• 15.735 nieuwsartikelen
  • 177.886 films
  • 12.199 series
  • 33.965 seizoenen
  • 646.802 acteurs
  • 198.946 gebruikers
  • 9.369.636 stemmen
Avatar
 

Meningen

Hier kun je zien welke berichten yeyo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Vénus à la Fourrure, La (2013)

Alternatieve titel: Venus in Fur

Ik zal dan maar de spits afbijten zeker? Al kan ik niet beloven iets zinnigs te melden. Hou er rekening mee dat ik met Polanski een liefde-haat verhouding heb, die de laatste jaren nogal zwaar naar het overwegend negatieve doorweegt. Sterker nog, in mijn ogen dateert zijn laatste écht goeie film van Le Locataire.

Net als in Bitter Moon en Death and the Maiden (die samen met deze film een soort trilogie van groteske parodieën van Who's Afraid of Virginia Woolf vormen) wil Polanski het thema onderwerping met een knipoog brengen, maar ontaardt het al gauw in een potsierlijke klucht. De strijd tussen de seksen (wat ook het verder amusante Carnage de das omdeed) staat ook weer centraal en Polanski-die met het ouder worden steeds meer genoegen lijkt te nemen met oppervlakkige clichés-trakteert ons op een eindeloze reeks aan afgezaagde mopjes en voorspelbare innuendo's. De relatie regisseur-leading lady ligt de man nochtans nauw aan het hart en dit is misschien zelfs zijn meest autobiografische film: het is daarom des te bedroevender dat hij blijft steken in een belegen gedachtengang van freudianisme, onderdrukte verlangens van het o zo hypocriete burgerlijke leventje en het 'complexe' contrast tussen het langs de ene kant zogezegd een sterke vrouw willen, maar haar toch louter als seksobject behandelen. Als we door deze film iets bijleren over de figuur Roman Polanski, ben ik alleszins blij dat ik Chinatown, Rosemary's Baby, Knife in the Water etc.. al eerder zag: anders zou ik denken dat we met een absolute nobody te maken hebben.

Verdens Verste Menneske (2021)

Alternatieve titel: The Worst Person in the World

Zijn thirty something personages in beeld brengen met de gesofisticeerde warmte van een herfstgloed en dan warempel nog 'The Way you Look Tonight' spelen? Zo schept Triet inderdaad wel Woody Allen-verwachtingen. Waar Allen echter begrijpt dat bespiegelingen over 'relaties' enkel interessant zijn in het kader van navelstaarderij en een potje ouderwetse 'male gazing', filmt Triet met een ergerlijke hedendaagsheid. Passend binnen de geëmasculeerde tijdsgeest, lijkt hij oprecht geïnteresseerd in relatieperikelen en hoopt met knipoogjes te appelleren naar herkenbare, universele overgangsrituelen, zoals de verplichte vrijpartij na een breuk. Wie heeft er wat aan dit soort gezwelg in banale middelmatigheid? Of dan dat afschuwelijke momentje waar Julie en haar love interest de grenzen van overspel aftasten. Echt het soort zelfgenoegzame Friends-humor die reeds een hele generatie verknalde en bovendien de ondergang van het Westen inluidde. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de mannen in dit universum allemaal dezelfde pseudo-sarcastische couch potato's zijn, een beetje don juanisme is ver zoek. Julie zelf heeft een fris koppie, maar haar schoonheid is vergankelijk en een al even lege façade als de film zelf. Het verloop is vrij onderhoudend, maar veel te lang uitgesponnen en met een lijzig ritme - wat nogmaals aantoont dat cinematografisch achtergestelde landen als Noorwegen best geen films produceren. Geef het budget gewoon aan 86-jarige Woody Allen, die schudt zonder probleem een compacte Oslo-friandise uit zijn mouw.

