• 17.290 nieuwsartikelen
  • 182.360 films
  • 12.566 series
  • 34.784 seizoenen
  • 656.232 acteurs
  • 200.445 gebruikers
  • 9.466.462 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Shadowed als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Killjoy (2000)

Bijzonder slecht.

Killjoy is een film die toch wel een status heeft opgebouwd, maar dan als cultfilm en voor een beperkt publiek. Als het aan mij ligt verdient het die status alleen niet, want als je alle slechte films cultklassiekers gaat maken wordt het plots wel heel makkelijk om een beetje bekendheid te werven.

Deze film doet eigenlijk helemaal niets goed, maar is soms ook zo slecht dat het juist een komisch effect heeft. Dat komische effect creëert een best vlotte film en enkel en alleen daarom krijgt de film niet de laagste score mogelijk. Ik vind de film namelijk niet het slechtste dat ooit gemaakt is, maar het zit er aan de andere kant ook niet ver vanaf.

De horror is van ridicuul niveau. De clown ziet er verschrikkelijk uit en Vargas probeert met alle wanhoop wat toe te voegen aan de clown. Het wordt er echter alleen een komiek mee, want de clown komt verder erg veel over als mens in pak in plaats van een krachtige demon. Het krijgt bovendien ook geen deur plat, dus eng of dreigend is het nergens.

Het acteerwerk is van slecht niveau en de dialogen zijn werkelijk beschamend. Stoere praat die maar niet stoer wil overkomen. De personages zijn pijnlijk cliché en de actrices krijgen het niet eens voor elkaar om een goede schreeuw los te laten. Bovendien zit de film vol met plotgaten en gebrek aan logica, die het als resultaat nog net wat dommer laten overkomen.

Bijzonder slechte film die eigenlijk niets goed heeft gedaan. De geluidseffecten zijn overdreven, de filters afwezig en de cinematografie wordt zowat genegeerd. Hierdoor is de film niet bepaald een schoonheid om naar te kijken, maar dat was al vooraf te verwachten. Ik vraag me af wat de intentie was van de makers, want zoiets slechts als dit afleveren is bijna onmogelijk om voor elkaar te krijgen.

Killjoy 2: Deliverance from Evil (2002)

Alternatieve titel: Killjoy 2

Goedkoop dingetje. Eigenlijk precies wat je kunt verwachten van een vervolg op erbarmelijk bronmateriaal. Het duurt in dit vervolg op Killjoy bovendien bijna 45 minuten voordat de clown op het scherm verschijnt en komt dan vervolgens niet veel verder dan het gooien van speelgoedtandjes en het neerstrijken van wat vulgaire woordjes. Het acteerwerk is voorspelbaar slecht en op visueel vlak ziet het er allemaal goedkoop uit, maar de sterk aangezette typetjes en de korte speelduur verrichten weliswaar wonderen. Eigenlijk is het stiekem best vermakelijk, maar vanuit een objectief standpunt natuurlijk gewoon drek.

Killjoy 3 (2010)

Zelfbewust derde hoofdstuk van deze brolreeks, waarin het ondertussen vooral een wedstrijdje is geworden wie het meest achterlijke personage kan spelen. Trent Haaga als Killjoy is dit keer nadrukkelijker in beeld en dat levert regisseur John Lechago een uniekere kans om de focus wat meer te verplaatsen op de moorden zelf. Deze zijn soms best creatief, maar het budget laat weinig aan de verbeelding over. Bij vlagen is het allemaal echt erbarmelijk in elkaar gezet en het acteerwerk tart elke verbeelding. Het duurt gelukkig niet te lang, maar blijft gevoelsmatig alsnog een hele opgave om doorheen te komen.

Killjoy Goes to Hell (2012)

Jee. Als je dan toch niks kan verzinnen, laat het dan lekker zitten. Ik kan me niet voorstellen dat Full Moon Features nu veel geld binnenkrijgt van Killjoy, dus waarom er dan überhaupt nog een film aan moet worden vastgelijmd is vreemd. De focus is overigens dit keer totaal verlegd van horror naar komedie, dus wat je krijgt is vooral een langere speelduur die bestaat uit de onovertuigende kunstjes van Trent Haaga en zijn team van weinig memorabele demonen. De hele omgeving is weliswaar kleurrijk, maar goedkoop in elkaar gezet en vormt vooral een excuus om een anderhalf uur te vullen met infantiele onzin. Naar de finale toe zit er plots een vermakelijk stukje in (de brawl tussen de demonen), verder haal je hier weinig voldoening uit lijkt me.

Killjoy's Psycho Circus (2016)

De vorige bralfilms hadden nog mee dat ze praktische effecten hebben ingezet voor de moorden, in dit (hopelijk) laatste hoofdstuk van de Killjoy-reeks is zelfs dat de nek omgewrongen. Waar de vorige film de focus overigens verlegde op komedie in plaats van horror, maakt Psycho Circus er vooral een soort commentaar op hedendaagse cultuur van. Helaas voor regisseur John Lechago en zijn castleden een niet erg geslaagde, met eindeloze (zelfbewuste) grapjes en een boel personages die voor geen zier werken. De productie oogt aan het eind van de dag vooral doelloos en met een gebrek aan ideeën, dus blijkbaar dan maar wat willekeurige concepten ertegenaan kwakken en hopen dat het blijft plakken. Kleine bonuspunten voor een mate van onvoorspelbaarheid, maar het kost toch echt heel wat moeite om erdoorheen te komen.

Kim Bok-nam Salinsageonui Jeonmal (2010)

Alternatieve titel: Bedevilled

Oké.

Redelijk boeiende wraakfilm vanuit het Aziatische continent. Ik had van tevoren niet het idee dat dit uit Zuid-Korea kwam, ik dacht namelijk even dat dit uit Indonesië kwam. Dat maakt in de eindbeoordeling niet uit, maar zo zie je dat je na het kijken van een film door compleet andere redenen ook nog verrast kan worden.

