Meningen
Hier kun je zien welke berichten Collins als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
On the Rocks (2020)
De film heeft iets vertrouwds. Vervreemding en eenzaamheid zijn de belangrijkste thema’s. Een stel op weg in de nacht teneinde een innerlijke leegte te vullen. Een typische Bill Murray doet zijn leuke ding en Rashida Jones is gewoon leuk.
Je ontkomt er niet aan. Lost in Translation is niet ver weg. De grote doorbraak van Sofia Coppola was dan wel een film vol melancholie, terwijl On the Rocks veel meer met humor werkt, maar de thematische overeenkomsten en de karakterisering van de hoofdpersonages zijn navenant.
Centraal staat een absurde spionagemissie wegens vermeend overspel van de echtgenoot van Rashida Jones. Bill Murray volvoert de missie met enorme geestdrift. Rashida Jones doet het met zichtbare tegenzin. De uitwerking van de missie waarin veel anders loopt dan gepland, is aangenaam komisch. Bovendien is de missie dermate belachelijk dat je er eigenlijk alleen maar om kunt lachen. Met name de interactie tussen beide personages is erg plezierig. Humorvol en soms ontroerend.
De vraag of er werkelijk sprake is van overspel is ondergeschikt. Dat antwoord geeft de film trouwens al relatief snel. De film gaat in de eerste plaats over de relatie tussen vader Murray en dochter Jones. Een relatie die zowel intiem als afstandelijk is. Het verleden van Murray die ooit zijn gezin verliet voor een andere vrouw, speelt daarbij een grote rol. Hij zoekt toenadering maar is onwennig en weet niet precies hoe zich te gedragen. Dochter Jones maakt het hem niet gemakkelijk. Zij neemt hem zijn vertrek nog steeds kwalijk. De link met haar eigen situatie is helder.
Best tragisch allemaal. Coppola legt andere accenten. Ze ziet af van veel verdieping in haar personages en laat de personages met hun problemen vooral luchtig aanmodderen. Het verhaal dat niet veel body heeft, wordt hier en daar wat afgeraffeld. Alsof de film de 96 minuten grens niet mocht overschrijden. Zo worden plotlijntjes niet geheel bevredigend afgesloten en is het einde wat gemakkelijk.
Toch is On the Rocks een hele aardige tragikomedie. Verwacht er gewoon niet teveel van.
Onder het Hart (2014)
Alternatieve titel: In the Heart
Een goed scenario en een goede regie leveren een behoorlijk drama van Nederlandse bodem op. Het spel is naturel. Soms ingetogen en soms uitgelaten, maar nooit op een gekunstelde of overdreven manier. De film vliegt zodoende nergens uit de bocht.
Hoewel het thema niet bepaald luchtig is, is er gelukkig wel ruimte voor wat luchtige dialogen en situaties. Die momenten zijn goed gekozen en voorkomen dat de film het label "tearjerker" meekrijgt. Lammers was in dat opzicht een goed gekozen sidekick.
De verstaanbaarheid van de spelers (met name van De Graeve) liet af en toe te wensen over.
Het is trouwens onbegrijpelijk dat het geluid bij sommige Nederlandse films nog steeds een issue is.
One Eyed Girl (2014)
Film waarover in het eerste halve uur een prima zwaarmoedige sfeer hangt waarin de geestesgesteldheid van de hoofdpersoon goed tot uiting komt. Een sfeer van depressie en zwartheid die de uitzichtloze situatie van de hoofdpersoon goed weergeeft. Het persoonlijke trauma waarmee hij worstelt knippert in flashbacks door en geeft druppelsgewijs steeds meer inzicht in het trieste personage. Filmtechnisch interessant.
Het filmbegin heeft ook plottechnische potentie en is acteertechnisch van behoorlijk niveau. Ja, de opbouw maakt indruk.
Daar blijft het dan ook bij, want de intrigerende opbouw wordt vervolgens helemaal teniet gedaan door middelmaat en gebrek aan fantasie. Het vervolg van het verhaal en de uitvoering daarvan maken de hooggespannen verwachtingen totaal niet waar.
Als de hoofdpersoon eenmaal gevangen is in de armen van de sekte, geleid door een (Jim Jones-achtige) sekteleider, is het gedaan met de filmpret. De gebeurtenissen die volgen zijn voorspelbaar en sfeerloos. Van het deprimerende en ongemakkelijke sfeertje uit het begin blijft niets meer over.
Het acteerwerk dat van behoorlijk niveau was, is plotseling ook een stuk minder overtuigend.
De vervoering van de sekteleden en de geestelijke reiniging van de hoofdpersoon worden houterig, kneuterig en inspiratieloos gepresenteerd. De uitstraling van de sekteleider is trouwens lachwekkend niet charismatisch. Dat helpt ook al niet.
Alle overtuiging en potentie uit het begin worden achteloos weggespoeld en komen op geen enkel moment meer terug. Vreemd eigenlijk.
Film met een prima start en een vervelend inspiratieloos vervolg.
One for the Road (2023)
Mark drinkt. Hij drinkt veel. Hij drinkt graag. Hij is een gezelschapsdrinker en een solodrinker. Dat klinkt ernstig en dat is het ook. Het excessieve drinken van de protagonist is een probleem. En hij is niet de enige met het probleem, zo blijkt. Een scène waarin op een feestje een grappige multiplechoicetest wordt afgenomen laat zien dat alle aanwezigen een probleem met alcohol hebben. Een grappige vaststelling maar ook een ernstige. Een beetje maatschappijkritiek is de film niet vreemd.
Het grootste deel van de film bestaat uit de bewustwording van Mark dat hij een probleem heeft. Een pad dat vele dalen kent. Toch weet One for the Road van dit gegeven een aangename tragikomedie te maken. Ernst wordt succesvol met humor verbonden. De weg die voert naar bewustwording is overigens niet bijster origineel. De film volgt de sporen die dergelijke films over een verslaving altijd volgen. Het vechten, het kortstondig overwinnen enzovoort. Toegevoegd wordt een psychologische analyse die Mark’s verslavingszucht moet verklaren. Een analyse die tamelijk nietszeggend is en die men beter achterwege had gelaten.
Vanaf een bepaald moment sluipt de romantische komedie de film binnen. Niet zoetsappig, maar meer levensecht. Het is niet al goud wat er blinkt. Behalve door positiviteit en loutering wordt de relatie tussen Mark en de eveneens alcoholistische Helena gekenmerkt door hatelijkheid. De momenten van terugval zijn soms behoorlijk heftig en bepaald niet om te lachen. De interacties tussen beiden zijn afwisselend grappig, ontroerend, desperaat en deprimerend. Al naar gelang de staat van zijn. De introductie van Helena is een interessante toevoeging aan het verhaal dat zich tot dat moment alleen op Mark richt. Net op tijd, want ik begon al een lichte irritatie met betrekking tot Mark te ontwikkelen. Niet echt mijn type, zal ik maar zeggen.
