• 15.742 nieuwsartikelen
  • 177.914 films
  • 12.203 series
  • 33.971 seizoenen
  • 646.886 acteurs
  • 198.965 gebruikers
  • 9.370.139 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten Mr_Mephisto als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Hannah and Her Sisters (1986)

Een typische, en aan de andere kant atypische Allen-film, omdat hij zijn gekende neuroses en angsten nu op enkele vrouwen projecteert. Elk personage is een interessant karakter op zich, en dat is in een film waar de nadruk op dialoog ligt een verdienste. De sfeer is over het algemeen laid-back: het drama komt wel om de hoek kijken maar gaat niet over in pathetiek. Dat zou pas atypisch Allen zijn. Michael Caine krijgt een extra vermelding voor zijn rol. Een van Allens beste.

Harry Potter and the Chamber of Secrets (2002)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Geheime Kamer

Herziening.

En meteen een verbetering ten opzichte van deel 1. Het verhaal vormt een coherenter geheel en de acteurs zijn gegroeid in hun rol. Iemand zoals Rickman viel in de vorige film nog op als een karikatuur van de Snape in het boek, maar vindt deze keer de juiste toon. Radcliffe heeft de nodige groeispurt gehad; hij steekt echter nog af bij beginnende puber Tom Felton. Terwijl Watson de oer-Britse 'theaterdegelijkheid' nog niet van zich kan afwerpen, is Grint gewoon vermakelijk goed. En hoe tragisch ook het overlijden Harris is, zijn vertolking van Dumbledore haalt het niet bij de droge joligheid van Gambon.

De CGI doet iets minder pijn aan de ogen, hoewel Dobby op dat vlak op het randje zit. De gedetailleerde aankleding zorgt ervoor dat Hogwarts beter uit de verf komt. Daarnaast is de muziek niet meer zo bombastisch, wat het overdreven sentiment drukt. Op het einde haalt Columbus wél alles uit de kast: totaal onnodig en haast gênant.

Wellicht is het grootste minpunt van de Columbus-films dat de regisseur te veel tell and te weinig show hanteert. Dat zorgt soms voor pijnlijke stiltes en onnatuurlijke overgangen. Al bij al echter is The Chamber of Secrets een amusantere kijkervaring dan zijn voorganger.

Harry Potter and the Deathly Hallows: Part 1 (2010)

Alternatieve titel: The Deathly Hallows

Herziening.

Ik ben nooit een tegenstander geweest van de splitsing van het laatste boek in twee films. Liever je tijd nemen om het verhaal te tonen dan alles nietszeggend af te haspelen. Maar er scheelt soms iets met het tempo in Deathly Hallows: Part 1. De scènes in het Ministerie, Godric's Hollow en Malfoy Manor zijn de met actie en spanning gevulde hoogtepunten. Tussendoor durft de film als een pudding ineen te zakken. Vooral het deel zonder Ron voelt onnodig langdradig aan. Dat kunnen de nochtans mooie beelden van het Britse eiland niet verhelpen.

Het verhaal over de Deathly Hallows, zoals voorgelezen door Hermione bij Xenophilius Lovegood, is dan weer een goede zet en een prettige afwisseling: mooi getekend, en je houdt het hoofd er weer bij.

Er valt wel iets voor de sfeer te zeggen. Al van in het begin merk je dat de tovenaarswereld in duisternis is gehuld. Het statige Malfoy Manor, het aftandse huis van Bathilda Bagshot, de Dementors in het Ministerie, zelfs een detail als Kingsley Shacklebolts onheilspellende bericht op het huwelijk van Bill en Fleur: duidelijke getuigen daarvan.

Fijn om Dobby weer te zien, alleen jammer dat zijn snelle verscheiden door lange afwezigheid zo geforceerd lijkt. Dat maakt het niet minder treurig, natuurlijk.

Er valt genoeg te beleven in Part 1, maar soms ook te weinig. De balans slaat uit richting: gemiddeld.

Harry Potter and the Goblet of Fire (2005)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Vuurbeker

Herziening.

Weer een stapje terug naar af, want het hele Triwizard Tournament moet in één film gepropt worden. Daarbij verliest de regisseur belangrijke nuances uit het oog en gaat er te veel schermtijd aan bijzaken verloren. Zo krijgt het gedoe over het Yule Ball meer aandacht dan pakweg de plotse dood van Barty Crouch sr. of zelfs de finale van het WK Quidditch. Een en ander blijft voor de minder 'geleerde' Harry Potter-fan onduidelijk, maar de diehard wil die essentiële momenten ook verfilmd zien. Daarom is de afwezigheid van Dobby zo'n gemis.

