Warfare is een film die voor mijn gevoel en ervaring een beetje afrekent met de klassieke oorlogsfilm, die vaak een rechtvaardiging of een veroordeling uitbeeldt.
Hoewel natuurlijk nooit helemaal gespeend van heroïek (je eigen leven riskeren om een gewonde naar veiligheid te slepen, blijft een heroïsche daad maar ook in de kleine tekenen van kameraadschap, angsten het hoofd bieden en in levensbedreigende situaties boven jezelf uitstijgen en blijven handelen vinden we genoeg wat je in beginsel onder heldhaftigheid zou scharen), Garland blijft weg van de wapperende vlaggen en triomfantelijke strijdliederen (gerechtvaardigde oorlog), noch spreekt hij zich expliciet veroordelend uit over (de zinloosheid van) oorlogsvoering.
Veel van beide elementen blijven natuurlijk inherent aanwezig maar Warfare doet haar best om de titel eer aan te doen door in te zoomen op de droge pragmatiek en het rauwe realisme van oorlogsvoering. Een echte verhaallijn is er dan ook niet, waardoor zoiets "banaals" als ernstige verwondingen veel aandachtiger opgevoerd kan worden, als de tergende situatie die het is.
Dat het perspectief bij de Amerikanen ligt is een keuze, maar zeker geen rechtvaardiging van wat er op het scherm gebeurt. Dit zijn niet de idealistische strijders der vaderland die we zo vaak hebben gezien, zoals ook hun tegenstanders niet als moreel corrupte vijanden afgebeeld worden. Het fotocollage op het eind is wel wat ongelukkig misschien maar gezien de opzet van de film zie ik dat eerbetoon meer als dank voor de samenwerking dan een voetstuk of erepodium.
Uiteindelijk een van de weinige oorlogsfilms waar ik echt van onder de indruk was. Spannend en benauwend om te zien, met werkelijke bewondering voor de mensen die in dergelijke situaties het hoofd koel weten te houden. 4*
Alternatieve titel: Late Shift, 19 november 2025, 02:17 uur
Indrukwekkend.
We volgen Floria, een verpleegkundige op de chirurgische afdeling, gedurende een turbulente dienst. De afdeling is nagenoeg vol en ze zijn onderbemand. In wat voelt als real-time zien we haar van hot naar her bewegen wanneer ze patiënten verzorgt, familieleden te woord staat en overlegt met collega's. Onderwijl draagt ze verantwoordelijkheid voor een stagiaire en blijft de telefoon die ze op zak heeft maar rinkelen.
In een haast tastbaar ondraaglijke portrettering van een nijpende onderbezetting zien we Floria zichzelf handhaven in situaties die in toenemende mate haar professionaliteit, bekwaamheid en handelingsvermogen op de proef stellen. Een ontzagwekkend ingetogen rol van Leonie Benesch als Floria, die onontkoombaar verbeeldt wat voor uitdaging het moet zijn om je menselijkheid te behouden onder deze drukkende omstandigheden. Wát een prestatie, zowel voor personage als actrice.
Legio voorbeelden van die menselijkheid zitten doorheen de film gestrooid aangezien verschillende patiënten op de meest uiteenlopende manieren zorg verleend dient te worden. Ze vragen om aandacht, pijnstillers, medeleven, onderzoeksresultaten, pepermuntthee, een snelle blik op een foto of reanimatie en telkens voel je als kijker een handvol andere acute situaties in de wacht staan: de manier waarop Floria temidden van al die chaos haar geduld en mededogen blijft kunnen aanwenden is wonderlijk - en bijzonder effectief in beeld gebracht.
Scene van het jaar was voor mij wanneer ze (compleet instinctief) een panikerende, beduusde oude vrouw met een slaapliedje tot rust weet te brengen. De camera pant tijdens het liedje naar buiten, waar auto's over de snelweg suizen. Een indrukwekkend staaltje ad-hoc oplossend vermogen, hartverwarmend uitgevoerd, terwijl het leven buiten gewoon door lijkt te gaan.
