Alternatieve titel: Transatlantic 473, afgelopen zondag om 22:28 uur
Als afsluiter van de marathon aan de slag met deze Blood Red Sky, en waar The Bad Batch al een behoorlijke tegenvaller was werd het niet beter met deze vampieren film.
En waar de film aanvankelijk meteen van startgaat rond het vliegtuig waar de nodige mysterie en ellende omheen hangt, gaat er daarna in het vervolg toch veel mis als je het mij vraagt. Want de flashbacks werken van meet af aan niet, zijn ze teveel en te lang, en halen het tempo van de film onderuit. Want heel eerlijk gezegd willen we weten wat er in dat toestel gebeurt is, willen we de clash tussen de onbekende krachten in dat vliegtuig zien. Ja ja, ik snap dat daar natuurlijk een intro aan vooraf moet gaan, waarom zijn de hoofdrolspelers zo en wat is er aan vooraf gegaan. Toch slaat het rommelige eerste uur totaal niet aan bij mij met de weinig interessante Nadja en haar mysterieuze ziekte.
De film begint dan ook pas echt wanneer de eerste clash zich voordoet tussen Nadja en Eighball, en eerlijk gezegd is het daarna nog steeds hollen of stilstaan waar ik geen moment binding of echte interesse voor dit geheel krijg. Pas als ze definitief is verandert en er regelmatig grote paniek uitbreekt en het onduidelijk is waar de passagiers meer voor moeten vrezen, lijkt Blood Red Sky eindelijk te gaan leveren wat er verwacht wordt. De actie en Gore is daarna best oké maar zijn er ook weer van die domme dingen zoals schieten in een toestel of die deur die eruit vliegt waar de ene er meteen uitgezogen worden en een ander rustig kan blijven staan. Het is een wonder dat het toestel sowieso niet al veel eerder op de grond ligt met alle afgevuurde kogels.
Zoals reeds gezegd was dit ook weer een tegenvaller en kan dit geheel niet rekenen op een voldoende. En dan zou dit in de top 25 engste films op Netflix staan, benieuwd wat daar nog meer in staat want dit was op praktisch alle vlakken een tegenvaller.
En verder met deze The Bad Batch waar ik best wel interesse voor had gezien de cast en ik een dystopische film in een post-apocalyptische setting best wel goed kan waarderen.
En laten we zeggen dat het apart begint rond Arlen die met een tattoo achter het oor in een gebied gedumpt wordt wat kennelijk gebruikt wordt als een soort van wildernis voor verbannelingen en misdragers. Lang gaat het dan ook niet goed met Arlen die die al snel opgepikt wordt door volk dat zich identificeerd als kannibalen waarop ze al snel geen twee paar schoenen meer nodig heeft en hinkelend door het leven kan. Interessant, mooie desolate en sombere setting met prachtige locaties, waar het optilt van de rauwheid, wreedheid en kleurrijke personages. Tel daar een onheilspellende sfeer met interessante soundtrack bij op en je lijkt toch heel wat te hebben.
Maar helaas, ondanks alle mysterie en brede cast met Waterhouse die leuk is voor het oog, lijkt The Bad Batch toch vooral zo stuurloos als het maar kan. Want wat is nu eigenlijk het doel van deze film? Wat is het verhaal verder? Het is minimalistisch tot op het bot met bijzonder weinig dialoog of diepgang. En dat terwijl de film toch rustig 2 uren duurt. Wellicht dat deze uitzichtloze doeloosheid onderdeel van het verhaal is want wat valt er verder te behalen en te doen in een dergelijke desolate omgeving. Maar toch, wat er nu van gemaakt wordt is script technisch ook net niets, het zou in principe fragmentarisch genoemd kunnen worden waar het kind van Miami Man dan op een gegeven moment nog wel een rode draad is in het geheel.
Puntje bij paaltje zakt The Bad Batch toch te ver door het ijs en biedt het allemaal te weinig waar Waterhouse ook weinig toevoegd behalve knap zijn waar haar loopje met haar kunstbeen nog het beste is aan haar prestatie. Geen voldoende wat mij betreft en daarmee punt er achter.
Verder met deze War Machine met als blikvanger natuurlijk de enorme Alan Ritchson. Van het product had ik verder geen weet behalve een groepsoldaten in het nauw gedreven, dus kom maar op, gewoon maar even proberen. En waar het geheel moeite had om niet in een clichématige vertoning te verzanden, bleek het geheel toch wel zijn momenten te hebben en op zich niet heel verkeerd te zijn.
Soldaat 81 dus, die aan de loodzware selectie procedure van de Rangers begint, en nog voor het gesprek met de sergeant-majoor vraag ik me al af of zulke kandidaten ook eerst een psychologische evaluatie krijgen. Hoorde laatst namelijk van een collega dat een vriend niet door de psychologische evaluatie van de mariniers gekomen was omdat hij onvoldoende over zijn gevoelens kon praten wat eventueel nodig is in het geval van PTST verwerking. En dan zullen ze zo'n clown met zo'n molensteen toelaten? Want zoals we weten, mede door het intro, is het niet helemaal pluis in de bovenkamer van soldaat 81. Maar dat is allemaal water onder de brug en bijzaak wanneer men uiteindelijk in het bos terechtkomt voor een finale oefening en iets tegen het lijf lopen waar ze niet rekening mee hadden gehouden. Hebben we dit al niet eerder gezien? Zien we niet heel veel 'leentje buur'? Mjoa, best wel waar we het geheel regelmatig kunnen vergelijken met Wars of the World's of anders wel Battle: Los Angeles.
Zoals reeds gezegd niet heel erg origineel en het geheel heeft dus moeite om niet in clichés te treden. Desondanks weet men het toch wel leuk op te bouwen met de vreemde verschijnselen en mysterieuze dingen zoals de communicatie uitval en het gedrag van de kompassen. Daarnaast is het apparaat best wel vet, is het mooi gemaakt en vormgegeven, en is er vooral een mooie sfeer wanneer het apparaat in actie komt. Daar staan dan helaas ook weer van die domme dingen en typische fouten zoals domme acties waarmee met de aandacht trekt en keihard praten en zelfs schreeuwen tegenover. Desondanks is de battle to survive best wel aangenaam, wordt het geen moment saai, gebeurt er genoeg, en ziet de CGI er heel goed uit.
