• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.886 acteurs
  • 198.965 gebruikers
  • 9.370.105 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten De filosoof als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Kabul, City in the Wind (2018)

Een mooie en leuke maar niet heel bijzondere of boeiende inkijk in het alledaagse leven in Afghanistan. Toen ik nog een globetrotter was ging ik graag van de gebaande paden af en dan kwam ik vaak terecht in het soort van ruige, verlaten gebieden als die in de documentaire wordt getoond. Het zijn van die gebieden waar praktisch geen voorzieningen zijn en waar niets te doen valt. Voor de bevolking is het leven rauw en hard maar vooral in financieel opzicht: zeker ook deze docu schetst het leven van de mensen als ‘arm maar gelukkig’.

Op de achtergrond speelt voortdurend de oorlog – men hoort ervan op het nieuws, met vraagt zich af wanneer zij zelf worden getroffen door een zelfmoordterrorist, men bezoekt een gedenkplaats van slachtoffers van een zelfmoordterrorist en af en toe vliegt er een vliegtuig over – maar die is slechts een dreiging en speelt eigenlijk geen rol in het leven van de mensen die in de film worden gevolgd. Wat opvalt is dat religie helemaal geen rol van betekenis in het leven lijkt te spelen; de mensen lijken ook niets met de Taliban of IS te hebben.

In het bijzonder volgt de film een buschauffeur, die door geldgebrek zijn bus kwijt raakt en die zich de hele dag verpoost met roken, en een paar kinderen die tegen blikjes aantrappen, met stenen gooien en het dak van hun huis heel en droog proberen te houden. Er wordt niets toegelicht door een commentatorstem – zodat we bv. niet horen wat de man de hele dag rookt – waardoor de documntaire ook wel aanvoelt als een speelfilm maar dan is het wel een wat saaie speelfilm. Wel ziet het er allemaal prachtig uit – voor zover je een shithole in the middle of nowhere prachtig kunt vinden – en is het leuk om eens te zien hoe het leven van simpele Afghanen eruit ziet.

Kajillionaire (2020)

Een mooie film over armoede, eenzaamheid en ouder-kindrelaties. De film oogt echter bovenal prettig gestoord – ik ervoer de film ook als een comedy – maar het plot blijkt ook goed in elkaar te zitten. Uiteraard word je als kijker van een film over een gezin van zwendelaars zelf ook op het verkeerde been gezet maar je houdt er in dit geval geen slecht gevoel aan over.

Kala Azar (2020)

De film heeft niet echt een verhaal en er wordt nauwelijks geproken (ik denk daarom dat het echt een film is voor Ik Doe Moeilijk). Qua thematiek zit er misschien iets in over hoe wij mensen ons onterecht boven de dieren en de natuur plaatsen, maar dat is weinig overtuigend uitgewerkt. Wat de film echter wel een bijzondere charme geeft is dat ik geen andere film ken die zo fysiek of lichamelijk is: neukende lichamen, voedsel bereiden, eten, plassen, blaffende honden, karkassen, insecten, lichamelijk werk op het land, rommel, fabriek, vies worden, aflebberende honden, storm, gras, kippen en nog veel meer van dit soort zaken vormen de inhoud van de film. Wat dat betreft weet de film de kijker heel aardig de scheiding tussen mens en dier, tussen cultuur en natuur op te heffen.

Kapsalon Romy (2019)

Alternatieve titel: Romy's Salon

Ik vind dit wel een echte kinderfilm. Weliswaar is de film ook genietbaar voor volwassenen en is het geen slechte film (de film maakt zeg maar geen fouten), maar in geen enkel opzicht is de film bijzonder te noemen en uiteindelijk laat de film simpelweg zien wat dementie inhoudt hetgeen alleen voor kinderen interessant kan zijn omdat volwassenen al bekend zijn met de ziekte. Voor mij als volwassene wist de film in ieder geval nergens echt interessant te worden.

Kárhozat (1988)

Alternatieve titel: Damnation

Naar de betekenis van de film moet je raden, al is het duidelijk dat de hoofdpersoon – en met hem waarschijnlijk het hele dorp of zelfs het land of het communisme – staat voor verval en ondergang: er is geen vertrouwen of hoop meer zodat hij het leven, dat onthecht en geïsoleerd is geraakt want gebaseerd op wantrouwen, in feite al heeft opgegeven. Niet voor niets heet zijn lievelingscafé Titanik Bar en net als op dat zinkend schip blijft de muziek spelen en gaat het leven toch gewoon door: er is altijd nog de liefde met dansen en seks waarmee men zich verbindt met de ander en even de aardse beslommeringen en ellende ontstijgt, al is het tegen een hopeloos en vooral verregend decor.

Ik zal veel symboliek hebben gemist maar ik vond het vooral een saaie film, want er gebeurt in wezen niets en de beelden, personen en verhaal wisten me niet te raken, al is dat misschien ook de bedoeling omdat het ons in dezelfde gedeprimeerde positie als de personen in de film plaatst.

Kärlekshistoria, En (1970)

Alternatieve titel: A Swedish Love Story

De film laat heel treffend de verliefdheid van twee pubers – kinderen nog eigenlijk – zien maar is daarom ook weinig bijzonder want zo gaat het altijd en overal wanneer jonge mensen de liefde ontdekken: de fascinatie en hypergevoeligheid voor elkaar, de onzekerheid en nervositeit over hoe je bij de ander overkomt, het pure geluk als je bij elkaar bent. De wereld van de ouderen erom heen is slechts nog een stoorzender binnen de idylle, ook voor de kijker. Maar naar het einde toe wordt die achtergrond van de ouderen, die vol pijn en frustraties zitten omdat ze bv. eenzaam zijn of geldproblemen hebben, opeens de voorgrond en blijkt de film te gaan over het contrast tussen de pure wereld van de geliefden die open staan voor elkaar en de toekomst en de verdorven wereld van de ouderen die teleurgesteld zijn in het leven en vol wrok zitten. Het (mislukte) feest waarmee de film eindigt laat opeens de Roy Anderson zien die we kennen van films als Sånger från Andra Våningen (Film, 2000) : absurdistische scenes waarin de machteloze woede van ontgoochelde mensen zowel een tragisch als komisch effect heeft. Maar anders dan in Romeo and Juliet waarin de geliefden het tragische slachtoffer worden van een familievete dus van de wereld van de volwassenen, gaat het tumult van de familieruzie aan ons liefdesstel voorbij omdat die zich letterlijk en figuurlijk in hun eigen wereld hebben teruggetrokken.