De laatste vijf minuten markeren het einde van haar dienst en het lijkt alsof regisseur Volpe wat extra's in die afronding heeft willen stoppen. Stijlbreuk is het niet, al voegt het wel iets kunstmatigs toe aan een film die juist floreerde op een naturalistische aanpak. Het weerhoudt me denk ik net van de hoogste score, maar alsnog blijft overeind dat dit een mooi geschoten inkijkje in een urgente kwestie vormt, die bolstaat van de menselijkheid. Must-see 4,5*
Alternatieve titel: Exit 8, 18 november 2025, 21:25 uur
Stijlvol filmpje.
Het uitgangspunt voor deze cyclische mindfuck is dat onze verdwaalde hoofdpersoon vast komt te zitten in een ondergronds metro-gangenstelsel. Hij zal telkens bij hetzelfde punt uit blijven komen, tot hij een afwijking in zijn omgeving weet te ontdekken. De oplossing klinkt simpel: bij geen afwijkingen dient hij zijn weg te vervolgen maar als er ook maar iets afwijkt, dient hij rechtsomkeert te maken. De instructies beloven dat hij uiteindelijk bij Exit 8 uitkomt, waar hij het labyrint kan verlaten.
Bereid je voor op veel herhaling (met name één specifiek geluidseffectje zal nog een tijdje nagalmen) maar de film weet het verloop inlevend genoeg te presenteren waardoor je al kijker op vernuftige wijze betrokken wordt bij de puzzelende beleving van de hoofdpersoon, een meer dan uitstekende rol van Kazunari Ninomiya (wiens stem blijkbaar Kuro/Black vertolkte in Tekkonkinkreet / Tekkon Kinkurîto (2006)).
Een camera die geduldig met en om onze hoofdpersoon mee zwiert; een klinisch vormgegeven setting die aansluiting vindt bij de ijzingwekkende, kille geluidseffecten; een dramatische subtext die de dwaalgang vrij ongeforceerd van emotie weet te voorzien en een handvol verrassingen onderweg die de film een aardig bevreemdend gevoel meegeven: het zijn de hoofdingrediënten voor een film die nergens écht buiten de lijntjes kleurt maar je aandacht moeiteloos vasthoudt en verveling kundig weet te vermijden, iets wat gezien het concept en de speelduur (best lang voor een idee als dit) als een flink compliment beschouwd kan worden.
De werkelijke punch blijft uit en het horrorlabel zal sommigen wat teleurgesteld achterlaten, maar voor liefhebbers van een kleinschalig doch kundig vormgegeven mysterie vallen hier best wat vingers bij af te likken. 4*
Een van de weinige films waar je woke in een doorgefokte variant irritant onredelijke vormen ziet aannemen en ironisch genoeg lees je daar hier weinig bezwaren tegen. Als de term niet overzichtelijk tot anti-racistisch en anti-homofoob teruggebracht kan worden, zijn er blijkbaar een stuk minder tegenstanders van.
Verder een nogal overvolle film, deze geagiteerde dwarsdoorsnede van een wereld waarin van alles mis is en kan gaan. Dat deze op hol geslagen sneltrein hedentendage nog altijd op volle toeren aan het rijden is, belet Aster er niet van om geïnstitutionaliseerd racisme, politiegeweld, populisme, complottheoristen, woke(-hypocrisie), (anti)-fascisme, de invloed van social media (in een post-truth-tijdperk), gun violence(wetgeving), federale militarisering en de uitvloeiselen van imperialisme; alles in de snelkookpan van een wereld-epidemie gaar gekookt, nu al onder de loep te willen leggen.
Ambitieus in hoeveelheid maar vooral qua timing. De sneltrein zal definitief van de rails moeten vliegen alvorens we er van een afstand naar kunnen kijken - en tot een echt punt lijkt Aster dan ook niet te kunnen komen, behalve dat het allemaal vrij fucked up is. Met al deze onderwerpen is het misschien makkelijk uit het oog te verliezen hoe je een boeiende film maakt, dus toen er halverwege eindelijk rigoreuze handelingen plaatsvonden, hoopte ik dat er misschien toch wat lijn kwam in deze verwilderde, manische poging zo veel mogelijk vingers op zo veel mogelijk zere plekken te leggen, maar dat was niet zo.
