers, de landinpikkers hanteren het argument: waarom krijgen een paar indianen enorm veel grond en wij niets? Ik merk op dat anders dan in de VS die erop zijn gebaseerd dat elke migrant z’n eigen stuk land kon pakken, Zuid-Amerika altijd eigendom was van bv. de koning van Spanje en andere grootgrondbezitters zodat ook de immigranten er in beginsel geen grond bezaten en een soort horigen waren. Blijkbaar zijn die in opstand gekomen en eisen nu ook eigen grond hetgeen door de overheid wordt gedoogd, zeker onder een president als Bolsonaro die überhaupt van zowel oerwoud als indianen af wil. Overigens, de indianen die in contact of eigenlijk in conflict met de ‘witten’ zijn gekomen, zijn dermate gemoderniseerd dat hun tradities weinig meer dan een herinnering zijn (ze spreken Braziliaans, lopen in spijkerbroek en T-shirt, hanteren apparatuur zoals filmcamera’s en halen vermoedelijk hun voedsel uit de supermarkt): het is puur een strijd om het land zodat de randen van het Braziliaanse oerwoud een Braziliaanse Frontier vormen met eenzelfde Wilde Westen met een oorlog tussen de indianen en kolonisten zoals eerder in Noord-Amerika. Officieel leven de indianen in beschermd gebied maar de overheid houdt geen toezicht (waarschijnlijk ook onmogelijk omdat het land zo groot en nauwelijks bevolkt is), zodat arme mensen – met de grootgrondbezitters achter hen – gewoon een groot stuk oerwoud kappen en in brand steken om er te gaan boeren. De indianen die daar moeilijk over doen kunnen in feite straffeloos worden vermoord en sowieso sterven veel indianen aan ziektes die de ‘witten’ meebrengen zoals corona. En ook witte activisten die het voor de indianen opnemen worden met de dood bedreigd. In reactie daarop gaan ook de indianen zich bewapenen maar in deze oorlog delven de indianen natuurlijk het onderspit.

De reden dat wij toch voor de indianen en de bescherming van hun territorium moeten zijn is dat zij de buffer (en daarmee helaas dus ook de frontlinie) vormen voor het behoud van het oerwoud hetgeen goed is voor het klimaat en de biodiversiteit. De landinpikkers lijken hier echter geen boodschap aan te hebben – het is niet eens duidelijk of ze iets van klimaatverandering e.d. weten – en lijken ideologisch door het christelijk geloof te worden gedreven waarbij het idee is dat God de Aarde aan ons heeft gegeven om te ontginnen: de indianen hebben geen recht op land omdat die – anders dan de kolonisten – de aarde niet productief maken. Maar juist door de natuur in stand te houden, houden de indianen ook het leven en ons eigen welzijn op lange termijn in stand: dat is de indiaanse ‘wijsheid’ die de moderne leiders, ook die van buiten Brazilië zoals bij ons, in hun gerichtheid op louter welvaart en luxe op korte termijn ten koste van de natuur ontberen.

Opmerkelijk genoeg geeft de documentaire begrip voor de landinpikkers want zoals een kolonist zegt: ‘ik kan niet in het bos leven’. Wij zijn immers landbouwers en geen jager-verzamelaars meer zoals de indianen. Evengoed moeten de indianen en hun oerwoud beschermen uit respect en voor ons eigen voordeel en heil, maar deze documentaire is aldus vooral interessant als de observatie van een botsing der beschavingen

Tesnota (2017)

Alternatieve titel: Closeness

Het is een typische langzame filmhuisfilm die een ander misschien als oersaai kan ervaren maar om een of andere reden wist de film mij meteen te pakken en te intrigeren, waarschijnlijk door zijn rauwheid en het getoonde leven in de jaren ’90 van vóór internet dat nostalgische gevoelens bij me opwekte. Maar het verhaal is ook boeiend: de sfeer is aldoor dreigend – de hoofdpersonages worden als Joden duidelijk niet door iedereen gewenst en tot overmaat van ramp is de dochter des huizes opstandig hetgeen ook grote spanningen in de familie en de Joodse gemeenschap opwekt – met sterke scenes en een interessante thematiek omtrent gaan of blijven c.q. het kwijtraken wat je liefhebt c.q. nabijheid vs. verwijdering (waar ook de titel naar verwijst), welke thematiek op verschillende niveaus speelt zowel voor de familie als voor de band tussen ouder en kind. Het verhaal wordt niet uitgespeld maar laat veel over aan de invulling van de kijker waarbij de empathische kijker zich bewust wordt van de complexe emoties en beslissingen die de personages ondergaan en moeten nemen.

