- Home
- Matchostomos
- Meningen
Meningen
Hier kun je zien welke berichten Matchostomos als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Last Days (2005)
De dichtkunst van Van Sant
Het is in films als 'Elephant', 'My own Private Idaho' en deze 'Last Days' dat Van Sant op zijn best is en laat zien waar zijn ander materiaal te kort komt. Daarbij doelend op 'Good Will Hunting', 'To Die For' en 'Finding Forrester'.
Van Sant is veel vrijer in de behandeling van zijn camera en de focus op zijn personages, zonder enige controle te verliezen over zijn niet-lineaire vertelcontstructie.
'Last Days' mag dan losjes gebasseerd zijn op het leven van de legendarische Kurt Cobain, het blijft in de eerste plaats een wrangend en haast lyrisch beeld van een jongen die ten onder gaat aan zijn succes en niet weet wat zijn plaats is op deze wereld.
Bovendien ziet Van Sant de kans om een wederom bijzonder somber beeld te geven van de jeugd in Amerika, en de jeugd in het algemeen.
Toch wordt nergens de visuele beeldenkracht en emotionele diepgang van 'Elephant' bereikt, daarvoor komt 'Last Days' te moeilijk tot die emotionele climax.
Enigszins zonde, want al de overige elementen doen absoluut hun werk. Prachtig hoe Van Sant onder meer zijn personages decentraliseert, uitzoomt op een spelende Blake en het gebeuren door de kijker laat invullen.
4*
P.S.: Voelt iemand zich geroepen 'Gerry' in de pakketservice te steken, want hij is echt onvindbaar.
Last King of Scotland, The (2006)
Whitaker is koning
Kevin McDonald maakt de intelligente keuze om van 'The Last King of Scotland' niet het zoveelste politiek pamflet te maken, maar wel een boeiend en intrigerend portret van een labiel man.
Bovendien wordt het geheel verteld vanuit het perspectief van een Schotse arts, die aanvankelijk geen voeling heeft met de buitenwereld. Wanneer hij echter kennis maakt met de mens en dictator Idi Amin, krijgt zijn geest heel wat te verwerken.
Simpel, maar ô zo effectief is de tweedeling van de film, die het voor de kijker mogelijk maakt op een grappige doch wrangende wijze kennis te maken met beide personages.
Wanneer de samenwerking tussen 'gigant' Whitaker en opkomend talent McAvoy vlekkeloze proporties aanneemt, springen de 'vonken' dan ook meermaals van het scherm. De oscar voor Whitaker was met andere woorden oververdiend, al was een beetje meer eer voor McAvoy toepasselijk geweest.
Visueel doet 'The Last King of Scotland' vooral denken aan het recente 'The Constant Gardener', al wist laatstgenoemde op dat vlak een meer globale indruk te maken. Toch registreert de camera in 'The Last King of Scotland' op knappe wijze verscheidene details, waardoor de film visueel enigszins nog een meerwaarde kan bieden.
Echt memorable cinema heeft McDonald ons niet kunnen geven, al blijft de martelscene voor eeuwig in het geheugen gegrift.
3.5*
Last Voyage, The (1960)
Bijzonder clichematige (die koppige kapitein) en theatrale (die close-ups van de kapitein) voorloper van die alomgekende rampenfilm op zee 'The Poseidon Adventure'.
'The Last Voyage' heeft bovendien een aanzienlijk tekort aan spanning, degelijke production-design en charmante personages om enigszins te kunnen boeien.
En wat doet die geheel overbodige en lachwekkende voice-over daartussen als 'emotionele' registratie van het gebeuren.
