• 18.078 nieuwsartikelen
  • 184.921 films
  • 12.852 series
  • 35.408 seizoenen
  • 653.722 acteurs
  • 201.172 gebruikers
  • 9.522.349 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Shadowed als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

How to Train Your Dragon (2010)

Alternatieve titel: Hoe Tem Je een Draak

Betere DreamWorks.

Dat dit een voldoende krijgt, zegt ook eigenlijk al een hoop. Normaal kan het het leunen op clichés ook absoluut niet uitstaan, maar dit verhaal is toch wel voldoende pakkend om dat niet voortdurend op te merken. Gelukkig maar.

Wat de film vooral omhoog helpt is de band tussen Hiccup en Toothless. De scenes, vooral in het begin, zijn best interessant en verwarmend op een vreemde manier. Vooral de bewegingen van dat beest zijn best leuk bedacht, en de film kent enkele heerlijke beelden zoals de eerste duikvlucht van het duo door de wolken.

Helaas weet dat dan ook niet de hele film te redden, want soms zijn de clichés ook wel volop aanwezig waarmee dit verhaal, origineel bedacht of niet, opnieuw zeer voorspelbaar is waarbij je het hele plot al kan raden. Ook de karakters zijn elementen die je in elke andere kinderfilm wel terug ziet.

Ook kent de film enkele opvallend vreemde momenten, Hiccup valt in vuur, hoe raakt hij zijn been kwijt? De vader was opeens wel heel snel bekeerd, evenals dat vrouwtje. En dit soort dingen begonnen toch wel behoorlijk op te vallen na enige tijd.

Gelukkig is het allemaal mega vlot, richting het einde bijzonder bombastisch en kent enkele hele mooie geanimeerde beelden. Ik kan al gelijk snappen dat kinderen dit verrukkelijk vinden, volwassenen zullen dit ook wel slikken, maar zullen waarschijnlijk het verhaal al vanaf het begin kunnen raden.

Ook de shot waarbij de de gigant ziet vliegen in de wolken mag genoemd worden, dat soort dingen zie ik ook graag terug.

How to Train Your Dragon (2025)

Regisseur Dean DeBlois bouwt zijn eerste live-action klus op een animatiefilm die hij in het verleden onder hoede heeft genomen. Het zorgt ervoor dat deze herbewerking van How to Train Your Dragon op weinig verrassingen kan rekenen en zeker in de tweede helft enkele zaken onderbelicht laat. Op die manier is de relatie tussen vader en zoon wel heel snel overeind na de botsing en zijn de overige kinderen binnen één enkele nacht vrijwel probleemloos getraind om op een draak te vliegen, terwijl Mason Thames daar zowat de hele film voor nodig had. Op visueel vlak gelukkig erg spectaculair, zeker naar de finale toe. De draken lijken exact overgenomen te zijn uit de animatiefilm en hadden wat meer realisme kunnen gebruiken, maar niettemin vermaakt deze film met gemak en brengt genoeg om zijn bestaan te rechtvaardigen.

How to Train Your Dragon 2 (2014)

Alternatieve titel: Hoe Tem Je een Draak 2

Veel minder,

Jammer, want de magie is er eigenlijk al gelijk af, waarbij deze film meer een soort cash-in lijkt dat een vervolg dat uit de hart van de makers komt. Zo verliest deze film gelijk al wat magie die in de eerste film wel echt volop aanwezig was.

Nu we niet echt meer de spanning en band tussen Hiccup en Toothless terugzien is er gelijk wat minder te beleven. De film lijkt langzamer over te gaan, en lijkt er nog steeds niets aan die vervelend opvallende clichés te gebeuren. Ze lijken het niet eens meer te proberen.

Hiermee is het hele middenstuk niet al te bijzonder, nog wel enkele mooie beelden maar de echt leuke stukken beginnen pas richting het einde met de 2 giganten tegen elkaar. Dan gaat de film tenminste weer even los in het bombastische gedeelte en is daarmee op zijn leukst.

Uiteindelijk is dit niet heel slecht, maar eigenlijk had het gewoon bij deel 1 moeten blijven, nu met deel 2, 3 en zelfs een serie is de magie er zo meteen af. Jammer dat ze dit blijven doen, ik vind dat dit soort films bij deel 1 moeten blijven.

How to Train Your Dragon: The Hidden World (2019)

Alternatieve titel: Hoe Tem Je een Draak 3

Regisseur Dean DeBlois nam ook dit laatste deel in de trilogie voor zijn rekening, maar een waardig slot is het allerminst. DeBlois evenals Cressida Cowell stonden in voor het scenario, dat het grootste faalpunt van de film vormt. De bijna constante voorspelbaarheid, de onevenwichtige spanningsboog en vooral de bijzonder oninteressante antagonist benutten maar een zeer beperkt percentage van de totale potentie. Het is dat de animatie zelf enorm vooruit is gegaan, met enkele werkelijk schitterend tot leven gebrachte achtergronden. Personages zoals Tandloos zelf blijven ook een genot voor het oog en houden de aandacht gemakkelijk vast. How to Train Your Dragon is een trilogie dat het per deel steeds minder ambitieus leek aan te willen pakken, met de uiterst zoetsappige finale van The Hidden World als definitieve kers op de taart der teleurstellingen. Een spijtig einde van een reeks die destijds nog zo leuk begon.

