• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.917 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.932 acteurs
  • 198.970 gebruikers
  • 9.370.278 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Onderhond als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Xiao Cai Feng (2002)

Alternatieve titel: The Little Chinese Seamstress

Mooie film.

Heeft de Japanse cinema het nog steeds moeilijk om voet aan grond te krijgen bij het doorsnee filmpubliek, heeft de Chinese het nog veel harder te verduren.

Hippe cinema is het niet, al komt daar tegenwoordig snel verandering in. Maar Chinese cinema is toch vooral dit. Traag, simpel maar subtiel stijlvol. Deze film is vooral wegzakken in een kalm, romantisch en idyllisch sfeertje dat af en toe doorprikt wordt door enkele dramatische ontwikkelingen.

Opvallend dat Xun Zhou weer eens als dame in een driehoek mag plaatsnemen. Een erg fijne actrice eigenlijk, die in elke film waarin ze meespeelt erg duidelijk opvalt. 't Is een beetje wachten tot ze een keer in een film van een echt grote regisseur mag schitteren. Want hoe fijn en lief deze film ook is, perfect is hij niet.

Visueel aardig, vooral omdat de film zich in mooie landschappen afspeelt. De registratie is misschien soms iets te droog. De muziek is rustig klassiek, niet bombastisch of overstemmend, maar ook niet echt apart of speciaal. Het draagt wel bij aan de sfeer, maar creeert niet een sfeertje dat de film boven menig andere zou uit doen stijgen. Het verhaaltje is lief en schattig, komt erg oprecht over, maar is verder ook nogal simpel en niet meteen iets nieuws. Wel leuk dat er op het einde een flash forward inzit en een key event in het donker gelaten wordt.

Kleine kritiekpuntjes die van de film geen meesterwerk maken, maar niet in de weg staan van een erg mooie en geslaagde kijkervaring. De quotering zweeft tussen de 3.5* en 4*, 't is typisch zo'n 3.75* film. Maar gezien de erg lage score hier hou ik het maar op 4*. Film verdient beter, ben nu erg benieuwd naar Les Filles du Botaniste, die vooral audiovisueel veel meer belooft.

PS: ik heb de film gewoon in het Chinees gezien. De standaardinstelling op de DVD is wel Frans (dub) en in het menu heb ik niet meteen gevonden waar ik het kon veranderen. Maar de Chinese track staat er wel degelijk op.

Aanradertje, maar wel voor mensen die weten waar ze aan beginnen en niks wereldschokkends of vernieuwend verwachten.

Xiao Cheng Zhi Chun (1948)

Alternatieve titel: Spring in a Small Town

Best oké.

Niet zo verwonderlijk dat deze film is uitgegroeid tot een klassieker, wat mij meteen opvalt was de rust die deze film uitstraalt. Klassieke cinema is doorgaans nogal aan de drukke kant. Ofwel hopen dialoog, ofwel een constant aanwezige soundtrack die maar blijft doorkletteren. Het zijn zaken die mij vaak snel gaat tegenstaan, vooral omdat ze van een aard zijn waar ik niet van kan genieten.

Dat is hier wel anders. Rustige vertelling, weinig achtergrondmuziek, best sfeervol en kalm. Een ware verademing. Zeker ook in vergelijking met een handvol (als het er al zoveel zijn) andere Chinese klassiekers die ik reeds achter de rug heb.

Probleem voor mij is wel dat ik Tian's versie oneindelijk veel beter vind. Qua stilering is die film nog veel subtieler en sfeervoller, waardoor deze versie een beetje overbodig wordt. Da's niet Fei's fout natuurlijk, maar wel de realiteit voor mij. En zo is dit een best aardige klassieker, maar zie ik geen enkele reden waarom ik deze nog ooit een keer zou opzetten, als ik evengoed Tian's versie uit de kast kan trekken.

2.5*

Xiao Cheng Zhi Chun (2002)

Alternatieve titel: Springtime in a Small Town

Blijft magisch.

De soundtrack blijft me ook écht verbazen. Zeer miniem en subtiel, maar naderhand heb je toch het idee dat er de hele tijd muziek onder de film zat. Terwijl je, als je écht terugkijkt, merkt dat er veel scenes zijn zonder muziek. Geniaal gebruik van de muziek.

Visueel ook erg sterk. Kleurwerk iets minder, maar perfecte framing en mooi, elegant camerawerk zorgen voor een fijn sfeertje. Verhaaltje is ook mooi, al moet je er wel rekening mee houden dat het hier om een klassieke Chinese romance gaat. Iets anders dan de Westerse passie.

Bij herziening zeker niet minder geworden, Tian blijft een fijn regisseur. Hopelijk komt hij binnenkort weer met een nieuw werk.

4.5* en een uitgebreide review

Xiao Jiang (1984)

Alternatieve titel: The Time You Need a Friend

Woo met een hart voor comedy.