1*
Leatherheads (2008)
In 'O Brother, Where Art Thou?' gaf Clooney nog gestalte aan de onnavolgbare Clark Gable, terwijl hij in 'Leatherheads' de lijn van 'Intolerable Cruelty' doortrekt en de immer charmante Cary Grant andermaal belichaamt. Ditmaal staat Clooney echter zelf achter de camera, zodat hij zijn liefde voor de klassieke cinéma, en de screwball comedy in het bijzonder, kan botvieren. Inspiratie vindt hij logischerwijze bij de films van screwballkeizers als Capra ('It Happened One Night'), Hawks ('His Girl Friday') en Sturges ('Sullivan's Travels'). Inspiratie die zich zowel vertaalt in de algemene opzet van de prent (de wereld van de journalistiek, de strijd der seksen, ...) als in de basis van verscheidene scènes (zie vooral de variant op de 'wall of Jericho' uit 'It Happened One Night'). Het siert Clooney dan ook dat hij voor een louter tussendoortje als 'Leatherheads' een zekere ambitie koestert. Het in sepiatinten badende geheel straalt authenticiteit uit tot in de puntjes, getuige de vintage ogende camerastandpunten en mise-en-scène. Toch kan de kritische kijker niets anders dan vaststellen dat 'Leatherheads' de vinnigheid en hechtheid mist van zijn superieure voorbeelden.
3*
Leave Her to Heaven (1945)
Alternatieve titel: Giftige Lippen
Tierney op jacht
Wanneer Ellen haar zinnen op iets heeft gezet, zal ze haar doel nimmer uit het oog verliezen en er als een koppige geit, meedogenloos zijnde voor alles en iedereen, op afstevenen.
Gezien vanuit de gedetailleerde uitwerking van het personage van een fenomenale Gene Tierney, schuilt in 'Leave Her to Heaven' wel degelijk een film-noir. Ellen is een femme fatale in de letterlijk en figuurlijke zin van het woord: obsessies en verlangens domineren haar leven, alsook de onvermijdelijke sporen van het verleden, die dan weer haar toekomst zullen tekenen. Het thema 'jaloezie' wordt daarbij grondig ontleed en neemt bij momenten macabere proporties aan.
Daarbovenop gaat 'Leave Her to Heaven' ook door als een typisch melodrama, al weet de prent op dat vlak zelden te overtuigen. In de eerste plaats vanwege een gebrekkige en oppervlakkige uitwerking van de overige personages (wat weten we nu eigenlijk echt over hen...?). En ten slotte vanwege het bijna kitscherige gebruik van technicolor, dat ergens lijkt te contrasteren met de donkere 'psychologie', maar nooit verdere diepte geeft aan de personages en het centrale gebeuren.
Weinig onderhuidse spanningen en een onduidelijke koers aangaande het genre waaronder men zich wenst te plaatsen, maken van 'Leave Her To Heaven' een sloom en onzeker geheel, waarin Gene Tierney en haar sterk uitgediepte personage het enige noemenswaardige zijn.
Bij aanvang een bescheiden 3*, maar bovenstaande recensie verplicht me tot het geven van 2.5*...
León, La (2007)
Het relatief jonge filmland Argentinië heeft met Santiago Otheguy ongetwijfeld een kwalitatief vruchtbare regisseur gebaard. Zijn debuut getuigt alvast van een bijzondere aandacht voor psychologische diepgang en een gezonde neus voor hedendaagse technieken. De keuze voor High Definition resulteert namelijk in een kraaknette en glasheldere fotografie die, naast een fabuleus schaduwspel van zwartgrijze tinten, evenzeer bijdraagt tot het vormgeven van de innerlijke motiveringen en emoties van de verscheidene personages. Het labyrint van rivieren en stroompjes is op die manier een grimmige metafoor voor het verdoken leven van een groep eilandbewoners. Normen en waarden zijn ook hier aan de orde, en dat het zal het centrale personage Alvaro geweten hebben. Zijn opvallende interesse voor literatuur én zijn homoseksuele geaardheid worden door El Turu, een hoogst éénzijdige man die zich wenst te profileren als leider van het eiland, gezien als een interne bedreiging. 'La León' herbergt vervolgens een intens emotionele spanning, maar evenzeer een bijzonder realistische reflectie op grote schaal. De wereld heden ten dage, is een wereld waar zaken als homoseksualiteit en algemeen onbegrip nog steeds moeilijk hun plaats vinden.
3.5* ...maar dit psychologisch fascinerende 'schouwspel' wil ik absoluut herzien, en een verhoging sluit ik dan ook absoluut niet uit.
