Meningen
Hier kun je zien welke berichten Kiekerjan als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Heiress, The (1949)
Één van de weinige melodrama's die slaagt in zijn opzet: het uitlokken van een emotionele reactie. Normaal gezien blijf ik redelijk onverschillig tijdens dit soort pogingen tot escapisme, maar in dit geval bleef ik niet onaangeroerd achter. The Heiress neemt de eigenschappen van het genre onder de loep en vergroot ze vervolgens dusdanig dat ze haast belachelijke proporties aannemen. Het voelt op bepaalde momenten aan als een parodie, al wordt dat tijdens de laatste act wat teruggeschroefd. Het verhaal is oppervlakkiger dan ooit tevoren, het hoofdpersonage naïever dan al haar voorgangers samen. Het klassieke onschuldige lammetje wordt getormenteerd door haar neerbuigende vader, het eeuwige klassenverschil dringt zich algauw op en uiteindelijk transformeert het hoofdpersonage in een combinatie van al het kwaad dat haar jarenlang heeft onderdrukt. Het is zodanig over the top dat ik zowaar werd overvallen door het perverse genot dat dergelijke producties willen afdwingen. Een decadente belangstelling in een aantal personages die nul komma nul inhoud hebben. De grootste troef is het acteerwerk. De acteurs omarmen de leegte met overtuiging en geven hier en daar zelfs wat dimensie aan hun personages. Montgomery Clift is altijd charismatisch, als cowboy en hier als gold digger. Ralph Richardson is fenomenaal als aristocratische huisarts die zijn ondergeschikten systematisch van al hun eigenwaarde berooft. Ook Olivia de Havilland speelt de rol van geesteloze trezebees goed en vormt net zoals in The Snake Pit een overtuigend slachtoffer. Wyler is geen nieuwkomer en doet zijn best gezien de beperkingen. Opmerkelijk veel long takes. Meevallertje.
High Noon (1952)
Alternatieve titel: Klokslag 12
Degelijke western met een spanningsboog die nauwelijks verslapt. Vooral het uitgangspunt is uitstekend en wordt versterkt door een boeiend verloop dat zich in 'realtime' ontvouwt. Om de zoveel tijd krijg je een shot van een klok te zien; een soort tijdbom die doorlopend suspense creëert. De klassieke shootout op het einde vormt het hoogtepunt, al zijn er onderweg zeker een aantal leuke scènes te zien. De scenarist behandelt het publiek niet als een bende steenezels en geeft het simpele verhaal wat meer diepgang via allerlei nevenpersonages en hun interpersoonlijke relaties. Veelomvattend wordt het nergens, maar het is genoeg om een momentum in stand te houden. Het grootste probleem is naar mijn mening de verschrikkelijke theme music die om de haverklap wordt afgespeeld. Het duffe liedje jaagt alle opgebouwde spanning abrupt weg en doet me hunkeren naar de epische composities van Ennio Morricone. Muziek heeft een belangrijke functie binnen een western aangezien het de toon van een scène of soms de hele film kan bepalen. Het is spijtig dat High Noon, samen met zowat elke Amerikaanse 'Hays Code' Western, vaak zo'n misplaatste deuntjes toelaat. Het acteerwerk en de regie waren oké. Cooper heeft meer weg een boekhouder die ze een cowboy kostuum hebben aangetrokken, maar hij weet niettemin een zekere coolness te belichamen. De geschiedenis rond de slechterik is nogal mager, waardoor zijn onvermijdelijke dood niet bepaald veel voldoening opleverde. Al bij al gewoon oké.
High Sierra (1941)
De Hays Code gebood: "All criminal action has to be punished." Niet bepaald bevorderlijk voor de kijkervaring, wetende dat zowat elke Amerikaanse misdaadfilm op dezelfde manier eindigt. Toch weet High Sierra onderweg af en toe te verbazen, ook al stond het einde alreeds in rots gegrift. Je krijgt aanvankelijk de indruk dat het gaat om een doorsnee Hollywood vehikel dat (opnieuw) een oppervlakkige driehoeksrelatie in het verhaal wurmt. Dit vermoeiende cliché krijgt hier echter een onverwachte wending wanneer Roy op een nogal lompe manier wordt afgewezen door zijn 'love interest'. In plaats van te vervallen in overdreven sentimentaliteit krijgt het hoofdpersonage dus het deksel op de neus en blijft hij redelijk geïsoleerd, ondanks de aanwezigheid van zijn warrige 'groupie' en aanhankelijke puppy. Er wordt getracht een complexiteit toe te voegen aan zijn karakter, maar het vertraagt de boel vooral en wordt nooit echt interessant. De overval op zich is niet bepaald bloedstollend, maar resulteert wel in een aantal leuke scènes, waaronder een spectaculaire achtervolging op een kronkelige bergweg. Geen overvloed aan onnozele rear projection ditmaal, maar een meer realistische aanpak gefilmd op locatie in de Sierra Nevada. Het einde is wellicht het beste moment en vormt een memorabele afsluiter, voorspelbaar of niet. Hier en daar zijn er tekenen van grootsheid, maar de film blijft overduidelijk vastklampen aan de wetten der cinema die destijds golden. Wordt vaak bestempeld als vroege film noir, maar ook dit is weinig accuraat, afgezien van het thema en enkele uitingen van jaloezie en "moral ambiguity".
