Meningen
Hier kun je zien welke berichten mrklm als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Sheep Detectives, The (2026)
Alternatieve titel: De Schapenspeurders
Als blijkt dat dorpsagent [Nicholas Braun] totaal niet geschikt is om de dood van vriendelijke schaapherder George [Hugh Jackman] op een fatsoenlijke wijze te onderzoeken, doen schapen Lily [Julia Louis-Dreyfus] en Mopple [Chris O’Dowd] een poging om de zaak op te lossen. Daarbij maken ze gebruik van kennis die ze hebben opgedaan tijdens de vele keren dat George hen voorlas uit detectiveromans. Poging om de magie van Babe te doen herleven, mislukt omdat Balda visuele effecten gebruikt om schapen dingen te laten doen die ze niet kunnen. Ook vanwege de vele karikaturale personages is het mysterie niet bijster interessant, maar er is wel een verrassend ontroerende ontknoping. Prima voer voor kinderen; ouders kunnen hun tijd wel beter gebruiken.
Sheepman, The (1958)
Glenn Ford is de 'Sheepman' uit de titel. Hij speelt Jason Sweet, een scherpschutter die, na de tragische dood van zijn vrouw, besloten heeft een nieuw leven te starten in een klein stadje. Hij is vastbesloten het omliggende land te gebruiken om zijn kudde schapen te laten grazen, maar mede door zijn wat arrogante houding zijn de dorpsbewoners hem al snel beu. Ze zoeken hulp bij Stephen Bedford [Leslie Nielsen], bijgenaamd The Colonel. Die zet zijn verloofde Dell [Shirley MacLaine] in om Jason in de val te laten lopen, maar die laat zich niet koeioneren, temeer daar hij nog een persoonlijke rekening heeft te vereffenen met The Colonel.
Glenn Ford was één van de meest veelzijdige acteurs van zijn generatie: hij schitterde in sociale drama's, film noirs en in westerns en laat hier zien over een uitstekende komische timing te beschikken. Zijn eerste confrontatie met de sublieme Mickey Shaugnessy levert één van de meest memorabele momenten uit de film op. Shirley MacLaine is eveneens uitstekend als het liefje met pit (en een dubbele agenda). Alles leidt naar een sterke finale onder de degelijke regie van George Marshall en dat maakt dit tot een uiterst plezierige, luchtige western waar liefhebbers van het genre hun hart aan kunnen ophalen.
Sheila versus de Staat (2023)
De 44-jarige Sheila Ramawadh-Badal is een van de vele slachtoffers van het toeslagenschandaal. Naar eigen zeggen wilde Stijn Bouma via Sheila de slachtoffers een gezicht geven, maar het verband met het verhaal dat hij vertelt, is op zijn minst twijfelachtig. Er zijn beelden van telefoontjes met overheidsinstanties, die de ene keer zakelijk, de andere keer invoelend reageren, maar deze film richt zich meer op de persoonlijke drama’s die Sheila en haar gezin hebben meegemaakt. Dochter Farah is zonder meer een innemend kind, maar Bouma lijkt haar vooral te gebruiken om sympathie op te wekken. We zien haar op een step door de wijk rijden en spelen in een speeltuin, ook is er aandacht voor zoon Zaïn, die te vroeg werd geboren en na een paar dagen overleed aan de gevolgen van een hersenbloeding. Een verschrikkelijk persoonlijk drama, maar met De Staat heeft het weinig te maken. Ik vraag me af hoe vooral Farah hier over 15 jaar op terug zal kijken …
Shelby Oaks (2024)
Twaalf jaar geleden werden de verminkte lichamen van drie leden van de podcast Paranormal Paranoids aangetroffen in het spookstadje Shelby Oaks. Van hoofdpresentator Riley [Sarah Duran] is sindsdien niets vernomen, maar uit gevonden videobeelden blijkt dat ook haar leven in gevaar was. Nu gaat haar zus [Camille Sullivan] op onderzoek uit. Begint met een matig geacteerde mix van pseudo-documentaire en reacties en speculaties van bloggers, maar weet halverwege toch enige sfeer op te roepen. Die wordt verpest vanaf de verschijning van een paar onaangename – doch volstrekt ongeloofwaardige – lokale beestjes.
Shen Hai (2023)
Alternatieve titel: Deep Sea
San Su [Tingwen Wang] mist haar moeder [Jing Ji], vooral nu de aandacht van haar vader [Kuixin Teng] en stiefmoeder [Yang Ting] vooral uit lijkt te gaan naar San Su’s broertje [Yi Dong]. Tijdens een vakantiecruise slaat San Su overboord en belandt ze op een of andere manier in het restaurant Deep Sea van Nan He [Su Xin]. Nan He moet zijn restaurant (letterlijk en figuurlijk) te beschermen tegen ‘The Red Phantom’. Overambitieuze, buitengewoon vermoeiende animatiefilm gebruikt zo’n beetje elke kleur in het kleurenspectrum (bij voorkeur in hetzelfde frame) en verliest zichzelf in een overdaad aan overbodige visuele details. Het standaardplot rondom een meisje dat leert het verleden los te laten komt door al dat visuele geweld totaal niet uit de verf en Nan He is een van de meest irritante personages uit de animatiefilmgeschiedenis. Xiaopeng Tian had blijkbaar meer interesse in wuivende kapsels, snorren en dierenvacht. Dat hij er maar blij mee mag zijn.
