Meningen
Hier kun je zien welke berichten remorz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
[Rec] (2007)
Alternatieve titel: Rec
Paniek.
Als ik in een woord moest samenvatten wat het hele handheld-gebeuren perfect legitimeert, is het paniek. Het werkt tevens vaak suggestie in de hand en beoogt over het algemeen een immersieve werking, maar het zijn de momenten dat de hel losbreekt dat het echt een meerwaarde kan hebben. [Rec] deed dat voor mij perfect.
Het is heel makkelijk om mee uit de bocht te vliegen (storend geschud) en het is heel makkelijk achter verschuilen (dat je als kijker dus eigenlijk niks ziet), maar hier weet het een perfecte balans te vinden van momenten die in gespannenheid en steady beeld opbouwen naar het moment dat er in paniek door de gangen gehold moet worden. Af en toe een flits van een rennende zombie is of het angstige gezicht van degene die meeholt - zodat je de kijker niet verliest in de chaos - kan al voldoende zijn.
[Rec] heeft een bovendien een intro dat de techniek afdoende bestaansrecht geeft, houdt de balans doorheen de film goed in de gaten en vergeet ook niet om het geheel in een interessante setting te steken, zowel qua locatie als back story. Zelfs bij herziening blijft de film schrik aanjagen, maar valt ook op hoe sterk er met dingen als belichting en focus gewerkt wordt. Nogmaals, allemaal aspecten die in veel slechtere werkjes sinds Blair Witch Project als goedkoop en slordig uitgewerkt effectbejag ingezet werden, [Rec] deed het subgenre voor mij werkelijk herleven door het optimaal te gebruiken. Die 4,5* blijven gewoon staan.
[REC] 4: Apocalipsis (2014)
Alternatieve titel: [REC] 4: Apocalypse
Lekker.
Weet iemand hoe het zit met de verdeling van de regie omtrent deze reeks? Konden de heren het na deel 2 niet eens worden over de richting? Zit er venijn in de verdeling van deel 3 en 4 of is het all in good fun? Feit is dat de afslag die Plaza in Génesis nam, door Balagueró niet voortgezet wordt. Er schuilt hier nog wel een klein streepje humor in, maar [Rec]4 is toch weer een return to form. Voor een deel dan. Ik ken in ieder geval weinig franchises die zo wisselvallig van toon zijn als deze.
De nadruk ligt hier weer meer op de spanning, maar toch hoeven we het allemaal stukken minder serieus te nemen dan de eerste twee delen. Het exorcisme-stokje is zonder dat we het door hadden alweer doorgegeven. Geen gewichtig gedoe met wijwater of rozenkransjes dit keer; het possession-plotje is er slechts op de achtergrond en werkt hier zelfs een wat suffe whodunnit-twist in de hand.
Verder brengt het labyrintische gangstelsel van de boot een goed onoverzichtelijk sfeertje teweeg, waar Balagueró (misschien iets te) gretig gebruik van maakt; besmette mariniers en aapjes kunnen op een gegeven moment overal vandaan komen, en door de willekeur boet de spanning wat in, en komt de focus steeds meer op de actie te liggen.
Het is een beetje een gek ding om deze franchise van warrig camerawerk te betichten, maar ik vond het hier toch allemaal wat minder goed werken. Plaza hield de found-footage is Génesis beperkt tot de eerste akte, Balagueró lijkt een soort tussenvorm te willen behouden, waardoor de rauwe, korrelige charme er niet meer is, wel de onoverzichtelijkheid. De locatie zorgt voor hier en daar wat leuke shots de lange gangen in en heel veel ternauwernood gesloten patrijsdeuren maar visueel was het toch een stapje terug. Ook de make-up effecten waren wat slordiger: meer bloed en bult en slijm terwijl de eenvoud van dooraderde huid en bloeddoorlopen ogen zo effectief was.
Toch weer razend vermakelijk. By far het meest rommelige deel, dat alle elementen in de blender gooit om er toch vooral een action flick van te willen maken. Vreemde voorlopige afsluiter van de reeks, met duidelijke verschillen maar ook curieuze stukjes overlap. Alsof toch afgesproken was: we maken er allebei nog één, jij doet komedie, ik doe actie. Nieuwe locatie naar keuze. We geven allebei een luchtige draai aan het exorcisme-verhaal. Open einde. En een verwijzing naar de grasmaaier uit Braindead.