Letzte Rache, Die (1982)
Alternatieve titel: The Last Revenge
Als expressionistisch en theatraal curiosum (de grens met het theater is minuscuul en verwaarloosbaar) heeft 'Die Letzte Rache' te kampen met een te koldereske sfeerschepping en het onevenwichtige vormexperiment an sich. Met als gevolg dat de potentiële hypnotiserende kracht geen vrijgeleide krijgt om de kijker te overdonderen.
1.5*
Life Less Ordinary, A (1997)
Als een frisse wind baant Boyle zich al meer dan een decennium lang eigenzinnig een weg doorheen het filmlandschap, een houding waarmee hij me reeds tweemaal wist te verrassen én overdonderen ('Sunshine' en '28 Days Later'). 'A Life Less Ordinary' draagt aanvankelijk evenveel potentieel met zich mee: een hippe, gitzwarte en bovenal frisse variant op de klassieke formule van de romantische komedie. Doorgaans benut Boyle dat potentieel zondermeer (Boyle's muziekkeuze wist ook mij andermaal te bekoren), maar tegelijk is 'A Life Less Ordinary' te incoherent om de volle speelduur te kunnen overtuigen en amuseren. De charmante chaos in de situaties hoeft zich namelijk niet te vertalen in een chaotische structuur.
2.5*
Lin Shi Rong (1979)
Alternatieve titel: The Magnificent Butcher
Afgezien van het halfslachtige 'Enter the Dragon', was 'Magnificent Butcher' mijn ware introductie tot het martial arts genre. En de introductie was op zijn minst gezegd bijzonder geslaagd. De kenmerkende esthetiek (widescreen, hand-held, groothoeklens, zoomlens, ...) verleent heel wat dynamiek, flair en stijl aan het geheel, en dat komt de bijwijlen fabuleuze en ingenieuze choreografie absoluut ten goede. Ten slotte weven de makers een uiterst charmante vorm van cartooneske slapstick doorheen het geheel, waardoor de draagkracht van 'Magnificent Butcher' geen moment wordt verstoord. Slotconclusie: ik heb honger naar meer...
3.5*
Linkeroever (2008)
Alternatieve titel: Left Bank
Het mysterie Linkeroever
Het werd al vaker verkondigd, maar de Belgische cinéma, en meer specifiek de Vlaamse cinéma, is aan een vruchtbare opmars bezig. We worden weliswaar nog met 'mondjesmaat' verwend, maar de voorbode is in elk geval veelbelovend. En tot die voorbode behoren zondermeer de gebroeders Karakatsanis, die met 'Linkeroever' bevestigen én laten zien dat 'Small Gods' allesbehalve een toevalstreffer was.
Hoewel ze beide niet te boek staan als regisseur, wel als cinematograaf en scenarist, is hun bijdrage onmisbaar en essentieel voor de uitkomst van deze prent. De stilistische lijn wordt grotendeels doorgetrokken, maar ditmaal vergezeld van een meer efficiënte opbouw en een meer overtuigende psychologie.
De stilistische lijn die vanuit 'Small Gods' wordt doorgetrokken, vertaalt en reflecteert zich in het algemene uiterlijk van de prent. De fotografie herbergt namelijk een zekere mystiek en unheimlichkeit, waardoor de angst voor het onbekende en bovennatuurlijke efficiënt wordt versterkt en uitvergroot.
Een angst die overigens verder tot uiting komt via de ingenieuze integratie van oude volksverhalen, Keltische mythen en een folkloristische geschiedenis die Linkeroever al sinds jaar en dag met zich meedraagt. Op die manier roept 'Linkeroever' ook enigszins herinneringen op aan de occulte prenten uit de jaren '70.
Inhoudelijk stelt 'Linkeroever' evenmin teleur. Naast het intrigerende spel met de geschiedenis van Linkeroever, worden we geconfronteerd met de vervreemding van een vastberaden, jonge vrouw, die gaandeweg haar rede verliest en geen onderscheid meer kan maken tussen fictie en werkelijkheid, tussen droom en realiteit.