Sherlock Gnomes (2018)
Alternatieve titel: Gnomeo & Juliet: Sherlock Gnomes
Vervolg op het amusante Gnomeo & Juliet zonder charme en vrijwel zonder verhaal. Sherlock Gnomes [Johnny Depp] onderzoekt een serie vandalistische daden waarbij tuinkabouters stuk worden geslagen. Gnomeo [James McAvoy] en Juliet [Emily Blunt] raken betrokken bij het onderzoek dat resulteert in een grote hoeveelheid (slechts zo nu en dan geslaagde) grappen op zoek naar een verhaal. Opnieuw veelvuldig omlijst met de muziek van Elton Joh, hetgeen het gebrek aan nieuwe ideeën onderstreept. Een puinhoop, ondanks de bijdrage van Britse grootheden als Maggie Smith en Michael Caine.
Sherlock Holmes (1916)
De openingstitel maakt duidelijk dat dit een nauwkeurige reconstructie is van het gelijknamige toneelstuk. William Gillette schreef dat toneelstuk en speelt de hoofdrol, daarbij ondersteund door exact dezelfde cast die het stuk 5 jaar lang opvoerde in de VS en Groot Brittannië. Het is daarom niet zo verrassend dat regisseur Arthur Berthelet zich veelal beperkt tot een toneelmatige registratie met een statische camera. Gelukkig zorgde H.S. Sheldon voor een scenario dat de dialoog beperkt en op gepaste momenten gebruik maakt van montage om de kijker inzicht te geven in hoe Holmes' tot zijn conclusies komt. De acteurs lijken hun spel ook te hebben aangepast aan het filmmedium. Er zijn wel wat vreemde overgangen waarbij het lijkt alsof de acteurs - net als in de films van Méliès - stil moesten staan terwijl Berthelet een nieuw camerastandpunt koos, maar dat is een kleine smet op een vermakelijke en verrassend vlotte Holmes-verfilming waarin Gillette een overtuigende maar - gezien recente interpretaties - opvallend ingetogen vertolking van de briljante speurder neerzet. Het plot is slim uitgewerkt en goed te volgen en er is ruim voldoende actie om dit ook voor een moderne kijker de moeite waard te maken. Ernest Maupain - beroemd van Theatre Sandra Bernhardt - is subliem als Moriarty en lijkt de blauwdruk voor Dr Mabuse in de briljante Mabuse-trilogie van Fritz Lang.
Sherlock Holmes (1922)
Hoewel John Barrymore de ideale acteur zou moeten zijn om gestalte te geven aan Sherlock Holmes, is dit een film die de fans best mogen overslaan. Dat komt mede door het rommelige script dat als los zand aan elkaar hangt. De film begint met de introductie van aartsvijand Moriarty [Gustav von Seyffertitz] die opdracht zou hebben gegeven om de reputatie van Prince Alexis [Reginald Denny], een student op Cambridge, te besmeuren door hem te laten opdraaien voor verduistering van collegegelden, gepleegd door één van Moriarty's spionnen. Briljant mag Moriarty wellicht zijn, maar erg origineel is hij niet. Hoe dan ook: Prince Alexis krijgt hulp van Dr Watson [Roland Young] die hem in contact brengt met Sherlock Holmes. Halverwege komt Alice Faulkner [Carol Dempster] opdraven in een ogenschijnlijk totaal ongerelateerde verhaallijn, maar ik was tegen die tijd de draad al enigszins kwijt. Dat heeft voor een groot deel te maken met het feit dat deze film bijna 50 jaar lang onvindbaar was en de huidige versie onvolledig is. Een ander probleem is dat het scenario - dat mede is gebaseerd op een toneelstuk - teveel leunt op tussentitels om Holmes' bevindingen te beschrijven. Aangezien deductie een sleutelelement is van de verhalen van Sherlock Holmes kun je daar niet omheen, maar met enige visuele inventiviteit had regisseur Albert Parker de film wat interessanter kunnen maken. Nu is het hooguit een curio, maar zeker geen goede film.
Sherlock Holmes: A Game of Shadows (2011)
Downey Jr. kruipt opnieuw in de huid van de legendarische Britse detective die zich in Sherlock Holmes (2009) ontpopte als een intelligente, gevatte detective die zich ook in een gevecht prima staande kan houden maar die Watson [Jude Law] nodig heeft om niet verstrikt te raken in zijn eigen neuroses en excentrieke gedragingen, Holmes en Watson nemen het op tegen aartsvijand Moriarty [Jared Harris] die met een serie liquidaties en aanslagen probeert een Europese oorlog te ontketenen. De frisheid van het origineel is weg, maar Downey Jr. en Law zijn onweerstaanbaar en Noomi Rapace zorgt voor nieuw elan als de mysterieuze Madam Simza Heron en Ritchie houdt opnieuw de vaart er flink in.
Sherlock Jr. (1924)
In Sherlock Jr probeert Buster zijn werk als filmprojecteur te combineren met zijn studie ‘How To Become A Detective.’ Uiteraard is er ook een love-interest [Kathryn McGuire] op wie Buster indruk wil maken door een mooi en duur cadeau te kopen, maar er is een rivaal [Ward Crane] die zelfs een zakhorloge steelt en verpand om geld te krijgen voor een nog duurder cadeau. Bovendien weet hij Buster de schuld in de schoenen weet te schuiven. Uiteraard stuurt de familie van het meisje Buster de laan uit en hij gaat, gewapend met zijn handboek, op onderzoek uit. ‘Shadow Your Suspect Closely’ zegt het handboek en Buster neemt dat iets te letterlijk op... en dat is nog maar het begin van de pret. Wanneer Buster weer aan het werk gaat, valt hij tijdens een filmvertoning in slaap en droomt hij dat hij letterlijk de filmwereld binnen stapt en na een knap gemonteerde sequentie, een eerbetoon aan George Meliès, de eerste grootmeester van de special effects, waant hij zich in zijn eigen film, waarin hij als Sherlock Jr onderzoek doet naar de diefstal van een duur sieraad.
