Meningen
Hier kun je zien welke berichten Derekbou als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Kaidan (1964)
Alternatieve titel: Kwaidan
Had hier toch iets meer van verwacht. Het laatste verhaal vond ik niet zo sterk. Voor het eerste en het derde verhaal vond ik echt de moeite waard om te zien. Het geschilderde decor leek mij in het begin erg nep, maar naarmate de film vorderde begon ik het steeds meer te waarderen. Het schept toch een bepaalde sfeer samen met het mooie kleurgebruik. Ook lijken de korte verhalen hierdoor rechtstreeks uit een folklorenboek te komen. Als alle verhalen me wisten te grijpen zou het cijfer wel hoger zijn, nu 4*.
Kárhozat (1988)
Alternatieve titel: Damnation
Met Damnation heb ik Béla Tarr een tweede kans gegeven. Werckmeister Harmoniak viel mij erg tegen. Bij Damnation is dit helaas ook het geval. Weer stoorde ik me aan de ellenlange scènes. Vaak kan ik zulke mooi geschoten beelden waarderen, maar Bela Tarr laat de camera altijd net iets te lang draaien. Samen met het spaarzame verhaal zorgt dit ervoor dat ik mijn aandacht niet meer bij de film kan houden. Over blijft dan nog de prachtige zwartwit-fotografie, maar dit weerhoud mij er niet van om Béla Tarr voorlopig links te laten liggen.
2,5*
Kataude Mashin Gâru (2008)
Alternatieve titel: The Machine Girl
Typisch zo'n film waar veel mensen met een grote boog omheen moeten lopen. Eén die voor en door fans gemaakt is. Ik kan mijzelf (nog) geen genreliefhebber noemen, toch kan ik op zijn tijd erg genieten van een slasher/gore filmpje als deze.
Machine Girl is zeker vermakelijk met zijn over-the-top bloedfonteinen, rondvliegende ledematen en cheesy teksten. Ondanks de wraakplot volgens het boekje blijf je toch geboeid kijken wat voor zieks er nu weer komen zal. Toch miste ik een goede dosis originaliteit. Vooral het verhaal was erg standaard en nergens echt boeiend of over-the-top. Toch wel belangrijk voor een film als deze om zich te onderscheiden van zijn soortgenoten. Een films als Tokyo Gore Police wist, naast de gore, ook nog met andere facetten te boeien, zoals een mooie aankleding en een verhaal waar nog redelijk wat aandacht aan besteed is.
Omdat ik nog niet veel van dit soort films heb gezien kan ik moeilijk beoordelen wat Machine Girl nu zo goed maakt en een onderscheidend vermogen biedt. Het lijkt mij een vermakelijke film die echter snel weer in de vergetelheid raakt.
Kleine Teun (1998)
Kleine Teun schetst op een af en toe ernstige, maar vooral humoristische wijze de stuk gelopen relatie tussen man en vrouw. Aan het begin zijn het voornamelijk kleine ergernissen, maar naarmate de film vordert treden haat, woede en jaloezie steeds meer op de voorgrond. De ergernissen komen al naar voren in de prachtige openingsscène, waarin Keet geërgerd de ondertitels bij een film moet voorlezen aan Brand, omdat deze analfabeet is. Deze scène is kenmerkend voor de rest van de film. Kleine Teun is doorspekt met botte opmerkingen en oer-Hollands gescheld, op een haast surrealistische manier verpakt, waardoor het geheel inderdaad wel wat weg heeft van zwartgallig toneelstuk. De onrealistische dialogen kan ik zeker geen minpunt noemen daar ik er erg van genoten heb. Het geeft de film juist een eigen karakter en versterkt de impact van de harde humoristische dialogen des te meer.