Vanuit deze stelling kom ik automatisch terecht bij de twee hoofdpersonages en hun respectievelijke vertolkingen. Eline Kuppens acteert bijzonder naturel, terwijl Matthias Schoenaerts met veel panache en een zekere nonchalance de pannen van het dak speelt. Hun onderlinge seksscènes worden overigens bijzonder natuurlijk geënsceneerd en met een dienende functie benaderd.
De nieuwe Vlaamse garde (de gebroeders Karakatsanis, Pieter van Hees en Felix van Groeningen), authentiek als ze is, komt als een geschenk van God. Van Hees' vervolgfilms uit de trilogie 'Anatomie van Liefde en Pijn', namelijk 'A Dirty Mind' en 'A Love Supreme', scheppen dan ook hoge verwachtingen; evenals van Groeningens 'De Helaasheid der dingen'.
4*
Little Children (2006)
Hoezeer Todd Field met 'Little Children' zijn eigen pad kiest, de vergelijking met het superieure en ongenaakbare 'American Beauty' en het eveneens meer dan verdienstelijke 'The Ice Storm' kan hij niet uit de weg gaan. Field lijkt de literaire basis schijnbaar te willen bewaren, met als gevolg dat de kijker geen duidelijk oog krijgt op de gedachtegang van de Amerikaanse suburbane middenklasser, die van schijn een hobby maakt. De afwisselend treffende en overbodige voice-over is daar ongetwijfeld ook een erfenis van. En hoewel er enig cynisme in de voice-over schuilt, komt datzelfde cynisme elders onvoldoende naar de voorgrond. Tenzij in de observerende en haast meditatieve mise-en-scène, waarmee 'Little Children' de kijker immer bij de pinken houdt.
De als een tragedie vermomde mozaïekvertelling laat zijn nevenpersonages bovendien te vaak in de steek en vindt zelden een correct evenwicht tussen zijn hoofdpersonages. Naar het einde toe valt dan ook op dat Field slechts een kunstmatige en overhaaste aansluiting maakt tussen diezelfde protagonisten.
De opvallende oppervlakkigheid (lees: karikaturale uitbeelding) van het gros van de personages en de enigszins ongelukkige omgang met de centrale thematiek zijn eveneens een weinig welgekomen smet op het geheel. Ongelukkig overigens, omdat Field de thematiek omtrent het 'ontsnappen aan de banaliteit van het leven' nogal eenvoudig uit de doeken doet in één enkele scène (de bijeenkomst voor en interpretatie van Madame Bovary) en zodoende weinig aan de verbeelding overlaat.
3*
Live Free or Die Hard (2007)
Alternatieve titel: Die Hard 4.0
Zoals de titel suggereert speelt de nieuwste Die Hard direct in op de hedendaagse invloed van het internet op het dagelijkse leven. Ook het icoon van de old school garde John McClane ondergaat als het ware deze verandering. Hij haalt er zelden tot nooit voordeel uit en is niet langer een certitude voor scherpe humor en bot cynisme. De aloude, compromisloze feeling, die zelfs in deel twee en drie aanwezig was, is van het scherm verdwenen. In plaats daarvan bederft een amalgaam van technische snufjes en een ongezonde grootheidswaanzin de pret. Aan het einde van de rit blijkt Die Hard 4.0 te veel hooi op zijn vork genomen hebben. Een simpele terugkeer naar de oude formule had de reeks meer deugd gedaan, maar niets is minder waar.
2*
Loft (2008)
Geen enkele Belgische productie, zelfs het wisselvallige ‘Ben X’ niet, genoot wellicht meer aandacht en promotie dan ‘Loft’. En dus kon ook ik niet ontsnappen aan Vlaanderens nieuwste prestigeproject. Enige verwachtingen waren er vooraf enigszins, maar die waren louter bestemd voor de visuele vormgeving van de prent. Die verwachtingen werden uiteindelijk ruimschoots ingelost, al wist de tandem Van Looy-De Pauw onst tot een bepaald moment ook te overtuigen van een intrigerende en efficiënte verweven semi-tragedie omtrent vriendschap, overspel en bedrog.