Het acteerwerk binnen deze film is half. De voornaamste kritiek die ik op deze film heb is dat de personages niet "echt" aanvoelen, terwijl de rauwe stijl van de film wel vraagt om die perceptie. Daarvoor zijn alle bewegingen net wat te theatraal, en die keuze leidt tot wat onevenwichtigheid binnen deze film. Dat zal echter makkelijk te negeren zijn als de rest van de film top was.

Maar daar is hier helaas geen sprake van, want Bedevilled kan nooit volledig bevredigend uitpakken. Het is me niet volledig duidelijk waar regisseur Jang voor wilde gaan met deze film. Op bruutheid en expliciete beelden van geweld niet helemaal, want Jang lijkt niet geïnteresseerd te zijn om daarin de competitie aan te gaan met soortgelijke, veel grovere Koreaanse thrillers.

Visueel is het aardig. De eerste helft is vooral opbouw om wat personages te haten. Het is wel een behoorlijk ouderwets eiland daar, maar goed, het hoort bij de film dat je de neiging hebt om sommige personages te gaan slaan. De tweede helft vond ik vooral onbevredigend, de wraak kon me niet overtuigen en kan de eerste helft die duidelijk richting een harde tweede helft wilde gaan niet compenseren.

Ook vond ik dat ze richting het einde te hard diens best deden om er een extra kwartiertje aan te breien. Veel voegen de beelden buiten het eiland niet meer toe, dus doe het dan ook lekker niet. Ik snap de intentie van Jang om ergens met deze film in uit te blinken, maar de manier waarop deze film het in het laatste kwartier wil doen lijkt me niet de goede manier. Vermakelijke, boeiende film die de rauwe vormgevingen in zijn voordeel kan trekken. Aardig stijltje, soms confronterend in beeld gebracht, maar niet genoeg om de film een 3,5* te geven.

Kim Possible (2019)

Alternatieve titel: Kim Possible: The Movie

Eh.

Disney laat zichzelf van z'n zwakste kant zien. Met de cartoons was ik vroeger nog weleens bekend, maar die pakte me nooit echt. Daar een film van maken was best een bijzondere zet gezien het complexe karakter van de cartoons. Vooral gadgets en explosieve actiescenes dus, en zoals verwacht kan deze film er maar weinig mee.

Het enige positieve aan de film is dat de castleden er nog proberen om er wat van te maken. Stanley past qua looks zo bijvoorbeeld ideaal in de hoofdrol. Giambrone komt er wat mij betreft als winnaar uit. Theatrale rol uiteraard maar zijn charme is duidelijk de koploper. Wilson is ook nog wel enthousiast, maar verdrinkt haarzelf wat in stereotyperende trekjes.

Verder is de film nooit bepaald groots en het leven van deze Kim Possible is niet bepaald interessant ondanks de grote hoeveelheid aan gadgets. Het voelt vooral aan als een zeer mak geschreven highschoolfilm die als excuus heeft dat het op een sciencefictionconcept gebaseerd is, maar geen idee heeft hoe het met dat excuus moet omgaan. De grapjes zijn tenenkrommend, de situaties vervelend en de stunts te simplistisch.

Overigens kunnen rollen als de schurken hier ook echt niet meer. Je zou denken dat een film voor kinderen boven de 9 jaar wat volwassener is, maar de poppenkast die hier wordt ingezet is wel heel merkwaardig. Kinderachtige boel die alleen kan profiteren van wat enthousiaste vertolkingen. De rest is tamelijk matig, met brakke effecten, oncreatief schrijfwerk en gewoon vervelende personages. Snel vergeten.

Kimi no Na Wa. (2016)

Alternatieve titel: Your Name

Tussenin.

Dat is voor mij het ultieme woord om dit te beschrijven, want het zit er voor mij enorm tussenin. De animatie is wederom schitterend, beter in dan zo'n beetje elke andere animatie die ik heb gezien, maar aan de andere kant vliegt dit soms behoorlijk de bocht uit.

Mooie animatie, de hele film lang, met adembenemende beelden boven het geanimeerde Japanse landschap en stad. Helaas vond ik de humor weer wederom in het eerste deel vreselijk suf. leuk zeg, elke ochtend als jongen in een vrouwenlichaam aan je kogels zitten en sommige klanken die uit de keel kwamen van Mitsuha bezorgen me regelmatig hoofdpijn.

Slechte muziekkeuze ook, veels te bombastisch en luid op een gegeven moment waarbij ik er regelmatig uit het verhaal werd gezet. Vooral richting het einde is dit vervelend. Gelukkig is het einde zelf extreem pakkend en wint een heleboel kracht, ik had nooit verwacht dit te zeggen maar ik had het graag nog wat langer door zien gaan.

Momenten waar je stil van wordt dus, maar ook momenten waarbij je met je ogen begint te rollen. Japanse cinema en ik zullen nooit compleet vrienden worden, maar als je begint te wennen, is het allemaal zo slecht nog niet.

Kimyô na Sâkasu (2005)

Alternatieve titel: Strange Circus

Mwa.

Uiteraard begrijp ik dat men hier een meesterwerk inziet, ik zie het er zelf niet in. Ik heb me er soms echt overheen moeten zetten. Niet vanwege de meerdere taboeonderwerpen die hierin voorkomen, maar vanwege het verhaal eromheen. Ik weet niet precies waarom, maar het kon me allemaal niet zo boeien.

Om te beginnen was ik wederom geen fan van het acteerwerk in Strange Circus, zoals wel gewoonlijk bij Aziatische films. Ik kan niet zeggen of dit gewoonlijk is bij Sono, want dit is pas de derde film die ik van hem zie. Er zullen er nog meer komen, maar ik moet zeggen dat ik elk personage, of ze goed of slecht waren, strontvervelend vond.