Wellicht een film die over tien jaar beschouwd wordt als een akelig accuraat tijdsbeeld, maar nog waarschijnlijker als een verwoede poging daar iets van te maken. Bewonderenswaardig initiatief, maar met meer dan zinloosheid komt het niet over de eindstreep. 3*
Niet direct een genre dat ik deze film op zou plakken, noch wist ik op voorhand dat MM die eronder schaarde. Trekpleister voor mij hier was Vincent van der Valk (om een of andere reden niet als acteur aangegeven hier), die ik voornamelijk ken uit het theater maar die eerder ook al schitterde in bijvoorbeeld Gluckauf (2015) en broer Viktors debuut Nocturne (2019).
Hier speelt hij Leon, die samen met zijn partner Jaimy een miskraam te verduren krijgt. Nog volledig in de rouw om dit verlies, worden zij benaderd door oud-verloskundige Nicole, die hen langs alternatieve rituelen ronduit belooft dat een tweede zwangerschap lang niet de statistische onmogelijkheid hoeft te zijn, zoals de medisch-wetenschappelijke invalshoek hen doet voorkomen. De confrontatie met hun angsten, scepsis en verlangens vormt weldra ook voor hun (mooi geportretteerde) eensgezindheid een proef op de som.
Let niet op de recensie van mrklm, die zwaait met termen als 'bordkartonnen personages' en 'oppervlakkig, ondermaats scenario'; de film weet juist best verfijnd en genuanceerd inzicht te geven in de onzekerheid en fragiele dynamiek tussen geliefden, als zij na een groot verlies en onder tijdsdruk van de biologische klok moeten zoeken naar de juiste vervolgstappen in de vervolmaking van hun kinderwens. Het helpt daarbij dat spiritueel begeleider Nicole niet overmatig als zweverig gekkie wordt neergezet, al worden er wel genoeg uitspraken gedaan en grenzen overschreden om je haren bijtijds flink overeind te doen staan.
Het script dat zich vanuit een startpunt van verdriet en liefde allengs een weg baant langs scepsis en wanhoop, volgzaamheid en verwijdering, verloopt niet altijd zoals je zou verwachten en Van der Valk en Herlaar leveren allebei puik werk in de ommezwaai die hun personages van meer diepgang voorziet dan ik bordkarton ooit heb zien huisvesten.
Goed bijgestaan door fraai en sfeervol camerawerk, hoogstens dat er af en toe wat gemakzuchtig met (het wegvallen van) geluid omgesprongen wordt. De droefgeestigheid waar onze hoofdpersonen strijd tegen voeren, weet gaandeweg effectief over te slaan op de kijker, met een perfect getimede, creepy finale als kers op de taart. 4*
Alternatieve titel: It: Chapter One, 4 november 2025, 20:20 uur
Hehe.
Bijzondere prestatie deze film. in een kleine stroom aan Stephen King-verfilmingen die best de moeite waard zijn, vormt deze niet alleen het voorlopige hoogtepunt, het overtreft ook verreweg zijn saaie voorganger, die te maken had met een vreemd soort van jovialiteit, brak acteerwerk en een totaal gebrek aan engheid.
Een ander nadeel dat deze film wel moet delen, is dat het wat aan de lange kant is. Maar daar staat tegenover dat deze best sfeervol is, zowel op de enge momenten als tijdens de zomerse chemie tussen de jonge spelers. Die het overigens ook redelijk tot erg goed doen. Grote ster is toch wel de new and improved Pennywise. Skarsgård doet het perfect, maar de algehele stilering en toon van onze creepy clown is in alle opzichten geslaagd te noemen. Paar toffe setdesigns eromheen en plotse uitbarstingen van freakiness die me als kind zeker de stuipen op het lijf gejaagd hadden. Voor de doorgewinterde horrorfanaten misschien nog altijd wat lichtgewicht, het overtuigt prima als moderne interpretatie van een horroricoon. In het laatste gevecht is hij misschien een beetje het sukkeltje maar als brug naar het tweede deel een logische en vergeeflijke keuze.
Afgezien van een wat slepend tempo hier en daar, zit deze toch vol scenes om van te smullen. En die je uit doen kijken naar het vervolg in september. Ik ben fan. 4*