• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.917 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.932 acteurs
  • 198.972 gebruikers
  • 9.370.299 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Metalfist als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

One Hour Photo (2002)

The things that we fear the most have already happened to us...

Alhoewel ik nog nooit van de film had gehoord en dat Robin Williams erin meespeelt, snap echt niet wat iedereen er zo wow aan vind, leek het verhaal me toch wel wat dus was het gisteravond tijd voor One Hour Photo.

Williams zit ten eerste wel zeer goed in zijn rol. Ik had niet gedacht dat hij het in zich ging hebben om zo'n psycho neer te zetten. Ook de rest van de rollen worden wel vrij sterk neergezet. Alleen Dylan Smith vond ik niet echt overkomen maar dat heb ik wel meer met kinderen in films. Het komt te vaak te geforceerd over.

Het stalker verhaal is vrij standaard maar het wordt allemaal wel goed uitgewerkt. Spijtig genoeg zitten er ook een paar mindere stukken in waaronder Williams die wakker wordt uit een nachtmerrie met bloedende ogen? Paste totaal niet in de rest van de sfeer van de film. Ook vind ik het vrij raar dat het nu pas opvalt dat de teller van het foto apparaat niet overeenkomt met hoeveel foto's er zijn verkocht. Williams ontwikkelt al bijna 9 jaar die foto's maar nu hebben ze het pas door? Dat is ook wel weer heel toevallig. Wat ik ook nog wel spijtig vond is dat het weer zo'n typisch Hollywood einde is waar je uiteindelijk toch sympathie voor Williams moet krijgen.

Met de sfeer van de film zit het wel goed. Film speelt zich bijna constant in de supermarkt af maar verveelt niet. De kale, witte muren zorgen voor een ziekenhuis gevoel dat de film wel goed afgaat.

Toch wel een meevaller.

3.5*

One Missed Call (2008)

From now on, I only go to parties where no one gets cremated

Halloween, de perfecte gelegenheid om eens een horror filmpje op te zetten. One Missed Call was nu niet meteen mijn eerste keuze om de avond mee te starten, ben simpelweg niet zo te vinden voor die Amerikaanse remakes van Japanse films, maar de rest van het gezelschap wou deze wel wil zien.. Weinig keuze dus en dan toch maar geprobeerd om met zo weinig mogelijk vooroordelen hieraan te beginnen.

Valt wel mee dat ik het origineel niet heb gezien. Kon zweren van wel, maar vind mijn stem niet terug op de site, dus ik zal me wel vergissen met een andere film. Soit, One Missed Call is een film zoals er zovelen zijn. Een redelijk interessant uitgangspunt dat door een aantal onlogische acties compleet onderuit wordt gehaald. Het is dan ook pas op het einde dat ik mijn mening lichtjes ben beginnen herzien. De twist waaruit blijkt dat het niet de moeder is die achter de moorden zit is is voorspelbaar, maar het is het enige moment in de film waaruit wat spanning blijkt. Al moet er dan toch weer zo'n onvoorstelbaar flauw einde aan worden geplakt waaruit lijkt dat alles toch nog niet is opgelost. Het Japanse origineel heeft blijkbaar nog twee vervolgen gekregen, dus misschien zitten die er nog aan te komen. Al heeft One Missed Call geen potten gebroken in het land der cinema en zijn we ondertussen toch ook alweer 6 jaar verder sinds de initiële release, dus die kans is klein.

De zwakste schakel in het geheel is zonder twijfel Shannyn Sossamon. Zelden iemand met zo weinig charisma de hoofdrol zien vertolken. Ze loopt werkelijk zo'n 80 minuten rond met de uitstraling van een dweil. Wel tof om Ray Wise (Twin Peaks!) even in een kleine bijrol te zien, al had daar dan wel gerust weer mee gedaan kunnen worden. Voor de rest een vrij inspiratieloze cast met een aantal acteurs zoals Edward Burns die er nog het beste van proberen te maken. Wel vrij lelijke CGI trouwens. Ik dacht eerlijk gezegd dat de film recenter was, ik was van mening dat zo'n digitale televisie videotheek alleen maar nieuwe releases had, maar voor 2008 ziet dit er niet altijd even goed uit.

Goh, het is dat ik dit met een groep heb gezien, want de score had wel wat lager uitgevallen mocht ik dit alleen hebben gezien. One Missed Call is een film met een aantal gebreken en één à twee goede zetten. Zo'n typische remake die heel wat minder indruk maakt dan het origineel en waarvan je de volgende dag al 3/4 bent vergeten.

2*

One Night in the Tropics (1940)

Romance to the rhythm of the rumba...in this magical musical of mirth!

Een aantal dagen geleden was ik zien en kon ik een beetje door mijn achterstand van films geraken. Twee van de films die ik toen heb gezien waren met Bud Abbott en Lou Costello en die waren zeer leuk dus wou ik wel wat meer van hen zien.

One Night in the Tropics is dan ook de perfecte keus om mee te beginnen omdat het de allereerste film is waar het duo Abbott & Costello tevoorschijn komt. Ze worden hier nog meer als bijrollen gezien, later zouden ze ook op bijna elke film als hoofdacteurs worden gezien maar hier ging die eer naar Allan Jones en Nancy Kelly. Soit, het is hun eerste film en hoewel ze niet zo heel veel screentime hebben zijn ze toch weer hun fantastische zelf. Waar ik vooral van hou, iets wat de Marx Brothers ook gebruiken, is de heerlijke spitsvondige humor. De dialogen tussen het duo zijn vaak om je vingers van af te likken. Neem nu een scène zoals degene waar ze aan het hotdog kraam staan. Voor een vijftal minuten blijven Abbot & Costello gewoon doorzagen over het feit waarom Costello geen mosterd op zijn hotdog wil. Op den duur geraken ze zo ver verwijderd van hun oorspronkelijke beklag dat ze zelf niet meer weten hoe ze bij dat gespreksonderwerp zijn gekomen... Persoonlijke favoriet blijft toch wel de who's on first sketch. Abbot & Costello gebruikten de sketch al op de radio blijkbaar maar de manier waarop ze het hier brengen is om je vingers en duimen van af te likken. Ik zou de woorden hier kunnen plaatsen maar eerlijk gezegd, hoewel het lezen ook nog wel grappig is, je moet het echt zien en dan kom je niet meer bij, dat was toch het geval bij mij.

Qua verhaal zijn de Abbot & Costello films nooit echt veel soeps, het is pas de derde film die ik zie dus ik kan er nu toevallig een paar 'slechte' hebben uitgekozen maar ik betwijfel het. In ieder geval valt het hier nog wel goed mee. Het is een tikkeltje voorspelbaar maar door de komische timing van zowel Abbot & Costello maar ook als de andere castmembers komt het allemaal dik in orde. One Night in the Tropics is dan wel een screwball komedie in hart en nieren maar fans van het genre komen hier zeker en vast aan hun trekken. Wat ook een pluspunt is, is dat de film bijlange na niet zo lang duurt. Gelukkig want nu blijft het allemaal nog leuk en grappig terwijl het misschien bij 90-100 minuten zou beginnen te vervelen. Waar ik Rio Rita en Lost in a Harem een beetje op afrekende waren de vele nummers in de films. Normaal gezien ben ik geen fan van zo'n intermezzo's, ze halen vaak het tempo uit de film, maar hier komen ze eigenlijk netjes tot hun recht. Totaal niet storend en vrij catchy zelfs.

Want niet alleen het duo heeft grappige momenten. Neen, ook de andere hoofdrolspelers kunnen er best wel wat van. Allan Jones en Robert Cummings (die laatste heeft een sterke rol in Hitchcock's Dial M For Murder) zijn ook wel een leuk duo. Misschien was ik gewoon in een goede bui maar ik heb op sommige momenten toch wel hard moeten lachen. De twee leading ladies van One Night in the Tropics zijn ook de moeite waard. Nancy Kelly en Peggy Moran zijn beide mooi klassedames en de enige die er voor mijn part uitgebonjourd mocht worden is Mary Boland die tante Kitty neerzet. Wat een overdreven rol.

De derde Abbot & Costello film die ik zie en tot nu toe de beste. De dialogen zijn scherp, vlot en hilarisch. Het verhaal verloopt in een goed tempo en wordt nergens saai en natuurlijk is er de geweldige who's on first dialoog die ervoor zorgt dat de film een half puntje extra krijgt. Het is ontzettend jammer dat deze komieken nu zo vergeten zijn...

4*

One Week (1920)

One Week was de eerste kortfilm die Buster Keaton maakte zonder zijn voormalige kompaan Fatty Arbuckle en het is meteen een schot in de roos. Een fijn begin met Keaton als bruidegom die een paar schoenen naar zijn hoofd gegooid krijgt, maar het wordt pas helemaal wild eenmaal hij aan zijn Portable House begint. Complete chaos, muren die omvallen, ladders die alle kanten uitgaan, ... Het is en blijft verwonderlijk wat Keaton indertijd afleverde. De manier waarop hij sommige stunts uitvoert is halsbrekend (en soms ook ronduit gevaarlijk, dit is weer zo'n short waar de stoïcijnse komiek zich bezeerde) maar ook op narratief vlak is dit wel leuk gedaan. One Week doet wat je zou verwachten van een kortfilm met die titel (je krijgt een week lang een kijkje in het leven van Buster en zijn bruid) maar het is toch vooral de complete destructie van het huis door een trein dat hier nog tot de verbeelding spreekt.

4.5*

One-Eyed Jacks (1961)

Alternatieve titel: One Eyed Jacks

You may be a one eyed jack around here, but I've seen the other side of your face

One-Eyed Jacks was zo'n film die ik al een tijd had liggen, maar wegens de lange speelduur was ik er nog niet aan begonnen. Hoewel, dat is niet helemaal waar aangezien ik ooit de film eens had meegenomen op een cursus voor het werk in het buitenland maar op mijn laptop was er meer zwarte balk te zien dan beeld en ik had erna nooit meer de moeite genomen om te zien of het aan de laptop lag. Goed nieuws alleszins, het lag aan de laptop! Gisteren op mijn Blu-Ray speler weinig op de release aan te merken, al had de beeldkwaliteit wel iets beter gekunnen.