One for the Road is een aaneenschakeling van gebeurtenissen. Van momenten. Het maakt van de film een ietwat episodische voorstelling. Het kijkt op zich prettig weg. De film rekt de voorstelling alleen wat te lang. Aan de continue wisselingen tussen hoog- en laagconjunctuur van de personages lijkt maar geen einde te komen. Het duurt lang voordat de cyclus wordt onderbroken door een echte ontwikkeling. Als die komt werkt die bevrijdend. En dan is het ook genoeg geweest. Uiteindelijk is One for the Road dan een prima film. Alleen wat te lang.
One I Love, The (2014)
De film begint leuk en luchtig en is af en toe grappig. Al snel doet het mysterie haar intrede. De luchtigheid verdwijnt. Per scene neemt de spanning toe. De situatie wordt steeds raadselachtiger en bevreemdender. Naarmate het verhaal vordert, worden er tipjes van de sluier opgelicht, maar niet alle tipjes. Na afloop van de film blijft er genoeg te speculeren over.
Knap gedaan.
One More Time (2015)
Leuk filmpje. Met verwende en over het paard getilde personages. Overwegend een praatfilm. Zou heel goed een toneelstuk kunnen zijn.
Film gaat niet ver de diepte in. Blijft licht van toon. We zien wat conflictjes van vroeger doorwerken in het heden. Verder de gebruikelijke “blame it all on dad-shit”.
De film is geen grote spannende emotiebom ofzo. De conflictjes zijn tevens niet heel verheffend. Wel behoorlijk vermakelijk.
Veel dialoog dus. Best pittige stukjes tekst. En humoristisch.
Prachtig acteerwerk gezien. Walken natuurlijk. Heard eveneens.
Grappig trouwens dat Heard een paar songs echt zingt. En niet eens onverdienstelijk.
Ones Below, The (2015)
"Suspenseful" en "chilling" staat er op de filmposter. Nou, dat valt erg mee, hoor. Zowel het suspensegehalte als het thrillergehalte heeft te lijden onder behoorlijk wat inzakmomenten.
Bepaalde gebeurtenissen en plotwendingen wakkeren een mysterieus gevoel aan, zetten je misschien op het verkeerde been of zetten je lichtjes onder spanning, maar dat is zeker niet voor lang en zeker niet over de hele filmlinie het geval. Daarvoor heeft het verhaal inhoudelijk toch te weinig laag en activeert het te weinig hersencellen.
Daarbij valt het acteerwerk tegen. Erg jammerlijk is het gebrek aan overtuiging in het spel van de acteurs, waardoor de personages nooit enige empathie oproepen of zelfs boeiend worden.
De film heeft door al deze gebreken een tekort aan creepy sfeer en is te weinig pakkend. De spanning en suspense zijn slechts voelbaar in een paar incidentele scenes. De rest van de scenes herbergt een zekere kunstmatigheid die geen heuse spanning genereert. Wel vermoeidheid.
Tja, de tekst op de filmposter belooft veel, maar biedt uiteindelijk weinig.
Onkel Jens (2025)
Alternatieve titel: My Uncle Jens
Als de goed ingeburgerde literatuurdocent Akam in Oslo onverwacht bezoek krijgt van zijn oom uit het Iraanse deel van Koerdistan, leidt dat tot licht conflictueuze en vooral tot komische situaties. Een cultuurclash met aan de ene kant Akam en zijn medebewoners en aan de andere kant de oom. Akam wordt door de aanwezigheid van zijn oom echter steeds meer met zijn Koerdische wortels geconfronteerd. In de film komt dat onder andere tot uiting in Akam’s beheersing van de Koerdische taal die hem in de loop van de film steeds beter afgaat.
Regisseur en schrijver Brwa Vahabpour haalt de inspiratie voor zijn film uit ervaringen in zijn eigen leven. Behalve een film die een cultuurclash beschrijft, heeft de film het ook over vlucht en (illegale) immigratie. Serieuze zaken die door gebruikmaking van komedie in een luchtig jasje worden gestoken. Het goede scenario, de ondersteunende muziek en het goede acteerwerk maken dat de luchtigheid niet doorschiet. Er is altijd bewustwording dat er ernst onder de luchtigheid ligt.
Dankzij voldoende plotwendingen is het verhaal blijvend interessant om te volgen. Behalve door de kleine en grote verrassingen die in het verhaal zijn gestopt, intrigeert de film eveneens vanwege zijn sympathieke maar ook eigenzinnige personages en hun onderlinge interacties waarbij de band tussen Akam en zijn oom de belangrijkste en de meest boeiende is en dus ook de meeste aandacht krijgt.
Onkel Jens is een kleine film die een klein en sympathiek verhaal neerzet en met dit miniatuur op kleine schaal een aantal grote internationale thema’s aanroert. Een vermakelijke komedie met hart, fijne humor en een ernstige ondertoon die niet eens altijd opvalt. Fijne kleine film.
Only the Lonely (1991)
Een romantische komedie over een bijna 40-jarig moederskindje (John Candy) dat verliefd raakt op een verlegen vrouw (Ally Sheedy). Een wat ongewone rol voor Candy die hier met een bescheiden volume en met goed acteerwerk bewijst dat hij ook goed uit de voeten kon met een film zonder chaotische taferelen en plompe komedie. Sheedy doet het bij mij altijd goed. Naast Candy en Sheedy zijn er ondersteunende rollen voor Maureen O’ Hara en James Belushi. Kortom, een leuk ensemble.
Only The Lonely werd geschreven en geregisseerd door Chris Columbus die zoals hij dat vaker deed ook hier een alleraardigste komedie aflevert. De personages hebben weinig laag maar zijn geestig geschetst. Dat geestige geldt ook voor de dialogen die vaak een zwarthumoristisch randje bezitten. Het verhaal richt zich vooral op familiewaarden en heeft inhoudelijk weinig om het lijf. Toch weet de film af en toe te ontroeren. Want hoewel de personages op zich vlakke karakters zijn, stralen ze een bepaalde kwetsbaarheid uit die aanspreekt. Dat menselijke aspect maakt dat je met gemak meeleeft met het wel en wee rondom Candy en Sheedy.
Only the Lonely vermaakt met leuke (zwarte) humor, menselijke personages, goed acteerwerk en een prima balans tussen drama en humor. Only the Lonely is een leuke en vooral ook sympathieke film.
Onsen Shâku (2024)
Alternatieve titel: Hotspring Sharkattack
Onzinnige film waarin haaien in eerste instantie een toeristenresort bedreigen en daarna ook het kuststadje waar het resort is gevestigd. Met minimale middelen maakt regisseur Morito Inoue een wilde mix van horror, actie en komedie. Een film vol hectische actiescènes, luidruchtige personages en belabberde effecten. En een film met een belachelijk verhaal. De film is de Japanse versie van Sharknado, zou je kunnen zeggen.