De regie is verder uiteraard sterk. Mooie sets, enkele geweldige shots en knappe versieringen. Sono heeft er voor gezorgd dat elk decor passend is. Toch was ik geen fan van het camerawerk, ondanks dat enkele scenes sterk in beeld worden gebracht. Het voornaamste probleem dat ik had was dat ik geen enkel shot echt strak geschoten vond. Alles lijkt te veel handheld, alsof iemand gewoon probeert de camera zo recht mogelijk te houden, maar daarin niet slaagt.

Verhaaltje duurt ook even voordat het opgang komt. Richting het einde staat de kijker garant voor wat verrassingen, maar dat neemt niet weg dat Sono erg veel op shock focust, tot op het irritante af. Zeker in het eerste halfuur, of het er nou bij hoort of niet. Enkele beelden zijn ook niet bepaald nodig, zoals het trappen van de vader zonder ledematen, en hierdoor komen de nodige irritaties naar boven.

Niettemin een aparte film met een apart verhaal. Je zal zeker in het begin nog niet alle knopen aan elkaar kunnen knopen. Het verhaal ontrafelt zich vanzelf en kent meerdere verrassingen. Jammer dat er naar mijn mening te veel focus is op bepaalde elementen en het acteerwerk niet aan mij besteed is. Qua regie sterk, de ondersteunende elementen trekken dit echt te veel naar beneden om een voldoende vanuit mijn kant te krijgen.

Kin (2018)

Ok.

Film die er wel leuk uitziet, en wel enige charme heeft, maar daar eindigt het dan ook gelijk weer mee. Kin is vooral een beetje een ode aan andere films van hetzelfde genre, waarvan er duidelijk een aantal naar James Cameron zijn films gaan.

Het beste aan de film is het visuele niveau. Dat wapen is best leuk en als kijker krijg je soms bijna zin om het zelf eventjes af te vuren. Bovendien zijn de explosies er ook erg overtuigend uit. Jammer dat de actie zichzelf voor de rest best inhoudt.

Acteerwerk kan ermee door. Niemand maakt echt indruk. Truitt doet het best prima, Reynor en Kravitz blijven wat achter maar doen het niet slecht. Franco doet het ook leuk, maar had gerust meer screentime mogen hebben. De rollen zijn niet erg knap uitgewerkt voor een film die verder streeft dan een standaard actie/sci-fi.

Film ziet er wel leuk uit. Leuke belichting en setting. Wanneer er actie is, maakt het redelijke indruk. Jammer dat de slotfase in het politiestation een domper is. Je verwacht een tamelijk grootste slotfase maar dan maakt hij uiteindelijk toch te weinig indruk.

Charmant filmpje, saai is het nergens, maar ergens moet je er meer uithalen. In sciencefiction is het geslaagd, in actie en drama veel minder, en daar ligt de stoorzender dan ook eigenlijk.

Kind Hearts and Coronets (1949)

Alternatieve titel: Noblesse Oblige

Intelligent geschreven en soms komische genremix die allerlei uitgangspunten kiest en daarmee zonder twijfel een ambitieus eindresultaat op tafel zet. Dennis Price zet daarbinnen een overtuigende, alhoewel soms ietwat gespeelde hoofdrol neer. Hij houdt zonder moeite de aandacht vast, maar wekt links en rechts toch de indruk dat zijn personage te nadrukkelijk van papier komt. Het verhaal zelf bevat verder genoeg inhoud om een speelduur van 106 minuten volledig te vullen, alhoewel het tempo soms onevenwichtig oogt. Vanuit regisseur Robert Hamer wordt er namelijk veelvuldig gekozen om allerlei verschillende ideeën, genres en invloeden in hoog tempo bij elkaar te voegen, maar die gaan niet altijd even goed samen Wellicht dat Kind Hearts and Coronets ook enigszins is ingehaald door moderne techniek, maar het blijft zeker kwaliteit.

Kindergarten Cop (1990)

Mwa.

Bijzonder om te zien dat Schwarzenegger ook dit soort rollen heeft aangenomen, maar klaarblijkelijk was het voor actiehelden erg leuk om af en toe een compleet andere rol aan te nemen. Dat blijkt verder ook vooral de tegenkracht van de film te zijn, want het voelt erg aan alsof de regie door twee tegenstrijdige namen wordt verzorgt.

In dit geval zijn die namen Reitman en Schwarzenegger, want de ene naam wil vooral een actievolle kant op terwijl de andere naam juist wat kinderlijker wil zijn. Deze twee tonen lopen elkaar voortdurend in de weg, zoveel dat je na enige kant plots een hele andere film te zijn krijgt dan dat je 5 minuten daarvoor zag. Beide kanten krijgen nogal wat aandacht, waardoor het toch moeilijk is om het als een enkele film serieus te nemen.

Erg grappig is het allemaal niet maar het kijkt goed weg, mede door de verrassend sympathieke personages verder. De relatie tussen de kinders en Schwarzenegger weet het vermaak goed te trekken, en bovendien zijn er maar weinig personages echt irritant. Zelfs de romantiek, een uitgangspunt dat ik normaal juist vermoeiend vind, komt hier vooral luchtig over.

Je moet ervan houden, ik denk vooral dat de Arnold fans hier wel wat mee kunnen. Anderzijds zal je jezelf vooral afvragen waarom namen als Schwarzenegger nou in hemelsnaam meespelen in dit soort films. Het is een erg typische film voor zowel hem als Reitman zelf, maar dat werkt elkaar vooral tegen in deze film omdat je in principe twee hele verschillende dingen in een enkele film te zien krijgt. Een ietwat voorspelbare finale weet daarbij niet voor het duwtje naar een voldoende te zorgen helaas.

Kinds of Kindness (2024)

Zeer apart.

Maar dat is natuurlijk ook wel het kenmerk geworden van regisseur Yorgos Lanthimos. Kinds of Kindness vormt een ultieme uiting van creativiteit, waarbinnen het budget zich goed laat lenen tot het bemachtigen van een sterke cast en genoeg financiële middelen. Deze worden dan ook effectief benut, ook al werkt niet elk hoofdstuk even goed als het andere.