Naar verloop van tijd vond ik het verhaal redelijk makkelijk te voorspellen. Het einde wist daarom helaas niet echt meer te verrassen. Gelukkig kwam het moment waarop Brand Keet vermoorde wel onverwacht en miste het daarom niet de nodige impact. Daarnaast zijn de personages Brand en Keet (een chagrijnige, zwaarmoedige en onderdanige huisvader, die gedomineerd wordt door zijn forse, goedgebekte en manipulerende vrouw) goed uitgewerkt en een genot om naar te kijken.
Visueel had het zeker wat spannender gekund, maar heb me er bij deze film nooit echt aan gestoord. Naast een paar mooie shots buiten, wordt de camera enkel gebruikt om de dialogen zo effectief mogelijk te registreren. Na twee van zijn films gezien te hebben kan ik wel vaststellen dat ik Van Warmerdams humor erg kan waarderen. Zal daarom zeker zijn andere werken nog gaan bekijken.
Kôkaku Kidôtai 2.0 (2008)
Alternatieve titel: Ghost in the Shell 2.0
Toch een halve punt lager dan het origineel, omdat sommige 3D-gedeelten teveel opvallen en gewoon niet echt mooi zijn. Sommige dingen, zoals stadsaanzichten met veel lichtjes e.d. zien er spectaculair uit, maar bijvoorbeeld een 3D-helikopter die landt op een tweedimensionaal platform valt gewoon te erg buiten de mooie visuele stijl die het origineel al had. Zonde, enkel een visuele oppoetsbeurt, zonder toevoeging van 3D, was voor mij voldoende geweest.
Kôshikei (1968)
Alternatieve titel: Death by Hanging
Hele aparte film.
De film begint met de kijker te vragen of hij voor of tegen de doodstraf is. Wanneer we vervolgens te zien krijgen hoe een executiekamer eruit ziet en hoe de executie in zijn volledigheid verloopt, is de boodschap al meteen duidelijk. Je vraagt je af hoe de film nu verder zal gaan.
Zoals in de plotomschrijving te lezen is verliest de Koreaan 'R' zijn geheugen na het mislukken van de executie. Nu ontstaat het ethisch vraagstuk dat centraal staat in de film; moet de ter dood veroordeelde nog steeds geëxecuteerd worden, ondanks dat hij niets meer van zijn daden weet? Een interessant vraagstuk vind ik, en het deed me op momenten sterk denken aan 12 Angry Men.
De film begon voor mij ietwat langdradig te worden wanneer de officiële getuigen willen proberen om 'R' zijn geheugen weer terug te laten krijgen. Dit doen ze door R's leven na te spelen op een nogal komische sketchachtige wijze. Dit gedeelte van de film duurde mij iets te lang en de humor die ineens erg op de voorgrond trad had ik na een tijdje wel gezien. Gelukkig kent de film wel weer een prachtig, passend, einde.
Death by Hanging is een film die scherpe kritiek uit op het Japanse rechtssysteem, maar ook de Japanse minachting voor het Koreaanse volk aan de tand voelt. Dit alles wordt op een haast surrealistische manier neergezet met over-the-top acteerwerk en komedie. Een ander goed voorbeeld hiervan is het deel waarin de moorden gereconstrueerd worden. Sommige van de aanwezigen kunnen het slachtoffer wel zien en anderen weer niet. Ook voor de kijker zelf is dit even een tijdje onduidelijk.
Voor mij was de absurditeit toch iets teveel aanwezig om de ethische vraagstukken erg serieus te nemen. Weet ook niet of het primaire doel van deze film is om de kijkers aan het nadenken te krijgen. Dat mag een ieder voor zich beslissen.
Koyaanisqatsi (1982)
Alternatieve titel: Koyaanisqatsi: Life Out of Balance
Hier kon ik niet zo heel veel mee. De regisseur mag dan wel beweren dat de kijker de film op zijn eigen manier kan interpreteren, het lijkt me duidelijk dat het gros van de kijkers dit ziet als een oproep tot milieubescherming/duurzaamheid van de aarde. Jammer, want hierdoor komt Koyaanisqatsi op mij te geforceerd over.
