Meningen
Hier kun je zien welke berichten McSavah als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Bacalaureat (2016)
Alternatieve titel: Graduation
Misschien gaat het er in deze film helemaal niet om wie de aanrander is of wie de ruit heeft ingegooid?
Vind het ook merkwaardig dat meerdere meningen hier zo'n focus leggen op deze zaken. De film is ontzettend rijk aan thema's, maar het lijkt alsof men op een hele simpele manier naar de film kijkt als ware het een aflevering van een willekeurige detective is. En het is ook niet zo dat het herkennen van deze thema's veel interpretatie- en inspanningsvermogen van de kijker vraagt, dat komt toch allemaal duidelijk naar voren, maar wel op een natuurlijke ongeforceerde manier. Nu kan je dat oninteressant vinden, maar benoem dat dan en reken de film niet af op iets wat het niet is.
Het is verder een film in de typische Romeense new wave stijl zoals we die alweer een tijdje kennen en de vorm brengt dan ook niet iets verrassends op tafel. Wat de film wel onderscheidt is dat het een soort afsluiting van deze golf aan Roemeense films lijkt voor te stellen. Bij de vorige films werd de recente geschiedenis van het land onder de loep genomen of werd een check-up van het land uitgevoerd en lieten de regisseurs symptomen van de post-communistische maatschappij zien. In Bacalaureat lijkt echter de definitieve diagnose voor de generatie waartoe de filmmakers zelf behoren te worden gesteld. Hoewel men idealistisch begon aan de periode na Ceausescu, is iedereen langzaam meegesleurd in het systeem van corruptie en een mentaliteit van minderwaardigheid ten opzichte van het Westen. Romeo heeft zich dan ook neergelegd bij de onmogelijkheid tot verandering. Eliza is echter nog onbedorven en ziet haar toekomst wel in Roemenië. Het laatste shot toont optimisme maar is tegelijkertijd heel wrang, aangezien eenzelfde lot als hun ouders bijna onvermijdelijk lijkt.
En continuïteitsfouten, serieus?
Back against the Wall (2002)
James Fotopoulos maakt kleine, vaak experimentele films. Hij heeft daarbij talloze korte films en video art werk afgeleverd. Ook is hij multimedia artiest. Hij stelt installaties op, ontwerpt, fotografeert, schrijft essays, maakt muziek, en schijnt vooral een begenadigd tekenaar te zijn. Laten we eerst maar beginnen met Back Againt the Wall dan.
Een naargeestige minimalistische film, bijeengehouden door de dominante geluidsband. Daarin wellicht te vergelijken met Rabbits van Lynch, toevalligerwijs uit hetzelfde jaar. Al was deze film al af in 2000 en waren de opnames in 1999. Niet dat dat verder uitmaakt, want zoveel heeft het ook weer niet van doen met Rabbits. Naast de dominante soundtrack zit de vergelijking hem in de minimalistische setting en dialogen met langer dan normale stiltes. Deze dialogen zijn echter redelijk aards te noemen, en niet absurd. De film is geschoten in korrelig zwart/wit en bevat veel lange shots. Eerst bevinden we ons voornamelijk in het appartement van June en Levey, wat steeds meer beklemmend wordt, in de hand gewerkt door de depressiviteit van Levey. De scène waar June en Levey bezoek krijgen is er een om van te houden. Als June ervandoor gaat, zien we wat meer van de wereld om haar heen. Al blijft dat grotendeels beperkt tot wat rurale landschappen in de Midwest, om precies te zijn in het noorden van Illinois, waarschijnlijk Maple Park. Enkele ontzettend troosteloze decemberdagen, ideaal voor een film als deze. Wel moet ik hierbij opmerken dat we Levey hiervoor enkele keren met zijn vriend (en collega) Ed zien en schijnt hij niet verkeerd te schaken, maar we zien niets van June's werk in 'The Funhouse'. Verder schijnt er nog in Chicago, Sycamore en DeKalb gefilmd te zijn, niet onbelangrijk om te vermelden natuurlijk.
Levey zit dus behoorlijk uit zijn plaat te gaan bij momenten. June trekt dit niet meer en vertrekt met een louche jongere kerel (Vince) naar een huis met groot erf en een creepy opa met een jonge blonde vrouw. Daar wordt ze geronseld om vieze dingen te doen in een of andere trieste seksclub, in een cowgirl outift. Vince komt in de problemen en June zoekt uiteindelijk Levey's vriend Ed op, die er in June en Levey's oude appartement (geloof ik) een potje van maakt. Daar krijgen we op een gegeven moment een geweldig beangstigend beeld voorgeschoteld, het shot waarmee ik in eerste intantie naar deze film was gelokt. Het einde is dan jammer genoeg echt te abrupt, gewoon midden in een gesprek. Heel raar was dat. Normaal houd ik daar wel een beetje van, maar dit ging me iets te ver.