De film is aldus in elk opzicht geslaagd en een indrukwekkend debuut. De film heeft zelfs een speciaal plekje in mijn hart gekregen. Tussen vier en vier-en-een-halve sterren.

Teströl és Lélekröl (2017)

Alternatieve titel: On Body and Soul

Een hele bijzondere film (over een hele bijzondere vrouw en een bijzondere liefde). De film is typisch arthouse – je vraagt je zeker in het begin af waar je in godsnaam naar aan het kijken bent – en bevat veel ‘schokkende’ beelden en tegelijkertijd is het een van de mooiste en ontroerendste liefdesfilms die ik ken (wat dat betreft is het een soort alternatieve kerstfilm). Zoals de titel al zegt gaat de film over lichaam en ziel (en over dieren en dromen) en daar zou je een hoop over kunnen zeggen maar de film heeft mijns inziens geen symbolische uitleg nodig: de film moet worden ervaren. De film lijkt ook iets te willen zeggen over de bioindustrie en autisme, die beide maatschappelijk in de belangstelling staan: onder meer dat ook dieren en autisten een diep gevoelsleven kunnen hebben. Een meesterlijke film die ik niet snel zal vergeten.

PS. Ik had me vantevoren niet verdiept in de afkomst van de film zodat ik me gedurende de film wel afvroeg wat voor gekke, onherkenbare taal er toch wordt gesproken (en dus ook waar de film zich eigenlijk afspeelt), zoals natuurlijk de titel er ook al zo gek uitziet. De film is dan ook Hongaars.

Teufels Bad, Des (2024)

Alternatieve titel: The Devil's Bath

Ik constateer dat ik op mrklm begin te lijken want ik verbaas me er over dat bijna elke film die ik de laatste tijd zie in de bioscoop bizar en genant slecht is (maar wellicht is mrklm het stadium van verbazing al voorbij); waarschijnlijk heb ik te veel films gezien zodat alleen echte kwaliteit nog indruk op me kan maken. Die kwaliteit vond ik zeker niet in deze zeer langzame en zeer saaie film. Het gaat over een jonge vrouw in een Duits dorpje in de 18de eeuw en zij is ongelukkig. Alhoewel de hele film dus twee uur lang niets anders dan dat laat zien, maakt de film niet eens duidelijk waar ze aan lijdt: mogelijk is ze te gevoelig c.q. te modern voor de nogal barbaarse levenswijze in het dorp maar dat zou wat anachronistisch zijn (al helpt het wel voor de moderne kijker om zich in haar in te leven) en in ieder geval is ze erg gefrustreerd dat ze kinderloos blijft omdat haar man geen interesse heeft in seks (mogelijk kan alleen een kind haar leven zin geven). Ik speelde nog even met de gedachte dat de film over mislukte integratie gaat want Agnes die van elders komt voelt zich duidelijk niet thuis in deze wereld en kan of wil zich niet aanpassen maar dat zou wat al te actueel en weinig politiek correct zijn. Misschien is ze gewoon gek; uiteindelijk doet het er ook niet toe want de hele clue van het verhaal is dat ze een van de vele honderden vrouwen in die tijd was die een kind vermoordde om de doodstraf te kunnen krijgen hetgeen een theologische achtergrond heeft (het leven is heilig zodat als je zelfmoord pleegt je direct naar de hel gaat, maar als je een ander vermoordt dan word je vergeven voordat je hoofd eraf wordt gehakt en dan ga je naar de hemel). Dat is een theologische moeilijkheid en leverde dus een tijdje dit soort historisch curieuze gevallen op, hetgeen interessant is om te weten, maar de film voegt daar niets aan toe behalve 121 minuten slaapverwekkende beelden. Alleen haar huilpartij waarin ze God om vergeving vraagt aan het eind vond ik goed geacteerd en mooi.

Je vraagt je af wat de makers hebben bezield of de bioscopen hebben bezield om de film uit te brengen: het zal het onderwerp van de pijn van vrouwen zijn. Ik moet wat zurig constateren dat in de huidige film- en bioscoopwereld opkomen voor vrouwen en andere minderheden helaas belangrijker is geworden dan het maken van goede films.

