Meningen
Hier kun je zien welke berichten Brix als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Baby Balloon (2013)
Naargeestig bestaan, in een grauwe omgeving, met muziek als uitlaatklep.
Muziek heeft die kracht om je er doorheen te slepen wanneer niets anders dat nog lijkt te kunnen (ik spreek uit eigen ervaring)
Sterk acteerwerk van Ambre Grouwels.
Toch een te fragmentarisch geheel, ook al duurt de film 104 minuten.
Ballad of Buster Scruggs, The (2018)
Correctie(s)
Gewoontegetrouw lees ik mijn eigen schrijfsels achteraf nog eens na, om te zien of er missers in zitten.
Zo ook deze keer, maar helaas te laat om nog te kunnen corrigeren.
Bij deze doe ik dat toch nog maar even:
"geschreven door Bob Nolen" moet zijn : geschreven door Bob Nolan (ere wie ere toekomt)
en
Toen ik de naam Clarence hoorde wist ik al zo'n beetje waar het naartoe ging met dat verhaaltje.
Wie "It's a Wonderful World" kent weet wel waarom.
Moet zijn: Wie "It's a Wonderful Life" kent weet wel waarom.
Muggenziften misschien, maar toch. 
Bande des Schreckens, Die (1960)
Alternatieve titel: Hand of the Gallows
Op enkele delen na heb ik alle Duitse Edgar Wallace films wel meerdere keren gezien.
Na recente aankoop van een 33 DVD-box met alle Harald Reinl E. Wallace films ben ik bezig met de hele serie opnieuw te bekijken.
Die Bande des Schreckens is een van de eerste producties in die reeks, en had ik nog niet eerder gezien.
Ik mag wel zeggen dat ik aangenaam verrast werd, want deze reken ik toch bij de betere delen (al zijn dat er nogal wat
)
"Blacky"Fuchsberger, mijn favoriete acteur in de serie, geknipt voor dergelijke rollen, is ook hier weer uitstekend op zijn plaats, net als de altijd leuke droog-komiek Eddie Arent.
Karin Dor is altijd een pluspunt, had ook D'Or mogen heten van mij.
Horror zie ik, net als anderen hier, ook niet in de film, en hoeft ook niet voor mij.
Het is wat het is, een sfeervolle vlotte misdaadfilm, die alle kenmerken van de reeks heeft.
Wel een beetje vreemd dat de stem van Dieter Eppler mij vreemd in de oren klonk.
Die heeft een onmiskenbaar timbre, en dat herkende ik hier absoluut niet.
Nagesynchroniseerd, en zo ja...waarom?
Uitermate geschikt voor lange/late winteravonden (of nachten)
Maar dat zei iemand hier ook al eerder.
Op naar de volgende!
Bandidos (1967)
Alternatieve titel: You Die... But I Live
Een stuk beter dan het gros van de spaghetti westerns.
Veel beter dan (om er maar een te noemen) A Fistful of Dollars.
(Bij die film en bij For A Few Dollars More was regisseur Massimo Dallamano trouwens als Director of photography betrokken)
Het verhaal is goed, met wat aardige vondsten, en de hoofdacteurs zijn degelijk.
Helaas ook wat spaghetti-eigen minpuntjes, maar die zijn wel te verwerken.
De body-count is extreem hoog.
Goed camerawerk en redelijke muziek.
Deze zou meer bekendheid verdienen.
Behandeling, De (2014)
Alternatieve titel: The Treatment
Sterke thriller die me geen moment los liet.
De spanning blijft van begin tot op het einde aanwezig.
Goede keuze om eens wat minder bekende acteurs en actrices te casten.
Met uitzondering van Ingrid De Vos, en Michael Vergauwen zitten er voor mij weinig bekende gezichten in.
Perfect is het zeker niet allemaal, MM gebruiker Ebenezer Scrooge haalde de missers al aan in zijn recensie, maar desondanks werkt het als geheel wel.
Een beklemmende film, met een schrijnend thema, zo ranzig als 't maar kan, die blijft hangen.
Belle Starr (1980)
Een te onbekend western pareltje met een werkelijk geweldig spelende Montgomery, die hier een sterke vrouwenrol neerzet.
Er is geen enkele acteur of actrice in de film te vinden die zijn of haar rol niet goed vertolkt.
Zelfs de kleine Michelle Stacy (Belle Starr's dochtertje Pearl) speelt verbazend goed.
Een extra vermelding voor Geoffrey Lewis als de hypocriete dominee Meeks.