Met wat goede wil, kun je uit de film wat maatschappijkritische elementen filteren. Iets over doorgeslagen kapitalisme. Iets over de sociale media. In de waanzinnige hectiek van de film raken deze thema’s al snel ondergesneeuwd in een hoop onzinnigheid die wordt gekenmerkt door veel kunstbloed en zeer slechte digitale effecten. Effecten die waarschijnlijk opzettelijk slecht zijn gemaakt om bovenop de hilariteit nog meer hilariteit te genereren. geheel in lijn met alle overdrijving wordt uiteraard g ook overdreven geacteerd. Zelfs in de overdrijving is het acteerwerk ergerlijk slecht. Afgrijselijk grappige personages trouwens. Ik kwam niet meer bij van het lachen.
Alles wordt ingezet om de hilariteit op niveau te houden. De gebeurtenissen in de film worden ondertussen extremer en nog belachelijker. Nog uitbundiger. Nog grappiger. Nog hilarischer. Nog hemeltergender. Het deed me in humoristisch opzicht helemaal niks. In ergerlijk opzicht deed het me veel. Wat een ongelooflijke flutfilm.
Ontsnapping, De (2015)
Aardige film over een vrouw die ontsnapt uit haar verstikkende bestaan om de confrontatie met oud verdriet aan te gaan.
De film start lichtvoetig. De hoofdpersoon wordt geintroduceerd als onhandig, volgzaam en een tikje wereldvreemd. Dat beeld wordt gedurende de eerste helft van de film uitgebuit in een paar hilarisch bedoelde scenes. Soms geslaagd en grappig. Soms niet.
Het restant van de film heeft vervolgens een iets zwaardere lading. Eenmaal gesettled in haar ontsnappingshuis wordt het oude onverwerkte verdriet frequenter toegelaten. Dat gebeurt middels korte flashbacks. En vanaf dat moment maakt de film een ommezwaai in sfeer. De luchtigheid verdwijnt geleidelijk en maakt plaats voor meer drama. Iets te gekunsteld uitgevoerd naar mijn smaak.
Hoes beheerst beide kunstjes trouwens naar behoren.
De film is gebaseerd op het boek van Van Rooyen. De maakster heeft een film gemaakt die prima in de geest van het boek bekeken kan worden.
De rol van Rik Mayall (z'n laatste volgens mij) was grappig, maar te kort om memorabel te zijn. Achteraf een gemiste kans, natuurlijk.
Open Water (2003)
Al meteen bij aanvang wordt de kijker duidelijk gemaakt dat de gebeurtenissen in de film op waarheid zijn gebaseerd. De film toont de intense nachtmerrie van twee personages die door een misverstand, verlaten en onmachtig dobberend midden op zee zijn achtergebleven.
Regisseur Chris Kentis hanteert voor de registratie een strakke dicht op de huid techniek die hij doorsnijdt met weidse panoramashots van de open zee. De kijker wordt zo heel direct geconfronteerd met het leed dat beide protagonisten overkomt. De vierkante meter techniek heeft een beklemmende werking. De panoramashots hebben die werking ook. Zij confronteren de kijker met de weidse zee en tonen de nietigheid en de onmacht van de mens te midden van die enorme massa water. Een situatie waar hij geen controle over heeft. Het waarheidsgehalte (altijd de vraag hoe hoog dat gehalte is natuurlijk) geeft nog wat extra spannende lading aan het verhaal.
De film hanteert een overzichtelijke chronologische volgorde van gebeurtenissen. Begint met kleine ingetogen scènes die bijna gezellig aanvoelen. Soms zelfs grappig zijn. Scènes waarin de gedupeerde personages onderling wat kibbelen en de ernst van de situatie nog niet doordringt. Uiteraard verandert de sfeer al snel, dringt de uitzichtloosheid door, komen er autochtone passanten langs en zoomt de film prettig in op de fysieke en psychologische aftakeling die de personages doormaken.
Prima acteerwerk van de beide personages trouwens. Twee onbekende acteurs die geloofwaardig gestalte geven aan de ellende en onmacht van hun situatie. Het viel mij gemakkelijk om mij te verplaatsen in hun rampspoed.
Open Water laat zien dat een film spannend kan zijn zonder de inzet van bovennatuurlijke fenomenen, liters bloed en excessieve effecten. Het enige dat je nodig hebt is een goed verhaal, dat wordt vorm gegeven met strak en sfeervol camerawerk en gespeeld door twee prima acteurs. Et voilà!
Operator (2016)
Geen echte komedie. Er valt niet veel te lachen. 'Operator' is eerder een satire dan een komedie. Een aanklacht tegen de gevaren van de digitale wereld en dan met name een aanklacht tegen de realistische aspecten ervan. Een wereld die realistisch oogt, maar dat niet is en slechts een schijnwerkelijkheid afbeeldt. Een gecreëerd substituut waarin mensen gaan geloven. Een artificiele werkelijkheid die als echt wordt beleefd, die mensen meesleept en die sociale en emotionele instabiliteit veroorzaakt.
'Operator' is niet bepaald een luchtige film. De film bevat veel sombere componenten. Allereerst is daar natuurlijk het lijdzame beeld van een door digitalisering geobsedeerd geraakt mens. Een somber hoofdpersonage met autistische trekjes die met monotone en levenloos klinkende stemgeluiden heel effectief nog eens extra somberheid aan zijn personage toevoegt en zich met die bagage flegmatiek door de film beweegt.
De overige personages in de film bedienen zich van eenzelfde houding. Men ondergaat de dingen lijdzaam en doet dat in een levenloze en sombere setting. Het valt als ongeharnaste kijker allemaal niet mee. Gelukkig is er wel een levenslustige uitzondering (Whitman), die met haar personage het kijken naar de film tot een minder zware opgave maakt.
Een strakke manier van filmen ook. Met weinig lichtval. Zonder een vleugje frivoliteit. Ook met op elkaar gelijkende scènes en met strakke decors. Ook met zich herhalende handelingen. Functionele truukjes bedoeld om de traag voortslepende gemoedstoestand van de hoofdpersoon en zijn omgeving te onderstrepen. Dat lukt, maar veroorzaakt tevens weinig opwinding. Door het repetitieve karakter van beeld en vertelling slaat de film dood en treedt verveling in. Missie geslaagd, maar het levert geen leuke kijkbeurt op.
'Operator' is niet heel interessant en niet heel komisch. Geen pittige aan-de-kaak-stel-grappen, maar in plaats daarvan traag voortslepende dramatische ontwikkelingen met daarin geweven nog wat feelgood. En dat laatste voelt trouwens onecht en goedkoop aan.
Goed spel van Starr en nog beter spel van Whitman. Leuke dame. In de kittige Whitman zat de kruidige pit die in de rest van de film zo node werd gemist.
Oppenheimer (2023)
Met Oppenheimer maakt Christopher Nolan een film die 45 jaar van het leven van de titulaire fysicus afdekt. De film gaat uiteraard erg in op zijn aandeel in het Manhattan Project maar doet ook moeite om inzicht te verschaffen in de factoren die hebben bijgedragen aan de ontmanteling van zijn goede naam. In drie uur wordt de kijker in veelal snelle opeenvolgingen van gebeurtenissen meegenomen in de levensloop van Oppenheimer. Zijn studie, zijn onderzoek, zijn deelname aan het Manhattan Project, de ontwikkeling van de atoombom en de pogingen vanuit (voornamelijk) politieke hoek om zijn goede naam te besmeuren.
