Ik heb het destijds bij de eerste Conjuring-film gelaten. Het keek prima weg, maar zoals ik al in mijn recensie van 2020 aldaar voorspelde: het is geen film die me lang zal bijblijven. Anno 2026 staat me er vrijwel niks meer van bij. Alle vervolgdelen en spin-offs zijn dus langs me gegaan, maar The Nun sprak me wel aan. Heeft er met name mee te maken dat ik het hele idee van kloosters en nonnen een ideaal uitgangspunt voor een enge horrorfilm. Ik kan me nog herinneren dat mijn ouders vroeger een serie keken waar een non met foute motieven in zat: een vreselijk enge vrouw vond ik dat.
Deze The Nun speelt echter niet of nauwelijks in op onderhuidse spanning of angst. Het is allemaal weinig subtiel en vooral schreeuwerig wanneer het aankomt op het horror-element. De film zit barstensvol schrikmomenten, waarvan de effectiviteit afhankelijk is van hoe hard je je volume hebt staan. Je ziet ze ook meestal ruim van tevoren aankomen. Sommige zijn goed gedaan (met name de non in de spiegel), maar blijvende impact maken ze vanzelfsprekend niet. Dat doet het titelpersonage overigens ook nauwelijks. Hoewel de 'look' van de non absoluut angstaanjagend is, krijgt ze maar weinig te doen en zit je vooral opgescheept met een aantal clichématige typetjes. Daarvan doet Taissa Farmiga het overigens best aardig, evenals Demián Bichir. Met het personage van Jonas Bloquet kon ik steeds minder naarmate de film vorderde.
De film vliegt soms geweldig uit de bocht qua toonverschillen (dan weer 'eng', dan weer avontuurlijk, dan weer grappig) en kampt met een vrij stompzinnige climax. Toch zijn dit zaken waar ik me niet zo aan gestoord heb. Sterker nog, ik kan er misschien nog wel een bepaalde charme in zien. Een veel groter probleem is dat een film met dit uitgangspunt en deze setting me eigenlijk veel ongemakkelijker zou moeten laten voelen dan dat nu het geval was. Daar schiet de film helaas wel echt tekort.
Alternatieve titel: Amsterdamned 2, vandaag om 14:09 uur
De eerste Amsterdamned vind ik een ware klassieker binnen de Nederlandse films: een simpele, degelijke thriller met een lekker 80s sfeertje en doordrenkt van de typische Dick Maas humor, die je bijvoorbeeld ook in Flodder aantreft. Ondanks dat het meest recente werk van Maas me veel minder weet te bekoren dan alles wat hij in de jaren 80 maakte, had ik hier eigenlijk wel zin in. Als de regisseur van het origineel zich zó lang niet aan een sequel wil wagen, maar uiteindelijk tóch overstag gaat, dan raak je wel nieuwsgierig naar wat hij te vertellen heeft.
Niet bijster veel, zo blijkt. De grootste fout die deze film begaat, is het onderuit halen van diens voorganger. Het idee dat Eric de verkeerde dader te pakken zou hebben gehad in de vorige film is niet alleen een domper, het is natuurlijk ook volstrekt stupide. De dader komt immers meermaals in beeld en de ontknoping van die film verklaart en bevestigt alles vrij duidelijk, dus het idee dat het niet zou kloppen wil er nooit helemaal in. Later probeert men weer een beetje terug te krabbelen op dit idee, maar dan gaat het voor de tweede keer mis: het plot omtrent de dochter van de vorige dader is weinig origineel en te vaag, en het idee van een daadwerkelijk monster, dat dan in zekere zin synchroon te werk zou gaan, is - opnieuw - stupide. Als het monster er de vorige keer ook al was, waarom wacht deze dan bijna 40 jaar? En als deze er nu wel voor het eerst is... Hoe dan?
De film roept tig vragen op, niet in de laatste plaats of Maas van plan is dit allemaal in een derde deel verder uit te werken of dat hij gewoon niet kon beslissen wat hij met dit tweede deel wilde. Het scenario rammelt in ieder geval aan alle kanten, waardoor je dan maar probeert te genieten van de rest. Maar ook dat valt helaas tegen. Het viel me op dat de stad heel grauw en leeg oogt. Daar waar je bij het origineel nog wel de indruk kreeg dat het zich allemaal in het drukke alledaagse stadsleven afspeelde, is hier meestal slechts een select groepje mensen op de been. Visueel vind ik de film daarnaast niet of nauwelijks de moeite waard. De effecten zijn dikwijls best lelijk en, inderdaad (ik wist het van tevoren niet), ik kreeg meermaals AI-vermoedens, zoals bij shots van de stad, de helikopter en de zelfmoord.
Doet de film dan daadwerkelijk alles fout? Nee, ik vond met name Holly Mae Brood een schot in de roos. Ze heeft een kalme, prettige uitstraling en is in staat om de film te dragen. Natuurlijk is het ook leuk om Huub Stapel zijn rol opnieuw te zien spelen en de goede chemie tussen hem en Brood is één van de grootste pluspunten van de film. Knap hoe die twee het tegenvallende materiaal draaglijk weten te maken. Fijne bijdrage ook van Tatum Dagelet. Het feit dat haar zoontje Willy heet is misschien wel de leukste subtiele knipoog naar Amsterdamned. Jammer overigens dat er niet meer acteurs uit het origineel hun opwachting maakten, want dat had me gezien dit plot wel logisch geleken. De film is daarnaast wel enkele vermakelijke scènes rijk. De achtervolging met de speedboot komt je natuurlijk bekend voor, maar hij werkt wel. Hetzelfde geldt voor de climax in het riool, ondanks de matige uitkomst daarvan.
Tijdens de film heb ik me nauwelijks zitten te irriteren of vervelen, dus het kijkt nog wel allemaal best wel prima weg. Het is vooral aan het einde van de rit, zodra de aftiteling in beeld komt en je aansluitend naar huis rijdt, dat je je realiseert dat je op je honger bent blijven zitten. Enkele steunpilaren, met name de hoofdrolspelers en de 'legacy' van het origineel, zorgen ervoor dat dit tweede deel niet helemaal kopje onder gaat, maar het scheelt weinig. Uiteindelijk is het toch vooral een jammerlijke reminder dat je sommige mooie dingen uit het verleden beter met rust kan laten.
Wat een prachtige film! Amadeus stond al een tijd lang op mijn radar, natuurlijk vanwege de iconische status, maar ook omdat ik twee andere films van Milos Forman, One Flew over the Cuckoo's Nest en Man on the Moon, best hoog heb zitten. Verder had ik vrij weinig voorkennis over Mozart, dus ik ging er vrij neutraal in.