Net als de recentere films van Andersson mist de film drama maar laat het wel het menselijk bestaan zien waarin deze eerste film van Andersson nog even het paradijs van Adam en Eva laat zien voordat ze daaruit vallen.

Katie Says Goodbye (2016)

Indrukwekkend debuut van Roberts. De film is een aangrijpend superdrama waarbij een bijna Jezusachtig meisje dat alleen maar goed wil doen en alleen maar lijkt te kunnen geven – en uiteindelijk alle last en schuld van de wereld op zich lijkt te nemen – het zwaar voor haar kiezen krijgt omdat het kwaad overal loert om misbruik van zo veel goedheid en vertrouwen te maken. Het verontrustende is dat zulke mensen echt bestaan: sowieso zijn alle personages in de film duidelijk goed of slecht maar zeer levensecht en geloofwaardig dus geen karikaturen.

Maar de film biedt niet alleen maar een zeer pessimistisch beeld van het leven: het meisje heeft ook een onstuitbare levenswil en als haar alles is ontnomen verschijnt er opeens een glimlach op haar gezicht en steekt ze haar duim omhoog naar een passerende vrachtauto om haar mee te nemen waarmee de film eindigt. Je zou kunnen denken dat ze haar oude leven als prostituee weer oppakt maar haar glimlach verraadt hetgene waar ook de titel naar verwijst: ze verlaat haar dorp en gaat elders een nieuw leven beginnen en wie weet is dat een mooi leven. De boodschap van de film is aldus ondanks het gitzwarte drama er een van hoop en optimisme dat het leven eigen is.

Keeper (2025)

Ik ben een stuk positiever over de film dan de meesten. De film voelt aanvankelijk (inderdaad) als een hoop standaardeffecten – van schrikmomenten tot hallucinaties over doden – om maximaal horror te genereren zonder een coherent verhaal zodat het wel intens is maar je geen idee hebt wat er gebeurt. Maar dat is (natuurlijk) ook de bedoeling: gaandeweg verklaart de film wat er aan de hand is – met een fijne relationele omkering omdat aanvankelijk de vrouw nogal een bitch is en je medelijden hebt met de verliefde man – en doet dat zo goed dat je zelf al het einde kunt raden (tot twee keer toe wordt opgemerkt dat de vrouw sprekend lijkt op de moeder van de wezens zodat het onbegrijpelijk blijft waarom de man haar naar het huis bracht) maar dan is de film al bijna voorbij en weet de film toch nog te verrassen in de uitvoering. De ‘wezens’ die aan het einde in beeld komen zien er erg nep uit maar dan is de vrouw al aan het lachen omdat ook zij het einde al kan raden zodat je samen met haar kunt lachen. Al met al weet de film aldoor te boeien door het geheimzinnige en het spannende waarbij de vormgeving van de film ook prachtig is. Ik vind dat Perkins weliswaar geen smetteloze maar evengoed een goede en originele horrorfilm heeft afgeleverd.

Kes (1969)

De film schildert allereerst op sociaal realistische wijze het leven van de Engelse onderklasse in de jaren ’60 waar een jongen wel moet opgroeien voor galg en rad en als hij uit de gevangenis kan blijven in ieder geval voor het zware leven als mijnwerker: hij wordt getreiterd, vernederd en mishandeld door z’n oude broer en op school door docenten en grotere medeleerlingen en lijkt geen kans te maken op een goed leven. Hij is ook al een klein boefje dat erop los steelt, maar hij vindt een grote passie in het trainen van een valk. Dat lijkt hem op het goede spoor te zetten en er is zelfs een leraar op school die zijn passie bewondert waardoor het zelfvertrouwen van de jongen groeit. Hun gedeelde respect voor de valk die gedisciplineerd wordt en dan zijn vrijheid herwint, lijkt een metafoor voor de mens die door middel van een goede opvoeding wordt gedisciplineerd en dan een gerespecteerde en vrije burger kan worden. Maar de jongen maakt een fout en z’n broer neemt wraak (op voorspelbare wijze). De film heeft aldus een socialistische grondslag – je wordt bepaald door je omgeving – maar dat slaat tegelijk alle hoop weg: zolang de jongen in dat milieu blijft zal dat milieu hem niet toestaan dat hij zich ontwikkelt en blijft zijn toekomst somber.

Keyke Mahboobe Man (2024)

Alternatieve titel: My Favourite Cake

De beschrijving van de film wekte bij mij geen hooggestemde verwachtingen maar omdat ik de vorige film van het regisseursduo heel goed vond keek ik de film toch en ik werd niet teleurgesteld: deze film is ook heel goed. De film is vooral heel mooi: de beelden zijn aldoor heel mooi (elke scene lijkt wel een schilderij van Vermeer), de liefde die opbloeit tussen de eenzame, oude vrouw en eenzame, oude man is heel mooi en het schokkende einde is heel mooi. Tegelijk is de film een bijtende kritiek op en aanklacht tegen het onderdrukkende, Iraanse regime (het verbaast dat het duo (nog) niet zwaarder wordt gestraft dan slechts een uitreisverbod) want de film is bovenal een tragedie want de illegaal bevochten liefde komt te laat en de vrouw moet haar net gevonden minnaar alweer meteen in haar tuin begraven zoals men in Iran de evenzo illegale wijn in de tuin begraaft: het laat zien dat simpelweg het genieten van het leven, niet in de laatste plaats het vrijelijk vieren van het leven in de vorm van de liefde, niet mogelijk is in Iran terwijl het leven zo mooi is zodat je kunt zeggen dat Iran zich letterlijk schuldig maakt aan een misdaad tegen de menselijkheid. Tegenover die onmenselijke misdaad van het regime verwarmt de film je hart met louter menselijkheid.

Khers Nist (2022)

Alternatieve titel: No Bears

De film is postmodernistisch hetgeen denk ik de lage scores hier verklaart maar ik hou ervan. Dat postmodernisme is het duidelijkst in het spel of eigenlijk de grensoverschrijding tussen beeld en werkelijkheid: de regisseur Panahi speelt zichzelf in de film waarmee de laag tussen film en werkelijkheid al verdwijnt en evenzo filmt hij in de film een soort ‘reality show’ in de vorm van een op de werkelijkheid gebaseerd vluchtverhaal van een Iraans stel in Turkije. Natuurlijk is het niet helemaal de werkelijkheid die hij filmt over het stel of over zichzelf zodat het zowel echt als niet echt is, maar de boodschap is sowieso echt: onverbloemd schetst hij de onderdrukking in Iran en hoe dat Iraniërs motiveert te vluchten waarvan ook Panahi zelf het slachtoffer is (nog voordat de film uitkwam werd hij gearresteerd en nog steeds zit hij in de gevangenis).