Busters vader Joe Keaton heeft een hilarische bijrol als de butler die er samen met de dader voor probeert te zorgen dat Sherlocks onderzoek tot niets leidt, onder anderen door een explosieve biljartbal op de speeltafel te leggen en Sherlock uit te nodigen voor een spelletje pool. De scène die dan volgt, waarin Buster niet alleen bal na bal pot zonder de dodelijk biljartbal te raken, maar er ook in slaagt om ‘m werkelijk op een haartje na te missen, zie ik niemand hem nadoen. De reacties van de schurken verhogen de hilariteit van deze briljante sequentie. En zo blijft het lachen tot slotscène, die ons enerzijds toont dat we films soms gebruiken als handleiding voor hoe je met elkaar omgaat, maar ook dat diezelfde films ronduit absurd zijn. Het is een intelligente eindgrap voor een film die meer te bieden heeft dan briljante slapstick en die de liefde van de mens voor het medium film in al zijn glorie laat zien.
Sherpa (2015)
Alternatieve titel: Sherpa - Trouble on Everest
Sherpa Tenzing Norgay werd wereldberoemd als lid van de expeditie van Edmund Hillary die als eerste de top van de Mount Everest bedwong. Tenzing was een bescheiden, eenvoudige, vriendelijke man die decennia lang het imago van de sherpa bepaalde. Inmiddels is de Mount Everest een trekpleister geworden voor tienduizenden bergbeklimmers en maken buitenlandse exploitanten veelvuldig gebruik van Sherpa's als voorbereiders en gidsen bij expedities. Dat heeft gezorgd voor meer welvaart bij de Sherpa's en anno 2014 is er een generatie opgestaan met afgeronde opleidingen. Wanneer 16 Sherpa's omkomen bij een lawine besluit deze nieuwe generatie in actie te komen: ze eisen dat het klimseizoen per direct stop wordt gezet om hun doden te eren. Dat leidt tot onbegrip bij exploitanten, die zich al snel beseffen dat ze zonder de hulp van de Sherpa's helemaal niets kunnen.
Jennifer Peedoms documentaire begint als een portret van de Sherpa-cultuur aan de hand van gesprekken met familieleden, vrienden en kennissen van Tenzing Norgay, maar weet dat niet helemaal goed te linken met de protestacties. Haar film lijkt daardoor een mix van twee verschillende documentaires over hetzelfde thema. Maar ze legt wel op pijnlijke wijze bloot hoe weinig respect exploitanten en klanten ook na de ramp nog blijken te hebben voor de cultuur en de wensen van de Sherpa's.
SherryBaby (2006)
Maggie Gyllenhaal schittert als Sherry Swanson, die drie jaar heeft vastgezeten wegens diefstal om haar heroïneverslaving te financieren. In die drie jaar is ze afgekickt en hebben haar broer Bobby [Brad William Henke] en diens echtgenote Lynette [Bridget Barkan] gezorgd voor Sherry's dochter Alexis [Ryan Simpkins]. Sherry is een sterke, eigenzinnige vrouw die niet schroomt haar seksuele en persoonlijke charmes te gebruiken om haar zin te krijgen. Ze heeft dan ook grote moeite met de strenge eisen die haar reclasseringsambtenaar [Giancarlo Esposito] aan haar stelt. Bovendien blijkt haar dochter zich gehecht te hebben aan haar nieuwe gezin en moet ze hard werken om het vertrouwen van haar familie terug te winnen.
Regisseur/scenarist Laurie Collyer weet op fraaie wijze inzicht te geven in de problemen waar mensen met een crimineel verleden mee worstelen wanneer ze proberen te re-integreren. Sherry is getekend door haar verleden, ook in de gevangenis waar ze - soms letterlijk - heeft moeten vechten om iets van haar waardigheid te behouden. Maar die vechtersmentaliteit werkt haar juist tegen wanneer ze oprecht probeert haar leven op de rails te krijgen. Een indrukwekkende samenleving tussen Collyer en Gyllenhaal, die de hoofdpersoon volledig weten te doorgronden. Zeker niet zo zwaar op de hand als het onderwerp doet vermoeden, maar wel een film die stemt tot nadenken.
Sheryl (2022)
Braaf, gelikt portret van muzikant en liedjesschrijver die eind jaren zong met Michael Jackson tijdens zijn 'Bad Tour’, maar pas in 1995 wereldwijd doorbrak met de hitsingle ‘All I Wanna Do’ en zich ontpopte als “stem van een generatie”, vooral voor mensen uit de LGBTQIA+gemeenschap. Sheryl spreekt openhartig over onderwerpen als seksuele intimidatie, eenzaamheid en haar strijd tegen kanker en krijgt bijval van onder anderen Laura Dern (een goede vriendin) en veteranen uit de muziekwereld als Keith Richards en Willie Nelson. Crow komt over als een nuchtere, oprechte veteraan in deze kritiekloze documentaire die gemaakt is voor fans. Een beetje meer pit was welkom geweest, ook al is de muziek nog altijd bijzonder goed aan te horen.
