Meningen
Hier kun je zien welke berichten McSavah als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
D-Zaka no Satsujin Jiken (1998)
Alternatieve titel: Murder on D Street
Die Jissoji is toch ook een geweldenaar. Van zijn middenperiode heb ik nog niks gezien, maar hij houdt hier gewoon het niveau vast van zijn beginperiode, hoewel de stijl duidelijk met de tijd is meegegaan. Zijn segment in Rampo Noir is daarin ook een voortzetting van wat hij hier doet, beide dus een Rampo verfilming. Hij maakt gebruik van slechts een paar binnenlocaties (en voor buiten een simpele maquette), maar brengt deze zo dynamisch in beeld, voornamelijk door te gekke camerastandpunten. Briljante plaatjes. Enorm sfeerverhogende soundtrack ook, met duistere elektronische klanken en later meer klassiek werk. Het basisverhaaltje is simpel maar intrigerend en als privédetective Akechi wordt opgetrommeld lijkt de zaak in zijn relatieve rechtlijnigheid te eenvoudige kost te zijn, maar dan zit er toch nog een venijnig doordenkertje in dat het allemaal naar een hoger plan tilt. Fraaie tekeningen ook.
Daan Gyun Naam Yu 2 (2014)
Alternatieve titel: Don't Go Breaking My Heart 2
Net als (?) Onderhond heb ik me hier voor het eerst bij een To wat lopen storen aan al die rijke oppervlakkige mensen. Daarbuiten vind ik 'm weinig tot niet onderdoen voor de gemiddelde To. Wel een trapje minder dan zijn voorganger, maar toch weer een heerlijk vlot tempo vol flauwe feelgood humor en cinematografisch juist wel erg stijlvol wat mij betreft (buiten wat knullige effecten richting het einde).
Dai Juk Hei Kek (2012)
Alternatieve titel: Vulgaria
Vermakelijk, maar ik heb mijn Pang liever wat stijlvoller en subtieler.
Damejin (2006)
Alternatieve titel: ダメジン
Leuk.
Pas uitgebracht in 2006, maar al in 2002 gemaakt. Eigenlijk dus Miki's debuut, en dat is ook wel te merken. Alles is nog wat minder strak en scherp, maar wel al gewoon uitermate quirky. De weirde personages staan hier soms nog wat te veel op zichzelf, terwijl in latere films ze echt meer ter ondersteuning van de humor dienen. Grappige situaties lijken regelmatig ook te vroeg te worden afgebroken, waardoor het meer losse sketches worden waarbij je wat op je honger blijft zitten. Verder wel vintage Miki zou ik zeggen, op het gebied van flauwe humor ken ik weinig beters.
Visueel is het gewoon weer dik in orde. Grofkorrelig geschoten, waardoor de film een warme diy sfeer uitademt. Hierna ging Miki toch wel over op een goedkopere look. Ore Ore vond ik visueel dan weer zijn beste film tot nu toe, maar dat terzijde. De editing kon wel beter (wat samenhangt met het sketch gehalte) en de soundtrack pruttelt wat op de achtergrond weg.
Toch is het naast de humor vooral het sympathieke verhaaltje vol met outcasts dat van Damejin geen mindere Miki maakt. Het einde is met name wel erg leuk en redelijk escapistisch van aard, maar het wordt allemaal voldoende luchtig gehouden. Vaste waardes Eri Fuse (wederom inclusief karatetrap) en Ryô Iwamatsu zijn ook hier al van de partij, behoorlijk legendarisch duo natuurlijk. Hoogtepuntje is duidelijk het vast komen zitten van Ryosuke in een stenen stuk pijpleiding.
Demolition (2015)
Gyllenhaal is geknipt voor deze rol, wat een held. De rol van Watts is wat tegenvallend en die van haar zoontje nogal geforceerd, maar verder echt een heerlijke film. Geweldige humor en montage ook vooral. Snel eens meer zien van Vallée, veel te lang links laten liggen.
Dirch (2011)
Alternatieve titel: A Funny Man
Mooi portret van de voor mij onbekende Deense acteur en komiek Dirch Passer. Kan dus geen vergelijkingen tussen deze film en de echte Dirch maken, maar hoe dan ook weer een uitstekende performance van Nikolaj Lie Kaas. In het begin luchtig en komisch (die bank!), gaandeweg steeds meer drama en ellende. Cinematografisch bij tijden erg interessant. Wat te gelikt soms (de zonnige buitenscènes met name), maar gelukkig enkele zeer fraaie shots en heerlijk handheldwerk achter de schermen van het theater. De soundtrack klonk echter wel heel erg bekend in de oren, vooral dat getokkel, wat ook nog in piano en orkestrale vorm verschijnt... een bekend deuntje anders ingespeeld, maar kan het niet plaatsen. In ieder geval wel lekker dramatisch aangezet. Helaas kent de film in de tweede helft wat uitgekauwde momenten, zoals het herhaaldelijk terugkeren van de dode Kjeld (bij die boot op het strand al helemaal afgezaagd) en het ritje op het ziekenhuisbed hebben we ook al eerder gezien. Vind biopics, of althans films waar je iemand over een lange periode volgt, meestal geen fijne films, en dat heb ik ook hier weer een beetje met de vele veranderingen die in rap tempo op elkaar volgen. Zo verschijnen veel nieuwe personages (voornamelijk zijn vriendinnen), die niet geïntroduceerd worden. Snap wel dat de film zich richt op Dirch, maar het voelt gewoon wat onnatuurlijk aan allemaal. Al met al prima vermaak van mijn Deense helden, zoals altijd eigenlijk.