Een schitterende scene is die waarin
Mooi gefilmd, en met een pracht van een nachtelijke schietpartij.
Het ware verhaal van Belle Star is wel wat verdraaid, en het einde te abrupt.
Ik denk dat de film een minuut of twintig langer had mogen duren om het juiste verhaal op het scherm te krijgen.
Toch kan ik de film in deze versie ook zeer waarderen.
Wat mij betreft de ontdekking van het jaar tot dusver op westerngebied.
4*
Bells of St. Mary's, The (1945)
Voor mij was deze film toch nog een stukje leuker dan zijn voorganger (Going My Way-1944)
Dat is vooral de verdienste van Ingrid Bergmann, die heel sterk is in de rol van zuster Benedict.
Een zuster om verliefd op te worden, maar dat mocht Father O'Malley (Crosby) natuurlijk niet
De boksles die Bergmann geeft aan een van de schooljongens is hilarisch, en een hoogtepunt van de film.
Ook leuk om Henry Travers, die engel Clarence speelde in "It's a Wonderful Life", hier ook weer in te zien.
Deze keer als "harde" zakenman Horace P. Bogardus.
Zeer van genoten.
Deze voeg ik toe aan mijn lijstje met opnieuw te bekijken films gedurende de Kersttijd.
Benoît Brisefer: Les Taxis Rouges (2014)
De stripliefhebbers van de avonturen van Steven Sterk (daar ben ik er zelf een van) zullen hier niet veel op aan te merken hebben.
De film volgt het originele stripalbum (uit 1962) "Steven Sterk en de rode Taxi's" vrijwel op de voet.
Bovendien is de kleine Leopold Huet een goede keuze voor de rol van Steven (Benoît)
Alleen zijn haar had wat blonder mogen zijn.
De special effects zijn ook behoorlijk goed.
Een leuke jeugdfilm, en beter geslaagd in de omzetting van stripverhaal naar film dan in de meeste andere gevallen, ook al blijft het stripverhaal toch net iets leuker.
Vreemd dat deze film geen ondertitelde DVD release voor België en Nederland heeft gehad (tenzij ik die gemist heb)
TV5Monde bracht in dit geval wel uitkomst.
Beside Bowie: The Mick Ronson Story (2017)
Na vanavond voorafgaande aan deze docu een andere, over David Bowie, gezien te hebben, die ik maar met moeite kon verduren, aangezien die als persoon en muzikant mij totaal niet aanspreekt, was dit wel een verademing.
Het ontbreken van een nadere kijk op Ronson's gitaarsound en stijl, dat al eerder genoemd werd door Roger Thornhill , zie ik ook wel als een grote misser.
Ik kende Ronson in feite meer van naam dan van veel te hebben gehoord.
Hij komt in deze film naar voren als een gedreven en zeer getalenteerde muzikant; die bij vele collega's geliefd was, maar ook schandalig uitgebuit werd.
Triest dat hij veel te vroeg heenging.
Ik hoorde zowel in de docu over Bowie als ook in deze dat Bowie Ronson "zijn Jeff Beck"noemde.
Dat lijkt mij wel een wat ontoepasselijke uitspraak, alleen al vanwege de zo verschillende stijlen van spelen.
Ronson zal daar vast en zeker ook niet blij mee geweest zijn destijds lijkt mij.
Zelfs al is de vergelijking met giga-gitaarfenomeen Beck op zich wel een grote eer 
Leuk om blueszangeres en actrice Dana Gillespie ook nog een paar keer aan het woord te horen.
Ik had er geen idee van dat die ooit in het Bowie kliekje thuis hoorde.
Voor mij was dit in ieder geval geen lange zit.
Bianco Apache (1986)
Alternatieve titel: White Apache
Een van de zeldzame Italiaans/Spaanse westerns met Indianen.
De Apaches zien er niet eens zo slecht uit, zeker niet slechter dan de Joegoslaven die de Duitse Karl May westerns destijds bevolkten.
Hun kleding is zelfs authentieker.
De locaties in het rotsgebergte zijn uitstekend en doen niet onder voor Amerikaanse.
De muziek is in orde, en hoofdrolspeelster Lola Forner een echte beauty.
Geen wonder dat ze in 1979 gekroond werd tot Miss Spanje, en deel nam aan de Miss World 1979 en Miss Europe 1980 verkiezingen.
Een filmset herkende ik nog van Once upon a Time in the West.
Hoe jammer dat men geen acteurs voor de film engageerde die op zijn minst de grondbeginselen van het acteren machtig waren.