Sheytan Vojud Nadarad (2020)
Alternatieve titel: There Is No Evil
In het eerste half uur volgen we Heshmat [Ehsan Mirhosseini], een ogenschijnlijk doorsneeman die met zijn vrouw Zaman [Zhila Shahi] naar de bank rijdt om zijn salaris op te halen, zijn dochter ophaalt en thuis afzet en vervolgens naar zijn werk gaat. Deze nauwkeurig geconstrueerde episode eindigt met een schokkende slotwending die het hoogtepunt is van de film. Hierna volgt een vertelling van drie minder, maar nog altijd prima episodes rondom hetzelfde onderwerp over morele dilemma’s omtrent hetzelfde thema en de gevolgen die de gemaakte keuze heeft op het leven van de persoon in kwestie. Een festivalhit, onder anderen in Berlijn, Seattle en Valladolid.
Shin Evangelion Gekijôban (2021)
Alternatieve titel: Evangelion: 3.0+1.01 Thrice upon a Time
Slotstuk van de Evangelion-quadrilogie begint met een samenvatting van de voorgaande films. Er is nogal wat tijd verstreken sinds de wereld haast onbewoonbaar werd door ‘the Third Impact’. Shinji [Spike Spencer] is helemaal in zichzelf gekeerd nu hij weet dat hij lijnrecht tegenover zijn vader [John Swasey] staat en dat hij zijn beste vrienden heeft verloren. Kensuke [Alejandro Saab] probeert Shinji uit zijn schulp te halen nadat een deel van de wereld door middel van de nieuwste technieken weer bewoonbaar zijn. Duurt 150 minuten, maar het is de vraag waarom aangezien dit in grote lijnen een remix is van de voorgaande films. Gezien de kwaliteit van de serie tot nu toe had dat geen bezwaar hoeven te zijn, maar de beleving wordt verpest door een verschrikkelijke soundtrack. Pianomuziekjes á la Richard Clayderman, een Christmas Carol en meer schijnbaar willekeurig gekozen instrumentaaltjes leiden alleen maar af. Als klapper op de vuurpijl krijg je op het einde ook nog zo’n stroperig Japans popdeuntje (inclusief harmonicasolo) te verduren. Als muziekliefhebber til ik daar misschien wat zwaarder aan dan de meeste kijkers, maar zeg niet dat joe niet was gewaarschuwd!
Shin Gojira (2016)
Alternatieve titel: Godzilla: Resurgence
Het toch al redelijk beperkte budget (+/- $16 miljoen) is blijkbaar opgegaan aan de special effects. Aanvankelijk lijkt het scenario van regisseur Hideaki Anno zelfs wat satirische punten aan te dragen, alsmede subtiele verwijzingen naar de vele hilarische erbarmelijke vervolgen op Gojira (1954). Helaas moet je al snel concluderen dat deze film zich eigenlijk alleen onderscheid van die sequels qua special effects. Helaas bestaat het eerste deel van de film vooral over eindeloos, oeverloos geouwehoer tussen allerlei officials die van vergadering naar vergadering gaan terwijl de reusachtige - maar extreem trage - Godzilla zich richting stedelijk gebied begeeft. De spectaculaire verwoestingen die Godzilla aanricht schudden je mogelijk even wakker uit je schoonheidsslaapje, maar deze poging om de Godzilla-franchise nieuw (Japans) leven in te blazen is verder ronduit saai.
Shining, The (1980)
. Dit is psychologische horror, waarin eigenlijk niet zo heel veel gebeurt en waar de horror zich grotendeels in de hoofden van de hoofdrolspelers afspeelt. Maar Kubrick weet, onder anderen door middel van prachtige fotografie en revolutionair gebruik van de steadicam, een onderhuidse spanning te creëren en op te bouwen tot ondraaglijke proporties. Als kijker weet je dat er iets gruwelijks staat te gebeuren en dat het op ieder moment los kan barsten, maar Kubrick stelt dat moment uit tot de legendarische finale. The Shining is mijn beste argument in de oeverloze discussie over de vraag of een film beter kan zijn dan een boek. Het antwoord is duidelijk: nee, omdat het een andere kunstvorm is. Je kunt een schilderij van Mondriaan toch ook niet vergelijken met een foto van Vivian Maier? Het boek The Shining van Stephen King, waarop dit is gebaseerd, is een meesterwerk. De film van Stanley Kubrick is ook een meesterwerk, maar omdat film een ander medium is, bracht Kubrick een aantal veranderingen aan in het scenario die ik hier overigens niet ga benoemen. Ik raad je aan om zelf de film te kijken en het boek te lezen, ze zijn allebei absoluut de moeite waard.
De film betreft een gezin, bestaande uit schrijver met een writer’s block Jack Torrance [Jack Nicholson], zijn vrouw Wendy [Shelley Duvall] en hun zoontje Danny [Danny Lloyd], die gedurende de wintermaanden het dagelijks onderhoud van een afgelegen en ingesneeuwd hotel op zich nemen, in de hoop dat Jack zich zo kan richten op zijn nieuwe boek. De eigenaar vertelt weliswaar dat het hotel gebouwd is op een oude Indiaanse begraafplaats [een belangrijk element in het boek], maar belangrijker is het verhaal van een eerdere opzichter van het hotel, die in zijn isolement tot waanzin werd gedreven, zijn vrouw en dochters in stukjes hakte en vervolgens zelfmoord pleegde. Dit schrikt de familie Torrance niet af, het intrigeert ze juist! Maar Tony – ‘het kleine jongetje dat in mijn mond woont’, aldus Danny – waarschuwt Danny en laat hem gruwelijke beelden zien die Danny niet goed kan plaatsen. Een gesprek met Halloran [Scatman Crothers], de kok van het hotel die dezelfde bijzondere gave heeft , probeert hem gerust te stellen maar wanneer Danny vraagt naar Room 237, blijkt dat het hotel wel degelijk duistere geheimen te verbergen heeft en dat de Torrances zichzelf in gevaar brengen.