Interessante kost en door Nolan met veel detaillering verfilmd. Soms is de gedetailleerde kijk wat vervelend. Wat vermoeiend. Aan de andere kant schept de gedetailleerde informatie goede duidelijkheid over complexe natuurkundige issues alsmede over het politieke mijnenveld waarin Oppenheimer steeds moet manoeuvreren. De film is dan ook geen film van de grote gebaren. Geen film gevuld met spectaculaire beelden of fantastische effecten. De nadruk ligt op de dramaturgie, op de dialogen en op het acteerwerk. Uiteraard heeft de film indrukwekkend visueel materiaal in huis, maar Oppenheimer is zeker geen opeenstapeling van visuele hoogstandjes.
De hoofdrol is voor Cillian Murphy. Prima rol. Vooral in het eerste deel als de focus iets meer dan in de rest van de film op de persoon Oppenheimer ligt, excelleert hij. Het is in dit stadium in de film dat Oppenheimer bepaalde natuurkundige inzichten heeft, die nog niet in woorden zijn gevat. We zien een prachtig gefrustreerde Oppenheimer die zich langs tegenwerking en arrogantie worstelt en obsessief probeert die onbeschreven natuurkundige processen te kraken. Filmisch mooi gedaan. Close-ups, sidderende beelden en monotoon dreunend achtergrondgeluid laten zien wat er in die worstelende man omgaat. De man die zich altijd achter een ondoorgrondelijk masker verbergt waarachter een intens gevoelsleven schuilgaat dat nu opeens zichtbaar wordt voor de kijker die nu gemakkelijker met de man kan sympathiseren.
Aan het eind kakt de film wat in. De neergang van Oppenheimer. Veel tijd wordt geïnvesteerd in politiek gedoe, lange verhoren en intriges achter de schermen. De schuldvraag die tegen die tijd doorschemert of wetenschappelijke vooruitgang wel/niet los moet worden gezien van de eventuele praktische gevolgen en aanverwante morele verplichtingen is op zich best interessant, maar voelt door het gebrek aan pakkend beeldmateriaal ook wat taai en vermoeiend. Maar goed, wat de film Oppenheimer voorafgaand daaraan vooral biedt, is een boeiende geschiedenisles en een boeiend verhaal over een onbegrepen man die worstelt. Prima film.
Opus (2025)
Stel afgestompte, verwende, opportunistische en huichelachtige journalisten wordt uitgenodigd en in de watten gelegd op het landgoed van een voormalig popartiest die hen wil laten kennismaken met zijn comeback album. De uitzondering wordt gevormd door journaliste Ariel die als enige een kritische blik opzet en vreemde zaken waarneemt die het bestaan van een sinistere sekte doen vermoeden en zich daar helemaal niet lekker bij voelt. Opus is een heerlijke curieuze thriller waarin John Malkovich en de leuke Ayo Edebiri twee uitstekende hoofdrollen vertolken.
Malkovich is popartiest Moretti. Hij draagt excentrieke gewaden die ervoor zorgen dat zijn fysieke verschijning een zeer wonderbaarlijk en spectaculair karakter heeft. Zijn stemgeluid heeft een indringende klank. Hij weet zijn toehoorders met zijn charisma te betoveren. Niet de kijker. Niet de kwieke en achterdochtige Ariel. Die zien rondom de charmante Moretti een aura gevuld met monomanie, decadentie en duisternis. Die voelen beklemming, kwaadaardigheid en huiver.
De volgevreten journalisten blinken echter niet uit door een hoogstaand kritisch vermogen en laten zich gemakkelijk inpakken. Beetje te gemakkelijk vond ik. Zelfs bij een opvallend incident tijdens het boogschieten dat neigt naar opzet en waarbij iemand gewond raakt, worden geen vraagtekens geplaatst. Het voorval illustreert op sardonische wijze echter wel hoezeer Moretti zijn gasten heeft ingepakt en trekt de film definitief een onheilspellende sfeer in.
Het verhaal voltrekt zich soms met horten en stoten maar intrigeert. De figuur Moretti is een interessant mysterie die tezamen met een reeks merkwaardige gebeurtenissen verwondering en spanning oproept. De film van regisseur en schrijver Mark Anthony Green blijft met een aantal aardige plotwendingen en een surplus aan absurditeiten tot het einde toe vermaken. Onder het kopje vermaak moet ik trouwens nog de dialogen scharen die bijna allemaal aan een zelfingenomen teneur lijden en erg grappig zijn.
Opus is mysterieus, grappig en spannend. De troefkaart heet John Malkovich. Zonder de bizarre en charismatische aanwezigheid van Malkovich zou de film een stuk minder vermaken, vermoed ik.
Orca (1977)
Alternatieve titel: Orca: The Killer Whale
Orca is een curieuze mix van de kaskraker van Spielberg uit 1975, Moby Dick en een stalkerthriller. Een weinig meeslepende, maar goed gemaakte film met indrukwekkenede beelden en een solide cast, aangevoerd door Richard Harris met zijn onverzorgde en verlopen uiterlijk als handelsmerk. Hij is als belaagde visser en opponent van een wraakzuchtige orka goed op zijn plek.
Een orka jaagt vooral op vis, zeevogels, zeeleeuwen en inktvissen. De orka jaagt niet op de mens. Een verhaal over een orka die het tegen een mens opneemt, vergt derhalve een creatieve insteek. De film begint met scènes waarin twee orka‘s romantisch door de zee dartelen. Een liefdesgeschiedenis met twee speelse zeezoogdieren in het gladde water van de zee beschenen door een ondergaande zon. De kijker realiseert zich opeens: goh, het zijn net mensen.
De schrijvers maken van de orka een wezen dat zich tenminste op eenzelfde gevoelsniveau bevindt als een mens, maar misschien moreel gezien wel boven hem staat. Charlotte Rampling die de rol van de deskundige op zich neemt, onderstreept die waarneming. Vrij vertaald: "De Orcinis Orca is een sociaal wezen met een ondubbelzinnig familiegevoel. Iets dat je van de mens niet kan zeggen. Hij kan een goede vriend van de mens zijn als je hem goed behandelt. Zo niet, dan wordt de orka een vijand".
In deze film is Richard Harris een hebzuchtig mens die een orka-gezin uiteenrijgt en in het overlevende gezinslid een hele slimme opponent vindt die gevoed door wraakgevoelens zijn gram wil halen. De wraakzuchtige orka handelt precies zoals een mens zou handelen.
De wraakgeschiedenis is af en toe spannend. De confrontaties tussen Harris en de orka gaan gepaard met veel drama en leveren een paar spectaculaire actiescènes op. Het eindgevecht is prachtig geënsceneerd maar vliegt in dramatisch opzicht wat uit de bocht. De orka geportretteerd als opperwezen en Harris als drama-king, die al het leed van de wereld op zijn schouders neemt. Daar leek het een beetje op. Tja...
Laat ik het zo zeggen: de combinatie haai, strand, Spielberg en John Williams beviel me stukken beter.