Vérité, La (2019)

Alternatieve titel: The Truth

Sacrebleu, wat ben ik in mijn nopjes dat Koreeda de geneugten van het Franse bourgeois praatdrama heeft ontdekt! Juliette Binoche, kolonisator van de arthouse cinema, is een ware kruistocht bezig tegen de auteurs van de derde wereld. Na Kiarostami en Hou, gaat nu ook Koreeda voor de bijl. En dan kunnen jullie allemaal wel komen beweren dat dit Koreeda grand koru is, want het gaat over familiebanden en er zijn sterke kinderrollen, maar ik daag elke beunhaas uit om mij te verduidelijken in welke mate deze film verschilt van pakweg Le Voyage du Ballon Rouge. Laten we wel wezen, Juliette Binoche is gewoon de auteur van deze film. Dat La Vérité meta zou zijn, omdat Deneuve een beetje met haar eigen persona lacht en zo, is larie, dat doet ze immers altijd. Wat ik pas echt meta zou vinden, is een docufictie waar we zien hoe de tournage van een dergelijke Binoche / uitheemse Cannescoryfee filmer combo in zijn werk gaat. Ik beeld me een bedeesde Aziaat in, die heel minzaam knikt telkens wanneer Binoche weer maar eens in een opvlieging een aanpassing aan het scenario voorstelt omdat ze iets bedacht dat sympa of chouette of misschien zelfs rigolo zou zijn. En toegeven, rigolo is het allemaal wel. De generatiekloof tussen Deneuve en Binoche is lollig weergegeven, de eerste nostalgisch naar het Frankrijk van weleer, de andere een prototype van de hippe, Engelssprekende mondiale elite in the age of Macron. De minachting van Deneuve voor het nieuwe, multiculturele Frankrijk druipt eraf, met name de scene waar ze met veel dedain in een desolaat Chinees restaurant over de ondergang van haar fiere natiestaat reflecteert. Ook Ethan Hawke vond ik verrassend sterk, in een moment van zeldzame zelfrelativering bereikt hij Tom Skerrit-hoogtes qua briljante zieligheid. Genoeg gelachen! Ik ben alvast benieuwd waar le voyage de la matrone rouge ons nog zal leiden: Chang-dong Lee, Gan Bi en Xiaoshuai Wang, wees gewaarschuwd!

Verloren Maandag (1974)

Alternatieve titel: Way-out

Ha, wat zou ik graag als Pool arriveren in het Antwerps Statiekwartier van de jaren '70, er verwelkomd worden door de verloren zielen van de Statiestraat, daar aldaar anno nu nog steeds aanwezig en voorts mijzelf verliezen in een nagenoeg comateuze alcoholroes, veelal gestuwd door een eigenzinnige mix van gin en witte wijn. Die combo kende ik nog niet, in de Wacamba Bar op 8th Avenue beperk ik mij meestal tot een Budweiser en een shot Jameson. We lopen er een jonge Jan Decleir tegen het lijf, in een vroege rol. Oud-koloniaal bij wie je met gemak een mes kunt matsen. Het heeft iets absurdistisch, de queeste van het hoofdpersonage, die hoegenaamd geen enkele poging onderneemt om zijn geliefde Lena terug te vinden, met uitzondering af en toe eens stomdronken een autobus achternazitten op een chaotisch kruispunt of een willekeurige pooier neersteken. Zijn zoektocht is inderdaad obesssief en maniakaal. Bestaan vrouwen eigenlijk echt of zijn ze gewoon ingebeelde projecties van mannelijke razernij? De vroege jaren '70 zijn proefbaar in dit vergeten Vlaamse werkje, er heerst een sfeer van totale uitzichtloosheid en no future. Nietsontziend gitaargeweld op de soundtrack. Ik ontwaarde een zelfde vibe in 'Les Tueurs Fous', eveneens recent ter herontdekking te bewonderen. Stilletjesaan denk ik dat we opnieuw in zo'n tijdperk aanbeland zijn. Pokkeherrie!

Vi Är Bäst! (2013)

Alternatieve titel: We Are the Best!