De film zelf is deels drama, maar ik kon me moeilijk van de indruk ontdoen dat Woo voor deze film redelijk expliciet inspiratie gehaald heeft uit de comedy wereld. Uiteraard zijn er de slapstick stukjes, maar de opzet van het drama is toch vooral een kopie van de Martin-Lewis historie, inclusief benefiet-reunie.

Het vervolg wijkt wel af, aangezien het hier gaat om een comedy show die in elkaar gezet wordt, waarbij de eigenlijke reunie voor de show gebeurt, maar de gelijkenis is onmiskenbaar daar. Er komt ook nog wat extra drama bij kijken (verloren dochters enzo), maar dat draagt eigenlijk niet zoveel bij aan de film.

Verder blijkt maar weer dat Woo ook buiten het actie genre best een goeie regisseur is. Ondanks al het drama is de film toch best luchtig en zitten er ook genoeg grappige momenten in. En in tegenstelling tot menig ander HK filmpje uit die tijd oogt het ook wat meer solide. Geen vluchtig genre/band werk, maar een serieus in elkaar gezette film.

Het blijft vreemd dat de comedy kant van Woo bijna compleet vergeten is, want in dat genre was hij absoluut geen slechte regisseur. Beetje jammer dat ik de meeste nu wel gezien heb.

3.0*

Xiao Qian (1997)

Alternatieve titel: A Chinese Ghost Story: The Tsui Hark Animation

Chaotisch.

Hark mag dan niet als regisseur gecredit staan, hij is zeker geen passief producer/schrijver geweest. Daarvoor leunt het te dicht aan bij de stijl van Zu Warriors. Diezelfde chaos gecombineerd met fantasy elementen komt sterk terug in deze film.

Vind zelf de live action versies wel duidelijk beter, je mag dan wat meer vrijheid hebben in animatiefilms, vond dat Chan de balans in deze film toch geregeld kwijt was. Soms leek het een overblijfsel van een jaren '80 anime te zijn, seconden daarna ontploft de CG van het scherm. Zeker niet altijd even goed van kwaliteit, maar toch visueel niet verkeerd en wel met een eigen stijltje. Sowieso is de animatie zelf kwaliteitsvol, de art style vond ik alleen wat minder.

Verder geen seconde rust. Tussen de humor, de plot points en de gevechten en achtervolgingen door zijn er misschien hoop en al een minuutje of drie waarin je op adem kan komen. Typisch HK werk dus, al vind ik het zelf in live action vaak nog iets amusanter.

Toch is het geen slecht filmpje. Leuk om een keer gezien te hebben, maar het verbaast me niks dat HK en animatie niet tot een langlopende liefde zijn gekomen.

3.0*

Xiao Quan Guai Zh (1979)

Alternatieve titel: The Fearless Hyena

Toffe verrassing.

Deed me wat denken aan de eerste Drunken Master. Shaw Bros-achige taferelen, wat wil zeggen geen al te groot budget, goedkope kostuums en een verhaaltje dat al 10 keer herschreven is als "nieuwe film", maar met waardige martial arts kunstjes.

En Chan laat zich hier toch écht van z'n beste kant zien. Speelse choreografieën die bijna eindeloos doorgaan, vaak ook in indrukwekkend lange takes opgenomen. In het begin is het nog een beetje zoekend (zoals vaak het geval bij dit soort films, de hoofdpersoon is dan volgens het verhaal nog niet bekwaam genoeg), maar de gevechten tijdens het laatste half uur zijn grandioos, zo ook tijdens de trainingen halverwege.

Echt genoten van de vreemde stances en het constante gedodge van Chan, hij mag de mosterd dan wel bij Yuen gehaald worden, het is duidelijk dat hij in deze film voortbouwt op hun aanzet. Buiten de martial arts en de humor om valt er niet zoveel te beleven, maar dat wordt dan ook kundig tot een minimum beperkt.

3.5*

Edit: en kijk toch geen dubs van deze films, begrijp dat ze anders misschien wat lastig te vinden zijn maar het is onmogelijk ze zo degelijk op waarde te schatten.

Xiao Sha Xing (1970)

Alternatieve titel: The Singing Killer

Niet-martial arts Chang.

De laatste tijd kom ik wat meer van dit soort filmpjes in Chang's oeuvre tegen. Z'n minder bekende werk allicht, al is dat wat vreemd om te zeggen, aangezien ik nog maar door 1/3e van z'n oeuvre heen ben. Anderzijds vind ik het ook niet verrassend dat deze films wat minder snel komen bovendrijven.

Zonder het geknok is Chang namelijk niet zo'n geweldig regisseur, zonder de historische setting wil het meestal ook niet echt vlotten. Deze film is vooral een thriller, met erg spaarzame actiescenes. Daarmee wordt het best een trage en wat saaiige bedoening.

De musical elementen werken ook niet echt mee moet ik zeggen, maar die blijven gelukkig wel beperkt. Visueel is het ook niet veel en als thriller is het al helemaal niet geslaagd. Gelukkig hier en daar een beetje actie en de speelduur werkt ook wel mee, maar hoe meer films is kijk waar Chang afwijkt van z'n vertrouwde niche, hoe meer het opvalt dat hij vooral tot z'n recht komt wanneer hij braaf doet waar hij goed in is.