One-Eyed Jacks is een film die vandaag de dag wat onbekend lijkt te zijn bij het grote publiek. Ik ben de 100e stem en voor een Marlon Brando film is dat toch weinig, zeker als je bekijkt dat dit ook de enige film is die hij ooit in zijn carrière regisseerde. Altijd gevaarlijk wanneer acteurs denken dat ze ook kunnen regisseren, maar in het geval van Brando blijkt het toch een succes te zijn. Naar het schijnt was hij enorm onzeker over zichzelf en bleef hij maar filmen om zeker genoeg materiaal te hebben waardoor de film al na 5 dagen zo'n 2 weken achterlag op schema.. Het hielp dan ook niet dat Brando geen keuzes kon maken waardoor je met een cut van bijna 5 uur zat en nadat hij er de brui aan gaf, besloot de studio om de versie te maken die je vandaag de dag dus vind. Op zich een goede zet, want een speelduur van 5 uur had er echt wel over gegaan maar alleen jammer dat ze dan ook meteen het einde hebben aangepast. Zo moest oorspronkelijk Louisa sterven door een kogel van Dad Longworth en je voelt gewoon dat de scène erna waar ze afscheid van elkaar nemen te geforceerd oogt. Natuurlijk ook wel ergens logisch als je bekijkt dat de film in december 1958 van start ging en maar in 1960 af was.

Veel mankementen dus en toch werkt het. Het plot kent een aantal goede wendingen en Brando blijft indrukwekkend. Het is een acteur die in sommige van zijn films echt geen zin had en dat zag je er aan, maar in het geval van One-Eyed Jacks lijkt hij echt wel moeite te doen. De scènes tussen hem en Karl Malden (die de rol van Dad Longworth voor zijn rekening neemt) zijn stuk voor stuk de moeite maar sowieso is hier qua cast veel te beleven. Malden is misschien zelfs nog net iets beter dan Brando te noemen en speelt werkelijk de pannen van het dak. De manier waarop hij opeens die bocht maakt en Rio (opnieuw) verraadt.. Heerlijk! Pina Pellicer als Louisa is wel een beetje op het randje, al moet ik wel zeggen dat ze in de film groeit op den duur. Zonde eigenlijk dat Brando nadien nooit meer iets heeft geregisseerd. Hij laat hier als regisseur een aantal mooie dingen zien maar waarschijnlijk was het zelfbescherming voor zijn ego om er zelf mee te stoppen in plaats van te moeten bedelen achter films aangezien de studio niet zo tevreden was met de manier waarop hij met het geld omging.

De film was dan ook gebudgetteerd op 1.8 miljoen, kostte uiteindelijk 6 miljoen en was daarbovenop nog een redelijk grote flop. Brando maakte een deal met Universal om een deel van de kosten voor hun rekening te nemen in ruil voor 5 films: The Ugly American (1963), Bedtime Story (1964), The Appaloosa (1966), A Countess from Hong Kong (1967) en The Night of the Following Day (1969). Het waren allemaal echter flops..

4*

Oneechanbara: The Movie (2008)

Alternatieve titel: OneChanbara

Chanbara boring

Ik was helemaal vergeten dat ik me een tijd geleden eens had gewaagd aan die typische Japanse overdreven films à la Machine Girl en Big Tits Dragon. Ik had me dan ook de Mad Monkey horror box aangeschaft, maar dat was een wisselend succes. 2LDK was gewoon slecht, ik heb nog altijd geen idee wat die er tussen doet eigenlijk, maar Machine Girl was een vermakelijk filmpje. Zoals gewoonlijk bleef de derde film echter in de vergetelheid hangen tot ik hem een paar dagen geleden toevallig nog eens tegenkwam.

En er zijn twee mogelijkheden: ofwel was ik in een enorm slechte bui en heb ik Chanbara Beauty ondergewaardeerd, ofwel was ik in een enorm melige bui en heb ik Machine Girl overgewaardeerd. Beide films moeten het vooral hebben van hun overdrevenheid, maar dit is gewoon waanzinnig slecht. Ik denk dat ik eindelijk ook vat waarom mensen game verfilmingen afkraken wanneer ze niet bekend zijn met het spel. Het is de eerste keer dat me dat gebeurt en de charme van de herkenning is dus onbestaande, iets wat me anders wel over de streep trekt. Wat rest is een volstrekt belachelijke en saaie film over een griet in een bikini die op zoek gaat naar een gestoorde wetenschapper. Chanbara Beauty is vooral ook een enorm voorspelbare film. Het duurt allemaal nog geen klein anderhalf uur, maar na 20 minuten had ik het eerlijk gezegd al wel gezien.

Maar kom, je moet dit soort films niet vanwege het verhaal zien. Het was me dan ook voornamelijk om de overdreven actie te doen, maar die slaagt werkelijk verschrikkelijk tegen. De gevechten zijn een paar van de lelijkste CGI momenten die ik ooit al heb gezien en de terugkerende gimmick met het bloed op de lens was de eerste keer al niet leuk. Ik ben best wel te vinden voor wat overdreven scènes, maar dit was gewoon zo enorm lelijk geschoten dat de lol er al snel vanaf was. Dat kleine intermezzo met in-game footage (?) zag er verdorie nog beter uit.

Breek me de mond dan nog niet open over die dikzak die heel de film zoals een idioot ligt rond te lopen. De enige twee die er nog iets van willen maken zijn Eri Otoguro (Aya) en Manami Hashimoto (Reiko) en die doen het nog behoorlijk. Elk ander aspect lijkt gewoon nergens naar.

0.5*

Ong Bak 2 (2008)

Alternatieve titel: Ong Bak 2 - The Beginning

Warrior. Conqueror. Legend

Het eerste deel van Ong-Bak was een onverwachte meevaller. Het was zelfs meer dan dat want het lanceerde in mijn ogen Tony Jaa als meester van de nieuwe generatie Bruce Lees en Jackie Chans. Toen mijn broer het 2e deel in een Double Disc Edition tegen kwam voor niet veel geld kon hij niets anders dan het meepakken. Het duurde een tijdje eer we hem konden zien maar vanmiddag kwam het er dan toch van.

Het gevoel dat na de aftiteling overheerste was dat toch van een teleurstelling. In het eerste deel was het plot compleet verwaarloosbaar maar zaten er wel uitermate coole gevechten en de nodige humor in de film. Jaa vond het blijkbaar nodig om naar de kritiek van zijn vorige film te luisteren en besloot hier dan maar om alles in touwtjes te nemen want zowel het script, het produceren en het film is van hem. Jammer genoeg neemt hij dan ook teveel hooi op zijn vork want het enige wat een verbetering is ten opzichte van het eerste deel is de hoeveelheid verhaal. Spijtig dat het zo'n verschrikkelijk saai verhaal was. Ik keek de film niet voor de verhaallijn maar juist om de gevechten en de humor maar die komen allebei totaal niet goed uit de verf. Van humor is er zelfs niet meer te spreken want de twee leuke side-kicks zijn verdwenen waardoor er niet meer veel te lachen valt. Het verhaal stopt trouwens ook wel vrij abrupt maar dat zal dan wel te maken hebben met het derde deel dat er zit aan te komen? Hopelijk dat dat deel dan iets meer linkt aan zijn voorgangers dan dat deel 1 en 2 dat doen want ik zie nog altijd niets dat op een verband tussen de twee films lijkt.

Ik zei het hierboven al, Jaa neemt teveel hooi op zijn vork. Hij laat zien dat hij nog altijd goed kan vechten maar de manier waarop het in beeld is gebracht is soms echt bedroevend slecht. Ook zijn er geen verbluffende scènes zoals de achtervolging in de straten meer en dat is toch wel jammer. Dan deed Prachya Pinkaew toch wel een betere job met de gevechten in beeld te brengen. Wat nog altijd wel goed is, is het gebrek aan draden bij de gevechten want Jaa kickt nog altijd ass en laat zijn kunstjes nog altijd met veel plezier zien. Het blijft dan alleen jammer dat hij dat zo weinig doet. Het is dan ook wachten tot op het einde om Jaa even total loss te zien gaan inclusief een geslaagde mythische insteek met de vreemde figuren en het olifanten gevecht.

Het enige wat bij beide films op hetzelfde niveau is, is het acteerniveau van de cast. Bijna nihil dus. Jaa zegt amper een paar zinnen maar knokt er liever op los. De andere personages komen op zich nog wel goed uit de verf maar zijn harder verwaarloosbaar dan de side-kicks uit het eerste deel. Dat is best wel raar want Jaa heeft hier zijn best gedaan om een deftig verhaal neer te zetten maar geen enkel personage springt er echt uit.

Teleurstellend vervolg. Jaa kan beter voor deel 3 en voor elke andere film die hij ooit zou willen maken de camera terug aan Prachya Pinkaew geven want zelf bakt hij er niet zo bijster veel van. De gevechten zijn nog altijd wel goed maar worden soms waardeloos in beeld gebracht.

3*

Ong-Bak (2003)

Alternatieve titel: Ong-Bak: Muay Thai Warrior

To fight for the honor of his village, he must unleash the ancient art of Muay Thai: 9 Body Weapons

Mijn broer is grote fan van dit soort vecht-films. Ik vind het allemaal wel leuk om eens te zien maar niet meer dan dat. Vaak lijkt het meer special effects te zijn dan echt vechten. Gelukkig vormt Ong-Bak hier een knappe uitzondering op.

Het plot is in Ong-Bak puur verwaarloosbaar. Een simpel verhaallijntje over een jonge knaap die goed kan vechten en het hoofd van een standbeeld (de Ong-Bak) moet gaan terughalen. Gaandeweg komt hij allerlei bad-guys tegen waar hij tegen moet vechten. De personages op zich zijn wel leuk. Zo zijn de twee side kicks bij vlagen sterk humoristisch en is het alleen jammer dat de bad-guy zo'n idioot is. Wat me opviel was dat hij aan het einde van de film ineens terug kon praten en geen elektrisch ding moest hebben? Soit, qua verhaal zou het dus een dikke onvoldoende maar het is Tony Jaa die dit letterlijk naar een dikke 4 sterren schopt.

Prachya Pinkaew laat zien dat je helemaal geen draden nodig hebt om een deftige vechtfilm neer te zetten want de stunts zien er prachtig uit. Wat ook leuk was, was dat je 9/10 keer wel een replay kreeg te zien van één van Jaa's trappen of elleboogstoten. Zag er trouwens allemaal vrij pijnlijk uit. Wat ook een pluspunt is, is dat Pinkaew de gevechten niet eindeloos laat duren maar de slechterikken laat groeien qua sterkte. Het eindgevecht duurt lekker lang maar Jaa's eerste tegenstander wordt uitgeschakeld door een simpele trap... De one-on-one gevechten zien er dus geweldig uit maar dat is maar een deel van het actiespektakel dat je te zien krijgt. Hoogtepunten zijn zonder twijfel de achtervolginsscène te voet waar Jaa er constant in slaagt om door de meest kleine gaten zo atletisch mogelijk door te geraken waardoor zijn achtervolgers niet kunnen volgen of de scène met de Thaise autootjes, al ging die er met al die ontploffingen en crashes er lichtelijk over.

