Meningen
Hier kun je zien welke berichten Prudh als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Pain & Gain (2013)
When hell freezes over. Ik heb me zowaar kostelijk vermaakt tijdens een film van Michael Bay...
Wat een heerlijk opgepompte komedie is Pain and Gain. Dat ligt vooral aan het script, ook al had de film wat korter gemoeten. Een veel maffer sfeertje dan we van Bay gewoon zijn, goede grappen en vooral een lekker tempo. Ook de dikke Bay-saus van spierballen en booty werkt fantastisch in deze 90s-onzin over bodybuilders. Dwayne Johnson - met wie ik doorgaans bar weinig heb - is als Jezusaanbiddende cokesnuiver echt een hoogtepunt. Heerlijk zomers kijkvoer dit.
Pan Ni (1973)
Alternatieve titel: The Generation Gap
De film claimt aan het begin dat Pan Ni de Chinese generatiekloof aankaart zonder een oordeel te vellen daarover, maar niets blijkt minder waar. Wat we wel voorgeschoteld krijgen is een immens suf liefdesverhaaltje tussen twee onbezonnen tieners die alle adviezen van hun ouders in de wind slaan. Vooral David Chiang (normaliter gecast voor zijn kung fu in veel films van Chang) is een dom en onbezonnen mannetje dat zijn eigen downfall op zich afroept.
Agnes Chang als klein actricetje zingt door de hele film wat Engelstalige popnummers en die zijn zo afgrijselijk dat doorspoelen de enige oplossing is. Wel heel geestig dat ze ondanks haar vocale ellende is doorgebroken als tienerzangeresje (vooral in Japan) en nu een succesvol advocate is. Tijdens veel van haar 'optredens' in deze film wordt er ook nog eens gedanst door Chinese 'hipsters' uit de jaren 70 en dat is ongeloflijk gay, maar wel grappig om te zien. De seventies disco was in China zo mogelijk nog fouter dan elders...
Verder is het aardig om de gebruikelijke cast van de regisseur voorbij te zien komen, al zijn de meeste rollen marginaal. Er wordt hier en daar zelfs nog een potje ge-kung-fu'd. Verder is dit een melodrama met afgrijselijke muziek. Kijk liever gewoon naar de vechtfilms van Chang...
Papillon (1973)
Papillon drijft vooral op het genietbare spel tussen McQueen en Hoffman, die ook afzonderlijk goed op dreef zijn. De mentale aftakeling van de twee hoofdpersonen is daarmee het beste aspect van de film. Vooral tijdens de stukken in gevangenschap, met als hoogtepunt de scène in de isoleercel, is het acteerwerk van magnifiek niveau. Beklemmend.
Dat Papillon te lang zou duren of te lang van stof zou zijn, daar ben ik het niet mee eens. Deze gevangenis-/avonturenfilm blijft spannend en indrukwekkend genoeg om 150 minuten te vullen. Naar het einde toe wordt het almaar interessanter. Een kanttekening is de vreemde tussenpoze na de ontsnapping. Vooral het stuk bij de Indianenstam is een opmerkelijke zijweg en past als enige scène niet tussen de rest van de film, ook al zit dit stuk ook in het boek. Toen alle stamleden ook nog eens van de ene op de andere dag verschwunden waren plaatste ik mijn vraagtekens bij het nut van deze passage.
Gevangenisfilms zijn altijd wel leuk, maar door het niet betreden van veel bewandelde paden is deze net wat interessanter dan het gros. Vooral de setting draagt hier aan bij, maar dat spreekt voor zich. Door daarnaast weinig personages belangrijker te maken dan nodig is, ontwijkt Papillon centrale clichéfiguren zoals de gevangenisdirecteur en boosaardige bewaarder subtiel. Natuurlijk zijn ze aanwezig, maar niet nadrukkelijk.
Het wat rare plotverloop in de tweede helft is eigenlijk de grootste smet op een verder geslaagde prent dus. Machtig kijkvoer.