Disutorakushon Beibîzu (2016)
Alternatieve titel: Destruction Babies
Wow, wat een beestachtige vertolking zet Yûya Yagira hier neer. Hij is echt perfect in deze rol met zijn eindeloze grijns. Toch ook behoorlijk grappig bij momenten (zoals Harmony Korine dat wellicht ook voor zich zag), maar de humor is hier wel echt gerelateerd aan de agressie, terwijl het eerder aangehaalde Himeanole ook pure komedie combineert met gewelddadige uitspattingen. Wel twee zeer originele films als het gaat om de weergave van geweld. Naar het einde toe wordt het in deze Destruction Babies wel allemaal een stuk minder boeiend, maar het laat in ieder geval weer zien dat Japanse cinema nog steeds relevant is.
Dobro Pozhalovat, ili Postoronnim Vkhod Vospreshchen (1964)
Alternatieve titel: Welcome, or No Trespassing
Geweldig leuke film! Soort Wes Anderson/Moonrise Kingdom avant la lettre, met veel satirische elementen aan het einde van de dooiperiode o.l.v. Khrushchev. Naar het einde toe trad er wel wat te veel herhaling in met ook gags die niet echt goed werkten, maar verder veel kunnen lachen en genoten van de zomerse sfeer en het bijzonder inventieve camerawerk en andere geinige filmtrucjes 
Dogura Magura (1988)
Alternatieve titel: Dogra Magra
Wordt tijd voor een restauratie, want deze film verdient het zeker om in volle glorie te kunnen worden beleefd. Matsumoto heeft vooral (experimentele) korte films en installatie kunstprojecten gemaakt (waar ik overigens nog niks van zag), maar al zijn langere speelfilms zijn meer dan in orde. Dit is de laatste lange film die hij heeft gemaakt (hij is blijkbaar nog wel in leven!), en misschien wel zijn beste. Een film die je constant op het verkeerde been zet, maar dit wordt heel expliciet gedaan, waardoor het ontzettend leuk is en je er heel makkelijk in mee kan gaan. Niet zogezegd hermetisch gesloten dus. Thematisch en narratief deed het me vooral denken aan het (latere) werk van Jissoji (en ook indirect een beetje aan Rampo met een toevoeging van wat magisch realisme en veel geklooi met ruimtetijd), terwijl het visueel wat meer aanleunt tegen Terayama en Ôbayashi. Tijd om het beschamende gemiddelde werkelijk eens op te krikken! 
Dos Disparos (2014)
Alternatieve titel: Two Shots Fired
Daar ben ik het wel mee eens. Vrijblijvend, maar naar het einde toe vind ik het wel steeds komischer worden, tot op het hilarische af zelfs. Het warrige en onzinnige plotverloop werkt dan wel. Het absurdisme werkt echter niet altijd en de teksten die de personages opdreunen zijn soms ook te opzichtig om er echt om te kunnen lachen. De directe dialoogvoering werkt dan wel beter, waarbij ik vooral moet denken aan Kaurismäki, maar ook de Griekse new wave is misschien een aardige vergelijking. Al is dit wel allemaal een graadje minder. Met de camera wordt weinig bijzonders gedaan en het wilt volgens mij ook niet meer zeggen dan wat het toont (in tegenstelling tot de Grieken) en het heeft ook niet de setpieces en aankleding van Kaurismäki, en ook niet de sociaal betrokken en romantisch optimistische ondertoon (maar met name dit laatste is verder geen kritiek hierop, de vergelijking loopt alleen mank als je 'm verder trekt dan de absurdistische dialoogvoering). Dos disparos is verder ook een stuk minder gefocust en eigenlijk heeft de film gewoon geen plot, waardoor je het inderdaad wel eigenzinnig zou kunnen noemen. Zo te zien heeft de regisseur in het verleden al meer van dit soort filmpjes gemaakt.