Dit soort films moet je niet voor het acteren zien want je weet dat de cast toch is gekozen voor hun atletisch vermogen maar al bij al vond ik iedereen nog degelijk overkomen. Wongkamlao is bij vlagen lekker humoristisch en speelt zijn vrouwelijke helft, Yodkamol, dan vaak compleet weg maar uiteindelijk wordt de show toch gestolen door Tony Jaa. Ik kan me goed genoeg voorstellen dat ze hem de nieuwe Bruce Lee, Jackie Chan of Jet Li noemen. Eigenlijk is hij meer een mengeling van de drie maar hier gaan we zonder twijfel nog meer van horen.

Hopen dat deel 2 ook zo'n topper is.

4*

Onna Hissatsu Godan Ken (1976)

Alternatieve titel: Sister Street Fighter 4: Fifth Level Fist

Elegente Etsuko en de film die eigenlijk niet tot de reeks behoort

Met Sister Street Fighter 4: Fifth Level Fist is de Sister Street Fighter reeks ten einde gekomen. Grappig eigenlijk dat deze franchise een deel meer heeft weten verzilveren dan het grotere broertje. De cirkel is echter rond, want wie regisseert deze Fifth Level Fist? Niemand minder dan Shigehiro Ozawa: de regisseur van de eerste 3 Street Fighter films. Kwalitatief vind ik echter de Sister Street Fighter reeks beter, maar ik was wel benieuwd wat Ozawa er van ging maken.

Het wordt al wel vrij snel duidelijk dat dit geen vervolg is op de eerste 3 delen van Sister Street Fighter noch een vervolg op de Street Fighter franchise. Of dit een gevalletje American Ninja V is (waar de film oorspronkelijk American Dragons heette maar dat de productiemaatschappij besloot om de titel te veranderen om te kunnen cashen op het succes van de American Ninja reeks) weet ik niet, maar het wordt al vrij snel duidelijk dat dit niets te maken heeft met Koryu. Deze keer is het hoofdpersonage Kiku, een vrouw die aan martial-arts doet maar door haar ouders wordt tegengewerkt omdat zij haar liever zien trouwen met iemand respectabel en zodoende ook de kimonowinkel kan overnemen. Dat loopt allemaal in het honderd wanneer er (uiteraard) gangsters aan te pas komen en Kiku wraak gaat nemen. In dat opzicht ligt dit wel in het verlengde van Sister Street Fighter maar het is nu ook wel gewoon een vrij basic plot. De toon is echter anders, veel minder over the top, en dat doet de film best nog wel deugd.

Zo is er gewoon een betere balans tussen plot en actie en hoewel het dus geen wereldschokkend verhaal is vol met twists, blijft het wel boeien. Nu is dit met zijn 77 minuten nagenoeg het kortste deel in de reeks (op MovieMeter staat Return of the Sister Street Fighter ook op 77 minuten maar die voelde langer aan) en het tempo ligt daardoor ook vrij hoog. Toffe setting ook met een filmstudio die wordt gebruikt als cover voor een grote drugsoperatie en het gevecht dat daar uitbreekt is meteen het hoogtepunt in de film. Waar ik in de vorige films het gevoel had dat er regelmatig is naar een Bruce Lee film is gekeken, vraag ik me af of Lee het omgekeerde deed toen hij Kareem Abdul-Jabbar castte voor Game of Death. Ken Wallace is weliswaar niet zo indrukwekkend als Abdul-Jabbar maar staat toch overduidelijk zijn mannetje. Shihomi is echter het grote pluspunt aan deze films en doet dat hier ook weer goed. Jammer eigenlijk dat ze zo snel is gestopt met acteren.

Want op 30-jarige leeftijd gaf ze er de brui aan en verdween ze (bewust) uit de belangstelling. Een blitz-carrière noemen ze dat dan en afgaande op hetgeen ik nu met haar heb gezien, is het jammer dat we niet nog meer hebben. Ik moet dringend maar eens op zoek gaan naar een nieuwe voorraad, want met het zien van de Sister Street Fighter is er ook een einde gekomen aan ongeziene Shihomi films in de collectie..

3.5*

Onna Hissatsu Ken (1974)

Alternatieve titel: Sister Street Fighter

Elegante Etsuko

Zo'n 3 jaar geleden amuseerde ik me met de Street Fighter franchise met Sonny Chiba, al moet ik eerlijk toegeven dat ik net iets meer van de reeks in zijn geheel had verwacht, en ik was toen al van plan om me ook eens aan de spin-offs te gaan wagen: de Sister Street Fighter franchise. Het heeft eventjes geduurd maar een tijdje geleden de mooie Arrow release met de 4 films op de kop getikt en gisteren eens voor gaan zitten. Wat blijkt echter al snel? Met Street Fighter heeft dit weinig te maken.

Want Chiba speelt hier een compleet ander personage dan in de andere reeks en degene die verwacht hadden om Tsurugi terug te zien... Die komen dus redelijk bedrogen uit. Chiba heeft hier dan ook meer een veredelde bijrol en op zich is dat eigenlijk nog niet zo slecht. Qua plot is dit weliswaar allemaal redelijk 13 in een dozijn-achtig (Koryu probeert uit te zoeken wat er met haar broer is gebeurd en komt daardoor in een wespennest terecht) maar het is allemaal wel leuk en over the top. De film gaat duidelijk lenen bij films als Enter the Dragon (die klauw van bad guy Kakuzaki alleen al..) maar doet er ook nog voldoende zijn ding mee. Wat verwacht je dan ook van een slechterik die als hobby heeft om martial-arts vechters te verzamelen? Je krijgt er wat een Game of Death vibe bij en het is dan ook een beetje jammer dat de meesten nogal onderbelicht blijven. De Amazons Seven bijvoorbeeld krijgen maar erg weinig screentime en die blonde vrouw (karate als ik me niet vergis?) komt gewoon niet aan de bak.. Storen doet dat echter niet, gewoon omdat er hier genoeg te beleven is.

Ik was hier oorspronkelijk dan ook geïnteresseerd in geraakt dankzij Chiba, maar door deze film komt Etsuko Shihomi toch ook hoog op het lijstje te staan. Heel wat eleganter dan haar voorganger en minstens even cool. Zo'n scène als het jagen op vliegen met een tandenstoker.. Het blijft tof. Chiba zelf heeft hier trouwens ook nog altijd wel een aantal leuke scènes, maar het wordt nooit zo grotesk als bijvoorbeeld de X-ray slag uit de eerste Street Fighter. Veel verschillende vechters, veel verschillende stijlen en vooral veel verschillende personages. Zo is Masashi Ishibashi wel fijn als de arrogante Inubashiri (inclusief henchmen die compleet nutteloos zijn met hun idiote maskers) maar ligt de voornaamste bron van fun toch bij Shihomi. Dan wil je ze zelfs zo'n scène als die waar ze metershoog van een brug in het water valt en nadien terug zonder enige uitleg vlekkeloos opduikt gemakkelijk vergeven.

Ik heb in ieder geval zin in de 3 vervolgen. Hopelijk blijft de reeks iets stabieler qua kwaliteit ten opzichte van Street Fighter (die ging van 3.5* naar 3.0* naar 2.5*) maar deze film alleen al was bijna de aanschaf waard. Moest er trouwens nog iemand tips hebben voor films met Shihomi en/of Chiba: ik ben altijd wel geïnteresseerd! Liefst wel een beetje eenvoudig te vinden en niet te kostelijk.

Dikke 3.5*

Onna Hissatsu Ken: Kiki Ippatsu (1974)

Alternatieve titel: Sister Street Fighter: Hanging by a Thread

Elegante Etsuko maar dan zonder Coole Chiba

Het was nog maar 10 dagen geleden dat ik de eerste Sister Street Fighter had gezien, maar ik voelde het kriebelen om aan het tweede deel te beginnen. Geen idee waarom juist, want ik geef de film "maar" 3.5* en toch was ik echt benieuwd naar hoe de avonturen van Koryu zich verder gingen ontwikkelen. Hopelijk bleef de reeks wat consistenter dan de Street Fighter voorloper en zowaar? Dat blijkt het geval te zijn. Toegegeven, Hanging by a Thread is meer van hetzelfde en toch blijft het de moeite.

In de eerste plaats omdat Koryu gewoon een erg fijn personage blijft. Deze keer is het niet haar broer naar wie ze op zoek moet, maar een vroegere vriendin en nadien haar zuster. Een zuster waar ten tijde van het eerste deel nog geen sprake van was maar kom, wat maakt het allemaal uit als het als resultaat heeft dat Koryu het weer tegen een menigte aan martial-arts stijlen mag opnemen. Opnieuw een beetje dezelfde setup met een slechterik die de verschillende vechters "verzamelt" maar het resultaat blijft even vermakelijk. Gelukkig ook dat regisseur Kazuhiko Yamaguchi dat dit soort nonsens niet te lang moet duren en besluit hij al redelijk snel tot bij de grote slechterik te komen. Die komt uiteraard op een gepaste manier tot zijn einde, op een wijze die wel erg over the top is maar dat was in de voorganger ook al zo, en dan resten er vooral eigenlijk nog een aantal erg mooie shots.

Zeker Koryu die op weg is naar de grote baas met die rode achtergrond.. Je zou het zo willen inkaderen. Die Koryu wordt (gelukkig) nog altijd gespeeld door Etsuko Shihomi en die blijft het toch wel erg fijn doen. Ik snap trouwens niet waarom ik de vorige keer de link niet heb gelegd, maar hier deed ze me een aantal keer erg hard aan Chun-Li uit de Street Fighter (geen relatie met de Chiba films) games denken. Deze keer dus geen Sonny Chiba en die wordt eigenlijk een beetje vervangen door Yasuaki Kurata. Die weet vooral naar het einde toe te overtuigen en verder is het opnieuw genieten van Masashi Ishibashi. Die speelt deze keer een compleet ander personage ten opzichte van de eerste Sister Street Fighter maar doet dat ook deze keer erg tof. Sowieso wel weer een leuke bonte verzameling van vechtstijlen en noem het gemakzuchtig maar ik vind zo'n freeze frame met dan de uitleg welke vechtstijl het is wel iets hebben.

Meer van hetzelfde dus maar ik vraag me af of iemand iets anders heeft verwacht. Vreemd genoeg heeft het vierde deel meer stemmen dan het derde deel (al zit er met respectievelijk 3 stemmen voor deel 4 en 2 stemmen voor deel 2 niet veel verschil) maar ik kijk er in ieder geval naar uit om ze allebei te zien. Het vierde deel staat hier echt redelijk los van als ik me niet vergis maar zolang het met Shihomi is.. Dan ga ik niet klagen.

3.5*

Open Season (2006)

Alternatieve titel: Baas in Eigen Bos

The woods is no place for a bear!

Ik was gisteravond wat aan het zappen en deze film begon juist. Normaal gezien niet echt een film waar ik speciaal voor zou gaan zitten maar de verveling sloeg toe en ik bleef maar even kijken om te zien wat het zou geven. De eerste indruk was niet al te speciaal maar de aanwezigheid van Kutcher en het feit dat ik toch niets beter had te doen zorgden ervoor dat ik deze maar verder keek.