Papurika (2006)
Alternatieve titel: Paprika
Kleine tegenvaller, Paprika. Dat komt vooral doordat de personages stuk voor stuk vervelend zijn. Die papzak en de professor wekken louter irritatie op. Verder gaat het verhaal wat over the top met de combinatie tussen werkelijkheid en droom; het concept had wat mij betreft wat beter ingeleid kunnen worden. Dat het dan alsnog doldwaas climaxt is alleen maar prima. Paprika zelf had ook een betere introductie kunnen krijgen: waarom is ze wie ze is? Waarom heeft niemand anders een droom-alter ego? De muziek was verder wel erg goed, evenals een groot deel van de animatie/het design. Vooral de omgevingen zagen er mooi uit.
Paprika had denk ik een stuk beter kunnen zijn dan het was. Wat minder chaos had de film goed gedaan. Daarom drie sterren.
3*
ParaNorman (2012)
Wat jammer dat ik ParaNorman pas zag ná Frankenweenie. Blijkt dit toch allemaal wat flauwer, minder geraffineerd en minder mooi. Komt helaas ook niet in de buurt van het fantastische sprookje Coraline, ook al worden hierin verwoede pogingen gedaan om er zowel volwassen als kinderhumor in stoppen.
Pathfinder (2007)
Alternatieve titel: Pathfinder: The Legend of the Ghost Warrior
Aardig achtervolgfilmpje met lekker veel bloed en actie. Beetje corny en voorspelbaar hier en daar, zeker omdat Pathfinder zichzelf net wat te serieus neemt. Jammer ook dat de noormannen verder nogal eentonig en voorspelbaar reageerden. Alsof er geen keuze gemaakt kon worden om ze als karikatuur of juist als serieuze vilain neer te zetten. Nu bungelt het een beetje in het nietszeggende midden. Maar mooie kostuums, die hadden ze dan weer wel. Chapeau daarvoor. Uiteindelijk haalt deze film het net niet bij de vergelijkbare film Apocalypto die ik op 3 sterren heb staan. Desalniettemin lekkere actie en genoeg bloed om de ruim honderd minuten mee te vullen.
Paul (2011)
Had hier een aardig stuk getypt maar dat is helaas verdwenen tussen de duistere spelonken van het internet. Waar het op neer kwam is dat Paul met een erg hoge grapdichtheid toch steeds goede humor blijft houden, dat er weinig moraal in zit en gelukkig wel veel clichés. Pegg en Frost zijn weer een prima duo en hebben veel kaas gegeten van scifi van de afgelopen dertig jaar. Spielberg en Lucas worden aan de lopende band geparafraseerd, maar elke grote scifi komt zo'n beetje aan bod. Leuk om ze te herkennen, leuk om de geek uit te hangen. Jammer dat Frost maar twee minuten tijd had om de film in te luiden bij de voorstelling. Foto gemaakt, kastje dicht, dat idee. Maar Paul is erg cool, kostelijk vermaakt tegen verwachting in (Hot Fuzz was minder, geen hoge pet op van Motolla).
Pecker (1998)
John Waters... Dat verklaart een hoop. Vreemd, maar geinig filmpje. Soms behoorlijk bizar (positief), maar meestal iets te simpel opgezet, waardoor al die vreemde personages nooit echt memorabel worden. Had meer uitgehaald kunnen worden.
Phantom Boy (2015)
Niet erg origineel, maar door de prachtige tekenstijl (kleurrijk, lekker schots en scheef allemaal; Picasso meets expressionisme) en de warme manier waarop het verhaal verteld wordt toch een zeer aimabele animatiefilm weer, net als Une Vie de Chat. En wat een mooie soundtrack.