In feite speelt Panahi in de film niet alleen met film en werkelijkheid maar ook met het vluchten en de grensoverschrijding in fysieke en morele zin: in de film is hij gast in een dorpje bij de grens met Turkije waar hij misschien zelf de grens zal oversteken om zo illegaal Iran te ontvluchten, zoals in dat dorp tegelijk het eigenlijke verhaal van de film ontvouwt waarin een verliefd stel de grens wil oversteken. De reden voor dat stel is niet de onderdrukking van het regime maar de traditie van het dorp die de jongen deze relatie verbiedt zodat hij in die zin al een gevaarlijke grens heeft overgestoken. De film speelt daarbij ook met de botsingen van culturen c.q. het vreemdeling zijn, zoals het Iraanse stel in Turkije en de moderne stadsmens Panahi in het traditionele dorp. Doordat Panahi welhaast verslaafd lijkt om met de camera alle werkelijkheid te fotograferen en filmen (maar zo ook te vervalsen), bouwt hij ongewild de spanning in het dorp op vanwege een foto die hij zou hebben genomen. De dorpstraditie staat in het teken van eer maar dat sluit de leugen niet uit, zodat zelfs een wel of niet bestaande foto de gemoederen kan verhitten (de afwezigheid van het beeld in de plaats van het beeld in de plaats van de werkelijkheid zou de overtreffende trap van het postmodernisme kunnen zijn). Zo ook is er de onduidelijkheid van wat wel en niet gevaarlijk is (hetgeen sowieso het geval is in een totalitaire staat): de stedeling zou een probleem hebben met het gezag (dus niet bang zijn voor waar je bang voor zou moeten zijn) terwijl de dorpeling een probleem zou hebben met bijgeloof (dus bang zijn voor waar je niet bang voor zou hoeven zijn, waarnaar ook de titel van de film naar verwijst). Waar de moderne Iraniërs worden onderdrukt door het regime, onderdrukken de traditionele dorpelingen zichzelf.

De film vertelt zo zowel realistisch als fictief (je zou kunnen zeggen dat alle kunst de waarheid liegt maar deze film laat ze ook bewust door elkaar lopen) het verhaal van hedendaags Iran en van Panahi zelf waarbij Panahi meesterlijk z’n thema’s rondom grensoverschrijding op verschillende niveau’s door elkaar weeft. Bovenal blijft de film coherent, boeiend en zelfs spannend: er is aldoor de dreiging van een noodlottige afloop en in die zin anticipeert Panahi met de film ook z’n eigen lot in het echte leven. Veel hedendaagse filmhuisfilms kennen geen climax of conclusie maar dat heeft deze film gelukkig wel, zodat de film niet alleen aldoor sterk is maar ook nog eens met een mokerslag eindigt. Het is dan een bijzonder fijne film en een van de beste van het jaar.

Khorshid (2020)

Alternatieve titel: Sun Children

Aangename film die nauwelijks het genre van de jeugdfilm ontstijgt: de film wil iets zeggen over de uitzichtloosheid en uitbuiting van straatkinderen (en Afghaanse vluchtelingen) maar die achtergrond van de kinderen is vooral decor voor het avontuur van het zoeken naar een verborgen schat. Als metafoor is het wel geslaagd: voor de verschoppelingen is er vaak geen gelijke kans om onderwijs te krijgen en iets te bereiken in het leven zodat ze het geluk moeten hebben een talent te hebben dan wel succesvol in de misdaad te zijn en in die zin slechts kunnen hopen op het vinden van de verborgen schat.

Kid, The (1921)

Alternatieve titel: Het Jochie

Deze eerste ‘lange’ speelfilm van Charlie Chaplin is meteen een klassieker: ik vind ‘m een overweldigende klasse hebben. Allereerst is er natuurlijk het sociale realisme als het genre waarin Chaplin werkte: we zien de onderkant van de samenleving met arme mensen in vodden en een hard bestaan om te overleven met daarbij een flinke scheut maatschappijkritiek zoals in dit geval dat een jonge moeder gedwongen is haar kind als vondeling achter te laten in de hoop dat rijke mensen ervoor zullen willen zorgen. De muziek ondersteunt heel goed de verschillende situaties zodat het gebrek van gesproken tekst niet eens wordt gemist. En natuurlijk is er de humor die boven mijn verwachtingen hilarisch is en die volmaakt past in het sociaal drama, precies omdat het gedrag zo realistisch is en je jezelf erin herkent. Wat me verraste was de ruwheid en daarmee opnieuw het realisme waarmee er wordt geknokt e.d.: het kan bijna niet anders dan dat Chaplin veel blauwe plekken opliep tijdens de opnamen. Er zit zelfs een surrealistische ‘dreamland’-scene in met een sombere levensles, al loopt het toch nog goed af zodat de film ook in die zin een komedie (en geen tragedie) is en de boodschap hartverwarmend en hoopvol is.

Al met al een volmaakte film die alles heeft en die in veel opzichten een standaard neerzet die vrijwel niet te overtreffen is.

Killer's Kiss (1955)

Deze vroege Kubrick is een prima late film noir: het heeft een goed verhaal, is opvallend mooi geschoten en heeft een duistere sfeer. Wellicht is de film vooral een uitgekiende mix van elementen uit klassieke films noir – Kubrick was toen nog letterlijk een amateur die de film maakte als vinger- en stijloefening – maar de stijl is zeker geslaagd waarbij enkele opvallende visuele elementen zoals de straatdansers en de paspoppen al iets van Kubricks unieke creativiteit en stijl laten zien.

