Meningen
Hier kun je zien welke berichten El Loco als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Sting, The (1973)
The name's Lonnegan! Doyle Lonnegan! You're gonna remember that name or you're gonna get yourself a new game! You follow?
Ergens in september maakte ik voor het eerst kennis met regisseur George Roy Hill en het duo Redford - Newman dankzij de film Butch Cassidy and The Sundance Kid. Ik was vrijwel meteen onder de indruk van die film, maar vooral van dat geweldig duo Redford - Newman. The Sting heeft een tijdje op zich laten wachten, maar gelukkig heb ik hem dit weekend eindelijk kunnen aanschouwen en ik heb er echt van genoten.
Het begint eigenlijk al met dat heerlijk deuntje dat we in de intro te horen krijgen. Ik weet niet hoe vaak dat deuntje nog terugkeerde in de film, maar hij bleef wel heel de tijd in mijn hoofd afspelen. Het is nog maar de tweede film van Hill die ik heb gezien en daar zou toch verandering in moeten komen, want sfeer scheppen kan hij echt wel. De ’30 worden hier erg mooi neergezet en de decors zoals de gokhal zien er prachtig uit. Ook op gebied van het verhaal valt er heel wat plezier te beleven. Ik ben sowieso wel te vinden voor films waar grote oplichterijen op touw worden gezet ( Oceans Eleven vind ik ook zo’n geweldige film) en deze film weet dat dan ook nog eens op een erg vermakelijke manier te brengen. Het einde is misschien niet zo’n grote verrassing meer, want het was al van in het begin duidelijk dat Lonnegan op één of andere manier zou worden opgelicht. Alleen de manier waarop ze de Sting gingen afwerken was nog de vraag, maar eigenlijk doet dat helemaal geen afbreuk aan de film want er wordt gewoon heerlijk opgebouwd naar de grote slag. Één van de hoogtepunten van de film is zonder enige twijfel het pokerspel op de trein, maar ook het trucje in het begin van de film mag zeker niet vergeten worden.
Natuurlijk zou The Sting niet helemaal hetzelfde zijn zonder het geweldig duo Robert Redford en Paul Newman. In Butch Cassidy and The Sundance Kid vond ik ze allebei fantastisch spelen en hier doen ze dat nog eens over. Alhoewel, ze doen het als duo toch minder dan in Butch Cassidy and The Sundance Kid waar het samenspel tussen de twee beter was. Als duo komen ze duidelijk minder goed uit de verf, maar dat houdt hen niet tegen om afzonderlijk geweldige prestaties neer te zetten. De jongere Robert Redford doet dat op een guitige en speelse wijze en Paul Newman doet dat op een rustigere manier als het brein achter de Sting. Redford steekt er toch bovenuit net zoals in die andere film, omdat hij nu eenmaal het vaakst in beeld is. Ik weet niet of het aan mij ligt, maar hij deed me vaak denken aan Brad Pitt. Paul Newman mag dan wel iets meer op de achtergrond acteren, toch heeft hij ook zijn moment de gloire wanneer hij het pokerspel moet spelen tegen Lonnegan. Echt heerlijk om te zien hoe hij als zatlap binnenkomt en dan ook nog eens weet te winnen door op een meesterlijke wijze vals te spelen. Schitterende acteerprestaties van die twee, maar er is nog één iemand die zeker niet hoeft onder te doen. Robert Shaw zet hier ook een uitmuntende prestatie neer als de criminele bankdirecteur Doyle Lonnegan. Hij is prima gecast voor deze rol, want hij heeft echt de smoel om zulke rol te spelen. Voor de rest worden alle bijrolletjes naar behoren ingevuld, maar het is duidelijk dat deze drie mannen de show stelen.
The Sting is een zalige film geworden zoals ik wel had verwacht nadat ik Butch Cassidy and The Sundance Kid had gezien. Het einde waar de slag wordt binnengehaald mag dan wel geen grote verrassing meer zijn, de sfeer, de opbouw en de geweldige prestaties van Newman, Redford en Shaw maken er een uitstekende film van. Toch vind ik Butch Cassidy and The Sundance Kid net een tikkeltje beter.