Het Tournament biedt wel een goede afwisseling op het traditionele schooljaar, en omdat de CGI er elk jaar op vooruit gaat, krijgen we een paar spectaculaire scènes te zien. Alleen blijf je tijdens de laatste opdracht wéér op je honger zitten, want een letterlijke adaptatie van het boek had een extra grote dosis magie opgeleverd. De doolhofscène voelt daarom als een noodzakelijk opstapje voor de finale, die niet minder verbluffend is.

Hoewel Gambon in de vorige film een puike vervanger voor de rol van Dumbledore was, houdt hij in dit deel constant een nerveuze en agressieve toon aan. Zeer on-Dumbledoreachtig, en dat valt toch op het conto van de regie te schrijven. Brendan Gleeson is dan wel weer keurig gecast als Mad-Eye. De prestaties van de drie hoofdpersonages blijven wat oppervlakkig. Watson groeit, Grint levert een portie puberaal gedrag in plaats van komedie, Radcliffe blijft een beetje awkward.

Kortom, een paar gemiste kansen. Het had nog duisterder, magischer en mysterieuzer kunnen zijn.

Harry Potter and the Half-Blood Prince (2009)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Halfbloed Prins

Herziening.

Net als The Goblet of Fire heeft The Half-Blood Prince het moeilijk om de balans tussen essentie en bijzaak te vinden. Daarom staat de film ook wel bekend als 'die met de liefdesrelaties'. En inderdaad, opeens heeft iedereen door dat Hogwarts een gemengde school is. Terwijl Hermione een irritante mede-Gryffindor van zich moet afhouden, Harry interesse in Ginny toont en Ron druk met Lavender zoent, komen we als kijker niet zó veel over Voldemorts verleden te weten. Alleen de tweede herinnering die Dumbledore aan Harry toont, moet de film voortstuwen.

Die intellectuele leegte vult de regisseur op met de Death Eater-aanval tijdens Kerst op The Burrow . Die gebeurtenis is voorbij voor je het weet en slaat helemaal nergens op, zeker al omdat er achteraf geen aandacht meer aan besteed wordt. Zo'n schrale inhoud staat in contrast met de cinematografie, waarmee het wel snor zit. Door bijzonder beeldgebruik en knappe decors is The Half-Blood Prince (ondanks de voorgaande bedenkingen) een mooie film.

Bovendien draagt de cast van oudsher zijn steentje bij. Nieuwkomer Jim Broadbent speelt een geloofwaardige Horace Slughorn; Tom Felton toont al van in het begin aan dat hij naast Daniel Radcliffe de betere acteur is (hoewel Felton in de rol van Potter wellicht niet tot zijn recht zou komen); Alan Rickman vindt als nooit tevoren de juiste (Snape-)toon.

Het einde is spannend, indrukwekkend en hartverscheurend, alleen jammer dat we daar lang op moeten wachten.

Harry Potter and the Order of the Phoenix (2007)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Orde van de Feniks

Herziening.

Waar Mike Newell weer even de traditionele toer opging, kiest David Yates voor een filmische aanpak. Hij laat de beelden spreken: de overgangen met de magische kranten zijn daarvan een mooi voorbeeld. En het moet vooruitgaan, blijkbaar. Op die manier wordt het dikste boek de kortste film. Misschien wringt daar wel het schoentje. De regisseur vindt soms van de pot gerukte oplossingen voor zijn zelfgemaakte problemen. Het was natuurlijk Cho Chang die Dumbledore's Army had verraden, want haar korte (en nietszeggende) relatie met Harry moet gauw weer beëindigd worden. Wanneer later bljkt dat ze toevallig Veritaserum moest drinken, voelt dat als een goedkope compensatie. Zulke ingrepen tonen weer aan hoezeer de afwezigheid van Dobby een grove fout was.

De film heeft wel een doel voor ogen. De kijker krijgt op korte tijd alle essentiële dilemma's voorgeschoteld. Dat mondt uit in een van de beste én meest magische stukken uit de hele reeks. Het hoofdstuk in het Ministerie bouwt op van mysterieus over spannend tot aangrijpend - de perfecte finale.

Zoals altijd is de casting meer dan geslaagd. Imelda Staunton vertolkt een zeer goede (en dus irritante) Dolores Umbridge, inclusief hoog lachje. Watson heeft stappen gezet; Grint stelt nooit teleur; Radcliffe doet het degelijk, maar hapert soms nog op een vreemde manier. Matthew Lewis en Evanna Lynch krijgen een speciale vermelding: de ene doet Neville Longbottom langzaamaan ontluiken, de andere lijkt geboren voor de rol van rare Luna.

Dat de beelden primeren, de film niet in onnodige zijplotjes investeert en de cast het geheel immer goed draagt, maken van Order of the Phoenix een van de betere verfilmingen.

Harry Potter and the Prisoner of Azkaban (2004)

Alternatieve titel: Harry Potter en de Gevangene van Azkaban

Herziening.