Order, The (2024)
Een goede thriller van regisseur Justin Kurzel met een interessant plot en een aangename cast. Jude Law speelt de vermoeid ogende FBI-agent Terry Husk die in het slaperige stadje Coeur d’Alene is neergestreken. Er zijn wat bankovervallen en bomaanslagen die hij in verband brengt met de rechts-radicale groep “The Order”, een splintergroep van de Aryan Nation. Behalve de hulp van deputy Jamie Bowen (Tye Sheridan) krijgt hij weinig medewerking van de plaatselijke politie. Die is niet zo geïnteresseerd in zijn bevindingen.
Het verhaal dat in The Order wordt verteld is losjes gebaseerd op ware gebeurtenissen en ware figuren zoals dat aan het eind van de film in droge tekst wordt vermeld. Veel van wat de leden van "The Order" uitvoeren is overgenomen uit de roman “The Turner Diaries”. Een intrigerend gegeven. Vooral omdat de roman in de echte wereld diende als inspiratiebron voor de Duitse groepering “National Socialist Underground” en eveneens de roman is waarin de massamoordenaar Anders Breivik zijn inspiratie vond.
De karaktertekeningen in The Order zijn tamelijk stereotiep geschetst. Husk is een rouwdouwer die puur voor zijn beroep leeft. Hij gebruikt onorthodoxe methoden, is uiteraard gescheiden en heeft geen contact met zijn kinderen. Deputy Bowen is een rookie, oogt onschuldig en tevreden en heeft een liefhebbende vrouw en jonge kinderen. Bob Matthews (Nicholas Hoult) die de jonge leider is van "The Order" is een interessantere figuur. Matthews is niet van de stille revolutie. Hij wil door de inzet van bruut geweld snelle resultaten boeken. Hij bezit een bepaald charisma waarmee hij zijn verwerpelijke overtuigingen op zijn broeders weet over te brengen en tot actie aanzet. Matthews wekt daarnaast de indruk dat hij iets verborgen houdt. Iets dat hem heeft gemaakt tot de overtuigde gewelddadige racist die hij is. Iets dat hij vanwege zijn leiderschapsrol niet kan blootgeven. Wat de persoonlijke motieven achter zijn agressieve houding nu werkelijk zijn, wordt in de film niet uitgeplozen. Matthews blijft in dat opzicht mysterieus en dat intrigeert.
De hoeveelheid actie in de film is gematigd. Hier geen langdurige achtervolgingen of breed uitgemeten schietpartijen. De actie is steeds kortdurend en intens. In de film komen als contrast met de brute en lawaaiige actie natuuropnamen voorbij en wordt de landelijk stilte geaccentueerd. Dingen die daarvan afwijken worden afgezet tegen het normale. Het contrast geeft goed aan hoe merkwaardig het eigenlijk is dat een dergelijk bruut fenomeen met de naam “The Order” zich juist manifesteert in een rustige, landelijke en vredige omgeving, waar amper of geen sprake is van raciale spanningen.
The Order is een degelijke thriller met spannende momenten en met markante personages. Een film die er ondanks het vrij simpele verhaal in slaagt om iets meer diepte te bieden dan simpelweg een gewelddadige strijd tussen goed en slecht.
Ore Monogatari!! (2015)
Alternatieve titel: My Love Story!!
Romantische tienercomedy. Gemaakt naar een populaire Manga.
Japanese style dus. Veel korte en lange uitroepen en overgedramatiseerd (en in dit geval slecht) toneelwerk.
Humor? Nee. Amper. De overgedramatiseerde uitroepen van de personages zijn eventjes leuk, maar irriteren al gauw. Verder (heel miniem) wat aardige visuele dingetjes die doen glimlachen. Dat is het wel.
Het verhaal en de actie zijn vooral langdradig. Heel langdradig. De geliefden to be draaien ongelooflijk lang om elkaar heen. Het is heuse geeuwcinema met vooral veel belegen intriges en braaf gedoe. Er valt geen onvertogen woord en van lichamelijk contact is al helemaal geen sprake.
Met het fatsoen kon ik nog leven, maar het gebrek aan originaliteit in het verhaal en het bar en boze acteerwerk zijn gewoon te veel van het goede.
Misschien vindt men dit in Japan erg humoristisch en zit men op het puntje van de stoel. Ik vond er niets aan.
Orphan (2009)
Alternatieve titel: Orphan Esther
Spannend en een half uurtje te lang.
Goede verhaalopbouw. Van een emotionele start naar een stabiele situatie en via subtiele toevoegingen naar een doodenge situatie.
Die subtiele toevoegingen doen het 'm. De gezinsleden hebben zo hun zwakheden en hun geheimpjes. Van mild tot heftig. De wees blijkt al snel een uitmuntende manipulator. In de loop van de film komen bij de personages heel wat nare dingetjes uit het verleden aan het licht die schaamteloos worden benut door de wees. Zij zaait een beetje twijfel hier en oogst wat wantrouwen daar. Spannend ingebed in het verhaal word je als kijker als het ware meegetrokken op de immer groeiende bubbel van schaamte en hopeloze verstrikking waarin de gezinsleden terechtkomen. Psychologische horror ten top.
Tussendoor een paar jumpscares en een paar gemene blikken van de wees en het creepy sfeertje is compleet. Spannend. Spannend. Wat kan die Isabelle Fuhrman trouwens creepy kijken, zeg.
En zo gaat het erg goed met de film. Tot ongeveer 90 minuten ver. Dan treedt opeens verzadiging in. De lengte van de film wreekt zich. Het is net iets teveel gedoe voordat de eindfase wordt ingezet. Net iets te uitgerekt. Net een paar narigheidjes teveel. Daar verliest de film veel spanning en creepiness.
De uiteindelijke eindfase met wat twistjes en narrow escapes is weer heel acceptabel, maar brengt de film vervolgens helaas niet terug op het eerdere niveau. Beetje te voorspelbaar. Wel jammer.
Maar man, wat kan die Isabelle Fuhrman creepy kijken, zeg.
Orphan: First Kill (2022)
Toen Isabelle Fuhrman in de film Orphan (2009) de rol van kindvrouw Esther speelde was ze 11 jaar. Een kinderlijke verschijning met een volwassen moordlustige blik. Heel geloofwaardig. In dit 2e deel is Fuhrman intussen 23 jaar oud. Werk aan de winkel voor de grimeurs om Fuhrman eenzelfde kinderlijk gezicht te geven. De-ageing programmatuur doet de rest. Aan de moordlustige blik hoeft niets te worden gedaan. Die is er nog. Het eindresultaat is weliswaar niet zo authentiek als in de eerste film, maar het functioneert.
Orphan: First Kill is een prima thriller. Het verhaal is simpel en vergt hier en daar wat welwillende inleving van de kijker maar weet heel effectief een spanningsboog vast te houden. Met een furieuze start is de toon gezet. Hoewel de film vervolgens aan tempo inboet en zich in een rustiger cadans voortzet, blijft de heftige aanloop in het achterhoofd opspelen. Op ieder moment kan er iets gebeuren. Dat gegeven suddert en genereert spanning.