1.5*

Xiao Shi Da Kan (2011)

Alternatieve titel: Honey PuPu

Mijn beloofde review/rant.

Honey PuPu is wat mij betreft cinema komende van een nieuwe generatie. Niet zozeer een nieuwe generatie filmmakers, maar echt een nieuwe generatie mensen die hun jeugd anders hebben beleefd als wij.

Informatie is een aggregatie van verschillende media en visies geworden, geen eenduidige single-access point of knowlegde. Naast wikis (= encyclopedie) krijgt iemand die zoekt naar informatie een ongelofelijke schat aan andere impressies en gelinkte content. Net dat gevoel is wat deze film zo bijzonder maakt.

Er is een centraal thema, dat doormiddel van een collage aan verhalen en impressies vormgegeven wordt. Er is geen echte boodschap, enkel de keuze van de regisseur rond welke informatie hij wenst weer te geven. Maar daarin zit net een veel rijkere ervaring verborgen, eentje die je niet terugvindt in traditionele films. Enige vergelijk is dan ook pk.com.cn, welke een soortgelijke structuur heeft.

Verder helpt het ook gewoon dat deze film een audiovisueel wondertje is en ook erg sterk acteerwerk kent. Een waar pareltje.

5.0*, een uitgebreide review en waar ik hem ergens neerplant in m'n top 10, daar denk ik nog even over na.

Xiao Shi Dai 2 (2013)

Alternatieve titel: Tiny Times 2.0

Vééls en vééls te commercieel.

Wie stills bekijkt kan zich opwarmen aan een visueel geweldige film, maar eens het begint te bewegen, er een soundtrack bijkomt en de personages hun ding doen wordt het een afgrijselijke soap.

Rijkeluiskindjes, dure settings, wie-bedriegt-wie drama en een soundtrack die geschreven lijkt voor meisjes van 15. Het eerste half uur is écht een drama. Dan volgt plots een scene die werkt (na het verjaardagsfeest), met een paar geniale shots en prachtige kadrages. Vanuit het niks. Daarna verandert de film compleet van verhaal en krijgen we met één of andere bedrijfsovername te maken.

Drama blijft veel te dik aangezet en té aanwezig. Visueel is het genieten, maar de film errond is echt te slecht voor woorden. Zo schril heb ik het contrast tussen de twee eigenlijk nog nooit gezien. Door de visuals valt het uit te zitten (al duurt het uiteraard wel te lang), maar hier had zoveel meer mee gedaan kunnen worden.

2.0*

Xiao Shi De Zi Dan (2012)

Alternatieve titel: Ghost Bullets

Slick.

Een wat weirde mix van Sherlock Holmes en een Western, waarin de Holmes elementen gelukkig wel sterk overheersen. Niet dat Law verder de stijlkernmerken van Ritchie met de ogen dicht kopieert, maar het luchtige, bijna tongue in cheek sfeertje is ook hier wel terug te vinden.

Lau is uiterst geschikt voor z'n rol, speelt het niet te serieus maar weet wel een soort van geloofwaardigheid hoog te houden. Tse is de wat blitsere knecht van Lau, maar doet het ook zeker naar behoren.

Visueel erg strak en mooi uitgewerkt, al ligt de focus vaak iets te veel op het verhaal, waardoor er te weinig ruimte is om van al het moois te genieten. Buiten de stand-out ontploffingscene gerekend, daar haalt Law echt wel alles uit de kast.

't Is 100% popcornvermaak, wat uiteindelijk wel een beetje jammer is. Veel aandacht gaat naar het ontrafelen van het plotje, maar van dit soort films is geweten dat je best gewoon tot de laatste vijf minuten kan wachten wil je de ontknoping weten. De reis daarnaartoe is meestal iets minder boeiend, wat ook hier af en toe wat de rek uit de film haalt.

Leuk en blits opgezet Ritchie-Holmes clonetje dus, Law is een fijn regisseur maar dat ene meesterwerk(je) wil er niet echt uitkomen. Verder wel een moedige en mooi in elkaar gebokste poging.

3.5*

Xiao Shi Yi Lang (1978)

Alternatieve titel: Swordsman and Enchantress

Yuen Chor.

Begint mij ondertussen wel te dagen dat Chor voor mij duidelijk één van de betere Shaw Bros regisseurs is. Niet dat zijn film zo sterk afwijken van de typische SB catalog, het gaat bij dit soort films toch veelal om wat kleinere details, maar ik vind zijn oeuvre in ieder geval een stuk makkelijker te behappen.

Komt omdat er wat meer fantasy elementen inzitten, die Chor niet enkel met special effects, maar ook met iets verzorgdere stilering, probeert op te lossen. Zo oogt het toch net allemaal iets rijker dan de doorsnee SB film, zonder dat daarbij de fantasy volledig over the top hoeft te gaan.