Pirates of the Caribbean: At World's End (2007)
Tja. Gooi een hele boel avontuurelementen in een grote pot, voeg daar ongeveer elk personage uit deel 1 en 2 aan toe, alsook een paar nieuwe personages en tenslotte een dosis actie en een vleugje humor. Dan goed roeren, nee, lekker staafmixen die bende en voila: Pirates 3. Want deze film is niet meer dan een halfgaar kooksel onsamenhangendheden. De helft van alle karakters was overbodig, maar zorgden wel voor vreemde plotgaten: Pirates 4: Attack of the 50 foot Tia Dalma
Die belachelijk karikaturale Pirate Lords? Zij dienden tot niets. Verder was de film veelal pijnlijk ongrappig met slechte one-liners en flauwe humor. Ook de overgangen waren bevreemdend abrupt. Zo zijn ze ineens in China, dan op de Zuidpool (?) enz. Nee, dit is een waardeloze afsluiting van een trilogie. Ik heb de film een nachtje laten bezinken en ga van een karige 3,5 naar 2,5* voor een verwachte teleurstelling.
Pirates of the Caribbean: On Stranger Tides (2011)
Terug naar de roots, ofwel terug naar het nog niet eens zo oude eerste deel. Dat was namelijk ook het beste deel en zat nog niet vol bizarre plotlijnen die toch niemand uit elkaar kon houden. Het snoeiwerk leverde een verschrikkelijk banaal en ongeïnspireerd hoopje saai op. Rob Marshall regisseert saai. Johnny Depp speelt saai. Die koolraap die Orlando Bloom moet vervangen in deze film is nog het saaist. Amper een spannende avonturenscène maar wel een hoop gekeuvel. De openingsscène was gelukkig nog spectaculair, ik zou het bijna ouderwets leuk willen noemen. Dat zette dus niet door. Halverwege ergens zijn er nog wat coole zeemeerminnen, al worden die uiteindelijk ook maar ongeïnspireerd en vooral fantasieloos ingezet. En die laatste term beschrijft de hele film: fantasieloos. Ik heb me 140 minuten lang verveeld. Schatzoekende piraten zijn niet leuk als ze al kibbelend van A naar B slenteren.
Cruz is overigens nog het beste wat de film te bieden heeft. Maar dat kan ook omdat ze zo'n ontzettend fijn accent heeft om naar te luisteren. En omdat de personages sowieso teveel tijd hebben om te praten. McShane zit ook lekker in zijn rol, alleen jammer dat zijn rol ook weer zo verschrikkelijk... saai is. Hij moet een grote boef zijn, maar eigenlijk is hij een enorme softie. Hij gaat zelfs in discussie met zijn gevangenen. Blackbeard, je hebt een groot zwaard. Hak eens een hoofd af! Maar misschien is de grootste sof Jack Sparrow, de gladde aal die zich overal tussendoor weet te wurmen. In On Stranger Tides is hij een schoothondje dat overal achteraan loopt, vooral achter de feiten. Het script biedt amper de ruimte voor Depp om te excelleren. Misschien zit hij nog in zijn rol als Rango, want hij blendt als een kameleon in de achtergrond van de andere saaiheid.
De reeks onwaardig, komt niet in de buurt van hoe een goede avonturenfilm moet zijn, dat soort dingen. En de 3D? Die past geheel in de lijn van de rest. Ik heb denk ik na Clash of the Titans niet meer zulke afwezige 3D-effecten gezien. Of was het Alice... Disney kan het beter laten. Het is werkelijk schandalig. Hopelijk weer een nagel aan de doodskist van dat hele gebeuren, al verwacht ik dat het Pirates fanvolk zich er wat minder aan zal storen. Hoe dan ook: On Stranger Tides is vlak, rechtlijnig, ongeïnspireerd, duf en fantasieloos. Honderdveertig (!) minuten lang. Nou ja, minus de eerste tien minuten dan. Het resultaat en de potentie van deze film liggen zeemijlen uiteen.