Vrij lastig aan iemand aan te raden. Ik denk dat er maar weinig mensen zijn die dit met plezier uitzitten. Vermoeiende, beklemmende en bevreemdende cinema, voor de liefhebber dus 
Bacurau (2019)
Ik zie het 'gevaar' dat sommige gebruikers hier noemen ook niet zo. Het gaat hier volgens mij niet over 'ras' of huidskleur, zoals ik hier en daar lees, maar over machtsstructuren, al valt dat in Brazilië (en daarbuiten) in grote lijnen natuurlijk met elkaar samen. De burgemeester staat voor de corrupte elite in Brazilië zelf. Niet per se voor Bolsonaro, maar ook voor veel van zijn voorgangers en voor veel bestuurders op lokaal niveau. De Amerikanen staan voor een deel van het westen. Het was denk ik sterker geweest om er een iets hetrogenere groep van te maken, niet alleen maar idiote white supremacist maar ook andere idioten.
Ik vond wel jammer dat die groep bij die scène aan tafel met de twee Braziliaanse motorrijders zo expliciet zelf over ras/huidskleur begon, daarmee ging het meteen wél heel nadrukkelijk daarover naast andere machtsstructuren. Maar dat gedeelte is vooral een nogal makkelijke en flauwe gringo stereotypering. Al was die scène op zichzelf wel vrij geestig en kon ik om meerdere scènes (glim)lachen. Daarbij wordt die hele groep vervolgens zo onrealistisch over de top en daarmee satirisch neergezet dat ik daar ook geen gevaar wat betreft polarisatie inzie. En als het allemaal realistischer en subtieler was gedaan, had je niet zo'n leuke pay-off gekregen. Vond het uiteindelijk wel bevredigend in elkaar gezet. De regisseur(s) weet altijd wel op een originele manier realistisch drama met genre-elementen te vermengen, dit keer natuurlijk een stuk duidelijker richting het laatste.
En goed om te zien dat de João Carpinteiro school terug is! Ditmaal zelfs met een nummer van de meester in de soundtrack. 
Bai Ri Yan Huo (2014)
Alternatieve titel: Black Coal, Thin Ice
Helaas een tegenvallend plot. Dacht op een gegeven moment dat ik niet goed had opgelet en daardoor niet helemaal begreep waar het nou heen ging, maar het gaat daadwerkelijk nergens heen en bloedt maar wat dood. De laatste 'onthulling' voegt maar weinig toe en doet je vooral afvragen wat de film nou wil zeggen. Komt denk ik ook omdat de dame in kwestie nogal onderbelicht blijft. Wel goed voor de mysterie, maar minder voor de punch. Als je het misdaadplotje wat meer loslaat blijft er echter wel een ontzettend sfeervolle film over. Met name geweldig kleurgebruik; telkens zijn ook wel mooie lichtjes geïnstalleerd. Overal fijn korrelig geschoten, maar aan de donkere opnames is te zien dat niet de beste apparatuur is gebruikt. Ook enkele bijzondere cinematografische hoogstandjes. Verder is het in tegenstelling tot mijn verwachting doorspekt met humor wat het toch wel op een ander niveau dan als halfbakken mysterieuze misdaad doet werken. Gelukkig eindigt de film niet als een dronken Beau travail. Wist overigens niet dat de Engelse titel niet de vertaling van de Chinese is. De Chinese titel komt laat in de film opzetten en zou misschien ook een krachtigere Engelse titel zijn. Op basis van wat ik had verwacht teleurstellend, maar toch te genietbaar om lager in te zetten.
Bakumatsu Taiyôden (1957)
Alternatieve titel: The Sun Legend of the End of the Tokugawa Era
Koddig, maar soms té. En doordat de humor af en toe zo flauw en oubollig is, gaat de overacting op die momenten ook tegenstaan. Die kerel met zijn grote voorhoofd maakt zich daar ook schuldig aan, maar steelt alsnog gemakkelijk de show. Geweldig personage. Het is dus een komedie, maar deze meneer met een iets te groot voorhoofd krijgt aan het einde wel een enigszins tragische lading over zich. Het is jammer dat bij het eindshot wordt besloten er toch een vrolijk deuntje tegenaan te gooien, terwijl het mijn inziens mooier was geweest als het zou sluiten op een serieuzere noot. Dan was die vijfde plaats voor mij logischer geweest, want buiten de minpunten die ik noem heb ik erg genoten.