The Death of R.M.F. (3,0*). Een apart eerste hoofdstuk in deze lange film. Goed geacteerd door zowel Jesse Plemons als Willem Dafoe, maar aan de andere kant iets te geforceerd vreemdzinnig. De stilering van Lanthimos laat bovendien wat te wensen over, ondanks dat de aparte inhoud genoeg aandacht vergt van de kijker. Het mysterie wordt dan ook aardig in leven gehouden, alhoewel tegengewerkt door het wat kale einde.

R.M.F. is Flying (4,0*). De overduidelijke winnaar van Kinds of Kindness. Een bijna ideale mix van duistere inslagen, mysterieuze plotlijnen en bijgevoegde humoristische toetsen. Jesse Plemons en Emma Stone spelen erg sterk, maar het is vooral de inhoud die hier met de grote trofee zwaait. Het einde is wat afgeraffeld, maar doet weinig af aan de uitstekende en oncomfortabele opbouw. De humor is bovendien sterk geïmplementeerd.

R.M.F. Eats a Sandwich (2,0*). In tegenstelling tot het tweede hoofdstuk is dit spijtig genoeg de verliezer van deze anthologie, al zal dat wel het een en ander te maken hebben gehad met de absurd lange speelduur van deze film. Lanthimos gooit er veel vreemde ideeën tegenaan en bouwt een eigenaardige wereld op, maar buiten het donkere einde valt er hier weinig in te brengen. Hierdoor eindigt Kinds of Kindness ietwat bitter, maar de algemene kwaliteit is overduidelijk.

Bij elkaar is dat precies een 3,0*. Het zal wellicht voor Lanthimos een project zijn om zichzelf te testen, maar de ruime speelduur en het weinig innemende laatste hoofdstuk gooien roet in het eten.

Kinetta (2005)

Teleurstellend debuut van regisseur Yorgos Lanthimos, die later toch een aantal hele sterke ideeën op het grote witte doek wist te toveren. Kinetta is echter vooral bezig met het opbouwen van een afstandelijke, vreemde wereld die de meeste kracht na het eerste halfuur is kwijtgeraakt. Wat daarna volgt, zijn eindeloze herhalingen van volstrekt oninteressante personages die allemaal nogal weinig in te brengen hebben. Het acteerwerk is weinig opzienbarend en de visuele regie van Lanthimos laat ook te wensen over. Iedereen moet ergens beginnen, maar dit is mal doen om het mal doen en brengt dus weinig toegevoegde waarde.

King Arthur: Legend of the Sword (2017)

Matige Ritchie.

Als regisseur maakt hij naar mijn opinie afwisselende films. Zijn regiekwaliteiten liggen uiteraard hoog, maar z'n klassieke debuutfilms hebben me nooit enorm overtuigd. Later, toen hij wat meer voor de commercie van Hollywood ging werken, heeft hij zeker aardige films geregisseerd. King Arthur behoort helaas tot zijn mindere werk en voorbeeldig voor een commerciële Ritchie-uitglijder.

King Arthur is de eerste 20 minuten goed te pruimen. Ik moest even mijn verwachtingen bijstellen toen er gigantische monsters op kwamen dagen gedurende de opening, maar daarna neemt het verhaal enige tijd afstand van fantasy. Uiteraard is het bronmateriaal niet waargebeurd, maar om er een soort mythologisch spektakel van te maken lijkt me onhandig. Zeker omdat het nooit echt goed met het directere verhaal wordt vermengt door Ritchie. Normaal gesproken ben ik een voorstander van groots monsterspektakel, maar in deze film zit het vooral in de weg en vloekt het met de setting.

In het begin pakt Ritchie een aantal keer uit met flashbacksequenties die lollig gemonteerd zijn en een eigen sfeertje hebben. Een sfeer die soms dromerig van toon is. Diezelfde toon wordt uiteindelijk echter overgezet naar het tegenwoordige tijdsverhaal, maar dan in de vorm van ellenlange herhalingen waarin Hunnam keer op keer kennismaakt met de magische krachten van dat zwaard. Tegen de finale aan had ik uiteindelijk niet eens meer door dat we al in het eindgevecht zaten omdat de film steeds als een soort flashback blijft aanvoelen.

Niettemin is de aankleding van de film kundig, maar dat had ik wel verwacht van Ritchie. Bovengemiddelde filters, fraaie decors en scherp geschoten actiescenes. Wanneer fantasy bij de actie wordt geploft verliest het wat focus, maar de normalere actiescenes schieten lekker door met de raid op Londinium als hoogtepunt. Aan een kleine moderne touch links en rechts heb ik me niet gestoord. Ik mag het wel dat een regisseur zo'n oud verhaaltje verfilmd en daar een moderne regiestijl aan toekent. Zeker het camerawerk is daardoor verrukkelijk.

Structureel is King Arthur een behoorlijke rommel en uit een hoop andere elementen wordt nauwelijks de potentie benut. Ik vond Frisbey stiekem wel een gaaf personage spelen, maar Ritchie maakt er een soort prinses die uit de toren gered moet worden van. Nauwelijks komen haar krachten aan bod. De overige ridders moeten we ook kennen, maar eigenlijk zag ik ze vooral achter Hunnam aan huppelen zonder dat ze bekend bij me werden. In dat opzicht had de film waarschijnlijk langer moeten duren, maar 126 minuten is eigenlijk al heel ruim voor een spektakelfilm als deze, dus het moet er maar mee door. De film zelf is gelukkig lekker vermakelijk. Ritchie zal in de toekomst nog weleens een klein meesterwerkje afleveren.

King Knight (2021)

Tegenvallende Bates Jr.