Kubrick liet zijn cameramensen een grote hoeveelheid verschillende lenzen gebruiken, waardoor veel shots er licht vervormd uitzien. Dat heeft een vervreemdend en benauwend effect dat je steeds doet afvragen of wat we zien wel de werkelijkheid is, of dat het hallucunaties of waanbeelden zijn. De film is een technische triomf, met prachtige sets, wondermooie belichting en een uiterst effectief gebruik van de steadicam, die drie jaar eerder zijn intrede in Hollywood deed in de eerste Rocky. De scène waarin Danny op een driewielertje door het hotel richting de myserieuze kamer 237 rijdt is één van de beroemdste shots uit de film, omdat zo’n shot tot dan toe technisch simpelweg onmogelijk was. Nicholson geeft een vertolking weg die veel critici omschrijven als ‘verontrustend’, omdat de waanzin in zijn ogen volstrekt overtuigend is, vooral in het geniale shot waarin Kubrick Nicholson vanaf de grond filmt terwijl Nicholson, opgesloten in een koelcel, zijn vrouw probeert over te halen hem te laten gaan. Duvall kreeg het zwaar te verduren en Kubricks veeleisende houding ten opzichte van haar bracht haar aan de rand van waanzin, maar – zoals Duvall niet veel later zou erkennen – het levert een haast onmogelijk ingeleefde vertolking op die nimmer meer is geëvenaard. Danny Lloyd, die uitstekend kon opschieten met Kubrick en het hele proces als een spel zag en derhalve altijd bereid was om nog een take te doen, geeft één van de beste kindervertolkingen ooit weg. Hij houdt zich moeiteloos staande tussen het acteergeweld van Nicholson en Duvall. De slagroom op de ijstaart is de effectieve muzikale score, van de opening – een duistere variant op de Latijnse hymne ‘Dies Irae’ – tot de dromerige, melancholieke klanken van “Midnight, The Stars And You”, gezongen door Al Bowlly. De rest van de score bestaat meer uit muzikale geluidseffecten die je nekharen overeind doen staan en dit maken tot een gruwelrit die zijn gelijke nog steeds niet kent!
Shiny_Flakes: The Teenage Drug Lord (2021)
Max Schmidt was de inspiratiebron voor de televisieserie How to Sell Drugs Online (Fast). Als puber leerde hij online hoe hij kon hacken zonder sporen achter te laten. In 2014 lanceerde hij een website waarop hij alle soorten drugs (legaal en illegaal) verkocht. Hij zorgde er zelfs voor dat zijn website bij de zoekterm ‘drugs kopen’ bovenaan kwam te staan. Hoe is het mogelijk dat een tiener in zijn eentje iets meer dan een jaar miljoenen verdiende met wereldwijde online drugshandel en hoe wist de politie hem uiteindelijk toch te ontmaskeren? Schmidt, die in maart 2019 weer op vrije voeten kwam, vertelt met een hoge mate van zelfingenomenheid en terughoudendheid over zijn operatie. Müller stelt prikkelende vragen en de medewerking van de betrokken advocaten, opsporingsbeambten en Schmidts forensisch psychiater verhoogt de fascinatie voor dit opmerkelijke relaas.
Shirayuki Hime Satsujin Jiken (2014)
Alternatieve titel: The Snow White Murder Case
Ambitieuze televisiejournalist Yuji Akahoshi [Gô Ayano] grijpt zijn kans wanneer Risako Karino [Misako Renbutsu] hem laat weten dat zij nauw samenwerkte met de beeldschone Noriki Miki [Nanao], het slachtoffer in een geruchtmakende moordzaak die vernoemd is naar de zeep die ze hielp op de markt te brengen. Yuji scoort hoge ogen bij de redactie met zijn sensatiebeluste reportage waarin collega “Ms S” [Mao Inoue] als hoofdverdachte wordt aangewezen en besluit een serie reportages te maken. Daarbij lijkt hij blind voor het feit dat ieder nieuwe getuigenis een heel ander licht werpt op wat er in werkelijkheid is gebeurd. Zwartkomische moderne variant op Rashomon met hilarische reportages (inclusief stemvervorming, suggestieve tussentitels en de uiterst foute “spannende” muziekjes) is een sterke aanklacht tegen de invloed van commercie op nieuwsvergaring, alsmede een parodie op de vaak amateuristisch gemaakte (en slecht onderzochte) true crime documentaires die onze sociale media bevuilen. Erg goed geacteerd, vaak hilarisch, maar met een speelduur van 127 minuten wel aan de lange kant.
Shirkers (2018)
In 1992 maakte Sandi Tan samen met vrienden en kennissen een onafhankelijke geproduceerde roadmovie op locatie in Singapore. De titel was Shirkers, maar de film is nooit uitgebracht omdat Sandi’s mentor en co-producer George Cardona spoorloos verdween met alle filmrollen. 25 Jaar later zoekt Tan haar oude vriendinnen op die elk hun eigen weg zijn gegaan en spreekt ze met crewleden en de paar filmcritici die destijds een ruwe versie van de film zagen. Dat gebruikt ze niet alleen om terug te kijken op het productieproces, maar ook om een portret te maken van de eigenzinnige Cardona. Bevat beelden van de oorspronkelijke beelden die, ondanks de vele lofuitingen, niet bijzonder veel indruk maken. Vooral interessant wanneer Tan praat over hoe deze film en de tussenliggende jaren haar vriendschap met Jasmine en Sophia beïnvloedde.