Killing of a Sacred Deer, The (2017)

The Lobster (2015) - MovieMeter.nl ervoer ik in hoge mate als één grote Monty Python-sketch zodat ik opnieuw een hoog absurdistische film verwachtte nu jullie deze film ook weer als absurdistisch omschrijven (zie de berichten hierboven). Maar ik heb eigenlijk niets absurds in de film kunnen ontdekken (toegegeven, de seks was wat raar maar om dat nou meteen absurdistisch te noemen gaat mij te ver). De film is in wezen een recht-toe-recht-aan horrorfilm over een man die iets vreselijks moet doen om van zijn vervloeking af te komen (en de film doet vagelijk aan vele andere horrorfilms denken, waaronder Saw en Drag Me To Hell). Het standaardhorrorverhaaltje – dat door Stephen King geschreven had kunnen zijn – is echter wel een stuk eigenzinniger en interessanter uitgewerkt dan bij de gemiddelde horrorfilm zodat deze film qua niveau daar duidelijk boven uitsteekt. Tussen de 4 en 4 ½ sterren.

De film en filmtitel verwijzen inderdaad naar de mythe van Iphigenia en dat is wat mij betreft niet slechts interessantdoenerij: in deze mythe ligt de kern van onze moraal/recht zou ik denken. Immers, volgens Nietzsche is moraal/recht ontstaan doordat we onszelf zijn gaan straffen op grond van een schuldgevoel dat we zouden moeten ervaren zodra we iets verkeerds hebben gedaan. De mythe c.q. deze film maakt dat mechanisme nog eens expliciet. Steven wil aan zijn (door hemzelf op te leggen) schuld en straf ontsnappen – hij heeft zijn handen als het ware schoon gewassen – maar Martin voorkomt dat. De film werpt aldus vragen op over moraal, wraak en gerechtigheid. Voor het overige zou ik niet te veel achter de film zoeken.

Killing of Two Lovers, The (2020)

Buitengewoon mooie en sterke film die op zeer realistische wijze het drama van het leven laat zien. De film is bijzonder in z’n gerichtheid op de anticipatie in plaats van de uitkomst en brengt effectief de spanning over van het dreigende lot dat boven David en de anderen hangt terwijl ze het juiste willen doen. Ook als 2020 een normaal filmjaar zou zijn geweest dan was dit een van de beste films van het jaar en waarschijnlijk de beste in het dramagenre.

Killing Them Softly (2012)

Lekkere rauwe, donkere maffiafilm die mij wel beviel: heel vermakelijk allemaal. Het verhaal heeft niet veel om het lijf maar de film weet constant een spanning vast te houden. De film heeft een cynische boodschap waar de film mee eindigt (in de woorden die Jackie zegt) en die het legale Amerika gelijkstelt aan de wereld van de maffia (met de financiële crisis maar ook de prostitutie - zelfs seks is handel - als symptoom):

“This guy [Obama] wants to tell me we're living in a community. Don't make me laugh. I'm living in America, and in America, you're on your own. America's not a country. It's just a business. Now fucking pay me.”

Killing, The (1956)

Met deze film volgde Kubrick de nieuwe trend van de heist-film binnen het film-noir-genre: de film toont vooral de teaming up van de bende en de voobereidingen voor de grote overval om in de finale de overval zelf te tonen met een aftermath. Wat opvalt is wat een vakman Kubrick al is met deze eerste professionele film met de voor hem kenmerkende aandacht voor elk detail in het beeld dat moet kloppen – wat dat betreft weerspiegelt de overval zijn eigen werk als filmmaker – maar ook dat de film in zekere zin een anti-heistfilm is: de kwalijke reputatie van vrouwen in de films noir krijgt enerzijds de vorm van een verdekte homoseksualiteit bij de ervaren ‘macho’ misdadigers en anderzijds de vorm van een Macbeth-achtige echtgenote die haar sukkelige echtgenoot stuurt en verraadt voor eigen gewin. Sowieso loopt het allemaal in de soep waarbij de moraal niet zozeer is dat misdaad niet loont maar meer dat je het leven niet kunt plannen dus dat chaos het altijd wint van onze ordening; hooguit in de film kan de orde het winnen van de chaos hetgeen een telkens terugkerende strijd zou worden die Kubrick steeds meer tijd voor elke nieuwe film zou vergen.

Kimi no Na Wa. (2016)

Alternatieve titel: Your Name

Animatiefilms kunnen bijzonder leuk zijn als ze grappig zijn zoals de oude Tom & Jerry en in onze tijd Despicable Me. Maar met serieuze animatiefilms kan ik doorgaans weinig en dat geldt ook voor al die films die de hemel in worden geschreven, ongeacht of ze van Pixar zijn (Wall-E), Japans zijn (Spirited Away) of experimenteel zijn (La Tortue Rouge). Ook Your Name is weer zo’n film waarvan ik niet begrijp waarom anderen hem zo geweldig vinden. Toegegeven, het verhaal zit knap in elkaar – en is zelfs nog behoorlijk ingewikkeld en verwarrend met al die gedaanteverwisselingen en constante gereis door ruimte en tijd – maar echt boeien kon het me niet.

De aantrekkingskracht voor het Japanse publiek zit misschien in het thema van de goddelijke verbindende kracht, die mensen en tijd kan verbinden (en kan herverbinden na te zijn verbroken). Vanuit mijn westerse achtergrond deed de thematiek me enigszins denken aan een beroemde mythe uit Plato’s Symposium, volgens welke mythe de mens oorspronkelijk uit twee aan elkaar verbonden lichamen bestond welke gelukkige eenheid de mens echter overmoed gaf waarvoor Zeus de mens strafte door elke eenheid doormidden te klieven. Dit resulteerde erin dat elke huidige mens als zijn diepste verlangen heeft te worden herenigd met (letterlijk) zijn ‘wederhelft’ waarnaar dan ook elk mens zijn hele leven op zoek is…

Kimi to, Nami ni Noretara (2019)

Alternatieve titel: Ride Your Wave

Film over het redden van een ander en surfen op de golven van het leven die niet slecht is maar ook wat saaiig en weinig bijzonder is. Alleen in het laatste half uur kwam er wat spanning in.

Kimitachi wa dô Ikiru Ka (2023)

Alternatieve titel: The Boy and the Heron

De film heeft veel kwaliteiten: de animatie is mooi, de uitgebeelde wereld is magisch (zoals dat een reiger een man blijkt te herbergen of dat pelikanen pre-baby’s eten voordat ze worden geboren) en er zit nogal wat thematiek en/of symboliek in de film zoals de odyssee of Alice in Wonderland-achtige reis door de onderwereld waarna de hoofdpersoon als een rijker, wellicht volwassener persoon thuis komt en de hoop die in een nieuwe generatie wordt gesteld terwijl de wereld al in elkaar stort (met wellicht als boodschap dat we geen utopieën moeten bouwen zoals de oudoom maar vanuit verbinding met elkaar de huidige samenleving moeten verbeteren).