4.5*
Stoker (2013)
Degelijk filmpje van Park Chan-wook, maar iets bijzonders heb ik niet echt opgemerkt. De film steunt vooral op het mysterieus voorkomen van oom Charlie en zijn onbekend verleden. Het houdt de kijker wel een tijdje zoet, maar de hele ontrafeling van zijn mysterieus verleden biedt weinig nieuws onder de zon (de oom heeft duidelijk psychische problemen, heeft als kind gruwelijke feiten gepleegd door zijn jonger broertje levend te begraven en vermoordt zijn broer om contact te kunnen hebben met zijn nichtje).
Het grootste euvel van deze film is de matige acteerprestatie van Matthew Goode. Op geen enkel moment was ik echt in de ban van zijn personage en hij is er niet in geslaagd om het niveau van de film op te tillen. Dergelijke personages zijn gebaat bij acteurs die hun personage een psychopatisch randje kunnen bezorgen waar je als kijker schrik van krijgt, maar dat had ik op geen enkel moment bij Matthew Goode. Alhoewel, de scène waar hij afstapt op de telefooncel waar de tante van India staat, weet hij wel iets beangstigend uit te stralen, maar dat was ook het enige moment.
Park heeft er anderzijds wel een erg verzorgde en visueel knappe film van gemaakt, maar jammer dat de film op bepaalde punten tekort schiet, want anders was dit een topper geweest.
Kleine 3*
Stone (2010)
Some People Tell Lies. Others Live Them
Geregeld neem ik een film op enkel en alleen voor de cast en dat was bij deze Stone dus het geval. Ik had eerlijk gezegd geen enkel idee waar het precies over ging, maar een cast met Robert De Niro, Edward Norton en Milla Jovovich moet toch een goede film opleveren?
En die stelling mag bij deze onmiddellijk geschrapt worden, want John Curran levert het perfecte bewijs dat grote namen niet garant staan voor een goede film. Het verhaal op zich rond de manipulatie van De Niro is gewoon niet interessant genoeg om de gehele speelduur te blijven boeien. Het eerste gedeelte van de film is niet meer dan wat saaie praatjes tussen Norton en De Niro, maar wanneer je denkt dat de film op gang begint te komen, valt het toch ook zwaar tegen. Ik denk niet dat ik de enige ben, maar ik had alleszins meer van die “psychologische spelletjes” verwacht. Nergens wordt er echt een hoogtepunt bereikt in de affaire tussen De Niro en Jovovich, want daarvoor was die seksscène veel te voorspelbaar en te clichématig. Bovendien kwam het me allemaal veel te ongeloofwaardig en geforceerd over. Het verhaal heeft veel te weinig om handen en daardoor begin je op den duur te ergeren aan alle bijzaken, zoals de radiostem die steeds over God en dergelijke begint te praten en Norton die de spirituele toer opgaat. Soms kan een goed einde nog veel redden, maar die was er nu ook niet meteen te bespeuren. Het einde waar De Niro in zijn kantoor zit, geeft eigenlijk mijn gevoel bij deze film perfect weer. Gewoon leeg, gevoelloos.
Het verhaal is teleurstellend op elk vlak en daarom is het onbegrijpelijk dat deze acteurs zich hebben geëngageerd voor zo’n project. Ik heb al even aangehaald dat de cast de enige reden was om deze film te zien, maar die stellen tegen mijn verwachtingen allemaal teleur. Oké, Robert De Niro is duidelijk niet meer de acteur die hij is geweest, maar dit moet wel één van zijn zwakste rollen ooit geweest zijn en zeker de zwakste die ik van hem tot nu toe gezien heb. In Limitless vond ik hem ook al niet zo bijzonder, maar hier heeft hij het probleem dat hij zich niet kan wegsteken achter het verhaal. Datzelfde geldt ook voor Edward Norton, want dit moet toch ook het zwakste zijn dat ik van hem heb gezien. Vooral de dialogen met De Niro waren van een zeer laag niveau en dat overdreven accent doet ook meer slecht dan goed. Best wel jammer, want ik ken Norton enkel door zijn geniale prestaties in American History X, Fight Club en 25th Hour. Nu moet er spijtig genoeg deze wanprestatie aan dat rijtje toegevoegd worden. De derde reden om deze film te zien, Milla Jovovich, bracht het er een tikkeltje beter vanaf dan de twee heren, maar ook van haar heb ik al betere dingen gezien. in The Fifth Element vond ik haar echt geweldig en haar rol in de Resident Evil reeks mag ook niet onderschat worden, maar deze hoort daar zeker en vast niet bij. En zoals hier al werd opgemerkt mocht ze haar kleren beter aanhouden.