Good fun anyway. Maar mocht deel 5 er ooit komen, laat de heren hun krachten dan maar weer bundelen; die eerste twee delen blijven onovertroffen. Al is het waarschijnlijk juist die wisselende toon tussen delen die deze saga interessant houdt en onderscheidt van de gemiddelde, zichzelf-uitmelkende reeks. 3,5*
[Rec]² (2009)
Alternatieve titel: Rec 2
Perfecte sequel.
Hoogstens wat afstandelijker, omdat de SWAT-personages wat minder empathische ingang hebben dan Vidal en co. uit het eerste deel; daar staat weer tegenover dat dit deel een handvol sterkere scenes bevat en tevens wat foefjes/vernieuwingen introduceert die het per scene boeiend weten te houden, zoals de frame-in-frame beelden (die een beetje aan Aliens deden denken), de extra verhaallijn met de jongeren en de nadruk op het religieuze/possession-verhaal.
Technisch is dit op alle fronten gelijk, zo niet beter dan het origineel. Flink hysterische camera, aangezet met een moddervette dosis distortion, zowel visueel als auditief. Het resulteert in veel groezelige ruis, wegvallend of haperend geluid en eigenlijk alle middelen voorhanden die de onoverzichtelijkheid van ieder paniekmoment goed in de hand werken. Het zal bij veel (conservatieve) kijkers op weerstand stuiten, maar in feite weet het die perfecte balans uit het origineel (tussen zichtbaarheid en suggestie) compleet op het spits te drijven. Exact wat je wilt van een sequel.
Verhaaltechnisch ook een even logisch als intrigerend vervolg op het origineel. De afslag richting exorcisme staat in ieder geval garant voor enkele huiveringwekkende scenes, bijvoorbeeld als bezeten jongeren ondervraagd worden. Grandioze make-upeffecten en effectieve belichting zorgen ervoor dat die scenes, qua hysterie vaak een rustpunt, toch van rillingen voorzien worden.
Over de gehele linie een bloeddrukverhogend werkje, waarbij enkele hoogtepunten (het jongetje dat door de kop geknald wordt, de SWAT-member die ingesloten wordt en de vuurpijl (!)) ervoor zorgen dat dit werkje een duidelijke sprong voorwaarts maakt. Vanaf de terugkeer van Vidal misschien een tikkeltje voorspelbaar, maar alsnog een erg passend en bevredigend verloop. Heerlijke adrenaline-trip, die alles goed doet wat het origineel goed deed en meer. Halfje erbij. 4,5*
[REC]³: Génesis (2012)
Alternatieve titel: REC 3 Génesis
Gaaf!
Ik vind het behoorlijk van lef getuigen om op deze manier de draak te steken met je eigen product. Deel 1 en 2 waren serieuze, klamme handjes-hysterie; mocht er ooit een marathon plaatsvinden (count me in!), kunnen we tijdens dit deel even stoom afblazen en de spanning weglachen.
Opening is niet minder dan briljant, vanaf het keuzemenu en slide show, vraag je je echt even af of je bij de goede film beland bent. Plaza laat er tevens onomwonden mee zien dat hij de logica, claustrofobie en ernst bewúst laat varen (wie heeft die bruilofts-dvd anders gemaakt), en de saga met een flinke dosis humor en zelfspot injecteert.
Met name het begin van de outbreak kent enkele schatermomenten (Royalties! Royalties!), maar naar het einde toe hebben humor en horror zich aardig verenigd in een ludieke, bloederige totaalsfeer. Vanaf de ridderoutfits en kettingzaag is de spanning er dan wel zo goed als af, de lol is er niet minder om. Let ook op de soundtrack, die is al net zo briljant als het dvd-menu.
Hoofdrolspeelster Dolera mocht Vidal (uit deel 1) al parodiëren in Spanish Movie (2009), dus een logische casting voor deze rol en ze laat hier ook zien de perfecte toon te kunnen slaan. Verliefd, verbeten, vastberaden of verminkt: zij en haar grote ogen spelen hartstikke meeslepend en laat de rest een beetje achter.
Fijn einde, misschien nog ietsje zoetsappiger was het definitieve kersje op de taart geweest maar wederom laat Plaza zien zijn keuzes bewust te maken. Het houdt de serie in leven, want na deel 2 leek alles wel gedaan. Heel benieuwd naar deel 4, de enige die ik nooit zag. Voor deze een dikke 3,5*
10 Cloverfield Lane (2016)
Alternatieve titel: Ten Cloverfield Lane
Ben een beetje in strijd met mezelf bij deze film.