Het verhaaltjes is redelijk standaard, al voegt het einde in het "poppenhuis" absoluut wel iets toe. Gelukkig heeft de actie er verder ook niet echt onder te lijden. Zeker niet het beste wat je uit de SB stal kan verwachten (daarvoor moet je dan toch eerder bij Chia-Liang Liu zijn), maar niet minder dan een Cheh Chang ofzo.

Ondertussen staat Chor volledig op mijn radar, toch maar eens wat werk van proberen maken. Want zoals bij de meeste SB regisseurs heeft hij een nogal uitgebreid oeuvre.

3.0*

Xiao Wu (1997)

Alternatieve titel: Pickpocket

Als aanloop op Still Life ook maar eens het eerdere werk van Zhang Ke Jia bekijken.

Vond het verre van super. De setting is zoals NKyou al aanhaalt "klein" China, maar dan wel erg mistroostig in beeld gebracht. Beetje visuele sleur deze film, weinig treffend vond ik zelf.

De amateur acteurs zijn, redelijk onzichtbaar, enkel het hoofdpersonage doet het wel goed. Verder geen echt meerwaarde, maar zeker ook niet storend.

Als karakter is Xiao Wu zeker interessant genoeg, hij draagt de film dan ook. Jammer dat er verder weinig sprake is van "film" om hem bij te staan. Vreselijk klankband (en dan heb ik het niet meteen over de muziek), brakke editing en ook visueel erg onverzorgd en kneuterig.

Ik ben arm China ook wel een beetje beu ondertussen. Iets te veel sociale dramas uit die hoek gezien, deze is té onopvallend om daar ergens als interessant buitenbeetje in te passen.

2.5*, onderhoudend, maar wéér hetzelfde. Einde was in dat opzicht vreselijk voorspelbaar. Geen aanrader, al heb ik meer vertrouwen in Still Life, gezien de vooruitgang die Jia boekte met Shijie.

Xiao Xiao Xiao Jing Vha (1989)

Alternatieve titel: Little Cop

Lekker niche.

Eric Tsang regisseert zichzelf in een volbloed Hong Kong comedy. En laat er geen twijfel over bestaan, veel flauwer dan dit wordt het niet. Wie zich niet echt lekker voelt bij het HK'se gevoel voor humor kan beter in een grote boog rond deze Little Cop heenlopen.

Technisch gezien is er wel een plot, maar wanneer het even niet uitkomt voelt Tsang zich niet te verlegen even helemaal wat anders te doen. De focus ligt volledig op de humor, of dat de film ten goede komt ligt eigenlijk volledig aan de smaak van de kijker. Persoonlijk kan ik wel lachen om die HK flauwigheid, maar het internationale appeal is al eerder érg beperkt gebleken.

Voor enig mooi camerawerk hoef je hier niet te zijn, voor een leuke soundtrack ook niet, voor geweldig acteerwerk al helemaal niet (wat een cast trouwens, het is makkelijk om op te sommen welke acteurs er niét inzaten) en wie coherentie wil is simpelweg aan het verkeerde adres.

90 minuten vliegen voorbij, verscheidene memorabele scenes (waaronder de eindscene) en vooral veel onnozelheid. Goed zou ik het zeker niet willen noemen, maar vermakelijke filler is het zeker.

2.5*

Xiao Yan Yu Wu Ai Li (2024)

Alternatieve titel: Yen and Ai-Lee

Leuk dat Tom Lin weer terug is.

En ditmaal met een film écht op zijn niveau. Niet dat z'n vorige slecht was, maar er miste toch iets. Nu is Yen and Ai-Lee wel Lin's film die het dichtste aanleunt bij de klassieke arthouse. Niet meteen mijn favoriete stijl, maar de uitvoering is meer dan naar behoren en het dramatische hart van de film zit ook goed.

Sterk acteerwerk, strakke cinematografie en een fijne soundtrack zorgen ervoor dat het technisch goed zit. Verder is de relatie tussen moeder en dochter sterk en zit het verhaaltechnisch ook leuk in elkaar, al kruipen daar misschien net iets teveel genreinvloeden in voor het pure arthouse publiek. Heb genoten van deze film, Lin toont zich een zekerheidje.

4.0* en een uitgebreide review

Xiaoshan Huijia (1995)

Alternatieve titel: Xiaoshan Going Home

Allereerste Jia.

Guerrilla film making. Wie een beetje vertrouwd is met de films van Jia herkent de stijlkenmerken, maar je moet je wel voorbij een baggere beeldkwaliteit worstelen en een goed audiosysteem helpt deze film ook weinig vooruit. Alles klinkt alsof er twee huizen verder een TV aanstaat.

Ik ben verder ook niet zo'n Jia fan, zéker niet z'n oudere, ongestileerde werk. Al is ongestileerd misschien niet het juiste woord, want met wat tekstjes in beeld en atypisch camerawerk voor een Chinese film zit er wel een duidelijk stilistisch idee achter. Maar het oogt gewoon als het eerste het beste YouTube projectje ofzo.