En op zich is nog wel een redelijk leuk filmpje geworden. De combinatie Boog - Elliot doet wel erg hard denken aan Shrek - Donkey (vooral tussen Elliot en Donkey lijkt amper verschil te zijn) maar heeft een aantal geslaagde scènes. Voor de rest is heel het verhaal natuurlijk zo voorspelbaar als iets maar dit heeft als gevolg dat het een zekere charme krijgt. Je zit heel de film halsreikend uit te zien naar de climax waarin de bosbewoners het tegen de mensen gaan opnemen en die stelt dan ook niet teleur. Vooral dankzij de aanwezigheid van een aantal erg leuke bijrollen zoals McSquizzy en Ian, het andere hert. Open Season is vooral een film die je kunt opzetten wanneer je in een ietwat melige bui bent, de vervolgen ga ik dan ook aan me voorbij laten gaan, en in dat opzicht leveren de drie regisseurs wel goed werk. Je moet je alleen verwachten aan een aantal scènes die even goed uit een film van de concurrentie zoals Shrek of Ice Age kunnen komen. Qua animatie valt dit allemaal nog best mee. Het was de eerste grote film voor Sony Pictures Animation en dat is er ergens wel aan te zien. Persoonlijk vind ik dit allemaal er te digitaal uitzien (geef mij maar de old-school Disney stijl) maar het merendeel van de scènes zien er nog redelijk uit.

Niet echt meteen een goede keus om Martin Lawrence in de film de hoofdrol te geven. Sowieso al een acteur die voor mijn part geen hoofdrol moet hebben in een film maar zijn stem lijkt de helft van de tijd helemaal niet bij Boog te passen. Ik kan er niet juist mijn vinger op leggen maar ik had liever iemand anders in de hoofdrol gezien. Dan doet Kutcher het een stuk leuker als Elliot. Sowieso wel een fan van Kutcher, als Kelso in That '70s Show heeft hij me menig keer doen lachen, maar dit gaat hem ook perfect af. Frappant eigenlijk dat Lawrence en Kutcher elkaar blijkbaar nooit hebben ontmoet op de set. Ook tof om Debra Messing uit Will & Grace een bijrol als Beth te horen vertolken. Haar stem haal je er ook nogal makkelijk uit maar ze doet het ook leuk. Zelfde geld voor Patrick Warburton trouwens die hier de rol van Ian, het hoofd van Elliot's kudde vertolkt. De naam op zich zegt misschien niet zoveel maar zijn stem is zo enorm kenmerkend uit Rules of Engagement en Family Guy. Eén woord en je weet meteen met wie je te maken heeft. Perfecte rol ook voor Warburton.

Vlot tussendoortje dat het vooral moet hebben van de randpersonages. Lawrence is in mijn inziens een slechte keuze voor Boog maar de rest van de cast maakt veel goed. Animatie ziet er degelijk uit maar springt nergens in het oog en het verhaal is standaard. Toch, het was geslaagd tijdverdrijf.

3*

Operation Pacific (1951)

Oh, all right I guess, sir... the things those Hollywood guys can do with a submarine

Ruwweg kun je het oeuvre van John Wayne in twee thema's onderverdelen: je hebt zijn Westerns en je hebt zijn oorlogsfilms. Hoewel het één van mijn favoriete acteurs is, is het me al vaker opgevallen dat ik die laatste categorie niet altijd even goed kan waarderen. In dat opzicht verwachtte ik ook niet bijzonder veel van deze Operation Pacific, maar uiteindelijk toch maar eens opgezet. Geen idee of het kwam omdat ik al lage verwachtingen had, maar vond dit uiteindelijk erg leuk.

De film opent met een eerbetoon aan de talloze doden tijdens de Tweede Wereldoorlog en eerlijk gezegd, dat vind ik meestal geen goed teken. Hoogstwaarschijnlijk resulteert dat in een film die bol staat van het patriottisme en bij Operation Pacific is dat ook het geval. Het verrassende is echter dat het hier wel vrij goed werkt. Regisseur George Waggner levert een naar mijn gevoel waarheidsgetrouwde film over het leven in een duikboot (Vice Admiraal Charles A. Lockwood fungeerde als technisch adviseur) en het is juist deze microsamenleving waarmee de film extra punten scoort. Je voelt dat de crew nogal hard aan elkaar hangt, geweldig moment ook wanneer Duke zijn manschappen uit de gevangenis moet gaan halen, en verder oogt de combinatie met echte oorlogsbeelden (?) erg realistisch. Uiteraard moet er ook nog een romance verweven worden in het verhaal, maar zelfs die blijkt niet geforceerd te zijn.

Wat eerlijk gezegd een zeldzaamheid is in het oeuvre van Wayne. Meestal oogt hij erg houterig wanneer hij de meer romantische toer moet opgaan en hoewel hij hier toch ook vooral zijn vertrouwde rol kan spelen, is de chemie met Patricia Neal tof om te zien. Vreemd genoeg boterde het tussen hen beide niet, al zou hen dat niet tegen houden om jaren later nog eens samen te spelen in In Harm's Way, maar daar is dus op het scherm weinig van te merken. Wayne doet hetzelfde kunstje als gewoonlijk, maar blijft dat geweldig doen. Grote rol ook nog voor Ward Bond, die duikt altijd wel ergens op in een film met John Wayne, en verder spreekt vooral de crew van de duikboot tot de verbeelding.

Ben wel benieuwd eigenlijk hoe George Waggner hier uiteindelijk bij betrokken is geraakt. Ik ken hem alleen maar van The Wolf Man en afgaande op een deel van zijn oeuvre heeft hij wel veel van dat soort horror/science fiction films gemaakt. The Fighting Kentuckian was een eerdere samenwerking tussen Waggner en Wayne en zou een klassieke Western zijn, ben benieuwd!

4*

Operation Petticoat (1959)

Excuse me, sir, is this normal, or should I be nervous again?

Een film met Tony Curtis en Cary Grant, dat kan niets anders dan de moeite waard zijn. Toch was Operation Petticoat een film die al geruime tijd op mij lag te wachten en daar is eigenlijk een erg simpele reden voor: ik ben niet zo'n fan van films in dit genre. Obligatoir al wel eens een paar meegenomen (vooral als het een film is met een regisseur/acteur/actrice die ik graag aan het werk zie) maar op zich sprak me dit dus niet meteen aan. Ik had echter nog wel eens zin in een ouderwetse Hollywoodfilm en hier dus maar voor gaan zitten.

Lange tijd leek het erop uit te draaien dat Operation Petticoat wel eens de uitzondering op de regel zou kunnen worden. Een humoristisch getinte film waarbij een Lieutenant Commander tegen wil en dank wordt opgescheept met een hulpje van een admiraal die een heuse con-artist blijkt te zijn. De ene gekke toestand na de andere stapelt zich op (onder andere een roos geverfde duikboot en het stelen van een stuk muur, een scène die zomaar uit M*A*S*H zou kunnen komen) en het is best genieten van de wisselwerking tussen Sherman en Holden. Het probleem is echter dat de film naarmate hij vordert meer en meer begint te slepen. Toegegeven, de zet met het aan boord brengen van een aantal vrouwelijke officieren was nog een goed idee maar dan nog eens hetzelfde kunstje, deze keer met zwangere vrouwen, uithalen? Dat was wat overkill. Het is dan ook jammer dat regisseur Blake Edwards hier niet wat meer in geknipt heeft en dit compacter heeft gemaakt.

Cary Grant heeft lange tijd getwijfeld of hij eigenlijk niet te oud was voor dit soort rollen en ik moet hem eigenlijk gelijk geven: hij is effectief te oud. Dan mag je hem in het begin van de film nog grijze haren geven zodat hij er in de flashbackscènes (wat eigenlijk praktisch de gehele film is) er terug wat jonger uitziet, maar het is maar een kleine plakker op een nogal grote wond. Verder weinig op Grant aan te merken trouwens. Blijft één van de beste acteurs uit zijn periode en met Tony Curtis heb je een erg leuke tegenspeler. Curtis doet hier weer zijn vertrouwde ding en doet dat goed. De film steunt dan ook vooral op deze tandem, maar ook qua bijrollen weinig op aan te merken. De crew van de Sea Tiger hangt kameraadschappelijk aan elkaar (alleen beetje jammer dat sommigen - zoals Prophet - gewoon ineens uit de film lijken te verdwijnen) en nog een vermakelijk stelletje vrouwen om genoeg wisselwerking te bieden tussen al dat mannelijk geweld.

Ben er nog niet goed uit of ik Blake Edwards nu een goede regisseur vind. Breakfast at Tiffany's blijft een klassieker, Operation Petticoat is al wat minder en met die Pink Panther saga kan ik tot nu toe bijzonder weinig. Wil nog wel eens wat meer van de man gaan zien, maar denk dat ik me toch eerder op het oeuvre van Grant en/of Curtis ga toespitsen.

2.5*

Ordonnans, De (1962)

Alternatieve titel: At the Drop of a Head

Ik ben de ordonnans van Napoleoeoeon

De Ordonnans is een vreemde film in het Vlaamse filmwereldje. Producer Jaak Verdyck had het idee gekregen om Vlaamse speelfilms te maken die de nodige Hollywood allures had en richtte zijn eigen productiefirma op. Om te kunnen doorbreken op de Engelstalige markt besloot Verdyck zijn films in twee talen te filmen. Niet simpelweg te laten dubben, maar effectief de ene scène in het Nederlands filmen en nadien zelfde scène in het Engels. Er werd een gigantisch budget vrijgemaakt en toen de film na vele beslommeringen af was, was het blijkbaar een gigantische flop.

Beslommeringen bijvoorbeeld in de zin van meerdere regisseurs. De eerste regisseur (William S. Edwards) werd buiten gebonjourd wegens rushes waar niets mee aan te vangen was, tweede regisseur (Charles Frank) werd aan de kant werd geschoven doordat hij de continuïteit niet kon bewaren (onder andere sets die al waren afgebroken of personages die ineens verdwijnen) en uiteindelijk is het Jef Bruyninckx, bekend van De Witte, die heel de boel nog moet zien goed te krijgen. Hij doet op zich nog wel een degelijke poging als je het mij vraagt. Best wat bizarre humor (Bobbejaan die naamkaartjes ligt te eten) en veel schoon vrouwvolk (blijkbaar waren de diepe decolletés de bijdrage van Charles Frank) maar het sleept allemaal wel op den duur. Naar het einde toe ontsnapt Bobbejaan aan de belagers van Napoleon door in het Brabo standbeeld op de Groenplaats in Antwerpen (!) te kruipen en passeert hij zelfs nog even langs Het Steen aan de Schelde. Tof om te zien als je van de streek bent, maar het slaagt natuurlijk nergens op als de film zich afspeelt in Frankrijk. Sowieso al vreemd dat iedereen Nederlands spreekt, maar dat terzijde.