Enerzijds bewonder ik dat de film niet zomaar het simpel formulewerk-pad bewandelt en haar energie steekt in een frisse benadering. Anderzijds blijft het een beetje steken op een ambiguïteit (spreekt Howard de waarheid of niet?), die om meerdere redenen niet de spanning teweeg brengt waar je op hoopt.
Reden 1: John Goodman is een miscast. Velen zijn het hier niet met me eens - en wellicht komt dat door mijn eigen selectieve voorkennis - maar ik vind totaal geen dreiging van de man uit gaan. Op ingetogen momenten zie ik in hem de onschuldige loebas (Roseanne) op fellere momenten het uit onmacht schreeuwende kind (eigenlijk alle Coen films waar hij inzit). Een komische ondertoon en een zekere aandoenlijkheid die onbedoeld aan zijn broek hangen, staan échte dreiging of plaatsvervangende claustrofobie in de weg (Fallen). Misschien versterkt door het wat vlakke tegenspel van Winstead en Gallagher, dat moet gezegd.
Reden 2: De link met Cloverfield verklapt eigenlijk al waar de film zo ostentatief dubbelzinnig over doet. Eerlijk: ik heb voor aanvang eigenlijk nooit zeker geweten of die link er nou wel of niet was. Toch veronderstel je die vanaf moment 1, wanneer je door de ogen van Winstead moet inschatten of Howard de waarheid spreekt. Ook al omschrijft hij het gevaar voor lange tijd vaag genoeg, de connectie is dan al geprimed. In zekere zin is het einde daarmee onontkoombaar. Dat velen hier zo verrast reageren, snap ik niet eigenlijk.
Reden 3: De opbouw van die onzekerheid gebeurt te opzichtig. Alleen een voice-over was nóg minder subtiel geweest. Opzichtig geheimzinnig doen laat mij bij voorbaat interesse verliezen. Als een vriend die niet zegt wat het is maar wel tot in den treure blijft herhalen dat ie een verrassing voor je heeft. In de hoop je nieuwsgierigheid met iedere herhaling op te bouwen, slinkt het bij mij juist weg tot er een steeds onverschilliger achterover-leunen overblijft: we gaan er wel achterkomen.
Als er geen dreiging van de antagonist uitgaat, de dubbelzinnigheid eigenlijk maar één logische uitkomst kan hebben én er bovendien te opzichtig doorheen verwerkt zit, dan moet de pay-off wel huge zijn om je nog beduusd achter te kunnen laten. Dat was ie niet. Plottechnisch niet, visueel niet.
Kijk net zo lief naar iemand die in real-time een legpuzzel maakt. Je weet vrij snel wat de uiteindelijke afbeelding voor gaat stellen maar bent gedoemd te wachten tot het zich uiteindelijk ontvouwt. De tijd ertussen is weinig boeiend om te volgen, hoe gewichtig of mysterieus de puzzelaar ook met ieder stukje aan komt zetten.
Wat overblijft is een degelijk maar weinig inspirerend filmpje, met nog geen schijn van de impact die haar grote broertje wel had. En dan is de frisse benadering eigenlijk weer een beetje extra gefaald. Had nou maar simpel gekopieerd, dat werkte tenminste. Maar goed, zo wil ik het eigenlijk niet benaderen. Dus, meneer Trachtenberg: jammer, volgende keer beter maar wel chapeau voor de durf.
2,5*
11:14 (2003)
Gisteren herzien en het blijft toch een vermakelijke film.
Ik was bang dat herziening deze film zou reduceren tot een een matige uitvoering van het 'alle verhalen komen bijeen'-genre, het scheelt dat bij deze film al die verhalen ook werkelijk boeiend zijn. Met geinige muzikale ondersteuning, heeft ieder fragment zijn eigen charmante, leuke ideeën. Je zit niet te wachten tot het moment dat alles bij elkaar komt en dat je dan kan roepen van 'Oh ja, zo dus'. In plaats daarvan aanschouw je enkele absurde en grappige situaties en de manier waarop mensen dat denken op te moeten lossen. Het einde vormt meer een formaliteit dan een climax. Hadden de verhalen niks met elkaar van doen gehad, was het waarschijnlijk nog steeds een amuserende film.
Die 4* die ik had staan is wellicht een beetje gul, maar deze film is met zichtbaar plezier in elkaar geknutseld en levert een erg overtuigend geheel af. Die 4* blijven staan.