In de film wordt veel zonder dialoog afgehandeld. De camera heeft behalve een registrerende een vertellende rol. Zo zeggen schilderijen veel over de personages en speelt een rat een elementaire rol in de opmaat naar de grande finale. De perspectieven die de camera hanteert slagen er bovendien in om Fuhrmann geloofwaardig als klein schepsel te laten rondlopen tussen de volwassen huisgenoten.
En zo is Orphan: First Kill helemaal zo slecht nog niet. Een bloedige film die in bloeddorst niet doorschiet en op tijd inhoudt. De spanning is er bij gebaat. De film biedt zelfs enige ironische humor. Altijd goed en prettig voor de relativering. Er zijn uiteraard betere, spannendere en bloedigere films op de markt, maar Orphan: First Kill viel me desondanks niet tegen.
Oscar (1967)
Je suis zinzin! Ik ben knettergek! Het is één van de vele met theatrale mimiek omgeven driftige uitroepen van de fantastisch op dreef zijnde Louis de Funès. Hij doet dat in de verfilming van het gelijknamige toneelstuk uit 1958, waarin hij de hoofdrol ook voor zijn rekening nam.
De bron voor de film is goed zichtbaar. De setting van de film doet sterk denken aan een toneelopvoering. Op een enkel verwaarloosbaar momentje na, speelt de gehele film zich op één lokatie af. Eén groot toneel dat het interieur van een huis voorstelt met allerhande kamertjes van waaruit de personages steeds het grote toneel betreden en er weer uit verdwijnen. Een klein speelveld waarbinnen chaotische en turbulente handelingen goed tot hun recht komen. Een prachtig (achterhaald) futuristisch decor trouwens.
De film is uiteraard een komedie. Een klucht. De centrale figuur in de film waarin de personages zich met geld, bedrog en wisseltrucs bezig houden, is Louis de Funès. Hij speelt op zijn bekende fantastische overspannen manier een geslepen industrieel. Een herkenbaar type dat hij in meerdere films gestalte geeft. Het is zijn handelsmerk. Hij speelt het type altijd met grandeur. Ook hier. Zijn gekwetste gelaatsuitdrukkingen, driftige gebaren en flitsende teksten zijn gewoonweg geweldig komisch.
Oscar is heerlijk vermaak.
Osoi Hito (2004)
Alternatieve titel: Late Bloomer
Voor valide mensen is de omgang met invalide mensen niet altijd eenvoudig. Ik kijk maar even naar mezelf. De volgende vragen spelen zich dan meteen in mijn hoofd af. Hoe moet ik mij gedragen? Moet ik medelijden tonen of doen alsof er niets aan de hand is? Moet ik ergens mee helpen of wordt mijn hulp juist niet op prijs gesteld? Moet ik iets zeggen over de lichamelijke beperking? Kunnen we überhaupt elk gespreksonderwerp aanroeren? Lastig. Lastig. Nu kom ik niet dagelijks in aanraking met invalide mensen, maar als het gebeurt, ga ik mij toch wat onzeker gedragen en raak enigszins verkrampt. Ik kan me voorstellen dat dit lachwekkend klinkt. Zeker voor mensen die op dagelijkse basis zo’n ontmoeting hebben. Beroepshalve bijvoorbeeld.
Bij het kijken naar de film kwamen uiteraard gevoelens van barmhartigheid gevolgd door dezelfde vragenreeks weer opzetten. Nou, daar bleek dus helemaal geen reden voor, want regisseur Go Shibata laat meteen blijken dat hij met deze film een andere weg bewandelt dan de nobele weg. Hier geen gehandicapte die langs een weg met hindernissen moet reizen, alvorens zichzelf bevrijd te weten. Hier geen gehandicapte die met al zijn noblesse en integriteit heel veel respect en begrip kweekt van de onwetende wereld om hem heen. Die triomftocht is bedoeld voor een ander type film en interesseert Shibata niet. Gelukkig maar.
Shibata portretteert een gehandicapte die Sex, Drugs and Rock ‘n Roll omhelst. Hier zien we helemaal geen nobel en respectabel personage. De film toont een nare en verknipte gehandicapte. Iemand die hopeloos verdwaald is en dat blijvend is. Een beetje ongewoon is dat wel. In Hollywood films kom je daar niet zo gemakkelijk mee weg. Daar zorgt een schokkende gebeurtenis altijd voor inkeer. In deze deprimerende en zwarte film is dat niet zo. Het is dan ook meer dan gepermitteerd om niet met de gehandicapte te sympathiseren.
De film laat het allemaal op een documentaire-achtige wijze zien. Vastgelegd met onvast camerawerk In korrelig zwart-wit, onder het genot van snerpende elektrorock en zeer dynamisch gemonteerd. Het levert een onrustige maar confronterende look op die prima aansluit op de fysieke en psychische leefwereld van het hoofdpersonage. De beelden zijn hoofdpijngevoelig maar ook krachtig. Ze hielpen resoluut bij de afbrokkeling van het sneue beeld van de gehandicapte hoofdpersoon. Die betitelde ik trouwens al snel als een psychopatisch loeder. Ja, ik voelde mij totaal bevrijd van mijn eerder vermelde juk. De film heft blokkades op en heeft een helende werking.
De film heeft zowel van binnen als van buiten een ruwe en verontrustende uitstraling. Inhoud en cinematografie komen in die zin overeen. Beide dingen maken de film tevens vermoeiend om naar te kijken. De artistieke vormgeving had van mij soms iets gematigder gemogen. De aggresieve presentatie kende te weinig rustige momenten om het inhoudelijke aspect helemaal naar waarde te kunnen schatten. Andersom geldt dat ook voor het negatieve effect dat de overrompelende, warrige en concentratievretende verteltrant heeft op de waardering van de artistieke vorm.
Het is een bijzondere film.
Other Guys, The (2010)
The Other Guys is een leuke onzinfilm over twee politiedetectives die het bureauwerk de rug toekeren en zich met de actieve misdaad gaan bezighouden. Ze worden prettig gespeeld door Will Ferrell en Mark Wahlberg. Ze zijn het hart van de film en vormen een onwaarschijnlijk duo. Aangezien komedie en onwaarschijnlijk goed samen gaan, werkt dat dus prima. Zoals vaker speelt Ferrell een personage dat met grote ernst de meest belachelijke handelingen verricht en de meest belachelijke teksten uitspreekt. Type nerd en tevreden met zijn bureaubaan. In tegenstelling tot Ferrell is Wahlberg blij dat hij het bureau de rug kan toekeren. Hij is van de actie. Een leuk contrast dat de absurditeiten van Ferrell nog eens extra beklemtoont.