Howl (2015)

Prima.

Geen verkeerde tweede film dit van Hyett. Hij besloot niet hetzelfde pad te bewandelen als dat hij deed met zijn debuut The Seasoning House. Met Howl bewijst hij ook overweg te kunnen met andere delen van het horrorgenre, maar heel bijzonder vond ik het uiteindelijk ook weer niet.

In ieder geval besloot Day weer terug te keren voor Howl, maar speelde niet de hoofdrol dit keer. Speleers mocht deze taak op zich nemen in Howl. Hij doet het best goed, al zit er geen rol bij dit ik echt uitzonderlijk goed vond. Toch doet iedereen het naar behoren en weten de personages net genoeg kleur te geven om leuk te blijven.

Visueel in ieder geval behoorlijk sfeervol. De bossen zijn creepy en dreigend en de cinematografie in orde. Zo'n setting als deze is ook leuk, met een aantal mensen die verscholen zitten in een trein tegen een bedreiging vanuit buiten. Ik vind het wel jammer dat dit weerwolven moeten zijn (dit tussen spoilers zetten heeft geen zin, elke sukkel zou het wel weten met een titel zoals Howl) want dat zijn niet de meest spannende dreigingen naar mijn mening.

Die weerwolven zien er ook niet heel spannend uit verder, eenmaal ze beter in beeld komen begint de film zijn kracht ook te verliezen. Uiteindelijk leidt het naar een redelijk teleurstellende en saaie finale, ondanks dat er wel een kleine twist aan het concept zit. Geen zombievirus, maar een weerwolfvirus. Best grappig gevonden.

Camerawerk is verder ook net niet intens genoeg en de spanning blijft vrijwel uit. Jammer want de locatie brengt wel de juiste sfeer met zich mee en Hyett bewijst zeker dat hij een bepaalde visie heeft, maar Howl is beduidend minder dan zijn debuut. Jammer, maar het is niet anders. Benieuwd naar zijn toekomstige projecten.

Howling II: Stirba - Werewolf Bitch (1985)

Alternatieve titel: Howling II: Your Sister Is a Werewolf

Uiterst campy en onbenullig, maar dat is dan ook gedeeltelijk het appeal van een film als deze. Regisseur Philippe Mora kiest voor een setting die probeert aan te sluiten bij het eerste deel, maar uiteindelijk vooral heel erg zijn eigen toonzetting volgt. De Tsjecho-Slowaakse landschappen versterken de sfeerzetting en Christopher Lee blijft altijd een betrouwbare aanwezigheid, maar eenmaal de clou wordt weggegeven valt het op hoe knullig deze productie wel niet is. Brakke montage (sommige personages schreeuwen het al uit van de pijn voordat de wolven ze überhaupt verslinden) en een lomp concept vieren hoogtij, waardoor ik de film niet kan laten wegkomen met een voldoende. Sybil Danning vervangt Dee Wallace bovendien als een prominente verschijning die absoluut niet kan acteren, dus Mora wisselt het op die manier lekker af. Links en rechts komisch vanwege de slechtheid en het vermaakt prima, maar de mistige bossen van het eerste deel hadden toch beduidend meer charme.

Howling III (1987)

Alternatieve titel: The Marsupials: The Howling III

Regisseur Philippe Mora meldde zich weer aan om het derde deel onder handen te nemen en verplaatst het verhaal van Europa naar Australië. Net als het vorige deel moet deze film het weer van de camp hebben en dat weet gedurende de eerste helft best aanstekelijk te werken. Het verschil is dat deze productie duidelijk wat zelfbewuster was en het minder moet hebben van sfeer of spanning, maar gaat desondanks uiteindelijk ten onder aan het nietszeggende verhaal. Er valt na enige tijd geen touw meer aan vast te knopen en de dramatiek voert steeds meer de bovenhand, waardoor de tweede helft vooral erg taai wegkijkt. Wat lompe momenten tussendoor (erg gelachen om de bazooka in de tent) zorgen voor wat leven in de brouwerij, maar inhoudelijk is het een ware puinhoop en de effecten zijn niet bepaald hoogstaand. Als kers op de taart wordt er wederom een arsenaal aan erbarmelijk acterende figuren weggetankt, waardoor het algemene niveau van de reeks weer wat dieper zinkt.

Howling IV: The Original Nightmare (1988)

Gary Brandner (de schrijver van het oorspronkelijke boekmateriaal) bleek niet helemaal tevreden te zijn met de eerste film vanwege het gebrek aan overeenkomsten. Regisseur John Hough kreeg daarop de taak om een project te realiseren dat wat dichter bij het bronmateriaal lag, maar het levert vooral een kopie op die wat goedkoper aandoet. We bevinden ons dit keer in Zuid-Afrika, waardoor je mooie landschappen en fijne nachtopnames kunt verwachten. Tot op zekere hoogte zijn wordt de sfeer daardoor best aardig opgevoerd, maar wanneer het op de spanning aankomt loopt de boel niet bepaald soepel. Het bijzonder slechte acteerwerk is daar onder andere voor aan te kijken, want veel van de leden staan erbij alsof ze een tekstbordje met te kleine lettertjes moesten oplezen. De speciale effecten halen het bovendien niet bij de inspanningen van Joe Dante, maar het kijkt aardig weg en ademt een vermakelijke 80s atmosfeer uit. Hough beschouwt dit overigens door de constante inmenging van scenarist Clive Turner niet als zijn eigen film. Later zou Turner evenzeer het leven van de overige reeks-regisseurs zuur maken vanwege botsende visies.