Qua thematiek spreekt het me ook zelden aan, hier is dat niet anders. Slecht acteerwerk, een saai uitgewerkt verhaaltje en een armoedige setting maakt dat die 59 minuten eerder het dubbele lijken. Een klokje in de buurt om de paranoia tijdens het kijken tegen te gaan is dan ook aangeraden.

Z'n latere werk bevalt me beter, maar een fan zal ik denk ik nooit worden. Hij is in ieder geval van ver gekomen, meer bewijs dan deze film heb je niet nodig.

1.0*

Xiaoshi de Xiongshou (2015)

Alternatieve titel: The Vanished Murderer

De nieuwe Chi-Leung Law.

Een best dure bedoening is het geworden, da's duidelijk. Het oogt zéér verzorgd en is met veel oog voor detail in elkaar gestoken. Jammer genoeg ontbreekt hier een beetje de hand van een écht goede regisseur, waardoor het allemaal nogal blockbuster-achtig aanvoelt. Wellicht ook wel de bedoeling, maar dat maakt het toch net iets minder speciaal.

Ching Wan Lau is een zekerheidje in een film als deze, Xiaolu Li doet het ook naar behoren. Sowieso is de hele cast wel goed, maar geen enkele weet er duidelijk uit te springen. Iets wat vooral te maken heeft met de nogal makke rollen die ze toebedeeld krijgen.

Verhaaltje vermaakt wel, maar ook niet meer dan dat. Het mysterie is oké, maar wordt nergens uitzonderlijk, waardoor de afwikkeling eigenlijk iets te statisch is. En dat ondanks een toch wel best spectaculaire treinscene. Voor een keertje was de CG in een Chinese film niet compleet rampzalig.

Had beter kunnen zijn als het niet zo nadrukkelijk een blockbuster was geweest, want het ziet er echt wel netjes uit en de acteurs hebben meer in hun mars dan dat er hier uitkomt. Maar wat rest is best een vermakelijke film, alleen voel je dat het wat meer had kunnen zijn.

3.5*

Xích Lô (1995)

Alternatieve titel: Cyclo

Tweede Tran, en tweede maal 3 sterren.

Ik heb m'n bericht bij "A La Verticale ..." niet meteen teruggelezen, maar ik denk dat hier ongeveer dezelfde min- en pluspunten gelden.

Bij momenten verbluffend mooi, maar niet vaak genoeg. De scene met de blauwe verf, de scenes in de disco, de scene met het aquarium ... allemaal prachtig in beeld gebracht. Daartussen was het net allemaal wat minder, zelfs saai soms.

Acteerprestaties waren deze keer wel allemaal zeer goed. Tran Nu Yên-Khê is opnieuw haar goddelijke zelf, en ook Leung en Le Van Loc zetten sterke prestaties neer. Wat minder positief ben ik over de muziek. Al die Vietnamese (?) liedjes hadden eruit gemogen, en ook die Radiohead track had wat anders mogen zijn. Het rauwere werk tijdens die stroboscene was zowat het enige leuke nummer, want ook die trompetachtige intermezzos deden eerder denken aan B horrorfilms, en klonken out of place.

Niet echt onder de indruk dus, en als ik even terugkijk denk ik dat ik "Verticale" de betere film vind. 3* voor deze, want een onvoldoende verdient hij zeker niet, maar het meesterwerk dat anderen hierin zien, zie ik niet.

PS: wat een vreselijke quotes die tovenaar op pagina 1 plaatste. Verachtelijk.

Xicheng Tonghua (2017)

Alternatieve titel: The Mad King of Taipei

Lief filmpje.

Zoals iets teveel Taiwanese films tegenwoordig is het net wat te braaf en te poppy, maar da's ook meteen het enige wat ik kan aanmerken op deze Mad King of Taipei. Jammer genoeg weerhoudt het dit soort filmpjes er wel van om een bescheiden meesterwerkje te zijn.

Niet de eerste keer dat een buurt in Taipei een film toegekend krijgt. Yeh gaat echter niet voor een echt realistische aanpak en maakt er vooral een charmant en romantisch drama van met wat fantastische toetsjes links en rechts.

Het verhaal over een verkoopster en een zwerver is best lief, zeker gezien het drama dat er achter beide levens schuilt. Alles wordt mooi in beeld gebracht, lekker kleurrijk en voorzien van fijn camerawerk. Muziek is aan de poppy kant, maar wordt nooit echt vervelend.

Het is dat het drama nooit écht weet te raken. Die switch van luchtig naar geslaagd serieus zit jammer genoeg niet in deze film, maar Yeh zit er nu ook weer niet zover vanaf. Hij mag het zeker nog een keertje proberen, het zou mij niet verbazen moest het zomaar een keer lukken.

3.5*

Xie Mi Zhe (2018)

Alternatieve titel: The Leakers

Nieuwe Herman Yau.

De man blijft lekker bezig. Elk jaar toch wel een filmpje of twee van zijn hand. Het zijn zelden echte meesterwerken, maar ze vallen ook zelden echt tegen. Daar is deze The Leakers dan weer maar eens een goed voorbeeld van.