Minpunten zijn toch wel de drillinstructeur in het begin die pijnlijk cringy en cliché is, is de vlucht met de pantserwagen en aanval van de War Machine wel spectaculair maar op een gegeven moment ook wel erg over de top, en vind ik zo'n oplossing om het monster uiteindelijk te doden wel weer wat ver gezocht. 'Hij staat te ventileren, dit is zijn zwakke punt'. Dat ding is buitenaards, dus hoe weet je in godsnaam dat hij dat aan het doen is? Het is toch onbekende technologie of niet dan? Maar goed, andermaal ben ik soepel vandaag en zijn dat minpuntjes binnen een film die mij toch we vermaakt heeft en daarom een voldoende krijgt.
Volgende stap betrof deze documentaire over het ijshockey goud bij de Olympische spelen in 1980 genaamd Miracle; the boys of '80. En ik hou wel van een goede sportdocumentaire, en ik kan ook best wel genieten van die Amerikaanse sporten, dus dit leek wel een kolfje naar mijn hand.
En waar het verhaal naar de verbeelding spreekt doet de docu dat nochtans niet, die na een korte uitleg over de Russische dominantie, en waar de Amerikaanse ploeg getroffen werd door de regels omtrent amateurspelers, toch verzand in heel veel gelul dat volkomen aan me voorbij gaat en waar ik me achteraf afvraag waar ze het nu eindelijk over hadden en dat ik me het lage cijfergemiddelde op de beoordelingssites wel kan voorstellen.
Maar zo halverwege ontwaak ik toch samen met de documentaire die plots een pakkend beeld voorschotelt met een verscheurd, armoedig en onrustig beeld van Amerika in de post-Vietnam jaren. Voeg daar de achtergrond van enkele keyplayers en de invloed van de kleurrijke goalies aan toe en plots lijkt het toch allemaal een stuk interessanter met de coach die zo door zou kunnen als All Bundy look a like maar desondanks de mensen weet te raken en precies op de plek weet te krijgen waar hij ze hebben wil. Eenmaal bij de opbouw naar de wedstrijd ben ik wel binnen en is het volle focus op dit product met een mooie sfeer, een prachtige beleving samen met het publiek, een geweldige wedstrijd en nog mooiere ontlading.
En zo blijkt 'The Miracle On Ice' toch een buitengewoon verhaal van boven jezelf uitstijgen en dat alles mogelijk kan zijn op een goede dag. Bijzonder trouwens te zien dat Nederland daar aanwezig was met een ijshockeyploeg, nu onvoorstelbaar natuurlijk. Maar goed, zo blijkt Miracle toch nog een degelijke docu ondanks een gezapig en moeilijk eerste helft
Singers was de volgende korte film die aan de beurt was waar ik ook hier weer weinig idee had wat me te wachten stond. En aanvankelijk is het wel even de vraag waar ik nu eigenlijk naar zit te kijken, en wat hier nu de bedoeling van is, maar uiteindelijk weet het geheel toch een bepaalde en gevoelige snaar te raken.
Het beeld is duidelijk met de kroeg, en de bar vol met grauwe en groezelige koppen waar geesten en trauma's uit het verleden besproken worden met dialogen die overlopen van de kwetsbaarheid rauwheid en verdriet. In die zin een apart soort boetedoening waar men troost bij elkaar zoekt waar tevens een zware sfeer hangt. Apart en tegenstrijdig is dan ook de uitdaging, zeg maar challenge, om te gaan zingen en degene die dat het beste doet wint een avond gratis bier of zoiets. Een grotere contradictie bestaat bijna niet met al dat rauwe volk wat er niet bepaalt uitziet als zoet gevooisde zangers, maar zoals het gezegd luidt; oordeelt een boek niet op zijn kaft.
Wat er vervolgens ontstaat is toch op zijn zachts gezegd opmerkelijk met de eerste poging die met de nodige hoon ontvangen wordt maar waar er ook snel verbetering in zit. Want vooral de gozer achter de piano met sigaret in de mond klinkt toch fantastisch, net als een aantal anderen. Opvallend is toch dat onder de aanwezigen de sfeer meteen omslaat en het allemaal een stuk draaglijker lijkt waar eerder de treurigheid er vanaf droop. Muziek en zingen lijkt in dit geval verwerking, bonding, en volgt er dan ook een zeer aandoenlijk moment met een groepsnuffel.
Minpunten kan ik zozeer niet noemen. Ik was vooral behoorlijk verrast met dit geheel en vond het zeker genietbaar waar dit geheel overkomt als iets dat met veel zorg gemaakt is zoals de casting, maar ook de sfeer, en waar het geheel ook een gevoelige en kwetsbare kant toont. Mooi!
Alternatieve titel: Het Wonderlijk Verhaal van Hendrik Meier, afgelopen zondag om 19:38 uur
Zaterdag na het sporten een film marathon ingelast en die reeks afgetrapt met een tweetal korte films waar deze Henry Sugar de eerste van was, en ik moet zeggen dat dit toch erg aangenaam was.
En waar de basis uit Roald Dahl's pen komt, en deze tevens als verteller optreedt, is daarnaast de typische stijl van Anderson onmiskenbaar. En eerlijk gezegd doet het verhaal me in eerste instantie niet zoveel en gaat de vertelling ook een beetje aan me voorbij waar ik me juist ontzettend vergaap aan de aankleding, styling en decors zoals wanneer Dahl bij het hekje van zijn Gypsy House staat en bezig is met een anekdote terwijl zich achter hem een prachtig decor ontvouwt. Iets dat ik echt een en 'wauw-momentje' vindt. Gelukkig komt daarna toch iets meer het verhaal opgang met een altijd boeiende Benedict Cumberbatch en Ben Kingsley.