De film begint chaotisch met vele personages die je niet uit elkaar kan houden. Geleidelijk leren we iedereen (een beetje) kennen, met name doordat het voorhoofd bij iedereen langsgaat. Er is niet echt een hoofdplot aanwezig, het is meer een sfeerschets uit die tijd aan de hand van een gigantisch voorhoofd die in eerste instantie zijn schulden moet afbetalen, maar op een gegeven moment alle touwtjes in handen heeft en iedereen in het bordeel opeens van hem afhankelijk is. De cinematografie is daarnaast prachtig, vooral de glanzende houten vloeren in het bordeel worden sterk in beeld gevangen. Ook knap hoe Kawashima al die personages die door het beeld denderen zonder chaos, maar wel met een enorme levendigheid weet te regisseren. Het camerawerk valt hierin positief op. Leek nog het meest op een uptempo komedie van Mizoguchi (heeft hij die weleens gemaakt?).
Barry Lyndon (1975)
Camerawerk is bewust statisch, behalve tijdens een duel, dan wordt het heel intens. Barry Lyndon moet je vooral in 4:3 zien, je weet wel, voor dat ingekaderd gevoel. De Blu-ray deed me niet veel. De film lijkt niet te communiceren in het 1.85 formaat.
Het originele aspect ratio is 1.66:1 (5:3) en niet 1.33:1 (4:3), en de blu-ray is niet in 1.85:1 maar in 1.78:1 (16:9), wat nog redelijk dicht tegen de intentie van Kubrick aanzit.
Hilarische film overigens, een en al ironie. O'Neal is alleen al met zijn gezichtsuitdrukking en lichaamshouding (en uiteraard hoe hij in beeld wordt gebracht) in vrijwel iedere scène grappig. Deel twee is wel minder sterk, waar de muziek ook te veel leek te moeten compenseren. En de voice-over was me wat te Little Britain-achtig. Verder niets dan lof!
Beats (2019)
Lees wat commentaren over slecht/te zacht geluid in de bioscoopzaal, maar dat ligt denk ik (ook) gewoon aan de mix van de film. Dialogen hebben een normaal geluidsniveau, maar de muziek staat (inderdaad) te zacht.
Hoewel de film zeker gave stukken heeft, viel hij me verder ook tegen. Narratief vrij hopeloos, waarbij iedere poging tot drama dood valt door een combinatie van een gebrek aan flow in de montage, een slecht acterende hoofdrolspeler (degene die Johnno speelt), platgetreden paden met karikaturen en het overal lollige sfeertje waar geen plek is voor echte dramatiek die wel wordt gezocht. Ook werkt de film daardoor niet als een roes, naast dat de muziek dus niet overweldigend genoeg is.
Dit jaar draaide op het IFFR ook Dreissig (2019). Veel eigenzinniger en een overweldigende executie. Alleen heeft vrijwel niemand dat door.
Beket (2008)
La leggenda di Kaspar Hauser vond ik destijds op het IFFR wat tegenvallen (in hoeverre dat kwam door de technische mankementen in de Pathé zou ik niet weten). Deze voorganger lijkt erg veel op die film, maar vind deze toch net wat sterker, hoewel Kaspar Hauser in retrospectief misschien ook wel 4* waard is. Ook hier weer een pompende elektronische soundtrack waar in slow-motion op wordt gedanst (maar bijvoorbeeld ook enkel keybord + spoken word en zelfs klassiek.. oh dit zegt Mug ook alleen beter), de kale landschappen van Sardinië, en niet te vergeten een (verder) absurdistische ontleding van in dit geval het toneelstuk van Beckett (waar ik verder *schaam schaam* niet bekend mee ben). Ja, lekker suf en maf dit, maar dan wel enorm stijlvol. En dat shot in kleur inderdaad! (ken ik die alleen niet uit een andere film?).