Soit, Bobbejaan Schoepen dus. Naar het schijnt zou Verdyck voor hem hebben gekozen omdat hij hem aan een Vlaamse Bob Hope deed denken en ik moet zeggen, Schoepen doet het niet zo klungelig als ik in eerste instantie had verwacht. Film vult denk ik trouwens ongeveer een halfuur met de nodige liedjes van Bobbejaan en de Belgische gitaargroep The Cousins mag ook nog hun grootste hit, Kili Watch, even komen tentoonstellen. Verder zijn in de bijrollen nog onder andere Nand Buyl als vlooientemmer die Bobbejaan de vlooien verkoopt en Ann Petersen als secretaresse in het eerste talent agentschap te zien. Voor het overige wat schoon vrouwvolk (Denise De Weerdt en Eve Eden onder andere) die de film wat opfleuren. Charles Frank staat trouwens gecrediteerd als de professor, maar hij speelde die rol enkel in de Engelse versie.

Naar het schijnt zou die Engelse versie beter zijn omdat de humor beter tot zijn recht komt, althans toch volgens de groep Dead Man Ray (bestaande uit onder andere Daan) die eind jaren '90 met die versie begonnen te touren. In ieder geval begon dit vrij leuk, maar eenmaal Bobbejaan goed en wel bij Napoleon zit verliest het wat zijn charme. Het einde met Waterloo is er dan ook helemaal teveel aan.

2.5*

Orfanato, El (2007)

Alternatieve titel: The Orphanage

Un cuento de amor. Una historia de terror

Ik was al geruime tijd benieuwd geraakt naar El Orfanato maar toen ik hem een tijd geleden had opgezet met mijn broer hebben we de film niet kunnen uitzien. Het kwam er de dagen nadien ook niet van om de film verder te zien dus besloten we x aantal maanden te wachten en de film dan terug van in het begin op te zetten. Gisteravond waren die x aantal maanden dus afgelopen en keken we vol verwachting naar Bayona's debuutfilm.

Met volle verwachting omdat de REC reeks een hoge lat heeft gelegd voor de Spaanse horrorfilm en ik hoopte dat El Orfanato die zou kunnen bereiken. En het komt er jammer genoeg niet helemaal uit want daarvoor is de film iets te traag, zeker in het begin. Er zijn maar weinig schrikmomenten en de film lijkt in het begin alleen maar uit dialoog te bestaan maar gelukkig begint het allemaal wel op gang te komen wanneer Simon verdwijnt. Wat daarna volgt is een vermakelijke film (met nog altijd iets te weinig schrikmomenten) die vooral met zijn einde nog punten weet te scoren. Ik had de opsluiting van Simon helemaal niet zien aankomen en werd daar dan ook erg aangenaam door verrast. Even hield ik nog mijn hart vast toen bleek dat Simon weer levend was maar Bayona weet dit euvel erg mooi op te vangen en maakt er op zich nog een erg mooi einde van. Het blijft dan ook eeuwig zonde dat de film in het eerste deel nogal vaak de bal ernaast slaagt qua logische scènes. Benigna die daar zonder kaak ligt en mond-op-mondbeademing krijgt, Simon die even helemaal alleen in de grot mag gaan rondlopen, ... Mocht dit net iets beter zijn uitgewerkt dan had er wel een halfje extra in kunnen zitten.

Wel een opvallend sterke cast. Belén Rueda is uitstekend in de rol van Laura en weet haar personage te laten overkomen als iemand van vlees en bloed. Normaal gezien veranderen dit soort personages nogal vaak in hysterische taferelen maar hier is daar gelukkig niets van te merken. Ook de kleine Roger Príncep die de rol van Simon op zich neemt doet dit erg goed. Het begint me op te vallen dat kinderen tegenwoordig beter en beter beginnen te acteren in films, een evolutie die me wel aanstaat. Visueel is dit trouwens ook nog wel de moeite waard. De setting van vroegere weeshuis is sowieso al wel iets dat altijd interessant is bij dit soort films maar de grotten bijvoorbeeld helpen goed mee aan de sfeer. Alleen ook hier weer zonde dat de regisseur er niet altijd alles weet uit te halen. Zo wordt dat seance/exorcisme gedoe ontzettend goed in beeld gebracht maar verwacht je gewoon nog net iets meer wanneer Aurora de geesten begint te zien. Opeens zit ze weer op haar stoel en c'est tout.

El Orfanato is een debuutfilm van een regisseur met veel potentie. De setting is goed, het verhaal is degelijk en de cast is sterk maar vanwege de trage opbouw (en ook wel ergens het label horror) komt de film niet altijd tot zijn recht. Het einde redt de film grotendeels.

3.5*

Orphan (2009)

Alternatieve titel: Orphan Esther

There's something wrong with Esther

Normaal gezien had ik vandaag 2 uur Mat-Toepassingen, 2 uur middagpauze en 2 uur Systeemanalyse maar toen ik op school aankwam bleek dat de leerkracht voor de eerste 2 uur ziek was dus ik had opeens een gat van tijd en maar weinig mogelijkheden om deze te vullen. Ik deed eerst wat schoolwerk maar toen ik dat beu was, en nog zo'n dikke 2 uur had te gaan, kwam ik tot de conclusie dat ik nog ergens een film op mijn laptop had staan en na wat gezoek bleek dat deze Orphan te zijn. De speelduur kwam netjes uit dus zette ik me op een gemakkelijke stoel, oortjes in en kijken maar.

Eerlijk gezegd verwachte ik een andere film. Dat kwam omdat ik dacht dat het over Orfanato, El (2007) ging en mijn verbazing was dan ook groot dat er ineens Engels werd gesproken. Nu op zich niet erg want Orphan op zich leek me ook wel wat dus bleef ik maar voort kijken, vooral door een wel erg sterke droom sequence. Met reden want Orphan is een erg sfeervolle en spannende thriller geworden dankzij een rustige maar stevige opbouw. Jaume Collet-Serra neemt meer dan genoeg tijd om de personages uit te diepen (al had ik wel iets meer over Esther willen weten) maar slaat jammer genoeg de bal op het einde mis. Ik heb het niet over de twist waarin Esther een 33jarige dwerg blijkt te zijn, die vond ik zelfs nog erg uitstekend, maar het wordt gewoon weer eens veel te lang uitgespeeld want Esther overleeft werkelijk alles. De film kent op zich niet zo bijster veel 'verschiet momenten' maar probeert dit blijkbaar naar het einde toe goed te maken door Esther elke keer terug opnieuw te laten opduiken wanneer je denkt dat het allemaal over is. Ontzettend jammer want het doet een serieuze afbreuk aan de spanning en sfeer van de film. Gelukkig is dit pas helemaal op het einde van de film en weet Collet-Serra zijn hoofdpersonage, Esther, wel heerlijk weer te geven. Orphan kent dan ook een aantal erg memorabele scènes zoals het breken van haar eigen arm door een bankschroef of de spanningsopbouw wanneer Esther het meisje van dat speeltuig duwt.

Sterke opbouw dus, al voelt het natuurlijk soms wel aan als een soort van vrouwelijke Omen maar langs de andere kant vindt ik dat ook een uitstekende film dus mij hoor je niet klagen. Orphan kent voor mij een groot aantal onbekende acteurs maar er is er toch wel eentje die compleet de show steelt, ik heb het natuurlijk over Isabelle Fuhrman die de rol van Esther vertolkt. Normaal gezien ben ik echt niet te vinden voor de aanwezigheid van kinderen in een film, ze kunnen de film echt serieus verzieken, maar Fuhrman is wel de drijvende kracht achter de film. Ze is nog maar 13 jaar maar vertolkt de rol van Esther op zo'n hoog niveau dat het lijkt alsof ze al jaren acteert. Het schijnheilige, het manipulatieve, het omslaan van vriendelijk naar duivels, ... Ze doet het allemaal werkelijk fantastisch. Vera Farmiga en Peter Sarsgaard vormen een mooi koppel maar verliezen wat krediet door de soms tenenkrommende trekjes van hun personages. Zo is de vader te hard bezig met zijn geadopteerde dochter te geloven dan zijn eigen vrouw en draait de moeder wel erg snel door, niet echt verwonderlijk maar wel erg snel. De scènes met de psychiater behoren dan ook wel tot het minste uit de film doordat hier te hard wordt geprobeerd om deze trekjes nog eens uit te vergroten. De overige kinderen, twee om eigenlijk correct te zijn, zijn van een gemengd niveau. Jimmy Bennett is zo'n voorbeeld waarom ik niet graag kinderen in een film zie, irritant ventje, maar gelukkig is Aryana Engineer er nog om de boel recht te trekken. Ontzettend schattig meisje maar vooral een erg goede actrice, zeker en vast voor zo'n jonge leeftijd. De gebarentaal kwam erg geloofwaardig over, niet zo moeilijk als je bekijkt dat ze zelf een tikkeltje doof is en haar moeder helemaal, maar je moet het toch maar afbrengen.

Erg sterke film die door een paar minpuntjes niet op een 4.5* terecht komt. Vraag me af of de film zich met een 2e keer zien dezelfde status kan behouden maar nu schiet toch het sterke acteerwerk van de cast (vooral de dochters) en de goede opbouw er boven uit.

4*

Orrori del Castello di Norimberga, Gli (1972)

Alternatieve titel: Baron Blood

Mario Bava flikt het hem weer

Het is eigenlijk puur toevallig dat ik ooit met Mario Bava in contact ben gekomen. Zowel mijn broer als ik zijn fan van de groep Black Sabbath en lange tijd geleden kwamen we dan ook een gelijknamige film tegen. Toen meegepakt omdat het met de immer geweldige Boris Karloff was en omdat ik altijd wel benieuwd ben naar de origine van bandnamen of verwijzingen naar films. In ieder geval, de film beviel ons allebei en niet lang daarna vonden we deel 3, 4 en 5 in de Mario Bava collectie van Green Cow (waar Black Sabbath nummer 2 van is) dus pakten we die ook maar ineens mee. Gisteren de laatste van de reeks opgezet die we nog moesten zien en wederom weet Bava er weer een leuke film van te maken.

