• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.932 acteurs
  • 198.969 gebruikers
  • 9.370.274 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten JJ_D als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Molly's Game (2017)

Ah, moest dat, dat Freudiaans akkefietje aan het slot? Jazeker! Dat haar vader wist dat zij het wist verklaart zijn onbarmhartige houding, en haar onverzettelijkheid, haar verregaande anarchie en haar verlangen om haar lichaam in de achterkamers van het mannelijke verlangen als onmogelijk koopwaar aan te bieden.

Haar queeste wordt in feite een straf voor elke man met macht, elk symbool voor de vader, waarbij elke avond de rituele moord inhoudt die ze nooit kon plegen: ze duikt in een wereld van het allergrootste kapitaal, doch blijkt zelf niet te koop te zijn. Tegelijk kan ze met haar duizelingwekkende fortuin niet kopen wat ze nodig heeft: verbondenheid. Ook daar zit het infantiel trauma onder: zich kwetsbaar opstellen, houdt immers de mogelijkheid in van ontrouw, en dus van onherroepelijke schade. Toch?

Nou. Dat dus in een meeslepende, spannende film. Vlot verteld, bijwijlen grappig. En met Jessica Chastain. In de hoofdrol. Guys, need I say more?

3,5*

Moneyball (2011)

Wat de film leert:
- Sport en wiskunde (wetenschap, ratio) hoeven elkaar niet uit te sluiten.
- Doch dit lijkt enkel een mogelijke combinatie onder de voorwaarde dat een team ook echt uitgroeit tot een team, zich als een ploeg gedraagt, elkaar kameraadschappelijk bejegent…en daar legt ‘Moneyball’ wat mij betreft te weinig de nadruk op: hoe tilt de manager deze door een algoritme bij elkaar gebrachte resem individuen op tot een hecht verwantschap dat indrukwekkende prestaties kan neerzetten? Wat is uiteindelijk de rol van de trainer daarin geweest, en hoe sterk werd finaal nog geleund op de oorspronkelijke berekeningen...maakten de spelers een bepaalde groei door, of niet?
- Ook dit: de honkballers op het veld zijn klein grut, inwisselbaar, mensen met een dik salaris die geen enkele inspraak horen te hebben, pionnen in een miljoenenspel…ocharme.
- Hoe ambitieus ook, een mens – zelfs wanneer die de Amerikaanse droom probeert te belichamen, van mislukkeling en verschoppeling tot volksheld – vaart wel bij zijn keuze voor gezin en dichte verbondenheid, meer dan voor het grote geld…hoewel “you’re such a loser dad” aan het slot wat bizar aanvoelt. Of heet dat: puberende dochterliefde?

Wel van genoten, maar subliem valt de film bezwaarlijk te noemen. Vakwerk, eerder dat. Niet in het minst van Brad Pitt, die zijn rol schitterend neerzet. Daar waar Jonah Hill meer terugvalt op een stereotiep. Maar enfin, van genoten dus.

3*

Monkey Kingdom (2015)

Alternatieve titel: Disneynature: Monkey Kingdom

Aapjes dus. Disney dicht de apendynastie maar al te graag menselijke eigenschappen toe, en uiteraard gaan ze daar zo nu en dan wat te ver in. De voice-over is bijgevolg niet erg wetenschappelijk te noemen, maar juist het non-informatieve karakter opent de deur naar humor en bovenal: verwondering. En is dat niet bij uitstek wat natuurdocumentaire’s zouden moeten beogen, met name: ons opnieuw de ogen openen voor wat ons omringt, en voor – via de biologie van het ander – de essentie van onszelf, gesofisticeerde dieren in een niet minder gesofisticeerd dierenrijk?

Toch roept ‘Monkey Kingdom’ een vervelende vraag op: hoeveel is echt, hoeveel is “natuurlijk”…kortom hoeveel is geënsceneerd, in die zin dat de makers er de hand in hebben gehad? Ik bedoel maar: tuimelen makaken zomaar binnen in een schooltje waar ze toevallig een waar eetfestijn aantreffen, dat de cameraploeg ook nog eens vanuit een tiental verschillende perspectieven kan vastleggen? “Toeval”, zegt u? Daarenboven is het verleidelijk een plot te vertellen over underdogs die opklimmen op de sociale ladder, waardoor het plaatje klopt met dat van de Amerikaanse droom. Moeten we dat artefact dat het neoliberale denken voedt en in stand houdt niet net bekampen, door op zijn minst ook de willekeur en onrechtvaardigheid in de natuurlijke biotoop te beklemtonen?

