Ongelooflijk knappe mix van sombere toekomstvoorspelling annex satirische maatschappijkritiek en humor met ontelbaar veel kleine visuele grapjes, met invloeden van onder andere E.T. en 2001 – a space odyssey (dat rode oog van Auto!). De tweede helft op het ruimteschip lijkt een beetje trager te gaan (niet qua actie, wel qua plotontwikkeling), maar de manier waarop de gezagvoerder beseft wat er aan de hand is en hoe hij zijn gezag terugkrijgt trekt de zaak weer vlot, en het is mooi om te zien hoe ik mee kan leven met de love story van twee robots, met dank aan de sublieme animatietechnieken natuurlijk. Zoals wel vaker had ik hier niet precies zin in, maar toen ik er eenmaal aan was begonnen heeft Pixar me toch weer meegesleept.
Alternatieve titel: Sanjuro, afgelopen zondag om 21:12 uur
Officieel een vervolg op Yojimbo, maar in de praktijk lichter en luchtiger, met de titelfiguur die ditmaal vrij ondubbelzinnig "goed" is, een mooie bijrol voor de gevangene annex overloper, en een even grappige als betekenisvolle botsing over normen en waarden tussen Sanjuro en de vrouw van de kamerheer. Die bloedgeyser op het einde had voor mij niet gehoeven; bij het achtergrondmateriaal op de BFI-Blu-ray wordt er de nadruk op gelegd dat die extreme hoeveelheid een ongelukje was, maar aangezien Kurosawa besloot om die scène niet opnieuw te draaien moet dat uiteindelijk toch als een artistieke keuze worden gezien (of was er geen geld meer voor, of tijd, of kunstbloed, of schone kleren?), maar vooruit, we zullen maar zeggen dat dat compensatie is voor alle krijgers die met een houw in hun rug worden afgeslacht zonder dat je een druppel bloed te zien krijgt. (Yojimbo was in dat opzicht wel wat scheutiger, inclusief afgehakte armen en een hond die met een hand in zijn bek voorbij de hoofdpersoon komt drentelen.)
En ik maar denken dat Antonioni uniek was omdat hij voor Deserto rosso het gras en de blaadjes liet overschilderen, terwijl Kurosawa twee jaar eerder al rode camelia's zo goed mogelijk op zwart-wit-film liet uitkomen door ze zwárt te schilderen…
Was dit een poging van de studio om het succes van Patton te herhalen? De "rebelse generaal" was misschien wel even eigenzinnig, maar het sensationele van Pattons enorme opvliegendheid ontbreekt hier, en MacArthurs ijdelheid en "drama-queen"-eigenschappen worden hem hier door anderen toegedicht maar krijgen we als gebeurtenissen maar heel weinig te zien (of het moest zijn dat hij na het douchen zorgvuldig z'n haar kamt?). Bovendien ben ik niet goed genoeg op de hoogte van de geografische situatie en de bijbehorende strategische mogelijkheden van Japan, de Filippijnen en Australië, zelfs niet met de landkaarten die MacArthur regelmatig zelf tevoorschijn haalt om zijn voorgestelde manoeuvres te illustreren – misschien dat Amerikaanse kijkers beter in de materie ingevoerd waren en dus beter over MacArthurs militaire genie konden oordelen, zéker in 1977 toen de gebeurtenissen van deze film bij velen nog redelijk vers in het geheugen zullen hebben gelegen. Wat overblijft is een prima rol van Gregory Peck in een film die helaas een beetje de uitstraling heeft van een veredelde televisiefilm, maar dat komt misschien ook door de transfer van mijn DVD waardoor de film een zekere gloed heeft die ik normaliter met een slechte TV-film associeer. Op de één of andere manier wordt het titelpersonage nergens zo interessant als (naar ik vermoed) de historische MacArthur, zodat zelfs zijn humanisme en zijn liberale instelling wel gesuggereerd worden maar temidden van het politieke gekonkel niet helemaal uit de verf komen,
Alternatieve titel: Yojimbo, afgelopen zondag om 11:52 uur