Howling V: The Rebirth (1989)

Soms kent een matige horrorreeks opeens een film die boven het gemiddelde niveau uitsteekt, waar dit vijfde deel een goed voorbeeld van is. Regisseur Neal Sundstrom dirigeert een interessante whodunnit waarbij een aantal gasten omstebeurt binnen een authentiek kasteel door een weerwolf worden opgegeten. De productie keerde terug naar Europeaanse grond en dat levert een mooie locatiekeuze op, ondanks het gebrek aan spanning. Er hangt gelukkig wel een fijn en mysterieus sfeertje, waar ik de uiteindelijke insteek best van kon waarderen. Het acteerwerk daarentegen laat te wensen over en de moorden zijn te tam om indruk te maken, maar dit gebeuren was beduidend interessanter om te bekijken dan de voorgaande delen. Ik moet echter bekennen dat ik een zwak heb voor dit soort verhaaltjes, waarin je als kijker genoodzaakt bent mee te denken met de onwetende personages.

Howling VI: The Freaks (1991)

Na het zeer vermakelijke vorige deel keert de boel dit keer terug naar Amerikaanse grond, waar het eerste deel ook werd opgenomen. Regisseuse Hope Perello komt echter op de proppen met een compleet ander verhaal dat beduidend kinderachtiger voor de dag komt, ondanks de verwoede pogingen om een beetje originaliteit in de reeks te pompen. Het acteerwerk is ouderwets ondermaats en de spanningsopbouw blijft afwezig, maar dit keer ontbreekt vooral een interessante setting om eerdergenoemde punten te compenseren. Het duurt in dit deel ook erg lang voordat alles opgang komt, deels te wijten aan een speelduur die veel te breed wordt uitgesmeerd. De slotfase gaat behoorlijk over de top en dat maakt het best leuk om te aanschouwen, daarnaast zijn de praktische effecten charmant. Meer complimenten gaat Perello echter niet uit mijn strot persen, een teleurstellende achteruitgang na het genietbare vijfde deel.

Howling, The (1981)

Nu ik aan de volledige reeks begin was het toch handig om het eerste deel te herzien, vooral omdat ik me er niets meer van kon herinneren (nooit een goed teken als de vorige kijkbeurt enkel 2 jaar geleden was). Het betreft een vroeg project van regisseur Joe Dante, later verantwoordelijk voor een aantal zeer fijne werkjes. Uiteraard was er geen beschikking over een hoog budget en wordt er wel degelijk een hoop bereikt met weinig, maar het slechte acteerwerk blijft een serieuze uitdaging om door te komen. Specifiek Dee Wallace acteert als een natte krant, waardoor het extra vervelend is dat ze de hoofdrol speelt. Het overige gedeelte van de film roept weinig spanning en/of originaliteit op (mag wat mij betreft benoemd worden, aangezien de makers toch van het boekmateriaal afsprongen) en enkel de nachtelijke avonturen in het bos evenals de praktische effecten laten een goede indruk achter. Ik vond het best taai om dit in z'n geheel uit te zitten, maar het einde overtuigt me om een halfje extra te rekenen.

Howling: New Moon Rising (1995)

Na enkele onenigheden verliet regisseur Roger Nall het project en nam scenarioschrijver Clive Turner (die hem min of meer van de set joeg) het stokje van hem over. Tijdens het kijken borrelt dat vermoeden al tamelijk vroeg op als je de chaotische en onoverzichtelijke inhoud enigszins probeert te volgen. Regelmatig voelt het aan alsof er twee compleet verschillende verhalen door elkaar zijn gehusseld, met slechts spaarzame connecties tussen beide uitgangspunten. Het is dan ook niet vreemd dat Nall een hele andere film voor ogen had dan Turner, want die tweede naam wilde klaarblijkelijk vooral een ode brengen aan het verdorven stadje dat je als kijker hier te zien krijgt en hield zich dus beduidend minder bezig met de basis: weerwolven. Dat levert een hoop grollen op tussen rednecks en hillbilly's, met uiteraard diverse grapjes (gecentreerd rondom poep en alcohol) die amper in het verhaal passen. Het acteerwerk is afgrijselijk, de visuele look van de film oogt ongemotiveerd en het verhaal is werkelijk niet te doorgronden. Als kers op de taart een finale met de slechtste praktische effecten binnen deze reeks en dat wil wat zeggen. De toonzetting is relatief luchtig zodat het geen al te vermoeiende zit vormt, maar Turner mag zich gerust op zijn hoofd krabben nadat hij dit heeft afgeleverd.