De enige film die eigenlijk enorm tegenviel was House of Exorcism maar dat kwam omdat de film helemaal verkloot is en dat er eigenlijk twee verschillende versies bestaan. Soit, dat heeft er op zich nu niet veel mee te maken. Al kreeg ik het toch even warm wanneer de oersaaie en totaal niet gepaste intro maar bleef duren. Ik verwachtte een horror film en kreeg een of andere promotiefilm voor een luchthaven. Niet echt wat ik hoopte maar gelukkig wordt het daarna een stuk beter. Vreemd eigenlijk want Baron Blood is een film die bol staat van de stomme acties die de hoofdpersonages doen en ook het verhaal zelf lijkt soms compleet op hol te slaan. Het is echter een geweldige sfeeropbouw die ervoor zorgt dat je blijft kijken en waardoor de film langzaamaan in je kleren kruipt. Bava lijkt als geen ander sfeer te kunnen benadrukken (in tegenstelling tot Dario Argento die enorm wordt geroemd maar geheel onterecht, dat terzijde) maar weet hiermee ook met alles weg te komen. Het oproepen van een geest om eens oog in oog te staan met een voorouder, als je wilt ontsnappen aan iemand vlucht je blijkbaar het beste naar het hoogste punt van het kasteel en nog zoveel meer. De film rammelt op veel manieren maar vervelen doet hij niet.

In Baron Blood is er naast de sfeerschepping ook sprake van een leuke cast. Elke Sommer viel me voor het eerst op in het voor de rest waardeloze A Shot in the Dark en nadien in het bovengenoemde House of Exorcism en elke keer was ze daar een genot om naar te kijken. Het blonde haar, de mooie ogen, ... Heerlijk! Let vooral ook op de verschillende outfits die Sommer gedurende de film aan heeft. Iedereen wisselt wel wat van kleren maar loopt toch meestal in het zelfde plunje rond maar zij heeft in elk shot wel iets anders aan. Wat me deze keer ook opviel is dat ze eigenlijk totaal niet kan acteren. In de vorige films dacht ik dat het niet aan haar lag maar zelfs met de beste wil ter wereld kun je je er niet van weerhouden om af en toe uit te barsten in lachen met één of andere stomme actie van Sommer. Maar toch weet ze er wederom mee weg te geraken, al was het wel op het nippertje. Ter hare verdediging, zelfs een veteraan acteur zoals Joseph Cotton komt af en toe lachwekkend over maar dat is voornamelijk door zijn personage. Wat het meest tot de verbeelding spreekt is hoe Becker, met zijn rolstoel, overal in het kasteel kan ronddwalen. Toegeven, uiteindelijk blijkt dat hij helemaal niet in een rolstoel zit maar dat neemt niet weg dat de rest van de personages het toch ook zouden moeten doorhebben. Met Nicoletta Elmi als de dochter van Hummel heeft Bava trouwens wel het meest irritantste kind ooit in de geschiedenis van de cinema weten te casten.

Vierde film die ik van Bava zie en de derde film die op een dikke voldoende kan rekenen. Bava weet als geen ander sfeer in beeld te brengen en de klungeligheid van Sommer en Cotton geven de film zowaar nog iets extra. Dat het verhaal rammelt en dat de cast over het algemeen slecht is, maakt niet veel uit want het is genieten. Ik heb me in ieder geval goed geamuseerd.

3.5*

Orson Welles, Autopsie d'une Légende (2015)

Alternatieve titel: Orson Welles: Shadows & Light

Wikipedia Welles

2015 is het jaar waarin regisseur Orson Welles 100 jaar zou zijn geworden. Om dat te vieren zijn er twee documentaires uitgekomen (deze en This is Orson Welles) en afgaande op het niveau van die laatste verwachtte ik hier eerlijk gezegd ook niet enorm veel van. Wederom een documentaire van ongeveer een uur, maar dat nam toch niet weg dat ik dit nog altijd wel een kans wou geven. De Fransen zijn namelijk altijd net iets beter precies in documentaires, zo vond ik Marilyn - Dernières Séances van Patrick Jeudy wel sterk.

Al werden de verwachtingen wel wat getemperd toen ik zag dat van dezelfde regisseuse was als van de documentaire Un Écran Nommé Désir. Soit, zoals verwacht voelt Shadows & Light aan als iets waar meer mee gedaan had kunnen worden. Dit voelt dan ook meer aan als een soort van verfilmde Wikipedia pagina waarin eventjes vlotjes langs de belangrijke punten in het leven van Welles (War of the Worlds, Citizen Kane, de problemen rond het financieren van zijn films, ...) wordt gegaan. Het lijkt bovendien wat een herhaling te zijn van This is Orson Welles (inclusief de aanwezigheid van Henry Jaglom), maar daar wil ik deze docu nu niet te hard op afbreken aangezien ze op het gelijktijdige moment zijn uitgekomen. In ieder geval interessant voor de mensen die eens een eerste blik willen werpen op het leven van Welles, maar voor de liefhebber is dit denk ik wat aan de magere kant.

Een paar talking heads dus waarvan één Henry Jaglom is. Hij wordt bijgestaan door David Thomson en Joseph McBride (beide auteur van een boek over Orson Welles) en die hebben wel wat interessants te vertellen. Het leukste blijft echter de archiefbeelden van Orson Welles. Volgens mij van hetzelfde interview uit de jaren '80 waar de andere docu ook gebruik van maakte, maar dat deerde me niet. Vind vooral dat laatste stuk waar Welles als een gebroken man aan tafel zit nog altijd even hartverscheurend. Er is ook nog plaats voor archiefbeelden met Jeanne Moreau en Charlton Heston (die blijkbaar verantwoordelijk is voor het feit dat Touch of Evil geregisseerd werd door Welles) en dat maakt de zit nog wel waard.

Mjah, leuk om eens gezien te hebben omdat Welles zo'n imposant figuur is en de archiefbeelden interessant zijn. Voor het overige is dit een documentaire die vooral erg op de oppervlakte blijft. Ik blijf erbij dat een uur voor het leven van Welles simpelweg te kort is. 2015 is niet meer zo lang maar misschien toch nog kans op een degelijke docu?

3*

Oscar (1967)

Louis de Funés en de langdurige woede-uitbarsting

Ik ben me pas recent beginnen interesseren voor het overige oeuvre van Louis de Funés. Ik had de Gendarme reeks vorige zomer gezien maar met uitzondering van La Grande Vadrouille was het daarbij gebleven. Een tijd geleden op wat rommelmarkten een aantal boxsets van de Franse komiek kunnen scoren en die langzaamaan eens beginnen zien. Met Oscar ben ik alweer bezig aan de derde box en is het tegelijkertijd een kennismaking met één van de beste films van de Fransman.

Qua verhaal is dit in ieder geval al wel één van de vermakelijkste films die ik tot nu toe ben tegen gekomen van de acteur. Een lekker chaotisch plot dat vanwege zijn korte speelduur (volgens mij duurde mijn versie zelfs maar zo'n 80 minuten) nooit weet te vervelen. Het is dan ook erg amusant om te zien wat voor een hoog tempo de film heeft. Misverstand na misverstand na misverstand wordt op je afgevuurd en je krijgt amper pauze om tot rust te komen. Gelukkig worden de misvattingen ook nergens onlogisch en blijf je gewoon sympathie houden voor Bertrand. Dat het een verfilmd theaterstuk is, dat spat van het scherm af maar dat kan gelukkig de pret niet deren. De grote villa is dan ook de perfecte locatie voor dit soort spelletjes met een steeds verdwijnende koffer. Heerlijk up-tempo verhaal dus.

Maar dit is ook erg leuk gewoon omdat dit één langdurige show van de Funès is die continu ligt te roepen en te tieren dat het niet meer schoon is. Hij gaat werkelijk compleet over de rooie en slaagt er in om zelfs nog net dat beetje extra te geven wanneer hij muisstil op een bankje gaat liggen. Zelden zo moeten lachen bij een film van de Funès maar dit doet hij werkelijk geniaal. Alleen zo ontzettend jammer van Agathe Natanson die de dochter, Colette, speelt. Nog nooit zo een irritant personage geweten met haar continue gejank. Ik werd er gewoon pissig van als ze in beeld kwam. Langs de andere kant was het dan wel heerlijk wanneer ze weer haar mond open doet om te gaan huilen maar dat de Funès dat gewoon onderbreekt door zelf te liggen roepen. Claude Rich is trouwens ook een uitstekende tegenspeler voor de kolderieke de Funès. Volgens mij nog niet eerder tegen gekomen in een film maar van mij mag hij gerust wat meer samenspelen met één van Frankrijk's grootste komieken. Ook leuk om Paul Préboist nog te zien verschijnen in een verlengstuk van zijn rol in Le Grand Restaurant. Blijft toch ook een geweldig klankbord voor Louis de Funès.

Volgens mij kun je dit nog meer waarderen wanneer je de Franse taal machtig bent. Ik was nu verplicht om terug te vallen op de ondertiteling maar ik vermoed dat er nog een hoop dubbele bodems zijn die er niet uitkwamen in de vertaling. In ieder geval blijft dit zelfs met Nederlandse vertaling één van de hoogtepunten van Louis de Funès die hier compleet uit de bol gaat. Taxi, Roulotte et Corrida is nog net iets beter maar dit is een erg aangename tweede.

4*

Ossessione (1943)

Alternatieve titel: Obsession

Mijn 4e Visconti en gelijk ook de minste tot nu toe

Ossessione is Visconti's debuut en dat is er aan te merken. Hij zorgt hier al wel voor een knappe karakter ontwikkeling maar maakt het echter allemaal veel te langdradig. De film had misschien veel beter tot zijn recht gekomen als er toch een halfuur in gesnoeid was.

Zoals hierboven gezegd wordt het allemaal te saai vertelt. Tegen dat de moord op Bragana plaats vind ben je al in de helft van de film. Wat trouwens ook irritant was, maar daar kan de film zelf niets aan doen, is dat op de hoes een ander verhaal wordt weergegeven dan dat zich eigenlijk voordoet. Daar wordt nog gesproken over een chanteur en ook wordt er net zoals hier gezegd dat ze Bragana vermoorden voor de verzekeringspremie maar dat slaagt ook nergens op want Gino wist niets van deze verzekering...

Ook de acteurs sloegen een beetje tegen. Er was totaal geen chemie tussen Calamai en Girotti, op de prachtige eindscène na dan, maar je miste ook de sfeer die Visconti in zijn latere films wel weet te halen. Ook visueel slaagt het allemaal wat tegen en valt het zelfs in het niets tegenover een Notti Bianche of Gattopardo.

Maar dan verschijnt die geweldige eindscène dat toch heel veel goed maakt. Meer zelfs, het duwde de film dicht tegen de 4* aan. Eindelijk laat Visconti hier zijn kunnen zien waar ik in zijn andere films ook zo van hou. Prachtig hoe Giovanna vertelt over hun baby en hoe dat hun leven zal veranderen om dan uiteindelijk perongeluk de klif af te rijden waar Giovanna sterft en waar Gino toch wordt opgepakt door de politie.