Een outbreak film, met een stevige vleug aan thriller en vooral een dikke sneer naar de medische commerciële sector. Het zou Yau ook niet zijn moest hij niet gebruik maken van z'n films om ook wat sociaal engagement op de mensheid af te vuren. Of het effectief is, is een ander verhaal natuurlijk, maar het kenmerkt zijn films wel, zeker binnen de Hong Kong niche.

Qua genrewerk is het niet geheel geslaagd, al komt dat ook misschien omdat het niet meteen mijn lievelingsgenre is. Toch is het allemaal net wat te flauw om echt te overtuigen. Qua regie is het dan weer net even te slick. Yau reisde naar Maleisië om daar deels z'n film te schieten, geen idee waarom maar dat leek me toch niet helemaal de juiste keuze te zijn.

Slecht of vervelend is het zeker niet, vlot filmpje dat makkelijk amuseert, maar niet zo héél veel meer.

3.0*

Xie Bu Ya Zheng (2018)

Alternatieve titel: Hidden Man

Toch wel erg leuk.

Tweede deel in Jiang's onofficiële trilogie vond ik een kleine tegenvaller. Jammer genoeg ging hij hier weer met dezelfde cinematograaf aan de haal, toch deels van het probleem. Maar die heeft zich een beetje weten te herpakken, waardoor het allemaal weer wat makkelijker genieten is van Jiang's maffe mix van stijlen.

Ooit begonnen aan de arthouse-kant van de Chinese cinema, al waren die films ook niet de typische armoedigheid die daarmee vaak geassocieerd wordt. Maar langzaamaan zijn z'n film wat commerciëler geworden, met duidelijkere genre invloeden. Het leuke is vooral dat Jiang het ook niet zo serieus meent. Hij heeft een klein beetje datzelfde aura als een Kitano (zonder het getwitch dan). Een nogal serieus ogende man, met fonkelende oogjes en een slinks glimlachje.

Zo voelen deze films ook aan, met Peng heeft Jiang verder een perfecte hoofdrolspeler vast. Het is een revenge thriller met wat actie invloeden, maar echt heel serieus of zwaarmoedig wordt het nooit. Toch blijft Jiang wel gaan voor kwaliteit en vervalt z'n werk niet in platte commercie. Die balans is mooi en maakt z'n films toch aardig uniek.

Mooie afsluiter, wel beniewd wat hij hierna gaat doen. Wel een schande dat dit soort films de Chinese grens blijkbaar niet meer overgeraken.

4.0* en een uitgebreide review

Xilu Xiang (1999)

Alternatieve titel: Little Cheung

Fijn dramatje.

Fruit Chan is een rare regisseur. Het kan altijd verschillende kanten op met zijn films, zowel qua stijl als qua kwaliteit. Deze zit wel duidelijk in de hoek van films die ik beter waardeer, maar over het geheel gezin vond ik het drama toch net iets te min.

De kindjes doen het wel goed en ook qua cinematografie springt de film er regelmatig bovenuit. Zo mooi als Chan's beste werk wordt het nooit, maar het zorgde er in ieder geval wel voor dat ik geboeid bleef kijken. Maar echt pakkend werd het nergens, daarvoor vond ik het drama en de setting net wat te verwacht.

Allicht dat mensen die meer met sociaal drama hebben hier een mooiere film in zien, mij stond het uiteindelijk wat in de weg. Ik had graag meer om de personages gegeven, ook wat meer sfeermomentjes gezien, maar uiteindelijk is het een film die best makkelijk wegkijkt en toch ook een paar memorabele scenes kent. Niet slecht.

3.0*

Xin Bian Yuan Ren (1994)

Alternatieve titel: To Live and Die in Tsimshatsui

Komt zo uit de Jing Wong fabriek gerold.

Een film over een undercover cop die na een tijdje z'n rol in twijfel begint te trekken. Eerlijk waar, volgens mij hebben ze gewoon ergens een lade met 10 filmscenarios die ze gewoon elke x jaar opnieuw recyclen.

Toegegeven, '94 is al een tijdje geleden en het zou me niet verbazen moest deze film ergens wel aan de wieg gestaan hebben van dit soort grapjasserij in Hong Kong. Anderzijds zal Jing Wong het wel gewoon weer uit Amerika geïmporteerd hebben. Andrew Lau op zijn beurt was nog volop lerende, hij heeft wel meer van dit soort projecten die an sich weinig voorstellen, maar waarin hij perfect de kneepjes van het vak kon leren.

Jacky Cheung is ditmaal politieman van dienst. Geen bijster geweldig acteur en dat valt ook wel op. Verder wel wat bekende gezichten, blauwe nachten en wat in het rond geknal. Alle bekende ingrediënten zijn aanwezig, maar echt boeien kan deze film ondertussen niet meer, of je moet een echte genrefan zijn.

Wel blij dat ik hem gezien heb, de laatste WKLau op MM die ik nog moest zien (maar zoals vaker met Hong Kong regisseurs mist MM nog een paar van z'n films). Echt goed was het alleen niet.