Wel was me van tevoren al verteld dat de film bol staat van de (creatieve) interpretaties en dus niet zozeer een op feiten gebaseerd relaas is. Dit vormde voor mij geen enkele hindernis. Buiten het feit dat ik weinig over de twee hoofdpersonen weet, ben ik altijd van mening dat je beter kan afstemmen op documentaires als je zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid wil komen. Ik zag een film over twee getalenteerde mannen, die een onderlinge, onderhuidse rivaliteit hebben. En net die rivaliteit komt mijns inziens heel goed tot uiting.
Geweldig acteerwerk van zowel F. Murray Abraham als Tom Hulce. Ze maken van van, respectievelijk, Antonio Salieri en Wolfgang Amadeus Mozart twee zeer boeiende personages, die mijn aandacht gemakkelijk wisten vast te houden. Salieri is de serieuze, gedreven muzikant, terwijl Mozart meer wordt afgeschilderd als een genie met een kinderlijke manier van doen. De twee zorgen voor talloze memorabele scènes. Ik denk bijvoorbeeld aan Mozart die het stuk van Salieri naspeelt en - tot diens grote ergernis - er een heel indrukwekkende compositie van maakt, maar ook het stuk waar Salieri op het feest belachelijk gemaakt wordt door Mozart. Een ander moment dat eruit sprong was tegen het einde, wanneer de twee samen componeren. Mozart is in deze film zeer regelmatig natuurlijk een flapdrol, maar Hulce weet hier heel goed over te brengen dat we met een genie te maken hebben. Ik werd er namelijk zeer ongemakkelijk van wanneer Salieri hem een aantal keren niet bijhoudt; je voelt daar echt spanning. Abraham weet dan weer op zijn beurt het innerlijke conflict fantastisch weer te geven: enerzijds zwaar onder de indruk van zijn idool en anderzijds zijn bloed wel kunnen drinken. Zeer goed.
Overige bijrollen, waaronder die van Elizabeth Berridge, Simon Callow en Jeffrey Jones, worden ook goed neergezet, al is het uiteraard met name de tweestrijd waar de aandacht naar uit gaat. Amadeus doet eigenlijk in vrijwel elk opzicht alles goed. De aankleding en sfeer van het tijdsbeeld worden prachtig gerealiseerd en het is natuurlijk schitterend dat de film ook de muziek laat spreken en de tijd neemt voor een aantal uitvoeringen. Heel knap dat de film zo consequent boeiend blijft van de eerste tot en met de laatste minuut.
Amadeus heeft indruk gemaakt. Het is nu een week geleden dat ik de film gezien heb, maar de film spookt nog steeds regelmatig door mijn hoofd. De film is bij vlagen humoristisch, maar komt ook binnen: hij toont immers ook hoe tomeloze ambitie men uiteindelijk te veel kan worden. Het dramatische einde maakt daardoor eens temeer indruk. De film is daarnaast ook gewoon genieten: of het nou gaat om het meeslepende acteerwerk of de hoeveelheid aandacht die zichtbaar is uitgegaan naar details. Het is een film waarvan ik eigenlijk haast niet kan wachten om hem weer opnieuw te bekijken.
Bewust even gewacht met The Irishman totdat ik Goodfellas en Casino gezien had. Dat is inmiddels ook alweer een jaar geleden - wat vliegt de tijd - maar eergisteren me dan toch voor het eerst aan dit bejubelde gangsterepos van Martin Scorsese gewaagd. De maffia-films zijn niet mijn favoriete genre, maar nieuwsgierig was ik toch wel geworden. Zeker aangezien Goodfellas destijds beter beviel dan ik vooraf verwacht had.
Scorsese neemt, net als bij de andere twee films, uitgebreid de tijd, maar doet er zelfs nog een schepje bovenop. The Irishman voelt best... comfortabel. Wellicht een vreemd woord om een gangsterfilm te omschrijven, maar er gebeurt lang niet altijd heel veel en toch weet de film wel grotendeels de aandacht vast te houden. De film duurt mij uiteindelijk iets te lang, dat zeker. Er waren een aantal momenten waar ik wel een beetje moe werd van het eeuwige ''er zijn een aantal mensen die vinden - niet ik - maar er zijn een aantal mensen die vinden - niet ik...'' gedoe. Hoe realistisch het ook moge zijn dat de personages tactisch de boel verwoorden, het zorgde er wel voor dat scènes gerekt werden. En toch, desondanks, kwam het geen moment in me op om de film uit te zetten.
De film straalt klasse uit in de algehele aankleding (sets, kostuums, etc.), zoals je eigenlijk wel van deze regisseur verwachten kan, maar het is met name de uitstekende cast die ervoor zorgt dat je geboeid blijft kijken. Dat Robert De Niro daarbij met zijn maniertjes wel erg aan verleden rollen doet denken en Al Pacino wellicht hier en daar de boel iets te dik aanzet deert weinig tot niks. Beiden zijn op hun plek. Joe Pesci steekt er wat mij betreft (opnieuw) met kop en schouders bovenuit. Toch wel een erg sterke acteur zeg. Ik heb hem reeds de akelige driftkikkers in Goodfellas of Casino zien spelen en ook meer slapstick zien omarmen in Home Alone en Lethal Weapon, maar hier doet hij weer iets compleet anders: zijn personage is volledig kalm en lijkt daardoor in de verste verte niet op de personages die hij eerder heeft neergezet. Ontzettend knap en eigenlijk is iedere scène waar hij in beeld is raak. Dan kan het script nog zo goed geschreven zijn, maar hij zet het echt steengoed neer.
Al met al vond ik het een interessante zit. Het verhaal heeft veel om het lijf. De ontwikkelingen omtrent Jimmy Hoffa zijn pakkend, maar ook na zijn dood is het interessant om te zien hoe de resterende personages aftakelen. Ook de verstandhouding tussen Frank en zijn dochter komt goed uit de verf en is boeiend: een schoolvoorbeeld om te illustreren dat acteerwerk ook een heel sterk kan zijn wanneer er geen woord aan te pas komt. Het spelen met de leeftijden van de personages ziet er soms goed uit, soms totaal niet. Uiteindelijk is ook dit niet zo'n doorslaggevend probleem wat mij betreft. Ik sta er vooral van te kijken hoe goed dit me heeft weten te boeien. Hier en daar mijns inziens iets te langdradig, maar toch wel de moeite van het kijken waard.