Plagues and Pleasures on the Salton Sea (2004)
Wel leuk, maar net iets teveel een rariteitencabinet van domme Amerikanen. Plagues and Pleasures is een vlotte documentaire waarin de Salton Sea zowel letterlijk als figuurlijk als middelpunt geldt voor de laatste paar bewoners die er krampachtig blijven wonen. Jaarlijks is er een dode vogelplaag en een daaropvolgende vliegenplaag die beide gekatalyseerd worden door een dode vissenplaag... En toch blijft iedereen er wonen: de mensen, de vissen en de vogels. En zo herhaalt de cyclus zich tot er iemand in het gebied wil investeren of totdat de zoute Salton Sea compleet onbewonbaar is geworden voor iedereen. De bewoners zelf zijn in ieder geval te oud, te excentriek en te afwachtend om er nog iets van te maken...
Plan C (2012)
Wow, wat een verschrikkelijke tegenvaller. En bizar dat deze film beste scenario won. De gekunstelde dialogen schuren tegen het betere schrijfwerk van de Coens, maar halen dat niveau lang niet. Lijken soms wel slechte improvisaties, of op zijn minst opzichtige pogingen tot grappig doen. Het kleinburgelijke en sullige ligt er allemaal zó dik bovenop. Ik heb Kas en Van 't Hof hoog in het vaandel zitten, maar dat script (of gebrek eraan) nekt hier eigenlijk alle rollen en personages. Verhaal heel minimaal, maar dit is geen geval van less is more. Less is hier ook gewoon less en daarmee is Plan C helaas een heel saaie film. Had van te voren gehoopt dat ik hier wel vier sterren zou kunnen planten.
Planet Hulk (2010)
Wat een poepfilm. Animaties heel low budget (denk aan oude Hannah/Barbera-tekenfilms, met loops in de achtergronden), weinig detail in de karakters en houterige bewegingen. Hoeft niet heel erg te zijn. Jammer dat het verhaal te lachwekkend voor woorden is (las ergens dat ongeveer de helft van de comic is overgebracht naar de film, dus dat kan eea verklaren). Meer plotgaten dan... plotvullingen? En ten slotte de Hulk als personage? Hij praat de hele film door, verandert nooit terug naar Bruce Banner en is in staat rationele beslissingen te maken terwijl hij boos is? Ik wil HULK SMASH verdomme. Prut.
Postal (2007)
Meh. Uwe Boll laat hier eigenlijk nog steeds zien dat hij van regisseren overjarige kaas heeft gegeten. De film moet het daarom enkel en uitsluitend hebben van de extreem foute humor, maar die is helaas zo plat en puberaal dat ik er zelden om kon lachen. De meest geslaagde grap was nog wel het Nazi themapark van Boll zelf (dat noem ik nog eens gedurfde zelfspot, helemaal toen hij Vern Troyer met gouden jodentanden betaalde...)
Verder heeft dit weinig om handen. De snikkel van Foley had ik ook prima zonder gekund, Doe mij maar een serieuze film van Boll, want daar zit leukere 'humor' in dan hier.
Poultrygeist: Night of the Chicken Dead (2006)
Ik kan misschien nog wel door de afgrijselijk slechte humor van Poultrygeist heenprikken, ware het niet dat bijna alle grapjes de poep-en-pies-humor niet ontstijgen. Helaas, ik ben geen 14 meer. Daarom dus vooral afzien geblazen. Hier en daar kan ik de poging tot leuk zijn nog wel waarderen, maar verder dan die waardering komt het echt niet. Uiteindelijk zijn enkel de bloedige stukjes versmadelijk. Pas na de tweede helft werd ik daarom pas overgehaald om de film af te kijken. Daarvoor is het gewoon een trieste bedoening. Ik zal later vast wel eens zien of mijn teleurstelling aan Troma zelf ligt, of gewoon aan deze ellende an sich.