3.5*

Other Boleyn Girl, The (2008)

The Other Boleyn Girl

Kostuumdrama's zijn niet echt mijn ding en dat bewijst de Other Boleyn Girl weer eens. De enige reden dat ik de film wou zien was eigenlijk alleen maar voor miss Johansson.

Geen idee of het historisch allemaal klopt, boeit me eigenlijk ook niet in zulke films maar op den duur begon het echt saai en verwarrend te worden met de verschillende intriges tussen Portman, Johansson en Bana. Acteerprestaties waren ook niet denderend. De enige goeie was Portman (vooral op het einde laat ze haar klasse zien) maar Johansson had hier helemaal niets te zoeken. Dan zie ik haar liever in andere rollen spelen want ze paste helemaal niet in de film. Trouwens elke keer dat ik Bana zag moest ik denken aan clown en barstte ik in lachen uit, lijkt me ook niet echt de bedoeling. Visueel ziet het er soms wel mooi uit, zo was die openingsscène waar je Anne, Mary en de broer wiens naam ik ben vergeten wel knap.

Het verhaal achter de Other Boleyn Girl lijkt me wel interessant maar komt hier toch niet uit de verf.

1.5*

Other One: The Long, Strange Trip of Bob Weir, The (2014)

The weird life of Bob Weir

Ik leerde The Grateful Dead voor het eerst kennen op een goedkope onofficiële Woodstock CD. Hoe weet ik dat het een onofficiële versie is? Wel, omdat de performance van de groep (ze spelen Turn on Your Lovelight met Janis Joplin) helemaal niet van Woodstock is, maar van Fillmore West in 1969. Het is één van mijn favoriete live-nummers tout court en in mijn zoektocht naar de oorsprong van het nummer ben ik heel veel van de band beginnen opzoeken.

En zodoende ben ik fan geworden. En blijkbaar ben ik op de juiste moment fan geworden, want in het jaar 2014 bleek er opeens een documentaire te worden uitgebracht over één van de leden van de groep, Bob Weir. De documentaire kreeg als naam The Other One en was een paar dagen geleden op groot scherm te zien in Antwerpen. De titel slaagt trouwens op het feit dat, hoewel Bob Weir één van de founding members is, hij naar mijn gevoel één van de minder bekende figuren van de band is. Jerry Garcia was sowieso een figuur die meteen opviel op een podium, maar ook Pigpen (die op 27-jarige leeftijd stierf) heeft in zijn korte tijd zijn stempel gedrukt. Ik zat dan ook met het idee dat Weir eigenlijk de 'cleanste' van de groep was, maar daar brengt deze documentaire wel verandering in. Ook Weir heeft zich regelmatig laten gaan aan verschillende soorten drugs en vertelt hier openlijk over. Al had de documentaire gerust wel wat langer mogen duren, want zelfs enkel voor zijn periode bij The Grateful Dead (Weir zou nog in een aantal andere groepjes spelen) voelt het soms nogal versneld aan.

Verwacht ook geen volledig beeld van The Grateful Dead zelf. Er wordt wel wat bij een aantal punten stilgestaan (de dood van Jerry Garcia onder andere), maar de focus ligt op Weir zelf. En dat is goed. Het doet me qua stijl wat denken aan die BBC documentaires rond Mark Knopfler en Robert Plant. Met als verschil dat er hier wel veel archiefmateriaal tegen wordt gegooid en dat is sowieso een pluspunt bij mij. Onder andere Fragmenten uit concerten en de begrafenis van Garcia komen aan bod. Weir zelf is gelukkig het meest aanwezig, maar er is ook plaats voor korte interviews met bandleden, de dochter van Garcia, …

Een speelduur van 85 minuten is kort. Te kort als je het mij vraagt, want ik blijf met het gevoel zitten dat ik met gemak naar een documentaire van dubbel zo lang had kunnen zien. Een goede mix tussen interviews en archiefmateriaal. Al denk ik dat dit enkel voor fans van The Grateful Dead en/of Bob Weir de moeite is.

Kleine 4*

Others, The (2001)

Alternatieve titel: Los Otros

Now children, are you sitting comfortably? Then I'll begin...

Een tijd geleden was ik in de Kringloopwinkel toen ik de DVD van The Others vond en meenam omdat ik al een tijdje bezig ben om wat meer van Nicole Kidman te gaan zien. Tot mijn verbazing zag ik dat ik ergens in 2008 al eens op de film had gestemd, maar ik kon me werkelijk niets van de film herinneren. Nu is 2008 toch ook alweer eventjes geleden, zou misschien zelfs kunnen dat het nog een stem van mijn pre-MovieMeter tijdperk is, maar ik vond het vreemd dat ik me dit met alle moeite van de wereld niet meer voor de geest kon halen. Hoog tijd dus om eens na te gaan of die 3.5* eigenlijk nog wel rechtvaardig was.

Dat is het geval, zoveel is duidelijk. Ben misschien net iets minder enthousiast dan de meesten hier, maar het is vooral het einde dat me hier over de streep weet te trekken. Niet dat het merendeel van de film niet om aan te zien is, regisseur Alejandro Amenábar levert een degelijke film af met een geweldig sfeerbeeld, maar vond het een erg leuke twist die de film naar een hoger niveau tilt. Typisch zo'n filmpje dat je nog eens een keer moet zien om echt met alle details mee te zijn en dat is altijd wel fijn. Niet alles loopt weliswaar even vlot, zo vond ik de terugkeer van Charles niet echt nodig, maar het is maar een futiele opmerking. Soit, de film steunt vooral ook op de sfeer van zo'n groot Victoriaans landhuis, altijd een goede keuze voor dit soort films, maar ook een degelijke soundtrack geeft net dat beetje extra.

Het koele dat Nicole Kidman altijd lijkt uit te stralen komt hier ook wel goed van pas. Het is een actrice die best wel veel verschillende rollen aankan, maar dit soort personages zijn toch vaak een kolfje naar haar hand. In Stoker van een paar jaar geleden vond ik ze ook al erg sterk. Beetje zonde ook dat de kinderen niet eenzelfde niveau kunnen benaderen. Onderling hebben ze nog wel een aantal leuke scènes (die scène waar Anne vraagt aan Victor om de wang van Nicholas aan te raken is wel erg goed gelukt) maar het klikt niet echt met Kidman. Goede bijrollen ook nog van Fionnula Flanagan, Eric Sykes en Elaine Cassidy die als nieuwe bedienden het verhaal op gang trappen.

Beetje moeilijk te beoordelen. De film steunt vooral op zijn einde en daardoor lijkt de opbouw wat links te zijn geschoven. Ben benieuwd wat een herziening geeft, misschien blijkt dan de opbouw geniaal in elkaar te zitten en komt er een fikse verhoging qua score aan te pas. Ben benieuwd, voor nu echter een dikke voldoende.

3.5*

Oud België (2010)

Sluiten zult ge!

Een dikke 6 weken geleden werd er nogal veel reclame gemaakt voor een nieuwe fictiereeks op Eén. De titel? Oud België. Op zich zei de titel me niet zo bijster veel maar wanneer ik zag dat het gebaseerd was op de jeugdherinneringen van Peter Van den Begin en dat zijn eeuwige metgezel, Stany Crets, ook een hoofdrol vertolkte besloot ik het toch maar een kans te geven.

Gisteren was het dan uiteindelijk de laatste aflevering van deze miniserie en ik moet zeggen, de verwachtingen stonden hoog gespannen. De eerste aflevering was de zwakste van de 6 maar gelukkig was elke aflevering daarna van een hoger niveau. Het slot is een beetje een anti-climax, dan vond ik aflevering 5 meer tot zijn recht komen als samenloop van de verhaallijnen, maar het is en blijft een sterke serie die vooral zijn kracht haalt bij het mooi weergeven van een verloren tijdperk. Het is dan ook knap dat Crets en Van den Begin er zijn in geslaagd om mij, als iemand die nooit de tijd van de revuetheaters heeft meegemaakt, toch geboeid te laten kijken. Veel is natuurlijk te danken aan de decors die er werkelijk fantastisch uitzien. Het zag er allemaal zo waarheidgetrouw uit. Van de aankleding van de AB tot de slangenleer schoenen die Marcel aan heeft maar het zit hem ook in de kleine details. Zo kan ik ontzettend genieten van iemand die zegt: 'Belt den 900' in plaats van 'Belt den 100' want in die tijd was 900 het noodnummer. Het zijn allemaal minieme details maar het brengt de ervaring zoveel dichter bij de kijker. Waar ik me soms wel aan stoorde was het overdreven geflits met de beelden. Ook vond ik het raar dat er soms een voice over werd ingesproken en dat niemand zijn mond bewoog. Oké, het zal wel artistieke vrijheid zijn maar het stond toch niet echt. Over voice overs, de voice over van Eddy aan het einde van elke aflevering vond ik soms ook wel vrij slecht.

Qua verhaal en decor zit het met Oud België wel goed. Het ziet er allemaal netjes uit en het is ook zeer meeslepend maar dat is vooral toch ook te danken aan de cast. Wat voor een cast hebben ze dan ook bijeengesprokkeld. Ik ben niet zo hard bezig met Vlaamse series maar zelfs ik weet dat er tegenwoordig een vaste standaard van jonge gasten is die bijna in elke film/serie tevoorschijn komen. Dan denk ik aan mensen zoals Werner Desmedt, Koen de Bouw, Steven De Lelie, ... Oud België heeft hier gelukkig geen last van doordat er wordt gekozen om met al iets oudere acteurs te spelen, wel acteurs die allemaal stuk voor stuk ijzersterk in hun rol zitten. Zo zijn er Peter Van den Begin en Stany Crets, die de rollen van Marcel en Willy vertolken waar het grotendeels toch om draait. Nu heb ik de twee al vaak in combinatie gezien maar elke keer weten ze me toch te verbazen met hun kunnen. Voor mijn part mag dit tot hun beste werk tot nu toe worden genoemd en ik twijfel eerlijk gezegd of ze het ooit nog kunnen overtreffen. Je merkt gewoon dat ze allebei met liefde en zorg aan de serie hebben gewerkt. Niets dan lof voor de hoofdrolspelers maar ook de bijrollen zijn van een hoog niveau. Arnold Willems is denk ik wel de uitschieter. Ik kende hem alleen maar van zijn rol als George in Wittekerke maar hier overtreft hij zich op alle manieren, niet dat George vroeger zo'n interessant personage was maar je begrijpt wel wat ik bedoel. De melancholische manier waarop hij praat en wandelt, is gewoon prachtig om te zien. Een uitstekende keus om hem de rol van Leonard te geven. Wat nog zo'n uitstekende keus is, is de rol van Kristine Van Pellicom. Zij behoort tot één van de personages die het meeste diepgang meemaakt in de reeks maar slaagt er ook in om dat als relatief onbekende actrice, in mijn ogen althans, op een geloofwaardige manier neer te zetten. Vooral in de laatste afleveringen komt ze helemaal tot haar recht. Oud België heeft een te grote cast om iedereen lof toe te zwaaien maar als slot wil ik toch nog wel Warre Borgmans vernoemen. Ik zag hem nog altijd als Pa Blinker maar die rol doet hij hier compleet vergeten. Lang geleden dat ik een personage echt op zijn gezicht wou slaan maar gelukkig wist de Willy mijn frustraties in de voorlaatste aflevering bot te vieren. Erg sterk om een personage op zo'n goede manier toch zo irritant te maken.