Texas Chainsaw Massacre, The (2003)

De film wordt gehaat door de critici en in ieder geval klopt de kritiek dat het verhaal weinig origineel is: de seriemoordenaar Ed Gein heeft onder meer de inspiratie gegeven voor 'Psycho' (1960), 'The Texas Chainsaw Massacre' (1974) en 'The Silence of the Lambs' (1991) en critici vinden met name de remake van 'The Texas Chainsaw Massacre' uit 2003 erg slecht omdat het slechts een bloederige slasher-versie biedt van het verhaal. Maar toch vind ik de versie van 2003 erg goed: opnieuw is de film heel sfeervol, waardoor je de desbetreffende macabare wereld wordt ingezogen, en levert het 'gore'-element precies het gruwel-effect dat van de film zo'n klassieker maakte. Hoe slecht de film ook is (Roger Ebert schrijft: "A contemptible film: Vile, ugly and brutal"), zelfs de hater moet toegeven dat de film effectief is: "I can't imagine why anyone would want to make a movie like this, and yet it's well-made, well-acted, and all too effective."

The Texas Chainsaw Massacre Movie Review (1974) | Roger Ebert - rogerebert.com

The Doors: Live at the Bowl '68 (2012)

Alternatieve titel: The Doors: Live at the Bowl '68 Special Edition

De film laat een spetterend optreden van The Doors op de top van hun kunnen zien waarbij ze met name de bekendere nummers van hun eerste drie albums spelen. De registratie van dit concert uit 1968 wordt voorafgegaan door een warrig interview met de muzikanten die nog leven over het laatste album met Jim Morrison, LA. Woman, ter ere van het 50-jarig jubileum van dat album. Volgens de interviewer is dat het beste album van The Doors, maar ikzelf heb altijd meer van de vroegere, psychedelische albums (en dan met name het gelijknamige debuutalbum) gehouden zodat ik me meer dan uitstekend vermaakte bij het concert uit 1968.

Wel zijn de twee nummers van L.A. Woman die live door de oude rakkers worden gespeeld fijn om live te zien, want ze laten goed de kracht van The Doors zien: niet alleen is de muziek geworteld in de blues, hetgeen met name L.A. Woman kenmerkt, maar de muziek van The Doors heeft ook wat weg van een jam-sessie van jazz-muzikanten. Bij de vroegere muziek die The Doors in 1968 speelde hoor je zo mogelijk nog beter hoe de songs een soort jam-sessies zijn met niet alleen de nodige solo’s maar met aldoor een muzikale creativiteit door alle leden, grenzend aan het experiment, dat The Doors boven de meeste andere bands verheft. Het hallucinante orgeltje van Ray Manzarek maakt de kermis compleet en geven The Doors hun unieke sound. PS. Bij het kijken naar het concert zat ik even te zoeken naar de bassist, maar de band heeft geen bassist: de organist Ray speelt ook de baspartijen op z’n orgel, hetgeen mijn bewondering voor hem nog groter maakt.

The French Dispatch of the Liberty, Kansas Evening Sun (2021)

Alternatieve titel: The French Dispatch

De films van Wes Anderson zijn visuele parels maar lijken in hun visuele verbluffendheid ook een gebrek aan inhoud te verhullen waarbij de humor van de luchtige of zelfs kluchtige sketches nogal flauw is, maar deze film zit zo vol visuele rijkdom en sterke tekstuele of verhalende vondsten dat je ogen en een brein te kort komt om het allemaal op te nemen. Behalve dat de film alles op de hak neemt – waaronder de kunstwereld en politiek idealisme – en daarmee bijna de absurditeit van het bestaan zelf laat zien, is de film een achtbaan van indrukwekkende beelden en interessante of bizarre ontwikkelingen waardoor de film sowieso een intense ervaring is. Dat het deze keer niet één verhaal maar meerdere verhalen vertelt en dat ook nog op allerlei manieren doet, soms zelfs in de vorm van een cartoon, en bewust verschillende elementen samenbrengt (bv. de rubriek ‘politics/poetry’) in een hybride, multigefacetteerd resultaat, draagt alleen maar bij aan de kaleidoscopische ervaring waardoor ik deze film beoordeel als een hoogtepunt in Andersons werk.

The King (2017)

Alternatieve titel: Promised Land

De documentaire gaat over Elvis en Amerika en vantevoren had ik al begrepen dat de film de ondergang van Elvis als symbool stelt voor hoe Amerika nu bezig is ten onder gaat zodat ik bang was dat het een eenzijdig, Michael Moore-achtig afzeiken van Trump (en Elvis) zou worden, maar dat viel reuze mee: de documentaire is beter, rijker en leuker dan ik had verwacht.