Predators (2010)
Een meevaller, maar toch geen goede film. Stoer doe je niet, je bent het. Predators is een duidelijk geval van stoer doen. Daarom kan ook dit vervolg bij lange na niet tippen aan het origineel, dat absoluut wel stoer is. Grote smet is de hand van Rodriguez, die ik steeds minder hoog in het vaandel heb staan. Yakuza, samuraizwaard, blegh. Niet in een film als deze. Spierballen wil ik zien. Dutchtuga en Reinbo slaan hierboven daarom de spijker op zijn kop: het is 2010 en de jaren 80 lijken verder achter ons dan ooit. Er moet blijkbaar meer vernuft in films zitten, actiepersonages moeten tegenwoordig ook denken in plaats van doen.
Alleen de dialogen zijn daarom al krommer. Ze moeten nu ineens ergens op slaan; ze moeten in dienst staan van de plot. Echt waar. Conversaties moeten diepte geven aan karakters die dan nog steeds tweedimensionaal blijven. Geforceerde moeite die ook gewoon in actie gestoken had kunnen worden. Wat boeit mij het welk personage er kinderen heeft, hij gaat toch wel dood. En dat moet ook. De onzinnige plottwist op het einde komt daarom ook als donderslag bij heldere hemel. Een deus ex machina om op de valreep nog wat broodnodige spanning op te bouwen. Stoer doe je niet, je bent het. Doe mij maar een ongecompliceerd actiefestijn met Arnold.
Gelukkig is Brody de grootste meevaller. Compleet tegen verwachting in draagt hij zijn rol met verve. Schwarzenegger is hij niet, maar hij zet wel een geloofwaardige killer neer. Komt misschien deels door de grootte van zijn geweer, maar soit. De rest van de cast is behoorlijk slecht en dat komt vooral door de rolverdeling. Ik weiger te geloven dat een stel snotneuzen (in verhouding tot het team van Dutch) zich een tijd staande kan houden tegen Predators. Een miezerige gevangene, een Somalische krijgsheer met een roestige AK? Nee. En Topher Grace ook niet.
Veel gehoorde kritiek is de rol van Fishburne, maar die vond ik juist wel geweldig. De man krijgt de vrije loop om een Colonel Kurz imitatie te doen. Hij gaat over de top, maar is hilarisch. Zelfs Die Walkure wordt door hem ingezet. Air Cavalry. Cool. Hij is eigenlijk de enige in de hele film die wel stoer is. In tegenstelling tot bijvoorbeeld ook... de Predators. Als je het groepje sukkels waar ze op jagen niet binnen no time kunt omleggen, dan ben je een slappeling. De titelfiguren worden gelukkig niet teveel uitgediept, maar hun rol is wel marginaal. Ze zijn dommig in vergelijking tot hun voorgangers. Hun design is wel weer als vanouds, dus cool.
Bij elkaar opgeteld blijft er een vermakelijke actiefilm over, maar met ontelbaar veel missers. Dat laat ik meewegen in de score, want er had met minder moeite meer uitgehaald moeten worden. Slecht script, stomme cast. Durf ik te zeggen dat Brody de film zelfs draagt? Laten we verder hopen dat Rodriguez met zijn tengels van onvermijdelijke vervolgen afblijft. Samuraizwaard. Pffffffff.
Prehistoric Women (1967)
Alternatieve titel: Slave Girls
Waar het lelijke decor, de goedkope acteurs en de slechte kostuums toe vallen te schrijven aan een klein budget, laat de plot van deze Hammer productie enorm te wensen over. Iets waar geld niet direct de oorzaak van kan zijn. Een enorm aantal inconsistenties en onwaarschijnlijkheden roept de vraag op waarom er niet wat meer aandacht is besteed aan simpele logica. Zonder alle nonsens was de film al 'slecht' (= leuk) genoeg. Ik ga mijn volgende Hammer ook maar in het horror genre zoeken.
1,5*
N.B. De trailer is een beknopte versie van de film, inclusief voldoende spoilers. Wel enorm grappig om te kijken!
President, De (2011)
Op zich kan zulks natuurlijk prima met humor.