Een ander geslaagd contrast dat op de lachspieren werkt is het contrast tussen de nerd Ferrell en zijn bloedmooie vrouw Eva Mendez. Een looser en een droomvrouw en aanleiding tot leuke humor. Dwayne Johnson en Samuel L. Jackson doen mee. Hun optreden is van korte duur maar de badass cops die zij spelen zijn een geslaagde parodie op de badass cops in een no-nonsense actiefilm. Hoewel The Other Guys dus niet in die categorie valt is het met de actie goed gesteld. Veel prima actie die uiteraard ietwat overdreven wordt in het kader van het komische gehalte van de film. Het tempo is hoog en hoewel de humor niet altijd even geslaagd is, zet de verveling nooit in. The Other Guys is als gezegd leuke onzin.
Other Side of the Door, The (2016)
Een hele sfeervolle film. Grossiert niet in grootse effecten. De film heeft een subtiele opbouw en uitstraling. Een vrij kaal en doorsnee begin waaraan vervolgens steeds details worden toegevoegd.
Voor je het weet, bevindt je je in een griezelig en duister atmosfeertje. Dreigend en gevuld met onderhuidse spanning. Best goed gedaan. Subtiel sfeervol dus.
Een paar schriks. Niet verkeerd, maar niet per sé nodig. Meer gedaan omdat het wordt verwacht, denk ik. De kracht van de film ligt daar in ieder geval niet.
India als locatie. Een land vol mystiek en oude geheimen. Die aspecten van India worden in de film uiteraard sterk benadrukt. Het is effectieve propaganda. De legende waarop het verhaal zich baseert past uitstekend in die mysterieuze Indiaase cultuur en geeft de film een bepaalde waarheidsgetrouwheid mee.
Aardige film. Ik werd tijdens het kijken niet erg verrast door ontwikelingen in het verhaal en ben nooit van schrik rechtovereind gesprongen, maar ben wel subtiel sfeervol ondergedompeld geweest. Dat voelde prettig.
Others, The (2001)
Alternatieve titel: Los Otros
Geen keiharde horror maar een bedachtzaam geënsceneerde psychologische thriller met horrorelementen.
In een interview vertelde Regisseur Alejandro Amenábar dat de film een relatief eenvoudig verhaal vertelt waarin de dramatiek en de speciale effecten in vergelijking met de complexe personages zo simpel mogelijk zijn gehouden. De film kent geen helden of slechteriken. De film laat slechts mensen zien die proberen een verklaring te vinden voor de dingen die ze meemaken.
In de loop van de film zijn er wel wat aanwijzingen over de vork en de steel, maar eenduidigheid is er pas op het einde. Verrassend vond ik het.
Een film over angsten. Niet een film over goed en kwaad. Geen personage is goed of slecht. De personages zijn simpelweg menselijk. De horrorelementen die af en toe oppoppen zijn bescheiden. In de setting van de film (een oud landhuis) horen de bewoners stemmen en verdachte geluiden en hebben ze vreemde gewaarwordingen. Het zijn bescheiden middelen die worden ingezet. Met deze beperkte middelen ontstaat echter een fijne verontrustende spookachtige sfeer.
De personages reageren onrustig, hysterisch en paranoïde. In hun angstige wervelingen die los komen bij de onverklaarbare gebeurtenissen, houdt de horror zich op. De locatie doet de rest.
Het oude Victoriaanse huis is een perfect spookhuis. Lange gangen. Talloze kamers. Antieke inrichting. Spaarzame verlichting. En kijkend uit het raam ontwaart de kijker een winterse omgeving met een dichte mist die verstikkend over het landschap hangt. Allemaal sfeervolle symboliek die verwijst naar het isolement en de eenzaamheid van de personages die geen andere keus hebben dan zich strijdend dan wel lijdzaam te voegen in hun dwingende lot.
De film vertelt niet echt een verhaal. De film draait om de psyche van de personages. Zij lijden onder angsten, maar weten niet waarom die angsten er zijn. Ze komen nogal koud over. De kijker is derhalve ook niet zeer betrokken bij de personages. Er is afstand tot hun gemoedstoestand.
Toch zijn de personages best boeiend. Neem bijvoorbeeld het personage van Nicole Kidman. Een strenggelovige vrouw die troost zoekt in haar geloof maar innerlijk begint te worstelen als zij merkt dat haar geloof het machteloze gevoel niet opheft en de merkwaardige gebeurtenissen niet doen stoppen. Of neem Fionula Flanagan in de rol van huishoudster. Eén en al degelijkheid, maar tegelijkertijd ook fascinerend en mysterieus.
En dat is de film ook.
Ouija: Origin of Evil (2016)
Alternatieve titel: Ouija 2
Zo, die Flanagan toch! Mooi hoor.
Het verhaal speelt in de jaren '60. Verzorgd herkenbaar in buitenleven, in kleding, in huiselijke setting en in allerhande accesoires. Flanagan laat het daar overigens niet bij en gaat zelfs nog iets verder in de benadering van de sixties. Hij doet dat in technische zin. Bij het bekijken van de film valt op dat Flanagan werkt met spoelen. Gewoon romantisch ouderwets met flares en van die flikkerende symbooltjes aan het einde van elke spoel. Tot relatief kort geleden het moment voor de operateur in de bioscoop om een nieuwe spoel in de camera te doen. Leuk, en het werkt absoluut sfeerverhogend en geeft tevens iets authentieks aan de fictieve verslaglegging. De film krijgt door dit simpele trucje een zweempje documentaire en meteen ook een zweempje nonfictie mee. Beklemming door illusie.
Het trucje kan overigens digitaal opgewekt zijn hoor (hoop het eigenlijk niet), maar het gaat mij hier om de beleving.
Het verhaal werkt vanaf het begin benauwend en onheilspellend in op het gemoed. Ik kwam nooit los van dat gevoel. Het breidde zich zelfs uit. In de loop van het verhaal worden heel subtiel en heel sneaky nog dingetjes toegevoegd waardoor de sfeer die vanaf het begin al erg ongemakkelijk en onprettig aanvoelt, steeds vervelender en duisterder wordt. Als kijker werd ik er onbelemmerd in meegesleept en raakte ik helemaal in de ban. Mijn kritische vermogen verdween (bijna) volledig. Ik kwam niet meer los van de personages (eng schepsel dat meisje!), schrok op van gebeurtenissen en verdween bijna geheel in de sfeerzetting. Het voelde goed en fascineerde.
Horror en sfx gaan tegenwoordig vaak hand in hand, Hier niet. Ze zijn er wel, maar niet alomtegenwoordig of heel groots. Gewoon effectief aanwezig. De sfeer lijdt er in ieder geval niet onder. De opzet is dan ook om juist niet te shockeren met effecten en Gore en jumpscares. Nee, de opzet is anders. Die neigt meer naar het ouderwetse griezelen met minimalere effecten. Het verhaal en de karakters doen het werk. Uiteraard geholpen door stilistisch kundige beeldvoering met verrassende en bevreemding opwekkende camerastandpunten. Mooi.
Vond deze "Ouija" fijn sfeervol, fascinerend en griezelig.
Our Brand Is Crisis (2015)
Film van feelgoodachtig allooi. Met een verhaaltje dat niet erg diepgravend is en eigenlijk wel erg voorspelbaar in de grote en kleine lijnen, kijkt de film lekker weg.