Het eerste deel van de film richt zich op de jonge jaren van Elvis en is daarmee muzikaal sowieso leuk want de rauwe rock ‘n’ roll uit die tijd is heerlijk. De documentaire laat overigens weinig muziek van Elvis horen maar des te meer van allerlei andere artiesten en dan vooral van blues en country-artiesten en dat is ook fijne muziek. Dit deel gaat vooral over de vraag of Elvis zich schuldig heeft gemaakt aan culturele toe-eigening: veel zwarten in de documentaire vinden van wel maar nota bene Chuck D. van Public Enemy vindt dat onzin omdat cultuur voor iedereen is. En het gaat erover dat The American Dream – belichaamd door Elvis die van grote armoede naar schatrijk ging – een nachtmerrie voor de zwarten was die in de tijd van Elvis opgehangen werden. Het is misschien een links thema maar ik vond het niet storend want zoals de Canadese filosoof Taylor schrijft is racisme nu eenmaal het allesbepalende trauma van de VS zoals de kerk (de onderdrukking door religie) het allesbepalende trauma van Europa is. Elke discussie in de VS gaat nu eenmaal over racisme (hetgeen nu ook naar Nederland is geïmporteerd in de vorm van de Zwarte Piet-discussie). Hoe dan ook, we leren dat Elvis opgroeit in een multiculturele stad, zowel zwarte als witte muziek oppikt en samen met zijn knappe en charismatische verschijning iedereen gek maakt.

Maar Elvis is – zoals een Griekse held – een tragisch figuur: zijn roem komt zo snel en wordt zo groot dat hij het niet onder controle heeft. Hij wordt zo machtig dat de machten van de VS – van het leger tot het kapitaal – bezit van hem nemen. Tot overmaat van ramp sluit hij een pact met de duivel – Colonel Tom Parker – die Elvis van al zijn creativiteit beroofde, die Elvis transformeerde van de James Dean van de muziek tot de John Wayne van de muziek en die Elvis telkens voor het grote geld laat kiezen, eerst door hem 10 jaar films te laten maken en daarna door hem weg te stoppen in Las Vegas. Amerika in zijn jonge jaren was een democratisch experiment dat landbouwproducten exporteerde maar het transformeerde tot het land van kapitalisme dat amusement exporteerde: Amerika werd een wereldrijk dat de wereld niet alleen militair en economisch beheerste maar ook cultureel betoverde met films en rock ‘n’ roll. En Elvis was het uithangbord van dit wereldrijk maar belichaamde ook de zelfdestructie ervan: hij begon als leuke plattelandsjongen die de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring belichaamde en eindigde als een aan pillen verslaafde werknemer van zijn eigen amusementsfabriek. Ook Amerika gaat nu ten onder aan macht, geld en verslavingen die de plek hebben ingenomen van democratie, geluk en vrijheid.

Ik ben het niet eens met alles wat er in de documentaire wordt gezegd (dat is ook helemaal niet de bedoeling) maar de documentaire slaagt erin z’n boodschap van de tragiek van Elvis en de parallel met Amerika in z’n geheel over te brengen. En het wordt leuk gebracht met leuke mensen en leuke muziek.

The Last Ride of the Wolves (2022)

Alternatieve titel: L'Ultima Corsa dei Lupi

De film heeft een zekere charme in het tonen van de voorbereiding van een grote roof door een stel oudere criminelen zonder iets van de Hollywood-glamour: er is geen geweld en de film neigt wat naar het saaie maar er is wel de dreiging van geweld als het plan mislukt en de film bouwt gestaag op naar de climax. Die climax is echter bijkans onbegrijpelijk omdat de clou op het metaniveau ligt zodat je uit het verhaal moet stappen om ‘m te begrijpen. Dat maakt het einde vooral verwarrend, zoals eerder de film ook al op het verkeerde been zet doordat de zoon de hoofdpersoon consequent met ‘baas’ aanspreekt. En de clou zet de kijker opnieuw op het verkeerde been want de film is geen documentaire. Kortom, de film ontwikkelt zich als een gewone misdaadfilm maar levert uiteindelijk vooral verwarring. Als dat de bedoeling was dan is de film geslaagd, maar het bevredigde mij niet.