Meteen wordt de verfrissende invulling duidelijk, want het klassieke we-verfilmen-letterlijk-een-boek gooit Cuarón overboord. Dat leidt tot een film die vooral film wil zijn; die de essentie bewaart maar ook logisch aaneenhangt.

Ook het acteerwerk heeft een oplapbeurt gekregen. Bijvoorbeeld met Michael Gambon, die een kwieke en jolig wijze Dumbledore speelt. Radcliffe is eindelijk zijn kindertandjes kwijt, maar vooral Watson schudt het schoolse toontje van zich af en bloeit helemaal open. Daarnaast wordt de cast aangevuld met toppers als Oldman, Thewlis en zelfs Thompson. Kortom, een verademing.

Voor het eerst voelt Harry Potter écht duister aan, wat Cuarón al in het begin, maar bovenal op het einde goed teweegbrengt. Dat einde met het tijdreizen lijkt een gemakkelijk extra stukje film, maar is een onontbeerlijke vertaling van Rowlings werk - en bovendien gewoon goed in beeld gebracht.

Om die redenen is The Prisoner of Azkaban voor mij de vreemde eend in de bijt, de titel die er werkelijk uitspringt, en daarom wellicht de beste van de reeks.

Harry Potter and the Sorcerer's Stone (2001)

Alternatieve titel: Harry Potter and the Philosopher's Stone

Herziening.

Columbus slaagt erin om de kijker vlot tot de magische wereld te introduceren, net zoals Harry zelf dat ervaart. Het vervolg gaat echter iets te vlot. De mysterieuze problematiek van de Steen der Wijzen wordt terloops aan de hoofdpersonages voorgeschoteld. Terwijl de film van de hak op de tak springt, vliegt er een schooljaar voorbij en komt de afloop uit het niets.

Bovendien doet de CGI vaak pijn aan de ogen. Zo'n scène met de trol is dus niet alleen lelijk vanwege dat ontzaglijke monster. Er ontbreekt ook iets te veel 'echte' magie om dat euvel op te lossen.

Hoe fijn het ook is om de jonge kindacteurs bezig te zien, Radcliffe loopt er nog wat onbeholpen bij en Watson lijdt aan een zware stiff upper lip. Alleen Rupert Grint toont met het betere smoelenwerk tekenen van zijn toekomstige, komische talent. De rest van de cast is op ouderwetse wijze degelijk.

Al bij al is The Sorcerer's Stone een brok nostalgie, maar ook de zwakste schakel uit de Harry Potter-reeks.

Help! (1965)

Herziening na vijf jaar.
Dat de muziek tijdloos en van zeer hoog niveau is, staat buiten kijf. De muzikale interludia zijn, zoals Zinema eerder aanhaalde, gewoon geslaagde videoclips.
Maar daarmee maak je nog geen goede film. Het verhaal is vergezocht en de achtervolging van The Beatles door de cultus én de wetenschapper wordt na een tijdje irritant. De grappendichtheid is daarbij ook te laag. Had men The Beatles meer vrijheid gegeven om zich met hun typisch droge humor uit te leven, in plaats van ze in het keurslijf van een achtervolgingsplot te dwingen, dan was het resultaat wellicht beter geweest. De absurde, Monty Python-achtige toetsen zijn immers merkbaar (dat intermezzo!).
Arme Beatles.

History of Violence, A (2005)

Het verhaal is aantrekkelijk maar daar wordt weinig mee gedaan. Hoewel Mortensen een goede rol neerzet en geleidelijk aan de waanzin laat spreken uit zijn ogen, valt de rest van de cast uit de boot. Ed Harris is nog een uitzondering.

Het is ook niet duidelijk waarom in het begin Toms zoon in de schijnwerpers staat. Gaat hij misschien dezelfde kant op als zijn vader? Maar doet het er toe?

Aan het einde wordt weinig duidelijk over Toms history. De kijker blijft op z'n honger zitten. Tevens heeft deze film totaal geen vaart. De dreiging neemt soms toe... maar valt dan meteen weer weg. Enkele nutteloze scènes dragen daar ook tot bij.

Alleen te bekijken voor enige, toch goed in beeld gebrachte gewelddaden.

Daar blijft het bij.

House That Jack Built, The (2018)

Gestoorde, maar mooi in beeld gebrachte film die de psyche van de seriemoordenaar verkent. Vooral de scènes over Jacks OCD brengen de mentale spanning van het hoofdpersonage over bij de kijker, en contrasteren treffend met zijn gruwelijke gedrag. De filosofische intermezzo's vormen aanvankelijk een boeiende aanvulling op het hoofdverhaal, maar zorgen door iets te veel freewheelen voor een stijlbreuk die het tempo eruit haalt. De speelduur is dan ook het grootste probleem: al te vaak kijk je uit naar het einde, een beetje zoals Jacks weerloze slachtoffers. Het magistrale en infernale einde laat het vuur echter nog een laatste keer opflakkeren.