Shirley (2020)
Goed geregisseerd en voorbeeldig geacteerd psychologisch drama begint veelbelovend, maar loopt uiteindelijk uit op niets. Fred Nemser [Logan Lerman] heeft een baan weten te bemachtigen aan een universiteit en regelt dat hij en zijn kersverse echtgenote Rose [Odessa Young] tijdelijk onderdak krijgen bij universiteitsprofessor Stanley Heyman [Michael Stuhlbarg] en diens zonderlinge echtgenote Shirley [Elisabeth Moss], een schrijfster die al maanden niet buiten is geweest en wanhopig op zoek is naar inspiratie. Het is de bedoeling dat Fred en Rose slechts enkele weken blijven, totdat ze iets voor zichzelf hebben gevonden. Uiteraard loopt het allemaal iets anders.
Odessa Young tevens de rol van de hoofdpersoon in Shirleys nieuwe boek en verschijnt in scènes waarin Shirley zich het verhaal van haar nieuwe boek inbeeldt. Aanvankelijk is dat intrigerend, maar de constante schiftingen tussen droom en realiteit worden al snel verwarrend. Veel erger is dat het verwachtingen kweekt die nooit worden ingelost, want wie denkt dat dit alles een prelude is voor een spannende finale kant wachten tot de lammeren met Pinksteren op het ijs dansen.
Shirley (2024)
In 1968 wordt Shirley Chisholm [Regina King] de eerste zwarte vrouw in het Amerikaanse Congres. Na vier jaar Nixon en uit onvrede over de Democratische presidentskandidaten George McGovern, Ed Muskie en de openlijk racistische George Wallace, besluit ze in 1972 zelf een gooi te doen naar het presidentschap. Oppervlakkig als persoonlijk portret en vooral interessant als kijkje achter de schermen van Amerikaanse verkiezingscampagnes. Toont de persoonlijke en morele dilemma’s waar Chisholm (als vrouw en als Afrikaanse Amerikaan) mee te maken kreeg, maar geeft weinig inzicht in Chisholms persoonlijkheid en drijfveren. Jackson speelt Barbara Lee, die zich aansluit bij Chisholms campagne en in 1998 zelf werd verkozen in het Congres. De echte Lee vat aan het eind kort samen wat Chisholm en deze periode voor haar persoonlijk betekenden.
Shiva Baby (2020)
Danielle [Rachel Sennott] ziet erg op tegen de Shiva (een Joodse rouwplechtigheid) die ze met haar ouders [Fred Melamed, Molly Gordon] moet bezoeken. Ze blijkt nogal wat geheimen te hebben en de aanwezigheid van haar minnaar Max [Danny Deferrari] en diens echtgenote [Dianna Agron], alsmede het feit dat ze oog in oog komt te staan met haar jeugdvriendin Maya [Molly Gordon] met wie ze ruzie heeft gehad, doet haar vermoeden dat ze die geheimen niet lang zal kunnen bewaren. Seligman schreef zelf het scenario voor deze tragikomedie met een scherpzinnige, zelfbewuste jonge vrouw als hart en slim uitgespeelde ongemakkelijke situaties die je soms ongemakkelijk, soms hartelijk doen lachen. Uitbreiding van Seligmans gelijknamige korte film uit 2018, eveneens met Sennott maar met een andere ondersteunende cast.
Shoah (1985)
14 keer genomineerd op verschillende festivals, 14 keer gewonnen... maar geen Academy Award. Claude Lanzmann, de drijvende kracht achter dit immense, historisch gezien extreem relevante project, vond dit meer een kunstwerk dan een documentaire. Hoewel “Shoah” in ieder geval nauwlettend de omstandigheden schetst waarin de systematische uitroeiïng van de Joden tijdens WOII kon plaatsvinden – waarmee het inhoudelijk door kan gaan voor een documentaire – is de vorm die Claude Lanzmann zo radicaal, dat je hier wel degelijk van een ongrijpbare vorm van kunst mag spreken. Lanzmann begon aan deze schier onmogelijke taak nadat zijn succes met een uitgebreide documentaire over De Zesdaagse Oorlog hem wat financiële steun opleverde. In de 11 jaar die daarop volgden, spoorde hij unieke ooggetuigen op die hij – vaak met veel moeite – wist over te halen om hun verhaal voor de camera te vertellen.
De film opent met een lang shot van de Narew rivier. We horen en even later zien we Simon Srebnik, die staat in een roeiboot en een Jiddisch liedje zingt. Srebnik zat als kind in het concentratiekamp Chelmno, waar hij alleen overleefde vanwege zijn zangstem en zijn behendigheid, waardoor hij vaak door de Nazi’s georganiseerde wedstrijden won. Hij was een bron van vermaak die vaak met een SS-officier mee mocht varen over de rivier. Aan het eind van de oorlog liquideerden de Duitsers alle gevangenen met een kogel door het hoofd. Srebnik overleefde als enige deze moordpartij. Later neemt Lanzmann hem mee naar de ruïnes van het concentratiekamp die zich bevinden op een stuk grasland in de midden van een bos waar nu de stilte van de natuur heerst. Van afstand zien we de eenzame Srebnik moederziel alleen door het kamp lopen, in de wetenschap dat hier tijdens zijn verblijf tienduizenden Joden zijn vermoord en dat zij hier zijn begraven of verbrand. Hij dwingt je als kijker om te voelen hoe het moet zijn geweest...