Howling: Reborn, The (2011)

Alternatieve titel: The Howling Reborn

Halfje erbij na herziening, zeker omdat deze productie van regisseur Joe Nimziki een beduidend stuk beter is dan Clive Turners rotzooi. De fout is vooral dat er in Reborn een soort liefdesverhaaltje wordt gemaakt van de oorspronkelijke legende en dat weet amper te beklijven. Landon Liboiron speelt bovendien een kleurloos hoofdpersonage dat de gehele film rondloopt met één enkele gezichtsuitdrukking. De opborrelende liefde tussen hem en Lindsay Shaw (die beduidend beter acteert) kent daarom geen chemie, maar dat is gelukkig snel vergeten eenmaal de wat actievere tweede helft aanbreekt. Ondanks de verouderde effecten brengt Nimziki een met actie gevulde finale en dat vermaakt prima. Echt geweldig is het niet (daarvoor wordt er gewoon te ouderwets geregisseerd en gaan de praktische effecten niet langer meer mee), maar het is zeker niet het slechtste dat de reeks gebracht heeft.

Hoyo 2, El (2024)

Alternatieve titel: The Platform 2

Gelijkwaardig vervolg aan het eerste deel, met soortgelijke kritieken en onderlagen. Regisseur Galder Gaztelu-Urrutia dirigeert overduidelijk met een bepaald doel voor ogen en brengt deze bij vlagen overtuigend tot uiting in El Hoyo 2, maar verspeelt zijn kaarten behoorlijk in de finale. Deze nogal vage uitwerking van allerlei ideeën en concepten komt namelijk niet erg boeiend voor de dag, terwijl de opbouw best aardig uit de voeten kwam. Het acteerwerk is verder nogal sterk aangezet en niet alle ideeën werken even goed, maar de "Harmonie tussen lagen" is best entertainend.

Hoyo, El (2019)

Alternatieve titel: The Platform

Spaanse degelijkheid.

Maar de Spaanse cinema blijft voor mij ook altijd een tikje te traag op momenten waar dat niet nodig is. The Platform heeft bijvoorbeeld erg weinig tempo terwijl zo'n concept zelf voor genoeg tempo moet zorgen. En toch weet de regie van Gaztelu-Urrutia deze niet vast te houden.

Hoofdpersonage is ook niet al te boeiend en weet niet bepaald de aandacht vast te houden. Beste acteerwerk komt van Eguileor. Voor de rest is er weinig om echt te noemen. Het is vooral het verhaal zelf dat spreekt en niet de acteurs.

Visueel wel weer goed, wat we van Spaanse cinema gewend zijn. Kille, meedogenloze look. Het is allemaal tip top in orde. Ook de gore-effecten zien er rauw uit en de verlichting is op niveau. Bij vlagen lekker wat experimenteren, het is gewoon goed op visueel gebied.

Toch verliest de film zichzelf in dromerigheid dat het tempo vooral wegneemt. Het drama-aspect van de film maakt weinig indruk. Het horror-aspect ook niet, op een aantal aardige gore-momenten na. Sciencefiction-aspect voelde ook wat onvolledig aan, als ik zeggen mag.

Want het hele concept is interessant genoeg. Jammer dat de creativiteit die met het concept mee moet gaan dat tekort doet. Je hebt nu gewoon een zwevend platform met eten daarop en de inrichting. Dat is het eigenlijk. Had wel iets meer ideeën willen zien eigenlijk. Voelde nogal incompleet aan.

Ook is de finale te traag om echt interessant te zijn. De boodschap drong wel door, maar echt indruk maken deed het niet. Want het gehele concept zelf neemt zoveel van de aandacht dat er weinig rust is om überhaupt over het onderwerp na te denken. Maarja, dat was dan vooral bij mij als kijker.

Degelijk resultaat, maar toch met een onvolledig gevoel. Wat mij betreft schiet het vrijwel op elk gebied net wat te kort. Niet spannend genoeg, niet creatief genoeg, niet interessant genoeg. Maar het geheel is nog wel redelijk gelukkig. Bovendien is het leuk als er weer eens wat nieuws voortkomt in de cinema.

Hubie Halloween (2020)

Deze Halloweenfilm van komedieregisseur Steven Brill valt op genoeg punten te bekritiseren, maar dit studioproject van Happy Madison zet één van de effectiefste sfeertjes binnen deze feestdag ooit gemaakt neer. Spookachtige beelden, fraaie decoraties en moderne invalshoeken verlichten het scherm overtuigend, wat verraadt dat de makers er zelf wel plezier in hadden om all-out te gaan met de productie. De humor is verder uiteraard aan de flauwe kant, alhoewel het droge karakter soms best aanstekelijk weet te werken. Adam Sandler had wat minder een specifiek typetje hoeven spelen, maar doet het verder gelukkig best prima. Heel spannend is Hubie Halloween nergens en in bepaalde opzichten mist het schrijfwerk de benodigde ambitie, maar het vermaakt uiteindelijk uitstekend en is met liefde in elkaar gezet.

Huesera (2022)

Alternatieve titel: Huesera: The Bone Woman

Zeer middelmatig horrordrama dat zich net als een boel soortgenoten vooral laat inspireren door A24-achtige verhalen. Huesera laat zich echter al snel in de kaarten kijken door de hoofdthema's op een fel schijnend bord aan de kijker te presenteren. Het acteerwerk van Natalia Solián is daarbinnen uitstekend, maar weet niet te verhullen dat je de insteek al snel kan uittekenen. Vanaf dat punt is het vooral aftellen naar een aantal onvermijdelijke confrontaties en gebeurtenissen die zelden spannend in beeld worden gebracht. De afstandelijke ideeën en de weinig intense visuele stilering van regisseuse Michelle Garza Cervera maken er verder ook niet zo'n interessant geheel van. Inhoudelijk oogt het doordacht genoeg, maar als dramafilm schiet Huesera toch op vrijwel alle vlakken tekort.