Enfin, de makers nemen geen moreel-maatschappelijke positie in, en het wezen hun vergeven. ‘Monkey Kingdom’ kijkt immers heerlijk weg. Jammer dat de oren nauwelijks bediend worden, want eerlijk is eerlijk: de soundtrack is een aanslag op de trommelvliezen. (Hoewel ook dergelijke muzak misschien Disney’s handelsmerk is? Enfin.)

3,25*

Monos (2019)

…psychologie…ontwikkeling…inleving…domweg…diepgang…enzovoort…

Het ontbreekt ‘Monos’ volgens velen hier aan voldoende plot, aan karakters waar je iets mee aan kunt. Is dat een gebrek van de film, of een tekort van onze blik? Net wat Ferdydurke zegt: vanuit ons geconditioneerd (Amerikaans) kijken, komen we niet ver.

Keren we dus de vraagstelling even om. Kan er psychologie zijn, bij kinderen die als beesten opgroeien? Is het geen illusie dat we ons überhaupt zouden kunnen inleven in de primitieve rituelen, de natuurcultus van jongeren die moraal noch wet kennen? Wat we zien is pure biologie, driftmatigheid die eerst nog contact houdt met wat wezenlijk humaan is (verbondenheid, humor), hoewel ook dat snel ontaardt in riten die hun oorsprong vinden buiten de schedel…juist, diep onder de gordel (seks, drugs, geweld).

Wat we te zien krijgen, lijkt menselijk, maar de afwikkeling bewijst dat deze adolescenten nooit de kans hebben gehad om op te groeien en een welomlijnde psyche te ontwikkelen. Net dat maakt ze levensgevaarlijk: ze ontzien niets of niemand, omdat ze de waarde van mensen en dingen niet kennen. Niet immoreel, wel amoreel. Alleen de roedel is heilig, omdat alleen de roedel veiligheid biedt. Wij, Monos. Wij, aapjes.

Alle parameters van ‘Monos’ mikken op een gevoel meer dan op de ratio. De haast metafysische natuurbeelden van een dicht wolkendek, van het dichte bladerdek van een immense jungle, van het samenvloeien van twee stromen, noem maar op. Maar ook de viscerale soundtrack, de bevreemdende liturgie van het vege lichaam, de misschien wat fragmentarische verteltrant…het komt van en gaat naar de onderbuik. Zonder omwegen. Daar kan je met je kop niet bij, natuurlijk niet. Moeten we niet juist erkennen dat daar de kracht van ‘Monos’ ligt? Wie doet het Landes per slot van rekening na?

3,5*

Moonlight (2016)

Met de rauwheid van het narratief en de ruwheid van de cinematografie, een even onbehouwen reeks gedachten – of de willekeur van het geheugen, twee dagen na het zien van deze aangrijpende film…

…de metafoor van het leren zwemmen : het leven, de golven, de strijd, want je moet kopje onder gaan, je moet, in het gewoel, ja dàt is leven, dàt is wanneer jij het middelpunt wordt van de aarde. slik.

…de rolpatronen: Chiron doet wat hem door het plotse opduiken van een afwezige vader wordt voorgespiegeld – de kleren, het dealen, de wagen, alles. je bent wat anderen van jou maken, maar diep vanbinnen blijf je iemand anders, iets verborgen, misschien gewoon een kleur - een kind dat ergens in cuba het blauw van het maanlicht absorbeert - of een moment - een adolescent die in het maanlicht de essentie van zijn bestaan ervaart - of een vroeg trauma - een jongetje dat een aspect van zichzelf probeert te verdonkeremanen. slik.

…tussen droom en daad: Juan die als surrogaat pa onrechtstreeks verantwoordelijk is voor het feit dat Little geen ma meer heeft - individuele goedheid, maar er niet in slagen consequent ethisch te handelen. slik.