Het is ongelooflijk hoe een regisseur zoiets op het scherm durft te brengen, al zegt het ook veel over zijn eigen kunnen.
Degene die de dialogen schreef mag mee in het verdomhoekje.
Big Trail, The (1930)
Visueel imponerend spektakel, zeker in de breedbeeld versie.
Beslist een van de grootst opgezette westerns ooit.
Je kan duidelijk zien dat het voor mens en dier niet gemakkelijk geweest moet zijn tijdens de opnames.
Als het werkelijk waar is dat er zeven mensen bij zijn omgekomen, hoeveel dieren zijn er dan gesneuveld vraag ik mij af?
Die werden afgebeuld, daar kun je niet langs kijken.
Een remake zouden ze hier nooit van kunnen maken met deze impact (en maar goed ook)
Het acteerwerk is nog te doen zolang maar niemand spreekt, want dat is doorgaans van amateurtoneel niveau.
Het was natuurlijk erg wennen voor de acteurs en actrices, zo kort na de silent films, dat begrijp ik wel, maar nu komt het toch nogal storend over.
Pluspunt vind ik de vele echte Indianen die er meededen.
Hun dialogen komen natuurlijker over, al versta ik er geen malle moer van 
Birkebeinerne (2016)
Alternatieve titel: The Last King
Gedurende de volle 99 minuten optimaal genoten van deze prima Noorse productie.
Voldoendes over de hele lijn: acteerwerk, stuntwerk, choreografie van de gevechten, de adembenemende achtervolgingen per ski's en (IJslandse en Noorse) paarden, de fantastische locaties , de muziek, de kostumering en de uitstekende fotografie.
Het prachtige noorderlicht was zelfs ook nog te zien.
Massascènes miste ik totaal niet.
Er werd hier optimaal gebruik gemaakt van het aantal acteurs.
De Noorse taal helpt ook, en is honderd procent overtuigender dan er weer een Hollywood versie van te maken.
Dikke 3,5* (neigend naar 4)
Black Jack (1968)
Alternatieve titel: Black Jack - Un Uomo per 5 Vendette
Dit kan in het kort:
Pluspunten: De Israëlische locaties, de muziek en de goed ogende actrices (in kleine rollen, sommigen niet eens met naam genoemd)
Minpunten : de zwakke acteurs (Mimmo Palmara is nog de minst slechte)
Grootste minpunt: hoofdacteur Robert Woods, niet te doen die man.
Klaar.
2* is nog genadig
Black Spurs (1965)
Via DVD eindelijk nog een keer kunnen bekijken.
Mijn eerdere mening blijft gehandhaafd, maar er zijn wat minpuntjes die me nu opvallen.
Te beginnen bij het begin: de titelsong, gecomponeerd door B. Dunham en Jerry Haskell.
Een song die later voorbeeld geweest moet zijn voor heel wat spaghettiwestern tunes (al waren de teksten van die wel veel slechter)
Minpunt is de zanger, Jerry Cole, die met een geknepen stem die eerder aan Gene Pitney doet denken probeerde om Frankie Laine te benaderen.
Dat zoiets geen succesvol resultaat zou opleveren mag duidelijk zijn.
De cast is bezet met een buitengewoon groot aantal vertrouwde western gezichten.
Dat is de verdienste van producer A.C. Lyles, die ( in de jaren '60) bij voorkeur met (oudere) westernacteurs werkte.
Manuel Padilla Jr. is de uitzondering, en past helemaal niet in het geheel, maar dat deed hij doorgaans toch niet in de films waarin ik hem zag.
Zijn aanwezigheid in Tarzan films en TV series was een zeer irritante stoorfactor.
Waarom dat jochie zo populair was destijds is voor mij nog steeds een raadsel.
Op het acteerwerk valt verder niet veel aan te merken, routineus misschien, maar degelijk genoeg.
Calhoun's aanwezigheid is ook hier weer een groot pluspunt.
Het verhaal bevalt mij nog steeds.
Behalve dan de op de lachspieren werkende actie van James Best (sheriff Elkins) tijdens de finale shoot-out.
Gehuld in bandages ziet hij eruit als een rafelige mummie, en werkt onbedoeld komisch
Hoe triest dat dit de laatste film van de nog steeds mooie Linda Darnell was.
Kort na de opnames kwam ze bij een huisbrand tragisch om het leven.
Voor de westernliefhebbers die uitkijken naar een DVD heb ik helaas geen goed nieuws.
De bij mijn weten enige verkrijgbare DVD is een Spaanse van inferieure kwaliteit.