Belyy Tigr (2012)
Alternatieve titel: White Tiger
Bij vlagen sterk, maar de flow en de focus van de film is op zijn best hakkelig te noemen. Vergelijkingen met Lynch (zucht), wat ik ergens anders las, gaan echt veel te ver. De film heeft weliswaar veel mysterie en wat metafysica in zich, maar dan hoeft het nog niet automatisch iets met een Lynch van doen te hebben natuurlijk. Wel hadden de scènes die niet op het slagveld (bij de tanks) plaatsvonden wat weg van de ongemakkelijke afstandelijkheid van Sokurov's trilogie over historische figuren van de 20e eeuw, en is het camerawerk denk ik wel vergelijkbaar met die van In the Fog van Loznitsa. Het is dus zeker meer arty dan de poster doet vermoeden, al is dit volgens mij eerder de standaard in Rusland wat betreft posters, als je bijvoorbeeld ook Voyna (2002) ziet.
Vreemde focus inderdaad door zulke aandacht aan de overgave van Duitsland te besteden, hoewel op zichzelf wel erg sterk en komisch ook (daar zit dus vooral die link met Sokurov's trilogie). Door enkele knappe en mooie momenten had ik er zeker nog wel 3.5* aan willen geven, maar de eindmonoloog van Adolf werd hevig verstoord door een irritante Russische voice-over die als vertaler diende. Bovendien miste ik net als mijn voorganger de link met de rest, buiten de allerlaatste worden die je aan het hoofdverhaal zou kunnen koppelen, maar een beetje onzinnig is dat wel. Voor de cinematografie in ieder geval zeker de moeite waard, maar er zitten nogal wat haken en ogen aan.
Bends (2013)
Stijlvol ingetogen filmpje. Mist alleen wel nog wat consistentie, zowel stilistisch als verhalend. Zo vond ik het einde nogal geforceerd geschreven en is het een beetje hakkelig hier en daar. Sterk is dat het nooit uitleggerig of sentimenteel wordt en alles op een mooie manier onderdrukt blijft. Hierdoor wordt je af en toe even in twijfel gelaten, maar staat het de verhaallijnen verder niet in de weg. Vond de verhaallijn van mw. Li wel beter uit de verf komen dan die van Fai, hoewel het uitgangspunt van die tweede eigenlijk juist interessanter was. De stijl sluit denk ik ook meer aan bij mw. Li, terwijl voor Fai een wat intensere en ruwere stijl misschien meer zou werken, hoewel daar heel af en toe wel voor wordt gekozen. De verhaallijnen komen dan weer wel regelmatig samen, waardoor het nooit echt storend wordt of de film te veel uit balans raakt.
Met Doyle aan het roer mag het in ieder geval geen verrassing heten dat de film stijlvol is geschoten. Volg hem verder niet zo, en de laatste jaren heb ik volgens mij niet al te veel van hem gezien, maar het is toch altijd wel meer dan fijn. Verwacht geen spetterende kleuren, maar een onderkoeld palet in een rustige cameravoering. Bij Fai wordt er af en toe nog fraai handheld geschoten, maar de rest is allemaal strak en langzaam gekaderd. Dat kenmerkende spelen met objecten vlak voor de lens zie je ook hier wel terug, en er zijn ook weer een paar tunnels om van te genieten. Over de editing ben ik dan weer minder te spreken. Ook weer wat hakkelig, terwijl het op enkele momenten juist wel dat terloopse en meer poëtische heeft. De soundtrack bestaat vooral uit soundscapes met wat gitaar of piano en is niet al te bijzonder, maar werkt effectief en ondersteunt de ingetogen stijl prima.
Bérénice (1983)
Voor de tweede keer gezien, de eerste keer was ik nogal moe waardoor ik niet alle tekst meekreeg. De stilering van Ruiz is eigenlijk perfect, in de zwart-wit stijl van L'Hypothèse du Tableau Volé (1979) (al zijn het hier zeker geen tableaus), in tegenstelling tot zijn meeste werk niet uitbundig en dynamisch, doch nog steeds kunstzinnig en speels vormgegeven. De tragedie van Racine luistert wel makkelijk weg met de veelvuldige rijm, alleen is het op een gegeven moment echt een herhaling van zetten en zijn er ook momenten dat Ruiz minder met de stilering doet en (minder boeiende) shots erg lang vasthoudt, waardoor het allemaal nogal begint te slepen. De unieke aanpak van Ruiz is dus zeker weer de moeite waard, echter door genoemde punten voor mij niet de topper waarop ik hoopte. Denk dat deze film vooral bij Duras adepten (ik weet dat jullie meelezen) in de smaak moet vallen.