Zowel de satire als de humor zijn verschrikkelijk ondermaats. De enige satire komt voort uit een personage dat niets anders roept dan: "alle buitenlanders het land uit." De boodschap luidt daarnaast: "als je lief doet voor elkaar, dan komt alles goed." Najib Amhali vertelt dat even doodleuk in de camera op het einde van de film. Dank je Najib, weer wat geleerd. Vlak, plat en verschrikkelijk flauw allemaal. Waardeloze film die zelfs voor de tieners (die als doelgroep bedoeld zijn) waarschijnlijk slecht te verteren is. Matthias en Frank: ik zie ze liever in Rundskop of De Bende van Oss.
Prestige, The (2006)
Bij mij wil die illusietheorie er evenmin in. Verklaar bijvoorbeeld de identieke, blinde helpers? Verklaar bijvoorbeeld waarom na elke show een watertank wordt afgevoerd, verborgen onder een doek? Plus de eerder aangekaarte redenen natuurlijk. De machine werkt.
Verder vond ik deze film bij lange na niet aan mijn verwachtingen voldoen, met name omdat de film veel te vroeg zijn geheimen prijs geeft. Het is dan enkel wachten tot de aftiteling, wat vrij zonde is als je nog behoorlijk lang te gaan hebt.
Voor het acteerwerk gaan mijn credits naar Bale en Caine, twee acteurs die mij steeds meer aan staan. Zij snoepen credits weg bij Johansson, want hoe mooi ze ook moge zijn, haar acteerwerk gaat me steeds meer tegen staan...
The Prestige krijgt tot herziening het voordeel van de twijfel met 3 sterren, hoewel ik nog steeds neig 2,5 te geven...
Public Enemies (2009)
Ik heb deze film al een poosje geleden gezien, maar hij is wel blijven hangen. Dat is gelijk al een mooi compliment dunkt me. Sowieso is de jaren-30-setting eignelijk altijd interessant, maar des te meer wanneer een regisseur als Mann zich ermee gaat bemoeien. Dat weerspiegelt dus ook in Public Enemies, want visueel gezien is dit al een fantastische ervaring. Mede door de cinematografie die weliswaar erg bewegelijk is, maar nooit overmatig. Toch zijn vooral de decors, settings en kostuums kleine hoogtepunten, die maken de film voelbaar autenthiek.
Het verhaal is daarnaast uitmuntend uitgewerkt. Ik ben blij dat Manns voorkeur naar het kat-en-muis-spel wat naar achter is gedrukt, waardoor er nu veel ruimte overblijft voor Dillinger zelf. En zeg nou zelf, Bale speelt met de film vlakker (vast in zijn Equilibriumrol blijven hangen), dus zijn spaarzame screentime is mooi verdeeld. Depp vult zijn rol daarentegen erg prettig in, op een gepast ingetogen wijze. Maar twee pluimen worden uitgereikt aan ten eerste Marion Cotillard die als love interest allerminst vervelend, storend, óf clichématig is en ten tweede aan Stephen Lang die zonder twijfel de beste en tofste rol neerzet als FBI marshal Charles Winstead
Het allerbeste aan deze Mannprent vond ik, net als bij Heat en bij Miami Vice, de shoot outs. Wat is dat een genot om aan te zien. Onderbelicht vind ik in die scènes altijd het geluid, want hoewel ze een festijn voor je oog zijn, wordt het oor nog het meeste gekieteld. Knal knal. Realistische inslagen, gruis, chaos. Ik kan niet wachten tot 30 juli, dan kan ik hem nog een keer zien. Tot die tijd maar weer even de Warnerklassiekers uit het schap pakken!
Pudor (2007)
Ik sluit me aan bij de eerste twee bovenstaande alinea's. Vooral het camerawerk in Pudor is uitmuntend en functioneel, maar dat vond ik helaas een van de weinige positieve aspecten. Er zit te veel pijn en lijden in de film en elke hoop op verbetering keert uit op teleurstelling. Op den duur is alle ellende niet eens geloofwaardig meer (zelfs een beetje lachwekkend). Een bittere kijk op het mensenleven.