1408 (2007)
Ergens merk je dat dit een kort verhaal van King was.
Leuk gegeven van de sensatiebeluste journalist die de horrorkamer cynisch binnengaat en in real-time langzaam gek wordt. Ook het deel met Jackson creëert een fijn sfeertje, zonder dat er ook nog maar iets gebeurd is. Cusack vind ik een totale miscast; hij mist de natuurlijke arrogantie van de cynicus en overtuigt nog minder als krankzinnige.
Eenmaal in de kamer zijn er enerzijds enkele goede vondsten (de man in het raam aan de overkant, de almaar veranderende plattegrond) maar anderzijds ontspoort de film ook, enigszins gemakzuchtig zelfs. De tot leven komende schilderijen, het 'monster' in de schacht en als de kamer compleet besneeuwd is; het gaat ten koste van de zorgvuldig opgebouwde surrealiteit en trekt de film onnodig over de top.
De ontknoping is dan wel weer leuk (herbeleef hetzelfde uur keer op keer of maak gebruik van ons speciale 'check-uitsysteem'). Het sentimentele randje met zijn vrouw en dochter is leuk als psychologische mindfuck, maar krijgt vooral op het einde teveel nadruk.
Teveel onnodige scenes, met bovendien de verkeerde toon. Was hier meer in geknipt, was de film korter geweest maar het had de effectief beklemmende sfeer behouden. 3*
170 Hz (2011)
Eindelijk gezien.
De debuutfilm van Van Ginkel mag met recht een verademing in het Nederlands filmlandschap genoemd worden. Zijn aandacht voor kleur en compositie overtreffen nagenoeg alles wat ik ooit uit eigen land zag; zijn constante spel met geluid en dialoog is zinnenprikkelend; en wat weet hij Gaite Jansen en, in mindere mate, Michael Muller beheerste prestaties te ontlokken.
Van Ginkel weet dat wat je wegsnijdt, gecompenseerd moet worden; het nagenoeg ontbreken van (gesproken) dialoog wordt ondervangen door een indrukwekkende beeldtaal en prachtige shots. Er wordt heerlijk gespeeld met symmetrie, perspectief en kleur en hoewel wat statisch en wellicht ook wat ostentatief hier of daar (het verfgevecht als voorbeeld bij uitstek), iedere kritiek daaromtrent komt waarschijnlijk voort uit de Nederlandse nuchterheid die onze cinema zo lang sober heeft gehouden; Van Ginkel schiet wellicht door op sommige plekken maar hij toont wel lef. Grijze oorlog/familiedrama's hebben we al genoeg.
Het spel met geluid is werkelijk subliem, en 'spel' mag letterlijk genomen worden. Toont de klankband ons eerst geïntensiveerde geluidsdetails, als ware het klankclose-ups, later worden complete dialogen (waarbij de emoties hoog oplopen) beroofd van ieder zuchtje geluid. Zonder werkelijk patroon zet Van Ginkel zijn geluid gedoseerd in zet hij de relatie tussen beeld en geluid op vervreemdende manier op scherp. Het effect is vervreemdend én sfeervol.
Bovendien voorziet hij de klankband van een soundtrack die op minimalistische wijze de cadans van zijn film voortzet.
Hulp krijgt hij in de vorm van Gaite Jansen. In een rol die haar misschien niet op het lijf geschreven is maar wel de goede rol op het goede moment is. De grote gebaren en het streepje hysterie die ik haar in eerdere rollen heb zien inzetten worden hier op indrukwekkende wijze in toom gehouden. Daarmee laat ze zien tevens met kleine middelen uit de voeten te kunnen, en hoe.
Dan de minpunten, want die zijn aanwezig. Zo permitteert Van Ginkel zich nét iets te veel vrijheden in het script. De beetjes realisme die de film daarbij inboet, worden niet opgevangen aangezien Van Ginkel, zoals eerder gezegd, ver blijft van magisch-realisme of surrealisme. Had het meer op sprookjesachtig gegooid, was er niks aan de hand geweest. Nu komt het bijtijds gemakzuchtig (geschreven) over.
De korte speelduur voorkomt niet dat enkele scenes als filler overkomen. De verfscene is mooi om te zien, maar erg opzichtig eye-candy. Zo zijn er meer scenes die wat overbodig aanvoelen en de intensiteit van de film hier en daar doen afnemen.