Beyond the Black Rainbow (2010)
En na mijn top-10 met favoriete onvoldoendes te hebben aangevoerd kan deze zich warempel bijna nestelen in mijn reguliere top-10!
Mijn eerdere kritiek kan ik nog steeds goed begrijpen (close-ups, overlays, gemompel), maar door een andere instelling en verwachtingspatroon stoort dat veel minder en kan ik de film waarderen voor wat het is en niet voor wat het niet is. Eigenlijk verliepen maar twee scènes stroef (oude man Dr. Arboria haalt herinneringen op en krijgt spuit en vrouw Nyle ziet Barry zonder appliances en krijgt ogen ingedrukt) met enkel close-ups en trage dialogen. Achteraf werd met name in die tweede scène de spanning wel goed opgebouwd. Het overlay gebruik is toch juist geslaagd te noemen. De vermeende stijlbreuk blijft ook uit, want het einde past gewoon perfect in het hele plaatje. Dit komt met name door de gedoseerde maar ontzettend droge en campy humor door de film heen. En hoe die soundtrack op het laatst nog even op komt zetten. Damn, meest geniale soundtrack ooit. Subtiel (en soms minder, e.g. Reagan) gebruik ook van jaren 80 geluiden en video's. Vapor/synthwave in stijlvol ruimtelijk en psychedelisch vormgegeven futuristische en tegelijk nostalgische korrelige krankzinnigheid. Neem daarbij een portie neo-giallo in de lijn van Cattet & Forzani en je hebt een concept waar ik dacht alleen van te kunnen dromen, ware het niet dat ik hem al eerder had gezien.
Big Sick, The (2017)
De trailer nog eens bekeken en het zijn vooral de twee grappen over terrorisme die geforceerd, suf en dus niet grappig zijn (ook zit een zwakke en misplaatste scène over IS in de film), maar de film viel mij zeker mee. Zit zeker geslaagde humor in, meer klein en subtiel. Bijvoorbeeld de soort anti-humor van Kumails huisgenoot (met Touch and Go Records shirt, Chicago
). Het culturele aspect is me verder wel te veel aangedikt, maar wat fijn is dat wanneer je denkt dat het voorspelbaar verloopt er toch een meer realistische wending aan wordt gegeven, bijvoorbeeld middels afwijzing van Emily na haar coma of de schijnverbanning door de familie van Kumail. Cinematografisch is het wel erg lui allemaal.
Border Line (2002)
Sterk rauw gefilmde mozaïekvertelling. Helaas worden de personages wat ongeloofwaardig met elkaar verbonden, doordat hun ontmoetingen te veel op toevalligheden berusten. Heel erg stoort het ook weer niet aangezien het niet al te ingenieus wordt gebracht. Maar verder erg genietbaar en met de occasionele droge humor. Mooi zijn de momenten van zachtaardig menselijk contact, zonder te vervallen in melodrama.
Brick (2005)
Heerlijk.
Tof idee om jaren '40, '50 (of iets in die richting) dialoog in deze setting te plaatsen, en dat dan nog een tandje op te schroeven tot een totaal onrealistisch taalgebruik. Wordt volgens mij ook geen enkele keer 'fuck' gezegd, normaal niet aan te ontkomen.
Soundtrack bij vlagen zwaar indrukwekkend, met name het hoofdthema zeg maar. Zat echter ook een stukje vrolijke muziek in om aan te geven dat de situatie lollig moest zijn, en dat is zelfs in soaps al gênant, laat dus staan in een film als deze. Visueel wordt de sfeer er constant goed ingepompt, met enkele uitschieters, zoals die laatste scène in het hoofdkwartier van The Pin, qua geluid ook erg sterk (met die lui die boven de kelder te horen zijn). Film kent een lekker vlot tempo, waarin ook meerdere rustmomentjes zijn ingebouwd. Daarnaast zit er geweldige humor in, lekker droog vaak, en is de hele film sowieso al niet vrij serieus te nemen. Ook die overdreven effecten bij vuistslagen, alsof je naar Crank ofzo zit te kijken. Aardig wat overacting ook dat bijdraagt aan het aparte rivella sfeertje. Op de een of andere manier deed het enigszins Japans aan. Verhaaltje vond ik verder van ondergeschikt belang, scènes waren op zichzelf al vermakelijk en boeiend genoeg. Snapte daarom niet geheel de uiteindelijke ontknoping, maar dat maakte me om diezelfde reden weinig uit.
Aangename verrassing!