Verwacht geen scherpe satire op verkiezingen of politiek. Daarvoor is de film teveel gefocust op de hoofdrol. Het persoonlijke verhaal van Bullock staat centraal. De politieke ambiance is decorum. De paar pogingen tot engagement zijn flinterdun, simplistisch en slaan nergens op. Gewoon maar negeren. Da's het beste.
Erg leuke rol van Bullock. Ze doet een type dat ze wel vaker speelt. Neurotisch en chaotisch. Zo'n type dat nergens goed past. Een charmante mensenvreemde weirdo. Leuk dus.
De humor is ok. Een paar sterke scenes tussen Thornton en Bullock met scherpe en cynische dialogen springen er wel tussenuit. Verder nog wat geslaagde hilarische scènes, wat afzeikhumor en wat feelgood.
Ach, gewoon leuk.
Our Father (2021)
Het regiedebuut van Bradley Grant Smith die ook het schrijfwerk voor zijn rekening nam, is een tragikomedie en volgt de belevenissen van de twee zussen Beta en Zelda die met een gedeeld verleden in een gebroken gezin een zoektocht naar de onbekende broer van hun pas overleden vader ondernemen. Tijdens hun queeste herontdekken ze overeenkomsten in hun persoonlijkheid maar herkennen ze ook vooral weer de tegenstellingen die ervoor gezorgd hebben dat ze elkaar al tijden niet meer hebben gezien en gesproken.
Het lukt Bradley Grant Smith maar ten dele om een scherpzinnig portret van de beide zusters te creëren. Hij laat het perspectief te veel rusten bij Beta en geeft daarom te weinig ruimte aan de gevoelens en motiveringen van Zelda. Wat mij betreft had Beta in die rol diepgaander gefileerd mogen worden dan nu het geval is. Bij haar spelen onder de oppervlakte intrigerende dingetjes. Dingetjes die haar in de tegenwoordige tijd bezig houden en dingetjes die haar in het verleden gevormd hebben. Die dingetjes worden slechts oppervlakkig aangestipt, terwijl ze een diepgaand onderzoek meer dan waard zijn. Zus Zelda komt in deze oppervlakkige opzet beter uit de verf. Zij is de rusteloze zus. De emotioneel uitgelaten zus. De non-conventionele zus. De expressieve Zelda past beter bij de ondiepe teneur van de film.
Our Father verzuimt om de kijker binding te geven met beide zussen. De gezichtspunten van Beta zijn weliswaar niet vervelend, maar haar interpretaties en reacties op situaties die zich onderweg voordoen, zijn gewoon wat vlakjes. Smith schept in zijn film met de hulp van Zelda gelukkig voldoende humoristische en emotioneel geladen momenten die de aandacht vasthouden. Bovendien worden de karakters Beta en Zelda aangenaam vertolkt door respectievelijk Baize Buzan en Alison Torem.
Our Father is best een aardige film. Jammer genoeg ontbreekt het de film aan scherpte en psychologische diepte. De verhaallijn is in de basis intrigerend, de humor is ok en de beide hoofdrolspeelsters doen het gewoon goed.
Our Hospitality (1923)
Bij aanvang delen tekstbordjes de kijker mee dat er tijden waren dat in de Verenigde Staten bloedvetes tussen families gebruikelijk waren. De film baseert zich op een beruchte vete tussen de families Hatfield en McCoy. Een vete waarbij over en weer tussen 1878 en 1891 tientallen doden waren te betreuren. In de film worden de namen Canfield en McKay gebruikt en maakt Keaton deel uit van de McKay clan.
Via allerhande toevalligheden belandt Keaton in het huis van de familie Canfield. Als zij ontdekken van welke familie hij afkomstig is, moet hij gedood worden. Er is echter een oude wet die daarbij in de weg staat. En dat is de wet van de gastvrijheid die zegt dat een gast altijd als gast moet worden behandeld. Pas als hij het gasthuis verlaat kan er op hem worden geschoten. Zie hier de rode draad van de film.
De proloog van Our Hospitality is verrassend humorloos. Dat verandert gelukkig in het verloop van de film maar gezegd moet worden dat ook in het vervolg de typische Buster Keaton slapstick grotendeels uitblijft. Er is minder ruimte voor absurde situaties. Het drama speelt een grotere rol dan ik gewend ben. Toch zijn er weer heerlijke hilarische scènes. Het hoogtepunt is een treinreis die vanwege allerlei verwikkelingen die zich onderweg voordoen, één oerkomisch schouwspel is. Stunts zijn er ook en die worden zoals gebruikelijk door Keaton zelf uitgevoerd. Een scène bij een waterval is zowel spectaculair als grappig.
Twee memorabele humoristische scènes en hier en daar wat humoristische momentjes. Het is wat karig. Our Hospitality verbindt humor met grote stukken romantiek en drama. Interessant en heel kijkbaar, maar ik miste gewoon de slapstick.
Out of the Dark (2014)
Alternatieve titel: Aguas Rojas
Optisch gezien valt er niet veel op de film aan te merken. Met sfeervolle lokaties, die fotografische hoogstandjes uitlokken. Met talloze scènes die de Colombiaanse natuur en folklore goed tot hun recht laten komen. Met aangename acteurs. En prettig strak gefilmd ook. Nee, met de bekleding van de film is niet veel mis.
Maar ja, de film mag er dan mooi uitzien, het gaat in een film natuurlijk wel om meer dan uiterlijk alleen. Neem het verhaal bijvoorbeeld. Op dat vlak valt de film gewoon tegen. In deze film gebeurt eigenlijk niet veel dat de wenkbrauwen heel heftig doet fronsen. Het is wat saai. Wat gezapig allemaal. Het verhaal wordt zeer voorspelbaar ingevuld. Er is hier een luie en gemakzuchtige scriptschrijver aan het werk geweest.
Nu stel ik aan een spookhuisfilm niet eens hele hoge eisen, wetende dat het moeilijk is om nog met iets origineels of verrassends uit de hoek te komen. Ik ben al snel onder de indruk van een spookhuis. Ik ben een gemakkelijk slachtoffer. Maar bij deze film lukte het niet. Ik kwam tijdens het kijken maar niet in duistere en griezelige sferen terecht. De film inspireert gewoon niet voldoende.
Het verhaal is saai. Zelfs de griezelscènes zijn niet heel spectaculair. Het is aan de sfeervolle lokaties te danken dat de film nog wat duisternis mee krijgt. Van de langdradige griezelscènes moet je het niet hebben. Ik verlangde meer en meer naar een onstuimige oppepper.
Een laatste redmidel dat de kijker uit een slaapverwekkende staat kan trekken is de jump scare. Een goedkoop maar effectief middel. Een verwachtingsvol eng shot begeleid door een harde muzikale uithaal. Die truc wordt hier niet gebruikt en dat is prijzenswaardig. Het is immers (te) gemakkelijk scoren. Ben ik ook helemaal geen voorstander van. Desondanks zat ik temidden van alle gezapigheid toch te hopen op een lading goedkoop effectbejag. Die hoop zegt veel over de filmbeleving.