Als regisseur lijkt hij zich erg goed te beseffen waar hij wil zitten en hoe zijn films eruit moeten zien. Het droogkomische dat hij altijd in zijn films stopt is een herkenbaar element als je zijn vorige projecten hebt gezien. King Knight is daar niet bepaald anders in, maar hier is het eerder het concept dat de film integraal weet tegen te werken.

De eerste 15 minuten zijn echter makkelijk te behappen, vooral door de sterke regiestijl die daar hangt. Het betreft namelijk een uitgebreide introductie, maar zoals wel vaker met dit soort films knalt de flow eruit eenmaal de film aan zijn kern begint. Het voornaamste probleem is dat de kern niet zo indrukwekkend is. Een plot over heksen in een moderne setting, het is al niet bepaald het meest interessante gegeven.

Verder leunt de film redelijk op zijn audiovisuele kwaliteit en in de eerste helft kent het daarmee wat degelijke beelden. Opgefleurd met wat leuke rollen (Gubler lijkt zich helemaal thuis te voelen bij Bates Jr.) en aardig acteerwerk zit de film hier wel op de juiste plaats, maar richting de helft maakt het een draai en werkt de humor het geheel plots juist tegen. Waar eerst nog een leuk verhaal werd opgebouwd, wordt uiteindelijk toch wat haastig en gemakkelijk opgelost en afgesloten.

De finale vond ik eigenlijk al helemaal afgeraffeld, al is die indruk niet altijd makkelijk te wekken omdat de film zich uitgebreid focust op z'n humor. Humor die alleen na ongeveer 30 minuten helemaal is opgebrand. Wanneer er wat sentimentelere momenten tussen zitten poppen die er nooit tussenuit, maar ook het audiovisuele aspect laat de film in de finale erg in de steek. Daar voelt het plots namelijk aan als een film waarvan de regisseur was weggelopen met een achtergrond die veel te kaal wordt ingericht.

King Knight is apart en kort, en daardoor nooit een vervelende opgave. Niettemin moet ik dit wel bestempelen als het zwakste project waarmee Bates Jr. is komen opdagen. Heeft in zijn vorige films toch een wat consistentere toon aangehouden met iets beter uitgewerkte verhalen. Zeker dat tweede knalt er bij King Knight uiteindelijk uit en kijk je naar een film die op geen enkel vlak meer kan charmeren. Zonde van het vlotte begin wel.

King Kong (1933)

Leuk avontuur.

Ik verkies wel de remake uit 2005, puur omdat ik daar ook echt in volledige spanning zat. Hier kwam die eigenlijk pas in het tweede deel, maar de gehele film is dan ook eigenlijk opvallend boeiend. Zo zie je maar dat stop-motion ook vroeger leuk was.

Zo spectaculair als de 2005 is het (zoals verwacht) bij lange na niet, maar deze is op sommige stukken nog heel leuk eigenlijk. Vooral eenmaal het avontuur een beetje op gang komt gaat de film in een hoog tempo aan je neus voorbij.

Stop-motion is erg grappig. Heel serieus kan je de grappig kijkende aap niet nemen, maar het heeft toch wel een bepaald soort charme hier. Het zorgt er ook voor dat ze de grote dino's en andere beesten wel neer kunnen zetten ermee.

Voor de rest is het cameragebruik opvallend statisch, zeker omdat het wel flink los gaat bij aap op gebouw. Het zorgt er wel voor dat het avontuur niet heel intens, maar vooral vermakelijk gebracht is uiteindelijk. En dat is hier wel goed genoeg.

Acteerwerk is niet heel bijzonder. Dat geschreeuw ging me wel een beetje in de weg zitten op een gegeven moment. Maar het is vooral de actie die hier dan centraal staat, en dat is dan ook het element dat het best geslaagd is.

Erg leuke actie en avontuur, zeker voor die tijd. Heb je goed vermaakt, en bovendien duurt de film precies lang genoeg om te blijven boeien. Lekker tempo, kom ik weinig tegen in films uit de jaren 30.

King Kong (2005)

Leuk!

Na de LOTR trilogie waagde Jackson zich aan een remake. Van de goede oude splatterfilms heb ik nooit meer wat vernomen. Wat ik wel jammer vind, maar ook niet erg omdat Jackson vrolijk verder gaat met zijn lange en epische verhalen.

Het origineel heb ik nog nooit gezien, en daar heb ik vrij weinig behoefte aan. Films van 1930 heb ik nog erg interessant gevonden. Ze liggen me gewoon niet. King Kong is een film die veel indruk op me maakte. Vele scenes waren lekker spannend gebracht en aan creativiteit qua monsters ook geen gebrek.

Top deel. Heb me niet verveelt, begint wat traag maar daarna is het plezier pas echt aan het beginnen. Wel is het gebruik met greenscreens soms wel heel duidelijk, en daar verliest de film wat schoonheid puntjes. Voor de rest leuk.

King of Comedy, The (1982)

Scorsese goes comedy.

Ik had het niet snel verwacht, al is er wel ooit met dezelfde aanpak één van mijn favoriete films ooit mee uitgekomen. De hoop dat deze film eenzelfde effect zou bereiken was dan ook groot. Ik denk alleen dat ik me er nu wel echt bij moet gaan neerleggen dat Scorsese niet snel aan mijn smaak zou kunnen voldoen.

De Niro is vanuit het perspectief van Scorsese een erg logische keuze voor de rol. Toch had ik nogal moeite om hem als acteur serieus te nemen hier. Zelf heeft hij er zichtbaar lol in om een doorgeslagen en energiek personage te spelen, voor mij was hij vooral vervangbaar. Wellicht dat de focus ook gewoon teveel op zijn personage lag, al heb ik liever de lampjes op hem dan wat Bernhard hier aan het doen was.

De regie is soms knap. Het camerawerk was ik zeer over te spreken, al helemaal wanneer er met wat chaos gewerkt moet worden. Het verhaal zelf loopt, maar kent geen verrassingen. Wellicht dat het naar het einde toe wat meer opgeblazen is, maar ik kon geen elementen bespeuren die me echt hebben weggeblazen. De komedie zelf ook niet, en dat was voor mij het grootste gemis. Het is te druk en in-your-face om echt leuk te zijn. Een iets te wanhopige poging om wat gelach uit het publiek te persen.