Wat zich daarna ontwikkelt qua verhaal met de gokker die een truc onder de knie probeer te krijgen, en het verhaal rond Imdad Khan, wordt in alle typische Anderson kleurrijkheid neergezet met kolder, vette karakters en humor. Neem bijvoorbeeld de test met Khan wiens hoofd helemaal ingeswachteld wordt en vervolgens het verkeer in duikt. Fijn is de ontzettend droge humor, de overgangen zijn geniaal, de montage vloeiend, de omschrijvingen van het casinovolk fantastisch, en het tempo van de film zelf moordend qua vertelstijl en dialoog. Het decor en de vallende sneeuw is nog wel even het benoemen waard wanneer Henry Sugar stap voor stap de truc onder de knie probeer te krijgen en uitlegt in de woonkamer waar het decor dus prachtig is.
Heeft het geheel dan geen minpunten? Mwoah, vast wel, maar in dit geval ben ik vrij soepel en geld vooral even style over substance waar deze korte film over Henry Sugar toch wel erg aangenaam was en daar een goed cijfer voor gaat krijgen.
Donderdagavond nog even aan de slag met deze redelijk onbekende Rebel Ridge waar ik in eerste instantie de nodige twijfel had tijdens de opening en het vervolg. Maar ik moet zeggen dat de film, met een vrij onbekende hoofdrolspeler, daarna toch een redelijke remontada maakt en zich uiteindelijk toont als interessant en behoorlijk geheel.
Want het is aanvankelijk moeilijk in leven met het afstandelijke karakter Terry en de agenten die hun boekje te buiten gaan waar het voor mijn gevoel er allemaal wat te dik bovenop ligt. Ja ja, Black Lives Matter, buitensporig politie geweld, blank versus donker, en dan is er nog zo'n vreemd moment waar hij op zijn fiets de bus in haalt. Uhm tja, erg gekunsteld als je het mij vraagt terwijl het eigenlijk niets toevoegt. Maar als dit eenmaal voorbij is en de urgentie rondom de borg van neeflief naar voren komt stijgt ook subiet het mysterie rond de rustige en methodische Terry. Want wat is dit voor gozer en wat is zijn achtergrond? Duidelijk zijn, en misschien ook wel cliché, de problemen waar de corrupte sheriff en zijn troepen zich in bewegen door de verkeerde in hun zwendel te betrekken want dit gaat hun natuurlijk duur komen te staan.
Daarna ontwikkelt Rebel Ridge zich toch als aangenaam geheel met de valse sheriff, uitgenaste Terry, leuke hulp uit onverwachte hoek in de vorm van Summer, wordt er prima geacteerd, valt vooral Pierre op als uitermate koele ex-soldaat, en is Robb uitermate leuk voor het oog, en bouwt het geheel op naar een aardige kat en muisspel met lekkere shootout richting het einde. Kostelijk hoe Terry die foute sheriff voor zijn flikker schiet met beanbags en verschillende agenten een stevig lesje leert. Toch heeft Rebel Ridge ook serieuze minpunten in een erg lange speelduur, het tempo dat herhaaldelijk aan de trage kant is, is de spanningsboog niet altijd goed, en ik net zo min begrijp waarom de Sheriff opeens Terry laat gaan onder voorwaarde dat hij zijn mond over het gebeuren houdt. Dat terwijl hij inmiddels moet weten dat er alleen maar meer problemen gaan komen, deze jongen bij voorbaat al niet meewerkt en later blijkt dat het lieden van de sheriff ver gaan om hun status en werkzaamheden te beschermen. Dus waarom laten ze Terry bij voorbaat niet verdwijnen?
Het zijn details en gedachten waar de film verder niet perse heel erg onder lijdt en het cijfer verder in gevaar brengt. Rebel Ridge is meer dan leuk voor een keer en biedt opzich veel zonder dat het bovengemiddeld wordt. Daarom acceptabel en tevens een acceptabel cijfer.
Woensdagavond weer aan de slag op Netflix met deze Girl, Interrupted die tot mijn verbazing van James Mangold bleek en daarmee toch niet bepaald een typische film voor hem. Een bekende titel is het in ieder geval met Angelina Jolie die in de prijzen viel met deze film.
De connectie met One Flew Over The Cuckoo's Nest is in ieder geval snel gemaakt waar dit een soort van vrouwelijke versie lijkt met Susanna die na een zelfmoordpoging tijdelijk opgenomen wordt in een inrichting waar een behoorlijke karakterstudie ontstaan van zowel Susanna als de medebewoners. En het moet gezegd dat dit een bijzonder gezelschap is en dat je jezelf spontaan normaal gaat voelen met zoveel ellende, instabiliteit, wisselvalligheid en andere onderliggende problemen. En het is nogal wat met wat we te zien krijgen binnen de inrichting waar de ene redelijk Frank en Vrij is een eerlijk naar zichzelf dat het niet goed gaat, en een ander juist verstoppertje met zichzelf speelt rondom haar klachten.
Maar het is toch vooral Susanne waar de focus op is met naadloze flashbacks die mijn inziens niet heel interessant zijn of veel toevoegen waar juist het verblijf in de inrichting en de wisselwerking met de andere patiënten een stuk boeiender is. En zoals te verwachten ontstaat er een stukje bonding met verschillende karakters, iets dat leuk vorm gegeven wordt met nachtelijke strooptochten door het complex. Fijn is de cast met een paar erg mooie dames, en nee daar valt Jolie niet onder want die heb ik nog nooit heel knap gevonden, ik zie eerder naar Winona Ryder, Brittany Murphy en KaDee Strickland en is de soundtrack ook zeer genietbaar. Dan zou ik nog bijna het hilarische moment vergeten waarin moeder en dochter Gilcrest worden afgebluft door de batterij gekken in het snoepwinkeltje, erg leuk.