De kleuren zijn wat flets, maar dat is niet het ergste.
Het beeld mist links en rechts stukken, aangezien de Cinemascope ratio is teruggebracht naar formaat 16:9.
Het kan nóg erger, want halverwege de film is het afgelopen met de geluidssynchroniteit... 
Hopelijk duikt er nog ooit een betere release op.
Door de DVD mankementen was ik bijna overgegaan tot een vermindering van de waardering voor de film, maar dat zou niet helemaal eerlijk zijn.
Black Swan, The (1942)
Voorbeeldige Technicolor film...letterlijk, want bij filmopleidingen werd deze film nog decennia lang als voorbeeld gebruikt m.b.t. kleurgebruik en belichting.
Maureen O'Hara kreeg de bijnaam "Queen of Technicolor".
Bij het filmen van een eerdere kleurenproductie (To the Shores of Tripoli - 1942) waarbij enorme felle spotlights gebruikt werden, liep ze oogproblemen op, dat was zo erg dat ze haar ogen nauwelijks nog kon openhouden tijdens de opnames.
Een reden voor haar om niet mee te willen spelen in "The Black Swan".
Cameraman Leon Shamroy overtuigde haar er echter van dat hij kon filmen zonder dat zij enige last zou ondervinden van de lampen.
Dat bleek de waarheid te zijn, want aan het begin van de opnames dacht O'Hara dat de spots nog ingeschakeld moesten worden, terwijl dat al gebeurd was, zo summier werd er gebruik van gemaakt door Shamroy.
Het resultaat was verbluffend.
Blood from the Mummy's Tomb (1971)
Alternatieve titel: De Hand van de Mummie
Toch weer een vermakelijke Hammer productie, en anders dan alle voorgaande Hammer mummie films.
Er is hier geen sprake van een ronddolende moordzuchtige voddenbaal.
Wat mij zeer aanspreekt is de muziek van de Australische Tristram Cary, die vanaf het begin van de film meteen de juiste toon zet.
Cary, die vooral met electronische muziek bezig was, werkte ook al voor de Doctor Who TV serie.
De schoonheid van Valerie Leon is hier al uitvoerig geprezen, en terecht.
Een van de mooiste Hammer babes ooit, en dan heb ik het niet zoals velen voornamelijk over haar indrukwekkende bovenwijdte, want ik vind vooral haar gezicht beklijvend.
Ik had haar al eerder gezien in enkele Carry On films, en in een daarvan droeg ze een jungle-girl outfit waarin ze nog wat adembenemender uitzag dan hier.
Het is echter niet alleen haar uiterlijk dat haar geknipt maakte voor de dubbelrol die ze hier speelt.
Ik vind haar boven verwachting goed acteren.
Ze wisselt overtuigend van een lieftallige jonge vrouw over naar een hautaine en genadeloos commanderende gebiedster.
Waarom ze door een stem-actrice gedubd werd is een vraag die velen zich stelden, aangezien er met haar eigen stem niets mis was (volgens uitspraken van collega acteurs)
Zelf dacht ze dat haar stem voor de rol niet meisjesachtig genoeg klonk, al wist ze het ook niet zeker.
Er werd een body double voor haar gebruikt in meerdere scènes: de flitsend-korte naaktscène, de opnames waarin ze zogezegd rennend door een bos te zien is, en vanzelfsprekend de interactie tussen haar en mummie Tera.
De overige castleden kwijten zich eveneens meer dan behoorlijk van hun taak.
Andrew Kier (Prof. Fuchs) zie ik sowieso altijd graag spelen.
James Villiers zet een heel sterke booswicht (Corbeck) neer.
Er zitten wel wat mankementjes in het geheel, die naar verluidt te wijten zouden zijn aan het wisselen van regisseur, waardoor een aantal scènes met kunst-en vliegwerk aan elkaar gelast moesten worden.
Door het strikte studiobeleid en strakke werkschema kreeg Valerie Leon niet eens toestemming om naar de begrafenis van de overleden regisseur Seth Holt te gaan, die tijdens de opnames van deze film overleden was.
De beeld- en geluidskwaliteit van de gerestaureerde Studiocanal Blu-ray is uitstekend, en heeft interviews met interessante info als extra.
Blowing Wild (1953)
Onterecht (te) lang links laten liggen.
Dat is vooral te wijten aan het onderwerp oliewinning.
Filmverhalen die daarmee te maken hebben mijd ik doorgaans als de pest.