Het is een fijne knipoog dat Moodysson één van zijn personages in Vi Är Bäst! laat verwijzen naar Ett Anständigt Liv, een beruchte documentaire over de groezelige Stockholmse onderbuik anno 1979 (welgeteld 3 jaar voor Vi Är Bäst! zich afspeelt). De kille kijk op de grootstadsmalaise uit Ett Anständigt Liv staat zowat lijnrecht op het van alle narigheden afgeschermd hinkelpaduniversum van Vi Är Bäst! (denk School of Rock, maar dan zonder het hoge Nickelodeon gehalte) waar drie 13-jarige outsiders (een guitige tomboy met de chaplineske motoriek van Linda Manz in Out of the Blue, een ongemakkelijk meisje dat op Frankie Muniz lijkt en een naar Duitse componisten luisterende Vikingdochter) in opstand komen tegen hun ruimdenkende hipstersouders die spin the bottle spelen, rare bipsfotografende culturo’s te vriend hebben en cheddar onder de kerstboom leggen als ‘ironisch’ geschenk. Moodysson lijkt ergens wel te suggereren dat de Zweedse punkscène, veelal kopieerwerk van de tegen het Tatcheriaans neo-conservatisme gerichte UK82 beweging, qua anti-establishment karakter nogal in een politiek vacuüm terecht kwam in wat Hofstede de meest feminiene maatschappij ter wereld noemt. Het is een discrepantie die zich natuurlijk uitermate goed leent voor de brave speelplaatsrebellie van Vi Är Bäst!, want in tegenstelling tot de gewoonlijke radicale ‘punk’ statements in cinema (de school opblazen in Rock n Roll Highschool, Beverly Hills socialites in spe onteren in Wassup Rockers), blijft het hier beperkt tot onschuldige schelmenstreken (de lange arische lokken van het pillaarbijtertje afknippen, frietjes bedelen in de snackbar en die achterlijke provincialen van Västerås op stang jagen) die bovendien zonder repercussies blijven. Ondanks zijn wat satirische houding lijkt Moodysson ergens ook wel een lans te breken voor het ‘softe’ Zweedse model: net als landgenoot Ostlund steekt hij de draak met het blind geloof in procedures, een conflictaverse houding gericht op dialoog en de machteloosheid van autoriteitsfiguren wanneer iemand zich niet aan de regeltjes houdt. De scène waar het geruzie om een repetitielokaal op absurde wijze wordt beslecht ("wiens naam staat er op de lijst?”) had zo in De Ofrivilliga kunnen komen, met als enige verschil dat de situatie hier niet escaleert maar zich juist stabiliseert door het uitblijven van repressie. Het is in die sfeer van gemoedelijkheid dat ook het coming of age thema van de film goed tot zijn recht komt. Waar sommige arthouse films suggereren dat meisjes tijdens hun tienerjaren maar wat apathisch langs een zwembadrand liggen te verkommeren, relativeert Moodysson de perikelen van de zogenaamde awkward age: een nakende catfight tussen de meiden wordt al opgelost tijdens de metrorit terug van de gemeenschappelijke crush in kwestie, een verademing in deze conservatieve tijden waar onder de invloed van programma’s als Jersey Shore die hele ‘don't mess with my man’ retoriek het mantra van de brugklas is geworden. Misschien is dat het radicale ‘punk’ statement waarop we zaten te wachten?

Vice (2018)

Moet dit tegenwoordig voor een prestige film doorgaan? Dan hebben de millenials officieel Hollywood overgenomen! Ergelijke infantiele regie, beetje à I, Tonya, met freezeframes, personages die je aanspreken, letters op het scherm en dat soort fantasietjes. De makers zijn dolverliefd op hun eigen lolbroekerij, zo ontaardt de film meermaals in sketches van bedenkelijk allooi: personages die plots Shakespeare scanderen, Cheney en co die hun realpolitik op restaurant beschrijven als gastronomie ("massavernietitingswapens op een bedje van leugens en volksverlakkerij"), de onvermijdelijke fake premature credits en 'gecensureerde' personages met blurred faces (ik wil de lezer er voor de goede orde op attent maken dat de laatste twee 'stijlfiguren' ook gehanteerd werden in Paster van Adil en Arbi en Billal Falah, met dat soort niveau hebben we dus te maken ). Allemaal verteld door een liberal wimp die dood blijkt, even onleuk als de vondst in Sunset Boulevard, maar op de koop toe nog eens onorgineel dus. En hij wordt ineens omvergereden door een wagen, hahaha, net Terrentino, man!. Zoals in I, Tonya gebeurt alles onder een dekmantel van 'empahtie', met agitprop beelden van dode kindjes en zo, maar eigenlijk is de conclusie duidelijk. Het zal de makers worst wezen wat de VS op geopolitiek vlak allemaal uitvreet, zolang zij als verlichte Comedy Central despoten maar lekker met hun vingertje kunnen zwaaien en zich kunnen verkneukelen over de 'domheid' van het Amerikaans electoraat, deplorables die naar Fast and the Furious kijken en dat soort gajes.