Hugo (2011)

Wel leuk.

Scorsese wilde eventjes iets anders doen dan zijn oh zo bekende rise and fall misdaadfilms. Helaas vond ik ook dit niet heel bijzonder. Leuk dat de beste man iets anders wil proberen, maar echt uitblinken doet deze film echt nergens.

Cohen is wel leuk gekozen, maar zoals verwacht speelt hij een nogal geforceerd flauw karakter. Butterfield is vaak wat irritant als de kleine Hugo, al doet hij behoorlijk zijn best. De film is voor een groot deel vrij saai, al ziet het er visueel behoorlijk mooi uit.

Een verhaal dat niet altijd weet te boeien, een beetje flauw humor maar een mooi visueel vormgegeven film. Moretz is ook altijd leuk om te zien, ook als kind doet ze het niet verkeerd. Deze film had wat minder saai gemogen van mij. Ook had Kingsley wat meer in beeld gemogen.

Hukkle (2002)

Apart.

Hukkle is zo'n film waarvan het publiek alleen maar in een enkele hoek zit. De ene kant ziet er vooral leegte in, die op een niet al te interessante manier wordt uitgewerkt. De andere kant ziet het als een briljante vormgeving van het mysterygenre. Beide kanten kan ik snappen, maar persoonlijk leun ik toch dichter tegen de eerste kant aan.

Ondanks dat de film audiovisueel erg knap wordt vormgegeven was het voor mij een moeilijke film om in te komen. Als de beelden intrigerend genoeg zijn is dat geen probleem, maar het stijltje van deze film ligt me niet zo. Alles komt haarscherp in beeld te staan en de kleuren mogen er zijn, maar je merkt er weinig van. Regisseur Pálfi besluit namelijk zijn camera zo dicht mogelijk tegen vrijwel alles aan te houden.

Door de vele close-ups krijg je als kijker niet veel mee van het beeld zelf. Ik vind het een erg nerveuse en vervelende manier van regisseren. Ik ben meer van het brede plaatje. Laat de mooie vlaktes in alle glorie lekker zien, in plaats van de kin van een hikkende man. De kansen laten ze op deze manier liggen, want de film kent zeker een aantal gave plaatjes.

Acteerwerk is moeilijk te beoordelen. Er wordt namelijk geen woord gesproken hier. Het verhaaltje is zeer dun, en je moet er zelf een beetje achter komen tot de finale aan. Het is een originele manier van mystery invullen, zonder twijfel, maar het is niet aan mij besteed. Ik zat de 75 minuten in pure verveling uit, en weinig scenes wisten me nog terug te trekken naar de film.

Ondanks dat Hukkle best goed vormgegeven is verder en redelijk origineel wordt ingericht is het gewoon geen film die overheen komt met mijn smaak. De regiestijl ligt me niet helemaal en wat de mensen daar in het dorpje dagelijks doen boeide me simpelweg niet. Deze film had waarschijnlijk beter gewerkt als kortfilm, en niet als een film die meer dan een uur duurt.

Hulk (2003)

Alternatieve titel: The Hulk

Mwa.

Film die zichzelf inderdaad gewoon te serieus neemt waardoor het misschien iets sneller kan vervelen. Bana vond ik doorgaans een prima acteur, maar dit soort rollen kan hij totaal niet. En daardoor, ondanks de serieuze toon, was het sneller komisch door Bana.

Het meest komische is misschien wel wanneer Bana boos moet worden. Toen moest ik eigenlijk al heel snel lachen. Ook wanneer Bana heel stoer "boem boem boem" zegt kon ik mijn lachen gewoon neit inhouden. Hij pakt gewoon de verkeerde toon aan die de film niet bepaald goed doet.

Met een budget van 137 miljoen verwacht je toch wel spectaculaire effecten, maar de hulk leek regelrecht uit Sharknado te komen soms. Wel gek, want met zo'n budget had het toch wel beter kunnen zijn dat dit. Dan lijkt het budget eerder op te zijn gegaan in stunts, want die waren een stuk beter gelukt. Vooral de neerstortende helikopters zagen er leuk uit.

Het eerste deel is eigenlijk gewoon een beetje afwachten. Veel actie zit er niet in, waarmee je meer zit te kijken naar een drama rondom Bana en ook nog wat afstandelijke romantiek die nergens heel goed uit de verf komt. De stripboek achtige, vlotte montage valt in het begin op, maar Lee maakt er te vaak gebruik van waardoor het toch wat simpel en klungelig aan begint te voelen. Soms zelfs storend omdat je soms naar 5 beelden tegelijk zit te kijken.

Connelly, was tot mijn grote verbazing, best goed bezig. Hier had ze de schattige charme nog een beetje te pakken, die verdween niet gek lang hierna. Nolte was vervelend en zo overdreven dat ik als kijker geen idee had wat ik hem hem aanmoest.

De slotfase is gelukkig wat actievoller, dus ook wat boeiender. Het gaat wat verder over-the-top, al lijkt de actie nergens echt los te willen barsten. Zo'n scene als in San Francisco had echt compleet los moeten gaan, maar Lee trekt veel te vroeg aan de rem.