Wel voert de ongebreidelde fantasie enerzijds naar een wat kinderlijke wereld waardoor ik me afvraag of dit nu een film voor kinderen of voor volwassenen is en anderzijds naar een vaak wat moeilijk te volgen plot (zo is de jongen eerst op zoek naar z’n biologisch moeder en dan opeens naar z’n pleegmoeder: misschien heb ik wat gemist of misschien betekent het een acceptatie van de pleegmoeder door de jongen?). Er zijn ook nogal wat onverklaarbare elementen zoals dat hij de omapoppen niet mocht aanraken maar er niets gebeurt als hij dat wel doet of dat de reiger tegen hem is maar toch zijn vriend wordt etc. Het kan zijn dat ik dingen heb gemist omdat ik moe was, maar de plot had wellicht begrijpelijker kunnen zijn tenzij bewust is gekozen voor een onsamenhangend, wat onbegrijpelijk plot vanuit een surrealistische opzet (onze dromen zijn ook weinig samenhangend). De film is ook erg lang, temeer omdat de fantasie en daarmee de avonturen alle kanten op blijven vliegen zonder een duidelijke spanningsboog. Maar nogmaals, misschien was ik zelf niet helemaal wakker en moet ik de film een tweede kans geven als ik uitgerust ben.

Kinderen van Juf Kiet, De (2016)

Alternatieve titel: Miss Kiet's Children

Vluchtelingen zijn zo'n extreem politiek gevoelig thema dat je zo'n docu als dit niet kunt bekijken zonder allerlei politieke associaties. Mensen die lovend over de film zijn doen wel alsof politiek bij hun oordeel geen rol speelt om hun mening zo als politiek neutraal, dus overtuigender, te presenteren maar in hun lof over de juf en de kindjes kan de tegenstander alleen maar lof over de 'vluchtelingenindustrie' zien en dus als een uiterst (dubieuze) politieke stellingname...

Ikzelf vond de kinderen helemaal niet zo schattig (de meesten lieten zich zo respectloos uit dat ik dacht dat ze de PVV alleen maar groter zullen gaan maken als ze zo de samenleving in gaan) en de didactische kwaliteiten van juf Kiet helemaal niet zo overtuigend. De kinderen leken sowieso nauwelijks iets te verstaan van wat juf Kiet zei en dus ook niets te leren. Alleen dat kleine meisje leek de utzondering op de regel: respectvol, pienter en leergierig. Het was meteen duidelijk dat dat meisje er wel gaat komen in onze maatschappij en een positieve bijdrage zal gaan leveren. Over de rest heb ik ernstige twijfels, al sprak superbitch Haya aan het eind opeens verrassend goed Nederlands zodat de kinderen gaandeweg toch iets lijken te leren. Hoe dat werkt wordt niet uit de doeken gedaan.

Sowieso wordt weinig uit de doeken gedaan waardoor de film oppervlakkig blijft en het zwakke van de film is mijn ogen met name dat het geen expliciet politieke film lijkt te willen zijn waardoor het in feite een nietszeggende film is geworden. Wat dat betreft is de film een schril contrast met Stranger in Paradise (2016) - MovieMeter.nl dat beide politieke visies (voor en tegen) haarscherp verwoordt (plus nog een neutraal juridisch deel) en dat ik een briljante film over vluchtelingen vind en een absoluut meesterwerk.

Kindergarten Teacher, The (2018)

Deze film over een maniakale vrouw is denk ik iets beter dan ik ‘m heb ervaren want de film irriteerde mij helaas direct vanaf het begin. Het script is namelijk net zo weinig creatief als de muziek (bv. stemmige pianomuziek van Chopin) die wordt gebruikt en behoorlijk stompzinnig: kleuterjuf gelooft in kunst (die voor nieuwsgierigheid en openheid zou staan) en haat onze kunstveronachtzamende materialistische maatschappij, zit op een poëzieclub maar kan zelf niet dichten, heeft echter een kleuter in de klas die de mooiste en diepzinnigste gedichten uit z’n mouw schudt die een kleuter nooit kon bedenken (heeft ie dan ook vast uit een boek maar dat wordt niet eens onderzocht), juf is smoorverliefd op de kleuter (heeft in ieder geval een extreme obsessie voor het kind en wil aldoor bij hem zijn, wachtend op zijn volgend geniaal gedicht), juf doet alsof het haar gedichten zijn in de poëzieclub, docent wordt verliefd op de juf (want er is niets zo geil als genialiteit blijkbaar), juf valt door de mand, vader van kleuter haalt kleuter weg bij de gestoorde juf, juf ontvoert kleuter, blijkt geen goed idee. Dit script is niet eens interessant maf en het wordt zeker niet op een interessante manier uitgewerkt: de film is erg saai en afgezien van de minigedichtjes wordt er niet één intellectuele of anderszins interessante gedachte geuit in de film. Alleen tegen het einde met de ontvoering krijgt de film eindelijk wat spanning en tempo. In het begin van de film zegt de poëziedocent dat het slot verrassend en spontaan moet zijn, maar ik vond de hele film tot en met het slot nogal voorspelbaar en weinig spontaan. Maar dat er tenminste nog iets gebeurt aan het eind haalde me nog net op tijd uit een toestand van apathie en verlangen om voortijds de bioscoop te verlaten maar weet de film als geheel toch niet te redden.

De juf staat waarschijnlijk voor de regisseuse zelf die nogal een linkse tante zou zijn en vast ook een hekel aan onze materialistische maatschappij heeft maar helaas is ook zij net als de juf een dilettant: een bewonderaar van kunst en genialiteit maar zelf totaal talentloos.

King in New York, A (1957)

Alternatieve titel: Een Koning in New York

De film bevat niet heel veel humor en veel ervan is flauw maar Chaplin heeft al eerder laten zien dat z’n (wel geslaagde) humor slechts één van z’n geniale kanten is en dat ook zijn serieuze films vaak erg goed zijn. Ook deze film is erg sterk met onder meer weer een creatief verhaal en de voor Chaplin-films typische warme menselijkheid; in de film zitten in dat verband – als de koning naar de bioscoop gaat – ook persiflages op andere wellicht meer hedendaagse films die echter een onmenselijke en belachelijke inhoud blijken te hebben. Een ervan bevat zelfs het (trans)genderthema en de hele film valt op doordat hij in z’n kritiek op de Amerikaanse samenleving en cultuur niet alleen geniaal maar ook verrassend actueel is.