…de poëzie van het amorfe: vechtende jongens, gras, kabaal, de spichtigheid van het leven zelf, orgasmes, lippen, een hand in een nek, een hand in het zand, handen als klauwen. en ook: onhoorbare zuchten. en nog: een man in een huis, eenzaam, alleen, verlaten, zonder taal, zonder perspectief, zonder hoop, zonder uitkomst. en… slik.

…de schoonheid van het onvolmaakte: de mankende ‘faggot’ waar je zoveel sympathie voor voelt, de onvolkomenheid als unieke handtekening. slik.

…subtiel. slik.

…hardvochtig. slik.

…hartroerend. slik.

…brutaal en esthetisch in een ongewone mix. slik.

3,5*

Most Violent Year, A (2014)

Fenomenale cinematografie. En toch: de looks van een televisiefilm. De kleuren wat te scherp (of net te flets), de scènebeelden soms eenvoudigweg uit het New York van vandaag gegrepen, de achtervolgingsscène(s) niet spannend genoeg. Qua cameravoering en visuele intensiteit echter bijzonder veelbelovend…wat mij betreft van een totaal andere orde dan de J.C. Chandor van de twee voorgangers.

Verder: interessante plot. Zakenman wil koste wat het kost de rotte wortels uit dewelke hij een waar olie-imperium heeft opgetrokken, overstijgen. Het wordt een gevecht met de eigen rangen van zijn bedrijf, met zijn eigen gezin, met de legislatuur van zijn eigen land. Telkens weer beproevingen voor zijn moreel kompas, met uiteindelijk de vraag: heeft hij zich kunnen vrijwaren van corruptie, of is hij er evenzeer (zoals zovele anderen) aan ten prooi gevallen?

Krachtige, gepijnigde, doorleefde vertolking van Oscar Isaac trouwens, in wat een erg meeslepende film is. ‘A Most Violent Year’: over groter proberen zijn dan het slechte, het gewelddadige, het malafide, om een droom te realiseren. Een droom die zoveel strijdkracht waard is, of die wij, als toeschouwer, integendeel moeten verwerpen?

(U ziet...Chandor draait, wij peinzen!)

3,5*

Mountain (2017)

How then have mountains now come to hold us spellbound, drawing us into their dominion, often at the cost of our lives? Because the mountains we climb are not made only of rock and ice, but also of dreams and desire. The mountains we climb are mountains of the mind.

De bergen, ze verklaren ons nietig.

De bergen, ze leren ons opnieuw kijken.

De bergen, ze vertellen ons dat tijd een leugen is.

De bergen, ze lokken ons met hun onverschilligheid.

De bergen, ze representeren de dadendrang van onze dromen.

De bergen, ze herinneren ons aan de willekeur van het bestaan.

De bergen, ze zijn een ontmoeting tussen schoonheid en kracht.

De bergen, ze zijn een haven waar de wetten van succes en kapitaal niet van tel zijn.

Of…is dat nu net waar de bergen meer en meer wél aan toe zijn?

Wordt de Everest gekoloniseerd door mensen die binnen de comfortzone van hun Fitbit en hun Gore-tex outfit eens “hun grenzen willen verleggen” op de kap van sherpa’s die hun leven riskeren?

Worden de bergen ’s winters een decor voor een fractie geregisseerd avontuur, voor beats en voor het dronkenschap dat bij de après-ski hoort?

Mogen de bergen nog bergen zijn wanneer pistes worden aangelegd, kammen worden gerooid, liften worden aangesleept en stoere kerels op gevaar van eigen leven duizenden views proberen scoren op (a)sociale media door met hun GoPro halsbrekende toeren uit te halen?

Gaat het voor dat publiek nog over de stilte, de rust, de trots, het ongenaakbare van de bergen? Zijn die lefgozers nog ontvankelijk voor hun eigen futiliteit, waartoe zo’n bergmassief hen op elk ogenblik kan veroordelen? Oh, wacht even, dan filmen we die ene fatale lawine waarin een skiër zijn ski verliest! We zoomen in! Voor op YouTube, weet je wel! Want je kunt maar beter digitaal onsterfelijk worden wanneer je als niemendal fysiek over je nek gaat door veel te grote risico’s te nemen.