Uiteindelijk kwam ik er makkelijker doorheen dan gedacht, maar dat helpt de film nog niet aan een voldoende. Lee lijkt niets te willen met zijn film, de actie is te kort, maar de drama is niet geloofwaardig genoeg. Met zo'n karakter als de Hulk en zo'n budget kan je heel wat mee doen, maar Lee heeft het niet echt optimaal weten te benutten.

Human Centipede (First Sequence), The (2009)

Alternatieve titel: The Human Centipede

Matig.

Met redelijk hoge verwachtingen opgezet, maar ik wist wel dat de film niet bepaald hoog scoorde. Regisseur van Nederlandse bodem, dus daardoor was ik alleen maar nieuwsgieriger. Het idee is best origineel en huiveringwekkend, helaas werd hier niet veel mee gedaan.

Dr. Heiter (Dieter Laser) heeft zeker een slechte kop, maar geen uitstraling van een griezelige doctor. Evenmin zijn slachtoffers, waarbij de Japanner het nog wel redelijk deed. Hij was ook gelijk de beste, want de agenten waren niet beter.

Slecht acteerwerk, te weinig gore en te weinig gedaan met het idee zelf, jammer, want dit had zeker veel huiveringwekkender kunnen zijn. Zelfs jezelf in de situatie uitbeelden hielp hier niet, wat wel bij The Belko Experiment lukte.

Human Centipede II (Full Sequence), The (2011)

Alternatieve titel: The Human Centipede 2 (Full Sequence)

Het vervolg van de Nederlandse regisseur Tom Six op zijn eigen beginfilm is een stuk vuiler, gemener en stijlvoller dan de voorganger. Alhoewel de gebeurtenissen in de eerste helft zeker niet tot de interessantste toebehoren, is The Human Centipede II daarmee iets boeiender geworden. Laurence R. Harvey is daarnaast passend smerig om een film als deze op sleeptouw te nemen, ondanks dat hij weinig ondersteuning krijgt van zijn medecollega's. De zwart-witfotografie kent verder vooral impact naarmate het laatste halfuur vordert, het eerste uur komt ietwat geforceerd over. Gelukkig gaat Six ver op het vlak van praktische effecten en dat levert wat ongeremde beelden op gedurende de finale, waarin alle grenzen worden opengebroken. Het tempo oogt onevenwichtig en het moet allemaal even opgang komen, maar uiteindelijk leveren de makers hier een betere en doeltreffendere film mee af dan twee jaar eerder.

Human Centipede III (Final Sequence), The (2015)

Alternatieve titel: The Human Centipede 3 (Final Sequence)

Voor de grote finale kiest regisseur Tom Six een komische benadering, wat eigenlijk de perfecte manier is om zo'n grote hoeveelheid aan nonsens goed op beeld te krijgen. De poster geeft namelijk al weg waar de plot heen wil gaan, al krijgt dat idee eigenlijk veel te weinig ademruimte om écht indruk te maken. In plaats daarvan twee schmierende hoofdrollen van Dieter Laser en Laurence R. Harvey, waarvan zeker de eerste werkelijk onuitstaanbaar is door aan te nemen dat constant geschreeuw een garantie biedt voor goede komedie. Dat wil niet zeggen dat de hele film ontdaan is van humor (want er zitten een aantal goede, droogkomische momenten tussen), maar het merendeel gaat op aan vertragende beelden van Laser die vooral zijn eigen ding blijft doen. Six is verder zijn drang naar het tonen van verontrustende ideeën niet verloren (die zijn er genoeg), maar liefhebbers van het basisconcept zullen veel meer kunnen halen uit de voorgaande hoofdstukken.

Human Race, The (2013)

Te veel.

The Human Race leunt op een leuk concept dat ik nog nooit eerder heb gezien, maar dat komt dan ook vooral door het feit dat het idee van deze film behoorlijk vergezocht is. Aan logica behoorlijk wat gebrek binnen deze film, maar ondanks dat kon ik er nog best wel van genieten eigenlijk.

Deze film zoekt de grenzen op, in kader van ideeën dan, want het geweld beperkt zich tot steeds hetzelfde trucje waarbij iemand explodeert. Dat levert genoeg bloederige beelden op die de film wat opfleuren, alhoewel je nooit je ogen zal kunnen uitkijken op het gebied van praktische effecten. Die worden helaas voor een groot deel buiten beeld gehouden.

Het acteerwerk is niet slecht te noemen binnen deze film, buiten Robinson, en omdat er veel personages met een eigen smoel rondrennen kan je ook nog eens een leuk "wie gaat er winnen" spelletje spelen met jezelf. Niet dat de film onvoorspelbaar is, in tegendeel het mag erg duidelijk zijn wie er waarschijnlijk naar de finale gaan, maar dat maakt het tempo of de genietbare natuur niet minder effectief.

Visueel is de film best rauw opgezet. Er hangt een nogal sombere filter over de film heen, maar het bewijst zich wel effectief en de camera holt overal vrolijk achteraan. Dat maakt The Human Race geen saaie film, maar aan de andere kant weet het concept niet lang genoeg staande te houden. De regie op het visuele vlak blijf namelijk erg eentonig, in het kader van dat het uiteindelijk lijkt alsof je constant tegen hetzelfde aankijkt.