Het thema spreekt mij gewoon niet aan, of beter gezegd: het stoot mij af.
Desondanks schafte ik onlangs de blu-ray met deze film aan, vooral vanwege Ruth Roman, waar ik een groot zwak voor heb.
Dat bleek een gelukkige aankoop, want dit is echt wel een onverwacht toppertje gebleken.
Een cast met klinkende namen, die geen steken laat vallen.
Ieder doet zijn best in zijn/haar eigen bekende acteerstijltje, en dat is net wat ik graag wilde zien.
Stanwyck kon als geen ander de rol van een bitch spelen, en geeft terloops ook nog een staaltje paardrijkunst ten beste.
Bond, Quinn, Cooper en Roman zijn perfecte keuzes voor de hun toegewezen rollen.
Van Roman had ik graag nog iets meer gezien, maar dat geldt voor alle films waarin ze meespeelt
Ik schrok wel een beetje van Cooper's uiterlijk.
Die zag er ouder uit dan in zijn meeste latere films.
Mooi gefilmd en goed geregisseerd door de m.i. wat onderschatte Fregonese, van wie ik toch al heel wat films gezien heb die mij goed bevielen.
Ik kan geen zwakke momenten aanwijzen, de film hield mijn aandacht onafgebroken vast.
Heel sterk is ook de muziek, en met name de titelsong "Black gold", gezongen door de altijd weer geweldige Frankie Laine, de zanger bij uitstek voor dit soort klusjes.
Zijn pathos matcht geweldig met de muziek van Dimitri Tiomkin.
Wanneer een film opent met een dergelijke pakkende song ben ik meteen al half gewonnen voor wat nog komen gaat.
Op de juiste momenten duiken fragmenten van het lied verderop in de film nog eens op.
(dikke) 4*
Borsalino and Co. (1974)
Veel harder dan zijn voorganger "Borsalino".
Dat Belmondo er niet meer bij is vind ik een pluspunt.
Ik vind die zelden (of nooit) verteerbaar.
Delon in topvorm is geknipt voor deze rol.
Uitstekende setting en aankleding.
Bounty Killer, The (1965)
Een low budget western, van western veteraan Spencer Gordon Bennet, met een vergelijkbare productiewaarde van een doorsnee TV film uit de sixties.
Nogal wat studio scènes die voor buitenopnames door moeten gaan.
Dat zag je in bijna alle TV westerns uit die tijd ook.
Gelukkig geldt dat niet voor de hele film.
Wat wel afwijkt van de TV westerns is de cast, die a.h.w. uitpuilt van de western regulars.
Een hele resem van acteurs die hun sporen in dat genre al vele jaren eerder verdienden, al werden die stilaan al een beetje roestig.
Van echt slecht acteerwerk kan ik er niet veel betichten, maar Johnny Mack Brown, ooit een grote naam het B-western genre kon toch echt niet meer.
De man had ook in jongere jaren al last van wat overgewicht, maar hier is hij zo volvet dat het spreken hem soms moeite lijkt te kosten.
Anderen kunnen nog prima mee, met name Rod Cameron, Buster Crabbe, Fuzzy Knight (bijna aan het eind gekomen van zijn filmloopbaan) en vooral Richard Arlen, die een sterke rol neerzet als vader van de oogstrelende, en prima spelende, Audrey Dalton (Carole Ridgeway)
Dan Duryea kon in zijn rol lekker los gaan en diverse registers van zijn kunnen opentrekken.
Voornamelijk door zijn aanwezigheid in de film heb ik de DVD aangeschaft, en zeker geen spijt ervan.
De metamorfose van godvruchtige ietwat naïeve tenderfoot naar koele killer met een dubbelloops schrootgeweer gaat hem goed af.
Mijn verwachtingen waren laag gesteld, dat is vaak een prima uitgangspunt, zo ook hier.waarmee ik maar wil zeggen dat het allemaal dik meeviel.
Je ziet dat de acteurs er zin in hadden, ondanks de waarschijnlijk geringe gage die ze voor hun inspanningen gekregen zullen hebben.
In een cameo rolletje is voormalig western ster Broncho Billy Anderson nog even te zien, als gast in een cantina, uitgedost als in een van zijn films uit de periode van de stille film.
De man speelde in honderden westerns de hoofdrol en was de eerste western ster ooit.
Het verhaal van Leo Gordon (ja, die schreef naast zijn acteerwerk ook filmscenario's) kon mij wel bekoren.