Tot zover. Zonder pamflettair te worden, plaatst Jennifer Peedom in ‘Mountain’ twee dimensies tegenover elkaar: de aantrekkingskracht versus de uitbuiting, de puurheid versus het machismo, het heldendom versus de idiotie. De contrasten zijn oncomfortabel groot, maar door zich zelden echt uit te spreken (een concreet narratief is er alvast niet), mag de toeschouwer in eigen persoon het verhaal van goed versus kwaad zien te construeren. Onder begeleiding van een resem prachtige beelden lukt dat aardig. De muziek is evenwel wat voorspelbaar (en wordt niet piekfijn uitgevoerd), en Willem Dafoe’s lofzang wordt gaandeweg een steeds moeilijker te verteren litanie. Maar dat terzijde: van genoten. En juist ja, hoog tijd om eindelijk eens een bergmassief voor de obligate trektocht komende zomer uit te kiezen.

3,25*

Mr. Nobody (2009)

Pure poëzie. Poëzie van de mogelijkheid. In cinema. In leven. Op welke manier we de hartverscheurende knopen die we niet kunnen ontwarren ook doorhakken, altijd is er liefde. Bron van leed, van vreugde. Kruis of munt, toeval, (on)geluk dat als een (on)geluk begint, ... Elk pad is het juiste pad, omdat levens – Jaco van Dormael heeft Milan Kundera heeft Tennessee Williams gelezen? – schetsen zijn, essays voor een afgewerkt product dat er nooit komt.

Hoe belangrijk zijn de details! Dat ene gezicht in de mensenmassa, dat andere begeleidend akkoord wanneer hetzelfde aan Satie ontleende motiefje terugkeert, het vallen van de bladeren (al dan niet in reverse) als leidmotief, ... En tegelijk is er niets detaillistisch aan de essenties die Jaco van Dormael blootlegt: hoe mensen kunnen vastzitten in een moment, hoe geworteld liefde kan zijn, hoe potjes in de raarste vormen toch op dekseltjes passen, hoe de klok tikt en de mens vat probeert te krijgen op zijn biologie, hoe schoon datgene wat ons allemaal verbindt, hoe vertederend dat ons de gave om vooruit te kijken werd ontnomen, ...

Niets pretentieus aan deze hoogst fascinerende puzzel, wel een fonkelend lofzang op de fantasie, op het medium film, op het bestaan en de ontelbare parallelle werkelijkheden die met een enkele fundamentele keuze (tussen ouders, tussen meisjes) te vullen zijn. Oogverblindend verfilmd, muzikaal oorverdovend mooi gecomponeerd, inhoudelijk verregaand inspirerend, amai, ik herhaal, amai!

Weg met ‘The Sound of Music’ – voortaan ‘Mr. Nobody’ proberen jaarlijks te herbekijken.

(Ik: “Zugzwang?” Zij: “Casta diva.”)

4,25*

Mudbound (2017)

Waar gaat ‘Mudbound’ over?
Over hoe het voelt om zwart te zijn in een witte wereld.
Over hoe het voelt om zoon te zijn van een wrede vader.
Over hoe het voelt om de vrouw te zijn van een mokkende man.
Over hoe het voelt om een moeder te zijn van een nauw-verbonden nest.
Over hoe dat voelt: een oorlog die blijft duren.
Over hoe dat voelt: de tijd die stil blijft staan terwijl de wereld tolt en het leven spint.
Over hoe dat voelt: de aarde, de modder, het land, eigendom.
Over praters en zwijgers, liefde en haat, verdriet en alcohol, gemeenschap en eenzaamheid, arbeid en ledigheid.
Over ...
Euhm, waar gaat ‘Mudbound’ niet over?

Een indringend portret is het, een tragedie waarin de volle complexiteit van het leven zich openbaart. Personages worstelen niet meer één probleem per keer, maar voeren een continue strijd tegen een spectrum aan intrinsieke en extrinsieke demonen. Ze vechten tegen zichzelf, tegen de ander, tegen de tijdsgeest en tegen de elementen – tegen een wereld die het verdomt om ook maar een duimbreed toe te geven. En dat stuk voor stuk in hun eigen taal, verteld vanuit hun eigen perspectief, gefilmd vanuit een ongewone nabijheid bij de personages en de getijden.