Toch valt Girl, Interrupted het meeste op als karakterschets hoe verschillende mensen met geestziekte omgaat waar de ene simpelweg een spiegel nodig heeft en een schop onder de kont, weer een ander verstoppertje speelt met zichzelf omtrenten klachten met een slechte afloop, en weer een ander juist omarmt hoe zij is en toegeeft dat ze hulp nodig heeft. Iets dat natuurlijk ook met het ziektebeeld te maken heeft aangezien er vele verschillende soorten zijn. Spannend is de film verder niet, is er van een bepaald plot of een ontknoping geen sprake, desalniettemin was dit toch wel een genietbare film en krijgt daarom een goede voldoende
Alternatieve titel: Land of the Minotaur, 15 april, 20:27 uur
Maandag als afsluiter nog even bezig met deze The Devil's Men mede mogelijk gemaakt door Netflix. En hoewel het verre van top is had de film toch zeker zijn momenten.
Het verhaal is simpel met vermiste jongeren op een specifieke plek in Griekenland waar pastoor Roche het al langere tijd niet vertrouw maar de autoriteiten er geen oor naar hebben. Als vervolgens bekenden van de pastoor verdwijnen gaat hij samen met een prive detective op pad waarop ze nog heel wat beleven. Minpunten zijn toch wel de vorm van het uiteindelijke kwaad in de vorm van een pratend standbeeld of anders wel de handeling waarmee het kwaad bezworen wordt met het gegooide wijwater waarop alles ontploft...juist. Zo komt de P.I. ook wel eens wat knullig over die veel ontgaat en net zo min voor dingen openstaat. En wat een bizarre slecht audio spoor waar alles vervormd en wegvalt als men onderweg is in de auto en verder heel erg blikkerig klinkt.
En toch heeft The Devil's Men best aardige momenten met de landschappen en de prachtige locatie in de vorm van de tempel, is Pleasence goed als altijd, doet Peter Cushing daarniet aan onder als hogepriester met zijn onderdanen en worden er een aantal momenten prima opgebouwd zoals wanneer de mannen in het zwart opduiken. Daarnaast heeft het geheel best wel sfeer, heeft de soundtrack ook best aardige momenten en zitten we qua vrouwelijk schoon ook best wel oké. Een voldoende is daarentegen weer net teveel dus blijft het geheel steken op een 2,5.
Maandagmiddag na alle huishoudelijke besognes nog effe lui op de bank met dit Beverly Hills Cop deel dat ik puur voor de vorm nog eens moest doen. En ooit kocht ik dit deel in een Beverly Hills Cop trilogie op vhs maar goed vond ik dit deel nooit vergeleken met de andere twee waar het eerste nog redelijk rustig en degelijk is, het tweede al wat meer brutaliteit heeft en eigenlijk wel een hele lekkere actiefilm betreft en vooral op jeugdsentiment drijft. En dit derde deel kan zich dus verre van meten met de andere twee en is daarom veruit de minste.
Andermaal hebben we de brutale smart-ass en detective Axel Foley die in de jaagt op de misdaad andermaal in Californië terecht komt, niets nieuws wat dat betreft, en ditmaal zelfs in het pretpark Wonder World waar het zoals te verwachten valt niet helemaal plus is andermaal bijgestaan door Billy Rosewood. En eigenlijk is het enige dat er uitspringt bij deze film de redding van de twee kinderen uit de attractie wat redelijk opgebouwd is hoewel hij naar afloop geen handen meer over zou moet hebben, maar buiten dat is het toch allemaal weinig soeps en had ik de indruk dat de regisseur ook niet precies wist wat hij er mee aan moest en derhalve Murphy veelal de vrije hand gaf.
Want van meet af aan is de camera gericht op Murphy en hangt er iets in de lucht alsof men hem zijn gang laat gaan en a la Jim Carrey iets grappigs van ieder simpele of gewone situatie moet maken zoals bijvoorbeeld tijdens de briefing voor de inval op de garage. En het faalt, Murphy is niet grappig, de situaties zijn niet grappig, is het verhaal met de security van Wonder World onder leiding van DeWald veel te voorspelbaar, tevens wie er allemaal nog meer in het komplot zitten, en is het veel te vanzelfsprekend dat het allemaal wel goed komt om nog maar te zwijgen over zo'n slappe scène waar hij samen met een aantal attractiepark personages een dansje staat te doen waar dit bijna neigt naar een soort van overdreven zelfbevlekking waar Murphy er vanzelfsprekend wel weer iets grappigs van maakt. Nou, niet dus als je het mij vraagt...
Ik vind het zo nu dan juist cringy op het pijnlijke af, en staat symbool voor het grootste deel van de film waar ontzettend geleund wordt op Murphy waar hij simpelweg niet kan leveren en het er niet grappiger op maakt. Dan nog zoiets simpels zoals die Wonder World security die in het wilde weg begint te schieten en notabene zelf het ongeluk met de attractie veroorzaken, lekker security en heel slecht bedacht door de scriptschrijvers. Afijn, je raadt het al, niet goed wat mij betreft en daarom ook geen voldoende.
Zondag aan de slag met deze Mank bij gebrek aan een echte klassieker op Netflix en ook deze film kon als Fincher product met de altijd goede Gary Oldman op veel interesse rekenen. Maar poeh, dit blijk toch wel erg taaie koek te zijn.
Maar aanvankelijk maakt het geheel een sterke indruk met een doordachte stijle en visueel en auditief echt een gevoel uit die tijd waar beeld en geluid een filter gekregen hebben. En Fincher weet hoe hij zoiets technisch maar ook cinematografisch moet aanpakken wat toch leidt tot een op dat vlak hoogstaand kwalitatief product. Voeg daar de reputatie van Mank aan toe al liggend in bed met één van bekendste film scripts die er aan zit te komen met Citizen Kane en je zou toch heel wat hebben....toch? Uhm...nou nee, toch niet echt.