Over de muziek niets meer dan lof. Deze verveelde namelijk nooit, in tegenstelling tot de beelden waarbij te vaak hetzelfde trucje gebruikt werd (zie versnelde mensenmassa's, versnelde wolken, versnelde fabricageprocessen, etc).
Toch wist de film bijna de gehele tijd te boeien, wat vooral te danken is aan de score en de korte speeltijd. Daarom een krappe voldoende.
Kozure Ôkami: Jigoku e Ikuzo! Daigorô (1974)
Alternatieve titel: Lone Wolf and Cub: White Heaven in Hell
Een niet helemaal waardige afsluiter van een verder prachtige reeks.
Wat mij vooral tegenstaat aan dit laatste deel is dat het té vol zit met actie. Waar de andere films vaak rustig beginnen en langzaam opbouwen naar een climax, krijgt Ogami Itto hier de ene na de andere vijand voor z'n voeten geworpen. White Heaven in Hell begint goed met het gevecht tegen Retsudo's dochter en wordt daarna pas echt spectaculair met de introductie van de zombiesamurai. Het eindgevecht en de afloop van de saga stelden me echter teleur. De skiërs vond ik er wat knullig uitzien, om over de soldaten op kindersleetjes maar niet te spreken. En dan het onbevredigende eind. Ik had liever die akelige Retsudo zien wegkwijnen, of Ogami Itto een vredige dood zien krijgen. Waarschijnlijk wilde de productiemaatschappij de optie voor een vervolg openlaten. Trouwens wel leuk dat een deel van de film zich in de sneeuw afspeelt. De liters bloed steken hierdoor lekker contrastrijk af tegen het maagdenwit.
White Heaven in Hell blijft een vermakelijke chanbara, maar voor mij is het wel het minste deel uit de reeks.
Kûki Ningyô (2009)
Alternatieve titel: Air Doll
Koreeda wist met Nobody Knows en Still Walking op een natuurlijke en subtiele wijze het familieleven te schetsen. Met Air Doll, een soort modern sprookje, slaat hij een meer fantasievolle weg in, hoewel zijn rustige manier van filmen hier nog wel in te herkennen is.
De boodschap en de levensbeschouwelijke vraagstukken liggen er hier wel erg dik bovenop. Bijvoorbeeld met uitspraken als "ook al ben ik geen sekspop, ik ben ook leeg van binnen" en "mensen met koude handen hebben vaak een warm hart". Ik begon me na verloop van tijd te ergeren aan dit soort makkelijke wijsheden.
Visueel was het wel een genot om naar te kijken door de rustige cameravoering en het mooie kleurgebruik. Zelf heb ik wel genoten van het acteerwerk van Du-na Bae, maar ik kan me voorstellen dat sommigen zich ergeren aan haar super zoete gedrag en schattige huppeltje.
De laatste paar scènes hadden geschrapt mogen worden, omdat Koreeda een nogal clichématig einde aan de film breit. Ondanks het goedkope sentiment toch nog een krappe voldoende.
Kurôzu Zero (2007)
Alternatieve titel: Crows Zero
Leuke Miike film. Ziet er allemaal wat meer high-budget uit en is duidelijk gericht op de Japanse jeugd. Crows Zero is erg stijlvol; door de scherpe donkere beelden, de mooie omgevingen, het flitsend camerawerk tijdens de gevechten en door de stoere vechtersbazen. Wat mij betreft had de film wel wat korter gekund, want zo'n boeiend verhaal hoeft er niet verteld te worden. Verder kwam het geheel wat kinderlijk op me over met alle overdreven vechtscènes, humoristische intermezzo's en Japanse pop- en punkmuziek (nu niet meteen mijn favoriete muzikale genres). Ik miste helaas wat diepgang in het verhaal, zoals een film als Blue Spring wel heeft. Wat overblijft is een erg vermakelijke no nonsense actiefilm, die je waarschijnlijk het meest kan waarderen als je zelf een ongelukkige/opstandige middelbare scholier bent (geweest).