Vie comme Ça, La (1978)

Alternatieve titel: Life the Way It Is

Een meanderend trackingshot van Marie Rivière gevolgd door adolescentenkibbel wekt de indruk dat we in een Rohmer film beland zijn (niet voor niets het grote voorbeeld van Brisseau), maar de film veranderd al gauw in een absurdistische satire van het kantoorleven, waar nutteloze bezigheidstherapie de norm lijkt. Bundels papieren zorgvuldig sorteren en dan in de vuilbak kieperen, dat soort dingen. Heel pessimistisch qua toon, aangezien het leven volgens Brisseau (voor laagopgeleide vrouwen althans) bestaat uit: uitgekafferd worden door je baas, in elkaar geklopt worden door je man en het huishouden doen om even je problemen te kunnen vergeten. Wanneer het hoofdpersonage volledig tevergeefs het corrupt bestuur wil aanvechten, komt ze in de rol van verstoteling terecht à la Mouchette(het hoofdpersonage ontfermt zich nota bene ook als de Maagd Maria over een verkrachter-al blijkt dat itt Bresson's film hier best een lieverdje te zijn). De opflakkeringen van geluk zijn hier van bijzonder korte duur. Brisseau had het gevoel van spiritualiteit waar zijn meest geteisterde personages zich meestal kunnen aan op trekken hier duidelijk nog niet omarmt. Wat wil je ook in die grauwe jaren '70. Het is somberheid troef. De mistroostige setting helpt al evenmin: het Parijse banlieue wordt voorgesteld als een oord van verderf waar een kadaver op straat nauwelijks indruk maakt op de passanten. Zwarte humor is er wel, maar het voelt allemaal een beetje wrang aan.

Vie d'Adèle, La (2013)

Alternatieve titel: Blue Is the Warmest Color

Begint als een typisch teenage angst verhaaltje over een meisje dat 'gewoon een beetje in de war is'. Sommige cinematografische keuzes vond ik ietwat bedenkelijk, zoals dat we in het eerste halfuur tot viermaal toe het hoofdpersonage luid smakkend voor de camera zien. Wat is ze toch aandoenlijk onbeholpen. Ook het contrast tussen de twee werelden van de meisjes vond ik heel karikaturaal, met de obligate sneer naar kleinburgerlijke ouders die enkel aan 'toekomstmogelijkheden' kunnen denken en artistieke levensdoelen niet aanmoedigen. Ik zie de Lena Dunham-volgelingen zich al verkneukelen. Hoewel ik het eens ben met de commentaren dat Exarchopoulos net niet sterk genoeg is om de transformatie van tiener naar jongvolwassene door te maken, vond ik de film naar het einde toe niettemin steeds beter worden, met name na de breuk. Alsof de filmstijl mee 'volwassen' wordt: plots zien we vooral losse fragmenten waarvan je niet de indruk hebt dat ze, in tegenstelling de eerste 90 minuten, dienen om een plot op te bouwen. Het meandert maar wat voort en de onzekerheden van het hoofdpersonage worden plots heel voelbaar en subtiel. Spijtig dat ik toen al half in slaap lag. Over de seksscènes en de al dan niet nobele bedoelingen van Kechiche zijn er natuurlijk al boeken vol geschreven, maar toch nog even voor de goede orde: die masturbatiescène, gaat dat er echt zo aan toe bij vrouwen? Heftig, luid kreunend op bed te liggen rollenbollen? Ik moet duidelijk eens wat vaker buitenkomen..

Vie pour de Vrai, La (2023)

Alternatieve titel: Life for Real

Ha, een zondagnamiddagfilm in UGC Toison d'Or. Het lenteweer laat zich eindelijk voelen, maar niets zo aangenaam om gezellig te flaneren op de Guldenvlieslaan en dat magnifieke shoppingcenter te huisnummer 8 binnen te duiken. Deze heerlijke tempel van vervlogen weelde, kitsch en commerce, een galérie met retro charme, op en top vintage, anachronistisch én waar de tijd is blijven stilstaan. Je waant je er in een suikerzoete luchtspiegeling uit de seventies, de lucht proeft er zoet, als de heerlijke luchtbel die de Franse publiekscinema is. Een pèche melba gaan eten in Le Trappiste, voor of na de vertoning. Of misschien allebei?