2.0*

Xin Buliao Qing (1994)

Alternatieve titel: C'est la Vie, Mon Chéri

Hong Kong's drama.

Altijd een beetje apart, vooral als het de bekende namen zijn die zich achter zo'n project scharen. Meestal werkt dat niet zo goed en ook hier schuurt het regelmatig. Vooral het eerste deel van de film wil niet echt van de grond komen.

Tweede deel is wat beter, ondanks een hoop dramatische clichés. Ook zo'n beetje de template waar als die recentere Japanse ziekedramas zich op geënt hebben. Voordeel hier is wel dat Ching Wan Lau en Anita Yuen het best aardig doen en dat de finale gewoon wel werkt, waardoor he drama uiteindelijk toch nog efficiënt blijkt.

Yee is alleen geen beste regisseur voor dit soort films. Sowieso zijn de typische genremensen uit Hong Kong niet echt geschikt voor dramas en uiteindelijk is dat ook hetgene wat er voor zorgt dat deze film nooit écht tot z'n recht komt.

2.5*

Xin Du Bi Dao (1971)

Alternatieve titel: The New One-Armed Swordsman

Typische Cheh Chang.

Ondertussen gaan we richting 40 (zowel ik qua leeftijd and ik qua geziene Chang films) en dan heeft een film als deze toch niet al te veel geheimen meer. Ik begrijp dat het vroeger anders lag, waarbij deze film als derde in een serie van trendsetters allicht wat meer te betekenen had, maar binnen het volledige oeuvre van Chang is het een wat onopvallende film.

Komt vooral door de te lang introductie. Het eerste uur gebeurt er niet zo heel veel, is het wel héél erg verhalend en neemt de film zichzelf ook iets te serieus. Maar dat is op zich ook niet zo'n verrassing, daar hebben wel meer Shaw Bros films last van. Gelukkig kan je je altijd opwarmen aan de gedachte dat het einde beterschap brengt, wat ook hier het geval is.

Laatste half uur is echt een stuk beter. Fijne gevechten, wat bloed en een stuk geanimeerder. Maar ook dit is ondertussen wel bekend terrein. Voer voor de echte Shaw Bros liefhebber dus, als filler filmpje heb ik me er zeker ook goed mee vermaakt, maar denk niet dat dit een film is die me zeer lang zal bijblijven. Typisch Chang dus.

2.5*

Xin Hai Ge Ming (2011)

Alternatieve titel: Xinhai Revolution

Mooi.

Past perfect in het rijtje groots opgezette Chinese epossen. Alles ziet er piekfijn uit, het wordt met veel heroiek gebracht en de grootsheid van de productie is in elk gedetail van de film voelbaar. Los van verdere invulling kunnen zo'n films me altijd wel bekoren.

Qua structuur zit deze Xinhai Geming wel met één groot probleem: de afwisseling tussen actie en politiek is een taaie. Had het gevoel dat het 50/50 verdeeld was, waardoor de politieke scenes wat traag aanvoelen en de actiescenes vaak de rust een beetje verstoorden. Het was allicht iets beter geweest wanneer de film iets meer focus had gehad.

Ondanks dat ik al karrevrachten Chinese films gezien heb blijft de geschiedenis van China mij redelijk onbekend. Veelal krijg je wel flarden mee van een bepaalde film, zeker wanneer het tegen een bepaalde politieke achtergrond geschets wordt, maar erg coherent was het allemaal niet. Dat zit je bij deze wel aan het juiste adres. Veel feiten, duidelijk uiteenzetting en zelfs nog wat context om het allemaal iets beter te plaatsen.

De laatste toevoeging is ook nog wel interessant. Hoewel de film inderdaad wat neigt naar propaganda (revolutie = woohoo!), schetsen de laatste onscreen zinnetjes toch een soberder, meer realistisch beeld waaruit toch duidelijk blijkt dat de revolutie zeker niet gezien wordt als een one fits all oplossing.

Chan doet het goed, Winston Chao en Li Bingbing zijn ook aardig, maar een film als deze laat meestal niet al te veel ruimte voor echt goed acteerwerk. Visueel is het genieten, de soundtrack bestaat vooral uit wat klassiekere Chinese klanken.

Al bij al dus meer dan behoorlijke film, die vooral door de bruuske afwisseling tussen politiek en actie nooit geheel op kruissnelheid komt.

3.5*

Xin Hua Lu Fang (2014)

Alternatieve titel: Breakup Buddies

Redelijk.

Eenvoudige Chinese road movie, duidelijk gemaakt met de locale markt in het achterhoofd. Dat geeft een mix van nogal platte humor en best mooie cinematografie. Apart maar het maakt de film wel kijkbaarder.

Ning's vorige was een blije verrassing, lekker donkerkomisch en vooral een geweldige setting. Deze Breakup Buddies mikt meer op een combinatie tussen drama en comedy en kleurt braaf binnen de lijntjes.