Helemaal op vergeten te stemmen een tijd geleden, maar dat heeft niet met de kwaliteit van de film te maken. The Secret Life of Walter Mitty staat eigenlijk al sinds de release op mijn radar, maar het is er pas recent van gekomen om hem eens te kijken. Ben Stiller kan ik in de regel goed hebben, ondanks dat ook hij (wie niet?) wat missers op zijn naam heeft staan en zijn rollen bij vlagen wat hysterisch zijn, waardoor ik hem nu ook niet bepaald dagelijks hoef te zien. 'Geniet, maar drink met mate', zoiets.
Zelfs voor niet-Stiller fans zou dit best wel eens interessant kunnen zijn: hij is hier namelijk een stuk ingetogener dan ik normaal van hem gewend ben. Wel is hij overduidelijk de hoofdattractie van de film, voor zover de titel en poster dat niet al weggeven. De film is simpel qua opzet, maar toch kon ik heel erg genieten van de trip die Walter Mitty onderneemt. Niet alleen de locaties zijn schitterend; ook komen er een aantal leuke ontmoetingen en effectieve, subtiele humor aan de pas, waardoor het allemaal goed genietbaar blijft. Het eeuwige dagdromen van het titelpersonage zorgt voor een leuke extra dimensie. Wellicht dat ik me er tot op zekere hoogte in herken, waardoor ik er geregeld om kon lachen. Walter is ook wel echt een sympathiek personage: ik hoopte als kijker vurig dat hij zowel de foto als de liefde zou vinden.
Het blijft wel een Amerikaanse feelgoodfilm, dus uiteraard komen er wat clichés om de hoek kijken. Daarnaast vond ik de film ook een beetje traag, zelfs vrij saai, bij de opstart. Gelukkig kreeg dat onuitstaanbare personage van Adam Scott niet nog meer ruimte dan nu al het geval is. Pas zodra Walter op reis gaat, komt er leven in de brouwerij. Dat blijkt niet te laat, want de film liet me aan het einde tevreden achter en ik kijk er ook nu nog steeds met een prettig gevoel op terug. Eigenlijk 'gewoon' een voldoende, maar door de leuke insteek met de droomsequenties - en de goede uitvoering daarvan - stijgt het toch net boven de middelmaat uit.
Leuke mysteriethriller, die zich afspeelt in het Victoriaanse Londen en zich focust op misschien wel één van de meest beroemde seriemoordenaars uit de Britse geschiedenis, Jack the Ripper. Doordat zowel de stad waar het zich afspeelt als het onderwerp mijn interesse hebben, had From Hell al een groot voordeel. Desondanks zou het niet de eerste keer zijn dat een film dan alsnog onderuit gaat, maar dat is hier gelukkig niet het geval.
Naast een interessant uitgangspunt is de cast ook in vorm. Johnny Depp speelt vrij ingetogen, maar kan de film wel dragen. Hij wordt goed bijgestaan door de bijrollen van Heather Graham, Robbie Coltrane en Ian Holm. De film gaat hier en daar, zeker richting het einde, volledig over de top en komt wellicht iets sterker uit de bus tijdens de eerste helft dan de tweede helft, maar het kan niet voorkomen dat dit wel een vermakelijke zit blijft. Bovendien ziet de film er visueel goed verzorgd uit: over het tijdsbeeld bestaat geen twijfel. Wellicht dat ik 'm hier en daar wat spannender had verwacht, maar interessant is het zondermeer.
Zo'n film waarvan je weet dat hij bovenaan in veel toplijsten pronkt, waardoor het vaak alleen maar kan tegenvallen. Bovendien las ik her en der dat het wel een extreem depressieve film zou zijn; iets waar je wel even voor moet gaan zitten. Tegelijkertijd wilde ik graag wat meer van Darren Aronofsky zien. The Fountain vind ik een mooie film en Black Swan zelfs weergaloos. Zonder er verder al te veel bij na te denken dus deze Requiem for a Dream maar eens een kans gegeven.
En dan blijkt het toch wel om een heel sterke film te gaan. De eerste paar minuten wist ik het nog niet zo, maar zodra ik me realiseerde dat het voor deze personages eigenlijk alleen maar van kwaad naar erger kon gaan, werd ik er volledig in meegezogen. Het acteerwerk is sterk. Ik heb genoten van de rollen van Jared Leto, Jennifer Connelly en een verrassende Marlon Wayans, maar de bloemen gaan mijns inziens naar Ellen Burstyn. Ze brengt haar personage vol overgave en ik had wel heel erg met haar te doen. Zeer puike prestatie! De film wordt eigenlijk steeds interessanter. Zeker richting en tijdens de climax wordt de sfeer steeds grimmiger en claustrofobischer. Je wordt er als kijker ongemakkelijk van, maar je kan je ogen niet van het scherm houden.
Een film die je na afloop even beduusd achterlaat. Het zal niet voor iedereen zijn: de flitsende montage moet je immers liggen. Ook voor mij is dit zeker niet altijd iets dat me aanspreekt, maar bij deze film vind ik het zeer passend en iets toevoegen aan de sfeer. Ook de soundtrack doet dat trouwens, met een zeer herkenbaar titelnummer. Het is een film die me in ieder geval moeiteloos wist te boeien en indruk heeft gemaakt. We zijn reeds enkele dagen verder en de film spookt nog steeds geregeld door mijn hoofd.
Ondanks dat er al tig verfilmingen zijn uitgebracht, had ik nog nooit een versie van Little Women gezien. Het boek ook nog niet gelezen, dus ik liet me verrassen. Over het algemeen kijkt het best goed weg en dat komt vooral door een dijk van een sterrencast. Saoirse Ronan stond nog niet zo op mijn radar, maar ze deed het heel erg goed in de hoofdrol. Met de chemie tussen de personages onderling zit het ook goed. Hier en daar wat droog en voortkabbelend, maar het wordt gecompenseerd door het eerdergenoemde acteerwerk, enkele (emotionele) scènes die beklijven en de mooie uitstraling in de settings en kostuums. Grootste stoorzender was voor mij de niet-chronologische vertelwijze. Voor iemand die niet reeds met het verhaal bekend is, is het soms even goed schakelen of we nu naar een flashback of naar het heden zitten te kijken.
Met name gekeken omdat het uit de pen van Richard Curtis afkomstig is. That Christmas blijkt best een leuke, lieve animatiefilm over de inwoners van het plaatsje Wellington tijdens de kersttijd. Wel is er een beetje een overdaad aan personages. Daar waar Curtis in zijn eigen film Love Actually de verschillende verhaallijnen juist goed met elkaar wist te verbinden en alles wel ongeveer even interessant was, lukt dit in That Christmas minder goed. De verhaaltjes omtrent de tweeling en dat van Danny, zijn hardwerkende moeder en zijn strenge lerares zijn leuk; het gedoe met de ouders die vast komen te zitten en de kinderen die er hun eigen kerstfeestje van maken is echt een stuk minder.