Het gebrek aan echt uitbundige horror en gore maakt de film niet altijd even effectief, maar het is vooral dat enkele personages richting het einde volledig uit hun karakter stappen en iets heel anders worden, terwijl dat niet perse had gehoeven. De groots stijgende irritatie zorgde ervoor dat deze film geen voldoende kon bemachtigen vanuit mijn kant. The Human Race is geen slechte film, die helaas zijn kruit wat verschiet in het laatste halfuur waar het niveau eigenlijk juist moest stijgen.

Humane (2024)

In de basis is het gegeven van Humane bijzonder interessant en geweldig bedacht, maar de uitwerking van regisseuse Caitlin Cronenberg laat toch te veel steken liggen. Met name de veel te prominente aanwezigheid van humor zorgt ervoor dat de ernst van de situatie verdwijnt, waardoor er nooit een bepaalde vorm van dreiging of verstikking heerst. De personages zijn niet onaardig geacteerd (specifiek Enrico Colantoni doet het erg goed), maar de acteurs gaan te stevig op in karikaturale typetjes die eerder vervelend dan realistisch zijn. Ondanks dat de boel een aantal goede punten aan te halen heeft, voelt het daardoor nooit als een situatie die in de toekomst voor mogelijk gehouden kan worden. Tegen de finale aan wint de film weer kracht bij, maar gooit al die potentie overboord voor een slap geschreven einde. Uiteindelijk biedt het geheel vooral te weinig bijtkracht en lef om enige vorm van impact na te laten, maar vanwege de inhoudelijke vormgeving blijft het wel onvoorspelbaar en intrigerend. Hopelijk durft dochter Cronenberg wat harder uit te halen met haar volgende film.

Humanoids from the Deep (1980)

Alternatieve titel: Monster

Mwa.

Geen slechte, maar ook geen goede film. Humanoids from the Deep is een film die zomaar tot klassieker had kunnen uitdraaien, maar daarvoor missen toch wel te veel elementen die net dat duwtje konden geven. Had ik het dan leuker gevonden? Ik denk het niet. Maar een kans op een klassiekerstatus was wellicht hoger geweest.

Wat opvalt aan deze film is dat het er niet zo goedkoop uitziet dan dat ik vooraf wel had gedacht. Er zit serieus wat geld in deze film, wat vooral tot uiting komt in de kostuums en effecten. Echt episch of groots is de film niet, wel redelijk geproduceerd en ingevuld. Geweldig is het niet, maar wel net dat tikkie beter dan de andere B-films.

Het acteerwerk is bedroevend en de personages lijken bijna niet te bestaan, zo weinig geeft regisseuse Peeters ze mee. Daar lijkt Peeters overigens niet veel aan te kunnen doen, gezien ze behoorlijk werd gehinderd. Zo is deze film overduidelijk weer een afdankertje geworden van de studio's. Het verhaal is uitermate rommelig, de echt geweldige moorden missen en ook de spanning is ver te zoeken.

Voor nu is het gewoon te opvallend dat deze film voor het geld is gemaakt, helaas. Er zit gewoon totaal geen inhoud in de film. Normaal kan ik er wel omheen kijken, hier is het net te duidelijk. Daartegenover staat gelukkig wel wat degelijke horror en toch wel een toffe finale die net een klein duwtje in de rug geeft van het eindresultaat.

Verder is de film op bepaalde stukken ook best ruig, waardoor het zichzelf wel kan onderscheiden van andere films, het probleem is alleen dat het ze niet kan overstijgen. Humanoids from the Deep is een aardige film geworden die gewoon inhoud mist, anders was het zeker een stuk beter geweest. Maar goed, dat is eigenlijk zo met de meeste films.

Hummingbird (2013)

Alternatieve titel: Redemption

Hummingbird is een redelijk typerende film waar weinig andere acteurs beter in passen dan Jason Statham. Regisseur Steven Knight regisseert een erg plat en voorspelbaar verhaal en laat dan ook (gelukkig) de beeldspeling zelf het voornaamste woord doen. Zo wordt de film voorzien van enkele doeltreffende knokscenes en fraai ingekleurde achtergronden. Regelmatig voelt het aan alsof Knight de film vooral erg modern wil laten ogen, maar daarvoor is de uiteindelijke inhoud pakweg veel te ouderwets. De relatie tussen Statham en Buzek is daarnaast vervelend en uitgekauwd, waardoor je als kijker vooral wacht op het volgende actiethrillermoment. Eenmaal dat ten tonele verschijnt loopt de film wel heel lekker en is het vooral 't uiteindelijke tempo dat de hak definitief over de sloot plaatst. Wellicht dat Hummingbird te dramatisch wordt ingevuld om te classificeren als no-brainer, maar de film kijkt uitzonderlijk makkelijk weg en duurt nergens te lang.

Hundred-Foot Journey, The (2014)

Hallström doet z'n ding.

Het blijft altijd een beetje afwachten met een regisseur als hij, vooral omdat hij altijd de neiging heeft zich in de meest sentimentele verhalen te storten. Soms knalt hij daarbij tegen de lamp aan, andere keren heeft hij wel iets magisch te pakken. Hier doet hij zijn eigen ding wederom, maar het weet wat minder te werken.

In principe vormt de opening van de film het interessantste stuk. Merkwaardig eigenlijk, want dit zijn de enige paar scenes die zich niet in Frankrijk afspelen. Wat er verder mee gedaan wordt, ondanks de grote schaal van het gebeuren erin, is eigenlijk niet van toepassing. De film doet namelijk gewoon zijn eigen vrolijke ding eenmaal de biezen zijn gepakt en naar Frankrijk zijn gesmeten.