Ik heb altijd meer met Westerns en met de Westerse cinema gehad dan met samoeraifilms en/of Oosterse vechtfilms en met de Oosterse cinema, dus toen ik deze film in mijn studententijd voor het eerst zag maakte hij weinig indruk, en van Toshiro Mifune zag ik ook niet precies de charme, maar nu ik de afgelopen jaren Kurosawa opnieuw heb ontdekt (en trouwens ook een aantal van zijn films voor het éérst heb gezien) is Yojimbo toch aanzienlijk beter ingedaald. Ik kan nu veel meer genieten van cinematografie en kadrering, ik stoor me niet langer aan het enigszins theatrale acteren van sommige bijfiguren, en bovenal zie ik hoe Mifune de film domineert zonder daar eigenlijk (zichtbare) moeite voor te doen. Het zal allemaal ook wel komen doordat ik de film nu zie via een BFI-Blu-ray met een perfecte transfer (en daarnaast heel veel achtergrondmateriaal) in plaats van via een gekraste 16mm-kopie in een rokerig filmhuis, maar wát is dit een heerlijke film met een lekker loom tempo, schilderachtige maar toch ook realistische sets en decors, en een sjofele (want door vlooien geplaagde) maar geslepen held. Sergio Leone heeft hier een fraaie remake van gemaakt en daar hélemaal zijn eigen draai aan gegeven, maar wat mij betreft wint het origineel het toch op alle punten.
Waar ik normaal gesproken een bericht redelijk snel na het zien van een film schrijf om de indruk(ken) nog vers te laten zijn, heb ik er bij Project Hail Mary enige tijd overheen laten gaan om mijn oorspronkelijke enthousiasme enigszins te laten bekoelen, maar ook anderhalve week later heb ik er alleen maar goede herinneringen aan, en het herzien van de trailer bevestigt mijn positieve oordeel: een bijzonder slim gemaakte publieksfilm, spannend (hoewel je natuurlijk wel voorvoelt dat de dood van de hoofpersoon en/of het uitdoven van het universum niet bij de toon van deze film zouden passen), bijzonder grappig ("Personal space is at a premium!") en qua plot zo meeslepend dat ik pas na afloop besefte hoe lang deze film had geduurd. Misschien is de laatste plotontwikkeling (Grace die Rocky gaat redden, en zijn daaropvolgende nieuwe woonplaats) er enigszins te veel aan, maar het is aan de andere kant ook wel een mooie afronding, en zonder dat er nou meteen een sequel nodig is geeft dit een mooi open einde aan het geheel. Alle lof voor Gosling – ik ben benieuwd of de dames en heren van de AMPAS zich zijn rol in januari nog herinneren voor zijn vierde Oscarnominatie (en voor wie weet)…
Okee, misschien niet zo heel veel nieuws, maar wat mij betreft toch wel indrukwekkend: sowieso een luguber en gewelddadig begin inclusief close-ups van bloed dat uit vlees stroomt, daarna rustiger vaarwater dat me aan The Bourne identity doet denken, en vervolgens een steeds benauwender sociale situatie met de Comorra die het kleine stadje in z'n greep houdt en de lokale politieman op misselijkmakende wijze onder druk zet, gelardeerd met flarden van een nervositeit opwekkende muziekband, en daartussendoor laverend Robert McCall als bijna bovenmenselijke vigilante annex wreker. Tegelijkertijd gaat de "held" daarbij zó drastisch te werk dat de scheidslijn tussrn goed en slecht enigszins komt te vervagen, hoewel ik niet het idee heb dat de film daar een serieus thema van maakt. Wat wèl serieus wordt genomen is hoe dichtbij het geweld komt bij de visboer, de politieman en het gezin met de opa in de rolstoel, en hoewel dat natuurlijk allang bekend is uit de vele films en televisieseries die aan de verschillende Italiaanse misdaadsyndicaten zijn gewijd komt het in deze film toch allemaal hard binnen wat mij betreft. Denzel kan deze rol inmiddels natuurlijk in z'n slaap spelen, maar hij doet het dan ook wel weer erg goed, zeker wanneer je beseft dat hij zo langzamerhand al tegen de 70 loopt.