De films van Chaplin zijn vaak openlijk antikapitalistisch en hij werd zelf wel beschuldigd van communistische sympathieën, welk mccarthyisme zelf een hoofdthema van deze film is en welke paranoia en surveillancemaatschappij wel doen denken aan de maatregelen in de huidige coronacrisis met in de film onder meer een betoog dat het paspoort en andere zaken de grondrechten van de burger aantasten en dat we in een schijndemocratie leven hetgeen zowat één-op-één is te passen op de kritiek van ‘wappies’ op de coronatoegangspas en het inruilen van vrijheid en democratie voor (schijn)veiligheid en controle. Maar de film is ook een scherpe kritiek op de Amerikaanse cultuur die geheel is gericht op commercie, dus reclame, en entertainment, zodat nieuws en reclame even belangrijk zijn (hetgeen Marcuse ‘repressieve tolerantie’ noemde) en schone schijn zodat het uiterlijk alles is (en bv. cosmetische chirurgie onontkoombaar is) en de grens tussen echt en fake aldoor wordt vervaagd. In feite zien we Chaplin in deze film al een proto-vlogger spelen die voor de camera de meest irrelevante en belachelijke dingen voor geld moet doen om z’n leven als (berooide) koning voort te kunnen zetten, terwijl zijn serieuze plannen om de wereld mooier te maken geen aandacht krijgen. Er zit zelfs een #metoo-moment in de film.

De film is aldus een messcherpe satire op de Amerikaanse (en inmiddels ook Europese) cultuur en maatschappij die nog niets aan actualiteit heeft ingeboet. Don't Look Up (Film, 2021) , die nu ook in de bioscopen draait, is wat dat betreft een vergelijkbare film maar Chaplin deed het gewoon al 64 jaar eerder en eigenlijk ook beter.

King Kong (1933)

Naar aanleiding van de remake uit 2005 heb ik besloten eens het origineel te zien. Qua verhaal is er weinig verschil – zodat ik qua thematiek en betekenissen weinig toe te voegen heb aan wat ik daar al schreef – al wordt het verhaal in het origineel beknopter verteld waardoor de vaart er goed in blijft. Het origineel benadrukt het thema van Beauty & The Beast met de twist dat “Beauty killed the Beast” omdat de obsessie van het beest voor de schoonheid hem fataal werd. Uiteraard kunnen de special effects van het origineel niet tippen aan die van de remake, maar dat doet weinig af aan het origineel omdat er genoeg expressie zit in de bewegingen van Kong (en ik begrijp dat King Kong in zijn tijd revolutionaire special effects had en daarin een pioniersrol vervult in de filmgeschiedenis). Qua sfeer zit het ook helemaal in orde. Zelfs anno nu weet de film te imponeren.

Wat me nog opviel is dat het verhaal zich (onbewust) bedient van een religieus respect voor de natuur c.q. natuurgoden zoals Kong: de inlanders wisten een harmonie met de natuur en de vreselijke Kong (al dan niet als metafoor voor de seksuele lust) te handhaven door af en toe een meisje te offeren maar hun hele dorp/beschaving wordt vernietigd als de toorn van Kong is opgewekt en later dreigt New York dus onze beschaving te worden vernietigd als we proberen Kong dus de natuur naar onze hand te zetten. De film is behalve een horrorklassieker en een klassieke avonturenfilm zo ook een klassieke rampenfilm waarin men de film ook kan lezen als een metafoor voor de huidige klimaatcrisis: door onze arrogante exploitatie van de natuur hebben we als het ware de wraak van die natuur over ons afgeroepen want de natuur laat zich niet onderwerpen.

Tot slot heeft de film een interessante en een wat postmoderne verdubbeling: de film gaat over het maken van een film (vergelijk bv. de laatste film van Tarantino) waarbij bv. de romantiek die in de film moest om het publiek te behagen op de filmset ontstaat en centraal komt te staan in de film die wij zien. De film is zo ook nog een liefdesverhaal waarbij twee mannen (Jack en Kong) strijden om Ann en uiteindelijk Kong verliest, welke uitkomst ongetwijfeld het publiek zal hebben behaagd…

King Kong (2005)

Op zichzelf genomen een van de betere avonturenfilms maar ik vermoed dat het origineel uit 1933 nog (veel) beter is dus ik heb besloten om die te gaan bekijken en te recenseren in plaats van deze Hollywood-remake.

Hier wil ik me beperken tot het politieke aspect van het verhaal omdat dat nu sowieso een trend is op dit forum ?: er wordt veel over het vermeende racisme (of fascisme) van bv. The Lion King (2019) - MovieMeter.nl gesproken maar wat te denken van het racisme van King Kong? Met Google vind je veel artikelen hierover en Wikipedia wijdt er zelfs een hele paragraaf aan...

De racistische interpretatie van King Kong is dan ook eenvoudig te begrijpen: de inboorlingen worden afgebeeld als wilde duivels (hun eiland heet niet voor niets Skull Island) en zijn in deze film ook pikzwart dat zo erg contrasteert met de witheid en beschaving van de blanken, maar bovenal staat King Kong natuurlijk voor de zwarte medemens (het zwarte monster) die onze blanke blonde vrouwen inpikt en verkracht. Zwarte mensen werden in die tijd vaak met apen vergeleken en omgekeerd moet deze grote zwarte aap wel voor de zwarte mens staan. Metafysisch staat zwart natuurlijk ook voor de duisternis en het verborgene – het rijk van Satan – en zo ook psychologisch voor het onbewuste dat zeg maar het rijk is van de onderdrukte seksuele lusten. King Kong kan staan voor dat onbewuste – de kracht van de seksuele lust die we moeten onderdrukken maar die alsmaar wil losbreken en onze beschaving kan verwoesten – maar in de geschiedenis werd dat al te vaak geprojecteerd op de zwarte medemens die als de puurste belichaming van die seksuele lust werd beschouwd als een bedreiging voor onze vrouwen en beschaving en die dus moest worden gekneveld zoals ook King Kong moest worden gekneveld.

De film kun je zo behalve als racistisch ook als kolonialistisch opvatten: het toont hoe het Westen altijd het exotische en vreemde heeft veroverd en vernederd. King Kong die op zijn eiland koning was en als een God werd vereerd is door de blanken gevangen genomen en dient nu louter nog als amusement voor de blanken. Zelfs een god wordt in het kapitalisme een product waarvan je de oerkracht voor 15 cent kunt ervaren. En als ie protesteert dan schieten we hem dood.