Het einde van de film vond ik ook wel iets hebben Dan Duryea (Willie Dugan ) die nota bene door zijn bloedeigen zoon Peter Duryea (een jonge premiejager) in de rug geschoten werd en het leven laat hakte er wel stevig in

Brimstone (2016)
Alternatieve titel: Koolhoven's Brimstone
Gisteren gezien in filmhuis, met Koolhoven erbij die geïnterviewd werd.
Een meerwaarde had dat (voor mij tenminste)nauwelijks , want hij kwam niet goed uit zijn woorden, en had ook niet veel te melden.
Murw geïnterviewd intussen wellicht, daar kan ik begrip voor opbrengen.
Wat ik vooral onthouden heb zijn de uitspraken die hij deed over het westerngenre.
Hij gaf te kennen dat hij niet veel op heeft met de "gewone" western (lees: de Amerikaanse) maar dol is op de spaghetti variant.
Niet alleen de goede, maar ook de vele zeer slechte daaronder.
De nieuwe remake van The Magnificent Seven heeft hij nog niet gezien, wegens tijdgebrek, maar de versie uit 1960 vond hij wel leuk.
"Een remake zoals een remake moet zijn" noemde hij die (in de zin van remake van Seven Samuraï, die op zijn beurt dan weer gebaseerd is op het westerngenre, voegde hij eraan toe.)
Dat was het wel zo'n beetje voor mij.
Over de film ga ik niet teveel uitweiden, dat is al lang en breed door anderen hier gedaan.
Voor mij is het vooral Fanning die de film draagt (met pluimpje voor Emilia Jones)
Pearce deed mij door de (te)dikke aanzet weinig.
Zo indrukwekkend en dreigend als Woody Harrelson, die een soortgelijke rol speelde, maar veel subtieler, in de western "The Duel" was hij voor mij op geen enkel moment.
De grofheden die getoond worden gaan mij te ver, en verliezen ook aan kracht door de hoeveelheid. Het lijkt er sterk op dat Koolhoven vooral een opvallende bijdrage aan het genre wilde leveren.
Dat is gelukt, gezien de publiciteit rond de film.
Van de andere kant vind ik het nauwelijks een western, maar wel een thriller.
De westernelementen zijn sporadisch aanwezig en eerder knullig dan goed gedaan.
Alleen al de manier waarop de personages hun wapens dragen, in fout omgegespte holsters (die er dan ook nog eens niet uitzien...met nietjes in elkaar geknutseld door leken)
Enfin, ik zwijg er verder maar over 
Wat blijft zijn mooie natuurbeelden, vooral de opnames in de sneeuw, in hoofdstuk vier.
Een volgende kijkbeurt zit er voor mij absoluut niet in, al heb ik geen spijt ervan de film gezien te hebben.
Broer (2016)
Alternatieve titel: Brother
Verrassend goed!
Hoewel...met Koen de Bouw erbij verwacht ik altijd wel iets dat me kan bevallen.
Titus de Voogdt geeft sterk tegenspel.
Uitstekende combinatie die twee.
Ex Bond-girl Alison Doody ziet er (dankzij wat "plastische hulp"?) nog goed uit.
Ook een passende rol voor Udo Kier.
Het einde van het verhaal vind ik wel op zijn plaats.
De tweede film van regisseur Enthoven die een 4* waardering van mij krijgt.
De andere is "Vidange Perdue".
Buco in Fronte, Un (1968)
Alternatieve titel: Hole in the Forehead
Ik heb al heel wat slechtere spaghettiwesterns gezien dan deze.
Niet dat deze zo geweldig is, maar vermakelijk genoeg voor mij.
De klooster-locatie is goed gevonden, en maakt het gemis aan fraaie landschappen enigszins goed.
De rol die de paters in het verhaal spelen kan ik ook wel waarderen.
Dragomir Bojanic doet het niet slecht in de hoofdrol.
Ik moest wel voortdurend denken aan de Belgische acteur Julien Schoenaerts in diens jongere jaren.
De uiterlijke gelijkenis is sterk.
Hij had in sommige shots ook wel iets weg van Eric Fleming (uit de TV serie Rawhide) en droeg een outfit die op die van Fleming lijkt.
De sobere Spaans-Mexicaanse gitaarmuziek kon mij ook wel bekoren.
Het blijft natuurlijk wel spaghettiwestern, met veel ongure Mexicanen die overdreven lachen.
De Mexicanen komen er doorgaans slecht vanaf in dit soort van westerns.
Je zou kunnen zeggen dat ze de plaats innemen van de Indianen in vroege Hollywood westerns.