In dergelijk opulent kader kom je niet de nieuwe Apichatpong Weerasethakul of Leos Carax kijken. Begeef je hiervoor eerder naar één van de muffe, naar verschraald Zinnebir ruikende arthouseketen - dat zijn geen bioscopen, maar cultuurhuizen, verdorie! Liefst gaan we voor een gezellige volkskomedie, maar eentje geïnfuseerd met plenty euro's. De winkel moet blijven draaien natuurlijk, de tijden van frugaal boulevardtheater à deux sous liggen lang achter ons! Soms wil je je vanuit zielsloutering gewoon blootstellen aan de vulgaire rijkdom van stinkend rijke Franse megasterren à la Christian Clavier, Kev Adams... of Dany Boon.

Ha, Dany Boon. Geniet geen al te beste reputatie, maar het tij is aan het keren. Na deze film ben ik ervan overtuigd dat hij de nieuwe Bourvil is. Door deze film zal het niet zijn, La Vie pour de Vrai is een box office fiasco. Er bevonden zich bij mijn vertoning ook slechts een tiental luitjes in de zaal. Les absents ont toujours tort. Te lang blijven hangen in Le Trappiste, en nog een tweede pèche melba besteld zeker? Behoorlijk herkenbaar n'empêche.

La Vie pour de Vrai volgt de gekende chti-formule, de boerenkinkel die het voor het eerst in de grote stad moet maken. Natuurlijk is het een eenzijdig soort humor, maar het werkt wel en is behoorlijk herkenbaar - zeker voor wie zich als provinciaal al vaak in Parijs gewaagd heeft. Ik herinner mij nog mijn eerste bezoekjes in Parijs, toen ook ik à la Boon angstig mensen aanklampte in de metrohal en mij tevergeefs een paar elegante schoenen probeerde te kopen. JM Weston's natuurlijk. Ze spanden behoorlijk en ik heb de eerste dagen ook ongemakkelijk als een penguïn rondgetrippeld zoals we Boon in de film zien doen. "Het leer moet zich nog uitzetten" verzekerde de hautaine verkoopster ook mij. Ik kan je bevestigde dat het uitzette, en de schoenen zich knus rond de contouren van mijn voeten nestelden. Nu flaneer ik zo vlot als Rudy Valentino en bezit ik zelfs drie paar.

De film heeft een speelduur van 110 min, wat ik eerlijk gezegd obsceen vind voor een 'simpele' komedie. Uit protest ben ik dan ook maar tien minuten na aanvang de zaal binnengegaan. Er zijn inderdaad momenten dat het tempo dreigt in te zakken, maar het ontwapenende karakter van Boon houdt het dragelijk. Tegen het einde is er dan ook nog een wilde rit doorheen Parijs, goede Franse slapstick capriolen, in de gekende Taxi-traditie.

De film zijn belangrijkste troef is echter de aanwezigheid van Charlotte Gainsbourg, even sprankelend als een pas geopend flesje Perrier van 8,5 EUR op een terras aan Les Invalides en met wie het personage van Boon een ersatz romance beleeft. Gainsbourg, geiler dan ooit, is fenomenaal gecast als losbol en trekt alle registers open. Met een bijna plastische mimiek laat ze al haar inhibities varen, lijkt ze totaal niet begaan met sexy over te komen en is ze desondanks (of net daarom) zo sexy als de neten. Wie zei er weer dat vrouwen niet grappig waren?

Zoals het een geslaagde romantische komedie betaamt, noopt La Vie pour de Vrai de kijker om mee te gaan in de absolute waanzin van de tortelduifjes. Een romance is pas doorleefd wanneer hij alle zinsvermogens aantast, spamsen veroorzaakt en roekeloos gedrag aanmoedigt dat de fysieke integriteit op het spel zet.