In een prestigeproject als ‘Loft’ kan een prestigieuze ensemblecast haast niet uitblijven, en dus is het gros van Vlaanderens bekendste en gepolijste ook aanwezig. Toch zijn het de minder bekende verschijningen, met een robuuste en charismatische Mathias Schoenaerts voorop, die ‘Loft’ alsnog een degelijke acteerbasis opleveren.
De visuele en structuurmatige knipoog van Van Looy naar Hollywood is overduidelijk, maar met dergelijke flair en oog voor decors overgenomen en toegepast, dat we geen reden tot klagen hebben. Zo komt visueel grootmeester Michael Mann (Miami Vice) meermaals om de hoek kijken, getuige het veelvuldig gebruik van subtiele kleuraccenten en architecturale motieven. Verfijnde composities moet je van Van Looy echter niet verwachten, omdat hij bij tijd en wijlen nog te veel steunt op een betekenisloze zweverige camera en andere overbodige stijldada’s.
Inzake structurele inspiraties komt Van Looy, en De Pauw in het bijzonder, er in elk geval minder positief van af. De centrale intrige houdt gedurende lange tijd stand, maar vervalt naar het einde toe in een opeenstapeling van plotwendingen die geheel niets ter zaken doen en het verhaal alleen maar onnodig uitrekken.
3*
Lola Rennt (1998)
Alternatieve titel: Run Lola Run
Jeugdig enthousiasme, het is een doorgaans moeilijk te handhaven mes dat aan twee kanten snijdt. Zo ook in de handen van Tom Twyker. Lola Rennt is in vele opzichten namelijk een originele en opvallend compacte prent, maar eveneens een onderneming die nog de nodige verfijning en het nodige smoelwerk ontbeert. Genietbaar zondermeer, maar zelden zo beklijvend en overdonderend als de audiovisueel gedreven tempobeulen Tetsuo en Natural Born Killers.
De originaliteit van Lola Rennt ontspruit uit het handig aanwenden van de wet van Murphy: wat mis kan gaan, gaat ook degelijk mis, en meer dan eens. Binnen het eeuwige kader van tijd en ruimte wordt vervolgens duidelijk dat de levensloop afhankelijk kan zijn van minieme veranderingen in actie en gedrag. Het domino-effect komt dan ook meermaals gretig om de hoek kijken. Fotoreeksen tonen op droge wijze aan dat het lot iemand even gemakkelijk goed als slecht gezind kan zijn. Bij momenten geeft Twyker verscheidene situaties echter te gemakkelijk en toevallig vorm naar het gemak van het plot. Niet dat realisme relevant is binnen het gegeven van Lola Rennt, maar de bewuste omgang met de structurele wetmatigheden bot de originaliteit enigszins af.
Wel relevant voor het welslagen van deze prent is het correct afstemmen van de in dit geval ritmisch gedreven technosoundtrack. In plaats van de muziek te laten rijmen met de montage en zodoende een werkelijk vinnige ervaring op poten te zetten, maakt Twyker immers de fout het muzikale te koppelen aan het emotionele en situationele. De muzikale tonen lenen zich daar in de eerste plaats niet toe en bovendien zijn ze doorgaans niet voldoende parallel met diezelfde emoties en situaties.
3*
Lucky You (2007)
Curtis Hanson is zonder meer geen ééndagsvlieg, maar de filmische bravoure die hij in 'L.A. Confidential' tentoonspreidde blijft van een ongenaakbare orde.
Desondanks is 'Lucky You' een aardige toevoeging aan diens oeuvre. Op fijnzinnige wijze verweeft Hanson het pokergegeven met het drama, met als resultaat een universele gokthematiek (zowel in de liefde als in het spel...) en enkele rake met pokertermen doorspekte dialogen.
Het geheel mist uiteindelijk een nadrukkelijke stijl (de pokerwedstrijden verdienen meer schwung, net als de stad Las Vegas meer aandacht verdient), maar wordt wel met finesse en een overwogen gevoel in beeld gebracht.
Voor het overige kan Hanson beschikken over een aardig presterende cast, met het vader-zoon spel van Duvall en Bana voorop. Al weet Barrymore, op verrassend ingetogen wijze, evenzeer te charmeren.
3* ...een kleine flush of iets dergelijks. 