His Girl Friday (1940)
Waanzinnige film. Vooral het laatste halfuur is één van de meest chaotische stukjes cinema die ik ooit heb gezien. Een onophoudelijke woorddiarree waarin alle losse verhaallijnen aan elkaar worden gepraat. Als je twee seconden de aandacht laat verslappen ben je hopeloos verloren. Ik moest hierdoor vaak een paar minuten terugspoelen om terug in het ritme te komen. Zoals het een echte screwball comedy betaamt omvat de film een man en een vrouw in een onmogelijke relatie. Ze spelen van begin tot even voor het eind 'hard to get' en voeren doorlopend een verbaal gepingpong waar je hoofd van gaat tollen. Deze snelle dialogen in combinatie met enkele bizarre B-plotjes weten af en toe te amuseren, maar vaak hebben ze het tegenovergestelde effect. De karikaturale weergave van de gehaaide nieuwsreporters wordt al gauw vervelend en op de eentonige setting ben je ook snel uitgekeken. Enkele grapjes brachten een glimlach teweeg, maar in vergelijking met Bringing Up Baby is deze farce een pak minder entertainend.
How Green Was My Valley (1941)
Een heel gevoelsmatig drama verteld vanuit het standpunt van een Welshe familie mijnwerkers, die doorheen de jaren te maken krijgt met loonsverlagingen, de dood van familieleden en andere melodramatische verhaalelementen. Het verhaal zelf is in feite één lange flashback en wordt (aanvankelijk) verteld door middel van voice-over, geleverd door de jongste zoon die terugblikt op zijn jeugd. Zijn stemgeluid getuigt van genegenheid en een diepe affectie tegenover zijn verleden, ondanks de harde omstandigheden. Ford brengt de zaken doorgaans keurig in beeld, met het oog op sentimentaliteit. De beelden van het dorpje en de stinkende fabrieksschouwen op de achtergrond bieden een mooi contrast. Het geheel heeft een dromerige sfeer, en voelt aan alsof het zich afspeelt in het hoofd van de jonge zoon, enigszins verblind door nostalgie. Zeker in het begin heeft het wat weg van een Disney-film, en begint er nog net geen eekhoorntje te zingen op de vensterbank. Ik vond vooral het begin en het einde heel sterk, terwijl het middenstuk nogal slabakt. Zaken zoals de strenge schoolmeester en de uithuwelijking konden mijn aandacht niet vasthouden, ook al dragen deze scènes bij tot de plot. Het geroddel even voor het einde en de speech van Walter Pidgeon, veruit de beste acteur, vormden wel een goede afsluiter. Het was niet enkel de koolmijn die de vallei vervuilde, maar soms ook de naargeestige natuur van de mens. Ik mis echter iets dat het naar een hoger niveau tilt. Echt betrokken voelde ik me nooit.
Hurdes, Las (1933)
Alternatieve titel: Land without Bread
'Las Hurdes' is een mockumentary over een verarmde en schijnbaar volledig verwaarloosde regio in Spanje. De plaatselijke bevolking wordt afgeschilderd als een bende hulpeloze primitievelingen die als ware verteerd worden door de elementen. De streek wordt geplaagd door ziekte, incest, hongersnood en filmmakers die geiten neerschieten in functie van hun eigen artistieke projecten. Aan 'shock value' geen gebrek. Het is op den duur zelfs de monotone verteller die het meest choqueert.
Of de technieken van Buñuel & Co gerechtvaardigd zijn door ze onder de noemer 'dialectiek' te plaatsen is echter bedenkelijk. Het doel heiligt niet altijd de middelen. Wat overblijft is alleszins een duidelijk overdreven en ijskoud, maar boeiend portret van een vergeten land.