Want waar de gemiddelde liefhebber van oude films of geschiedenis rond Hollywood zal klaar komen van alle 'name-dropping' verzand het geheel toch wel in afschuwelijk veel dialoog die maar duurt en duurt, alle vaart uit iedere scène haalt en in mijn beleving ook nog eens totaal niet relevant is, of echte connaiseurs moeten daar de inspiratie van het script voor Citizen Kane inzien, ik vond het vooral slaapverwekkend waar de gemiddelde kijker niet bepaald verwend wordt, waar het überhaupt een wonder genoemd mag worden dat Mank temidden van al dat gelul, gezuip en wangedrag een script heeft weten te creëren.
Afijn, het mag duidelijk zijn, hier kon ik weinig tot niets mee en ik was dan ook blij dat de film er op zat. Snel op naar de volgende.
Vrijdagavond aan de slag met deze The Devil all the Time die vooraf kon rekenen op mijn interesse vanwege de synopsis en een ijzersterke cast. Dus kom maar op waar deze film uiteindelijk verre van tegenviel en een meer dan goede indruk maakte.
Het verhaal laat zich eigenlijk niet zo heel gemakkelijk uitleggen met bepaalde tijdsfases waar vooral Arvin Russell een beetje als rode draad dient maar waar we vooral heel veel verschillende karakters zien die vroeg of laat samen komen of met elkaar te maken krijgen op positieve of negatieve manier. Opvallend daarnaast de manier van vertellen doormiddel van een narrator die het verhaal een bepaalde mysterieuze klank meegeeft, en het moet gezegd dat vooral in de beginfase, met die stijl, en de focus op alle ellende rond de getormenteerde veteraan Willard de film een meer dan goede indruk maakt, weet te boeien en het vooral de vraag is waar dit geheel nu eigenlijk heen gaat.
En na de bijzondere en macabere afloop rond de Willard's gaan we rustig verder met het sinistere stel Carl en Sandy, en anders wel met de doorgedraaide godsdienstige Roy of de grijpgrage dominee in de vorm van Preston Teagardin. En wat wordt er toch geweldig geacteerd waar velen het hebben over Holland maar ik vooral Skarsgard en Pattinson geweldig vind als altijd, waar Pattinson toch maar weer eens laat zien één van de beste acteurs te zijn van zijn generatie. Maar waar het begin ontzettend boeiende was met een bepaalde onvoorspelbaarheid rondom Willard die op een gegeven moment de grip op de realiteit kwijt is, iets dat zowel fascinerend als moeilijk is om naar te kijken, zakt de sfeer daarna toch een beetje weg en lijkt het echte intrigerende van de film een beetje weg maar komt richting het einde wel weer een terug met de vraag hoe het af gaat lopen.
Dan rest natuurlijk de vraag wat nu eigenlijk de kern is van dit verhaal, en ik lees bij veel gebruikers de boze invloed van het geloof, een bepaalde geloofsgekte, godsdienst waanzin. En even heb ik ook een beetje die indruk tot ik een ander nuance ontdek, want het geloof is inderdaad wel een cornerstone maar wordt het mijn inziens verder vormgegeven door de slechte invloed van heel wat verknipte mensen, hoe die namelijk hun zwakte tonen in het geheel, godsdienst en God in die zin misbruiken, misdragen in de naam van God, en dat is toch heel wat anders en zoals het gezegde luidt; het kwaad komt in vele gedaanten, namelijk bijna iedereen behalve de jongen, Arvin, die niet beweert in de vorm van God te handelen maar puur op lijfsbehoud en rechtvaardigheid.
En dat is toch wel een interessant concept waar de film verder overloopt van de stijl en kwaliteit en dus ondanks een iets minder boeiender middenstuk toch bovengemiddeld scoort. En waar ik inmiddels al een paar weken wat meer probeer mee te pakken op Netflix was dit dan nu eindelijk eens iets dat meerwaarde had en boven het gemiddelde uitsteeg.
Al afsluiter nog even deze aangezien ik nog iets mee wilde pakken dat niet te lang was en op Netflix stond, en dat werd deze The Headless Ghost. En dat bleek niet heel bijzonder te zijn hoewel je het vanwege de leeftijd toch een kans wilt geven.
Aardig is op zijn minst nog de setting wat het kasteel betreft en is het knap hoe ze met de beperkte middelen van toen schilderijen tot leven wekken, daarnaast heeft het geheel een lekkere compacte speelduur en is de buikdanseres wel oké. Maar buiten dat lijkt het alsof men nog niet zover was om hier van te maken of het simpelweg niet wist hoe dit te doen. Want de mix van humor en horror werkt niet waar de humor flauw is en de horror geen horror met een paar flauwe schreeuw momentjes van de Scandinavische blondine vanwege een rat, slang en kat. Het is niet verwonderlijk dat de film niet goed scoort aangezien het verrassend weinig te bieden heeft. Daarom dus ook maar een twee sterren wat mij betreft.
Paasmaandag als eerst aan de slag met deze Ballad of a Small Player waar ik vooral op zoek was naar korte films om de avond nog een beetje op te vullen en daarbij viel de keuze op deze film waar Colin Farrell altijd trekt en een uitstekend acteur is.
Lord Doyle dus levend in weelde in kleurrijk Macau, die zich door zijn leven en geld heen gokt, een leven vol spanning, winst en verlies en weet wat meer. Mij trekt het voor geen meter, heb niets met kansspelen, en Casino's vind ik ook niets bijzonders, maar er zijn mensen die het leven van een 'highroller' op dat vlak geweldig lijkt. Maar is het wel zo fantastisch waar we gedurende de film toch een langzame downfall meemaken van Lord Doyle? Mijn inziens niet, waar Lord ook nog gewaarschuwd wordt dat winnen gevaarlijker is dan verliezen en het levert in beide gevallen een koortsachtige roes van ongenoegen en onrust op.