Voorts is het mijns inziens onnodig dat de kinderen en hun toneelstukje gebruikt lijken te moeten worden om nog even overduidelijk van volwassenen afkomstige maatschappijkritiek te uiten. Alsof je er even af en toe aan herinnerd moet worden dat het wel 2024 is en er dus een moraliserend vingertje bij hoort. Hoewel ik de letterlijke knipoog naar Love Actually wel kan waarderen, vind ik de meeste grappen gericht op volwassenen de plank misslaan. Alles overwegend had er wat mij betreft dus best nog wat gesneden mogen worden in dit filmpje. Wat er nu ligt is vooral leuk om een keer voorbij te zien komen. De stemmencast is dik in orde en ook de animatiestijl vind ik niet verkeerd. Wellicht geen lust voor het oog, maar wel vloeiend, vlot en ook allesbehalve storend.
Alternatieve titel: Winter Break, 23 december 2025, 12:20 uur
Ieder jaar probeer ik ook wel een paar kerstfilms te kijken die ik niet al op vrijwel jaarlijkse basis met mijn familie bekijk. The Holdovers had daarbinnen wel mijn interesse: een strenge leraar die met enkele studenten achterblijft tijdens de kerstvakantie. Ik was heel benieuwd hoe dit nachtmerriescenario voor beide partijen zich zou ontvouwen.
Opmerkelijk dat de film het over een iets andere boeg gooide dan ik verwacht had. Zo had ik niet verwacht dat er alsnog maar één student zou overblijven en ik vond dit eerlijk gezegd zelfs een beetje een teleurstelling. Ondanks dat ik de film heel goed vind zoals hij nu is, blijf ik me waarschijnlijk wel afvragen wat voor een film het geworden was wanneer Paul op alle vijf had moet blijven oppassen. Zeker aangezien die personages ook geïntroduceerd werden en onderling best chemie hadden, had ik wel verwacht dat hier iets meer mee gedaan zou worden.
Maar goed, als het grootste 'minpunt' niet eens zozeer een minpunt is, maar gewoon een alternatieve verwachting van mezelf, dan weet je dat je goed zit. Ik heb hier namelijk wel van genoten. Het acteerwerk is echt uitmuntend en het verschilt een beetje per deel van de film wie ik het sterkst vind. Lange tijd was ik geneigd om te zeggen dat Da'Vine Joy Randolph low-key de show steelt, maar ze zijn alle drie ijzersterk: Paul Giamatti en Dominic Sessa hebben beiden zulke mooie scènes in Boston dat ze eigenlijk niet meer op één hand te tellen zijn. Iedereen speelt heel authentiek, waardoor het ook voelt alsof je daadwerkelijk met echte mensen van doen hebt. Ik had in ieder geval niet meer het gevoel naar acteurs te zitten kijken.
Oké, het is wellicht niet de meest 'warme' kerstfilm die je kan uitzoeken, maar de kerstsfeer is wel degelijk aanwezig. De film is doorspekt met (traditionele) kerstmuziek en de bereidheid om iets voor de ander te doen, zowel kleine als grote gebaren, komt aan bod. De film heeft een behoorlijk speelduur en is wellicht in het eerste deel bij vlagen wat traag, maar doordat het eigenlijk steeds boeiender wordt, is dit uiteindelijk niet zo'n groot probleem. Sterker nog, ik vond het jammer toen de film was afgelopen. Ondanks dat het einde helder en afgerond is, had ik best nog wat meer van deze personages willen zien. En dan heb ik het nog niet eens gehad over het sterk geschreven script, waarbij er middels een aantal vlijmscherpe oneliners een beroep op je lachspieren gedaan wordt.
Naar mijn mening echt een steengoede film. De acteurs maken het, maar dat moet ook wel met een uitgangspunt als dit en ze leveren allemaal degelijk werk af. Misschien niet de meest typische kerstfilm, maar ik kan me heel goed voorstellen dat dit bij menigeen inmiddels al een favoriet voor tijdens de feestdagen is geworden. Wat dat betreft ben ik wel benieuwd hoe de film zich staande houdt bij een herziening, maar ik kan The Holdovers in ieder geval van harte aanbevelen. Het is een film die meermaals binnenkomt, zonder in overdreven sentiment te vervallen.
De remake heb ik in mijn bezit, maar slechts één keer gezien en dat was in 2009. Die film maakte destijds niet al te veel indruk. Wellicht die VHS nog eens afstoffen, al ben ik nog even aan het dubben of ik dat dit jaar of het volgend jaar doe. Ik zag nu toevallig de gelegenheid om het origineel te bekijken en dat beviel me eigenlijk uitstekend.
Het is natuurlijk een kerstklassieker van heb ik jou daar. De film neemt de tijd om op gang te komen. Het acteerwerk is eigenlijk al gelijk prima, maar ik vroeg me wel af waar de film naartoe zou gaan. Uiteindelijk mondt het uit in een rechtbankdrama, waarin bewezen moet worden of Kris daadwerkelijk de kerstman is. Het is een origineel gegeven en de film gaat er geraffineerd mee om. Je zou tegenwoordig bij een dergelijke film bijna verwachten dat tijdens het slotpleidooi de arrenslee in de rechtszaal arriveert, maar deze film kiest voor een subtielere, meer realistische aanpak en dat werkt. Iedereen is wel in vorm, maar ik heb met name genoten van de rollen van Edmund Gwenn en Natalie Wood. Beiden spelen erg fijn en natuurlijk. De film is ook zo nu en dan best komisch.
Het dreigt in het begin, vlak voordat duidelijk wordt waar men naartoe wil, wat te gaan slepen, maar er wordt tijdig bijgestuurd. Doordat een groot deel zich in de rechtszaal afspeelt, mist wellicht een klein beetje 'kerstmagie'. Laat ik het zo zeggen: het is misschien hier en daar wat droge materie. Dat wil echter niet zeggen dat Miracle on 34th Street geen goede film is. Integendeel, door de wat minder expliciete aanpak heeft de film, ook anno 2025, nog wel iets verfrissends onder de kerstfilms.
Ik kan goed overweg met de werkjes van John Hughes. Hoogtepunt blijft voor mij Planes, Trains & Automobiles, maar ook voor zijn coming-of-age high school komedies heb ik een zwak.