(Had Dee Rees de ceremoniële Ku Klux Klan-bijeenkomst en de nogal gekunstelde afwikkeling van de plot links kunnen laten liggen? Jazeker. De film zou er zelfs aan impact door gewonnen hebben. Niettemin toont ‘Mudbound’ treffend hoe mensen zich gebonden weten aan hun roots, hun afkomst, hun omgeving, hun klimaat…aan de modder die hen aan de aarde vast ketent.)

3,5*

Mufasa: The Lion King (2024)

Een onhandige raamvertelling (waarvan het nut onduidelijk blijft, tenzij de liefhebbers van Timon en Pumba koste wat het kost bediend moesten worden), wansmakelijke liedjes en een al te voorspelbaar verhaal: er valt weinig te beleven aan ‘Mufasa: The Lion King’.

Wou Barry Jenkins dit verhaal heus vertellen omdat het nog maar eens het Hollywoodiaans cliché van verbindend leiderschap herkauwt? Dat smaakt als een ongemakkelijk excuus voor kitscherig geflirt met Disney-nostalgie. Voilà!

2,25*

Mujer Fantástica, Una (2017)

Alternatieve titel: A Fantastic Woman

Polariserend? Dat lijkt me nou net wat Sebastián Lelio niet doet. Hij schildert Marina Vidal immers niet af als een heilige. Ze loopt in het hospitaal immers niet alleen weg van haar emoties, maar ook van haar verantwoordelijkheden. Ze verwerkt het overlijden van haar geliefde bovendien door zich in de holle retoriek van de drift te storten. Niet bepaald wat je noemt iemand die op een pedestal thuishoort, toch?

Anderzijds dwaalt Vidal als een moderne Franciscus van Assisi door de straten van Santiago de Chile. Centraal in diens katholieke beleving stonden de begrippen tolerantie, vergeving en het aankaarten van sociaal onrecht – precies wat deze Mujer Fantástica doet, nietwaar? Ze ondergaat, kaart aan door haar andere wang aan te bieden, daagt uit met een geweldloos verzet, een nederige rebellie. Bijgevolg leef je met haar mee in de hoop op erkenning, onder de vorm van een restant van de haar beminde Orlando: iets in een kluisje dat haar geheim kan zijn, een relikwie dat aan haar en haar alleen toebehoort. Wanneer ook die locker leeg blijkt, vervliegt alle hoop op genoegdoening: Vidal zal een vreemde blijven – voor haar stad, voor haar schoonfamilie, voor zichzelf.

Juist, er gebeurt niet veel in deze film. "Karakterstudie" is echter een treffend woord. Met de afwijzing van Vidals identiteit door de buitenwereld, komt zijzelf immers onder druk te staan. Wie ben ik? Wie mag ik zijn? Wie kan ik zijn? Een spiegel, verdwaalt in het landschap, laat het haar zien. “Ik ben, die Ik ben”. Of nog: homo homini deus est... De mens als veranderlijk wezen, onveranderlijk menselijk. Fantástica!

3,5*

Murder on the Orient Express (2017)

Eerste scène. Op de beklaagdenbank: het jodendom, het christendom en de islam. Locus delicti: Jeruzalem, het kruispunt waar dit triumviraat de suprematie van haar eigen imperium probeert te installeren. Maar wat als drie honden vechten om een been? Juist, dan gaat een vierde met de buit heen, nota bene een partij die bij voorbaat boven alle verdenking verheven is. In casu: de wereldlijke macht, die de ordehandhaving zou moeten belichamen in plaats van haar te ondermijnen. Het is meteen een intrigerende metafoor voor het klimaat waarin religies tegenwoordig worden ondergedompeld door de profane machten. De Trumps en de Poetins willen ons immers maar al te graag doen geloven dat het echte gevaar van spirituele fanatici komt, doch niets in minder waar. Met louter macht als inzet, gebruiken de grote politieke mogendheden het escaleren van religieuze conflicten als bliksemafleider voor hun eigen Strategoachtige spierballengerol, waarvan de potentiële gevolgen niet te overzien zijn. Vraag: heeft Agatha Christie dit tijdens het interbellum al aangevoeld?