Oud België kan zich nu het beste project van de tandem Crets en Van den Begin noemen. Gelukkig want ik begon mijn twijfels te krijgen na Fans maar hier maken ze komaf met dat programma. De decors zijn mooi, het verhaal is boeiend en de acteerprestaties zijn fantastisch. Ik kan hier niet minder dan een 4 voor geven.

4*

Our Hospitality (1923)

Love thy neighbour as thyself

Ik ben nooit zo voor de silent film geweest. Mijn eerste kennismaking met dat 'genre' was via een aantal vroege Hitchcock films en het pakte me eigenlijk niet zo goed. Ik dacht dan ook dat het een tak van de cinema was die ik voor de rest opzij ging laten liggen maar dan kwam opeens Buster Keaton op de proppen die met zijn slapstick en heerlijk stuntwerk ervoor zorgde dat ik een favoriete silent acteur kreeg. Ondertussen zijn we al weer een aantal jaar verder, mijn eerste kijkbeurt van Steamboat Bill, Jr. stamt uit 2010, en moet ik niet meer zo heel veel van zijn full features zien.

Al zijn er nog wel wat titels die dateren uit zijn latere periode waar Keaton vaak gereduceerd werd tot een waardeloze bijrol die ik nog moet zien dus de weg is nog niet ten einde. Soit, interessant wel om te zien dat dit de eerste echte langspeelfilm is waar Keaton zijn gebruikelijke kunstjes mag bovenhalen. Drie jaar hiervoor had hij al wel The Saphead om zijn naam staan maar dat is een volstrekt waardeloze film die de naam Keaton onwaardig is. Wat ook meteen opvalt is dat er hier veel meer focus ligt op het verhaal. Het thema van burenruzie is al vaker gebruikt, onder andere Abbott & Costello gebruikten het ook met Comin' Round the Mountain in 1951, maar het blijft natuurlijk de perfecte kapstok voor een komedie. Film lijkt ietwat traag op gang te komen in de zin dat het wel even duurt eer Willie in het stadje aankomt maar we krijgen er een geweldige treinrit bovenop (zowaar zelfs nog een tikkeltje beter dan in The General) en is het genieten van de capriolen van Keaton die besluit om gebruik te maken van de hospitaliteit van zijn buren. Een geweldig komisch zicht maar het indrukwekkendste moest nog komen. Dat is iets dat wel vaker het geval is bij stoneface maar de achtervolging in de waterval is wel erg tot de verbeelding sprekend. Het is onvoorstelbaar dat de acteur dit allemaal aandurfde en bleef aandurven want het heeft hem bijna een aantal keer het leven gekost.

Indrukwekkend staaltje dus weer van wat zowat één van mijn favoriete komieken maar hier wordt toch ook weer duidelijk waarom. Het stuntwerk spreekt voor zich natuurlijk maar dat stalen gezicht dat hij in zijn films heeft is gewoon legendarisch. Films van Keaton hebben vaak ook wel veel familieleden in de bijrollen. Vader Joe Keaton is weer van de partij (al is hij natuurlijk niet zo indrukwekkend als zijn zoon) maar ook zijn toekomstige vrouw Natalie Talmadge speelt hier de belangrijke rol van Canfield's dochter. Al 3 maanden zwanger van Robert Keaton, haar tweede zoon met Buster, toen de principal photography voor Our Hospitality werd gestart maar de rol voor de kleine Willie is dan weer weggelegd voor die andere zoon, Buster Keaton Jr. Amusante bijrolletjes ook, zeker Talmadge heeft wel wat leuke scènes. Valt voor de rest ook nog op hoe knap dit gefilmd is. Voor een film van zo'n 90 jaar oud zien erg veel scènes er nog fantastisch uit.

Wederom een erg vermakelijke zit van Buster Keaton. Onvoorstelbaar wat die kerel allemaal in het silent era heeft afgeleverd, des te schrijnender om te zien hoe het hem daarna is vergaan, en dit is weer één van vele successen. De korte speelduur zorgt ervoor dat de film nooit zijn vaart verliest en het is genieten van de climax.

4*

Our Relations (1936)

Alternatieve titel: Sailors' Downfall

A dollar? We can't do much flinging on a dollar

Our Relations is één van de laatste Laurel & Hardy films die ik in bezit heb en nog niet had gezien. Ooit eens op een rommelmarkt een deel van de 10-delige boxset gekocht (ik kwam er ook pas thuis achter dat ik een aantal delen ontbrak), maar het duo lijkt me na talloze shorts en features toch niet echt voor mij te zijn weggelegd. Vanwege de korte speelduur vaak wel amusante filmpjes, maar geef mij toch maar Buster Keaton, Abbott & Costello of de Marx Brothers.

Al moet ik wel toegeven dat Our Relations best nog wel leuk was. Meer zelfs, ik zou dit één van de beste films van het duo durven noemen. Iets wat ik niet had verwacht aangezien ik dit soort dubbelrol nonsens zoals Twice Two niet echt kon waarderen. Soit, deze keer spelen Laurel & Hardy hun tweelingbroer en dat geeft natuurlijk veel ruimte voor heel veel misverstanden. Wel een film waar je je aandacht bij moet houden aangezien de climax één grote chaos is. Iets wat Harry Lachman gelukkig ook wel leek te beseffen en hij ondersteunde de personages met elk hun eigen deuntje. De typische Laurel & Hardy tune is voor de 'brave' tweeling en een vrolijk sailor deuntje voor de twee zeemannen. Het einde is wat abrupt, had eigenlijk nog wel een scène willen zien tussen de vrouwen die ontdekken dat er nog zo'n tweeling rondloopt, maar misschien had een langere speelduur de vaart er weer wat uitgehaald.

Veel Laurel & Hardy dus omdat ze 4 rollen op zich nemen met hun getwee, maar op zich is er weinig verschil te zien tussen de verschillende personages (en hun andere films). Wel iets 'gewelddadiger' naar mijn gevoel. Blijf hun oeuvre wat als routinewerk zien en dan is het wel tof dat James Finlayson op de proppen komt. Die kan wat als een derde deel van het duo worden beschouwd met als voetnoot dat ik hem simpelweg nooit beu geraak. Leuke bijrollen ook nog voor de imposante (zeker als je ze vergelijkt met Laurel) Betty Brown die de rol van Bubbles op haar neemt en Daphne Pollard als vrouw van Hardy.

Ja, hier kon ik wel wat mee. Ben normaal gezien dus niet zo'n fan van dit soort dubbelrollen (Jackie Chan en Jean-Claude Van Damme hebben ook zo hun periode gehad), maar dit vond ik leuk. Ik blijf de status van Laurel & Hardy wat overgewaardeerd vinden, maar dit opent toch al net een beetje de ogen.

3.5*

Out of Time (2003)

How do you solve a murder when all the evidence points to you

Toen ik de achterkant van de hoes eens bekeek had ik al snel de schrik dat het een cliché actiefilmpje ging worden maar omdat het met Denzel Washington was heb ik hem toch eens geprobeerd.

Out of Time opent met de beginscène al direct naar mijn verwachtingen. Washington doet zich voor als flik die iets komt onderzoeken in het huis van een vrouw en voor je het weet liggen ze al te flikflooien. Gelukkig vliegen de clichés je niet meer rond de oren nadat de moord op diezelfde vrouw is gebeurd maar dan ben je toch al een 40 minuten in het verhaal ver. Dan doen er zich langzaamaan wel een paar leuke vondsten voor waaronder Washington die tegen de tijd in wanhopig probeert zijn nummer van een telefoonlijst af te krijgen door hem in te scannen en terug te printen. Langst de andere kant leek het me dan weer verschrikkelijk idioot dat niemand het nummer van hun baas kent... maar zo zitten er wel een aantal rare stukken in. De plottwist was wel goed gevonden al was ie wel te verwachten vooral omdat je op een bepaald Dean Cain naar een lijk zag kijken maar de plottwist in de plottwist was dan weer wat te ver gezocht.

Washington is gewoon een bijzonder degelijk acteur en acteert hier hetzelfde als in de meeste van zijn andere films. Mendez viel wel weer mee al zag ik ze niet echt in de rol van flik maar het beste personage is zonder twijfel John Billingsley als Chae. Die was echt hilarisch op sommige punten.

Out of Time is een leuke actie film die ook niet meer pretendeert te zijn dan dat.

3*

Out-Foxed (1949)

Wederom een Droopy short, dat moet denk ik toch één van de meest geliefde personages van Avery zijn. Deze keer ook weer een short met als subject jagen en zoals de titel al doet vermoeden gaat het hier om de jacht op een vos. Leuk op zich wel dat de vos nogal upperclass is terwijl de jagers niet al te veel voorstellen, met uitzondering van Droopy natuurlijk die het uiteindelijk nog op een akkoordje gooit met zijn slachtoffer. Vermakelijke cartoon weliswaar met een leuk einde, maar voor de rest is dit toch een ietwat hap-slik-weg soort van cartoon van Avery. Het is dat Droopy op zich nog wel een leuk personage is, want anders had dit denk ik wel eens wat lager beoordeeld kunnen worden.

3.5*

Outpost (2008)

Zombies en Nazi's, een goede combinatie?

Ik had deze Outpost al een aantal keren vast gehad in de videotheek maar toch nooit meegepakt vanwege het vermoedelijke B-film niveau. Na het plot nog eens gelezen te hebben was ik toch wat benieuwd geworden naar de Nazi zombies. Ben in ieder geval niet teleurgesteld.

Voor een keer zit er eens een iet wat deftig verhaal in al vond ik de veldentheorie van Einstein wat te vergezocht over komen maar dat stoorde niet echt. Maar wat de film boven het B-niveau doet uitkomen is niet enkel het verhaal maar ook de effecten die er echt goed uitzagen, het acteren van de cast maar ook het lekkere duistere sfeertje dat over heel de film is gespreidt. Zo zijn die stukken waar opeens aan de bomengrens al die lichten aan gaan en dat je daar de Nazi's ziet staan zeer sfeervol. De zombies zelf zien er ook werkelijk geslaagd uit en ook naarmate de film vordert begint er zelfs wat gore in te zitten.

Outpost is een leuke mengeling van zombies en oorlog en is toch wel een aanrader voor wie nog eens een deftige zombiefilm wilt zien.

3.5*