Ondanks dat Hughes deze keer niet de regie in handen heeft, is zijn stempel duidelijk merkbaar. Wanneer films als Ferris Bueller's Day Off, The Breakfast Club en Sixteen Candles op je goedkeuring kunnen rekenen, zal ook Pretty in Pink je waarschijnlijk liggen. Zeker met Sixteen Candles zag ik genoeg overeenkomsten, vanwege de soortgelijke driehoeksverhouding, Molly Ringwold in de hoofdrol en vergelijkbare rollen van Anthony Michael Hall en Jon Cryer in beide films.
Erg hoogstaand is het allemaal niet. Sterker nog, ik zou Pretty in Pink waarschijnlijk gevoelsmatig nog als minste film in het bovengenoemde rijtje aanwijzen. Inhoudelijk is het flinterdun, maar deze film kijk je voor de lekkere 80s sfeer en wat dat betreft wordt je op je wenken bediend: de soundtrack is schitterend en het acteerwerk aandoenlijk. Cryer is misschien hier en daar net iets té, maar tegelijkertijd slaagt hij er wel in om je steeds meer met hem te laten meeleven naarmate de film vordert. Molly Ringwold is natuurlijk een vaste troef, maar ook de bijrol van Harry Dean Stanton is de moeite waard. Het feit dat de relatie tussen vader en dochter aandacht krijgt, is wellicht waar deze film zich het meest mee onderscheidt. Ik vond het een prettige aanvulling. Het is wellicht allemaal verre van hoogstaand, maar ook vrijwel onmogelijk om een hekel aan te hebben.
Dit vierde en (voorlopig?) laatste deel uit de Lethal Weapon-reeks schommelt qua niveau een beetje tussen deel 3 en de eerste twee films in. Wel weer wat beter, omdat het weer iets minder slapstick en ''goofy'' is dan de voorganger, maar het niveau van deel 1 en 2 wordt niet gehaald. Waar dit deel vooral een beetje onder te lijden heeft, is dat met de komst van een drukke Chris Rock er wel heel veel personages de aandacht opeisen. Het is een beetje een drukke bedoening en de kracht in de eerste twee delen zat er met name in dat de focus veel meer op Mel Gibson en Danny Glover lag, met een enkele bijdrage van Joe Pesci. Dat uitgangspunt mis ik hier wat meer.
Toegegeven, de film heeft ook wel weer wat meer te bieden. Zo is Jet Li een gedegen tegenstander voor het duo en zijn humor en actie weer wat meer met elkaar in balans. De zwangerschappen lijken er enerzijds een beetje bijgesleept, maar zorgen anderzijds wel voor een bijzonder mooi en sympathiek einde dat je als kijker tevreden achterlaat. Alle ingrediënten die van de voorgangers leuke, vlotte actiefilms maakten, zijn ook hier weer aanwezig en ik kan dan ook met overtuiging zeggen dat ik me behoorlijk vermaakt heb met het herzien van deze reeks. De eerste twee films steken er bovenuit, maar elk deel mag er wel wezen. Ondanks dat ik het zeker leuk zou vinden om Gibson en Glover nog één keer samen te zien shinen, vind ik het eigenlijk ook wel goed zo. Van mij hoeft die vijfde film er niet te komen.
Dit is het deel van de Lethal Weapon-reeks dat ik me het meest bijstond van toen ik ze lang geleden voor het eerst zag; met name de scène met een blonde Joe Pesci op het ijs kon ik me nog herinneren. Achteraf gezien toch wel de minste uit de reeks. Komt deels misschien doordat deel 2 de lat ook wel hoog legde, maar ook doordat de film hier en daar iets te zeer doordraaft. ''Less is more.'' Daar waar ik bijvoorbeeld Pesci erg leuk vond in de voorganger, schuurt hij hier toch wel soms tegen het vervelende aan. Het ontbreekt ook een beetje aan écht memorabele momenten, maar tegelijkertijd blijft het gelukkig wel leuk vermaak. Mel Gibson en Danny Glover zijn nog altijd even iconisch, de toevoeging van Rene Russo is leuk en betekent iets voor het personage van Gibson, en de ontknoping stelt wederom niet teleur.
Dit tweede deel doet mijns inziens niet of nauwelijks onder voor de voorganger. Sterker nog, misschien vind ik 'm zelfs iets iets memorabeler. Lethal Weapon 2 bevat al het goede van de vorige film: scherpe oneliners, heerlijke actiescènes en een heel prettig spel van Gibson en Glover. De wisselwerking tussen de twee is hier nog iets leuker dan in de vorige film, omdat de verstandhouding vriendschappelijker is geworden. Daarnaast bevat de film enkele onvergetelijke scènes, zoals de befaamde toiletscène.
Joe Pesci wordt toegevoegd aan de cast en ik kan me goed voorstellen dat dit misschien voor sommigen een domper is. Pesci speelt namelijk een geweldig druk figuur (zeg maar gerust karikatuur) dat, mocht die humor je niet liggen, nogal gauw op je zenuwen gaat werken. Hij eist in ieder geval regelmatig de aandacht op die eigenlijk normaliter naar Gibson en Glover zou uitgaan. Zelf vind ik hem - zeker in dit deel - wél een leuke toevoeging, omdat ik gewoon geregeld moet lachen om zijn onhandigheid, zoals bijvoorbeeld met die autodeur. Het helpt ook wel mee dat Pesci hem speelt, die natuurlijk in het werk van Martin Scorsese ook geregeld een gruwelijk eng figuur kan spelen, waardoor het contrast wel extra leuk is.
Een fijne opvolger dus. De gewelddadige climax in de haven is de kers op de taart. Net als de voorganger kijkt het heerlijk weg. Het viel me overigens wel op dat de film nogal gauw plotseling ten einde komt.
Lang geleden wel eens wat van op tv gezien, maar we hebben het denk ik over iets minder dan 20 jaar geleden. De reeks kwam opnieuw op mijn radar nadat ik afgelopen zomer ook best genoten heb van Beverly Hills Cop en die reeks toch wel vaker in één adem genoemd wordt met Lethal Weapon. De hele box een tijdje geleden vrij goedkoop kunnen aanschaffen en daar heb ik tot dusver geen spijt van.