Van een verhaal is niet echt sprake of het moet de jacht van de autoriteiten zijn op Lord Doyle of de aantrekkingskracht rond Dao-Ming waar een kortstondige verandering en beterschap te zien is in de geest van Lord Doyle. Maar het blijft de kat op het spek binden waar verschillende dingen niet zijn wat ze lijken en de koorts van zowel het verliezen als het winnen de hoofdmoot blijkt. Want waar hij tijdens het verliezen constant in de ban is van de ommekeer dat hij weer gaat winnen, heerst na alle glorie en fortuin net zo goed een bepaalde emotionele en geestelijke leegte. Het doel is bereikt maar tegen welke prijs en hoe nu verder? Het geheel vangt dan ook meer dan behoorlijk een bepaalde waanzin en stuurloosheid waar de film verder wordt vormgegeven met een bijna plichtmatige schuldeiser op de loer in een dergelijk geheel, en de invloed van Dao-Ming en de tussentijd in het drijvende huisje. En eerlijk gezegd lag het wel erg voor de hand dat zij de geest is.
Qua verhaal stelt Ballad of a Small Player niet zo bar veel voor maar moet de film het vooral hebben van de uitwerking in de vorm van een bepaalde roes en kleurrijkheid die mij aan Fear and loathing in Las Vegas doet denken en dan is er het bij tijd en wijlen biologerende spel van Farrell die dit next level trekt. Daarom een goede 3,5 wat mij betreft.
En verder met deze MaXXXine die bij voorbaat de aandacht trekt qua stijl en setting terwijl ik zo aan het zoeken was op Netflix, verder betrof het een totaal onbekende titel.
Het verhaal is in ieder geval vrij simpel rond porno actrice Maxine die de overstap wil maken en 'on the brink' van haar grote kans staat terwijl Hollywood onveilig gemaakt wordt door een moordenaar die huishoudt onder de actrices en wannabe sterretjes van Los Angeles. En meer houdt het eigenlijk verhaaltechnisch niet in waar nog wel eens sprake is van collateral damage, Maxine ook enkele spannende momenten meemaakt en vooral zelf ook niet van het slappe is en wel durft aan te pakken en uit te delen op sommige momenten. Maar uiteindelijk stelt het verhaal niet zo heel veel voor, voegt het karakter Maxine ook niet zo waanzinnig veel toe, of dat deze nu zo bijzonder is, en is het toch allemaal niet zo heel bijzonder te noemen
Maar om daar alleen op te oordelen zou ik deze wannebe Argento toch wel een beetje te kort doen. Wannebe Argento? Ja, dat zeg ik, want het gemiddelde verhaal met bedreigde vrouwen, dito stijl, kleurrijk, een onverwachte moordenaar die tot op het laatste geheim blijft met een handvol andere sinistere figuren inclusief het nodige aan bloed doet mijn inziens toch wel erg aan Argento denken. Tevens doet de muziek van ZZ Top en Judas Priest een beetje denken aan de metal nummers in Phenomenon. En zonder dat men in de buurt komt van de 'master of suspense' is het toch alleszins cinematografisch en stijl technisch gezien een leuke poging en heeft de film MaXXXine absoluut zijn momenten waar het Psycho huis een leuk verrassing is en de uiteindelijke dader en motief dan helaas weer een beetje aan de slappe kant is.
Hoewel MaXXXine verre van slecht is en wat mij betreft gemiddeld goed scoort, zelfs iets hoger, denk ik toch dat hier veel meer van te maken geweest was. Desondanks is de film stijltechnisch en qua sfeer erg prettig een keer te doen en levert het de film dan ook een prima voldoende op.
Eerste Paasdag aan de slag met deze Black Mass waar ik me toch vooral afvraag waar ik de naam Bulger van ken. Kwam hij voor in de Kennedy files? Of kwam ik de naam tegen in een andere docu over de georganiseerde misdaad in Amerika? Toch wil het niet vallen waarom de naam mij bekend voortkomt. Wellicht is het dat ik de naam al een keer gelezen heb in verband met The Departed, want Frank Costello schijnt losjes op Bulger geïnspireerd te zijn.
Maar goed, los met de film waar ik toch al snel overgetuigd bent van het mooie tijdsbeeld en de mooi gebrachte jaren '70 en '80 waar we snel kennismaken met het bijzondere karakter James Bulger. En als je de foto's zo ziet op internet zou de man gemakkelijk door kunnen voor de gemiddelde vrijwilliger van een bejaarden ophaalservice of kringloop. Toch blijkt de realiteit anders waar de beste man wel iets meer introductie had mogen hebben met bankovervallen, enkele jaren Alcatraz en aansluiting bij de Winter Hill Gang waarop hij zich naar de top werkt, en met die wetenschap is dat strike one qua minpunten. Net zo goed een minpunt is dat hij zijn positie als informant gebruikte om de grootste maffiabaas van Boston te worden, iets dat als je het mij vraagt ook onvoldoende wordt uitgewerkt. Volgende strike wat dat betreft, maar om de film daar nu helemaal op af te rekenen.
Want zoals gezegd het met zorg gemaakte tijdsbeeld is zalig, net als de cast vol met grimmige koppen, overtuigende karakters en goed acteerwerk. Zo is Edgerton een lekkere blufkikker maar legt Depp ook iets interessants in de rol van Bulger, namelijk een soort van onvoorspelbaarheid, ongemakkelijkheid, en een bijzonder kort lontje. Daarnaast mag het spel er zijn tussen alle instanties waar Bulger, beschermt door de FBI, zijn gang eigenlijk maar kan gaan met moord en bijvoorbeeld de aanslag op Halloran als fraai voorbeeld. Het betreft een ongelooflijk verhaal van de georganiseerde misdaad, hand in hand met politie instanties, waar een enorm grijs gebied ontstaat.
En zo weet Black Mass toch best nog wel een bepaalde indruk te maken waar een beetje gruwelijke moord of keiharde aanslag ook gewoon aan de orde van de dag is. De eerder benoemde minpunten heeft het wel dus een topcijfer zit er daarom niet in maar een goede voldoende wel.
Tenslotte nog even de stap van zombies naar vampieren gemaakt met deze Day Shift, en daarmee een comedy die er opzich best wel lekker ingleed. Is het bijzonder of nieuw? Nee, niet echt maar vermakelijk is het wel.