- Wat volgt, is min of meer een draak van een film. Een film met archetypes in plaats van personages. Een film met een Poirot die er niet alleen fake uitziet, maar ook fake speelt. Een film met een scenario vol geforceerde humor. En een film met een neiging tot suspense die evenwel nooit tot volle wasdom komt. Geeuw! -

Echter, de laatste scène. Regisseur Kenneth Branagh stelt de personages Da Vinci-gewijs op aan een lange tafel. Zijn ze, het Laatste Avondmaal indachtig, inderdaad met z’n dertienen? Ik heb niet geteld – het referaat mag er wat mij betreft echter zijn. Wat uit dit tableau volgt, is overigens interessant. Poirot heeft beweerd dat hij niet gelooft dat er een grijze zone bestaat tussen goed en kwaad. Een daad heeft ofwel het kwade op het oog, ofwel niet. Tot deze ‘Moord in de Oriënt-Expres’ op de proppen komt. Het motief blijkt zodanig invoelbaar, dat het de ernst van het vergrijp schijnbaar relativeert. Is vergelding dan toch ‘rechtvaardig’? Het oud-testamentische “oog om oog, tand om tand”-principe gluurt ineens om de hoek. (Jodendom? Christendom? Islam? Iemand?)

Poirot roept bovendien een tweede argument in om niet te doen wat hij behoort te doen, namelijk de jurisdictie correct inlichten. “Geen van de daders is op zichzelf een dader”, klinkt het. Met andere woorden: de moord werd collectief gepleegd, en ook al plant iedereen individueel het mes, zonder het mede-doden van de groep had men dat individueel niet gekund. (Nazi-Duitsland, iemand?) Deze morele complexiteit is fascinerend, maar ze stijgt de detective boven het hoofd. Poirot beweert niet te kunnen oordelen, en daarmee lijkt de kous af. Door niet te oordelen, oordeelt hij echter wel. Immers, door de feiten anders (lees: leugenachtig) weer te geven, is hij de laatste participant in het vergrijp. Hij loopt niet weg van de moord, maar neemt deel, door wat gebeurd is te legitimeren met een actieve daad van verhullen. Het feit dat er ook in zijn koffer een clue wordt gevonden, lijkt dit al aan te kondigen. Dames en heren, ik verkondig u...Poirot als medeplichtige!


Ah, Agatha Christie, moeder van de metaforiek!
En hoezo, geen grijze zone tussen goed en kwaad? Is die grijze zone niet precies waar Poirot zich bevindt, net als wij allemaal, wij mensen?

De plot is overigens best aardig. Initieel lijken de toevalligheden zich op te stapelen, tot er helemaal geen toeval meer overblijft. Ontkracht Agatha Christie hiermee haar gebruikelijke gegoochel met hints en tipjes van de sluier? Of trekt ze haar systematiek integendeel tot de uiterste consequenties door? ‘Murder on the Orient Express’ is, als plot, alleszins een intrigerende vingeroefening. De film faalt echter als film. Daarvoor kiezen cast en regie immers teveel voor romantische (lees: 19e-eeuwse) franjes, die het wezenlijke gewetensconflict eerder buiten beeld plaatsen, in plaats van het op scherp te stellen.

En, euhm…wat me tot slot echt van het hart moet: kan iemand het een keer met Branagh hebben over zijn snorrenfetisj? Ik hou er nachtmerries aan over!

2,5*

Mustang, The (2019)

Een schijnbaar ontembare hengst. Of twee.

Wie temt wat, wat temt wie?
De man het paard.
Het paard de man.

Allebei zijn ze hun basaal vertrouwen in alles en iedereen kwijt. Tot het overschrijden van een grens een opening forceert. De transgressie boetseert een band. Die verbondenheid is de heling. Mens, dier, genezing.

Allebei krijgen ze overigens een tweede kans – meteen het gegeven dat Laure de Clermont-Tonnerre doeltreffend thematiseert. Willen we het gevangeniswezen begrijpen als een prelude tot re-integratie in de samenleving, dan moet er uiteraard sprake zijn van een programma, geen luilekkerland waarin er geleefd (of liever, geteerd) wordt op kosten van de staat. De ironie is nu net dat diegenen ter rechter zijde van het politieke spectrum die walgen van dat laatste discours, het in stand houden door investeringen in sociale re-integratie tegen te houden. Ze houden in stand wat hen afstoot - begrijpe wie het begrijpen kan! Maar ja, krijg dat eens uitgelegd aan een demagoog…

Allebei worden ze bovendien geplaagd door spoken uit het verleden – een gezin, een helikopter. Dat verleden is en zal er altijd zijn, maar de kunst bestaat er uit dat het heden niet mag worden overwoekerd door de tragische antecedenten. Dat alleen al, zo blijkt uit de intense vertolking van Matthias Schoenaerts, kan het gevecht van een leven zijn.