Het is allemaal wat 'harder' dan Beverly Hills Cop, maar dat mag de pret niet drukken en geeft Lethal Weapon natuurlijk ook een eigen smoel. Deze eerste film is vooral een heerlijk vlotte actiefilm, die weinig fout doet. Hoog tempo, goede actie en vooral: een heerlijke chemie tussen Mel Gibson en Danny Glover. Ook in de vervolgdelen is dit een belangrijk pluspunt. Het tweetal is, ondanks de totaal verschillende karakters, dusdanig heerlijk op elkaar ingespeeld dat de films automatisch leuk zijn om te volgen. Met momenten is ook dit eerste deel van Lethal Weapon behoorlijk over de top - neem alleen al de gerekte climax - maar dat neemt niet weg dat de tijd over het algemeen voorbij vliegt en het allemaal heel onderhoudend blijft.
Een film die al heel lang op mijn lijstje stond. Spinnen zijn niet gelijk iets waar ik bang voor ben, maar ik kan me wel voorstellen dat dit voor velen wel zo is, want hun voorkomen is nou niet bepaald schattig. Het idee van een soort Aliens met spinnen is dan ook helemaal zo gek nog niet, maar ik heb het nog nooit in een film teruggezien, op enkele losse scènes in fantasyfilms na dan.
Arachnophobia zou een film zijn binnen dit gegeven met een staat van dienst en ik moet inderdaad zeggen dat die status wel is waargemaakt. De film begint naar mijn mening iets te traag. Die proloog in Venezuela duurt echt iets te lang, zeker aangezien er nog een tweede opstart moet komen wanneer Jeff Daniels en zijn gezin worden geïntroduceerd en de spin zich nog moet gaan voortplanten. Zodra de eerste slachtoffers beginnen te vallen, wordt de film echter toch wel tamelijk amusant. Puur horror zou ik het niet willen noemen, misschien enkel als je echt doodsbang voor spinnen bent. Er staat best een gezonde dosis humor naast, met name in de vorm van een amusante bijrol van John Goodman. De film komt uit 1990, maar ademt echt nog wel de 80s uit qua sfeer. Het is daardoor misschien bij vlagen wat houterig, maar ach... Het heeft ook een charme.
Acteerwerk is netjes. Goodman heb ik al genoemd, maar ook Daniels speelt wederom fijn en ook Harley Jane Kozak is prima als zijn wederhelft. Heel fijn ook dat de film bij de climax nog even in de hoogste versnelling gaat. De beestjes zijn opeens overal en nergens en het mondt uit in een spannende strijd tussen de dokter en de moederspin, waarbij - zo heb ik begrepen - acteur Jeff Daniels daadwerkelijk met echte spinnen werkte wanneer ze op zijn gezicht en op zijn lijf zitten. Dat het hier en daar wat houterig is, prefereer ik dan boven het idee dat dit tegenwoordig gewoon allemaal met de computer geregeld zou worden. Het feit dat de effecten dikwijls nogal praktisch zijn, draagt wel bij aan een authentiek gevoel.
Het moge duidelijk zijn: de film kan op mijn goedkeuring rekenen. Tekortkomingen zijn zeker aanwezig, maar dit staat mijns inziens wel garant voor een heerlijk vermakelijk avondje. De sfeer is top en het is mooi dat horror en humor gebalanceerd met elkaar in evenwicht zijn. Al met al dus zeker een leuke productie uit de Spielberg-studio's.
Ook na de recente herziening trek ik de conclusie dat Batman & Robin wel de minste film van de reeks is, hoewel de film me wel beter beviel dan ik me herinnerde vanuit mijn kindertijd. De film is gewoon zo gruwelijk fout dat het daardoor ook wel geregeld komisch is, al kan ik me voorstellen dat fans van bijvoorbeeld Batman Returns of de meer moderne bewerkingen hier bijzonder weinig mee kunnen. Schumacher neemt Batman Forever als uitgangspunt, maar doet er nog wel een behoorlijke schep bovenop.
Ik heb me met name goed vermaakt door de rollen van Arnold Schwarzenegger en Uma Thurman. Dr. Freeze en Poison Ivy hebben onderling nauwelijks chemie, maar ze worden allebei afzonderlijk heerlijk neergezet door hun vertolkers. Ze spuwen de ene belachelijke oneliner na de andere uit en lijken oprecht plezier te hebben in hun spel. Dat werkt aanstekelijk en komt de film wat mij betreft zeker ten goede. Het stripboekelement komt net als bij Batman Forever best goed naar voren. Michael Gough treedt als Alfred ook wat meer naar de voorgrond met zijn eigen subplot: dat doet hij best verdienstelijk.
Minpunten zijn er ook (volop): visueel ziet Gotham er soms belabberd uit, George Clooney is naar mijn mening toch wel de minste Bruce Wayne/Batman, Chris O'Donnell als Robin is hier niet alleen overbodig maar ook geregeld vrij irritant, Alicia Silverstone ziet er leuk uit maar voelt ook als een overbodige toevoeging, en het plot van de film is het meest rommelige van alle vier de films. Het gaat soms werkelijk alle kanten op, met een climax die eigenlijk te belachelijk voor woorden is. We gaan niet moeilijk doen over geloofwaardigheid in een film over een man in een vleermuispak die het moet opnemen tegen een kerel die alleen kan overleven als hij bevroren is, maar de finale is wel dusdanig knullig dat de charme een beetje verloren gaat. Het lijkt dan ook een eeuwigheid te duren: alsof de schrijvers zelf niet wisten hoe ze er een einde aan moesten breien.
Het moge duidelijk zijn: Batman & Robin is verre van perfect. Toch ga ik wel met een half sterretje verhogen. De twee bad-guys - Bane laten we maar even buiten beschouwing - zijn dermate amusant dat ik me toch wel behoorlijk vermaakt heb. Pas tegen de climax ontspoort de film mijns inziens; daarvoor heb je best een leuke film. Het is soms echt alsof je naar een registratie van een of andere foute party zit te kijken, waardoor de film voor een heel andere sfeer gaat dan hoe de reeks startte. Toch, ondanks alle tekortkomingen, was het best een leuke afsluiting van mijn herziening.
Batman Forever is de eerste film waarbij Joel Schumacher het stokje van Tim Burton overneemt. De man wordt volgens mij door het grootste deel van de fanbase verafschuwt, maar ik vond dit altijd wel meevallen. Dit was sowieso mijn eerste Batman-film, omdat hij onderdeel was van de complete filmografie van Jim Carrey die ik destijds aan het verslinden was. Pas daarna zag ik het werk van Burton, dus wellicht dat dit Forever ten goede kwam.