The Mole: Undercover in North Korea (2020)

Alternatieve titel: Muldvarpen - Nord-Korea Avslørt

In begin is het een wat suffe documentaire want wie boeit zo’n suffe vriendschapsclub met Noord-Korea en wat zijn dat eigenlijk voor een idioten die vriendschap met Noord-Korea promoten? Maar dan blijkt dat de vriendschapsclub een dekmantel is voor illegale praktijken en handel met Noord-Korea die wanhopig naar handelspartners zoekt wegens de internationale sancties die het land isoleren. De documentaire ontwikkelt zich dan tot een spannend spionnenverhaal vol misdaad, corruptie en de angst ontmaskerd te worden.

Thelma (2017)

Een heerlijk intense psychologische thriller (PS. de aanduiding romantiek/sciencefiction hier op moviemeter lijkt me misplaatst). Het verhaal in grote lijnen is niet zo bijzonder of origineel (in dat opzicht doet de film denken aan Carrie of zelfs Raw) en de effecten wat afgezaagd met bv. lampen die uit en aan gaan, maar het verhaal is wel intelligent en heel fijn uitgewerkt met mooie beelden. Bovenal doet de film wat een film moet doen: hij zuigt je erin en geeft een hele intense ervaring. Ik herbeleefde zowat mijn eigen studententijd, haha! Al met al een zeer geslaagde film en een van mijn favorieten van 2017.

There Will Be Blood (2007)

Uitmuntende film over – als ik ‘m zo kan samenvatten – hoe begin 20ste eeuw het kapitalisme de nieuwe religie in de VS werd en z'n ideologie van de 'vooruitgang' al het oude vernietigt. Niemand kan ontkomen aan de macht van het geld dat alles opkoopt en alle menselijke betrekkingen corrumpeert. Daarbij vernietigt het kapitalisme in de eerste plaats families en de film richt zich dan ook met name op de vaders en hun zonen als de persoonlijke dimensie van het conflict en de strijd om de macht.

They Shall Not Grow Old (2018)

Zeer indrukwekkende film over The Great War (WO I), niet eens perse vanwege de – ingekleurde – beelden (al vond ik de lijken er wel macaber uitzien) maar vooral vanwege het verhaal dat wordt verteld. Dat verhaal vertelt bovenal hoe men in 1914 geen idee had dat een oorlog in de 20ste eeuw niet meer die romantisch-heroïsche strijd van de voorbije eeuwen is maar een industriële vernietigingsmachine is geworden.

De film laat dan ook zien hoe in 1914 de Britse jongens nauwelijks een idee hadden waarom ze opeens in oorlog met Duitsland waren maar evengoed enthousiast in het leger gingen uit patriottisme en uit avontuurzucht. Men achtte de Britten sowieso superieur en schatte in dat Duitsland zich hooguit na een paar maanden strijd zou overgeven: de mannen die in allerijl werden opgeleid tot soldaten waren zelfs bang dat de oorlog al voorbij zou zijn wanneer ze aan het front aankwamen. De soldaten die naar het front gingen waren dan ook helemaal niet bang en het was vooral veel loltrappen met de jongens onder elkaar met de bekende Britse onderkoelde humor die een stoïcijns karakter voorhoudt.

Het merendeel van de film laat (vervolgens) de loopgravenoorlog aan het front zien met niet alleen de psychologische terreur van de beschietingen en het sterven van je kameraden met overal opengereten lijken en losse ledematen maar ook de ontberingen als het gebrek aan hygiëne, de penetrante lijkengeur, de bevriezingen, de modder, de luizen, de ratten, de dysenterie, etc. Wat opvalt is dat nog steeds de massaal aanwezige dood geen indruk maakt op de jongens: het blijft gewoon hun ‘werk’ om daar te zitten en te doden of gedood te worden. Maar er vindt toch een transformatie plaats: in zulke beestachtige omstandigheden wordt men zelf een beest en het besef begint te dagen dat er iets ongekend vreselijks aan de gang is. De film eindigt ermee dat na de oorlog terug in Engeland de soldaten niet eens werden bedankt en soms zelfs met de nek werden aangekeken omdat ze vies waren en hun goede manieren waren verleerd: afgezien van de soldaten aan het front had de wereld nog altijd geen besef dat er iets vreselijks was gebeurd en dat oorlog een mensonterende bezigheid was geworden…

Overigens, (ex-)defensiepersoneel krijgt korting op een kaartje en ofschoon de huidige ontberingen en verschrikkingen in geen verhouding zullen staan tot wat de soldaten in de wereldoorlogen meemaakten, zal de film voor hen toch heel herkenbaar zijn hetgeen het verhaal van hoe oorlog de mens uit de beschaving rukt (en het onbegrip daarvan bij de burger) ook iets universeels geeft.