Maar het mooie aan dit soort tijdloze iconen en fabels is dat je ze ook anders en zelfs tegengesteld kunt interpreteren (dat maakt ze tijdloos). King Kong wekt onze sympathie op: we voelen onrecht als hij puur vanwege onze hebzucht wordt gekneveld en vernederd en door de rebel tegen dat kolonialisme te zijn is King Kong de ultieme antikoloniale film. En dat Ann hem accepteert omdat zij weet dat hij goed is pleit voor acceptatie van zwarten en zelfs voor interraciale relaties (en dat anderen – de racisten – hem geweld aan doen komt voort uit hun onwetendheid). Misschien kunnen we concluderen dat de film antiracistsch is door middel van racistische metaforen?

De makers van de originele King Kong is vaak gevraagd naar de juiste interpretatie van de film maar die gaven wijselijk aan dat de film geen boodschap heeft al gaf men uiteindelijk aan dat de boodschap is dat primitieve volkeren ten onder zullen gaan aan de beschaving. Dat is nog steeds diplomatiek want of de film daarmee koloniaal of antikoloniaal is hangt dan af of dat je verdwijnen van ‘primitieve’ volkeren goed of slecht vindt. Ik denk dat ze zelf daarin ambigu stonden.

In deze remake wordt nog verwezen naar twee andere klassiekers voor de interpretatie: The Heart of Darkness en The Beauty and The Beast. Qua de eerste zou dan de interpretatie kunnen zijn dat niet King Kong maar wijzelf het beest zijn omdat wij culturen vernietigen en de natuur knevelen in onze zucht naar kennis en macht. Qua de tweede dat de liefde elk beest temt en in een prins verandert (al is hier het gevolg dat de liefde King Kong kwetsbaar maakt en tot zijn dood leidt).

King of Staten Island, The (2020)

Bijzonder vermakelijke film. De film heeft weinig om het lijf, heeft ook weinig pretenties en volgt de clichés van het genre (oorspronkelijk betekende ‘komedie’ een verhaal dat goed afloopt maar ook als je dat niet weet dan kun je bij deze film de goede afloop van mijlenver aan zien komen), maar dat de film 136 minuten lang weet te amuseren en niet gaat vervelen laat al zien hoe goed de film slaagt in z’n pretentieloos amusement.

King of the Cruise (2019)

Uitstekende, intrigerende documentaire over een oude, dikke man op een cruiseschip die zichzelf een baron noemt. De documentaire vertelt ons niets over de man (er is geen voice-over) maar observeert slechts de man die graag over zichzelf vertelt zodat de kijker denkt veel over hem te weten te komen. De man blijkt duidelijk eenzaam en poogt aldoor contact met de mensen op het schip te maken; gaandeweg bekruipt je steeds sterker het gevoel dat de man een oplichter want een pathologische leugenaar is: hij vertelt dat hij een eenzaam en leeg/materialistisch leven leidt omdat hij baron is maar waarschijnlijker lijkt het omgekeerde waar dus dat hij zich voordoet als baron omdat zijn leven eenzaam en leeg is en alleen als baron interessant gevonden wordt en contact kan krijgen. In ieder geval benadrukt hij zelf sterk dat hij geen enkele aandacht zou krijgen als hij geen baron zou zijn: zijn titel en rijkdom vormen zijn enige sleutel tot menselijk contact (en rijk lijkt hij in ieder geval wel omdat hij dure cruises maakt).

Zeker is dat hij zijn probleem tot oplossing probeert te maken: zijn leeg, materialistisch bestaan probeert hij te vullen met een eetverslaving en het lege, hedonistische bestaan op een cruise waar ‘have a beautful day’ het enige en alsmaar ingepeperde levensdoel is. Maar bovenal probeert hij zijn rijkdom of gepretendeerde rijkdom aan te wenden om zowel een persoonlijkheid (volgens het conservatieve adagium ‘je bent wat je hebt’) als contact met de medemens te vinden. Het levert een fascinerend portret op van een eenzaam, leeg mens in een hedonistische, lege maatschappij: in zijn eigen woorden is het leven als een TV-programma (dat eindigt als het programma is afgelopen) en hijzelf het entertainment voor (het TV-programma van) andere mensen. Ruim vier sterren.

Kingdom of Silence (2020)

Iedereen weet dat het Midden-Oosten een warboel is, niet alleen qua oorlog en geweld maar ook om als buitenstaander überhaupt te begrijpen wie elkaars vriend en wie elkaars vijand is op dit toneel van eindeloos nieuwe oorlogen. In het centrum ervan staat nota bene zo’n beetje het enige land dat stabiel is maar dat tegelijkertijd de schizofrenie zelf belichaamt: Saoedi-Arabië. Is het land revolutionair – een exporteur van salafisme zoals al Qaida en IS en daarmee de ultieme vijand van het Westen (maar liefst 15 van de 19 terroristen van 9/11 waren Saoedi’s) – of juist oerconservatief dat nota bene de VS en inmiddels zelfs Israël als hun grootste bondgenoot heeft? Is het land de bakermat van de islam – dat zijn puriteinse dus ‘protestantse’ versie van de islam inmiddels naar de hele wereld heeft geëxporteerd en geen concurrenten zoals Iran en de Moslimbroederschap duldt – of is het het land waar een koningshuis alle macht heeft en die alleen maar geïnteresseerd is in het behoud van die macht en daartoe een bondgenootschap met elke duivel, zoals de VS, smeedt?

Deze documentaire gaat over Kashoggi en de moord op hem in het Turkse consulaat die de wereldpers haalde, maar laat ook wat licht schijnen over de recente en bepaald verontrustende geschiedenis van dat schizofrene land Saoedi-Arabië en z’n schizofrene relatie met de VS waardoor we er iets van kunnen begrijpen. We leren dat de relatie is gebaseerd op de import van Saoedische olie door de VS en de import van Amerikaanse wapens door Saoedi-Arabië (ik merk op dat de Sovjet-Unie op zijn beurt warme banden met Iran, de aartsvijand van Saoedi-Arabië, aanknoopte hetgeen tot onder meer de Syrische burgeroorlog zou leiden). Religie speelde geen rol totdat de Sovjets Afghanistan binnenvielen. De VS en Saoedi-Arabië zouden samen ten strijd trekken tegen het communisme waarbij ze bewust het islamextremisme aanmoedigden. We leren Kashoggi kennen als een invloedrijke journalist en vriend van het Saoedische koningshuis die fan was van Osama bin Laden en diens verzet tegen de Sovjets. Maar dat veranderde toen Osama zich tegen de VS – de grote vriend van Saoedi-Arabië – keerde. Net als Saoedi-Arabië zelf veroordeelde Kashoggi het terrorisme en omgekeerd viel Bush Irak binnen in plaats van Saoedi-Arabië: zeker voor de Republikeinen blijkt de vriendschap met Saoedi-Arabië heilig vanwege de olie- en wapenhandel en kan zelfs de grootste terroristische aanslag van de recente geschiedenis daar geen krasje in maken (terwijl Saddam Hoessein geen vriend meer was van de VS dus de prijs moest betalen).