Maar ook nu vind ik dit eigenlijk nog steeds wel prima te verteren. Val Kilmer is bijvoorbeeld best een nette opvolger van Michael Keaton. Ik kan niet zeggen dat ik hem minder sterk vind in de rol van Bruce Wayne of diens alter ego. De film is vooral kinderlijker qua toon dan Batman Returns, maar dat vind ik geeneens een heel verwonderlijke zet. Je kan je immers afvragen hoeveel kinderen konden met de duistere sfeer, het politieke subplotje en de seksuele opmerkingen afkomstig van zowel Catwoman als Penguin.
Dat Batman Forever een beetje doorslaat in de gekozen route is dan wel weer iets wat ik kan beamen. De film is soms behoorlijk hysterisch. Van Jim Carrey kan je het verwachten en kan ik het over het algemeen ook goed hebben, hoewel ook hij hier een aantal missers ertussen heeft, met name wanneer hij nog Edward Nygma is. Zodra hij zijn groene pak mag aantrekken en The Riddler wordt, is het allemaal een stuk beter te behappen. Zijn werk wordt veelal gezien als een imitatie van Nicholson in deel 1, maar daar ben ik het mee oneens. Ik vind dat dit veel meer voortborduurt op zijn eerdere rollen als Ace Ventura en The Mask. Tommy Lee Jones is daarentegen wel echt gewoon 9/10 keer gruwelijk irritant met zijn belachelijk vreemde overacting en vormt daarmee een smetje op de film. Geen idee wat hij hier aan het doen was, maar het lijkt een pijnlijke poging om Carrey van het scherm te willen spelen. De chemie tussen beide heren was er niet op de set, maar is ook in de film niet terug te zien.
Verder zijn er nog wel meer punten te benoemen: Nicole Kidmans personage is abnormaal hitsig, Chris O'Donnell als Robin is een onnodige toevoeging en Gotham ziet er bij vlagen lelijk uit. Een aantal shots komen regelrecht uit de computer en zien er gewoon niet uit. Qua look had Burton het naar mijn mening iets beter voor elkaar. Toch staat er wel tegenover dat de film wel gewoon goed weet te vermaken. Het is zo'n kleurrijk, over-the-top feestje dat je eigenlijk benieuwd blijft naar wat nog komen gaat: een gevalletje 'zo fout dat het leuk wordt'. De film wordt in ieder geval nooit saai, kent best wat lollige scènes en voelt door de gekozen aanpak echt als een stripboekverfilming. Verder nog een compliment voor de soundtrack: Elliot Goldenthal weet Danny Elfman best verdienstelijk op te volgen (niet even goed, maar oké) en ook de popnummers van o.a. U2 en Seal zijn leuke toevoegingen.
Ik verlaag mijn score wel met een half punt, waardoor ik 'm nu dezelfde score toeken als Returns.
Ik vond dit als kind altijd al een stuk minder dan het eerste deel en dat is nu, 13 jaar later, nog steeds zo. Begrijp me niet verkeerd, Batman Returns is verre van een slechte film en is nog altijd prima popcornvermaak. Burton gaat hier qua sfeer echter iets te ver (te duister) naar mijn mening; alsof de film zichzelf soms iets te serieus neemt. Daarnaast zitten er ook iets te veel slechteriken aan de knoppen. Danny DeVito en Michelle Pfeiffer leveren respectievelijk leuk werk als Penguin en Catwoman, maar ik vergeet voortdurend dat Christopher Walken ook nog meedoet: een rol die mijns inziens vrij overbodig is. Het is een beetje een drukke bedoening, waarbij het politieke geneuzel me niet aanspreekt en ook de 'samenwerking' tussen Penguin en Catwoman eigenlijk nauwelijks uit de verf komt: een kwaaltje dat ook in de volgende films aanwezig blijft bij de duo-schurken. Er komen een aantal mooie shots voorbij, de (seksuele) spanning tussen Batman en Catwoman is een leuk nieuw element en sfeervol is het allemaal zeker, maar de film is een gevalletje 'less is more' en voelt dan ook langdradiger dan de voorganger.
Sinds Marvel en DC de boel geweldig zijn gaan uitmelken met al die Avengers-meuk en vijftig films die onderling samenhangen, kan het superheldengenre mij echt gestolen worden. Er zijn nu gewoon een paar losse films, hoofdzakelijk uit het verleden, die me nog wel kunnen bekoren en daar houd ik het bij. Deze originele Batman reeks reken ik daar ook toe. Recent geleden op Blu-Ray aangeschaft en voor het eerst sinds 2012 al deze films nog eens herzien.
Dit blijft mijn favoriet. De film is zeker niet perfect, maar qua sfeer zit deze film eigenlijk wel precies goed: de juiste balans tussen duister en luchtig. Dat is enerzijds te danken aan een redelijk simpele, doch doeltreffende aanpak en anderzijds een geweldig geflipte rol van Jack Nicholson, die hier ook wel echt de show steelt. Ik vind Michael Keaton ook prima in zowel de rol van Bruce Wayne als het titelpersonage, maar Batman is en blijft toch een vrije saaie held. Misschien dat hij mede daarom ook juist altijd als kind mijn favoriet was: geen uitbundige krachten door externe factoren, maar gewoon een kerel in een vleermuispak, die dus ook af en toe ondervindt dat je je daar moeilijk in kan bewegen. En natuurlijk zijn de villains zeer kleurrijke types, waardoor de wereld automatisch een stuk interessanter wordt.
Kim Basinger is verder een leuke aanvulling en ik ga al gelijk Michael Gough noemen als een heel fijne Alfred; ook in alle vervolgfilms. Verder was ik helemaal vergeten dat Billy Dee Williams hier in zat. Zorgt er toch voor dat je nieuwsgierig blijft naar wat hij met Two-Face gedaan zou hebben in het derde deel. Voeg bij de fijne cast, de sfeervolle kostuums en settings nog de mooie soundtrack van Danny Elfman en je hebt gewoon een heerlijk vermakelijke klassieker. Niet elke scène is raak, maar het speelduur wordt desondanks goed benut. In bepaalde opzichten ben ik geneigd de score een halfje te verlagen, maar aangezien de film in een bepaald opzicht op eenzame hoogte staat, laat ik mijn score uit 2007(!) staan.
Een aantal jaren geleden heb ik Mary Shelley's beroemde boek met plezier gelezen, maar eigenlijk heb ik sindsdien nog geen filmadaptatie van Frankenstein gezien. Deels onbewust, misschien ook wel deels bewust. Onbewust, omdat er nooit echt een film op mijn pad is gekomen en bewust, omdat ik het wellicht ook helemaal niet nodig vond. Het boek creëerde een mooi beeld in mijn hoofd, waarvan ik het niet nodig vond om deze los te laten.