Dyadya Vanya (1971)
Alternatieve titel: Uncle Vanya
Wow, werkelijk prachtig geschoten. Moest ook denken aan Sven Nykvist's cinematografie van een Offret en Höstsonaten, heel zacht allemaal. Hier alleen nog een pak levendiger, onder meer door ramen die veelvuldig open staan. De belichting is sowieso prachtig hier, en er wordt in een paar scènes zelfs op theatrale wijze (=positief) mee gespeeld. Ook de typische Sovjetlenzen ontbreken niet. Het sepia vond ik gek genoeg minder goed werken, terwijl dat meestal andersom is (Dni Zatmeniya bijvoorbeeld). Zag er iets te glad uit ofzo, niet genoeg contrast? Bij de zeer fraaie openingstake had ik dat gevoel nog niet, maar na het kleurenspektakel leek het sepia wat uit de toon te vallen. Nog steeds op zichzelf vaak erg fraai, vooral de meer ruimtelijke plaatjes, maar de wat dichter op de huid zittende shots mistten toch iets. Daarnaast een dikke pluim voor het audiogedeelte. Constant zijn achtergrondgeluiden hoorbaar. Regen, gedrup, storm, vogels, honden, erg fijn. Ook nog enkele gitaarliedjes tussendoor en een klassieke soundtrack die efficiënt op de juiste momenten wordt ingezet. Enkel de bombastische openingstitels met foto's vond ik wat minder geslaagd. Verder een verhaal dat het altijd wel goed doet bij mij, vaak met een professor, dokter of wetenschapper in de gelederen. Mag ook gezegd worden dat de twee dames een lust voor het oog zijn, en tevens mooi verschillend van elkaar zijn.
Voorlopig geef ik dit vier dikke sterren, maar zou best nog eens meer kunnen worden.
Dyn Amo (1973)
Alternatieve titel: Dynamo
Hier kon ik helaas weinig mee. De hypnotiserende score van Gavin Bryars is sterk, en met name het stuk (dat wat deed denken aan William Basinski) bij het derde meisje was prachtig. Dat in combinatie met de benauwde setting en vooral de trieste uitkijk van dat meisje zorgde voor een diep melancholische sfeer. De eerste stripper vond ik weinigzeggend en daardoor saai, was nog te doen doordat het de opening betrof. De tweede was wat beter, ditmaal vergezeld door een man. Experimenteler camerawerk en dito soundtrack, echter niet geweldig boeiend. De derde stripper was mijn favoriet (of ik bedoel: het derde deel was mijn favoriet, hoewel dat toevallig samenging
). Dan hebben we er zo'n drie kwartier opzitten en wordt er meer dan een uur aan het laatste meisje besteed. Deze opbouw duurde zooo lang, werkelijk een verschrikking. Leek op die optredens in The Killing of a Chinese Bookie, maar dan ultiem op de acteurs gericht en zonder beklemmend o.i.d. te werken. Einde van dat optreden was dan wel fantastisch, maar dan heb je je zo'n drie kwartier zitten vervelen. Daarna helaas een close-up van rond de 13 minuten wat weer totaal niet bij mij binnenkwam, om vervolgens juist wel leuk af te sluiten met een droogkomisch, hoewel aan de flauwe kant, tafereel. Wisselvallig dus, waarbij het negatieve de overhand nam. Mijn grootste probleem was waarschijnlijk dat ik me totaal geen voyeur voelde, wat volgens mij wel de bedoeling was.
Lastig om zo'n film laag te scoren, omdat ik het gevoel heb dat het meer aan mijn zwaktes ligt dan aan de kwaliteit van de film. Met andere woorden: laat je niet afschrikken door mijn lage waardering, want ik kan me goed voorstellen dat dit voor sommige een meesterwerk kan zijn.
Dyut Meng Gam (2011)
Alternatieve titel: Life without Principle
Weer een echte, typische To dit. Helaas mist het wel de klasse van een Mad Detective of Sparrow. Het ziet er allemaal weer mooi gefilmd uit, maar brengt op dit vlak niks extra's. Ik heb To wel eens mooiere dingen met een camera zien doen, of in ieder geval vaste cinematograaf Siu-keung Cheng. De soundtrack, altijd één van To's opvallendste (en beste) kenmerken, wordt spaarzaam gebruikt, maar is ook hier weer erg leuk. Het mini mozaïekverhaaltje speelt in op de actualiteit van de financiële crisis, en doet dit weer op speelse wijze. Zeker vermakelijk, af en toe grappig, maar weinig opzienbarends. Het happy end voor twee van de hoofdpersonages zorgt echter wel voor een sterke en leuke afsluiter, en is ook echt iets voor To.
Aan de ene kant ben ik dus redelijk teleurgesteld, aan de andere kant laat het ook wel een positief gevoel bij mij achter. De film doet niet veel mis, maar is gewoon iets te tam. To mag bij zijn volgende films meer uitpakken wat mij betreft.