En de film gaat gelukkig snel los met Bud Jablonski, klinkt erg Oost Europees zeg maar Pools voor een kleurling, die een huis binnen dringt en geen halve maatregelen neemt en vrij professioneel te werk gaat ook al is het uiteindelijk een redelijk zware bevalling. Maar het blijkt Bud daarna niet bepaald voor de wind te gaan met problemen rond zijn ex, mogelijke afstand tot zijn dochter en een zakenrelatie die moeilijk doet. Het levert eigenlijk een niet terzake doende verhaal op rond zijn voormalig werkgever waar hij weer voor aan de slag gaat en gedoe met de vakbond. Maar zoals reeds gezegd is het verhaal totaal niet belangrijk of sterk.
Het geheel draait vooral rond de humor en wisselwerking met vakbondlid Seth die met Bud mee gaat en zijn werk moet controleren. En een grotere tegenpool bestaat er niet en de humor wil helaas maar mondjesmaat lukken. Het meest moet Day Shift het dan ook hebben van de vampieren die opgeruimd worden en actie sequences die volgen, zoals bijvoorbeeld het nest dat samen met de Nazarian broers wordt opgeruimd, en dat is toch wel een heerlijke pot grof geweld. Buiten dat is de horror knap gemaakt, lukt de wisselwerking met Seth pas echt als hij vampier is en mag de aanval op de eindbaas er ook zijn. En zijn Bourdisso en Souza leuk voor het oog en kan Snoop Dog vooral niet acteren.
Is Day Shift goed? Nee, eigenlijk niet. Maar de film heeft wel een bepaalde gunfactor, is vermakelijk en erg kleurrijk met een bepaalde vibe en met een behoorlijke cast op de koop toe. Het wachten is lijkt mij op een deel 2 die zoals gewoonlijk pas echt slecht is.
Het paasweekend voorgenomen eens een beste slag te slaan op Netflix en aftrappen deed ik in die zin met deze The Harder They Fall die vooraf veel potentie leek te hebben qua cast en andere zaken maar gedurende de lange speelduur langzaam door de hoeven zakt.
Toch lijkt het vooraf allemaal niet echt verkeerd, want er is een serieuze cast opgetrommeld, styling technisch en qua sfeer is het allemaal best lekker, heeft de soundtrack zo zijn goede momenten en is het ook best lekker om een karakter als Bass Reeves, de eerste gekleurde Marshall in Amerika, vertegenwoordigd te zien, en de actie is bij tijd en willen gelikt. Maar helaas drijft een film niet alleen op gelikte en gestylde plaatjes want dan zou The Harder They Fall een topfilms zijn kleurrijk en vet dat hij is. Maar helaas, echt aanslaan doet de film met zijn verhaal en karakters geen moment.
Want helaas verzand deze Afro -Amerikaanse invulling van het Wilde Westen, waar de zwarte gemeenschap orde op zaken stelt in eigen gelederen en zelf ook wel de scheidslijn tussen goed en kwaad kan inschatten zonder blanke inmenging, in teveel clichés, teveel eindeloos dialoog, en is het verhaal te mager en het geheel te traag. Bepaalde aspecten zijn nog wel aardig waarin men natuurlijk ongelijkheid aan de kaak wil stellen, uitbuiting, de behandeling van vrouwen en verschillende karakters zich opwerpen als een eigentijdse Robin Hood.
En dat is het eigenlijk wel zo'n beetje waar ik de soundtrack nog niet lang zo gek vind maar uiteindelijk erg blij ben dat de film afgelopen is. En zo blijkt maar weer, met stijl en sfeer alleen heb je nog geen goede film. Apart dat andere films dan juist wel slagen binnen het aspect style over substance, The Harder They Fall doet dat in ieder geval niet.
Het paasweekend vervolg gegeven met 28 Years Later waar ik al nooit super onder de indruk was van deze reeks waar de eerste acceptabel is en het tweede deel al een hele klap minder is. Eens kijken wat men van dit derde deel gemaakt heeft.
En aan het begin zal het niet liggen met een geweldige en indrukwekkende scène, namelijk de kinderen voor de Teletubbies. Mijn God, als men dit eens vast weet te houden waar de typische Boyle aankleding en montage er vlak daarna volgt. Zo is het eiland ansich ook niet slecht en lijkt men aardig de schaapjes op het droge te hebben. Dus is dan ook de vraag wat de ontgroening van Spike voor zin heeft en is het terecht dat er medegedeeld wordt dat men niet gaat zoeken, maar er is nog een gevaar die we snel gaan zien. Want uiteraard geraken ze zwaar in de problemen, en het lijkt me toch wel een heel groot security issue dat ze een Alpha achter zich aankrijgen en hun achtervolgt naar het eiland, als dat een zombie horde getriggerd had dan waren de gevolgen niet te overzien geweest. Dus hoe belangrijk is die ontgroening eigenlijk? En hadden ze niet beter de strijd met de Alpha aan kunnen gaan inplaats van de kolonie in gevaar brengen? En nog zoiets raars, waarom heeft men alleen pijl en boog bij zich en niet een afdoende slagwapen? Maar er zijn nog veel meer punten van kritiek.
Toch heeft 28 years later ook wel goede punten met een redelijke cast, zijn Fiennes en vooral Taylor-Johnson altijd goed, is de omgeving en locaties goed en weet het clubje van Jack O'Connell wel van goed aanpakken. Maar buiten dat....oei oei...waar deze horror toch vooral verzand in teveel sentimenteel geneuzel en geruzie. Maar dat is nog niet eens het ergste waar we Special Forces zien die zich in geen geval als Special Forces gedragen, zombies die ook ver staan van wat we op dat vlak gewend zijn want dit zijn niet de gebruikelijke half verrotte wankelende bijters maar iets totaal anders. Maar hoe dan? Waar leven ze van? Wat eten ze? Waar is de uitleg? Waarom zijn die kruipers zo dik? Het slaat eigenlijk helemaal nergens op waar het haaks staat op de gemiddelde andere zombie apocalyps. Niet dat het niet anders mag maar dit klopt voor het gevoel gewoon niet. En dan bloed het geheel ook nog eens keihard dood als Spike eenmaal onderweg is met moeder en ze op een gegeven moment vergezeld worden door soldaat Erik. En maar lullen, en kletsen, en schreeuwen, en vooral moeder niet in de gaten houden. Je zou bijna denken dat men het leven beu is en juist opgegeten wil worden.