Maar het moge duidelijk zijn; 170 Hz is een speelse, kleurrijke en gedurfde eerste speelfilm. Een frisse wind en hopelijk een voorbode voor een jonge generatie die meer out of the box durven te denken. Meer graag!
4,5*
PS. Het integraal kopiëren van de badscene uit Requiem for a Dream moet Van Ginkel vergeven worden; Aronofsky had 'm immers ook al gejat.
2001: A Space Odyssey (1968)
Alternatieve titel: 2001: Een Zwerftocht in de Ruimte
Moeilijk te beoordelen film voor mij. Kubrick weet zijn films in mijn ogen tot vervelens toe breed uit te spannen. Lange, geluidloze shots, veelvuldige herhaling van beeld en geluid en dramatisch aanwezige muziek; het theatrale spat ervan af. Waar dergelijke sfeertekening bij bijv. The Shining perfect werkt, heb ik absoluut geen binding met rondspringende apen of langzaam draaiende ruimteschepen . Het is ook niet zozeer mijn genre.
Daarentegen weet de film halverwege toch de juiste snaar te raken met het boeiende idee de Hal-9000, een perfectionistisch staaltje kunstmatige intelligentie, de controle te laten overnemen. Het desolate gevoel, machteloos door de ruimte te zweven, bekroop mij langzaam. De stijlhandhaving die de eerste helft van de film irriteert, werkt een half uur lang echt perfect.
Maar daar lijkt Kubrick geen genoegen mee te nemen. Kubrick wil een visie uiten, een monumentaal verhaal vertellen. Een verhaal dat mij niet zozeer kan imponeren. Misplaatste muziek, geforceerde filosofische inslag en veel scenes/gebeurtenissen/beelden die in mij op mijn klokje deden kijken ( de film begint nota bene met drie minuten zwart beeld, maar ook almaar herhalende storingsgeluidjes, oneindige ruimte(schip)shots hadden voor mij weggelaten of korter gekund). Veel dingen die de pretentie van Kubrick blootleggen, wat prima zou zijn als het zou werken, maar bij mij werkt het niet.
Uiteindelijk heb ik veel respect en bewondering voor een eigenzinnige filmmaker als Kubrick en deze film ga ik zeker herzien, maar voorlopig hou ik het op 3,5*.
22 Mei (2010)
Alternatieve titel: 22nd of May
Mooi.
Ontdaan van een (compleet) narratief verhaal, weet Mortier met 22 Mei toch gevoelscinema te maken. Zelf steekt hij niet onder stoelen of banken, zich te verzetten tegen enkel verhalende cinema.
De inkijkjes in de levens van de slachtoffers zijn persoonlijk, maar blijven toch redelijk op afstand. Het zijn de grauwe kleuren, de apathie van onthande personages en de grimmige sfeer die bij de kijker binnenkomen.
Het levert cinema op die fluistert en schreeuwt maar je hoe dan ook meesleept tot de magistrale eindscène, waar Mortier vernieling en verderf omsmeedt tot ongelooflijke schoonheid.
Mortier maakt cinema. Hij buit hier de middelen minder ostentatief uit als Ex-drummer en laat tevens ruimte voor verbetering; Mortier heeft een visie die bevalt. Laat de volgende maar komen.
4*
27: Gone Too Soon (2018)
Alternatieve titel: The 27 Club
Slappe docu.
Het brengt een groepje mensen samen, maar verzaakt om de losse segmenten ook maar enigszins van kleur of diepgang te voorzien. Wie meer over de individuele muzikanten te weten wil komen, is hier aan het verkeerde adres.
Het illustreert daarmee vooral de willekeur waarmee we dit clubje bijeengebracht hebben. Hun leeftijd plus enkele voorspelbare factoren als getroebleerde jeugd, het kampen met verslaving en het lijden onder de roem; het vormt niet alleen een wankele gemene deler, het sluit ook vele muzikanten uit met een vergelijkbaar tragisch verhaal. Een wat kritischer standpunt over de invloed en verantwoordelijkheid van de industrie, de media of de (verafgoding door) fans zou ons zelfs al meer food for thought geven.
Gemakzuchtig in elkaar gezet werkje, dat weinig recht doet aan de tragiek of invloed van de individuele artiesten. 1,5*
28 Days Later... (2002)
Herziening.