Maar na het zien van de trailer van deze film van Guillermo del Toro was mijn interesse toch wel gewekt. Doordat we alweer een paar jaar verder zijn, had ik er tijdens het kijken niet meer zo veel last van dat de film nogal afwijkt van het boek. Toen ik later weer het een en ander online teruglas, herinnerde ik het me weer. Is dat een probleem? Wat mij betreft niet, op het einde na. Ik had tijdens het kijken wel door dat het een en ander anders was, maar er kwamen genoeg momenten van herkenning voorbij. Sterk ook dat de twee vertellingen (perspectieven) erin zijn gehouden. Bovendien verwacht ik niet van een filmregisseur dat hij alles bladzijde voor bladzijde gaat vertalen naar het scherm. Van Del Toro verwachtte ik ook wel een eigen visie, gezien zijn aanpak bij Pinocchio, en wat mij betreft is dat zijn goed recht. Enige hommage aan het origineel zou hem wel sieren natuurlijk, maar daar voldoet hij wat mij betreft wel aan.
Deze filmversie van Frankenstein is een lust voor het oog. In visueel opzicht is de film wat mij betreft raak: ontzettend sfeervol, prachtige sets en kostuums, en je wordt moeiteloos meegenomen naar deze (halve) fantasiewereld. Het uiterlijk van The Creature is wellicht even wennen. Zelfs op de cover van mijn boek is een tekening van de Boris Karloff interpretatie zichtbaar en dat is ook het beeld dat de meesten van ons bij hem hebben. Toch vind ik het mooi wat Del Toro er hiermee gedaan heeft en Jacob Erlodi speelt hem ook heel goed. Een moeilijke rol om te spelen, maar ik leefde met hem mee. Ook Oscar Isaac is overtuigend in zijn rol als het gekwelde titelpersonage met een godcomplex. De overige cast, waaronder Mia Goth, Charles Dance en Christopher Waltz, krijgt aanzienlijk minder te doen, maar speelt wel naar behoren. Tevens nog een mooie bijrol van David Bradley, die het verdient om genoemd te worden.
Het verhaal is en blijft sterkt en verveelt ook niet. De film wist mij gedurende de 150 minuten in ieder geval moeiteloos te boeien. Het enige smetje vond ik het einde, waarbij men dus ook afwijkt van het boek. Ik kon me het originele einde niet meer helemaal herinneren, maar wist wel nog dat dit 'm niet was. Ironisch genoeg is de teleurstelling nog geeneens dát er afgeweken wordt, maar vooral de manier waarop. Er wordt gekozen om Victor en zijn creatie naar elkaar te laten toegroeien en hen eigenlijk als vader en zoon uit elkaar te laten gaan. Een gewaagde keuze, want daarmee laat je zowel de personages als je publiek achter met een heel andere gemoedstoestand. Die ontwikkeling (de ''change of heart'') komt wat mij betreft echter veel te snel en is daardoor niet geloofwaardig. Ik kreeg er een heel afgeraffeld gevoel bij; alsof ik een stuk film miste. Uiteraard is dit geen goed teken voor een film van deze omvang.
Doordat het einde een beetje teleurstelt, heb ik wel even getwijfeld over mijn score. Toch ga ik voor het voordeel van die twijfel, want Frankenstein is gewoon een film zoals ik 'm graag zie: geboeid van begin tot eind, meelevend met de personages en meegezogen in het verhaal. Als je een liefhebber bent van gotische horror/fantasy, is dit eigenlijk een film die je niet mag missen. Niet perfect, maar wel heel onderhoudend en degelijk.
Na bijna twintig jaar herzien en daar heb ik geen spijt van. Patriot Games is dan wellicht geen uitzonderlijke film, maar wel een die precies doet wat ik ervan verwacht: spanning bieden. Het is een kundige actiethriller, die ervoor zorgt dat je geboeid blijft kijken naar de verdere ontwikkelingen en ontknoping. De film heeft je aandacht vrij gauw te pakken door de aanslag aan het begin te tonen, maar kent ook daarna niet of nauwelijks momenten waarop die aandacht wegebt. Harrison Ford is ideaal in deze hoofdrol, maar ook de bijrollen worden sterk vertolkt. Anne Archer, Sean Bean, James Earl Jones, Richard Harris... stuk voor stuk degelijk. Dat de uiteindelijke climax zich zal afspelen in en rondom Jacks huis ligt er wellicht wat dik bovenop, maar het schaadt de amusementswaarde niet. Ik heb me uitstekend vermaakt.
Niet best. Ik had niet gelijk een denderende film verwacht, maar dit was toch wel erg pover. De film lijkt erg veel te willen en is daardoor behoorlijk bombastisch, maar veel daarvan komt niet aan. Zo werkt het optreden van Russell Crowe eerder afleidend dan dat deze wat toevoegt. Ik miste ook een gevoel van spanning of mysterie. Alles wordt voorgekauwd en de wendingen voelen onbedoeld komisch. Tom Cruise doet zijn best en is nog best vermakelijk in de hoofdrol, maar hij teert daarbij op zijn status, want zijn personage is weinig boeiend. Laat ik maar zwijgen over de bijrollen, want daar blijft werkelijk niemand van overeind. Een paar amusante actiesequenties in Londen daargelaten heeft The Mummy gewoon weinig te bieden. Het mondt allemaal uit in een ietwat flauwe finale waar ik weinig voldoening uit kon halen. Ik heb me niet geïrriteerd, maar moet tegelijkertijd moeite doen om iets positiefs te benoemen.
Verlaagd met een halve ster. De film ooit in een ver verleden wel gezien, maar er stond me bijster weinig van bij en dat vind ik achteraf gezien helemaal niet zo gek. Wedding Crashers is doorsnee en komt zelfs moeizaam op gang. De twee hoofdpersonen zijn weinig sympathiek en het is dan ook moeilijk voor te stellen dat ze zo succesvol zijn en nooit door de mand vallen met hun absurde plan. De film wordt gelukkig beter zodra het duo bij de familie Cleary terechtkomt. Mijns inziens zijn namelijk niet Owen Wilson en Vince Vaughn, maar Rachel McAdams, Isla Fisher en Christopher Walken de sterren van Wedding Crashers. McAdams is zeer aandoenlijk en de leuke grappen zijn hoofdzakelijk afkomstig van Fisher en Walken, en de overige bijrolacteurs. Ook Will Ferrell zorgde voor een gniffel. Het is allemaal best uit te zitten, met name door het onderhoudende middenstuk met enkele leuke grappen, maar verder is dit wel heel standaard formulewerk met een mierzoete finale.