Veel positiefs valt er over Stone niet te vertellen, al heb ik een nachtje zitten zoeken naar een positief punt. Het verhaal is veel te zwak, ongeloofwaardig en boeit op geen enkel moment. Zelfs De Niro, Norton en Jovovich kunnen deze film niet redden, maar ze worden natuurlijk niet geholpen door het verhaal.
1*
Strada, La (1954)
Alternatieve titel: De Weg
Mijn 3e Felinni die ik ondertussen gezien heb, maar nog steeds heb ik niets gezien waar ik onder de indruk van ben. Over het algemeen liggen Italiaanse films me niet echt en Felinni weet ook niet echt iets boeiends te brengen. Het is een erg rechttoe-rechtaan verhaal waarbij Gelsomina verkocht wordt aan Zampanò en samen rondtrekken om steeds weer hetzelfde kunstje op te voeren. De personages zijn te dik aangezet. Zampanò als woeste brulaap is geen pleziertje om naar te kijken en Gelsomina is ook erg vervelend met haar overdreven gezichtsuitdrukkingen. De scène met de koorddanser is het enige lichtpuntje in deze film. Fellini zal bij mij een tijdje aan de kant blijven.
1.5*
Straw Dogs (1971)
Stevige thriller. Het is een film geworden die vooral het verschil maakt met een sterke spanningsopbouw. Vanaf het begin bekroop me dat naargeestige onderhuidse gevoel dat ik altijd wel kan appreciëren. De setting van het dorpje, de vreemde bewoners,...het draagt allemaal bij aan dat akelige gevoel en zeker wanneer de werkmannen het koppel op stang beginnen jagen met het ophangen van hun kat.
Ik vroeg me wel af welke richting de film verder zou inslaan en waar de boel effectief zou gaan escaleren. Peckinpah weet er dan ook een sterk slot aan te breien met eerst de verkrachtingsscène en daarna het kat-en-muisspel met de dorpelingen die de pedofiel komen halen. Het laatste halfuur is dan ook van een hoog niveau waar de spanning geen moment inzakt.
3.5*
Streetcar Named Desire, A (1951)
Alternatieve titel: Tramlijn Begeerte
Behalve On the Waterfront, Apocalypse Now en uiteraard The Godfather had ik van Marlon Brando nog niets gezien. Dringend tijd dus om mij wat bij te werken in het oeuvre van één van de grootste acteurs van Amerika.
En het is Marlon Brando die deze film weet recht te trekken. Hij weet zijn personage Stanley op een erg energieke wijze neer te zetten en zijn uitbarstingen zijn geweldig om te zien. Dit werd terecht gezien als zijn grote doorbraakfilm. Met zijn tegenspeelster Vivien Leigh had ik iets meer problemen. Echt overtuigen deed ze mij niet en vaak vond ik het overkomen als overacting, waardoor ik de voeling miste met haar personage Blanche.
Het is een echte dialoogfilm geworden, maar dat hoeft bij mij niet noodzakelijk iets negatiefs te zijn. Die andere verfilming van Tennessee Williams, Cat on a Hot Tin Roof vond ik wel een topper in het genre. Het mysterieuze verhaal rond het personage van Blanche houdt de film nog eventjes op de been, maar echt meeslepend is de tragiek rond het leven van Blanche niet echt. Dankzij de sterke prestatie van Brando komt deze film nog net op een voldoende uit.
2.5*
Substance, The (2024)
Erg fascinerend,
Ik moet eerlijk toegeven dat de verwachtingen hooggespannen waren, maar Fargeat weet het zeker waar te maken. Visueel is The Substance geweldig. Het kleurgebruik en het camerawerk zorgen ervoor dat je als het ware gehypnotiseerd raakt. Vanaf het begin werd ik volledig in de film getrokken om er 2 uur en 20 minuten later terug uit te komen. Qua stijl had ik regelmatig het gevoel naar een kruising te kijken van Kubrick/Aranofsky.
Het uitgangspunt is dan ook erg interessant waarbij een actrice op leeftijd een jongere versie van haarzelf wilt creëren. Door het toedienen van 'the substance' komt er een jongere/mooiere versie van haarzelf, maar er moet een balans gevonden worden tussen beide versies. Ergens is het natuurlijk voorspelbaar dat die jongere versie de bovenhand neemt en de originele (oudere) versie buitenspel probeert te zetten. Op zich is dit helemaal geen probleem, maar het einde waarbij een 3e versie gecreëerd wordt, nl. het monster, is wat mij betreft ver over the top en had iets subtieler kunnen aangepakt worden.