Enfin, aan de oppervlakte veroorzaakt ‘The Mustang’ weinig deining. Klassieke cinema, klassiek narratief. Onderliggend raakt de regisseuse echter aan relevante vragen, zoals daar zijn: hoe gedraagt een wonde zich, als ze zich situeert in een mens, een dier, een samenleving?

3,25*

My Life without Me (2003)

Alternatieve titel: Mi Vida sin Mí

eRCee schreef:

...

Het gebeurt niet vaak, maar deze keer ben ik het eigenlijk in geen enkel opzicht eens met eRCee. Het "besuikerde realisme" van 'My Life Without Me' heeft aanvankelijk nog zijn charme, maar regisseuse Isabel Coixet neemt haar eigen microkosmos te ernstig. De dans in de supermarkt is het enige moment waarop ze breekt met de sérieux waarmee ze haar hele film opzadelt. Wat meer vrolijke intermezzi hadden die zoete baksteen in de maag immers wat lichter verteerbaar kunnen maken.

Met het verhaal over de Siamese tweeling tracht Coixet nog wat extra gewicht in de sentimentele weegschaal te leggen, maar een Siamese tweeling is bij mijn weten per definitie ééneiig en dus van hetzelfde geslacht. Dokter in spe eRCee hoort dergelijke fouten toch niet door de vingers te zien?

Ik bedoel maar: ofwel maak je een zware, oprechte film, ofwel kies je voor gemakkelijk sentiment. De combinatie van beide zie ik eigenlijk nooit slagen.

Verder vind ik Sarah Polley niet bepaald een aangename verschijning, maar dat kan een mij liggen. De rest van de cast acteert niet slecht, maar ontsnapt evenmin aan de zweem van semi-tragiek die rond de dialogen hangt, om nog maar te zwijgen van de zogenaamd intellectuele voice-over. De film kijkt niet onaardig weg, hoewel ik op den duur de oprecht bedoelingen van Coixet in vraag stelde. Ligt het aan mij, of smaakt deze film echt klef?

2,75*

My Octopus Teacher (2020)

In velerlei opzichten moeilijk te verdragen. Waarom zou de psychologie van ene Craig Foster voor de modale toeschouwer relevant moeten zijn? Dat gehannes over zijn burn-out, zijn gewijzigde verhouding tot de realiteit dankzij de ervaringen met de octopus, de verheerlijking van het leven onder water, … Ik hield er een wee gevoel in de maagstreek aan over.

Waarom dan toch uitgekeken? Omdat de inhoud fascinerend is, zonder meer. Maar doe mij in het vervolg maar een droge, van menselijk affect gespeende BBC-documentaire, in plaats van deze opgeblazen zelfverheerlijking. Kitsch, verdammt!

2,5*

My Salinger Year (2020)

“I didn't want to be normal. I wanted to be extraordinary. I wanted to write novels and make films and speak ten languages and travel around the world.”

De jaren ’90. Het hier en nu. Wat is het verschil voor wat betreft jongelui die iets van hun leven willen maken? Zo iemand is Joanna, iemand die ergens uit de anonieme buik van de Verenigde Staten naar New York komt om er iemand te zijn, iets te worden, een verhaal te schrijven, wat dan ook, de moeite waard. Haar aanraking met het literaire circuit is een onttovering, net als haar lief. Joanna leert onderweg dat er maar één queeste is in het leven die er echt toe doet: die naar het authentieke zelf.

Juist, dat klinkt belegen, maar ‘My Salinger Year’ draagt het hart op de juiste plaats en is spitsvondig verteld. Vooral de speelse intermezzi (prettig anarchistisch!), het ritme en de luchtigheid waarmee rondom een brok Amerikaanse cultgeschiedenis wordt gewalst, doen aardig aan. Dat krijg je als een Canadees de camera voert...

Erg genietbaar, kortom.

3,25*