Bo Huang en Zheng Xu zijn best aardige acteurs, al zijn beiden niet geheel thuis in het comedy genre. De film duurt ook iets te lang en écht grappig, leuk of aandoenlijk wil het ook niet worden. Maar tussendoor wel af en toe erg mooie plaatjes en alles gewoon erg fijn in beeld gebracht.

Geen hoogvlieger, maar ook niet bepaald vervelend om een keertje te kijken.

3.0*

Xin Jing Wu Men 1991 (1991)

Alternatieve titel: Fist of Fury 1991

Leuke film, die dankzij enkele echt debiele maar wel grappige scenes net een voldoende oplevert.

Parodie op de vroegere Fist Of Fury films, met in de hoofdrol Stephen Chow, een man die ik toch probeer op te volgen na Shaolin Soccer. Hier niet achter de schermen, maar wel als acteur te zien. Zoals gezegd is de meeste humor echt echt flauw, maar dat maakt de film toch net wel de moeite. Het spuwgevecht aan het begin van de film is meteen ook één van de hoogtepunten. Mensen die het graag wat intelligenter zien, blijven beter weg.

Later in de film komen er ook nog enkele leuke kung-fu stukjes in, die best wel oké zijn eigenlijk, maar niet echt vergelijkbaar met de groten in dat genre. Het verhaal vliegt als een sneltrein voorbij, en als je even terugkijkt aan het eind vraag je je af hoe ze alles in één film gepropt hebben.

Leuk dus, maar niet al te hoogstaand. Flauwe humor en genoeg variatie om de hele tijd te boeien. 3*

Xin Leng Xue Shi San Ying (1993)

Alternatieve titel: The 13 Cold-Blooded Eagles

Wat zijn er toch veel van dit soort films gemaakt eigenlijk.

En hoe meer van deze films ik zie, hoe duidelijker het wordt waarom iedereen steeds vliegt in deze films. Het lijkt de enige mogelijke oplossing opdat de acteurs het plot kunnen bijhouden. Weer een typisch 12 themas, 13 moraaltjes plot dat vanuit een 18-delig mythisch verhaal gecondenseerd werd tot 90 minuten filmvermaak.

Wat het uiteindelijk ook wel is. Vermakelijk filmpje met vlotte gevechtscenes en een serieuze streep variatie (binnen de film dan, want over films heen is het toch steeds hetzelfde).

Toch mist de film vooral een smoelwerk om hoog (/hoger) te scoren. Buiten 90 minuten munchies is hier verder niks te beleven. Voor wie niet genoeg kan krijgen van kung-fu krijgers, drama perikelen en mannen met veel te grote sikken.

2.5*

Xin Nan Xiong Nan Di (1993)

Alternatieve titel: He Ain't Heavy... He's My Father

Bleh.

Ik hou wel van Peter Chan, maar deze vroege film is niet al te best. Nochtans beschikt hij over een aardig clubje acteurs. De twee Tony Leungs spelen zij aan zij in deze drama/komedie.

Toch wil het op zowel dramatisch al komisch vlak niet echt lukken. Daar zit de melige presentatie absoluut voor iets tussen. De film mag dan uit de jaren 90 komen, er hadden zo een 5 à 10 jaar vanaf gekund.

Wat belegen humor, pover acteerwerk, visueel karig en een zeer slechte soundtrack. Pas op het einde begint het drama een beetje te werken en komen er een aantal aardige scenes voorbij, maar dan is het eigenlijk al veel te laat om de film nog te redden.

Aan de opzet zal het niet liggen, het idee is leuk genoeg, alleen schort het serieus aan de uitwerking. Raar, Peter Chan is dan echt wel énorm gegroeid door de jaren heen dan.

1.5*

Xin Shu Shan Jian Ke (1983)

Alternatieve titel: Zu: Warriors from the Magic Mountain

Leuk!

Die oude Hark's zijn echt verrassend vermakelijk en hun tijd ver vooruit. Vroege voorvader van films als Chinese Ghost Story die er bij momenten echt al erg tof uitziet.

Wel iets teveel sfx die zo uit een Gojira film gepikt lijken. Die stiftgekleurde effecten zijn nu niet bepaald mooi, daartegenover staan wel geniale belichting en zeer sfeervolle decors. Ook al wat inventief camerawerk gepaard met slimme edits om zo de gevechten wat op te fleuren.

Hou verder wel van dit soort warboelfilms. Een hoop maffe mensen met speciale krachten in een treinwrak van een verhaal. Het gaat snel over en weer, is soms moeilijk te volgen, maar oh zo vermakelijk.

Acteerwerk en humor zijn duidelijk HK, een acquired taste. Kan er mij niet aan storen, bij momenten zelfs erg leuk. Verder nog leuke bijrolletjes van Sammo Hung en Hark zelf (raar mannetje is dat toch) en het resultaat is een ultravermakelijk spektakelstuk met af en toe de meest barre special effects.

Was er al een tijdje erg benieuwd naar, al had ik er niet al te veel van verwacht. Is me enorm meegevallen.

3.5*