Lanzmann spreekt ook uitgebreid met Abraham Bomba, een kapper die hij op een gegeven moment filmt en ondervraagt terwijl hij in een volle kapperszaak één van zijn klanten knipt. Bomba overleefde het concentratiekamp omdat de SS hem vanwege zijn kappersachtergrond inzetten om de Joden kaal te scheren voordat ze de gaskamer in gingen. En hij vertelt zijn verhaal, tot hij zich herinnert dat hij een aantal mensen uit zijn eigen dorp moet knippen voor ze de gaskamer inmoeten. De man kan zijn emoties nauwelijks bedwingen, maar Lanzmann praat op hem in door te zeggen dat het cruciaal is dat hij het verhaal vertelt. Het is een scène die je naar de keel grijpt, want Lanzmann houdt de camera constant gericht op het gezicht van Bomba. Als kijker zie je een tipje van het verdriet en – misschien wel boven alles – de schaamte die deze man tientallen jaren later nog met zich meedraagt en het haast onmogelijk maakt om erover te praten.
Maar “Shoah” bestaat niet alleen uit de verhalen van slachtoffers. Lanzmann riskeerde wellicht zijn leven door, tegen de afspraak in, zijn gesprek met Franz Suchomel, de SS-Unterscharführer in de periode 1942-1943 in concentratiekamp, op te nemen. Dit was in de jaren ’70, dus het was technisch haast onmogelijk en de beelden zijn – zoals je op de foto kunt zien – van slechte kwaliteit, maar het resultaat is van onschatbare waarde. Suchomel zingt het Treblinkalied op verzoek van Lanzmann 2 keer en meldt dat ‘geen enkele Jood’ dit lied kent. Hij legt ook, aan de hand van een zeer gedetailleerde bouwtekening, uit hoe het vernietigingsproces precies in elkaar zat. Een gefilmd ooggetuigenverslag van een hooggeplaatste SS-officier die direct betrokken was bij uitvoeren van dit proces, cruciaal bewijsmateriaal waarmee je iedere Holocaust-ontkenner de mond kunt snoeren.
“Shoah” bevat ook gesprekken met boeren wiens land grensde aan de concentratiekampen en er komen ook veel Poolse dorpelingen aan het woord die zonder schroom toegeven dat ze wisten wat er aan de hand was. In het laatste deel is er aandacht voor de opstandelingen in de getto’s en er is een indrukwekkend ooggetuigenverslag van Jan Karski, die door Joodse leiders werd rondgeleid door het getto van Warschau en de opdracht kreeg om alle verschrikkingen die hij onder kreeg te onthouden en te delen met de buitenwereld. Karski geeft aan het begin van het gesprek aan dat hij zich heeft afgesloten voor die herinneringen, maar aangezien het historische belang van deze film erkent haalt hij de herinneringen toch weer terug.
Ik kan nog honderden woorden gebruiken om de stijl te roemen, maar deze film moet je zien vanwege de inhoud. De stijl staat in dienst van de inhoud en die stijl dwingt je als kijker om je eigen beelden te creëren in je hoofd en je eigen emoties daarbij te voelen. Lanzmann gebruikt geen archiefbeelden, heeft de getuigenissen niet verknipt, ook niet de gesprekken met Pools-, Hebreeuws- en Jiddischsprekende getuigen, waarbij de tolk elke vraag en elk antwoord vertaalt. In het begin is dat misschien wat lastig te accepteren, maar Lanzmann houdt de camera tijdens die vertalingen steeds gericht op de getuige. En wanneer die stil is, probeer je als kijker diens gedachten te lezen en dat maakt de film extra intrigerend. Ja, dit is een extreem lange zit, maar dit is een monumentale documentaire: de beste in zijn soort en de belangrijkste film over de Holocaust.
Shock and Awe (2017)
Inmiddels weten we dat de Amerikaanse regering onder George W. Bush de aanslagen van 11 september 2001 gebruikte als excuus om Irak binnen te vallen en Saddam Hussein af te zetten. De manipulatie en de leugens van de kabinetsleden, met Donald Rumsfeld en Colin Powell als belangrijkste spillen, zijn inmiddels scherp veroordeeld. Dit boeiende drama herinnert ons eraan dat de media zich indertijd lieten meeslepen door aangewakkerd vaderlandsliefde en zich daardoor onvoldoende kritisch opstelde tegenover Bush en de zijnen. Enige uitzondering op die regel was Knight Ridder, een groep journalisten onder leiding van John Walcott [Rob Reiner], dat schreef voor een consortium. Zij bleven graven en bleven kritisch maar hun artikelen werden keer op keer geweigerd door wat we nu de mainstreammedia noemen. Gebaseerd op de biografieën van Walcott, Jonathan Landay, Warren Strobel en veteraan Joe Galloway verklaart dit waardoor de reputatie van de traditionele media permanente schade opliep.
Shock Corridor (1963)
Wie houdt van pure, visuele cinema zal zijn ogen niet van het scherm af kunnen houden bij het zien van Samuel Fullers bizarre, controversiële, intrigerende en spannende thriller. Johnny Barrett [Peter Breck] is een onderzoeksjournalist die vastberaden is de identiteit te onthullen van de dader van een moord in een inrichting. De politie heeft drie kroongetuigen verhoord, maar dat zijn allemaal patiënten wiens getuigenis onsamenhangend en onbetrouwbaar is bevonden. Johnny besluit undercover te gaan door een psychiater ervan te overtuigen dat hij incestueuze fantasieën heeft over zijn 'zus', in werkelijkheid zijn strippervriendin Cathy [Constance Towers] zodat hij wordt opgenomen in de inrichting waar de moord is gepleegd. Daar probeert hij het vertrouwen van de drie getuigen te winnen, maar daarvoor moet hij zowel tegenover de staf als zijn medepatiënten in zijn rol blijven.