Bridgend (2015)
Visueel superieure film, exact hoe ik het graag zien. De hele film heeft een zelfde donkere toned-down look als bijvoorbeeld Martha Marcy May Marlene (2011), maar qua kleur is het wat uitbundiger, waardoor het een soort mix wordt tussen die MMMM en jawel, Spring Breakers (2012). Die laatste ook door de momenten met de fijne dromerige soundtrack (en dan weer beukend en opzwepend) en de impressionistische aanpak. De kleuren zijn hier zeker niet zo vibrant, maar af en toe wordt wel een kleurenfilter opgezet. De locatie is ook echt fantastisch en met name de nevelige bossen (bedankt IFFR) worden prachtig in beeld gebracht.
Deze Tiger had zomaar een nieuwe favoriet van me kunnen worden, maar helaas gaat de film op andere vlakken de mist (hey) in. Zo kwamen de karakters niet altijd geloofwaardig over en zie je te nadrukkelijk dat personages een bepaalde richtig worden opgeduwd. Ook vond ik de chatroom een nogal flauwe toevoeging, al weet ik niet of dit gebaseerd is op de feiten. Dat is sowieso wel lastig met dit soort films, omdat niet duidelijk is wat (letterlijk) is overgenomen en wat Rønde er zelfs bij heeft verzonnen. Dan kunnen ongeloofwaardigheden toch in een ander daglicht komen te staan, al kan je als regisseur al snel je hand overspelen omdat 'het toch gebaseerd is op waargebeurde gebeurtenissen'. Daarbovenop kwam nog eens een enorm bombastisch (en surrealistisch) einde, met muziek in de vervelende quasi-epische overstuur. Jammer dat het allemaal niet wat kleiner en eerlijker is gehouden. Het mysterie wordt verder niet echt uit de doeken gedaan, wat wel geslaagd is, maar vooral op het einde had een andere aanpak denk ik beter gewerkt om het sinistere kracht bij te zetten.
De regisseur schijnt bij zijn research in Bridgend overigens na een pubbezoek de volgende ochtend flink bebloed wakker te zijn worden. Fijne inwijding door de locals 
Bukas Na Lang Sapagkat Gabi Na (2013)
Alternatieve titel: Leave It for Tomorrow, for Night Has Fallen
Volgens mij zou deze film zo door Raya Martin geregisseerd kunnen zijn. Maar ook Lav Diaz, John Torres en Adolfo Alix Jr. kwamen langs, oftewel zo'n beetje alle Filipijnse 'new wave' regisseurs waar ik wat van heb gezien. Jet Leyco is de jongste van het stel en hij lijkt daarom nogal beïnvloed door zijn oudere landgenoten. Niet voor niets krijgen al deze regisseurs keurig een bedankje in de credits. Elke film uit deze stroming lijkt ook over de Marcos-periode te gaan, althans er minstens aan te refereren. Ik kan me voorstellen dat je daar als Filipijnse cinefiel nogal moe van wordt, maar de filmmakers denken daar duidelijk anders over.
Deze film - met de mooie titel die Leyco als kind te horen kreeg, en meteen weer een referentie naar de Marcos-periode? - is dan ook typisch Filipijns, en daarmee niet bijster verrassend meer. Ja natuurlijk, het blijft een onconventioneel ding, maar ik verwacht tegenwoordig niet anders. Hoewel de invloeden sterk voelbaar zijn, weet Leyco er wel iets bijzonders van te maken. Zelfs in het midden van de Filipijnse new wave jungle (waar blijft Jungle Love (2012) overigens?). Met behulp van een machtig sounddesign en hallucinante beelden wordt een kader gecreëerd waarbinnen Leyco zijn jeugdherinneringen en de geschiedenis van de Filipijnen op verontrustende wijze vermengd. Vooral de humor, b-elementen en andere frivoliteiten voorkomen dat dit op een vervelende manier zwaarmoedig of pretentieus wordt, waardoor het op mij bijna overkomt als een soort van afrekening en afsluiting van het verleden, zowel persoonlijk als landelijk.
Ik vraag me trouwens wel af hoe de 'fucked up version' eruit ziet. In de trailer zien we nog het beeld gesplitst in kleur en zwart/wit, zat dat ook zo in de cut die Verhoeven heeft gezien? In de goede versie wisselt het beeld alleen op een paar momenten gradueel tussen zwart/wit en kleur.
Ook een aanrader voor liefhebbers van Post Tenebras Lux, denk ik.