Ik moest ook wel regelmatig denken aan Black Swan, waarbij 2 personen eigenlijk 1 identiteit zijn of proberen te zijn. Je voelt wel dat Fargeat haar heeft laten inspireren door heel wat andere werken, maar uiteindelijk is dit een gewoonweg een fascinerende zit geworden die gedurende de hele speelduur mijn adem heeft afgenomen.
4.5*
Sucker Punch (2011)
Het is ondertussen bijna 13 jaar geleden dat ik deze Sucker Punch gezien heb en gezien de score van 4* die ik eraan gegeven heb, was ik waarschijnlijk wel onder de indruk van deze film.
En na deze herziening ben ik dat nog steeds, want het is een geweldige achtbaanrit geworden. Vanaf de eerste scène wordt je meegezogen in het visuele spektakel om er 2 uur later weer uit te komen. De eerste scène zet meteen de toon voor de rest van de film met een heerlijk sfeertje dat Zack Snyder weet te creëren. Qua verhaal is het erg eenvoudig en rechtlijnig om te volgen. Sommige regisseurs zouden nogal makkelijk in de val trappen om het allemaal moeilijker in elkaar te steken, maar daar laat Snyder zich niet aan vangen. De 'dansscènes' van Baby Doll zijn visueel erg fraai. Niet dat we erg spectaculaire dingen te zien krijgen, maar aangezien het telkens korte scènes zijn, past dit perfect in het geheel.
Die Baby Doll wordt dan ook nog eens prima neergezet door de beeldschone Emily Browning. Ze weet haar momenten tussen het bange, verlegen meisje en de quasi superheldin in haar fantasiewereld geweldig af te wisselen. Maar ook de rest van de cast met al het vrouwelijk geweld is gewoon prima op dreef.
De score van 2.93* die Sucker Punch momenteel heeft is m.i. onterecht, want het is een erg vermakelijke film voor de volle 2 uur.
4*
Sullivan's Travels (1941)
Alternatieve titel: De Lotgevallen van Sullivan
Sullivan's Travels heeft een leuke roadmovie gehalte en het tempo ligt behoorlijk hoog. Veel grappen voelen wel erg verouderd aan en vooral de scène met de tekenfilm irriteerde me behoorlijk.
3*
Suna no Onna (1964)
Alternatieve titel: Woman in the Dunes
Dit was weer zo’n film die al geruime tijd op mijn to-see lijst stond en met hoge verwachtingen bovendien. Ik moet zeggen dat die moeiteloos zijn ingelost, want het is toch een bijzondere en vooral unieke film geworden. Ik kan niet meteen een andere film voor de geest halen die hierop lijkt.
Het begint al meteen erg sterk met de man die de zandheuvel beklimt. Visueel ziet het er prachtig uit waardoor je meteen in de film getrokken wordt en de onheilspellende muziek heeft ook nog eens een sfeerverhogende factor. Vooral op visueel vlak is dit een erg fraaie film en zeker de momenten waarop het zand naar beneden stort, zijn zeer de moeite waard. Die onheilspellende muziek die terugkeert van zodra een gedeelte van de berg instort, maakte er ook nog eens een erg spannende film van.
Men zal uit deze film ook best veel symboliek kunnen halen, wat me zelden interesseert in films, maar in dit geval werkt het wel door de absurde setting van de zandput dat een beklemmend gevoel geeft. De repetitieve en zinloze taken die men dagelijks moet doen, worden hier prachtig uitgebeeld door het scheppen van het zand. Ook het verhaal van Sisyphus komt hier ruim aan bod, maar het is toch vooral de man die zijn lot accepteert dat de zandput zijn nieuw leven is en niet meer probeert te vluchten dat de film boeiend maakt.
Visueel een erg mooie film met een interessant verhaal dat ook nog eens op een sterke manier wordt gedragen door de 2 hoofdrolspelers. Aanvankelijk dacht ik dat de acteerprestaties minder belangrijk gingen worden in deze film, maar gaandeweg weten ze beide op een overtuigende manier en met de juiste emoties hun rollen neer te zetten. Ook de vele close-ups van hun bezwete en met zand bedekte gezichten waren geweldig om te zien.