De scènes waarin we in het hoofd kijken van de patiënten zijn verbluffende cinematografische meesterwerkjes en er is duidelijk veel aandacht besteed aan de unieke persoonlijkheden (en tics) van iedere patiënt. Zo is er een man die constant één arm recht vooruit steekt, een patiënt met een passie voor opera en Johnny maakt ook onbedoeld kennis met de nymfomanen, die hun eigen afdeling hebben. Fuller is eruit om je als kijker uit je comfort zone te halen en slaagt daar keer op keer in, vooral wanneer Hari Rhodes zijn intrede doet in een extreem gewaagde - maar briljante gespeelde - rol die anno 2019 nog steeds bijzonder controversieel is.
Shock Waves (1977)
Alternatieve titel: Almost Human
Deze cultfavoriet moet het vooral hebben van suspense en een paar behoorlijk effectieve shockmomenten. Van gore of extreem geweld is nauwelijks sprake, maar dat is helemaal geen bezwaar. Het verhaal betreft een groep vrienden die op mysterieuze wijze stranden op een eiland en geterroriseerd worden door Nazi-zombies die uit een scheepswrak - dat pas is boven komen drijven - zijn ontsnapt. John Carradine heeft een klein rolletje aan het begin van de film en Peter Cushing is uitstekend als de enige bewoner van het eiland, een man met een bijzonder twijfelachtig verleden. Het acteerwerk van de mannelijke hoofdrolspelers is niet al te best en de sexy Brooke Adams en D.J. Sidney hebben weinig te doen, maar dit is goed geregisseerd, fraai gefilmd - met onderwaterfotografie van Irving Pare - en voorzien van een sfeervolle muzikale score door Richard Einhorn.
Shoes of the Fisherman, The (1968)
Anthony Quinn geeft een waardige vertolking als Kiril Pavlovich Lakota, een Oekraïense priester die 20 jaar in een Siberisch strafkamp heeft gezeten. De nieuwe premier van de Sovjet-Unie [Laurence Olivier], tevens de man die jarenlang Kirils gevangenisbewaarder was, laat hem onverwacht vrij, maar niet uit goedertierenheid. Hij hoopt dat Lakota zijn respect en invloed in het Vaticaan kan gebruiken om de diplomatieke betrekkingen met een aantal omringende landen - China in het bijzonder - te verbeteren, zodat Rusland ook hun handelsbetrekkingen met die landen kunnen aanhalen en daarmee een dreigen voedselgebrek te voorkomen. David Janssen speelt George Faber, een atheïstische journalist die in Rome verslag doet wanneer de Paus [John Gielgud] komt te overlijden en de kardinalen maar niet kunnen beslissen wie de Paus moet opvolgen.
Regisseur Michael Anderson neemt veel tijd om de rituelen en de besluitvorming in het Vaticaan te reconstrueren. Het is fascinerend om te zien, maar het tempo ligt hier wat traag. Hij maakt wel effectief gebruik van archiefbeelden van de verkiezing van Paul VI in 1963 wat mede bijdraagt aan een gevoel van authenticiteit. Het subplot met Janssen is niet bijster interessant, totdat de inmiddels tot Paus verheven Lakota een toevallige ontmoeting heeft met Chiara [Rosemary Dexter] met wie Faber een buitenechtelijke relatie heeft.
Shooting Stars (2023)
Een gebrek aan originaliteit en acteertalent verwijst deze biopic over het beroemde basketbalteam, dat al snel de bijnaam ‘Shooting Stars’ kreeg, naar de vroegtijdige vergetelheid Coach Dru Joyce II [Wood Harris] bouwde een jeugdteam rond zijn zoon Lil Dru [Caleb McLaughlin] met jongens die elkaars boezemvrienden werden: Willie McGee [Avery Serell Wills Jr.], Sian Cotton [Khalil Everage] en LeBron James [Marquis Mookie Cook]. Door een samenloop van omstandigheden belanden ze tot ieders verrassing op St. Vincent-St. Mary’s, een school met vrijwel uitsluitend katholieke, witte jongens, waar Keith Dambrot [Dermot Mulroney] hun nieuwe coach wordt en Romeo Travis [Scoot Henderson] het team compleet maakt. De reconstructies van wedstrijden leveren mooie momenten op en uiteraard de nodige trick shots, maar buiten de zaal is het een saaie, voorspelbare bedoening. Gebaseerd op het gelijknamige boek van LeBron James en Buzz Bissinger dat duidelijk het team boven individu stelt.
Shooting the Mafia (2019)
De Italiaanse Letizia Battaglia begon pas op haar veertigste met fotograferen en groeide uit tot één van de belangrijkste en meest gerespecteerde fotografen van haar tijd, vooral omdat ze zich in haar woonplaats Palermo verdiepte in de door de plaatselijke maffia beheerste cultuur en met haar foto’s van de gevolgen van een bloederige afrekeningen het internationale nieuws haalde. Aan de hand van haar enorme archief, aangevuld met televisiebeelden, kijkt ze terug op een zwarte bladzijde uit de Siciliaanse geschiedenis. Voor wie bekend is met de geschiedenis van de Siciliaanse maffia (en Salvatore Riina en rechter Giovanni Falcone in het bijzonder) is er niet heel veel nieuws in de zon, al bekijkt Battaglia de gebeurtenissen mede vanuit het perspectief van de eenvoudige, vaak straatarme burgers die de zwijgcultuur rondom de maffia al die tijd in stand hielden.