Klaarblijkelijk was de film goed genoeg om een hele status te krijgen evenals een absurd hoog gemiddelde voor een film. Voor mij is het eigenlijk niet veel meer dan een doodnormale komedie die soms net wat drukkender overkomt. Ik kan net zo goed een cartoon kijken met eenzelfde soort opzet en er precies dezelfde reactie uitkrijgen. Ach, slecht was het niet. Alleen ook niet bepaald de banger die ik had verwacht.

King of Killers (2023)

Het concept klinkt veelbelovend, maar regisseur Kevin Grevioux lijkt te regelmatig geïnteresseerd te zijn in de vlakke uitdieping van de hoofdpersonages. Het ontgaat me elke keer weer waarom dit soort vechtfilms zoveel tijd moeten spenderen aan achtergrond en bijkomende dramatiek, aangezien het zelden een toegevoegde meerwaarde vormt. Eenmaal de actie in beeld wordt gebracht leeft de film op, zeker aangezien de technieken van Grevioux als regisseur niet onaardig zijn. Snel geknipt, prima gemonteerd en kleurrijk opgeleukt, King of Killers maakt een lekker moderne indruk. Ik heb daarnaast altijd een zwak gehad voor Frank Grillo en blijf het jammer vinden dat hij zich enkel laat zien in B-films. Dit geheel is binnen Grillo's loopbaan net wat beter, maar de onzinnige uitrekking van de plot zorgt voor een onevenwichtig tempo waardoor de film geregeld vervalt in saaiheid.

King of New York (1990)

Degelijke misdaadfilm met een taai middenstuk, wat toch een teleurstellende indruk achterlaat na een goed begin en een sterk einde. Christopher Walken is echter uitstekend gekozen voor de hoofdrol en regisseur Abel Ferrara kleurt deze gewelddadige wereld doeltreffend in, met een aardige balans tussen actierijke gebeurtenissen en stillere spanningsopbouw. Alhoewel de gebruikelijke clichés zoals opbloeiende romance en allerlei dramatische poeha het gebeuren geregeld in de weg zitten, wil King of New York daardoor altijd wel boeien. Toch is de tweede akte wat zwaarder en kan Ferrara niet veel meer buiten de luidruchtige momenten om, waardoor de volledige potentie niet wordt benut.

King of Staten Island, The (2020)

Prima.

Het blijven altijd aparte keuzes om comedians in de hoofdrollen te plaatsen van gedeeltelijke dramafilms. Ik had iemand als Pete Davidson niet snel in dit soort rollen kunnen zien. Ik weet wel dat hij een verleden draagt dat goed bij deze film aansluit, maar niettemin had ik hem altijd als iemand geschat die vooral op het podium blijft staan.

Ondanks het hoge tempo van de film dat door middel van wat snelle editing gaat kon de film me op een emotioneel vlak niet echt pakken. Er zitten genoeg momenten in de film waarbij ik vanuit ga dat je als kijker sympathie moet kunnen opbrengen, maar in mijn geval bleef dat achter. Naar mijn optiek moet deze film het eerder hebben van de onderlinge chemie tussen personages.

Verder mis ik wat extra regie op de momenten die je echt bij moeten blijven. Op dat vlak laat de film me best koud. Gelukkig valt er tussendoor in het algemeen wel genoeg te beleven. Tot echt lachen kwam het niet, maar het acteerwerk is bovengemiddeld en het verhaal gaat wel degelijk ergens heen. De speelduur, die relatief lang is met 136 minuten, wordt nergens echt gevoeld.

Al bij al mis ik wat betrekking. The King of Staten Island kreeg me toch niet helemaal mee en dat is jammer, want Judd Apatow is wel een aardige naam in het bij elkaar krijgen van drama en komedie. Bij deze film is het vooral of drama of komedie lijkt het, maar het resultaat daarvan is een film die me niet zo bij is gebleven als dat ik zelf had gehoopt.

King Richard (2021)

Overtuigende en boeiende dramafilm die door het wangedrag op de Oscars van hoofdrolspeler Will Smith spijtig genoeg met een negatief effect de geschiedenisboeken in zal gaan. Dat neemt niet weg dat regisseur Reinaldo Marcus Green een interessant portret schildert van de familie Williams zonder te veel hooi op de vork te nemen. Zo wordt de periode niet onnodig uitvergroot en worden voornamelijk enkele doeltreffende hoogtepunten ertussenuit geplukt. Over de grote lijn is het acteerwerk overtuigend en zijn de stijlkeuzes effectief, maar de personages worden spijtig genoeg geen moment sympathiek. De tenniswedstrijd gedurende de finale vond ik bovendien weinig overtuigend door de nogal jonge indruk van Saniyya Sidney, waardoor dat gehele stuk ontdaan is van de nodige spanning.

King's Daughter, The (2022)

Mwa.

Had de film links laten liggen als Scodelario niet mee deed, want ik vind haar als actrice steeds leuker worden. Ondanks dat ze niet echt de juiste rollen kiest en haarzelf te vaak in basic dingetjes plaatst lijkt er altijd een drijfveer te zijn die haar overtuigender maakt. Misschien dat ze binnenkort wel echt een project moet kiezen waarin ze meer ruimte heeft.

The King's Daughter is een erg ouderwets sprookje overgoten met een modern sausje. Alleen vergaten ze tijdens het schrijven van de film een aantal gaten in het verhaal, want het springt iets te vaak van de hak op de tak. Rommelig, soms ook te makkelijk. De eerste helft kent dankzij de humor en verrassend genoeg verwijzingen naar volwassen onderwerpen nog een pass, maar de serieuzere tweede helft crasht te veel.