Dikke 4*
Sunset Blvd. (1950)
Alternatieve titel: Sunset Boulevard
Sunset Blvd. behoort niet tot mijn absolute favoriete films van Billy Wilder, maar een schande is dat zeker en vast niet, want zijn oeuvre is best indrukwekkend. Ik heb me opnieuw best vermaakt met deze film en in de eerste plaats is dat de verdienste van Gloria Swanson. Ze zet hier een erg indrukwekkende prestatie neer als een vergeten actrice die zich nog steeds wanhopig vastklampt aan haar vergane glorieperiode van de stomme film. Vooral de trapscène waarbij ze een illusie beleeft dat ze de grote ster in een film is, is erg sterk en wat mij betreft ook het hoogtepunt uit de film. Ook William Holden doet het voortreffelijk en ook zijn voice-over vind ik hier een meerwaarde (wat me overigens in de meeste gevallen wel stoort) met zijn cynische toon.
Wilder weet ook een heerlijk donkere sfeer te creëren dat perfect past in het verhaal. De sfeer wordt al meteen gezet met de openingsscène waarin we Joe zien drijven in het zwembad. Ook wanneer hij aankomt aan het landhuis van Norma Desmond nadat hij autopech heeft gehad, wordt er een duistere sfeer gecreëerd die de hele tijd blijft hangen. Alleen heb ik het gevoel dat in het middenstuk de film bij momenten een beetje inzakt, maar Wilder weet op het einde wel sterk te herpakken.
3.5*
Sweet Hereafter, The (1997)
The Sweet Hereafter is een film waar een bijzondere sfeer over hangt. Het voelt erg droevig aan, maar het voelt ook heel sereen aan. Je zou mogen verwachten dat er grote ruzies ontstaan tussen de verschillende families, zeker een personage als Billy zou een heethoofd kunnen zijn, maar ook hij probeert op een rustige manier de familie van Nicole te overtuigen om de zaak te laten rusten. Het is wel mooi dat deze film zich op een rustige manier weet te ontplooien zonder grote drama's aan vast te hangen. Zelfs de buschauffeur wordt niets kwalijk genomen door de andere families naar mijn aanvoelen. Het was gewoon het lot waarbij er geen schuldige treft.
De relatie tussen de advocaat (die overigens erg sterk wordt neergezet door Ian Holm) en zijn drugsverslaafde dochter geeft de film toch dat tikkeltje extra, waardoor zijn motieven om de families te helpen bij de rechtszaak sterker naar voor komen. Toch komt de film bij mij niet hoger dan een 3.5*. Daarvoor heeft de film mij net niet voldoende weten te raken. De sfeer die rond de film hangt, gesteund door de mooie besneeuwde landschappen die extra rustgevend zijn, kan me wel bekoren. Toch miste ik iets om echt een beklijvende indruk achter te laten.
3.5*
Sweet Smell of Success (1957)
Als er nog geen tegenovergesteld begrip bestaat voor een feel-good film, dan mag het van mij gerust Sweet Smell of Success genoemd worden. Het moet wel één van de meest cynische films zijn die ik al gezien heb en van enige menselijkheid is maar weinig te bespeuren, maar ik heb me er wel mee vermaakt. De rokerige nachtclubs, het donkere straatbeeld van New York van de '50s, de jazzmuziek, de smerige riooljournalistiek waar de hele film vol van zit,... qua sfeer is dit één van de betere film noirs die ik al gezien heb. Ik ben niet de grootste fan van het genre, omdat het plot vaak nogal onnodig ingewikkeld in elkaar zit. Deze film heeft daar minder last van, maar toch moet de aandacht erbij gehouden worden bij de rotvaart aan dialogen die voorbij komen.
De acteerprestaties zijn hier van een erg hoog niveau. Tony Curtis doet het geweldig als de gluiperige persagent die zijn eigen moeder nog zou verkopen voor een sappige roddel. In ieder geval, ik houd wel van dit soort cynische types in films. Ook Burt Lancaster acteert hier op een erg hoog niveau en hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik hem de betere van de 2 vind. De manier waarop hij de rol neerzet van de egoïstische, arrogante columnist JJ Hunsecker is geweldig om te zien. Misschien is dit wel de meest memorabele prestatie die ik van Lancaster tot nu toe gezien heb.
Sterke film noir die je nu niet meteen moet bekijken als je met een goed gevoel naar een film wilt kijken. De zwartgalligheid spat van het scherm af waarbij iedereen op het einde verliest, maar het is er wel eentje die de moeite waard is.
4*