Het acteerwerk vond ik flauwtjes. Iedereen zit wel in zijn of haar rol, maar imponerend of echt memorabel is het niet. Hiervoor geef ik dan ook eerder Hallström de schuld, die van elk personage een soort uitknipsel maakt. Een aantal vaste persoonlijkheden uit een ton gegrabbeld en daarmee het verhaal ontworpen, het is toch wel bijzonder hoe weinig eigenheid deze film kent.

Verder wel naar behoren. Alleen extreem voorspelbaar en absoluut nergens vernieuwend waardoor een echte impact uitblijft. Ook de oorlog tussen cultuur wordt met wat fluwelen strikjes opgeleukt, maar de omgeving blijft prachtig en het verhaal loopt prima. Het gebrek aan verrassing is wat jammerlijk, maar als je bekend bent met de desbetreffende omgeving is het extra genietbaar.

Hunger (2008)

Niet heel speciaal.

Er zijn genoeg mensen die zichzelf prijzen tot "kunstenaar". Vaak neem ik zo'n titel absoluut niet serieus vanwege de ruime interpretatie van het woordje kunst. Je kan allerlei dingen doen en er zal altijd wel een haan naar kraaien. Een heel bord vol voorgekauwde kauwgompjes of stront tegen de muur gooien bijvoorbeeld zal al als kunst gewaardeerd kunnen worden.

Hunger voelt aan als een film die door zo'n zelf getitelde kunstenaar gemaakt is. Niet dat McQueen daarmee een slechte film aflevert of uit zijn nek kletst, maar ik ben na het zien van Hunger toch wel blij dat hij besloot een wat meer mainstream pad op te gaan met de regie. Zeker het eerste halfuur van de film is compleet verwaarloosbaar. Onbegrijpelijke keuze om in een film die over Bobby Sands gaat compleet willekeurige mensen naar voren te schuiven voordat hij zelf ten tonele verschijnt.

Als Fassbender dan eindelijk zijn intrede doet wordt de film niet meteen beter. Ik had nauwelijks door dat de film eigenlijk om hem moest gaan, maar dat wordt in het tweede deel (gelukkig) duidelijker. Dan heeft McQueen ook gelijk een betere film voor ogen. Rauw, kil en aardig indrukwekkend. Dat moment dat Fassbender zijn ouders nog een laatste keer aankijkt is best sterk. Jammer genoeg is de rest van de film dusdanig afstandelijk dat het moeilijk is om echt volledig mee te leven.

Daarnaast een hoop arrogante scenes, als ik het zo mag noemen. Minutenlang laten zien hoe de gang wordt geveegd is totaal oninteressant en irrelevant. Je kan er vanuit een kunstzinnig perspectief veel in zien, je kan er ook zoals ik helemaal niets in zien. De befaamde dialoogsequentie is natuurlijk erg knap geacteerd, maar kon me ook niet bekoren. Dan rest er nog een hoop statische regie, iets waar ik een ontzettende aversie tegen heb. Als een scene als een schilderij kijkt kan ik het nog wel begrijpen, maar in deze film draagt het absoluut niets bij. Een schilderijgevoel had ik nergens.

Ik kan het moeilijk een slechte film noemen. Erg knap geacteerd en de sfeer in de tweede helft is precies goed. Jammer genoeg krijgt Fassbender weinig introductie en "verschijnt" hij opeens na 25 minuten. In plaats daarvan krijgen we eerst twee volstrekt oninteressante leden in het begin van de film, gecombineerd met een film die lang te statisch is om te boeien. Om niet te vergeten dat diezelfde twee leden uiteindelijk gewoon verdwijnen. Waarom dan alsnog die moeite? Alle kracht wordt opgedaan vanuit de tweede helft van de film. Nogmaals, ik kan de keuze van McQueen om zijn volgende films wat toegankelijker op te zetten alleen maar waarderen.

Hunger (2023)

De Thaise regisseur Sitisiri Mongkolsiri neemt de culinaire wereld vrolijk op de hak in deze thrillerfilm met wat drama-elementen. Je zult als kijker enige achtergrond moeten hebben binnen deze omgeving om de spanning daadwerkelijk te voelen, anders zullen de verwijzingen naar stress en interpersoonlijke spanning wellicht over je hoofd gaan. Jammerlijk is dat een film met 146 minuten op de teller er eigenlijk amper in slaagt om de psychologische voortzetting evenals de afgang van het hoofdpersonage treffend te verwoorden, enigszins omdat Chutimon Chuengcharoensukying niet bepaald overtuigend acteert. Haar stijgende arrogantie gaat wel heel vluchtig en de opvolgende carrièreboost oogt zelfs compleet ongeloofwaardig. Mongkolsiri houdt zich meer bezig met de visuele kwaliteit van de film dan de onderliggende potentie en dat levert mooie plaatjes op, maar ook een ietwat inspiratieloos geheel. Het eerste uur is erg vermakelijk en de wisselwerking tussen Chuengcharoensukying en een uitstekend acterende Nopachai Chaiyanam is goed, maar daarna is de voortzetting vooral rommelig en weinig realistisch.