Jammer dat het uiteindelijk verzandt in een verhaal dat volledig ouderwets is en daarbij de modernere inslag dropt. Het is behoorlijk zonde, want NcNamara leek daadwerkelijk plannen te hebben voor zijn film. Het ziet er mooi uit met een goed oog voor detail. Regelmatig loopt de film over van een vrolijke sfeerzetting en de effecten zijn tevens niet mis.

Het verhaal kent genoeg tempo en ik vond de rol van Brosnan best grappig. Het leuke is dat het zich een aantal keer op leuke manieren weet te onderscheiden. Het jammerlijke is dat het zeker naar de finale toe vergeet dat het onderscheidend was. Ik wilde het een voldoende toekennen, maar het toch wat rommelige verloop zorgt ervoor dat ik de film op een 2,5* laat bungelen.

King's Man, The (2021)

Zonde.

Overigens ook meteen de minste film die ik vanuit de hand van Matthew Vaughn vind komen. Altijd een regisseur geweest die mij zeer kon charmeren, al heeft hij hier vooral in het nadeel dat hij vergeten lijkt te zijn wat zijn Kingsmanfilms eigenlijk voor uitwerking hadden. The King's Man lijkt namelijk nergens op een Kingsmanfilm.

Wel op een film die de gewoonlijke extraatjes van Vaughn includeert. Dat betekent stilistisch wat mooie beelden, lollig camerawerk en meerdere trucages. Eerst moet je jezelf echter door een uur bestaande uit saaie personages, onnodig veel sentiment en een verhaal dat niet echt past binnen een Kingsman-universum heen worstelen. Wellicht dat dit laatste wat oneerlijke kritiek is, maar dat verwacht je wel als je aan een Kingsmanfilm begint, namelijk een luchtige film die sentiment negeert en lekker tempo aanhoudt. Daar is in The King's Man nauwelijks sprake van.

Overigens weet ook het acteerwerk maar matig te overtuigen. De enige die goed in de film past is Fiennes, de rest kon ik maar moeilijk slikken. Dickinson is vooral te braaf, net als Arterton. Hounsou wordt altijd te veel in een wat ondankbare bijrol geplaatst en om over Ifans maar helemaal te zwijgen. Aan vreemde personages zeker geen gebrek, aan leuke personages echter wel.

Dan komt het aan op actie, altijd een belangrijk onderdeel geweest binnen Vaughn-films. Ook hiervoor moet je dik een uur wachten voordat de eerste echt degelijke scene om de hoek komt kijken. De finale kan er ook zeker wel mee door, maar voelt niet echt aan als een echte finale, eerder een actiescene die je normaal gesproken in het midden van de film aantreft. Voor een film die 131 minuten duurt is dat wel zonde.

Uiteindelijk is het wel vakkundig in elkaar gestoken, dat zeker. Er worden mooie details in scenes gestopt, de versiering is goed en de cinematografie is sterk. De camera danst vrolijk met elke scene mee, maar het voornaamste probleem dat ik met The King's Man heb is dat ik het ook regelmatig gewoon lame vond. Dit soort films zijn altijd wat karikaturaal en deze is daarin niet anders, maar vervolgens worden er ook best zware scenes aan toegevoegd en dat is waar het misgaat. Vaughn krijgt sentiment en luchtigheid namelijk maar moeilijk bij elkaar, en zeker het eerste uur is daardoor maar moeilijk te slikken. Niet slecht, maar wel een serieuze teleurstelling.

King's Speech, The (2010)

Doorsnee Oscarwinnaar.

Dat klinkt misschien wat vreemd, maar ik vind dit soort films wel echt de typische soort films die de oscars winnen. Meestal gebaseerd op een waargebeurd verhaal, met een grote namen cast en een dramaverhaal. Deze is ook zeker niet anders.

Firth is best prima bezig desondanks. Echter, ondanks dat hij soms best sterk bezig is, is de Engelse humor (vast wel zo bedoeld) soms iets te geforceerd en sterk aangezet. Het is iets te awkward om echt grappig te zijn en te sterk aangezette Engelse humor ligt me nooit volledig.

Rush is ook bovengemiddeld bezig, maar krijgt voor de rest verrassend weinig om zichzelf een beetje mee te bewijzen. Het is vooral de typische "bijpersonage" waarbij je de chemie en band tussen Firth en Rush al vanaf het begin kan uittekenen.

Bovendien rook ik weinig chemie tussen de twee. Nergens is het meeslepend, ontroerend, grappig of met enige impact. Wel tamelijk entertaining, er gebeurd net genoeg om het boeiend te houden, maar voor een Oscarwinnaar met zo'n gemiddelde verwacht ik simpelweg gewoon meer bijzondere materialen.

Wat wel goed gelukt is is de sfeer. Er hangt duidelijk een oud sfeertje dat goed is neergezet en sommige scenes zijn ijzingwekkend sfeervol in beeld gebracht. Denk maar aan de eerste speech in het stadion maar ook zeker de laatste "King's Speech". Qua regie zit het dus allemaal wel goed.

Maar voor de rest vooral niet al te bijzonder naar mijn mening. Je komt er wel snel doorheen en de sfeer is correct gedaan, maar voor de rest is er weinig vonk in de chemie en dan heb je gewoon acteurs die goed acteren. Misschien ook beter geweest als de wat dommige humor even wat minder geforceerd aangezet was.

Kingdom of Heaven (2005)

Saai.

Ik kan het niet mooier maken dan dat. Ridley Scott is zonder meer een erkend regisseur, maar zijn regiestijl heeft me nooit volledig gecharmeerd. Soms pakt hij krachtig uit met zijn cinematografie en dat kan zijn film(s) redden. De klassiekers uit het begin van zijn carrière brachten een wisselende reactie uit me voort. Ook deze vond ik tegenvallen.