Toen kwam de Arabische Lente. Kashoggi en Obama vonden het wel wat, maar in Saoedi-Arabië werd de opstand hard neergeslagen (met Amerikaanse wapens) en men was boos dat de VS Moebarak in Egypte had laten vallen (en Obama en de Saoedi’s waren bepaald geen vrienden). Alles veranderde toen Mohammed bin Salman de nieuwe koning van Saoedi-Arabië werd: hij trok alle macht naar zich toe en begon een oorlog in Jemen (waar hij oorlogsmisdaden beging) en tegen alle oppositie waarin hij kan meten met Poetin want niemand die kritiek op hem kan beter vluchten voor z’n leven (hetgeen Kashoggi deed) en zelfs de andere prinsen moeten op hun woorden en daden passen. Tot overmaat van ramp kwam Trump aan de macht die de grootste vriend van Saoedi-Arabië is en die het niets kan schelen welke misdaden Salman begaat zodat die de vrije hand kreeg. Kashoggi waagde het om kritiek te hebben op zowel Trump als de veranderingen zoals de censuur onder Salman (interessant overigens dat het Westen vooral positief reageerde op Salmans regime want hij laat vrouwen auto rijden!) en moest dat dus bekopen met een gruwelijke dood in het Turkse consulaat.

Aldus is de documentaire een goede introductie tot de laatste ontwikkelingen in Saoedi-Arabië, al is er nog ruimte voor meer diepgang om het nog beter te begrijpen want niet alle vragen worden beantwoord.

Kingmaker, The (2019)

Niet erg diepgravende maar toch interessante documentaire over de terugkeer van de familie Marcos in de Filipijnse politiek. Aanvankelijk lijkt de documentaire zich geheel te richten op het raadsel van de populariteit van deze familie – dictator Ferdinand Marcos is overleden maar zowel z’n vrouw Imelda als z’n zoon Bongbong zijn bezig weer aan de macht te komen – bij met name de armen in de Filipijnen terwijl zij nota bene miljarden van die armen hebben gestolen en in 1976 het land hebben moeten uitvluchten na een volksopstand tegen hun kleptomane dictatuur waarin bovendien tienduizenden politieke tegenstanders zijn gemarteld en vermoord. Het antwoord lijkt even eenvoudig als schokkend: juist de (gestolen) pracht en praal alsmede het ‘moederlijke’ imago dat Imelda zichzelf geeft (waarbij ze haar decadente luxe rechtvaardigt als ‘schoonheid is de overdaad van liefde’) gaf de familie de uitstraling van koningschap die altijd populair is bij de armen wegens het sprookjesachtige karakter ervan. In de woorden van Imelda: ‘de armen zijn altijd op zoek naar een licht in hun duisternis’. Vervolgens kan die (gestolen) rijkdom politiek worden gebruikt om mensen op belangrijke posities om te kopen (corruptie), de armen kadootjes te geven (Imelda deelt simpelweg bankbiljetten uit aan de kinderen in de krottenwijken) en om nepnieuws te verspreiden om de reputatie van de familie Marcos wit te wassen (Imelda: "perception is real, and the truth is not").

Tegen het eind komt er echter een onverwachte maar intrigerende wending: de huidige president Duterte blijkt te zijn betaald door de familie Marcos en ruimt op zijn beurt alle obstakels op opdat de Marcos-familie weer de macht kan grijpen, van het in de gevangenis zetten van alle tegenstanders van de familie Marcos tot het vervangen van rechters zodat de verkiezingswinst van politieke rivalen wordt teruggedraaid, de huidige familie de 4 miljard dollar terugkrijgt die in beslag is genomen en de dictator Marcos alsnog een heldenbegrafenis krijgt. Duterte blijkt – als deze documentaire gelijk heeft – slechts een marionet van de familie Marcos die door middel van Duterte zeker kan zijn de Filipijnen terug in haar bezit te krijgen. Letterlijk, want de familie Marcos behandelt de Filipijnen en de Filipino’s ook letterlijk als haar bezit (waarmee er uiteraard geen respect is voor mensenrechten).

Hiermee eindigt de documentaire maar een en ander nodigt natuurlijk uit om in algemenere zin te reflecteren op dergelijke processen, nu we vergelijkbare processen overal ter wereld zien, van Poetin in Rusland tot Trump in de VS. Nu is natuurlijk elk land en elke leider weer anders en bv. Trump zou ik niet willen vergelijken met de familie Marcos maar eerder met Duterte: de familie Marcos is een soort monarchie of dynastie en heeft een praal, klasse en verfijndheid die Trump, net als Duterte, totaal ontbeert. De familie Marcos vertegenwoordigt als het ware de oude wereld – Imelda wil ook het ‘paradijs’ herstellen – waarin zij van nature de aristocratie vormen, ‘klasse’ hebben en dus alles mogen toeëigenen, terwijl Trump en Duterte juist praten en ogen als straatschoffies die grossieren in grofgebektheid en vooral de ander willen vernederen (waar bv. Marcos in het geheim tegenstanders liet vermoorden, schept Duterte er behagen in om openlijk te moorden). De moderne democratie lijkt echter kansloos tegen beide vormen van despotisme: iemand als Duterte is onweerstaanbaar als ‘sterke man’ die met grof geweld alle problemen zou kunnen oplossen (NB. de liberale Aquino-presidenten met hun rechtsstaat en mensenrechten van na de dictatuur Marcos faalden om de armoede en corruptie in de Filipijnen te verminderen) en de Marcos-familie is onoverwinnelijk wegens hun geld en aristocratisch elan die met terugwerkende kracht de Marcos-dictatuur weet te verkopen als de enige tijd in de geschiedenis dat de Filipijnen een paradijs was.