In de mooiste scène van de film zien we dit geraffineerde gegeven gecondenseerd in vijf luttele minuten. Boon en Gainsbourg verorberen een ijsje op het terras van een eerder banale Parijse brasserie. Het ijsje bestaat hoofdzakelijk uit slagroom, besprenkeld met wat chocolade coulis. "Laat me het jouwe proeven" "maar we hebben hetzelfde!" "ja, ik dacht het al, het mijne is beter". Plots stopt er een bus voor het terras. Boon wordt altijd zeer emotioneel van bussen, omdat "we deze mensen nooit meer terug zullen zien" - een verlatingsangst jeugdtrauma omdat hij heel zijn leven in een toeristisch resort woonde. Gainsbourg grijpt zijn hand, ze vluchten zonder de ijsjes te betalen, Gainsbourg houdt manu militari de rijdende bus staande, zodat ze alsnog kunnen opstappen. Ik demp mijn tranen met nog een pèche melba.

Vie Rêvée, Une (2024)

Alternatieve titel: Somewhere in Love

'Une Vie Rêvée' werd geregisseerd door de voor mij onbekende 'Morgan Simon'. Wat een flauwe naam voor een regisseur. Het lijken wel twee voornamen. Bovendien ziet dhr. Simon er als een 12-jarige minkukel uit. Het behoeft geen betoog dat ik derhalve aangenaam verrast was door deze film. Ik verwachtte een druilerig sociaal drama, maar kreeg heel wat meer. Nochtans is er vanalles dat niet 'werkt' aan deze film. Het hoofdpersonage begint haar kleren uit te trekken bij de bank. Ze was zo verstrooid dat ze zich bij de dokter waande. Ik snap wel dat dit haar gepreocupeerde toestand moet uitdrukken, maar zoiets is toch helemaal niet plausibel? Dat ze eens struikelt of iets dommig eruit flapt zou al voldoende zijn denk ik dan. Zo zijn er nog wel momenten in de film: ik denk aan het kerstcadeau, of de eindscène waar we opgelucht moeten zijn dat ze door intimidatie toch een job krijgt die men haar eerst geweigerd had. Dat zal een gezellige eerste dag worden.
Ondanks al deze mankementen heeft Une Vie Rêvée iets magisch. Dit is voornamelijk te danken aan Valeria Bruni Tedeschi. Wat is zij toch een grandioze actrice, samen met Isabelle Huppert duidelijk de beste van haar generatie. Bruni Tedeschi opereerde al lang binnen de marge van de Franse filmindustrie, speelde in de jaren '90 wel eens een onopvallende bijrol. Het is alsof zij pas vanaf de middelbare leeftijd volledig tot haar recht is gekomen en haar ideale persona heeft gevonden, deze van de wanhopige oude vrijster of alleenstaande moeder. "Een catastrofe op poten" wordt ze liefkozend genoemd. Ze heeft telkens iets aimabel in de manier waarop haar leven een totale puinhoop is en ze toch een sprankelende joie de vivre blijft uitstralen. Haar bruisende mimiek en oppepende levensvreugde lijken paradoxaal genoeg het best tot hun recht te komen wanneer ze zich in totale mistroostigheid bevindt. De ontberingen van het armzalige leven ergens in een cité op het ellelange traject van RER D verhinderen haar niet om nog met liefde over de dingen des levens te spreken. "Soms is het poëtisch." verklaart ze over het liefdesspel. Iets later ontstaat er een onverwachte romance in haar leven. Deze subplot voelt helemaal niet obligatoir of bij de haren gesleept zoals je zou verwachten. De rol van Lubna Azabal is een krachtig personage, een magnetische verschijning en net zozeer een reële van Bruni-Tedeschi zelf.
Tot slot ook nog een woordje lof voor de cinematografie. Hoewel het acteerwerk veruit de sterkste troef van de film is, wil ik de regie toch ook niet volledig te kort doen. Ik heb al spijt dat ik regisseur Morgan daarnet een minkukel heb genoemd. De beeldvoering van de film is onverwachts warm. Het is nergens grauw of grijs, zoals je zou verwachten van het genre, maar de setting van het appartement van Bruni Tedeschi en haar zoon is een stralende achtergrond. Ik denk dat je gerust een willekeurige still van de film zou kunnen nemen en genieten van de beeldenpracht, wat me toch een behoorlijk compliment lijkt voor zo'n run of the mill Franse tragikomedie.