Kingdom of Heaven lijkt wel te steunen op een accuraat verhaal. Veel interne detaillering naar de personages. Zullen qua persoonlijkheid wel wat sterk aangezet zijn, verder voelt het best 'echt' aan. Helaas voor Scott ben ik geen topper in geschiedenis, dus daar zal je nooit punten bij of af kunnen laten trekken bij mij. Misschien was dat ook wel goed, want het had zomaar een grote dosis onzin kunnen zijn.

Acteerwerk viel sterk tegen. De acteurs vervagen letterlijk zowat in de stof die in de woestijn naar boven trekt. Bloom is compleet onzichtbaar als onze held en geen enkele dialoog komt er overtuigend uit. Green maakt een wat betere indruk maar Scott geeft ook haar maar weinig ruimte om deze goed los te laten. Verder veel bekende acteurs in rollen die groot moeten zijn, maar nergens indruk achter laten.

Ik vond vooral de gevechten nogal rommelig gefilmd met matig camerawerk. Veel oplaaiend stof, veel geschud, maar geen enkel moment waarvan ik dacht "dat vind ik cool!". De derde akte staat vol met actie, dus mij overtuigen dat Scott zich niet richtte op de presentatie daarvan gaat niet lukken. Groots is het wel, en gelukkig ook praktisch, maar verder eerder een saaie en droevige boel die ze laten zien.

Dit was mijn film helaas niet. Qua verhaal nog wel aardig, maar de uitwerking vond ik eerder doodsaai. Waar het moet scoren faalt het. Richting het begin zag ik echter nog wel stukjes die ik er mooi uit vond zien. Toen ze in de woestijn aankwamen verdween dat als sneeuw onder de horizon. Wel vreemd, want je hebt een ervaren regisseur in een jaar waar de techniek echt niet zo ver achterliep dat je een woestijn niet tot leven kan brengen. Toch lukt het Scott niet. Extra punten voor praktische elementen, wat aardige vormgevingen en daadwerkelijk rauwe beelden van geweld. Verder kan de film me gestolen worden.

Kingdom of the Planet of the Apes (2024)

Regisseur Wes Ball mag na drie films binnen een filmuniversum dat hij zelf heeft opgestart eindelijk een overstap maken naar een andere wereld. Een wereld die weliswaar al volledig is ingekleurd met een boel voorgangers, maar gelukkig krijgt Ball genoeg ruimte om er zijn eigen draai aan te geven. Heel opvallend wordt die kans verder niet benut, maar hij mag met een boel extra centjes spelen en dat levert bovengemiddelde wereldschepping op. De productie wordt bijgestaan door goed acteerwerk, waartussen specifiek Freya Allan opvalt binnen een rol die oprecht moeilijk te spelen is maar overtuigend wordt neergezet. Kevin Durand stelt echter teleur, voornamelijk omdat het scenario zijn rol te weinig voorziet van kleur. Kingdom of the Planet of the Apes ondervindt minpunten met het gebrek aan sensatie, een te lang uitgesponnen speelduur en een uitgekauwde inhoud, maar profiteert van mooie visuele beelden, een aandoenlijk tempo en een leuk in elkaar gestoken finale.

Kingdom, The (2007)

Half geslaagd.

Peter Berg staat bij mij in het boekje als een regisseur die eigenlijk gewoon snelle actiefilms maakt met een hoog budget. Zo heeft deze film ook weer eens 70 miljoen gekost, en dat is nog niet eens dichtbij de 200 miljoen van zijn latere Battleship .

Het is gewoon half geslaagd uiteindelijk. Dit soort films mag ik altijd wel, al moet er dan wel wat te beleven zijn uiteindelijk. Berg wil zijn film graag realistisch maken, maar dit is niet helemaal gelukt. Want meneer Berg maakt zijn personages onnodig arrogant waardoor je dat allemaal niet meer serieus kan nemen.

Foxx is wel een cool personage hiero, altijd leuk om Garner weer te zien. Bateman is prima, Cooper is te Amerikaans en arrogant voor mij. Maar diegene die er echt bovenuit stijgt voor mij is Barhom als Al Ghazi. Hij een Foxx zijn een interessant duo de hele 110 minuten lang.

De opening zet wel degelijk de donkere toon, maar zo zwaar als dat is de film daarna niet echt meer. Richting het einde is het weer even spectaculair, en herken je de snelle actie van Berg weer een beetje terug. De spanningen tussen de 2 culturen is best goed versterkt door het wat nerveuze gebruik van de camera.

Jammer dat de personages een beetje te Amerikaans en heldhaftig zijn. De Arabieren worden soms onnodig dom neergezet, en de Amerikanen zo ook onnodig intelligent. Scenes zoals Garner die dat kleine meisje een lolly geeft en Cooper die zo nonchalant bezig is hadden van mij niet echt gehoeven.

Kortweg, het resultaat had sterker gekund, maar Berg komt wel een eind. Ik ga nog eens wat meer van zijn werk bekijken.

Kingsman: The Golden Circle (2017)

De herziening rechtvaardigt een stijging in het cijfer, ook al kan The Gorden Circle zeker niet tippen aan het voorgaande hoofdstuk. The Secret Service had het voordeel gebaseerd te zijn op daadwerkelijk stripboekenmateriaal, terwijl dit vervolgdeel een geheel ander verhaal vormt. In bepaalde mate zie je als kijker de krampachtigheid waarmee regisseur Matthew Vaughn en zijn team leven proberen te geven aan het gecreëerde bombast, maar het beklijft een aanzienlijk stuk minder. De inhoud kent een ongekend melige vormgeving en er zit veel te veel ruimte tussen de actiescenes. Wanneer de kogels in het rond vliegen weet Vaughn echter goed wat vermaak moet inhouden en haalt door middel van modern camerawerk en vlotte effecten strak uit. Het acteerwerk is bovendien overtuigend en de lange speelduur verveelt geen moment, maar de kracht begint met dit deel toch uit de reeks te kruipen. Het opvolgende deel zat zelfs onder de middelmaat.