To top it all hebben we ook nog een zwangere zombie die gaat bevallen, duidelijk is dat Boyle het over een andere boeg wilde gooien, het virus anders wilde neerzetten en er vooral veel psychologie op loslaat. Maar mij vang je hier niet mee waar de relationele problemen en acteerwerk op dat vlak ook nog eens plichtmatig en cliché overkomt. En zo blijkt 28 Years Later niets bijzonders, een behoorlijke tegenvaller die zelfs moeite heeft om een voldoende te halen.
Alternatieve titel: Il Tè nel Deserto, 3 april, 10:15 uur
Maandag het weekend afsluiten met deze The Sheltering Sky die ik vooral had meegenomen vanwege de QMC uitgave wat vaak niet de minste films zijn. Toch bleek dit trage drama nu niet bepaald een hit en zelfs een lange en moeizame zit.
Toch slaat mijn hart iets snelleer bij het zien van de prachtige en altijd aimabele Debra Winger waar overigens haar kapsel haar niet echt eer aan doet. De combinatie met Malkovich lijkt opzich nog wel een reden tot goede hoop, maar die hoop vervliegt daarna snel met het wispelturige gedrag tussen het stel, dan weer warm dan weer koud, waar medereiziger Hunner al snel een breekijzer is en de afstand tussen het stel vooral geprojecteerd wordt in discussies over de aanwezigheid van Hunner, gesprekken die men voert terwijl ze beide in een andere kamer zitten en zij überhaupt onwetend is over dat hij de hele nacht de hort op geweest is. Zit er een idee achter? Vast wel. Is het kwalitarief goed en met zorg gemaakt? Oh absoluut. Heb ik er iets mee? Geen donder.
Toch heeft de film de nodige goede punten zoals de nostalgische opening, is de soundtrack van Sakamoto prachtig, en is het begrijpelijk dat hij in de prijzen viel. Het bizarre avond tafereel van Port is dan juist weer heel erg bevreemdend en iets wat ik niet in dergelijke film zou zoeken maar is wellicht exemplarisch voor de afstand tussen de twee. En op deze gedachte lijkt de film rond te hinken, de status van relaties, hoe deze helemaal kunnen verflauwen of vervagen, dat je het contact met elkaar helemaal kwijt bent en dat pas na de definitieve angst voor het verliezen van iemand het gevoel rondom diegene terugkeert. Van de andere kant kan hier ook verlatingsangst en angst voor eenzaamheid spelen, en ansich is het doodsbed van Port met de wanhopige Kit best wel aangrijpend en goed geacteerd. Want wat een afschuwelijke ellende is die lijdensweg in dat tochtige en miserable hok. Het vervolg rond Kit lijkt daarna ook aan de linke kant als blanke vrouw alleen tussen de Berbers waar ze vervolgens goed terecht lijkt te komen maar het noodlot alsnog toeslaat met een wel erg tragisch einde.
Het neigt mij te zeggen dat The Sheltering Sky wel degelijk goede momenten bezit maar er na die tijd toch vooral een gevoel overheerst dat ik denk dat hier veel meer in had kunnen zitten. Zoals een Bertolucci bijna betreft is het allemaal te lang en saai van stof en komt erbij dat ik onvoldoende heb met de karakters en het geen moment wil boeien. Daarom wat mij betreft een onvoldoende.
Na Hud nog niet helemaal klaar met klassieker avond en nog even doorgezet met deze The Odessa File naar het bekende boek van Frederick Forsyth. Op de gok meegenomen maar gaandeweg kreeg ik steeds meer trek in de film vooral toen ik had gezien dat de film best wel redelijke cijfers scoorde en natuurlijk niet te vergeten het onderwerp zelf.
Want de naam Odessa is best wel interessant hoewel het twijfelachtig is in hoeverre het nu bestaan heeft en de enorme organisatie betrof die Wiesenthal bijvoorbeeld beweerde. Het kan best veel kleinschaliger geweest zijn of zelfs een stel individuen die een ontsnappingsroute hadden met de nodige hulp van de katholieke kerk. Volgens andere bronnen zou Odessa juist een wachtwoord geweest zijn onder geïnterneerde Nazi's, iets dat vervolgens een eigen leven is gaan lijden. Dus zeg het maar...het verhaal dat Forsyth bedacht heeft is er niet minder om en de dingen die Peter Miller ontdekt vlak na het lezen van een Joods dagboek zijn net zo goed interessant want zoals het gezegde luidt; hoe meer men in stront roert, des te meer begint het te stinken.
En laten we vooral niet vergeten hoe het gegaan is want Im labyrinth des schweigens 2014 getuigt eigenlijk ook van een beeld waar de oorlog en Holocaust werden doodgezwegen en begraven waar nazi's en SS'ers gewoon deel uitmaakten van het dagelijks leven. Het is een schandaal van jewelste dat Miller boven tafel krijgt, de benaming Odessa komt vervolgens veelvuldig voorbij, wordt Simon Wiesenthal ook nog gestalte gegeven en is de jacht op SS'officieren helemaal niet zo moeilijk want zoek maar gewoon naar de mensur littekens. En het is nogal wat waar Peter zich met gevaar voor eigen leven in begeeft en undercover gaat waar de tegenmaatregelen zoals het gebeuren met de metro er niet om liegen. En zoals gebruikelijk komt het standaard soldaten excuus naar boven bij de gemiddelde Duitser en Nazi, we waren maar soldaten en kregen een bevel waar men ook nog trots is op hun doorzettingsvermogen, bekwaam handelen en efficiëntie.
Dit alles maakt The Odessa File tot een meer dan acceptabele en leuke film die prettig wegkijkt een goed verhaal bezit, een prima Jon Voigt en bij tijd en wijlen ook nog goed spannend is.