Inmiddels zo’n vijf à zes keer gezien, dit favorietje. Toch beginnen de jaren te tellen, en zijn er bepaalde elementen die hun trucjes-karakter blootgeven. Zoals de geluidsband, die nogal pompeus in kan zetten in de actiescenes, voor maximaal effect. Gewoon slecht gemixt.
Het middengedeelte is iets te happy family. Als ze in de tunnel lachend over een berg auto’s hobbelen. Of wegzwijmelen bij een viertal paarden. Ook de supermarkt-scene is me iets te jolig van toon inmiddels.
Ik hoor mezelf de openingsscène vaak ophemelen als de film ter sprake komt; ik weet niet of ik dat na deze herziening nog ga doen. Leunt sterk op de soundtrack (en volume), en daar blijft de beeldtaal wat knullig bij achter (de missing-personsbriefjes, de EVACUATION-headline), hoe indrukwekkend een desolaat Londen ook moge zijn.
Toch scoort de film nog altijd hoog op sfeer en doet de tweede helft het aanzienlijk beter bij herziening. Sterk spel van de main cast en enkele spannende scènes doen de rest. Halfje af, maar nog altijd solide zombie-flick. 3,5*
8 Femmes (2002)
Alternatieve titel: 8 Women
Geweldige film.
Heerlijke toneel-achtige taferelen (is het gebaseerd op een toneelstuk?), geweldige typetjes en bovendien een zeer kleurrijke en creatieve uitwerking binnen het whodunnit-gebeuren.
De eerste keer wist ik niet dat het om een musical ging en werd daarom nogal onaangenaam verrast. Deze keer kon ik me echter helemaal mee laten gaan door de diversiteit die deze film op zoveel fronten boven het gemiddelde uittrekt. Van 3,5 naar 4*
8-ban Deguchi (2025)
Alternatieve titel: Exit 8
Stijlvol filmpje.
Het uitgangspunt voor deze cyclische mindfuck is dat onze verdwaalde hoofdpersoon vast komt te zitten in een ondergronds metro-gangenstelsel. Hij zal telkens bij hetzelfde punt uit blijven komen, tot hij een afwijking in zijn omgeving weet te ontdekken. De oplossing klinkt simpel: bij geen afwijkingen dient hij zijn weg te vervolgen maar als er ook maar iets afwijkt, dient hij rechtsomkeert te maken. De instructies beloven dat hij uiteindelijk bij Exit 8 uitkomt, waar hij het labyrint kan verlaten.
Bereid je voor op veel herhaling (met name één specifiek geluidseffectje zal nog een tijdje nagalmen) maar de film weet het verloop inlevend genoeg te presenteren waardoor je al kijker op vernuftige wijze betrokken wordt bij de puzzelende beleving van de hoofdpersoon, een meer dan uitstekende rol van Kazunari Ninomiya (wiens stem blijkbaar Kuro/Black vertolkte in Tekkonkinkreet / Tekkon Kinkurîto (2006)).
Een camera die geduldig met en om onze hoofdpersoon mee zwiert; een klinisch vormgegeven setting die aansluiting vindt bij de ijzingwekkende, kille geluidseffecten; een dramatische subtext die de dwaalgang vrij ongeforceerd van emotie weet te voorzien en een handvol verrassingen onderweg die de film een aardig bevreemdend gevoel meegeven: het zijn de hoofdingrediënten voor een film die nergens écht buiten de lijntjes kleurt maar je aandacht moeiteloos vasthoudt en verveling kundig weet te vermijden, iets wat gezien het concept en de speelduur (best lang voor een idee als dit) als een flink compliment beschouwd kan worden.
De werkelijke punch blijft uit en het horrorlabel zal sommigen wat teleurgesteld achterlaten, maar voor liefhebbers van een kleinschalig doch kundig vormgegeven mysterie vallen hier best wat vingers bij af te likken. 4*
À la Folie... Pas du Tout (2002)
Alternatieve titel: He Loves Me... He Loves Me Not
Leuk. Bijna alles aan deze film is...leuk.
Het spel van Tautou, weerszijden van het verhaal en de vertelwijze ervan, het kleurgebruik, enkele terugkerende motieven (de zelfgemaakte kat bijvoorbeeld), gebruik van muziek; het is allemaal erg fris & fruitig, met verve gebracht. Jammer dat het nergens echt doorstoot naar werkelijk bovengemiddeld. Vind het echt zo'n filmpje dat voor de 4* gaat, maar hij kan dat helaas niet echt waarmaken.
3,5*
